CConstaterende datTubbergen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage Toelichting, Regels en Bijlagen Bestemmingsplan Rood voor rood Vinckenweg 18, Voorboersweg 6, Laagsewe.pdf

Gemeenteraad Tubbergen 26 januari 2021, gemeente TubbergenBij agendapunt: 7: Vaststellen bestemmingsplan Rood voor Rood Vinckenweg 18, Voorboersweg 6, Laagseweg 74.30.238 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 4 van 4

Criterium: eenduidige hoofdvorm met zadeldak

woning

bijgebouw

bijgebouw

woning

Aan- en uitbouw aan woningen

Hoofdvorm

Criterium: eenduidige hoofdvorm met zadeldak incidenteel wolfseind

Criterium: aan- en uitbouwen aan woningen ondergeschikt aan de hoofdvorm en/of in lijn met de architectuur van het geheel vormgegeven

dwars

gekoppeld

gesleept uit de kap

geschakeld

afwijkende helling

erker

uitgebouwde kamer

Transformatie

Criterium: hoofdvorm als uitgangspunt nemen en transformaties ondergeschikt

snedes

loggia en onderschoer

hoog voorhuis

Gevelopbouw en Detail

Criterium: evenwichtige gevelopbouw die gebaseerd is op de karakteristieken van de locatie (landschapstype en erf), een sobere detaillering en onderscheid tussen de uitstraling van hoofd- en (vrijstaand) bijgebouw.

Traditionele uitwerking: principe rijke detaillering (alleen in oud landschap)

principe sobere detaillering (in oud- en jong landschap)

Eigentijdse uitwerking: inspiratie gevelopeningen

Materialen

principe: voor- en achterhuis (in oud- en jong landschap)

eigentijdse architectuur (gebaseerd op traditie) is altijd mogelijk

Criterium: toepassen van natuurlijke materialen (uitgezonderd riet) in een gedekte kleurstelling, passend bij de gekozen architectuur en de karakteristieken van het buitengebied

gevelmaterialen (voor woningen en bijgebouwen): diverse aardtinten metselwerk (uitgezonderd lichte tinten), hout (naturel of een donkere kleur); zink (mat)

glas kan op diverse manieren worden toegepast

dakbedekking: alleen matte dakbedekking; gebakken pannen en zink voor woningen; gebakken pannen, zink en golfplaten voor bijgebouwen

De afbeeldingen zijn ter inspiratie en kunnen als bouwstenen genomen worden voor een ontwerp. Ze geven ook principes weer waarbinnen de oplossingsrichting dient te worden gezocht. 7 februari 2014

Inspiratiefolder als handvat voor ontwikkeling in het kader van de Rood voor Roodregeling

Hoe kunt u deze inspiratiefolder gebruiken?

U wilt uw erf veranderen met behulp van de rood voor rood regeling. Hiervoor sluit u met de gemeente een privaatrechtelijke overeenkomst af. Daarin staan de afspraken om ‘hoogwaardige ruimtelijke kwaliteit’ op uw erf en in de directe omgeving te krijgen. Na sloop en nieuwbouw moet de omgeving er nog beter uitzien!

In het buitengebied van de gemeentes Dinkelland en Tubbergen komen verschillende landschapstypen en erftypen voor. De gemeentes maken bij de nieuwe ontwikkelingen die gebruik maken van de rood voor rood regeling onderscheid tussen:

