CConstaterende datTubbergen
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 4 Reactienota.pdf

Raadscommissie 11 januari 2022, gemeente TubbergenBij agendapunt: 15: Ontwerp provinciaal inpassingsplan Springendal en Dal van de Mosbeek12.151 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Wij spreken onze waardering uit voor de wijze waarop uw bedrijf gevoerd wordt en wat u allemaal voor natuur, landschap en burgers doet. Wij begrijpen dat het (om uw woorden te gebruiken) ‘bizar’ overkomt dat er nu maatregelen kunnen worden afgedwongen, omdat zich in het verleden habitats hebben ontwikkeld op gronden die in uw eigendom zijn. Dat dit maatregelenpakket zwaarder is geworden gedurende het proces, is een consequentie van de manier waarop Nederland dit Europese natuurbeleid heeft ingevuld. Wij zijn graag bereid (als u dit op prijs stelt) de noodzaak van de maatregelen nogmaals uit te leggen.

Nee

8.2

U pleit voor een snelle afwikkeling van dit PIP Op dit punt zijn we het zondermeer met u eens. Ook wij willen een en een nog snellere ruiling van gronden, zodat snelle afwikkeling, zodat er voor alle partijen zo snel mogelijk dit dossier eindelijk gesloten kan worden en u duidelijkheid komt. Aan de andere kant zijn afstemming en door kunt gaan met de toekomst van uw zorgvuldigheid van het grootste belang om later niet alsnog is bedrijf. ellenlange procedures verzeild te raken. U stelt dat de beoogde bedrijfsopvolger voornemens is om over een aantal jaren dit gezinsbedrijf over te nemen en volgens u moet het dan mogelijk zijn om bestaansmogelijkheden te houden met een fatsoenlijk inkomen zonder een zwaard van damocles boven zijn hoofd vanwege N2000.

Reactienota NL.IMRO.9923.ipSdalDvdM-on01

Nee

Wij gaan er vanuit dat er sprake kan blijven van een levensvatbaar bedrijf en dat de bedrijfsopvolger zeker geen zwaard van Damocles boven het hoofd hangt vanwege de ontwikkeling van de Natura 2000gebieden. Wat aanverwante wet- en regelgeving (bv. het stiksofdossier) voor gevolg heeft voor de bedrijfsvoering blijft daarbij uiteraard buiten beschouwing, daar hebben we geen of maar zeer beperkt grip op.

25

Nr.

Inspraakreactie 8

Reactie

8.3

U stelt dat u er maar mee moeten leven dat u een aantal hectares grond kwijtraakt om de habitats dusdanig te laten gedijen als hoe men zegt. U vindt het wel heel bizar dat u eigen cultuurgronden moeten laten liggen voor uw eigen bos, dat toevallig in N2000 ligt. Dit voelt voor u heel erg krom daar allebei in uw eigendom zijn.

Het Inpassingsplan heeft betrekking op percelen met een gezamenlijke Nee oppervlakte van 6,942 ha. Er is maar ±0,191 ha op perceel TBG D 1765 extra tot Natuur bestemd. De percelen in Dinkelland zijn al tot ‘Bos en natuur’ bestemd. Het kwijtraken/laten liggen is dus planlogisch gezien zeer beperkt. Praktisch gezien verandert er wel wat, want het met de bestemming strijdige gebruik dat nu onder het overgangsrecht valt (en weer komt te vallen) zal 2 jaar na in werking treden van het inpassingsplan moeten worden gestaakt voor zover dat gebruik strijdig is met de natuurdoelstellingen.

U stelt dat uit diverse onderzoeken door het Fieldlab blijkt dat de habitats welke in boerenhanden en dus op particulier eigendom zijn, het vele malen beter doen dan de habitats op de gronden van diverse Terrein beherende organisaties. Dus blijft voor u de vraag waarom u gronden moet laten liggen terwijl het goudveil in het bos er ruimschoots tot aan de perceelsrand groeit en bloeit.

We zijn blij met de resultaten van het goudveil, maar de maatregelen genomen moeten worden betreffen meer dan alleen de bescherming het goudveil. Het gaat om het gehele ecohydrologische systeem van natuur en water dat op het perceel afvloeit richting de Onderbeek. Daarom is de aanpassing noodzakelijk.

8.4

U wilt graag met ons in overleg om af te spreken dat wanneer blijkt dat na een 2 of 3 tal beheerperiodes de habitats het niet beter of misschien zelfs slechter doen, u de grond die u nu moet afstaan weer in gebruiken kunt nemen, omdat de habitats het nu allemaal wel zeer goed doen.

