CConstaterende datTilburg
Koppel je AI →
Document · PDF

04a Beheerplan Wegen - definitief (gecorrigeerde versie 3-10)

Raadsvergadering 3 oktober 2022, gemeente TilburgBij agendapunt: Raadsvoorstel Integraal Beheerplan Openbare Ruimte (IBOR)6.394 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Beheerplan Wegen 2023-2026 Gemeente Tilburg 10 juni 2022 - AS2-Internal

BEHEERPLAN WEGEN

Inhoudsopgave Factsheet

4

1 Inleiding

5

1.1

Aanleiding

5

1.2

Doelstelling

5

1.3

Scope

5

1.4

Leeswijzer

5

2 Kaders en beleid

6

2.1

Wet- en regelgeving

6

2.2

Gemeentelijk beleid

6

2.3

Raakvlakken andere disciplines en stakeholders

8

3 Kwantiteit en Kwaliteit

10

3.1

Kwantiteit

10

3.2

Kwaliteit

10

3.3

Prestatie-indicatoren

12

4 Beheertactiek

13

4.1

Beheerproces

13

4.2

Activiteiten IBOR

14

5 Financiën

17

5.1

Uitgangspunten

17

5.2

Exploitatiebudget

17

5.3

Investeringsbudget

17

6 Risico’s

18

7 Ontwikkelagenda (verbeteren en vernieuwen)

19

Bijlagen Geen inhoudsopgavegegevens gevonden.

Colofon 3

Datum: 10 juni 2022 - AS2-Internal

20

BEHEERPLAN WEGEN

Factsheet Apart bijlagenblad in pdf.

4

Datum: 10 juni 2022 - AS2-Internal

BEHEERPLAN WEGEN

1

Inleiding

1.1

Aanleiding

Voorliggend document betreft het beheerplan Wegen. Dit beheerplan maakt onderdeel uit van het project IBOR dat samen met de gemeente is uitgevoerd. Het overkoepelende IBOR plan daarin dient als integraal kader. In de onderliggende beheerplannen is het bestaand beleid door vertaald naar beheer op tactisch niveau. Het zet uiteen hoe het beheer van de betreffende asset bijdraagt aan de doelstellingen van de organisatie en de belangen van de stakeholders. In het Besluit, Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (hierna: BBV) is vastgelegd, dat voor het beheer van de kapitaalgoederen meerjarenprogramma’s beschikbaar moeten zijn.

1.2

Doelstelling

De doelstelling is het opstellen van een beheerplan, dat antwoord geeft op de volgende W-vragen: • • • • • • • •

Wat heeft de gemeente in beheer (omvang en type assets)? Wat is de kwaliteit ervan (actuele kwaliteit en eventueel achterstallig onderhoud)? Wat is het ambitieniveau? Welke werkzaamheden zijn nodig om te kunnen voldoen aan deze ambitie? Welk budget is daarvoor nodig de komende jaren? Hoe verhoudt het benodigd budget zich tot het beschikbaar budget? Welke risico’s zijn er? Welke potentiële verbeteringen en vernieuwingen zijn de komende periode voorzien?

1.3

Scope

Het beheerplan Wegen heeft betrekking op alle bij de gemeente Tilburg in beheer zijnde verhardingen (asfalt-, betonen elementenverhardingen alsmede halfverhardingen of onverharde paden) gelegen binnen de openbare ruimte. Tot heden was er enkel een ‘Beleidsplan Wegen’. In juni 2020 is het Beleidsplan Wegen 2021-2025 aan de Raad voorgelegd en vastgesteld. Voorliggend beheerplan komt grotendeels overeen met het technische deel van het beleidsplan (de daarin opgenomen hoofdstukken 2 t/m 6) aangevuld met een risico- en een ontwikkelparagraaf (hoofdstukken 6 en 8). Het beheerplan versie 1.0 is een groeidocument, dat de hoofdlijnen vanuit de huidige situatie weergeeft.

