Bijlage BP Scholt 3.pdf
Tekst van het document
Een passende beoordeling op basis van artikel 2.8 van de Wet natuurbescherming is in het kader van dit bestemmingsplan dan ook niet noodzakelijk. Daarom is geen sprake van een m.e.r.-plicht op basis van artikel 7.2a van de Wet milieubeheer. 5.10.2.2 Drempelwaarden Besluit m.e.r. Voor wat betreft het gehele plangebied wordt voorzien in directe eindbestemmingen waardoor, indien activiteiten worden mogelijk gemaakt die genoemd worden in onderdeel C of D van het Besluit m.e.r. en de daarin opgenomen drempelwaarden overschrijden, sprake is van een m.e.r-beoordelingsplichtig plan. In het voorliggende geval is geen sprake van activiteiten die op grond van onderdeel C van het Besluit milieueffectrapportage m.e.r.-plichtig zijn. Wel is sprake van een activiteit die is opgenomen in onderdeel D van het Besluit m.e.r., namelijk: 'de aanleg, wijziging of uitbreiding van een stedelijk ontwikkelingsproject.' Aangezien hier in dit geval sprake van is dient te worden getoetst of sprake is van m.e.r-beoordelingsplicht. Hier is sprake van indien de activiteiten de volgende drempelwaarden uit onderdeel D overschrijden: 3. een oppervlakte van 100 hectare of meer, 4. een aaneengesloten gebied en 2.000 of meer woningen omvat, of 5. een bedrijfsvloeroppervlakte van 200.000 m2 of meer.
Gezien de drempelwaarden (2.000 woningen of meer) wordt geconcludeerd dat voorliggende ontwikkeling van een significant kleiner schaalniveau is. Van een directe m.e.r.-plicht is in dit geval geen sprake. Echter dient ook wanneer ontwikkelingen onder drempelwaarden blijven, het bevoegd gezag zich er van te vergewissen of activiteiten geen aanzienlijke milieugevolgen kunnen hebben. Hiertoe is een vormvrije m.e.r-beoordeling opgesteld, deze is opgenomen in bijlage 7. Uit deze notitie blijkt dat het voornemen geen belangrijke nadelige milieugevolgen tot gevolg heeft die het doorlopen van een m.e.r.-procedure noodzakelijk maakt. In bijlage 8 is het besluit van de Omgevingsdienst Twente opgenomen, waarin de conclusie uit de m.e.r.-beoordeling wordt bevestigd.
bestemmingsplan Scholt 3
47
48
bestemmingsplan Scholt 3
Hoofdstuk 6 Juridische aspecten en planverantwoording 6.1 Inleiding De in deze toelichting beschreven planopzet is juridisch-planologisch vertaald in een bestemmingsregeling, die (digitaal) bindend is voor overheid en burgers. Het bestemmingsplan bestaat uit een verbeelding en regels en is voorzien van een toelichting. De regels en verbeelding vormen het juridisch bindende deel, terwijl de toelichting geen juridische binding heeft, maar moet worden beschouwd als handvat voor de uitleg en de onderbouwing van de opgenomen bestemmingen. De regels bevatten het juridische instrumentarium voor het regelen van het gebruik van de gronden, bepalingen omtrent de toegelaten bebouwing, regelingen betreffende het gebruik van aanwezige en/of op te richten bouwwerken. De verbeelding heeft een rol voor toepassing van de regels, alsmede de functie van visualisering van de bestemmingen.
6.2 Opbouw van de regels 6.2.1
Algemeen
In de Wet ruimtelijke ordening (Wro) die op 1 juli 2008 in werking is getreden, is de verplichting opgenomen om ruimtelijke plannen en besluiten digitaal vast te stellen. De digitaliseringsverplichting geldt vanaf 1 januari 2010. In de ministeriële Regeling standaarden ruimtelijke ordening is vastgelegd dat de Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen (SVBP) de norm is voor de vergelijkbaarheid van bestemmingsplannen. Naast de SVBP zijn ook het Informatiemodel Ruimtelijke Ordening en de Standaard Toegankelijkheid Ruimtelijke Instrumenten normerend bij het vastleggen en beschikbaar stellen van bestemmingsplannen. De SVBP geeft normen voor de opbouw van de planregels en voor de digitale verbeelding van het bestemmingsplan. Dit bestemmingsplan is opgesteld conform de normen van de SVBP2012. Het juridisch bindend gedeelte van het bestemmingsplan bestaat uit planregels en bijbehorende verbeelding waarop de bestemmingen zijn aangegeven. Deze verbeelding kan zowel digitaal als analoog worden verbeeld. De verbeelding en de planregels dienen in samenhang te worden bekeken. De regels zijn onderverdeeld in vier hoofdstukken: 1. 2. 3. 4.
Inleidende regels; Bestemmingsregels; Algemene regels; Overgangs- en slotregels.
6.2.2
Inleidende regels
6.2.2.1 Begrippen In zijn omschrijvingen gegeven van de in het bestemmingsplan gebruikte begrippen. Deze zijn opgenomen om interpretatieverschillen te voorkomen. Begripsbepalingen zijn alleen nodig voor begrippen die gebruikt worden in de regels en die tot verwarring kunnen leiden of voor meerdere uitleg vatbaar zijn. 6.2.2.2 Wijze van meten Om op een eenduidige manier afstanden, oppervlakten en inhoud van gebouwen en/of bouwwerken, geen gebouwen zijnde, te bepalen wordt in de wijze van meten uitleg gegeven wat onder de diverse meetvoorschriften wordt verstaan. 6.2.3
Bestemmingsregels
Hoofdstuk 2 van de regels bevat de juridische vertaling van de in het plangebied voorkomende bestemmingen. In paragraaf 6.3 wordt per bestemming een korte uitleg gegeven. 6.2.4 Algemene regels Anti-dubbeltelregel (artikel 6): deze regel is opgenomen om te voorkomen dat, wanneer volgens een plan bepaalde gebouwen en bouwwerken niet meer dan een bepaald deel van een bouwperceel mogen beslaan, het opengebleven terrein nog eens meetelt bij het toestaan van een ander gebouw of bouwwerk, waaraan bestemmingsplan Scholt 3
49
een soortgelijke eis wordt gesteld. Algemene bouwregels (artikel 7): in deze regel is een bepaling omtrent situering van hoofdgebouwen opgenomen. Algemene gebruiksregels (artikel 8): in deze regel is aangegeven wat onder verboden gebruik wordt verstaan. Deze regel gaat uit van de gedachte dat het gebruik uitsluitend mag plaatsvinden in overeenstemming met de bestemming. Algemene afwijkingsregels (artikel 9): in deze regel is aan burgemeester en wethouders de bevoegdheid gegeven om bij een omgevingsvergunning af te wijken van bepaalde, in het bestemmingsplan geregelde, onderwerpen. De criteria, die bij toepassing van deze bevoegdheid in acht moeten worden genomen, zijn aangegeven. Overige regels (artikel 10); in dit artikel zijn regels in verband met parkeren opgenomen. 6.2.5
Overgangs- en slotregels
In hoofdstuk van de regels staan de overgangs- en slotregels. In de overgangsregels is aangegeven wat de juridische consequenties zijn van bestaande situaties die in strijd zijn met dit bestemmingsplan. In de slotregel is aangegeven hoe het bestemmingsplan wordt genoemd.
6.3 Bestemmingen Kenmerk van de Nederlandse ruimtelijke ordeningsregelgeving is dat er uitgegaan wordt van toelatingsplanologie. Een bestemmingsplan geeft aan welke functies waar zijn toegestaan en welke bebouwing mag worden opgericht. Bij het opstellen van dit bestemmingsplan zijn keuzes gemaakt over welke functies waar worden mogelijk gemaakt en is gekeken welke bebouwing stedenbouwkundig toegestaan kan worden. Het is noodzakelijk dat het bestemmingsplan een compleet inzicht biedt in de bouw- en gebruiksmogelijkheden binnen het betreffende plangebied. Zij zijn het juridische toetsingskader dat bindend is voor de burger en overheid en geeft aan wat de gewenste planologische situatie voor het plangebied is. In deze paragraaf worden de gemaakte keuzes nader onderbouwd. Hierbij zullen de bestemmingen in dezelfde volgorde als in de regels worden behandeld. Groen (Artikel 3) De bestemming 'Groen' is toegekend aan de grotere en structurerende groenvoorzieningen. Gronden met deze bestemming zijn onder meer bedoeld voor groen- en speelvoorzieningen, kunstwerken, water en water huishoudkundige voorzieningen, voet- en fietspaden. Binnen deze bestemming zijn geen gebouwen toegestaan. Uitsluitend bouwwerken, geen gebouwen mogen worden gebouwd, met inachtneming van de aangegeven maatvoeringseisen. Verkeer(Artikel 4) De bestemming 'Verkeer' is toegekend aan de nieuwe ontsluitingsweg.
