Bijlage BP Buitengebied, Uelserweg 161-161a Mander en Arkeweg 5-7 Tubbergen toelichting en regels.pdf
Tekst van het document
Bestemmingsplan
Buitengebied, Uelserweg 161-161a Mander En Arkeweg 5-7 Tubbergen
Status: vastgesteld
Status: Datum: IMRO-Code: Auteur(s):
vastgesteld NL.IMRO.0183.BUIBPUELW161ARKEW7VG01
Buitengebied, Uelserweg 161-161a Mander en Arkeweg 5-7 Tubbergen
Inhoudsopgave Toelichting
5
Hoofdstuk 1 Inleiding 1.1 Aanleiding 1.2 Ligging van het plangebied 1.3 De bij het plan behorende stukken 1.4 Huidig planologisch regime 1.5 Leeswijzer
7 7 7 8 9 12
Hoofdstuk 2 Huidige situatie 2.1 Algemeen 2.2 Uelserweg 161-161a, Mander 2.3 Arkeweg 5-7, Tubbergen
13 13 13 14
Hoofdstuk 3 Planbeschrijving 3.1 Inleiding 3.2 Uelserweg 161-161a, Mander 3.3 Arkeweg 5-7, Tubbergen 3.4 Verkeer en parkeren
17 17 17 18 20
Hoofdstuk 4 Beleidskader 4.1 Rijksbeleid 4.2 Provinciaal beleid
23 23 24
4.3
37
Gemeentelijk beleid
Hoofdstuk 5 Milieu- en omgevingsaspecten 5.1 Geluid 5.2 Bodemkwaliteit 5.3 Luchtkwaliteit 5.4 Externe veiligheid 5.5 Milieuzonering 5.6 Geur 5.7 Ecologie 5.8 Archeologie & cultuurhistorie 5.9 Besluit milieueffectrapportage
47 47 48 49 50 52 54 55 56 59
Hoofdstuk 6 Wateraspecten 6.1 Vigerend beleid 6.2 Waterparagraaf
61 61 62
Hoofdstuk 7 Juridische aspecten en planverantwoording 7.1 Inleiding 7.2 Opzet van de regels 7.3 Verantwoording van de regels
63 63 63 64
Hoofdstuk 8
67
Economische uitvoerbaarheid
Hoofdstuk 9 Vooroverleg 9.1 Vooroverleg
2
bestemmingsplan Buitengebied, Uelserweg 161-161a Mander en Arkeweg 5-7 Tubbergen
69 69
Bijlagen bij de toelichting
71
Bijlage 1
Ruimtelijk kwaliteitsplan
72
Bijlage 2
Schets te behouden schuur
77
Bijlage 3
Verkennend bodemonderzoek Arkeweg 7
79
Bijlage 4
Quickscan flora & fauna
164
Bijlage 5
Watertoetsresultaat
200
Regels
207
Hoofdstuk 1 Artikel 1 Artikel 2
Inleidende regels Begrippen Wijze van meten
209 209 217
Hoofdstuk 2 Artikel 3 Artikel 4 Artikel 5 Artikel 6 Artikel 7
Bestemmingsregels Agrarisch - 1 Wonen Waarde - Archeologie 3 Waarde - Archeologie 4 Waarde - Ecologie
219 219 221 227 229 231
Hoofdstuk 3 Artikel 8
Algemene Regels Anti-dubbeltelregel
233 233
Artikel 9 Artikel 10 Artikel 11 Artikel 12 Artikel 13 Artikel 14
Algemene bouwregels Algemene gebruiksregels Algemene aanduidingsregels Algemene afwijkingsregels Algemene wijzigingsregels Overige regels
234 235 236 238 239 240
Hoofdstuk 4 Artikel 15 Artikel 16
Overgangs- en slotregels Overgangsrecht Slotregel
241 241 242
Bijlagen bij regels
243
Bijlage 1
Landschappelijke inpassing Arkeweg 5-7
244
Bijlage 2
Sloopopgave
246
Bijlage 3
Tekening op te knappen schuur
248
Bijlage 4
Ondergeschikte tweede tak of deeltijdfunctie
250
bestemmingsplan Buitengebied, Uelserweg 161-161a Mander en Ar keweg 5-7 Tubbergen
3
4
bestemmingsplan Buitengebied, Uelserweg 161-161a Mander en Arkeweg 5-7 Tubbergen
Toelichting
bestemmingsplan Buitengebied, Uelserweg 161-161a Mander en Ar keweg 5-7 Tubbergen
5
6
bestemmingsplan Buitengebied, Uelserweg 161-161a Mander en Arkeweg 5-7 Tubbergen
Hoofdstuk 1
Inleiding
1.1 Aanleiding Aan de Uelserweg 161-161a te Mander, in het buitengebied van de gemeente Tubbergen, bevindt zich een woonperceel met daarop een karakteristieke woonboerderij met inwoonsituatie. Het is gewenst om deze uit 1870 daterende Saksische woonboerderij met een inhoud van ruim 2.800 m3 te splitsen in twee afzonderlijke woningen. Dit bestemmingsplan ziet toe op het splitsen van de huidige woning met inwoning in twee afzonderlijke woningen (twee-onder-één-kap). Op dit moment wordt er op het object één hypotheekrecht afgegeven, waardoor een financiering in duurzaamheidsmaatregelen op 161a onmogelijk is. Dit maakt het ook onmogelijk om het gebouw in goede staat te houden. Voor de toekenning van het extra woonrecht wordt er op het percel Arkeweg 5-7 in Tubbergen 1.264 m2 aan voormalige agrarische bedrijfsgebouwen gesloopt. Van deze sloopoppervlakte wordt 600 m2 gebruikt ter compensatie van de splitsing van de bestaande woning. Daarnaast wordt 64 m2 gebruikt voor het toestaan van 64 m2 extra bijgebouwen. De overige 600 m2 kan worden ingezet voor andere ontwikkelingen in het buitengebied van de gemeeente. De ontwikkeling wordt op basis van het beleidsstuk 'Buitengebied met kwaliteit' gezien als een Rood voor Rood ontwikkeling.
Aangezien het gaat om het intern splitsen van een karakteristieke boerderij, wat de instandhouding van het waardevolle gebouw ten goede komt en waarbij er geen sprake is van een uitbreiding van het pand, wordt maatwerk toegepast in die zin dat de helft van de reguliere sloopnorm voor het realiseren van een extra woning wordt ingezet ter compensatie van deze ontwikkeling. Aan de overige voorwaarden dient wel gewoon te worden voldaan. Op basis van het geldend bestemmingsplan “Tubbergen Buitengebied 2016 Veegplan” heeft het perceel aan de Uelserweg 161-161a de bestemming ‘Wonen’. De voorgenomen ontwikkeling; het splitsen van de woonboerderij naar twee zelfstandige wooneenheden, is niet mogelijk op basis van het geldend bestemmingsplan, aangezien per bestemmingsvlak uitsluitend één woning is toegestaan. Daarnaast dient de sloop van de voormalige agrarische bedrijfsbebouwing aan de Arkeweg 5-7 te worden vastgelegd en dient de mogelijkheid tot herbouw te worden uitgesloten. Ook dient de landschappelijke inpassing van beide locaties en het opknappen van een bijgebouw aan de Arkeweg 5-7 te worden geborgd. Een bestemmingsplanherziening is noodzakelijk om de gewenste ontwikkeling mogelijk te maken.
Voorliggend bestemmingsplan voorziet in het gewenste juridisch-planologische kader en toont aan dat de in dit bestemmingsplan besloten ontwikkeling in overeenstemming is met 'een goede ruimtelijke ordening' en vanuit ruimtelijk en planologisch oogpunt verantwoord is.
1.2 Ligging van het plangebied Het plangebied ligt in het buitengebied van de gemeente Tubbergen en bestaat uit een tweetal locaties. Het eerste deelgebied betreft de locatie van de te splitsen woonboerderij aan de Uelserweg 161-161a te Mander. Het tweede deelgebied betreft de slooplocatie aan de Arkeweg 5-7 te Tubbergen. In afbeeldingen 1.1 en 1.2 is de ligging van deze locaties ten opzichte van de nabijgelegen kernen (rode ster) en de directe omgeving (rode omlijning) indicatief weergegeven.
bestemmingsplan Buitengebied, Uelserweg 161-161a Mander en Ar keweg 5-7 Tubbergen
7
Afbeelding 1.1 Ligging deelgebied Uelserweg 161-161a ten opzichte van Mander (Bron: PDOK)
Afbeelding 1.2 Ligging deelgebied Arkeweg 5-7 ten opzichte van Tubbergen (Bron: PDOK)
1.3 De bij het plan behorende stukken Het bestemmingsplan "Buitengebied, Uelserweg 161-161a Mander en Arkeweg 5-7 Tubbergen" bestaat uit de volgende stukken: verbeelding (NL.IMRO.0183.BUIBPUELW161ARKEW7-VG01) en een renvooi; regels. Op de verbeelding zijn de bestemmingen van de in het plan begrepen gronden weergegeven. In de regels zijn bepalingen opgenomen om de uitgangspunten van het plan zeker te stellen. Het plan gaat vergezeld van een toelichting. De toelichting geeft een duidelijk beeld van het bestemmingsplan en van de daaraan ten grondslag liggende gedachten maar maakt geen deel uit van het juridisch bindende deel van het bestemmingsplan.
