CConstaterende datTubbergen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage grondbeleid jaarstukken 2025 Tubbergen

Commissie Sociaal Domein en Bestuur 23 juni 2026, gemeente TubbergenBij agendapunt: 8: Jaarstukken 2025 Tubbergen3.880 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

GRONDBELEID Inleiding Voor u ligt de paragraaf Grondbeleid 2025 waarin verantwoording wordt afgelegd over het gevoerde en te voeren grondbeleid in de gemeente Tubbergen. Samenvatting (financiële) resultaten Grondbeleid In de paragraaf Grondbeleid wordt verantwoording afgelegd over het gevoerde grondbeleid in het afgelopen jaar en wordt een doorkijk gegeven naar de toekomst. Als uitgangspunt wordt een jaarlijkse bouwkavelproductie van ongeveer 50 gemeentelijke woningbouwkavels en ongeveer 50 woningbouwkavels door de particuliere/private sector nagestreefd. Als verkoopresultaat zijn in 2025 19 woningbouwkavels verkocht. Voor de komende jaren verwachten we een inhaalslag te maken met een aantal nieuwe plannen in de kernen Reutum (26 kavels), Albergen (73 kavels), Geesteren (9 kavels), Fleringen (11 kavels) en Vasse (32 kavels) Uiteindelijk is het afgelopen jaar circa € 0,9 miljoen aan inkomsten gerealiseerd, circa € 4,0 miljoen aan uitgaven gedaan, een winstneming gedaan van € 0,3 miljoen en is een verliesvoorziening van € 0,2 miljoen vrijgevallen. Uiteindelijk is de boekwaarde van € 0,9 miljoen met € 3,2 miljoen gestegen naar € 4,1 miljoen. Voor het kunnen opvangen van de conjuncturele- en projectrisico’s van het grondbedrijf is een bedrag benodigd van € 0,9 miljoen, het zogenaamde weerstandsvermogen. Voor de toekomst is het van groot belang dat de woningbouwproductie (o.a.

aantallen en typologieën) blijft voldoen aan het woningbouwprogramma. Hier zetten wij ons grondbeleid actief op in. Dit kunnen wij als gemeente niet alleen en dit vraagt om een goede samenwerking met andere partners, waaronder het Rijk, Provincie, corporaties en ontwikkelaars, maar ook particuliere initiatiefnemers. De woning- en vastgoedmarkt laat nog steeds een grote vraag naar woningen zien. De bouw van nieuwe woningen heeft echter te maken met een aantal problemen. Grote bottlenecks voor de woningbouw zijn onder andere de hoge bouwkosten, het stikstofdossier en juridische vertragingen. Ook netcongestie, waardoor nieuwe woonwijken niet op het elektriciteitsnetwerk aangesloten kunnen worden, zorgt steeds vaker voor vertraging. Deze problematiek kan ook gevolgen hebben voor de toekomstige resultaten van het grondbedrijf. De ontwikkelingen in de markt monitoren wij continu en verwerken wij indien nodig in de ramingen van de projecten. Daarnaast zien wij dat het financieel haalbaar maken van nieuwe gebiedsontwikkelingen te maken heeft met uitdagingen. Dit heeft onder andere te maken met de ambities omtrent betaalbaar wonen, groen, water en duurzaamheid en de wettelijke eisen.

Grondbeleid 1.1 Algemeen Het grondbeleid van de gemeente Tubbergen is vastgelegd in de Nota Grondbeleid die door de gemeenteraad in 2016 is vastgesteld. In deze Nota zijn de beleidskaders vastgelegd voor de wijze waarop de gemeente de gewenste verandering van het grondgebruik en de beleidsdoelen wil realiseren. Hierbij kan onder andere worden gedacht aan de beleidsvelden wonen en werken. Met de keuze tussen actief grondbeleid en faciliterend grondbeleid geeft de gemeente aan, hoe zij de regie op de gewenste ruimtelijke invulling wil bereiken.