Voor uw nieuwe plan moeten het welstandbeleid en bestemmingsplan tegelijk worden aangepast. Waarom moet het welstandsbeleid worden aangepast voor uw plan? De ‘gebiedsgerichte criteria’ in de welstandsnota van de gemeente gaan uit van de bestaande toestand. Met nieuwe ontwikkelingen wordt geen rekening gehouden. En als wel sprake is van een nieuwe ontwikkeling wordt ervan uitgegaan dat deze moeten samenhangen met de bestaande (bedrijfs-)bebouwing op het erf. In het geval van Rood voor rood verdwijnt die bebouwing juist! De gebiedsgerichte criteria zijn bovendien onvoldoende geschikt om de gewenste hoogwaardige kwaliteit te bereiken, die in de privaatrechtelijke overeenkomst is vastgelegd. Daarom zal zowel dit welstandsbeleid als het bestemmingsplan voor uw perceel door de gemeenteraad moeten worden vastgesteld. In deze folder vindt u inspiratie: hoe ziet dat er dan uit? De gemeente drukt de mogelijkheden van nieuwbouw op een erf in criteria uit. Deze criteria zijn op ontwikkeling gericht. De welstandstoets vindt plaats op grond van deze criteria. Als uw bouw- en erfinrichtingsplan voldoen aan de gewenste hoogwaardige ruimtelijke kwaliteit wordt de vergunning verleend. In uitzonderlijke gevallen kan het college van Burgemeester en Wethouders afwijken van het advies van de stadsbouwmeester door de toepassing van de hardheidsclausule in de welstandsnota van de gemeente.

Veel succes met uw plannen!

Oud landschap: kampenlandschap, essenlandschap en maten- en flierenlandschap; Jong landschap: heide- en veenontginningenlandschap. In welk gebied uw woning wordt gebouwd, kunt u in onderstaande kaart bepalen. Deze folder geeft zowel voor het oude als het jonge landschap weer welke erftypen daar voorkomen, wat de bedoeling (ambitie) van de gemeente is en hoe de bebouwing eruit mag zien. Om een volledig overzicht krijgen van uw mogelijkheden is het verstandig de volgende stappen te doorlopen: 1. Bekijk op de kaart in welk landschapstype uw ontwikkeling zich bevindt. 2. Bekijk het schema en bepaal welk erftype u kiest voor uw ontwikkeling. 3. Neem kennis van de ambitie van de gemeente voor het landschapstype waarin uw erf zich bevindt. 4. Stem het uiterlijk van uw woning af op de afbeeldingen bij de onderwerpen hoofdvorm, aan- en uitbouwen, transformatie, gevelopbouw en detail. 5. Gebruik materialen die worden getoond bij het onderwerp materialen. Opgemerkt wordt dat elke locatie en elke opgave anders is waardoor maatwerk per locatie van groot belang is. Deze folder is toepasbaar wanneer één woning wordt toegevoegd. Bij twee of meer woningen is aanvullend locatiespecifiek welstandsbeleid denkbaar.

Het verdient aanbeveling om in een zo vroeg mogelijk stadium, voordat u een aanvraag om omgevingsvergunning indient, gebruik te maken van het spreekuur van de stadsbouwmeester bij de gemeente. Dit kan al met een eerste schets van het gekozen erftype en hoofdvorm van de gebouwen aan de hand van de inspiratiebeelden in deze folder. U kunt hiervoor een afspraak maken bij de publieksbalie van de gemeente.

OUDlandschap JONGlandschap

Voor zonnepanelen en/of -collectoren op daken, voor zover vergunningplichtig, gelden in het hele gebied de onderstaande criteria. Als geen vergunning nodig is zijn dit aanbevelingen. De panelen- of collectoren: - liggen plat op het dakvlak; - worden evenwichtig geplaatst in een regelmatig patroon; - hebben rondom (ook ter plaatse van elementen op het dak) nog een ruime strook dakvlak; - zijn qua kleur, inclusief de randen, zoveel mogelijk afgestemd op het dakvlak. Wanneer een groot oppervlak van het dak wordt voorzien van zonnepanelen- of collectoren verdient het de voorkeur om het dakvlak in zijn geheel uit te voeren als (een dakvlak gelijkend type) zonnepaneel- of collector.

