08 - Bijlage 1 - Beleidsplan Biodiversiteit (geanonimiseerd)
Tekst van het document
toane
projectnummer 0490820. 100 14 februari 2024
Beleidsplan Biodiversiteit Tytsjerksteradiel Mei de natuer
augustus 2024 www. anteagroup. nl
Oo
anteagroup
Beleidsplan
projectnummer 29 augustus
Biodiversiteit
Tytsjerksteradiel
0490820. 100
2024
Auteurs
(geanonimiseerd)
(geanonimiseerd)
(geanonimiseerd) (geanonimiseerd)
Opdrachtgever Gemeente
Tytsjerksteradiel
Postbus 3 9250 AA
BURGUM
Gecontroleerd
(geanonimiseerd)
beschrijving
datum 29 augustus
2024
Definitief
vrijgave
| | (geanonimiseerd)
(geanonimise rd)
Inhoudsopgave Samenvatting
4
1.
Inleiding
8
1. 1 1. 2 1. 3 1. 4 1. 5
Achtergrond Proces Ambitie/doel Scope Leeswijzer
8 10 10 12 12
2.
Huidige situatie
14
2. 1 2. 2 2. 3 2. 3. 1 2. 3. 2 2. 3. 3 2. 4
Gebiedsbeschrijving Wet- en regelgeving Thema’s en ontwikkelingen Duurzaamheid Biodiversiteit koppelen aan klimaatadaptatie Technologie Wat doen we al
14 17 18 18 19 20 20
3.
Het beleid Herstel en Versterk
24
3. 1 3. 2 3. 3
Algemene beschrijving Maatregelen en strategie Financiën
25 25 29
4.
Conclusies en verlopen proces
30
4. 1
Het (te) verlopen proces
30
Bijlage 1 Gebiedstypenkaart gemeente Tytsjerksteradiel
31
Bijlage 2 Uitkomsten brainstormsessie belangengroepen
32
Bijlage 3 Uitkomsten themasessie beleidsmedewerkers
34
Bijlage 4 Uitkomsten enquête onder inwoners
36
Bijlage 5 Onderbouwing kosten
37
Samenvatting Voor u ligt het Beleidsplan Biodiversiteit. Met dit beleidsplan wordt inzicht gegeven in de achtergrond en het belang van biodiversiteit, de huidige situatie en de uitwerking van het beleid Herstel en Versterk met het oog op de toekomst. Het Beleidsplan Biodiversiteit vormt het kaderstellend beleid voor de aanpak van biodiversiteit in de gemeente Tytsjerksteradiel. Op basis van dit kaderstellend beleid kan de uitvoering verder worden vormgegeven en kaders worden omgezet in maatregelen en acties. Achtergrond en belang – Tytsjerksteradiel is een bijzonder diverse gemeente De gemeente Tytsjerksteradiel heeft een oppervlakte van ruim 16 duizend hectare en heeft een opvallende diversiteit in landschappen. De bodem in de gemeente bestaat uit een afwisseling van zand, klei en veen. De afwisseling tussen deze landschappen zorgt voor een rijke natuur met voor elk gebied eigen kenmerkende plant- en diersoorten. In het buitengebied en in de 16 dorpskernen zijn historische en ecologisch waardevolle bomen/groenelementen te vinden. We mogen trots zijn op deze diversiteit en het is belangrijk om de natuurwaarden in de gemeente te behouden en waar mogelijk te vergroten: voor een leefbare toekomst. Want: al jaren is bekend dat wereldwijd een afname in biodiversiteit te zien is. Dit komt vooral door een verandering in het landgebruik.
Onder andere ontbossing, bouwen en aanleg van wegen veroorzaken deze verandering. Investeren in het behoud van biodiversiteit is van levensbelang. Tot nu toe is het beleid niet toereikend geweest om de neerwaartse trend te stoppen.
Figuur 1 Biodiversiteit is een veelomvattend begrip
Biodiversiteit is diversiteit in ecosystemen, soorten en genen. Een ecosysteem kan variëren van regenwoud tot de achtertuin. Met soorten bedoelen wij alle voorkomende planten, dieren en micro-organismen. Ook de mens is een soort en hoort bij biodiversiteit. Daarnaast is de genetische variatie ook belangrijk. Hoe meer variatie op alle onderdelen hoe meer veerkracht onze omgeving/natuur heeft. Ambitie en doel We hebben de ambitie om als gemeente ons landschap te behouden en de afname van de biodiversiteit tegen te gaan. Het is niet alleen de bedoeling om de neerwaartse spiraal te keren, maar juist ook om deze om te buigen in een stijgende lijn.
blad 4 van 40
om
w
e)
ram
leytsjerksteradiel
In het meest
beleidsplan, Duurzaamheidsagenda (2021),
recente
is
een
biodiversiteit in de gemeente een boost te geven. Deze luidt: ‘We maken op een optimale manier gebruik van de groene en blauwe
heldere
ruimte
ambitie
s
&
s°
_anteagroup
©
uitgesproken
om
de biodiversiteit te laten
om
toenemen.
Dit vraagt
om
voren’.
naar
een
gemeenteraad kunnen op de
-
situatie
—
doen
wat
e e
e_ e
acties formuleren
en
provinciale
en
De gemeente onderneemt e
biodiversiteitsplan
is een
uitwerking van de inspanning van
de
‘stap
-
doelen
concretere
we
Dit
op basis van de input vanuit de organisatie, inwoners, externe partijen en vanuit de in het beleid Herstel en Versterk voor biodiversiteit. Met een plan, specifiek voor de gemeente,
landelijke
Huidige
‘stap naar voren’.
Het resulteert
ambities
en
op
kleiner schaalniveau.
een
Hiermee
sluiten
we
goed
aan
doelstellingen.
al?
we
al diverse acties in het kader
van
manier
een
van
e
Ondersteunen
van
Natuur-
en
milieueducatie
e
Faciliteren
initiatieven
van
inwoners die
van
Bovenstaande ‘ontstaan’.
gebied
gericht zijn op
het versterken
van
de
biodiversiteit
en
Versterk
voor
Verleden
praktijk
van
biodiversiteit
zijn
tal
van
@--
Toegenomen door
biodiversiteit
of vanuit de
maatregelen en acties nodig. Hiervoor hanteren we het kaderstellende beleid Herstel en Versterk. Dit beleid is gebaseerd op internationale onderzoeken en maatstaven, bijvoorbeeld van het IPCC. In deze onderzoeken komen grofweg drie strategieën naar voren: niets doen (zwarte lijn), herstel en behoud (gele lijn) of herstel en versterk (groene lijn), zie hiervoor onderstaande figuur. Op
het
en
zijn vastgelegd in bestaande beleidsplannen (zoals beleidsplan groen), zijn daarmee ad-hoc en een overkoepelend plan/kader ontbreekt.
acties
De acties
Het beleid Herstel
onkruid-
biodiversiteit, waaronder:
natuurlijke bestrijden plaagdieren. Toepassen van ecologisch beheer op kleine schaal met nieuwe machines t.b.v. de kruidenvegetatie. Waar mogelijk eigen terreinen vergroenen en hier de koppeling te maken met biodiversiteit en klimaatadaptatie. Stimuleren van vergroenen privéterreinen door deelname aan Stichtin (geanonimiseerd) Vergroten van interne bewustwording met trainingen en cursussen. Het op
acties
behoud
voor
duurzamereproductie
;
e---!
door duurzamere consumptie
Alleen toegenomen
acties
op oude voet
Doorgaan
voor
natuurbehoud
@------!
