CConstaterende datTubbergen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage Bijlagen bij de regels.pdf

Gemeenteraad Tubbergen 16 december 2025, gemeente TubbergenBij agendapunt: 10: TAM-Omgevingsplan Hoofdstuk 22k Eschenhoek33.515 woorden

Open het PDF bij iBabs ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 3

TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22k Eschenhoek Tubbergen

bestemmingsplan TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22k Eschenhoek Tubbergen

Inhoudsopgave

Bijlagen bij de regels

3

Bijlage 1

Begripsbepalingen

4

Bijlage 2

Beplantingsplan Eschenhoek

11

Bijlage 3

Waterhuishoudkundig plan

13

Bijlage 4

Lichthinder onderzoek

70

2

Inhoudsopgave (vastgesteld)

bestemmingsplan TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22k Eschenhoek Tubbergen

Bijlagen bij de regels

Bijlagen bij de regels (vastgesteld)

3

bestemmingsplan TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22k Eschenhoek Tubbergen

Bijlage 1 Begripsbepalingen

4

Bijlagen bij de regels (vastgesteld)

Begripsbepalingen Voor de toepassing van dit hoofdstuk gelden de volgende begripsbepalingen: 1. Bijlage 1 bij dit TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22k Eschenhoek Tubbergen bevat begripsbepalingen voor de toepassing van dit TAM-IMRO-deel van het omgevingsplan. 2. De bijlage bij de Omgevingswet, bijlage I bij het Besluit activiteiten leefomgeving, bijlage I bij het Besluit bouwwerken leefomgeving, bijlage I bij het Besluit kwaliteit leefomgeving, bijlage I bij het Omgevingsbesluit en bijlage I bij de Omgevingsregeling, zijn van overeenkomstige toepassing op dit TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22k Eschenhoek Tubbergen, tenzij in bijlage 1 bij dit TAMomgevingsplan daarvan is afgeweken.

1.1 plan: de 'TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22k Eschenhoek Tubbergen, met identificatienummer ‘NL.IMRO.0183.TAMGKESCHENHK.VG01’ van de gemeente Tubbergen; 1.2 aan-huis-verbonden beroep of bedrijf: een dienstverlenend beroep of een bedrijf dat op kleine schaal in of bij een (bedrijfs)woning wordt uitgeoefend door de bewoner(s) van de woning, waarbij de woning in overwegende mate de woonfunctie behoudt en dat een ruimtelijke uitwerking of uitstraling heeft die met de woonfunctie in overeenstemming is, met dien verstande dat er geen detailhandel is toegestaan met uitzondering van detailhandel als ondergeschikte nevenactiviteit bij de uitoefening van een aan huis verbonden beroep of bedrijf; 1.3 aanduiding: een geometrisch bepaald vlak of figuur, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels, regels worden gesteld ten aanzien van het gebruik en/of het bebouwen van deze gronden; 1.4 aanduidingsgrens: de grens van een aanduiding indien het een vlak betreft; 1.5 aaneengebouwde woning: meer dan twee woningen waarvan ten minste 1 gevel van de hoofdgebouwen aaneen zijn gebouwd; 1.6 agrarisch bedrijf: een bedrijf dat is gericht op het voortbrengen van producten door middel van het telen van gewassen; 1.7 agrarisch gebruik: het gebruik van gronden voor het telen van gewassen en/of het houden van dieren; 1.8 akkerbouwbedrijf een bedrijf in de land- en tuinbouwsector, dat zich

richt op akkerbouw; 1.9 archeologische waarden: oudheidkundige waarden in de bodem die van belang zijn voor de kennis en studie van (de culturele overblijfselen van) de beschavingsgeschiedenis; 1.10 bebouwing: één of meer gebouwen en/of bouwwerken, geen gebouwen zijnde; 1.11 bed-and-breakfast: een verblijfsrecreatieve medegebruiksvorm als ondergeschikte activiteit in een (bedrijfs)woning, waarbij in de (bedrijfs)woning periodiek kortdurend recreatief verblijf wordt verschaft en ontbijt wordt geserveerd, gedreven door de bewoner(s) van die (bedrijfs)woning. Onder bed and breakfast wordt in ieder geval niet verstaan overnachting, noodzakelijk in verband met het verrichten van tijdelijke of seizoensgebonden werkzaamheden en/of arbeid of permanente kamerverhuur; 1.12 bedrijf: een inrichting of instelling gericht op het bedrijfsmatig voortbrengen, vervaardigen, bewerken, opslaan, installeren en/of herstellen van goederen dan wel het bedrijfsmatig verlenen van diensten, een aan huis verbonden beroep daaronder niet begrepen; 1.13 bedrijfsmatig Gericht op het behalen van winst; 1.14 Bedrijfsmatige kamerverhuur een samenstel van verblijfsruimten, uitsluitend of mede bestemd of gebruikt om daarin aan anderen dan de rechthebbende en de personen behorende tot diens huishouden, woonverblijf, niet in de zin van zelfstandige woongelegenheid, te verschaffen, al dan niet met gehele of

gedeeltelijke verzorging; een en ander kan onder meer blijken uit het feit dat voor de kamers afzonderlijk huur wordt berekend en/of betaald en elke kamer zelfstandig wordt bewoond, waarbij al dan niet sprake is van enkele gemeenschappelijke voorzieningen; 1.15 bestaand:

ten aanzien van de vóór 1998 aanwezige bouwwerken, ten aanzien van de legaal aanwezige bouwwerken en de werken, geen bouwwerken zijnde, en werkzaamheden, en het overige gebruik:  bestaand ten tijde van het inwerkingtreden van het bestemmingsplan "Buitengebied Tubbergen 2016"; 1.16 bijbehorend bouwwerk: uitbreiding van een hoofdgebouw dan wel functioneel met een zich op hetzelfde perceel bevindend hoofdgebouw verbonden, daar al dan niet tegen aangebouwd op de grond staand gebouw, of ander bouwwerk, met een dak. Een aangebouwd bijbehorend bouwwerk is tevens bouwkundig ondergeschikt aan het hoofdgebouw.

Een vrijstaand bijbehorend bouwwerk is tevens functioneel ondergeschikt aan het hoofdgebouw; 1.17 boerderijkamers: een kleinschalig overnachtingsaccommodatie, gericht op het bieden van de mogelijkheid tot een toeristisch en kortdurend verblijf en of in combinatie met het serveren van ontbijt; 1.18 bouwen: het plaatsen, het geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen en het vergroten van een bouwwerk; 1.19 bouwgrens: de grens van een bouwvlak; 1.20 bouwperceel: een aaneengesloten stuk grond, waarop volgens de regels een zelfstandige, bij elkaar behorende bebouwing is toegelaten; 1.21 bouwperceelsgrens: een grens van een bouwperceel; 1.22 bouwvlak: een geometrisch bepaald vlak, waarmee gronden zijn aangeduid, waar volgens de regels bepaalde gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, zijn toegelaten; 1.23 bouwwerk: elke constructie van enige omvang van hout, steen, metaal of ander materiaal, die hetzij direct, hetzij indirect met de grond is verbonden, hetzij direct of indirect steun vindt in of op de grond; 1.24 calamiteitenontsluiting een weg die geschikt is als ontsluiting voor nood en hulpdiensten en die tevens dienst kan doen als extra ontsluiting van het woongebied voor het ontvluchten van het woongebied in geval van een calamiteit; 1.25 carport staanplaats, stalling voor een auto onder een vrijstaand dak of afdak aan het huis;

1.26 containerteelt: het niet in de volle grond telen van gewassen, oftewel een niet-grondgebonden teelt; 1.27 cultuurhistorische waarde: de aan een bouwwerk of een gebied toegekende waarde, gekenmerkt door het beeld dat is ontstaan door het gebruik dat de mens in de loop van de geschiedenis van dat bouwwerk of dat gebied heeft gemaakt; 1.28 dak: iedere bovenbeëindiging van een gebouw; 1.29 detailhandel: het bedrijfsmatig te koop aanbieden, waaronder begrepen de uitstalling ten verkoop, het verkopen en/of leveren van goederen aan personen die die goederen kopen voor gebruik, verbruik of aanwending anders dan in de uitoefening van een beroeps- of bedrijfsactiviteit; 1.30 erf: een al dan niet bebouwd perceel of een gedeelte daarvan, dat direct is gelegen bij een hoofdgebouw en dat in feitelijk opzicht is ingericht ten dienste van het gebruik van dat gebouw en waarbij geldt dat deze inrichting niet in strijd is met het TAM-IMRO plan; 1.31 erfinrichtingsplan: een plan waarbij, na realisatie bebouwing tussen 1000 m3 en 3000 m3, het bouw- cq bestemmingsvlak is ingepast op een wijze die aantoonbaar past in het type landschap waarin het bouw- cq bestemmingsvlak is gelegen. Hierbij is aangesloten op de “Richtlijnen objectivering casco Noord-Oost Twente” behorende bij de beleidsnota “De casco benadering in Noordoost-Twente', welke is vastgesteld op 2 juli 2012.

