05 B2b Tussenevaluatie Toepassing Wbmgp
Tekst van het document
TUSSENEVALUATIE TOEPASSING WBMGP
Inhoud 1
Inleiding....................................................................................................................................................................... 3
2
Noodzakelijkheid......................................................................................................................................................... 4
3
Geschiktheid ............................................................................................................................................................... 8
4
Subsidiariteit ............................................................................................................................................................. 10
5
Proportionaliteit ....................................................................................................................................................... 13
6
Ervaringen van professionals .................................................................................................................................... 14
7
Uitvoering ................................................................................................................................................................. 15
8
Conclusie ................................................................................................................................................................... 16
Bijlage 1.............................................................................................................................................................................. 17
1
Inleiding
Voor u ligt de ‘Tussenevaluatie toepassing Wbmgp’. In een deel van Groenewoud passen wij selectieve woningtoewijzing toe op grond van de Wet bijzondere maatregelen grootstedelijke problematiek. Deze tussenevaluatie betreft het gebied: het Monte Cristallo complex in de Dolomietenlaan (Groenewoud Midden), delen van de Korhoenstraat (Vogeltjesbuurt West), de Visserijbuurt (inclusief het Pater van den Elsenplein) en de Landbouwbuurt (zie bijlage 1 voor de exacte adressen). Dit gebied is aangewezen per 1 december 2021 tot 1 december 2024. De gemeenteraad heeft verzocht om een tussenevaluatie na 2 jaar. De woningen in deze gebieden maken deel uit van de wijk Groenewoud. Groenewoud is in meerdere opzichten een kwetsbare wijk. In bepaalde delen is sprake van concentratie van woonoverlast, criminaliteit en verstoring van de leefbaarheid. Door toepassing van de Wbmgp willen we de balans in de betreffende buurten herstellen. Het inzetten van selectieve woningtoewijzing maakt onderdeel uit van een bredere wijkgerichte aanpak om de veiligheid en leefbaarheid van de wijk te versterken. Leeswijzer: De tussenevaluatie is vormgegeven langs de lijnen van noodzakelijkheid (2), geschiktheid (3), subsidiariteit (4) en proportionaliteit (5). Vervolgens komen ervaringen van professionals werkzaam in de wijk aan de orde (6) en de uitvoering (7): huisvestingsvergunningen en het proces daaromheen.
Er wordt afgesloten met een conclusie (8).
3
2
Noodzakelijkheid
