CConstaterende datTilburg
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 1 Regels Hopliedenkade

Raadsvergadering 24 november 2025, gemeente TilburgBij agendapunt: Raadsvoorstel grondexploitatie Residentie fase 1 uitbreiden met Residentie fase 29.876 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

GEMEENTE TILBURG Afdeling Ruimte

TAM-OMGEVINGSPLAN TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22l, Hopliedenkade (Residentie) Regels met bijlagen

Ontwerp: Vastgesteld: Onherroepelijk: Code: NL.IMRO.0855.TAM2024012-b001

7 oktober 2025

Inhoudsopgave Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen 2 Artikel 1 Toepassingsbereik TAM-omgevingsplan 3 Artikel 2 Begripsbepalingen 4 Artikel 3 Meet- en rekenbepalingen7 Hoofdstuk 2 Algemene regels 8 Artikel 4 Algemeen gebruiksverbod 9 Artikel 5 Parkeerregeling 10 Artikel 6 Beschermwaardige bomen 11 Artikel 7 Aanvraagvereisten omgevingsvergunning 13 Artikel 8 Maatwerk- en of vergunningvoorschriften 14 Artikel 9 Anti-dubbeltelregel 15 Artikel 10 Kavelpaspoorten 16 Artikel 11 Overgangsrecht bouwwerken 17 Artikel 12 Overgangsrecht gebruik 18 Hoofdstuk 3 Functies en activiteiten 19 Artikel 13 Gemengd 20 Artikel 14 Groen 24 Artikel 15 Verkeer - Verblijf 25

Regels TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22l Hopliedenkade Preambule Dit TAM-omgevingsplan is gericht op het faciliteren van een gebiedsontwikkeling op locatie Hopliedenkade. Dit TAM-omgevingsplan vormt juridisch een nieuw hoofdstuk (hoofdstuk 22l) van het omgevingsplan van de gemeente Tilburg. Dit hoofdstuk is op grond van artikel 11.1, tweede lid, van het Besluit elektronische publicaties bekend gemaakt en digitaal beschikbaar gesteld met de landelijke voorziening www.ruimtelijkeplannen.nl. Het is met deze landelijke voorziening niet mogelijk dit hoofdstuk conform de juridische vormgeving van het omgevingsplan in STOP-TPOD beschikbaar te stellen. De in dit op www.ruimtelijkeplannen.nl uitgegeven deel van het omgevingsplan (hierna: dit deel) weergegeven hoofdstukken moeten gelezen worden als paragrafen van hoofdstuk 22l van het omgevingsplan van de gemeente Tilburg. In de artikelkop van de in dit deel weergegeven artikelen moet na het woord 'Artikel', na de spatie en direct voor het artikelnummer "22l' gelezen worden. In de kop van de bijlagen bij het in dit deel weergegeven hoofdstuk moet na het woord 'Bijlage', na de spatie en direct voor het nummer van de bijlage '22l' gelezen worden.

TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22l, Hopliedenkade (Residentie)

1

Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen

TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22l, Hopliedenkade (Residentie)

2

Artikel 1 Toepassingsbereik TAM-omgevingsplan 1. De regels in dit TAM-Omgevingsplan zijn van toepassing op de locatie 'Hopliedenkade', waarvan de geometrische bepaalde planobjecten zijn vervat in het GML-bestand NL.IMRO.0855.TAM2024012-b001 met identificatienummer NL.IMRO>TAM2024012-b001 zoals vastgelegd op https://www.ruimtelijkeplannen.nl. 2. De besluiten als bedoeld in artikel 4.6, eerste lid, onder a, b, c, g, h, i, j, k, l of m, van de Invoeringswet Omgevingswet zijn niet van toepassing op de locaties, bedoeld in het eerste lid. 3. De regels in afdeling 22.2 met uitzondering van paragraaf 22.2.7.3, en de regels afdeling 22.3 zijn niet van toepassing voor zover die regels in strijd zijn met regels in dit TAM-omgevingsplan.

TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22l, Hopliedenkade (Residentie)

3

Artikel 2 Begripsbepalingen De begripsbepalingen in de volgende bijlagen zijn van toepassing voor dit TAM-omgevingsplan, tenzij in dit artikel daarvan is afgeweken: a. bijlage 1 bij het Besluit activiteiten leefomgeving; b. bijlage 1 bij het Besluit bouwwerken leefomgeving; c. bijlage 1 bij het Besluit kwaliteit leefomgeving; d. bijlage 1 bij het Omgevingsbesluit; e. bijlage 1 bij de Omgevingsregeling.

2.1 TAM-omgevingsplan Het TAM-omgevingsplan Hopliedenkade (Residentie) met betrekking op de locatie Hopliedenkade in Tilburg met identificatienummer NL.IMRO.0855.TAM2024007-d001 van de gemeente Tilburg.

2.2 omgevingsplan Het omgevingsplan van gemeente Tilburg.

2.3 additionele horeca Horeca waarbij de horeca-activiteit ondersteunend is aan de hoofdactiviteit en daaraan ondergeschikt is en waarbij tevens: a. de oppervlakte van de horeca-activiteit maximaal 33% van het b.v.o. van het betreffende pand in beslag mag nemen. Ook een eventueel terras maakt hier deel van uit; b. de horeca-activiteit niet zelfstandig mag worden uitgeoefend. Toegang tot de horeca-activiteiten kan niet los van de hoofdfunctie plaatsvinden; c. de openingstijden van de horeca-activiteit gelijk zijn aan de openingstijden van de hoofdactiviteit.

2.4 beroepsmatige activiteiten in een woning of bijgebouw Een beroep of het beroepsmatig verlenen van diensten op administratief, juridisch, therapeutisch, kunstzinning en ontwerptechnisch of hiermee gelijk te stellen gebied, niet zijnde prostitutie.

2.5 beschermwaardige boom Boom, die ingevolge het Tilburgse bomenbeleid is aangewezen als een houtopstand met een monumentale- , eco- of klimaatwaarde, zoals weergegeven op de verbeelding.

2.6 Beeldkwaliteitsplan Een plan dat de gewenste beeldkwaliteit van de bebouwing en de buitenruimte beschrijft met toetsbare criteria.

2.7 Betaalbare woning Een koopwoning met een koopprijs van ten hoogste de geïndexeerde bovengrens, bedoeld in artikel 1, derde lid, van de Huisvestingswet 2014, zijnde € 405.000,-- (prijspeil 2025, jaarlijks aan te passen aan de Rijksoverheid vastgestelde bovengrens).

2.8 bouwperceel Een aaneengesloten stuk grond, waarop ingevolge de regels een zelfstandige, bij elkaar behorende bebouwing is toegelaten.

2.9 bouwwerken van algemeen nut Bouwwerken ten behoeve van nutsvoorzieningen.

2.10 detailhandel Het bedrijfsmatig te koop aanbieden, waaronder begrepen de uitstalling ten verkoop, het verkopen en/of leveren van goederen aan persoenen die die goederen kopen voor gebruik, verbruik of aanwending anders in de uitoefening van een beroeps- of bedrijfsactiviteit.

2.11 evenement Een activiteit in de openlucht dan wel in al dan niet (deels) tijdelijke onderkomens, gericht op het bereiken van een algemeen of besloten publiek voor informerende, educatieve, sportieve, toeristisch-recreatieve, commerciële, sociale, culturele en/of levensbeschouwelijke doeleinden, alsmede kermissen, braderieën, snuffelmarkten, rommelmarkten, straatfeesten en festivals of daarmee te vergelijken activiteiten.

2.12 geluidluw gevel(deel) TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22l, Hopliedenkade (Residentie)

4

Een gevel(deel) dat is gelegen aan de zijde van een woning met een cumulatieve geluidbelasting (Lcum) niet hoger dan 55 dB.

2.13 geluidluwe buitenruimte Een buitenruimte bij een woning waarop een cumulatieve geluidbelasting (Lcum) van maximaal 55 dB plaatsvindt. Een geluidluwe buitenruimte kan aan een geluidbelast gevel(deel) liggen, indien sprake is van een veerglaasde buitenruimte onder de volgende voorwaarden: 1. bij geopende buitenruimte voldoet de geluidbelasting ter hoogte van de te openen delen (raam, schuifpui, deur) aan de grenswaarde; 2. bij gesloten buitenruimte en geopende ventilatievoorzieningen (buitenluchtcondities) is de gecumuleerde geluidbelasting (Lcum) maximaal 55 dB op het gevel(deel); 3. in de buitenruimte is sprake van buitenluchtcondities.

2.14 gestapelde woning Een woning, onderdeel uitmakende van een gebouw dat twee of meer geheel of gedeeltelijk boven elkaar gelegen woningen omvat en uit twee of meer bouwlagen bestaat, of waarbij (een deel van) de eerste bouwlaag van het gebouw voor andere activiteiten dan wonen wordt gebruikt, die in overeenstemming zijn met de activiteiten toegestaan op de functie op de locatie.

2.15 monumentale boom Een boom die is opgenomen in de gemeentelijke lijst van monumentale bomen, zoals die geldt op het moment van het onherroepelijk worden van het bestemmingsplan.