De huidige nota grondbeleid wordt in 2026 geactualiseerd. 1.2 Doel grondbeleid In de Nota Grondbeleid is het doel van het gemeentelijk grondbeleid als volgt geformuleerd: Grondbeleid kan hiermee worden gedefinieerd als het beleid dat zich richt op een efficiënt en rechtvaardig verloop van activiteiten op de grondmarkt, met het oog op het realiseren van publieke doelstellingen zoals bevordering van het maatschappelijk ruimtegebruik, het bevorderen van een rechtvaardige verdeling van kosten en opbrengsten bij locatieontwikkeling en het verhogen van de kwaliteit van het ruimtegebruik, de zeggenschap voor de burger en marktwerking op de grondmarkt. 1.3 Keuze voor grondbeleid De vorm van grondbeleid (actief, faciliterend of mogelijk een mengvorm) wordt afhankelijk van de situatie gekozen. Uitgangspunt is hierbij actief grondbeleid, tenzij dit op basis van factoren als grondposities, gemeentelijke doelstellingen, mogelijkheid tot sturing, risicoprofiel, verwacht financieel resultaat en/of benodigde deskundigheid onwenselijk of niet goed mogelijk is. 1.4 Financieel beleid Grondbedrijf Het voeren van (actief) grondbeleid brengt risico’s met zich mee. Door een voorzichtig en behoudend financieel beleid te voeren wordt de kans op negatieve financiële verrassingen zo klein mogelijk gehouden. Dit financieel beleid wordt ook voor de komende jaren voortgezet.

We streven er naar dat grondexploitaties voor nieuwe ontwikkelingen financieel sluitend zijn, waarbij tijdens de realisatie het eindresultaat verder wordt geoptimaliseerd. We merken dat dit uitgangspunt hoe langer hoe meer onder druk komt te staan. De extra opgaven voor water, groen en energie en het aandeel betaalbare woningen, maken het lastiger om tot een (minimaal) sluitende grondexploitatie te komen voor de nieuwe ontwikkelingen. 1.5 Grondprijsbeleid Grondprijzen worden op basis van een onafhankelijk en marktconform taxatierapport vastgesteld middels de Grondprijsbrief. Hierin wordt tevens rekening gehouden met een grondprijskorting voor starters (20%) en sociale huurwoningen (30%) 1.6 Risicomanagement Bij grondexploitaties lopen gemeenten risico’s. Het financiële risico voor gemeenten is bij actief grondbeleid over het algemeen groot, omdat dit gemoeid gaat met omvangrijke gemeentelijke (voor)investeringen, die pas later door de inkomsten uit grondverkoop worden afgedekt. Het financiële risico is voor de gemeente bij faciliterend grondbeleid relatief beperkt, omdat de gemeente uitsluitend kosten verhaalt op particuliere ontwikkelaars.

Het regelmatig en systematisch onderzoeken en kwantificeren van de risico’s die de financiële haalbaarheid van een project bedreigen en het formuleren en toepassen van maatregelen, waarmee deze risico’s zo doeltreffend mogelijk beheerst kunnen worden, noemen we risicomanagement. Binnen het grondbedrijf wordt een buffer aangehouden om deze risico’s te kunnen opvangen, indien deze zouden optreden (het benodigde weerstandsvermogen) 1.7 Resultaten van het grondbedrijf Alle financiële resultaten van de grondexploitaties (winstnemingen en verliesvoorzieningen) en afwaarderingen van grondaankopen worden rechtstreeks ten laste/ten gunste van de algemene reserve gebracht. Voor een aantal specifieke risico’s wordt een weerstandvermogen berekend. Deze maakt deel uit van het algemene weerstandsvermogen van de hele gemeente. 1.8 Verantwoording over het gevoerde grondbeleid Voor het afleggen van verantwoording over het grondbeleid en de financiële effecten ervan is aangesloten met de reguliere planning en control momenten van de gemeente.

