Bijlage was-wordt-overzicht
Tekst van het document
Bijlage: Was-wordt-tabel Verordening op het beheer en gebruik van de gemeentelijke begraafplaats Huidige verordening
Wordt
Verordening op het beheer en gebruik van de gemeentelijke begraafplaats Geldend van 01-01-2019 t/m heden
Beheersverordening gemeentelijke begraafplaats 2025 Geldend van 01-01-2025 t/m heden
Hoofdstuk 1. Inleidende bepalingen.
HOOFDSTUK 1. INLEIDENDE BEPALINGEN
Artikel 1. Begripsbepalingen
Artikel 1. Begripsomschrijvingen
Deze verordening verstaat onder
Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder:
●
begraafplaats: de Centrale Begraafplaats West;
a.
begraafplaats: de begraafplaats van de gemeente, genaamd Centrale Begraafplaats West ongeacht welke bijzondere bestemming een of meer gedeelten daarvan gekregen hebben;
●
eigen graf : een graf, grafkelder daaronder begrepen, waarvoor aan een natuurlijk of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend tot het doen begraven van lijken of het plaatsen van asbussen;
b.
graf: een zandgraf of keldergraf;
●
nieuw lid
c.
grafkelder: een betonnen of gemetselde constructie waarin een of meerdere lijken worden begraven of asbussen worden bijgezet;
●
lid gelijk gebleven
d.
lid gelijk gebleven
●
eigen urnengraf: een graf waarvoor aan een natuurlijk of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend tot het doen plaatsen van asbussen;
* opgenomen onder g.
●
lid gelijk gebleven
e.
lid gelijk gebleven
●
eigen graf : een graf, grafkelder daaronder begrepen, waarvoor aan een natuurlijk of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend tot het doen begraven van lijken of het plaatsen van asbussen;
f.
particulier graf: een graf, waaronder een urnengraf, waarvoor aan een natuurlijk persoon of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend tot: 1. het doen begraven en begraven houden van lijken; 2. het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen; met of zonder urnen.
●
algemeen graf : een graf dat bij de gemeente in beheer is en waarin eenieder de gelegenheid wordt geboden tot het doen begraven van lijken;
g.
algemeen graf: een graf, waaronder een urnengraf, bij de gemeente in beheer waarin gelegenheid wordt geboden tot het doen begraven van lijken; 1. het doen begraven en begraven houden van lijken; 2. het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen; met of zonder urnen.
●
nieuw lid
h.
particuliere gedenkplaats: een plaats waarvoor aan een natuurlijk persoon of rechtspersoon het uitsluitend recht is verleend om overledenen te gedenken;
●
grafbedekking : gedenkteken en grafbeplanting op een graf;
i.
grafbedekking: gedenkteken en grafbeplanting op een graf of gedenkplaats;
●
lid gelijk gebleven
j.
lid gelijk gebleven
●
rechthebbende : de natuurlijke of rechtspersoon aan wie een uitsluitend recht op een graf is verleend.
k.
rechthebbende: natuurlijk persoon of rechtspersoon aan wie een uitsluitend recht is verleend op een particulier graf, een particulier urnengraf of een particuliere gedenkplaats, dan wel degene die redelijkerwijze geacht kan worden in diens plaats te zijn getreden;
●
nieuw lid
l.
gebruiker: natuurlijk persoon of rechtspersoon aan wie een recht tot gebruik van een ruimte in een algemeen graf of een algemeen urnengraf is verleend, dan wel degene die redelijkerwijze geacht kan worden in diens plaats te zijn getreden;
●
nieuw lid
m. grafrecht termijn: de termijn waarvoor het grafrecht is uitgegeven of verlengd; ook wel grafrusttermijn genoemd;
●
nieuw lid
n.
college: het college van burgemeester en wethouders;
●
nieuw lid
o.
beschermd graf: een particulier graf waarvoor door het college van burgemeester en wethouders een beschermd bijzondere status voor onbepaalde tijd is vastgesteld, ongeacht de categorie waartoe het graf behoort. Een beschermd graf kan onder meer van toepassing zijn op een categorie bijzonder graf, een eerste klas graf, een tweede klas graf, een urnengraf en een kindergraf;
●
nieuw lid
p.
beschermd bijzondere status: een particulier graf waarvoor door het college een beschermd bijzondere status is vastgesteld met als doel het graf voor onbepaalde tijd te beschermen zodat het nooit geruimd mag worden, ongeacht de categorie waartoe het graf behoort. Een beschermd bijzondere status kan onder meer van toepassing zijn op een categorie bijzonder graf, een eerste klas graf, een tweede klas graf, een urnengraf en een kindergraf.
Nieuw Artikel
Hoofdstuk 2. Openstelling, orde en rust op de begraafplaats.
