CConstaterende datTytsjerksteradiel
Koppel je AI →
Document · PDF

06 - Bijlage 1 - Beleidsplan gebouwenbeheer 2026-2030

RAAD IT BESLUT 18 december 2025, gemeente TytsjerksteradielBij agendapunt: Beleidsplan gebouwenbeheer 2026-2030 (hammerstik)2.414 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Gemeente Tytsjerksteradiel

Beleidsplan gebouwenbeheer 2026-2030

Gebouwbeheer 7-10-2025

Beleidsplan gebouwenbeheer 2026-2030

Inhoud 1 Inleiding ................................................................................................................................................ 2 2 Doelstelling ........................................................................................................................................... 2 3 Gebouwen ............................................................................................................................................ 2 3.1 Gebouwen in bezit van de gemeente ........................................................................................... 2 3.2 Gebouwen niet bezit waar wel onderhoud gepleegd wordt ........................................................ 3 3.3 Schoolgebouwen ........................................................................................................................... 4 3.4 Kunstwerken in eigendom............................................................................................................. 4 4 Organisatie ........................................................................................................................................... 5 5 Soorten onderhoud ..............................................................................................................................

5 5.1 Gebruikersonderhoud ................................................................................................................... 5 5.2 Eigenaarsonderhoud ..................................................................................................................... 5 6 Beleid onderhoud gebouwen ............................................................................................................... 6 6.1 Onderhoudsniveau ........................................................................................................................ 6 6.2 Duurzaamheid ............................................................................................................................... 7 6.3 Wettelijk kader .............................................................................................................................. 8 6.3.1 Legionellabeheer .................................................................................................................... 8 6.3.2 Veiligheid ................................................................................................................................ 8 6.3.3 Energiebeleid en duurzaamheid.............................................................................................

8 6.3.4 Elektrische installaties ............................................................................................................ 9 6.3.5 Ketelkeuringen ....................................................................................................................... 9 6.3.6 Asbest ..................................................................................................................................... 9 6.3.7 Liftkeuringen........................................................................................................................... 9 6.3.8 Waterveiligheid ...................................................................................................................... 9 6.3.9 Energiebesparende maatregelen ........................................................................................... 9 6.3.10 Brandveiligheidseisen ........................................................................................................... 9 6.3.11 Wetgeving voor installaties en ventilatiesystemen ............................................................. 9 7 Financiën ............................................................................................................................................ 10

1

Beleidsplan gebouwenbeheer 2026-2030

1 Inleiding Dit beleidsplan heeft betrekking op de gebouwen die bij de gemeente in beheer zijn. Dit betreft een grote verscheidenheid aan gebouwen met verschillende functies. Ook zijn er gebouwen die geen eigendom zijn van de gemeente, maar waar de gemeente wel het onderhoud financiert op basis van beleid en afspraken. Dit beleidsplan geeft een helder beeld van de werkzaamheden voor het onderhouden van de gemeentelijke gebouwen en houdt rekening met andere beleidsvelden die het beheer en onderhoud van deze gebouwen raken. Dit kan zijn op het gebied van verduurzaming of afspraken over onderhoud aan gebouwen met ‘’de mienskip’’.

2 Doelstelling Het doel van dit beleidsplan is om vast te stellen wat het onderhoudsniveau per gebouw moet zijn. De gemeentewet, met daaruit voortvloeiend de BBV (Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten), schrijft voor dat er een beleidsplan moet zijn voor een periode van 5 jaar als onderbouwing voor de onderhoudsvoorzieningen voor groot onderhoud. Dit beleidsplan heeft betrekking op de periode 2026-2030.

3 Gebouwen De gemeente heeft op dit moment ruim 40 gebouwen in eigendom die verschillende doelen dienen. Hieronder zijn de gebouwen weergeven per categorie.

