05 Besluit Hogere waarden Bedrijventerrein Loven 2016, 2e herziening (Bosscheweg 236-240)
Tekst van het document
1 Besluit tot vaststelling Hogere waarde Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Tilburg is voornemens hogere waarden vast te stellen op grond van artikel 110a Wet geluidhinder ten behoeve van het bestemmingsplan Bedrijventerrein Loven 2016, 6e herziening (Bosscheweg 236-240). Voor de afbakening van het plangebied wordt verwezen naar de planverbeelding zoals opgenomen in bijlage 1. Met deze herziening van het vigerende bestemmingsplan worden circa 49 appartementen mogelijk gemaakt. De hogere waarden worden vastgesteld voor weg- en railverkeerslawaai. Overwegingen ten aanzien van het besluit De gemeente Tilburg is voornemens middels een herziening van het vigerende bestemmingsplan circa 49 appartementen te realiseren. Deze nieuwe geluidgevoelige bestemmingen worden gerealiseerd binnen de bestemming 'WonenGestapeld’ zoals opgenomen in bijlage 1. De planlocatie is gelegen binnen de geluidzone van de Bosscheweg, de Lovense kanaaldijk/Hoevense Kanaaldijk (oost en west van het kanaal), de Jules Verneweg en de Insulindestraat. Tevens is de planlocatie gelegen binnen het "aandachtsgebied" van de spoortrajecten Tilburg-Vught en Tilburg-Boxtel. Voor nieuwe woningen geldt een voorkeurgrenswaarde van 48 dB voor wegverkeerslawaai en 55 dB voor railverkeerslawaai.
Op basis van artikel 83 van de Wet geluidhinder zijn hogere waarden mogelijk tot maximaal 63 dB voor een binnenstedelijke situatie voor wegverkeerslawaai. Op basis van artikel 4.10 van het Besluit geluidhinder zijn hogere grenswaarden mogelijk tot maximaal 68 dB voor een spoorweg. Uit akoestisch onderzoek blijkt dat de voorkeursgrenswaarde voor wegverkeerslawaai wordt overschreden als gevolg van de Bosscheweg en de Lovense kanaaldijk/Hoevense Kanaaldijk. De maximale ontheffingswaarde van 63 dB voor een binnenstedelijke situatie wordt niet overschreden. Uit akoestisch onderzoek blijkt dat de voorkeursgrenswaarde voor railverkeerslawaai wordt overschreden als gevolg van beide spoorwegen. Tevens wordt op een groot deel van het plangebied de maximale ontheffingswaarde van 68 dB overschreden. Maatregelen aan de bron en in de overdracht om de geluidbelasting terug te brengen tot aan de wettelijke voorkeursgrenswaarde van 48 respectievelijk 55 dB zijn niet doelmatig en/of wenselijk. Op grond van het bepaalde in artikel 110a Wet geluidhinder is het college van burgemeester en wethouders bevoegd hogere waarden vast te stellen voor weg- en railverkeerslawaai. Toetsing Door Antea Group is een akoestisch onderzoek verricht naar weg- en railverkeerslawaai. Voor de uitgangspunten en rekenresultaten van het onderzoek wordt verwezen naar het akoestisch rapport Bosscheweg 240-242 d.d.
24 april 2023 (projectnummer 0473989.100, definitief revisie 01) Wegverkeer Uit de rekenresultaten van het akoestisch onderzoek blijkt dat: • de wettelijke voorkeurgrenswaarde van 48 dB enkel wordt overschreden als gevolg van de Bosscheweg en de Lovense kanaaldijk/Hoevense Kanaaldijk; • de maximale ontheffingswaarde van 63 dB voor een binnenstedelijke situatie niet wordt overschreden; • de gecumuleerde geluidbelasting exclusief aftrek conform artikel 110g Wgh voor wegverkeer maar inclusief de dosis-effectrelatie maximaal 68 dB bedraagt. Om de nieuwe appartementen akoestisch mogelijk te maken is het noodzakelijk om hogere grenswaarden vast te stellen voor de Bosscheweg en de Lovense kanaaldijk/Hoevense Kanaaldijk. Voor de vast te stellen hogere waarden wordt verwezen naar bijlage 2.