Artikel 2. Uitbreiding begrippen 1.
Voor de toepassing van het bij of krachtens deze verordening bepaalde wordt, voor zover van belang onder 'particulier graf' mede verstaan: particulier urnengraf en particuliere gedenkplaats.
2.
Voor de toepassing van het bij of krachtens deze verordening bepaalde wordt, voor zover van belang onder 'algemeen graf' mede verstaan: algemeen urnengraf.
3.
Voor de toepassing van het bij of krachtens deze verordening bepaalde wordt, voor zover van belang onder ‘beschermd graf’ mede verstaan: beschermd bijzonder graf.
HOOFDSTUK 2. OPENSTELLING, ORDE EN RUST OP DE BEGRAAFPLAATS
Artikel 2. Openstelling begraafplaats.
Artikel 3. Openstelling begraafplaats
Strekking en inhoud gelijk gebleven.
Strekking en inhoud gelijk gebleven.
Artikel 3. Werkzaamheden.
Artikel vervallen
Het is verboden, anders dan met toestemming van burgemeester en wethouders, werkzaamheden voor derden aan grafbedekkingen op de begraafplaats te verrichten.
Artikel vervallen, opgenomen onder Artikel 19, zesde lid.
Nieuw Artikel
Artikel 4. Ordemaatregelen 1.
Bezoekers, personeel van uitvaartondernemingen en personen die werkzaamheden op de begraafplaats(en) hebben te verrichten, zijn verplicht zich in het belang van de orde, rust en netheid te houden aan de aanwijzingen van de beheerder.
2.
De beheerder kan personen die zich niet aan de in het eerste lid bedoelde aanwijzing houden van de begraafplaats verwijderen of laten verwijderen.
3. a.
Het is verboden met motorrijtuigen op de begraafplaats(en) te rijden: elders dan op de daartoe aangewezen rijwegen; motorrijtuigen zijn buiten de rijwegen (slechts) toegestaan voor begrafenissen of voor het vervoer van materialen; sneller dan 10 km per uur.
b. 4.
Artikel 4. Dodenherdenkingen en onthullingen van gedenktekens.
●
strekking en inhoud gelijk gebleven.
Het college kan ontheffing verlenen van het verbod, bedoeld in de aanhef en onder a van het derde lid.
Artikel 5. Plechtigheden, herdenkingsbijeenkomsten en onthullingen van gedenktekens strekking en inhoud gelijk gebleven.
●
nieuw artikel
Artikel 6. Opgravingen en ruimen Bij het opgraven van lijken en de ruiming van graven zijn geen andere personen aanwezig dan degenen die door de beheerder met deze werkzaamheden zijn belast.
Hoofdstuk 3. Voorschriften voor lijkbezorging.
HOOFDSTUK 3. VOORSCHRIFTEN VOOR LIJKBEZORGING
Artikel 5. Kennisgeving begraven, delven en sluiten van een graf.
Artikel 7. Kennisgeving begraven, delven en sluiten van een graf
strekking en inhoud gelijk gebleven.
strekking en inhoud gelijk gebleven.
Nieuw artikel
Artikel 8. Het gebruik van gebouwen en muziekinstallatie Het college kan nader vast te leggen regels maken over het gebruik van de ontvangstruimten, alsmede van de muziekinstallatie.
Artikel 6. Over te leggen stukken
Artikel 9. Over te leggen stukken
strekking en inhoud gelijk gebleven.
strekking en inhoud gelijk gebleven.
Artikel 7. Tijden van begraven.
Artikel 10. Tijden van begraven
strekking en inhoud gelijk gebleven.
strekking en inhoud gelijk gebleven.
Hoofdstuk 4. Indeling en uitgifte der graven.
HOOFDSTUK 4. INDELING, BESCHERMD BIJZONDERE STATUS EN UITGIFTE VAN DE GRAVEN
Artikel 8. Indeling begraafplaats.
vervallen, opgenomen onder Artikel 25
Artikel 9. Indeling graven
Artikel 11. Indeling graven, asbezorging, afmetingen en uitgifteduur
1.
Op de begraafplaats wordt op verzoek gelegenheid gegeven tot: • het begraven van lijken in algemene graven;
1.
Op de begraafplaats kunnen worden uitgegeven: a. particuliere graven en particuliere urnengraven; b. particuliere gedenkplaatsen.
• het begraven van lijken en het plaatsen van asbussen met of zonder urn in eigen graven. 2.
De algemene graven worden onderscheiden in: ● standaardgraven; ● graven voor levenloos geborenen.
3.
De eigen graven worden onderscheiden in: a. b. c. d. e. bijzondere graven; graven eerste klasse; graven tweede klasse; kindergraven; urnengraven.
2.