Gronden met deze bestemming zijn onder meer bedoeld voor wegen, straten en paden, parkeervoorzieningen, groenvoorzieningen, nutsvoorzieningen en water en water huishoudkundige voorzieningen, ten behoeve van afvoer, (tijdelijke)berging en infiltratie van (hemel)water. Binnen deze bestemming zijn geen gebouwen toegestaan. Uitsluitend bouwwerken, geen gebouwen mogen worden gebouwd, met inachtneming van de aangegeven maatvoeringseisen. Wonen (Artikel 5) De nieuwe woonpercelen in het plangebied zijn bestemd tot 'Wonen'. De gronden met de bestemming 'Wonen' zijn bestemd voor wonen met de daarbij behorende voorzieningen. In totaal zijn 18 woningen toegestaan. Hoofdgebouwen: mogen uitsluitend binnen het bouwvak worden gebouwd, mogen vrijstaand dan wel twee aaneen gebouwd worden. Aaneengebouwde woningen zijn tevens toegestaan, echter uitsluitend ter plaatse van de aanduiding 'aaneengebouwd'. De dakhelling bedraagt ten minste 18 graden en ten hoogste 70 graden. Bijbehorende bouwwerken mogen zowel binnen als buiten het bouwvlak worden gebouwd. Ook is een bepaling opgenomen voor het maximaal toegestane oppervlakte aan bijbehorende bouwwerken. De grootte van het perceel bepaalt het toegestane aantal m2 aan bijbehorende bouwwerken. Vereiste hierbij is dat tenminste 50% van het buiten het bouwvlak gelegen bouwperceel onbebouwd en onoverdekt blijft.
Dit maximumpercentage is van toepassing omdat anders de kleinere percelen (nagenoeg) volgebouwd worden. Dit is ruimtelijk echter onaanvaardbaar. Daarnaast zijn een aantal afwijkings- en wijzigingsregels opgenomen die de regels van deze bestemming flexibeler maken.
50
bestemmingsplan Scholt 3
6.4 Parkeerregeling In artikel 10.1 van de regels is een parkeerregeling opgenomen. Hierna wordt een toelichting op de betreffende regeling gegeven. Algemeen Artikel 3.1.2 van het Besluit ruimtelijke ordening bevat de mogelijkheid om zogenaamde wetsinterpreterende regels' op te nemen in het bestemmingsplan. Concreet betekent dit dat ten behoeve van 'een goede ruimtelijke ordening' in een bestemmingsplan regels kunnen worden opgenomen, waarvan de uitleg bij de uitoefening van een daarbij aangegeven bevoegdheid afhankelijk wordt gesteld van beleidsregels. Op basis hiervan is het mogelijk om in het bestemmingsplan een regeling voor parkeren op te nemen. In dit geval vormt de gemeentelijke 'Beleidsnotitie Bouwen en Parkeren 2018' de basis voor de in dit plan opgenomen regeling voor parkeren waarbij voor de regels zelf de voormalige bepalingen van de bouwverordening zijn gebruikt. Het voortborduren op de bepalingen van de bouwverordening heeft als voordeel dat hierover veel jurisprudentie is. De opvattingen van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State zijn bekend. Toegevoegd is het gebruik. De eisen voor het parkeren gelden dus niet alleen meer voor bouwen. Bij een gebruiksverandering moet er ook sprake zijn van voldoende parkeerruimte.
Parkeren op eigen erf en binnen het plangebied Elke initiatiefnemer van een plan is zelf verantwoordelijk voor het realiseren van zijn eigen parkeervoorzieningen. Een nieuw initiatief (uitbreiding, nieuwbouw of functiewijziging) mag geen onaanvaardbare problemen veroorzaken in de omgeving. Dit betekent dat in beginsel de parkeerbehoefte op eigen erf (de bij het bouwwerk behorende en daartoe bestemde gronden, voor de uitleg van het begrip 'erf' wordt aangesloten bij de definitie uit het Besluit omgevingsrecht) moet worden gerealiseerd. Aanvragers van een omgevingsvergunning zullen bij de aanvraag moeten aantonen hoeveel parkeerplaatsen er op eigen erf worden gerealiseerd. Indien er op het eigen erf onvoldoende parkeerruimte is en initiatiefnemer gebruik wil maken van één van de afwijkingsmogelijkheden, zal de initiatiefnemer moeten aantonen dat op een andere wijze in de parkeerruimte wordt voorzien. Binnen het plangebied worden ook enkele openbare parkeerplaatsen aangelegd ten behoeve van het bezoek. Bepalen parkeerbehoefte Voor het bepalen van de parkeerbehoefte vormen de gemeentelijke parkeernormen, de rekensystematiek definities, uitgangspunten en de afmetingen van de parkeerplaatsen in de gemeentelijke 'Beleidsnotitie Bouwen en Parkeren 2018' de leidraad.
Het betreffen de gemeentelijke normen die gelden op het moment van besluitvorming van een aanvraag om een omgevingsvergunning. Bij de berekening van het aantal parkeerplaatsen wordt aan het eind van de berekening afgerond naar boven. Reden hiervoor is dat bij afronding naar beneden het aantal aan te leggen parkeerplaatsen niet overeenkomt met de totale parkeerbehoefte. In de parkeerregeling is een zogenoemde 'dynamische verwijzing' naar het gemeentelijk beleid opgenomen. Als de beleidsinzichten met betrekking tot parkeren gedurende de looptijd van het bestemmingsplan wijzigen en dit in het parkeerbeleid wordt vastgesteld, kan er in het vervolg bij aanvragen om omgevingsvergunning voor bouwen en/of gebruikswijziging aan dit nieuwe beleid worden getoetst (ABRvS 9 september 2015, ECLI:NL:RVS:2015:2837). Daardoor hoeven de bestemmingsplannen niet te worden herzien als het gemeentelijk beleid wijzigt. In deze beleidsregels is nader uitgewerkt wat de parkeerbehoefte bij een bepaald gebruik is (de parkeernormen) en (als de extra parkeerbehoefte niet op eigen erf kan worden gerealiseerd) onder welke voorwaarden er een omgevingsvergunning voor het strijdig gebruik van het bestemmingsplan, de zogenoemde binnenplanse afwijking, kan worden verleend. Afmetingen parkeerplaatsen Voor het berekenen van het aantal parkeerplaatsen moet uit worden gegaan van standaardmaten.
Zo geldt er een andere afmeting voor parkeren in de lengterichting van de weg dan voor parkeren in dwarsrichting van de weg. Zie bijlage V van de 'Beleidsnotitie Bouwen en Parkeren 2018' voor de afmetingen van parkeergelegenheden. Indien tijdens de planperiode deze beleidsnotitie wordt gewijzigd, wordt verwezen naar het nieuwe beleid. Er dient sprake te zijn van bruikbare parkeerplaatsen. Dit betekent dat de ruimte om de parkeerplaats te kunnen bereiken wel reëel moet zijn en dat de afstanden tussen parkeerplaatsen onderling en tussen parkeerplaatsen en gebouwen voldoende moet zijn om daadwerkelijk gebruik te kunnen maken van de parkeerplaatsen. Bij bestemmingsplan Scholt 3
51
publieke voorzieningen geldt dat voldoende parkeerplaatsen voor minder valide gebruikers moeten worden aangelegd. Het betreft hier de algemene gehandicaptenparkeerplaatsen.
52
bestemmingsplan Scholt 3
Hoofdstuk 7 Economische uitvoerbaarheid Artikel 6.12 van de Wet ruimtelijke ordening stelt dat de gemeenteraad gelijktijdig met de vaststelling van het bestemmingsplan moet besluiten om al dan niet een exploitatieplan vast te stellen. Hoofdregel is dat een exploitatieplan moet worden vastgesteld bij elk bestemmingsplan. Er zijn echter uitzonderingen. Het is mogelijk dat de raad verklaart dat met betrekking tot een bestemmingsplan geen exploitatieplan wordt vastgesteld indien het verhaal van kosten van de grondexploitatie anderszins is verzekerd of het stellen van nadere eisen en regels niet noodzakelijk is. Voor project Scholt 3 is een grondcomplex ingesteld met bijbehorende grondexploitatie. Hierin is de verantwoording van de kosten en opbrengsten opgenomen. De exploitatie is uitsluitend. Het plan is dan ook economisch uitvoerbaar.
bestemmingsplan Scholt 3
53
54
bestemmingsplan Scholt 3
Hoofdstuk 8 zienswijzen
Vooroverleg, inspraak en
8.1 Vooroverleg 8.1.1
Het Rijk
In het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) zijn de nationale belangen die juridische borging vereisen opgenomen. Het Barro is gericht op doorwerking van nationale belangen in gemeentelijke bestemmingsplannen. Geoordeeld wordt dat dit bestemmingsplan geen nationale belangen schaadt. Daarom is afgezien van het voeren van vooroverleg met het Rijk. 8.1.2
Provincie Overijssel
Het plan is in het regulier overleg met de provincie Overijssel besproken en akkoord bevonden. 8.1.3
Waterschap Vechtstromen
Het bestemmingsplan is in het kader van het wettelijk vooroverleg, voorgelegd aan waterschap Vechtstromen. Het waterschap is akkoord met de inhoud van voorliggend plan.
