CConstaterende datTytsjerksteradiel
Koppel je AI →
Document · PDF

02a - Bijlage 2.5 - natuuronderzoek (beknopte natuurtoets) VG

RAADSVERGADERING 2018 t/m 2024 13 juli 2023, gemeente TytsjerksteradielBij agendapunt: Vaststellen bestemmingsplan Tytsjerk, Noarderein 1, MFC (besluitvormend)2.467 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Beknopte natuurtoets MFC Tytsjerk projectnummer: P000368 Onderwerp:

Beknopte natuurtoets MFC Tytsjerk

Datum:

15-07-2021

Inleiding KADER In verband met plannen voor de mogelijke realisatie van een Multi-Functioneel Centrum in Tytsjerk aan de Noarderein 1 is een beknopte natuurtoets uitgevoerd. Het doel hiervan is om na te gaan of 1

aanvullend onderzoek in het kader van de Wet natuurbescherming (Wnb) of het provinciaal ruimtelijk natuurbeleid noodzakelijk is. Naast het raadplegen van bronnen is het projectgebied ten behoeve van de natuurtoets op 23 juni 2021 bezocht door een ecoloog van BügelHajema Adviseurs. De weersomstandigheden tijdens het veldbezoek waren: half bewolkt, droog, circa 16˚C en een zwakke wind. PROJECTGEBIED EN PLANNEN Het onderzochte gebied ligt aan de Noarderein 1 te Tytsjerk (figuur 1). Hier staat een kop-halsrompboerderij waarin Doarpshûs Yn 'e Mande is gevestigd. De boerderij is opgetrokken uit baksteen. De kop en de hals van de boerderij zijn gedekt met pannen. De romp is aan drie zijden rietgedekt met onderaan enkele rijen dakpannen. Rondom de boerderij zijn een terras met speeltoestel, gazon en verharding met parkeerplaatsen aanwezig. Ook staan er diverse bomen en lage struiken. Direct rondom de boerderij is geen permanent oppervlaktewater aanwezig. Aan de zuidzijde van het projectgebied loopt wel een watergang. De plannen voor de ontwikkeling van een multifunctioneel centrum bevinden zich in een vroeg stadium. Details over de specifieke invulling zijn er daardoor nog niet bekend. Er wordt nog gewerkt aan een ontwerp, maar ondertussen is wel een ‘moodboard’ gemaakt.

Voor deze toetsing gaan we, op basis van dit ‘moodboard’, uit van werkzaamheden aan het rompgedeelte van de boerderij, een interne verbouwing, en het behoud van zoveel mogelijk bomen rondom het gebouw. Er worden geen werkzaamheden aan de watergang verricht.

1

De Wet natuurbescherming is op 1 januari 2017 in werking getreden en betreft zowel soortenbescherming als bescherming van (Europese) natuurgebieden.

Figuur 1. Locatie van het onderzochte gebied (rood). Bron kaartondergrond: www.ruimtelijkeplannen.nl

datum 15-07-2021

projectnummer P000368

2

Foto’s 1 t/m 4. Impressie van het projectgebied op 23 juni 2021. Linksboven toegang vanaf de parkeerplaats aan de oostzijde van het plangebied. Rechtsboven de boerderij gezien vanaf het Noarderein. Linksonder de noordwestelijke hoek van de boerderij. Rechtsonder de zuidgevel met het terras.

Soortbescherming Onderdeel van de Wnb is soortenbescherming van planten en dieren. Dit betreffen: -

alle van nature in Nederland in het wild voorkomende vogels die vallen onder de Vogelrichtlijn (Wnb art. 3.1-3.4);

-

dier- en plantensoorten die beschermd zijn op grond van de Habitatrichtlijn en de verdragen van Bern en Bonn (Wnb art. 3.5-3.9);

-

nationaal beschermde dier- en plantensoorten genoemd in de bijlage van de wet (Wnb art. 3.10-3.11).

