CConstaterende datTubbergen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage Reactienota Tubbergen.pdf

Commissie Omgeving en Economie 6 december 2023, gemeente TubbergenBij agendapunt: 7: Windbeleid gemeente Tubbergen24.606 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

Er is geen reden om deze minimaal in acht te nemen afstanden aan te passen. Vanuit de ruimtelijke kwaliteit en landschap is in het concept windbeleid een clustering opgenomen van minimaal 3 windturbines. Clustering betekent minder reuring en versnippering in verschillende gebieden. De raad heeft bij de behandeling van de kadernota op 2 mei jl. een amendement ingediend en aangegeven dat een clustering van 2 windturbines een beter uitgangspunt is.

30

Reactienota zienswijzen concept windbeleid gemeente Tubbergen oktober 2023 52.

Participatie

52.

Participatie

T.a.v. Compensatiebijdra ge van de initiatiefnemers voor ruimtelijke ontwikkelingen in het beleid, voorkom stapeling en laat door overheid verplichte vormen van financiële participatie achterwege conform de ‘Gedragscode Acceptatie & Participatie Windenergie op land” De verdeelsleutel onder grondeigenaren alleen te betrekken op grondeigenaren die over grond beschikken waar een windturbine gelet op de wet- en regelgeving daadwerkelijk geplaatst kan

In het windbeleid is uitvoerig beschreven welke inspanningen geleverd moeten worden met betrekking tot participatie. Naast de wettelijk omschreven mogelijkheid om een bijdrage te vragen voor ruimtelijke ontwikkelingen in de omgeving zijn er ook verschillende vormen van participatie beschreven. De invulling van al deze vormen van omgevingscompensatie of participatie is maatwerk, afgestemd op het initiatief en zijn omgeving. De verantwoordelijkheid voor de invulling en het resultaat van het participatieproces ligt bij de initiatiefnemer. Het is daarbij niet de bedoeling dat er “gestapelde” eisen worden gesteld. De initiatiefnemer heeft een inspanningsverplichting om de participatie zoals omschreven mogelijk te maken. Is onvoldoende inspanning geleverd (naar het oordeel van het B&W) dan wordt de aanvraag geweigerd vanwege strijd met het windbeleid. Is er wel voldoende inspanning geleverd maar blijft de participatie bijvoorbeeld steken bij alleen de medewerking van de grondeigenaar dan moet er ruimte blijven voor de overheid om alsnog een bijdrage te vragen. Het betreft dan een bijdrage voor als zodanig benoemde ruimtelijke ontwikkelingen in het gemeentelijk structuurplan/omgevingsvisie. Deze bijzondere wettelijke mogelijkheid om een bijdrage te vragen kan daarom niet op voorhand worden uitgesloten zoals dat voorgesteld wordt door inspreker.

Participatie moet eraan bijdragen dat windprojecten geen splijtzwam voor de omgeving worden. Draagvlak en saamhorigheid blijven een groot goed in een omgeving die noaberschap hoog in het vaandel heeft staan. Dat geldt zeker ook voor Noordoost Twente. Uitgangspunt voor de omgevingsvergoeding is dus dat niet alleen de toevallige grondeigenaar waarop een windmolen staat gecompenseerd wordt. Ook grondeigenaren rondom hebben in redelijkheid en naar evenredigheid recht op een deel van de omgevingsvergoeding. De uitgangspunten daarbij moeten onderdeel zijn van het participatieplan dat vooraf opgesteld moet worden. Een verdeelsleutel met een afnemende bijdrage naar rato van de afstand tot het windproject lijkt daarbij een redelijk uitgangspunt. Ook het feit dat er extra compensatie plaats vindt voor de locatie waarop de windmolen aanwezig is.

31

Reactienota zienswijzen concept windbeleid gemeente Tubbergen oktober 2023 worden (incl. gronden van aanliggende eigenaren t.b.v. aanleg wegen, funderingen en kraanopstellingen)

52.

Participatie

Jaarbijdrage in omgevingsfonds in overeenstemming brengen met ‘Gedragscode Acceptatie & Participatie Windenergie op Land’

52.

Overig

Verzoek om de periode van 25 jaar te verlengen naar 30 jaar of langer

Op deze wijze worden lasten en lusten op een redelijke wijze gedeeld onder en tussen de grondeigenaren rond het windproject. De noaberschapsgedachte loopt zo minder gevaar. Dit neemt niet weg dat individuele eigenaren om welke reden dan ook geen gebruik willen maken van de vergoeding. Dat blijft een individuele keus die gerespecteerd dient te worden. Het afwijzen van het aanbod wordt in dat geval bij de beoordeling van de aanvraag niet ten nadele van de participatie-inspanningen van initiatiefnemer uitgelegd. Een en ander betekent dat niet tegemoet gekomen kan worden aan de wens van inspreker om aangrenzende eigenaren uit te sluiten voor een omgevingsvergoeding. In de “Gedragscode Acceptatie & Participatie Windenergie op Land” wordt indicatief uitgegaan van een bedrag van € 0,40 tot € 0,50/MWh als bijdrage in het Omgevingsfonds. In het concept windbeleid wordt uitgegaan van een vast jaarbedrag uitgedrukt in €/MWh. Het minimumjaarbedrag is €0,50/MWh en het maximumbedrag bedraagt €1,50/MWh. Deze bandbreedte wordt rechtvaardig en redelijk geacht in relatie tot de in de gedragscode genoemde (lagere) bedragen.

De volgende redenen zijn daarvoor van belang: de (lagere) bedragen in de gedragscode zijn door de sector zelf aangegeven; het NOT-gebied is landschappelijk een zeer waardevol gebied; de windmolens zullen alleen gerealiseerd worden met de nieuwste technieken en hoogste rendementen met een bijpassende maximale (tip)hoogte; de molens zullen in 1 werkgang als clusters gerealiseerd worden. In het windbeleid zal het lokaal eigendom een prominente plek krijgen. De tijdelijkheid van windturbines hangt samen met de verwachting dat er nieuwe technieken beschikbaar zijn na enige tijd. Een tijdelijkheid van 25 jaar is derhalve realistisch. Overigens gaat de periode pas lopen na de start van de exploitatie van de windturbine.

32

Reactienota zienswijzen concept windbeleid gemeente Tubbergen oktober 2023 59.

Flora en Fauna

Plaatsen van windturbines in het essentieel leefgebied van vleermuizen zal leiden tot negatieve effecten tijdens de gebruiksfase. Effect naar vleermuizen is niet te onderzoeken met de reguliere methodes. Onterecht toepassen van de ORNIS norm (1% mortaliteitsnorm).

59.

Flora en Fauna

59.

Flora en Fauna

59.

Flora en Fauna

Effecten van een windturbine zijn niet mitigeerbaar.

74.

Overig

RES-bod in verhouding met andere gemeenten.

Bij een concrete aanvraag op een concrete locatie wordt het effect op onder andere vleermuizen onderzocht. Na dit onderzoek wordt beoordeeld of en welke maatregelen nodig zijn om aan de wettelijke eisen te voldoen.

Bij een concrete aanvraag op een concrete locatie wordt het effect op onder andere vleermuizen onderzocht. Dit onderzoek moet worden gedaan door erkende specialisten en wordt getoetst.

Door de ABRvS van 18 februari 2015 (nr. 201402971) is hierin uitspraak gedaan. De ABRvS maakt duidelijk dat het 1%-criterium ook kan worden gebruikt bij de vraag of bij (Bijlage IV Habitatrichtlijn) diersoorten de gunstige staat van instandhouding in het geding is. Als gevolg van het exploiteren van een windturbine zou in casu maximaal 1% van de jaarlijkse natuurlijke sterfte van de gewone en de ruige dwergvleermuis van de relevante populatie getroffen kunnen worden. Dit is zoʼn kleine hoeveelheid, dat daarmee geen afbreuk wordt gedaan aan de gunstige staat van instandhouding. Bij een aanvraag op een concrete locatie wordt het effect op onder andere vleermuizen onderzocht. Uit dit onderzoek moet blijken of de effecten op de vleermuis mitigeerbaar zijn of dat er andere oplossingen zijn. RES-bod dat Noordoost Twente met 4 gemeenten heeft gedaan is gebaseerd op het energieverbruik in deze 4 gemeenten.

33

Reactienota zienswijzen concept windbeleid gemeente Tubbergen oktober 2023 74.