Het voert te ver om over dergelijke zaken nu al afspraken te maken. Nee Monitoring gedurende de beheerperioden zal moeten aantonen wat de effecten zijn en de daaruitvolgende gebruiksmogelijkheden. Het weer in gebruik nemen van de gronden zoals ze nu gebruikt worden zou het bereikte resultaat dan weer te niet doen. Zie ook onze reactie op het vorige punt t.a.v. de habitats.

8.5

Volgens u is het vinden van geschikte ruilgronden in de directe omgeving (dus voor hen beweidbaar en bereikbaar) voor u een zeer belangrijk punt. Dit is voor u één van de eisen die u stelt. U wilt dit graag op korte termijn kunnen bereiken.

Grondonderhandelingen zijn een onderdeel van het totale proces en in dat onderdeel vinden gesprekken plaats tussen eigenaren en rentmeesters over de voorwaarden en mogelijkheden betreffende grondruil. Dit juridische proces van het Inpassingsplan kent daarvoor geen plaats. Wij zetten ons nadrukkelijk in om zo snel mogelijk te overeenstemming te komen, maar daar zijn twee partijen voor nodig.

U stelt dat het kan zijn dat op de ruilgrond misschien ook houtwallen dienen te worden verplaatst. Echter aangezien er grote ongerustheid is ontstaan bij de burgers over de massale boomkap van diverse terrein beherende organisaties heeft u een lichte

Het is onduidelijk waar u precies op doelt, maar kennelijk heeft u bepaalde percelen voor ogen waar houtwallen op staan.

Reactienota NL.IMRO.9923.ipSdalDvdM-on01

Aanpassing PIP nodig

Nee

In het al dan niet kunnen verplaatsen van houtwallen voorziet het Casco-beleid. In voorkomend geval en als het past binnen de doelstellingen van het Inpassingsplan dan kunnen we dat meenemen.

26

Nr.

Inspraakreactie 8

Reactie

angst op bezwaren. U verwacht dan ook dat wij u in deze bij staan.

In alle andere gevallen ligt het primaat bij de gemeente en zijn we beperkt in de mogelijkheden om bij te dragen aan een oplossing.

8.6

U bent van mening dat de vrijgekomen ruimte in dit gebied ook weer vrijgegeven wordt aan het gebied. U vindt het voor u van groot belang mogelijkheden te houden om door te kunnen ontwikkelen en daarvoor ook een vergunning verleend te krijgen. U ziet dit als een ‘beloning’, omdat u aan strengere voorwaarden moet voldoen dan andere bedrijven die verder van het gebied afzitten en u ook al grond in moet leveren voor dit doel.

Uw reactie over ‘vrijgekomen ruimte’ gaat voor zover wij weten over Nee ammoniakruimte. In het kader van dit Inpassingsplan is voor het doen van dergelijke toezeggingen geen ruimte. Het punt is bekend bij de LTO en de Bestuurlijke Advies Commissie (BAC) en er wordt met ons over gesproken.

8.7

U verzoekt ons dringend te stoppen met nog meer opgaves rondom het N2000 gebied. U bent van mening dat dit dossier op een sterfhuisconstructie begint te lijken, daar er iedere keer weer wat bijkomt. U geeft aan dat u dat “goed zat” bent. U bent van mening dat het niet zo kan zijn dat wanneer een bedrijf direct aan een N2000-gebied ligt, iedere keer wat van de grond wordt afgenomen of er weer een extra beperking op wordt gelegd.

De opgaves voor de Natura 2000-gebieden worden ons opgelegd Nee vanuit Europa via de Habitat- en Vogelrichtlijnen, daar hebben we geen invloed op. De uitvoering van de opgaves heeft ook een relatie met de gronddruk. De genoemde richtlijnen dateren al uit de jaren ’90 van de vorige eeuw. Pas nu zijn wij zover dat er tot op perceelsniveau invulling en uitvoering aan wordt gegeven. Er is dus geen sprake van een ‘sterfhuisconstructie waar iedere keer wat bij komt’, maar van een stapsgewijze uitvoering van een al lang bestaande verplichting van hoger hand.

8.8

Dit Inpassingsplan met Inrichtingsplan is nu een mijlpaal in dat proces en biedt nu duidelijkheid wat er in de laatste fasen van het proces, de realisering, gaat plaatsvinden.