@----------------en
Figuur 2 Beleidsstrategieën biodiversiteit (bron: WUR). Herstel
en
Versterk sluit het meest
gekomen beleidsproces. voren
aan
bij de vastgestelde ambities
in de werksessies die met diverse interne
en
externe
van
Tytsjerksteradiel, dit is tevens naar zijn gehouden tijdens het
stakeholders
blad
5
van
40
Het beleid Herstel en Versterk is opgebouwd uit kaders en maatregelen. De kaders en maatregelen zijn globaal en richtinggevend en zijn input voor het (nader op te stellen) jaarlijkse uitvoeringsplan. De kaders zijn onderverdeeld naar beheer en inrichting en ook naar de verschillende functiegebieden van de gemeente (‘droge’ natuur, ‘natte’ natuur, bebouwde kom en gebiedsoverstijgend). Het beleid Herstel en Versterk betekent in het kort: Herstel en Versterk gaat uit van een hoog ambitieniveau en richt zich op het ombuigen van de huidige dalende lijn naar de stijgende lijn. Sleutelwoord is actie. De gemeente is proactief met maatregelen en bekijkt niet alleen wat bij reguliere maatregelen ‘meegepakt’ kan worden. Ook kijkt de gemeente scherp naar de inrichting van bestaande woonwijken en past deze waar mogelijk aan. Afspraken worden gemaakt en (bindend) op papier vastgelegd. Dit vraagt om een investering van de gemeente en inwoners worden op basis van dit beleid actief geïnformeerd en opgeroepen om in actie te komen. Financiën In de tabel is de budgetbehoefte aangegeven. Het betreft een bandbreedte, omdat het voor biodiversiteit lastig is om op de euro nauwkeurig de benodigde bedragen door te rekenen. Eenmalig
Structureel
Groen
€90. 000-€110. 000
€110. 000-€115. 000
€40. 000€60. 000
€
Blauw
€25. 000-€35. 000
€35. 000-€45. 000
€15. 000€25. 000
€
Grijs
€10. 000-€20. 000
€20. 000-€30. 000
€0
€
Geel
€3. 000-€7. 000
€15. 000-€25. 000
€0
€2. 000-€3. 000
€20. 000-€25. 000
€130. 000-€175. 000
€100. 000-€140. 000
Bewustwording Totaal
€0
€0
€0
€0
€0
€0
€
€0
€0
€0
€
€0
€0
€55. 000€85. 000
€
€0
€0
€ €
€
Te zien is dat voor het beleid Herstel en Versterk aanvullende eenmalige en structurele middelen nodig zijn. Belangrijk om daarbij te vermelden is dat er zoveel als mogelijk is gekeken om maatregelen binnen het bestaande beheerbudget op te vangen, zoals het vitaler maken van bossen d. m. v. sortimentskeuze. Een gedetailleerde onderbouwing is opgenomen in bijlage 5. Aanbevelingen Op basis van de gestelde kaders en maatregelen moet er jaarlijks een uitvoeringsagenda worden opgesteld met activiteiten die passen binnen het kader. Hierin wordt beschreven wat de actie is, hoe de actie wordt uitgevoerd, waar de actie plaatsvindt, wie de verantwoordelijke en betrokkenen zijn en wanneer de actie wordt uitgevoerd. Daarnaast is voor diverse maatregelen (aanvullend) onderzoek nodig om de strategie in beeld te brengen en de kosten te bepalen. Dit geldt met name voor het ecologisch bermbeheer en ecologisch slootschonen. Er moet op kaart en aan de hand van criteria inzichtelijk worden gemaakt welke bermen en sloten geschikt zijn voor ecologisch bermbeheer. Op basis van deze inventarisaties kan een bermbeheerplan en slootonderhoudsplan worden opgesteld. Als laatste moet de monitoring volgens de principes van Kleurkeur worden ingeregeld. Op deze manier kunnen de doelstellingen worden gemonitord en gerapporteerd naar bestuur.
1. Inleiding blad 6 van 40
1. Inleiding
blad 7 van 40
1.
Inleiding De gemeente Tytsjerksteradiel heeft een oppervlakte van ruim 16 duizend hectare en heeft een opvallende diversiteit in landschappen. De bodem in de gemeente bestaat uit een afwisseling van zand, klei en veen. Wij onderscheiden hierdoor drie landschappen: De Wâlden, Moeras & Mar en Iepen lânskip. Naast deze drie landschappen is er natuurlijk ook de bebouwde kom.
Figuur 3 Drie landschapstypen
De afwisseling tussen deze landschappen zorgt voor een rijke natuur met voor elk gebied eigen kenmerkende plant- en diersoorten. In het buitengebied en in de 16 dorpskernen zijn historische en ecologisch waardevolle bomen/groenelementen te vinden. Het is belangrijk om de natuurwaarden in de gemeente te behouden en waar mogelijk te vergroten: voor een leefbare toekomst (ecologisch ontwikkelingsplan, 2009).
1. 1
Achtergrond Al jaren is bekend dat wereldwijd een afname in biodiversiteit te zien is (Hallmann et al. 2017; Zeegers et al. 2018). Dit komt vooral door een verandering in het landgebruik. Onder andere ontbossing, bouwen en aanleg van wegen veroorzaken deze verandering. ,
,
Wat is biodiversiteit? Biodiversiteit is diversiteit in ecosystemen, soorten en genen (figuur 1). Een ecosysteem kan variëren van regenwoud tot de achtertuin. Met soorten bedoelen wij alle voorkomende planten, dieren en microorganismen. Ook de mens is een soort en hoort bij biodiversiteit. Daarnaast is de genetische variatie ook belangrijk. Hoe meer variatie op alle onderdelen hoe meer veerkracht onze omgeving/natuur heeft (CLO, 2017).
Figuur 4 Biodiversiteit is een veelomvattend begrip
blad 8 van 40
Wij zijn in ons bestaan afhankelijk van dit systeem. We zijn daardoor genoodzaakt het te beschermen. De urgentie is hoog: hoe slechter het gaat met de biodiversiteit hoe minder veerkracht een systeem heeft. Dit betekent dat onze levensbehoeften als schone lucht, schoon water en voedsel in gevaar zijn. Deze ‘diensten’ die de natuur ons levert, noemen we ecosysteemdiensten (ESD ’s). Deze ecosystemen hebben we hard nodig. Ecosysteemdiensten zijn in drie categorieën in te delen (figuur 2): • Productiediensten (voedsel, water, hout, etc. ); • Culturele diensten (groene recreatie, natuurlijk erfgoed, etc. ); • Regulerende diensten (bestuiving, bodemvruchtbaarheid, etc. ).
Figuur 5 Voorbeelden van ecosysteemdiensten in Nederland
Een vierde categorie, die niet op de afbeelding te zien is maar vaak genoemd wordt, zijn de ‘ondersteunende diensten’. Dit zijn bijvoorbeeld bodemvorming en nutriëntenkringloop. Deze zijn nodig voor de productie van de andere ecosysteemdiensten. Investeren in het behoud van biodiversiteit is van levensbelang. Tot nu toe is het beleid niet toereikend geweest om de neerwaartse trend te stoppen. Als reactie hierop is landelijk het Deltaplan Biodiversiteitsherstel (2019) opgesteld door boerenorganisaties, bedrijven, natuur- en milieuorganisaties kennisinstellingen.
en
Het doel is om meer samenwerking te creëren tussen partijen op alle niveaus (SDB, 2019). Vanuit Provinsje Fryslân is in 2021 de ‘Agenda herstel biodiversiteit Fryslân’ vastgesteld. Ook hierin werken verschillende partners samen: ook de gemeente Tytsjerksteradiel doet hier actief aan mee. Met een plan, specifiek voor de gemeente, kunnen we concretere doelen en acties formuleren op een kleiner schaalniveau. Hiermee sluiten we goed aan op de landelijke en provinciale ambities en doelstellingen.
blad 9 van 40
ed
je)
vpn, ro
Ín
EN
tytsjerksteradiel
b
,
8
onderwerp
is verbonden
aan
veel
nieuw binnen de gemeente
4
koppelingen met andere thema's. Het gezondheid, toerisme, recreatie, leefbaarheid, beheer en economie. Deze te zien in onze Duurzaamheidsagenda (2021) en in de Sustainable Development Goals kruisbestuiving is terug (SDGs). Het
biodiversiteit is niet
anteagroup
en
heeft
thema’s zoals
Tytsjerksteradiel4GlobalGoals op weg aSTPo,| SamenDUURZAME EN WERELD naar
EEN
>
KONSd
Figuur
6 Onze
gemeente werkt
aan
Global Goals
Een
gezond ecosysteem vormt voor veel doelen een belangrijke basis. Aangezien er nog geen sprake is van een gezond ecosysteem, blijft het een speerpunt om zowel intern als extern de doelen zichtbaar te maken. Daarnaast zijn voor biodiversiteit koppelkansen met klimaatadaptatie en ons vGRP (verbreed gemeentelijk Rioleringsplan) te maken. In 2021 is de gemeente Tytsjerksteradiel lid geworden van Stichting | (geanonimiseerd) Zij bieden ondersteuning bij het duurzaam vergroenen van de leefomgeving. onderwerp dat steeds meer aandacht vraagt is de Wet Natuurbescherming (inmiddels opgegaan in Omgevingswet) in relatie tot de energietransitie. Om duurzame huizen te bouwen en bestaande woningen te verbouwen moet rekening gehouden worden met de Wnb. Hieronder vallen gebouw bewonende soorten als vleermuizen, huismussen en gierzwaluwen. Het behouden van het leefgebied van diersoorten die gebonden zijn aan de stedelijke omgeving is van groot belang, omdat we anders in strijd zijn met de Wnb. Daarom moet nog Een recent
de
meer
aandacht
besteed worden
aan
natuurinclusief bouwen
Deze achtergronden vragen om een systematische uitgewerkt in dit beleid Herstel en Versterk.