Van deze laatstgenoemde groep beschermde soorten mogen provincies een zogenaamde ‘lijst met vrijstellingen’ opstellen (Wnb art. 3.11). Voor de soorten op deze lijst geldt een vrijstelling van de verboden genoemd in art. 3.10 eerste lid van de Wnb.

datum 15-07-2021

projectnummer P000368

3

INVENTARISATIE Uit het raadplegen van gegevens van de laatste 5 jaar in de Nationale Database Flora en Fauna

2

(NDFF © 7 juli 2021 13:30:23 ) blijkt in een straal van 0 - 1 kilometer van het projectgebied diverse beschermde diersoorten bekend zijn. Het betreffen vogels met jaarrond beschermde nesten, zoogdieren, amfibieën, de grote weerschijnvlinder en de groene glazenmaker. De begroeiing rondom de boerderij bestaat voornamelijk uit net gemaaid gazon met algemene grasen plantensoorten en planten en struiken, zoals hortensia, rododendron, beukenhaag en klimop. Opgaande beplanting bestaat uit eik, berk en els. De aangetroffen soorten duiden op voedselrijke tot zeer voedselrijke omstandigheden. In de watergangen buiten het projectgebied groeit riet en kroos. De oevervegetatie van de watergangen wordt gedomineerd door algemeen voorkomende grassoorten. Beschermde plantensoorten zijn niet bekend vanuit de directe omgeving van het projectgebied (NDFF). Geschikt habitat voor beschermde soorten is ook niet in het projectgebied aanwezig. Uit de omgeving van het projectgebied zijn een aantal vogelsoorten met jaarrond beschermde nesten bekend, die vaak broeden in bebouwing of in dorpen. Het gaat hierbij om gierzwaluw, huismus, kerkuil en ransuil. Onder de eerste rij dakpannen van de boerderij is ruimte aanwezig voor huismus om een nest te maken. Er zijn voor gierzwaluw geschikte openingen aanwezig onder de pannen van het kop- en rompgedeelte. Deze zitten namelijk niet overal even strak op elkaar.

Het rompgedeelte van de boerderij heeft aan beide kopse kanten een uilenbord, maar deze heeft geen invliegopening voor kerkuil. Nesten van broedvogels met een jaarrond beschermd nest, zoals buizerd en ransuil (NDFF) zijn niet aangetroffen in de bomen binnen het gebied. Wel komt uit de NDFF naar voren dat in een van de bomen aan de overzijde van de weg ransuilen zijn waargenomen, waarschijnlijk betreft dit een roestlocatie. Het projectgebied vormt door de inrichting mogelijk een onderdeel van het foerageergebied van vogels met jaarrond beschermde nesten, zoals uit de directe omgeving bekende huismus en ransuil (NDFF). In de sloten ten zuiden van het projectgebied kunnen algemene vogels, zoals wilde eend, tot broeden komen en in de beplanting soorten als winterkoning, houtduif en merel. Nesten van algemene soorten zijn alleen tijdens de broedperiode beschermd. In de twee grotere eiken ten zuiden van de boerderij zijn holtes en scheuren aanwezig die mogelijk geschikt zijn als verblijfplaats voor vleermuizen.

2

De NDFF is de meest omvangrijke landelijke informatiebron van verspreidingsgegevens en bevat betrouwbare waarnemingen van planten en dieren in

Nederland. Nieuwe gegevens worden met regelmaat toegevoegd. Alle gegevens in de NDFF zijn door soortexperts gevalideerd.