1.4

Leeswijzer

In hoofdstuk 2 wordt (heel) kort stil gestaan bij de relevante kaders en het relevante beleid. Deze zijn reeds besproken in het IBOR en hier wordt het verband gelegd met de relevantie daarvan. Tevens wordt aandacht geschonken aan de relevante raakvlakken met andere beheerdisciplines alsmede relevante stakeholders. Hoofdstuk 3 gaat in op het areaal. Wat is er in beheer (kwantiteit) en wat is daarvan de kwaliteit? Tevens komen hier ook de (relevante)prestatie-indicatoren aan bod. Hoofdstuk 4 gaat vervolgens in op de beheertactiek waarbij het beheerproces, maar ook de wijze van onderhoud aan bod komen in de vorm van een vijftal IBOR activiteiten. Hoofdstuk 5 gaat in op het financiële aspect. Hierbij wordt aangesloten bij de in de BBV gebruikte terminologie. Hoofdstuk 6 geeft de mogelijke risico’s weer behorende bij het beheer en onderhoud van de assets. Hoofdstuk 7 sluit af met een opsomming van potentiële verbeteringen en vernieuwingen, de zogenaamde ontwikkelagenda.

5

Datum: 10 juni 2022 - AS2-Internal

BEHEERPLAN WEGEN

2

Kaders en beleid

2.1

Wet- en regelgeving

Als wegbeheerder heeft de gemeente Tilburg de wettelijke taak om goed rentmeesterschap uit te voeren op de wegverhardingen die de gemeente in beheer heeft. Het beheer komt onder andere in de volgende wetten aan de orde.

Wegenwet Volgens de Wegenwet moet de wegbeheerder zorgen dat ‘de binnen haar gebied liggende wegen in goede staat verkeren’ en moet hij optreden als goede rentmeester. Daarbij wordt de beheerder verplicht om voorzieningen regelmatig en duurzaam te onderhouden. Tevens verplicht de Wegenwet wegbeheerders tot het bezit van een wegenlegger. Deze wegenlegger is een registratie-instrument waarin voor de openbare wegen buiten de kom wordt aangegeven wie de beheerder is en wat de omvang is van de onderhoudsverplichting.

Wegenverkeerswet De Wegenverkeerswet 1994 verwacht dat de wegbeheerder streeft naar maatregelen die de veiligheid van de weggebruiker en de functionaliteit van de wegen waarborgen. De wet doet een beroep op de publiekrechtelijke zorg van de wegbeheerder voor de veiligheid van de weggebruiker, maar schrijft geen maatregelen voor. Het gaat hierbij vooral om functioneel beheer.

Burgerlijk Wetboek en aansprakelijkheid De beheerder kan aansprakelijk worden gesteld voor schade die iemand lijdt als gevolg van gebreken aan de weg. Dit betekent dat een preventief onderhoudsbeleid, een goede klachtenregistratie, regelmatige inspecties volgens de landelijk geaccepteerde methode (CROW 147) en een goed werkend (lees actueel, betrouwbaar en compleet) beheersysteem voor wegbeheer onontbeerlijk zijn. De wettelijke aansprakelijkheid kan worden onderverdeeld in twee hoofdvormen: risicoaansprakelijkheid en schuldaansprakelijkheid. Zowel bij de risicoaansprakelijkheid als bij de schuldaansprakelijkheid kan eigen schuld van de weggebruiker de schadevergoedingsplicht van de wegbeheerder verminderen. Geconcludeerd wordt dat de bepalingen uit het nieuwe Burgerlijk Wetboek over de aansprakelijkheid van de wegbeheerder niet zijn toegespitst op specifieke gevallen. In de rechtspraak wordt nader bepaald op welke wijze de wettelijke bepalingen worden toegepast. De wegbeheerder kan de kans op claims verkleinen door een goed functionerend onderhouds-, meldingen- en inspectieproces na te leven.

