CConstaterende datTubbergen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage BP Buitengebied, SvS Ossendijk 17 en Delenweg 15 Geesteren.pdf

Raadscommissie 10 mei 2022, gemeente TubbergenBij agendapunt: 7: Bestemmingsplan 'Buitengebied, SvS Ossendijk 17 en Delenweg 15 Geesteren'23.016 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 3

4.7 Water Een belangrijk instrument om waterbelangen in ruimtelijke plannen te waarborgen is de watertoets, die sinds 1 november 2003 wettelijk is verankerd. Initiatiefnemers zijn verplicht in ruimtelijke plannen een beschrijving op te nemen van de gevolgen van het plan voor de waterhuishouding. Het doel van de wettelijk verplichte watertoets is te garanderen dat waterhuishoudkundige doelstellingen expliciet en op een evenwichtige wijze in het plan worden afgewogen. Deze waterhuishoudkundige doelstellingen betreffen zowel de waterkwantiteit (veiligheid, wateroverlast, tegengaan verdroging) als de waterkwaliteit (riolering, omgang met hemelwater, lozingen op oppervlaktewater). Waterbeleid De Europese Kaderrichtlijn Water is richtinggevend voor de bescherming van de oppervlaktewaterkwaliteit in de landen in de Europese Unie. Aan alle oppervlaktewateren in een stroomgebied worden kwaliteitsdoelen gesteld die in 2015 moeten worden bereikt. Ruimtelijk relevant rijksbeleid is verwoord in de SVIR en het Nationaal Waterplan (inclusief de stroomgebiedbeheerplannen). 30

bestemmingsplan Buitengebied, SvS Ossendijk 17 en Delenweg 15 Geesteren

Op provinciaal niveau zijn de Omgevingsvisie en de bijbehorende Omgevingsverordening richtinggevend voor ruimtelijke plannen. Het Waterschap Vechtstromen heeft de beleidskaders van rijk en provincie nader uitgewerkt in het Waterbeheerplan 2016-2021. De belangrijkste ruimtelijk relevante thema's zijn de Kaderrichtlijn Water en retentiecompensatie. Daarnaast is de Keur van Waterschap Vechtstromen een belangrijk regelstellend instrument waarmee in ruimtelijke plannen rekening moet worden gehouden. Op gemeentelijk niveau zijn het in overleg met Waterschap Vechtstromen opgestelde gemeentelijk Waterplan en het gemeentelijk Rioleringsplan van belang bij het afwegen van waterbelangen in ruimtelijke plannen. Watervisie 2050 Het Waterschap Vechtstromen heeft op 14 april 2021 de Watervisie 2050 vastgesteld. In deze Watervisie staat de drie belangrijkste opgaven waaraan Vechtstromen volgens zeven hoofdlijnen wil werken met partners en inwoners. De drie belangrijkste opgaves zijn: de toenemende droogte en wateroverlast als gevolg van klimaatverandering; de waterkwaliteit die onder druk staat: de transitie naar een duurzame ontwikkeling. De Watervisie zal worden doorvertaald naar een Waterbeheerprogramma waarin wordt bepaald hoe het Waterschap in de periode 2022-2028 gaat werken aan haar opgaves. In het beheerprogramma zal het beleid en de maatregelen worden opgenomen.

Totdat het beheerprogramma is uitgewerkt, gelden nog de beleidskaders van rijk en provincie die nader zijn uitgewerkt in het Waterbeheerplan 2016-2021. Waterbeheerplan 2016-2021 Watersysteem In het waterbeheer van de 21e eeuw worden duurzame, veerkrachtige watersystemen nagestreefd. Dit betekent concreet dat droge perioden worden doorstaan zonder droogteschade, vissterfte en stank, en dat in natte perioden geen overlast optreedt door hoge grondwaterstanden of inundaties vanuit oppervlaktewateren. Problemen worden niet afgewenteld op andere gebieden of latere generaties. Het principe "eerst vasthouden, dan bergen, dan pas afvoeren" is hierbij leidend. Rijk, provincies en gemeenten hebben in het Nationaal Bestuursakkoord Water doelen vastgelegd voor het op orde brengen van het watersysteem. Afvalwaterketen Het zoveel mogelijk scheiden van vuil en schoon water is belangrijk voor het bereiken van een goede waterkwaliteit. Door te voorkomen dat grote hoeveelheden relatief schoon hemelwater door rioolstelsels worden afgevoerd, neemt het aantal overstorten van verontreinigd rioolwater op oppervlaktewater af en neemt de doelmatigheid van de rioolwaterzuivering toe. Hierdoor verbetert zowel de kwaliteit van oppervlaktewateren waarop overstorten plaatsvinden als de kwaliteit van het effluent ontvangende oppervlaktewater.

Indien het schone hemelwater door middel van infiltratie in het gebied wordt vastgehouden alvorens het wordt afgevoerd naar oppervlaktewater, draagt dit bovendien bij aan de duurzaamheid van het watersysteem. Vandaar dat het principe "eerst schoonhouden, dan scheiden, dan pas zuiveren" een belangrijk uitgangspunt is bij nieuwe stedelijke ontwikkelingen. Als het hemelwater niet wordt aangekoppeld of wordt afgekoppeld van het bestaande rioolstelsel is oppervlakkige afvoer en infiltreren in de bodem uitgangspunt. Als infiltratie in de bodem niet mogelijk is, is lozing op het oppervlaktewater via een bodempassage gewenst. Watertoetsproces Op 1 juni 2021 is via www.dewatertoets.nl de digitale watertoets verricht, zie Bijlage 4. Op basis van de watertoets volgt de normale procedure. Hiervoor is contact geweest met het waterschap, waar de plannen nader zijn toegelicht. Het waterschap adviseert om de bovenzijde van de begane grondvloer tenmisnte 30 centimer boven de weg aan te leggen. Dit om wateroverlast te voorkomen. Bij het realiseren van bebouwing en het aanleggen van de verharding moet rekening worden gehouden met voldoende drooglegging om bijvoorbeeld opdrijven van verharding en schimmelvorming in kruipruimten te voorkomen.

Het Waterschap adviseert voor bebouwing met kruipruimten een drooglegging van 1,00 meter en voor bebouwing zonder kruipruimte een drooglegging van 0,70 meter. Met de plannen zal rekening worden gehouden met het advies van het Waterschap. Het aspect 'water' vormt derhalve geen belemmering voor de uitvoering van het plan.

bestemmingsplan Buitengebied, SvS Ossendijk 17 en Delenweg 15 Geesteren

31

4.8 Ecologie Bij een ruimtelijk plan moeten de gevolgen van de voorgenomen ontwikkeling met betrekking tot aanwezige natuurwaarden in beeld worden gebracht. Daarbij wordt ingegaan op de relatie van het plan met beschermde gebieden, beschermde soorten, en het Natuurnetwerk Nederland (NNN). De wettelijke kaders hiervoor worden gevormd door Europese richtlijnen (Vogelrichtlijn en Habitatrichtlijn), nationale regelgeving (Wet natuurbescherming) en provinciale regelgeving (NNN in provinciale verordening). Toetsing Bij dit bestemmingsplan wordt hiervoor gebruik gemaakt van een quickscan natuurwaarden [kenmerk: 3341 versie 1.0], zie ook bijlage Bijlage 5. De resultaten zijn in de volgende alinea's opgenomen. Het plangebied is op 13 april 2021 onderzocht op de (potentiële) aanwezigheid van beschermde planten, dieren en beschermde nesten, holen, vaste rust- en voortplantingslocaties. Ook is onderzocht of de voorgenomen activiteiten een negatief effect hebben op beschermd (natuur)gebied, zoals Natura 2000 en het Natuurnetwerk Nederland. Wettelijke consequenties m.b.t. gebiedsbescherming: Het plangebied behoort niet tot het Natuurnetwerk Nederland of Natura2000-gebied. Vanwege de ligging buiten het Natuurnetwerk Nederland, leiden de voorgenomen activiteiten niet tot wettelijke consequenties, omdat de bescherming van het Natuurnetwerk Nederland geen externe werking kent in Overijssel.