De hierin opgenomen aanbevelingen worden opgevolgd bij het opnieuw aanleggen van landschapselementen. Het plan dient door het college te zijn goedgekeurd; 1.32 evenement:

elke voor publiek buiten de daartoe ingerichte inrichtingen toegankelijke festiviteit, grootschalige sportwedstrijd, auto- of motorcrosswedstrijd, optocht, georganiseerd vuurwerk en alle overige tot vermaak en recreatie bedoelde activiteiten, met uitzondering van markten als bedoeld in de Gemeentewet, kansspelen als bedoeld in de Wet op de kansspelen en betogingen, samenkomsten en vergaderingen als bedoeld in de Wet openbare manifestaties, voorzover de activiteiten een aaneengesloten periode van ten hoogste 14 dagen omvatten; 1.33 functievlak: een geometrisch bepaald vlak met eenzelfde functie; 1.34 gebouw: elk bouwwerk, dat een voor mensen toegankelijke, overdekte, geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt; 1.35 gebruiksmogelijkheden: de mogelijkheden om gronden en bouwwerken overeenkomstig de daaraan toegekende functie te gebruiken; 1.36 geluidsgevoelige objecten gebouwen welke dienen ter bewoning of andere geluidsgevoelige gebouwen, zoals bedoeld in de Bruidsschat en het Bkl; 1.37 geluidsgevoelige functie: in een gebouw of op een terrein aanwezige functies die maken dat een gebouw of een terrein als geluidsgevoelig object wordt aangemerkt; 1.38 geomorfologische waarden: de waarden van een gebied die uitdrukking geven aan de vormen van het aardoppervlak in verband met de wijze van hun ontstaan; 1.39 gestapelde woningen boven dan wel beneden en/of naast elkaar

gesitueerde woningen (niet zijnde twee-aan-een gebouwde woningen dan wel aaneengebouwde woningen), waarbij per woning een zelfstandige toegankelijkheid, al dan niet direct vanaf het voetgangersniveau, gewaarborgd is; 1.40 gevellijn de denkbeeldige lijn op een bouwperceel die in het verlengde ligt van de gevel van het hoofdgebouw. 1.41 gewasbeschermingsmiddel: gewasbeschermingsmiddel als bedoeld in artikel 2, eerste lid, van Verordening (EG) nr. 1107/2009 van het Europees Parlement en de Raad van 21 oktober 2009 betreffende het op de markt brengen van gewasbeschermingsmiddelen en tot intrekking van de Richtlijnen 79/117/EEG en 91/414/EEG van de Raad (PbEU, L 309); 1.42 groepsaccommodatie: (deel van) een gebouw welke blijvend is bestemd voor recreatief nachtverblijf door groepen, waarbij wordt overnacht in slaapzalen en/of slaapkamers waar een dagverblijf beschikbaar is waarin de gasten mede huishoudelijke werkzaamheden verrichten; 1.43 hoofdgebouw: een gebouw dat, gelet op de functie, als het belangrijkste bouwwerk op een bouwperceel kan worden aangemerkt; 1.44 hoofdverblijf het adres/de plaats die fungeert als het centrum van de sociale en maatschappelijke activiteiten van betrokkene, waarbij betrokkene moet zijn ingeschreven in de Gemeente Basisadministratie Persoonsgegevens op dat adres en/of betrokkene het adres heeft opgegeven bij de Belastingdienst als hoofdadres en/of

uit de feitelijke omstandigheden blijkt dat het adres als hoofdverblijf moet worden aangemerkt; 1.45 huishouden: een zelfstandig dan wel samenwonend persoon of personen die binnen een complex van ruimten gebruik maken van dezelfde voorzieningen, zoals keuken, sanitaire voorzieningen en entree, waarbij sprake is van onderlinge verbondenheid en continuïteit in de samenstelling ervan. Bedrijfsmatige kamerverhuur en bijzondere woonvormen worden daaronder niet begrepen; 1.46 inpassingsplan: een plan waarin inzichtelijk wordt gemaakt op welke wijze een ontwikkeling wordt ingepast op het betreffende perceel en in relatie tot de omgeving; 1.47 inwoning wonen in een (ondergeschikt) deel van een woning als medegebruiker van het pand; 1.48 kampeermiddel: een tent, een tentwagen, een kampeerauto, een caravan of een stacaravan, dan wel enig ander voertuig of onderkomen, dat geheel of ten dele is bestemd of opgericht dan wel wordt of kan worden

gebruikt voor recreatief nachtverblijf, en geen bouwwerk is waarvoor een omgevingsvergunning voor de activiteit bouwen is vereist; 1.49 kap: een dak met een zekere helling; 1.50 kas: een bouwwerk, niet zijnde een tunnelkas of een naar de aard daarmee vergelijkbaar bouwwerk, waarvan de wanden en het dak geheel of grotendeels bestaan uit glas of ander licht doorlatend materiaal, dienend tot het kweken van groente, vruchten, bloemen, bomen, struiken of planten; 1.51 kelder een overdekte, met wanden omsloten, voor mensen toegankelijke ruimte, beneden of tot ten hoogste 0,50 m boven de kruin van de weg, waaraan het bouwperceel is gelegen; bij 'bebouwing in geaccidenteerd terrein' gelegen beneden peil; 1.52 kleinschalige duurzame energiewinning: winning van energie uit kleinschalige perceelsgebonden bronnen, waarbij weinig tot geen schadelijke milieueffecten optreden bij winning en omzetting en waarvan de bronnen in onuitputtelijke hoeveelheden beschikbaar zijn, zoals zon, wind, water, aard- en omgevingswarmte; 1.53 kunstobject voortbrengsel van de beeldende kunsten in de vorm van een bouwwerk, geen gebouw zijnde; 1.54 kunstwerk een bouwwerk, geen gebouw zijnde, voor civieltechnische en/of infrastructurele doeleinden, zoals een brug, een dam, een duiker, een tunnel, een via- of aquaduct of een sluis, dan wel een daarmee gelijk te stellen voorziening; 1.55 landschappelijke waarden:

waarden in verband met de verschijningsvorm van een gebied en de aanwezigheid van waarneembare structuren en/of elementen in dat gebied; 1.56 landschapsplan: een plan waarbij, na realisatie bebouwing van meer dan 3000 m³, het bouw- cq functievlak is ingepast op een wijze die aantoonbaar past in het type landschap waarin het bouw- cq functievlak is gelegen. Hierbij is aangesloten op hetgeen in het document Kwaliteitskader Gebiedskenmerken (KG) is opgenomen alsmede aan de “Richtlijnen objectivering casco Noord-Oost Twente” behorende bij de beleidsnota “De casco benadering in Noordoost-Twente', welke is vastgesteld op 2 juli 2012. De hierin opgenomen aanbevelingen worden opgevolgd bij het opnieuw aanleggen van landschapselementen. Het plan dient door het college te zijn goedgekeurd; 1.57 loon- en grondverzetsbedrijf: een bedrijf dat in opdracht werkzaamheden verricht op het gebied van agrarisch loonwerk, cultuurtechnische werkzaamheden, grondverzet en grondwerkzaamheden; 1.58 maatschappelijke voorzieningen: educatieve, sociaal-medische, museale, sociaal-culturele, levensbeschouwelijke, sport- en recreatieve voorzieningen en voorzieningen ten behoeve van openbare dienstverlening, lichamelijke en/of geestelijke gezondheid, zorg met verblijf, wonen met zorg alsook ondergeschikte detailhandel en horeca ten dienste van deze voorzieningen.

1.59 mantelzorg: intensieve zorg of ondersteuning, die niet in het kader van een hulpverlenend beroep wordt geboden aan een hulpbehoevende, ten behoeve van zelfredzaamheid of participatie, rechtstreeks voortvloeiend uit een tussen personen bestaande sociale relatie, die de gebruikelijke hulp van huisgenoten voor elkaar overstijgt, en waarvan de behoefte met een verklaring van een huisarts, wijkverpleegkundige of andere door de gemeente aangewezen sociaal-medisch adviseur kan worden aangetoond; 1.60 mest- en/of biomassavergisting: het onder gecontroleerde omstandigheden (volledig afgesloten van lucht) afbreken van organische verbindingen door bacteriën, waarbij productie van bio-energie, digestaatverwerking en compostering plaatsvindt; 1.61 natuurlijke waarden: de aan een gebied toegekende waarden in verband met de geologische, bodemkundige en biologische elementen voorkomende in dat gebied; 1.62 nutsvoorziening voorzieningen ten behoeve van het op het openbare net aangesloten nutsvoorziening, het telecommunicatieverkeer, waterbeheer, afvalinzameling, het openbaar vervoer en/of het wegverkeer, waaronder straatmeubilair, abri's, transformatorhuisjes, bergbezinkbassins en retentievoorzieningen; 1.63 overkapping: een bouwwerk, dat een overdekte ruimte vormt zonder wanden dan wel met ten hoogste één wand;

1.64 ondergeschikte horeca een lichte vorm van horeca, in de vorm van het verstrekken van dranken en kleine versnaperingen waarbij geen sprake is van het bereiden van maaltijden, die ondergeschikt is aan en ten dienste staat van de functie waarbij de horeca wordt uitgeoefend; 1.65 parkeren: een geparkeerd voertuig is een voertuig dat langer stilstaat dan nodig is voor het in- en uitstappen of voor het laden en lossen; 1.66 peil: a. indien op het land wordt gebouwd: 1. voor een bouwwerk op een perceel, waarvan de hoofdtoegang direct aan de weg grenst de hoogte van de weg ter plaatse van die hoofdtoegang; 2. voor een bouwwerk op een perceel, waarvan de hoofdtoegang niet direct aan de weg grenst de hoogte van het terrein ter hoogte van die hoofdtoegang bij voltooiing van de bouw; 3. voor zover op de verbeelding de aanduiding ‘vloerpeil t.o.v. NAP (m)’ is opgenomen, geldt in afwijking van het bepaalde onder 1 en 2 het peil in meters boven Normaal Amsterdams Peil dat per bouwvlak is aangeduid op de verbeelding. b. indien over of in het water wordt gebouwd: 1.

het Normaal Amsterdams Peil (of een ander plaatselijk aan te houden waterpeil); 1.67 permanente bewoning: bewoning door een of meer personen die niet elders over een hoofdverblijf beschikken; 1.68 plattelandskamers: een kleinschalige overnachtingsaccommodatie, gericht op het bieden van de mogelijkheid tot een toeristisch en kortdurend verblijf en of in combinatie met het serveren van ontbijt; 1.69 productiegebonden detailhandel: een ondergeschikte vorm van detailhandel in goederen die ter plaatse worden vervaardigd, geteeld, gerepareerd en/of toegepast in het productieproces, waarbij de detailhandelsfunctie ondergeschikt is aan de productiefunctie; 1.70 prostitutie het zich beschikbaar stellen tot het verrichten van seksuele handelingen voor of met een ander tegen vergoeding; 1.71 prostitutiebedrijf een gebouw, voer- of vaartuig, dan wel enig gedeelte daarvan, geheel of gedeeltelijk bestemd, dan wel in gebruik voor het daar uitoefenen van prostitutie; 1.72 recreatief verblijf verblijf dat plaatsvindt in het kader van de verblijfsrecreatie; 1.73 recreatiewoning: een gebouw dat naar de aard en inrichting is bedoeld voor recreatief verblijf; 1.74 seksinrichting: een voor het publiek toegankelijke besloten ruimte waarin bedrijfsmatig, of in de omvang alsof zij bedrijfsmatig was, seksuele handelingen worden verricht, of vertoningen van erotisch/pornografische aard plaatsvinden.