2.16 Middeldure huurwoning Huurwoning bedoeld voor middeldure huur en die voldoet aan de bepalingen voor middeldure huurwoning uit de verordening Middenhuur Tilburg 2023.

2.17 ondergeschikte delen van een bouwwerk Bouwdelen die ondergeschikt zijn aan de hoofdmassa van het desbetreffende bouwwerk, zoals overstekende daken, plinten, pilasters, kozijnen, gevelversieringen, trappen en trappenhuizen, liftkappen en lifthuizen, (luchtbehandelings-/ventilatie/energie) installaties, bordessen, funderingen, goten, hijsinrichtingen, gevelreclames, gevelisolatie (al dan niet met bijbehorende ommanteling), draagconstructies e.d.

2.18 overkapping Een bouwwerk, geen gebouw zijnde, voorzien van een gesloten dak, ondersteund door palen of kolommen, eventueel maximaal aan twee zijden omsloten door wanden, die niet tot de constructie behoren.

2.19 peil (straatpeil) Hieronder wordt verstaan: a. voor een bouwwerk, waarvan de hoofdtoegang onmiddellijk aan de straat grenst: de hoogte van de weg ter plaatse van die hoofdtoegang; b. voor een bouwwerk, waarvan de hoofdtoegang niet direct aan de weg grenst: de hoogte van het terrein ter plaatse van die hoofdtoegang bij voltooiing van de bouw.

2.20 sociale huurwoning Een huurwoning voor sociale huur zoals bedoeld in de verordening doelgroepen sociale woningbouw en middenhuur zoals vastgesteld dd 31 januari 2019.

2.21 Verbeelding De verbeelding van het TAM-omgevingsplan hoofdstuk 22l Hopliedenkade (Residentie).

2.22 wonen Hieronder wordt verstaan: a. het geheel van aan huis gebonden activiteiten van huishoudens die plaatsvinden in al dan niet gestapelde woningen, zelfstandige wooneenheden e.d. waarbij de nadruk ligt op (nagenoeg) zelfstandige bewoning. Niet tot wonen behoort het verblijf in recreatieve dagverblijven; b. huisvesting van personen in onzelfstandige wooneenheden (kamerverhuur); c. beroepsactiviteiten die kunnen worden beschouwd als 'aan huis verbonden beroep', zijnde beroepsactiviteiten van tenminste één bewoner, plaatsvindend in de betrokken woning en/of bijbehorend bijgebouw.

TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22l, Hopliedenkade (Residentie)

5

TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22l, Hopliedenkade (Residentie)

6

Artikel 3 Meet- en rekenbepalingen Voor dit TAM-omgevingsplan gelden de volgende meet- en rekenbepalingen:

3.1 dakhelling Langs het dakvlak ten opzichte van het horizontale vlak.

3.2 De inhoud van een bouwwerk Tussen de onderzijde van de begane grondvloer, de buitenzijde van de gevels (en/of het hart van de scheidingsmuren) en de buitenzijde van daken en dakkapellen.

3.3 De goothoogte van een bouwwerk Vanaf het peil tot aan de bovenkant van de goot, c.q. de druiplijn, de boeiboord, of een daarmee gelijk te stellen constructiedeel.

3.4 De bouwhoogte van een bouwwerk Vanaf het peil tot aan het hoogste punt van een gebouw of van een overig bouwwerk, geen gebouw zijnde, met uitzondering van ondergeschikte bouwonderdelen.

3.5 De oppervlakte van een bouwwerk Tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of het hart van de scheidingsmuren, neerwaarts geprojecteerd op het gemiddelde niveau van het afgewerkte bouwterrein ter plaatse van het bouwwerk.

3.6 Afstand tot zijdelingse perceelsgrens Tussen de zijdelingse grenzen van een perceel en enig punt van het op dat perceel voorkomend (hoofd-)gebouw, waar die afstand het kortst is.

TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22l, Hopliedenkade (Residentie)

7

Hoofdstuk 2 Algemene regels

TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22l, Hopliedenkade (Residentie)

8

Artikel 4 Algemeen gebruiksverbod a. Met het oog op een evenwichtige toedeling van functies aan locaties is het verboden gronden of bouwwerken te gebruiken anders dan overeenkomstig de aan die locatie toegedeelde activiteiten. b. Op grond van het in a. bedoelde gebruiksverbod zijn in ieder geval de volgende activiteiten verboden: 1. wonen in een vrijstaand bijbehorend bouwwerk met uitzondering van mantelzorg; 2. wonen in onzelfstandige wooneenheden door meer dan 5 personen; 3. het storten van puin en afvalstoffen, anders dan ter realisering en/of handhaving van de toegelaten gebruiksactiviteiten; 4. het opslaan van gerede of ongerede goederen, zoals vaten, kisten bouwmaterialen, werktuigen, machines en onderdelen hiervan, anders dan ter realisering en/of handhaving van de toegelaten gebruiksactiviteiten; 5. het opslaan van gebruiksklare of onklare voer- en vaartuigen of onderdelen daarvan, anders dan ter realisering en/of handhaving van de toegelaten gebruiksactiviteiten; 6. het plaatsen of geplaatst houden van onderkomens.

TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22l, Hopliedenkade (Residentie)

9

Artikel 5 Parkeerregeling 5.1 Parkeren Een gebruiksactiviteit en bouw- en aanlegactiviteit als bedoeld in artikel 13 tot en met 15 van hoofdstuk 22l in dit omgevingsplan mag enkel worden uitgevoerd onder voorwaarde dat ten behoeve van het parkeren of stallen van (motor)voertuigen en fietsen wordt voorzien in voldoende parkeergelegenheid zoals bepaald in de nota 'Parkeernormen 2023', inclusief de in deze parkeernota opgenomen mogelijkheden tot vrijstellingen.

5.2 Laden en lossen Indien een gebruiks- of bouwactiviteit aanleiding geeft tot een te verwachten behoefte aan ruimte voor het laden of lossen van goederen, moet worden voorzien in voldoende ruimte voor laden en lossen, zoals neergelegd in de CROW Kennisbank in ASVV 2021.

TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22l, Hopliedenkade (Residentie)

10

Artikel 6 Beschermwaardige bomen 6.1 Regels over bouwactiviteiten bij beschermwaardige bomen 6.1.1 Toegelaten bouwactiviteiten bij beschermwaardige bomen Bouwactiviteiten als bedoeld in artikel 13 tot en met 15 van hoofdstuk 22l van dit Omgevingsplan mogen worden uitgevoerd voor zover: a. reeds aanwezige bebouwing wordt heropgericht met eenzelfde afstand tot de boom en eenzelfde goot- en bouwhoogte, mits daarbij de betrokken houtopstand / boom niet wordt geschaad; b. de bouwactiviteit op een afstand van minimaal 15 meter van de stam van een op de verbeelding aangeduide 'beschermwaardige boom' of 'monumentale boom' plaatsvindt. c. een omgevingsvergunning is verleend voor de activiteit kappen van de aanwezige boom; of d. de boom om andere, van overmacht getuigende redenen, reeds eerder is geveld, dan wel door een calamiteit teniet is gegaan. 6.1.2 Omgevingsplanactiviteit - bouwen binnen 15 meter van beschermwaardige bomen Het is verboden om zonder omgevingsvergunning bouwactiviteiten als bedoeld in artikel 13 tot en met 15 van hoofdstuk 22l van dit Omgevingsplan uit te voeren binnen 15 meter van de stam van een op de verbeelding aangeduide 'beschermwaardige boom' of 'monumentale boom'.

6.1.3 beoordelingsregels - bouwen binnen 15 meter van beschermwaardige bomen Een omgevingsvergunning voor een bouwactiviteit binnen 15 meter van de stam van een 'beschermwaardige boom' of 'monumentale boom' binnen de locatie(s) 'Waarde - Beschermwaardige bomen' kan worden verleend, indien, naar het oordeel van het bevoegd gezag, zodanige maatregelen worden getroffen dat het voortbestaan van de betrokken houtopstand / boom wordt gewaarborgd. 6.1.4 Indieningsvereisten - bouwen binnen 15 meter van beschermwaardige bomen In aanvulling op artikel 7 van hoofdstuk 22l van dit plan dient een aanvraag omgevingsvergunning, indien het bevoegd gezag dit noodzakelijk acht, te zijn voorzien van een bomeneffectanalyse (BEA) van een onafhankelijk boomtechnisch adviesbureau.