Het college bepaalt bij nader vast te stellen regels hoeveel lijken en hoeveel asbussen met of zonder urnen er kunnen worden bijgezet in de particuliere graven. Het college bepaalt tevens de afmetingen en de uitgifteduur van de particuliere graven. De uitgifteduur kan niet korter zijn dan de minimumtermijn vastgesteld in de Wet op de lijkbezorging.
Vervallen, opgenomen in het tweede lid: wordt voortaan geregeld in het Uitvoeringsbesluit.
Artikel 10. Grafafmetingen. Burgemeester en wethouders stellen nadere regels met betrekking tot de afmetingen van de graven.
Vervallen, opgenomen in het tweede lid: wordt voortaan geregeld in het Uitvoeringsbesluit.
Artikel 11. Grafkelder. Burgemeester en wethouders kunnen aan de rechthebbende op een bijzonder graf vergunning verlenen tot het daarin voor eigen rekening doen aanbrengen van een grafkelder overeenkomstig de door hen te stellen voorwaarden.
Vervallen, opgenomen in het tweede lid: wordt voortaan geregeld in het Uitvoeringsbesluit.
Artikel 12. Aantal overledenen in graven.
Artikel 12. Aantal overledenen in algemene graven
1.
In een graf mogen niet meer dan twee lijken worden begraven. Op verzoek wordt in een graf waarin één of twee lijken zijn begraven gelegenheid gegeven tot het plaatsen van één asbus.
1.
In de algemene graven kan een door het college te bepalen aantal lijken worden begraven.
2.
In een eigen urnengraf mogen niet meer dan drie asbussen worden geplaatst.
Vervallen, opgenomen in het tweede lid: wordt voortaan geregeld in het Uitvoeringsbesluit.
3.
In bijzondere gevallen kunnen burgemeester en wethouders afwijken van het bepaalde in de voorgaande leden.
Vervallen, opgenomen in het tweede lid: wordt voortaan geregeld in het Uitvoeringsbesluit.
nieuw lid
4.
In de algemene urnengraven kan een door het college te bepalen aantal asbussen met of zonder urn worden bijgezet.
Artikel 13. Volgorde van uitgifte.
Artikel 13. Volgorde van uitgifte
Artikel gelijk gebleven.
Artikel gelijk gebleven.
Nieuw artikel
Artikel 14. Categorieën en beschermd bijzondere status 1.
Het college kan bij nader vast te stellen regels de algemene en particuliere graven onderverdelen in categorieën. Het college bepaalt voor de verschillende categorieën de situering en oppervlakte.
2.
Het college kan op verzoek van de rechthebbende voor een particulier graf een beschermd bijzondere status vaststellen, ongeacht in welke categorie het graf is ingedeeld.
3.
Het college kan het bepaalde in het tweede lid enkel en uitsluitend vaststellen voor de graven van de: a. eerste generatie Molukkers die in Tilburg begraven liggen en die op dwangbevel van de Nederlandse overheid in 1951 naar Nederland zijn gehaald of gevlucht en in het voormalig gekoloniseerd Nederlands-Indië hebben gediend voor: I. het Koninklijk Nederlands-Indië Leger (KNIL); II. de marine. b. partners van de personen genoemd in het derde lid onder a i. en a ii. die aantoonbaar zijn meegereisd naar Nederland in 1951; c. levenloos geboren kinderen of vruchten en overleden kinderen van een van de genoemde personen in het derde lid onder a, die zijn overleden of levenloos geboren zijn tijdens de reis naar Nederland in 1951.
4.
De rechthebbende van een graf waarvoor de beschermd bijzondere status is vastgesteld ontvangt hiervan een schriftelijk afschrift van het college voor zover het adres van de rechthebbende bij de gemeente
bekend is. 5.
Een graf met een beschermd bijzondere status is vrijgesteld van gemeentelijke heffingen en leges. De bepaling van dit lid wordt structureel opgenomen in de gemeentelijke Verordening begraafplaatsgrafrechten.
6.
Het college stelt nadere regels op voor het aanvragen van een beschermd bijzondere status in het Uitvoeringsbesluit gemeentelijke begraafplaats, met dien verstande dat het college de aanvraag voor de grafrechthebbenden zo eenvoudig mogelijk inricht. De nadere regels mogen nooit leiden tot een naheffing voor een grafrechthebbende of het ruimen van een graf waarvoor de beschermd bijzondere status van een graf bedoeld is.
7.
Indien de persoon genoemd in het tweede lid is overleden, kan een van de andere personen, genoemd in artikel 17 zesde lid, een aanvraag voor een beschermd bijzondere status bij het college indienen.
8.
Het college kan besluiten dat een ander persoon dan genoemd in het tweede lid of een ander persoon dan genoemd in artikel 17 zesde lid een verzoek voor een beschermd bijzondere status mag indienen, als het daartoe zwaarwegende redenen heeft of als anders de bescherming van een graf benadeeld zou worden als waar de beschermd bijzondere status voor dat graf voor bedoeld is.