Om kwantitatief iets te kunnen zeggen over de noodzakelijkheid van de Wbmgp in het betreffende gebied kijken we naar sociaaleconomische indicatoren, veiligheidsindicatoren, leefbaarheidsindicatoren en politiecijfers. Hiervoor zijn dezelfde bronnen gebruikt als bij de onderbouwing van de aanvraag, namelijk de Leefbaarheidsmonitor, Wijktoets en politiedata. We hebben de meest recent beschikbare data geraadpleegd. In sommige gevallen dateren de cijfers uit 2021, dit is slechts één jaar na het toepassen van de wet in het gebied. Doordat de cijfers betrekking hebben op een korte periode is bij het trekken van conclusies en het analyseren van ontwikkelingen enige mate van voorzichtigheid noodzakelijk. Landbouwbuurt Beoordeling buurt algemeen Woonomgeving Omgang tussen bewoners Overlast van vervuiling Overlast van parkeren Betrokkenheid bewoners bij buurt Contacten bewoners uit de buurt Belang van contacten in de buurt Veilig voelen overdag Veilig voelen ’s avonds Overlast van gedrag van anderen Overlast van criminaliteit Verbetering buurt in het afgelopen jaar
Vogeltjesbuurt West
Visserijbuurt
2017 5,8 5,1 5,9 3,5 5,3 5,0
2019 5,8 4,5 5,6 4,3 5,3 5,3
2021 6,3 5,8 6,0 4,2 5,5 5,5
2017 6,9 7,0 6,8 5,7 5,4 6,2
2019 7,1 6,5 6,8 5,0 5,9 6,2
2021 7,0 6,9 6,6 5,5 5,1 6,1
2017 6,4 5,7 6,7 4,3 5,7 5,5
2019 6,9 5,5 6,5 4,6 5,3 5,7
2021 7,0 6,1 6,9 5,1 5,8 6,1
2017 6,7 6,3 6,2 5,2 6,3 5,5
2019 6,4 6,4 6,1 5,1 5,9 5,5
2021 6,6 6,2 6,5 5,5 5,7 5,5
5,8
6,0
6,3
6,1
6,2
6,1
6,5
6,1
6,5
6,2
5,7
5,8
6,9
6,5
6,8
7,1
7,0
7,2
7,3
7,4
7,3
7,5
6,9
6,8
6,9 5,7 4,1
6,6 5,4 4,9
7,7 6,3 5,1
7,6 6,7 5,7
8,0 6,9 6,2
7,9 6,8 6,4
7,4 6,0 5,8
7,8 6,3 5,5
7,5 6,4 6,1
7,2 5,8 5,2
7,2 5,9 5,5
7,3 5,8 5,6
5,5 4,2
5,6 4,3
6,1 5,2
6,7 6,1
6,9 6,1
6,5 5,3
6,2 5,4
6,1 5,1
6,6 5,8
5,9 5,2
6,2 5,2
6,2 4,9
Groenewoud Beoordeling buurt algemeen Woonomgeving Omgang tussen bewoners Overlast van vervuiling Overlast van parkeren Betrokkenheid bewoners bij buurt Contacten bewoners uit de buurt Belang van contacten in de buurt Veilig voelen overdag Veilig voelen ’s avonds Overlast van gedrag van anderen Overlast van criminaliteit Verbetering buurt in het afgelopen jaar
Groenewoud Midden
Tilburg
2017 6,7 6,2 6,6 5,1 5,8 5,7
2019 6,7 6,1 5,6 4,9 5,6 5,8
2021 6,9 6,3 6,6 5,2 5,6 5,9
2017 7,3 6,6 7,0 5,7 6,0 6,1
2019 7,4 6,6 7,0 5,6 6,0 6,1
2021 7,2 6,7 7,0 5,7 6,0 6,2
6,3
6,3
6,3
6,5
6,4
6,5
7,4
7,1
7,1
7,4
7,4
7,4
7,4 6,2 5,6
7,4 6,2 5,7
7,6 6,2 5,9
8,0 6,7 6,3
8,0 6,7 6,4
8,0 6,7 6,2
6,2 5,3
6,3 4,3
6,3 5,3
6,6 5,7
6,8 5,7
6,7 5,4
Tabel 1: Leefbaarheidsmonitor, 2021
Leefbaarheidsmonitor Bij de leefbaarheidsmonitor in tabel 1 zijn de cijfers uit de vier buurten die onder het Wbmgp-gebied vallen, van de wijk Groenewoud en van de stad Tilburg meegenomen. Voor de Landbouwbuurt (16%) en de 4
Visserijbuurt (17%) was er minder dan 20% respons. De resultaten zijn hiermee niet representatief en kunnen we daarom alleen ter indicatie worden meegenomen. De cijfers uit de leefbaarheidsmonitor laten zien dat de Landbouwbuurt overwegend de laagst scorende buurt in van het gebied is. Een stuk lager dan Tilburg gemiddeld, Groenewoud gemiddeld en de andere buurten in het Wbmgp-gebied. Wel valt op dat de beoordeling in deze buurt sinds de invoering van de Wbmgp is verbeterd en dat de ontwikkeling van de buurt door bewoners positiever wordt beoordeeld dan in voorgaande jaren. Ook in de Visserijbuurt (inclusief het Pater van den Elsenplein) zien we een positieve verandering in hoe de bewoners hun buurt op verschillende aspecten beoordelen (bijv. woonomgeving, betrokkenheid bij de buurt, overlast) en we zien dat de ontwikkeling van de buurt positiever wordt beoordeeld. In Vogeltjesbuurt West zien we weinig opvallende veranderingen in de rapportcijfers die bewoners aan hun buurt geven, terwijl het rapportcijfer over de ontwikkeling van de buurt 0,8 punten lager scoort dan in voorgaande jaren. In Groenewoud Midden wordt de ontwikkeling van de buurt met een 4,9 het minst goed beoordeeld. Het veiligheidsgevoel van bewoners ligt lager dan in de rest van de wijk en er lijkt minder contact tussen bewoners onderling te zijn.
