CConstaterende datTilburg
Koppel je AI →
Document · PDF

05 1c - Definities

Raadsvergadering 13 december 2021, gemeente TilburgBij agendapunt: Raadsvoorstel Transitievisie Warmte844 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Bijlage 3

DEFINITIES TRANSITIEVISIE WARMTE WARMTE-UITVOERINGSPLANNEN

In warmte-uitvoeringsplannen worden definitieve keuzes gemaakt voor (gedeeltelijk) aardgasvrije warmtetechnieken, de benodigde warmtebron(nen), opslagsystemen, infrastructuur en het moment waarop het gebruik van aardgas wordt afgebouwd. Een warmte-uitvoeringsplan geeft inzicht in de gevolgen voor gebouweigenaren, zowel financieel als wat het voor het gebouw betekent. Ook worden in de warmte-uitvoeringsplannen de financiële en technische consequenties in beeld gebracht voor de gemeente Tilburg en andere partijen, zoals de netbeheerder. De plannen worden samen met bewoners en andere belanghebbenden gemaakt. We koppelen zoveel mogelijk andere opgaves en aanpakken in het plan. We werken daarmee integraal en van grof naar fijn. Pas na vaststelling van het warmte-uitvoeringsplan in de gemeenteraad start de uitvoering van het plan. Koppeling met Klimaatakkoord Landelijk wordt er gesproken over wijkuitvoeringsplannen. Dit komt doordat in het Klimaatakkoord is afgesproken dat in de transitie naar aardgasvrij verwarmen wordt gekozen voor een wijkgerichte aanpak. Dit houdt in dat gemeenten wijk voor wijk aan de slag zouden moeten gaan met de warmtetransitie en op wijk-/buurtniveau bepalen wat de beste oplossing is als gebouwen niet langer gebruik maken van aardgas.

Een wijkgerichte aanpak betekent in veel gevallen echter niet dat een hele wijk of buurt volledig en in dezelfde periode overschakelt naar dezelfde aardgasvrije warmtetechniek. Er zijn uitzonderingen. Wanneer een gebouw sterk afwijkt van de bebouwing in de rest van de buurt bijvoorbeeld, kan een gebouweigenaar kiezen voor een andere warmtetechniek. Ook kunnen voor utiliteitsgebouwen andere technieken interessant zijn dan voor woningen. In Tilburg kiezen we om te starten met (vaak al eerder ingezette) plannen om deze vervolgens uit te kunnen breiden naar andere gebouwen, buurten of wijken. Hierbij wordt bijvoorbeeld gekeken naar het realiseren van een warmtenet voor delen van een buurt of wijk of een specifieke aanpak voor een bepaald woningtype of bepaalde doelgroep. Op deze manier kunnen wij gerichter aan de slag met de warmtetransitie. Om verwarring over het begrip wijkuitvoeringsplannen verder te voorkomen, spreken we over warmte-uitvoeringsplannen. Deze warmte-uitvoeringsplannen gaan soms over een geografisch gebied (een dorp, een wijk, een buurt of een straat), maar soms ook over een specifiek woningtype of gebouw.

WOONLASTENNEUTRALITEIT

Als definitie voor woonlastenneutraliteit hanteren we dat de besparingen op de energierekening gelijk moeten zijn aan - of groter dan - de financieringslast of huurverhoging op het moment van investeren. Deze definitie sluit aan bij wat is afgesproken in het Klimaatakkoord. Van belang is te onderkennen dat toepassing van woonlastenneutraliteit in strikte zin als individuele garantie voor alle situaties tot onrechtvaardige uitkomsten en verdelingseffecten leidt. Neem als voorbeeld twee huishoudens die wonen in een vergelijkbare woning met dezelfde benodigde investering voor verduurzaming, maar met verschillende energierekeningen als gevolg van een verschil in huishoudensgrootte of (stook)gedrag. Deze twee huishoudens zullen een verschillende onrendabele top hebben omdat de een meer terugverdient door verduurzaming dan de ander. Wanneer woonlastenneutraliteit als strikt individueel criterium wordt gehanteerd dan zullen beide huishoudens een andere tegemoetkoming (bijv. subsidie) ontvangen. Dit is onrechtvaardig omdat beide huishoudens immers een dezelfde soort woning wonen en hetzelfde investeringsbedrag aan de voorkant nodig hebben. Eenzelfde onrechtvaardigheid kan ontstaan bij verschillende typen woningen. Bijvoorbeeld een appartement en een monumentale stadsvilla.

Eigenaar-bewoners van oude, grote woningen zullen meer subsidie nodig hebben vanwege een hogere onrendabele rop dan eigenaar-bewoners van kleine woningen. Terwijl verwacht kan worden dat eigenaar-bewoners van een monumentale stadsvilla over het algemeen meer financiële ruimte hebben dan eigenaar-bewoners van kleinere woningen. Een derde voorbeeld betreft identieke woningen met identieke samenstelling en gebruik, maar met een andere warmteoplossing voor aardgas. Ook dan treden verschillende investeringsscenario’s op.

1

Bij het opstellen van warmte-uitvoeringsplannen zal het effect van de plannen op de woonlasten open en transparant in beeld worden gebracht. Daarbij worden onder meer de vaste en variabele kosten voor verwarming, koken en warmtapwater meegenomen. Maar ook belastingen, belastingverminderingen, subsidies, afschrijvingen en onderhoud. Naast het effect van de plannen op woonlasten wordt ook het effect op andere aspecten inzichtelijk gemaakt, zoals CO2-uitstoot, comfortverhoging en woningwaarde. De finale en integrale beoordeling van het plan, inclusief het effect op de woonlasten, vindt plaats bij het vaststellen van het warmte-uitvoeringsplan. Daarbij kan van het uitgangspunt woonlastenneutraliteit worden afgeweken. Op lokaal niveau kunnen er namelijk redenen zijn om andere keuzes te maken. Illustratie: VvE Mozartflat De VvE Mozartflat in Tilburg-Noord met 256 appartementen wordt aardgasvrij gemaakt. Daar heeft meer dan 99% van de bewoners tijdens de Algemene Leden Vergadering mee ingestemd. Terwijl de netto maandelijkse woonlasten als gevolg van dit besluit gaan stijgen. De kosten voor de afgesloten lening om de investering te kunnen bekostigen bedragen €91 per eigenaar-bewoner per maand. Terwijl de verwachte besparing op de energierekening slechts €36 bedraagt. Een netto stijging van de woonlasten met €55 per maand.

Daarentegen zijn er voldoende voordelen die het overgrote deel van de bewoners vindt opwegen tegen de extra woonlasten. Zo wordt de betonrotproblematiek in de flat aangepakt, wordt het wooncomfort verbeterd en stijgt naar verwachting de woningwaarde. Allemaal aspecten die niet meetellen in de woonlastenberekening, maar wel belangrijk zijn bij de afweging van het besluit.

2

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10894031/1