1.2
en
en
isoleren.
structurele
aanpak voor
biodiversiteit. Deze is
aanpak
is
Proces
opstellen van het Biodiversiteitsplan heeft de gemeente inventarisaties onder inwoners en belangengroeperingen gedaan. Vervolgens heeft Tytsjerksteradiel ondersteuning gevraagd aan Antea Group voor het meeschrijven aan dit beleidsplan. Tijdens het proces is op gestructureerde wijze relevantie informatie de met uit bijvoorbeeld een brede themasessie met beleidsadviseurs van de gemeente. organisatie opgehaald, te De belangrijkste input is vinden in bijlage 2 t/m 4. Voor het
Met de deelnemers
is onderzocht op welke manier gebruik, beheer en inrichting kunnen bijdragen aan Op basis hiervan zijn scenario’s opgesteld. De scenario’s zijn tijdens het lepen Podium aan de gemeenteraad voorgelegd, met de vraag wat de raad belangrijk vindt. Hierbij is gebleken dat de voorkeur van de meerderheid uitgaat naar scenario A, resulterend in het beleid Herstel en Versterk biodiversiteit.
1.3
Ambitie/doel Tytsjerksteradiel
is een gemeente
een uniek en divers landschap. Het kleinschalige cultuurlandschap in Nederland Fryslân. Hier moeten we trots op zijn!
Wâlden
is het best bewaarde
(Tuinstra
et
We
hebben
te gaan.
al., 2014)
van
de ambitie
Het
buigen in een blijven.
met
Nationaal en
Landschap
is onderdeel
van
Noardlike
Fryske
de identiteit
ons landschap te behouden en de afname van de biodiversiteit tegen bedoeling om de neerwaartse spiraal te keren, maar juist ook om deze om te stijgende lijn. Dit is nodig om een aantrekkelijke, leefbare en toekomstbestendige gemeente te om
als gemeente
is niet alleen de
blad
10
van
40
gemeente
„jn, Fen
leytsjerksteradiel
(o) 4
b
„
8
*£_anteagroup
Voorafgaand aan dit biodiversiteitsplan zijn in het verleden al verschillende ‘groene’ plannen opgesteld: Landschapsbeleidsplan (1990), Ecologisch Ontwikkelingsplan Tytsjerksteradiel (2009), Groenbeleidsplan (2012) & Bijenbeleidsplan (2014). In het meest recente beleidsplan, Duurzaamheidsagenda (2021), is een heldere ambitie uitgesproken om biodiversiteit in de gemeente een boost te geven. Deze luidt: ‘We maken
op
optimale
een
manier
gebruik van
de groene
en
blauwe
ruimte
de biodiversiteit te laten
om
toenemen.’
Op
korte We
termijn koppelen
resulteert dat in de
e
biodiversiteit
e
We
nemen
e
We
e
volgende
ambities:
andere beleidsvelden;
biodiversiteit op als voorwaarde
bij de ontwikkeling van duurzame energieprojecten; zijn positief kringlooplandbouw en agroforestry; het van biodiversiteit en gebied Op Operatie (geanonimiseerd) zetten we in op bewustwording en stellen financiële bijdrage beschikbaar voor mienskip initiatieven. ten
aanzien
van
de
DN
Op middellange termijn We
herstellen
vergroten
e
We
hebben
e
Inwoners, ondernemers,
en
een
waar
sterk groen netwerk
binnen
andere
bebouwde
omgeving
en
de gemeente
werken
samen
onze en
steken biodiversiteitsherstel breed in. Het doel
en
handvatten te geven voor biodiversiteitsherstel. Zowel intern als extern bewustwording creëren;
e
Biodiversiteit
e
Groenblauwe
e
Ecologisch
buitengebied; op het gebied
van
en
We
e
een
volgende ambities: mogelijk de biodiversiteit;
organisaties klimaatadaptatie; Bebouwing en de inrichting van een gebied tasten biodiversiteit
we
resulteert dat in de
e
e
aan
natuurwaarden
niet
aan.
beleidsplan is concrete richtlijnen op papier zetten Daarbij zijn vier uitgangspunten van belang.
van
dit
integraal waarborgen bij planvorming en bedrijfsvoering; verbindingen behouden, versterken en uitbreiden;
groen-
en
waterbeheer.
w
waant
om 5
\tytsjerksteradiel se Be
Nat
| e
DUORSUM
Figuur 7 Duurzaamheidsagenda gemeente Tytsjerksteradiel
blad
11
van
40
w
bm
ln
tytsjerksteradiel
jk
b 8
14
eo}
6
anteagroup 3
Scope Het
bestuur heeft in het coalitieakkoord aangegeven
dat de gemeente de biodiversiteit willen vergroten. In de voor het bevorderen van initiatieven en projecten
Duurzaamheidsagenda is jaarlijks € 15.000 beschikbaar gesteld op het gebied van biodiversiteit en Operatie | (geanonimiseerd)
Invulling geven aan onze ambities vraagt om meer inspanning dan het benutten van werk-met-werksituaties bij aanleg en beheer van het openbaar groen. Het vraagt om een stap naar voren en naar buiten te zetten om zo invloed uit te oefenen op het gebied van biodiversiteit. Concreet betekent dit ondersteuning en advisering van externe partijen en bewoners, deelname aan gemeente-overstijgende projecten, extra gemeentelijke projecten en het leveren van extra inspanning aan Operatie (geanonimiseerd) biodiversiteitsplan is een uitwerking van de inspanning van de ‘stap naar voren’. Het resulteert op basis van de input vanuit de organisatie, inwoners, externe partijen en vanuit de gemeenteraad in het beleid Herstel en Verstek voor biodiversiteit. Het beleid wordt gespecificeerd op basis van: e Groene maatregelen (land); e Blauwe maatregelen (water); e Grijze maatregelen (bebouwde omgeving); e Gele maatregelen (gebiedsoverstijgende). Dit
-
-
Daarnaast wordt Wat
gekeken
verschillen in gebruik,
naar
maakt geen onderdeel uit van de scope onderwerpen, die gerelateerd zijn
Een aantal
aan
inrichting en
biodiversiteit
en
in dit
Wij nemen
manier kunnen
1.5
rondom
invloed op hebben, zijn te complex NNN & Natura2000 gebieden, er
Dit zijn maatregelen stikstofdepositie en de Wet Natuurbescherming. Bij provinciale en landelijke koppelkansen liggen voor biodiversiteit.
gemeente
invloed op uit te oefenen.
beheer.
plan geen uitvoeringsagenda op. Hiervoor gemakkelijker inspelen op actualiteiten.
opgaven
kijken we
waar
om
als
de
wordt jaarlijks een uitvoeringsplan gemaakt. Op die
we
Leeswijzer In hoofdstuk
2
regelgeving,
actuele thema's
hoofdstuk
beschrijven
3 komt de
Hoofdstuk 4
geeft
we
de en
uitwerking
conclusies
en
huidige situatie in de gemeente voor wat betreft het landschap, de wet- en ontwikkelingen en al gedane maatregelen met betrekking tot biodiversiteit. In van
het beleid
aanbevelingen
Herstel voor
en
Versterk
biodiversiteit
aan
en
bod.
werpt
een
blik
richting de
toekomst.
blad
12
van
40
2. Huidige situatie
blad 13 van 40
2.
Huidige situatie
2. 1
Gebiedsbeschrijving Ecologisch onderzoeksbureau Altenburg en Wymenga (hierna A&W) heeft voor de gemeente Tytsjerksteradiel een gebiedsanalyse met bijbehorende natuurwaarden gemaakt. In deze paragraaf worden kort de landschapstypen van de gemeente en hun knelpunten en bedreigingen voor natuur en biodiversiteit beschreven op basis van de analyse van A&W. Het landschap binnen de gemeente Tytsjerksteradiel kan in ruwweg vier typen verdeeld worden. Zie ook bijlage 1. Ten grondslag aan deze indeling ligt de variatie in bodem en hoogteligging. De verdeling is als volgt: • Singel- en houtwallenlandschap; • Laagveenmoerassen, meren en plassen; • Open veen- en kleiweidegebieden; • Bebouwde omgeving. Singel- en houtwallenlandschap Een groot deel van de gemeente behoort tot dit landschapstype. Kenmerkend is de grote lengte aan houtwallen en elzensingels die zorgen voor een kleinschalig en besloten karakter. Singels en houtwallen komen voor boven 0 m NAP, daarbeneden is het landschap open. Dat maakt de 0 m-hoogtelijn tot een belangrijke grens binnen de gemeente. Tussen 0 en +1 m NAP zijn elzensingels met sloten aanwezig en grofweg boven 1 m + NAP houtwallen. Vanwege het zeldzaam gave karakter is het coulisselandschap aangewezen als Nationaal Landschap Figuur 8 Landschapstypenkaart (bijlage 1) Noardlike Fryske Wâlden.