datum 15-07-2021

projectnummer P000368

4

Daarnaast is het mogelijk dat vleermuizen, zoals de uit de NDFF bekende gewone grootoorvleermuis, baardvleermuis, laatvlieger, watervleermuis en gewone dwergvleermuis toegang hebben tot ruimtes onder het dak of een zolder van de romp via openingen in het uilenbord of onder dakpannen. De binnenzijde van het gebouw was ten tijde van het veldbezoek niet toegankelijk, waardoor niet op een eventuele zolder is gezocht naar sporen van vleermuizen. Het is wel aannemelijk dat, gezien de constructie aan de buitenzijde, er onder het dak geschikte ruimtes aanwezig zijn. Het kopgedeelte van de boerderij heeft een aantal ventilatie-openingen in de gevel die naar een 3

ruimte leiden die bij deze boerderijtypes vroeger in gebruik was als ‘melkkelder’ . De huidige situatie van deze kelder kon niet worden beoordeeld, maar het is bekend dat niet intensief in gebruik zijnde kelders van dit soort boerderijen geschikt zijn als winterverblijf voor water- en baardvleermuis, die via ventilatieopeningen toegang hebben tot de kelderruimte. Ook kan het projectgebied onderdeel vormen van het foerageergebied van de vleermuissoorten die uit de directe omgeving van het projectgebied bekend zijn. In het projectgebied zijn geen groenstroken aanwezig die een onderdeel kunnen vormen van een doorgaande structuur van opgaande beplanting, die dienst kan doen als essentiële vliegroute. Het gazon en de begroeiing in het projectgebied vormen geschikt leefgebied voor een aantal grondgebonden zoogdiersoorten, zoals de uit de omgeving bekende soorten, steenmarter, egel, huisspitsmuis en rosse woelmuis (NDFF). Voor deze soorten geldt in de provincie Fryslân een vrijstelling van de verbodsartikelen van de Wnb bij ruimtelijke ontwikkelingen. In de directe omgeving van het projectgebied is het voorkomen van de niet-vrijgestelde eekhoorn en otter bekend (NDFF). In de opgaande beplanting rondom de boerderij zijn geen nesten van eekhoorn aangetroffen.

Deze soort zal vooral voorkomen in het park en natuurgebied aan de overkant van de weg en incidenteel foeragerend in het plangebied. In of direct grenzend aan het plangebied zijn geen grote watergangen aanwezig, waardoor de aanwezigheid van otter uitgesloten kan worden. De zuidelijke watergang vormt geschikt biotoop voor algemene amfibieënsoorten, zoals gewone pad, bruine kikker en kleine watersalamander (NDFF). Voor deze soorten geldt in de provincie Fryslân een vrijstelling van de verbodsartikelen van de Wnb bij ruimtelijke ontwikkelingen. In de omgeving van het projectgebied zijn de niet-vrijgestelde soorten heikikker en boomkikker waargenomen (NDFF). Het plangebied biedt geen geschikt biotoop voor deze meer kritische beschermde soorten door het ontbreken van geschikt voortplantingsbiotoop.

3

Lijst met (toekomstige) gemeentelijke monumenten van de gemeente Tytsjerkeradiel

datum 15-07-2021

projectnummer P000368

5

Uit de omgeving zijn verder de beschermde dagvlindersoort grote weerschijnvlinder en libellensoort groene glazenmaker bekend. Deze komen vooral voor in natuurgebieden, zoals het park Vijversburg en de Kleine Wielen ten westen van het plangebied. In het plangebied is voor deze soorten geen geschikt biotoop aanwezig door het ontbreken van geschikt voortplantingsbiotoop. Overige beschermde soorten uit de soortgroepen vissen en reptielen zijn niet in de directe omgeving bekend (NDFF). Het projectgebied biedt deze soortgroepen ook geen geschikt leefgebied. De aanwezigheid van deze soorten kan worden uitgesloten. TOETSING Als gevolg van werkzaamheden aan de boerderij kunnen jaarrond beschermde nestplaatsen van huismus en gierzwaluw en verblijfplaatsen van vleermuis verloren gaan. Nader ecologisch onderzoek is nodig om te bepalen of in de bebouwing nesten van huismussen of verblijfplaatsen van vleermuizen aanwezig zijn en of deze door de werkzaamheden verstoord of vernietigd worden. De eikenbomen met spleten en scheuren blijven behouden, waardoor nader onderzoek naar verblijfplaatsen van vleermuizen niet noodzakelijk is. Wel dient extra lichtuitstraling op deze bomen voorkomen te worden. Bij uitvoering van het plan zal het projectgebied veranderen als foerageergebied voor vogels met jaarrond beschermde nesten, zoals huismus en vleermuizen maar zal niet geheel ongeschikt worden.