In Groenewoud Midden valt alleen het Monte Cristallo complex onder de Wbmgp, dit betreft 13% van het aantal woningen uit deze buurt, daarom kunnen we ook hier moeilijk conclusies te trekken op basis van de beschikbare cijfers. Aangiftecijfers 2019 2020 2021 2022 Landbouwbuurt 11,89 6,42 7,37 7,58 Vogeltjesbuurt West 4,90 4,94 6,61 7,36 Visserijbuurt 12,90 15,71 11,40 6,38 Groenewoud Midden 17,74 5,45 4,24 3,63 Wbmgp-gebied 12,30 7,57 6,91 5,91 Groenewoud 9,48 6,58 7,22 6,00 Tilburg 7,31 6,92 6,17 6,35 Tabel 2: aangiften geweldsdelicten per 1000 inwoners (politiedata, 2022) 2019 2020 2021 2022 Landbouwbuurt 11,89 10,70 5,26 3,25 Vogeltjesbuurt West 8,16 13,17 6,61 4,09 Visserijbuurt 4,30 5,24 6,22 6,38 Groenewoud Midden 5,50 5,45 7,88 3,63 Wbmgp-gebied 7,21 8,41 6,70 4,22 Groenewoud 6,87 7,12 6,68 4,50 Tilburg 6,05 6,08 5,54 5,65 Tabel 3: aangiften overlast per 1000 inwoners (politiedata, 2022) 2019 2020 2021 2022 Landbouwbuurt 0,00 1,07 0,00 0,00 Vogeltjesbuurt West 0,82 0,00 1,65 1,64 Visserijbuurt 2,15 2,09 1,04 1,06 Groenewoud Midden 2,45 0,61 1,21 0,00 Wbmgp-gebied 1,48 0,84 1,05 0,63 Groenewoud 1,92 1,23 1,23 0,55 Tilburg 1,36 1,37 1,18 1,23 Tabel 4: Aangiften zware criminaliteit per 1000 inwoners (politiedata, 2022) 5
2019 2020 2021 2022 Landbouwbuurt 9,73 6,42 6,32 6,49 Vogeltjesbuurt West 8,98 11,52 4,13 9,82 Visserijbuurt 11,83 21,99 4,15 14,88 Groenewoud Midden 16,51 7,27 15,15 4,84 Wbmgp-gebied 12,30 11,15 8,38 8,44 Groenewoud 13,60 12,88 12,40 12,13 Tilburg 22,50 20,04 20,76 25,57 Tabel 5: aangiften vermogensdelicten per 1000 inwoners (politiedata, 2022)
Als we kijken naar de aangiftecijfers in het Wbmgp-gebied zien we voor alle vier de categorieën een lichte daling in het aantal aangiftes sinds de uitbreiding in 2020. De grootste daling zit bij de aangiften van geweldsdelicten. Dezelfde daling zien we in de hele wijk Groenewoud en de rest van de stad. In de Visserijbuurt valt daarnaast op dat de aangiftecijfers in de jaren 2019, 2020 en 2021 in deze buurt over het algemeen een stuk hoger lagen dan in de andere buurten. In het jaar 2022 zitten de aantallen van alle buurten dichter bij elkaar. In het aantal aangiften vermogensdelicten zit tussen de vier buurten nog een relatief groot verschil, dit kan worden verklaard door de aangiftes winkeldiefstal die hieronder vallen, alleen de Visserijbuurt heeft namelijk een winkelgebied (Pater van den Elsenplein). Over het algemeen moet bij deze cijfers opgemerkt worden dat het bij de absolute cijfers, zeker bij de zware criminaliteit, om kleine aantallen gaat. In heel Groenewoud zijn dit bijvoorbeeld minder dan tien aangiftes op jaarbasis, één aangifte minder kan een aanzienlijk relatief verschil maken en de suggestie van een dalende trend wekken. De cijfermatige onderbouwing van twee jaar Wbmgp geeft nog onvoldoende fundament om te spreken van een structurele verbetering, omdat we ook een positieve trend in de hele wijk Groenewoud en de rest van de stad zien.