3.1 Gebouwen in bezit van de gemeente Eigen huisvesting

Sportgebouwen

2

Beleidsplan gebouwenbeheer 2026-2030

Welzijn, dorpshuis en MFC

Recreatie

Woningen

Overige gebouwen

3.2 Gebouwen niet bezit waar wel onderhoud gepleegd wordt Er zijn ook enkele dorpshuizen die niet in bezit zijn van de gemeente maar waar de gemeente wel het (groot)onderhoud subsidieert. Dit is geregeld in de notitie dorpshuizen uit 2010. Naam object De Oerein Suderfinne Eindekoer Bob gebouw

Plaats Aldstjerk Suwald Rypstjerk Oentsjerk

Categorie Dorpshuis Dorpshuis Dorpshuis Dorpshuis

3

Beleidsplan gebouwenbeheer 2026-2030

3.3 Schoolgebouwen Schoolgebouwen hebben een aparte status binnen het gebouwenbeheer. Schoolgebouwen zijn juridisch eigendom van het schoolbestuur. Sinds 2015 ligt ook de verantwoordelijkheid voor het onderhoud van schoolgebouwen bij het schoolbestuur. Hierin heeft de gemeente geen rol meer. Voor nieuwbouw en renovatie ligt de verantwoordelijkheid nog wel bij de gemeente. In het IHP (Integraal Huisvestingsplan) is opgenomen waar in de toekomst werkzaamheden bij scholen te verwachten zijn. Op het moment dat een schoolgebouw zijn functie verliest vervalt het eigendom automatisch weer aan de gemeente. De afdeling gebouwenbeheer is vanaf dat moment ook verantwoordelijk voor het leegstandsbeheer van het gebouw. Vaak krijgt het gebouw antikraak bewoning totdat besloten is wat er met het gebouw gaat gebeuren (verkoop, nieuwe functie of sloop). Tijdens het leegstandsbeheer worden er kosten gemaakt voor onderhoud en energiekosten. Op dit moment zijn, of komen op korte termijn, de volgende gebouwen in bezit van de gemeente.

3.4 Kunstwerken in eigendom Er zijn in totaal een 85-tal kunstwerken welke planmatig worden onderhouden. De kunstwerken worden periodiek schoongemaakt en gerepareerd waar nodig.

4

Beleidsplan gebouwenbeheer 2026-2030

4 Organisatie Het gebouwbeheer van de gemeente Tytsjerksteradiel ligt bij de afdeling Beheer en beleid Buitenruimte. Binnen deze afdeling zijn 2 medewerkers bouwkunde in de binnendienst die zich bezighouden met het opstellen van meer jaren onderhouds- begrotingen/planningen en met het (laten) uitvoeren van de onderhoudswerkzaamheden. Deze onderhoudswerkzaamheden vloeien voort uit deze opgestelde planningen. Daarnaast is er een energie coördinator die o.a. het energieverbruik van de gebouwen monitort en optimaliseert, momenteel is deze functie vacant en wordt opgepakt door de medewerkers bouwkunde. In de buitendienst zijn 4 medewerkers werkzaam die een grote rol spelen in de daadwerkelijke uitvoering van de onderhoudsklussen.

5 Soorten onderhoud Het onderhoud van gebouwen kan grofweg worden onderverdeeld in twee categorieën: 1. Gebruikersonderhoud 2. Eigenaarsonderhoud.

5.1 Gebruikersonderhoud Gebruikersonderhoud betreft kleine onderhoudswerkzaamheden, zoals het vervangen van een kapotte lamp of vergelijkbare klusjes. Voor dit soort onderhoud zijn afspraken gemaakt met de gebruikers van de gebouwen. Zo zijn er specifieke afspraken met dorpshuizen en met beheerders van sporthallen, die dit gebruikersonderhoud zelf uitvoeren.

5.2 Eigenaarsonderhoud Eigenaarsonderhoud is op zijn beurt op te splitsen in planmatig onderhoud en niet-planmatig onderhoud. ➢ Niet-planmatig onderhoud Dit type onderhoud richt zich voornamelijk op het oplossen van storingen en het afhandelen van klachten. In de administratie volgens het BBV (Besluit Begroting en Verantwoording) wordt dit klein onderhoud genoemd. Storingen en klachten worden gemeld bij de binnendienst van gebouwbeheer. De binnendienstmedewerker verdeelt de werkzaamheden vervolgens onder de buitendienstmedewerkers. Voor dit onderhoud wordt in de meerjarenbegroting (vastgelegd in het programma Total Link) een bedrag gereserveerd, gebaseerd op de oppervlakte van het gebouw. ➢ Planmatig onderhoud Planmatig onderhoud omvat contractonderhoud en meerjarenonderhoud. Er worden periodiek meerjarenonderhoudsplannen en -begrotingen opgesteld. De meerjarenonderhoudsbegroting bestaat uit drie onderdelen: 1. Contractonderhoud: Onderhoudswerkzaamheden die vastliggen in servicecontracten. 2. Meerjarenonderhoud: Groot onderhoud dat is gepland over een langere termijn. 3. Noodzakelijke aanpassingen: Aanpassingen die nodig zijn vanwege veranderende wet- en regelgeving of om de functionaliteit van het gebouw te verbeteren. Zo wordt het onderhoud gestructureerd en uitgevoerd, afgestemd op de aard van de werkzaamheden en de verantwoordelijkheden van de betrokken partijen. 5