Gelet op de aard, omvang en duur van de voorgenomen activiteiten en de afstand tussen Natura 2000-gebied en het plangebied, is het niet aannemelijk dat uitvoering van de voorgenomen activiteiten zal leiden tot een negatief effect op Natura 2000-gebied. Nader onderzoek, zoals het opstellen van een stikstofberekening, wordt niet noodzakelijk geacht. Wettelijke consequenties m.b.t. soortbescherming: Het plangebied behoort niet tot het Natuurnetwerk Nederland of Natura 2000-gebied. Vanwege de ligging buiten het Natuurnetwerk Nederland, leiden de voorgenomen activiteiten niet tot wettelijke consequenties, omdat de bescherming van het Natuurnetwerk Nederland geen externe werking kent in Overijssel. Gelet op de aard, omvang en duur van de voorgenomen activiteiten en de afstand tussen Natura 2000-gebied en het plangebied, is het niet aannemelijk dat uitvoering van de voorgenomen activiteiten zal leiden tot een negatief effect op Natura 2000-gebied. Nader onderzoek, zoals het opstellen van een stikstofberekening, wordt niet noodzakelijk geacht. De inrichting en het gevoerde beheer maken het plangebied (beide deelgebieden) niet tot een geschikte groeiplaats voor beschermde plantensoorten, maar wel tot geschikt functioneel leefgebied van verschillende beschermde dieren.

Verschillende beschermde amfibieën- en grondgebonden zoogdiersoorten benutten het plangebied als foerageergebied en bezetten er een vaste rust- en/of voortplantingsplaats en mogelijk nestelen er vogels in het plangebied. Vleermuizen bezetten geen vaste rust-of voortplantingsplaats in het plangebied. Van de in het plangebied nestelende vogelsoorten, is uitsluitend het bezette nest beschermd, niet het oude nest of de nestplaats. Bezette vogelnesten zijn beschermd en mogen niet verstoord, beschadigd of vernield worden. Gelet op de aard van de werkzaamheden kan geen ontheffing verkregen worden voor het beschadigen of vernielen van bezette vogelnesten. Indien de bebouwing gesloopt wordt en de beplanting verwijderd wordt tijdens de voortplantingsperiode, wordt geadviseerd vooraf een broedvogelscan uit te voeren om de aanwezigheid van een bezet vogelnest uit te kunnen sluiten. Als gevolg van de voorgenomen activiteiten worden mogelijk beschermde grondgebonden zoogdieren en amfibieën gedood en wordt een vaste (winter)rust- en/of voortplantingsplaats van een beschermd grondgebonden zoogdier of amfibie beschadigd of vernield. Beschermde dieren mogen niet gedood worden, maar voor het beschadigen en vernielen van de vaste rust- en voortplantingsplaats geldt een vrijstelling.

Door het bebouwen van een deel van het erf in deelgebied Ossendijk, neemt de betekenis van het deelgebied als foerageergebied voor beschermde dieren af, maar dat leidt niet tot wettelijke consequenties. Wettelijke consequenties samengevat: Geen beschermde dieren doden (maar wegvangen of verjagen); Bebouwing slopen buiten de voortplantingsperiode van vogels; Beplanting verwijderen buiten de voortplantingsperiode van vogels; Op basis van bovenstaande kan geconcludeerd worden dat het aspect 'ecologie' geen belemmering vormt voor de uitvoerbaarheid van het plan.

4.9 Archeologie en Cultuurhistorie Archeologie Nederland heeft in 1992 het verdrag van Malta ondertekend. Het verdrag van Malta heeft als doel het 32

bestemmingsplan Buitengebied, SvS Ossendijk 17 en Delenweg 15 Geesteren

archeologisch erfgoed in de bodem beter te beschermen. Voor gebieden waar archeologische waarden voorkomen of waar een reële verwachting bestaat dat er archeologische waarden aanwezig zijn dient er een archeologisch onderzoek uit te worden gevoerd, voordat er bodemingrepen plaatsvinden. Op 1 juli 2016 is de Erfgoedwet in werking getreden ter vervanging van de Monumentenwet 1988. Een deel van de monumentenwet is op deze datum overgegaan naar de Erfgoedwet. Het deel dat betrekking heeft op de besluitvorming in de fysieke leefomgeving gaat over naar de Omgevingswet, wanneer deze in werking treedt. Tot die tijd blijven deze onderdelen van de Monumentenwet 1988 gelden als overgangsrecht binnen de Erfgoedwet. Gemeenten hebben een archeologische zorgplicht en initiatiefnemers van projecten waarbij de bodem wordt verstoord zijn verplicht rekening te houden met de archeologische relicten die in het plangebied aanwezig (kunnen) zijn. Hiervoor is onderzoek noodzakelijk: het archeologisch vooronderzoek. Als blijkt dat in het plangebied behoudenswaardige archeologische vindplaatsen aanwezig zijn, dan kan de initiatiefnemer verplicht worden hiermee rekening te houden. Dit kan leiden tot een aanpassing van de plannen, waardoor de vindplaatsen behouden blijven, of tot een archeologische opgraving en publicatie van de resultaten.

Toets In het bestemmingsplan zijn voor beide locaties dubbelbestemmingen met archeologie verwachting opgenomen, namelijk 'Waarde - Archeologie 4'. Hiervoor geldt dat archeologisch onderzoek verplicht is bij werkzaamheden over een oppervlakte groter dan 5.000 m² en dieper dan 0,40 m onder het maaiveld. Beide planlocaties blijven ruimschoots onder de grenswaarden. Archeologisch onderzoek is niet noodzakelijk. Derhalve word geconcludeerd dat voorliggend plan geen negatieve gevolgen heeft voor het aspect 'archeologie'. Cultuurhistorie Onder cultuurhistorische waarden worden alle structuren, elementen en gebieden bedoeld die cultuurhistorisch van belang zijn. Zij vertellen iets over de ontstaansgeschiedenis van het Nederlandse cultuurlandschap. Vaak is er een sterke relatie tussen aardkundige aspecten en cultuurhistorische aspecten. De bescherming van cultuurhistorische elementen is vastgelegd in de Monumentenwet 1988 (die nog geldt als overgangsrecht binnen de Erfgoedwet). Deze wet is vooral gericht op het behouden van historische elementen voor latere generaties. Toets Uit de Cultuurhistorische waardenkaart van de provincie Overijssel kan worden afgeleid dat er geen cultuurhistorische waarden in de directe omgeving van de plangebieden aanwezig zijn waarop het voorliggende plan mogelijk een negatieve impact heeft.

Derhalve word geconcludeerd dat voorliggend plan geen negatieve gevolgen heeft voor het aspect 'cultuurhistorie'.

4.10

Verkeer / parkeren

Verkeer Het plangebied van de bouwlocatie wordt ontsloten via de Ossendijk. Met voorgenomen ontwikkeling neemt het aantal verkeersbewegingen niet toe. Het betreft enkel de realisatie van extra bijgebouwen bij een bestaande woonbestemming. De bijgebouwen zijn voor privé gebruik en zorgen dus niet voor extra verkeersbewegingen van derden. De huidige verkeersbewegingen kunnen eenvoudig via de huidige weg worden afgewikkeld. Het aspect 'verkeer' levert geen belemmeringen op voor dit plan. Parkeren Met voorliggend plan worden extra bijgebouwen mogelijk gemaakt op een bestaand woonerf aan de Ossendijk 17 in Geesteren. De bijgebouwen zijn voor privégebruik en zorgen niet voor een extra parkeerbehoefte. Momenteel vindt het parkeren op eigen terrein plaats, waar voldoende ruimte is om in parkeerplaatsen te voorzien. Ook na het realiseren van de extra bijgebouwen is er voldoende ruimte aanwezig op het perceel om in parkeren te voorzien. Het aspect 'parkeren' levert derhalve geen belemmeringen op voor dit plan.

bestemmingsplan Buitengebied, SvS Ossendijk 17 en Delenweg 15 Geesteren

33

34

bestemmingsplan Buitengebied, SvS Ossendijk 17 en Delenweg 15 Geesteren

Hoofdstuk 5

Juridische toelichting

5.1 Planopzet en systematiek De in Hoofdstuk 2 beschreven planopzet is juridisch-planologisch vertaald in een bestemmingsregeling, die bindend is voor overheid, bedrijven en burgers. Het bestemmingsplan bestaat uit een verbeelding (plankaart) en regels en is voorzien van een toelichting. De regels en verbeelding (plankaart) vormen het juridisch bindende deel. Op de verbeelding worden de toegekende bestemmingen en aanduidingen visueel weergegeven. De regels bevatten het juridische instrumentarium voor het regelen van het gebruik van de gronden, bepalingen omtrent de toegelaten bebouwing, regelingen betreffende het gebruik van aanwezige en/of op te richten bouwwerken. De toelichting heeft zelf geen juridische bindende werking, maar moet worden beschouwd als handvat voor de uitleg en de onderbouwing van de opgenomen bestemmingen.