Hypotheken 4
2 Maatregelen Bosscheweg en de Lovense kanaaldijk/Hoevense Kanaaldijk Bronmaatregelen Een bronmaatregel in de vorm van een geluidreducerend wegdek stuit op overwegend bezwaar van technische aard. Binnen de akoestisch optimale maatregellengte is een met verkeerslichten geregeld kruispunt gelegen. Hier is een geluidreducerend wegdektype wegens snelle slijtage niet wenselijk. Een andere bronmaatregel in de vorm van een snelheidsverlaging of het verlagen van de verkeersintensiteit stuit op overwegende bezwaren van verkeerskundige aard vanwege met name de functie van de Bosscheweg. Overdrachtsmaatregelen Een overdrachtsmaatregel in de vorm van een geluidscherm voor een binnenstedelijke locatie stuit op overwegend bezwaar van stedenbouwkundige aard. Daarnaast is voor een scherm weinig plaats en moet het scherm voor de zijwegen onderbroken worden. Conclusie Geconcludeerd kan worden dat maatregelen aan de bron en in de overdracht om de geluidbelasting te reduceren tot aan de wettelijke voorkeurgrenswaarde van 48 dB overwegende bezwaren van verkeerskundige en stedenbouwkundige aard ontmoeten en derhalve niet doelmatig en wenselijk zijn. Cumulatie Er is sprake van cumulatie. De gecumuleerde geluidbelasting bedraagt maximaal 68 dB.
In de berekening van de gecumuleerde geluidbelasting als gevolg van weg- en railverkeerslawaai is de wettelijke aftrek volgens artikel 110g van de Wgh voor wegverkeerslawaai niet toegepast. Wel is rekening gehouden met de dosis-effectrelatie van de verschillende geluidbronnen om te kunnen toetsen aan het gemeentelijk geluidbeleid. De gecumuleerde geluidbelasting wordt acceptabel geacht omdat sprake is van een hoog binnenstedelijke omgeving, de appartementen zodanig geïsoleerd worden dat voldaan wordt aan het wettelijk binnenniveau conform het huidig Bouwbesluit en aan de appartementen zodanig bouwkundige voorzieningen worden getroffen dat alle appartementen kunnen beschikken over een geluidluwe gevel en een geluidluwe buitenruimte conform het gemeentelijk geluidbeleid. Gemeentelijk geluidbeleid d.d. april 2015 Het gemeentelijk geluidbeleid is opgenomen in het document ‘Hogere waarde beleid’ van april 2015. Uitgangspunt van het gemeentelijk geluidbeleid is dat op (hoog) geluidbelaste locaties sprake moet zijn van een "acceptabel woon- en leefklimaat". In het geluidbeleid is aangegeven wanneer het zinvol is om aanvullende eisen te stellen. Deze aanvullende eisen zijn van toepassing als de geluidbelasting op de gevel van nieuwe geluidgevoelige bestemmingen meer bedraagt dan 53 dB voor wegverkeerslawaai of meer bedraagt dan 60 dB voor railverkeerslawaai.
Reden hiervoor is dat uit onderzoek is gebleken dat pas boven deze geluidbelastingen er sprake kan zijn van substantiële hinder. Uit de rekenresultaten van het akoestisch onderzoek blijkt dat de geluidbelasting op een groot deel van de nieuwbouw meer bedraagt dan 53 dB als gevolg van wegverkeerslawaai respectievelijk 60 dB als gevolg van railverkeerslawaai. Om voor deze appartementen ondanks de hoge geluidbelasting een aanvaardbaar woon- en leefklimaat en derhalve een goede ruimtelijke ordening te borgen, worden aanvullende voorwaarden aan de nieuwe appartementen gesteld conform het gemeentelijk geluidbeleid. Dit betekent dat de appartementen moeten beschikken over een geluidluwe gevel, een geluidluwe buitenruimte en de appartementen zodanig geïsoleerd worden dat voldaan wordt aan het wettelijk binnenniveau conform het huidig Bouwbesluit. Voor de appartementen waar de geluidbelasting hoger is dan 53 dB resp. 60 dB is per appartement onderzocht of voldaan kan worden aan de voorwaarden van het gemeentelijk geluidbeleid en de Wet geluidhinder.