6.2 Regels over het uitvoeren van werken en werkzaamheden bij beschermwaardige bomen 6.2.1 Toegelaten werken en werkzaamheden bij beschermwaardige bomen Werken en werkzaamheden als bedoeld in artikel 13 tot en met 15 van hoofdstuk 22l van dit Omgevingsplan mogen worden uitgevoerd voor zover: a. reeds aanwezige bebouwing wordt heropgericht met eenzelfde afstand tot de boom en eenzelfde goot- en bouwhoogte, mits daarbij de betrokken houtopstand / boom niet wordt geschaad; b. de bouwactiviteit op een afstand van minimaal 15 meter van de stam van een op de verbeelding aangeduide 'beschermwaardige boom' of 'monumentale boom' plaatsvindt. c. een omgevingsvergunning is verleend voor de activiteit kappen van de aanwezige boom; d. de boom om andere, van overmacht getuigende redenen, reeds eerder is geveld, dan wel door een calamiteit teniet is gegaan. 6.2.2 Omgevingsplanactiviteit - uitvoeren van werken en werkzaamheden binnen 15 meter van beschermwaardige bomen Het is verboden om zonder omgevingsvergunning werken en werkzaamheden uit te voeren binnen 15 meter van de stam van een op de verbeelding aangeduide 'beschermwaardige boom' of 'monumentale boom'.

6.2.3 Beoordelingsregels - omgevingsplanactiviteit uitvoeren werken en wekzaamheden binnen 15 meter van beschermwaardige bomen Een omgevingsvergunning voor het uitvoeren van werken en werkzaamheden binnen 15 meter van de stam van een 'beschermwaardige boom' of 'monumentale boom' binnen de locatie(s) 'Waarde - Beschermwaardige bomen' kan worden verleend, indien, naar het oordeel van het bevoegd gezag, zodanige maatregelen worden getroffen dat het voortbestaan van de betrokken houtopstand / boom wordt gewaarborgd. 6.2.4 Indieningsvereisten - omgevingsplanactiviteit uitvoeren werken en werkzaamheden binnen 15 meter van beschermwaardige bomen

TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22l, Hopliedenkade (Residentie)

11

In aanvulling op artikel 7 van hoofdstuk 22l van dit plan dient een aanvraag omgevingsvergunning, indien het bevoegd gezag dit noodzakelijk acht, te zijn voorzien van een bomeneffectanalyse (BEA) van een onafhankelijk boomtechnisch adviesbureau.

TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22l, Hopliedenkade (Residentie)

12

Artikel 7 Aanvraagvereisten omgevingsvergunning a. De aanvraag vereisten, als bedoeld in paragraaf 22.5.2. van het omgevingsplan Tilburg d.d. 1 januari 2024, zijn van overeenkomstige toepassing op een omgevingsvergunning die is vereist op grond van dit TAM-omgevingsplan. Als de regels uit paragraaf 22.5.2 van het omgevingsplan Tilburg d.d. 1 januari 2024 in de toekomst een andere plek in de structuur van het omgevingsplan Tilburg krijgen, zijn die regels van overeenkomstige toepassing met inachtneming van de daarop doorgevoerde wijzigingen b. Bij een aanvraag omgevingsvergunning worden de gegevens en bescheiden die redelijkerwijs benodigd zijn voor de beoordeling van de vergunningaanvraag voorgelegd.

TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22l, Hopliedenkade (Residentie)

13

Artikel 8 Maatwerk- en of vergunningvoorschriften Het bevoegd gezag kan aanvullende maatwerk- en/of vergunningvoorschriften stellen ten aanzien van: a. een samenhangend straat- en bebouwingsbeeld; b. de verkeersveiligheid; c. de sociale veiligheid; d. de brandveiligheid; e. de milieusituatie; f. de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden; g. het uitvoeren van werken en werkzaamheden.

TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22l, Hopliedenkade (Residentie)

14

Artikel 9 Anti-dubbeltelregel Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.

TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22l, Hopliedenkade (Residentie)

15

Artikel 10 Kavelpaspoorten a. een aanvraag omgevingsvergunning voor de in artikel 13 genoemde functies wordt getoetst aan het bij het gebouw behorende kavelpaspoort, zoals aangegeven in bijlage 1 van hoofdstuk 22l van dit Omgevingsplan; b. een kavelpaspoort dient vast te worden gesteld door de raad van de gemeente Tilburg; c. zolang een kavelpaspoort als bedoeld in het eerste lid, niet is vastgesteld geldt een bouwverbod;

TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22l, Hopliedenkade (Residentie)

16

Artikel 11 Overgangsrecht bouwwerken a. Een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van dit TAM-omgevingsplan aanwezig of in uitvoering is, dan wel gebouwd kan worden krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen van een bouwwerk, en afwijkt van de regels in dit TAM-omgevingsplan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot: 1. gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd; 2. na het tenietgaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning voor het bouwen van een bouwwerk wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is tenietgegaan. b. Het bepaalde onder a. is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van dit TAM-omgevingsplan, maar zijn gebouwd zonder vergunning en in strijd zijn met het omgevingsplan zoals dit gold voor de inwerkingtreding van dit TAM-omgevingsplan, daaronder begrepen het overgangsrecht van het omgevingsplan zoals dat gold voor de inwerkingtreding van dit TAM-omgevingsplan.

TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22l, Hopliedenkade (Residentie)

17

Artikel 12 Overgangsrecht gebruik a. Het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van dit TAM-omgevingsplan en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet. b. Het is verboden het met dit TAM-omgevingsplan strijdige gebruik, bedoeld onder lid 1, te veranderen of te laten veranderen in een ander met dit TAM-omgevingsplan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind. c. Indien het gebruik, bedoeld onder a., na het tijdstip van inwerkingtreding van dit TAM-omgevingsplan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten. d. Het bepaalde onder a. is niet van toepassing op het gebruik dat reeds in strijd was met het omgevingsplan zoals dit gold voor de inwerkingtreding van dit TAM-omgevingsplan, daaronder begrepen het overgangsrecht van het omgevingsplan zoals dat gold voor de inwerkingtreding van dit TAM-omgevingsplan.

TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22l, Hopliedenkade (Residentie)

18

Hoofdstuk 3 Functies en activiteiten

TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22l, Hopliedenkade (Residentie)

19

Artikel 13 Gemengd 13.1 Toepassingsbereik - aanwijzing locaties(s) 'Gemengd' De regels in dit artikel zijn van toepassing op de locatie(s) die zijn aangewezen als ‘Gemengd’.

13.2 Regels over gebruiksactiviteiten binnen locatie(s) 'Gemengd' 13.2.1 Toegelaten functies en gebruiksactiviteiten binnen locatie(s) 'Gemengd' a. De volgende functes en gebruiksactiviteiten zijn toegestaan op de locatie(s) aangewezen als ‘Gemengd’: 1. wonen in een gestapelde woning met een minimale gebruiksoppervlakte van 50m2, onder de volgende voorwaarden: I. maximaal 272 woningen mogen als zodanig worden gebruikt; II. minimaal 120 woningen dienen als sociale huurwoning worden gebruikt en voor een periode van 25 jaar na oplevering als zodanig worden gehandhaafd; III. minimaal 72 woningen dienen als middeldure huurwoning worden gebruikt; en voor een periode van 15 jaar na oplevering als zodanig worden gehandhaafd. 2. beroepsmatige activiteiten in de vorm van een aan huis verbonden beroep; 3. het exploiteren van een kleinschalige overnachtingsaccommodatie voor kortdurend verblijf in de vorm van een bed & breakfast tot een maximum van 2 kamers in een (bijbehorend bouwwerk bij een) woning waarvan de exploitant de hoofdbewoner is. 4. groen en speelvoorzieningen 5. parkeer-, stallings en verkeersvoorzieningen 6. voorzieningen ten behoeve van in-/uitgang van (ondergrondse) parkeergarages 7. objecten voor beeldende kunst b.

De volgende gebruiksactiviteiten zijn enkel tot en met de tweede bovengrondse bouwlaag van een gebouw op de locatie(s) als aangewezen als 'Gemengd' toegestaan: 1. maatschappelijke activiteiten; 2. dienstverlenende activiteiten; 3. cultuur-, sport- en ontspanningsactiviteiten; 4. exploiteren van een kantoor met een maximale bruto vloeroppervlakte van 500m2; 5. kantines en restauratieve voorzieningen, voor zover deze ondergeschikt zijn en behoren bij een functie zoals genoemd in dit artikel. 13.2.2 omgevingsplanactiviteit - wonen in een woning met een gebruiksoppervlakte minder dan 50m2 Het is verboden zonder omgevingsvergunning te wonen in een woning met een gebruiksoppervlakte van minder dan 50m2. 13.2.3 specifieke beoordelingsregels - wonen in een woning met een gebruiksoppervlakte minder dan 50m2 Een omgevingsvergunning voor de activiteit wonen in een woning met een gebruiksoppervlakte van minder dan 50m2 kan worden verleend indien, naar het oordeel van het bevoegd gezag, sprake is van: a.

een specifiek woonconcept zoals bedoeld in het Woonbeleid Tilburg 2025-2030 of;

b. voor maximaal 3 woningen: een specifiek woonconcept met een, naar het oordeel van het bevoegd gezag, voldoende woonkwaliteit en een collectieve buitenruimte die een meerwaarde biedt voor de woonomgeving. 13.2.4 omgevingsplanactiviteit - exploiteren van detailhandel Het is verboden zonder omgevingsvergunning een detailhandel te exploiteren. 13.2.5 Specifieke beoordelingsregels - exploiteren van detailhandel Een aanvraag om omgevingsvergunning voor het exploiteren van detailhandel kan worden verleend indien: a. de activiteit enkel tot en met de tweede bovengrondselaag van een gebouw wordt uitgevoerd; b. er naar het oordeel van het bevoegd gezag de functie in overeenstemming is met het op het moment van toetsing geldende detailhandelsbeleid Tilburg; c. de bruto vloeroppervlakte van de ruimte waarin de activiteit wordt uitgevoerd maximaal 350m2 bedraagt. 13.2.6 omgevingsplanactiviteit - exploiteren van een additionele horecagelegenheid Het is verboden zonder omgevingsvergunning een horecagelegenheid te exploiteren.

TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22l, Hopliedenkade (Residentie)

20

13.2.7 Specifieke beoordelingsregels - exploiteren van een additionele horecagelegenheid Een omgevingsvergunning voor het exploiteren van een horecagelegenheid kan worden verleend, indien: a. sprake is van additionele horeca; b. de activiteit tot en met de tweede bovengrondse laag van een gebouw wordt uitgevoerd; c. uit onderzoek blijkt dat de activiteit, naar het oordeel van het bevoegd gezag, geen ontoelaatbare geluid-, geur-, verkeer- en parkeeroverlast veroorzaakt. 13.2.8 Indieningsvereisten aanvraag omgevingsvergunning - exploiteren van een additionele horecagelegenheid In aanvulling op artikel 7 van hoofdstuk 22l van dit omgevingsplan, dient bij de aanvraag om omgevingsvergunning te worden voorgelegd: a. een akoestisch onderzoek; b. een onderzoek naar industriële geur; c. een verkeer- en parkeeronderzoek. 13.2.9 Omgevingsplanactiviteit - exploiteren van een bedrijf met uitzondering van detailhandel en horeca Het is verboden zonder omgevingsvergunning een bedrijf te exploiteren. 13.2.10 Specifieke beoordelingsregels - exploiteren van een bedrijf met uitzondering van detailhandel en horeca Een omgevingsvergunning voor het exploiteren van een bedrijf kan worden verleend, indien: a. de activiteit enkel tot en met de tweede bovengrondselaag van een gebouw wordt uitgevoerd; b.

sprake is van een activiteit die naar het oordeel van het bevoegd gezag passend is binnen de gemengde woonomgeving; c. uit onderzoek blijkt dat de activiteit, naar het oordeel van het bevoegd gezag, geen ontoelaatbare geluid-,, verkeer- en parkeeroverlast veroorzaakt. 13.2.11 Indieningsvereisten aanvraag omgevingsvergunning - exploiteren van een bedrijf met uitzondering van detailhandel en horeca In aanvulling op artikel 7 van hoofdstuk 22l van dit omgevingsplan, dient bij de aanvraag omgevingsvergunning te worden voorgelegd: a. een akoestisch onderzoek b. een verkeer- en parkeeronderzoek. 13.2.12 omgevingsplanactiviteit - exploiteren van een binnensport- en recreatie onderneming Het is verboden zonder omgevingsvergunning een binnensport en/of recreatieonderneming te exploiteren. 13.2.13 Specifieke beoordelingsregels - exploiteren van een binnensport- en recreatieonderneming Een omgevingsvergunning voor het exploiteren van een binnensport en/of recreatieonderneming kan worden verleend indien: a. de activiteit enkel tot en met de tweede bovengrondselaag van een gebouw wordt uitgeoefend; b. de bruto vloeroppervlakte van de ruimte waar de activiteit wordt uitgevoerd maximaal 350m2 bedraagt; c. uit onderzoek blijkt dat de activiteit, naar het oordeel van het bevoegd gezag, geen ontoelaatbare geluid-, verkeer- en parkeeroverlast veroorzaakt.

13.2.14 Indieningsvereisten aanvraag omgevingsvergunning - exploiteren van een binnensport- en recreatieonderneming In aanvulling op artikel 7 van hoofdstuk 22l van dit omgevingsplan, dient bij de aanvraag omgevingsvergunning te worden voorgelegd: a. een akoestisch onderzoek; b. een verkeer- en parkeeronderzoek.

13.3 Regels over bouwactiviteiten binnen locatie(s) 'Gemengd' 13.3.1 Algemene regels bouwactiviteit - Voorwaardelijke verplichting waterberging Het bouwen van een gebouw of bouwwerk is toegelaten op de locatie(s) aangewezen als 'Gemengd' mits: a. bij de bouw van een gebouw of bouwwerk met een oppervlakte van 50m2 of groter wordt voorzien in de aanleg van voldoende waterberging.

TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22l, Hopliedenkade (Residentie)

21

b. Hierbij moet worden voldaan aan de waterbergingsopgave zoals neergelegd in het Programma water en riolering (of diens opvolger). Indien het Programma water en riolering (of diens opvolger) wordt gewijzigd, dient te worden voldaan aan de gewijzigde waterbergingsopgave. c. Het bouwen van een bouwwerk wordt ook toegelaten als de realisatie van de waterberging redelijkerwijs niet mogelijk is en in een andere gelijkwaardige invulling van de waterbergingsopgave wordt voorzien. 13.3.2 Toegelaten bouwactiviteit - bouwen van bouwwerken van algemeen nut Op de locatie(s) 'Gemengd' mogen bouwwerken van algemeen nut worden opgericht, mits: a. de bouwhoogte van een bouwwerk van algemeen nut niet meer bedraagt dan 3,5 meter; b. de maximum oppervlakte van een bouwwerk van algemeen nut niet meer bedraagt dan 50m². 13.3.3 Toegelaten bouwactiviteit - Ondergronds bouwen a. Op de locatie(s) 'Gemengd' mogen ondergrondse bouwwerken worden opgericht ten behoeve van 1. water en waterhuishoudkundige voorzieningen; 2. afvalinzameling; 3. installaties; 4. trappen en hellingbanen; 5. entrees, in- en uitgangen parkeergarage inclusief bijbehorende voorzieningen; 6. opwekken van duurzame energie; 7. liftputten b. de verticale diepte mag niet meer bedragen dan 4 meter -peil.

13.3.4 Omgevingsplanactiviteit - bouwen van een parkeergarage Het is verboden zonder omgevingsvergunning een parkeergarage op te richten of te wijzigen. 13.3.5 Specifieke beoordelingsregels - bouwen van een parkeergarage Een omgevingsvergunning voor het oprichten of wijzigen van een parkeergarage kan alleen worden verleend, indien: a. de ondergrondse diepte van de parkeergarage maximaal 8 meter -peil bedraagt; b. de parkeergarage uit maximaal 1 parkeerlaag bestaat. 13.3.6 Omgevingsplanactiviteit - bouwen van een hoofdgebouw Het is verboden zonder omgevingsvergunning een hoofdgebouw op te richten of te wijzigen. 13.3.7 Specifieke beoordelingsregels - bouwen van een hoofdgebouw Een omgevingsvergunning voor het oprichten of wijzigen van een hoofdgebouw kan alleen worden verleend, indien: a. het gebouw binnen het bouwvlak is gelegen; b. ondergeschikte bouwdelen het bouwvlak met maximaal 1 meter overschrijden; c. balkons, overkragingen, overkappingen en luifels e.d. het bouwvlak met maximaal 2,5 meter overschrijden, onder voorwaarde dat : 1. niet lager wordt gebouwd dan 4,2m boven de hoogte van een rijweg, met inbegrip van een strook van 0,5m breedte ter weerszijden van die rijweg; 2. niet lager wordt gebouwd dan 2,2m boven de hoogte van een ander deel van de openbare ruimte en voor zover de veiligheid van de gebruikers van de openbare ruimte niet in gevaar komt. d.

Ter plaatse van de op de verbeelding aangeduide bouwaanduiding 'specifieke bouwaanduiding uitgesloten - balkon' is een overschrijding van het bouwvlak zoals bedoeld onder lid c van dit artikel niet toegestaan. e. de goothoogte van een gebouw maximaal de hoogte van de op de verbeelding aangeduide goothoogte bedraagt; f. de bouwhoogte van een gebouw maximaal de hoogte van de op de verbeelding aangeduide bouwhoogte bedraagt; g. Ter plaatse van de op de verbeelding aangeduide bouwaanduiding 'specifieke bouwaanduiding overkraging' een uitkragend terrasbalkon is toegestaan zoals in kavelpaspoort 5 is omschreven; h. Ter plaatse van de op de verbeelding aangeduide bouwaanduiding 'ond' een overbouwing in de vorm van een loopbrug conform de regels in kavelpaspoort 3 en 4 mag worden opgericht; i. uit onderzoek blijkt dat de bezonning van omliggende woningen en woongebouwen, naar het oordeel van het bevoegd gezag, voldoet aan het gestelde in de Handreiking hoogbouw mei 2017 reparatie juni 2023, inclusief de in deze Handreiking genoemde afwijkingsmogelijkheden; j. uit onderzoek blijkt dat het windklimaat, naar het oordeel van het bevoegd gezag, rondom het nieuwe gebouw aanvaardbaar is, zoals aangegeven in de Handreiking hoogbouw mei 2017 reparatie juni 2023;

TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22l, Hopliedenkade (Residentie)

22

k. er wordt voldaan aan de ruimtelijke eisen zoals gesteld in de kavelpaspoorten als bedoeld in artikel 10 van hoofdstuk 22l van dit omgevingsplan. 13.3.8 Specifieke beoordelingsregels - bouwen van een hoofdgebouw voor een geluidgevoelige activiteit Een omgevingsvergunning voo het bouwen van een hoofdgebouw voor een geluidgevoelige activiteit kan alleen worden verleend indien wordt voldaan aan de volgende regels: a. Ieder hoofdgebouw waarbij op een gevel(deel) de gecumuleerde geluidbelasting (Lcum) meer dan 63 dB bedraagt, moet zijn voorzien van een niet geluidgevoelige gevel voor dat deel van de gevel waarop deze geluidbelasting plaats vindt; b. Ieder hoofdgebouw waarbij op een gevel de gecumuleerde geluidbelasting (Lcum) meer dan 55 dB bedraagt moet zijn voorzien van een geluidluw gevel(deel) en een geluidluwe buitenruimte met een gecumuleerde geluidbelasting (Lcum) van maximaal 55 dB. Voor wat betreft het geluidluwe gevel(deel) geldt dat dit zich direct achter dit gevel(deel) een verblijfsruimte moet bevinden. 13.3.9 Indieningsvereisten - bouwen van een hoofdgebouw In aanvulling op artikel 7 van hoofdstuk 22l van dit plan dient een aanvraag omgevingsvergunning voor het bouwen van een hoofdgebouw te zijn voorzien van: a. bezonningsonderzoek op basis van het gestelde in de Handreiking hoogbouw mei 2017 reparatie juni 2023; b. windonderzoek op basis van NEN 8100; c.

ter plaatse van de milieuzone - geluidgevoelige functie: een akoestisch onderzoek wegverkeerslawaai.

13.4 Regels over werken, werkzaamheden en voorzieningen binnen locatie(s) 'Gemengd' De aanleg en het gebruik van de volgende voorzieningen is toegestaan op de locatie(s) aangewezen als 'Gemengd' voor zover geen verbod is opgenomen elders in dit omgevingsplan: a. parkeer-, stallings- en verkeersvoorzieningen; b. groenvoorziengen; c. speelvoorzieningen; d. trappen en hellingbanen met bijbehorende kunstwerken, afscheidingen, overkappingen e.d.; e. terrassen behorende bij horecagelegenheden; f. voorzieningen voor tijdeljke activiteite, markten en evenementen; g. tuin(en); h. erven; i. water- en waterhuishoudkundige voorzieningen; j. nutsvoorzieningen.

TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22l, Hopliedenkade (Residentie)

23

Artikel 14 Groen 14.1 Toepassingsbereik - aanwijzing locatie(s) 'Groen' De regels in dit artikel zijn van toepassing op de locatie(s) die zijn aangewezen als ‘Groen’.

14.2 Regels over gebruiksactiviteiten binnen locatie(s) 'Groen' 14.2.1 Toegelaten functies en gebruiksactiviteiten binnen locatie(s) 'Groen' De volgende functies, gebruiksactiviteiten en voorzieningen zijn toegelaten binnen de locatie(s) 'Groen': a. groenvoorziengen; b. bomen en beplanting; c. speelvoorzieningen; d. water- en waterhuishoudkundige voorzieningen; e. fiets- en voetpaden; f. calamiteitenroute voor nooddiensten; g. straatmeubilair; h. kunstobjecten;

14.3 Regels over bouwactiviteiten binnen locatie(s) 'Groen' 14.3.1 Toegelaten bouwactiviteit - bouwwerken, geen gebouw zijnde In aanvulling op het bepaalde in artikel 22.29 van dit plan mogen op de locatie(s) 'Groen' uitsluitend bouwwerken, geen gebouwen zijnde, worden opgericht , mits: a. de bouwhoogte van bouwwerken geen gebouw zijnde niet meer bedraagt dan 3m; b. de hoogte van terreinafscheidingen niet meer bedraagt dan 1m; c. de hoogte van kunstobjecten niet meer bedraagt dan 3m. 14.3.2 Toegelaten bouwactiviteit - overschrijding vanuit aangrenzende locatie 'Gemengd' Het bouwen van ondergeschikte bouwdelen en/of balkons, overkragingen, overkappingen en luifels e.d welke een overschrijding hebben vanuit aangrenzende locatie(s) 'Gemengd' is toegestaan, indien niet lager wordt gebouwd dan 2,2m boven de hoogte van een gedeelte van de openbare ruimte en voor zover de veiligheid van de gebruikers van de openbare ruimte niet in gevaar komt. 14.3.3 Toegelaten bouwactiviteit - Ondergronds bouwen a. Op de locatie(s) 'Groen' mogen ondergrondse bouwwerken worden opgericht ten behoeve van 1. water en waterhuishoudkundige voorzieningen; 2. voorzieningen voor afvalinzameling; 3. trappen/hellingbanen; 4. entrees, in- en uitgangen parkeergarage inclusief bijbehorende voorzieningen; 5. opwekken van duurzame energie; 6. liftputten. b.

de verticale diepte mag niet meer bedragen dan 4 meter -peil. 14.3.4 Omgevingsplanactiviteit - bouwen van een parkeergarage Het is verboden zonder omgevingsvergunning een parkeergarage op te richten of te wijzigen. 14.3.5 Specifieke beoordelingsregels - bouwen van een parkeergarage Een omgevingsvergunning voor het oprichten of wijzigen van een parkeergarage kan alleen worden verleend, indien: a. de ondergrondse diepte van de parkeergarage maximaal 8 meter -peil bedraagt; b. de parkeergarage uit maximaal 1 parkeerlaag bestaat.

TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22l, Hopliedenkade (Residentie)

24

Artikel 15 Verkeer - Verblijf 15.1 Toepassingsbereik- aanwijzing locatie(s) 'Verkeer - Verblijf' De regels in dit artikel zijn van toepassing op de locatie(s) die zijn aangewezen als ‘Verkeer - Verblijf’.

15.2 Regels over gebruiksactiviteiten binnen locatie(s) 'Verkeer - Verblijf' 15.2.1 Toegelaten functies en gebruiksactiviteiten binnen locatie(s) 'Verkeer-Verblijf' De volgende functies, gebruiksactiviteiten en voorzieningen zijn toegelaten binnen de locatie(s) 'Verkeer-verblijf': a. verharde en onverharde fiets- en voetpaden; b. wegen voor (gemotoriseerd) verkeer; c. trappen en hellingbanen; d. parkeervoorzieningen; e. groenvoorzieningen; f. bomen en beplanting; g. speelvoorzieningen; h. water en waterhuishoudkundige voorzieningen; i. kunstobjecten; j. voorzieningen voor tijdeljke activiteiten, markten en evenementen; k. terrassen.

15.3 Regels over bouwactiviteiten binnen locatie(s) 'Verkeer - Verblijf' 15.3.1 toegelaten bouwactiviteit - bouwwerken van algemeen nut In aanvulling op het bepaalde in artikel 22.29 van dit plan mogen op de locatie(s) 'Verkeer-verblijf' uitsluitend bouwwerken van algemeen nut worden opgericht , indien: a. de bouwhoogte van een bouwwerk van algemeen nut niet meer bedraagt dan 3,5 meter; b. de maximum oppervlakte van een bouwwerk van algemeen nut niet meer bedraagt dan 50m²; 15.3.2 Toegelaten bouwactiviteit - bouwwerken geen gebouw zijnde In aanvulling op het bepaalde in artikel 22.29 van dit omgevingsplan mogen op de locatie(s) 'Verkeer-verblijf' uitsluitend bouwwerken, geen gebouwen zijnde, worden opgericht , mits: a. de bouwhoogte van bouwwerken geen gebouw zijnde niet meer bedraagt dan 3m; a. de hoogte van kunstobjecten niet meer bedraagt dan 6m. 15.3.3 Toegelaten bouwactiviteit - overschrijding vanuit aangrenzende locatie(s) 'Gemengd" Het bouwen van ondergeschikte bouwdelen en/of balkons, overkragingen, overkappingen en luifels e.d welke een overschrijding hebben vanuit aangrenzende locatie(s) 'Gemengd' is toegestaan, indien: a. niet lager wordt gebouwd dan 4,2m boven de hoogte van een rijweg, met inbegrip van een strook van 0,5m breedte ter weerszijden van die rijweg; b.

niet lager wordt gebouwd dan 2,2m boven de hoogte van een ander deel van de openbare ruimte en voor zover de veiligheid van de gebruikers van de openbare ruimte niet in gevaar komt; 15.3.4 Toegelaten bouwactiviteit - Ondergronds bouwen a. Op de locatie(s) 'Gemengd' mogen ondergrondse bouwwerken worden opgericht ten behoeve van 1. water en waterhuishoudkundige voorzieningen; 2. voorzieningen voor afvalinzameling; 3. trappen/hellingbanen; 4. entrees, in- en uitgangen parkeergarage inclusief bijbehorende voorzieningen; 5. opwekken van duurzame energie; 6. liftputten. b. de verticale diepte mag niet meer bedragen dan 4 meter -peil. 15.3.5 Omgevingsplanactiviteit - bouwen van een parkeergarage Het is verboden zonder omgevingsvergunning een parkeergarage op te richten of te wijzigen. 15.3.6 Specifieke beoordelingsregels - bouwen van een parkeergarage

TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22l, Hopliedenkade (Residentie)

25

Een omgevingsvergunning voor het oprichten of wijzigen van een parkeergarage kan alleen worden verleend, indien: a. de ondergrondse diepte van de parkeergarage maximaal 8 meter -peil bedraagt; b. de parkeergarage uit maximaal 1 parkeerlaag bestaat.