9.
Het is niet mogelijk om in een beschermd graf nieuwe lijken bij te zetten.
10. Uitgezonderd van het bepaalde in het negende lid zijn: a. partners van genoemde personen in het derde lid onder a. I en a. II, zijnde niet vallend onder het derde lid onder b; en b. personen die al begraven lagen in het graf voor de inwerkingtreding van deze verordening. Artikel 14. Termijnen van graven.
Artikel 15. Termijnen van graven
1.
inhoud en strekking gelijk gebleven
1.
inhoud en strekking gelijk gebleven
2.
Een algemeen graf wordt uitgegeven voor de duur van 10 jaar, waarna niet verlengd kan worden.
lid gelijk gebleven
3.
lid gelijk gebleven
lid gelijk gebleven
4.
lid gelijk gebleven
inhoud en strekking gelijk gebleven
5.
inhoud en strekking gelijk gebleven
nieuw lid
6.
Het recht op een particulier graf met een beschermd bijzondere status wordt uitgegeven of verlengd, op grond van de Wet op de lijkbezorging artikel 28 eerste lid, voor onbepaalde tijd, ongeacht in welke categorie het graf valt.
nieuw lid
7.
De genoemde termijn in het zesde lid vangt aan op de datum waarop het graf voor het eerst wordt uitgegeven na de inwerkingtreding van deze verordening.
nieuw lid
8.
Bij verlenging van de uitgifte van het recht op een particulier graf vangt het genoemde termijn in het zesde lid aan met terugwerkende kracht vanaf 1 januari 2023 of zoveel later waarop het grafrecht verlengd is.
nieuw lid
9.
De genoemde termijn in het zesde lid en de aanvangstermijn in het zevende lid overschrijven de genoemde termijnen in het derde lid, vierde en vijfde lid.
lid gelijk gebleven
10. lid gelijk gebleven
Nieuw artikel
Artikel 16. Grafkelder Burgemeester en wethouders kunnen aan de rechthebbende van een particulier graf op een bijzonder graf vergunning verlenen tot het daarin voor eigen rekening doen aanbrengen van een grafkelder overeenkomstig de door hen te
stellen voorwaarden in het Uitvoeringsbesluit gemeentelijke begraafplaats. Artikel 15. Grafrechten en Artikel 16 Overschrijving van verleende rechten Voor eigen graven worden grafrechten geheven overeenkomstig hetgeen daaromtrent is bepaald in de Verordening begraafplaatsrechten.
Artikel 17. Grafrechten en overschrijving van verleende rechten 1.
Voor particuliere graven worden grafrechten geheven overeenkomstig hetgeen daaromtrent is bepaald in de Verordening op de heffing en invordering van begraafplaatsrechten.
nieuw lid
2.
Voor particuliere graven met een beschermd bijzondere status worden met terugwerkende kracht en met ingang van 1 januari 2023 geen grafrechten geheven of gevorderd.
nieuw lid
3.
Vooruitbetaalde grafrechten voor particuliere graven met een beschermd bijzondere status, die gaan over een periode na 1 januari 2023, worden met de inwerkingtreding van deze verordening renteloos gerestitueerd aan de rechthebbende namens wie het vooruitbetaalde grafrecht betaald is.
nieuw lid
4.
Het gestelde onder het tweede lid en het derde lid wordt eeuwigdurend opgenomen in de Verordening op de heffing en invordering van begraafplaatsrechten, geldend voor alle verordeningen op de heffing en invordering van begraafplaatsrechten vanaf 2025 en verder, daarbij inbegrepen toekomstige verordeningen die Verordening op de heffing en invordering van begraafplaatsrechten vervangen.
nieuw lid
5.
Het college kan het recht op een graf op schriftelijk verzoek van de rechthebbende overschrijven ten name van de echtgenoot of
1.
Burgemeester en wethouders kunnen het recht op een graf op schriftelijk verzoek van de rechthebbende overschrijven ten name van de echtgenoot of levenspartner danwel een bloedverwant of aanverwant tot en met de derde graad. Overschrijving op verzoek van de rechthebbende ten name van een ander dan de vorengenoemde personen is slechts mogelijk, indien daarvoor gewichtige redenen bestaan
levenspartner dan wel een bloedverwant of aanverwant tot en met de derde graad. Overschrijving op verzoek van de rechthebbende ten name van een ander dan de vorengenoemde personen is slechts mogelijk, indien daarvoor gewichtige redenen bestaan. 2. lid gelijk gebleven
6.
lid gelijk gebleven
3. lid gelijk gebleven
7.
lid gelijk gebleven.
nieuw lid
8.