Landschap

Geen confettimodel van windturbines en zonneparken op lokaal en regionaal niveau.

In de zienswijze wordt de oproep gedaan aan de NOT-gemeenten om te voorkomen dat er een confettimodel van windturbines en zonneparken ontstaat in regio’s. Op kleine schaal kiezen de NOT gemeenten ook voor clustering van windenergie boven een “confetti-model”. Buiten de aangewezen zoekgebieden kunnen geen windmolens van > 25 meter worden geplaatst (dus ook geen dorpsmolens). Ook is gekozen voor ontwikkelingen aan de randen van het Nationaal Landschap, waarbij gekeken is naar landschapstypen en stedelijke invloeden, zoals eerder vermeld.

74.

Alternatieven

Beleid opstellen tot 2030 is half werk.

74.

Landschap

Aantasting van het landschap in en om Saasveld en de nu gemaakte keuzes staan haaks op eerder gemaakte keuzes.

In het nationale Klimaatakkoord zijn er afspraken gemaakt over het verduurzamen van Nederland. Eén van deze afspraken is dat de regio’s Regionale Energiestrategieën (RES) maken. In deze RES-en staan hoe de regio’s in 2030 de regio’s de helft CO2 uitstoten ten opzichte van 1990, ze doen een bod richting het Rijk. De opdracht is om een plan te maken op basis van bewezen technieken. Dit zijn in de praktijk zonne- en windenergie. In de RES Twente wordt er ook richting het Rijk gewezen op technieken zoals kernenergie of ultra-diepe geothermie, echter gaan de gemeenten daar niet over. De gemeente is immers niet het bevoegd gezag in zo’n geval. Vanwege deze reden stellen gemeenten uiteraard geen beleid op waarover ze niet het zeggenschap heeft. Bij wind en zon is dit wel het geval. Het windbeleid is een verdere uitvoering van het bod binnen de RES. In het beleid is er onderzocht hoe er (ruimtelijk) met windenergie wordt omgegaan in Noordoost Twente. Op basis van een landschappelijke analyse is bepaald waar windturbines mogelijk zijn in Tubbergen. De zoekgebieden met betrekking tot de landschapstypes zijn gebaseerd op een rapport van H+N+S aan de randen van het Nationaal Landschap Noord Oost Twente. In het vast te stellen windbeleid zal het zoekgebied Albergen vanwege de te verwachten potentie van het gebied en de maximaal aantal te plaatsen windturbines komen te vervallen.

34

Reactienota zienswijzen concept windbeleid gemeente Tubbergen oktober 2023 74.

Landschap

Inpassing in de bestaande bestemmingsplann en in relatie tot kwaliteit.

74.

Overig

Evenredige verdeling van lasten in Twente

74.

Overig

Effectiviteit en rendement

74.

Flora en fauna

Er is onvoldoende onderbouwd welke effecten windturbines hebben op de aanwezige dieren.

Het is inderdaad zo dat de grote windturbines die mogelijk gemaakt worden met dit beleid niet landschappelijk kunnen worden ingepast. Daarom is gekeken naar welk landschap het beste de windturbines aankan. Uit het landschapsonderzoek van H+N+S is gebleken dat het jonge ontginningenlandschap zich het best lenen voor de plaatsing van windturbines. Vandaar dat in deze gebieden die liggen aan de randen van het Nationaal Landschap de zoekgebieden zijn gesitueerd. Er zijn wel mogelijkheden om het zicht op een windmolen te beperken door middel van bomen aanplant. Het bod RES 1.0 met 225 GWu tot 2030 voor de vier gemeenten Noordoost Twente is gebaseerd op het verbruik van deze vier gemeenten. In eerste instantie was rekening gehouden met 18 mega windturbines, maar door een fout in de berekening is dit aantal voor NOT teruggebracht naar 9 stuks. In het windbeleid is geen doorvertaling gemaakt of de plaatsing van windturbines financieel mogelijk zijn. Dit is een stuk marktwerking. Met de huidige hoge energieprijzen zal een project uiteraard eerder financieel haalbaar zijn dan met lage energieprijzen. Sterfte van vogels door aanvaringen met windturbines is te beperken door technische oplossingen. De toepassing van stilstand voorzieningen bij windparken op of nabij trekroutes kan het aantal slachtoffers onder trekvogels aanzienlijk beperken.

Met een model is het mogelijk om vogeltrek te kunnen voorspellen waarop de stilstand voorziening kan worden afgestemd. De pieken in de trek zijn vaak maar enkele dagen per jaar. Met een radar is redelijk goed te voorspellen of een windturbine moet worden stilgezet om vogels te beschermen. Bij ieder initiatief kan bij de aanvraag worden nagegaan of het noodzakelijk is om een stilstand voorziening verplicht te stellen. Voor de plaatsing van een windturbine is een planologische procedure noodzakelijk. In deze procedure moet onderzoek plaatsvinden naar flora en fauna en een goed woonen leefklimaat.

35

Reactienota zienswijzen concept windbeleid gemeente Tubbergen oktober 2023 74.

Omgevingsaspecten

Milieu en gezondheidsaspect en zijn onderbelicht, zoals klachten van laag frequent geluid (LFG), minimale afstand tot woningen.

Geluid Aan de milieuaspecten is in het concept-windbeleid grotendeels voorbijgegaan. De milieuaspecten komen in een later stadium bij een concrete aanvraag zeker uitgebreid aan bod. De vele zienswijzen en de roep tot het hanteren van afstanden hebben wij ons ter harte genomen. We hadden gehoopt dat het RIVM of het Rijk hiervoor met duidelijke afstandsnormen zouden komen. Vanuit het Activiteitenbesluit geldt voor geluid een norm van 47 dB(A). De normen uit het Activiteitenbesluit mogen door de uitspraak van de Raad van State (d.d. 30/06/2021) niet meer zonder onderbouwing worden gebruikt voor een clustering van minimaal 3 windturbines. De geluidsnorm van 47 dB-Lden uit het Activiteitenbesluit mag niet zonder onderbouwing en onderzoek worden ingezet. In verband met de reparatie van deze wetgeving is een Plan-MER gestart. Vanaf 12 oktober 2023 ligt er concept wetgeving ter inzage, waarbij het vast te stellen windbeleid aansluit. Voor het Lden kan, op basis van het aantal gehinderden en de gezondheidseffecten een begrenzing van 47 dB worden afgewogen. De gemeente hecht eraan een hoger beschermingsniveau te realiseren en volgt het advies van GGD en WHO om ten hoogste 45 dB Lden toe te laten. Voor een vergelijkbaar beschermingsniveau is het bijbehorende L night 6 dB lager en dus 39 dB.

Voor een vergelijkbaar beschermingsniveau is het bijbehorende LAeq tot 4 dB hoger dan het Lnight, dus 43 dB(A). Om deze daadwerkelijk meetbaar en handhaafbaar te maken, kiest de gemeente voor een lange, maar nog realiseerbare middelingsduur van 15 minuten. Lnight is het jaargemiddelde geluidsniveau in de nachtperiode. Hierbij wordt geen toeslag gehanteerd. Lnight wordt gebruikt om slaapverstoring te voorspellen. Lnight biedt aanvullende bescherming ten opzichte van Lden indien een windturbine met name in de nacht in bedrijf is.

36

Reactienota zienswijzen concept windbeleid gemeente Tubbergen oktober 2023

Het LAeq is het gemiddelde geluidsniveau over een beoordelingsperiode. Over het algemeen is dit een etmaal of een deel daarvan (dag, avond, nacht). Ook kan het een geluidsniveau over een kortere periode beslaan, bijvoorbeeld het gemiddelde geluidsniveau over enkele minuten of een kwartier. De norm is relatief eenvoudig handhaafbaar. In de directe omgeving van windparken wordt vaak gevreesd voor hinder vanwege laagfrequent geluid of infrageluid. Hierbij is laagfrequent geluid het geluid tussen de ca 20-100 Hz en infrageluid het geluid onder de 20 Hz. Het RIVM stelt dat het laagfrequente geluid en infrageluid van windturbines niet voor andere effecten zorgen dan ander geluid (=midden en hogere frequenties). Er is geen bewijs dat het laagfrequente geluid en infrageluid onder de gehoordrempel tot enig nadelig gezondheidseffect kan leiden. Het aandeel laagfrequent geluid en infrageluid is normaal voor een mechanische geluidbron en treedt bijvoorbeeld ook op bij wegverkeersgeluid. Een windturbine die normaal draait binnen haar specificaties zal daarom geen onevenredig aandeel laagfrequent geluid veroorzaken, waardoor een norm, aanvullend op een Lden-norm, dan ook niet nodig is. Een normering voor laagfrequent geluid kan wel nut hebben om bij bijzondere situaties het bevoegd gezag een middel te geven om te handhaven.