Besluit bodemkwaliteit Dit besluit stelt een aantal voorwaarden aan het (her-) gebruik van wegenbouwmaterialen, deze voorwaarden kunnen tot kostenverhoging leiden bij onderhoudsmaatregelen. Een van de voorwaarden die grote invloed heeft op de kosten is de wijze van verwerking van teerhoudend asfalt. Bij het opstellen van de onderhouds- en beheerkosten is rekening gehouden met de mogelijke aanwezigheid van teerhoudend asfalt.

2.2

Gemeentelijk beleid

De gemeentelijke kaders zijn vastgelegd de Omgevingsvisie 2040 en vertaald in het bestuursakkoord en de vigerende beleidsplannen en visies. Deze worden hieronder nader toegelicht.

Duurzame stad Het beheer en onderhoud van de wegen draagt bij aan het programma Duurzame stad van het bestuursakkoord. Hierin is onder andere opgenomen dat Tilburg in 2045 klimaatneutraal wil zijn. Dit betekent dat alle energie die op het grondgebied van Tilburg wordt gebruikt, op een hernieuwbare manier wordt opgewekt en ontwikkelingen duurzaam en levenscyclusgericht worden ingericht. Ook wordt gestreefd naar een circulaire economie. Het huidige beleid is gericht op 50% minder verbruik van primaire grondstoffen (mineraal, fossiel en metalen) in 2030. De ambitie is om kennis en ervaring op te doen en in het inkoopproces sterker te sturen op het aanbieden en honoreren van duurzame alternatieven.

6

Datum: 10 juni 2022 - AS2-Internal

BEHEERPLAN WEGEN

Het beheer van de wegen draagt op de volgende manier bij aan het thema Duurzame Stad: • • •

• • • •

Koppelen van wegenonderhoud aan stedelijke ontwikkelingen en aan projecten en onderhoud van andere assets (integrale en wijkgerichte aanpak). Het hergebruiken van asfalt. De gemeente heeft het ‘Brabantsstad betonconvenant’ getekend. Om het doel van dit convenant te bereiken, is het nodig betonnen materialen die in Tilburg vrijkomen als product te hergebruiken of door recycling als grondstof weer toe te passen bij de productie van beton. Om dit te verwezenlijken werken de deelnemers gezamenlijk aan: – Stimuleren van hergebruik en hoogwaardige recycling en reductie van de CO2- emissie. – Stimuleren van duurzame innovaties voor hergebruik en recycling, gericht op kwaliteit en verlaging milieubelasting. – Optimale ketensluiting voor betonnen materialen door verbeterde samenwerking tussen alle schakels in de keten. Pilots uitvoeren (bijvoorbeeld in betonverhardingen cement te vervangen door geopolymeren, sealen van asfaltdeklagen op de hoofdstructuur, toepassen van witte steenslag bij asfaltverharding ter reductie van opwarming asfalt). Hergebruik van hoogwaardige bestratingsmateriaal (bijv. gebakken stenen, chinees graniet) in “eigen” projecten, waar nodig via de “eigen” stenenbank; Toepassing van geluidsreducerende deklagen op de hoofdstructuur; In projecten zoveel als mogelijk areaal ontstenen.

Mobiliteitsaanpak 2040 De Mobiliteitsaanpak 2040 omschrijft de mobiliteitsopgaven en -oplossingen in een breder kader dan alleen verkeerskundige aspecten. Het gaat om het benutten van kansen om van Tilburg een populaire stad te maken, waar mensen graag wonen, werken en verblijven. Vanuit de Mobiliteitsaanpak 2040 hebben de volgende punten effect op het beheer van verhardingen: • • • •

Aanleg van snelfietsroutes richting Breda, Waalwijk, Oosterhout, ’s-Hertogenbosch en Eindhoven welke (mogelijk) ander onderhoud vragen dan normale fietspaden. Creëren van meer ruimte voor voetgangers, aantrekkelijkheid van looproutes en toegankelijkheid voor mindervaliden. Focus ligt meer op het beter benutten en gebruiken van de bestaande infrastructuur met mogelijk gevolg dat onderhoud aan deze infrastructuur eerder noodzakelijk is. Het op orde houden van de bestaande infrastructuur (beheer en onderhoud) is erg belangrijk.