Na het verstrijken van de in het zesde lid genoemde termijn van een jaar kan het college het particuliere graf alsnog op naam stellen van een nieuwe rechthebbende, tenzij dit recht betrekking heeft op een particulier graf dat inmiddels is geruimd.
nieuw lid
9.
Indien het bepaalde in het zevende lid een graf met een beschermd bijzondere status betreft wordt het grafrecht voor onbepaalde tijd overgeschreven op naam van het college.
nieuw lid
10. De voor onbepaalde tijd verleende rechten voor een graf met een beschermd bijzondere status kunnen op schriftelijk verzoek ook aan bloedverwanten of aanverwanten tot en met oneindige graad worden overgeschreven als de personen genoemd in het vijfde lid niet in leven zijn.
nieuw lid
11. Indien zich na het verstrijken van de in het zesde lid genoemde termijn van een jaar zich alsnog een nabestaande meldt voor de rechten van een graf met een beschermd bijzondere status, schrijft het college kosteloos de rechten voor onbepaalde tijd over op naam van de nieuwe rechthebbende.
Artikel 17. Afstand doen van graven.
Artikel 18. Afstand doen van graven
tekst van het artikel gelijk gebleven met nieuw lid
1.
lid gelijk gebleven
nieuw lid
2.
Het college doet schriftelijk een mededeling aan de rechthebbende van ontvangst van de verklaring als genoemd in het eerste lid.
nieuw lid
3.
Het college stelt nadere te bepalen regels over de wijze en de termijn waarop een grafrechthebbende wordt geïnformeerd over het aflopen van een grafrechtermijn.
nieuw lid
4.
Vooraleer er een verzoek tot schriftelijk afstand van een grafrecht gedaan kan worden, geldt voor een beschermd graf een inspanningsverplichting van de rechthebbende het grafrecht over te schrijven op naam van een aanverwante of nabestaande, voor zover er aanverwanten of nabestaanden van de overleden persoon van het betreffende graf in leven zijn.
nieuw lid
5.
Een beschermd graf waarvan afstand is genomen, wordt door het college gepubliceerd in de officiële bekendmakingen. Het college stelt in leven zijnde aanverwanten of nabestaanden van de overledene in het graf daarmee in de gelegenheid om binnen een jaar waarop er afstand is gedaan van een beschermd graf zich te melden bij het college en dit grafrecht kosteloos voor onbepaalde tijd over te nemen.
nieuw lid
6.
Het college neemt het grafrecht voor onbepaalde tijd over van een beschermd graf waarvan afstand is genomen en waarvoor zich geen nabestaanden hebben gemeld binnen het gestelde termijn als genoemd in het vijfde lid.
nieuw lid
7.
Na het verstrijken van de in het vijfde de lid genoemde termijn van een jaar kan het college het particuliere graf alsnog op naam stellen van een nieuwe rechthebbende.
Hoofdstuk 5. Grafbedekkingen.
HOOFDSTUK 5. GRAFBEDEKKINGEN
Artikel 18. Vergunning gedenkteken.
Artikel 19. Vergunning grafbedekking
inhoud en strekking van het artikel is gelijk gebleven; een is deel verplaatst naar Artikel 21
inhoud en strekking van het artikel is gelijk gebleven; een is deel verplaatst naar Artikel 21
Artikel 19. Grafbeplanting
vervallen, opgenomen onder Artikel 22
Artikel 22. Onderhoud door de gemeente.
Artikel 20. Onderhoud door de gemeente
lid gelijk gebleven
1.
lid gelijk gebleven
lid gelijk gebleven
2.
lid gelijk gebleven
nieuw lid
3.
Uitgezonderd van het bepaalde in het tweede lid zijn graven met een beschermd bijzondere status; hiervoor worden geen rechten geheven.
Artikel 21. Onderhoud door de rechthebbende.
Artikel 21. Onderhoud door de rechthebbende of gebruiker
Strekking en inhoud gelijk gebleven.
1.
Het (doen) plaatsen, aanbrengen, herstellen, vernieuwen of verwijderen van de grafbedekking geschiedt door, voor rekening van en voor risico van de rechthebbende of de gebruiker.
Strekking en inhoud gelijk gebleven.
2.
De rechthebbende is verplicht de grafbedekking behoorlijk te onderhouden of te herstellen. Hieronder wordt mede begrepen het waterpas stellen van graftekens.
Strekking en inhoud gelijk gebleven.
3.
Indien de rechthebbende of de gebruiker nalaat de grafbedekking behoorlijk te onderhouden of te herstellen, kan het college de hiervoor in aanmerking komende voorwerpen of zo nodig de gehele grafbedekking doen verwijderen. Het verwijderde blijft gedurende twaalf weken ter beschikking van de rechthebbende en vervalt daarna aan de gemeente, zonder dat deze tot enige vergoeding is verplicht.
