CConstaterende datTytsjerksteradiel
Koppel je AI →
Document · PDF

05 - Bijlage 1 - Rapport commissie benoembaarheid wethouders

RAADSVERGADERING 2018 t/m 2024 12 juli 2022, gemeente TytsjerksteradielBij agendapunt: Benoemen wethouders (besluitvormend)1.269 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Rapport commissie benoembaarheid wethouders

Aan

:

Gemeenteraad

Van

:

Commissie benoembaarheid wethouders 12 juli 2022

Datum

:

7 juli 2022

Betreft

:

Onderzoek benoembaarheid wethouders

Inleiding Na de gemeenteraadverkiezingen is onder leiding van een (in)formateur het proces van coalitievorming gestart. De uitkomsten van deze coalitievorming hebben geleid tot een samenwerking van FNP, CDA en PvdA/GL. De partijen dragen kandidaat-wethouders voor aan de gemeenteraad. Het is aan de gemeenteraad om deze kandidaten vervolgens te benoemen tot wethouders. De kandidaat-wethouders moeten hierbij aan voorwaarden voldoen zoals vastgesteld in de gemeentewet en het Reglement van Orde van de gemeenteraad Tytsjerksteradiel 2021 Commissie geloofsbrieven In de raadsvergadering van 30 juni 2022 is een ad-hoc commissie ‘benoembaarheid wethouders’ benoemd, bestaande uit: • • •

Dhr. D.T. Hooijenga (voorzitter) Dhr. J. P. van der Velde Dhr. J. Looijenga

Onderzoek De kandidaat wethouders, zoals voorgedragen door de te vormen coalitie zijn: • • •

Mevr. T. Willemsma, namens de FNP Mevr. C. de Pee, namens het CDA Mevr. B. van Zandbergen namens de Pvda en GroenLinks

Door de commissie is onderzocht of bovenstaande kandidaten hebben voldaan aan de voorwaarden benoembaarheid, te weten: • • • • • • •

Verklaring omtrent gedrag. Benoembaarheidsvereisten volgens artikel 36a Gemeentewet. Nevenfuncties volgens artikel 41b gemeentewet. Onverenigbare functies volgens artikel 36b Gemeentewet Verboden handelingen volgens artikel 41c gemeentewet. De verklaring dat de kandidaat-wethouder de gedragscode voor burgemeester en wethouders van de gemeente onderschrijft. Risicoanalyse integriteit en toetsen evt. beheersmaatregelen in relatie tot de portefeuilleverdeling.

-2De risicoanalyse integriteit is uitgevoerd door integriteitsbureau BING

Advies De commissie heeft geconstateerd dat aan alle voorwaarden is voldaan en er geen beletselen zijn voor de benoeming van de kandidaten tot wethouder.

Dhr. D.T. Hooijenga (voorzitter)

Dhr. J. P. van der Velde

Dhr. J. Looijenga

Bijlage 1 - Artikel 10 - Reglement van orde 2021 - gemeente Tytsjerksteradiel Bijlage 2 - Benoembaarheid wethouders - Artikelen Gemeentewet

-3-

Bijlage 1- Artikel 10 - Reglement van orde 2021 – Benoeming wethouders

1. Bij elke benoeming van wethouders stelt de raad, op voordracht van de griffier, een commissie “Benoembaarheid wethouders” in, die onderzoek verricht naar de benoembaarheid van een of meerdere kandidaat-wethouders en de raad hierover adviseert. 2. De ad hoc commissie bestaat uit drie leden van de raad. Bij tussentijdse benoeming van (een) wethouder(s) zal in deze commissie geen raadslid zitting hebben, behorende tot de fractie van waaruit de kandidaat wordt voorgedragen. Bij een compleet nieuwe collegebenoeming wordt deze voorwaarde losgelaten. 3. De commissie wordt ondersteund door de griffier. 4. De kandidaat wethouder legt tijdig de documenten en informatie over die nodig zijn voor de in het hiernavolgende lid door de commissie te verrichten toetsing. De kandidaat wethouder maakt bovendien alle overige door hem/haar in dat verband relevant geachte informatie aan de commissie kenbaar. 5. De commissie toetst de van de kandidaat wethouder ontvangen documenten en informatie aan de hand van in elk geval een zestal voorschriften: -

de Verklaring Omtrent Gedrag;

-

artikel 36a Gemeentewet (benoembaarheidsvereisten);

-

artikel 41b Gemeentewet (nevenfuncties);

-

artikel 36b Gemeentewet (onverenigbare functies);

-

artikelen 41c Gemeentewet (onverenigbare of verboden handelingen)

-

risicoanalyse integriteit en toetsen evt. beheersmaatregelen in relatie tot portefeuilleverdeling;

-

de verklaring dat de kandidaat-wethouder de gedragscode voor burgemeester en wethouders van de gemeente onderschrijft.