8.2 Inspraak Conform de gemeentelijke inspraakverordening kan het bestuursorgaan zelf besluiten of inspraak wordt verleend bij de voorbereiding van gemeentelijk beleid. In dit geval wordt geen voorontwerpbestemmingsplan ter inzage gelegd.
8.3 Zienswijzen Het ontwerpbestemmingsplan 'Scholt 3' heeft voor een periode van zes weken voor een ieder ter inzage gelegen. Gedurende deze periode zijn er geen zienswijzen binnengekomen.
bestemmingsplan Scholt 3
55
56
bestemmingsplan Scholt 3
Bijlagen bij de toelichting
bestemmingsplan Scholt 3
57
Bijlage 1
58
bestemmingsplan Scholt 3
Groenplan
GROENPLAN FLERINGEN - DE SCHOLT 3
Doorsnede A
18
500m2
Doorsnede A" Schaal 1: 225
17 225m2
6
5
175m2
8
Bestaande bomenrij
Nieuwe lindeboom
Haag
8
225m2 5
15.96+ Parkeervak
Rijweg
Gazon 2m.
Bloemrijke vegetatie
Wadi - ruiggras
Bloemrijke vegetatie
Gazon 2m.
8
5
5
3
Trottoir
Particuliere tuin
4
16
16.45+
16.40+
5
Rijweg
8
6
8
7
18
5 284m2
284m2
7
8
344m2
238m2
9
283
6
Doorsnede B
5
2
1
344m2
17
245m2
5 2
Geerskamp
5
195m2
17
3
8
11
18
1
10
5 252m2
Particuliere tuin
529m2
328m2
685 m2
12
507m2
5
Ge
16
S
9 14
Speelplek
17
17
6
p
15
9 5
Geerskam
mp skpa ekearm
rs eG
24
Doorsnede A"
Doorsnede A
9
11
15
9 26
p Geerskam
18 12 10
20
Grasberm 2.5m.
Grasland
2
Boom verplaatst
3
Boom verplanten naar nr. 13
4
Bestaande bomen
5
Parkeervoorzieningen
6
Lage sierheesters
7
Solitaire boom, Castanea sativa, laag vertakt
8
Bomenrij nieuw, Ulmus 'New Horizon'
9
Bomenrij nieuw, Tilia cordata 'Greenspire'
10
Bosplantsoen nieuw: Viburnum opulus 15%, Corylus avellana 15%, Crateagus monogyna 20%, Prunus padus 20%, Amelanchier lamarckii 30%
11
Bomenrij nieuw, Tilia cordata 'Greenspire'
12
Wadi bestaand, ruiggras
13
Wadi bestaand, ruiggras
14
Wadi vergraven, ruiggras
15
Wilde haag nieuw
36 a 18
Bosplantsoen
Bestaande houtsingel
5
5
Grasberm 2.5m.
1
562m2
16
22
9
5
592 m2
13
19
Rijweg
LEGENDA
8
WADI
Parkeervak
8
15
10
Trottoir
5
Doorsnede B
5 4
Raster
Haag
6
16
9
16
Doorsnede B"
8 352m2
26
Schaal 1: 225
8
10
14
Doorsnede B"
9 13
16 14
38
11
11
16
4
17 15
He
e tM
ik e
n
11
11
g we se m u ars tm o O
12
16
Bloemenmengsel Cruydthoeck G1 + A6, incl. rand buitenzijde gazon
17
Ruige grasberm
18
Raster, gekloofde palen
Project
Groenplan De Scholt 3 Planlocatie
Fleringen
Aan dit document kunnen geen rechten worden ontleend. De maten op deze tekening zijn indicatief, geringe afwijkingen zijn mogelijk
Getekend door
Bezoekadres/Postadres: Ootmarsumsestraat 133 7634 PN Tilligte
Laatste gewijzigd op
17-06-2021 Datum
01-05-2021 Paginaformaat
A1 liggend Schaal
1 : 500
Contact: Telefoon: (0541) 725 005 Mobiel: (06) - 531 988 54 E-mail: info@borgerinkgroendesign.nl w w w . b o r g e ri n k g r o e n d e sig n . nl
Bijlage 2 Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai
60
bestemmingsplan Scholt 3
Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai
De Scholt, Fleringen
Februari 2021
Status: Definitief
Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai De Scholt, Fleringen Definitief
AKOESTISCH ONDERZOEK WEGVERKEERSLAWAAI DE SCHOLT, FLERINGEN
Auteur: Status: Datum: Projectnummer
Definitief Februari 2021 2020-298
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
2
Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai De Scholt, Fleringen Definitief
INHOUDSOPGAVE HOOFDSTUK 1 INLEIDING ................................................................................... 4 HOOFDSTUK 2 WETTELIJK KADER ......................................................................... 5 2.1 2.2 2.3 2.4 2.5
ALGEMEEN ................................................................................................................................................. 5 ZONE LANGS WEGEN .................................................................................................................................... 5 GRENSWAARDEN ......................................................................................................................................... 5 BEREKENEN GELUIDSBELASTING ...................................................................................................................... 6 GEMEENTELIJK GELUIDSBELEID........................................................................................................................ 6
HOOFDSTUK 3 UITGANGSPUNTEN ........................................................................ 8 3.1 3.2
SITUATIE PROJECTGEBIED............................................................................................................................... 8 VERKEERSGEGEVENS ..................................................................................................................................... 9
HOOFDSTUK 4 RESULTATEN .............................................................................. 10 4.1 4.2 4.3 4.4
BEREKENINGEN ......................................................................................................................................... 10 RESULTATEN ............................................................................................................................................. 10 MAATREGELEN REDUCTIE GELUIDBELASTING ................................................................................................... 10 HOGERE WAARDE ...................................................................................................................................... 11
HOOFDSTUK 5 CONCLUSIE ................................................................................ 13 BIJLAGEN
............................................................................................... 14
BIJLAGE 1 BIJLAGE 2 BIJLAGE 3
ITEMEIGENSCHAPPEN.......................................................................................................................... 15 REKENMODELLEN............................................................................................................................... 16 RESULTATENTABELLEN ........................................................................................................................ 17
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
3
Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai De Scholt, Fleringen Definitief
HOOFDSTUK 1
INLEIDING
Voorliggend akoestisch onderzoek heeft betrekking op een onbebouwd agrarisch perceel aan de Geerskamp, ten oosten van de kern Fleringen. Het voornemen is de locatie te ontwikkelen met woningbouw, waarbij in totaal 18 woningen worden gerealiseerd. In afbeelding 1.1 is de locatie van het projectgebied indicatief met de rode lijn weergegeven.
Afbeelding 1.1
Ligging projectgebied (Bron: Provincie Overijssel)
Ten behoeve van de voorgenomen ontwikkeling dient een ruimtelijke procedure te worden doorlopen. In het kader van deze procedure is het benodigd de geluidbelasting ter plaatse van de te realiseren woningen te toetsen aan het stelsel van voorkeurswaarde en maximale ontheffingswaarden uit de Wet geluidhinder. In de directe omgeving van het projectgebied bevinden zich meerdere wegen. Voorliggend onderzoek heeft uitsluitend betrekking op het aspect wegverkeerslawaai. Het onderzoek is uitgevoerd volgens de regels van het vigerende Reken- en meetvoorschrift geluid 2012. In voorliggende rapportage zijn de uitgangspunten rekenresultaten en conclusies van het onderzoek beschreven.
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
4
Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai De Scholt, Fleringen Definitief
HOOFDSTUK 2 2.1
WETTELIJK KADER
Algemeen
Artikel 77 van de Wet geluidhinder (Wgh) bepaalt dat bij de voorbereiding van een bestemmingsplan, wijzigingsplan, uitwerkingsplan of bij het voorbereiden van een omgevingsvergunning voor een buitenplanse afwijking, akoestisch onderzoek uitgevoerd moet worden. Doel van dit onderzoek is de geluidsbelasting aan de gevel van een geluidsgevoelig object als gevolg van de weg te bepalen. Onderzoek is enkel noodzakelijk indien een geluidsgevoelige bestemming zich binnen de wettelijke geluidszone van een weg bevindt. In de volgende paragraaf wordt nader ingegaan op de wettelijke geluidszone van wegen.