7 februari 2014

Bijlage 3 Verkennend en nader asbestbodemonderzoek Vinckenweg 18

bestemmingsplan Rood voor rood Vinckenweg 18, Voorboersweg 6, Laagseweg 74

89

RAPPORT VERKENNEND EN (NADER)ASBESTBODEMONDERZOEK conform NEN 5740 en NEN 5707 Vinckenweg 18 - Geesteren

Opdrachtgever: BJZ.NU Locatie: Vinckenweg 18 7678 TB Geesteren December 2019

Kruse Milieu BV Bezoekadres: Huyerenseweg 33 7678 SC Geesteren

Internet: info@krusegroep.nl www.krusegroep.nl

Postadres: Postbus 51 7650 AB Tubbergen

Bankgegevens: ABN AMRO: NL34ABNA0501538739

Tel: 0546 - 63 96 63

KvK: 06068751 BTW-nr: NL 8019.25.125.B01

Rapport Verkennend en (nader)Asbestbodemonderzoek conform NEN 5740 en NEN 5707 Vinckenweg 18 - Geesteren

Opdrachtgever: BJZ.NU Twentepoort Oost 16a 7609 RG Almelo Locatie: Vinckenweg 18 7678 TB Geesteren Projectcode: 19052810 Rapportagedatum: 20 december 2019 Auteur: ing. H. Stevelink

Kruse Milieu BV

INHOUD Pagina 1

Inleiding

1

2.1 2.2 2.3

Locatiegegevens Beschrijving huidige situatie Vooronderzoek Bodemsamenstelling en geohydrologie

2 2 2 4

3.1 3.2 3.3 3.4 3.5

Uitvoering bodemonderzoek Onderzoeksstrategie Veldwerkzaamheden Analyses Toetsing chemische analyses Toetsing asbestanalyses

5 5 6 6 7 8

4.1 4.2 4.3 4.4 4.5 4.6

Resultaten Algemeen Veldwerkzaamheden Resultaten en toetsing van de chemische analyses Bespreking resultaten chemische analyses Resultaten van de asbestanalyses Bespreking resultaten asbestanalyses

9 9 9 11 11 12 12

5.1 5.2 5.3 5.4 5.5

Nader asbestonderzoek druppelzone A Onderzoeksstrategie Asbestanalyses Veldwerkzaamheden nader asbestonderzoek Resultaten asbestanalyse nader asbestonderzoek Bespreking asbestanalyses nader asbestonderzoek

13 13 13 13 14 14

6

Samenvatting, conclusies en aanbevelingen

15

7

Literatuur en bronvermelding

17

2

3

4

5

Bijlagen I Ligging van de locatie Tekening toekomstige situatie Fotoreportage terreininspectie Boorplan nader bodemonderzoek Strukton Milieutechniek, januari 2018 Boorplan verkennend bodemonderzoek Kruse Milieu BV, december 2019 II Boorstaten Legenda boorstaten III Resultaten chemische analyses Toetsing chemische analyses IV Resultaten asbestanalyses V Verklaring van enkele gebruikte termen en afkortingen

Kruse Milieu BV

Project: 19052810

1

Inleiding

Dit rapport beschrijft het verkennend bodemonderzoek, dat in opdracht van BJZ.NU op een terrein aan het Vinckenweg 18 in Geesteren door Kruse Milieu BV is uitgevoerd. De aanleiding van dit onderzoek is de nieuwbouw van een woning. Het bodemonderzoek is noodzakelijk in het kader van de bestemmingsplanwijziging en de aanvraag van de omgevingsvergunning. Derhalve dient de milieukundige kwaliteit van de bodem bekend te zijn. Voorafgaande aan het bodemonderzoek heeft een standaard vooronderzoek plaatsgevonden op basis van norm NEN 5725. Uit de resultaten van dit vooronderzoek is gebleken dat er sprake is van 2 asbestverdachte deellocaties op het erf. Het overige deel van de onderzoekslocatie kan als onverdacht voor chemische componenten worden beschouwd. De onderzoeksopzet gaat uit van: - NEN 5740, "Bodem - Landbodem - Strategie voor het uitvoeren van verkennend bodemonderzoek - Onderzoek naar de milieuhygiënische kwaliteit van bodem en grond” NNI Delft, januari 2009; - de aanvulling NEN 5740/A1, "Bodem - Landbodem - Strategie voor het uitvoeren van verkennend bodemonderzoek - Onderzoek naar de milieuhygiënische kwaliteit van bodem en grond”, NNI Delft, februari 2016; - NEN 5707+C2, “Bodem - Inspectie, monsterneming en analyse van asbest in bodem en partijen grond”, NNI Delft, december 2017.