Strekking en inhoud gelijk gebleven.
4.
De verwijdering vindt niet eerder plaats dan nadat de rechthebbende overeenkomstig het bepaalde in artikel 28 vierde lid van de Wet op de lijkbezorging, door middel van een verklaring schriftelijk op de toestand en verwaarlozing van de grafbedekking is gewezen, die binnen één jaar na ontvangst in het onderhoud voorziet.
Strekking en inhoud gelijk gebleven.
5.
Indien de ontvangst van de verklaring, bedoeld in het vierde lid, niet bevestigd wordt of wanneer het adres van de rechthebbende of de gebruiker niet bekend is maakt het college de verklaring bij de ingang van de begraafplaats bekend, gedurende een periode van vijf jaar dan
wel totdat in die periode in het onderhoud is voorzien. Bij het graf wordt een verwijzing naar de mededeling aangebracht. Strekking en inhoud gelijk gebleven.
6.
Indien uitvoering is gegeven aan het vierde of vijfde lid en niet alsnog in het onderhoud van het graf is voorzien, vervalt het recht op het graf op het moment dat de periode van één dan wel vijf jaar, bedoeld in het vierde respectievelijk vijfde lid, is verstreken.
Strekking en inhoud gelijk gebleven.
7.
Indien het recht op het graf nog geen tien jaar is gevestigd op het moment dat de periode, bedoeld in het vijfde lid is verstreken, blijft de bekendmaking in stand totdat de periode van tien jaar is verstreken dan wel totdat in die periode in het onderhoud is voorzien. Indien niet voordien in het onderhoud van het graf is voorzien, vervalt het recht op het graf zodra de termijn van tien jaar is verstreken.
nieuw lid
8.
Het college kan nadere regels opstellen voor het onderhoud van de grafbedekking van graven met een beschermd bijzondere status die ten gunsten zijn van de nabestaanden.
nieuw lid
9.
Het college kan in navolging van het bepaalde in het achtste lid alle daar voorgaande leden niet van toepassing verklaren op een graf met een beschermd bijzondere status.
nieuw lid
10. Uitgezonderd van het bepaalde in zesde lid en het zevende lid zijn beschermde graven waarop het recht nooit vervalt.
Artikel 19. Grafbeplanting 1.
Burgemeester en wethouders kunnen nadere regels stellen omtrent het aanbrengen van grafbeplanting.
Artikel 22. Niet-blijvende grafbeplanting vervallen
nieuw lid
1.
Rechthebbenden of gebruikers zijn zelf verantwoordelijk voor het onderhoud van niet blijvende-beplantingen op een graf of het tijdig verwijderen daarvan wanneer zij verwelkt zijn.
2.
3.
Wanneer het bepaalde in het eerste lid in een verwaarloosde staat
Inhoud en strekking is gelijk gebleven maar opgedeeld in lid 3 en lid 4
verkeren kunnen deze door de beheerder worden verwijderd zonder dat aanspraak door een rechthebbende of een gebruiker kan worden gemaakt op schadevergoeding. 2. Inhoud en strekking is gelijk gebleven maar opgedeeld in lid 3 en lid 4
4.
Losse bloemen, planten, kransen en dergelijke kunnen, wanneer zij verwelkt zijn, door de beheerder worden verwijderd zonder dat de rechthebbende of gebruiker hierover geïnformeerd hoeft te worden.
nieuw lid
5.
Bijbehorende linten, siervazen en dergelijke voorwerpen worden gedurende twaalf weken ter beschikking gehouden van de rechthebbende of, wanneer het een algemeen graf betreft, van de belanghebbende indien deze daartoe tevoren een aanvraag heeft ingediend bij de beheerder.
Artikel 20. Verwijderen grafbedekking.
Artikel 23. Verwijdering grafbedekking na verstrijken van de termijn
1.
lid gelijk gebleven.
1.
lid gelijk gebleven.
2.
lid gelijk gebleven.
2.
lid gelijk gebleven.
3.
lid gelijk gebleven.
3.
lid gelijk gebleven
3. De verwijdering vindt niet eerder plaats dan nadat de rechthebbende overeenkomstig het bepaalde in artikel 28 vierde lid van de Wet op de lijkbezorging op de verwaarlozing van het graf is gewezen.
3.
Het voornemen tot verwijdering van de grafbedekking maakt het college ten minste een jaar voorafgaande aan het tijdstip waarop de grafbedekking zal worden verwijderd per brief aan de rechthebbende of, wanneer het een algemeen graf betreft, aan de belanghebbende bekend. Wanneer het adres van de rechthebbende of belanghebbende niet bekend is, maakt het college het voornemen tot verwijdering van de grafbedekking gedurende ten minste een jaar voorafgaande aan het tijdstip waarop de grafbedekking zal worden verwijderd door middel van een bij het graf te plaatsen bordje en bij de ingang van de begraafplaats bekend.