Daarnaast viel de uitbreiding in een periode waarin we door Corona met diverse lockdowns te maken hadden. Dit kan een weerslag hebben op de aangiftecijfers van die jaren. Sociale indicatoren wijktoets
Inwoners Beroepsbevolking Opleidingsniveau laag (% van inwoners) Netto arbeidsparticipatie Armoedehuishoude ns % Personen in de bijstand (% van beroepsbevolking) Personen met WW (% van beroepsbevolking)
Landbouw-buurt 2019 2020 2021 925 935 950 690 720 700 46,5% 46,0% 44,2%
Vogeltjesbuurt West 2019 2020 2021 1225 1215 1210 1000 990 1000 35,1% 35,4% 32,2%
Visserijbuurt 2019 2020 2021 930 995 965 730 740 730 43,0% 40,2% 41,5%
Groenewoud Midden 2019 2020 2021 1653 1650 1650 1280 1280 1250 38,1% 38,1% 39,4%
51%
53%
55%
66%
65%
68%
61%
61%
61%
57%
55%
58%
22,7%
23,5%
21,8%
12,5%
12,5%
11,1%
12,4%
11,7%
13,4%
15,4%
16,8%
15,2%
17,4%
15,3%
17,1%
7%
7,1%
5%
8,2%
8,1%
8,2%
10,9%
10,9%
10,4%
2,9%
2,8%
1,1%
3,0%
3,0%
2,0%
1,4%
2,7%
1,4%
2,3%
3,1%
1,6%
6
Inwoners Beroepsbevolking Opleidingsniveau laag (% van inwoners) Netto arbeidsparticipatie Armoedehuishoude ns % Personen in de bijstand (% van beroepsbevolking) Personen met WW (% van beroepsbevolking)
Groenewoud 2019 2020 2021 7280 7300 7340 5690 5710 5680 36,2% 35,2% 33,7%
2019 217.259 168.590 22,8%
Tilburg 2020 219.789 170.230 22,2%
2021 221.947 172,010 21,6%
2019 17.282.163 13.034.610 21,7%
Nederland 2020 17.407.585 13.102.230 21,0%
2021 17.475.415 13.140.640 20,4%
61%
60%
62%
69%
69%
70%
69%
69%
69%
13,2%
13,3%
12,6%
8,2%
8,2%
8,0%
6,8%
6,8%
6,7%
8,4%
8,2%
8,1%
4,2%
4,2%
4,0%
3,3%
3,2%
3,1%
2,1%
2,6%
1,4%
2,0%
2,2%
1,4%
1,8%
1,8%
1,3%
Tabel 6: sociaaleconomische indicatoren (CBS, 2023)
Als we kijken naar de cijfers uit de Wijktoets die iets zeggen over de sociaaleconomische indicatoren van de wijk, zien we bij alle vier de buurten evenals het wijk gemiddelde van Groenewoud dat de cijfers vrijwel gelijk zijn gebleven tot licht verbeterd, hierbij valt het aantal personen met een WW-uitkering het meest in positieve zin op. Het gaat om kleine verschillen en om een ontwikkeling die we ook in de rest van de stad en het land zien. Het is dus voorbarig om te spreken van een structurele verbetering als gevolg van de Wbmgp of wijkgerichte interventies. Alle sociale indicatoren scoren in Groenewoud zijn nog steeds laag ten opzichte van het Tilburgs gemiddelde en het landelijke gemiddelde.
7
3
Geschiktheid
Artikel 8 Met het toepassen van artikel 8 selecteren we woningzoekenden die langer dan zes jaar in de regio wonen en niet afhankelijk zijn van een bijstands- of werkeloosheidsuitkering. Dit vanwege het relatief hoge aantal financieel kwetsbare mensen in de wijk. Uit de cijfers in tabel 6 blijkt dat het aantal personen in Groenewoud met een bijstands- of werkeloosheidsuitkering is afgenomen. Deze positieve trend zien we ook in Tilburg en in Nederland. We zien dat de netto arbeidsparticipatie zich over de gehele linie positief ontwikkelt. De Visserijbuurt vormt daarop een uitzondering, omdat we geen verandering in de netto arbeidsparticipatie zien en we zien een toename van het percentage armoedehuishoudens. In het Monte Cristallo complex (Groenewoud Midden) is ervoor gekozen om artikel 8 niet toe te passen. Dit is een klein gebied, waardoor hier geen aparte data voor beschikbaar is. We kunnen op basis van de bovenstaande sociaaleconomische indicatoren geen conclusies trekken over de veranderingen in dit complex. Artikel 9 Met het toepassen van artikel 9 verlenen we tijdelijk voorrang aan woningzoekenden die een startkwalificatie hebben (in de zin van Leerplichtwet) en/of inkomen uit werk hebben.