2.2
Zone langs wegen
Artikel 74.1 van de Wgh bepaalt dat wegen een wettelijke geluidszone hebben. De breedte van de geluidszone is afhankelijk van het aantal rijstroken en of de weg in stedelijk of in buitenstedelijk gebied is gelegen. In tabel 1 worden de wettelijke geluidszones weergegeven. Aantal rijstroken 1 of 2 3 of 4 5 of meer
Stedelijk gebied 200 m 350 m 350 m
Buitenstedelijk gebied 250 m 400 m 600 m
Tabel 1 Wettelijke geluidszones wegen (Bron: wetten.overheid.nl)
De wettelijke geluidszone bevindt zich aan weerszijde van de weg en begint naast de buitenste rijstrook. Eventuele parkeerstroken, voet- en fietspaden en vluchtstroken behoren niet tot de weg. Binnen de zone van een weg moet akoestisch onderzoek plaatsvinden naar de geluidsbelasting op de binnen de zone gelegen woning(en). Bij het berekenen van de geluidsbelasting wordt de Lden-waarde in dB bepaald. De Lden-waarde is het energetisch en naar tijdsduur van de beoordelingsperiode gemiddelde van de volgende waarden: • • •
Het geluidsniveau in de dagperiode (tussen 7.00 en 19.00 uur); Het geluidsniveau in de avondperiode (tussen 19.00 en 23.00 uur) + 5 dB; Het geluidsniveau in de nachtperiode (tussen 23.00 en 7.00 uur) + 10 dB.
De berekende geluidsbelasting moet aan de voorkeurswaarde en, indien nodig, aan de uiterste grenswaarde van de Wgh worden getoetst. Op basis van artikel 74.2 van de Wgh gelden de in tabel 1 opgenomen zones niet voor: • •
Wegen die als woonerf zijn aangeduid; Wegen met een maximumsnelheid van 30 km/uur.
Het feit dat voor de hiervoor genoemde gevallen geen wettelijke geluidszone geldt, betekent niet dat een akoestisch onderzoek automatisch niet noodzakelijk is. Indien vooraf aangenomen kan worden dat niet aan de voorkeurswaarde van 48 dB kan worden voldaan, moet een akoestisch onderzoek uitgevoerd worden. De geluidsbelasting van de weg kan hierdoor meegenomen worden in de belangenafweging in het kader van ‘een goede ruimtelijke ordening’.
2.3
Grenswaarden
In de Wgh worden eisen gesteld aan de maximaal toelaatbare geluidsbelasting op gevels van nog niet geprojecteerde woningen of gebouwen als vervangende nieuwbouw die binnen de geluidszone van een weg liggen. Met niet geprojecteerde woningen of gebouwen worden bedoeld: ‘woningen of gebouwen waarvoor het geldende bestemmingsplan verlening van de omgevingsvergunning voor een bouwactiviteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder a, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht niet toelaat’.
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
5
Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai De Scholt, Fleringen Definitief Een woning is als volgt gedefinieerd in de Wgh: ‘gebouw of gedeelte van een gebouw waar bewoning is toegestaan op grond van het bestemmingsplan, de beheersverordening, bedoeld in artikel 3.38 van de Wet ruimtelijke ordening, of, indien met toepassing van artikel 2.12, eerste lid, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht van het bestemmingsplan of de beheersverordening is afgeweken, de omgevingsvergunning, bedoeld in artikel 1.1, eerste lid, van laatstgenoemde wet’. De voorkeurswaarde voor de geluidsbelasting door wegverkeer bedraagt 48 dB. Bij een hogere geluidsbelasting kunnen burgemeester en wethouders een hogere waarde vaststellen. Voor een hogere waarde geldt een maximum, afhankelijk van de ligging van een geluidsgevoelig object. In tabel 2 is de hoogst mogelijke waarde voor nog niet geprojecteerde woningen als gevolg van wegverkeerslawaai weergegeven (artikel 83 Wgh). Locatie woning Stedelijk gebied Buitenstedelijk gebied
Hoogst mogelijke waarde wegverkeerslawaai 63 dB 53 dB
Tabel 2 Hoogst mogelijke grenswaarde wegverkeerslawaai (Bron: wetten.overheid.nl)
Het vaststellen van een hogere waarde is enkel mogelijk indien maatregelen om de geluidsbelasting te reduceren op bezwaren stuiten van stedenbouwkundige, verkeerskundige, landschappelijke of financiële aard. Hierbij dient afgewogen te worden of de cumulatieve geluidsbelasting (het totaal van de geluidsbelasting van alle wegen gezamenlijk) niet leidt tot een onaanvaardbare geluidsbelasting. Bij het vaststellen van een hogere waarde moet bij de bouwvergunningsaanvraag aangetoond worden dat aan de gestelde geluidseisen (binnenwaarde in de geluidgevoelige ruimten 33 dB) wordt voldaan, zoals in artikel 3.1 van het bouwbesluit en in artikel 4.4 van het Besluit geluidhinder genoemd wordt.
2.4
Berekenen geluidsbelasting
De geluidsbelasting moet per weg afzonderlijk berekend en aan de voorkeurswaarde getoetst worden. Voordat de geluidsbelasting aan de voorkeurswaarde van 48 dB getoetst wordt, mag de berekende geluidsbelasting op basis van artikel 110g van de Wgh, aangevuld met artikel 3.4 van het Reken- en meetvoorschrift geluid 2012, worden verminderd. Reden hiervoor is de verwachting dat de geluidsproductie van motorvoertuigen steeds verder af zal nemen. De geluidsbelasting mag in de volgende situaties worden verminderd met: •
5 dB voor wegen met een maximumsnelheid tot 70 km/uur;
Voor wegen met een maximumsnelheid van 70 km/uur of meer mag de geluidsbelasting worden verminderd met: • • •
4 dB indien de geluidsbelasting zonder reductie 57dB bedraagt; 3 dB indien de geluidsbelasting zonder reductie 56 dB bedraagt; 2 dB voor overige geluidsbelasting.
Uit uitspraak 201304862/3/R2 van de Raad van State blijkt dat het voor wegen met een snelheidsregime van 30 km/uur eveneens is toegestaan de geluidsbelasting met 5 dB te verminderen. Bij lagere snelheden wordt de geluidsemissie voornamelijk door motorgeluid veroorzaakt, bandengeluid speelt een minder grote rol. Toekomstige geluidsreductie is in de toekomst voornamelijk te verwachten door het gebruik van stillere motoren. De aftrek van 5 dB kan daardoor ook toegepast worden bij snelheden van 30 km/uur of minder.
2.5
Gemeentelijk geluidsbeleid
2.5.1 Algemeen De gemeente Tubbergen beschikt over een eigen geluidsbeleid, namelijk het “Gebiedsgericht geluidbeleid van de gemeente Tubbergen” en de “Nota hogere grenswaarden” .
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
6
Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai De Scholt, Fleringen Definitief Burgemeester en wethouders kunnen gemotiveerd afwijken van het geluidbeleid en een hogere waarde toekennen (maximaal 63 dB in stedelijk gebied), indien aangetoond is dat aan de hoofd- en ontheffingscriteria kan worden voldaan. De gemeente Tubbergen past hierbij primair akoestische compensatiemaatregelen toe. Deze zijn per geluidsklasse verschillend. 2.5.2 Situatie projectgebied Het projectgebied is op basis van het gemeentelijk beleid aangewezen als ‘woongebied, met de ambitiewaarde ‘redelijk rustig’ (48 dB) en bovengrenswaarde ‘onrustig’ (53 dB).
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
7
Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai De Scholt, Fleringen Definitief
HOOFDSTUK 3 3.1
UITGANGSPUNTEN
Situatie projectgebied
Het voornemen is in totaal 18 woningen met bijbehorende (infrastructurele) voorzieningen te realiseren. Het gaat om zes rijwoningen, acht twee-onder-één-kap woningen en vier vrijstaande woningen. De woningen bestaan overwegend uit twee bouwlagen met een kap. In afbeelding 3.1 is een inrichtingstekening van het projectgebied opgenomen.