De Vercammen-curve wordt door de ABRvS4 geschikt bevonden om de aanvaardbaarheid van laagfrequent geluid te beoordelen. Door het laagfrequente geluid van windturbinegeluid apart te normeren met de Vercammen-curve kan voorkomen worden dat bij onvolkomenheden of defecten (langdurig) hinder als gevolg van laagfrequent geluid van windturbines optreedt.

37

Reactienota zienswijzen concept windbeleid gemeente Tubbergen oktober 2023 Externe veiligheid Bij externe veiligheid kan worden gedacht aan:  IJs afwerping;  mastbreuk;  het afbreken van een turbineblad of de gondel. Omdat externe veiligheid relevant is bij windturbines, staan in het Activiteitenbesluit en de Activiteitenregeling veiligheidseisen. Dit zijn onder meer risicocontouren. Het Handboek Risicozonering Windturbines helpt bij het bepalen van deze risicocontouren. Evenals bij geluid wordt de wet op dit punt gerepareerd. Door het opnemen van een afstandsnorm van 2 X de tiphoogte en het opnemen van een ondergrens van 400 meter ten opzichte van woningen zal externe veiligheid niet meteen een rol van betekenis spelen. Uiteraard zal het aspect externe veiligheid worden beoordeeld bij een concrete aanvraag.

74.

Alternatieven

Kijken naar alternatieven zoals isolatie, wind op zee, zon op dak, enzovoort.

Aangezien gezondheid afhankelijk is van meerdere factoren en er behoefte is aan een norm voor een minimale afstand tot woningen gaan we mee in de landelijke voorgestelde norm van 2 X de tiphoogte en daarnaast een minimale ondergrens van 400 meter ten opzichte van woningen. In het nationale Klimaatakkoord zijn er afspraken gemaakt over het verduurzamen van Nederland. Eén van deze afspraken is dat de regio’s Regionale Energiestrategieën (RES) maken. In deze RES-en staan hoe de regio’s in 2030 de regio’s de helft CO2 uitstoten ten opzichte van 1990, ze doen een bod richting het Rijk. De opdracht is om een plan te maken op basis van bewezen technieken. Dit zijn in de praktijk zonne- en windenergie. In de RES Twente wordt er ook richting het Rijk gewezen op technieken zoals kernenergie of ultra-diepe geothermie, echter gaan de gemeenten daar niet over. De gemeente is immers niet het bevoegd gezag in zo’n geval. Vanwege deze reden stellen gemeenten uiteraard geen beleid op waarover ze niet het zeggenschap heeft. Bij wind en zon is dit wel het geval. Het windbeleid is een verdere uitvoering van het bod binnen de RES. In het beleid is er onderzocht hoe er (ruimtelijk) met windenergie wordt omgegaan in Noordoost Twente.

38

Reactienota zienswijzen concept windbeleid gemeente Tubbergen oktober 2023 Windenergie op land is, net als windenergie op zee volgens het Planbureau van de Leefomgeving een van de goedkoopste en meest efficiënte bronnen van duurzame elektriciteit en daarmee onmisbaar in de energietransitie. De energiebehoefte in Nederland is zo groot dat iedere gemeente, en dus ook gemeente Tubbergen een steentje moet bijdragen. Nederland heeft de doelstelling om de CO2-uitstoot in 2030 met ten minste 55% terug te dringen. Het Rijk zet in op windenergie op zee, omdat dit een duurzame energiebron is die grootschalig in ons land beschikbaar is. Maar de zee is ook nodig voor andere functies (visserij, scheepsroutes, natuur, mijnbouwactiviteiten), waardoor ook hernieuwbare opwekking op land nodig is, om deze doelstelling te bereiken. Binnen de NPRES is afgesproken dat 70% aan windenergie wordt opgewekt op zee en de overige 30% op land. Dit is doorvertaald in 35 TWh op land en 89,5 TWh op zee in 2030. Sinds 1 januari kent de gemeente een stimuleringsregeling voor de isolatie van woningen. Windenergie is nodig om de doelstelling in de energieopgave te kunnen realiseren. Als we energie op zouden wekken met alleen zon op dak, dan kunnen we niet genoeg energie duurzaam opwekken.

Voor zonnevelden geldt, dat deze in verhouding teveel ruimte in beslag nemen om dezelfde hoeveelheid energie op te kunnen wekken. Zo levert 1 windturbine net zoveel stroom als 15 tot 22 hectare zonneveld. Voor het benutten van de bedrijfsdaken voor de opwekking van zonne-energie hebben de vier gemeenten het project “Gemeente zoekt dak” gestart. Hierbij is in potentie ruim 13 hectare geschikt dakoppervlak beschikbaar gesteld voor de aanleg van zonnepanelen aan de gemeente door bedrijven. Met de dakeigenaren worden afspraken gemaakt over dakhuur en wordt ook de mogelijkheid geboden om het project in eigen beheer te realiseren. Nieuwe technieken zijn nog niet grootschalig toepasbaar in de praktijk. Daarom zijn we genoodzaakt om onze energieopgave te realiseren met een mix van zonne- en windenergie. Nieuwe technieken worden nader onderzocht in de RES Twente 2.0. 39

Reactienota zienswijzen concept windbeleid gemeente Tubbergen oktober 2023 74.

Omgevingsaspecten

Belasting van het milieu van verouderde windmolens, de wieken kunnen bijvoorbeeld niet gerecycled worden

74.

Participatie

Windbeleid is onvolledig door geen participatietraject voor de zoeklocaties, de volgorde van de toetsingscriteria zijn verkeerd.

De windturbines zelf kunnen volledig worden gerecycled. Het beton in de bodem zal na gebruik worden verwijderd. Na de afschrijving en de tijdelijke plaatsing zullen de windturbines uiteindelijk worden afgebroken. Voor de afbraak en recycling is geld benodigd. Om ervoor te zorgen dat het geld beschikbaar is, zal in de anterieure overeenkomst tussen de gemeente en initiatiefnemer een financiële zekerheid worden gevraagd voor de afbraak en recycling van de windturbine. In de praktijk komt dit neer op een bankgarantie. Een garantstelling dat het bedrag beschikbaar is na het verstrijken van de tijdelijke termijn van maximaal 25 jaar. Daarnaast zal in de vergunning een voorwaarde worden opgenomen tot opruimplicht voor de bovengrondse en ondergrondse elementen. Met de dorpsraden nabij de zoekgebieden hebben in het kader van de terinzagelegging van het concept windbeleid gesprekken plaatsgevonden. Naar aanleiding van deze gesprekken en de vele zienswijzen is vaststelling van het windbeleid uitgesteld. Om te komen tot de vaststelling van wind- en zonneveldenbeleid heeft de gemeente Tubbergen in september 2021 de routekaart wind en zon vastgesteld. Deze routekaart gaat niet over de inhoud van het beleid, maar brengt wel in beeld welke inhoudelijke stappen worden genomen op weg naar besluitvorming.

Met hierin doorlopend aandacht voor de communicatie met onze inwoners, welke een informerend karakter hadden. Daadwerkelijke participatie zal pas plaats vinden na vaststelling van het windbeleid en komt aan bod bij een evt. aanvraag. Tot die tijd informeren wij inwoners en andere betrokkenen. Hiervoor zijn na de verfijning van de zoekgebieden algemene bijeenkomsten gehouden in december 2021. Nadat de raad op 2 mei de kadernota om tot vaststelling van windbeleid te komen heeft vastgesteld, zijn er binnen de 3 zoekgebieden bijeenkomsten geweest op 22 mei, 25 mei en 1 juni 2023. Voor deze informatiebijeenkomsten zijn bewoners binnen 1 km van potentiele zoeklocaties gericht uitgenodigd en zijn de bijeenkomsten breder gedeeld via de website en het huis-aan-huis-blad. Na de vaststelling van het windbeleid kunnen aanvragen worden ingediend. Hiervoor geldt een afzonderlijk participatietraject.

40

Reactienota zienswijzen concept windbeleid gemeente Tubbergen oktober 2023 74.

Waardevermindering

Windturbines verminderen de waarde van woningen.