Uit recent onderzoek van het ministerie van BZK (themarapport ‘Leefbaarometer 2020; verdiepende analyses’) is gebleken dat verschillen in leefbaarheid samenhangen met de sociaaleconomische samenstelling van een buurt. Het onderzoek toont aan dat er sterk positieve verbanden zijn tussen leefbaarheid en de sociaaleconomische status van een buurt. Sociale ongelijkheid in leefbaarheid heeft met name een sterke samenhang met het gemiddelde opleidingsniveau in een buurt. Daarbij werkt het sterker om het gemiddelde opleidingsniveau in de buurt te laten stijgen, dan de verschillen in de buurt groter te maken. We zien in tabel 6 dat de netto arbeidsparticipatie in alle buurten en in Groenewoud licht is toegenomen. Daar bovenop is het aantal personen met een werkeloosheids- of bijstandsuitkering in de vier Wbmgpbuurten en de wijk Groenewoud licht afgenomen. Beide cijfers blijven echter nog sterk onder het stedelijk en landelijk gemiddelde. % Voortijdige schoolverlaters (schooljaar)
Midden Brabant
Tilburg
Wbmgpgebied
2019-2020
1,92%
2,16%
2,63%
2020-2021
2,10%
2,27%
4,02%
Tabel 7: % Voortijdige schoolverlaters
8
% inwoners 18-23 jaar met startkwalificatie
Tilburg
Wbmgpgebied
2020
83%
70%
2021
83%
72%
2022
83%
72%
Tabel 8: % inwoners 18-23 jaar met startkwalificatie
In tabel 7 is het percentage Voortijdig Schoolverlaters uiteengezet. De absolute aantallen op buurtniveau zijn laag, vandaar dat is gekozen het Wbmgp-gebied als geheel mee te nemen. Ten opzichte van de regio en de stad is het percentage VSV’ers in het Wbmgp-gebied hoger en is ook de relatieve stijging hoger. Als het gaat over inwoners met een startkwalificatie scoort het Wbmgp-gebied ook onder het stedelijk gemiddelde. Artikel 10 Artikel 10 passen we toe om de instroom van woningzoekenden op basis van overlastgevend en crimineel gedrag te kunnen beperken. In het gehele Wbmgp-gebied in Groenewoud passen we artikel 10 toe. Uit het recente onderzoek van het ministerie van BZK over de Leefbaarometer (themarapport ‘Leefbaarometer 2020; verdiepende analyses’) is gebleken dat het aanpakken van overlast en onveiligheid een van de succesvolste paden is om leefbaarheid in wijken en buurten te verbeteren. Uit tabel 1 blijkt dat zowel de veiligheidsbeleving overdag als ’s avonds in alle vier de buurten gelijk is gebleven of is verbeterd. De overlast van criminaliteit en gedrag van anderen is afgenomen (hogere rapportcijfers). In de aangiftecijfers zien we een afname van overlast behalve in de Visserijbuurt en een afname van geweldsdelicten behalve in de Vogeltjesbuurt West. Ook zien we een afname van aangiftecijfers van zware criminaliteit, behalve in de Vogeltjesbuurt West.
Als het gaat om vermogensdelicten zien we net als in Tilburg een stijging van de aangiftecijfers in de Visserijbuurt (winkelcentrum) en in de Vogeltjesbuurt West, terwijl we in de andere deelgebieden en Groenewoud juist een daling op dit gebied zien.
9
4
Subsidiariteit
Groenewoud is sinds 2008 een Impulswijk en sinds 2014 een Focuswijk. Dat betekent dat er al jaren extra aandacht voor het gebied is op het sociale (inclusief gezondheid), fysieke en veiligheidsdomein. Eerdere speerpunten in wijkactieplannen waren bijvoorbeeld: ieder huishouden leeft boven de armoedegrens, ieder huishouden heeft een kostwinner en jongeren doen het goed op school en halen een diploma. Omdat een sectorale/thematische aanpak op deze speerpunten onvoldoende effect sorteerde, is gestart met een aantal nieuwe werkwijzen, waaronder: 1. Systemisch werken 2. Intensieve Leefbaarheidsaanpak (ILA) 3. Gebiedsperspectief Ad 1: Systemisch werken in een stevig netwerk In Groenewoud is een klein team van professionals uit verschillende organisaties dagelijks aan de slag om stapsgewijs aansluiting en ingangen te vinden bij bewoners. De wijk wordt beschouwd als een samenhangend systeem. Door heel dicht in de buurt te werken, leren de professionals het systeem en de patronen beter kennen en begrijpen. En weten ze beter wat nu echt de aangrijpingspunten zijn om het systeem positief in beweging te brengen.
De aanpak vraagt erom dat door professionals geïnvesteerd mag worden in het in contact komen met inwoners, in het bouwen aan relaties en om van daaruit te bezien wat nodig is. Daartoe hebben we een woning in de wijk in gebruik genomen met wijkprofessionals, midden op het Pater van den Elsenplein. Dit is wezenlijk anders dan professionals die vanuit de eigen organisatie met een doel en bijbehorende acties op pad worden gestuurd. Het mes snijdt aan twee kanten: deze manier van werken loont in kwetsbare buurten waar je met een ‘reguliere’ aanpak niet goed uit de voeten kan. Tegelijkertijd voorkomt het 10
moedeloze uitvoerende professionals die van een afstand op basis van 'smart' plannen worden aangestuurd en zich in een kwetsbare wijk moeten bewegen op manieren waarvan ze ervaren dat het niet werkt. De professional krijgt meer autonomie en handelingsruimte om te doen wat passend is. Ad 2: Intensieve Leefbaarheidsaanpak (ILA) Binnen de Intensieve Leefbaarheidsaanpak (ILA) werken we middels de zoet-zuur-zout-bitter-aanpak. Binnen deze aanpak is inzet van de Wbmgp een belangrijk onderdeel van het stukje “bitter”, dit gaat namelijk over het reguleren van de instroom in de wijk. Binnen de intensieve leefbaarheidsaanpak is het van belang dat de vier smaken van de leefbaarheidsaanpak in samenhang met elkaar worden uitgevoerd. Dit betekent dat naast het reguleren van de instroom middels de Wbmgp, ook aandacht is voor de repressieve aanpak (zuur), het stimuleren van buurtinitiatieven (zoet) en het bieden van een passend zorgaanbod in de wijk (zout). Binnen deze aanpak werken verschillende partners actief samen om de leefbaarheid in de wijk te verbeteren. Begin 2023 is de ILA geëvalueerd, hierbij kwamen aandachtspunten naar voren voor de samenwerking tussen de primair betrokken partijen (gemeente, woningbouwcorporaties en politie). In de komende jaren gaan we met een onafhankelijk projectleider aan de slag en het implementeren van deze aanbevelingen.