Actieplan Geluid 2018 Elke gemeente is verplicht om elke vijf jaar een Actieplan Geluid op te stellen. Dit plan geeft inzicht in de mate van geluidhinder voor de inwoners van Tilburg en op welke manier geluidshinder kan worden verminderd. Het beheer van de wegen draagt op de volgende manier bij aan het Actieplan Geluid: • •

Belangrijkste maatregel uit het Actieplan Geluid is het aanleggen van een stil wegdek bij vervanging of onderhoud op wijkontsluitingswegen. Door het omvormen van een aantal 50/70 km/u wegen naar 30 km/u wegen is het toepassen van geluid reducerende deklagen niet meer noodzakelijk om geluidshinder te reduceren. Het positieve effect hiervan is dat er een duurzamere en/of een deklaag met een langere levensduur kan worden toegepast.

Structuurvisie Linten Oude Stad Deze structuurvisie geeft de uitgangspunten/het toetsingskader aan die van belang zijn voor nieuwe ontwikkelingen op de “bedrijvige” linten (binnen de Oude Stad). Effect op wegbeheer (enkel voor bedrijvige linten): • 7

Rijbaan: zwart (asfalt of klinkers); Datum: 10 juni 2022 - AS2-Internal

BEHEERPLAN WEGEN

• • •

Fietspad: asfalt (rood); Voetpad/trottoir: gebakken steen bruin; Afwatering: goten met tegels die de belijning benadrukken.

Omgevingsvisie Tilburg 2040 Binnen de omgevingsvisie wordt richting gegeven aan de fysieke leefomgeving in de toekomst. De gemeente ziet het als een van haar kerntaken om de buurten en wijken leefbaar te maken en te houden. Als gemeente garanderen we een basiskwaliteit en spelen hierbij in op wat een wijk nodig heeft. Kortom, de basis op orde. Het gaat dan bijvoorbeeld om het onderhoud en beheer van de bestratingen, de riolering, de openbare verlichting en het groen. In de omgevingsvisie wordt gesproken over een stedelijk netwerk met de andere grote Brabantse steden. Om de schaalsprong naar dit stedelijk netwerk te maken, moeten we zorgen dat Tilburg aantrekkelijk, bereikbaar en concurrerend is. Goede verbindingen, zoals de fysieke verbinding wegen, met de andere steden zijn essentieel voor een sterk stedelijk netwerk. We moeten zorgen dat onze wegen berekend zijn op het afwikkelen van het verkeer nu en in de toekomst waarbij we aansluiten op de provinciale wegen en rijkswegen. Daarnaast moeten we zorgen voor voldoende en goede alternatieven zoals (snel)fietsroutes, zowel binnen de eigen stad, en als verbinden met omliggende gemeenten in de regio. Het lokale wegennet houden we op orde en we zetten in op ontbrekende schakels. De gemeente is verantwoordelijk voor verkeersveilige en toegankelijke wijken.

Dat geldt voor alle soorten van vervoer: voetgangers, fietsers en automobilisten.

2.3

Raakvlakken andere disciplines en stakeholders

In hoofdstuk 2.7 van het IBOR plan zijn de raakvlakken tussen de verschillende assets weergegeven. In deze paragraaf wordt kort ingegaan op de voornaamste raakvlakken met het asset Wegen.

