CConstaterende datTubbergen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage Concept evaluatie zonneveldenbeleid (1).pdf

Gemeenteraad Tubbergen 14 september 2021, gemeente TubbergenBij agendapunt: 18: Procesvoorstel routekaart wind en zon2.502 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Inhoud EVALUATIE ZONNEVELDENBELEID .................................................................................................... 1 1

Inleiding ....................................................................................................................................... 1 1.1 1.2

Aanleiding ............................................................................................................................ 1 Doelstelling .......................................................................................................................... 1

2. Evaluatie .......................................................................................................................................... 2 2.1 Algemeen ................................................................................................................................... 2 2.2 Evaluatie aan de hand van de Handreiking zonnevelden van de provincie Overijssel ............. 2 3. conclusies en aanbevelingen ........................................................................................................... 6

EVALUATIE ZONNEVELDENBELEID 1

Inleiding

In 2019 hebben de vier raden van de gemeente Losser, Oldenzaal, Tubbergen en Dinkelland het zonneveldenbeleid “Ontwikkelingsmogelijkheden grootschalige zonnevelden in Noordoost-Twente” vastgesteld. Het beleid is opgesteld voor en door de NOT-gemeenten. De gemeenten Losser en Oldenzaal hebben de trede met de inzet van landbouwgronden in hun beleid opgenomen. De gemeente Tubbergen heeft deze optie niet opgenomen in afwachting van de evaluatie. Tot slot de gemeente Dinkelland heeft met betrekking tot de inzet van landbouwgronden een motie aangenomen in afwachting van het bod RES. Inmiddels heeft de provincie Overijssel in april 2020 een nieuwe handreiking “Handreiking zonnevelden, toepassing van de Overijsselse zonneladder en kwaliteitsimpuls zonnevelden” vastgesteld. Deze handreiking wordt mede als leidraad gehanteerd voor de evaluatie.

1.1

Aanleiding

In het vastgestelde zonneveldenbeleid is aangegeven dat het beleid wordt geëvalueerd na verloop van 1 jaar of wanneer de doelstelling van 20% duurzame opwekking is behaald. Het jaar is verstreken, de provincie heeft een nieuwe handreiking zonnevelden opgesteld en er is een concept bod RES bekend. Voldoende ingrediënten om te komen tot een evaluatie van het zonneveldenbeleid.

1.2

Doelstelling

Met de evaluatie willen we komen tot beantwoording van de volgende vragen: Voldoet het huidige zonneveldenbeleid, wordt de duurzaamheidsdoelstelling (bod RES) bereikt met het zonneveldenbeleid? Zo nee, op welke punten is een aanpassing nodig in het beleid?

2. Duurzaamheidsdoelstelling (bod RES) In het kader van de duurzaamheidsdoelstelling en het concept bod RES (100 ha voor de vier gemeenten samen) zal de inzet van zonnevelden noodzakelijk zijn. Echter wordt beseft dat er een wisselwerking kan ontstaan met windenergie, minder windturbines betekent meer zonnepanelen of andersom.

3. Evaluatie 3.1 Algemeen Essentieel en leidend voor aanvragen tot plaatsing van zonnepanelen zijn de aansluitpunten op het elektriciteitsnetwerk in de omgeving. We hebben gemerkt dat er meer (informatieve) vragen/verzoeken komen uit gebieden met aansluitpunten met een groot vermogen. Het kaartje met de aansluitpunten voor de vier gemeenten is als bijlage bijgevoegd. Indien een locatie te ver is gelegen van een aansluitpunt is de businesscase negatief. Hierin kan het zonneveldenbeleid, met een ruimtelijke inslag, geen rol van betekenis spelen. Er zijn wel mondelinge aanvragen/verzoeken voor zonnevelden, maar door het 0-beleid op agrarische gronden in Tubbergen en Dinkelland gaan aanvragen nu niet door. Aanvragers willen met deze evaluatie graag duidelijkheid over de inzet van landbouwgronden.