Afbeelding 3.1
Indicatieve inrichtingstekening (Bron: Gemeente Tubbergen)
Het projectgebied ligt in de nabijheid van de N349 – Ootmarsumseweg en diverse 30 kilometer per uur wegen. De N349 – Ootmarsumseweg betreft een weg met een snelheidsregime van 80 km/uur en heeft daarmee een wettelijke geluidszone. Voor de overige nabijgelegen wegen geldt een snelheidsregime van 30 km/uur. Deze wegen hebben daardoor geen wettelijke geluidszone. Gezien het feit dat deze wegen slechts enkele tientallen woningen ontsluiten is de verkeersintensiteit zeer beperkt. Gelet op de geringe verkeersintensiteit wordt aangenomen dat ruim aan de voorkeurswaarde van 48 dB voldaan zal worden. Deze wegen worden daarom niet meegenomen in voorliggend akoestisch onderzoek. In tabel 3 is weergegeven welke uitgangspunten voor het rekenmodel zijn gehanteerd. Locatie projectgebied Hoogst mogelijke waarde wegverkeerslawaai Wgh van toepassing Vermindering geluidsbelasting relevante wegen
Stedelijk gebied 53 dB (op basis van gemeentelijk beleid) Ja 2 dB (zie paragraaf 2.4)
Tabel 3 Uitgangspunten onderzoek wegverkeerslawaai (Bron: BJZ.nu)
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
8
Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai De Scholt, Fleringen Definitief
3.2
Verkeersgegevens
De gemeente Tubbergen beschikt over verkeersprognoses voor het jaar 2030 van de N349 – Ootmarsumseweg. Het betreft prognoses van de etmaalintensiteit, voertuigverdeling, uurverdeling, wettelijke rijsnelheid en wegdektype. Om tot een prognose van de etmaalintensiteit voor het jaar 2031 te komen is gerekend met een jaarlijkse autonome groei van 1,5%. In bijlage 1 zijn de ingevoerde itemeigenschappen, waaronder de ingevoerde verkeersgegevens, opgenomen.
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
9
Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai De Scholt, Fleringen Definitief
HOOFDSTUK 4 4.1
RESULTATEN
Berekeningen
De overdrachtsberekening voor de wegen is uitgevoerd overeenkomstig Standaard Reken Methode 2 van het Reken- en meetvoorschrift geluid 2012. Bij de berekening is uitgegaan van een standaard bodemfactor van 0,0 (akoestisch hard). In het model zijn de volgende zaken opgenomen: • •
• • •
wegen met intensiteiten; eerste- en tweedelijns bebouwing van de te realiseren woningen, aangezien gedurende het onderzoek bleek dat de geluidsbelasting ter plaatse van de tweedelijns bebouwing al aan de voorkeurswaarde voldoet (nummering komt overeen met afbeelding 3.1) ; gebouwen inclusief hoogte (gebaseerd op een inventarisatie met Google Streetview); zachte bodemgebieden; rekenpunten op 1,5, 4,5 en 7,5 meter op de relevante gevels van de nabij de N349 – Ootmarsumseweg gelegen woningen;
In bijlage 2 zijn uitsneden van het rekenmodel weergegeven.
4.2
Resultaten
Ter plaatse van de te realiseren woningen bedraagt de geluidsbelasting inclusief reductie maximaal 51 dB als gevolg van de N349 – Ootmarsumseweg. Het gaat om de woningen 12, 13 en 14. Hiermee wordt niet aan de voorkeurswaarde van 48 dB voldaan. Er wordt wel aan de maximaal toegestane waarde van 63 dB voldaan. Voor de overige te realiseren woningen wordt wel aan de voorkeurswaarde van 48 dB voldaan. In bijlage 3 zijn de rekenresultaten opgenomen. In de volgende paragraaf worden mogelijke maatregelen om de geluidbelasting te reduceren beschreven.
4.3
Maatregelen reductie geluidbelasting
Om de geluidbelasting te reduceren kan gebruik worden gemaakt van bron-, overdrachts- en gevelmaatregelen, zoals in het vervolg van deze paragraaf beschreven. 4.3.1
Bronmaatregelen
Het geluid van een voertuig wordt veroorzaakt door het motorgeluid en het geluid van de banden. Vooral vrachtwagens zijn de afgelopen jaren veel stiller geworden. In het rekenmodel is hier al rekening mee gehouden. Daarnaast is de verwachting dat voertuigen in de toekomst nog stiller zullen worden. Hier wordt rekening mee gehouden door de in paragraaf 2.4 beschreven aftrek toe te passen. In het kader van de ontwikkeling is geen sprake van invloed op het reduceren van het geluid van voertuigen. Daarnaast is ook geen sprake van invloed op de samenstelling van het verkeer, de verkeersintensiteit en het snelheidsregime. Een aanpassing van het wegdektype kan leiden tot een reductie van het bandengeluid van voertuigen en daarmee het geluid van een voertuig. Bij toepassing van dubbellaags ZOAB vermindert het geluidniveau met circa 4 tot 5 dB. Het toepassen van een stiller wegdek gaat gepaard met hoge kosten, vanwege de relatief kleine oppervlakte van het wegdek dat aangepast moet worden. De wegbeheerder zal daarnaast niet instemmen met het stiller maken van een klein deel van de weg, omdat dit tot onderhoudtechnische problemen leidt. Vanuit civieltechnisch oogpunt is het aanbrengen van stiller asfalt dus niet haalbaar.
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
10
Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai De Scholt, Fleringen Definitief 4.3.2
Overdrachtsmaatregelen
Een grotere afstand tussen de gevel en de weg leidt tot een lagere geluidsbelasting op de gevel. Deze maatregel kan in voorliggend geval echter niet worden toegepast, aangezien hiervoor geen ruimte aanwezig is en dit niet past binnen de stedenbouwkundige structuur. Het plaatsen van geluidsschermen langs de weg is eveneens niet wenselijk vanuit stedenbouwkundig en financieel oogpunt. 4.3.3
Gevelmaatregelen
Als een hogere geluidsbelasting wordt toegestaan moet het binnenniveau van 33 dB gewaarborgd worden. Artikel 110 lid g van de Wgh bepaalt dat de aftrek bij het vaststellen van de noodzakelijk geluidwering 0 dB bedraagt. Er moet dan ook met een geluidbelasting van maximaal 53 dB worden gerekend. De vereiste geluidwering GA;K bedraagt 53 – 33 = 20 dB. De standaard in het Bouwbesluit opgenomen gevelwering van 20 dB is hiermee voldoende om in een aanvaardbaar woon- en leefklimaat te voorzien. 4.3.4
Conclusie maatregelen
De maatregelen die getroffen kunnen worden om aan de voorkeurswaarde te voldoen ontmoeten bezwaren van stedenbouwkundige, landschappelijke of financiële aard. Er kan dan ook een hogere waarde L DEN van 51 dB voor de woningen 12, 13 en 14 worden aangevraagd met betrekking tot de N349 - Ootmarsumseweg.
4.4
Hogere waarde
4.4.1 Algemeen De maatregelen die getroffen kunnen worden om aan de voorkeurswaarde te voldoen ontmoeten bezwaren van stedenbouwkundige, landschappelijke of financiële aard, waardoor een hogere waarde kan worden aangevraagd. 4.4.2 Ontheffingscriteria De gemeente Tubbergen toetst een verzoek tot een hogere waarde daarnaast aan de ontheffingscriteria, zoals deze op 31 december 2006 (oude Wet geluidhinder) golden. Deze zijn goed bruikbaar en doen recht aan de problematiek. Ontheffingsgronden, conform het voormalig Besluit grenswaarden, voor nog niet geprojecteerde woningen binnen de bebouwde kom binnen zones langs wegen, zijn woningen die: 1. in een dorps- of stadsvernieuwingsplan worden opgenomen; 2. door de gekozen situering of bouwvorm een doelmatige akoestisch afschermende functie gaan vervullen voor andere woningen - in aantal ten minste de helft van het aantal woningen waaraan de afschermende functie wordt toegekend -, of voor andere gebouwen of geluidsgevoelige objecten; 3. ter plaatse noodzakelijk zijn om redenen van grond- of bedrijfsgebondenheid; 4. door de gekozen situering een open plaats tussen aanwezige bebouwing opvullen; 5. ter plaatse gesitueerd worden als vervanging van bestaande bebouwing; In voorliggend geval is sprake van ontheffingsgrond 1.
4.4.3 Primair akoestische compensatiemaatregelen Indien aangetoond is dat het verzoek tot een hogere waarde voldoet aan de hoofd- en ontheffingscriteria kan onder voorwaarden een hogere waarde worden verleend. De gemeente Tubbergen past hierbij primair akoestische compensatiemaatregelen toe. Deze zijn per geluidsklasse verschillend. In dit geval is een hogere waarde LDEN van maximaal 51 dB noodzakelijk, vanwege de N349 - Ootmarsumseweg. Hiermee valt de geluidsbelasting in de klasse “onrustig”.
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
11
Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai De Scholt, Fleringen Definitief Voorwaarden voor het toekennen van een hogere waarde tot en met de geluidsklasse ‘onrustig’ Bij het toekennen van een verzoek om een hogere waarde voor geluidsgevoelige bestemmingen tot en met de geluidsklasse ‘onrustig’ worden aanvullend ook de volgende voorwaarden bij de afweging betrokken: • • • • •
indien mogelijk bronmaatregelen (bijvoorbeeld stillere asfalttypen) treffen; indien mogelijk de afstand tussen de geluidsbron en de nieuwe woning(en) vergroten; in ieder geval dient bij woningen/appartementen de buitenruimte (tuin/balkon) te voldoen aan de ambitiewaarde van het betreffende gebied; het stedenbouwkundig ontwerp vormgeven waarbij zoveel mogelijk afscherming voor het achterliggende gebied ontstaat; vanaf de geluidsklasse ‘onrustig’ dient bij een aanvraag om bouwvergunning voor een woning en scholen een bouwakoestisch onderzoek te worden gevoegd en wordt getoetst of wordt voldaan aan de binnenwaarde van het Bouwbesluit.