Het beheer van de lijnelementen is vooral in handen van boeren, deels onder aansturing van Landschapsbeheer Friesland. De percelen worden grotendeels intensief agrarisch gebruikt, al komen er ook extensief gebruikte percelen voor. Grotere natuurgebieden ontbreken in dit landschapstype. Knelpunten en bedreigingen Deze betreffen in de eerste plaats vergroting van percelen, te sterke en te frequente kap van bomen. Dat leidt tot aantasting van het kleinschalige netwerk van wallen en singels. Daarnaast spelen er (plannen voor) gebiedsontwikkelingen in de randen van de dorpen, zoals bij Gytsjerk en ten westen van Burgum. Vaak speelt dat rond de 0 m-hoogtelijn, aansluitend op bestaande bebouwing. Dat leidt tot aantasting van de kenmerkende scherpe overgang tussen besloten en open landschappen en daarmee van de leesbaarheid van het landschap. Bovendien zijn juist die overgangen (actueel en potentieel) interessant voor bijzondere plantensoorten in en de sloten. Ook stikstofdepositie, te lage grondwaterstanden en een (lokaal) ontoereikende waterkwaliteit hebben een negatieve invloed op de natuurwaarden in dit landschap. Die factoren liggen grotendeels buiten de invloedssfeer van de gemeente, maar zijn wel belangrijk.
Laagveenmoerassen, meren en plassen Tot dit landschapstype behoren Burgumer Mar, De Leien, Alde Feanen, Groote Wielen, Bûtenfjild en de verbindingen daartussen (Prinses Margrietkanaal, Stoppelsoal/Kûkhernster Feart). Het gaat om laagveenmoerassen, meren, plassen en enkele kanalen en vaarten. Ze liggen in de laagste delen van de gemeente en zijn grotendeels natuurgebied. De laagveenmoerassen Alde Feanen en Groote Wielen zijn vanwege de (inter)nationaal belangrijke natuurwaarden beide Natura 2000-gebied.
blad 14 van 40
De meren en plassen in de gemeente zijn deels ontstaan door overstroming en windwerking, en deels doordat na vervening van het laagveen de legakkers zijn weggeslagen. Vooral in de Alde Feanen en het OttemaWiersmareservaat zijn de sporen van die vervening nog zichtbaar, in de vorm van petgaten en legakkers. Het moeras in de Bouwepet – onderdeel van de natte verbindingszone It Bûtenfjild - is van recenter datum en het resultaat van natuurontwikkeling. De afgelopen jaren is op meer plaatsen natte natuur ontwikkeld, zoals in de Alde Feanen-oost, langs De Leyen (b. v. De Putten), langs de Burgumer Mar (o. a. Hege Diken, Súdermar) en aan weerszijden van de Centrale As bij Burgum.
Figuur 9 Natuurgebied It Bûtenfjild bij Hurdegaryp (Fryske Gea)
Knelpunten en bedreigingen Toenemende woningbouw, recreatievoorzieningen en recreatiedruk zorgen voor steeds meer verstoring (zicht, licht, geluid) van de moerasgebieden, zowel op het water als op land. Op een aantal locaties is sprake van knelpunten in verbindingsroutes voor water- en moerasfauna, zoals het Prinses Margrietkanaal ter hoogte van Burgum-Sumar en de N31 ter hoogte van de Fonejacht. Ook elders vormen kruisingen van vaarten en wegen mogelijk knelpunten, bijvoorbeeld voor Otter (oeverinrichting) en Meervleermuis (verlichting). Lokaal is sprake van ‘verrommeling’ van oeverzones. Dat speelt bijvoorbeeld langs de noordrand van de Wide Ie. Behalve dat dat afbreuk doet aan de ecologische kwaliteit van de oevers, heeft dat ook een negatieve invloed op de openheid van het achterland. In het algemeen hebben moerasgebieden in veel gevallen te kampen met te lage waterstanden, gebrek aan natuurlijke peilfluctuaties en een ontoereikende waterkwaliteit. In de voedselarmere delen speelt ook stikstofdepositie een negatieve rol. Open veen- en kleiweidegebieden Het westen van de gemeente is, door het vrijwel ontbreken van opgaande elementen, landschappelijk open tot zeer open. De bodem bestaat er uit veen met een kleidek en deels, uiterst westelijk, uit klei. De venige delen liggen, als gevolg van inklinking, doorgaans lager dan de kleigronden.
Het is vooral landbouwgebied, dat tamelijk grootschalig is en voor een belangrijk deel in intensief agrarisch gebruik. Het open landschap is van groot belang als broedgebied voor weidevogels en foerageergebied voor ganzen en andere pleisterende of doortrekkende vogels. Weidevogels zijn met name te vinden in de lagere, vochtige en extensiever gebruikte delen. Natuurgebied betreft hier hoofdzakelijk weidevogelgebied, zoals de Wynzerpolder, de Puollen en de Binnenmiede. Daar zijn deels ook botanisch waardevolle(re) graslandvegetaties te vinden.
blad 15 van 40
Buiten de reservaten is geregeld sprake van agrarisch natuurbeheer dat gericht is op weidevogels. In de weidevogelreservaten is het graslandgebruik extensief en dat geldt deels ook voor percelen met agrarisch natuurbeheer. In het kader van de aanleg van De Centrale As zijn ten noord(westen) van Garyp een aantal percelen ingericht voor weidevogelcompensatie. Kenmerkend in dit landschap zijn de vele sloten en (op)vaarten. Zo lopen in het kleiweidegebied verscheidene opvaarten vanaf de Moark de polders in. Sloten zijn belangrijke dragers van biodiversiteit, vooral als de waterkwaliteit goed is en er (ondergedoken) waterplanten groeien. Flauwe oevers dragen daar verder aan bij: daar is ruimte voor waterriet en allerlei oevervegetatie op de gradiënt van nat naar droger. Ook (op)vaarten hebben belangrijke ecologische functies. Dat geldt zeker als ze geflankeerd worden door bredere rietkragen en andere moerassige elementen. Voorbeelden van zulke ‘aangeschakelde’ moerasdelen zijn het Subéd en Aldtsjerkster Mar langs de Moark. Ondergedoken waterplanten en (periodiek) in het water staande moerasvegetatie bieden bijvoorbeeld allerlei vissoorten paai- en opgroeigelegenheid. En visetende vogels, zoals Lepelaar, kunnen foerageren in ondiepe oeverzones. Vaarten kunnen een belangrijke rol spelen in de verbinding van natuurgebieden voor allerlei watergebonden soorten.
De grotere wateren - Dokkumer Ie, de Moark, Van Harinxmakanaal, een aantal (op)vaarten - maken deel uit van de Friese boezem (streefpeil -0,52 m NAP). Knelpunten en bedreigingen De belangrijkste bedreiging is de aantasting van de openheid. Door toenemende opgaande begroeiing, bebouwing, bedrijvigheid en bijbehorende ontsluiting worden de open gebieden steeds dichter. Ook verruigde oeverzones en overjarige rietzomen langs sloten verstoren de openheid. Voor weidevogels vormt daarnaast het intensieve graslandgebruik een knelpunt, met lage grondwaterstanden, sterke bemesting en steeds minder microreliëf (greppels o. a. ). De overwegend kruidenarme graslanden hebben weinig waarde voor insecten als bijen en zweefvliegen. Bemesting en (als gevolg van lage peilen) veenoxidatie dragen bij aan een slechte ecologische waterkwaliteit van de sloten.
Figuur 10 Uitrijden van ruige mest (KNVN website) - foto credits: Emphyrio via Pixabay
Bebouwde omgeving De bebouwde omgeving vormt een landschap op zich. De meeste dorpen en buurtschappen ligt op de hogere zandgronden. Binnen de bebouwde omgeving zijn verschillende landschapselementen te vinden die van belang zijn, of kunnen zijn, voor de biodiversiteit. Kenmerkend is het voorkomen van soorten die van oorsprong thuishoren in een stenige of rotsachtige omgeving.
blad 16 van 40
Ook parken, bosjes/bossen en landgoederen met struiken en bomen - opgaande elementen - kunnen soortenrijk zijn. Ze zijn van belang voor allerlei vogels, die er broeden, voedsel zoeken of slapen. Ook vleermuizen maken er gebruik van. Binnen de bebouwde omgeving zijn ook allerlei natte elementen te vinden, als vaarten, kanalen, vijvers en sloten. De meeste dorpen zijn via vaarten en kanalen verbonden met de omgeving. In meerdere dorpen zijn vijvers aanwezig, bijvoorbeeld in Burgum (zoals in het Wetter en Willepark), Hurdegaryp (langs de Burgumerfeanster Feart en de Wâldwei), Eastermar en Gytsjerk. Ook zijn ze onderdeel van landgoederen als Stania State, De Klinze en Vijverburg. Grazige vegetaties vormen een ander landschapselement binnen de bebouwde omgeving. Ze kunnen variëren van hoofdzakelijk gras tot kruidenrijk, van droog tot nat en van strak gemaaid tot structuurrijk. Naast bermen kan het ook gaan om grazige delen van parken of landgoederen, grasveldjes en groenstroken in en langs woonwijken, begraafplaatsen, drooggevallen ijsbanen, tuinen en dergelijke. Grazige vegetaties kunnen belangrijk zijn voor allerlei insecten, die weer voedsel vormen voor veel andere dieren. Ook andere elementen in en rond de bebouwde kom als tuinen, (tijdelijk) braakliggend terrein, overhoekjes en bedrijventerreinen kunnen van belang zijn voor de biodiversiteit.