Beleidsplan gebouwenbeheer 2026-2030

6 Beleid onderhoud gebouwen Het beleid ten aanzien van het onderhoud heeft met name betrekking op het planmatig onderhoud. Dit beleid wordt opgesteld voor een periode van 5 jaar. ( 2026 – 2030) Na 5 jaar zal het geëvalueerd moeten worden. In de gemeente Tytsjerksteradiel wordt een onderhoudsbegroting opgesteld voor de gebouwen. Sinds 2024 wordt hiervoor gebruik gemaakt van het programma Total Link. De meer jaren onderhoudsbegroting wordt in principe opgesteld voor een periode van 5 jaar. Er wordt echter jaarlijks een inspectieronde langs de gebouwen gemaakt om te kijken of er naar aanleiding van de staat van onderhoud nog aanpassingen in die begroting gedaan moeten worden. De onderhoudsbegroting wordt opgesteld door gebouwbeheer. De medewerker gaat ieder voorjaar langs de gebouwen om de gebouwen te inspecteren. Aan de hand van deze inspectie ronde worden de meer jaren onderhoudsbegrotingen voor het jaar daarop aangepast. Als het onderhoud van een bepaald onderdeel slechter is dan gedacht, wordt het onderhoud naar voren gehaald en als de toestand beter is dan gedacht kan het onderhoud eventueel nog worden uitgestel. Op deze manier blijft de onderhoudsbegroting en planning up to date.

6.1 Onderhoudsniveau Er is een NEN norm opgesteld voor het inspecteren van de onderhoudstoestand van gebouwen. De NEN 2767. Deze norm is in het leven geroepen om tot een objectieve inspectie methode te komen die ook voor een ieder gelijk is. Deze NEN norm wordt ook toegepast voor het onderhoud van de gebouwen van de gemeente. De norm gaat uit van een aantal onderhoudsniveau ’s.

Bij de inspectie van de gebouwen gaan we uit van de conditiescore 3 van de NEN 2767. De onderhoudstoestand van het gebouw is dan redelijk te noemen. Hieraan voldoen onze gebouwen met uitzondering van de gebouwen zoals benoemd in onderstaande 2 alinea’s.

6

Beleidsplan gebouwenbeheer 2026-2030

Voor gebouwen of bouwdelen die een representatieve uitstraling moeten hebben hanteren we de conditiescore 2. De onderhoudstoestand die bij deze score hoort is; goed te noemen. We hanteren deze onderhoudsscore voor de Publiekshal van het gemeentehuis. Als bekend is dat gebouwen binnen afzienbare tijd moeten worden gesloopt of grondig worden gerenoveerd dan hanteren we de conditiescore 5 of in uitzonderlijke gevallen 6. Dit geld voor de 4 leegstaande schoolgebouwen zoals benoemd in hoofdstuk 3.3.

6.2 Duurzaamheid Door het vaststellen van de duurzaamheidsagenda en de visie op maatschappelijk vastgoed zijn er kaders ontstaan die door gebouwenbeheer toegepast kunnen worden voor het verduurzamen van gebouwen. De uitgangspunten die hierbij gehanteerd worden zijn; ➢ In 2040 zijn alle gebouwen van de gemeente Tytsjerksteradiel energieneutraal; ➢ Gebouwen waar niks speelt omtrent clustering, nieuwbouw of afstoten worden verduurzaamd. In het uitvoeringsprogramma accommodatiebeleid zijn gebouwen benoemd die in aanmerking komen voor verduurzaming. Dit zijn: ➢ Glinstra State Burgum; ➢ Sporthal de Hege Fiif Hurdegaryp; ➢ MFC it Maskelyn Hurdegaryp; ➢ Sporthal it Heech Noardburgum; ➢ MFC de Balstien Noardburgum; ➢ Zwembad en sporthal de Wetterstins Burgum. Voor de bovenstaande panden (behalve Glinstra State) is een DUMAVA subsidie (duurzaam maatschappelijk vastgoed) aangevraagd, omdat Glinstra State een monument is kan hiervoor geen DUMAVA aangevraagd worden. Voor it Maskelyn is geen subsidie ontvangen vanwege een te hoog energielabel. In totaal is er in het jaar 2024 en 2025 voor 10 gemeentelijke gebouwen een DUMAVA subsidie aangevraagd en tevens een beschikking voor ontvangen. Dit betreffen de volgende gebouwen:

Eind 2025 zal er gestart worden met een prioritering van de te verduurzamen gebouwen en het maken van de PvE’s (programma van eisen) voor de eerste gebouwen. Vervolgens kan er in 2026 gestart worden met het maken van bestek en tekeningen en vervolgens kunnen deze projecten aanbesteed worden.

7

Beleidsplan gebouwenbeheer 2026-2030

Er is voor elk gebouw een maatwerkadvies opgesteld waar in 3 stappen een route naar een gasloos gebouw wordt uitgestippeld, inclusief kostenraming en een berekening van de (bespaarde) CO2 uitstoot. Deze maatwerkplannen kunnen als onderlegger dienen bij de verdere uitwerking van de verduurzaming. Voor de overige gebouwen geldt dat deze op normale wijze worden onderhouden. Als zich een natuurlijk moment voordoet wordt ook bij deze gebouwen duurzame maatregelen genomen. Hierbij valt te denken aan dakisolatie als de dakbedekking wordt vervangen of het plaatsen van een warmtepomp als de cv ketel aan vervanging toe is.

6.3 Wettelijk kader Er zijn wettelijke kaders waar het gebouwenonderhoud aan moet voldoen, deze wettelijke plicht wordt conform de richtlijn uitgevoerd en zijn standaard opgenomen in de begroting. Als er nieuwe wetgeving vastgesteld wordt past gebouwen beheer zijn werkwijze hierop aan.

6.3.1 Legionellabeheer De wetgever onderscheidt twee categorieën gebouwen die onder het legionellaregime vallen: prioriteitsgebouwen en gebouwen met een zorgplicht. ➢ Prioriteitsgebouwen, zoals zwembaden en havenfaciliteiten, vereisen een legionellabeheersplan. Dit plan beschrijft hoe de ontwikkeling van de legionellabacterie in het water wordt gecontroleerd. Voor deze gebouwen binnen de gemeente zijn beheersplannen opgesteld, waarvan de maatregelen strikt worden nageleefd. ➢ Gebouwen met een zorgplicht, zoals gymzalen en sporthallen, zijn niet verplicht legionellabeheer uit te voeren. Echter, als in deze gebouwen een besmetting optreedt, is de eigenaar volledig aansprakelijk. Daarom hebben wij ook voor deze gebouwen beheersplannen opgesteld, die nauwgezet worden uitgevoerd.

6.3.2 Veiligheid Veiligheid in gebouwen valt uiteen in twee onderdelen: 1. Arbowetgeving: Gericht op een veilige en gezonde werkomgeving voor werknemers. Werkgevers moeten een risico-inventarisatie en -evaluatie (RI&E) uitvoeren. 2. Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (WABO): Vanuit omgevingsvergunningen gelden specifieke eisen, bijvoorbeeld voor de brandveiligheid van gebouwen waarin meer dan 50 personen gelijktijdig aanwezig zijn. Werkzaamheden die voortvloeien uit de RI&E en omgevingsvergunningen worden opgenomen in het MJOP.

6.3.3 Energiebeleid en duurzaamheid De wetgever stelt steeds strengere eisen aan de duurzaamheid van gebouwen. • Energielabel C: Kantoorgebouwen moeten sinds 1 januari 2023 minimaal aan dit label voldoen. • Gasloos in 2040: Alle gebouwen moeten tegen die tijd gasvrij zijn. Om deze doelen te behalen, wordt er per pand een plan opgesteld.