Ad 3: Gebiedsperspectief Groenewoud Met het gebiedsperspectief (horizon 2040) willen gemeente en woningbouwcorporaties samen met bewoners en partners verder werken aan een toekomst voor bewoners en de wijk. Het gebiedsperspectief identificeert en creëert ruimtelijke kansen, dienend aan de sociaaleconomische opgaven en maatschappelijke initiatieven in de wijk. Ook brengt het bestaande ontwikkelingen bij elkaar (meer integraliteit in projecten). Alle ruimtelijke maatregelen moeten bijdragen aan: - de goede start van kinderen en jongeren - ruimte om te leven voor iedereen - optimale kansen voor iedereen - een wereld die bewoners ziet, hoort en waardeert Uit de gesprekken die we in dat kader voerden (en uit de permanente dialoog die er de afgelopen jaren op tal van manieren wordt gevoerd), kwam herhaaldelijk het signaal dat bewoners merken dat er aandacht voor de wijk is en dat zij dit positief waarderen. Ook de aanpak om kwetsbare buurten en straten in de wijk niet verder te laten afglijden qua leefbaarheid kan op instemming rekenen.
11
12
5
Proportionaliteit
De aanwijzing, en daarmee ook deze tussenevaluatie, betreft in totaal 701 woningen in 4 verschillende buurten. Hiervan zijn 109 woningen in particulier bezit. 592 woningen zijn in bezit van drie woningcorporaties: 228 woningen zijn van WonenBreburg, 216 woningen zijn van Tiwos en 148 woningen van TBV Wonen. De woningmarktregio waarop deze aanwijzing betrekking heeft, is de gemeente Tilburg. In de gemeente Tilburg stonden, ten tijde van de aanwijzing in november 2020, 29.909 sociale huurwoningen. Het aantal aangewezen sociale huurwoningen is 592. Inmiddels is het aantal sociale huurwoningen gestegen naar 30.339 per 31 december 2022. Het percentage aangewezen sociale huurwoningen betreft per 31 december 2022 daarmee 1,95% van de totale sociale huurwoningvoorraad, ten opzicht van 1,98% per november 2020. Dat betekent dat voor woningzoekenden aan wie als gevolg van de gebiedsaanwijzing geen huisvestingsvergunning kan worden verleend, voldoende passende huisvesting in de rest van de gemeente aanwezig is en deze zelfs licht is toegenomen.
13
6
Ervaringen van professionals
In het voorjaar van 2023 heeft een evaluatiegesprek met professionals van de drie woningbouwcorporaties alsmede de politie plaatsgevonden. Om het gesprek te structureren zijn de volgende vragen gesteld: • Zie jij een verandering in de wijk sinds de invoering van de Wbmgp in 2021? Zo ja, op welke manier? • Ken je het proces rondom de aanvraag/handhaving huisvestingsvergunning? Wat loopt goed, minder goed? • Gewenste verbeterpunten? • Hoor jij geluiden van bewoners over de Wbmgp? Zo ja, wat zeggen zij hierover? Samengevat kwam uit dit gesprek het volgende naar voren: • Zie jij een verandering in de wijk sinds de invoer van de Wbmgp (2021)? Zo ja, op welke manier? In het TBV bezit in de Landbouwbuurt is ongeveer 20% gemuteerd. De nieuwe huurders hebben allemaal inkomen uit werk, zijn netjes gekleed en staan stevig in hun schoenen. Ze lijken een betere invloed op de omgeving te hebben en het valt op dat veel tuinen beter worden bijhouden. In het Tiwos deel is ongeveer 16% gemuteerd. Tiwos heeft daar veel kleine eengezinswoningen tot de eerste aftoppingsgrens. De doelgroep die reageert heeft een lager inkomen om in aanmerking te kunnen komen. We merken dat er toch veel mensen met een uitkering reageren op deze woningen, terwijl wij nu sturen op meer huurders met inkomen uit werk. In de Baarshof (Visserijbuurt) is goed resultaat behaald.