De doelstelling van het onderzoek op het onverdachte deel van de locatie is aan te tonen dat op de locatie redelijkerwijs gesproken geen verontreinigende stoffen aanwezig zijn in de grond of het freatisch grondwater. De doelstelling van het onderzoek op een asbestverdachte deellocatie is vast te stellen of de vooronderstelde verontreiniging(skern) ook daadwerkelijk op de vermoede plaats aanwezig is en in hoeverre de verontreinigde stoffen in de grond de normwaarden overschrijden. Het veldwerk is uitgevoerd in oktober, november en december 2019 conform BRL SIKB 2000 en de protocollen 2001, 2002 en 2018 waarvoor Kruse Milieu BV is gecertificeerd. Hierbij wordt verklaard dat Kruse Milieu BV financieel en juridisch onafhankelijk is van de opdrachtgever. In dit rapport worden de resultaten besproken van het veld- en het laboratoriumonderzoek. De gemeten gehalten in de grond worden vergeleken met de achtergrondwaarden (AW 2000) en de interventiewaarden om vast te stellen of er al dan niet verontreinigingen aanwezig zijn. De in het grondwater gemeten gehalten worden vergeleken met de streef- en interventiewaarden. Tevens worden de resultaten met betrekking tot asbest vergeleken met de wetgeving inzake asbest in bodem en puin, welke door de ministeries van SZW en I&M is vastgesteld. In het beleid is voor asbest een restconcentratienorm en een interventiewaarde opgenomen.

Kruse Milieu BV

Project: 19052810

Pagina 1 van 18

2

Locatiegegevens 2.1

Beschrijving huidige situatie

Algemeen De onderzoekslocatie is gelegen aan het Vinckenweg 18, op circa 350 meter ten noordwesten van de bebouwde kom van Geesteren. Het centrale punt van het te onderzoeken deel van het terrein heeft de RD-coördinaten x = 245.912 en y = 493.991 en is kadastraal bekend als gemeente: Tubbergen sectie K nummers 10190 (ged.) en 10189 (ged.). De Vinckenweg ligt ten zuiden van de onderzoekslocatie. Bebouwing en verharding Op het zuidwestelijke deel (het erf) staat een woning met enkele agrarische gebouwen. Op 2 schuren liggen asbesthoudende golfplaten met asbestverdachte druppelzones. Er is sprake van een druppelzone wanneer hemelwater via asbestverdachte dakplaten afwatert op onverhard terrein. De druppelzones bevinden zich aan de noordzijde van de meest oostelijk gelegen schuur en aan weerszijden van de meest westelijk gelegen schuur (zie boorplan). Deze druppelzones worden als verdachte deellocaties beschouwd (zie foto 5 en 6 van fotoblad van de terreininspectie, welke is opgenomen in bijlage I. De onderzoekslocatie ten noordoosten van het erf is in gebruik als weiland. Onderzoekslocatie Er zijn plannen om een nieuwe woning te bouwen. Hiervoor worden 5 schuren op het erf gesloopt. In het kader van de bestemmingsplanwijziging en de aanvraag van de omgevingsvergunning is bodemonderzoek noodzakelijk. De onderzoekslocatie is bebouwd en verhard en omvat circa 1490 m².