74.

Landschap

Blijvende horizonvervuiling van een windturbine.

74.

Participatie

Draagvlak zou moeten aantonen of windturbines gewenst zijn

Het windbeleid stelt kaders en geeft niet aan of er sprake is van waardevermindering van woningen. Zaken zoals waardevermindering van woningen kunnen worden meegenomen in een projectfase. Hierover kunnen dan afspraken worden gemaakt. Uit navraag bij makelaars is ons bekend dat WOZ-waarden zullen dalen van huizen in de nabijheid van windturbines. Echter, om welk percentage waardedaling het gaat, is op voorhand niet aan te geven. Dat zal onder meer afhankelijk zijn van afstand en ligging. Het is inderdaad zo dat de grote windturbines die mogelijk gemaakt worden met dit beleid niet landschappelijk kunnen worden ingepast. Daarom is gekeken naar welk landschap het beste de windturbines aankan. Uit het landschapsonderzoek van H+N+S is gebleken dat het jonge ontginningenlandschap zich het best leent voor de plaatsing van windturbines. Vandaar dat in deze gebieden die liggen aan de randen van het Nationaal Landschap de zoekgebieden zijn gesitueerd. Er zijn wel mogelijkheden om het zicht op een windmolen te beperken door middel van bomen aanplant. Wanneer de windturbines niet meer gebruikt worden dienen ze gesloopt te worden. Om als gemeente de regie in handen te houden wordt lokaal windbeleid opgesteld. In dit beleid zal lokaal eigendom een plek verkrijgen.

Lokaal eigendom betekent dat inwoners en ondernemers collectief (geheel of gedeeltelijk) eigenaar zijn van de installatie van een windproject. Dat is meestal in de vorm van een energie- of dorpscoöperatie. Zij hebben zeggenschap over (de ontwikkeling van) het project, inclusief (een deel van) de opbrengsten. In het concept beleid is opgenomen dat actieve participatie bijdraagt aan de acceptatie van een windproject. Dit behoeft nog verdere uitwerking, waarbij wordt gestreefd naar 100% lokaal eigendom. Maatschappelijke acceptatie zou een betere term zijn dan draagvlak

41

Reactienota zienswijzen concept windbeleid gemeente Tubbergen oktober 2023 74.

Omgevingsaspecten

74.

Overig

74.

Participatie

De volgorde van de toetsingscriteria voor het beleid is verkeerd. Zo dient eerst gekeken te worden naar gezondheid, dan naar maatschappelijke impact, vervolgens landschappelijke inpassing en als laatste het rendement De nu gemaakte keuzes staan haaks op eerdere gemaakte keuzes

Lokaal eigendom is een illusie

De vele zienswijzen en reacties hebben we ons ter harte genomen. In het concept windbeleid was geen afstandsnorm opgenomen. Deze hebben we alsnog opgenomen door aan te sluiten bij de conceptwetgeving en een afstandsnorm te hanteren van 2 X de tiphoogte en het opnemen van een ondergrens van 400 meter ten opzichte van woningen. Naast een afstandsnorm wordt een aangescherpte geluidsnorm van 45 dBLden opgenomen en een waarde voor de nacht.

In de nadere motivering wordt hierbij gedoeld op het provinciale beleid. Hierin hebben we als gemeente geen sturende rol. Wel vinden wij het van belang om als gemeente zelf de regie te houden door het opstellen van beleid. In de gemeente Tubbergen is niet eerder windbeleid vastgesteld. Ook zijn er niet eerder zoekgebieden aangewezen waar de plaatsing van windmolens binnen het NOT-gebied mogelijk wordt gemaakt. Ook zijn niet eerder op een vergelijkbare wijze participatieverplichtingen opgenomen in RO-beleidsdocumenten. Er is daarom voor zover bekend geen sprake van “keuzes die haaks staan op eerder gemaakte keuzes” met betrekking tot het gemeentelijk beleid. Het streven is om te komen tot 100 % lokaal eigendom. Bij de vaststelling van windbeleid wordt invulling gegeven aan het streven door de (verplichte) keuze van de instrumenten maatschappelijke tender/gebiedsovereenkomst.

42

Reactienota zienswijzen concept windbeleid gemeente Tubbergen oktober 2023 76.

76.

Landschap

Landschap

Waarom alleen de randen van Noordoost Twente

Zijn de grenzen van Nationaal Landschap aangepast en zou dit ook aan de orde kunnen zijn voor andere gebieden tbv grootschalige opwek

De keuze voor de zoekgebieden zijn tot stand gekomen op basis van een bureaustudie van het landschapsbureau H+N+S op basis van landschappelijke analyse, beschermde natuurgebieden, stedelijke invloedssfeer en een veldbezoek van de betrokken landschapsarchitecten aan het gebied ter controle, zie onderstaande figuur. Ook is het kerngebied van het Nationaal Landschap Noordoost Twente ontzien om geen windmolens toe te staan. Hierdoor zijn de zoekgebieden aan de randen gesitueerd.

Het netwerk heeft hierin geen rol gespeeld. Waar welke ontwikkeling in de zoekgebieden uiteindelijk mogelijk is, is maatwerk per locatie. Noordoost Twente is aangemerkt als Nationaal Landschap. Voorwaarde voor de vaststelling van het gemeentelijke windbeleid was dat de provincie Overijssel ruimte bood voor windenergie aan de randen van het Nationaal Landschap door herziening van de omgevingsverordening. Inmiddels is de provinciale omgevingsverordening hierop aangepast. De grenzen van het Nationaal Landschap zijn niet verschoven, maar de provinciale verordening biedt binnen de zoekgebieden windenergie Noordoost-Twente ruimte voor realisatie van clusters van minimaal 3 windturbines, als: a. dit noodzakelijk is voor de opgave van duurzame energieopwekking met wind; en mits 43

Reactienota zienswijzen concept windbeleid gemeente Tubbergen oktober 2023 b. de landschappelijke inpassing conform de aanwezige gebiedskenmerken is verzekerd.

76.

Participatie en netwerk

In hoeverre is er gekeken naar het netwerk, de bestaande infrastructuur en biedt de gemeente financiële en politieke ondersteuning voor initiatiefnemers.

Het gemeentelijk windbeleid betekent een verdere inkadering voor de toetsing van aanvragen en het behoudt van de gemeentelijke regie op aanvragen. In het concept windbeleid zijn zoekgebieden aangewezen. Deze zoekgebieden zijn eind 2021 verfijnd om te bezien of er ruimte is voor windturbines. Hierbij zijn alle wettelijke en beleidsmatige beperkingen/belemmeringen ingetekend. Vervolgens zijn er een aantal potentiele locaties overgebleven. Bij deze verdieping is niet gekeken of een project commercieel haalbaar i.v.m. de aanleg van een netwerk. Het windbeleid biedt de ruimtelijke kaders waaraan een aanvraag wordt getoetst. Op projectniveau zal naar de haalbaarheid moeten worden gekeken. Na de vaststelling van beleid voor windenergie, gaat de gemeente aan de slag samen met de omgeving om een gezamenlijk vertrekpunt te bepalen voor het realiseren van windenergie. In dit proces wordt ook nader in kaart gebracht wat mogelijk is en hoe invulling wordt gegeven aan de opgave in het verfijnde zoekgebied. Via de klankbordgroep kunnen betrokkenen meedenken over onder meer: - De wijze waarop een uitvraag plaatsvindt (ontwikkelopties), bijvoorbeeld invulling door de initiatiefnemers, uitvraag via een sociaal maatschappelijke tender, een gebiedsovereenkomst of een gezamenlijke ontwikkeling door een coöperatie of een ontwikkeling door de gemeente.

- De gezamenlijke uitgangspunten voor realisatie van windenergie om bijvoorbeeld eventuele hinder zoveel mogelijk te beperken. - De wijze waarop invulling wordt gegeven aan de MER-procedure bij projectaanvragen. - De wijze waarop lokaal eigendom wordt vormgegeven en de verdeling van de lusten en lasten. De gemeente zal in dit proces een faciliterende rol vervullen.

44

Reactienota zienswijzen concept windbeleid gemeente Tubbergen oktober 2023 76.

Landschap

Geen ruimte voor dorpsmolens door het ontbreken van paarse cirkels

76.

Participatie

76.

Lokaal eigendom

76.

Landschap

76.