Jaarrekening In de jaarrekening legt het college verantwoording af over de resultaten en effecten van het gevoerde grondbeleid van het voorgaande jaar. Daarnaast wordt de prognose van de projecten (inkomsten en uitgaven) geactualiseerd. De resultaten hiervan zijn terug te vinden in paragraaf 3.1 van deze paragraaf Grondbeleid 2025. Tussentijdse Rapportage Grondbedrijf (Programmajournaal) Tussentijds worden de grondexploitaties geactualiseerd, met het doel om te bezien in welke mate de prognoses omtrent inkomsten en uitgaven in de diverse complexen naar verwachting gerealiseerd gaan worden. Het moment van actualisatie vindt plaats in het derde kwartaal in de vorm van een programmajournaal.

Stand van zaken grondexploitaties De vraag naar woningen in de gemeente Tubbergen blijft onverminderd groot. Uiteindelijk zijn 19 woningbouwkavels verkocht. Als gemeente streven we naar het verkopen van gemiddeld 50 woningbouwkavels per jaar. Bij deze doelstelling betrekken we de woningbouwcorporatie actief om de taakstellingen binnen de sociale huursector ook op korte termijn te kunnen verwezenlijken. Voor de (nabije) toekomst verwachten wij dat de vraag naar woningen groot blijft, maar de nieuwbouwproductie heeft te maken met diverse problemen waardoor de productie kan tegenvallen. In totaal hebben we in onze grondexploitaties per 01-01-2026 nog ongeveer 4,0 hectare woningbouwgrond voor ongeveer 180 woningen in de pijplijn. Door de veranderende wet- en regelgeving (o.a. stikstof en spuitvrije zones) en natuur en milieu met daarbij de participatiegraad (inclusief inspraak) blijft de woningbouw onder druk staan. Daarnaast zijn we middels een actief grondaankoopbeleid met de recente aankopen in Reutum en Albergen het aanbod woningbouwkavels aan het vergroten. We zijn vanaf 2025 actief om nieuwe bedrijventerreinen te ontwikkelen in de kernen Geesteren en Albergen. Hier verwachten we voor 2026 of 2027 een nieuwe grondpositie in te kunnen nemen. De eerdergenoemde veranderingen in wet- en regelgeving wordt ook voor de bedrijventerreinen verwacht.

Daarnaast speelt hier ook nog de aansluitingen op het energienetwerk een vertragende factor.

Financiële positie grondbedrijf 2.1 Inleiding Om het feitelijke (eind)resultaat van het grondbedrijf over 2025 te kunnen bepalen is het nodig dat voor de onderstaande gronden wordt stilgestaan bij de afzonderlijke resultaten van deze categorieën: A. Bouwgronden in Exploitatie (BIE) Dit zijn gronden die het grondbedrijf actief transformeert naar bouwgrond. Uw raad heeft hiervoor een grondexploitatiecomplex (ruimtelijk plan) met een grondexploitatiebegroting vastgesteld. Voor deze jaarrekening hebben wij alle lopende grondexploitatiebegrotingen weer geactualiseerd. B. Verspreide gronden Materieel Vast Actief (MVA) Dit gaat om gronden die niet of nog niet in ontwikkeling worden gebracht of worden afgestoten. 2.2 Bouwgronden in Exploitatie (gemeentelijke grondexploitaties, ofwel BIE’s) In 2025 zijn 2 nieuwe complexen (Tubbergen Oost en School Fleringen) toegevoegd en worden de complexen Hutten 2, Peddemors en De Wirnte afgesloten. Het aantal BIE’s binnen het grondbedrijf per 01-01-2026 komt hiermee uit op 11 stuks woningbouw.

2.2.1 Kosten en opbrengsten 2025 In onderstaand overzicht zijn de totale kosten en opbrengsten van alle gemeentelijke grondexploitaties opgenomen, uitgesplitst naar de geraamde kosten en opbrengsten en de werkelijk gerealiseerde inkomsten en uitgaven voor 2025 (exclusief winstneming).