Afhankelijk van de begroeiing, het substraat en de variatie kunnen allerlei soorten planten en dieren daar hun plek vinden. Knelpunten en bedreigingen Er is niet veel bekend over feitelijke knelpunten wat betreft de biodiversiteit in de bebouwde omgeving. Verwacht wordt dat het vooral gaat om een onvoldoende dicht netwerk van ecologisch beheerde, kruidenrijke en/of structuurrijke elementen (grazige vegetaties, oevers, bosjes, etc. ). Voor gebouw bewonende soorten vormen renovatie en isolatie een bedreiging.
2. 2
Wet- en regelgeving In deze paragraaf wordt ingegaan op de huidige wet- en regelgeving voor natuur. Alle planten, dieren, natuurgebieden, bossen, bomenrijen en bomen zijn beschermd door wet- en regelgeving. Bij projecten en plannen moet de gemeente hier rekening mee houden. Wij gaan in op de Europese, Nationale en Provinciale wet- en regelgeving die van toepassing zijn op de gemeente. Europa In Europa wordt wetgeving rondom biodiversiteit met name in de Habitat- en Vogelrichtlijn (1992 & 1979) vormgegeven. De richtlijnen bevatten lijsten met soorten planten en dieren die beschermd moeten worden. Op basis van deze wetgeving zijn beschermingszones aangewezen die Natura2000 gebieden heten. Het doel hiervan is een Europees ecologisch netwerk vormen. Zowel soortenbescherming als gebiedsbescherming worden in de richtlijnen geregeld (BIJ12, 2023). Recent vond in 2022 van 7 tot 19 december de biodiversiteitstop van de VN in Montreal plaats. Eén van de belangrijkste afspraken is dat in 2030 30% van land- en zeeoppervlak beschermd moet worden. Dit is niet een bindend akkoord met harde afspraken, maar de opkomst van bijna 200 landen biedt hoop (NOS, 2022).
Figuur 11 Natura 2000 gebieden Nederland
Nationaal De Europese Vogel- en Habitatrichtlijn zijn sinds 2017 nationaal vertaald in de Wet natuurbescherming (Wnb). De voornaamste regel is dat voor iedereen een zorgplicht geldt t. a. v. beschermde planten en dieren. De beperking van de Wet Natuurbescherming is dat het alleen de natuur beschermd, maar niet gericht is op versterken en uitbreiden. Het plan is dat de Wnb overgaat in de Omgevingswet. De verwachting is dat de Omgevingswet januari 2024 van start gaat (RVO, 2023).
blad 17 van 40
w
e
a, om
lytsjerksteradiel
n b s
ij
“ant
(geanonimise rd)
Provinciaal
provincie gaat over de uitvoering van het natuurbeleid. Zij beslissen over vergunningen en ontheffingen voor activiteiten nabij natuurgebieden. Daarnaast zijn ze verantwoordelijk voor de bestrijding van de meeste invasieve exoten zoals Japanse Duizendknoop en Reuzenberenklauw (Rijksoverheid, 2023). De
Gemeentelijk Gemeentelijk beperkt de regelgeving zich tot het kappen van bomen en boomwallen en -singels. In de gemeente zijn boomwallen en -singels beschermd. Het is hierbij verplicht om een omgevingsvergunning aan te vragen. Dit geldt ook voor
solitaire bomen
met
een
stamomtrek
populier,
2.3
els
en
met
een
12
Japanse duizendknoop (bron WUR)
stamomvang groter dan 150cm gemeten op
groter dan 100cm.
berk} (t-diel, n.b.).
Indien
de gemeente
het effect op de natuur.
Thema’s
ontwikkelingen
en
Figuur
hoogte van 1,30m en leibomen en pionier soorten (wilg, uitzondering hierop zijn of activiteiten een bij projecten omgevingsvergunning nodig is toetst een
schubconiferen
Een
waarbij nieuwe ontwikkelingen elkaar snel opvolgen. In deze paragraaf belangrijkste ontwikkelingen waarbinnen biodiversiteit begeeft en ontwikkelt.
Biodiversiteit is een actueel thema, schetsen
2.3.1
we
op grote
lijnen
de
Duurzaamheid Het belangrijkste overkoepelende kader waarbinnen biodiversiteit zich begeeft is duurzaamheid. De duurzaamheidsopgave is één van de grote opgaven waar we nu en in de komende jaren voor staan. Maar duurzaamheid is ook een breed begrip. Om richting te geven, vliegen gemeenten duurzaamheid steeds vaker vanuit 6 thema’s of invalshoeken
aan:
Klimaat-
adaptatie
Bio-
Duurzame
diversiteit
mobiliteit
Duurzaamheid
Opwek duurzame
energie
Figuur
13
De 6 thema's
van
Warmtetransitie
duurzaamheid
blad
18
van
40
w
CU
pm
dg Fala; b ytsjerksteradiel ,
8
e e
Î
« ER: e
(e}
anteagroup
_ Biodiversiteit: herstellen en bevorderen van de verscheidenheid van het leven op aarde; _ Klimaatadaptatie: inrichten van de leefomgeving zodanig dat de effecten van droogte, hitte, wateroverlast overstroming worden beperkt tot aanvaardbare risico's; gebouwde omgeving: streven naar het reduceren van het energieverbruik in de bestaande gebouwde omgeving en het elektrificeren waar dat al kan; Circulaire economie: bevorderen van een systeem waarin geen eindige grondstofvoorraden worden uitgeput en waarin reststoffen volledig opnieuw worden ingezet in het systeem; _Opwek duurzame energie: opwekken van energie door bijvoorbeeld zonnepanelen op land of dak en kleinschalige windmolens; en
e
e
e
*
_Warmtetransitie
_ Duurzame mobiliteit: bevorderen van duurzame en
2.3.2
het verduurzamen
Biodiversiteit
van
koppelen
het
aan
mobiliteit door het verminderen
van
fossiele kilometers
wagenpark.
klimaatadaptatie
Biodiversiteit is dus één
belangrijk thema binnen duurzaamheid. Maar biodiversiteit heeft grote raakvlakken met klimaatadaptatie, omdat de maatregelen binnen beide thema’s elkaar (kunnen) versterken. De klimaatopgave koppelen we daarom aan de biodiversiteitsopgave. Bij ondergrondse werkzaamheden wordt meteen gekeken naar de bovengrondse kansen voor biodiversiteit. Maatregelen waarje aan kunt denken bij klimaatadaptatie zijn: overbodige verharding verwijderen, bestrating, regenwaterriool, waterberging (vijver, wadi), aanplanten bomen, behouden bomen, geveltuintjes en groene gevels. waterdoorlatende
oude
Gezamenlijke aanpak De gemeente gaat voor een gezamenlijke aanpak van biodiversiteit en klimaatadaptatie. Er zijn kansen voor: e Waterdoorlatende verharding Parkeerplekken bij herstelwerkzaamheden en aanleg vervangen door waterdoorlatende verharding zodat er een groen beeld wordt gecreëerd met meer ruimte voor biodiversiteit. e
e
e
Natuurlijke walbeschoeiing Bij herstel en aanleg van walbeschoeiing bekijken of een natuurlijke oplossing mogelijk is. Dit zou betekenen dat op plekken waar een strakke walbeschoeiing niet noodzakelijk Figuur 14 Waterdoorlatende verharding parkeervakken is een flauwe oever aangelegd kan worden. Verhard oppervlak inventariseren Verhard oppervlak inventariseren en in kaart brengen. Via | (geanonimiseerd) is toegang tot versteningskaarten, ontwikkeld door Cobra Groeninzicht. Op basis hiervan kan worden bepaald waar overbodige en overtollige verharding kan worden verwijderd. In sommige dorpskernen is tot de boomstam toe betegeld. Stoepen die amper gebruikt worden. Inrichting openbare ruimte Met de inventarisatie van verstening in de openbare ruimte kan actief worden ‘vergroend’. Daarnaast is er bij nieuwbouw een kans om een grens van maximaal 40% verharding in de openbare ruimte in te stellen. Dit kan onder andere gerealiseerd worden door geen dubbele trottoirs meer aan te leggen en halfverharde opritten te stimuleren.
In hoofdstuk
3 is een verdere
uitwerking
gegeven
aan
de bovenstaande
kansen.
blad
19
van
40
te
2.3.3
leytsjerksteradiel
„
b
1’
O
*_anteagroup
Technologie De e
e
technologische ontwikkelingen gaan snel, er wordt volop geïnnoveerd. Een tweetal aantal voorbeelden: Innovaties ‘koppen’ maaimachines. Met nieuwe technieken kan er eventueel in de toekomst de beheerstrategie met maaien en afvoeren bermen ook al op een meer ecologische wijze worden gemaaid. _ Monitoren met kunstmatige intelligentie. Binnen de EU is het MAMBO-project opgestart, waarbij nieuwe instrumenten worden ontwikkeld, getest en geïmplementeerd voor het monitoren van biodiversiteit. Hierbij worden algoritmes toegepast om soorten te vinden via beeld en geluid, informatie afgeleid vanuit remote sensing van satellieten, vliegtuigen en drones.