6. De commissie verricht haar werkzaamheden in een niet openbare vergadering waarvan geen verslag wordt gelegd. 7. De kandidaat wethouder wordt in de gelegenheid gesteld de documenten en aangedragen informatie mondeling toe te lichten. 8. Op basis van de beoordeelde informatie formuleert de commissie een beargumenteerd openbaar advies aan de raad ten aanzien van de benoembaarheid van de voorgedragen wethouder(s). Indien de commissie niet unaniem is in haar oordeel, wordt hiervan melding gemaakt in het advies. 9. De burgemeester geeft als bestuurlijk opdrachtgever voor de aanvang van iedere ambtstermijn opdracht om de kandidaat-wethouders aan een risicoanalyse integriteit te onderwerpen. In geval wethouders opnieuw worden voorgedragen worden ze opnieuw aan een risicoanalyse integriteit onderworpen. De burgemeester brengt over het eindresultaat daarvan verslag uit aan de raad. De risicoanalyse en de eindconclusie zijn niet openbaar en wordt slechts gedeeld met de leden van de Commissie benoembaarheid. De griffier is ambtelijk opdrachtgever en contactpersoon richting het onderzoeksbureau.

-4-

Bijlage 2 - Benoembaarheid wethouders - Artikelen Gemeentewet Artikel 36a 1. Voor het wethouderschap gelden de vereisten voor het lidmaatschap van de raad, bedoeld in artikel 10, met dien verstande dat in artikel 10, tweede lid, onder b, voor «de dag waarop de gemeenteraad beslist over de toelating als lid tot de gemeenteraad» gelezen wordt: de dag waarop zij tot wethouder worden benoemd. 2. De raad kan voor de duur van een jaar ontheffing verlenen van het vereiste van ingezetenschap. De ontheffing kan in bijzondere gevallen, telkens met een periode van maximaal een jaar, worden verlengd. 3. Dezelfde persoon kan niet in meer dan één gemeente wethouder zijn. Artikel 36b 1.

Een wethouder is niet tevens: a.minister; b.staatssecretaris; c.lid van de Raad van State; d.lid van de Algemene Rekenkamer; e.Nationale ombudsman; f.substituut-ombudsman als bedoeld in artikel 9, eerste lid, van de Wet Nationale ombudsman; g.commissaris van de Koning; h.gedeputeerde; i.secretaris van de provincie; j.griffier van de provincie; k.lid van de rekenkamer van de provincie waarin de gemeente waar hij wethouder is, is gelegen; l.lid van de raad van een gemeente; m.burgemeester; n.lid van de rekenkamer; o.ombudsman of lid van de ombudscommissie als bedoeld in artikel 81p, eerste lid; p.ambtenaar, in dienst van die gemeente of uit anderen hoofde aan het gemeentebestuur ondergeschikt; q.ambtenaar, in dienst van de Staat of de provincie, tot wiens taak behoort het verrichten van werkzaamheden in het kader van het toezicht op de gemeente; r.functionaris die krachtens de wet of een algemene maatregel van bestuur het gemeentebestuur van advies dient. 2. In afwijking van het eerste lid, aanhef en onder l, kan een wethouder tevens lid zijn van de raad van de gemeente waar hij wethouder is gedurende het tijdvak dat:

-5-

a.aanvangt op de dag van de stemming voor de verkiezing van de leden van de raad en eindigt op het tijdstip waarop de wethouders ingevolge artikel 42, eerste lid, aftreden, of b.aanvangt op het tijdstip van zijn benoeming tot wethouder en eindigt op het tijdstip waarop de goedkeuring van de geloofsbrief van zijn opvolger als lid van de raad onherroepelijk is geworden of waarop het centraal stembureau heeft beslist dat geen opvolger kan worden benoemd. Hij wordt geacht ontslag te nemen als lid van de raad met ingang van het tijdstip waarop hij zijn benoeming tot wethouder aanvaardt. Artikel X 6 van de Kieswet is van overeenkomstige toepassing. 3. In afwijking van het eerste lid, aanhef en onder p, kan een wethouder tevens zijn: a.ambtenaar van de burgerlijke stand; b.vrijwilliger of ander persoon die uit hoofde van een wettelijke verplichting niet bij wijze van beroep hulpdiensten verricht. Artikel 41b 1. Een wethouder vervult geen nevenfuncties waarvan de uitoefening ongewenst is met het oog op een goede vervulling van zijn wethouderschap. 2. Een wethouder meldt zijn voornemen tot aanvaarding van een nevenfunctie aan de raad. 3. Een wethouder maakt zijn nevenfuncties openbaar. Openbaarmaking geschiedt door terinzagelegging op het gemeentehuis. 4. Een wethouder die zijn ambt niet in deeltijd vervult, maakt tevens de inkomsten uit nevenfuncties openbaar.

Openbaarmaking geschiedt door terinzagelegging op het gemeentehuis uiterlijk op 1 april na het kalenderjaar waarin de inkomsten zijn genoten. 5. Onder inkomsten wordt verstaan: loon in de zin van artikel 9 van de Wet op de loonbelasting 1964, verminderd met de eindheffingsbestanddelen bedoeld in artikel 31 van die wet. Artikel 41c 1. Artikel 15, eerste en tweede lid, is van overeenkomstige toepassing op de wethouders. 2. De raad stelt voor de wethouders een gedragscode vast.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Tytsjerksteradiel&id=69080938-c08d-4e98-9566-382e9513009c