Bovendien is in de directe omgeving van het projectgebied in ruime mate alternatief en deels hoogwaardiger foerageergebied aanwezig. Negatieve effecten het foerageergebied van vogels met jaarrond beschermde nesten en vleermuizen treden niet op. Indien werkzaamheden tijdens het broedseizoen worden uitgevoerd, kunnen in gebruik zijnde nesten van algemene vogelsoorten worden verstoord of vernietigd. Dit is bij wet verboden. Vernietiging of verstoring van in gebruik zijnde nestplaatsen kan voorkomen worden door bij de planning en uitvoering van de werkzaamheden rekening te houden met het broedseizoen. Een standaardperiode voor het broedseizoen is er niet; van belang is of een broedgeval aanwezig is, ongeacht de periode. Voor de meeste vogels geldt dat het broedseizoen ongeveer van 15 maart tot 15 juli duurt. Als gevolg van de ontwikkelingen kunnen enkele verblijfplaatsen van algemene zoogdiersoorten worden verstoord en vernietigd. Ook kunnen hierbij enkele exemplaren worden gedood. De te verwachten algemene soorten worden niet in hun voortbestaan bedreigd en vallen in de vrijstellingsregeling bij ruimtelijke ontwikkelingen van de provincie Fryslân. Voor deze soorten hoeft geen ontheffing te worden aangevraagd. Wel geldt voor deze soorten de zorgplicht van de Wnb.

datum 15-07-2021

projectnummer P000368

6

Gebiedenbescherming Voor onderhavig projectgebied is de volgende wet- en regelgeving op het gebied van gebiedsbescherming relevant: de Wnb en de provinciale structuurvisie en verordening. WET NATUURBESCHERMING In de Wnb is de bescherming van Natura 2000-gebieden geregeld. Plannen en projecten met negatieve effecten op deze gebieden zijn vergunningsplichtig. Relevant daarbij is dat de Wnb een externe werking kent. Van externe werking is sprake als activiteiten buiten een Natura 2000-gebied van invloed zijn op de natuurwaarden in een Natura 2000-gebied. NATUURNETWERK NEDERLAND Het Natuurnetwerk Nederland is een samenhangend netwerk van bestaande en nog te ontwikkelen belangrijke natuurgebieden in Nederland, dat voldoende robuust is voor een duurzame verbetering van de omstandigheden voor de wilde flora en fauna en voor natuurlijke leefgemeenschappen. Het NNN is als beleidsdoel opgenomen in de Nationale Omgevingsvisie. De begrenzing en ruimtelijke bescherming van de provinciale NNN is voor de provincie Fryslân uitgewerkt in de Verordening Romte 2014. WEIDEVOGELLEEFGEBIED Vanuit het provinciaal ruimtelijk natuurbeleid wordt buiten de NNN-gebieden bij ruimtelijke plannen specifiek ingezet op de bescherming van weidevogelleefgebied. Hiertoe zijn specifieke gebieden aangewezen.

INVENTARISATIE Het projectgebied ligt op circa 400 meter ten zuiden van het dichtstbijzijnde, in kader van de Wnb beschermd gebied. Dit betreft het Natura 2000-gebied ‘Groote Wielen’ (figuur 2). Op circa 50 meter ten westen van het projectgebied ligt een NNN-gebied (figuur 3). De graslanden ten zuiden van het projectgebied, op circa 300 meter afstand, zijn aangewezen als weidevogelleefgebied.

datum 15-07-2021

projectnummer P000368

7

Figuur 2. Ligging van het projectgebied (zwarte punt) ten opzicht van Natura 2000 (rood/blauw raster). Figuur 3. Ligging van het projectgebied (rode pin) ten opzicht van NNN (groen en blauw).