TAM-omgevingsplan Hoofdstuk 22l, Hopliedenkade (Residentie)

26

Bijlagen bij regels Bijlage 1 Kavelpaspoorten Kavelpaspoorten

Bijlage 2 Staat van bedrijfsactiviteiten- functiemenging Staat van bedrijfsactiviteiten- functiemenging

Bijlagen bij regels Bijlage 1 Kavelpaspoorten Kavelpaspoorten

PIUSHAVEN

kavelpaspoorten residentie piushaven

kavelpaspoorten September 2025

Deze kavelpaspoorten voor de kop van de Piushaven zijn tot stand gebracht in opdracht van de gemeente Tilburg. Dit is gedaan in afstemming met de huidige eigenaar van “De Residentie” Woonzorg Nederland en de door Woonzorg gedelegeerde ontwikkelaar Heijmans.

2

3

INHOUDSOPGAVE 1.

4

Kavelpaspoorten

Algemene regels Paspoort 1 Paspoort 2 Paspoort 3 Paspoort 4 Paspoort 5

5 6 8 10 12 14

aven

31a

35

31c

36

Piushaven

31d

Hopliedenkade

SPELREGELKAART €

[sba-ok]

39

1-241

31a

51

32

37

31c

35

27 pp Piushaven

GD

703,3 m2

TBG01 M 10731

29,00

[ond]

-VB

1-241 51 m

37

19

Kavel 3 21

23

25

27,00

11

32 m

23

32

GD

29

TBG01 M 11858

TBG01 M 11859

4

23

25

27

29

TBG01 M 11859

31

33

35

TBG01 M 11855 TBG01 M 11856

37

39

41

43

TBG01 M 11857

40 m

TBG01 M 11852

47

45 TBG01 M 11859

TBG01 M 11858

31

33

49

1-5

40

TBG01 M 11849 TBG01 M 11850

751,4 m2

4 31

33

37

35

39

41

43

45

47

26 m

26

51

GD TBG01 M 11887

TBG01 M 11886 TBG01 M 11885

TBG01 M 11884

TBG01 M 11882 TBG01 M 11878

49

TBG01 M 11883

TBG01 M 12146

TBG01 M TBG01 M 11878 TBG01 M 11877

TBG01 M 11879

mhof S c h u ts b o o TBG01 M 11880

TBG01 M 11881

2-196

TBG01 M 11897

TBG01 M 11879

TBG01 M 11877

TBG01 M 11880

TBG01 M 11849 TBG01 M 11850

4

GD

703,3 m2

[ond]

Vo et bo og pl ei n

24,25

Kavel 2

TBG01 M 11881

GD

520,1 m2

24,25

Schutsboo

mhof

G 24,25

17,05

V-VB € 133,25

19

21

23

25

27

29

Kruis

13-17

41

RAK 249

TBG01 M 11883

TBG01 M 11881

Kavel 1

39

51

TBG01 M 11887

TBG01 M 11886

TBG01 M 11885

TBG01 M 11884

TBG01 M 11882

TBG01 M 11880

37 2-196

TBG01 M 11879

TBG01 M 11878 TBG01 M 11877 TBG01 M 11851

35

TBG01 M 11851

Kavel 4

17,05

TBG01 M 10731

TBG01 M 11852

TBG01 M 11857

1-5

29,00

40

9 7

7

TBG01 M 11852

30,50

20

TBG01 M 10957

TBG01 M 11856

TBG01 M 11858

TBG01 M 11851

TBG01 M 11853

TBG01 M 11855

Tamboers kade TBG01 M 11857

TBG01 M 11850

763,9 m2 TBG01 M 11854

29

TBG01 M 11849

27

31,50

13-17

9

133,25

7

Kruisboogstraat

Kavel 5

21

TBG01 M 11854

TBG01 M 11856

1-5

27

11 TBG01 M 11855

9

19

TBG01 M 11853

TBG01 M 11854

51

2

25

€ 11

TBG01 M 10634

G Dm 460,4

23

TBG01 M 11853

20 m

Tamboersk ade

17,05 21

133,25

€

13-17 19

€

24,25

133,25

13-17

24,25

17,05

Kruisboogstr aat

Hopliedenkade V

24,25

Hopliedenkade

V-VB

Maximale m2 kavel 45,10

GD

520,1 m2

G

[sba-ok]

38

26

24,25

Vo etb oo gp lei n

NIeuwe situatie: 15 pp 12 pp deel mob. 27 pp totaal

GD 2

TBG01 M 12146

RAK 249

GGD Rooilijn ontwikkeling V-VB

Kruisboogstraat

Piushaven

GD

703,3 m2

40

24,25

32

G

Uiterste kavelmaat 520,1 m

24,25

751,4 m2

GD

15 pp 23 12 pp deel17,05 mob. 40 27 pp totaal

[ond]

31,50

763,9 m2

751,4 m2

24,25

TBG01 M 10731

Vo etb oo gp lei n

40

26 belendende kavel

32

17,05

40

1

20

1

27,00

23 51

TBG01 M 10634

45,10

460,4 m2

Oude situatie: 27 pp

1-241

24,25

balkons moeten binnen volume G t.p.v. D

GD

20

TBG01 M 10957

31,50

38

NIeuwe situatie: [sba-ok] 15 pp Oude situatie: 27 deel pp 12 pp mob. GD 27 ppNIeuwe totaal situatie:

763,9 m2

29,00

37

2

[ond]

GMaximale D nokhoogte

703,3 m2

36 m

30,50

36

51m 39

TBG01 M 10634

27,00

35

Maximale goothoogte

1-241

TBG01 M 10731

38

23 m

1

40

1

32 Maximale bouwhoogte

4m

17,05

37

De ruimtelijke objecten op hoogte zijn omVo et bo ogG460,4 plDeimn schreven in de desbetreffende kavelpaspoorten. Hopliedenkade

TBG01 M 10957

36

[sba-ok]

GD

Positie terrasbalkon blok 5

Hopliedenkade

31,50

34

€

23

763,9 m2

Variabele contour kavel

20

36

33

Vaste contour kavel

45,10

TBG01 M 10957

2

30,50

34

32a

G Dm 460,4

Piushaven

32

Los van de kavelpaspoorten is het mogelijk om 31d een aantal ruimtelijke objecten te plaatsen ter 32 ondersteuning van de gebouwen zoals omschreven in de principe ruimtelijke objecten 32a op maaiveld. Deze objecten mogen op maaiveld

35

38

33

31d

27,00

39

29,00

worden geplaatst volgens een aantal spelregels: • Een object staat altijd op de kade en of pier. • Een object buiten de oude havenkom positioneren, in lijn met de historie. • Een object heeft een functie met toegevoegPiushaven Oude situatie: de waarde voor de gebiedsontwikkeling.

31c Ruimtelijke installaties op maaiveld 39

34

Rooilijnen

32a

De kavelpaspoorten zijn opgesteld om het gewenste beeld te waarborgen en de onderlinge € samenhang tussen de gebouwen te bevorderen, binnen de maximale ruimtelijke volumes. Ze zijn met de grootst mogelijke zorgvuldigheid 31a samengesteld en vormen de basis voor de verdere uitwerking. 31b

33

TBG01 M 10634

31,50

31b

31,50

ALGEMENE REGELS

€

31,50

31b

Tamboe rskade 5

KAVELPASPOORT 1 Kavelgrootte: max 715,4 m2 Goothoogte: 37,0 m1 Nokhoogte: 40,0 m1

Rooilijnen

Gebouw 1 volgt aan de Hopliedenkade de rooilijn. Gebouw 1 staat aan de west- en oostzijde in de rooilijn.

Bouwhoogtes - kapvorm

De maximale goothoogte van gebouw 1 is 37,0 meter en heeft een maximale nokhoogte van 40,0 meter. De kap wordt vormgegeven als een sheddak.

Plint

De plint heeft aan de noordzijde een hoogte van minimaal 4 meter. Aan de zuidzijde een verschijning van 4 meter. Commerciële of maatschappelijke functies zijn op de aangegeven posities aanwezig en hebben een transparante en open gevel. De hoofdentree bevindt zich op de aangegeven positie. Alternatieve of secundaire entrees kunnen worden voorgesteld als dit de architectonische en stedenbouwkundige compositie ten goede komt. Eventuele traforuimten worden in het volume opgenomen, strategisch gepositioneerd en nemen zo min mogelijk gevel in beslag.

