CConstaterende datTilburg
Koppel je AI →
Document · PDF

220308 Raadsbrief Toezicht Zorgaanbieders DEF

Raadsvergadering 10 maart 2022, gemeente TilburgBij agendapunt: Motie Vreemd aan de orde van de dag (raadsbreed): Actieplan toezicht en zorgkwaliteit!3.197 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Onderwerp Stand van zaken toezicht zorgaanbieders

Aan de leden van de gemeenteraad

Datum 8 maart 2022

Afdeling Veiligheid en Wijken / Sociaal E-mail college@tilburg.nl Postadres 5000 LH Tilburg Postbus 90155

Beste raadsleden, Op 20 januari 2022 hebben wij uw raad met een raadsbrief geïnformeerd over de zorg voor mensen met een complexe problematiek en het toezicht op die zorg. De raadsbrief is gestuurd naar aanleiding van een reeks artikelen in het Brabants Dagblad en op de website van Follow the Money. Als vervolg op de raadsbrief hebben wij op 31 januari en 1 februari tijdens informatiebijeenkomsten een nadere toelichting gegeven en uw vragen beantwoord. Tijdens een debat op 7 februari heeft uw raad aangegeven behoefte te hebben aan nadere informatie. Wij hebben toegezegd deze aan te leveren voorafgaand aan het raadsdebat op 10 maart a.s. over bovengenoemde problematiek. Wij hebben op onderstaande punten toegezegd u van nadere informatie te voorzien. Toezegging 1: De raad wordt teruggekoppeld over de uitkomsten uit de dialoogfase (over o.a. de kwaliteit van zorg) in de inkoopstrategie. In samenhang hiermee is toezegging 6: De vraagstukken met betrekking tot het personeelstekort worden in de dialoogfase rond de inkoopstrategie opgepakt. (Beide toezeggingen worden hieronder in samenhang beantwoord.) De inkoop sociaal domein doen we in de regio Hart van Brabant samen. Dat doen we voor jeugdhulp (onderverdeeld naar 5 segmenten), voor Wmo Begeleiding en Wmo Beschermd Wonen.

In de inkoopstrategie is, mede met de input van de gemeenteraden, vastgelegd met welke uitgangspunten deze inkoop gaat plaatsvinden: Huidige fase in de inkoop Hieronder ziet u de procesgang zoals die in de inkoop wordt gehanteerd. Hierbij geldt dat de aanbesteding jeugdhulp zich momenteel bevindt in de dialoogfase, voor de Wmo is nu de selectiefase aan bod.

Bezoekadres Stadhuisplein 130 5038 TC Tilburg

Een terugkoppeling van de uitkomsten van de dialoogfase is nog niet mogelijk – deze is immers net begonnen (Jeugd) of moet nog beginnen (Begeleiding en Beschermd Wonen). Wel kan de insteek voor de dialoog worden weergegeven: In de procedure van de inkoop is gekozen voor een dialooggerichte werkwijze. Daarmee zijn we letterlijk intensief in gesprek met (samenwerkingsverbanden van) zorgaanbieders. Dat zijn de organisaties die onze inwoners vanaf 2023 jeugdhulp, Wmo individuele begeleiding en beschermd wonen bieden. Doordat we deze werkwijze hanteren kunnen we in die gesprekken de gepaste ondersteuning aan kwetsbare cliënten met complexe casuïstiek inclusief de randvoorwaarden hiervoor intensief met de geselecteerde zorgaanbieders doornemen. In de selectiedocumenten zijn al eisen opgenomen ten aanzien van cliëntgerichte werkwijze van de zorgaanbieders, zeker ook bij Beschermd Wonen. Daarbij verlangen we van de zorgaanbieder dat deze voor iedere cliënt, gebaseerd op diens hulpvraag, met een passend hulpaanbod komt. Dat geldt zeker ook voor cliënten met complexe casuïstiek. We moeten ons hierbij wel realiseren dat de schaarste aan plekken voor de complexe doelgroep niet makkelijk op te lossen is en dat vaak onder hoge tijdsdruk een noodoplossing nodig is om te voorkomen dat kwetsbare mensen zonder huisvesting en zorg komen te zitten.