3.2 Evaluatie aan de hand van de Handreiking zonnevelden van de provincie Overijssel 3.2.1 Zonneladder In het provinciale beleid heeft de zonneladder een prominente plek en vormt de basis voor het principe van zuinig en zorgvuldig ruimtegebruik. De zonneladder geeft de voorkeursvolgorde aan bij de verdeling van de opwekopgave voor zonne-energie. Gemeenten dienen de zonneladder toe te passen bij hun ruimtelijke afwegingen. De provinciale zonneladder en aanpak kent 3 treden: Trede 1 stimuleren van: • productie van zonne-energie op daken in bebouwd gebied: woningen, bedrijven, agrarische gebouwen, etc. • Gebruik van te bebouwen gebieden of bruikbare restruimte: ongebruikte gronden, bedrijventerreinen, boven parkeerterreinen en geluidswallen. • Kleine, goed ingepaste velden op agrarische erven (tot ca. 2 ha). • Kleine, goed ingepaste zonnevelden van lokale initiatieven in stads- en dorpsranden (tot ca. 2 ha). Trede 2 combineren met: • Gebiedsopgaven in stads- en dorpsranden en in de groene omgeving zoals klimaatmaatregelen (waterberging en tegengaan bodemdaling), extensivering van landbouw, herstel landschap en biodiversiteit, etc. Door verschillende opgaven onder, tussen en rond de panelen te realiseren wordt de ruimte multifunctioneel gebruikt. Dit op basis van de 80-20 referentie: 80% ruimte voor het panelenveld en 20% ruimte voor groen en/of water.

• Gebiedsontwikkeling in de groene omgeving, waarbij zonnevelden aansluiten op andere gebiedsontwikkelingen of een energielandschap vormen. Door opgaven met elkaar te verbinden wordt het mogelijk lokale maatschappelijke en sociale doelen te incorporeren in de gebiedsontwikkeling. Dit op basis van de 80-20 referentie: 80% ruimte voor het panelenveld en 20% ruimte voor groen en/of water. Trede 3 limiteren van: • Monofunctionele zonnevelden op agrarische grond of op water, primair gericht op produceren van duurzame energie. Dit op basis van de 80-20 referentie: 80% ruimte voor het panelenveld en 20% ruimte voor groen en/of water. Omdat meervoudig ruimtegebruik ontbreekt, wordt dit gecompenseerd met investeringen in maatschappelijke opgaven buiten het project. Bij locatiekeuzes worden goede landbouwgronden ontzien. Een multifunctionele invulling van een zonneveld in de groene ruimte is uitgangspunt (trede 1 'Stimuleren' en 2 'Combineren'). Pas als gemeente en initiatiefnemer hebben verkend en gemotiveerd dat trede 1 en 2 niet mogelijk zijn, dan komen monofunctionele zonnevelden (trede 3) aan de orde. Goede landbouwgronden worden daarbij ontzien.

Op zich zijn de aangeduide treden helder en zouden ter vervanging kunnen dienen voor ons zonneveldenbeleid. Hieronder antwoord op de vraag wat wij reeds hebben gedaan ten aanzien van de drie treden en argumenten welke voorwaarden wel/niet uit de provinciale treden kunnen worden overgenomen. Wat heeft hebben de gemeenten gedaan ten aanzien van de drie treden? Trede 1

Project: gemeente zoekt dak De vier gemeenten hebben het project “gemeente zoekt dak” opgezet. In dit project worden bedrijven gestimuleerd/gefaciliteerd om ruimte op daken beschikbaar te stellen voor de installatie van zonnepanelen. Het project heeft geresulteerd in verkregen SDE-subsidies voor de plaatsing van ca. 40.000 zonnepanelen (ca. 13,6 ha) binnen de vier gemeenten. De verkregen SDE is aangeboden aan de bedrijven ter overname. Een bedrijf uit Tubbergen maakt van dit aanbod gebruik voor de realisatie van vier daken. Voor de overige SDE’s is de gemeente zelf de ontwikkelende partij (realisatie in 2021). Uitsplitsing per gemeente: Gemeente Tubbergen Dinkelland Losser Oldenzaal