6

Setbacks

Gebouw 1 moet minstens 2 setbacks hebben. 1 Setback ligt aan de Tamboerskade-zijde. Een tweede setback ligt aan de RAK zijde. De setback aan de RAK-zijde begint op de 6e verdieping en ligt minimaal 2,5 m terug. De setback aan Tamboerskade ligt minimaal 2,5m terug en begint op de 9e verdieping.

(Fiets-)Parkeren

Het parkeren gebeurt in een verdiepte parkeergarage. Bergingen of fietsenstalling worden opgenomen in de parkeergarage. Scootmobiels kunnen eventueel alleen uit het zicht (vanaf de buitenzijde) op de begane grond worden gestald.

Buitenruimten

Buitenruimten moeten integraal deel uitmaken van de architectuur van het gebouw. Op bepaalde posities zijn er restricties voor buitenruimten. Balkons aan doorsteken worden inpandig gepositioneerd om voldoende ruimte tussen gebouwen te waarborgen. Buitenruimten in de industriële plint zijn inpandig gesitueerd. Buitenruimten van plintwoningen moeten zorgvuldig aansluiten op de openbare ruimte.

De overige buitenruimten kragen maximaal 2 m uit t.o.v. de uiterste rooilijn.

Ruimtelijke installaties op hoogte

Gebouw 1 kent volgens de principes van het Regiedocument één ruimtelijke installatie in de vorm van een skelet als drager voor de balkons. Deze is geintegreerd in de architectuur van het gebouw. Er is een suggestie gedaan over de positie en formaat. Hier kan gemotiveerd van worden afgeweken in overleg met de omgevingscommissie als dit ten goede komt van het ontwerp en onderlinge afstemming van de gebouwen.

40 m 37 m

min. 4m

Rooilijnen

mi

m

min

Bouwhoogtes & setbacks

2,5

m

max 200 m2

Plint en entrees

buitenruimten

Vaste rooilijn, plint verschijning min.4m

Eerste setback

Hoofdentree

Buitenruimten mogen buiten volume

Vaste rooilijn, plint fysiek min. 4m

Tweede setback

Secundaire entree

Buitenruimten moeten binnen volume

Max. goothoogte - nokhoogte

Speelruimte positie entree

bij belendend pand en plint

Variabele rooilijn min. 4m

,5 n2

Min 4,0 meter plinthoogte

40 m 37 m

Positie commerciële ruimte

7

KAVELPASPOORT 2 Kavelgrootte: max 520,0 m2 Bouwhoogte: 26,0 m1

Rooilijnen

Gebouw 2 bevindt zich aan de Tamboerskade en volgt de rooilijn Gebouw 2 staat aan de westen oostzijde in de rooilijn.

Bouwhoogtes

De maximale bouwhoogte van Gebouw 2 is 26,0 meter.

Plint

De industriële plint heeft een hoogte van minimaal 4 meter. Commerciële of maatschappelijke functies zijn op de aangegeven posities aanwezig en en hebben een transparante en open gevel. De plinthoogten van de gebouwen verschillen onderling en worden op elkaar afgestemd. De hoofdentree bevindt zich op de aangegeven positie. Alternatieve of secundaire entrees kunnen worden voorgesteld als dit de architectonische en stedenbouwkundige compositie ten goede komt. Eventuele traforuimten worden in het volume opgenomen, strategisch gepositioneerd en nemen zo min mogelijk gevel in beslag.

Setbacks

Gebouw 2 heeft 2 setbacks. De setbacks beginnen op de 6e verdieping (min.3 m).

(Fiets-)Parkeren

Parkeren gebeurt in een verdiepte parkeergarage. Bergingen en fietsenstalling worden opgenomen in de parkeergarage. Scootmobiels kunnen eventueel alleen uit het zicht op de begane grond worden gestald.

Buitenruimten

Buitenruimten moeten integraal deel uitmaken van de architectuur van het gebouw. Op bepaalde posities zijn er restricties voor de buitenruimten. Balkons aan doorsteken worden inpandig gepositioneerd om voldoende ruimte tussen gebouwen te waarborgen. Buitenruimten in de industriële plint zijn inpandig gesitueerd. Buitenruimten van plintwoningen moeten zorgvuldig aansluiten op de openbare ruimte. Buitenruimten in het gebouwdeel dat staat op de oorspronkelijke kade aan Tamboerskade worden binnen het bouwvlak gepositioneerd. Buitenruimten in de industriële plint zijn inpandig gesitueerd. Buitenruimten van plintwoningen moeten zorgvuldig aansluiten op de openbare ruimte. De overige buitenruimten kragen maximaal 2 m uit t.o.v. de uiterste rooilijn.

8

Ruimtelijke installatie op hoogte

Gebouw 2 kent volgens de principes van het Regiedocument een installatie in de vorm van een kas op het dak. Dit bouwwerk maakt het gebruik van het dakvlak mogelijk en aantrekkelijk.

,0 n3

mi

m

26 m

min. 4m

Rooilijnen

min. 4m

min

3,0

max 150 m2

m

Bouwhoogtes & setbacks

Plint en entrees

buitenruimten

Vaste rooilijn

Eerste setback

Hoofdentree

Buitenruimten mogen buiten volume

Variabele rooilijn

Tweede setback

Secundaire entree

Buitenruimten moeten binnen volume

Max. bouwhoogte

Speelruimte positie entree

bij belendend pand en plint

Min 4,0 meter plinthoogte

26 m

Positie commerciële ruimte

9

KAVELPASPOORT 3 Kavelgrootte: max 763,9 Bouwhoogte: 51

m2 m1

Rooilijnen

Gebouw 3 bevindt zich aan de Hopliedenkade en volgt de rooilijn. Gebouw 3 staat aan de west- en oostzijde in de rooilijn.

Bouwhoogtes

De maximale bouwhoogte van Gebouw 3 is 51 meter.

Plint

De industriële plint heeft aan de noordzijde een hoogte van minimaal 4 meter. Aan de zuidzijde een verschijning van 4 meter. Commerciële of maatschappelijke functies zijn op de aangegeven posities aanwezig en en hebben een transparante en open gevel. De plinthoogten van de gebouwen verschillen onderling en worden op elkaar afgestemd. De hoofdentree bevindt zich op de aangegeven positie. Alternatieve of secundaire entrees kunnen worden voorgesteld als dit de architectonische en stedenbouwkundige compositie ten goede komt. Eventuele traforuimten worden in het volume opgenomen, strategisch gepositioneerd en nemen zo min mogelijk gevel in beslag.

10

Setbacks

Ruimtelijke installaties op hoogte

(Fiets-)Parkeren

Een tweede installatie bevindt zich op het lager gelegen dak in de vorm van een 'loopbrug'. Deze is verbonden met gebouw 4. De installatie wordt gezien als een ruimtelijk object met een gebruiksfunctie.

Gebouw 3 heeft 2 setbacks. De eerste setback begint op de 6e verdieping. (min. 5 m). De tweede setback (min. 2,5 m) begint op de 11e verdieping. Parkeren gebeurt in een verdiepte parkeergarage met een algemene entree. Bergingen en fietsenstalling worden opgenomen in de parkeergarage. Scootmobiels kunnen eventueel alleen uit het zicht op de begane grond worden gestald.

Buitenruimten

Buitenruimten moeten integraal deel uitmaken van de architectuur van het gebouw. Op bepaalde posities zijn er restricties voor buitenruimten. Balkons aan doorsteken worden inpandig gepositioneerd om voldoende ruimte tussen gebouwen te waarborgen. Buitenruimten in de industriële plint zijn inpandig gesitueerd. Buitenruimten van plintwoningen moeten zorgvuldig aansluiten op de openbare ruimte. De overige buitenruimten kragen maximaal 2 m uit t.o.v. de uiterste rooilijn.

Gebouw 3 kent volgens de principes van het Regiedocument twee ruimtelijke installaties. Deze eerste installatie is een kunstwerk op het dak die het hoogste gebouw accentueert.

min

2,5

m

51 m

min. 4m

Rooilijnen

m

Bouwhoogtes & setbacks

max 250 m2

Plint en entrees

buitenruimten

Vaste rooilijn, plint verschijning min.4m

Eerste setback

Hoofdentree

Buitenruimten mogen buiten volume

Vaste rooilijn, plint fysiek min. 4m

Tweede setback

Secundaire entree

Buitenruimten moeten binnen volume

Max. bouwhoogte

Speelruimte positie entree

bij belendend pand en plint

Variabele rooilijn min. 4m

min

5,0

Min 4,0 meter plinthoogte

51 m

Positie commerciële ruimte

11

KAVELPASPOORT 4 Kavelgrootte: max 703,3 Bouwhoogte: 32

m2 m1

Rooilijnen

Gebouw 4 bevindt zich aan de Tamboerskade en volgt de rooilijn. Gebouw 4 staat aan de westen oostzijde in de rooilijn.

Bouwhoogtes

De maximale bouwhoogte van gebouw 4 is 32 meter.