8
bestemmingsplan Buitengebied, Uelserweg 161-161a Mander en Arkeweg 5-7 Tubbergen
1.4 Huidig planologisch regime 1.4.1
Algemeen
Beide deelgebieden liggen binnen de begrenzing van de bestemmingsplannen "Tubbergen Buitengebied 2016", "Facetbestemmingsplan parkeren Tubbergen" en "Tubbergen Buitengebied 2016 Veegplan" van de gemeente Tubbergen, die op respectievelijk 23 mei 2016, 28 mei 2018 en 15 december 2020 zijn vastgesteld door de gemeenteraad van de gemeente Tubbergen. Hierna wordt nader ingegaan op de huidige planologische situatie. 1.4.2
Beschrijving bestemmingen en aanduidingen
1.4.2.1 Uelserweg 161-161a, Mander Het deelgebied aan de Uelserweg 161-161a is op basis van het geldende bestemmingsplan "Tubbergen Buitengebied 2016" grotendeels voorzien van de bestemming 'Wonen'. Tevens geldt binnen een klein gedeelte in het noordoosten van het deelgebied de bestemming 'Agrarisch - 2'. Verder gelden in het gehele deelgebied de dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie 3' en de gebiedsaanduidingen 'milieuzone grondwaterbeschermingsgebied', 'milieuzone - intrekgebied' en 'overige zone - geen boom- en sierteelt toegestaan'. Ten slotte geldt in vrijwel het deelgebied de gebiedsaanduiding 'reconstructiewetzone extensiveringsgebied'. In afbeelding 1.3 is een uitsnede van de verbeelding van het bestemmingsplan "Tubbergen Buitengebied 2016" weergegeven. Het deelgebied is hierop aangeduid met de rode omlijning. Hierna wordt nader op de geldende bestemmingen ingegaan.
Afbeelding 1.3: Uitsnede verbeelding "Tubbergen Buitengebied 2016" (Bron: Ruimtelijkeplannen.nl) Enkelbestemming 'Agrarisch - 2' De voor 'Agrarisch - 2' aangewezen gronden zijn hoofdzakelijk bestemd voor het agrarisch gebruik, met daaraan ondergeschikt onder andere hobbymatig agrarisch gebruik, extensief dagrecreatief medegebruik, wegen, ontsluitingswegen voor bebouwde percelen en agrarische kavelpaden. Vanwege het ontbreken van een bouwvlak is ter plaatse van het deelgebied aan de Uelserweg geen (gebouwen ten behoeve van een) agrarisch bedrijf toegestaan. Enkelbestemming 'Wonen' De voor 'Wonen' aangewezen gronden zijn hoofdzakelijk bestemd voor woonhuizen en bijbehorende bouwwerken, al dan niet in combinatie met en in ondergeschikte mate ruimte voor een aan-huis-gebonden beroep of bedrijf dan wel een vrij beroep mantelzorg en bed and breakfast. Per bestemmingsvlak is ten hoogste bestemmingsplan Buitengebied, Uelserweg 161-161a Mander en Ar keweg 5-7 Tubbergen
9
één hoofdgebouw met één woning toegestaan. Dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie 3' De voor 'Waarde - Archeologie 3' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor het behoud van de archeologische waarden. Gebiedsaanduiding 'milieuzone - grondwaterbeschermingsgebied' De voor 'milieuzone - grondwaterbeschermingsgebied' aangeduide gronden zijn mede bestemd voor het behoud van de grondwaterkwaliteit als onderdeel van de drinkwatervoorziening en -winning van een grondwaterbeschermingsgebied. Op deze gronden is het gebruik ten behoeve van een bestemming of functie, waardoor verslechtering van de grondwaterkwaliteit wordt veroorzaakt en/of risico’s op verontreiniging van het grondwater wordt vergroot niet toegestaan. Gebiedsaanduiding 'milieuzone - intrekgebied' De voor 'milieuzone - intrekgebied' aangeduide gronden zijn mede bestemd voor de bescherming van de kwaliteit van het grondwater in verband met de drinkwatervoorziening. Gebiedsaanduiding 'overige zone - geen boom- en sierteelt toegestaan' De voor 'overige zone - geen boom- en sierteelt toegestaan' aangeduide gronden zijn mede bestemd voor het tegengaan van het gebruik van de gronden ten behoeve van sierteelt, boomteelt, houtteelt of overige opgaande teeltvormen, niet zijnde boom- en sierteelt binnen de bouwpercelen.
Gebiedsaanduiding 'reconstructiewetzone - extensiveringsgebied' De voor 'reconstructiewetzone - extensiveringsgebied' aangeduide gronden zijn mede bestemd voor het toelaten van verschillende functies naast elkaar, waarbij het bevorderen van de ontwikkeling van landschaps- en natuurwaarden, de realisatie van milieudoelen, en - waar mogelijk - van recreatief gebruik bovengeschikt is aan andere belangen. Overige functies kunnen zich in deze gebieden ontwikkelen, mits er geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de ontwikkeling van natuur, landschap en wonen. 1.4.2.2 Arkeweg 5-7, Tubbergen Het deelgebied aan de Arkeweg 5-7 te Tubbergen is op basis van het geldende bestemmingsplan "Tubbergen Buitengebied 2016" voorzien van de bestemming 'Wonen'. In het noordelijke deel van het plangebied geldt de archeologische dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie 4'. In het zuidoostelijke deel van het deelgebied geldt de dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie 3'. Ten slotte gelden in het hele deelgebied de gebiedsaanduidingen 'overige zone - geen boom- en sierteelt toegestaan' en 'reconstructiewetzone extensiveringsgebied'. In afbeelding 1.4 is een uitsnede van de verbeelding van het bestemmingsplan "Tubbergen Buitengebied 2016" weergegeven. Het deelgebied is hierop aangeduid met de rode omlijning. Hierna wordt nader op de geldende bestemmingen ingegaan.
10
bestemmingsplan Buitengebied, Uelserweg 161-161a Mander en Arkeweg 5-7 Tubbergen
Afbeelding 1.4: Uitsnede verbeelding "Tubbergen Buitengebied 2016" (Bron: Ruimtelijkeplannen.nl) Enkelbestemming 'Wonen' De voor 'Wonen' aangewezen gronden zijn hoofdzakelijk bestemd voor woonhuizen en bijbehorende bouwwerken, al dan niet in combinatie met en in ondergeschikte mate ruimte voor een aan-huis-gebonden beroep of bedrijf dan wel een vrij beroep mantelzorg en bed and breakfast. Per bestemmingsvlak is ten hoogste één hoofdgebouw met één woning toegestaan. Dubbelbestemmingen 'Waarde - Archeologie 3' en 'Waarde - Archeologie 4' De voor 'Waarde - Archeologie 3' en 'Waarde - Archeologie 4' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor het behoud van de archeologische waarden. Gebiedsaanduiding 'overige zone - geen boom- en sierteelt toegestaan' De voor 'overige zone - geen boom- en sierteelt toegestaan' aangeduide gronden zijn mede bestemd voor het tegengaan van het gebruik van de gronden ten behoeve van sierteelt, boomteelt, houtteelt of overige opgaande teeltvormen, niet zijnde boom- en sierteelt binnen de bouwpercelen.
Gebiedsaanduiding 'reconstructiewetzone - extensiveringsgebied' De voor 'reconstructiewetzone - extensiveringsgebied' aangeduide gronden zijn mede bestemd voor het toelaten van verschillende functies naast elkaar, waarbij het bevorderen van de ontwikkeling van landschaps- en natuurwaarden, de realisatie van milieudoelen, en - waar mogelijk - van recreatief gebruik bovengeschikt is aan andere belangen. De intensieve veehouderij wordt beëindigd en/of verplaatst. Overige functies kunnen zich in deze gebieden ontwikkelen, mits er geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de ontwikkeling van natuur, landschap en wonen. 1.4.3
Strijdigheid
De voorgenomen ontwikkeling op het perceel voorziet in een splitsing van de huidige woonboerderij aan de Uelserweg in twee zelfstandige woningen. Het voornemen is niet in overeenstemming met het geldend bestemmingsplan, aangezien per bestemmingsvlak slecht één woning is toegestaan. In voorliggend bestemmingsplan wordt de gewenste splitsing van de woonboerderij mogelijk gemaakt. Tevens is in de bestaande situatie in het noordoosten van het deelgebied aan de Uelserweg sprake van een agrarische bestemming. Deze gronden zijn in de feitelijke situatie in gebruik als tuin bij de woning aan de Uelserweg 161-16a. Binnen de agrarische bestemming zijn geen tuinen bij woningen toegestaan. Om de planologische situatie in overeenstemming te brengen met de feitelijke situatie wordt aan deze gronden een woonbestemming toegekend. Ook wordt in dit bestemmingsplan de sloop van de agrarische bedrijfsgebouwen ter plaatse van de Arkeweg 5-7 vastgelegd en wordt het maximum toegestane resterende oppervlakte aan bijgebouwen vastgelegd. bestemmingsplan Buitengebied, Uelserweg 161-161a Mander en Ar keweg 5-7 Tubbergen
11
In dit bestemmingsplan wordt het gewenste voornemen mogelijk gemaakt, waarbij wordt aangetoond dat het voornemen in overeenstemming is met een goede ruimtelijke ordening.