Groen Het beheerbeleidsplan "groenbeheer op niveau" is medio 2016 vastgesteld. Het onderhoudsniveau voor het groen van het stadscentrum, winkelgebieden en stedelijk groengebied (stadsparken) is op ambitieniveau A gesteld en voor de overige functiegebieden op ambitieniveau C. Ook het onderhoudsniveau voor schoon is voor deze drie functiegebieden kwaliteitsniveau A. Dit geeft op dit moment een groot contrast met het onderhoudsniveau van verhardingen. Het is dus wenselijk om vanuit verhardingen meer aansluiting te krijgen bij deze hogere kwaliteitsniveaus. Dit geeft voor de burger een hogere kwaliteitsbeleving van deze functiegebieden. Dit heeft echter wel financiële consequenties waar een keus in gemaakt moet worden. Tijdens de uitgevoerde inspectie is wederom geconstateerd dat de kwaliteit van de verhardingen (voornamelijk elementenverhardingen binnen woonwijken) sterk (negatief) wordt beïnvloed door de aanwezige boom en haar wortels. Op ruim 15.000 locaties drukken de boomwortels de aanwezige verharding omhoog met als gevolg ernstige oneffenheden welke in beginsel leiden tot noodzakelijk onderhoud. Echter zonder verregaande maatregelen is dit (vaak) een tijdelijke oplossing en wordt de verharding na verloop van tijd wederom omhoog gedrukt.

Civiele kunstwerken Bijna alle civiele kunstwerken vormen een onderdeel van de wegenstructuur. Ze maken de kruising met andere wegen of met water mogelijk. De functie en aanpak rond deze kunstwerken moeten dan ook in zijn geheel aansluiten op het beleidsplan Wegen en vice versa. Bij het uitvoeren van onderhouds- en vervangingswerkzaamheden aan civiele kunstwerken wordt zoveel mogelijk aangesloten bij de kaders van het wegbeheer. Ook het moment van onderhoud aan de wegen of aan de kunstwerken dient afgestemd te worden om hinder voor de weggebruikers door meerdere afsluitingen te voorkomen. De afstemming tussen deze disciplines vindt plaats bij de programmering van het meerjarenprogramma (MJP).

Riolering Het Programma Water en Riolering (PWR) 2020-2024 laat zien dat de gemeente Tilburg verder bouwt aan een robuust en flexibel water- en rioleringssysteem. Om het water- en rioleringssysteem toekomstbestendig te kunnen inrichten, hanteert de gemeente vanaf 2020 een regenwateropgave voor vervanging en toename van het verhard 8

Datum: 10 juni 2022 - AS2-Internal

BEHEERPLAN WEGEN

oppervlak bij stedelijke ontwikkeling en projecten in de openbare ruimte. Dit is nodig om de zwaardere buien te verwerken zonder dat er schade ontstaat. De regenwateropgave verplicht tot het aanbrengen van regenwaterberging. Ook voor de projecten geïnitieerd vanuit de onderhoudsopgave wegen geldt bovenstaande eis. Per project wordt dit binnen het meerjarenprogramma integraal afgestemd en wordt onderzocht wat mogelijk is qua waterberging. Bij het plannen van onderhoudswerkzaamheden wordt rekening gehouden met eventuele werkzaamheden van andere disciplines. Hierdoor is het mogelijk dat werkzaamheden niet altijd op het gewenste moment uitgevoerd kunnen worden. Zo heeft het bijvoorbeeld geen nut nu een weg volledig te gaan herstraten als over twee jaar de riolering, die onder de weg ligt, wordt vervangen. Doordat de riolering en de wegen allebei door de gemeente worden beheerd, is het relatief eenvoudig deze plannen op elkaar af te stemmen. De afstemming tussen deze disciplines vindt plaats bij de programmering van het meerjarenprogramma (MJP).

Ondergrondse infrastructuur In de Nederlandse bodem ligt een grote hoeveelheid aan kabels en leidingen zoals water-, gas-, riool-, pers- en olieleidingen, elektriciteits-, telefoon-, centrale antenne- en glasvezelkabels. Op het moment dat gegraven wordt bij werkzaamheden krijgt men te maken met deze kabels en leidingen. Bij het plannen van onderhoudswerkzaamheden wordt rekening gehouden met eventuele werkzaamheden van derden. Hierdoor is het mogelijk dat werkzaamheden niet altijd op het gewenste moment uitgevoerd kunnen worden. Binnen de gemeente spelen ook projecten van derden die gevolgen kunnen hebben voor het uitvoeren van onderhoudswerkzaamheden. Het betreft onder andere de aanleg en vervanging van kabels en leidingen en de aanleg van een glasvezelnet. Een relatief nieuwe uitdaging hierbij is de energietransitie. Doordat we overstappen van fossiele brandstoffen op duurzame energiebronnen, dient het energienet verzwaard te worden. Bestaande energienetten dienen vervangen te worden en warmtenetten te worden aangelegd. Al deze werkzaamheden worden dan ook (waar mogelijk) integraal afgestemd met het meerjarenprogramma.