5.2 Toelichting op de regels 5.2.1

Opbouw

In deze paragraaf wordt de systematiek van de regels en de wijze waarop de regels gehanteerd dienen te worden, uiteengezet. De regels van het plan bestaan uit vier hoofdstukken, waarin achtereenvolgens de inleidende regels, de bestemmingsregels, de algemene regels en de overgangs- en slotregels aan de orde komen. Voor de systematiek is aangesloten op de SVBP2012, zoals verplicht is sinds 1 juli 2013. Dit houdt onder meer in dat het plan IMRO-gecodeerd wordt opgeleverd. Navolgend wordt de opbouw, indeling en systematiek van de regels kort toegelicht. Inleidende regels Begrippen In deze bepaling zijn omschrijvingen gegeven van de in het bestemmingsplan gebruikte begrippen. Deze worden opgenomen om interpretatieverschillen te voorkomen. Begripsbepalingen zijn alleen nodig voor begrippen die gebruikt worden in de regels en die tot verwarring kunnen leiden of voor meerdere uitleg vatbaar zijn. Wijze van meten Om op een eenduidige manier afstanden, oppervlakten en inhoud van gebouwen en/of bouwwerken, geen gebouwen zijnde, te bepalen wordt in de wijze van meten uitleg gegeven wat onder de diverse begrippen wordt verstaan. Ten aanzien van de wijze van meten op de verbeelding (plankaart) geldt steeds dat het hart van een lijn moet worden aangehouden. Bestemmingsregels De opbouw van de bestemmingen ziet er als volgt uit: bestemmingsomschrijving: De omschrijving van de doeleinden.

Hierbij gaat het in beginsel om een beschrijving van de aan de grond toegekende functies; bouwregels: In de bouwregels worden voor alle bouwwerken de van toepassing zijnde bebouwingsregels geregeld. Waar en met welke maatvoering mag worden gebouwd, wordt hier vastgelegd. Indien mogelijk wordt verwezen naar bouwvlakken en aanduidingen op de verbeelding (plankaart); afwijken van de bouwregels: Bij een omgevingsvergunning kan onder voorwaarden worden afgeweken van de bouwregels ten aanzien van het oppervlak en de vorm van bijbehorende bouwwerken; specifieke gebruiksregels: In dit onderdeel is aangegeven welke vormen van gebruik in ieder geval zijn toegestaan dan wel strijdig zijn met de bestemming. Daarbij zijn niet alle mogelijke toegestane en strijdige gebruiksvormen genoemd, maar alleen die functies, waarvan het niet op voorhand duidelijk is. Het gaat hierbij in feite om een aanvulling/verduidelijking op de in de bestemmingsomschrijving genoemde functies; afwijken van de gebruiksregels: Bij een omgevingsvergunning kan onder voorwaarden worden afgeweken van het in de bestemmingsomschrijving beschreven gebruik van hoofdgebouwen; wijzigingsregels bestemmingsplan Buitengebied, SvS Ossendijk 17 en Delenweg 15 Geesteren

35

In dit onderdeel is aan burgemeester en wethouders de bevoegdheid gegeven het plan te wijzigen. Het gaat hier om wijzigingsbevoegdheden gekoppeld aan de desbetreffende bestemming. De criteria, die bij toepassing van de wijzigingsbevoegdheid in acht moeten worden genomen, zijn aangegeven. Algemene regels Anti-dubbeltelregel: Deze bepaling is opgenomen om te voorkomen dat, wanneer volgens een bestemmingsplan bepaalde gebouwen en bouwwerken niet meer dan een bepaald deel van een bouwperceel mogen beslaan, het opengebleven terrein nog eens meetelt bij het toestaan van een ander gebouw of bouwwerk, waaraan een soortgelijke eis wordt gesteld; Algemene bouwregels: In dit artikel worden de algemene bouwregels voor het bouwen beschreven, onverminderd het bepaalde in de overige artikelen; Algemene gebruiksregels: Deze bepaling bevat een opsomming van strijdig gebruik van gronden en bouwwerken in algemene zin; Algemene aanduidingsregels: In dit artikel worden de algemene aanduidingsregels beschreven; Algemene afwijkingsregels: In deze bepaling is aan burgemeester en wethouders de bevoegdheid gegeven om af te wijken van bepaalde, in het bestemmingsplan geregelde, onderwerpen.

De criteria, die bij toepassing van de afwijkingsbevoegdheid in acht moeten worden genomen, zijn aangegeven; Algemene wijzigingsregels: In deze bepaling is aan burgemeester en wethouders de bevoegdheid gegeven het plan te wijzigen. Het gaat hier om wijzigingsbevoegdheden met een algemene strekking. De criteria, die bij toepassing van de wijzigingsbevoegdheid in acht moeten worden genomen, zijn aangegeven; Overige regels: Hier staan regels geformuleerd ten aanzien van bijvoorbeeld welstand en wegverkeerslawaai en er wordt de mogelijkheid geboden om nadere eisen aan de plaats en de afmetingen van de bebouwing. Overgangs- en slotregels Overgangsrecht: Bouwwerken welke op het moment van inwerkingtreding van het bestemmingsplan bestaan (of waarvoor een bouwvergunning is aangevraagd) mogen blijven bestaan, ook al is er strijd met de bebouwingsregels. De overgangsbepaling houdt niet in dat het bestaand, illegaal opgerichte, bouwwerk legaal wordt, noch brengt het met zich mee dat voor een dergelijk bouwwerk alsnog een bouwvergunning kan worden verleend. Burgemeester en wethouders kunnen in beginsel dus nog gewoon gebruik maken van hun handhavingsbevoegdheid. Het overgangsrecht is opgenomen zoals opgenomen in artikel 3.2.1 Bro.

Het gebruik van de grond en opstallen, dat afwijkt van de regels op het moment van inwerkingtreding van het plan mag eveneens worden voortgezet; Slotregel: Deze bepaling geeft aan op welke manier de regels kunnen worden aangehaald. 5.2.2

Bestemmingen

Naast de inleidende regels (begrippen en wijze van meten), algemene regels (zoals bouwregels, gebruiksregels en proceduregels) en de overgangs- en slotregels, zijn de volgende bestemmingen in dit plan opgenomen: Bestemmingen 'Agrarisch - 1' Overeenkomstig het geldende bestemmingsplan is de locaties aan de Delenweg 15 bestemd als 'Agrarisch -1'. Gronden met deze bestemming zijn hoofdzakelijk bestemd voor het agrarisch gebruik en de uitoefening van een agrarisch bedrijf ter plaatse van het bouwvlak. In de bouwregels is specifiek bepaald dat de oppervlakte aan bedrijfsgebouwen de bestaande oppervlakte bedraagt, dit is vastgelegd middels een aanduiding op de verbeelding. 'Wonen' De als 'Wonen' bestemde gronden zijn bestemd voor het wonen met bijbehorende bouwwerken en daaronder begrepen wegen en paden, groenvoorzieningen, parkeervoorzieningen, speelvoorzieningen, water en nutsvoorzieningen.