1.5 Leeswijzer Na deze inleiding wordt in hoofdstuk 2 een beschrijving van de huidige situatie in het plangebied gegeven. Hoofdstuk 3 bevat een omschrijving van de gewenste ontwikkeling. In hoofdstuk 4 wordt ingegaan op het beleidskader. Hierin wordt het relevante beleid van het Rijk, provincie Overijssel en de gemeente Tubbergen beschreven. In hoofdstuk 5 passeren alle relevante milieu- en omgevingsthema's de revue en hoofdstuk 6 gaat in op de wateraspecten. In hoofdstuk 7 wordt ingegaan op de juridische aspecten/planverantwoording. In hoofdstuk 8 wordt ingegaan op de economische uitvoerbaarheid. Tot slot gaat hoofdstuk 9 in op het vooroverleg.
12
bestemmingsplan Buitengebied, Uelserweg 161-161a Mander en Arkeweg 5-7 Tubbergen
Hoofdstuk 2
Huidige situatie
2.1 Algemeen Zoals reeds vermeld bestaat het plangebied uit een tweetal locaties in het buitengebied van de gemeente Tubbergen. In de volgende paragrafen wordt afzonderlijk op de huidige situatie ter plaatse van deze deelgebieden ingegaan.
2.2 Uelserweg 161-161a, Mander Het deelgebied aan de Uelserweg 161-161a ligt in de buurtschap Mander, in het buitengebied van de gemeente Tubbergen. De meest nabijgelegen kern betreft Vasse, op circa 1 kilometer ten zuidoosten van het deelgebied. De omgeving van het deelgebied wordt hoofdzakelijk gekenmerkt door agrarische bedrijven, agrarische (cultuur)gronden, verspreid liggende woonpercelen en bos. Het deelgebied zelf betreft een voormalig agrarisch bedrijfsperceel met daarop een uit 1870 daterende Saksische woonboerderij. Door de jaren heen zijn de agrarische activiteiten gestopt en is een woonbestemming aan het perceel toegekend. In 2005 is een bouwvergunning verleend voor de interne verbouw van de woning Uelserweg 161, waarbij een woning met inwoning is ontstaan. De woning is destijds kadastraal opgesplitst en heeft twee huisnummers gekregen, namelijk 161 en 161a. De nutsvoorzieningen zoals gas, water en licht en de riolering zijn tevens apart aangesloten. De woning is momenteel reeds levensloopbestendig, waarbij alle woonfacetten zich bevinden op de begane grond. Het erf wordt aan de oostzijde ontsloten op de Uelserweg door middel van een gezamenlijke oprit. Ook zijn vier bijgebouwen op het erf aanwezig. In afbeelding 2.1 is een luchtfoto van de huidige situatie ter plaatse van dit deelgebied opgenomen.
Hierin is het deelgebied indicatief aangegeven met de rode omlijning. In afbeelding 2.2 is een vogelvluchtimpressie van de bestaande situatie weergegeven. Daarnaast is in afbeelding 2.3 een impressie van de huidige situatie weergegeven.
Afbeelding 2.1: Luchtfoto deelgebied Uelserweg 161-161a (Bron: Initiatiefnemer)
bestemmingsplan Buitengebied, Uelserweg 161-161a Mander en Ar keweg 5-7 Tubbergen
13
Afbeelding 2.2: Vogelvluchtimpressie deelgebied Uelserweg 161-161a (Bron: Initiatiefnemer)
Afbeelding 2.3: Impressie bestaande woonboerderij Uelserweg 161-161a (Bron: Initiatiefnemer)
2.3 Arkeweg 5-7, Tubbergen Het deelgebied aan de Arkeweg 5-7 ligt op circa 800 meter ten zuidoosten van de kern Tubbergen, in het buitengebied van de gemeente Tubbergen. De omgeving van het deelgebied wordt hoofdzakelijk gekenmerkt door agrarische bedrijven, agrarische (cultuur)gronden, verspreidliggende woonpercelen en bos. Het deelgebied zelf betreft een voormalig agrarisch bedrijfsperceel. De agrarische bedrijfsactiviteiten ter plaatse zijn gestaakt en aan het perceel is een woonbestemming toegekend. Op het perceel bevindt zich een dubbele woonboerderij met acht voormalige agrarische bedrijfsgebouwen. In afbeelding 2.3 is een luchtfoto van het deelgebied aan de Arkeweg 5-7 opgenomen. De begrenzing van dit deelgebied is aangeduid met een rode omlijning. 14
bestemmingsplan Buitengebied, Uelserweg 161-161a Mander en Arkeweg 5-7 Tubbergen
Afbeelding 2.3: Luchtfoto deelgebied Arkeweg 5-7 (Bron: PDOK)
bestemmingsplan Buitengebied, Uelserweg 161-161a Mander en Ar keweg 5-7 Tubbergen
15
16
bestemmingsplan Buitengebied, Uelserweg 161-161a Mander en Arkeweg 5-7 Tubbergen
Hoofdstuk 3
Planbeschrijving
3.1 Inleiding Zoals reeds in paragraaf 1.1 is beschreven, ziet dit bestemmingsplan toe op het splitsen van de bestaande woonboerderij aan de Uelserweg 161-161a in twee zelfstandige wooneenheden. Het extra woonrecht wordt verkregen door het toepassen van de Rood voor Rood regeling, die is vervat in het gemeentelijk beleid 'Buitengebied met kwaliteit'. De benodigde sloopmeters worden gevonden aan de Arkeweg 5-7 in Tubbergen. Daarom is het perceel Arkeweg 5-7 te Tubbergen bij de ontwikkeling betrokken.
3.2 Uelserweg 161-161a, Mander 3.2.1
Gewenste ontwikkeling
Aan de Uelserweg 161-161a in Mander wordt, zoals reeds beschreven, de bestaande Saksische woonboerderij gesplitst in twee zelfstandige wooneenheden. De woning is momenteel in gebruik als woning met inwoonsituatie. Deze inwoonsituatie wordt beëindigd en de woning wordt gesplitst in twee afzonderlijke woningen. Er wordt dan ook één extra woonrecht toegevoegd op het perceel, binnen de bestaande woning. In de gewenste situatie is dus sprake van een 'twee-onder-één-kapwoning'. Het extra woonrecht wordt verkregen door middel van deelname aan de Rood voor Rood regeling uit de beleidsnota 'Buitengebied met kwaliteit'. De sloopmeters zijn afkomstig van het perceel aan de Arkeweg 5-7 in Tubbergen, zoals nader toegelicht in paragraaf 3.3. In totaal wordt er 1.264 m2 aan landschapsontsierende bebouwing aan de Arkeweg 5-7 gesloopt. Voor de woningsplitsing is er 600 m2 aan sloopmeters benodigd. Verder wordt 600 m2 aan sloopmeter geregistreerd om gebruikt te worden voor een andere ontwikkeling in het buitengebied van de gemeente. Daarnaast zal 64 m2 op basis van een 1:1 bouw-sloopverhouding (bij de sloop van asbesthoudende schuren) volgens paragraaf 3.2 van de beleidsnota 'Buitengebied met kwaliteit' worden ingezet aan de Uelserweg 161a. De resterende De totale gezamenlijke oppervlakte van vrijstaande bouwwerken wordt hierdoor vergroot volgens het geldend bestemmingsplan tot maximaal 164 m2.