Velen van hen komen immers uit een situatie van dakloosheid. De plaatsing van cliënten en de diverse toewijzings- en financieringsstromen maken dit een complex veld, dat vraagt om een landelijk kader. We hebben dat aan u toegelicht in de informatiebijeenkomsten. Onze lobby voor dat landelijk kader is in volle gang. Daarnaast hebben we te maken met schaarste op de woningmarkt en complexe trajecten om het aanbod van locaties te vergroten omdat het vraagstuk van ‘niet in mijn achtertuin’ een rol kan spelen. In de selectiedocumenten hebben we ook eisen gesteld ten aanzien van beroepsregisters, samenstelling van de personeelsmix (de opleidingsniveaus) en de kwaliteitsstatuten of certificering. Daarbij zijn de landelijke standaarden het vertrekpunt. In de dialoogfase gaan we expliciet in op aspecten plaatsing, laagdrempelige melding voor cliënten en kwaliteit van personeel.

Daarbij gaan we in op de volgende vragen: ▪ Hoe komen we tot een adequate wijze van plaatsing van cliënten met complexe zorgvraag? En hoe integreren we veiligheidsaspecten bij die zorgvraag goed? Welke ketenafspraken maken we met de zorgaanbieders om plaatsing van cliënten te verbeteren en terugval te voorkomen? ▪ Hoe denkt de zorgaanbieder daarin te kunnen verbeteren en wat vraagt dat van de gemeente, de Toegang, de forensische zorg en het Zorg- en Veiligheidshuis? ▪ Waar kunnen inwoners (nabij, laagdrempelig en onafhankelijk) terecht als er ontevredenheid is / klachten zijn over de dienstverlening van de zorgaanbieder? ▪ Hoe kunnen we monitoren dat de benodigde kwaliteitseisen aan personeel ingevuld worden en op peil blijven? We willen in de overeenkomst vastleggen per (samenwerkingsverband van) zorgaanbieder(s) over hoe die monitoring plaatsvindt en hoe we vroegtijdig worden geïnformeerd als die kwaliteitseisen onder druk komen te staan, ook bij de onderaannemers. Bij de invulling van de monitoring nemen we op hoe wij als gemeente monitoren en eventuele controles invullen. We geven tevens aan wat er gebeurt met meldingen van cliënten of derden over niet-pluis gevoelens of vermoedens van zorgfraude Ook komt aan bod welke sanctionerende maatregelen mogelijk zijn als tekortkomingen worden geconstateerd. Dit bespreken we met de zorgaanbieders in de dialoogfase.

Deze maatregelen worden uiteindelijk vastgelegd in de overeenkomst.

2

De uitkomsten van deze dialoog vertalen we in de uiteindelijke overeenkomst. Daarin worden de definitieve contractvoorwaarden geformuleerd en op basis daarvan schrijven de geselecteerde zorgaanbieders in. Over de uitkomsten van de dialoogfase en de vertaling naar de overeenkomst worden de gemeenteraden dan geïnformeerd. Toezegging 2:Ten aanzien van het toezicht op zorgaanbieders wordt op B5-niveau besproken of en hoe samenwerking wellicht gezamenlijk kan worden vormgegeven. Bij de B5-collega wethouders en managers toezicht Wmo en Jeugdwet wordt geïnventariseerd of zij deel willen nemen aan over overleg om te kijken hoe de B5-steden elkaar kunnen ondersteunen waar nodig en vooral van elkaar leren. Maar ook samen optrekken in de lobby richting Den Haag voor goede kaders en liefst ook een passend budget om het toezicht goed te kunnen opzetten. Er wordt een afspraak gemaakt met de nieuwe portefeuillehouders. Dat zal naar verwachting april of mei zijn. Toezegging 3: De mogelijkheid om op korte termijn op kleinere schaal, op basis van een risico inschatting, te starten met een pilot proactief toezicht bij zorgaanbieders wordt onderzocht; Doel van proactief toezicht is om vroegtijdig zicht te krijgen op eventuele knelpunten of gebreken in de kwaliteit of veiligheid van de ondersteuning door een zorgaanbieder en de oorzaken daarvan.