Voor u is het op dit moment een enorme zorg Ook voor de provincie Overijssel is het vervallen van het PAS een dat nu het PAS vervallen is. Onduidelijk voor u grote zorg en ook voor ons is het onduidelijk wat er gaat gebeuren, is wat er nu verder allemaal gaat gebeuren; maar nieuwe zoneringen zullen er niet komen. Het PAS gaat immers krijgt u straks weer nieuwe zoneringen langs alleen over stikstofuitstoot (bronmaatregelen) en stikstofdepositie de N2000 grenzen en wel op uw gronden? (herstelmaatregelen) en de daaraan gekoppelde ontwikkelingsruimte. Welke extra eisen gaat men straks allemaal Het Inpassingsplan heeft alleen betrekking op de herstelmaatregelen. weer stellen. U verzoekt nogmaals om u hierin bij te staan en eens te durven zeggen en uitstralen: “Bedrijven die hier al generaties lang zitten doen niets mis aan het gebied.” Conclusie

Reactienota NL.IMRO.9923.ipSdalDvdM-on01

Aanpassing PIP nodig

Nee

De inspraakreactie leidt niet tot aanpassing van het PIP.

27

Nr.

Inspraakreactie 9

Reactie

9.1

Op een kaart bij het voorontwerp Belemmeringen die door u ervaren worden kunnen voorgelegd worden Nee inpassingsplan - bijlage 2 bij de regels aan de rentmeester die over de eventuele nadeelcompensatie gaat (zie (aangeduid met projectgebied Springendal, 9.4). maatregelen per perceel) is te zien wat de Op dit moment is (beperkte) begrazing niet mogelijk. Met het huidige beoogde instandhoudingsmaatregelen zijn. Uw en/of gewenste gebruik (maïsteelt en/of beweiding) blijft de percelen zijn met de perceelsnummers 115 en nutriëntenbelasting te hoog en dat is niet de bedoeling. Pas als de 116 aangeduid. Te zien is dat op deze effecten van het stoppen met bemesting/begrazing bereikt zijn (c.q. percelen als maatregel zal gelden dat er niet de nutriëntenhuishouding op orde gebracht is) kan beperkte beweiding meer mag worden bemest. U bent van mening heroverwogen worden. dat hierdoor het toegestane gebruik van agrarisch naar natuur wijzigt en dat dit belemmerend zal werken voor uw bedrijfsvoering nu dit deel van het perceel hard nodig is om de koeien weidegang te bieden.

9.2

U deelt mee dat op een deel van deze percelen uw kuilplaten liggen.

Het doel van uw opmerking is ons niet geheel duidelijk, maar we gaan er vanuit dat u bedoeld dat u vindt dat er een oplossing moet komen voor de kuilvoerplaten die er liggen.

Aanpassing PIP nodig

Nee

Wij contateren dat de kuilvoerplaten er in strijd met het bestemmingsplan liggen. Uit overleg met de gemeente blijkt dat in de voorganger van het geldende bestemmingsplan Buitengebied ter plaatse een gekoppeld bouwvlak lag, maar dat dat bij de herziening naar het nu geldende bestemmingsplan is geschrapt. Voor de reden waarom dit gebeurd is verwijzen wij naar de gemeente. Zie ook onze reactie bij 9.4.

9.3

U deelt ook mee dat er een eigen verharde weg over het perceel loopt naar de woning, waar een waterberging met knijpduikers is voorzien.

Het doel van uw opmerking is ons niet geheel duidelijk, maar we gaan er vanuit dat u bedoeld dat u nadelige effecten van de waterbering en de knijpduikers verwacht. Het gebruik van de weg wordt niet beperkt of belemmerd door de voorgenomen maatregelen.

Op twee van uw andere percelen aan de Bovenesweg (aangeduid met de perceelsnummers 15 en 17 op de kaart met projectgebied Hazelbekke) wordt als instandhoudingsmaatregel beoogd om de bemesting te beperken (perceel 15 van ongeveer 0,5 hectare) respectievelijk om uitsluitend blijvend grasland toe te staan

Deze opsomming van informatie wordt voor kennisgeving aangenomen Nee en zal betrekking hebben op het standpunt dat beschreven wordt onder 9.4. Voor onze reactie wordt dan ook daarnaar verwezen.

Reactienota NL.IMRO.9923.ipSdalDvdM-on01

Overigens is hetgeen geschreven wordt niet geheel juist. Het betreft kadastraal perceel A 3973 met een oppervlakte van 2,438 ha. Daarvan wordt 0,625 ha tot ‘Natuur’ bestemd (perceel 15 ged.). Daar mag dan niet meer bemest worden. Bemesting wordt daar dus 28

Nr.