Op dit moment is bij de woning aan de Uelserweg 161a slechts één bijgebouw met een oppervlakte van 70 m2 aanwezig. De overige 94 m2 zal worden ingezet voor de bouw van een nieuwe kapschuur in het oosten van het plangebied. Gelet op het feit dat er bij een reguliere rood voor rood ontwikkeling een extra woning wordt gebouwd, maar in dit geval slechts een bestaane woning planologisch wordt gesplitst, is er geen sprake van een toename van bebouwing in het buitengebied. Door de bouw van het nieuwe bijgebouw is dan ook geen onevenredige toename van verstening. Ten slotte worden de agrarische gronden in het noordoosten van het deelgebied aangepast naar een woonbestemming. Deze gronden zijn in de feitelijke situatie reeds in gebruik als tuin bij de woning aan de Uelserweg 161-16a. Binnen de bestaande agrarische bestemming zijn geen tuinen bij woningen toegestaan. Om de planologische situatie in overeenstemming te brengen met de feitelijke situatie wordt aan deze gronden een woonbestemming toegekend. 3.2.2
Landschappelijke inpassing
Door de Erfontwikkelaar is een ruimtelijk kwaliteitsplan opgesteld, waarin de landschappelijke inpassing van het perceel aan de Uelserweg 161-161a is weergegeven. Hieronder wordt nader op de landschappelijke inpassing ingegaan. Het volledige ruimtelijk kwaliteitsplan is als Bijlage 1 bij deze toelichting bijgevoegd. In afbeelding 3.1 is een uitsnede van de erfinrichtingstekening weergegeven.
bestemmingsplan Buitengebied, Uelserweg 161-161a Mander en Ar keweg 5-7 Tubbergen
17
Afbeelding 3.1: Uitsnede erfinrichtingsplan Uelserweg 161-161a (Bron: Erfontwikkelaar) Concreet ziet de landschappelijke inpassing toe op: het behoud van de bestaande passende tuin met struweel/bomen en veel gras; het behoud van de bestaande beukenhaag aan de voorzijde van het perceel.
3.3 Arkeweg 5-7, Tubbergen 3.3.1
Gewenste ontwikkeling
Zoals reeds beschreven betreft het deelgebied aan de Arkeweg 5-7 in Tubbergen een voormalig agrarisch bedrijfsperceel dat tegenwoordig in gebruik is als regulier woonperceel. Echter zijn nog een acht voormalige agrarische bedrijfsgebouwen aanwezig op het perceel. Het voornemen is om vijf van deze schuren, met een totaal gezamenlijk oppervlakte van 1.264 m2, te slopen. Van deze sloopmeters wordt 600 m2 ingezet in het kader van de Rood voor Rood regeling ten behoeve van de realisatie van een extra woonrecht aan de Uelserweg 161-161a in Mander. Daarnaast wordt 600 m2 geregistreerd om ingezet ze worden voor een andere ontwikkeling in het buitengebied van de gemeente Tubbergen. Verder wordt 64 m2 gebruikt voor het toestaan van extra bijgebouwen aan de Uelserweg 161a. Hiermee wordt ruimschoots voldaan aan de sloopnorm van 1.200 m2 voor de realisatie van één extra woonrecht. Aan de Arkeweg 5-7 blijven, naast de bestaande woningen, een aantal gebouwen staan. Dit betreffen enkele bijgebouwen bij de Arkeweg 5 (gezamenlijk circa 220 m2) en één schuur met asbest bij de Arkeweg 7 (circa 350 m2). Aangezien de twee met pannen gedekte bijgebouwen niet-landschapsontsierend zijn, mogen deze blijven staan. De asbesthoudende schuur is wel landschapsontsierend, echter zal deze worden opgeknapt en verfraaid, zodat deze niet meer landschapsontsierend is.
Deze schuur wordt opgeknapt door de noordelijke langzijde te voorzien van een nieuwe wandbekleding in een gedekte kleurstelling met potdeksel profielplaat of hout. De nokgevels worden voorzien van het zelfde materiaal, met een zwarte of antraciete kleur. De dakbedekking zal worden uitgevoerd in een gedekt, niet glimmend materiaal. Daarnaast wordt het dak van de schuur geschikt gemaakt voor zonnepanelen. Het gebouw zal gebruikt worden als werkplaats en werktuigenstalling voor het beheer van de nog in bezit zijnde gronden. 18
bestemmingsplan Buitengebied, Uelserweg 161-161a Mander en Arkeweg 5-7 Tubbergen
In afbeelding 3.2 is een overzicht van de te slopen (rood) en te behouden (groen) schuren op het perceel weergegeven. Opgemerkt wordt dat hierin tevens een bestaande, te behouden overkapping (prieeltje) met een oppervlakte van 17 m2 wordt weergegeven. In afbeelding 3.3 is een schets van de op te knappen schuur opgenomen. De schetstekening is eveneens als Bijlage 2 opgenomen.
Afbeelding 3.2 Overzicht te slopen (rood) en te behouden (groen) schuren aan de Arkeweg 5-7 (Bron: initiatiefnemer)
Afbeelding 3.3 Schetsontwerp te behouden schuur (Bron: Mirjam Wiggers Bouwkundig Tekenstudio) 3.3.2
Landschappelijke inpassing
Door de Erfontwikkelaar is een ruimtelijk kwaliteitsplan opgesteld, waarin de landschappelijke inpassing van het perceel aan de Arkeweg 5-7 is weergegeven. Hieronder wordt nader op de landschappelijke inpassing ingegaan. Het volledige ruimtelijk kwaliteitsplan is als Bijlage 1 bij deze toelichting bijgevoegd. In afbeelding 3.3 is een uitsnede van de erfinrichtingstekening weergegeven.
bestemmingsplan Buitengebied, Uelserweg 161-161a Mander en Ar keweg 5-7 Tubbergen
19
Afbeelding 3.3: Uitsnede erfinrichtingsplan Arkeweg 5-7 (Bron: Erfontwikkelaar) Concreet ziet de landschappelijke inpassing toe op: de aanplant van Hollandse linde; de aanplant van zwarte els; de aanplant van walnoot; het opknappen van de bestaande houtsingel en doorplanten met struweel; de aanplant van zomereik; het realiseren van weiland door het verkleinen van het bestaande erf; het behouden en opknappen van de bestaande schuur (en dak geschikt maken voor zonnepanelen); het behouden van bestaande bomen (berk/els/eik). Tevens worden in het erfinrichtingsplan de te behouden en te slopen opstallen in het kader van de gewenste Rood voor Rood ontwikkeling weergegeven.
3.4 Verkeer en parkeren 3.4.1
Algemeen
Bij het opstellen van bestemmingsplannen dient rekening te worden gehouden met de parkeerbehoefte en verkeersgeneratie die ontstaat als gevolg van een nieuwe ontwikkeling. De gemeente Tubbergen hanteert voor het bepalen van de parkeerbehoefte de 'Beleidsnotitie Bouwen en Parkeren 2018', echter wordt hierin voor het buitengebied verwezen naar de publicatie ‘Toekomstbestendig parkeren, publicatie 381 (december 2018)’ van het CROW. Op basis van deze publicatie kan eveneens de verkeersgeneratie worden bepaald. Met dit initiatief wordt aan de Arkeweg 5-7 slechts voormalige agrarische bedrijfsbebouwing gesloopt. Hierdoor zal de parkeerbehoefte en verkeersgeneratie niet wijzigen. Ter plaatse van het deelgebied aan de Uelserweg 161-161a wordt planologisch gezien één woning toegevoegd. Dit heeft invloed op het parkeren en de verkeersgeneratie. Hieronder wordt dan ook met name ingegaan op de parkeerbehoefte en verkeersgeneratie aan de Uelserweg 161-161a. In het kader van de voorgenomen ontwikkeling wordt uitgegaan van de volgende uitgangspunten: 20
bestemmingsplan Buitengebied, Uelserweg 161-161a Mander en Arkeweg 5-7 Tubbergen
Stedelijke zone: buitengebied; Verstedelijkingsgraad: niet stedelijk; functie: koop, huis, twee-onder-een-kap. 3.4.2
Parkeren
Op basis van de bovengenoemde uitgangspunten geldt voor de twee-onder-één-kapwoning aan de Uelserweg 161-161a een parkeerbehoefte van 2,2 parkeerplaatsen per woning. Aangezien in de gewenste situatie sprake is van twee woningen van het type twee-onder-één-kap is dan ook sprake van een totale parkeerbehoefte van 4,4 parkeerplaatsen (afgerond 5). Het parkeren ten behoeve van de woningen vindt plaats op eigen terrein. Gelet op de omvang van het perceel en gezien de beoogde inrichting zoals weergegeven in paragraaf 3.2 wordt gesteld dat in de parkeerbehoefte wordt voorzien. Opgemerkt wordt dat ter plaatse van het deelgebied Arkeweg 5-7 tevens voldoende ruimte is om in de parkeerbehoefte te voorzien. Het aspect parkeren vormt geen belemmering voor de gewenste ontwikkeling. 3.4.3
Verkeersgeneratie
Gelet op de vorenstaande uitgangspunten geldt voor de toe te voegen woning aan de Uelserweg 161-161a een verkeergeneratie van gemiddeld 7,8 verkeersbewegingen per weekdagetmaal. In de huidige situatie is reeds sprake van de verkeersbewegingen van twee huishoudens ter plaatse van de woonboerderij, aangezien sprake is van een woning met inwoning, die reeds wordt bewoond door twee huishoudens. Feitelijk gezien heeft het planologisch splitsen van de woonboerderij dan ook geen toename van het aantal verkeersbewegingen tot gevolg. Planologisch gezien is echter sprake van een toename van afgerond 8 verkeersbewegingen per weekdagetmaal vanwege het toevoegen van een zelfstandige wooneenheid. Het deelgebied wordt op een verkeersveilige en overzichtelijke wijze ontsloten middels de bestaande gedeelde in- en uitrit op de Uelserweg. De bestaande ontsluiting van het deelgebied aan de Arkeweg 5-7 blijft ook gehandhaafd. Het omliggende wegennet van de beide locaties is daarnaast van voldoende omvang en beschikt over voldoende capaciteit om deze beperkte toename van verkeersbewegingen eenvoudig te kunnen afwikkelen. Het aspect verkeersgeneratie vormt geen belemmering voor de gewenste ontwikkeling. 3.4.4
Conclusie
Het aspect 'verkeer en parkeren' vormt geen belemmering voor de in dit bestemmingsplan besloten ontwikkelingen.
bestemmingsplan Buitengebied, Uelserweg 161-161a Mander en Ar keweg 5-7 Tubbergen
21
22
bestemmingsplan Buitengebied, Uelserweg 161-161a Mander en Arkeweg 5-7 Tubbergen
Hoofdstuk 4
Beleidskader
Dit hoofdstuk beschrijft, voor zover van belang, het rijks-, provinciaal- en gemeentelijk beleid. Naast de belangrijkste algemene uitgangspunten worden de specifieke voor dit plangebied geldende uitgangspunten weergegeven. Het beleid is in dit bestemmingsplan afgewogen en doorvertaald in de verbeelding en in de regels.