TOETSING Het projectgebied ligt niet in of grenst niet aan het Natura 2000-gebied ‘Groote Wielen’. Hierdoor zijn in potentie effecten alleen mogelijk door externe werking. Het projectgebied is gescheiden van het Natura 2000-gebied door bebouwing, wegen en agrarisch gebied. Gezien de afstand tot het Natura 2000-gebied, de inrichting van het tussenliggende gebied en de aard van het plan, kan een toename van verstoring door geluid, verlichting of optische verstoring worden uitgesloten. Het ontwerp van het MFC en de te verwachten bouwwerkzaamheden zijn nog niet bekend. Door extra verkeersbewegingen en door niet-gasloze verwarming tijdens de aanleg- en gebruiksfase, kan als gevolg van de werkzaamheden in potentie wel sprake zijn van een toename van stikstofdepositie op Natura 2000-gebieden. Daarom adviseren we om op termijn (als de plannen verder uitgewerkt zijn) een AERIUS-berekening te maken waaruit blijkt of tijdens de aanleg- en gebruiksfase al dan niet sprake is van stikstofdepositie boven 0.00 mol N/ha/ja in stikstofgevoelige habitattypen van Natura 2000gebieden. Het NNN in Fryslân kent geen externe werking. Met de uitvoering van de plannen gaat geen NNN verloren, waardoor negatieve effecten hierop kunnen worden uitgesloten. Weidevogelleefgebieden zullen eveneens geen verstoring ondergaan, gezien de afstand tot het projectgebied. Beschermde houtopstanden 2

De Wet natuurbescherming beschermt bos van minimaal 1000 m en bomenrijen van minimaal 21 bomen gelegen buiten de bebouwde kom. INVENTARISATIE EN CONCLUSIE Het plangebied ligt binnen de bebouwde kom. In het plangebied zijn geen beschermde houtopstanden aanwezig. Het indienen van een kapmelding bij de provincie Fryslân is niet nodig.

datum 15-07-2021

projectnummer P000368

8

Conclusie Voor dit project is op 23 juni 2021 een veldbezoek uitgevoerd en daarnaast zijn verspreidingsgegevens van beschermde soorten in en om het plangebied uit de NDFF geraadpleegd. Uit de toetsing van de plannen aan de soortenbescherming van de Wnb komt naar voren dat mogelijk verblijfplaatsen van vleermuizen en jaarrond beschermde nesten van huismus en gierzwaluw verloren gaan. Nader onderzoek is nodig om de aan- of afwezigheid van vleermuisverblijfplaatsen en jaarrond beschermde nesten van huismus en gierzwaluw in de bebouwing vast te stellen. Op basis van de resultaten van dit onderzoek wordt bepaald of een ontheffing voor de Wnb nodig is. De periode waarin dit onderzoek uitgevoerd kan worden is van 1 april t/m 15 mei voor huismus,1 juni t/m 15 juli voor gierzwaluw en 15 mei tot 1 oktober voor vleermuizen. Verder moet bij de werkzaamheden rekening worden gehouden met het broedseizoen van vogels en dient extra lichtuitstraling op bomen met holtes en spleten voorkomen te worden. Negatieve effecten ten aanzien van in het kader van de Wnb beschermde Natura 2000-gebieden kunnen op treden. Een AERIUS-berekening moet uitwijzen of de stikstofdepositie al dan niet boven de 0.00 mol N/ha/ja uitkomst. Het plan is niet in strijd met het provinciaal ruimtelijk natuurbeleid.

datum 15-07-2021

projectnummer P000368

9

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Tytsjerksteradiel&id=1bcfc744-a3e4-40d3-99cb-435e4ed71831