De intentie is om een pilot proactief toezicht te doen met 10 light onderzoeken door toezichthouders en contractmanagers. Deze pilot heeft consequenties voor de personele bezetting. We zoeken daarbij naar de goede balans tussen personeelsinzet op proactief toezicht en het kunnen reageren op signalen. Daarom is besloten het aantal in eerste instantie tot 10 te beperken en later uit te breiden. (eerst 5 onderzoeken en later nog 5). Daarmee verwachten de toezichthouders een beter beeld te kunnen schetsen over de geboden kwaliteit en veiligheid van zorg en effectiviteit van proactief toezicht voor de toekomst. Toezegging 4: De 'functionaris van zorg / toezichthouder zorgplan' zoals door de SP genoemd, wordt verder onderzocht. Er wordt nader onderzocht of en zo ja hoe de benoeming van een dergelijke functionaris vormgegeven kan worden. Gekeken wordt naar voorbeelden in het land zoals de ‘Rotterdamse straatadvocaat’: het idee daarbij is dat ervaringsdeskundigen die de weg weten en de mores kennen van het veld veelvuldig contact hebben met cliënten en hun begeleiders. Doordat ze de wereld van de cliënt en de aanbieder kennen, vangen ze snel signalen op. Daar kunnen ze zelf met de cliënt en zorgaanbieder mee aan de slag en ze kunnen de “vertaalfunctie” zijn naar de gemeente.

Bij wijze van spreken zijn ze ’s ochtends na een incident op een locatie met cliënten en ’s middags bij een werkbijeenkomst van de gemeente over maatschappelijke opvang. Op deze manier blijven we letterlijk nabij de inwoners met die complexe hulpvraag en zoeken we actief , laagdrempelig en onafhankelijk dat contact in plaats van af te wachten tot er signalen komen. In het voorjaar wordt een concreet voorstel gedaan. Toezegging 5: De ervaren onveiligheid / angst om te spreken over de kwaliteit van zorg wordt verder en dieper onderzocht. In samenhang is toezegging 7: Er wordt contact gezocht met de betrokkenen die in de artikelen worden genoemd. Inmiddels hebben we nadere gesprekken gevoerd met de cliënten (en in één geval helaas de nabestaande van de cliënte) die genoemd zijn in de artikelen en/of gesproken hebben in de raad. Dit zijn goede maar ook ingrijpende gesprekken geweest die verdere input hebben opgeleverd voor onze aanpak. Ook de cliënten hebben aangegeven dit zo te ervaren. Een terugkerend aspect in deze individuele gesprekken is dat ook de cliënten de complexiteit van de casussen her- en erkennen. Uit de gesprekken kwam naar voren dat de cliënten een sterke mate van onveiligheid hebben gevoeld om problemen te melden. Hier ligt een opgave om de drempel te verlagen. Zie het antwoord op toezegging 1. Angst om de woning te verliezen lag altijd op de loer.

Ook het gegeven dat overlast veroorzaakt door medebewoners niet adequaat werd opgepakt door het personeel, zorgde voor het gevoel er helemaal zelf voor te staan. Het toont aan dat het langdurig plaatsen van cliënten met heel verschillende problematiek in een zelfde pand de problemen van cliënten juist kan vergroten.

3

Het idee was ook om alle cliënten verblijvend bij Acuutzorg te spreken over hun ervaringen. Echter, de actualiteit rond het faillissement van Acuutzorg (zie verderop in deze brief) bracht met zich mee dat alle cliënten geholpen moesten worden aan een nieuwe zorgaanbieder en soms ook nieuw onderdak. Hier zijn twee medewerkers van Toegang Tilburg voor vrijgemaakt om dit te organiseren. Al direct kwam van hen uit het signaal deze kwetsbare cliënten gedurende deze voor hen zeer stressvolle periode niet te benaderen over hun ervaringen met Acuutzorg in de afgelopen maanden/jaren. In plaats daarvan doen we dit als voor hen de rust is weergekeerd. Toezegging 8: De gesprekken over het toezicht worden verder verbreed met de heer Menno Fenger, hoogleraar aan de Erasmus Universiteit Rotterdam Erasmus. Op 15 februari heeft een gesprek met de heer Fenger plaatsgevonden. In het gesprek zijn diverse zaken aan bod gekomen die kunnen leiden tot een verbetering van zorg, het toezicht op de zorg en de ontwikkelingen en plannen rond de inkoop sociaal domein. Deze geven wij hier puntsgewijs weer: ▪ Een zelfverklaring door de zorgaanbieder van (streven naar) kwaliteit en rechtmatigheid die in overleg tot stand komt is een sterk middel en leidt veelal tot goede naleving. Het versterkt ieders verantwoordelijkheid en hoe hier samen invulling aan te geven.