Hoeveel aanvragen/Mega Watt Piek 7 stuks (vermogen 2,750 MWp) 6 stuks (vermogen 2,522 MWp) 4 stuks (vermogen 1,3 MWp) 10 stuks (vermogen 5,707 MWp)

Hectare dakoppervlak 3,0 ha 2,8 ha 1,5 ha 6,3 ha

Wooncoaches Om huiseigenaren te voorzien van informatie over energiebesparing, het verduurzamen van de eigen woning en om zonnepanelen aan te schaffen zijn er in Noordoost Twente een vijftien wooncoaches actief die mensen individueel, kosteloos en onafhankelijk van advies voorzien, veelal thuis aan de keukentafel. Via de website www.duurzaamthuistwente.nl of via www.energievannoordoosttwente.nl kan men in contact komen met de wooncoaches om een afspraak te maken. De wooncoaches krijgen ook een plek in het nieuwe energieloket per 1 januari 2021. Dichtbij Duurzaam Voor inwoners die de volgende stap willen zetten en willen overgaan tot uitvoering van de maatregelen om hun woning te verduurzamen kunnen via Dichtbij Duurzaam, met lokaal betrokken ondernemers, via de website een offerte voor de maatregelen verzorgen. Afstemming tussen de uitvoerende partijen en het ontzorgen van bewoners bij de aanvraag van subsidies en leningen worden door Dichtbij Duurzaam verzorgd. Dit is een commerciële activiteit, die in de opstartfase is ondersteund door de vier gemeenten en provincie Overijssel. Energieke regio voor bedrijven en verenigingen en maatschappelijk vastgoed Stichting Energieke Regio helpt bedrijven, maatschappelijke organisaties, verenigingen van eigenaars en woningbouwcorporaties met het verduurzamen van hun gebouwen.

Wij betrekken daarbij de maatschappelijke-, financiële-, wettelijke- en comfortaspecten. Nieuwbouwprojecten worden steeds energiezuiniger en moeten vanaf 2020 zelfs energieneutraal zijn. Maar ook in bestaande gebouwen is heel veel te winnen. Veel eigenaren en huurders van zakelijk- en maatschappelijk vastgoed weten echter niet waar te beginnen. De onbekendheid met de financiële voordelen van verduurzaming is groot. Energieke Regio ondersteunt bedrijven en sportverenigingen in Noordoost Twente al jaren, waarbij al vele zonnedaken tot realisatie zijn gekomen (bv. Trioliet in Oldenzaal). Lokaal energiefonds Binnen Noordoost Twente kunnen alle organisaties die een KvK nummer hebben via het Energiefonds Twente een achtergestelde lening te krijgen tussen de € 5.000 en € 50.000 om de verduurzaming van hun pand te bekostigen en om daarmee eventuele andere leningen bij de banken te verkrijgen. De

gemeenten hebben allemaal aanzienlijke bedragen beschikbaar gesteld om dit voor de eigen ondernemers mogelijk te maken. Tijdelijke inzet gemeentegrond Gemeentegronden worden gescreend voor de tijdelijke plaatsing van zonnepanelen. Gemeenten zijn er derhalve actief mee bezig. Uit de haalbaarheidsonderzoeken moet blijken welke reststukken er zijn en welke reststukken zijn rendabel. Uiteindelijk kan dan een vergelijking worden gemaakt met de opgave. Het rapport is al wel binnen, maar de uitkomsten zijn gematigd. Naar verwachting zal de markt dit vanwege de lage marges niet oppakken, wel kunnen de gemeenten dit in eigen beheer ontwikkelen. Besluitvorming hierover moet het komende half jaar gaan plaatsvinden. Kleine, goed ingepaste velden op agrarische erven De plaatsing van zonnepanelen op agrarische erven t.b.v. het bedrijf, is planologisch mogelijk binnen het bouwvlak. Er zijn echter nog geen concrete aanvragen/gesprekken geweest voor een ingepast veldje op een agrarisch erf. Vanuit een goede logistieke bedrijfsvoering is deze terughoudendheid te begrijpen. Een zonneveldje zal bovendien duurder zijn dan plaatsing op het dak, omdat voor een zonneveldje een onderconstructie nodig is en een omgevingsvergunning. Plaatsing van zonnepanelen op daken is daarentegen vrijwel altijd vergunningvrij.

