CConstaterende datTilburg
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1. Was-wordt-tabel Reglement van Orde Gemeenteraad Tilburg 2026

Raadsvergadering 16 april 2026, gemeente TilburgBij agendapunt: Raadsvoorstel Reglement van Orde gemeenteraad Tilburg 2026 en Reglement Informatie- en Debatbijeenkomsten Tilburg 20261.521 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Leeswijzer In de ‘bestaande tekst’ zijn de woorden en leestekens waaraan iets verandert cursief gezet. Woorden of zinsneden die verdwijnen uit de huidige tekst zijn onderstreept. In de ‘nieuwe tekst’ zijn de nieuwe woorden en leestekens vet gedrukt. Reglement van Orde Tilburg 2026 – Wijzigingen gemarkeerd

Bestaande tekst

Nieuwe tekst

Artikel 4. De agendacommissie

Artikel 4. De agendacommissie

1. Er is een agendacommissie waarvan de leden door de raad worden benoemd. 2. De agendacommissie bestaat uit ten minste vijf raadsleden die voorzitter zijn van de informatie- en debatbijeenkomsten. 3. De plaatsvervangend voorzitter van de raad is voorzitter van de agendacommissie. 4. De voorzitter van de raad is adviseur van de agendacommissie en kan zich bij verhindering of afwezigheid laten vervangen door de locoburgemeester 5. De agendacommissie heeft de volgende taken: a. vaststellen van het vergaderschema van de aankomende vergadercyclus; b. voorbereiden en vaststellen van de concept-agenda's van de informatie- en debatbijeenkomsten en de raadsvergaderingen, inclusief de wijze van behandelen, waaronder, indien gewenst, het vaststellen van een spreektijdregeling; c. beoordelen van de kwaliteit van de voorstellen; d. bewaken van openstaande toezeggingen en moties, het afdoen van toezeggingen en het adviseren van de raad over de afdoening van moties. e. voorbereiden en bewaken van de termijnagenda van de raad. (…)

1. Er is een agendacommissie waarvan de leden door de raad worden benoemd. 2. De agendacommissie bestaat uit ten minste vijf raadsleden die voorzitter zijn van de informatie- en debatbijeenkomsten. 3. Elke fractie die ten minste één voorzitter levert, mag één lid van de agendacommissie leveren. De overige voorzitters kunnen worden voorgedragen als plaatsvervangend lid, dat hun fractiegenoot bij verhindering kan vervangen in de agendacommissie. 4. De agendacommissie kiest uit haar midden een voorzitter en een plaatsvervangend voorzitter. 5. In afwijking van lid 3 mag de fractie die de voorzitter van de agendacommissie levert één extra lid aan de agendacommissie leveren. Indien hiervan sprake is, heeft de voorzitter van de agendacommissie geen stemrecht. 6. De voorzitter van de raad is adviseur van de agendacommissie en kan zich bij verhindering of afwezigheid laten vervangen door de locoburgemeester 7. De agendacommissie heeft de volgende taken: a. vaststellen van het vergaderschema van de aankomende vergadercyclus; b. voorbereiden en vaststellen van de concept-agenda's van de informatieen debatbijeenkomsten en de raadsvergaderingen, inclusief de wijze van behandelen, waaronder, indien gewenst, het vaststellen van een spreektijd- en/of interruptieregeling; c. beoordelen van de kwaliteit van de voorstellen; d.

bewaken van openstaande toezeggingen en moties, het afdoen van toezeggingen en het adviseren van de raad over de afdoening van moties. 1

e. voorbereiden en bewaken van de termijnagenda van de raad. (…)

Toelichting wijziging: Op 16 april heeft het presidium besloten om het voorzitterschap van de agendacommissie te herzien, vanwege de grote omvang van het takenpakket van de plaatsvervangend voorzitter van de raad. Niet langer wordt het voorzitterschap van de agendacommissie automatisch uitgevoerd door de plaatsvervangende voorzitter van de raad, maar kiest de agendacommissie uit haar midden een voorzitter. Hiermee is overigens niet uitgesloten dat de plaatsvervangende voorzitter tevens voorzitter van de agendacommissie kan worden. Met de nieuwe bepaling wordt aangesloten bij de bepaling zoals die geldt voor de auditcommissie. De commissie kiest uit haar midden een voorzitter. De fractie die de voorzitter levert, mag een extra lid voordragen. Indien hier gebruik van wordt gemaakt, heeft de voorzitter geen stemrecht, zodat de fractie van de voorzitter van de agendacommissie niet meer stemrecht heeft in de agendacommissie dan andere fracties. Indien hier géén gebruik van wordt gemaakt, heeft de voorzitter wel stemrecht. Ook de plaatsvervangende voorzitter heeft stemrecht indien hij het voorzitterschap bij verhindering van de voorzitter vervult. Om deze bepaling vast te kunnen leggen, is tevens de bestaande praktijk vastgelegd dat elke fractie die ten minste één voorzitter levert, ook één lid van de agendacommissie mag leveren.

Het presidium heeft op 23 maart ingestemd met het overdrachtsdocument van de werkgroep vergaderen. Eén van de adviezen is om te overwegen waar, wanneer en hoe er kan worden gewerkt met spreektijden en interrupties. De mogelijkheid tot het vaststellen van een spreektijdregeling was al geborgd, maar een aparte regeling omtrent interrupties nog niet; daarom wordt dit nu expliciet opgenomen. In lijn met het advies voorziet deze aanpassing niet in een bepaalde vorm van een spreektijden- en interruptieregeling, maar wordt enkel de mogelijkheid geboden. Wanneer tot een specifieke regeling gekomen wordt, dient dit te worden opgenomen in het Reglement.