▪ Als samenwerkende zorgaanbieders gezamenlijk de kwaliteit van zorg bepalen en elkaar daarop toetsen en sturen is een sterk middel. Past bij de zelfverklaring. ▪ Zorgaanbieders moeten dan de ondergrens bewaken en tijdig naar de gemeente signaleren als die in zicht dreigt te komen. De ondergrens is samen bepaald. Door de ondergrens zakken betekent niet direct sluiting, maar wel (samen) eraan gaan werken (voor de grens is bereikt). De mogelijkheden van stimulerende interventies/sancties/maatregelen moeten wel blijven bestaan. ▪ Toezicht (repressief) is het sluitstuk. Kwaliteitszorg, evt. aangevuld met proactief toezicht, zit meer aan de voorkant van het proces. Daarbij speelt account- of contractmanagement een belangrijke rol. Binnen de kwaliteitszorg (voorkant) heeft familie (betrokkenen) van inwoners met zorg een belangrijke rol voor signalering van gebrek aan kwaliteit of rechtmatigheid, maar zorg ook vooral dat er actief met die familie / betrokkenen contact wordt gezocht (ook zonder dat er signalen zijn). Als er écht geen netwerk is, kan inzet vanuit maatschappelijke organisaties of de Participatiewetdoelgroep een passende optie kunnen zijn. ▪ Aanbieder(s), Toegang en gemeente moeten een drie-eenheid vormen waarbinnen casuïstiek besproken kan worden. Daarbij moet voorkomen worden dat er inwoners tussen wal en schip vallen.

De complexe doelgroep moet gegarandeerd een plek kunnen krijgen. Inzet van Welzijnswerk (zorg voor continuïteit van deze instellingen, geen periodieke aanbesteding) is ook een optie. De heer Fenger gaf tot slot mee dat hij vindt dat Tilburg hard werkt om processen rondom zorg en toezicht op orde te krijgen en houden. Ze leert snel en goed en deelt veel met andere gemeenten om samen beter te worden. Toezegging 9: De mogelijkheid van noodlocaties wordt breder besproken in het college; Dit aspect wordt onderdeel van een voorstel tot een bredere programmatische aanpak van hoe om te gaan met de meest kwetsbare doelgroep. De casuïstiek zoals geschetst in de Follow the Moneyartikelen, gecombineerd met de eigen ervaringen rond individuele casussen én de doelgroep in zijn geheel, maakt duidelijk dat een doorbraak-achtige werkwijze nodig is. Hierbij gaat het om een combinatie van praktische oplossingen, wet- en regelwijzigingen, her-allocatie van middelen, nog intensievere samenwerking met netwerkpartners als bijvoorbeeld zorgverzekeraars, etc. Dit programma wordt momenteel opgesteld en zal worden meegegeven t.b.v. het coalitieakkoord. Tegelijkertijd zijn we het aanwijzen van specifieke noodlocaties en -woningen ook al aan het onderzoeken en overwegen. Echter, het risico van overlast bij buren is substantieel en moet daarin dus ook goed worden meegewogen.