Als gemeente houden
2.4
jn,ed
Wat
om
doen
bepalen
we
in te kunnen
we
een
spelen
strategie op basis van de huidige mogelijkheden. Het is belangrijk om ruimte op deze ontwikkelingen en flexibel toe te kunnen passen in de gemeente.
te
al
Naar aanleiding van beleidsplannen in het verleden en nieuwe inzichten wordt op verschillende vlakken al actie genomen t.b.v. biodiversiteit. In deze paragraaf komen kort de meest relevante maatregelen aan bod die we zelf uitvoeren. Daarnaast zijn vanuit biodiversiteitwerkgroepen in de dorpen verschillende initiatieven
uitgevoerd met/of
zonder
gemeentelijke ondersteuning.
Natuurlijke manier van onkruid- en plaagbestrijding We gebruiken, conform nationale wetgeving, geen bestrijdingsmiddelen meer voor onkruidbestrijding van verharde oppervlakken. Dit wordt gedaan door middel van heet water. Wat betreft plaagbestrijding denken zoveel mogelijk vanuit het ecosysteem. De laatste jaren is de eikenprocessierups steeds meer een plaag geworden en ook dit proberen we op een natuurlijke manier te beperken door bloeiende bermen en nestkastjes.
we
(geanonimiseerd)
Figuur
15
Nestkastje als natuurlijke bestrijding van de eikenprocessierups
blad
20
van
40
w
bm ef
leytsjerksteradiel
Ecologisch Zowel
fand „
b
1’
*_anteagroup
beheer
binnen als buiten de bebouwde
kom
beheren
ecologische manier. Sinds 2022 is een nieuwe machine die geschikt is voor het maaien van kleinere hoekjes waar een goed ontwikkelde kruidenvegetatie aanwezig is. De middelen om dit op grotere schaal aan te pakken zijn er op dit moment niet. Op kleine schaal verzamelt de buitendienst zaad van de Ratelaar voor verspreiding. Deze soort parasiteert op gras waardoor meer ruimte ontstaat voor bloeiende kruiden. Op een aantal plekken zijn al mooie resultaten te zien. Het zelf verzamelen en gebruiken van gebiedseigen zaden zorgt ervoor dat de plant zoveel mogelijk we
terreinen op
een
aansluit op de lokale fauna. De gemeente beheert ook verschillende waterpartijen zoals vijvers en poelen. Bij dit soort locaties houden we bij het onderhoud rekening met de biodiversiteit. In plaats van alles in één keer te hekkelen en weg te maaien laten we delen van de begroeiing staan. Groene
inrichting omgeving terrein kijken we waar kansen liggen voor het vergroenen van de leefomgeving. Vaak gekoppeld aan andere thema's als klimaatadaptie en hittestress. In 2023 in het dorpsplein van Munein vergroend. Dit is een goed voorbeeld van een centrale versteende plek in het dorp omgevormd naar een ontmoetingsplek met oog voor biodiersiteit en klimaatadaptatie. Op eigen
Andere voorbeelden e e e
zijn:
_Waterinfiltratielocatie Jistrum
(wateropvang koppelen aan biodiversiteit) (2022); _Ontstenen en vergroenen schoolplein Liudger (2023/2024); Realiseren vijver (waterberging) Burgum;
Niet alleen
bij de huidige bebouwing wordt gekeken naar vergroenen. Ook bij nieuwe ontwikkelingen worden en waar mogelijk versterkt. In het coulissenlandschap zijn dit bijvoorbeeld elzensingels en houtwallen. Ook zijn we verplicht het toenemende oppervlak aan verharding te compenseren door waterelementen aan te leggen of verbreden. Dit soort elementen zijn belangrijke plekken met een hoge groenstructuren ingepast
biodiversiteit in de kernen.
Stichting | (geanonimiseerd) Onze deelname aan Stichting (geanonimiseerd) sui: goed aan bij het tegengaan van verstening in de openbare ruimte, maar met name de privéruimte. Sinds 2021 zijn we lid van de stichting. Zij ondersteunen bij het duurzaam vergroenen van de leefomgeving en creëren van bewustwording. De kernthema’s waar BN (geanonimiseerd) op focust zijn: biodiversiteit, klimaatadaptatie, sociale cohesie en gezondheid. We zetten momenteel vooral in op bewustwordingsacties en een financiële bijdrage voor mienskipsinitiatieven. Zo zijn er verschillende acties georganiseerd. Om continuïteit te creëren houden we op dit moment in het voor- en najaar een publieksactie. Dit zijn de acties tot nu toe: e We hebben drie keer de verkiezing ‘meest biodiverse tuin’ van de gemeente gehouden (2021-2023). e _Bloembollenactie (2023).
WN
Toekomstige
activiteiten
Voor de komende
jaren zijn al verschillende
e
Tuinambassadeurs;
e
Marktkraam
e
Folders maken
e
_Groencafé
(geanonimise rd) (geanonimiseerd)
ideeën
bedacht:
met
plantactie; (voor nieuwe bewoners, nieuwe huizen, bedrijven etc); (lezingen en workshops organiseren);
blad
21
van
40
•
• • •
Eigen versteend oppervlak inventariseren. In sommige dorpskernen is tot de boomstam toe betegeld. Stoepen die amper gebruikt worden. Geld voor het verwijderen van bestrating en terugplaatsen van groen + onderhoud; Interviews met mensen die tuin ontsteend hebben; Groenpagina in Aktief met weetjes, inspirerende verhalen, tuintips etc. ; Wildcamera actie.
Interne bewustwording Ook intern speelt bewustwording een belangrijke rol. In 2023 hebben personeelsleden trainingen gevolgd rondom ‘biodiversiteit en klimaat’ en de Kleurkeur cursus over ecologisch bermbeheer. Bij themaweken is dit jaar een training ‘een levende tuin’ gegeven en een excursie naar het voedselpark Hurdegaryp gemaakt. Natuur- en milieueducatie Pingo & Pet is een samenwerking van gemeente Achtkarspelen, Tytsjerksteradiel en It Fryske Gea. Zij verzorgen binnen de twee gemeenten natuur- en milieueducatie. Het doel is om ieder kind minstens één natuurbeleving mee te geven. De activiteiten bestaan uit leskisten, rugzakroutes en meer. Een voorbeeld van een succesvol educatieproject is ‘Takomst foar in unyk lânskip’. Dit is in 2008 begonnen en loopt nog steeds. Kinderen leren in dit project over het coulisselandschap van de Noardlike Fryske Wâlden en gaan met de handen buiten aan de slag. Ook vieren we jaarlijks Boomfeestdag door bomen in het Geboortebos aan te planten met basisschoolleerlingen. Initiatieven versterking biodiversiteit Op verscheidene locaties lopen initiatieven met of van derden, die gericht zijn op versterking van de biodiversiteit. Het gaat dan om initiatieven op grond van de gemeente en soms ook om andere initiatieven waaraan de gemeente meewerkt.
Initiatiefnemers zijn onder meer dorpsbelangen, vogelwachten, stichtingen, lokale werkgroepen of bedrijven (Brongers et al. 2023). ,
De maatregelen zijn vooral gericht op: • Ontwikkeling en beheer van bloemrijke vegetaties (weides, bermen, bloembakken), deels ook met bollen; • Verbeteren van omstandigheden voor insecten (vooral bijen, vlinders); • Voorzieningen voor vogels (nestkastjes en andere nestelvoorzieningen, vogelbosjes), ook in het kader van de bestrijding van eikenprocessierupsen; • Vergroenen van dorpspleinen, bedrijventerreinen; • Eetbaar groen, fruitbomen e. d.
Figuur 17 Bloemrijke bermen
blad 22 van 40
3. Het beleid Herstel en
Versterk
blad 23 van 40
3.
Het beleid Herstel en Versterk De gemeente onderneemt al diverse acties ten behoeve van de biodiversiteit. Deze acties zijn echter ad-hoc en missen een overkoepelende strategie. Met een overkoepelende strategie kunnen keuzes gemaakt worden wat wel en niet wordt opgepakt, waarbij iedere keuze effect heeft op de stand van de biodiversiteit in de toekomst. Deze overkoepelende strategie is uitgewerkt in het kaderstellende beleid Herstel en Versterk. Dit beleid is gebaseerd op internationale onderzoeken en maatstaven, bijvoorbeeld van het IPCC (‘Intergovernmental Panel on Climate Change’). In deze onderzoeken komen grofweg drie strategieën naar voren: niets doen (zwarte lijn), herstel en behoud (gele lijn) of herstel en versterk (groene lijn), zie hiervoor onderstaande figuur.