4.1 Rijksbeleid 4.1.1
Nationale omgevingsvisie (NOVI)
4.1.1.1 Algemeen Nederland staat voor grote uitdagingen die van invloed zijn op onze fysieke leefomgeving. Complexe opgaven zoals verstedelijking, verduurzaming en klimaatadaptatie zijn nauw met elkaar verweven. Dat vraagt een nieuwe, integrale manier van werken waarmee keuzes voor onze leefomgeving sneller en beter gemaakt kunnen worden. De Nationale Omgevingsvisie (NOVI) zorgt voor een gezamenlijke aanpak die leidt tot een duurzaam perspectief voor onze leefomgeving. Dit is nodig om onze doelen te halen en is een zaak van overheid en samenleving. 4.1.1.2 Vier prioriteiten Aan de hand van een toekomstperspectief op 2050 brengt de NOVI de langetermijnvisie in beeld. Op nationale belangen wil het Rijk sturen en richting geven. Dit komt samen in vier prioriteiten. 1. Ruimte voor klimaatadaptatie en energietransitie Nederland moet zich aanpassen aan de gevolgen van klimaatverandering. In 2050 is Nederland klimaatbestendig en waterrobuust. Dit vraagt om maatregelen in de leefomgeving, waarmee tegelijkertijd de leefomgevingskwaliteit verbeterd kan worden en kansen voor natuur geboden kunnen worden. In 2050 heeft Nederland daarnaast een duurzame energievoorziening. Dit vraagt echter om ruimte. Door deze ruimte zoveel mogelijk te clusteren, wordt versnippering van het landschap voorkomen en wordt de ruimte zo efficiënt mogelijk benut.
Het Rijk zet zich in door het maken van ruimtelijke reserveringen voor het hoofdenergiesysteem op nationale schaal. 2. Duurzaam economisch groeipotentieel Nederland werkt toe naar een duurzame, circulaire, kennisintensieve en internationaal concurrerende economie in 2050. Daarmee kan ons land zijn positie handhaven in de top vijf van meest concurrerende landen ter wereld. Er wordt ingezet op een innovatief en sterk vestigingsklimaat met een goede quality of life. Belangrijk is wel dat onze economie toekomstbestendig wordt, oftewel concurrerend, duurzaam en circulair. 3. Sterke en gezonde steden en regio's Er zijn vooral in steden en stedelijke regio's nieuwe locaties nodig voor wonen en werken. Het liefst binnen de bestaande stadsgrenzen, zodat de open ruimten tussen stedelijke regio's behouden blijven. Dit vraagt optimale afstemming op en investeringen in mobiliteit. Dit betekent dat voorafgaand aan de keuze van nieuwe verstedelijkingslocaties helder moet zijn welke randvoorwaarden de leefomgevingskwaliteit en -veiligheid daar stelt en welke extra maatregelen nodig zijn wanneer er voor deze locaties wordt gekozen. Zo blijft de gezondheid in steden en regio's geborgd. 4. Toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied Er ontstaat een nieuw perspectief voor de Nederlandse landbouwsector als koploper in de duurzame kringlooplandbouw.
Een goed verdienpotentieel voor de bedrijven wordt gecombineerd met een minimaal effect op de omgevingskwaliteit van lucht, bodem en water. In alle gevallen zet het Rijk in op ontwikkeling van de karakteristieke eigenschappen van het Nederlandse landschap. Dit vertegenwoordigt een belangrijke cultuurhistorische waarde. Verrommeling en versnippering, bijvoorbeeld door wildgroei van distributiecentra, is ongewenst en wordt tegengegaan. 4.1.1.3 Afwegingsprincipes De druk op de fysieke leefomgeving in Nederland is zo groot, dat belangen soms botsen. Het streven is combinaties te maken en win-win situaties te creëren, maar dit is niet altijd mogelijk. Soms zijn er scherpe keuzes nodig en moeten belangen worden afgewogen. Hiertoe gebruikt de NOVI drie afwegingsprincipes: 1. Combinatie van functies gaan voor enkelvoudige functies. In het verleden is scheiding van functies vaak te rigide gehanteerd. Met de NOVI wordt gezocht naar maximale combinatiemogelijkheden tussen functies, gericht op een efficiënt en zorgvuldig gebruik van onze ruimte; 2. Kenmerken en identiteit van een gebied staan centraal. Het verschilt tussen gebieden wat de optimale balans bestemmingsplan Buitengebied, Uelserweg 161-161a Mander en Ar keweg 5-7 Tubbergen
23
is tussen bescherming en ontwikkeling en tussen concurrentiekracht en leefbaarheid. Sommige opgaven en belangen wegen in het ene gebied zwaarder dan in het andere; 3. Afwentelen wordt voorkomen. Het is van belang dat de leefomgeving zoveel mogelijk voorziet in mogelijkheden en behoeften van de huidige generatie inwoners, zonder dat dit ten koste gaat van die van toekomstige generaties. 4.1.1.4 Toetsing aan de NOVI In voorliggend geval is sprake van een ontwikkeling waarbij geen nationale belangen in het geding zijn en er is geen sprake van enige belemmering met betrekking tot de prioriteiten zoals verwoord in de NOVI. Bij het uitwerken van het plan zijn de kenmerken en identiteit van het gebied centraal gesteld. Geconcludeerd wordt dat de NOVI geen belemmering vormt voor de in dit bestemmingsplan opgenomen ontwikkeling. 4.1.2
Ladder voor duurzame verstedelijking
4.1.2.1 Algemeen In de Structuurvisie Infrastructuur en Ruimte (SVIR), de voorloper van de NOVI, is de ladder voor duurzame verstedelijking geïntroduceerd. Deze ladder is per 1 oktober 2012 als motiveringseis in het Besluit ruimtelijke ordening (artikel 3.1.6, lid 2) opgenomen. Doel van de ladder voor duurzame verstedelijking is een goede ruimtelijke ordening door een optimale benutting van de ruimte in stedelijke gebieden. Hierbij geldt een motiveringsvereiste voor het bevoegd gezag als nieuwe stedelijke ontwikkelingen planologisch mogelijk worden gemaakt. Teneinde een ontwikkeling adequaat te kunnen toetsen aan de ladder is het noodzakelijk inzicht te geven in de begrippen 'bestaand stedelijk gebied' en 'stedelijke ontwikkeling'. In het Bro zijn in artikel 1.1.1 definities opgenomen voor: bestaand stedelijk gebied: 'bestaand stedenbouwkundig samenstel van bebouwing ten behoeve van wonen, dienstverlening, bedrijvigheid, detailhandel of horeca, alsmede de daarbij behorende openbare of sociaal culturele voorzieningen, stedelijk groen en infrastructuur'.
stedelijke ontwikkeling: ´ruimtelijke ontwikkeling van een bedrijventerrein of zeehaventerrein, of van kantoren, detailhandel, woningbouwlocaties of andere stedelijke voorzieningen.' 4.1.2.2 Toetsing aan de Ladder Wat betreft de 'Ladder voor duurzame verstedelijking' wordt opgemerkt dat deze van toepassing is bij 'nieuwe stedelijke ontwikkelingen' (3.1.6 Bro). Er zijn inmiddels meerdere gerechtelijke uitspraken geweest over deze begripsdefinitie. Voor het realiseren van woningen is de uitspraak ABRvS 16 september 2015, ECLI:NL:RVS:2015:2921 van toepassing. Uit deze uitspraak blijkt dat het realiseren van 11 woningen niet wordt gezien als stedelijke ontwikkeling als bedoeld in artikel 1.1.1, eerste lid, aanhef en onder i Bro. In voorliggend geval is de ladder voor duurzame verstedelijking dan ook niet van toepassing aangezien sprake is van het planologisch toevoegen van één extra woonrecht aan de Uelserweg 161-161a. Gelet op de aard en omvang van de ontwikkeling is geen sprake van een 'nieuwe stedelijke ontwikkeling'. Nadere toetsing aan de Ladder is niet noodzakelijk. 4.1.3
Conclusie toetsing van het initiatief aan het rijksbeleid
Geconcludeerd wordt dat er geen sprake is van strijd met het rijksbeleid.