4

Toezegging 10: Op de vraag van GroenLinks over Europese kwaliteitseisen wordt schriftelijk gereageerd. Het antwoord is dat er geen Europese kwaliteitseisen van toepassing zijn op de zorg van mensen met een complexe problematiek. Er gelden normale beroepskaders die in het inkoopproces worden gebruikt. Wij hebben onze visie op de zorg voor mensen met een complexe problematiek en het toezicht daarop gegeven in een interview met Binnenlands Bestuur. Dit interview geeft onder andere een goed inzicht in de rol die we in het toezicht zien voor de IGJ: https://www.binnenlandsbestuur.nl/sociaal/gemeentelijktoezicht-op-de-zorg-moet-beter Naast de aan u gedane toezeggingen informeren wij u hierbij ook over de landelijke ontwikkelingen in het toezicht op Wmo en de Jeugdwet en de stappen die wij sinds de informatiebijeenkomsten hebben gezet. Richting ‘Den Haag’. ▪ Het verzenden van een positionpaper aanpak Zorgfraude gemeente Tilburg aan de woordvoerders Wmo en Jeugdwet en de Leden van de vaste Kamercommissies voor VWS ten behoeve van het debat van de Tweede Kamercommissie VWS over zorgfraude op 3 februari 2022). Het positionpaper is afgestemd met de VNG.De VNG heeft op basis van onze positionpaper ook een gestuurd met zelfde inhoudelijke boodschap.

▪ Ter voorbereiding op het debat op 3 februari hebben de wethouders aanvullend Tweede Kamerleden gesproken van de coalitie (CDA, D66 en VVD) en oppositie (PvdA). ▪ Op verzoek van het ministerie van VWS hebben we input geleverd voor beantwoording van Tweede Kamervragen. ▪ We hebben de adviseur van minister Helder van VWS gesproken over een landelijk Aanpak zorgfraude en landelijke kaders voor handhaving en toezicht Wmo, alsmede een bijbehorend budget, met specifieke aandacht voor de volgende punten: ▪ Verbreding Wtza en Wibz1 naar jeugdhulp en Wmo, voor wat betreft de aspecten jaarverantwoording en verslaglegging/verantwoording WNT; ▪ Intensivering samenwerking zorgkantoren en gemeenten; ▪ Verbreding en toepassing WNT2 jeugdhulp en Wmo; ▪ Verbetering domeinoverstijgende gegevensuitwisseling; ▪ Op 17 februari is het gesprek gevoerd met het ministerie van VWS om de reactie van minister Helder te bespreken en vervolgstappen af te spreken. Duidelijk werd dat er gezocht wordt naar budget voor de proeftuin, aanpassingen in de Wmo pas gedaan worden als alle gemeenten hierom vragen, er verder gesprekken worden gevoerd over de toekomstscenario’s Wmo-toezicht. Tilburg wordt hiervoor uitgenodigd. ▪ Gesproken met Persoonlijke medewerkers van Tweede Kamerleden om na te gaan in welk debat dit onderwerp weer besproken wordt.

▪ Uitnodiging verstuurd namens de regio Hart van Brabant en regio Twente aan minister Helder en staatssecretaris Van Ooijen voor een werkbezoek. De uitnodiging voor Minister en Stas om contact te hebben met de regio’s gaat onder andere over de aanvraag voor proeftuin met een bezoek aan het beoogde Livinglab. Inhoudelijk spelen landelijk de volgende ontwikkelingen: ▪ Landelijke kaders ontbreken: Er is, zo zegt minister Helder, bij Beschermd Wonen al ingezet op de professionalisering van gemeentelijk toezicht. Het Wmo-toezicht ontwikkelt zich. Hart van Brabant en Twente zijn koplopers. Er is in opdracht van VWS een onderzoek uitgevoerd door Onderzoeksbureau Significant ‘Toekomstscenario’s Wmo-toezicht’ (november 2021). Als belangrijke aanbeveling kwam naar voren om een gezamenlijk fundament vast te stellen voor het Wmotoezicht. Hierdoor ontstaat een duidelijker eisen -en criteriapakket voor het Wmo-toezicht. Een 1 2