In bijlage I zijn de regionale ligging van de locatie weergegeven, een schets van de toekomstige situatie, een fotoreportage van de terreininspectie en zijn de volgende boorplannen opgenomen: - Boorplan nader bodemonderzoek Strukton Milieutechniek, januari 2018; - Boorplan verkennend bodemonderzoek Kruse Milieu BV, december 2019. 2.2

Vooronderzoek

In het vooronderzoek komt naast informatie uit het huidige gebruik het vroegere gebruik van het terrein aan de orde evenals de vraag of er in het verleden reeds bodemonderzoeken zijn verricht op het terrein. Het vroegere gebruik van het terrein is van belang, omdat bronnen van verontreiniging aanwezig geweest kunnen zijn. Er is navraag gedaan bij de opdrachtgever, de initiatiefnemer en bij de gemeente Tubbergen. Door de heer P. Haverkort is op 23 oktober 2019 een terreininspectie uitgevoerd. De foto’s van de terreininspectie zijn opgenomen in bijlage I. De volgende informatie is verzameld: - De onderzoekslocatie heeft al jaren de huidige (agrarische) bestemming. Het erf met de woning en agrarische bijgebouwen heeft de bestemming wonen. - Voor zover bekend is er op het terreindeel nooit sprake geweest van opslag in tanks van chemicaliën of brandstoffen, zoals huisbrandolie of diesel. - Het te onderzoeken terreindeel is voor zover bekend nooit gebruikt voor werkzaamheden of (bedrijfs)activiteiten, die verontreinigend kunnen zijn. - Voor zover bekend is de onderzoekslocatie in het verleden niet opgehoogd en hebben er geen dempingen van lager gelegen delen of sloten plaatsgevonden. - Voor zover bekend is het terrein ter plaatse van de geplande nieuwbouw niet eerder bebouwd geweest.

Kruse Milieu BV

Project: 19052810

Pagina 2 van 18

- Op 2 van de 6 gebouwen op het erf liggen asbesthoudende golfplaten (Rapport asbestinventarisatie Veltkamp Milieu bv, d.d. 27 juni 2019 met projectnummer 19244). Voor zover bekend bevindt zich geen asbest op of in de bodem op de onderzoekslocatie. Er bevinden zich geen asbesthoudende beschoeiingen of sloopafval direct naast of op de onderzoekslocatie. Tevens is de locatie niet gelegen aan een asbestweg. - Op de asbestsignaleringskaart van de provincie Overijssel is weergegeven dat er ter plaatse van de geplande nieuwbouw een kleine kans het is op aanwezigheid van asbest in de bodem. - Er zijn eerder bodemonderzoeken uitgevoerd op het terrein en in de nabije omgeving. Deze worden hierna verder toegelicht: Strukton Milieutechniek, Verkennend bodemonderzoek Vinckenweg 18 te Geesteren, .d.d. 25 augustus 2017, projectnummer VB/M20574 De aanleiding voor het bodemonderzoek is de in 2014 vastgestelde lozing van druggerelateerde stoffen in de bodem. Uit de resultaten van het onderzoek blijkt dat er sprake is van een grond- en grondwaterverontreiniging met druggerelateerde stoffen (amfetamine/BMK gerelateerd). Strukton Milieutechniek, Nader bodemonderzoek Vinckenweg 18 in Geesteren, d.d. 22 januari 2018, projectnummer 8.05431.2016.01 De aanleiding van het nader bodemonderzoek is de in 2014 vastgestelde verontreiniging met druggerelateerde stoffen.