Voor de agrariërs bestaat de mogelijkheid om een achtergestelde lening via energiefonds af te sluiten. Met agrariërs wordt de dialoog gevoerd om hen te stimuleren tot het plaatsen van zonnepanelen. De Energieke Regio heeft binnen dit proces een adviserende rol. Kleine, goed ingepaste zonnevelden van lokale initiatieven in stads- en dorpsranden Er spelen op dit moment een aantal aanvragen m.b.t kleine goed ingepaste velden van lokale initiatieven bijv. voetbalveld Reutum en een zonneveldje nabij het bedrijventerrein Echelpoel in Weerselo. Deze laatste aanvraag is vergund.

Trede 2 Er zijn geen aanvragen/gesprekken geweest welke onder trede 2 zouden kunnen vallen. In de provinciale trede wordt uitgegaan van een 80-20%-verhouding tussen het veld en groen/water. Een dergelijke verhouding is realistisch voor grote velden, maar niet rendabel/haalbaar voor kleine velden (tot 5 ha). Uiteraard zal er aandacht moeten zijn voor een goede landschappelijke inpassing/biodiversiteit enz., maar bij velden tot 5 ha zal de financiële haalbaarheid in het geding zijn. Reden om een knip te maken: Velden onder de 5 ha, geen 80-20%-verhouding eisen (uiteraard blijft een goede landschappelijke inpassing vereist) Velden boven de 5 ha, een 80-20%-verhouding eisen Trede 3 Trede 3 komt pas aan bod als treden 1 en 2 zijn verkend. De toepassing van trede 3 zal hierdoor terughoudender worden. Bovendien is als voorwaarde gesteld dat goede landbouwgronden moeten worden ontzien. Er ontbreekt echter een definitie-omschrijving van “goede landbouwgronden” en zal door de gemeente moeten worden ingevuld/beoordeeld. Vraag is wel of wij het gaan redden met de aantal ha zonnevelden in kader van de opgave (het (concept) bod van de RES). Om de bodemkwaliteit te behouden zijn toetreding van lucht, licht en water essentieel.

Op basis van de beschikbare kennis stelt de provincie in de handreiking een verhouding voor van 2/3 zonnepanelen en 1/3 gedeelte van de grond vrijhouden tussen de rijen panelen. Bij panelen op water gaat het om een maximale waterbedekking van 50%. De effecten van zonnevelden op de bodemkwaliteit zouden hierdoor kunnen worden beperkt. Bijkomend nadeel is wel dat er meer grond benodigd is, naast de opgenomen verhouding van 80-20% bij grotere zonnevelden.

3.2.2 Participatie en maatschappelijke doelen Participatie In het klimaatakkoord wordt gestreefd naar 50% lokaal eigendom voor participatie van bewoners en deelname aan lokale energie coöperaties. Een streven welke is overgenomen in de provinciale handreiking. In het opgestelde gemeentelijke zonneveldenbeleid is het streven op een percentage van 25% gezet. Naar onze mening volstaat een percentage van 25% en zal het streven van een percentage van 50% te hoog en niet rendabel zijn met name bij zonnevelden die door ontwikkellaars worden opgepakt. De huidige marges met de nieuwe SDE++ regeling zijn voor zonnevelden minimaal, waardoor het percentage van 50% initiatieven op voorhand “doodslaan”. Andere elementen genoemd in het onderdeel participatie, zoals vroegtijdig in gesprek met omwonenden en gebruikers en vroegtijdig in gesprek over ruimtelijke kwaliteit en bijdragen aan de maatschappelijke doelen worden omarmd zullen waar nodig een plek krijgen in het gemeentelijke beleid. Afzonderlijk wordt genoemd de “participatie als verplichting”. In een recente uitspraak van de Raad van State op 18 december 2019 (ECLI:NL:RVS:2019:4209) is overwogen dat geen planologische medewerking hoeft te worden verleend aan de planologische procedure als aanvrager zich niet heeft ingespannen om maatschappelijk draagvlak te creëren.

