Collegenota Voorjaarsrapportage 2026
Tekst van het document
Voorblad Collegenota Voorjaarsrapportage 2026 Datum college: Portefeuillehouder: Afdeling: Behandelend ambtenaar:
23 juni 2026, nr. 23 Wethouder Van Asten Planning & Control A. Orban
Samenvatting In de Voorjaarsrapportage 2026 wordt op hoofdlijnen informatie verstrekt over de uitvoering van de Programmabegroting 2026. U treft voortgangsinformatie aan over zowel beleidsmatige- alsook financiële ontwikkelingen over de periode januari tot en met mei 2026. We focussen in deze voorjaarsrapportage op bijsturing en afwijkingen ten opzichte van onze begroting en een compacte omvang van de rapportage, door de beleidsmatige voortgangsinformatie te beperken tot wat goed gaat en wat beter kan in de “In één oogopslag”. De financiële meldingen leiden bij vaststelling tot een begrotingsbijstelling. Het financieel resultaat van de Voorjaarsrapportage 2026 komt uit op € 6,7 miljoen nadelig ten opzichte van de Programmabegroting 2026. Dit resultaat is opgebouwd uit een drietal componenten: de doorwerking op 2026 vanuit de Jaarstukken 2025 voor een bedrag van € 7,3 miljoen nadelig; de begrotingsafwijkingen uit deze voorjaarsrapportage voor een bedrag van € 7,5 miljoen voordelig; de beleidsvoorstellen voor een bedrag van € 6,9 miljoen nadelig. In het resultaat van € 6,7 miljoen nadelig is er dus vanuit gegaan dat deze beleidsvoorstellen worden gehonoreerd. Op basis van enkel de begrotingsafwijkingen zou de voorjaarsrapportage op € 7,5 miljoen voordelig uitkomen. Dit wordt veroorzaakt door een grote diversiteit aan bijstellingen.
De grootste negatieve bijstellingen in deze rapportage zijn de bijstelling Gebundelde uitkering (BUIG) (€ 2,5 miljoen), bijstelling onderwijshuisvesting (€ 1,6 miljoen) en vervanging grote ICT-systemen (€ 1,2 miljoen). De grootste positieve bijstellingen in deze rapportage zijn de vrijval administratief budget technische doorrekening (nieuw berekende uurtarieven en ureninzet) voor de Programmabegroting 2026 (€ 3,8 miljoen), bijstelling rentebudgetten (€ 3,0 miljoen), vrijval exploitatiebudget desinvestering boekwaarde Textielmuseum in verband met overheveling (€ 3,0 miljoen) en wijziging exploitatiebudget in investeringskrediet renovatie draaibrug Prinsenhoeven (€ 1,0 miljoen). Alle overige afwijkingen tellen op tot € 2,0 miljoen voordelig. Daarnaast zorgen de beleidsvoorstellen voor een nadeel van € 6,9 miljoen. Dit bedrag wordt met name veroorzaakt door het toevoegen van eerder vrijgevallen middelen Capaciteit decentrale overheden voor klimaat en energiebeleid (CDOKE) aan de reserve Investeringsfonds Klimaat (€ 3,3 miljoen), overheveling exploitatiebudget desinvestering boekwaarde Textielmuseum (€ 3,0 miljoen), tekort Toegang Tilburg (€ 0,6 miljoen), aanpak dode bomen Sparrenhof (€ 0,3 miljoen), uitbreiding formatie BasisRegistratiePersonen (€ 0,2 miljoen) en onderzoekskosten herstelmaatregelen zwembaden Drieburcht en Reeshof (€ 0,1 miljoen).
Daarentegen leidt één van de kredietvoorstellen uit deze rapportage, het kredietvoorstel voor de vervanging van houten bruggen, tot een vrijval van het bijbehorende onderhoudsbudget (€ 0,5 miljoen). Ook worden een aantal gedekte beleidsvoorstellen aan u voorgelegd ten gunste c.q. ten laste van diverse reserves.
Gezien de hoogte van de Algemene Reserve, op dit moment per eind 2026 € 45,9 miljoen en een ondergrens van € 30 miljoen biedt deze voldoende ruimte voor de nadelige resultaatbestemming van deze rapportage.
Collegebesluit Het college 1. stelt de tekst van de Voorjaarsrapportage 2026 vast conform voorgelegd concept. 2. stelt het relevant budgettair effect van de Voorjaarsrapportage 2026 vast op € 6.745.000 nadelig ten opzichte van de Programmabegroting 2026. 3. verklaart debiteurenvorderingen voor een totaalbedrag van € 3.735,75 oninbaar. 4. stelt de raad voor het bijgevoegde raadsvoorstel Voorjaarsrapportage 2026 vast te stellen.