2. Indien hij nalaat het grafteken behoorlijk te onderhouden of te herstellen, kunnen burgemeesters en wethouders de hiervoor in aanmerking komende
4.
Indien de grafbedekking niet binnen dertien weken na de verwijdering is afgehaald, vervalt deze aan de gemeente, zonder dat de gemeente tot enige vergoeding verplicht is. De rechthebbende kan in dit geval geen
voorwerpen doen verwijderen. Het verwijderde blijft gedurende twaalf weken ter beschikking van de rechthebbende en vervalt daarna aan de gemeente, zonder dat deze tot enige vergoeding is verplicht. Nieuw lid.
aanspraak maken op het afkomend materiaal of op een vergoeding daarvoor.
5.
Indien voldaan wordt aan het vierde en het vijfde lid en het derde lid tot uitvoering wordt gebracht kan het college de kosten voor het verwijderen van de grafbedekking op de rechthebbende verhalen.
Hoofdstuk 6. Ruiming van graven.
HOOFDSTUK 6. RUIMING VAN GRAVEN EN URNENGRAVEN
Artikel 23. Ruiming, bezorging van overblijfselen en as
Artikel 24. Ruiming, bezorging van overblijfselen en as
1.
lid gelijk gebleven
1.
lid gelijk gebleven
2.
lid gelijk gebleven
2.
lid gelijk gebleven
3.
lid gelijk gebleven
3.
lid gelijk gebleven
4.
lid gelijk gebleven
4.
lid gelijk gebleven
lid van elders in de verordening hier naar toe verplaatst, inhoud ongewijzigd
5.
Bij het opgraven van lijken en de ruiming van graven zijn geen andere personen aanwezig dan degenen die door de beheerder met deze werkzaamheden zijn belast.
nieuw lid
6.
Een graf met een beschermd bijzondere status mag vanwege deze status in beginsel nooit worden geruimd tenzij: a. de raad hiervoor zwaarwegende redenen heeft; of b. een grafrechthebbende hiertoe expliciet en schriftelijk verzoekt en het verzoek van de grafrechthebbende aantoonbaar niet op bezwaren van aanverwanten of nabestaanden stuit.
Hoofdstuk 7. Gedeelte voor kerkgenootschap.
HOOFDSTUK 7. GEDEELTEN VAN DE BEGRAAFPLAATS VOOR KERKGENOOTSCHAPPEN, ISLAMITISCHE GEMEENSCHAP OF ANDERS GEZINDTEN
Artikel 8. Indeling begraafplaats en Artikel 24. Kerkgenootschap
Artikel 25. Indeling begraafplaats
1.
Burgemeester en wethouders kunnen na overleg met het bestuur van een kerkgenootschap een gedeelte van de begraafplaats reserveren voor het betreffende kerkgenootschap.
1.
Het college kan een gedeelte of meerdere gedeelten van de begraafplaats reserveren voor een kerkgenootschap, de islamitische gemeenschap of anders gezindten. Het college bepaalt nader vast te stellen regels hiervoor.
2.
Het bepaalde in deze verordening is eveneens van toepassing voor de gedeelten op de begraafplaats welke zijn bestemd voor een kerkgenootschap.
3.
Op de begraafplaats wordt op verzoek gelegenheid gegeven tot het begraven in een van de daarvoor aangewezen delen volgens de bepalingen van het eerste lid.
NIEUW HOOFDSTUK
HOOFDSTUK 8. IN STAND HOUDEN HISTORISCHE GRAVEN, BESCHERMD BIJZONDERE STATUS EN OPVALLENDE GRAFBEDEKKING Artikel 26. Lijst 1.
Het college houdt een lijst bij van graven die van historische betekenis zijn, een beschermd bijzondere status hebben of waarvan de grafbedekking een opvallende kwaliteit heeft.
2.
Alvorens tot ruiming van graven wordt overgegaan onderzoekt het college of er graven zijn die in aanmerking komen om op de lijst te worden bijgeschreven.
3.
Een graf met een beschermd bijzondere status mag nooit geruimd worden zonder de nadrukkelijke schriftelijke toestemming van alle nabestaanden.
4.
De gemeenteraad beslist over het ruimen van graven en het verwijderen van grafbedekkingen die op de in het eerste lid bedoelde lijst staan. In het geval dat niet aan derde lid kan worden voldaan, dient de gemeenteraad zwaarwegende redenen te hebben en aan te kunnen tonen om alsnog over het ruimen van een graf met een beschermd bijzondere status te mogen beslissen.
NIEUW HOOFDSTUK
HOOFDSTUK 9. INRICHTING REGISTER Artikel 27. Voorschriften 1.