Figuur 18 Beleidsstrategieën biodiversiteit (bron: WUR).
Herstel en Versterk sluit het meest aan bij de vastgestelde ambities van Tytsjerksteradiel en dit is ook naar voren gekomen in de werksessies die met diverse interne en externe stakeholders zijn gehouden tijdens het beleidsproces Leeswijzer beleid Herstel en Versterk Het beleid is opgebouwd uit kaders (tabel) en maatregelen (tekst onder tabel). De kaders en maatregelen zijn globaal en richtinggevend en zijn input voor het (nader op te stellen) uitvoeringsplan. De kaders zijn onderverdeeld naar type • Beheer = maatregelen gericht op beheer en onderhoud van de huidige openbare ruimte; • Inrichting = maatregelen gericht op nieuwbouw en herinrichtingen. Daarnaast zijn de kaders ook onderverdeeld naar functiegebieden: • Groen = de ‘droge natuur’, zoals houtwallen, bossen en weidelandschap; • Blauw = de ‘natte natuur’, zoals meren, sloten en moerassen; • Grijs = de bebouwde kom, de ‘versteende’ dorpen; • Geel = gebiedsoverstijgende maatregelen die niet bij bovenstaande passen. Deze indeling geeft handvatten voor welke kaders waar gelden in de gemeente en welke maatregelen waar in de gemeente toegepast worden. Onder de tabel zijn de kaders tekstueel vertaald naar een aantal concrete maatregelen en is de strategie op bewustwording/ participatie van de inwoner uiteengezet.
blad 24 van 40
3. 1
Algemene beschrijving Het beleid Herstel en Versterk is het hoogste ambitieniveau. Met dit beleid zetten we hoog in op biodiversiteitsherstel om de dalende lijn om te buigen naar de stijgende groene lijn (zie figuur 18). Het doel is om niet alleen biodiversiteitsverlies tegen te gaan, maar een stap extra te zetten en te streven naar een toename richting het oorspronkelijke niveau. Hierbij neemt de gemeente een proactieve houding aan. In plaats van afwachten wat op ons afkomt, gaan we zichtbaar aan de slag in de openbare ruimte. Het beheer wordt op een zo ecologisch mogelijk manier uitgevoerd waar mogelijk en de inrichting aanpassen voor meer biodiversiteit. Onze inwoners benaderen we actief in communicatie en spelen een belangrijke rol in het herstel. Kaders Beheer Groen
•
We gaan alle geschikte bermen in de gemeente ecologisch beheren
•
We gaan meer bos aanleggen en bestaand bos vitaler maken
•
We gaan ten minste 1/3 de van onze gazons extensiever beheren door anders en waar nodig inzaaien met bloemenmengsels
•
We gaan actief groengebieden aan elkaar verbinden/ ontsnipperen
•
We gaan meer schuilplekken voor fauna creëren
•
We gaan actief de waterkwaliteit verbeteren
•
We richten actief natuurvriendelijke oevers in en vervangen beschoeiingen
•
We gaan 50% van de sloten die geschikt zijn voor de werkwijze ‘ecologisch slootschonen’ ook op die manier beheren
•
We gaan waar mogelijk de waterbergingscapaciteit van bestaande
Blauw
Grijs
Geel
Inrichting
wateren vergroten
•
We gaan actief verharding vervangen door een waterdoorlatende variant
•
We gaan actief verharding vervangen door groen (ruimte voor groen maken)
•
We gaan onkruid en plaagsoorten niet meer chemisch bestrijden
•
We zorgen ervoor dat nieuwe verstening alleen de noodzakelijke oppervlakte heeft
•
We gaan waar mogelijk actief waterbergingslocaties binnen bestaand openbaar gebied aanleggen
•
We zoeken actief de samenwerking op met derden/ aangrenzende percelen en maken afspraken over beheer voor uniformiteit
•
We monitoren jaarlijks de biodiversiteit
•
Bij (grote) gemeentelijke projecten is er altijd een biodiversiteitsplan
•
We stellen (bindende) voorwaarden aan natuurinclusieve (nieuw)bouw
Participatie: Actief informatie naar inwoners toe & activeren van inwoners voor maatregelen op eigen terrein. Het huidige budget vanuit de duurzaamheidsagenda voor het bevorderen initiatieven van €45. 000 behouden.
3. 2
Maatregelen en strategie In de groene gebieden van onze gemeente gaan we alle geschikte bermen ecologisch beheren. Onder ecologisch bermbeheer verstaan wij de principes van ‘kleurkeur’ zoals gefaseerd maaien (15-30% per maaibeurt laten staan), hooilandbeheer (maaien, laten liggen, harken en oprapen) of sinusmaaien (ca. 40% per maaibeurt laten staan).
blad 25 van 40
ó
leytsjerksteradiel
En
2
b
,
krijgen insecten en larven de kans om weer en vegetatie te kruipen, zonder dat ze worden opgezogen en afgevoerd (zoals bij klepelen of maaien en direct afvoeren). Waar we welk type beheer kunnen toepassen (geschiktheid) is afhankelijk van meerdere factoren, zoals de samenstelling van de bodem of de breedte van de berm. Dit vergt nader onderzoek en de beheerstrategie per berm gaan we vastleggen in een apart bermbeheerplan. Daarnaast gaan we een groot gedeelte van onze gazons en grasvelden extensiever beheren, zodat er meer ruimte komt Op
deze
(geanonimise rd)
om
w
mn: e
manier
terug in de bodem
voor
biodiversiteit.
De gazons
moeten
hiervoor worden
afgeplagd en opnieuw worden ingezaaid met bloemenmengsels, om verloedering/verwaarlozing en de bijkomende weerstand van inwoners te voorkomen. Op het gebied van inrichting zien we een kans in de bossen. Bossen zijn van groot belang voor de biodiversiteit, vanwege omvang diversiteit.
en
te creëren.
We
Daarbij
zien ruimte
om
hoort ook dat
in onze gemeente we
meer
bos
bestaande
groenstructuren gaan ontsnipperen, herstellen
en
met
elkaar
gaan verbinden. Figuur 19 Concreet
voor
groen gaan
Sinusmaaien
we:
bermbeheerplan opstellen (o.b.v. een nog uit te voeren onderzoek ‘geschikte bermen’), waarin duidelijk wordt wat de geschikte bermen zijn voor ecologisch bermbeheer volgens de principes van kleurkeur. Vervolgens gaan we op deze bermen ecologisch bermbeheer toepassen (zoals gefaseerd maaien, hooilandbeheer of sinusmaaien). Op bermen die niet geschikt zijn voor ecologisch bermbeheer passen we onze huidige beheerstrategie toe (klepelen of maaien en afvoeren); 1/3°° van onze gazons extensief beheren en waar nodig in te zaaien met wilde bloemenmengsels. Extra bossen aanleggen/creëren, waarbij een divers sortiment wordt toegepast. We richten ons hier op vitale bossen (verlagen zuurgraad van de bosbodem ter bevordering van bodemleven, door aanplant bomen met lage zuurgraad); Laanstructuren van bomen inventariseren/ bepalen (overzichtskaart) en waar nodig herstellen; Meer plekken met dood hout creëren, als schuilplaats voor fauna. Actief vergroten van boomspiegels waar nodig. Plaagsoorten bestrijden met natuurlijke vijanden; Een
In de blauwe verbeteren beleid
over
gebieden
van
baggeren,
water creëren.
slag verwijderen. en
richten
we
ons
de waterkwaliteit. We
dat is een
kunnen
we
met
Door
name
goed
te
verschillende
op het actief
kijken naar ons dieptes in het
gaan dus actief met onze wateren aan de stapje verder dan alleen het aanwezige bagger
Dit bevordert de biodiversiteit in het water.
Daarnaast moeten
bij onze maaiwerkzaamheden ook zoveel mogelijk aanwezige biodiversiteit beschermen, dus meer slootschonen ecologisch toepassen. Ook de inrichting van wateren en oevers in de blauwe gebieden nemen we actief onder handen. Zo gaan we meer waterbergingslocaties aanleggen in openbaar gebied en gaan we ook actief beschoeiingen vervangen door natuurvriendelijke oevers, zodat als
de
de overgang
tussen
we
groen
en
blauw
een
stuk minder
‘hard!’ is.
