05 Staat van wijzigingen bestemmingsplan Bedrijventerrein Spinder 2017 partiele herziening
Tekst van het document
Staat van wijzigingen bestemmingsplan ‘Bedrijventerrein Spinder 2017 partiele herziening’ De volgende ambtshalve wijzigingen dienen in het ontwerpbestemmingsplan te worden doorgevoerd. Ten aanzien van de verbeelding: Geen aanpassingen. Ten aanzien van de regels: Geen aanpassingen. Ten aanzien van de toelichting: • De uitgangspunten voor het bestemmingsplan benoemd in ‘hoofdstuk 3 bestemmingsplanregeling’ zijn verduidelijkt. Vermeld wordt dat het plan expliciet voorziet in het uitsluiten van nieuwvestiging en uitbreiding van mestbewerking op De Spinder. • Paragraaf 5.4 van de toelichting is aangevuld met een vermelding van het aantal binnengekomen zienswijzen en bevat een verwijzing naar de nota van zienswijzen ter beantwoording van de zienswijzen. Ten aanzien van de bijlage(n): Bij de toelichting van het bestemmingsplan zijn als nieuwe bijlagen gevoegd: • De nota van zienswijzen • Staat van wijzingen • Bestuurlijke brief GS aan college b en w juli 2022 met kenmerk C2291602/5107622 De volgende wijzigingen dienen na aanleiding van de zienswijze(n) in het ontwerpbestemmingsplan te worden doorgevoerd. Ten aanzien van de verbeelding: • Ter plaatse van perceel Vloeiveldweg 5 is de bestemming ‘bedrijf’ opgenomen. • Ter plaatse van perceel Vloeiveldweg 5 zijn de aanduidingen uit het moederplan overgenomen.
• Ter plaatse van perceel Vloeiveldweg 5 is de aanduiding ‘specifieke vorm van bedrijf – bedrijf 1’ opgenomen.
Ten aanzien van de regels: • In het plan is een regeling opgenomen waarmee de vergunde mestverwerkingsinstallatie d.d. 4 april 2018 ter plaatse van perceel Vloeiveldweg 5 bestemd wordt. • het overgangsrecht m.b.t. bouwen en gebruik is in overeenstemming gebracht met artikel 3.2.1 en 3.2.2 van het Bro. Ten aanzien van de toelichting: • de paragraaf financiële uitvoerbaarheid is aangevuld. Toegelicht wordt dat de eventuele planschade die het plan oplevert uit de gemeentelijke middelen betaald zal worden. • De toelichting in Paragraaf 5.2 ex artikel 3.1.1. Bro is gewijzigd. Beschreven wordt dat vooroverleg over de ontwikkeling heeft plaatsgevonden en dat het standpunt van de provincie Noord-Brabant voor aanvang van het plan duidelijk was. Derhalve dat geen nader formeel wettelijk vooroverleg noodzakelijk was. Ten aanzien van de bijlage(n): Geen aanpassingen.