Overig

In hoeverre gaat de enquête een rol spelen en gaan de geraamde 18 windturbines hoger of lager uitvallen Het concept windbeleid gaat uit van een verdeling van 1/3. Een modelovereenkoms t als bijlage in het beleid zou vooraf veel helderheid geven. Is bij het bepalen van zoekgebieden gekeken naar beperkingen bijv. woningen. Ontbreken van de eigen ambitie van de gemeente Tubbergen, zoals lokale participatie,

Vanuit de duurzaamheidsopgave in combinatie met het aantal is een hogere windturbine gewenst. In een andere gemeente is een paarse cirkel opgenomen vanwege een hoogtebeperking die ter plaatse geldt door de aanwezigheid van een radar. Van een dergelijke beperking is geen sprake binnen de zoekgebieden van Tubbergen. De enquête is voorafgaand aan de opstelling van windbeleid uitgevoerd en gaat over meer dan alleen wind. Het windbeleid is een uitvoering van het RES-bod. De eerder geraamde 18 windturbines zijn overigens bijgesteld naar 9 windturbines.

In het vast te stellen windbeleid gaan we verder door op te nemen dat we streven naar 100% lokaal eigendom. In het windbeleid is het lokaal eigendom gedefinieerd en vormgegeven.

In de fase van het concept windbeleid zijn zoekgebieden opgenomen. Deze zoekgebieden zijn vervolgens verdiept. Ten aanzien van woningen is in de fase van verdieping een afstand aangehouden van 400 meter. De kaarten met alle beperkingen/belemmeringen binnen de zoekgebieden staan op de website: https://www.tubbergen.nl/windenergie In Twente is binnen de Regionale Energiestrategie (RES) Twente afgesproken dat we 1,5 TWh duurzaam opwekken in 2030. De gemeenten uit Noordoost Twente (Dinkelland, Losser, Oldenzaal en Tubbergen) dragen bij met 225 GWh.

45

Reactienota zienswijzen concept windbeleid gemeente Tubbergen oktober 2023 kansen voor lokale initiatieven.

Binnen het bod van 1,5 TWh is geen onderverdeling gemaakt in de hoeveelheid zon en wind. Daarbij is een verhouding van 60% windenergie ten opzichte van 40% zonneenergie op regionaal niveau wenselijk, omdat: - Deze verhouding bijdraagt aan de stabiliteit van ons energiesysteem, omdat zonneen windenergie elkaar aanvullen. Als het hard waait is er vaak minder zon en bij veel zon, is er meestal minder wind. Ook wordt windenergie ’s nachts en in de winter opgewekt, terwijl zonne-energie vooral overdag wordt opgewekt en in de zomer. - De kosten voor opwek via meer zonne-energie, dan windenergie zijn aanzienlijk hoger. De gemeenten die geen windenergie gebruiken, zorgen daardoor ook voor een hogere energierekening in gemeenten waar juist wel aandacht is voor een goede mix van wind- en zonne-energie. - De energie-infrastructuur efficiënter wordt benut en minder investering en subsidie nodig is om windenergie te realiseren. - Het opwekken van windenergie beter gecombineerd kan worden met agrarisch grondgebruik. Hoewel de verdeling tussen zonne- en windenergie niet is vastgelegd bij de vaststelling van het bod RES Twente 1.0, is in Noordoost Twente ter voorbereiding op het concept windbeleid de volgende verdeling voor de vier gemeenten besproken: - 63 ha zon op dak - 100 ha zonnevelden - 9 (hoge) windturbines.

De gemeente Tubbergen streeft naar 100% lokaal eigendom en gaat hierin verder dan het klimaatakkoord. Verdere uitwerking komt met de omgeving aan bod na vaststelling van het beleid.

46

Reactienota zienswijzen concept windbeleid gemeente Tubbergen oktober 2023 76.

Omgevingsaspecten

In hoeverre is er vanuit de gemeente de bereidheid om een MER-procedure te faciliteren

Een MER-procedure speelt in de fase van een project. De wijze van invulling van de MER-procedure zal ter hand worden genomen in deze procedure en aan bod komen op projectniveau. Relevante informatie waarover wij beschikken als gemeente kunnen beschikbaar worden gesteld. In het windbeleid wordt –gelet op het aspect gezondheid- op voorhand normen over geluid en slagschaduw opgenomen om onze inwoners te beschermen.

77.

Landschap

Het zoekgebied Langeveen valt straks buiten het Nationaal Landschap, wat zijn de consequenties voor andere initiatieven

Noordoost Twente is aangemerkt als Nationaal Landschap. Voorwaarde voor de vaststelling van het gemeentelijke windbeleid was dat de provincie Overijssel ruimte bood voor windenergie aan de randen van het Nationaal Landschap door herziening van de omgevingsverordening. Inmiddels is de provinciale omgevingsverordening hierop aangepast. De grenzen van het Nationaal Landschap zijn niet verschoven, maar de provinciale verordening biedt binnen de zoekgebieden windenergie Noordoost-Twente ruimte voor realisatie van clusters van minimaal 3 windturbines, als: c. dit noodzakelijk is voor de opgave van duurzame energieopwekking met wind; en mits d. de landschappelijke inpassing conform de aanwezige gebiedskenmerken is verzekerd. Het gemeentelijk windbeleid betekent een verdere inkadering voor de toetsing van aanvragen en het behoudt van de gemeentelijke regie op aanvragen.

77.

Omgevingsaspecten

Is gekeken naar het aspect gezondheid

Voor andere initiatieven blijft het predicaat Nationaal Landschap gelden. Aan de milieuaspecten is in het concept-windbeleid grotendeels voorbijgegaan. De milieuaspecten komen in een later stadium bij een concrete aanvraag zeker uitgebreid aan bod. De vele zienswijzen en de roep tot het hanteren van afstanden hebben wij ons ter harte genomen. We hadden gehoopt dat het RIVM of het Rijk hiervoor met duidelijke afstandsnormen zouden komen.

47

Reactienota zienswijzen concept windbeleid gemeente Tubbergen oktober 2023

Slagschaduw In het windbeleid is opgenomen dat windturbines verplicht voorzien zijn van een stilstandvoorziening. Hierdoor schakelt de turbine uit als slagschaduw optreedt. Aan de hand van rekenmethodes is van tevoren vast te stellen op welke dagen en op welk moment van de dag een slagschaduw kan optreden. Of de slagschaduw ook echt optreedt op de voorspelde dagen, hangt af of het bijvoorbeeld onbewolkt is en de richting van de zon. Geluid Vanuit het Activiteitenbesluit geldt voor geluid een norm van 47 dB(A). De normen uit het Activiteitenbesluit mogen door de uitspraak van de Raad van State (d.d. 30/06/2021) niet meer zonder onderbouwing worden gebruikt voor een clustering van minimaal 3 windturbines. De geluidsnorm van 47 dB-Lden uit het Activiteitenbesluit mag niet zonder onderbouwing en onderzoek worden ingezet. In verband met de reparatie van deze wetgeving is een Plan-MER gestart. Vanaf 12 oktober 2023 ligt de ontwerpwetgeving ter inzage. De geluidsnormen en afstandsnormen die hierin zijn opgenomen volgen wij in het vast te stellen windbeleid. Voor het Lden kan, op basis van het aantal gehinderden en de gezondheidseffecten een begrenzing van 47 dB worden afgewogen. De gemeente hecht eraan een hoger beschermingsniveau te realiseren en volgt het advies van GGD en WHO om ten hoogste 45 dB Lden toe te laten.