Uit de resultaten van het onderzoek blijkt het volgende: - De grondverontreiniging heeft zich verspreid over een oppervlakte van circa 180 m2, hetgeen overeenkomt met een totale omvang van circa 360 m3. - De contour van de grondwaterverontreiniging komt overeen met de contour van de grondverontreiniging, hetgeen (gerekend met een verticaal traject vanaf circa 3.0 m-mv tot 6.0 m-mv) overeen komt met circa 540 m3. Strukton Milieutechniek, Plan van aanpak zorgplicht geval: grond- en grondwatersanering Vinckenweg 18 in Geesteren, d.d. 12 juli 2019, projectnummer 3014-0117 De aanleiding voor het plan van aanpak is de in 2014 en in 2018 vastgestelde verontreiniging met druggerelateerde stoffen. De sanering wordt in november 2019 uitgevoerd. Kruse Milieu BV, Verkennend bodemonderzoek Breemhaarsweg 18 in Geesteren, d.d. 5 april 2006, projectnummer 06009010 De aanleiding van het onderzoek is de geplande nieuwbouw van een woning. Uit de resultaten van het onderzoek blijkt het volgende: In de boven- en ondergrond zijn geen verontreinigingen aangetoond. In het grondwater is een zeer lichte verontreiniging met koper, zink en tolueen aangetoond. Zintuiglijk zijn bodemvreemde materialen (puin) aangetroffen. Kruse Milieu BV, Verkennend bodemonderzoek Vermolenweg 7 in Geesteren, d.d.

31 mei 2010, projectnummer 10022510 De aanleiding van het onderzoek is de geplande nieuwbouw van een woning met schuur. Uit de resultaten van het onderzoek blijkt het volgende: In de boven- en ondergrond zijn geen verontreinigingen aangetoond. In het grondwater is een zeer lichte verontreiniging met barium en koper aangetoond. Zintuiglijk zijn bodemvreemde materialen (puin) aangetroffen. Kruse Milieu BV, Verkennend bodemonderzoek Vinckenweg nabij nr. 17 in Geesteren, d.d. 12 februari 2015, projectnummer 15005116 Aanleiding voor het bodemonderzoek is de voorgenomen bestemmingsplanwijziging en de nieuwbouw van een woning. Het onderzoek heeft plaatsgevonden op circa 70 meter ten zuiden van de huidige onderzoekslocatie. Uit de resultaten van het onderzoek blijkt het volgende: De bovengrond is licht verontreinigd met minerale olie en PAK. In de ondergrond zijn geen verontreinigingen aangetoond. Het grondwater is licht verontreinigd met barium en cadmium en matig verontreinigd met zink. Zintuiglijk zijn plaatselijk bodemvreemde materialen waargenomen. Kruse Milieu BV

Project: 19052810

Pagina 3 van 18

2.3

Bodemsamenstelling en geohydrologie

Op basis van literatuurstudie is de onderstaande regionale geohydrologische situatie afgeleid: - Het maaiveld bevindt zich ongeveer 15 meter boven NAP. - De deklaag bestaat uit kwartair zand en is ter plaatse circa 20 meter dik. Het doorlatend vermogen is ongeveer 250 m²/dag. - De grondwaterspiegel bevindt zich circa 2.0 meter onder het maaiveld. Het freatisch grondwater stroomt in zuidwestelijke richting met een verhang van 1.5 m/km. - Op circa 1.7 kilometer ten noordwesten stroom de Itterbeek. Mogelijk wordt de lokale grondwaterstand en stromingsrichting van het freatische grondwater beïnvloed. - In de directe omgeving van de onderzoekslocatie bevindt zich geen waterwingebied.