Artikel 12. Tijd en plaats van vergaderen

Artikel 12. Tijd en plaats van vergaderen

(…)

(…)

2. Vergaderingen en bijeenkomsten worden gepland vanaf 14.00 uur, tot uiterlijk 22.00 uur. De agendacommissie kan hier gemotiveerd van afwijken.

2. Vergaderingen en bijeenkomsten worden gepland vanaf 13.00 uur, tot uiterlijk 22.00 uur. De agendacommissie kan hier gemotiveerd van afwijken.

(…)

(…)

Toelichting wijziging: Het presidium heeft op 23 maart ingestemd met het overdrachtsdocument van de werkgroep vergaderen. Eén van de adviezen is om in plaats van 14:00 uur te starten op 13:00 uur met vergaderingen. Dit advies wordt hiermee geborgd in het Reglement. Artikel 24. Beraadslaging

Artikel 24. Beraadslaging

1. Het woord wordt slechts gevoerd nadat de voorzitter daarvoor toestemming heeft gegeven. 2. Een raadslid mag in één spreektermijn niet meer dan éénmaal het woord voeren.

1. Het woord wordt slechts gevoerd nadat de voorzitter daarvoor toestemming heeft gegeven. 2. De voorzitter kan een spreektijd- en/of interruptieregeling vaststellen en/of afwijken van de door de agendacommissie 2

(…)

vastgestelde spreektijd- en/of interruptieregeling, indien dit voor een ordentelijk verloop van de vergadering gewenst is. 3. Een raadslid mag in één spreektermijn niet meer dan éénmaal het woord voeren. (…)

Toelichting wijziging: Zie ook wijziging artikel 4 Agendacommissie. Het presidium heeft op 23 maart ingestemd met het overdrachtsdocument van de werkgroep vergaderen. Eén van de adviezen is te overwegen waar, wanneer en hoe er kan worden gewerkt met spreektijden en interrupties. Dit was voor wat betreft de spreektijdregeling al geborgd in artikel 4, maar het werd niet benoemd in artikel 24 (Beraadslaging). Voor de overzichtelijkheid is de mogelijkheid om een spreektijd- en/of interruptieregeling vast te stellen in dit artikel opgenomen. Hierbij is gekozen om met het nieuwe lid 2 voor een overeenkomstige bepaling te kiezen zoals die geldt in het Reglement Informatie- en Debatbijeenkomsten, waarbij de voorzitter het recht krijgt om een spreektijd- en/of interruptieregeling in te stellen of hiervan af te wijken indien de voorzitter het nodig acht. NIEUW ARTIKEL

Artikel 29. Pre-adviezen 1. Het college c.q. de burgemeester krijgt de gelegenheid haar/zijn standpunten en overwegingen over een aan orde zijnde amendement, motie, actuele motie of initiatief tot raadsuitspraak aan de raad kenbaar te maken tijdens de beraadslaging zoals bepaald in artikel 24. 2. De standpunten en overwegingen van het college worden kenbaar gemaakt door één lid van het college. De voorzitter kan hiervan gemotiveerd afwijken. 3. Bij het kenbaar maken van de standpunten en overwegingen wordt één van de volgende typen preadviezen gehanteerd: a. Ontraden: het college c.q. de burgemeester geeft een negatief stemadvies over het agendapunt aan de raad al dan niet gepaard met kanttekeningen. b. Positief advies: het college c.q. de burgemeester geeft een positief stemadvies over het agendapunt aan de raad al dan niet gepaard met kanttekeningen. c. Oordeel raad: het college c.q. de burgemeester geeft geen positief noch negatief advies over het agendapunt en laat de afweging volledig aan de raad. Hierbij verschaft het college 3

c.q. de burgemeester de raad wel de informatie die zij/hij nodig acht om een weloverwogen besluit te nemen. 4. Het lid van het college c.q. de burgemeester vangt zijn spreektermijn aan met het benoemen van het type van het pre-advies zoals bepaald in lid 3. Toelichting wijziging: Op 20 oktober 2025 heeft het presidium besloten tot een herziening van de pre-adviezen gegeven door een lid van het college of de burgemeester, indien het zijn portefeuille betreft, over een aan de orde zijnde amendement, motie, actuele motie of initiatief tot raadsuitspraak. Tot dan toe werden de volgende categorieën gehanteerd: ontraden, overnemen en oordeel raad. Het presidium besloot het pre-advies overnemen te schrappen en het pre-advies positief advies te introduceren en deze werkwijze per direct toe te passen. Deze waren niet opgenomen in het Reglement van Orde, maar konden gezien worden als gewoonte van de gemeenteraad. Met toevoeging van dit nieuwe artikel wordt bestaande praktijk in lijn gebracht met het reglement. Dit geldt tevens voor lid 4: het gebruik dat de portefeuillehouder zijn pre-advies aanvangt met het benoemen van het type pre-advies, alvorens het toe te lichten. Artikel 43. Schriftelijke vragen

Artikel 43. Schriftelijke vragen

1. Ieder raadslid kan aan de burgemeester of aan 1. Ieder raadslid en burgerraadslid kan aan de het college schriftelijke vragen stellen. burgemeester of aan het college schriftelijke (…) vragen stellen. (…)

Toelichting wijziging: Het presidium heeft op 1 december 2025 besloten het wenselijk te vinden dat ook burgerraadsleden schriftelijke vragen kunnen stellen en deze wijziging per direct toe te passen. Met de voorgestelde aanpassing wordt hiervoor de noodzakelijke juridische basis gelegd. In tegenstelling tot bij raadsleden volgt het vragenrecht voor burgerraadsleden namelijk niet uit de Gemeentewet en moet dit in een reglement van orde worden voorzien.

4

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16800111/2