36

bestemmingsplan Buitengebied, SvS Ossendijk 17 en Delenweg 15 Geesteren

Aan de Ossendijk 17 mag op basis van het schuur voor schuur-beleid een extra bijgebouw gerealiseerd worden deze wordt conform het beleid voorzien van een passende woonbestemming. 'Waarde - Archeologie 4' De voor 'Waarde - Archeologie 4' aangewezen gronden zijn, behalve voor de andere daar voorkomende bestemming(en), mede bestemd voor het behoud van de archeologische waarden. Voor bouwwerken waarbij grondroerende werkzaamheden over een oppervlakte groter dan 5.000 m² en dieper dan 0,40 m onder het maaiveld plaatsvinden moet aanvullend archeologisch onderzoek uitgevoerd worden.

bestemmingsplan Buitengebied, SvS Ossendijk 17 en Delenweg 15 Geesteren

37

38

bestemmingsplan Buitengebied, SvS Ossendijk 17 en Delenweg 15 Geesteren

Hoofdstuk 6 Economische uitvoerbaarheid Bij de voorbereiding van een ontwerpbestemmingsplan dient op grond van artikel 3.1.6, eerste lid, sub f van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) onderzoek plaats te vinden naar de uitvoerbaarheid van het plan. Artikel 6.12 van de Wet ruimtelijke ordening stelt dat de gemeenteraad gelijktijdig met de vaststelling van het bestemmingsplan moet besluiten om al dan niet een exploitatieplan vast te stellen. Hoofdregel is dat een exploitatieplan moet worden vastgesteld bij elk bestemmingsplan. Er zijn echter uitzonderingen. Het is mogelijk dat de raad verklaart dat met betrekking tot een bestemmingsplan geen exploitatieplan wordt vastgesteld indien het verhaal van kosten van de grondexploitatie anderszins is verzekerd of het stellen van nadere eisen en regels niet noodzakelijk is. De gemeentelijke kosten, waaronder leges en planschadekosten, komen voor rekening van de aanvrager. Er is geen sprake van een aangewezen bouwplan waarvoor een exploitatieplan moet worden vastgesteld (artikel 6.12 lid 1 Wro jo. artikel 6.2.1 Bro).

bestemmingsplan Buitengebied, SvS Ossendijk 17 en Delenweg 15 Geesteren

39

40

bestemmingsplan Buitengebied, SvS Ossendijk 17 en Delenweg 15 Geesteren

Hoofdstuk 7 Maatschappelijke uitvoerbaarheid 7.1 Vooroverleg Artikel 3.1.1 van het Besluit ruimtelijke ordening (Bro) schrijft voor dat het bestuursorgaan, dat belast is met de voorbereiding van een bestemmingsplan overleg pleegt met instanties, zoals gemeenten, waterschappen, provinciale diensten en Rijk, die betrokken zijn bij de zorg voor ruimtelijke ordening of belast zijn met de behartiging van belangen welke in het plan in het geding zijn. In het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening (Barro) zijn de nationale belangen die juridische borging vereisen opgenomen. Het Barro is gericht op doorwerking van nationale belangen in gemeentelijke bestemmingsplannen. Geoordeeld wordt dat dit bestemmingsplan geen nationale belangen schaadt. Daarom is afgezien van het voeren van vooroverleg met het Rijk. Provincie Overijssel De provincie Overijssel heeft in juli 2016 een uitzonderingslijst opgesteld van categorieën bestemmingsplannen en projectbesluiten van lokale aard waarvoor vooroverleg niet noodzakelijk is. Het plan valt onder categorie B onder 1, waardoor vooroverleg niet nodig is. Waterschap Vechtstromen Op 1 juni 2021 is het plan via de digitale watertoets kenbaar gemaakt bij het waterschap Vechtstromen. De conclusie van die digitale toets is dat het waterschap een positief advies geeft. Hiermee is voldaan aan het verplichte vooroverleg.

7.2 Zienswijzen Het ontwerpbestemmingsplan heeft met ingang van 26 januari 2022 voor een periode van zes weken ter inzage gelegen. Binnen deze periode kon een ieder zijn of haar zienswijze ten aanzien van dit bestemmingsplan kenbaar maken. Tijdens de termijn van de terinzagelegging zijn geen zienswijzen binnengekomen.

bestemmingsplan Buitengebied, SvS Ossendijk 17 en Delenweg 15 Geesteren

41

42

bestemmingsplan Buitengebied, SvS Ossendijk 17 en Delenweg 15 Geesteren

Bijlagen bij de toelichting

bestemmingsplan Buitengebied, SvS Ossendijk 17 en Delenweg 15 Geesteren

43

Bijlage 1 Ossendijk

44

Landschappelijke inpassing

bestemmingsplan Buitengebied, SvS Ossendijk 17 en Delenweg 15 Geesteren

Legenda

Ossendijk 17-17a N

a=

Bestaande woning

b=

Bijgebouw bij de woning

c=

Nieuw te bouwen bijgebouwen, schuur rood omkaderd wordt gesloopt

d=

Bestaande haagbeuk (Carpinus betulus)

e=

Tuin en moestuin

f=

Bestaande houtwallen, voornamelijk eik (Quercus robur) met ondergroei van inheems bosplantsoen

g=

Herstel houtwal middels aanplant eiken (Quercus robur), 2 stuks met een plantafstand van ca. 6 meter, maatvoering 14-16.

h=

Aanplant boerenhaag met de soorten haagbeuk (Carpinus betulus) 50%, meidoorn (Crataegus monogyna) 25%, veldesdoorn (Acer campestre) 25%, ter versterking van het erf, 55 meter en 5 stuks aanplant per meter, aanplant in rij, maatvoering 80-100. De doorgang naar het achterliggende agrarische perceel wordt open gehouden

Landschap op locatie De Ossendijk 17 ligt op de overgang van het oude hoevenlandschap naar het jong heide- en broekontginningslandschap. Het broek- en heideontginningslandschap heeft een rationele, vaak rechthoekige verkaveling in een vlak, vaak relatief open landschap. Kavelgrenzen worden vaak bepaald door beken en sloten. Deze structuur is herkenbaar ten noorden van het plangebied. Het oude hoevenlandschap wordt gekenmerkt als een kleinschalig landschap met bebouwing gesitueerd in verspreide erven. Het werd ontwikkeld nadat de complexen met de grote essen ‘bezet’ waren en een volgende generatie boeren nieuwe ontwikkelingsruimte zocht. Die vonden ze bij kleine dekzandkopjes die individueel werden ontgonnen. Dit leidde tot een landschap dat de zelfde opbouw kent als het essenlandschap, alleen in een meer kleinschalige, meer individuele en jongere variant. Deze kleinere maat en schaal is tevens de reflectie van de natuurlijke ondergrond. Essenlandschap in het klein met samenhangend systeem van es/kamp, erf op de flank, natte laagtes en – voormalige – heidevelden. Deze structuur is herkenbaar op en rondom het plangebied door de aanwezigheid van kronkelende kavelgrenzen en de diverse landschapselementen zoals houtwallen die de lijnen van het landschap volgen.

Het onderscheid tussen de kronkelende vormen van het oude hoevenlandschap en de rationele vormen die later ontstaan zijn door de ontginning van de heidegronden zijn herkenbaar op de historische topografische kaart uit 1900, onderaan deze alinea. Het erf van de Ossednijk 17 is relatief jong en is waarschijnlijk ontstaan toen de heidegronden ontgonnen zijn. Veel van de groene lijnen in het oude hoevenlandschap zijn bewaard gebleven. De kenmerkende structuren van het oude hoevenlandschap worden ter plaatse versterkt door de houtwal ten westen, tevens aangrenzend aan het erf te herstellen. De aanplant van een boerenhaag aan de achterzijde van het erf geeft rugdekking aan het geheel.

PROJECT: NAAM: ADRES: POSTCODE:

Schuur voor schuur Ossendijk 17 7678 VL Geesteren

NUMMER: VERSIE: DATUM: STATUS:

21AF021 Versie 1.1 29-11-2021 Definitief

GETEKEND: BIJLAGE: FORMAAT: SCHAAL:

A.Veenendaal A3 1:800

Bijlage 2 Delenweg

46

Landschappelijke inpassing

bestemmingsplan Buitengebied, SvS Ossendijk 17 en Delenweg 15 Geesteren

Legenda

Delenweg 15-15a N

a=

Bestaande woning

b=

Bedrijfsopstallen

c=

Bestaande eikenlaan en erfbomen

d=

Te slopen bedrijfsgebouw (oranje omlijnd)

e=

Aanplant houtsingel, 4 meter breed, totale lengte 55 meter, 4 plantrijen, plantverband 1 x 1 m in driehoeksverband met de soorten meidoorn (Crataegus monogyna), lijsterbes (Sorbus aucuparia), wilde kardinaalsmuts (Euonymus europaeus), zwarte els (Alnus glutinosa) en sleedoorn (Prunus spinosa) in een gelijke verdeling, met de boomvormers in de middelste rijen. Totale aanplant 220 stuks. Aanplant ondergroei bestaande eiken, 5 meter breed, totale lengte 20 meter, 4 plantrijen, plantverband 1 x 1 m in driehoeksverband met de soorten meidoorn (Crataegus monogyna), lijsterbes (Sorbus aucuparia), wilde kardinaalsmuts (Euonymus europaeus) en sleedoorn (Prunus spinosa) in een gelijke verdeling, totale aanplant 100 stuks. Verwijderen uitheemse beplanting (voornamelijk laurier) Bestaand bouwvlak

f=

g= h=

Landschap op locatie Vanuit linten werd het omliggende hoogveengebied middels opstrekkende verkavelingen, vrij kleinschalig, grotendeels ontgonnen. Dit was het gevolg van de wens tot vergroting van het landbouwareaal (boekweit brand cultuur). Diepe afwateringskanalen werden niet gegraven zodat veel veen onder het grondwater bleef zitten. Een groot deel van dit landschapstype is dan ook later alsnog afgegraven, verder ontwaterd en weer als landbouwgrond in cultuur gebracht. En daarmee onderdeel geworden van het veenkoloniaal landschap. Andere delen zijn door landinrichtingswerken minder herkenbaar geworden. De hoogveenontginningslandschappen zijn te herkennen aan de opstrekkende verkavelingen, een min of meer grillig patroon van wegen en paden en de vele elzensingels. Reliëfrijk, vanwege het niet vergraven van delen, waar de veenpakketten dun waren. Het landschapstype is afwisselend meer of minder open. Het erf aan de Delenweg 15 is reeds op de historische topografische kaart van 1900 te zien. Het omliggende landschap is vervlakt door schaalvergroting van de landbouw en het verdwijnen van de karakteristieke bomensingels en houtwallen. De landschapselementen bestaan voornamelijk uit beplanting langs (water)wegen. Op het erf is relatief veel groen aanwezig, bestaande uit oude eiken langs de inrit en diverse erfbosjes op het erf.

De landschappelijke inpassing draagt bij aan het behoud en de versterking van het kleinschalige karakter en de kenmerkende weg- en kavelgrensbeplanting.

PROJECT: NAAM: ADRES: POSTCODE:

Schuur voor schuur Delenweg 15-15a 7678 TE Geesteren

NUMMER: VERSIE: DATUM: STATUS:

21AF021 Versie 1.0 10-11-2021 Definitief

GETEKEND: BIJLAGE: FORMAAT: SCHAAL:

A.Veenendaal A3 1:800

48

bestemmingsplan Buitengebied, SvS Ossendijk 17 en Delenweg 15 Geesteren

Bijlage 3 Vooronderzoek NEN 5725 Ossendijk 17 Geesteren

bestemmingsplan Buitengebied, SvS Ossendijk 17 en Delenweg 15 Geesteren

49

RAPPORT VOORONDERZOEK conform NEN 5725 Ossendijk 17 - Geesteren

Opdrachtgever: Ad Fontem Locatie: Ossendijk 17 7678 VL Geesteren Mei 2021

Kruse Milieu BV Bezoekadres: Huyerenseweg 33 7678 SC Geesteren

Internet: info@krusegroep.nl www.krusegroep.nl

Tel: 0546 - 63 96 63 KvK: 06068751 BTW-nr: NL 8019.25.125.B01

Bankgegevens: ABN AMRO: NL34ABNA0501538739

Rapport Vooronderzoek conform NEN 5725 Ossendijk 17 - Geesteren

Opdrachtgever: Ad Fontem Stationsstraat 37 7622 LW Borne Locatie: Ossendijk 17 7678 VL Geesteren Projectcode: 21031225 Rapportagedatum: 31 mei 2021 Auteur: ing. J. Lammers Kruse Milieu BV

INHOUD Pagina 1

Inleiding

1

2.1 2.2

Locatiegegevens Algemene gegevens Bodemsamenstelling en geohydrologie

2 2 2

3.1 3.2

Werkwijze Verzamelen van de historische en huidige gegevens Methodiek en beschikbare informatie

3 3 3

4.1 4.2 4.3 4.4 4.5

Beschikbare informatie Historisch gebruik Milieudossiers Bodemdossiers Huidig gebruik van de locatie Toekomstig gebruik van de locatie

4 4 4 4 5 5

Conclusies

6

2

3

4

5

Bijlagen I II III IV V

Luchtfoto met geografisch besluitvormingsgebied Historische topografische kaarten en luchtfoto’s Boorplan verkennend bodemonderzoek (Kruse Milieu BV, november 2013) Fotoreportage terreininspectie Ontwerp toekomstige situatie

Kruse Milieu BV

Project: 21031225

1

Inleiding

In opdracht van Ad Fontem heeft Kruse Milieu BV een vooronderzoek conform norm NEN 5725 uitgevoerd voor de locatie aan de Ossendijk 17 in Geesteren. De aanleiding voor het vooronderzoek is de voorgenomen uitbreiding van de woonbestemming en de nieuwbouw van twee schuren. Het vooronderzoek dient om inzicht te krijgen in hoeverre verontreinigingen kunnen zijn ontstaan door huidige en/of voormalige (bedrijfs)activiteiten of dat er sprake is van een (historische) verontreiniging. Het doel van het vooronderzoek is het opstellen van een hypothese over de bodemkwaliteit. Het vooronderzoek is uitgevoerd volgens norm NEN 5725:2017, “Bodem - Landbodem Strategie voor het uitvoeren van milieuhygiënisch vooronderzoek”, NNI Delft, oktober 2017.

Kruse Milieu BV

Project: 21031225

pagina 1 van 6

2

Locatiegegevens 2.1

Algemene gegevens

De algemene gegevens van het te onderzoeken terreindeel zijn: Adres

: Ossendijk 17 7678 VL Geesteren

Kadastrale registratie

: Gemeente Tubbergen, sectie A, nummer 8247

Oppervlakte geografische besluitvormingsgebied

: 2870 m2 (gehele kadastrale perceel)

Coördinaten RD-stelsel

: centrale punt

2.2

x = 245.86 en y = 495.10

Bodemsamenstelling en geohydrologie

Op basis van literatuurstudie is de onderstaande regionale geohydrologische situatie afgeleid: - Het maaiveld bevindt zich ongeveer 15.8 meter boven NAP - De deklaag bestaat uit kwartair zand, een door de wind afgezet dekzandpakket, dat behoort tot de formatie van Twente. Deze laag is ter plaatse ruim 25 meter dik. Het doorlatend vermogen is 250 tot 500 m²/dag. - De grondwaterspiegel bevindt zich ongeveer 1.0 meter onder het maaiveld. Het freatische grondwater stroomt in zuidwestelijke richting met een verhang van 2 m/km. - Er bevindt zich geen waterwingebied in de directe omgeving van de onderzoekslocatie. De Itterbeek stroomt op circa 800 meter ten noordwesten van de onderzoekslocatie. De Geesterense Molenbeek stroomt op circa 300 meter ten zuiden van de locatie en de Broekbeek stroomt op circa 350 meter ten noordwesten van de onderzoekslocatie. De invloed van deze watergangen op de lokale stand en stromingsrichting van het freatische grondwater is bij ons bureau onbekend.

Kruse Milieu BV

Project: 21031225

pagina 2 van 6

3

Werkwijze 3.1

Verzamelen van de historische en huidige gegevens

Ten behoeve van het verzamelen van historische en huidige gegevens hebben de navolgende raadplegingen van bronnen plaatsgevonden: - archief gemeente Tubbergen - archief Kruse Milieu BV - vaststellen van het huidige en historisch gebruik op de locatie, binnen het geografisch besluitvormingsgebied. De hierbij geraadpleegde internetsites zijn: - www.pdokviewer.pdok.nl - www.topotijdreis.nl - BAG-viewer - www.ahn.arcgisonline.nl/ahnviewer - Bodematlas Overijssel - Regionale bodemkwaliteitskaart Twente (Witteveen+Bos, maart 2018) - terreininspectie door Kruse Milieu BV - informatie van de opdrachtgever en de eigenaar De aldus verkregen informatie is samengevat en geïnterpreteerd in hoofdstuk 4.

3.2

Methodiek en beschikbare informatie

Alleen informatie, die betrekking heeft op het geografisch besluitvormingsgebied (met een buffer van 25 meter), wordt in dit vooronderzoek behandeld. Het geografisch besluitvormingsgebied betreft het gehele kadastrale perceel. In bijlage I is een luchtfoto opgenomen, waarop het geografisch besluitvormingsgebied is aangegeven.