4.2 Provinciaal beleid Het provinciaal beleid is verwoord in tal van plannen. Het belangrijkste plan betreft de Omgevingsvisie Overijssel en de daarbij behorende Omgevingsverordening Overijssel. 4.2.1
Omgevingsvisie Overijssel
De omgevingsvisie is het centrale provinciale beleidsplan voor het fysieke beleidsplan voor het fysieke leefmilieu in Overijssel. De opgaven en kansen waar de provincie Overijssel voor staat, zijn vertaald in centrale beleidsambities voor negen beleidsthema's. De hoofdambitie van de Omgevingsvisie is een toekomstvaste groei van welvaart en welzijn met een verantwoord beslag op de beschikbare natuurlijke hulpbronnen en voorraden. Enkele centrale ambities van de provincie: goed en plezierig wonen, nu en in de toekomst door een passend en flexibel aanbod van woonmilieus (typen woningen en woonomgeving) die voorzien in de vraag (kwantitatief en kwalitatief); 24
bestemmingsplan Buitengebied, Uelserweg 161-161a Mander en Arkeweg 5-7 Tubbergen
versterken complementariteit van bruisende steden en vitaal platteland als ruimtelijke, cultureel, sociaal en economisch samenhangend geheel. Dit door behoud en versterking van leefbaarheid en diversiteit van het landelijk gebied, stedelijke netwerken versterken, behoud en versterken van cultureel erfgoed als drager van identiteit; veilig, gezond en schoon kunnen wonen, werken, recreëren en reizen door te zorgen voor waterveiligheid, externe veiligheid en verkeersveiligheid; investeren in een hoofdinfrastructuur voor wegverkeer, trein, fiets en waarbij veiligheid en doorstroming centraal staan. 4.2.2
Omgevingsverordening Overijssel
De provincie beschikt over een palet aan instrumenten waarmee zij haar ambities realiseert. Het gaat er daarbij om steeds de meest optimale mix van instrumenten toe te passen, zodat effectief en efficiënt resultaat wordt geboekt voor alle ambities en doelstellingen van de Omgevingsvisie. Eén van de instrumenten om het beleid uit de Omgevingsvisie te laten doorwerken is de Omgevingsverordening Overijssel. De Omgevingsverordening is het provinciaal juridisch instrument dat wordt ingezet voor die onderwerpen waarvoor de provincie eraan hecht dat de doorwerking van het beleid van de Omgevingsvisie juridisch geborgd is. Er wordt nadrukkelijk gestuurd op ruimtelijke kwaliteit en duurzaamheid. Uitgangspunt is dat verstedelijking en economische activiteiten gebundeld worden ten behoeve van een optimale benutting van bestaand bebouwd gebied. 4.2.3
Uitvoeringsmodel Omgevingsvisie Overijssel
Om te bepalen of een initiatief bijdraagt aan de ambities van de provincie Overijssel, wordt het Uitvoeringsmodel Omgevingsvisie Overijssel gebruikt. In dit uitvoeringsmodel staan de volgende stappen centraal: 1. Of – generieke beleidskeuzes 2. Waar – ontwikkelingsperspectieven 3. Hoe – gebiedskenmerken Bij een initiatief voor bijvoorbeeld woningbouw, een nieuwe bedrijfslocatie, toeristisch-recreatieve voorzieningen, natuurontwikkeling, etcetera kun je aan de hand van deze drie stappen bepalen of een initiatief binnen de geschetste visie voor Overijssel mogelijk is, waar het past en hoe het uitgevoerd kan worden. De eerste stap, het bepalen van de of-vraag, lijkt in strijd met de wens zoveel mogelijk ruimte te willen geven aan nieuwe initiatieven. Met het faciliteren van initiatieven moet echter wel gekeken worden naar de (wettelijke) verantwoordelijkheden zoals veiligheid of gezondheid. Het uitvoeringsmodel maakt helder wat kan en wat niet kan. Om een goed evenwicht te vinden tussen het bieden van ruimte aan initiatieven en het waarborgen van publieke belangen, varieert de provinciale sturing: soms normstellend, maar meestal richtinggevend of inspirerend. In afbeelding 4.1 is het Uitvoeringsmodel weergegeven.
bestemmingsplan Buitengebied, Uelserweg 161-161a Mander en Ar keweg 5-7 Tubbergen
25
Afbeelding 4.1: Uitvoeringsmodel Omgevingsvisie Overijssel (Bron: Provincie Overijssel) 4.2.3.1 Of- generieke beleidskeuzes Maatschappelijke opgaven zijn leidend in het handelen. Allereerst is het dan ook de vraag of er een maatschappelijke opgave is. Of een initiatief mogelijk is, wordt onder andere bepaald door generieke beleidskeuzes van EU, Rijk of provincie. Denk hierbij aan beleidskeuzes om basiskwaliteiten als schoon drinkwater en droge voeten te garanderen. Maar ook aan beleidskeuzes om overaanbod van bijvoorbeeld woningbouw- en kantorenlocaties – en daarmee grote financiële en maatschappelijke kosten – te voorkomen. In de omgevingsvisie zijn de provinciale beleidskeuzes hieromtrent vastgelegd. De generieke beleidskeuzes zijn vaak normstellend. Dit betekent dat ze opgevolgd moeten worden: het zijn randvoorwaarden waarmee iedereen rekening moet houden vanwege zwaarwegende publieke belangen. De normstellende beleidskeuzes zijn vastgelegd in de omgevingsverordening. 4.2.3.2 Waar- ontwikkelingsperspectieven Na het beantwoorden van de of-vraag, is de vraag waar het initiatief past of ontwikkeld kan worden. In de omgevingsvisie op de toekomst van Overijssel onderscheid de provincie zes ontwikkelingsperspectieven. Deze ontwikkelingsperspectieven schetsen een ruimtelijk perspectief voor een combinatie van functies en geven aan welke beleids- en kwaliteitsambities leidend zijn.
De ontwikkelingsperspectieven geven zo richting aan waar wat ontwikkeld zou kunnen worden. De ontwikkelingsperspectieven zijn richtinggevend. Dit betekent dat er ruimte is voor lokale afweging: een gemeente kan vanwege maatschappelijke en/of sociaal-economische redenen in haar Omgevingsvisie en bestemmings- of omgevingsplan een andere invulling kiezen. Die dient dan wel te passen binnen de – voor dat ontwikkelingsperspectief – geldende kwaliteitsambities. Daarbij dienen de nieuwe ontwikkelingen verbonden te worden met de bestaande kenmerken van het gebied, conform de Catalogus Gebiedskenmerken (de derde stap in het uitvoeringsmodel). Naast ruimte voor een lokale afweging ten aanzien van functies en ruimtegebruik, is er ruimte voor een lokale invulling van de begrenzing: de grenzen van de ontwikkelingsperspectieven zijn signaleringsgrenzen. 4.2.3.3 Hoe- gebiedskenmerken Ten slotte is de vraag hoe het initiatief ingepast kan worden in het landschap. De gebiedskenmerken spelen een belangrijke rol bij deze vraag. Onder gebiedskenmerken worden verstaan de ruimtelijke kenmerken van een gebied of gebiedstype die bepalend zijn voor de karakteristiek en kwaliteit van dat gebied of gebiedstype. Voor alle gebiedstypen in Overijssel is in de Catalogus Gebiedskenmerken beschreven welke kwaliteiten en kenmerken van provinciaal zijn en behouden, versterkt of ontwikkeld moeten worden. 26
bestemmingsplan Buitengebied, Uelserweg 161-161a Mander en Arkeweg 5-7 Tubbergen
De gebiedskenmerken zijn soms normstellend, maar meestal richtinggevend of inspirerend. Voor de normerende uitspraken geldt dat deze opgevolgd dienen te worden; ze zijn dan ook in de omgevingsverordening geregeld. De richtinggevende uitspraken zijn randvoorwaarden waarmee in principe rekening gehouden moet worden. Hier kan gemotiveerd van worden afgeweken mits aannemelijk is gemaakt dat met het alternatief de kwaliteitsambities even goed of zelfs beter gerealiseerd kunnen worden. De inspirerende uitspraken bieden een wenkend perspectief: het zijn voorbeelden van de wijze waarop ruimtelijke kwaliteitsambities ingevuld kunnen worden. Initiatiefnemers kunnen zich hierdoor laten inspireren, maar dit hoeft niet. 4.2.3.4 Toetsing van het initiatief aan het Uitvoeringsmodel Omgevingsvisie Overijssel Indien het concrete initiatief wordt getoetst aan het Uitvoeringsmodel Omgevingsvisie Overijssel ontstaat globaal het volgende beeld. 4.2.3.4.1 Of - generieke beleidskeuzes Bij de afwegingen in de eerste fase 'Of – generieke beleidskeuzes' zijn artikel 2.1.3 (Zuinig en zorgvuldig ruimtegebruik), artikel 2.1.5 (Ruimtelijke kwaliteit), artikel 2.1.6 lid 1 (Kwaliteitsimpuls Groene Omgeving), artikel 2.2.2 (Realisatie nieuwe woningen) en artikel 2.6.4 (Nieuwe ontwikkelingen in het Nationaal Landschap Noordoost Twente).