Hypotheken 4
3 Voor de appartementen waar de geluidbelasting hoger is dan 53 dB resp. 60 dB is per appartement onderzocht of voldaan kan worden aan de voorwaarden van het gemeentelijk geluidbeleid en de Wet geluidhinder. Uit het akoestisch onderzoek blijkt dat met het pakket voorgestelde (bouwkundige) maatregelen voldaan kan worden aan de voorwaarde van een geluidluwe gevel en een geluidluwe gevel per appartement. Daar waar er geen bouwkundige maatregelen toegepast worden maar de geluidbelasting op de gevel hoger is dan de wettelijke ontheffingswaarde van 68 dB voor railverkeerslawaai worden de gevels/geveldelen doof uitgevoerd. Om een geluidluwe gevel en een geluidluwe buitenruimte te realiseren wordt appartement A9 voorzien van een bouwkundige voorziening in de vorm van een glazen afscherming met een hoogte van 2,4 meter. De appartementen B2 en B3 worden ter hoogte van de vierde bouwlaag voorzien van een loggia die in gesloten toestand met permanente buitenluchtcondities als geluidluwe buitenruimte (met daaraan gelegen de geluidluwe gevel) fungeert, zie memo d.d. 27 juni 2023 met projectnummer 0473989.100 opgesteld door Anteagroup. De appartementen C4 t/m C13 krijgen aan de westgevel een verglaasd balkon (loggia) die als buitenruimte dient. De wens bestaat om het verglaasd balkon deels te kunnen openen.
Om aan de voorwaarden van het gemeentelijk geluidbeleid te kunnen voldoen (geluidluwe buitenruimte met daaraan gelegen de geluidluwe geveldelen) en de Wet geluidhinder (in geopende toestand van de loggia mag de geluidbelasting op de achterliggende gevel niet meer bedragen dan 68 dB) is onderzocht hoe groot de netto opening van het te openen deel maximaal mag zijn. Hiervoor wordt verwezen naar de notitie “Nieuwbouwplan Crossroads Tilburg; toetsing buitenruimte geluidbeleid” d.d. 30 mei 2023 met referentie SD/SD/ /H 89362-NO opgesteld door Peutz. In gesloten toestand van het verglaasd balkon bedraagt de geluidbelasting in de buitenruimte alsmede op de achterliggende geveldelen van de buitenruimte maximaal 55 dB en wordt voldaan aan de eis van een geluidluwe buitenruimte en geluidluwe gevel. In geopende toestand van het verglaasd balkon met de in de Peutz notitie aangegeven maximale opening bedraagt de geluidbelasting op de gevel (thermische gevel) achter het balkon maximaal 68 dB en wordt voldaan aan de Wgh. Om permanente buitenluchtcondities in het verglaasd balkon te realiseren wordt een geluidgedempt rooster toegepast. De hoekappartementen (D1/D7/D13/D19 en D6/D12/D18/D24) en de overige appartementen gelegen aan de zuidkant krijgen tevens een verglaasd balkon.
Vanwege de zeer hoge geluidbelasting op de west-, zuid- en oostgevel als gevolg van railverkeerslawaai hebben de balkons geen te openen delen. In gesloten toestand van het verglaasd balkon bedraagt de geluidbelasting in de buitenruimte als op de achterliggende geveldelen van de buitenruimte maximaal 55 dB en wordt voldaan aan de eis van een geluidluwe buitenruimte en geluidluwe gevel. Om permanente buitenluchtcondities in het verglaasd balkon te realiseren wordt een geluidgedempt rooster toegepast. De uitvoering van de bouwkundige maatregelen worden nader beoordeeld in het kader van de aanvraag om omgevingsvergunning onderdeel bouwen op basis van het definitief bouwontwerp. Hierbij zal tevens beoordeeld worden aan de hand van een gevelweringsonderzoek of de appartementen over voldoende gevelwering beschikken om aan de wettelijke eis voor het binnenniveau conform het huidig Bouwbesluit te kunnen voldoen. Procedure Het ontwerpbesluit tot vaststellen van een hogere waarde heeft overeenkomstig de bepalingen van art. 110c van de Wet geluidhinder en afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht ter inzage gelegen gedurende de periode van woensdag 27 december 2023 tot en met dinsdag 6 februari 2024. Belanghebbenden hebben gedurende deze termijn zienswijzen in kunnen dienen. Er zijn geen zienswijzen kenbaar gemaakt t.a.v. het ontwerpbesluit tot het vaststellen van een hogere waarde.