Onder een seksinrichting wordt in ieder geval verstaan: een prostitutiebedrijf, waaronder begrepen een erotische-massagesalon, een seksbioscoop, een seksautomatenhal, een sekstheater of een parenclub, al dan niet in combinatie met elkaar; 1.75 sierteelt: de teelt van opgaande sierbeplanting als heesters en struiken; 1.76 stacaravan/chalet: een kampeermiddel, al dan niet voorzien van een as/wielstelsel, dat mede gelet op de afmetingen kennelijk niet bestemd is om regelmatig en op normale wijze op de verkeerswegen ook over grotere afstanden als een aanhangsel van een auto te worden voortbewogen; 1.77 tuin: beplant deel van het erf; 1.78 tunnelkas: elke constructie van hout, metaal of enig ander materiaal, welke met plastic of in gebruik daarmee overeenstemmend materiaal is afgedekt en dient als teeltondersteuning voor bedekte teelten; 1.79 verblijfsrecreatie: een vorm van recreatie gericht op ontspanning of vrijetijdsbesteding van recreanten die elders hun hoofdverblijf hebben, en voor een bepaalde periode waarbij ten minste één overnachting plaatsvindt;

1.80 voorgevel: de naar de weg gekeerde gevel van een gebouw of; indien het een gebouw betreft zonder of met meer dan één naar de weg gekeerde gevel, de gevel die door de ligging, de situatie ter plaatse en/of de feitelijke indeling van het gebouw, als voorgevel moet worden aangemerkt; 1.81 vrij beroep: een professionele dienstverlening, voornamelijk bestaande uit hoofdarbeid, waarbij gebruik wordt gemaakt van verworvenheden verkregen door een academische of hogere beroepsopleiding. Het vrije beroep dient te worden uitgeoefend door de gebruiker van de woning; 1.82 water en waterhuishoudkundige voorzieningen voorzieningen ten behoeve en/of ten dienste van de waterhuishouding, waaronder wadi's, waterlopen, waterpartijen, watergangen, bruggen, dammen, sluizen, duikers, retentiebekkens, vijvers, voorzieningen voor infiltratie, buffering, berging en afvoer van water, voorzieningen ten behoeve van biologische waterzuivering en (secundaire en/of tertiaire) bluswatervoorzieningen; 1.83 weg: alle voor het openbaar rij- of ander verkeer openstaande wegen of paden daaronder begrepen de daarin gelegen bruggen en duikers, de tot de wegen of paden behorende bermen en zijkanten, alsmede de aan de weg liggende parkeergelegenheden; 1.84 wonen: het gehuisvest zijn in een woning; 1.85 woning: een complex van ruimten in een gebouw dat dient voor de huisvesting van één afzonderlijk huishouden;

1.86 woonhuis: een gebouw, dat één woning omvat, dan wel twee of meer naast elkaar en/of geheel of gedeeltelijk boven elkaar gelegen woningen omvat en dat qua uiterlijke verschijningsvorm als een eenheid beschouwd kan worden. Alle aangebouwde bijbehorende bouwwerken maken daarbij onderdeel uit van het woonhuis; 1.87 zorgwoning: Een woning in een zorginstelling voor mensen die vanwege hun leeftijd, gezondheid of beperkingen aangewezen zijn op een overwegende mate van zorg en ondersteuning dat door een professional wordt verstrekt; 1.88 zorginstelling Een gebouw dat bestemd is voor het verlenen van intensieve zorg waarbij tevens de uitrusting van het gebouw sterk is gericht op zorgprocessen.

bestemmingsplan TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22k Eschenhoek Tubbergen

Bijlage 2 Beplantingsplan Eschenhoek

Bijlagen bij de regels (vastgesteld)

11

LEGENDA

Q.r. bestaand

Boom bestaand, ingemeten en te behouden. 3x zomereik (Q.r.)

Accentbomen (9x), maat 20-25 F.s. (1x)T.c.S (1x) A.s. (1x) J.r (1x) U.l. (3x) C.b. (1x) T.h. (1x) -

19.14 19.15 18.98

19.20

18.44

19.24 19.00 18.50

19.39

19.36

18.49 19.42

19.47 19.47

19.46

18.46

19.30

19.38

18.63 18.64

19.40

19.48 19.36

19.51

19.46

19.62

U.e.

19.02

19.66

19.53 19.75

S.c.

B.pend.

B.pend.

19.65

19.35

18.67

18.92

S.c.

19.59

19.75

19.47

19.80

19.63 19.19

19.86

S.c.

19.98

19.20

S.c.

19.88

19.57 19.18

19.83

19.65

19.18 19.79

19.99

19.28

20.04

19.30

19.84

20.04

Bomen onderdeel hoofdgroenstructuur (17x) maat 16-18

19.97

19.60

+20.10

A.g.

B.pend.

B.p.

C.b. (3x) Q.r. (3x) Q.p. (10x) F.e. (1x) -

19.93 19.91

B.p.

U.m.

B.p.

19.69

19.62

A.g.

+20.10

19.95

19.90

19.55

19.57

19.71

19.21

19.86

Wadibodem 19.50

19.50

19.67

19.59 19.18

19.05

Quercus robur (zomereik) Quercus petrea (wintereik) Fraxinus excelsior (gewone es) Betula pendula (ruwe berk) Ulmus minor (gladde iep) Alnus glutinosa (zwarte els)

19.56

Fruitgaardje met 5-7 verschillende fruitbomen (appel, peer, kers) met ruimte voor een bijenstal!

19.53

19.80

19.62 19.11

S.c. S.c. S.c.

19.68

19.49

S.c.

Ø70,1900

19.38 18.88

S.c.S.c.

19.45 19.38

20.0319.70

18.98

19.67 19.72

Q.r. (1x) Q.p. (5x) F.e. (1x) B.pend. (1x)U.m (1x) A.g (2x)-

Q.r. bestaand

18.70

19.48

19.44

Bomen onderdeel hoofdgroenstructuur (11x) maat 18-20

19.41

19.02 18.44

19.42

heg-haag

18.39

Fagus sylvatica (gewone beuk) Tilia cordate 'Savaria' (winterlinde) Alnus ×spaethii 'Spaeth' Juglans regia (gewone walnoot) Ulmus laevis (fladderiep) Carpinus betulus (haagbeuk) Tilia henryana (gewimperde linde)

19.80

Carpinus betulus (haagbeuk) Quercus robur (zomereik) Quercus petrea (wintereik) Fraxinus excelsior (gewone es)

19.64 19.54

B.p.

B.pend.

19.61

Bomen onderdeel hoofdgroenstructuur (56x) maat 12-14 +20.10

U.l. 19.63 19.62

U.m.

19.71

M.e. M.e.

19.99

ag

19.93

20.10

19.58

20.46

P.p.

19.59 19.65

19.91

A.l.

19.60

19.64

A.l.

20.01

A.c.RS.

19.57 19.59

A.g.

19.63

19.60

Pr.a.pl.

A.g.

19.70

Pr.a.pl.

19.81

Binnentuin 1000 m2

S.c.

20.49

A.l.

19.73

19.57

19.79

P.p. M.e.

bouwland

19.47 19.68 19.59

+20.40

19.76

A.c.RS.

Eigendom privé 19.70

19.63

19.63

U.e.

19.85 19.74

Groene bufferstrook tussen buren vanaf bestaand raster 2.50m

20.34

19.68

19.68

P.p.

19.73

19.78

A.c.RS.

19.60

19.96

19.56

19.77

19.57

Bomen en heesters in het (wadi)landschap raster

P.p.

B.pend.

19.88

19.63

B.p.

19.60 19.58

A.l.

19.53

20.38

19.57 19.53

Pr.a.pl.

19.80 19.78

19.62

20.04

19.52

20.15

PVC Ø2

20.30

19.71

20.11

19.65

19.65

19.45 19.62

20.29 20.32

A.g.

19.39

20.13 20.06

20.14 19.96

21.06

B.p.

20.95

+20.10

Q.r.

U.e. U.e.

20.72

20.42

19.75

B.p.

S.c.

S

19.67

S.c.

S.c. S.c.

19.80

Q.r. bestaand

Ø70,1600

19.23

Q.p.

Q.p.

21.15

Q.r.

F.e.

Q.r.

C.b.

19.28 19.31 Ø30,800

19.20

19.15

Ø30,600

19.10 19.10

Ø30,600

19.44 19.34

Steilrandbeplanting op de esrand (ca. 290 m2) bestaande uit:

lp 19.61

19.38 19.03 18.51 19.05 19.60

19.17

bosplantsoen mt. 100/120, aanplanten in groepsverband van 3-5, 1 st/m2

19.63

19.13

lp

lp

grevel

19.24 19.19 19.33

Ø30,600

19.13

19.30 19.33

19.09 19.11

Ø40,800

19.28

19.24

Ø40,900

Ø50,1100

19.29

19.25 Ø50,1100

• • • • • • •

Ø40,800

Ø40,800

19.13

Ø40,900

Ø50,1200

Ø30,800

19.10

lp

19.37

19.32 19.38

Ø30,800

19.41 19.37

Ø30,800 Ø30,800

19.41

Ø30,800

Ø40,1100

19.35

19.31

19.05

19.58 18.73 19.53 19.61 19.03

Struweelrand langs sportvelden (ca. 1.150 m2) bestaande uit:

19.17

bosplantsoen mt. 100/120, aanplanten in groepsverband van 3-5, 1 st/m2:

19.14

19.17

19.73

• • • • • • •

20.45

C.b.

20.95 19.15

U.l.

19.37

18.93

20.79

Q.r.

F.e.

19.64

19.90

20.23

+21.0

20.95 20.44 18.93 20.99 18.99 20.99

U.e.