Wtza: Wet toetreding zorgaanbieders, Wibz: Wet integere bedrijfsvoering zorgaanbieders. WNT: Wet Normering Topinkomens. 5

fundament dat kan rekenen op draagvlak en ook aansluit bij de praktijk en rekening houdt met verschillende perspectieven. Tilburg heeft aan het onderzoek meegewerkt. Staatssecretaris Van Ooijen zal met VNG en Valente in overleg gaan over Beschermd Wonen. Aan het einde van het eerste kwartaal komt meer informatie. ▪ Zorgfraude speelt overal maar er zijn meer domeinen: naast Wmo en Jeugdwet zijn er de Zorgverzekeringswet (Zvw) en de Wet Langdurige Zorg (Wlz). Een domeinoverstijgende aanpak blijkt lastig. Zo geldt, zoals hierboven weergegeven de Wtza (om malafide aanbieders buiten de deur te houden) nog niet voor de Wmo en in beperkte mate voor de Jeugdwet De minister heeft geen toezegging gedaan om dit te veranderen en verwijst naar de Staatssecretaris. Daarom zijn we in gesprek met het ministerie en hebben we staatssecretaris Van Ooijen uitgenodigd voor een werkbezoek. ▪ Voorzetting proeftuinen: In overleg met VNG actie richting Tweede Kamerleden en het ministerie voorbereiden om budget te ontvangen om de proeftuin voort te kunnen zetten en landelijk input te leveren voor verbetering van het toezicht. ▪ Zoals hierboven ook aangegeven: gegevensuitwisseling is nu onvoldoende mogelijk. Er komt een wetsvoorstel eind dit jaar over domeinoverstijgende gegevensuitwisseling tussen zorgkantoren en gemeenten. In het najaar zal consultatie plaats vinden over dit conceptwetsvoorstel.

Natuurlijk gaan we tijdens de consultatie ook hierop reageren zodat Wmo en Jeugdhulp worden meegenomen

Acuutzorg Wij informeren u hierbij ook over de stand van zaken rond Acuutzorg. Op 31 januari heeft de gemeente een bericht over surseance van betaling Acuut zorg ontvangen via de curator. Op 1 februari is het faillissement uitgesproken. Op 7 februari is de brief m.b.t. de contractbeëindiging verstuurd naar Acuutzorg. Eind januari is een gemeentelijk kernteam geformeerd. Binnen het team zijn toezicht, communicatie, juridische zaken, huisvesting en contractmanagement vertegenwoordigd. De contractmanager Wmo BG treedt op als coördinator en is tevens contactpersoon voor de curator. Zorgcontinuïteit, huisvesting, communicatie naar cliënten en het voorkomen van maatschappelijke onrust zijn de belangrijkste prioriteiten. De gemeente heeft de regie genomen om de match tussen cliënt en gecontracteerde aanbieders, een warme overdracht van de 14 Tilburgse cliënten naar andere zorgaanbieders en de huisvesting op te pakken. Hiervoor zijn twee toegangsprofessionals beschikbaar gesteld. Vanaf 14 februari zijn cliëntgesprekken gevoerd. Cliënten hebben een definitieve keuze voor de andere zorgaanbieder gemaakt. Nieuwe plannen van aanpak zijn opgesteld. Overdracht naar de vijf nieuwe zorgaanbieders heeft plaatsgevonden. De huidige begeleiders van Acuutzorg zijn betrokken bij cliëntgesprekken (warme overdracht). Op 28 februari is de begeleiding vanuit Acuutzorg gestopt.

Vanaf 1 maart is de nieuwe begeleiding gestart. De betalingen van gedeclareerde begeleiding zijn per 31 januari stopgezet. Financiële afwikkeling van de declaraties worden door de curator opgepakt.

6

Een deel van de cliënten ontving niet alleen begeleiding, maar huurde ook een woning van AcuutZorg. Omdat het hier gaat om mensen met een indicatie voor ambulante begeleiding en niet voor beschermd wonen heeft de gemeente formeel geen rol in de huisvesting. Desondanks willen we voorkomen dat mensen door deze situatie op straat komen te staan. We zijn daarom met de eigenaar van de woningen in gesprek om tot een geschikte oplossing te komen.

Met vriendelijke groet, het college,

mr. A. van Berckel, MBA Gemeentesecretaris

drs. Th.L.N. Weterings Burgemeester

7

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11275303/4