Hypotheken 4
4
Besluit Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Tilburg besluiten: 1. Ten behoeve van het bestemmingsplan Bedrijventerrein Loven 2016, 6e herziening (Bosscheweg 236-240) hogere waarden vast te stellen voor weg- en railverkeerslawaai. Voor de vastgestelde hogere waarden wordt verwezen naar bijlage 2. 2. Hieraan de volgende voorwaarden te verbinden: a. Appartementen waar de geluidbelasting op de gevel meer bedraagt dan 53 dB als gevolg van de Bosscheweg en de Lovense kanaaldijk/Hoevense Kanaaldijk respectievelijk 60 dB als gevolg van de spoortrajecten Tilburg-Vught en TilburgBoxtel, beschikken over een geluidluwe gevel en een geluidluwe buitenruimte. Aan de geluidluwe gevel ligt minimaal 1 verblijfsruimte, bijvoorkeur de hoofdslaapkamer. Definitie geluidluw: gecumuleerde geluidbelasting van maximaal 55 dB berekent conform Hoofdstuk 2 van Bijlage II van het Reken- en meetvoorschrift geluidhinder. b. Om aan de voorwaarden van lid 2 onderdeel a. te voldoen, dient appartement A9 te worden voorzien van een bouwkundige voorziening in de vorm van een glazen afscherming met een hoogte van 2,4 meter zoals aangegeven in figuur 5.2; c. Om aan de voorwaarden van lid 2 onderdeel a.
te voldoen, dienen de appartementen B2 en B3 ter hoogte van de vierde bouwlaag te worden voorzien van een loggia die in gesloten toestand met permanente buitenluchtcondities als geluidluwe buitenruimte (met daaraan gelegen de geluidluwe gevel) fungeert, d. Om aan de voorwaarden van lid 2 onderdeel a. te voldoen dienen de appartementen C4 tot en met C13, de hoekappartementen D1/D7/D13/D19 en D6/D12/D18/D24 en de overige appartementen aan de zuidgevel van een verglaasd balkon (loggia) te worden voorzien. Om permanente buitenluchtcondities in de loggia te realiseren dient een geluidgedempt rooster te worden toegepast en dienen de in het gemeentelijk geluidbeleid d.d. april 2015 gestelde uitgangspunten in acht te worden genomen. In gesloten toestand met permanente buitenluchtcondities bedraagt de geluidbelasting in de loggia als op de achterliggende geveldelen van de loggia maximaal 55 dB waarmee voldaan wordt aan de eis van een geluidluwe buitenruimte en geluidluwe gevel; e. Voor de loggia’s die geopend kunnen worden (appartementen C4 tot en met C13), worden de in de Peutz notitie “Nieuwbouwplan Crossroads Tilburg; toetsing buitenruimte geluidbeleid” (d.d. 30 mei 2023 met referentie SD/SD/ /H 8936-2-NO) gestelde uitgangspunten in acht te worden genomen voorwat betreft de maximale netto opening.
In geopende toestand van de loggia bedraagt de geluidbelasting als gevolg van railverkeerslawaai op de achterliggende gevel (thermische schil) niet meer dan 68 dB. f. Voor de gevel/geveldelen waar de geluidbelasting meer bedraagt dan de wettelijke ontheffingswaarde van 68 dB voor railverkeerslawaai mogen geen te openen delen in de gevel aanwezig te zijn en dient de gevel/geveldeel “doof” uitgevoerd te worden. Voor de definitie van een dove gevel wordt verwezen naar artikel 1b lid 5 van de Wet geluidhinder g. Bij de aanvraag om vergunning ingevolge de Wabo onderdeel bouwen wordt aan de hand van een (gevelwerings)rapport aangetoond dat aan afdeling 3.1 van het Bouwbesluit en de in lid 2 van dit besluit gestelde voorwaarden wordt voldaan.
Tilburg, 11 april 2024 Het college van burgemeester en wethouders van Tilburg, namens deze, teammanager Ruimtelijke Plannen, Jeroen Kosters
Hypotheken 4
5 Bijlage 1 Planverbeelding
Hypotheken 4
6 Bijlage 2: Vastgestelde hogere waarden (in dB) t.g.v. de Bosscheweg, de Lovense kanaaldijk/Hoevense Kanaaldijk Ringbaan Oost en de spoortrajecten Tilburg-’s-Vught en Tilburg-Boxtel
Note: De geluidbelasting op de nieuwbouw als gevolg van railverkeerslawaai bedraagt bij diverse appartementen meer dan 68 dB. Voor deze gevels/geveldelen kan geen hogere ontheffing worden verleend dan wat de Wgh maximaal toestaat, namelijk 68 dB. Dit betekent dat voor de gevel/geveldelen waar de geluidbelasting meer bedraagt dan 68 dB geen te openen delen aanwezig mogen zijn en de gevel/geveldeel “doof” uitgevoerd moet worden.
Hypotheken 4