Zoals uit paragraaf 4.3 blijkt is het niet mogelijk bron- en overdrachtsmaatregelen te realiseren. Alle woningen beschikken over een geluidluwe gevel (zie ook bijlage 3). De woningen 12, 13 en 14, waar een hogere waarde voor nodig zijn, dienen ter afscherming van de verder van de N349 – Ootmarsumseweg gelegen woningen. Zoals uit paragraaf 4.3.3 blijkt zijn aanvullende gevelmaatregelen niet benodigd om te voldoen aan de binnenwaarde van 33 dB conform het Bouwbesluit. Voor de woningen 12, 13 en 14 kan een hogere waarde worden vastgesteld van hoogstens 51 dB.
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
12
Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai De Scholt, Fleringen Definitief
HOOFDSTUK 5
CONCLUSIE
De geluidsbelasting ten gevolge van wegverkeerslawaai van de N349 - Ootmarsumseweg bedraagt hoogstens 51 dB. Hiermee wordt niet aan de aan de ambitiewaarde en de voorkeurswaarde van 48 dB voldaan. Bron- en overdrachtsmaatregelen kunnen rekenen op bezwaren van stedenbouwkundige, landschappelijke of financiële aard. Daarnaast wordt voldaan aan de aanvullende voorwaarden uit het geluidbeleid van de gemeente Tubbergen voor het toekennen van een hogere waarde. Er kan dan ook een hogere waarde van hoogstens 51 dB ten aanzien van de N349 - Ootmarsumseweg worden vastgesteld. Met het nemen van gevelmaatregelen met een geluidwering van maximaal 20 dB kan een binnenniveau van 33 dB worden gerealiseerd. Er is daarmee sprake van een aanvaardbaar woon- en leefklimaat ter plaatse van de te realiseren woningen wat betreft het aspect wegverkeerslawaai.
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
13
Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai De Scholt, Fleringen Definitief
BIJLAGEN
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
14
Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai De Scholt, Fleringen Definitief
Bijlage 1
Itemeigenschappen
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
15
Itemeigenschappen Model: Groep:
Naam N349
eerste model versie van Gebied - Gebied (hoofdgroep) Lijst van Wegen, voor rekenmethode Wegverkeerslawaai - RMW-2012 Omschr. N349 - Ootmarsumseweg
ISO_H 0,00
ISO M. 0,00
Hdef. Relatief
Type Verdeling
Geomilieu V2020.1 rev 1 Licentiehouder: BJZ.nu B.V.
Cpl False
Cpl_W 1,5
Helling 0
Wegdek W0
V(MR(D)) 80
V(MR(A)) 80
V(MR(N)) 80
V(MR(P4)) --
V(LV(D)) 80
V(LV(A)) 80
V(LV(N)) 80
17-2-2021 15:21:04
Itemeigenschappen Model: Groep:
Naam N349
eerste model versie van Gebied - Gebied (hoofdgroep) Lijst van Wegen, voor rekenmethode Wegverkeerslawaai - RMW-2012 V(LV(P4)) --
V(MV(D)) 80
V(MV(A)) 80
V(MV(N)) 80
V(MV(P4)) --
V(ZV(D)) 80
Geomilieu V2020.1 rev 1 Licentiehouder: BJZ.nu B.V.
V(ZV(A)) 80
V(ZV(N)) 80
V(ZV(P4)) --
Totaal aantal 4879,00
%Int(D) 6,76
%Int(A) 3,36
%Int(N) 0,68
%Int(P4) --
%MR(D) --
%MR(A) --
17-2-2021 15:21:04
Itemeigenschappen Model: Groep:
Naam N349
eerste model versie van Gebied - Gebied (hoofdgroep) Lijst van Wegen, voor rekenmethode Wegverkeerslawaai - RMW-2012 %MR(N) --
%MR(P4) --
%LV(D) 90,08
%LV(A) 89,58
%LV(N) 88,88
%LV(P4) --
%MV(D) 6,45
Geomilieu V2020.1 rev 1 Licentiehouder: BJZ.nu B.V.
%MV(A) 5,21
%MV(N) 4,45
%MV(P4) --
%ZV(D) 3,47
%ZV(A) 5,21
%ZV(N) 6,67
%ZV(P4) --
MR(D) --
MR(A) --
MR(N) --
MR(P4) --
LV(D) 297,10
LV(A) 146,85
17-2-2021 15:21:04
Itemeigenschappen Model: Groep:
Naam N349
eerste model versie van Gebied - Gebied (hoofdgroep) Lijst van Wegen, voor rekenmethode Wegverkeerslawaai - RMW-2012 LV(N) 29,49
LV(P4) --
MV(D) 21,27
MV(A) 8,54
MV(N) 1,48
MV(P4) --
Geomilieu V2020.1 rev 1 Licentiehouder: BJZ.nu B.V.
ZV(D) 11,44
ZV(A) 8,54
ZV(N) 2,21
ZV(P4) --
LE (D) 63 79,07
LE (D) 125 88,82
LE (D) 250 94,09
LE (D) 500 101,14
LE (D) 1k 107,55
17-2-2021 15:21:04
Itemeigenschappen Model: Groep:
Naam N349
eerste model versie van Gebied - Gebied (hoofdgroep) Lijst van Wegen, voor rekenmethode Wegverkeerslawaai - RMW-2012 LE (D) 2k 103,75
LE (D) 4k 96,88
LE (D) 8k 85,92
LE (A) 63 76,54
LE (A) 125 85,89
Geomilieu V2020.1 rev 1 Licentiehouder: BJZ.nu B.V.
LE (A) 250 91,21
LE (A) 500 98,52
LE (A) 1k 104,63
LE (A) 2k 100,79
LE (A) 4k 93,91
LE (A) 8k 82,98
LE (N) 63 70,01
LE (N) 125 79,09
LE (N) 250 84,46
17-2-2021 15:21:04
Itemeigenschappen Model: Groep:
Naam N349
eerste model versie van Gebied - Gebied (hoofdgroep) Lijst van Wegen, voor rekenmethode Wegverkeerslawaai - RMW-2012 LE (N) 500 91,93
LE (N) 1k 97,79
LE (N) 2k 93,92
LE (N) 4k 87,03
LE (N) 8k 76,14
Geomilieu V2020.1 rev 1 Licentiehouder: BJZ.nu B.V.
LE (P4) 63 --
LE (P4) 125 --
LE (P4) 250 --
LE (P4) 500 --
LE (P4) 1k --
LE (P4) 2k --
LE (P4) 4k --
LE (P4) 8k --
17-2-2021 15:21:04
Itemeigenschappen Model: Groep:
eerste model versie van Gebied - Gebied (hoofdgroep) Lijst van Toetspunten, voor rekenmethode Wegverkeerslawaai - RMW-2012
Naam W14 Z W14 O W14 W W13 ZO W13 ZW
Omschr. Woning 14 zuidgevel Woning 14 oostgevel Woning 14 westgevel Woning 13 zuidoostgevel Woning 13 zuidwestgevel
Maaiveld 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00
Hdef. Relatief Relatief Relatief Relatief Relatief
Hoogte A 1,50 1,50 1,50 1,50 1,50
Hoogte B 4,50 4,50 4,50 4,50 4,50
Hoogte C 7,50 7,50 7,50 7,50 7,50
Hoogte D ------
Hoogte E ------
Hoogte F ------
Gevel Ja Ja Ja Ja Ja
W13 NO W12 ZO W12 ZW W12 NO W15 Z
Woning 13 noordoostgevel Woning 12 zuidoostgevel Woning 12 zuidwestgevel Woning 12 noordoostgevel Woning 15 zuidgevel
0,00 0,00 0,00 0,00 0,00
Relatief Relatief Relatief Relatief Relatief
1,50 1,50 1,50 1,50 1,50
4,50 4,50 4,50 4,50 4,50
7,50 7,50 7,50 7,50 7,50
------
------
------
Ja Ja Ja Ja Ja
W11 ZO W11 NO W12 NW W13 NW W14 N
Woning 11 zuidoostgevel Woning 11 noordoostgevel Woning 12 noordwestgevel Woning 13 noordwestgevel Woning 14 noordgevel
0,00 0,00 0,00 0,00 0,00
Relatief Relatief Relatief Relatief Relatief
1,50 1,50 1,50 1,50 1,50
4,50 4,50 4,50 4,50 4,50
7,50 7,50 7,50 7,50 7,50
------
------
------
Ja Ja Ja Ja Ja
Geomilieu V2020.1 rev 1 Licentiehouder: BJZ.nu B.V.