U.e.

20.99

F.e.

Q.r.

19.22

19.73

19.33

19.16

Ø40,1000

19.00

20.47 20.25 20.21

17.87

19.94 17.89

19.00

19.32

18.94

19.48

18.88

Q.p.

20.29

19.08

Q.r.

Q.r.

20.88

20.85

20.31 20.25

20.38

Q.r.

20.21 20.77

20.82

20.43

F.e.

19.75

F.e.

20.36

20.64

20.19

19.68

20.02

20.85 18.91

18.80

19.32

20.79

20.67

20.88 20.67

20.61

18.90 20.25

20.77

20.65 19.31

20.20

19.35

17.82 19.38 Ø40,1000

20.08

19.93

Q.r.

'Groene wig' met 30% bloemenmengsel (circa 700 m2) M5 - Nectar onder het maaimes

20.26

20.00 20.28

19.69

20.28

20.10

19.35

19.74

18.70

Ø40,1000

20.27 20.71

20.66

18.67

20.25

20.35

20.42

20.51

18.90

19.20

19.77

F.e.

19.41

19.81

20.62

20.08

19.94 20.53

19.11 20.01

20.59

18.49 20.44

F.e.

20.08

20.61

20.10 20.71

19.59

20.21

20.57

20.71

20.56

18.57

19.76

20.12

20.61 20.35

Q.p.

20.44

U.e.

20.40

18.58

19.96 19.39

19.84 20.01

20.26 20.44

19.98

Buitenterras

20.54

20.06

19.72

19.91

20.17

18.56

hek

20.52

20.18 19.85

Q.r.

20.01

18.97

18.51

19.16 20.12

20.19

19.90

20.50

18.64

20.45

19.92

20.31 20.07

20.11

20.15

20.36 20.37 20.18

20.05

19.35

19.81

19.67

20.41

Ø40,1000

20.42

Q.p.

19.11 19.52

19.73

17.84 19.00

19.19 19.30 19.92

20.36

18.56 17.70 17.68 18.39 18.46 18.44

Q.p.

20.36 20.28

18.53

Q.p.

19.14

20.34

19.67

19.51 20.29

20.17

Q.p.

20.31

20.06 19.66

19.87

19.68

19.97

20.120.04

19.80

19.95

20.13 18.44

18.39

19.94

20.21

19.96 19.74

18.46

19.58

20.03

19.60

19.20

18.72 19.56 19.11

18.60

19.86

Ø60,1600

Q.p.

F.e.

20.03

19.92

18.92

19.17 19.93

19.20

18.63

19.38

18.54 18.73

18.46

hek

18.76

17.60 18.34 17.58 17.39 18.25 18.30

18.39

Eigendom VVE appartementencomplex

beton

18.69

18.40

18.24

18.50 18.57 Ø40,1000

18.72

18.76

18.82

18.41 18.64

18.56

18.82

18.35

18.91

B.p.

18.74

U.l.

18.81 18.92

S.a. S.a.

19.34 19.29

F.s.

18.42

F.e.

Q.r.

18.62

18.43

17.28 17.40 18.40

18.82

18.83

S.c.

18.38

18.51

18.44

16.85 beton Ø1

18.32

hek

18.86

19.01

19.06

19.01 18.98

18.79

18.99

18.94

PVC

17.11

18.99

19.03

19.01

18.90 18.93 4

Ø3

00

vb

18.73

18.82 17.17

18.83

18.70

18.70 18.74

18.87 18.92

18.99

18.92 lp

18.81

19.05 18.98

18.95 18.93

18.97

19.00 18.86

lp

18.92 18.99

r 4 19.03 +17.8 2 +17.9

00 PVC Ø2

18.81

19.08

19.05 19.07

19.09 18.91

19.05

18.93 18.86

18.88

18.93

Opdrachtgever

Uitvoering

Koopman Vastgoed BV

Ruud Hesselink MSc Ronald Koerhuis BNT

19.10

19.11

18.96 19.04

18.94

grevel

Status

19.14

Definitief Concept

18.92

18.91

18.98

18.89

18.92

16.96

18.63

18.65 Ø60,1500

17.19

18.69

19.00

18.44

18.84

17.55

18.71

18.80 Ø80,1900

17.47

18.39 Ø70,1800

18.48

18.65

18.69

18.53

18.46 Ø20,800

18.41 18.69 18.75

18.89 Ø70,1800

18.94

18.69

18.85 18.78 18.83 17.57

c ODIN Landschapsontwerpers BV. Alle rechten voorbehouden.

18.89 18.40

18.74

17.60

18.83 sk

18.77

18.88 18.85 lp

18.87

18.91 Ø50,1500

18.72

Ø40X2,1200

18.68

18.82 sk

beton

18.88

Ø40,1000

18.92

03-06-2025

22-05-2025 30-04-2025

hek

18.81

Datum getekend 14-05-2025

19.03

18.75

18.94

Beplantingsplan met verlichting

19.02

18.87

19.01 18.54

lp

18.84

19.05

19.12

18.91

18.72

18.82

19.01

18.88

17.09

18.52

18.46 17.53 18.61 17.53 18.97 17.52 18.53 Ø70,1800

Tekening

18.89

19.04

00 PVC Ø2

19.15 18.92

17.18

19.12 Ø40,900 hek

18.86

18.91 18.93

00 PVC Ø2

19.04

19.01

18.95

18.83

17.17 18.72

18.52

19.03

hek

18.83

18.88

18.95 +17.7 r

18.91

18.96

18.99 grevel

18.88

19.00

18.72

18.81 hoofdgemaal

18.82 18.94

18.92 18.95 18.99 18.96

hek

lp

18.92

18.87

19.09

18.90 r

19.00

18.94

18.83

Ø30,800

Ø40,900

hek

18.88

18.85

bk

19.06

18.91

hek 19.13

18.83

18.70

17.14 17.16

17.00

18.98

18.83 00 sk 18.83 PVC Ø2 18.88 18.80 7.20 8 r +1 18.85 +17.3 18.84 18.87

Ø30,800

18.85 18.82

00

18.81 lp

hek 17.42

17.04

19.08 19.05

18.95 g heg-haa

18.84 18.75

PVC Ø2

18.45

17.57

18.96

18.99 18.82 tk

00

PVC Ø2

18.73

00 PVC Ø2 +17.75

17.37

18.74 vb r bet on Ø800 18.74 18.77 r beton Ø800

k he

17.07 18.42

18.73

beton Ø800

18.79

19.03 sk 19.08

18.88 18.95

18.71

00

beton

18.89

tk 18.76

18.71

18.81

18.82 beton Ø800

18.66 17.21

18.95 tk 18.85 18.79

0

16.86

18.79

18.74

17.19 17.22 17.55 waterpeil

18.88

18.79

0 Ø3

18.64

ton

18.78 18.58 Ø90,2000

tk 18.96

be

18.48 17.27

18.86

19.00

w

18.74 tk

18.89

18.94 18.80

w

w

18.77 18.94

18.77

18.75 18.81

18.82 18.82

18.84 18.85

18.77

tk 18.68

PVC Ø2

18.76

18.83

lp

18.80

18.70

18.78

0 +17.7 4 +17.7

18.86 18.65

18.76

17.31 18.71

19.10

hek

19.12

18.88 18.85

Ø30,800

hek

18.82 18.84

19.03

25

18.77

18.55

18.16 18.28 17.48 17.29 17.70 5 17.63 Ø31 17.33 PVC vb 17.51 18.45 18.69 7.52 18.56 17.45 18.72 18.50 vb lp

18.62 18.53

18.81

g heg-haa

18.72 18.86 18.84

+17.38

18.72 18.65

18.68

18.76 17.39 17.32

Ø30,800

18.78 18.69

18.81 18.79 18.84

18.72

+17.71 00

18.72

18.88 18.78

18.60

PVC Ø2

18.85

19.17 18.75

19.05

hek

18.81 19.15

PVC Ø1

17.35

18.75

18.67 18.76

18.68

19.09 19.03

Ø30,800

18.85

19.19 hek

18.99

Ø40,900

3

17.26 18.45 17.28

18.94

18.53

19.15

18.86 18.91 Ø30,800 19.16

18.80

19.04

19.08

18.96

18.81

+18.2

17.53 18.54

hek

15 PVC Ø3

18.70

25 PVC Ø1

18.77 18.94

00 4 PVC Ø2

18.87

Ø70,1800

18.63

18.73 18.68

00 PVC Ø2

Ø70,1800

18.86

18.86

18.33

18.85

18.96

17.17

18.77 17.42 17.22 17.21

18.74

18.73

18.72

18.73

18.66

lp

19.04 Ø30,800

hek

k

18.95

g heg-haa

19.14

18.69

18.70

18.53

18.49

17.11

ag heg-ha

18.96 Ø30,800

Ø40,900

19.15

18.61 sk 18.63

18.66 18.73 18.78 18.84 4 r +17.5 19.01 18.80

18.75

18.73 18.75

18.75

18.69

18.71

bk

18.44

18.62 18.66

17.01

18.84

17.02

17.16

17.12

18.68

g heg-haa

18.68

18.23

18.56

18.78 18.87

hek

17.11

18.61

18.80 Ø50,1100

18.49

17.11

000

18.47

he

hek

Wadibodem 18.30

18.50

Ø70,1800

16.96

18.68

+17.5

17.09 18.45

18.68

sk 18.72 18.69 18.75

18.56

18.35

18.65

18.80

18.92

5

18.61

17.08

17.12

Ø40,900

18.66

18.70 18.68 18.74

18.78

hek

A.s.

18.70

18.67

18.83

18.69

lp

18.61 g heg-haa

19.14

18.66

7 +17.5

S.a.

18.53

18.14

19.23

18.72

18.73

Ø40,900

19.03 19.02 minigemaal

18.87

18.80

18.75 18.67

18.86

00 PVC Ø2

17.08

ag heg-ha

18.81 sk

18.75

Ø40,900

18.69

bk

18.64

18.76

18.49

18.77

18.87

18.80

18.74

18.70

18.67

18.55

18.54

aa heg-h lp

18.50 18.59

17.07

18.32

S.a.