Voorwaarde is wel dat op grond van het gemeentelijke zonneveldenbeleid wordt verlangd dat aanvrager specifieke inspanningen heeft verricht die zijn gericht op het informeren van omwonenden en verwerven of vergroten van maatschappelijk draag voor de gewenste ontwikkeling. Bij de “participatie als verplichting” zal er derhalve in het zonneveldenbeleid een passage moeten zijn opgenomen, dat “initiatiefnemer specifieke inspanningen dient te leveren die gericht zijn op het informeren van omwonenden en het verwerven of vergroten van het maatschappelijk draagvlak voor de gewenste ontwikkeling. Het resultaat daarvan dient schriftelijk te worden vastgelegd en moet worden overgelegd bij de aanvraag. Als deze inspanningen niet zijn verricht kan het bevoegd gezag besluiten om planologisch geen medewerking te verlenen.” Op deze wijze kan de verplichte participatie worden afgedwongen. Maatschappelijke doelen In het gemeentelijke zonneveldenbeleid is ten behoeve van de kwaliteitsinvestering een bedrag per ha opgenomen. Tot 1 ha wordt geen bijdrage geheven. Zonnevelden met een omvang vanaf 1 ha tot max. 3 ha betalen een bijdrage van € 400 per hectare / per jaar. En voor zonnevelden van 3 ha en meer wordt een bijdrage verlangd van € 800 per hectare/per jaar. Deze staffeling en bijdragen worden niet gewijzigd. Aandachtspunt is het regelen van een gebiedsfonds via de omgevingsvisie.

In een privaatrechtelijke anterieure overeenkomst worden afspraken vastgelegd over de afdracht aan het gebiedsfonds. Daarnaast moet duidelijk zijn aan welke doelen/projecten de gelden besteed gaan worden.

3.2.3 Inpassing Verwijzing naar de provinciale handreiking. Dit stond al in ons zonneveldenbeleid, waarbij nu een verwijzing wordt gemaakt naar de nieuwe handreiking.

3.2.4 Gebieden rondom Natura-2000 In gebieden rondom Natura-2000 worden veelal beperkingen opgelegd voor de landbouw bijv. door een verbod op bemesting of vernatting van het perceel. Dergelijke maatregelen zijn noodzakelijk om de habitatsoorten in de Natura 2000-gebieden te beschermen en behouden. Deze maatregelen kunnen er echter voor zorgen dat landbouwgronden vrijwel ongeschikt zijn voor de inzet van het agrarische bedrijf. Hoewel een zonneveld geen extra stikstof mag veroorzaken op het Natura 2000gebied zou het wellicht kansen bieden tot de aanleg van een (extensief) zonneveld.

3. conclusies en aanbevelingen De evaluatie leidt tot de volgende conclusies en aanbevelingen in ons gemeentelijke zonneveldenbeleid: 

   

Provinciale zonnelader genoemd in 3.2.1 toepassen in het gemeentelijke zonneveldenbeleid m.u.v.:  de 80-20% verhouding voor een zonneveld en groen/water, deze bepaling alleen opnemen voor velden groter dan 5 ha en niet voor velden kleiner dan 5 ha. Verplichting tot inspanning rondom participatie opnemen Streven van 25% lokaal eigendom voor participatie van bewoners en deelname aan lokale energie coöperaties (het gemeentelijke zonneveldenbeleid blijft op dit punt ongewijzigd). Verwijzing naar de nieuwe handreiking voor de inpassing van zonnevelden Extra aandacht voor kansen van gebieden rondom Natura-2000

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://bestuur.tubbergen.nl/api/v1/meetings/648/documents/14175