Voor een vergelijkbaar beschermingsniveau is het bijbehorende Lnight 6 dB lager en dus 39 dB. Voor een vergelijkbaar beschermingsniveau is het bijbehorende LAeq tot 4 dB hoger dan het Lnight, dus 43 dB(A). Om deze daadwerkelijk meetbaar en handhaafbaar te maken, kiest de gemeente voor een lange, maar nog realiseerbare middelingsduur van 15 minuten. Lnight is het jaargemiddelde geluidsniveau in de nachtperiode. Hierbij wordt geen toeslag gehanteerd. Lnight wordt gebruikt om slaapverstoring te voorspellen. Lnight 48

Reactienota zienswijzen concept windbeleid gemeente Tubbergen oktober 2023 biedt aanvullende bescherming ten opzichte van Lden indien een windturbine met name in de nacht in bedrijf is. Het LAeq is het gemiddelde geluidsniveau over een beoordelingsperiode. Over het algemeen is dit een etmaal of een deel daarvan (dag, avond, nacht). Ook kan het een geluidsniveau over een kortere periode beslaan, bijvoorbeeld het gemiddelde geluidsniveau over enkele minuten of een kwartier. De norm is relatief eenvoudig handhaafbaar. In de directe omgeving van windparken wordt vaak gevreesd voor hinder vanwege laagfrequent geluid of infrageluid. Hierbij is laagfrequent geluid het geluid tussen de ca 20-100 Hz en infrageluid het geluid onder de 20 Hz. Het RIVM stelt dat het laagfrequente geluid en infrageluid van windturbines niet voor andere effecten zorgen dan ander geluid (=midden en hogere frequenties). Er is geen bewijs dat het laagfrequente geluid en infrageluid onder de gehoordrempel tot enig nadelig gezondheidseffect kan leiden. Het aandeel laagfrequent geluid en infrageluid is normaal voor een mechanische geluidbron en treedt bijvoorbeeld ook op bij wegverkeersgeluid. Een windturbine die normaal draait binnen haar specificaties zal daarom geen onevenredig aandeel laagfrequent geluid veroorzaken, waardoor een norm, aanvullend op een Lden-norm, dan ook niet nodig is.

Een normering voor laagfrequent geluid kan wel nut hebben om bij bijzondere situaties het bevoegd gezag een middel te geven om te handhaven. De Vercammen-curve wordt door de ABRvS5 geschikt bevonden om de aanvaardbaarheid van laagfrequent geluid te beoordelen. Door het laagfrequente geluid van windturbinegeluid apart te normeren met de Vercammen-curve kan voorkomen worden dat bij onvolkomenheden of defecten (langdurig) hinder als gevolg van laagfrequent geluid van windturbines optreedt.

49

Reactienota zienswijzen concept windbeleid gemeente Tubbergen oktober 2023 Externe veiligheid Bij externe veiligheid kan worden gedacht aan:  IJs afwerping;  mastbreuk;  het afbreken van een turbineblad of de gondel. Omdat externe veiligheid relevant is bij windturbines, staan in het Activiteitenbesluit en de Activiteitenregeling veiligheidseisen. Dit zijn onder meer risicocontouren. Het Handboek Risicozonering Windturbines helpt bij het bepalen van deze risicocontouren. Evenals bij geluid wordt de wet op dit punt gerepareerd.

77.

Overig

Grote molens zijn straks toegestaan en geen erfmolens

Door het opnemen van een afstandsnorm van 2 X de tiphoogte en het opnemen van een ondergrens van 400 meter ten opzichte van woningen zal externe veiligheid niet meteen een rol van betekenis spelen. Uiteraard zal het aspect externe veiligheid worden beoordeeld bij een concrete aanvraag. Het windbeleid is niet van toepassing op erfmolens die qua maatvoering en gebruik passen binnen de bestaande bestemmingsplannen. Hiervoor geldt het reguliere gemeentelijke ruimtelijke toetsingskader (bestemmingsplan). De kleinere erfmolen levert veel minder rendement dan een hoge windturbine. Ter vergelijking een moderne hoge windturbine van 240 meter levert elektriciteit op voor 7.200 huishoudens. Voor dezelfde opwek zijn 900 erfmolens nodig.

77.

Lokaal eigendom

Hoe wordt het lusten en lasten verhaal gegarandeerd

In het concept beleid is opgenomen dat actieve participatie bijdraagt aan de acceptatie van een windproject. Dit behoeft nog verdere uitwerking, waarbij wordt gestreefd naar 100% lokaal eigendom. Dit nadrukkelijke streven van 100% lokaal eigendom staat los van financiële compensatie van de omgeving zoals doorgaans gebeurt door een omgevingsfonds en/of een omwonendenregeling. In het beleid wordt een omschrijving opgenomen van de definitie ‘lokaal eigendom’.

50

Reactienota zienswijzen concept windbeleid gemeente Tubbergen oktober 2023 79.

Landschap

Windturbines met een hoogte van 240 meter doen afbreuk aan het landschap

79.

Participatie

De zoekgebieden zijn tot stand gekomen zonder inspraak

We bevinden ons in een gebied zonder windturbines, echter aan de Duitse zijde zijn er al windturbines zichtbaar. De plaatsing van windturbines zal zeker niet leiden tot verfraaiing van het gebied. Wel is het uitgangspunt dat windturbines worden geclusterd aan de randen van het Nationaal Landschap om de impact op het gehele gebied zo beperkt mogelijk te houden. Met de dorpsraden nabij de zoekgebieden hebben in het kader van de terinzagelegging van het concept windbeleid gesprekken plaatsgevonden. Naar aanleiding van deze gesprekken en de vele zienswijzen is vaststelling van het windbeleid uitgesteld. Om te komen tot de vaststelling van wind- en zonneveldenbeleid heeft de gemeente Tubbergen in september 2021 de routekaart wind en zon vastgesteld. Deze routekaart gaat niet over de inhoud van het beleid, maar brengt wel in beeld welke inhoudelijke stappen worden genomen op weg naar besluitvorming. Met hierin doorlopend aandacht voor de communicatie met onze inwoners, welke een informerend karakter hadden. Daadwerkelijke participatie zal pas plaats vinden na vaststelling van het windbeleid en komt aan bod bij een evt. aanvraag. Tot die tijd informeren wij inwoners en andere betrokkenen. Hiervoor zijn na de verfijning van de zoekgebieden algemene bijeenkomsten gehouden in december 2021.

Nadat de raad op 2 mei de kadernota om tot vaststelling van windbeleid te komen heeft vastgesteld, zijn er binnen de 3 zoekgebieden bijeenkomsten geweest op 22 mei, 25 mei en 1 juni 2023. Voor deze informatiebijeenkomsten zijn bewoners binnen 1 km van potentiele zoeklocaties gericht uitgenodigd en zijn de bijeenkomsten breder gedeeld via de website en het huis aan huis blad. Na de vaststelling van het windbeleid kunnen aanvragen worden ingediend. Hiervoor geldt een afzonderlijk participatietraject.

51

Reactienota zienswijzen concept windbeleid gemeente Tubbergen oktober 2023 79.

79.

Participatie

Alternatieven

Er is voorafgaand een enquête gehouden die niet objectief was en sturende vragen bevatte

Er is onvoldoende gekeken naar alternatieven, zoals zon op dak, biogas of nieuwe technieken

In opdracht van energie Noord Oost Twente heeft Moventem een onderzoek over de regionale energiestrategie van de regio uitgevoerd. In totaal zijn er 15.000 inwoners uitgenodigd om mee te doen aan dit onderzoek. Ze hebben een brief ontvangen met een unieke code. Zo kon de vragenlijst niet meerdere keren worden ingevuld door dezelfde persoon. Ook konden inwoners, die geen brief hadden ontvangen, meedoen met dit onderzoek door een code op te vragen. In totaal hebben 1.960 inwoners meegedaan die uitgenodigd waren via de brief, 465 inwoners hebben zelf een code opgevraagd. Inwoners die zelf de code hebben opgevraagd zijn over het algemeen net iets negatiever ten opzichte van klimaatverandering en duurzame energie (in Noordoost Twente). Wel zijn zij al iets duurzamer (zoals energie besparen en biologisch eten). De vragenlijsten konden worden ingevuld tussen 30 oktober en 23 november 2020. Met het aantal respondenten (2.425) kunnen met een betrouwbaarheid van 95% en een foutmarge van 1,97% uitspraken worden gedaan op totaal niveau. In het nationale Klimaatakkoord zijn er afspraken gemaakt over het verduurzamen van Nederland. Eén van deze afspraken is dat de regio’s Regionale Energiestrategieën (RES) maken. In deze RES-en staan hoe de regio’s in 2030 de regio’s de helft CO2 uitstoten ten opzichte van 1990, ze doen een bod richting het Rijk.

De opdracht is om een plan te maken op basis van bewezen technieken. Dit zijn in de praktijk zon en wind energie. In de RES Twente wordt er ook richting het Rijk gewezen op technieken zoals kernenergie of ultra-diepe geothermie, echter gaan de gemeenten daar niet over. De gemeente is immers niet het bevoegd gezag in zo’n geval. Vanwege deze reden stellen gemeenten uiteraard geen beleid op waarover ze niet het zeggenschap heeft. Bij wind en zon is dit wel het geval. Alternatieven zoals waterstof als energiedrager zijn derhalve niet betrokken in het lokale beleid. Het windbeleid is een verdere ruimtelijke uitvoering van het bod binnen de RES. In het beleid is er onderzocht hoe er (ruimtelijk) met windenergie wordt omgegaan in Noordoost Twente.