Inspraakreactie 9

Reactie

Aanpassing PIP nodig

(perceel 17 van ongeveer 2,5 hectare), terwijl niet beperkt, maar verboden. Daaruit volgt dan dat de resterende u hier tot op heden doorgaans maïs 1,813 ha permanent grasland wordt (perceel 17 ged.) en niet 2,5 ha. verbouwd. Daar mag wel gewoon bemest worden. 9.4

U vreest nadelige gevolgen voor de bedrijfsvoering als gevolg van het dichterbij komen van de natuurbestemmingen. U verzoekt ons voldoende rekening te houden met uw bedrijfsvoering, zodat u geen onevenredige hinder zal ondervinden met de weidegang en toegang tot de woning. Dit is mede ter voorkoming van planschade en andere schadeposten (zoals het noodzakelijkerwijs te verwijderen drainagesysteem).

De externe werking van de natuur gaat uit van de habitats binnen de Natura 2000-grens en niet nieuwe natuur buiten de Natura 2000grens. Nieuwe natuur valt ook niet onder de werking van de Wet ammoniak en veehouderij. De belemmerende werking van de natuur komt dus niet dichterbij het bedrijf. We houden bij het opstellen van de plannen zoveel mogelijk met de bedrijfsvoering.

Nee

Onze rentmeesters hebben een inventariserend gesprek met u gehad. Er is gesproken over de mogelijkheid om ruilgrond aan te bieden, maar er is nog niet gesproken over een concreet perceel. Eerst willen we van alle eigenaren weten wat de wensen zijn en daarna gaan we met kavelruilen aan de slag. Voor zover er sprake zou zijn van schade, wordt die in beginsel vergoed en in een contract vastgelegd. U kunt zich daarvoor naar de rentmeester wenden. Daarvoor bestaat dan ook het nadeelcompensatieloket. Uiteindelijk is er nog de mogelijkheid tot verhaal van planschade (zie 1.4.1).

Conclusie

Reactienota NL.IMRO.9923.ipSdalDvdM-on01

De inspraakreactie leidt niet tot aanpassing van het PIP.

29

Nr.

Vooroverlegreactie 1 Brandweer

Vo1.1

Geen opmerkingen

Reactie

Aanpassing PIP nodig

Nee

Conclusie

De vooroverlegreactie leidt niet tot aanpassing van het PIP.

Nr.

Vooroverlegreactie 2 Rijkswaterstaat

Reactie

Vo2.1

Geen opmerkingen

Aanpassing PIP nodig

Nee

Conclusie

De vooroverlegreactie leidt niet tot aanpassing van het PIP.

Nr.

Vooroverlegreactie 3 TenneT

Reactie

Vo3.1

Geen opmerkingen

Aanpassing PIP nodig

Nee

Conclusie

De vooroverlegreactie leidt niet tot aanpassing van het PIP.

Nr.

Vooroverlegreactie 4 Oversticht

Reactie

Vo4.1

U geeft aan dat er voor de deelgebieden binnen het plangebied vijf archeologische adviezen zijn opgesteld. Deze zijn bijgevoegd. Daarnaast geeft u aan dat er de afgelopen periode een archeologische begeleiding is uitgevoerd in opdracht van SBB, in delen van het Springendal. Hierbij zijn archeologische vondsten gedaan en ook zijn er karresporen ontdekt. De karresporen zijn zelfs met het blote oog te onderscheiden. De vondsten liggen vaak direct onder maaiveld of de bouwvoor, op maximaal 30 cm diepte.

De uitgevoerde onderzoeken liggen wel in het projectgebied, maar niet Ja in het voorliggende Inpassingsplan. Het betreft de uitvoering van interne maatregelen. Binnen het Inpassingsplan vinden geen maatregelen plaats die de bodem verstoren, dus het geschetste risico is hier niet aanwezig. Om echter deze gebieden voor de toekomst toch te beschermen is in overleg met de gemeenten besloten de regels van Waarde - Archeologie niet zodanig aan te passen dat er sprake is van een vergunningplicht in de bovenste laag, maar een signaleringsfunctie op te nemen die van toepassing is binnen de bestemming ‘Natuur’ en op plaatsen waarvan bekend is dat ze niet verstoord zijn door agrarisch of ander gebruik, met daaraan gekoppeld de voorwaarde dat de onderzoeksvrije handelingen alleen toelaatbaar zijn, gehoord de provinciaal archeoloog. Dit om zoveel mogelijk te voorkomen dat in strijd met de Erfgoedwet wordt gehandeld (risicomanagement).