Stakeholders Iedereen die gebruik maakt van de wegen en fietspaden in Tilburg, is een stakeholder. Iedereen wil op zijn of haar plaats van bestemming komen of wil zelf bereikbaar blijven. Tijdens werkzaamheden aan de wegen dient hier rekening mee gehouden te worden. Daarnaast zijn er stakeholders die invloed uitoefenen om de kwaliteit van de wegen, fiets- en voetpaden op een bepaald niveau te hebben of te krijgen. Zij zijn partijen die bij de gemeente aan de bel (kunnen) trekken wanneer de kwaliteit ondermaats is. De belangrijkste stakeholders 1voor het asset Wegen zijn: • • • • • • •

Alarmdiensten: politie, brandweer, ambulance; Bewoners; Bedrijven; Tilburg Overleg Gehandicapten (TOG); Wijkraden; Fietsersbond; Nutsbedrijven (raakvlak ondergrondse infrastructuur).

1 In Bijlage E van het IBOR plan zijn de belangrijkste stakeholders van de beheerorganisatie benoemd. Deze zijn

tijdens een gezamenlijke sessie met alle beheerders in beeld gebracht. Deze zijn daar generiek benoemd, terwijl de specifieke stakeholders voor het beheer van een asset hier in het beheerplan zijn benoemd. 9

Datum: 10 juni 2022 - AS2-Internal

BEHEERPLAN WEGEN

3

Kwantiteit en Kwaliteit

3.1

Kwantiteit

Het areaal verhardingen kan worden opgedeeld naar diverse verhardingstypen. Dit levert de volgende opdeling van het areaal verhardingen op: Tabel 1: Areaal per verhardingstype per functiegebied (m2)

Functiegebied

Asfalt

Beton

Elementen

Half- of onverhard

Totaal

Buitengebied

310.700

7.000

62.100

115.400

495.200

Centrumgebied

10.600

500

145.400

-

156.500

Natuurgebied

140.300

100

52.400

111.600

304.400

Sociaal Cultureelgebied

7.400

5.000

49.100

300

61.800

Stedelijk groengebied

67.000

5.500

112.600

24.200

209.300

Stroomgebied

2.437.800

94.500

1.384.500

74.300

3.991.100

Werkgebied

197.900

59.100

337.000

28.500

622.500

Winkelgebied

30.200

300

132.600

200

163.300

Woongebied

448.800

11.100

5.386.700

49.100

5.895.700

3.650.700

183.100

7.662.400

403.600

11.899.800

Totaal

Circa 64% van het areaal in de gemeente Tilburg zijn elementenverhardingen en 31% is asfalt. Beton en half- en onverhard is circa 5% van het areaal. Van de 9 functiegebieden heeft het Stroomgebied verreweg het grootste aandeel asfaltverhardingen, bijna 67% van de totale omvang van asfaltverhardingen. Woongebied heeft het grootste areaal, bijna 50% van de totale oppervlakte, en bestaan voornamelijk uit elementenverhardingen. De winkel- en centrumgebieden bestaan bijna geheel (87%) uit elementenverhardingen (vaak ook met hoogwaardigere bestratingsmaterialen) .