De helft van de 36 woningen is gemuteerd en daardoor is het rustiger geworden. In de Vogeltjesbuurt West heeft weinig mutatie plaatsgevonden, slechts 6 van de 60/70 woningen. In het Monte Cristallo-complex is ongeveer 30% gemuteerd. De flat kampt nog steeds met een negatief imago, maar WonenBreBurg geeft wel aan dat door de komst van de nieuwe huurders de doelgroep gevarieerder is geworden. Nu zijn er bijvoorbeeld ook een aantal jonge, studerende meiden komen wonen. De leefbaarheid gaat vooruit, doordat er minder sprake van overlast en criminaliteit is. De wijkagent ziet dat de meldingsbereidheid in Groenewoud nog steeds laag is en dat familiebanden een grote rol spelen. Voor de politie blijft het moeilijk om contact te leggen in de wijk. •
Ken je het proces rondom de aanvraag/handhaving huisvestingsvergunning? Wat loopt goed, minder goed? De woningcorporaties geven aan dat kandidaat-huurders moeite hebben met het aanleveren van de noodzakelijke gegevens en de intake van een kandidaat-huurder voor een aangewezen woning duurt langer/vraagt meer inzet, dan bij een ‘normale’ verhuring. Het proces tussen de aanvraag van een huisvestingsvergunning en de daadwerkelijke verlening duurt volgens alle woningbouwcorporaties te lang. Afgesproken was dat dit twee weken zou duren, het duurt soms echter wel vijf weken. De wijkagent merkt op dat de politie altijd binnen twee weken gevraagde informatie aanlevert. Het knelpunt zit in het gemeentelijk proces. Hiervoor wordt een oplossing gezocht. Wat niet altijd goed loopt is dat het voorkomt dat iemand zich inschrijft in de BRP zonder een huisvestingsvergunning. Dat mag niet, maar komt toch voor. Voor kandidaat-huurders lijkt het alsof ze dan ‘toestemming’ van de gemeente hebben om in de woning te gaan wonen, wat dan nog niet het geval is. Dit geldt zowel voor woningen van de woningbouwcorporaties als particulier bezit. Inmiddels is het proces zo ingericht dat dat niet meer kan. Daarnaast onderzoeken we of er nog BRP-inschrijvingen zonder huisvestingsvergunning zijn en hoe we deze op gaan lossen. 14
•
Gewenste verbeterpunten? - De wettelijke termijn van de doorlooptijd van het proces tussen de aanvraag van een huisvestingsvergunning en de daadwerkelijke verlening is acht weken. De woningcorporaties willen dat dit wordt teruggebracht naar de onderling afgesproken termijn van 2 weken. - Er zouden geen kosten verbonden moeten zijn aan het opvragen van BRP-uittreksel om het woonverleden aan te tonen. Nu bedragen die kosten € 21,30 voor nieuwe huurders van de corporaties.
• Hoor jij geluiden van bewoners over de Wbmgp? Zo ja, wat zeggen zij hierover? Volgens de wijkprofessionals is het aantal bewoners dat hier wel eens iets over zegt klein. De bewoners die zich hierover uitspreken zijn vaak de nieuwe bewoners (niet de zittende) en wat ze zeggen is positief: fijn dat er naar veiligheid wordt gekeken.
7
Uitvoering
Aantal huisvestingsvergunningen Uit de periode tussen december 2020 en december 2022 zijn de volgende gegevens omtrent aantallen huisvestingsvergunningen bekend: Aantal aanvragen huisvestingsvergunning Aantal verleende huisvestingsvergunningen Aantal geweigerde huisvestingsvergunningen Aantal beëindigde aanvragen huisvestingsvergunningen Aantal buiten behandeling gestelde huisvestingsvergunningen
197 160 4 15 18
Ten aanzien van de verleende huisvestingsvergunning is op te merken dat enkele van de vergunningen zijn verleend op grond van de hardheidsclausule. Het exacte aantal is niet bekend, omdat deze in het systeem als ‘verleend’ staan. Het gaat dan bijvoorbeeld om het huisvesten van iemand met een asielstatus. Toepassing van de hardheidsclausule geeft ruimte voor uitzonderingen met oog voor de menselijke maat. Verder blijkt uit de cijfers dat dat zelden een huisvestingsvergunning wordt geweigerd. De Wbmgp heeft vooral een preventieve werking. Voor het aanvragen van een huisvestingsvergunning hebben kanditaathuurders veelal eerst overleg met de eigenaar van de woning of de woningcorporatie om te bespreken of zij in aanmerking komen voor de betreffende huurwoning. Verbeterpunten in de uitvoering De gewenste verbeterpunten zijn inmiddels opgepakt. De doorlooptijd is teruggebracht naar de afgesproken termijn van 2 weken. Met betrekking tot de kosten voor het BRP-uittreksel onderzoeken we hoe we het proces zo kunnen inrichten dat aanvragers niet met kosten worden geconfronteerd bij een aanvraag voor een huisvestingsvergunning. In de afgelopen twee jaar bleek dat er soms BRP-inschrijvingen waren zonder huisvestingsvergunning. Dat is niet toegestaan. Inmiddels is het proces zo ingericht dat dat niet meer kan.