52

Reactienota zienswijzen concept windbeleid gemeente Tubbergen oktober 2023 Windenergie op land is, net als windenergie op zee volgens het Planbureau van de Leefomgeving een van de goedkoopste en meest efficiënte bronnen van duurzame elektriciteit en daarmee onmisbaar in de energietransitie. De energiebehoefte in Nederland is zo groot dat iedere gemeente, en dus ook gemeente Tubbergen een steentje moet bijdragen. Nederland heeft de doelstelling om de CO2-uitstoot in 2030 met ten minste 55% terug te dringen. Het Rijk zet in op windenergie op zee, omdat dit een duurzame energiebron is die grootschalig in ons land beschikbaar is. Maar de zee is ook nodig voor andere functies (visserij, scheepsroutes, natuur, mijnbouwactiviteiten), waardoor ook hernieuwbare opwekking op land nodig is, om deze doelstelling te bereiken. Binnen de NPRES is afgesproken dat 70% aan windenergie wordt opgewekt op zee en de overige 30% op land. Dit is doorvertaald in 35 TWh op land en 89,5 TWh op zee in 2030. Windenergie is nodig om de doelstelling in de energieopgave te kunnen realiseren. Als we energie op zouden wekken met alleen zon op dak, dan kunnen we niet genoeg energie duurzaam opwekken. Voor zonnevelden geldt, dat deze in verhouding te veel ruimte in beslag nemen om dezelfde hoeveelheid energie op te kunnen wekken. Zo levert 1 windturbine net zoveel stroom als 15 tot 22 hectare zonneveld.

Verder is het zo dat de moderne grotere windturbines in verhouding veel meer energie opleveren. Zo levert een windturbine van 240 meter voldoende elektriciteit op voor 7.200 huishoudens. Dat is net zoveel als 900 erfmolens.

79.

Omgevingsaspecten

Is er gekeken naar slagschaduw, geluid, gezondheid en waardedaling van woningen

Er is een verschil tussen duurzame warmte en duurzame energie. In het RES 1.0 bod mogen we alleen rekening houden met duurzame energie en geen warmte. Biogas/groen gas wordt tot op heden ingezet voor warmte. Aan de milieuaspecten is in het concept-windbeleid grotendeels voorbijgegaan. De milieuaspecten komen in een later stadium bij een concrete aanvraag zeker uitgebreid aan bod. De vele zienswijzen en de roep tot het hanteren van afstanden hebben wij ons ter harte genomen. We hadden gehoopt dat het RIVM of het Rijk hiervoor met duidelijke afstandsnormen zouden komen.

53

Reactienota zienswijzen concept windbeleid gemeente Tubbergen oktober 2023 Slagschaduw In het windbeleid is opgenomen dat windturbines verplicht voorzien zijn van een stilstandvoorziening. Hierdoor schakelt de turbine uit als slagschaduw optreedt. Aan de hand van rekenmethodes is van tevoren vast te stellen op welke dagen en op welk moment van de dag een slagschaduw kan optreden. Of de slagschaduw ook echt optreedt op de voorspelde dagen, hangt af of het bijvoorbeeld onbewolkt is en de richting van de zon. Geluid Vanuit het Activiteitenbesluit geldt voor geluid een norm van 47 dB(A). De normen uit het Activiteitenbesluit mogen door de uitspraak van de Raad van State (d.d. 30/06/2021) niet meer zonder onderbouwing worden gebruikt voor een clustering van minimaal 3 windturbines. De geluidsnorm van 47 dB-Lden uit het Activiteitenbesluit mag niet zonder onderbouwing en onderzoek worden ingezet. In verband met de reparatie van deze wetgeving is een Plan-MER gestart. Vanaf 12 oktober 2023 is ontwerpwetgeving ter inzage gelegd waaraan wij ons conformeren in het vast te stellen windbeleid, Voor het Lden kan, op basis van het aantal gehinderden en de gezondheidseffecten een begrenzing van 47 dB worden afgewogen. De gemeente hecht eraan een hoger beschermingsniveau te realiseren en volgt het advies van GGD en WHO om ten hoogste 45 dB Lden toe te laten.

Voor een vergelijkbaar beschermingsniveau is het bijbehorende L night 6 dB lager en dus 39 dB. Voor een vergelijkbaar beschermingsniveau is het bijbehorende LAeq tot 4 dB hoger dan het Lnight, dus 43 dB(A). Om deze daadwerkelijk meetbaar en handhaafbaar te maken, kiest de gemeente voor een lange, maar nog realiseerbare middelingsduur van 15 minuten. Lnight is het jaargemiddelde geluidsniveau in de nachtperiode. Hierbij wordt geen toeslag gehanteerd. Lnight wordt gebruikt om slaapverstoring te voorspellen. Lnight

54

Reactienota zienswijzen concept windbeleid gemeente Tubbergen oktober 2023 biedt aanvullende bescherming ten opzichte van Lden indien een windturbine met name in de nacht in bedrijf is. Het LAeq is het gemiddelde geluidsniveau over een beoordelingsperiode. Over het algemeen is dit een etmaal of een deel daarvan (dag, avond, nacht). Ook kan het een geluidsniveau over een kortere periode beslaan, bijvoorbeeld het gemiddelde geluidsniveau over enkele minuten of een kwartier. De norm is relatief eenvoudig handhaafbaar. In de directe omgeving van windparken wordt vaak gevreesd voor hinder vanwege laagfrequent geluid of infrageluid. Hierbij is laagfrequent geluid het geluid tussen de ca 20-100 Hz en infrageluid het geluid onder de 20 Hz. Het RIVM stelt dat het laagfrequente geluid en infrageluid van windturbines niet voor andere effecten zorgen dan ander geluid (=midden en hogere frequenties). Er is geen bewijs dat het laagfrequente geluid en infrageluid onder de gehoordrempel tot enig nadelig gezondheidseffect kan leiden. Het aandeel laagfrequent geluid en infrageluid is normaal voor een mechanische geluidbron en treedt bijvoorbeeld ook op bij wegverkeersgeluid. Een windturbine die normaal draait binnen haar specificaties zal daarom geen onevenredig aandeel laagfrequent geluid veroorzaken, waardoor een norm, aanvullend op een Lden-norm, dan ook niet nodig is.

Een normering voor laagfrequent geluid kan wel nut hebben om bij bijzondere situaties het bevoegd gezag een middel te geven om te handhaven. De Vercammen-curve wordt door de ABRvS6 geschikt bevonden om de aanvaardbaarheid van laagfrequent geluid te beoordelen. Door het laagfrequente geluid van windturbinegeluid apart te normeren met de Vercammen-curve kan voorkomen worden dat bij onvolkomenheden of defecten (langdurig) hinder als gevolg van laagfrequent geluid van windturbines optreedt.

55

Reactienota zienswijzen concept windbeleid gemeente Tubbergen oktober 2023 Aangezien gezondheid afhankelijk is van meerdere factoren en er behoefte is aan een norm voor een minimale afstand tot woningen gaan we mee in de landelijke voorgestelde norm van 2 X de tiphoogte en daarnaast een minimale ondergrens van 400 meter ten opzichte van woningen. Waardedaling Voor de bouw van een windturbine is een planologische procedure noodzakelijk. Na het onherroepelijk worden van deze procedure bestaat de mogelijkheid tot het indienen van een verzoek om planschade. Het windbeleid stelt kaders en geeft niet aan of er sprake is van waardevermindering van woningen. Zaken zoals waardevermindering van woningen kunnen worden meegenomen in een projectfase. Hierover kunnen dan afspraken worden gemaakt. Uit navraag bij makelaars is ons bekend dat WOZ-waarden zullen dalen van huizen in de nabijheid van windturbines. Echter, om welk percentage waardedaling het gaat, is op voorhand niet aan te geven. Dat zal onder meer afhankelijk zijn van afstand en ligging. 79.

Overig

Is er onderzoek gedaan of windsterkte/-kracht in NO-Twente voldoende is voor effectieve opwekking

Overal in Nederland waait het hard genoeg voor een windturbine. Aan de kust of op zee waait het in zijn algemeenheid harder en constanter dan bij ons in NO-Twente. Hoger in de lucht waait het harder en constanter, ook in NO-Twente.