Het college stelt voorschriften vast voor het register van de begraven lijken.
2. Het register wordt bijgehouden door de beheerder. Hoofdstuk 8. Slotbepalingen.
HOOFDSTUK 10. SLOTBEPALINGEN
Artikel 25. Inwerkingtreding.
Artikel 28. Intrekking oude regeling
1.
Deze verordening treedt in werking op de eerste dag na die van de bekendmaking, doch niet eerder dan 1 januari 2019.
Vervallen, zie Artikel 31.
2.
Op het tijdstip van inwerkingtreding als bedoeld in het voorgaande lid vervalt: • de Beheersverordening gemeentelijke begraafplaatsen 1997 van de gemeente Tilburg zoals vastgesteld bij besluit van de raad van Tilburg d.d. 27 januari 1997
Op het tijdstip van de inwerkingtreding van deze verordening wordt de Beheersverordening gemeentelijke begraafplaatsen 2019 van de gemeente Tilburg, vastgesteld bij besluit van de gemeenteraad van Tilburg op 8 november 2018, ingetrokken.
Artikel 26. Overgangsbepaling.
Artikel 29. Overgangsbepaling
1.
Rechten en verplichtingen met betrekking tot graven - hoe ook genaamd - die zijn ontstaan op basis van de Beheersverordening gemeentelijke begraafplaatsen van de gemeente Tilburg zoals genoemd in artikel 25 tweede lid worden, voorzover deze niet reeds zijn vervallen of ingetrokken, geacht te zijn ontstaan op basis van onderhavige verordening.
1.
Rechten en verplichtingen met betrekking tot graven - hoe ook genaamd - die zijn ontstaan op basis van de Beheersverordening gemeentelijke begraafplaatsen van de gemeente Tilburg zoals genoemd in artikel 28 worden, voor zover deze niet reeds zijn vervallen of ingetrokken, geacht te zijn ontstaan op basis van onderhavige verordening.
2.
Indien voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze verordening een verzoek om een vergunning danwel een ander verzoek - hoe ook
3.
Indien voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze verordening een verzoek om een vergunning dan wel een ander verzoek - hoe ook genaamd - is gedaan op grond van de Beheersverordening
genaamd - is gedaan op grond van de Beheersverordening gemeentelijke begraafplaatsen van de gemeente Tilburg zoals genoemd in artikel 25 tweede lid, en voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze verordening daarop nog niet is beslist, wordt de overeenkomstige bepaling van deze verordening toegepast. Nieuw Artikel
gemeentelijke begraafplaatsen van de gemeente Tilburg zoals genoemd in artikel 28, en voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze verordening daarop nog niet is beslist, wordt de overeenkomstige bepaling van deze verordening toegepast.
Artikel 30. Strafbepaling Een ieder die handelt in strijd met artikel 3 derde lid, artikel 4 eerste lid, tweede lid en derde lid, artikel 5 tweede lid en artikel 6 wordt gestraft met een geldboete van de eerste categorie als bedoeld in het Wetboek van strafrecht.
Artikel 25. Inwerkingtreding.
Artikel 31. Inwerkingtreding
1. Deze verordening treedt in werking op de eerste dag na die van de bekendmaking, doch niet eerder dan 1 januari 2019.
Deze verordening treedt in werking op de eerste dag na die van de bekendmaking, doch niet eerder dan 1 januari 2025.
Nieuw Artikel
Artikel 32. Bijzondere bepalingen De bepalingen van artikel 14, tweede lid, derde lid, vierde lid, vijfde lid, zesde lid, zevende lid en achtste lid dienen te allen tijde ongewijzigd en overeenkomstig te worden opgenomen in: a. de Verordening op het beheer en het gebruik van de gemeentelijke begraafplaats; b. toekomstige aanpassingen van de Verordening op het beheer en het gebruik van de gemeentelijke begraafplaats; en daarbij inbegrepen c. toekomstige verordeningen en bepalingen die de Verordening op het beheer en het gebruik van de gemeentelijke begraafplaats vervangen dan wel de bepalingen uit deze verordening opnemen.
Nieuw Artikel
Artikel 33. Hardheidsclausule Het college kan een hardheidsclausule op artikel 14 tweede lid en derde lid toepassen en een beschermd bijzondere status aan een graf toekennen als de
bescherming van dat graf anders onbedoeld benadeeld zou worden als waar de beschermd bijzondere status voor het graf voor bedoeld is. Artikel 27. Citeerartikel.
Artikel 34. Citeerartikel
Deze verordening kan worden aangehaald als Beheersverordening gemeentelijke begraafplaats 2019.
Deze verordening kan worden aangehaald als Beheersverordening gemeentelijke begraafplaats 2025.