Kruse Milieu BV

Project: 21031225

pagina 3 van 6

4

Beschikbare informatie

In dit hoofdstuk worden de verkregen resultaten en inzichten behandeld van informatie van de gemeente, opdrachtgever en historisch kaartmateriaal.

4.1

Historisch gebruik

De huidige ligging van de Ossendijk is op de topografische kaart van 1901 weergegeven. De locatie is onbebouwd en betreft heide. Op de kaart zijn enkele houtwallen aangegeven die ook tegenwoordig nog aanwezig zijn, waaronder de houtwal aan de noordzijde van het erf. Vanaf 1933 is op de locatie een woning aanwezig. De omliggende terreinen zijn in gebruik als landbouwgrond. Op circa 350 meter ten noordwesten van de locatie is de Broekbeek aangelegd. Vanaf 1955 is ten zuidwesten van de woning een bijgebouw weergegeven. In de Basisregistratie Adressen en Gebouwen (BAG) is aangegeven dat de huidige schuren in 1980 zijn gebouwd. De te slopen schuur is op de topografische kaarten vanaf 1988 weergegeven. Op de topografische kaart van 2014 is de huidige woning ter plekke van de oorspronkelijke woning weergegeven. Uit de BAG blijkt dat de woning in 2014 is gebouwd. Op de luchtfoto’s is te zien dat het zuidelijke deel van het perceel circa 2015 in gebruik was als landbouwgrond. Hierna is dit deel van het terrein in gebruik als gazon en moestuin en voor het stallen van landbouwwerktuigen. De historische topografische kaarten zijn weergeven in bijlage II.

4.2

Milieudossiers

Van de locatie zijn geen (vervallen) Hinderwet- of milieuvergunningen bekend bij de gemeente Tubbergen. Door de eigenaar is aangegeven dat de locatie altijd in gebruik is geweest als woning en dat er geen bedrijfsmatige activiteiten hebben plaatsgevonden. Voor zover bekend is er op het terrein nooit sprake geweest van opslag in tanks van chemicaliën of brandstoffen, zoals huisbrandolie of diesel.

4.3

Bodemdossiers

Op de locatie is voor zover bekend één eerder bodemonderzoek uitgevoerd. Deze wordt hieronder toegelicht. Verkennend bodemonderzoek Ossendijk 17 te Geesteren, Kruse Milieu BV, d.d. 20 november 2013 met projectcode 13044610 De aanleiding van dit bodemonderzoek was de voorgenomen nieuwbouw van de woning op de locatie. Omdat de woning nog in gebruik was, zijn er geen inpandige boringen verricht. Tot circa 2.6 meter min maaiveld (m-mv) bestaat de bodem uit matig fijn tot matig grof zand. De bodem tot circa 0.5 m-mv tevens zwak humeus is. In de bovengrond zijn plaatselijk sporen baksteen aangetroffen. Uit de analyseresultaten blijkt dat de bovengrond zeer licht verontreinigd is met PAK. De ondergrond is niet verontreinigd en in het grondwater is een zeer licht verhoogd gehalte aan barium gemeten. Het boorplan van het verkennend bodemonderzoek is opgenomen in bijlage III.

Uit de Regionale bodemkwaliteitskaart Twente (Witteveen+Bos, maart 2018) is af te leiden dat de boven- en ondergrond op de locatie in de klasse AW2000 vallen. Kruse Milieu BV

Project: 21031225

pagina 4 van 6

4.4

Huidig gebruik van de locatie

In bijlage I is een luchtfoto van de huidige situatie opgenomen, waarop het besluitvormingsgebied is aangegeven. Van de terreininspectie is een fotoreportage weergeven in bijlage III. De te slopen schuur is deels in gebruik als stalling voor tractoren en deels als opslag van diverse materialen en fietsen. In de schuur is een kleinschalige werkplaats aanwezig die enkel hobbymatig wordt gebruikt. Op de locatie vindt geen onderhoud aan de tractoren plaats. De tractoren worden onderhouden bij een landbouwmechanisatiebedrijf. Aan de achterzijde van de schuur is een overkapping aanwezig. Deze is onder andere in gebruik als stalling voor een zitmaaier. De te behouden schuur is in gebruik als opslag en stalling van fietsen. De daken van de schuren zijn voorzien van dakpannen. In de te slopen schuur is het terrein verhard met grindtegels. De te behouden schuur is voorzien van een betonvloer. Ten zuiden van de woning is een houten overkapping aanwezig die in gebruik is als hondenhok. Rondom het hondenhok is het terrein onverhard (gazon). Het terrein rondom de woning en de schuren is grotendeels verhard met klinkers. Het overige deel van het terrein is onverhard en in gebruik als gazon. Het zuidelijke deel van het perceel is grotendeels onbebouwd en onverhard en deels in gebruik als moestuin. Ten zuiden van het perceel is het terrein in gebruik als akker.

Nabij de moestuin is een kleine berging aanwezig voor het stallen van een aanhanger. Op het zuidwestelijke deel van het perceel, ten zuiden van de te slopen schuur, worden landbouwwerktuigen gestald. Tevens zijn op dit deel van het terrein betontegels in opslag. Tijdens de terreininspectie zijn geen asbestverdachte materialen aan de gebouwen of op het maaiveld waargenomen.

4.5

Toekomstig gebruik van de locatie

Het voornemen is om op het perceel twee nieuwe schuren te bouwen. In het kader van de voorgenomen nieuwbouw dient de bestemming van een deel van het terrein gewijzigd te worden in wonen. De toekomstige schuur zal groter worden dan de te slopen zuidelijke schuur en zal gebruikt worden als stalling voor tractoren en landbouwwerktuigen. De noordelijke schuur zal behouden blijven. Ter plekke van het hondenhok zal een nieuwe schuur gebouwd worden. Deze zal deels in gebruik zijn als overkapping (terras) en deels voor als stalling van fietsen en als opslag. Van het zuidelijke deel van het perceel zal de agrarische bestemming van het perceel gewijzigd worden in wonen. De situatie op dit deel van het terrein zal niet gewijzigd worden. Ook op het overige deel van het perceel wijzigt de situatie niet. In bijlage V is het ontwerp van de toekomstige situatie opgenomen.

Kruse Milieu BV

Project: 21031225

pagina 5 van 6

5

Conclusies

Op de locatie bevinden zich een woning, twee schuren en een houten hondenhok. Het erf is grotendeels verhard met klinkers en deels onverhard (gazon). Al sinds 1933 is ter plekke van de woning bebouwing aanwezig. Ter plekke van de noordelijke schuur is sinds circa 1955 een bijgebouw aanwezig. In de Basisregistratie Adressen en Gebouwen (BAG) blijkt dat de schuren ten noordwesten van de woning zijn gebouwd in 1980. De huidige woning is in 2014 gebouwd ter plekke van de vroegere woning. De locatie is altijd in gebruik geweest als woning met bijgebouwen. Er hebben geen bedrijfsmatige activiteiten plaatsgevonden. Voor zover bekend is er op het terrein nooit sprake geweest van opslag in tanks van chemicaliën of brandstoffen, zoals huisbrandolie of diesel. Aan de buitenzijde van de gebouwen zijn voor zover bekend geen asbesthoudende materialen toegepast. De daken zijn voorzien van dakpannen. Op het maaiveld zijn geen asbestverdachte materialen waargenomen. Er is geen informatie waaruit blijkt dat de bodem verontreinigd is. Het besluitvormingsgebied kan daarom als onverdacht worden beschouwd. Er is geen noodzaak om een verkennend bodemonderzoek uit te voeren. Vanuit milieukundig oogpunt is er geen bezwaar tegen de voorgenomen bestemmingsplanwijziging. De bodem wordt geschikt geacht voor het beoogde gebruik (wonen met tuin).

Voor de aanvraag van een omgevingsvergunning kan het uitvoeren van een verkennend bodemonderzoek achterwege blijven omdat er geen sprake is van een verblijfsruimte. Vanuit milieukundig oogpunt is er geen bezwaar tegen de voorgenomen nieuwbouw van de twee schuren.