17.55 18.32 17.56 18.34 18.77

18.67

r 18.99

18.89 18.66

25 Ø1 VC 3P 19.03 7.9 +1 +17.82 PVC Ø125

18.97

18.86

g heg-haa

18.56

18.73 g

18.08

18.01

18.46

Ø70,1800

18.66

lp

18.66

18.25

beton

18.86

18.86

17.12

18.80

Ø70,1800

heg-haag

18.84

17.13

17.02 18.12

17.12

lp

PVC Ø3 18.66

12

18.89

18.97 18.77

15

16.92

18.67

Ø80,1900

Eschenhoek 2 Tubbergen

18.90

18.55

18.26

Wadibodem 18.30

18.24

18.96 17.49

17.16

18.18

18.42

18.67

17.37

19.08

17.04

18.19

18.92 18.81

17.39

15 18.91

18.23

18.21

18.38

18.60

17.67

7 VC Ø P 7.9 +1

18.96

17.56 Ø500 18.71 beton 15 PVC Ø3 15 17.76 18.78 PVC Ø3 17.82

17.41

PVC Ø3 18.80

17.22

19.17

17.60

18.94

18.99 18.99

18.20

17.13

S.c.

17.63

19.10

18.84 18.99

18.32

18.29

Q.p. 18.18

19.17 17.65

17.66

18.82

Ø70,1800

19.18

18.48

Q.r.

18.57

Locatie voor natuurlijk spelen in de vorm van natuurlijke speelelementen (zie BKP)

18.81

19.14

18.57

Q.p.

19.50

S

18.62

18.60

18.59

S.a.

18.15 18.28

18.75

B.p.

18.49

18.79

18.58

18.51

B.p.

Q.r.

18.67

18.52

18.65 18.63

18.23

18.67

Vloerpeil 20.20

18.73

Q.r.

18.69

18.33 17.55

18.62

Q.p.

18.80

18.92

B.p. B.p.

18.23 17.54 18.39 18.21 18.19 17.49 17.46

F.e.

18.92

18.95

18.77

19.41

19.39

19.13

19.02

18.69

B.p.

18.39 18.70 18.41

19.06

19.20 19.42 18.80

Q.p.

19.23

18.48

500

18.52

18.74

Q.p.

19.30

19.02

18.73

nØ

18.34

19.24

19.13 18.90

19.36

18.66

18.58

beto

18.40

18.82

Q.p.

19.62

T.c.S

hek

18.72 18.62

19.16

18.55

19.4619.47

19.58 18.96

18.42

19.95

19.74

19.14

19.77

19.66

18.68

lp

19.76

18.44

18.60

grevel

19.66

8. 24

18.74

20.00

+1

18.64

18.44

18.58

18.75

Beukenhaag aan de Sportlaan (ca. 29m1), dubbele rij, afstand tussen rij 0.20 meter, afstand in de rij 0.25 meter, plantmaat 60-80, 8 stuks per m1 100% Fagus sylvatica (gewone beuk)

19.62 19.15

18.47

18.44

19.71

Ø1

18.64

20.08

19.34

18.54

18.55

19.70 19.51

20.29

18.54

17.67

19.30

20.04

20.12

18.79 18.65

19.00

19.54

19.74

19.92

Buitenterras

20.36

20.12

Gemengde landschappelijke haag met de volgende soorten: 20% Fagus sylvatica (gewone beuk) 20% Carpinus betulus (haagbeuk) 20% Ligustrum vulgare (Liguster) 20% Acer campestre (veldesdooorn) 20% Crateagus monogyna (eenstijlige meidoorn)

17.91

17.85

19.59 20.20

Q.r.

20.46

19.58

Ø50,1200

19.3019.20 19.44

20.37

19.84

beton

19.95

19.53

19.24

19.45

20.23

Q.r.

20.41

19.15 18.64

19.23

19.82

20.05

20.19 19.57

19.19 grevel 19.13

19.14

19.81

20.37 20.36

19.18

17.75

k

20.36

C.b.

20.45

18.57

19.61

Indicatieve invulling boomstructuur Zonnehoeve

20.50

Lage/hoge hagen langs achter- en zijkanten, aangeplant door ontwikkelaar Dubbele rij, 1.0 meter breed Lage hagen 0.75 tot 1.20 meter hoog, plantmaat 60-80, 5 (x2) stuks per m1 Hoge hagen 1.60 tot 2.00 meter hoog, plantmaat 100-120, 5 (x2) stuks per m1

19.78

20.28 18.50

he

18.76

20.29

Q.r.

20.16

19.47

18.65

Lage hagen bij Eschenhof, aangeplant door ontwikkelaar Enkele rij, 0.50 meter breed - 0.50 tot 0.80 meter hoog Plantmaat 40-60, 5 stuks per m1 100 % Carpinus betulus (haagbeuk)

lp

19.85

19.14

18.44

Ø50,1100

Wadi's met 40 % kruidenmengsel (circa 3.000 m2) W1 - Wadimengsel - lichte grond

voetbalveld

19.84

20.54

18.59

18.75

19.38

19.20

20.34

20.23

18.98 18.70

18.79

19.31 Ø40,1000

18.58

18.80

Bermen/bermranden (1e m langs weg) beheren naar eigen inzicht beheerder gemeente Tubbergen. Overige stukken 2x per jaar maaien en afvoeren (juli en sept/okt) voor meer informatie zie cruydthoeck.nl

19.92

18.91

18.60

Ø40,1000

17.83

20.53

18.64

19.31 grevel

Indicatieve invulling boomstructuur Zonnehoeve

20.70 20.68

19.20

20.39

Q.r.

18.81 18.70

'Akker' met 30% akkermengsel (circa 2.250m2) A6 - Akkerbloemen

Ø40,1000

19.75

20.33

20.82

19.82

19.08

20.26 20.52

18.76

Ø40,1000

19.13

20.37

19.21

19.50

lp

20.07

20.14

20.88 18.79

Gras met 30% bloemenmengsel (circa 4.000 m2) G1 - Bloemrijk grasland - lichte grond

20.15

hek

Eigendom Zonnehoeve

19.35 18.83

Ø40,1000

15 % Crataegus monogyna (eenstijlige meidoorn), 175 stk. 15% Rhamnus frangula (vuilboom), 175 stk. 15% Viburnum opulus (Gelderse roos), 175 stk. 15% Sambucus nigra (gewone vlier), 175 stk. 15% Euonymus europaeus (gewone kardinaalsmuts), 175 stk. 15% Corylus avellana (gewone hazelaar), 175 stk. 10 % Sorbus aucuparia (gewone lijsterbes), 115 stk.

20.56

20.67

18.87

19.22

20.07

20.06

25

18.90

C

19.03

PV

19.02

25 % Crataegus monogyna (eenstijlige meidoorn), 73 stk. 25 %Prunus spinosa (sleedoorn), 73 stk. 15 % Rhamnus cathartica (wegedoorn), 43 stk. 5% Lonicera fragrantissima (kamperfoelie), 15 stk. 10% Rubus idaeus (wilde framboos), 29 stk. 10 % Rosa canina (hondsroos), 29 stk. 10% Ulex europaeus (gaspeldoorn), 29 stk.

19.18

Ø40,1100

19.12

C.b.

F.e.

C.b.

20.43

19.57

19.22

Q.p.

Q.p.

20.22

Q.p.

20.54

19.18

19.22

19.30

19.71

Q.r.

Q.r.

19.38

19.47

grevel

Ø40,1100

19.24 19.24

grevel

19.16

19.89

21.14

19.24

19.25 lp

19.55

Ø40,1100

19.34 19.38

19.24

Q.p.

19.31 Ø30,800

19.29

18.00 19.67

Ø30,800

19.29 19.14

19.67

19.40

19.04 19.16

19.76 19.74

19.31

19.21

19.11 19.19

19.21 19.10

20.94

21.01

17.89 17.97

19.78

19.32

19.31 19.32

17.98 19.08

17.95 18.08

18.01

20.76

21.07

17.85

19.73

20.53

Q.p.

18.01 19.34 19.26

19.53

18.14 19.13

19.02

19.10

19.16

19.13

19.26

19.39

17.89

19.98

U.e.

19.11

18.08

18.15 18.99 17.99

19.22

19.35

Ø20,600

Ø30,600

18.05

19.16

19.36

19.12 19.09

18.06

18.18 19.04 18.89

18.00

18.98

19.30

19.36

19.46

20.46

Q.p.

18.74

19.69

19.72

19.28

19.18

19.27

B.pend.

19.42

20.30

19.02 19.17

18.06

B.pend.

19.46

19.09 18.36

Ø20,600

18.92

19.39

Q.r. bestaand

19.63

20.04

18.16 19.42

19.40

19.65

20.74

21.21

B.pend.

19.30

19.53

19.67

Ø20,600

19.31

19.35

19.65

20.54

+21.0

vb 19.96

20.09

19.50

Ø70,1600

19.61

19.87 19.86 20.05

20.04

19.45

19.60

19.92

Q.p.

19.99 20.06

20.03 20.08

Ø20,600

19.96 19.94

U.e. (12x) - Ulex europaeus (gaspeldoorn), potmaat P9

19.94 20.01 20.06

19.41

19.87

Wadibodem op +19.50

20.53

21.06

21.14

21.03

S.c.

20.96

1:10 'de es op'

C.b.

20.03

k

Q.p.

Q.p.

21.00

S

B.pend.

Q.r.

20.96

B.pend.

19.94

20.48 20.37

C.b.

+20.10

19.55

20.64

Q.p.

Ø250

20.11

20.15

Heester(groepen) S.c. (25x) -Salix cinerea (grauwe wilg), potmaat 60-80

20.00

20.12

19.74

19.36

20.68

20.91

20.03

19.40

20.24 20.14 20.07

20.81

20.10

S.c.

he

20.74

U.m.

19.86

19.37

19.42

B.pend.

Ø250

19.94 19.92 19.96

20.10

raster

Wadibodem op +19.50

PVC

20.10

20.03

PVC

2

17.5 2 + +17.5 20.12 r

20.15 20.25

19.94

19.93

lp

19.96 19.46

20.32 20.47

20.22

20.11

20.14 lp

20.17

20.10

20.24

20.09

raster

19.46

20.51

Q.p.