Figuur 20 Slootschonen
blad
26
van
40
w
gemente Concreet
voor
blauw gaan
e
Verschillende
e
De
e
e
eytsjerksteradi
pm
‚£
*s’
î
o ed *
_anteagroup
we:
dieptes in het water creëren door onderscheid in watertypes te maken; principes van ecologisch slootschonen op 50% van onze sloten toe te passen die hiervoor geschikt zijn. We gaan onderzoek doen om deze sloten in kaart te brengen; Actief natuurvriendelijke oevers aan te leggen, bij natuurlijke oevers, maar ook op plekken waar al beschoeiing staat; De waterbergingscapaciteit van bestaande wateren vergroten, door deze wateren uit te breiden of ruimte maken voor overstroomplekken.
te
gebieden speelt het ontstenen van de openbare ruimte een grote rol. Als gemeente zijn we bijvoorbeeld aangesloten bij Stichting | (geanonimiseerd) Bij beheer gaan we zorgen dat bestaande verharding beter waterdoorlatend wordt, door bijvoorbeeld meer elementverharding of grasbetonstenen toe te passen bij reguliere vervanging. Maar we gaan ook actief verharding vervangen door groen binnen de kom en bij herinrichting of nieuwbouw zorgen we ervoor dat er niet onnodige verharding wordt aangelegd. Geen grote versteende pleinen, brede voetpaden of rijbanen. Zo smal mogelijk is het uitgangspunt, maar zolang het natuurlijk wel aan de inrichtingseisen van veilig weggebruik voldoet. Onkruid en plaagsoorten zoals de Eiken Processierups bestrijden we zoveel als mogelijk met natuurlijke middelen, zoals heet water en hitte bij onkruid of natuurlijke vijanden van de rups. Als laatste hebben we extra aandacht voor waterberging in woonwijken en gaan we deze actief aanleggen in bestaande wijken. Aan de ene kant om droge voeten te houden bij een hevige bui, aan de andere kant omdat de inrichting van waterbergingslocaties vaak ook ruimte biedt voor een In grijze
diversiteit
aan
Concreet
voor
e e e
e e e
e
flora
en
fauna.
grijs gaan we: Bovenop reguliere vervangingen actief verharding vervangen door een waterdoorlatende variant; Bovenop reguliere vervangingen actief verharding omvormen naar groen; De hoeveelheid verharding bij nieuwbouw en herinrichting minimaliseren (richtlijn maximaal 40% van openbare ruimte is gesloten verharding); Onkruid blijven we bestrijden zonder chemische middelen, bijvoorbeeld met heet water of hitte; Daar waar mogelijkheden zijn waterinfiltratielocaties/water partijen aanleggen in bestaande woonwijken; _Dakvlakken afkoppelen van riolering bij bestaande bouw, wanneer er een alternatieve afvoer mogelijk is bij hemelwaterafvoer of oppervlaktewater (dit loopt via VGRP, maar draagt ook bij aan biodiversiteit); _Dakvlakken afkoppelen van riolering bij nieuwbouw (dit loopt via VGRP, maar draagt ook bij aan biodiversiteit);
Figuur
1
Waterinfiltratielocatie
blad
27
van
40
Gebiedsoverstijgend (geel) gaan we vooral op zoek naar samenwerking met derden van aangrenzende percelen. Hierbij zetten we in op zoveel als mogelijk uniform beheer van het gebied van de perceeleigenaar en ons gebied, zodat er geen versnippering ontstaat. We maken hier afspraken over en leggen dit vast. Ook monitoren we met een jaarlijkse beleidsschouw de biodiversiteit volgens de principes van ‘Kleurkeur’. Op het gebied van inrichting zorgen we ervoor dat bij al onze grote gemeentelijke projecten, zoals de aanleg van een zonnepark, een biodiversiteitsplan aanwezig is. Denk hierbij bijvoorbeeld aan het laten grazen van schapen onder de zonnepanelen, of de landschappelijke inpassing ervan. Ook stellen we duidelijke voorwaarden en eisen aan natuurinclusieve bouw van nieuwbouw. Concreet gaan we: • Beheer met derden (TBO’s) van aangrenzende percelen uniformeren, door afspraken te maken over de toegepaste beheerstrategie; • Actief contact zoeken en bij bijeenkomsten van LBF, NFW en coöperaties aansluiten; • Biodiverse voorwaarden stellen aan pacht; • Bij nieuwbouw minimaal 2 maatregelen van ‘Bouw Natuurinclusief’ als voorwaarde stellen; • Gemeentelijk vastgoed voorzien van verbijfsplaatsen voor gebouwbewonende soorten; • Ieder jaar de stand van biodiversiteit in de gemeentelijke openbare ruimte te monitoren volgens de principes van ‘Kleurkeur’.
Op het gebied van bewustwording en gedrag is de strategie om actief informatie naar inwoners toe te brengen en inwoners te activeren om maatregelen op eigen terrein te treffen voor biodiversiteit. Hiervoor gaan we: • Inspiratiesessies voor inwoners organiseren; • Een helpdesk aanbieden voor inwoners die graag meer willen bijdragen aan biodiversiteit; • Jaarlijks gratis 50 bomen aanbieden aan inwoners; • Campagnes organiseren op middelbare scholen; • Tegen kostprijs compostvaten aan te bieden, om inwoners stimuleren bioafval te composteren en toe te passen in eigen tuin; • Informatieborden plaatsen over toegepaste maatregelen in de gemeente (bijv. sinusmaaien of extensief onderhouden gazon); • Stimuleren van particulieren om geen chemische bestrijdingsmiddelen te gebruiken; • Actief samenwerking met plaatselijke natuurgroepen opzoeken; • Het huidige budget van €45. 000 voor initiatieven van bewoners, verenigingen of scholen voor biodiversiteit behouden (particulier en openbaar terrein). Bijvoorbeeld subsidie voor de aanleg van een groen dak, de aanleg van waterberging, of aanleg van een bloemenweide in een dorp. • Loodvrij vissen te stimuleren; • Inwoners stimuleren om mitigerende maatregelen te treffen bij isolatie van woningen en gebouwen. • Inwoners stimuleren om verharding te vervangen door groen.
Figuur 22 Informatiebord Biodiversiteit
blad 28 van 40
3. 3
Financiën Een gedeelte van de maatregelen geldt als inrichtingseis, zoals het minimaliseren van verharding bij nieuwbouw. Andere maatregelen kunnen binnen het bestaande beheerbudget worden opgevangen, zoals het vitaler maken van bossen d. m. v. sortimentskeuze. Daarnaast zijn er maatregelen die om extra budget vragen, eenmalig of structureel. In onderstaande een overzicht van de extra benodigde budgetten voor het beleid Herstel en Versterk. Eenmalig
Structureel
Groen
€90. 000 - €110. 000
€10. 000 - €15. 000
Blauw
€25. 000 - €35. 000
€35. 000 - €45. 000
Grijs
€10. 000 - €20. 000
€20. 000 - €30. 000
Geel
€3. 000 - €7. 000
€15. 000 - €25. 000
Bewustwording en gedrag Totaal
€2. 000 - €3. 000
€20. 000 - €25. 000
€130. 000 - €175. 000
€100. 000 - €140. 000
Bovenstaande kosten zijn indicatief. Omdat het voor biodiversiteit lastig is om op de euro nauwkeurig de benodigde bedragen door te rekenen, is er een bandbreedte aangehouden. Een gedetailleerde onderbouwing is opgenomen in bijlage 5.
blad 29 van 40
4.
Conclusies
4. 1
Het (te) verlopen proces
en
verlopen
proces
Opiniërende sessie In de opiniërende sessie van 23 mei 2024 heeft de meerderheid van de raad uitgesproken voor ambitieniveau Herstel en Versterk te willen gaan. Na deze uitspraak is het beleidsstuk klaargemaakt voor besluitvormende behandeling. Besluitvorming De raad heeft in haar vergadering van xxxx het beleidskader vastgesteld door Herstel en Versterk als ambitie vast te stellen. Inclusief het vrijgeven van de middelen om het college in staat te stellen het gekozen doel waar te kunnen maken. Opstellen uitvoeringsagenda Op basis van de gestelde kaders en maatregelen moet er jaarlijks een uitvoeringsagenda worden opgesteld met activiteiten die passen binnen het kader. In de uitvoeringsagenda komt in ieder geval terug: • Wat de actie is; • Hoe de actie wordt uitgevoerd; • Waar wordt de actie uitgevoerd; • Wie de verantwoordelijke en betrokkenen zijn; • Wanneer wordt de actie uitgevoerd (planning, prioritering). Onderzoek doen en plannen maken Voor diverse maatregelen is onderzoek nodig. Dit geld met name voor het ecologisch bermbeheer en ecologisch slootschonen. Er moet op kaart en aan de hand van criteria inzichtelijk worden gemaakt welke bermen en sloten geschikt zijn voor ecologisch bermbeheer. Op basis van deze inventarisaties kan een bermbeheerplan en slootonderhoudsplan worden opgesteld.
Monitoring van de doelstellingen/review naar bestuur Voor het meten van de voortgang i. r. t. de doelstellingen zal een monitoringsplan moeten worden opgesteld. In het monitoringsplan moet duidelijk worden op welke wijze, waar en met welke frequentie er volgens de principes van ‘Kleurkeur’ wordt gemonitord.
Figuur 2 Monitoring o. b. v. Kleurkeur
blad 30 van 40
Bijlage 1 Gebiedstypenkaart gemeente Tytsjerksteradiel