Kruse Milieu BV

Project: 21031225

pagina 6 van 6

Bijlage I Luchtfoto met geografisch besluitvormingsgebied

N

Besluitvormingsgebied

Bijlage II Historische topografische kaarten en luchtfoto’s

1901

1933

1955

1988

2010

2014

2008

2015

2019

Bijlage III Boorplan verkennend bodemonderzoek (Kruse Milieu BV, november 2013)

N

Building Design Architectuur BV Ossendijk 17 7678 VL Geesteren Verkennend bodemonderzoek

4 3

O 1

2

ss

en di jk

toekomstige bebouwing

Wie

= Onderzoekslocatie = Boring tot 0.5 meter diepte = Inspectiegat 30x30x50 cm = Boring tot 1.0 meter diepte = Boring tot 1.5/2.0 meter diepte = Peilbuis

g ldwe e v e r en s

0

25

Kruse Milieu BV Huyerenseweg 33 7678 SC Geesteren www.krusegroep.nl

Projectcode Schaal Datum

Tel: 0546 - 639663 Fax: 0546 - 639662

: 13044610 : 1:500 (A4-formaat) : November 2013

Bijlage IV Fotoreportage terreininspectie

Te slopen en te behouden schuren vanaf het erf gezien

Stalling tractoren in te slopen schuur

Overkapping achterzijde te slopen schuur

Locatie nieuw te bouwen schuur ter plekke van het hondenhok

Zuidzijde besluitvormingsgebied met moesten, berging aanhanger en akker

Locatie nieuw te bouwen schuur op het zuidwestelijke deel van het perceel

Bijlage V Ontwerp toekomstige situatie

1. BESTAANDE SCHUUR 2. BESTAANDE SCHUUR SLOPEN (GESTIPPELD) 3. NIEUW TE BOUWEN SCHUUR 4. NIEUW TE BOUWEN SCHUUR

WONING

2. BESTAANDE SCHUUR SLOPEN 17

IJK ND SE OS

1.

3. 4.

Ossendijk 17 te Geesteren (Ov) kadastraal bekend gemeente Tubbergen Sectie A, nr. 6002

1:500

17 FEBRUARI 2021

20-139

Stationsstraat 37 7622 LW Borne T. 074-7271010 www.bouwbureautwente.nl info@bouwbureautwente.nl

Bijlage 4

Watertoets

bestemmingsplan Buitengebied, SvS Ossendijk 17 en Delenweg 15 Geesteren

71

datum 1-6-2021 dossiercode 20210601-63-26667

Geachte heer/mevrouw Hesselink, U heeft het Waterschap Vechtstromen geïnformeerd over het plan Ossendijk 17 Geesteren door gebruik te maken van de digitale watertoets ( www.dewatertoets.nl). De beantwoording van de vragen heeft er toe geleid dat de Normale procedure van het watertoetsproces moet worden doorlopen. Watertoetsproces: Op grond van artikel 12 uit het besluit op de ruimtelijke ordening moeten ruimtelijke plannen zijn voorzien van een waterparagraaf. Hiervoor moet het proces van de watertoets worden doorlopen. Bij het watertoetsproces gaat het om het hele proces van vroegtijdig meedenken, informeren, adviseren, afwegen en uiteindelijk beoordelen van de waterhuishoudkundige aspecten in ruimtelijke plannen en besluiten. Waterschap Vechtstromen kijkt wat de invloed van het plan op de waterhuishouding is en geeft een wateradvies. Daarbij toetst het waterschap het plan aan het voorkeursbeleid dat is geformuleerd. Voor het verdere proces is het van belang om de RO adviseur van het waterschap te betrekken bij het plan. Wij verzoeken u ons te informeren over de wijze waarop het plan verder zal worden voorbereid. Daarvoor kunt u contact opnemen met de, voor desbetreffende gemeente, aangewezen RO adviseur.

Ben van Veenen b.van.veenen@vechtstromen.nl ● gemeente Hardenberg ● gemeente Losser ● gemeente Ommen Frits Huttenhuis f.huttenhuis@vechtstromen.nl ● gemeente Borne ● gemeente Coevorden ● gemeente Hellendoorn ● gemeente Oldenzaal

Els Boerrigter e.boerrigter@vechtstromen.nl ● gemeente Dinkelland ● gemeente Enschede ● gemeente Tubbergen

Heral Hesselink h.hesselink@vechtstromen.nl ● gemeente Almelo ● gemeente Rijssen-Holten ● gemeente Wierden

Henry Legtenberg h.legtenberg@vechtstromen.nl ● gemeente Borger-Odoorn ● gemeente De Wolden ● gemeente Emmen ● gemeente Hoogeveen ● gemeente Midden-Drenthe ● gemeente Twenterand

Wim Geerdink w.geerdink@vechtstromen.nl ● gemeente Berkelland ● gemeente Haaksbergen ● gemeente Hengelo ● gemeente Hof van Twente

Telefonisch bereikbaar via mailverzoek of algemeen telefoonnr. 088-2203333. Algemene info: In de procedurebepalingen van de Wro voor het bestemmingsplan is opgenomen dat de kennisgeving wordt toegezonden aan de instanties die

bij het overleg zijn betrokken. De terinzagelegging van het bestemmingsplan kunt u zenden aan kennisgevingwro@vechtstromen.nl. Copyright Digitale watertoets - http://www.dewatertoets.nl//. Dit document is gegenereerd via de website http://www.dewatertoets.nl//. Het document mag alleen worden gebruikt ten behoeve van het plan, dat in dit document is omschreven. De informatie in dit document is houdbaar tot maximaal 1 jaar, gerekend vanaf de genoemde datum in dit document. www.dewatertoets.nl

Bijlage 5 Quickscan Natuurwaardenonderzoek

74

bestemmingsplan Buitengebied, SvS Ossendijk 17 en Delenweg 15 Geesteren

Quickscan natuurwaardenonderzoek sloop en nieuwbouw schuur – Ossendijk 17 en Delenweg 15 te Geesteren

Effectbeoordeling in het kader van de Wet natuurbescherming, Natuurnetwerk Nederland en Natura 2000

Colofon Quickscan natuurwaardenonderzoek sloop en nieuwbouw schuur – Ossendijk 17 en Delenweg 15 te Geesteren (Ov.)

Effectbeoordeling in het kader van de Wet natuurbescherming, Natuurnetwerk Nederland en Natura 2000

Uitgevoerd door: Natuurbank Overijssel Correspondentieadres: Aladnaweg 18 7122 RR Aalten BTW-ID: NL001388212B56 E: info@natuurbankoverijssel.nl Tel: 0543-451142 / 0614-435700

Opdrachtgever:

Ad Fontem

Projectnummer en versie: 3341 versie 1.0 Ligging plangebied: Ossendijk 17 & Delenweg 15 te Geesteren (Ov.)

Status: definitief Rapportdatum: 3-6-2021

1

Inhoudsopgave Samenvatting ..................................................................................................................................................... 3 Hoofdstuk 1

Inleiding .................................................................................................................................... 5

Hoofdstuk 2

Het plangebied ......................................................................................................................... 6

2.1 Situering ................................................................................................................................................... 6 2.2 Beschrijving van het plangebied............................................................................................................... 6 Hoofdstuk 3

Voorgenomen activiteiten........................................................................................................ 7

3.1 Algemeen ................................................................................................................................................. 7 3.2 Mogelijk effect van de voorgenomen activiteiten op beschermde soorten en/of –gebieden ................ 7 3.3 Vaststellen van de invloedsfeer ............................................................................................................... 7 3.4 Vaststellen van het onderzoeksgebied .................................................................................................... 8 Hoofdstuk 4

Toetsingskaders ........................................................................................................................ 9

4.1 Algemeen ................................................................................................................................................. 9 4.2 Wet natuurbescherming; Natura 2000 .................................................................................................... 9 4.3 Wet natuurbescherming; Soortenbescherming ....................................................................................... 9 4.4

Beleid ten aanzien van het Natuurnetwerk Nederland ................................................................... 10

Hoofdstuk 5

Gebiedsbescherming .............................................................................................................. 11

5.1 Algemeen ............................................................................................................................................... 11 5.2 Natuurnetwerk Nederland ..................................................................................................................... 11 5.3 Natura 2000............................................................................................................................................ 12 5.4 Slotconclusie........................................................................................................................................... 14 Hoofdstuk 6

Soortenbescherming .............................................................................................................. 15