Tevens zijn ‘Grondwaterbeschermingsgebied en intrekgebieden’ (artikel 2.13.3) en ‘Niet risicovolle functies en grote risicovolle functies in intrekgebieden (Artikel 2.13.4) relevant. Hierna wordt nader op de artikelen ingegaan. Artikel 2.1.3: Zuinig en zorgvuldig ruimtegebruik 1. Bestemmingsplannen voorzien uitsluitend in stedelijke ontwikkelingen die een extra ruimtebeslag door bouwen en verharden leggen op de Groene Omgeving wanneer aannemelijk is gemaakt. dat er voor deze opgave in redelijkheid geen ruimte beschikbaar is binnen het bestaande bebouwd gebied en de ruimte binnen het bestaand bebouwd gebied ook niet geschikt te maken is door herstructurering en/of transformatie; dat mogelijkheden voor meervoudig ruimtegebruik binnen het bestaand bebouwd gebied optimaal zijn benut. 2. Bestemmingsplannen voor de Groene Omgeving voorzien uitsluitend in ontwikkelingen die een extra ruimtebeslag door bouwen en verharden leggen anders dan de uitleg van steden en dorpen wanneer aannemelijk is gemaakt: dat (her)benutting van bestaande erven en/of bebouwing in de Groene Omgeving in redelijkheid niet mogelijk is; dat mogelijkheden voor combinatie van functies op bestaande erven optimaal zijn benut.
Toetsing van het initiatief aan artikel 2.1.3 De te slopen landschapsontsierende voormalige agrarische gebouwen ter plaatse van de Arkeweg 5-7 hebben geen duurzaam toekomstperspectief, doordat de agrarische bedrijfsvoering ter plaatse is gestaakt. Om te voorkomen dat de bebouwing in verval treedt en een ongewenste situatie ontstaat met verval van de ruimtelijke kwaliteit, wordt ervoor gekozen de bebouwing met een totaal gezamenlijk oppervlakte van 1.264 m2 te slopen. Hiervan wordt 600 m2 ingezet voor het splitsen van de woning aan de Uelserweg 161-161a, wordt 600 m2 geregistreerd voor andere ontwikkelingen in het buitengebied en wordt 64 m2 gebruikt voor het toestaan van extra oppervlakte bijgebouwen aan de Ulserweg 161a. Deze extra woning wordt gerealiseerd binnen de bestaande woonboerderij aan de Uelserweg 161-161a. De woning wordt niet uitgebreid ten behoeve van het toevoegen van de wooneenheid, er is slechts sprake van het planologisch 'splitsen' van de woning. Als gevolg van de extra wooneenheid neemt de oppervlakte van de woonboerderij aan de Uelserweg 161-161a niet toe. Wel wordt er één extra bijgebouw met een oppervlakte van 94 m2 ten behoeve van de extra woning toegevoegd. Hiermee wordt 64 m2 aan extra bijgebouwen toegestaan bovenop de 100 m2 die bij recht is toegestaan.
Per saldo is echter geen sprake van extra ruimtebeslag door bouwen en verharden in de groene omgeving, maar juist van een afname. Samenvattend wordt geconcludeerd dat in voldoende mate rekening is gehouden met het gestelde in artikel 2.1.3. Artikel 2.1.5: Ruimtelijke kwaliteit (leden 1, 2, 3 en 5) 1. In de toelichting op bestemmingsplannen wordt onderbouwd dat de nieuwe ontwikkelingen die het bestemmingsplan mogelijk maakt, bijdragen aan het versterken van de ruimtelijke kwaliteit conform de geldende gebiedskenmerken. 2. In het kader van de toelichting als bedoeld in lid 1 wordt inzichtelijk gemaakt op welke wijze toepassing is gegeven aan het Uitvoeringsmodel (OF-, WAAR- en HOE-benadering) die in de Omgevingsvisie Overijssel is neergelegd. 3. In het kader van de toelichting als bedoeld in lid 1 wordt gemotiveerd dat de nieuwe ontwikkeling past binnen het ontwikkelingsperspectief die in de Omgevingsvisie Overijssel voor het gebied is neergelegd. bestemmingsplan Buitengebied, Uelserweg 161-161a Mander en Ar keweg 5-7 Tubbergen
27
4. In het kader van de toelichting als bedoeld in lid 1 wordt inzichtelijk gemaakt op welke wijze toepassing is gegeven aan de vier-lagenbenadering die onderdeel uitmaakt van het Uitvoeringsmodel en op welke wijze de Catalogus Gebiedskenmerken is gebruikt bij de ruimtelijke inpassing van de nieuwe ontwikkeling. Artikel 2.1.6: Kwaliteitsimpuls Groene omgeving (KGO) (lid 1) Bestemmingsplannen voor de Groene omgeving kunnen – met in achtneming van het bepaalde in artikel 2.1.3. en artikel 2.1.4. en het bepaalde in artikel 2.1.5. – voorzien in nieuwvestiging en grootschalige uitbreidingen van bestaande functies in de Groene omgeving, uitsluitend indien hier sociaaleconomische en/of maatschappelijke redenen voor zijn én er is aangetoond dat het verlies aan ecologisch en/of landschappelijk waarden in voldoende mate wordt gecompenseerd door investeringen ter versterking van ruimtelijke kwaliteit in de omgeving. Toetsing van het initiatief aan artikelen 2.1.5 en 2.1.6 lid 1 De provincie Overijssel biedt gemeenten de gelegenheid om een eigen beleidsinvulling te geven aan het KGO-beleid. De beleidsnota "Buitengebied met kwaliteit" van de gemeente Tubbergen is een afgeleide van de Kwaliteitsimpuls Groene Omgeving (artikel 2.1.6) en valt zodoende onder de reikwijdte van deze regelgeving.
De in dit bestemmingsplan besloten ontwikkeling wordt mogelijk gemaakt op basis van de Rood voor Rood regeling uit de beleidsnota "Buitengebied met kwaliteit". Kortheidshalve wordt dan ook verwezen naar paragraaf 4.3.2 waarin de ontwikkeling wordt getoetst aan de betreffende beleidslijn. In paragraaf 4.3.2 wordt beschreven dat het plan leidt tot een kwaliteitsimpuls in de groene omgeving (buitengebied) van de gemeente Tubbergen. Ten aanzien van artikel 2.1.5 ruimtelijk kwaliteit wordt opgemerkt dat voor beide locaties een erfinrichtingsplan is opgesteld. Deze erfinrichtingsplannen zijn gemaakt op basis van de geldende gebiedskenmerken en laten zien dat beide percelen op passende wijze worden ingepast. Aan de Arkeweg 5-7 worden verschillende boomsoorten aangeplant en wordt de bestande houtsingel opgeknapt en doorgeplant. Tevens wordt het bestaande erf verkleind en wordt weiland gerealiseerd. Bestaande bomen dienen te worden behouden. Aan de Uelserweg 161-161a blijft de bestaande passende tuin met struweel/bomen en veel gras behouden. Tevens blijven de bestaande gedeelde inrit en beukenhaag behouden. Er wordt voldaan aan de OF-, WAAR- EN HOE-benadering, zoals wordt aangetoond in deze en de hieropvolgende paragrafen.
Door de sloop (en het opknappen) van landschapsontsierende bebouwing en verharding en het behouden en aanplanten van passende beplanting aan de Arkeweg 5-7 is sprake van een verbetering van de ruimtelijke kwaliteit. Tevens is de gewenste ontwikkeling in overeenstemming met de ter plaatse geldende ontwikkelingsperspectieven en de vier lagen benadering, zoals wordt aangetoond in de hieropvolgende paragrafen. Hier wordt geconcludeerd dat de ontwikkeling in overeenstemming is met het provinciaal beleid ten aanzien van Ruimtelijke kwaliteit en KGO. Artikel 2.2.2: Realisatie nieuwe woningen (lid 1) Bestemmingsplannen en omgevingsvergunningen als bedoeld in artikel 2.1 lid 1 onder c van de Wabo, voorzien uitsluitend in de mogelijkheid tot het realiseren van nieuwe woningen als de behoefte daaraan is aangetoond door middel van actueel onderzoek woningbouw. Toetsing van het initiatief aan artikel 2.2.2 Voorliggende ontwikkeling betreft het planologisch toevoegen van één extra woning binnen de bestaande woonboerderij met inwoning aan de Uelserweg 161-161a op basis van de Rood voor Rood regeling. Door de sloop van landschapsontsierende bebouwing wordt het recht voor één woning verkregen. De woning voldoet aan de kwalitatieve behoefte en wordt gerealiseerd voor een concrete behoefte.