Inkomsten en uitgaven voor 2025 (exclusief winstneming) (bedragen x € 1.000) Geraamd Gerealiseerd Bouw- en woonrijp maken 1.457 1.251 Plankosten en beheerskosten 352 349 Overige en rente 9 9 Inbreng boekwaardes 2.432 2.432 Totaal kosten 4.250 4.041 Woningbouw kavels Woningbouw overig (groenstroken) Totaal opbrengsten

1.394 1.394

838 38 876

Saldo

-2.856

-3.165

Geraamd betreft Perspectiefnota 2025

Opbrengsten woningbouw In 2025 zijn 19 woningbouwkavels verkocht met een verkoopopbrengst van ruim € 0,8 miljoen. Hiervan zijn 6 reguliere kavels verkocht en 13 starterskavels waarop een korting van 20% is toegepast. De opbrengstenderving van de 13 starterskavels bedraagt € 109.158

Verkochte bouwkavels in 2025 aantal oppervlakte Weemselerveld 1 499 m2 Peddemors 3 594 m2 School Manderveen 5 1.092 m2 Rotonde Reutum 8 1.273 m2 Plan Kampboer 2 398 m2 Totaal woningbouwkavels 19 3.856 m2

opbrengst 134.730 136.620 212.428 244.416 108.088 836.282

Geconcludeerd wordt dat: • De verkoopresultaten van de bouwgrond voor woningen vallen in 2025 ruim € 0,5 miljoen lager uit dan geraamd. Dit wordt hoofdzakelijk veroorzaakt door vertraagde verkopen in het Plan Kampboer (aktepasseringen in 2026) 2.2.2 Winstneming Het Besluit Begroting en Verantwoording (afgekort BBV) schrijft voor dat in sommige situaties, eerder dan bij het afsluiten van grondexploitaties, tussentijds winst genomen moet worden. Indien met voldoende zekerheid vaststaat dat er sprake is van een positief resultaat ofwel winst, moet deze worden genomen. Hierbij wordt ook rekening gehouden met de risico’s die specifiek samenhangen met de nog te realiseren kosten en opbrengsten van de individuele grondexploitaties. In 2025 zijn er binnen de grondexploitaties kosten en opbrengsten gerealiseerd en zijn de ramingen van toekomstige kosten en opbrengsten geactualiseerd. Dit leidt ertoe dat er op diverse complexen met een positief resultaat winst dient te worden genomen. In onderstaande tabel is een overzicht opgenomen van de complexen waar (tussentijds) winst is genomen per 31-12-2025. De tussentijdse winstnemingen zijn ten gunste van de algemene reserve gebracht. Dit betreft een bedrag van in totaal € 0,302 miljoen.

(bedragen x € 1.000) Knooperf Langeveen De Scholt 3 Weemselerveld fase 4 Totaal

Winstneming 0 226 57 283

2.2.3 Resultaat afgesloten projecten

(bedragen x € 1.000) Hutten 2 De Wirnte Peddemors Totaal

Afgesloten complexen Winstneming Verliesvoorziening -17 36 -234 19 -234

2.2.4 Getroffen verliesvoorziening BIE’s Als we op een BIE een tekort verwachten, dan treffen wij direct een voorziening ter grootte van het verwachte tekort na realisatie, ofwel het tekort op eindwaarde • Dannenkamp: Door vertraging in de procedure dienen extra kosten te worden gemaakt voor onderzoeken en uren. • School Manderveen: de kosten van woonrijp maken vallen hoger uit dan geraamd. • Rotonde Reutum: de bestaande woning wordt lager verkocht dan geraamd, daardoor loopt het tekort verder op. • School Fleringen: in 2025 is een grondexploitatie met een tekort/voorziening vastgesteld.