6.1 Verwachting en bureauonderzoek ......................................................................................................... 15 6.2 Methode ................................................................................................................................................. 15 6.3 Resultaten .............................................................................................................................................. 16 6.3.1 Deelgebied Ossendijk ...................................................................................................................... 16 6.3.2 Deelgebied Delenweg...................................................................................................................... 18 6.4 Wettelijke consequenties van de beoogde ingreep (beide deelgebieden) ........................................... 20 6.5 Historische gegevens en overige bronnen ............................................................................................. 22 6.6 Volledigheid van het onderzoek............................................................................................................. 23 Hoofdstuk 7

Conclusies ............................................................................................................................... 23

2

SAMENVATTING Er zijn concrete plannen voor de bouw van een twee schuren op een erf aan de Ossendijk 17 te Geesteren. Deze schuren mogen gebouwd worden door gebruikmaking van de ‘schuur-voor-schuur-regeling’ van de gemeente Tubbergen. Om de nieuwe schuren te kunnen bouwen, wordt op het erf een bestaande schuur gesloopt en wordt op een erf aan de Delenweg 15 te Geesteren, ook een schuur gesloopt. Als gevolg van deze voorgenomen activiteiten kan overtreding van de Wet natuurbescherming op voorhand niet uitgesloten worden. Daarom is Natuurbank Overijssel gevraagd om de wettelijke consequenties van de voorgenomen activiteiten in het kader van de Wet natuurbescherming in beeld te brengen. In voorliggend rapport worden de bevindingen van het uitgevoerde onderzoek gepresenteerd. Naast een beschrijving van het onderzoeksgebied, de onderzoeksopzet en de resultaten van het onderzoek, worden de wettelijke consequenties van de voorgenomen activiteiten weergegeven. Het plangebied is op 13 april 2021 onderzocht op de (potentiële) aanwezigheid van beschermde planten, dieren en beschermde nesten, holen, vaste rust- en voortplantingslocaties. Ook is onderzocht of de voorgenomen activiteiten een negatief effect hebben op beschermd (natuur)gebied, zoals Natura 2000 en het Natuurnetwerk Nederland. Wettelijke consequenties m.b.t.

gebiedsbescherming: Het plangebied behoort niet tot het Natuurnetwerk Nederland of Natura2000-gebied. Vanwege de ligging buiten het Natuurnetwerk Nederland, leiden de voorgenomen activiteiten niet tot wettelijke consequenties, omdat de bescherming van het Natuurnetwerk Nederland geen externe werking kent in Overijssel. Gelet op de aard, omvang en duur van de voorgenomen activiteiten en de afstand tussen Natura 2000-gebied en het plangebied, is het niet aannemelijk dat uitvoering van de voorgenomen activiteiten zal leiden tot een negatief effect op Natura 2000-gebied. Nader onderzoek, zoals het opstellen van een stikstofberekening, wordt niet noodzakelijk geacht. Wettelijke consequenties m.b.t. soortbescherming: Het plangebied behoort niet tot het Natuurnetwerk Nederland of Natura 2000-gebied. Vanwege de ligging buiten het Natuurnetwerk Nederland, leiden de voorgenomen activiteiten niet tot wettelijke consequenties, omdat de bescherming van het Natuurnetwerk Nederland geen externe werking kent in Overijssel. Gelet op de aard, omvang en duur van de voorgenomen activiteiten en de afstand tussen Natura 2000-gebied en het plangebied, is het niet aannemelijk dat uitvoering van de voorgenomen activiteiten zal leiden tot een negatief effect op Natura 2000-gebied. Nader onderzoek, zoals het opstellen van een stikstofberekening, wordt niet noodzakelijk geacht.

De inrichting en het gevoerde beheer maken het plangebied (beide deelgebieden) niet tot een geschikte groeiplaats voor beschermde plantensoorten, maar wel tot geschikt functioneel leefgebied van verschillende beschermde dieren. Verschillende beschermde amfibieën- en grondgebonden zoogdiersoorten benutten het plangebied als foerageergebied en bezetten er een vaste rust- en/of voortplantingsplaats en mogelijk nestelen er vogels in het plangebied. Vleermuizen bezetten geen vaste rust-of voortplantingsplaats in het plangebied. Van de in het plangebied nestelende vogelsoorten, is uitsluitend het bezette nest beschermd, niet het oude nest of de nestplaats. Bezette vogelnesten zijn beschermd en mogen niet verstoord, beschadigd of vernield worden. Gelet op de aard van de werkzaamheden kan geen ontheffing verkregen worden voor het beschadigen of vernielen van bezette vogelnesten. Indien de bebouwing gesloopt wordt en de beplanting verwijderd wordt tijdens de voortplantingsperiode, wordt geadviseerd vooraf een broedvogelscan uit te voeren om de aanwezigheid van een bezet vogelnest uit te kunnen sluiten.

3

Als gevolg van de voorgenomen activiteiten worden mogelijk beschermde grondgebonden zoogdieren en amfibieën gedood en wordt een vaste (winter)rust- en/of voortplantingsplaats van een beschermd grondgebonden zoogdier of amfibie beschadigd of vernield. Beschermde dieren mogen niet gedood worden, maar voor het beschadigen en vernielen van de vaste rust- en voortplantingsplaats geldt een vrijstelling. Door het bebouwen van een deel van het erf in deelgebied Ossendijk, neemt de betekenis van het deelgebied als foerageergebied voor beschermde dieren af, maar dat leidt niet tot wettelijke consequenties. Wettelijke consequenties samengevat: • Geen beschermde dieren doden (maar wegvangen of verjagen); • Bebouwing slopen buiten de voortplantingsperiode van vogels; • Beplanting verwijderen buiten de voortplantingsperiode van vogels;

4

HOOFDSTUK 1

INLEIDING Er zijn concrete plannen voor de bouw van een twee schuren op een erf aan de Ossendijk 17 te Geesteren. Deze schuren mogen gebouwd worden door gebruikmaking van de ‘schuur-voor-schuur-regeling’ van de gemeente Tubbergen. Om de nieuwe schuren te kunnen bouwen, wordt op het erf een bestaande schuur gesloopt en wordt op een erf aan de Delenweg 15 te Geesteren, ook een schuur gesloopt. Als gevolg van deze voorgenomen activiteiten kan overtreding van de Wet natuurbescherming op voorhand niet uitgesloten worden. Daarom is Natuurbank Overijssel gevraagd om de wettelijke consequenties van de voorgenomen activiteiten in het kader van de Wet natuurbescherming in beeld te brengen. In voorliggend rapport worden de bevindingen van het uitgevoerde onderzoek gepresenteerd. Naast een beschrijving van het onderzoeksgebied, de onderzoeksopzet en de resultaten van het onderzoek, worden de wettelijke consequenties van de voorgenomen activiteiten weergegeven. Er is in het onderzoeksgebied gekeken naar de (potentiële) aanwezigheid van beschermde planten en dieren en beschermde nesten, holen, vaste rust- en voortplantingsplaatsen en andere beschermde functies. Ook is onderzocht of de voorgenomen activiteiten een negatief effect hebben op beschermd (natuur)gebied.

Op basis van de onderzoeksresultaten worden de wettelijke consequenties bepaald van de voorgenomen activiteiten in het kader van de Wet natuurbescherming (soorten en Natura 2000-gebied) en de Omgevingsverordening Overijssel (Natuurnetwerk Nederland).

Doel van deze rapportage: De Quickscan natuurwaardenonderzoek is uitgevoerd als één van de verschillende (milieu)onderzoeken in het kader van besluitvorming binnen de Ruimtelijke Ordening (doorgaans het wijzigen van het bestemmingsplan) of het aanvragen van een Omgevingsvergunning. Het onderzoek is uitgevoerd om antwoord te kunnen geven op de vraag: is er sprake van een goede ruimtelijke ordening (is de voorgenomen activiteit uitvoerbaar?). Het is nadrukkelijk geen ecologisch werkprotocol dat opgesteld wordt om te voorkomen dat de Wet natuurbescherming overtreden wordt als gevolg van de voorgenomen activiteiten. De Wet natuurbescherming is tijdens de uitvoering van voorgenomen activiteiten altijd van toepassing en het is aan de uitvoerende partijen om de noodzakelijke zorgvuldigheid te betrachten tijdens de uitvoering. Om een goed ecologisch werkprotocol op te kunnen stellen is meer detailinformatie vereist, zoals de planning in uitvoering, in te zetten materieel en informatie over type bebouwing, bouwwijze, materiaalgebruik etc.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://bestuur.tubbergen.nl/api/v1/meetings/878/documents/16139