Plint

De industriële plint heeft een hoogte van minimaal 4 meter. Commerciële of maatschappelijke functies zijn op de aangegeven posities aanwezig en hebben een transparante en open gevel. De plinthoogten van de gebouwen verschillen onderling en worden op elkaar afgestemd. De hoofdentree bevindt zich op de aangegeven positie. Alternatieve of secundaire entrees kunnen worden voorgesteld als dit de architectonische en stedenbouwkundige compositie ten goede komt. Eventuele traforuimten worden in het volume opgenomen, strategisch gepositioneerd en nemen zo min mogelijk gevel in beslag.

12

Setbacks

Gebouw 4 heeft 2 setbacks. De eerste setback begint op ca. de 3e verdieping. (min. 2 m). De tweede setback (min. 3,5 m) begint op ca. de 6e verdieping.

(Fiets-)Parkeren

Parkeren gebeurt in een verdiepte parkeergarage met een algemene entree. Bergingen en fietsenstalling worden opgenomen in de parkeergarage. Scootmobiels kunnen eventueel alleen uit het zicht in de begane grond worden opgenomen.

Buitenruimten

Buitenruimten moeten integraal deel uitmaken van de architectuur van het gebouw. Op bepaalde posities zijn er restricties voor buitenruimten. Balkons aan doorsteken worden inpandig gepositioneerd om voldoende ruimte tussen gebouwen te waarborgen. Buitenruimten in de industriële plint zijn inpandig gesitueerd. Buitenruimten in het gebouwdeel dat staat op de oorspronkelijke kade aan Tamboerskade worden binnen het bouwvlak gepositioneerd. Buitenruimten in de industriële plint zijn inpandig gesitueerd. Buitenruimten van plintwoningen moeten zorgvuldig aansluiten op de openbare ruimte.

De overige buitenruimten kragen maximaal 2 m uit t.o.v. de uiterste rooilijn.

Ruimtelijke installaties op hoogte

Gebouw 4 kent volgens de principes van het Regiedocument twee ruimtelijke installaties. De eerste installatie is een skelet als drager voor de balkons. Deze is geintegreerd in de architectuur van het gebouw. Er is een suggestie gedaan over de positie en formaat. Een tweede installatie bevindt zich op het lager gelegen dak in de vorm van een 'loopbrug'. Deze is verbonden met gebouw 3. De installatie wordt gezien als een ruimtelijk object met een gebruiksfunctie.

Ingang parkeergarage

De ingang van de parkeergarage wordt aan de Tamboerskade in dit gebouw gepositioneerd.

32 m

,0 n2

mi

m

min. 4m

Rooilijnen

min. 4m

Bouwhoogtes & setbacks

min

3,5

m

max 250 m2

Plint en entrees

buitenruimten

Vaste rooilijn

Eerste setback

Hoofdentree

Buitenruimten mogen buiten volume

Variabele rooilijn

Tweede setback

Secundaire entree

Buitenruimten moeten binnen volume

Max. bouwhoogte

Speelruimte positie entree

bij belendend pand en plint

Min 4,0 meter plinthoogte

32 m

Positie commerciële ruimte Parkeergarage entree

13

KAVELPASPOORT 5 Kavelgrootte: max 451,8 Goothoogte: 20 Nokhoogte: 23

m2 m1 m1

Parkeren: normering zie deelaspect parkeren

Rooilijnen

Gebouw 5 bevindt zich aan de Hopliedenkade en volgt de rooilijn van het bouwvlak. Gebouw 5 staat aan de west- en oostzijde in de rooilijn.

Bouwhoogtes - kapvorm

De maximale goothoogte van gebouw 5 is 20 meter en heeft een maximale nokhoogte van 23 meter. De kap bestaat uit 2 geschakelde daken.

Plint

De industriële plint heeft een hoogte van minimaal 4 meter. Commerciële of maatschappelijke functies zijn op de aangegeven posities aanwezig en hebben een transparante en open gevel. De plinthoogten van de gebouwen verschillen onderling en worden op elkaar afgestemd. De hoofdentree bevindt zich op de aangegeven positie. Alternatieve of secundaire entrees kunnen worden voorgesteld als dit de architectonische en stedenbouwkundige compositie ten goede komt. Eventuele traforuimten worden in het volume opgenomen, strategisch gepositioneerd en nemen zo min mogelijk gevel in beslag.

14

Terrasbalkon

Gebouw 5 heeft een terrasbalkon aan de Hopliedenkade op de tweede verdieping zoals aangegeven op de tekeningen. Het terrasbalkon is onderdeel van de industriële laag en wordt ondersteund met een kolommenstructuur.

(Fiets-)Parkeren

Parkeren gebeurt in een verdiepte parkeergarage. Bergingen en fietsenstalling worden opgenomen in de parkeergarage. Scootmobiels kunnen eventueel alleen uit het zicht in de begane grond worden opgenomen.

Buitenruimten

Buitenruimten moeten integraal deel uitmaken van de architectuur van het gebouw. Op bepaalde posities zijn er restricties voor buitenruimten. Balkons aan doorsteken worden inpandig gepositioneerd om voldoende ruimte tussen gebouwen te waarborgen. Buitenruimten aan de straat de Piushaven zijn inpandig gesitueerd. Buitenruimten in de industriële plint zijn inpandig gesitueerd. Buitenruimten van plintwoningen moeten zorgvuldig aansluiten op de openbare ruimte. De overige buitenruimten kragen maximaal 2 m uit t.o.v. de uiterste rooilijn.

20 m 23 m

3,0

m

max 150 m2

min. 4m

Rooilijnen

min. 4m

Bouwhoogtes & setbacks

Plint en entrees

buitenruimten

Vaste rooilijn

Eerste setback

Hoofdentree

Buitenruimten mogen buiten volume

Variabele rooilijn, uiterste

Tweede setback

Secundaire entree

Buitenruimten moeten binnen volume

Max. goothoogte - nokhoogte

Speelruimte positie entree

bij belendend pand en plint

Positie commerciële ruimte

Terrasbalkon verplicht op tweede

Min 4,0 meter plinthoogte

20 m 23 m

verdieping

15

Bijlage 2 Staat van bedrijfsactiviteiten- functiemenging Staat van bedrijfsactiviteiten- functiemenging

Bijlage 4

Staat van Bedrijfsactiviteiten - functiemenging

nummer

CATEGORIE

OMSCHRIJVING

SBI-CODE 2008

10, 11 101, 102 101 1052 1071 10821 10821 10821 1102 t/m 1104 13 13 139 139, 143 14 14 141 16 16 162 162902 58 58 581 18129 1814 1814 1813 1814 182 20 20 2120 23 23 231

0 6 2 1 0 3 6 -

-

VERVAARDIGING VAN VOEDINGSMIDDELEN EN DRANKEN Slachterijen en overige vleesverwerking: - vleeswaren- en vleesconservenfabrieken, p.o. < 200 m² Consumptie-ijsfabrieken, p.o. < 200 m² Broodfabrieken, brood- en banketbakkerijen, charge-ovens, v.c.< 7.500 kg meel/week Verwerking cacaobonen en vervaardiging chocolade- en suikerwerk: - Cacao- en chocoladefabrieken- vervaardigen van chocoladewerken met p.o. < 200 m² - Suikerwerkfabrieken zonder suiker branden, p.o. < 200 m² Vervaardiging van wijn, cider e.d.

B B B B B B

VERVAARDIGING VAN TEXTIEL Vervaardiging van textielwaren Vervaardiging van gebreide en gehaakte stoffen en artikelen

B B

VERVAARDIGING VAN KLEDING; BEREIDEN EN VERVEN VAN BONT Vervaardiging kleding van leer

B

- HOUTINDUSTRIE EN VERVAARDIGING ARTIKELEN VAN HOUT, RIET, KURK E.D. 1 Timmerwerkfabrieken, vervaardiging overige artikelen van hout, p.o. < 200 m2 Kurkwaren-, riet- en vlechtwerkfabrieken - UITGEVERIJEN, DRUKKERIJEN EN REPRODUKTIE VAN OPGENOMEN MEDIA Uitgeverijen (kantoren) Kleine drukkerijen en kopieerinrichtingen A Grafische afwerking B Binderijen Grafische reproduktie en zetten Overige grafische aktiviteiten Reproduktiebedrijven opgenomen media - VERVAARDIGING VAN CHEMISCHE PRODUKTEN 0 Farmaceutische produktenfabrieken: - VERVAARDIGING VAN GLAS, AARDEWERK, CEMENT-, KALK- EN GIPSPRODUKTEN Glasbewerkingsbedrijven

B B

A B A B B B A

B

Bijlage 4

Staat van Bedrijfsactiviteiten - functiemenging

nummer

CATEGORIE

OMSCHRIJVING

SBI-CODE 2008

232, 234 232, 234 237 237 2391 25 25 251, 331 255, 331 2562, 3311 259, 331 26, 28, 33 26, 28, 33 26, 28, 33 26, 32, 33 26, 32, 33 26, 32, 33 31 31 9524 321 322 32991 35 35 35 35 35 35 35 35 35 36 36 36

0 1 0 2

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/16218881/1