Verliesvoorzieningen Voorziening Inzet Voorziening (bedragen x € 1.000) 1-1-2025 wijziging Voorziening 31-12-2025 Peddemors 244 -10 -234 Dannenkamp 5 146 97 243 Plan Kampboer 159 11 170 School Manderveen 215 -5 210 Rotonde Reutum 501 36 537 School Fleringen 230 230 Totalen 1.265 359 -234 1.390 2.3 Overige gronden/ Complex Verspreide gronden • Algemeen Onder deze categorie vallen alle strategische gronden en verspreide gronden. Deze gronden maken geen onderdeel uit van een BIE. • Ontwikkeling boekwaarde (MVA) Dit onroerend goed wordt op termijn in ontwikkeling gebracht dan wel verkocht of geruild. Gronden die in het verleden verworven zijn, worden volgens de BBV uitgesplitst in: o “Warme gronden”, waarvan wordt voorzien dat deze binnen afzienbare termijn tot ontwikkeling worden gebracht (bijvoorbeeld als nieuw woningbouwgebied of bedrijventerrein) en waarvoor een operationele grondexploitatie zal worden opgesteld. Deze gronden mogen gewaardeerd worden tegen de toekomstige bestemming. o “Agrarische gronden”, deze moeten gewaardeerd worden tegen de (markt)waarde in het economische verkeer volgens de huidige bestemming.

In de volgende tabel is een samenvattend overzicht opgenomen van de boekwaarden en oppervlakten van de gronden, zoals hiervoor omschreven. Complex Verspreide Gronden Oppervlakte Mutatie Oppervlakte (oppervlakte in m2) 1-1-2025 in 2025 31-12-2025 Warm 87.139 -29.215 57.924 Agrarisch 196.749 196.749 TOTAAL 283.888 -29.215 254.673

boekwaarde Mutatie boekwaarde 1-1-2025 in 2025 31-12-2025 3.229.238 -1.222.853 2.006.385 1.305.436 1.305.436 4.534.674 -1.222.853 3.311.821

per m2 € 35 € 7 € 13

Het complex Verspreide gronden kende per 1-1-2025 een voorraad van 283.888 m2 grond met een boekwaarde van € 4,5 miljoen. In 2025 zijn strategische grondposities ingenomen in Harbrinkhoek (± 0,7 hectare tbv woningbouw) en Reutum (± 0,15 hectare tbv woningbouw) Deze gronden zijn als “warme grond” in het complex Verspreide gronden ingebracht. Tevens is ± 5,0 hectare warme grond overgeboekt naar het nieuwe grondcomplex Tubbergen Oost. Uiteindelijk is de boekwaarde met € 1,2 miljoen afgenomen tot € 3,3 miljoen. Per 31-12-2025 bedraagt de omvang van Warme gronden 57.924 m2 met een boekwaarde van € 2 miljoen. Dit is gemiddeld € 35 per m2 warme grond. Per 31-12-2025 bedraagt de omvang van Agrarische gronden 196.749 m2 met een boekwaarde van € 1,3 miljoen. Dit is gemiddeld € 7 per m2 agrarische grond. 2.4 Resultaten van het grondbedrijf De bedragen zijn in eerdere paragrafen toegelicht. Totaal resultaat - € 0,057 miljoen (negatief resultaat) - 2.2.2 Winstnemingen + € 0,283 miljoen - 2.2.3 Afsluitingen + € 0,019 miljoen - 2.2.4 Wijzigingen verliesvoorzieningen - € 0,359 miljoen 2.5 Weerstandsvermogen Voor het grondbedrijf zijn een aantal risico’s becijferd: - Vertraging in de gronduitgifte; - Rentestijging; - Extra kostenstijging bouw- en woonrijp maken; - Tegenvallers bouw- en woonrijp maken. Het totaal van deze risico’s wordt becijferd op € 0,63 miljoen.