17-2-2021 15:21:04
Itemeigenschappen Model: Groep:
Naam Z1
eerste model versie van Gebied - Gebied (hoofdgroep) Lijst van Bodemgebieden, voor rekenmethode Wegverkeerslawaai - RMW-2012 Omschr. Zacht 1
Bf 1,00
Geomilieu V2020.1 rev 1 Licentiehouder: BJZ.nu B.V.
17-2-2021 15:21:04
Itemeigenschappen Model: Groep:
eerste model versie van Gebied - Gebied (hoofdgroep) Lijst van Gebouwen, voor rekenmethode Wegverkeerslawaai - RMW-2012
Naam W14 W13 W12 W15-16 W9-11
Omschr. Woning 14 Woning 13 Woning 12 Woning 15-16 Woning 9-11
Hoogte 10,00 10,00 10,00 10,00 10,00
Maaiveld 0,00 0,00 0,00 0,00 0,00
Hdef. Relatief Relatief Relatief Relatief Relatief
OB1 OB2 OB3 OB4 OB5
Omliggende bebouwing Omliggende bebouwing Omliggende bebouwing Omliggende bebouwing Omliggende bebouwing
10,00 10,00 10,00 10,00 2,00
0,00 0,00 0,00 0,00 0,00
OB6 OB7 OB8 OB9
Omliggende bebouwing Omliggende bebouwing Omliggende bebouwing Omliggende bebouwing
2,00 3,00 8,00 6,00
0,00 0,00 0,00 0,00
Functie
Jaar 0 0 0 0 0
AHN-jaar 0 0 0 0 0
Trust 0 0 0 0 0
Cp 0 dB 0 dB 0 dB 0 dB 0 dB
Zwevend False False False False False
Refl. 63 0,80 0,80 0,80 0,80 0,80
Refl. 125 0,80 0,80 0,80 0,80 0,80
Refl. 250 0,80 0,80 0,80 0,80 0,80
Relatief Relatief Relatief Relatief Relatief
0 0 0 0 0
0 0 0 0 0
0 0 0 0 0
0 dB 0 dB 0 dB 0 dB 0 dB
False False False False False
0,80 0,80 0,80 0,80 0,80
0,80 0,80 0,80 0,80 0,80
0,80 0,80 0,80 0,80 0,80
Relatief Relatief Relatief Relatief
0 0 0 0
0 0 0 0
0 0 0 0
0 dB 0 dB 0 dB 0 dB
False False False False
0,80 0,80 0,80 0,80
0,80 0,80 0,80 0,80
0,80 0,80 0,80 0,80
Geomilieu V2020.1 rev 1 Licentiehouder: BJZ.nu B.V.
Gebouwtype
BAG-id
Gemeente
17-2-2021 15:21:04
Itemeigenschappen Model: Groep:
Naam W14 W13 W12 W15-16 W9-11
eerste model versie van Gebied - Gebied (hoofdgroep) Lijst van Gebouwen, voor rekenmethode Wegverkeerslawaai - RMW-2012 Refl. 500 0,80 0,80 0,80 0,80 0,80
Refl. 1k 0,80 0,80 0,80 0,80 0,80
Refl. 2k 0,80 0,80 0,80 0,80 0,80
Refl. 4k 0,80 0,80 0,80 0,80 0,80
Refl. 8k 0,80 0,80 0,80 0,80 0,80
OB1 OB2 OB3 OB4 OB5
0,80 0,80 0,80 0,80 0,80
0,80 0,80 0,80 0,80 0,80
0,80 0,80 0,80 0,80 0,80
0,80 0,80 0,80 0,80 0,80
0,80 0,80 0,80 0,80 0,80
OB6 OB7 OB8 OB9
0,80 0,80 0,80 0,80
0,80 0,80 0,80 0,80
0,80 0,80 0,80 0,80
0,80 0,80 0,80 0,80
0,80 0,80 0,80 0,80
Geomilieu V2020.1 rev 1 Licentiehouder: BJZ.nu B.V.
17-2-2021 15:21:04
Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai De Scholt, Fleringen Definitief
Bijlage 2
Rekenmodellen
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
16
Akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai De Scholt, Fleringen Definitief
Bijlage 3
Resultatentabellen
BJZ.nu Ruimtelijke plannen en advies
17
Resultatentabel N349 – Ootmarsumseweg (excl. aftrek) Rapport: Model: Groep: Groepsreductie:
Resultatentabel eerste model LAeq totaalresultaten voor toetspunten (hoofdgroep) Nee
Naam Toetspunt W11 NO_A W11 NO_B W11 NO_C W11 ZO_A W11 ZO_B
Omschrijving Woning 11 noordoostgevel Woning 11 noordoostgevel Woning 11 noordoostgevel Woning 11 zuidoostgevel Woning 11 zuidoostgevel
X 252015,73 252015,73 252015,73 252014,84 252014,84
Y 489283,67 489283,67 489283,67 489277,11 489277,11
Hoogte 1,50 4,50 7,50 1,50 4,50
Dag 48,1 48,0 48,4 48,4 48,4
Avond 45,2 45,1 45,5 45,5 45,5
Nacht 38,4 38,3 38,7 38,7 38,7
Lden 48,6 48,5 48,9 49,0 48,9
W11 ZO_C W12 NO_A W12 NO_B W12 NO_C W12 NW_A
Woning 11 zuidoostgevel Woning 12 noordoostgevel Woning 12 noordoostgevel Woning 12 noordoostgevel Woning 12 noordwestgevel
252014,84 252026,49 252026,49 252026,49 252019,38
489277,11 489261,83 489261,83 489261,83 489263,36
7,50 1,50 4,50 7,50 1,50
48,7 48,4 48,5 48,9 43,3
45,8 45,5 45,6 46,0 40,4
39,0 38,7 38,8 39,2 33,6
49,2 49,0 49,0 49,4 43,8
W12 NW_B W12 NW_C W12 ZO_A W12 ZO_B W12 ZO_C
Woning 12 noordwestgevel Woning 12 noordwestgevel Woning 12 zuidoostgevel Woning 12 zuidoostgevel Woning 12 zuidoostgevel
252019,38 252019,38 252028,95 252028,95 252028,95
489263,36 489263,36 489254,75 489254,75 489254,75
4,50 7,50 1,50 4,50 7,50
42,7 43,1 50,3 50,9 51,5
39,8 40,2 47,4 48,0 48,6
33,0 33,4 40,5 41,1 41,8
43,3 43,6 50,8 51,4 52,0
W12 ZW_A W12 ZW_B W12 ZW_C W13 NO_A W13 NO_B
Woning 12 zuidwestgevel Woning 12 zuidwestgevel Woning 12 zuidwestgevel Woning 13 noordoostgevel Woning 13 noordoostgevel
252021,67 252021,67 252021,67 252013,87 252013,87
489255,47 489255,47 489255,47 489247,78 489247,78
1,50 4,50 7,50 1,50 4,50
45,2 46,4 47,4 47,5 47,7
42,2 43,4 44,5 44,6 44,8
35,4 36,6 37,6 37,7 38,0
45,7 46,8 47,9 48,0 48,2
W13 NO_C W13 NW_A W13 NW_B W13 NW_C W13 ZO_A
Woning 13 noordoostgevel Woning 13 noordwestgevel Woning 13 noordwestgevel Woning 13 noordwestgevel Woning 13 zuidoostgevel
252013,87 252006,40 252006,40 252006,40 252015,41
489247,78 489249,66 489249,66 489249,66 489240,80
7,50 1,50 4,50 7,50 1,50
48,2 40,7 40,2 39,8 50,3
45,3 37,8 37,3 36,9 47,4
38,5 31,0 30,5 30,1 40,5
48,7 41,3 40,7 40,3 50,8
W13 ZO_B W13 ZO_C W13 ZW_A W13 ZW_B W13 ZW_C
Woning 13 zuidoostgevel Woning 13 zuidoostgevel Woning 13 zuidwestgevel Woning 13 zuidwestgevel Woning 13 zuidwestgevel
252015,41 252015,41 252008,54 252008,54 252008,54
489240,80 489240,80 489242,04 489242,04 489242,04
4,50 7,50 1,50 4,50 7,50
51,0 51,7 47,8 48,7 49,6
48,1 48,8 44,9 45,8 46,7
41,2 42,0 38,0 39,0 39,9
51,5 52,2 48,3 49,2 50,1
W14 N_A W14 N_B W14 N_C W14 O_A W14 O_B
Woning 14 noordgevel Woning 14 noordgevel Woning 14 noordgevel Woning 14 oostgevel Woning 14 oostgevel
251992,57 251992,57 251992,57 251997,87 251997,87
489235,00 489235,00 489235,00 489229,83 489229,83
1,50 4,50 7,50 1,50 4,50
41,3 41,0 41,9 48,6 49,4
38,4 38,1 39,0 45,7 46,5
31,5 31,3 32,2 38,9 39,7
41,8 41,5 42,4 49,1 49,9
W14 O_C W14 W_A W14 W_B W14 W_C W14 Z_A
Woning 14 oostgevel Woning 14 westgevel Woning 14 westgevel Woning 14 westgevel Woning 14 zuidgevel
251997,87 251989,98 251989,98 251989,98 251995,21
489229,83 489228,09 489228,09 489228,09 489222,85
7,50 1,50 4,50 7,50 1,50
50,2 47,1 47,2 47,7 50,3
47,3 44,2 44,3 44,8 47,4
40,4 37,4 37,5 38,0 40,6
50,7 47,6 47,7 48,2 50,8
W14 Z_B W14 Z_C W15 Z_A W15 Z_B W15 Z_C
Woning 14 zuidgevel Woning 14 zuidgevel Woning 15 zuidgevel Woning 15 zuidgevel Woning 15 zuidgevel
251995,21 251995,21 251989,33 251989,33 251989,33
489222,85 489222,85 489258,23 489258,23 489258,23
4,50 7,50 1,50 4,50 7,50
51,2 52,1 47,5 47,5 48,1
48,3 49,1 44,5 44,6 45,2
41,4 42,3 37,7 37,8 38,4
51,7 52,6 48,0 48,0 48,6
Alle getoonde dB-waarden zijn A-gewogen
Geomilieu V2020.1 rev 1 Licentiehouder: BJZ.nu B.V.