Zoals uit paragraaf 4.3 blijkt is er in de gemeente Tubbergen ruimte voor het toevoegen van extra woningen. Gelet op het vorenstaande wordt geconcludeerd dat voorliggend bestemmingsplan in overeenstemming is met artikel 2.2.2 uit de Omgevingsverordening Overijssel. Artikel 2.6.4: Nieuwe ontwikkelingen Bestemmingsplannen voorzien alleen in nieuwe ontwikkelingen binnen gebieden die in artikel 2.6.2 begrensd zijn als Nationaal Landschap als die bijdragen aan het behoud of de ontwikkeling van de kernkwaliteiten als benoemd in artikel 2.6.3 en zoals nader uitgewerkt in bijlage 7 van deze verordening. Toetsing van het initiatief aan artikel 2.6.4 In voorliggend geval vindt een nieuwe ontwikkeling plaats aan de Uelserweg 161-161a in Mander en de Arkeweg 5-7 in Tubbergen. Beide deelgebieden zijn aangewezen als Nationaal Landschap Noordoost-Twente. De kernkwaliteiten van het Nationaal Landschap Noordoost-Twente zijn onder meer: a. de grote mate van openheid; 28
bestemmingsplan Buitengebied, Uelserweg 161-161a Mander en Arkeweg 5-7 Tubbergen
b. de historische, rationele, geometrische verkaveling van de polder Mastenbroek; c. het reliëf in de vorm van huisterpen en kreekruggen; d. de kleinschaligheid en openheid van het rivierenlandschap. Bij het uitwerken van de plannen en de landschappelijke inpassing van beide percelen is rekening gehouden met de kernkwaliteiten van het Nationaal Landschap Noordoost-Twente. Op het perceel aan de Arkeweg 5-7 worden bovendien landschapsontsierende gebouwen verwijderd, waardoor de openheid van het landschap ter plaatse wordt bevorderd. In paragraaf 4.2.3.4.3 wordt getoetst aan de gebiedskenmerken, waarin nader wordt ingegaan op het behoud en ontwikkeling van de kernkwaliteiten in beide deelgebieden. Geconcludeerd wordt dat voorliggend bestemmingsplan in overeenstemming is met artikel 2.6.4 uit de Omgevingsverordening Overijssel. Artikel 2.13.3: Grondwaterbeschermingsgebieden en intrekgebieden Bestemmingsplannen voorzien in een aanduiding voor grondwaterbeschermingsgebieden en intrekgebieden waarbij alleen functies worden toegestaan die harmoniëren met de functie voor de drinkwatervoorziening. Artikel 2.13.4: Niet risicovolle functies en grote risicovolle functies in intrekgebieden In afwijking van het bepaalde in artikel 2.13.3.
kunnen in intrekgebieden ook nieuwe niet-risicovolle en grote risicovolle functies worden toegestaan, mits daarbij wordt voldaan aan het stand-stillprincipe. De van belang zijnde begrippen in het kader van artikel 2.13.3 en 2.13.5 zijn hierna opgenomen: niet-risicovolle functies: alle functies behalve harmoniërende functies en grotere of grootschalige risicovolle functies. harmoniërende functies: functies die goed samengaan met de drinkwaterwinning. grote en grootschalige risicovolle functies: functies die gelet op de risico’s voor de grondwaterkwaliteit én als zodanig, ongewenst zijn in grondwaterbeschermingsgebieden en intrekgebieden. stand-stillprincipe: beginsel dat erop gericht is verslechtering van de grondwaterkwaliteit tegen te gaan en het vergroten van risico’s op verontreiniging van het grondwater te voorkomen. Toetsing van het initiatief aan artikel 2.13.3 en 2.13.4 Het deelgebied aan de Uelserweg 161-161a ligt in een grondwaterbeschermingsgebied en een intrekgebied. Wonen betreft een harmoniërende functie. Het planologisch toevoegen van een woning leidt niet tot verslechtering van de grondwaterkwaliteit of tot een groter risico op verontreiniging. Hiermee wordt voldaan aan het stand-stillprincipe.
In de regels zijn de gebiedsaanduidingen 'milieuzone - grondwaterbeschermingsgebied' en 'milieuzone - intrekgebied' opgenomen, waarmee de bescherming van de kwaliteit van het grondwater planologisch is geborgd. Voorliggend bestemmingsplan is in overeenstemming met artikelen 2.13.3 en 2.13.4 van de omgevingsverordening. 4.2.3.4.2 Waar - ontwikkelingsperspectieven Beide deelgebieden liggen grotendeels in het ontwikkelingsperspectief 'Wonen en werken in het kleinschalig mixlandschap'. Tevens liggen gedeelten van beide deelgebieden binnen de ontwikkelingsperspectieven 'Natuurnetwerk Nederland (NNN)' en 'Zone Ondernemen met Natuur en Water buiten het Natuurnetwerk Nederland (NNN)'. In afbeelding 4.2 is een uitsnede van de ontwikkelingsperspectievenkaart ter plaatse van de Uelserweg 161-161a weergegeven, waarin het deelgebied indicatief is aangeduid met de rode omlijning. Daarnaast is in afbeelding 4.3 een uitsnede van de ontwikkelingsperspectievenkaart ter plaatse van de Arkeweg 5-7 weergegeven, waarin het deelgebied tevens indicatief is aangeduid met de rode omlijning.
bestemmingsplan Buitengebied, Uelserweg 161-161a Mander en Ar keweg 5-7 Tubbergen
29
Afbeelding 4.2: Uitsnede ontwikkelingsperspectievenkaart Omgevingsvisie Overijssel deelgebied Uelserweg 161-161a (Bron: Provincie Overijssel)
30
bestemmingsplan Buitengebied, Uelserweg 161-161a Mander en Arkeweg 5-7 Tubbergen
Afbeelding 4.3: Uitsnede ontwikkelingsperspectievenkaart Omgevingsvisie Overijssel deelgebied Arkeweg 5-7 (Bron: Provincie Overijssel)
'Wonen en werken in het kleinschalig mixlandschap' Het ontwikkelingsperspectief Wonen en werken in het kleinschalige mixlandschap richt zich op het in harmonie met elkaar ontwikkelen van de diverse functies in het buitengebied. Aan de ene kant melkveehouderij, akkerbouw en opwekking van hernieuwbare energie als belangrijke vormen van landgebruik. Aan de andere kant gebruik voor natuur, recreatie, wonen en andere bedrijvigheid. De ontwikkelingsmogelijkheden voor de landbouw, maar ook die voor de andere sectoren, willen we in dit ontwikkelingsperspectief nadrukkelijk verbinden met behoud en versterking van cultuurhistorische, natuurlijke en landschapselementen. Het waterbeheer richt zich op optimale condities voor de lokaal aanwezige functies, rekening houdend met de klimaatopgave en de kenmerken van het watersysteem. 'Zone Ondernemen met Natuur en Water buiten het Natuurnetwerk Nederland' Er zijn gebieden binnen de Zone ONW die buiten het natuurnetwerk liggen. In deze gebieden is ruimte voor groen ondernemerschap, voor initiatieven en functies die de economische en maatschappelijke dragers zijn van de kwaliteit van natuur, water en landschap én ruimte voor continuïteit van de aanwezige landbouwfunctie. Initiatieven van bewoners en ondernemers zijn hier leidend: zij zijn eigenaar en vormgever van de omgevingskwaliteit.
De na te streven kwaliteitsdoelen voor natuur en water zijn daarbij het uitgangspunt. 'Natuurnetwerk Nederland (NNN)' Binnen het Natuurnetwerk Nederland (NNN) staan in Overijssel de kwaliteitsambities Natuur als ruggengraat en Continu en Beleefbaar watersysteem voorop. Behoud en versterking van de natuurkwaliteit staat centraal binnen de bestaande natuur van het natuurnetwerk. Voor initiatieven die niet passen binnen de doelstelling van het Natuurnetwerk Nederland (NNN, voorheen Ecologische Hoofdstructuur (EHS)) is binnen het natuurnetwerk geen ruimte, tenzij er sprake is van een groot openbaar belang waar niet op een andere manier aan voldaan kan worden (het ‘nee, tenzij’-principe). Daarbij hanteert de provincie zogenaamde NNN-spelregels. Binnen de gebieden waar de komende jaren natuurrealisatie plaatsvindt, is medegebruik mogelijk. Voorwaarde is wel dat initiatieven actief bijdragen aan realisatie van het robuuste en samenhangende netwerk van gebieden met natuur-, water- en landschappelijke kwaliteit. bestemmingsplan Buitengebied, Uelserweg 161-161a Mander en Ar keweg 5-7 Tubbergen