Veiligheidshalve wordt een veiligheidsmarge van 40% gehanteerd. Daarmee komt het benodigde weerstandsvermogen uit op € 0,9 miljoen. Het grootste risico binnen het grondbedrijf is en blijft de post bouw- en woonrijp maken. De hoogte hiervan is sterk afhankelijk van de conjuncturele omstandigheden. Vanaf 2026 is hiervoor een totaalraming van € 6,2 miljoen geraamd. Hierin is rekening gehouden met een jaarlijkse kostenstijging van 3%. De onderliggende ramingen worden jaarlijks geactualiseerd en geïndexeerd om het financiële risico zo klein mogelijk te houden.

2.6 Terugblik

Boekwaarde en voorzieningen 31-12-

2021

2022

2023

2024

2025

Boekwaarde Voorziening tekortplannen

425.202 445.419

69.306 525.714 939.949 4.174.649 645.819 1.471.341 1.265.203 1.390.099

Winstnemingen Afdracht Noaberkracht

219.582 220.000

606.865 210.996

Verwachting positieve resultaten BIE's

309.517 239.000

2.279.639 1.201.781 1.805.772

665.853 245.000

302.614 255.000

788.830 1.674.555

Prognose voor 2026 en volgende jaren 3.1 Inleiding Alle grondexploitaties zijn doorgerekend met de gerealiseerde kosten en opbrengsten uit 2025 en de nog te verwachten kosten en opbrengsten na 2025. Hiermee worden de te verwachten eindresultaten opnieuw berekend. Deze eindresultaten zijn tevens van belang om de hoogte van de winstneming in 2025 te kunnen bepalen. In dit deel wordt ingegaan op de ontwikkelingen van het grondbedrijf, resulterend in de prognose van de financiële positie van het grondbedrijf 2025. 3.2 Uitgangspunten ▪ Kostenstijging Kijkend naar het verleden, dan komt het gemiddelde langjarig kostenstijgingspercentage voor de grond-, weg- en waterbouw uit op circa 3%. Voor de toekomstige jaren wordt gerekend met een verwachte kostenstijging bouw- en woonrijp maken van gemiddeld 3% op jaarbasis. ▪ Opbrengstenstijging De grondprijzen die in de grondexploitaties zijn opgenomen zijn actueel en marktconform volgens de meest recente grondprijsbrief 2026. Gelet op de verwachte ontwikkelingen op de woning- en vastgoedmarkt, wordt mede uit het voorzichtigheidsprincipe geen rekening gehouden met een toekomstige opbrengstenstijging van de bouwgrond. ▪ Rente De grondexploitaties van de gemeente Tubbergen worden doorgerekend met een toekomstige rentepercentage van 1,0% (omslagrente voor het grondbedrijf).

De disconteringsvoet, ofwel de rente waarmee het exploitatieresultaat op eindwaarde naar de waarde per heden wordt gebracht (=startwaarde), is conform de landelijke BBV regelgeving 2,0%. Looptijd Om risico’s die samenhangen met een zeer lange looptijd te beperken, is het uitgangspunt dat de looptijd van een grondexploitatie in beginsel maximaal 10 jaar bedraagt. Gemotiveerd kan hiervan worden afgeweken. 3.3 Programma De grondexploitaties (BIE’s) voorzien in de uitgifte van gronden voor woningen (en bedrijven) Hierna wordt ingegaan op de programmering van de uitgifte van gemeentelijke bouwterreinen bedoeld voor woningbouw respectievelijk bedrijventerreinen. Prognose uitgifte gemeentelijke woningbouwkavels In totaal voorzien de huidige gemeentelijke grondexploitaties (harde plannen) in de bouw van circa 180 woningen, waarvan 40 stuks in de sociale sector. In onderstaande tabel is de verwachte uitgifte over de jaren weergegeven. Het betreft de uitgifte van bouwgrond, de oplevering van de woningen is gemiddeld één tot twee jaar later. Nadrukkelijk wordt er op gewezen dat het hier om de woningaantallen in de huidige gemeentelijke grondexploitaties betreft. De toevoeging van nieuwe

locaties voor de kernen Reutum, Albergen, Geesteren, Fleringen en Vasse zijn hierin nog niet opgenomen. Naar verwachting kan de raad in 2026 hiervoor een grondexploitatie vaststellen.