17-2-2021 15:22:16
Bijlage 3 Verkennend bodemonderzoek
92
bestemmingsplan Scholt 3
Verkennend bodemonderzoek
Planontwikkeling percelen gemeente Tubbergen – De Scholt te Fleringen
Opdrachtgever Anacon-Infra Korenbree 34A 7271 LH Borculo Adviesbureau Geofoxx Eektestraat 10-12 Postbus 221 7570 AE Oldenzaal 0541 - 58 55 44 Status Definitief Datum 11 juni 2021 Projectnummer 20210031/RREK Documentkenmerk 20210031_a1RAP
Auteur Mevrouw Paraaf:
Kwaliteitscontrole en vrijgave De heer Paraaf:
Verkennend bodemonderzoek Planontwikkeling percelen gemeente Tubbergen – De Scholt te Fleringen
Inhoudsopgave 1
Inleiding
1
2
Vooronderzoek en onderzoeksstrategie 2.1 Algemeen 2.2 Bronverwijzing 2.3 Locatiegegevens en huidig gebruik 2.4 Voormalig gebruik 2.5 Terreinverkenning 2.6 Omgeving 2.7 Beschikbare bodeminformatie 2.8 Bodemopbouw en geohydrologie 2.9 Conclusie vooronderzoek en onderzoekshypothese 2.10 Onderzoeksstrategie
2 2 2 2 3 4 4 5 6 7 7
3
Veld- en laboratoriumwerkzaamheden 3.1 Kwaliteit 3.2 Uitgevoerde veld- en laboratoriumwerkzaamheden
8 8 8
4
Resultaten onderzoek 4.1 Resultaten veldonderzoek 4.2 Resultaten laboratoriumonderzoek
10 10 11
5
Interpretatie resultaten 5.1 Grond en grondwater
12 12
6
Samenvatting, conclusies en advies
13
Bijlagen 1 Situatietekeningen 1.1 Geografische ligging locatie 1.2 Situatietekening 2 Boorstaten 3 Analyseresultaten 4 Toetsingscriteria en -tabellen 5 Toelichting bodemonderzoek en asbest 6 Onafhankelijkheidsverklaring veldwerker
Projectnummer
Datum
20210031/RREK
juni 2021
-/-
Verkennend bodemonderzoek Planontwikkeling percelen gemeente Tubbergen – de Scholt te Fleringen
1
Inleiding
In opdracht van Anacon-Infra heeft Geofoxx in april 2021, als onafhankelijk adviesbureau1, een verkennend bodemonderzoek uitgevoerd op de planlocatie ‘De Scholt’ te Fleringen, gelegen binnen de gemeente Tubbergen. De aanleiding voor het laten uitvoeren van het onderzoek wordt gevormd door de voorgenomen bestemmingsplanwijziging van de locatie. Het onderzoek heeft tot doel om de milieuhygiënische kwaliteit van de bodem (grond en grondwater) te bepalen en deze te toetsen aan het voorgenomen gebruik. Bij het opstellen van het onderzoeksprogramma is uitgegaan van de Nederlandse Norm 'Onderzoeksstrategie bij verkennend onderzoek' (NEN 5740). Het vooronderzoek is uitgevoerd op basis van de richtlijnen uit de Nederlandse Norm (NEN 5725). In het rapport komt het volgende aan de orde: het vooronderzoek en de onderzoeksopzet, de veldwerkzaamheden inclusief het zintuiglijk onderzoek, het chemisch onderzoek, de interpretatie van de verzamelde gegevens, de conclusies en het advies.
1
De opdrachtgever en terreineigenaar zijn geen zuster- of moederbedrijf en komen niet uit de eigen organisatie zodat de onafhankelijkheid van het onderzoek is gewaarborgd. Geofoxx is een handelsnaam van Geofox-Lexmond bv, statutair gevestigd te Oldenzaal en ingeschreven in het handelsregister onder nr. 06056452. Op alle opdrachten zijn de algemene voorwaarden van Geofox-Lexmond bv van toepassing. Deze voorwaarden zijn te vinden op geofoxx.nl.
1 / 13
Verkennend bodemonderzoek
Planontwikkeling percelen gemeente Tubbergen – De Scholt te Fleringen
2
Vooronderzoek en onderzoeksstrategie
2.1
Algemeen
Het doel van een vooronderzoek is het verzamelen van inzichten over de eventuele aanwezigheid van verontreinigingen op de onderzoekslocatie. Hierbij wordt een inschatting gemaakt van de aard, mate, oorzaak en ligging van mogelijke verontreinigingen. Om dit doel te bereiken wordt relevante informatie over de onderzoekslocatie en eventueel de beïnvloeding vanuit de directe omgeving verzameld, geanalyseerd en geïnterpreteerd. De te verzamelen informatie is afhankelijk van de aanleiding en het doel van het vooronderzoek en heeft betrekking op locatiegegevens, bodemopbouw en geohydrologie, te verwachten bodemkwaliteit en potentieel bodembedreigende activiteiten op de onderzoekslocatie. In de NEN57252 wordt onderscheid gemaakt in algemene en specifieke onderzoeksaspecten die verzameld moeten worden. Voor dit vooronderzoek geldt dat specifieke informatie verzameld moet worden over de milieuhygiënische bodemkwaliteit ten behoeve van uit te voeren bodemonderzoek. Het vooronderzoek wordt afgesloten met een conclusie, die zal leiden tot een onderzoekshypothese. De hypothese betreft voor elke (deel)locatie de verwachting met betrekking tot de aanwezigheid van een bodemverontreiniging. In de volgende paragrafen is de verkregen informatie vastgelegd.
2.2
Bronverwijzing
In tabel 2.1 zijn de geraadpleegde bronnen van dit vooronderzoek weergegeven.
Tabel 2.1: Bronverwijzing Nr. 1. 2. 3. 4. 5. 6.
2.3
Bron Topografische ligging en kadastrale gegevens Historische kaarten Regionale en landelijke bronnen Geohydrologische gegevens Ligging kabels en leidingen Terreinverkenning
Verwijzing www.google.nl/maps; www.kadaster.nl www.topotijdreis.nl Omgevingsrapportage Provincie Overijssel www.dinoloket.nl; www.grondwatertools.nl www.klic-online.nl Voorafaand aan de werkzaamheden, R.H. Rekveldt
Locatiegegevens en huidig gebruik
De onderzoekslocatie is gelegen ten oosten van Fleringen. De locatie staat kadastraal bekend als gemeente Tubbergen, sectie G en nummers 3381, 3385 en 3686. De oppervlakte van de onderzoekslocatie bedraagt ca. 10.000 m2. In afbeelding 2.1 is de regionale ligging van de onderzoekslocatie weergegeven. In bijlage 1 zijn de geografische ligging van de onderzochte locatie en een situatietekening opgenomen.
2
NEN5725 (Bodem – Landbodem – Strategie voor het uitvoeren van milieuhygiënisch vooronderzoek, oktober 2017).
Projectnummer
Datum
20210031/RREK
juni 2021
2 / 13