Er ligt nu een PIP ter inzage voor dit gebied, waarbij keurig de verwachtingswaarden en het beleid van de gemeenten Tubbergen en Dinkelland zijn gebruikt. Voortschrijdend inzicht laat echter zien dat in deze Reactienota NL.IMRO.9923.ipSdalDvdM-on01

Aanpassing PIP nodig

30

Nr.

Vooroverlegreactie 4 Oversticht

Reactie

Aanpassing PIP nodig

natuurgebieden met name de 40 cm diepte eigenlijk te veel is om archeologisch onderzoek achterwege te laten. Zoals in de adviezen staat, heeft u voorgesteld om toch delen archeologisch te laten begeleiden, juist vanwege de kans op sporen direct onder het maaiveld. Op basis van de PIP is deze verplichting er niet: de meeste werkzaamheden gaan minder diep dan 40 cm of zijn kleiner van omvang dan de aangegeven 2.500 dan wel 5.000 m2. Conclusie

Reactienota NL.IMRO.9923.ipSdalDvdM-on01

De vooroverlegreactie leidt tot aanpassing van het PIP.

31

3 Ambtshalve wijzigingen Zie ook algemene tekst in de toelichting betreffende wijzigingen ten opzicht van het Voorontwerp PIP Wijzigingen Toelichting/Regels (T/R) Nr.

Aanleiding

Aanpassing

T-R1

Diverse onzorgvuldighedenen, ontbrekende verwijzingen en inconsistente teksten geconstateerd in de regels

Aanpassingen doorgevoerd zonder inhoudelijk van belang zijnde juridische effecten.

T1

Teksten betreffende het PAS kloppen niet meer na de uitspraak van de Raad van State

Teksten zijn aangepast.

T2

Passage over no-fly zones niet opgenomen

Aangevuld

R1

Provinciale Staten hebben bij het vaststellen van Landgoederen Oldenzaal en PunthuizenStroothuizen besloten een overgangsrecht op te nemen van 2 jaar na van kracht worden van het Inpassingsplan

Overgangsregels aangepast op PS-besluit

Wijzigingen Verbeelding (V) Nr.

Aanleiding

V1

Verbeelding sluit niet overal aan op de bestaande De ‘gaten’ zijn nu gedicht door ze ook tot natuur te bestemmen. bestemming, waardoor er juridische ‘gaten’ ontstaan in de natuurbestemmingen. Dit is ontstaan doordat in het geldende bestemmingsplan de topografie gevolgd is en nu hoofdzakelijk de kadastrale grenzen

Reactienota NL.IMRO.9923.ipSdalDvdM-on01

Aanpassing

32

4 Wijzigingen naar aanleiding van inspraakreacties en vooroverleg Wijzigingen Nr.

Aanleiding

Aanpassing

W1

Inspraakreactie 3

Bestemming Natuur Brunninkhuizerbeek

W2

Inspraakreactie 6

Agrarisch bouwvlak gewijzigd naar Wonen

W3

Vooroverlegreactie 4

Regels archeologie

Reactienota NL.IMRO.9923.ipSdalDvdM-on01

33

5 Colofon Deze Reactienota is opgesteld door de provincie Overijssel (bestuurlijk trekker), in afstemming met: -

Gemeente Dinkelland Gemeente Tubbergen LTO Noord

In samenwerking met: -

Natuurmonumenten Staatsbosbeheer Landschap Overijssel Waterschap Vechtstromen

Uitgave: provincie Overijssel Datum: 09-09-2020 IDN-IMRO: NL.IMRO.9923.ipSdalDvdM-on01 Inlichtingen bij: Contactpersoon:

Cees Ortelee

Telefoon:

038 499 7915 | 06 - 211 23 592

Email:

natura2000pip@overijssel.nl

Onder vermelding van:

PIP Springendal en Dal van de Mosbeek

Kijk ook op: www.overijssel.nl/natura2000procedures Adresgegevens: Provincie Overijssel Luttenbergstraat 2 Postbus 10078, 8000 GB Zwolle Telefoon: 038 499 88 99 Fax:

038 425 48 88

www.overijssel.nl postbus@overijssel.nl

Reactienota NL.IMRO.9923.ipSdalDvdM-vo01

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://bestuur.tubbergen.nl/api/v1/meetings/773/documents/14904