Vastgestelde complexen Woningbouw totaal Dannenkamp 5 20 Plan Kampboer 6 Bessentuin 3 10 Randweg Geesteren 20 School Manderveen 1 Tubbergen Oost 119 Schoollocatie Fleringen 4 Totaal aantal woningbouwkavels 180

2026 6 4

2027 20

2028

2029

2030

30

29

25

30

29

25

6 20

1

11

35 4 85

Prognose uitgifte bedrijventerreinen Naar verwachting kan eind 2026, de grondexploitatie voor het bedrijventerrein Vriezenveenseweg in Geesteren (ruim 2 hectare uitgeefbaar) worden vastgesteld. Bouw- en woonrijp maken Voor alle grondcomplexen zijn de ramingen bouw- en woonrijp maken opnieuw geactualiseerd en op prijspeil 2025 geraamd. Voor de verwachte uitgaven in de komende jaren zijn de bedragen geïndexeerd met een parameter voor kostenstijging. Daarbij is aansluiting gezocht bij een langjarig cbs gemiddelde vanuit de gww-sector. Opbrengsten In de lopende grondexploitaties wordt voor de nog te verkopen bouwkavels een totale grondopbrengst van € 11,4 miljoen verwacht. In deze raming zijn de grondprijzen uit de vastgestelde grondprijsbrief 2026 verwerkt. Daarnaast is ook rekening gehouden met een starterskorting van 20% voor kavels < 250 m2, op de reguliere grondprijs.

Te verwachten kosten en opbrengsten vanaf 2026: Complexen bouw- en woon- plankosten beheersrente totale opbrengsten (bedragen x € 1.000) rijp maken intern kosten kosten Knooperf Langeveen 42 De Scholt 3 11 20 5 -0 36 Dannenkamp 5 995 35 9 7 1.046 1.193 Weemselerveld fase 4 669 30 3 -10 691 Plan Kampboer 109 25 2 4 140 354 Bessentuin fase 3 116 45 14 -2 173 667 School Manderveen 98 6 1 2 107 109 Randweg Geesteren 618 35 9 8 670 1.476 Rotonde Reutum 201 10 5 7 223 368 Tubbergen Oost 3.199 170 50 38 3.457 6.802 School Fleringen 195 25 6 9 235 343 Totalen 6.211 401 103 64 6.779 11.354

3.4 Resultaat Grondexploitaties met een winstverwachting en voorzienbaar tekort In onderstaand overzicht zijn de (eind)resultaten van de gezamenlijke grondexploitaties vermeld, waarbij een onderscheid is gemaakt tussen grondexploitaties met een verwacht positief en een verwacht negatief eindresultaat. De grondexploitaties met een verwacht positief resultaat hebben een gezamenlijk geprognosticeerd

resultaat van € 1,675 miljoen op eindwaarde. Dit bedrag zal in de loop der jaren via tussentijdse winstneming ten gunste van de algemene reserve worden gebracht.

Positieve eindresultaten (bedragen x € 1.000) Knooperf Langeveen De Scholt 3 Weemselerveld fase 4 Bessentuin fase 3 Randweg Geesteren Tubbergen Oost Totaal aan positieve eindresultaten

geraamd -2 -18 -328 -31 -110 -933 -1.422

31-12-2025 -2 -11 -344 -157 -200 -961 -1.675

De grondexploitaties met een verwacht negatief exploitatieresultaat, laten een totaal exploitatietekort van € 1,390 miljoen (op eindwaarde) zien. Hiervoor is reeds een verliesvoorziening getroffen. Jaarlijks zal de hoogte van de verliesvoorziening worden afgestemd op het dan berekende exploitatietekort.