Daarnaast onderzoeken we of er nog BRP-inschrijvingen zonder huisvestingsvergunning zijn en hoe we deze op gaan lossen.
15
8
Conclusie
In de periode tussen december 2020 en december 2022 zijn 164 huisvestingsvergunningen verleend en maar twee vergunningen geweigerd. De Wbmgp heeft vooral een preventieve werking. Als we kijken naar de ontwikkeling van de vier aangewezen gebieden, die in de afgelopen twee jaren onder de Wbmgp vielen kunnen we de volgende constateringen doen: Landbouwbuurt: Deze buurt is het kwetsbaarst in de wijk en we zien over de gehele linie een positieve ontwikkeling. Visserijbuurt: We zien een positieve ontwikkeling in de beoordeling van bewoners over hun buurt (hoewel de lemoncijfers niet representatief zijn). Dit wordt beaamd vanuit wijkprofessionals. Tegelijkertijd zien we een toename in aangiftecijfers op overlast, wat kan duiden op meer aangiftebereidheid, of meer incidenten. Daarnaast zijn er iets meer gezinnen die in armoede moeten rondkomen. Vogeltjesbuurt West: De rapportcijfers die buurtbewoners over hun buurt geven zijn stabiel, hoewel de ontwikkeling van de buurt laag wordt beoordeeld. Dit gaat gepaard met toename van aangifte op geweldsdelicten en zware criminaliteit. In deze buurt is weinig mutatie geweest in de huurwoningen. Groenewoud Midden: In deze buurt wordt de ontwikkeling van de buurt het minst goed beoordeeld. Mensen lijken minder contact te hebben en slechter veiligheidsgevoel. Het Monte Cristallo complex ligt in Groenewoud Midden.
In het complex is ongeveer 30% gemuteerd en de wijkprofessionals geven aan dat er minder overlast en criminaliteit is. We zien kleine positieve veranderingen in het Wbmgp-gebied. Het is over een periode van twee jaar voorbarig om te spreken van structurele veranderingen. Het is ook moeilijk om op basis van de beschikbare cijfers op buurtniveau te concluderen dat de inzet van de Wbmgp een positief effect heeft. De inzet van de Wbmgp maakt onderdeel uit van een veel bredere inzet op de wijkverbetering in Groenewoud. De wijk krijgt van de samenwerkende partijen veel aandacht en dat is langdurig noodzakelijk, want alle sociale indicatoren scoren in Groenewoud nog steeds laag ten opzichte van het Tilburgs gemiddelde en het landelijke gemiddelde. Wat betreft de uitvoering van de vergunningverleningen proberen we de processen binnen de gemeentelijke organisatie te versnellen. We hebben in de landelijke leerkring Wbmgp contact met andere gemeenten die ook tegen uitvoeringsknelpunten aanlopen en proberen daarin van elkaar te leren.
16
Bijlage 1 Het aangewezen gebied per 1 december 2021 tot 1 december 2024: Arendplein 41 en 42, Baarshof 1 t/m 36, Bosbouwstraat 1 t/m 19, Brasemstraat 3 t/m 45, Dolomietenlaan 43b t/m 149b, Don Sartostraat 37 t/m 49, Dr. Lovinkstraat 1 t/m 47, Dr. P van Hoekstraat 1 t/m 47, Forelstraat 6 t/m 22, Jan Truijenlaan 6 t/m 60, Korhoenstraat 1 t/m 119, Leeuwerikstraat 1 en 2, Meesstraat 1, Ooftbouwstraat 1 t/m 20, Pater van den Elsenplein 4 t/m 65b, Piet van Haarenstraat 1 t/m 51, Raffeisenstraat 1 t/m 52, Vincent van den Heuvelstraat 1 t/m 48, Visserijplein 1 t/m 20, Visserijstraat 1, Warmoesstraat 1 t/m 20.
17