3.2

Kwaliteit

Eind 2020 / begin 2021 zijn de verhardingen geïnspecteerd conform de landelijke richtlijn van CROW-publicatie 146b – Globale visuele inspectie. Op basis van deze (tweejaarlijkse) inspectie wordt inzicht verkregen in enerzijds de huidige kwaliteit van de verhardingen (overeenkomstig de beeldkwaliteitsniveaus in CROW-publicatie 380)2 en anderzijds geeft het een indicatie van de noodzakelijke onderhoudsactiviteiten voor de komende 5 jaar die elke 2 jaar wordt herijkt op basis van een nieuwe inspectie. Het huidige minimale ambitieniveau is vastgesteld op niveau ‘C’. Tabel 2: Kwaliteit per verhardingstype

Kwaliteitsniveau

A+

A

B

C

D

Asfalt

71%

19%

5%

1%

4%

Beton

94%

6%

0%

0%

0%

Elementenverharding

46%

30%

11%

1%

12%

Totaal

55%

26%

9%

1%

9%

Verhardingstype

3

2 Deze bevindingen zijn vastgelegd in de notie “Review weginspectie 2020/2021”. 3 Half- en onverharde paden zijn niet opgenomen in bovenstaande tabel . Hierop vindt geen geprogrammeerd

onderhoud plaats, dit loopt via de GOC-contracten 10

Datum: 10 juni 2022 - AS2-Internal

BEHEERPLAN WEGEN

Opvallend is het hoge percentage met kwaliteitsbeoordeling ‘D’ bij elementenverhardingen (12%, circa 1,4 mln m2). Het percentage van het oppervlak met waardering D (‘zeer slecht’) betreft wegen waar onderhoud al eerder uitgevoerd had moeten worden. De richtlijn is met meer dan twee klassen overschreden en dit wordt beoordeeld als achterstallig onderhoud. Ten aanzien van de veiligheid is het verder uitstellen van dit onderhoud niet acceptabel. Inmiddels is al ruim 260.000 m2 van het areaal D-niveau aangepakt. Ruim 400.000 m2 is de komende jaren opgenomen voor groot onderhoud in het MeerJarenProgramma (MJP). Voor zowel asfalt- als betonverhardingen is de kwaliteit hoog. Voor asfaltverhardingen geldt dat 96% minimaal kwaliteitsniveau C of hoger scoort, betonverhardingen scoort 100% minimaal een kwaliteitsniveau A. Het aandeel betonverhardingen is echter zeer beperkt waardoor deze hoge score een minimaal effect heeft op het totale kwaliteitsbeeld van de verhardingen. Elementenverhardingen blijven hierbij achter met 88% met een minimaal kwaliteitsniveau C. Er zijn tussen de functiegebieden echter grote verschillen in kwaliteit. Tabel 3: Kwaliteit per functiegebied

Kwaliteitsniveau

A+

A

B

C

D

Functiegebied

Omvang totale areaal

Buitengebied

4%

59%

20%

14%

2%

5%

Centrumgebied

1%

58%

26%

8%

1%

7%

Natuurgebied

3%

55%

19%

9%

0%

17%

Sociaal Cultureelgebied

1%

75%

13%

3%

1%

8%

Stedelijk groengebied

2%

51%

21%

1%

2%

25%

Stroomgebied

34%

66%

22%

6%

1%

5%

Werkgebied

5%

61%

22%

5%

1%

11%

Winkelgebied

1%

77%

16%

4%

1%

2%

Woongebied

50%

47%

30%

10%

1%

12%

Bij kwaliteitsniveau ‘D’ vallen een aantal functiegebieden op, zoals natuurgebieden, stedelijke groengebieden, werkgebieden en woongebieden. Bij de eerste drie genoemde gebieden betreft het een relatief beperkt areaal ten opzichte van het totale areaal. Hierdoor wegen die ‘paar’ slechte locaties zwaar door in het totale oordeel van het functiegebied. Dit geldt niet voor de woongebieden (50% van het totale beheerareaal), maar daar zien we dat de aanwezige schade zich manifesteert in de voetpaden en parkeervoorzieningen en worden veelal veroorzaakt door boomwortelopdruk (zie ook paragraaf 2.3). De conclusie is dat vooral de kwaliteit van de werk- en woongebieden verbeterd moet worden. Dit is al ingezet, want de kwaliteit van deze gebieden is al toegenomen. Als er op het type verhardingen wordt gefocust, dan valt het vooral op dat de elementverhardingen een slechte staat vertonen. Een aanzienlijk percentage van deze verhardingen heeft een beoordeling D (zeer slecht) gekregen wat een resultaat is van het aanwezige achterstallig onderhoud. Ook in de groen- en natuurgebieden blijft de kwaliteit van de verhardingen achter als gevolg van een groot aandeel “D”. Wanneer deze achterstand kan worden weggewerkt, zullen beide gebieden een zeer hoge kwaliteit hebben.

