CConstaterende datTilburg
Koppel je AI →
Document · PDF

Staat van wijzigingen (schoon)

Raadsvergadering 13 maart 2023, gemeente TilburgBij agendapunt: Raadsvoorstel Gewijzigd vaststellen BP Udenhout 2008, 7e herz. (Berkenhout) en beeldkwaliteitplan710 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Staat van wijzigingen bestemmingsplan Udenhout 2008, 7e herziening (Berkenhout) 31 januari 2023 De volgende wijzigingen worden aangebracht op de verbeelding: 1.

2.

De maatvoeringsaanduiding voor de maximale goothoogte ter plaatse van het beoogde appartementengebouw in fase 2 (met bouwaanduiding ‘gestapeld’) wordt teruggebracht van 10 meter naar 6 meter, overeenkomstig de uitgangspunten in het beeldkwaliteitplan. Naar aanleiding van zienswijze 1.4 wordt de ligging van de functieaanduiding ‘verkeer’ verruimd, zodat het bestemmingsplan in de toekomst meer flexibiliteit biedt voor de situering en aanleg van een ontsluiting vanuit het plangebied richting de Zeshoevenstraat.

De volgende wijzigingen worden aangebracht in de toelichting: 1. 2.

Bijlage 6 bij de toelichting wordt vervangen door het stikstofrapport van De Roever Omgevingsadvies d.d. 30 januari 2023 met referentie 20221387.v10. De toelichting in paragraaf 4.9.2 over Natura-2000 gebieden wordt als volgt gewijzigd:

“Het plangebied ligt op enige afstand van wettelijk beschermde natuurgebieden. Het dichtstbijzijnde Natura 2000-gebied betreft de Loonse en Drunense Duinen op ongeveer 1,65 kilometer en de Leemkuilen op ongeveer 1,75 kilometer. Gezien de beperkte afstand tot Natura 2000-gebieden heeft er een voortoets plaatsgevonden. Voor de voortoets wordt verwezen naar het stikstofdepositieonderzoek van De Roever Omgevingsadvies. Voor de stikstofberekening is het rekenprogramma AERIUS-calculator gebruikt, dat speciaal voor dit doel ontwikkeld is. Voor de volledige berekening wordt verwezen naar Bijlage 6 Stikstofdepositieonderzoek. In de berekening van de bouwfase is uitgegaan van realisatie van alle drie de bouwfases in één jaar (worst case). Daarnaast wordt er uitgegaan van intern salderen met mestaanwending. Dit is mogelijk mits de initiatiefnemer ten tijde van de omgevingsvergunning bouwen aantoont dat: 1. 2. 3. 4. 5.

het perceel op de relevante referentiedatum legaal bemest kon worden op grond van de meststoffenregelgeving en het bestemmingsplan; het perceel sinds de referentiedatum de agrarische bestemming heeft behouden; het aannemelijk is dat het perceel op en sinds de referentiedatum agrarisch in gebruik was; de toegestane emissie van bemesting ten opzichte van de referentiedatum niet is toegenomen (dit kan op basis van objectieve algemene gegevens); na het salderen met een bemest perceel niet verder wordt bemest.

De emissie die binnen het plangebied maximaal opgevoerd mag worden als referentiesituatie is 30,77 kg NH3/ha/jaar, mits voldoende aangetoond. In de berekening wordt uitgegaan van 78 kg NH3/jaar over 3,84 ha. Deze emissie voldoet daarmee aan deze norm. Voor de ruimtelijke procedure wordt derhalve ingestemd met de onderbouwing. Voor de omgevingsvergunning bouwen zullen bovengenoemde bewijsstukken aangeleverd moeten worden. Uit de projectberekening van de aanlegfase afgezet tegen de referentiesituatie blijkt dat de stikstofdepositie op de stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden niet hoger is dan 0,00 mol N/ha/jaar. Ten opzichte van de referentiesituatie is er dus geen sprake van een toename van de stikstofdepositie op Natura 2000-gebieden. Er is zelfs sprake van een afname van de stikstofdepositie van ten hoogste 0,10 mol N/ha/jaar. Daarnaast blijkt uit de projectberekening dat de stikstofdepositie ter plekke van de eigen rekenpunten (alle door het wijzigingsbesluit toegevoegde hexagonen met een (naderende) overschrijding van de KDW) niet hoger is dan 0,00 mol/ha/jaar. Er is op 181 rekenpunten zelfs sprake van een afname van de stikstofdepositie van ten hoogste 0,10 mol N/ha/jaar. Uit de projectberekening van de gebruiksfase afgezet tegen de referentiesituatie blijkt dat de stikstofdepositie op de stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden niet hoger is dan 0,00 mol N/ha/jaar.

Ten opzichte van de referentiesituatie is er dus geen sprake van een toename van de stikstofdepositie op Natura 2000-gebieden. Er

is zelfs sprake van een afname van de stikstofdepositie van ten hoogste 0,12 mol N/ha/jaar. Daarnaast blijkt uit de projectberekening dat de stikstofdepositie ter plekke van de eigen rekenpunten (alle door het wijzigingsbesluit toegevoegde hexagonen met een (naderende) overschrijding van de KDW) niet hoger is dan 0,00 mol/ha/jaar. Er is op 183 rekenpunten zelfs sprake van een afname van de stikstofdepositie van ten hoogste 0,12 mol N/ha/jaar. Concluderend is er geen sprake van significante nadelige effecten op Natura-2000 gebieden en daarmee geen vergunningplicht op grond van de Wet natuurbescherming. Het aspect stikstofdepositie vormt geen belemmering voor het plan.” Bijlage: Stikstofrapport De Roever Omgevingsadvies d.d. 30 januari 2023 met referentie 20221387.v10

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/12470774/1