Kruse Milieu BV

Project: 19052810

Pagina 4 van 18

3

Uitvoering bodemonderzoek 3.1

Onderzoeksstrategie

De onderzoeksopzet gaat uit van: - NEN 5740, "Bodem - Landbodem - Strategie voor het uitvoeren van verkennend bodemonderzoek - Onderzoek naar de milieuhygiënische kwaliteit van bodem en grond” NNI Delft, januari 2009 - de aanvulling NEN 5740/A1, "Bodem - Landbodem - Strategie voor het uitvoeren van verkennend bodemonderzoek - Onderzoek naar de milieuhygiënische kwaliteit van bodem en grond”, NNI Delft, februari 2016; - NEN 5707+C2, “Bodem - Inspectie, monsterneming en analyse van asbest in bodem en partijen grond”, NNI Delft, december 2017. Onderhavig onderzoek richt zich op de volgende terreindelen: - Overig terreindeel (circa 1490 m2) - Deellocatie A: Druppelzone A (noordzijde van de meest oostelijk gelegen schuur); - Deellocatie B: Druppelzone B (zuidzijde en noordzijde van de meest westelijk gelegen schuur). De druppelzones worden beschouwd als verdacht ten aanzien van de aanwezigheid van asbest. De hypothese “verdachte locatie" uit NEN 5707 worden voor de druppelzones gebruikt. De onderzoeksstrategie op deze deellocaties is gebaseerd op de NEN 5707, paragraaf 6.4.4: verdachte locatie met plaatselijke bodembelasting met duidelijke verontreinigingskern (VEP). De druppelzone aan de zuidzijde van de schuur van deellocatie B bestaat uit een korte druppelzone in verband met de verharding met klinkers.

Op basis van de beschikbare informatie omtrent het historisch en huidig gebruik van de locatie, kan de onderzoekslocatie als niet verdacht worden beschouwd. De hypothese "onverdachte locatie" uit NEN 5740 niet lijn-vormige locatie (ONV-NL) wordt voor de locatie gebruikt. Deze hypothese gaat ervan uit dat op een locatie geen of slechts licht verhoogde gehalten worden gemeten. In de normen NEN 5740 en NEN 5707 zijn voor onverdachte en verdachte locaties richtlijnen gegeven voor een systematisch veldonderzoek, de bemonsteringsstrategie en de uit te voeren analyses. De gekozen onder-zoeksstrategie is voldoende intensief voor het verkrijgen van inzicht in de bodemkwaliteit ten behoeve van een omgevingsvergunning, bestemmingsplanwijziging of eigendomsoverdracht. Bij het verkennend bodemonderzoek worden de volgende uitgangspunten in acht genomen: - in door mensen bewoonde gebieden kunnen door jarenlang gebruik van de grond verhoogde gehalten aan PAK en/of zware metalen voorkomen. Deze worden over het algemeen aangeduid als lokale achtergrondwaarden. Deze gehalten zijn vaak gerelateerd aan het voorkomen van puin- en/of kooldeeltjes in de bodem - in humeuze of veenhoudende bodems worden regelmatig verhoogde gehalten minerale olie waargenomen.

Deze gehalten worden veroorzaakt door humuszuren en overig organisch materiaal, dat van nature aanwezig is en door een florisilbehandeling niet geheel wordt verwijderd. Tijdens chemische analyses worden deze verbindingen gedetecteerd als de zware fractie van minerale olie (C27 tot C40). Bij veenbodems betreft het gehalten van 50 tot 100 mg/kg droge stof; bij humeuze bodemlagen gaat het om bijdrages van 10 tot 50 mg/kg droge stof. Deze gehalten kunnen worden beschouwd als natuurlijke achtergrondwaarden - in het grondwater kunnen van nature verhoogde gehalten aan zware metalen en fenolen voorkomen. Deze worden doorgaans aangeduid als natuurlijke achtergrondwaarden. Een voorbeeld wordt gevormd door (sterk) verhoogde arseengehalten in gebieden, die zeer ijzerrijk zijn. Door kwel kunnen bij hoge grondwaterstanden eveneens verhoogde gehalten aan arseen in de grond ontstaan. Ook deze gehalten kunnen worden beschouwd als natuurlijke achtergrondwaarden. Kruse Milieu BV

Project: 19052810

Pagina 5 van 18

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://bestuur.tubbergen.nl/api/v1/meetings/623/documents/12833