8

Beleidsplan gebouwenbeheer 2026-2030

6.3.4 Elektrische installaties Volgens de Arbowet moeten elektrische installaties veilig zijn om te gebruiken en om aan te werken. ➢ Installaties moeten worden ontworpen en aangelegd volgens NEN 1010. ➢ Periodieke keuringen moeten plaatsvinden conform NEN 3140. De gemeente hanteert een inspectieplan genaamd zorgsysteem NEN 3140 binnen gemeente Tytsjerksteradiel. In dit plan is beschreven wat het doel is van de organisatie en wat de maatregelen zijn in het kader van de elektrische bedrijfsvoering.

6.3.5 Ketelkeuringen Het Activiteitenbesluit Milieubeheer schrijft voor dat ketels met een vermogen boven 100 kW minimaal eens in de vier jaar gekeurd worden (SCIOS-keuring). Ook gasleidingen van deze installaties moeten worden geïnspecteerd. Deze keuringen worden opgenomen in de Meerjarenonderhoudsbegroting (MJOB).

6.3.6 Asbest In gemeentelijke gebouwen is een asbestinventarisatie uitgevoerd. Waar nodig zijn asbesthoudende materialen gesaneerd.

6.3.7 Liftkeuringen Voor gebouwen met liften schrijft de Warenwet Besluit Liften voor dat liften periodiek gekeurd moeten worden, meestal eens per 1,5 jaar. Deze inspecties moeten worden uitgevoerd door een geaccrediteerde keuringsinstantie.

6.3.8 Waterveiligheid Andere aspecten van waterveiligheid, zoals de verplichtingen onder het Drinkwaterbesluit, kunnen relevant zijn. Dit omvat de controle van drinkwaterkwaliteit in bijvoorbeeld kantoren of scholen.

6.3.9 Energiebesparende maatregelen Het Besluit energie-efficiëntie kan verplichtingen opleggen aan grote bedrijven en instellingen om energiebesparende maatregelen door te voeren, zolang deze binnen vijf jaar terugverdiend kunnen worden.

6.3.10 Brandveiligheidseisen • • •

Blusmiddelen en noodverlichting: Periodieke controle en onderhoud van brandblusapparaten, haspels, en noodverlichting. Ontruimingsplannen: Het opstellen en actualiseren van ontruimingsplannen en het uitvoeren van ontruimingsoefeningen (vereist vanuit de Arbowet en WABO). Gebruiksvergunningen: Voor sommige evenementen of tijdelijke aanpassingen kan een gebruiksvergunning vereist zijn.

6.3.11 Wetgeving voor installaties en ventilatiesystemen Ventilatiesystemen in gebouwen met een publieke functie moeten voldoen aan eisen uit de Bouwbesluit 2012, met periodieke controle op werking en hygiëne. Dit is sinds COVID-19 extra onder de aandacht gekomen. 9

Beleidsplan gebouwenbeheer 2026-2030

7 Financiën Het BBV (Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten) maakt onderscheid tussen twee soorten onderhoud: groot onderhoud en klein onderhoud. Klein onderhoud omvat volgens het BBV vooral storingsonderhoud en onderhoud dat is vastgelegd in contracten, deze kosten komen ten laste van de begroting. Alle overige onderhoud valt onder groot onderhoud. Binnen groot onderhoud maken wij een verdere onderverdeling in vervangingsonderhoud en planmatig onderhoud. Het vervangingsonderhoud wordt gefinancierd door jaarlijks de bijbehorende kapitaalslasten af te boeken. Met andere woorden, we schrijven af op het vervangingsonderhoud. Het planmatig onderhoud wordt betaald uit de onderhoudsvoorzieningen die worden gevoed met jaarlijkse dotaties ten laste van de begroting. Die voeding is het 10-jaars gemiddelde van de verwachte kosten. In 2020 heeft de raad afschrijftermijnen vastgesteld voor de verschillende gebouwonderdelen, evenals de toe te passen afschrijvingsmethode (lineair of annuïtair). Deze richtlijnen zijn conform de Nota waardering en afschrijving vaste activa 2019. Voor de verduurzaming van de panden zal gebruik worden gemaakt van de reeds ontvangen DUMAVA subsidies en van de begrote bedragen in de MJOP’s (meerjaren onderhouds plannen).

10

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Tytsjerksteradiel&id=7ed818aa-e714-4df0-a603-53feec314ec0