Verliesvoorzieningen (bedragen x € 1.000) Dannenkamp 5 Plan Kampboer School Manderveen Rotonde Reutum School Fleringen Totaal aan verliesvoorzieningen

geraamd 269 171 211 476 229 1.356

31-12-2025 243 170 210 537 230 1.390

De te verwachten kosten van € 6,8 miljoen vermeerderd met de boekwaarde geeft een totaal kosten van € 11,1 miljoen. Na aftrek van de te verwachten opbrengsten van € 11,4 miljoen blijft een netto te verwachten resultaat over van € 0,3 miljoen. Dit komt overeen met het te verwachten positieve eindresultaat van € 1,675 miljoen minus de verliesvoorzieningen van € 1,390 dat uiteindelijk afgerond € 0,3 miljoen oplevert. 3.5 Resultaat Materieel Vaste Activa (complex Verspreide gronden) Het resultaat van het MVA complex (strategische gronden) laat zich moeilijk voorspellen, aangezien het resultaat veelal afhankelijk is van de aankopen in een jaar. De MVA gronden kennen een boekwaarde van € 3,3 miljoen per 31-12-2025, waarvoor geldt dat bij het openen van een grondexploitatie deze gronden worden overgeheveld naar het betreffende complex. In zijn algemeenheid geldt, dat de boekwaarde is afgestemd op de waarde in het huidige economische verkeer (MVA) of tegen rendabele inbrengwaarden in geval van een toekomstige grondexploitatie (warme gronden).

Complex Verspreide Gronden Oppervlakte Boekwaarde 31-12-2025 31-12-2025 per m2 Warm 57.924 2.006.385 € Agrarisch 196.749 1.305.436 € TOTAAL 254.673 3.311.821 €

35 7 13

3.6 Winstnemingen Voor de komende jaren worden de winstnemingen bepaald op basis van de price of completion methode (afgekort poc methode): Afhankelijk van de werkelijk verkochte kavels in verhouding tot de gerealiseerde uitgaven mag jaarlijks een deel van het positieve eindresultaat worden genomen. Omdat de werkelijke verkochte kavels en uitgaven moeilijk zijn te voorspellen, moet rekening worden gehouden dat de jaarlijkse winstnemingen (sterk) kunnen fluctueren. Het kan daarbij voorkomen dat in enig jaar een deel van de te veel genomen winst uit de voortgaande jaren teruggestort moet worden. 3.7 Weerstandsvermogen Het risicoprofiel neemt (zonder toevoeging van nieuwe grondexploitaties) de komende jaren af. Maar door juridische, politieke, economische en (inter)nationale ontwikkelingen kan dit perspectief omslaan. Er wordt rekening gehouden met een bedrag van € 0,9 miljoen als weerstandsvermogen per 31-122025 (zie ook paragraaf 2.5)

Conclusie De financiële positie van het grondbedrijf is ten opzichte van vorig jaar neutraal gebleven. Dit wordt veroorzaakt door de hogere grondprijzen voor de nog te verkopen bouwkavels. Voor de eerstkomende jaren verwachten we nog een beperkt aantal bouwkavels te kunnen verkopen. De positieve eindresultaten zullen de eerstkomende jaren van beperkte omvang zijn. Daardoor zal er weinig winst kunnen worden genomen. Het risico bestaat dat deze verwachtingen onder druk kunnen komen te staan door o.a. het stikstofdossier, spuitvrije zones, burgerparticipatie en extra opgaven voor groen & water en duurzaamheid. Daarnaast zullen de toekomstige grondexploitaties het aanbod van bouwkavels de komende jaren kunnen gaan vergroten alsmede de financiële resultaten beïnvloeden.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://bestuur.tubbergen.nl/api/v1/meetings/1428/documents/27696