Collegebesluit Voorjaarsrapportage 2026 Aanleiding De Voorjaarsrapportage 2026 is één van de twee tussentijdse (verantwoordings)rapportages die conform de financiële beheersverordening aan de raad moet worden aangeboden. In de voorjaarsrapportage wordt op hoofdlijnen voortgangsinformatie verstrekt over zowel beleidsmatigealsook financiële ontwikkelingen over de periode januari tot en met mei 2026. We focussen in de voorjaarsrapportage op bijsturing en afwijkingen ten opzichte van onze lopende begroting en een compacte omvang van de rapportage, door de beleidsmatige voortgangsinformatie te beperken tot wat goed gaat en wat beter kan in de “In één oogopslag”. De financiële meldingen leiden bij vaststelling door de raad tot een begrotingsbijstelling, zodat de begroting weer in lijn wordt gebracht met de bijgestelde prognoses.
Beoogd effect Met het vaststellen van de rapportage worden begrotingsaanpassingen als gevolg van herijkingen, uitvoeringsafwijkingen, administratieve correcties en beleidsvoorstellen geformaliseerd en wordt begrotingsonrechtmatigheid voorkomen.
Besluit Het college 1. stelt de tekst van de Voorjaarsrapportage 2026 vast conform voorgelegd concept. 2. stelt het relevant budgettair effect van de Voorjaarsrapportage 2026 vast op € 6.745.000 nadelig ten opzichte van de Programmabegroting 2026. 3. verklaart debiteurenvorderingen voor een totaalbedrag van € 3.735,75 oninbaar. 4. stelt de raad voor het bijgevoegde raadsvoorstel Voorjaarsrapportage 2026 vast te stellen.
Argumenten 2.1 Resultaat Voorjaarsrapportage 2026 Het financieel resultaat van de Voorjaarsrapportage 2026 komt uit op € 6,7 miljoen nadelig ten opzichte van de Programmabegroting 2026. Dit resultaat is opgebouwd uit een drietal componenten: de doorwerking op 2026 vanuit de Jaarstukken 2025 voor een bedrag van € 7,3 miljoen nadelig; de begrotingsafwijkingen uit deze voorjaarsrapportage voor een bedrag van € 7,5 miljoen voordelig; de beleidsvoorstellen voor een bedrag van € 6,9 miljoen nadelig. In het resultaat van € 6,7 miljoen nadelig is er dus vanuit gegaan dat deze beleidsvoorstellen worden gehonoreerd. Conform bestaand financieel beleid zal aan de raad worden voorgesteld om het nadelige resultaat ten laste van de Algemene Reserve te brengen. 3.1 Afboeking debiteurenvorderingen De bevoegdheid tot het oninbaar verklaren van vorderingen boven het ambtelijke mandaat ligt bij het college; de grens ligt voor vorderingen van gemeentelijke belastingen op € 4.537,80 en voor overige vorderingen op € 500,-. We vragen om vorderingen (4) voor een bedrag van € 3.735,75 oninbaar te verklaren. Het betreft met name vorderingen die in verband met schuldhulpverlening/bewind of onvindbaarheid van de debiteur niet
langer invorderbaar zijn. Bij afboeking worden de vorderingen ten laste van de voorziening dubieuze debiteuren gebracht. 4.1 Raadsbevoegdheid Met de vaststelling van het financieel beleid in 2019 is de ruimte gecreëerd om bij de voorjaarsrapportage beleidsvoorstellen op het lopende jaar op te nemen ter integrale afweging. Daarnaast is het bestaand beleid om het resultaat van een tussentijdse rapportage ten gunste c.q. ten laste van de Algemene Reserve/Reserve Incidentele Opgaven te brengen. Bij de vaststelling van de Jaarstukken 2025 is daar, onder voorwaarden, de Reserve Fonds Stedelijke Ontwikkeling aan toegevoegd. Zowel vaststelling van de beleidsvoorstellen alsook het storten c.q. onttrekken aan de Algemene Reserve/ Reserve Incidentele Opgaven/Reserve Fonds Stedelijke Ontwikkeling is een raadsbevoegdheid. Het college legt deze voorstellen zodoende ter besluitvorming voor aan de raad door middel van het bijgevoegde raadsvoorstel.
Kanttekeningen en gewogen alternatieven Niet van toepassing.
Niet beïnvloedbare risico’s Niet van toepassing.
Kosten en dekking De kosten en dekking die voortvloeien uit deze gemeentebrede begrotingsbijstelling worden als separate voorstellen aan uw raad voorgelegd.
Uitvoering Na vaststelling van de Voorjaarsrapportage 2026 door uw raad leidt dit tot een bijstelling van de Programmabegroting 2026.
Participatie Interne (gemeentebrede) rapportage
Communicatie Het resultaat van de Voorjaarsrapportage 2026 wordt na vaststelling door uw raad via een artikel in het Stadsnieuws, rubriek Gemeentenieuws, gedeeld met de burgers, organisaties en instellingen van Tilburg.
Evaluatie Niet van toepassing.
Bijlagen 1. 2.
Raadsvoorstel Voorjaarsrapportage 2026 Concept Voorjaarsrapportage 2026