A.c.RS.

19.40

20.50

20.61

Q.p.

20.0320.09

19.47

19.54

20.60

+21.0

minigemaal 20.17 20.18 20.29 put vol water r geen buizen zichtbaar 20.28

20.20 20.19

20.00

20.06 20.09

7.52 50 +1

19.78

20.27

19.62

20.62

20.77

raster

U.e.

19.63

Bomen B.p (12x) - Betula pubescens (zachte berk), maat 12-14 S.a. (5x) - Salix alba (knotwilg), aanplant als stek (maat 200/300)

20.18

20.04

20.73

S.a.

20.23

20.29

19.62

19.80

20.16

heg-haag

B.pend.

19.82

Acer campestre 'Red Shine' (veldesdoorn)

19.67 19.73

20.13

A.c.RS. (3x)

Meerstammige heester met belevingswaarde (blad, bloei, vrucht) P.p. (4x) - Parrotia persica (perzisch ijzerhout) A.l. (4x) - Amelanchier lamarckii (amerikaans krentenboompje) M.s. (3x) - Malus 'Evereste' (sierappel)

bouwland

heg-haag

J. r.

Prunus avium Plena (Kers)

19.86

19.66

S.c. S.c.

Pr.a.Pl. (2x)

19.75

raster

Wadibodem op +19.70

Eigendom privé

19.83

bouwland

S.c. 19.65

Bloesembomen en heesters in de straat, maat 14 -16

19.78

Eigendom VVE Eschenhof

19.58

heg-haag

19.64

19.61

raster

19.88

19.81

Carpinus betulus (haagbeuk) Quercus robur (zomereik) Quercus petrea (wintereik) Fraxinus excelsior (gewone es) Betula pendula (ruwe berk) Ulmus minor (gladde iep) Alnus glutinosa (zwarte els)

19.79

19.89

19.67

S.c.

heg-ha

20.07

19.82

U.e. U.e.

19.68

C.b. (3x) Q.r. (17x) Q.p. (12x) F.e. (9x) B.pend. (10x)U.m (2x) A.g (3x)-

19.92 19.94

T.h.

19.59

S.c. S.c.

U.e.

19.62

U.e.

S.c.

19.64

19.96

19.95

19.52

10-04-2025

18.95

Schaal

1 : 500

Papierformaat A0-l

bestemmingsplan TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22k Eschenhoek Tubbergen

Bijlage 3 Waterhuishoudkundig plan

Bijlagen bij de regels (vastgesteld)

13

Waterhuishoudkundig plan

Plan Eschenhoek te Tubbergen

Opdrachtgever VOF Eschenhoek

Auteur De heer R. (Rob) Rekveldt Paraaf:

Adviesbureau Geofoxx Eektestraat 10-12 Oldenzaal Controle / vrijgave Mevrouw N. (Nelleke) van Asch Status Definitief Datum 19 maart 2025 Projectnummer 20241070/NASC Documentkenmerk 20241070_a2RAP

Paraaf:

Waterhuishoudkundig plan

Plan Eschenhoek te Tubbergen

Inhoudsopgave 1

Inleiding

1

2

Locatiegegevens en onderzoeksopzet 2.1 Locatiegegevens 2.2 Gewenste herinrichting 2.3 Onderzoeksopzet

2 2 3 4

3

Beleid 3.1 Waterschap 3.2 Gemeentelijk beleid

6 6 7

4

Geohydrologisch onderzoek 4.1 Maaiveldhoogte 4.2 Bodemopbouw 4.3 Doorlatendheid 4.4 Grondwater 4.5 Oppervlaktewater 4.6 Riolering 4.7 Natuurgebieden en grondwaterbschermingsgebied 4.8 Klimaatatlas Twente

9 9 10 12 13 16 17 17 17

5

Toekomstige situatie waterhuishouding 5.1 Algemeen 5.2 Infiltratiemogelijkheden algemeen 5.3 Infiltratiepotentie en geschiktheid hemelwaterinfiltratie 5.4 Berging hemelwater 5.5 Ontwerp watersysteem

18 18 18 19 19 20

6

Bouw- en woonrijp maken 6.1 Voorstel vloer en bouwpeilen 6.2 Aandachtspunten bouwrijp maken

25 25 26

7

Samenvatting en conclusie

27

Bijlagen 1 Situatietekening 2 Boorstaten 3 Berekening goten 4 Watertoets

projectnummer

datum

20241070/NASC

januari 2025

-/-

Waterhuishoudkundig plan

Plan Eschenhoek te Tubbergen

1

Inleiding

In opdracht van VOF Eschenhoek heeft Geofoxx, als onafhankelijk adviesbureau1, een geohydrologisch onderzoek uitgevoerd en waterhuishoudkundig plan opgesteld op de planlocatie Eschenhoek te Tubbergen. De aanleiding voor het laten uitvoeren van het onderzoek wordt gevormd door de voorgenomen nieuwbouw op de locatie en de daarvoor benodigde omgevingsvergunning. In verband met de omgevingsvergunning en de geplande woningbouw is het nodig om de lokale waterhuishouding en de gevolgen van de herontwikkeling op de huidige waterhuishoudkundige situatie in kaart te brengen. Achtergrond Om water bij ruimtelijke ontwikkeling een prominentere rol te geven, is op grond van het besluit op de ruimtelijke ordening de watertoets verplicht gesteld. Dit komt er op neer dat bij elk ruimtelijk plan vooraf moet worden aangegeven op welke wijze rekening wordt gehouden met de gevolgen van het plan voor de waterhuishouding en dat onderlinge afstemming plaatsvindt tussen ontwikkelaar en waterbeheerders (watertoetsproces). De doorvertaling van het watertoetsproces zal in het omgevingsplan worden opgenomen in de vorm van een waterparagraaf, waarin verantwoording wordt afgelegd over de manier waarop omgegaan is met de inbreng van de waterbeheerder. Watertoets(proces) De essentie van het watertoetsproces is een vroegtijdig contact tussen zogeheten initiatiefnemers en waterbeheerders.

Het doel van de watertoets is waarborgen dat waterhuishoudkundige doelstellingen expliciet en op evenwichtige wijze in beschouwing worden genomen bij alle relevante ruimtelijke plannen en besluiten van Rijk, provincies en gemeenten. De toets is verplicht voor ruimtelijke plannen waarin 'waterbelangen' spelen. In een waterparagraaf wordt door de initiatiefnemer uitgelegd hoe wordt omgegaan met de waterhuishouding binnen het plan (Bij grotere plannen wordt het opstellen van de waterparagraaf veelal voorafgegaan door een vooroverleg met waterschap, gemeente en/of Rijkswaterstaat). Het waterschap kijkt vervolgens of in het plan voldoende rekening is gehouden met de waterhuishouding ter plaatse (beoordeling waterparagraaf) en geeft een wateradvies. Het resultaat van het watertoetsproces is een tussen de initiatiefnemer en waterbeheerder afgestemde waterparagraaf in het ruimtelijk plan. Afhankelijk van de omvang van het plan alsmede relevante wateraspecten / -belangen komt het watertoetsproces in aanmerking voor de korte procedure dan wel normale procedure.

Doel Om goed onderbouwde en weloverwogen keuzes te kunnen maken bij het ontwerp van het plangebied is het raadzaam om inzicht te hebben in de grondwaterhuishouding (grondwaterstanden, fluctuaties en stromingsrichting) en bodemopbouw ter plaatse. De resultaten van het onderzoek kunnen gebruikt worden als input voor de in een latere fase op te stellen waterparagraaf. Tevens wordt de digitale watertoets reeds ingevuld, om te bepalen welke procedure doorlopen moet worden dan wel een wateradvies te verkrijgen. In het rapport komt het volgende aan de orde: het vooronderzoek en geohydrologisch onderzoek, de veldwerkzaamheden inclusief gemeten doorlatendheid, de vigerende regels voor de waterhuishouding bij ruimtelijke ontwikkeling en de interpretatie van de verzamelde gegevens, de conclusies en het advies.

1

De opdrachtgever en terreineigenaar zijn geen zuster- of moederbedrijf en komen niet uit de eigen organisatie zodat de onafhankelijkheid van het onderzoek is gewaarborgd.

projectnummer

datum

20241070/NASC

Maart 2025

1 / 28

Waterhuishoudkundig plan

Plan Eschenhoek te Tubbergen

2

Locatiegegevens en onderzoeksopzet

2.1

Locatiegegevens

Het plangebied De Eschenhoek is gelegen aan de Sportlaan te Tubbergen. De locatie staat kadastraal bekend als gemeente Tubbergen, sectie L en nummers 9575, 9239, 9180 (ged.) en 9184 (ged.). De oppervlakte van de onderzoekslocatie bedraagt circa 4,8 ha. De onderzoekslocatie is momenteel in gebruik als grasland / akker. In de directe nabijheid van het plangebied, aan de noordzijde, zijn eveneens akkers en grasland aanwezig. Ten westen van de onderzoekslocatie is een voormalig agrarisch bedrijf aanwezig met grasland. Aan de zuid- en oostzijde van de planlocatie is een watergang aanwezig. Ten zuiden hiervan bevindt zich de Sportlaan, met aanliggend verschillende woonzorgcomplexen. Ten oosten van de onderzoekslocatie zijn sportvelden aanwezig en aan de noordoostzijde bevinden zich woonhuizen. Het toekomstig plangebied zal voor een deel aansluiten op deze bestaande woonwijk aan de noordoostzijde.