56

Reactienota zienswijzen concept windbeleid gemeente Tubbergen oktober 2023 81.

Omgevingsaspecten

Er is onvoldoende aandacht voor de gezondheid van omwonenden, waarbij wordt gedoeld op (laagfrequente) geluid en trillingen afkomstig van windturbines

Aan de milieuaspecten is in het concept-windbeleid grotendeels voorbijgegaan. De milieuaspecten komen in een later stadium bij een concrete aanvraag zeker uitgebreid aan bod. De vele zienswijzen en de roep tot het hanteren van afstanden hebben wij ons ter harte genomen. We hadden gehoopt dat het RIVM of het Rijk hiervoor met duidelijke afstandsnormen zouden komen. Inmiddels is er conceptwetgeving ter inzage gelegd vanaf 12 oktober 2023 met hierin geluidsnormen en een afstandsnorm. Geluid Vanuit het Activiteitenbesluit geldt voor geluid een norm van 47 dB-Lden. De normen uit het Activiteitenbesluit mogen door de uitspraak van de Raad van State (d.d. 30/06/2021) niet meer zonder onderbouwing worden gebruikt voor een clustering van minimaal 3 windturbines. De geluidsnorm van 47 dB-Lden uit het Activiteitenbesluit mag niet zonder onderbouwing en onderzoek worden ingezet. In verband met de reparatie van deze wetgeving is een Plan-MER gestart. De conceptwetgeving is vanaf 12 oktober 2023 ter inzage gelegd, waaraan wij ons conformeren. Voor het Lden kan, op basis van het aantal gehinderden en de gezondheidseffecten een begrenzing van 47 dB worden afgewogen. De gemeente hecht eraan een hoger beschermingsniveau te realiseren en volgt het advies van GGD en WHO om ten hoogste 45 dB Lden toe te laten.

Voor een vergelijkbaar beschermingsniveau is het bijbehorende Lnight 6 dB lager en dus 39 dB. Voor een vergelijkbaar beschermingsniveau is het bijbehorende LAeq tot 4 dB hoger dan het Lnight, dus 43 dB(A). Om deze daadwerkelijk meetbaar en handhaafbaar te maken, kiest de gemeente voor een lange, maar nog realiseerbare middelingsduur van 15 minuten. Lnight is het jaargemiddelde geluidsniveau in de nachtperiode. Hierbij wordt geen toeslag gehanteerd. Lnight wordt gebruikt om slaapverstoring te voorspellen. Lnight

57

Reactienota zienswijzen concept windbeleid gemeente Tubbergen oktober 2023 biedt aanvullende bescherming ten opzichte van Lden indien een windturbine met name in de nacht in bedrijf is. Het LAeq is het gemiddelde geluidsniveau over een beoordelingsperiode. Over het algemeen is dit een etmaal of een deel daarvan (dag, avond, nacht). Ook kan het een geluidsniveau over een kortere periode beslaan, bijvoorbeeld het gemiddelde geluidsniveau over enkele minuten of een kwartier. De norm is relatief eenvoudig handhaafbaar. In de directe omgeving van windparken wordt vaak gevreesd voor hinder vanwege laagfrequent geluid of infrageluid. Hierbij is laagfrequent geluid het geluid tussen de ca 20-100 Hz en infrageluid het geluid onder de 20 Hz. Het RIVM stelt dat het laagfrequente geluid en infrageluid van windturbines niet voor andere effecten zorgen dan ander geluid (=midden en hogere frequenties). Er is geen bewijs dat het laagfrequente geluid en infrageluid onder de gehoordrempel tot enig nadelig gezondheidseffect kan leiden. Het aandeel laagfrequent geluid en infrageluid is normaal voor een mechanische geluidbron en treedt bijvoorbeeld ook op bij wegverkeersgeluid. Een windturbine die normaal draait binnen haar specificaties zal daarom geen onevenredig aandeel laagfrequent geluid veroorzaken, waardoor een norm, aanvullend op een Lden-norm, dan ook niet nodig is.

Een normering voor laagfrequent geluid kan wel nut hebben om bij bijzondere situaties het bevoegd gezag een middel te geven om te handhaven. De Vercammen-curve wordt door de ABRvS7 geschikt bevonden om de aanvaardbaarheid van laagfrequent geluid te beoordelen. Door het laagfrequente geluid van windturbinegeluid apart te normeren met de Vercammen-curve kan voorkomen worden dat bij onvolkomenheden of defecten (langdurig) hinder als gevolg van laagfrequent geluid van windturbines optreedt.

7 ECLI:NL:RVS:2021:1683 en ECLI:NL:RVS2020:2308

58

Reactienota zienswijzen concept windbeleid gemeente Tubbergen oktober 2023

81.

Participatie

Ontwrichting van lokale gemeenschappen door windprojecten

Trillingen Het onafhankelijke onderzoeksinstituut Deltares, heeft de effecten van een windturbine op trillingen in de bodem onderzocht en opgenomen in dit rapport. Het onderzoek laat zien dat de trillingen in de bodem (afhankelijk van de frequentie van de trilling) sterk afnemen naarmate de afstand tot de windturbine toeneemt (zie figuur 6 van het onderzoek). Ook is een conclusie van dit onderzoek: “Een trillingsmeting geeft aan dat in de fundering en de grond er om heen een trillingssnelheid hebben van gemiddeld 12 mm/s met hoogste waarden 3 mm/s bij windsnelheid 15 m/s.” Vragen over trillingen in de bodem gaan doorgaans over de gevolgen daarvan voor bouwwerken/gezondheid bij mensen. Hier zijn onderzoeken naar gedaan die laten zien dat de trillingen nauwelijks waarneembaar zijn / geen ontoelaatbare gevolgen hebben, zie bijvoorbeeld: - Rapport Windpark Wieringermeer turbine NB-01 (Fugro, 2014) - Scheidingsafstanden tussen windturbines en ondergrondse pijpleidingen met betrekking tot externe veiligheid (M-tech & SGS, september 2015) Na de vaststelling van beleid voor windenergie, gaat de gemeente aan de slag samen met de omgeving om een gezamenlijk vertrekpunt te bepalen voor het realiseren van windenergie. In dit proces wordt ook nader in kaart gebracht wat mogelijk is en hoe invulling wordt gegeven aan de opgave in het verfijnde zoekgebied.

Via de klankbordgroep kunnen betrokkenen meedenken over onder meer: - De wijze waarop een uitvraag plaatsvindt (ontwikkelopties), bijvoorbeeld invulling door de initiatiefnemers, uitvraag via een sociaal maatschappelijke tender, een gebiedsovereenkomst of een gezamenlijke ontwikkeling door een coöperatie of een ontwikkeling door de gemeente. - De gezamenlijke uitgangspunten voor realisatie van windenergie om bijvoorbeeld eventuele hinder zoveel mogelijk te beperken. - De wijze waarop invulling wordt gegeven aan de MER-procedure bij projectaanvragen. - De wijze waarop lokaal eigendom wordt vormgegeven en de verdeling van de lusten en lasten.

59

Reactienota zienswijzen concept windbeleid gemeente Tubbergen oktober 2023 81.

Overig

Opportunisme door klakkeloos mee te werken aan windenergie

Om te komen tot de daadwerkelijke vaststelling van wind- en zonneveldenbeleid heeft de gemeente Tubbergen in september 2021 de routekaart wind en zon vastgesteld. Inmiddels is duidelijk dat twee processtappen niet worden ingevuld. We willen als gemeente zelf de regie houden over de ontwikkelingen binnen onze gemeentegrenzen en voorkomen dat de provincie deze regie neemt. We kunnen daardoor onze inwoners beter beschermen met lokaal vastgestelde normen voor geluidsbelasting en minimale afstanden tot woningen. Daarvoor is het aan te bevelen om windbeleid vast te stellen. Te meer omdat de provincie volgens de Elektriciteitswet bevoegd gezag is voor windturbines (vanaf 5 MW, zijnde 1-2 grote windturbines) en dat nu nog overlaat aan de gemeente. Echter, als de gemeente onvoldoende ruimtelijke mogelijkheden biedt voor de ontwikkeling van windturbines, kan de provincie de regie alsnog nemen en de ontwikkeling van windturbines binnen provinciale kaders mogelijk maken op het grondgebied van de gemeente Tubbergen.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://bestuur.tubbergen.nl/api/v1/meetings/997/documents/22905