Figuur 2.1: Huidige inrichting planlocatie

Tabel 2.1: Overzicht topografische gegevens Topografische gegevens Locatie Gemeente Waterschap Huidig gebruik Oppervlakte onderzoekslocatie Maaiveldhoogte Toekomstig gebruik

Plan Eschenhoek Tubbergen Vechtstromen Grasland 4,8 ha 18,2 - 21,2 m NAP Woningen

projectnummer

datum

20241070/NASC

Maart 2025

2 / 28

Waterhuishoudkundig plan

Plan Eschenhoek te Tubbergen

2.2

Gewenste herinrichting

Men is voornemens om 82 woningen te realiseren waarbij er 5 vrijstaande woningen, 12 twee-onder-een kappers, 21 rijwoningen, 12 appartementen en een woonzorgcomplex met 32 zorgappartementen worden gerealiseerd (zie figuur 2.1). Er is een toegangsweg voorzien vanuit de Sportlaan aan de zuidzijde van het plangebied. Vanuit de Klarinet (bestaande woonwijk), aan de oostzijde van het plangebied, wordt een ontsluiting gerealiseerd voor voetgangers fietsers en hulpdiensten (calamiteitenroute). Op meerdere locaties binnen het plangebied is ruimte voorzien voor groen met een waterbergende functie, zoals wadi’s. Een deel van het weiland aan de zuidoostzijde blijft onbebouwd. Deze ruimte is gereserveerd voor een extra sportveld in de toekomst.

Figuur 2.1: Onderzoekslocatie nieuwe situatie Gebaseerd op de tekening aangeleverd door de opdrachtgever zal het verhard oppervlakte in de toekomst toenemen. Dit bestaat uit circa 7.860 m2 voor de toekomstige rijbaan, trottoirs en parkeerplaatsen (verhardingen). Daarnaast zal de bebouwing zorgen voor een toename van het verhard oppervlak met circa 6.980 m2. Dit is inclusief inritten en een parkeerplaats op particulier terrein. In onderstaande tabel is de toekomstige verharding weergegeven.

projectnummer

datum

20241070/NASC

Maart 2025

3 / 28

Waterhuishoudkundig plan

Plan Eschenhoek te Tubbergen

Tabel 2.2: Oppervlaktes en kavelindeling (m2) Situatie

Kavels

Voormalig

--

Toekomstig

5 st. vrijstaand1 12 st. 2-o.-1-kap2 22 st. rijwoningen3 Appartementen Woonzorgcomplex Rijbaan Parkeerplaatsen (verhard) Parkeerplaatsen (halfverhard)

Globale oppervlakte 4,8 ha

Oppervlak bebouwd --

4,8 ha

900 1680 2200 900 1300

Oppervlak verharding

Totaal

--

-14.850

6800 1000 63

Totaal onverhard 34.150 Totaal verhard 14.850 1) 180 m2 verhard inclusief bestrating/ oprit 2) 140 m2 verhard inclusief bestrating/ oprit 3) 100 m2 verhard inclusief bestrating/ oprit 4) Totale lengte ca. 1050 m, gemiddelde breedte ca. 6,5 m. 5) Uitgaande van 80 parkeerplaatsen (5x2,5 m). 6) Uitgaande van 10 parkeerplaatsen, 50 % verhard (5x2,5 m).

2.3

Onderzoeksopzet

2.3.1

Geohydrologisch onderzoek

Eerst zal een bureaustudie worden uitgevoerd waarbij op basis van alle beschikbare openbare data (o.a. DINOloket, Wateratlas Overijssel, Actueel Hoogtebestand Nederland) de lokale bodemopbouw en geohydrologie wordt beschreven. Omdat deze gegevens vaak van regionale aard zijn dienen deze te worden door vertaald naar de lokale situatie. Hiervoor zijn aan verschillende openbare bronnen gegevens ontleend omtrent de geohydrologie en waterhuishouding. De verzamelde gegevens zijn afkomstig van;          

het Actueel Hoogtebestand van Nederland 4 (AHN 4); KLIC-melding en relevante kadastrale kaarten van het Kadaster; de database DINOloket van TNO; openbare datasets beschikbaar via het Nationaal Georegister; grondwatermeetnet Twente; openbare datasets van de Provincie Overijssel (Atlas van Overijssel); legger waterschap Vechtstromen en informatie vanuit Expertisecentrum (hydrologie); rapport verkennend bodemonderzoek Sportlaan / Hardenbergerweg – Tubbergen (Kruse groep, oktober 2024, projectcode 24054410); geohydrologisch onderzoek DHV, dossier W0721-50.001 2004; ligging en situering riolering rondom plangebied, gemeente Tubbergen.

Veld- en laboratoriumonderzoek Op basis van het uitgevoerde bodemonderzoek (Kruse groep, oktober 2024, projectcode 24054410) is reeds inzicht verkregen in de bodemopbouw. Om inzicht te krijgen in de doorlatendheid (k-waarde) van de onverzadigde zone van de bodem zijn daarnaast doorlatendheidsmetingen uitgevoerd. De k-waarde is van belang voor het bepalen van de infiltratiemogelijkheden op de locatie. In lijn met de leidraad riolering Module C2510 (Doorlatendheidsonderzoek voor infiltratie en drainage), met een GHG (gemiddeld hoge grondwaterstand <1,5 m-mv), zijn zeven doorlatendheidsmetingen (falling head testen) uitgevoerd op verschillende dieptes van circa 0,5 tot 1,0 m-mv. Daarnaast zijn drie pomproeven verricht in de bij het bodemonderzoek geplaatste peilbuizen ter bepaling van de doorlatendheid van de bodem onder de grondwaterstand.

projectnummer

datum

20241070/NASC

Maart 2025

4 / 28

Waterhuishoudkundig plan

Plan Eschenhoek te Tubbergen

De ligging van de boorpunten is weergegeven op de situatietekeningen in bijlage 1. Voor gedetailleerde boorstaten wordt verwezen naar bijlage 2. Kwaliteitsborging De veldwerkzaamheden zijn uitgevoerd onder certificaat conform de richtlijnen en kwaliteitseisen zoals genoemd in de Beoordelingsrichtlijn veldwerk voor milieuhygiënisch bodem en waterbodemonderzoek van de Stichting Infrastructuur Kwaliteitsborging Bodembeheer, nummer 2000 "Veldwerk bij milieuhygiënisch bodem- en waterbodemonderzoek" (kortweg: BRL SIKB 2000) en vigerend protocol 2001 (Plaatsen van handboringen en peilbuizen, maken van boorbeschrijvingen, nemen van grondmonsters en waterpassen).

2.3.2

Digitale watertoets

In dit kader van de (verplichte) watertoets is het van belang om in de planvormingsfase na te denken over de waterhuishoudkundige aspecten op de locatie. Een eerste stap hierin is het doorlopen van de digitale watertoets. Met behulp hiervan kan worden bepaald welke wateraspecten er spelen en welke procedure op basis hiervan moet worden doorlopen. Ten behoeve van een goede ruimtelijke onderbouwing van de ontwikkeling dient in de toelichting van het omgevingsplanplan een waterparagraaf te worden opgenomen. Hierin wordt een beschrijving gemaakt van onder andere de geohydrologische uitgangspunten, de beleidsmatige uitgangspunten van gemeente en waterschap, de benodigde bergingsopgave, infiltratiemogelijkheden en de toekomstige invulling van de waterhuishouding (op hoofdlijnen). Afhankelijk van de uitkomsten van de digitale watertoets, wordt de waterparagraaf in een later stadium geschreven. De resultaten van de digitale watertoets zijn opgenomen in onderhavige rapportage.

projectnummer

datum

20241070/NASC

Maart 2025

5 / 28

Waterhuishoudkundig plan

Plan Eschenhoek te Tubbergen

3

Beleid

In de navolgende paragraaf is het huidige beleid ten aanzien van stedelijk waterbeheer beknopt toegelicht. Het stedelijk waterbeleid wordt ingevuld door de gemeente Tubbergen en waterschap Vechtstromen.

3.1

Waterschap

Het waterschap heeft een aantal normen en uitgangspunten opgenomen in het ‘Waterbeheerprogramma 2022-2027. De grootste opgaven waar het Waterschap mee te maken krijgt bestaat uit een veranderend klimaat, duurzaamheid, energietransitie, herwinning van grondstoffen en de zorg voor de natuur en biodiversiteit. de Omgevingswet, het klimaat, algehele waterkwaliteit, duurzaamheid en beleving. Het algemene uitgangspunt van het waterschap Vechtstromen is dat het omliggende watersysteem niet extra belast wordt door de ontwikkelingen op de locatie. Er mag géén afwenteling op de omgeving (en in de tijd) plaatsvinden. Daartoe hanteert het waterschap de volgende twee tritsen voor waterkwantiteit en waterkwaliteit: Vasthouden – bergen – afvoeren De trits ‘vasthouden – bergen – afvoeren’ houdt in dat in eerste instantie getracht dient te worden het (gebiedseigen) water zo lang mogelijk – daar waar het valt – vast te houden (infiltratie in de bodem). Indien dit niet mogelijk is dient het afstromend regenwater lokaal te worden geborgen in vijvers en watergangen. Pas in laatste instantie - wanneer noch vasthouden, noch bergen afdoende is - kan overwogen worden het water zo traag mogelijk af te voeren naar de omgeving.

Schoon houden – scheiden – schoonmaken De trits ‘schoon houden – scheiden – schoonmaken’ omvat ten eerste het niet toelaten dat de waterkwaliteit verslechtert (schoon houden), vervolgens het scheiden van schone en vuile waterstromen en als laatste het zuiveren (schoonmaken) van verontreinigd water. De hydrologische ordeningsfuncties voor deze trits zijn:  Cascadering, waarbij vuile gebiedsfuncties benedenstrooms van schone worden gelegd;  Buffering, waarbij tussen schone en vuile gebiedsfuncties een bufferzone wordt aangelegd;  Differentiatie per stroomgebied, waarbij elk (deel)stroomgebied een richtinggevende functie krijgt. Onder deze bovengenoemde trits heeft het waterschap Vechtstromen een aantal specifieke uitgangspunten met betrekking tot het stedelijk waterbeheer. Deze zijn afkomstig uit het Hydraulisch handboek 2020 van waterschap Vechtstromen2: 

Bergingseis (bergingsvijvers, waterlopen, straat en infiltratie- en randvoorzieningen3): o o o o o o o

2 3

T=100 gebeurtenis maatgevend voor toetsing; Neerslagstatistiek volgens Stowa rapport nr. 19, 2019; Neerslag volgens huidige klimaat +10% (klimaat) 3 mm berging op straat, dak etc. Maatgevende bui-duur is 48 uur, neerslaghoeveelheid 122 mm. Deze waarde komt overeen met de neerslaghoeveelheid inclusief klimaatverandering volgens Stowa rapport nr 19; Maatgevende afvoer (lozingscapaciteit berging): 1,6 l/s, ha ofwel 28 mm bij bui-duur 48 uur; Dit betekent 91 mm waterberging voor het gebied dat is toegenomen in verhard oppervlak;

Augustus 2020, afdeling ontwikkeling en advies, Waterschap Vechtstromen; Bepaal de omvang en het type berging in bestaand stedelijk gebied in overleg met de gemeente;

projectnummer

datum

20241070/NASC

Maart 2025

6 / 28

Waterhuishoudkundig plan

Plan Eschenhoek te Tubbergen

  

3.2

Ondergrondse infiltratievoorzieningen moeten worden voorzien van een inspectiemogelijkheid en worden voorzien van blad- en zandvangers; Het hemelwater wordt bij voorkeur zichtbaar afgevoerd naar de berging- en/of infiltratievoorziening; In het kader van duurzaam bouwen en vanwege de beoogde grond- en oppervlaktewaterkwaliteit mogen geen uitlogende bouwmaterialen (zoals zink, koper, lood en PAK-houdende materialen) worden toegepast. Er zijn voldoende milieuvriendelijke alternatieven die vergelijkbaar zijn wat betreft uitstraling, gebruiksgemak, levensduur en onderhoud. Indien de uitlogende materialen toch worden toegepast, dienen ze jaarlijks gecoat te worden om diffuse verontreinigingen te voorkomen; Het waterschap is er voorstander van om zo min mogelijk schoon regenwater af te voeren naar de rioolwaterzuiveringsinstallatie. Nieuw aan te leggen gebieden dienen gescheiden gerioleerd te worden; Om afwenteling op de omgeving (o.a. piekafvoeren) te voorkomen mag de maximale afvoer vanuit het (nieuwe) stedelijk gebied niet toenemen ten opzichte van de oorspronkelijk in het onbebouwde gebied optredende agrarische afvoeren (hierna ook wel “maatgevende landelijke afvoer” genoemd). Hiervoor dient een maatgevende afvoernorm van 1,6 liter per seconde per hectare te worden gehanteerd; Het waterschap is geen voorstander van het creëren van nieuwe onderbemalingen t.b.v.

het realiseren van voldoende ontwateringsdiepte bij nieuwbouwprojecten. Om voldoende ontwateringsdiepte te bereiken, en toch aan te sluiten bij bestaande grond- en oppervlaktewaterpeilen kan overwogen worden het terrein integraal op te hogen, dan wel om over te gaan op selectief ophogen in combinatie met kruipruimteloos bouwen. Voor een overzicht van de gangbare ontwateringnormen wordt verwezen naar het gemeentelijk beleid, paragaaf 3.2.

Gemeentelijk beleid

Hemelwater (HWA) De planontwikkeling heeft na realisatie een totale hoeveelheid verhard oppervlak van 9.750 m2 tot gevolg. Compenserende maatregelen zijn derhalve noodzakelijk (verhard oppervlak >1.500 m2). Om te voldoen aan het voorkeursbeleid van de waterbeheerders, wordt hemelwater van verharding en bebouwing bij voorkeur bovengronds afgevoerd naar een infiltratievoorziening. Indien bovengrondse afvoer niet mogelijk of wenselijk is, dienen regenpijpen boven het maaiveld te worden voorzien van een bladvanger welke tevens kan dienen als noodoverloop. Op basis van het Water en RioleringsPlan4 (WRP) 2025-2030 kan worden uitgegaan van een minimale berging van 20 mm (voor de bestaande verharding) en een bergingseis van 40 mm voor het aandeel verharding dat toeneemt. Bij extreme situaties mag geen waterschade ontstaan. Het te bergen hemelwater zal in de openbare ruimte geborgen moeten worden en waar mogelijk ook infiltreren. Ontwateringsdiepte In figuur 3.1 zijn de definities van ontwateringsdiepte en drooglegging weergegeven.

4

In dit WRP 2025-2030 (Water en Riolerings Programma) geeft gemeente Tubbergen aan hoe ze invulling geeft aan de wettelijke gemeentelijke watertaken op het gebied van afvalwater, hemelwater en grondwater. Definitief 20 augustus 2024.

projectnummer

datum

20241070/NASC

Maart 2025

7 / 28

Waterhuishoudkundig plan

Plan Eschenhoek te Tubbergen

Figuur 3.1: Definities ontwateringsdiepte en drooglegging De ontwateringsdiepte is het verschil tussen maaiveldhoogte5 en grondwaterstand. Het uitgangspunt voor het stedelijk gebied is dat voldoende ontwateringsdiepte wordt gerealiseerd voor de gewenste functie. In tabel 3.1 zijn de ontwateringsdiepten weergegeven (de beoogde ontwateringsdiepte is geen vaste te garanderen grondwaterstand omdat de grondwaterstand een sterk dynamisch karakter heeft).

Tabel 3.1: Gewenste ontwateringsdiepte per gebruiksfunctie Gebruiksfunctie

Gewenste ontwateringsdiepte (m)*

Woningen/gebouwen met kruipruimte Woningen/gebouwen zonder kruipruimte Wegen Openbaar groen Wadi *Op basis van ervaringen uit het verleden

1,0 m t.o.v. vloerpeil 0,5 m t.o.v. vloerpeil 0,7 m t.o.v. maaiveld 0,5 m t.o.v. maaiveld 0,3 m t.o.v. de wadibodem

Bouwperiode Bij de aanleg en het onderhoud van het gebouw en bestrating mag geen gebruik gemaakt worden van uitloogbare bouwmaterialen, chemische bestrijdingsmiddelen en dient het gebruik van strooizout te worden beperkt. Indien er toch uitlogende materialen worden toegepast, dient het desbetreffende materiaal jaarlijks gecoat te worden om diffuse verontreinigingen te voorkomen. Inrichting De straatpeilen dienen bij de straatpeilen in de omgeving van het plangebied aan te sluiten. Rondom de bouwkavels is voldoende ruimte om hoogteverschillen met de omgeving op te vangen. Het vloerpeil van de bebouwing dient normaal 0,2 m boven de kruin van de weg gelegen te zijn, echter is dit eveneens afhankelijk van de inrichting van het straat tracé (drempels, type wegprofiel, afstand tot straat, etc). In hoofdstuk 6.1 zal verder worden ingegaan op de vloerpeilen. Deze vloerpeilen zijn gebaseerd op de minimale drooglegging en benodigde straatpeilen.

5

De maaiveldhoogte zelf heeft vrijwel geen directe invloed op de grondwaterstand (afhankelijk van een bepaalde drooglegging werkt de maaiveldhoogte, via het oppervlaktewaterpeil, wel door in de grondwaterstand). De maaiveldhoogte is wel van belang voor de ontwateringsdiepte.

projectnummer

datum

20241070/NASC

Maart 2025

8 / 28

Waterhuishoudkundig plan

Plan Eschenhoek te Tubbergen

4

Geohydrologisch onderzoek

4.1

Maaiveldhoogte

Tubbergen is grotendeels gelegen op een stuwwal. De onderzoekslocatie bevindt zich ten noorden hiervan, in een lager gelegen vlakte. Regionaal gezien neemt de maaiveldhoogte af vanaf Tubbergen richting het noorden (zie figuur 4.1). Binnen de vlakte wordt het reliëf gekenmerkt door de aanwezigheid van dekzandruggen. Ook binnen het centrale deel van de onderzoekslocatie bevindt zich een dergelijke dekzandrug. Als gevolg hiervan zijn er relatief grote hoogteverschillen aanwezig binnen de onderzoekslocatie.

Figuur 4.1: Regionaal verloop maaiveldhoogte (AHN4) met in rood de onderzoekslocatie Binnen de onderzoekslocatie varieert de maaiveldhoogte tussen 18,2 en 21,2 m NAP. Het centrale deel van de locatie is het hoogst gelegen en het maaiveld loopt van daaruit zowel af richting het noorden als richting het zuiden (zie figuur 4.2).

projectnummer

datum

20241070/NASC

Maart 2025

9 / 28

Waterhuishoudkundig plan

Plan Eschenhoek te Tubbergen

19,4 19,8

20,0 19,8

20,5

19,8

19,8

19,5 19,8

21,2 20,7

18,5 18,4

18,2 18,7

Figuur 4.2: Maaiveldhoogte in m NAP binnen de onderzoekslocatie (AHN4 en inmeting METRICA B.V.)

4.2

Bodemopbouw

Regionale bodemopbouw De opeenvolging van slecht doorlatende lagen en goed doorlatende watervoerende pakketten bepaalt de grondwaterstroming in een gebied. De opeenvolging wordt de geohydrologische opbouw genoemd. In figuur 4.3 en tabel 4.1 is de geohydrologische opbouw weergegeven (gebaseerd op het geohydrologische model van de DINOloket, REGIS v2.2). Ter plaatse van het plangebied zijn in de ondergrond dekzandafzettingen van de Formatie van Boxtel aanwezig. Deze afzettingen bestaan uit zeer tot matig fijn zand en dit pakket heeft een dikte van circa 7 m. Hieronder is een dunne laag (ca. 1 m) matig grof tot uiterst grof zand aanwezig van de Drente Formatie. Vanaf een diepte van circa 8 m-mv worden zeer slecht doorlatende afzettingen aangetroffen in de ondergrond.

projectnummer

datum

20241070/NASC

Maart 2025

10 / 28

Waterhuishoudkundig plan

Plan Eschenhoek te Tubbergen

plangebied

Figuur 4.3: Regionale bodemopbouw (REGIS V2.2, DINOloket)

Tabel 4.1: Regionale bodemopbouw (REGIS V2.2, DINOloket) Diepte (m-mv) 0-7

Formatie

Samenstelling

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij iBabs is leidend. Bron: https://bestuur.tubbergen.nl/api/v1/meetings/1309/documents/26762