Daarbij dienen we wel aandacht te hebben voor de juiste afweging tussen het gebruik van de verharding en het gekozen materiaal, maar ook de inpassing in het groen. Zeker in deze groene gebieden kan het aanwezige groen groot effect hebben op de kwaliteit van de verhardingen en de omvang van het onderhoud.

11

Datum: 10 juni 2022 - AS2-Internal

BEHEERPLAN WEGEN

3.3

Prestatie-indicatoren

Het basis beeldkwaliteitsniveau dat in de gemeente Tilburg wordt aangehouden voor de wegen is niveau “C”. Als indicatoren of we als beheerder wegen datgene doen wat we moeten doen om onze prestatie te kunnen halen, hanteren we de volgende indicatoren: • • • • •

12

Aandeel areaal dat voldoet aan gestelde kwaliteitsniveau; Voortgang aanpak areaal met kwaliteitsniveau D (wegwerken aanwezige achterstand); Aantal ontvangen meldingen betreffende verhardingen, uitgesplitst naar terechte en onterechte meldingen; Zijn de geplande inspecties (inclusief monitoring) en onderzoeken uitgevoerd; Aantal innovatieve toepassingen / pilots.

Datum: 10 juni 2022 - AS2-Internal

BEHEERPLAN WEGEN

4

Beheertactiek

4.1

Beheerproces

Huidige proces Het onderhoud aan verhardingen wordt volgens een bepaalde cyclus uitgevoerd. De verharding wordt aangelegd, vervolgens is er in de eerste jaren alleen sprake van klein onderhoud. Een losse tegel, een plaatselijke oneffenheid, een kleine reparatie etc. Afhankelijk van de gewenste levensduur wordt er een aantal keren klein onderhoud uitgevoerd, totdat de verharding een dusdanige schade heeft dat er groot onderhoud uitgevoerd moet worden. Na het uitvoeren van enkele malen groot onderhoud is er sprake van een dergelijke achteruitgang, dat er sprake is van totale vervanging van de wegconstructie en wegprofiel.

Figuur 1: Onderhoudscyclus

Voor het opstellen van de onderhoudsplanning voor wegen doorloopt de wegbeheerder jaarlijks de stappen in de beheercyclus. De stappen die doorlopen worden, zijn nader uitgewerkt onder de activiteiten “Areaal op orde” en “Onderzoek”. Met deze werkwijze wordt er onderhoud gepleegd op basis van de uitkomsten uit de weginspectie en de maatregeltoets. De afweging en prioritering wordt met name gemaakt op basis van de technische noodzaak en integrale afstemming met andere werkzaamheden en projecten. De bedrijfswaardematrix (zie Integraal Beheerplan Openbare Ruimte) biedt handvatten om projecten te prioriteren binnen een planjaar.

Onderhoudsstrategie Om tijdig in te kunnen grijpen en het onderhoudsbudget nog effectiever in te zetten, is een onderhoudsstrategie ontwikkeld op basis van functioneel beheer. Dit houdt in dat er voor het bepalen van de onderhoudsmaatregel gekeken is naar de functie en het gebruik van de verharding. Op basis van deze indeling wordt er, binnen de gestelde kaders, kwaliteit en aanvaardbare risico’s, een passende onderhoudsmaatregel bepaald. Dit wil zeggen dat er op een weg die weinig gebruikt wordt (lagere orde wegen), een schade anders en/of later hersteld wordt dan bij een hoofdweg of een fietspad. Dit geldt vooral voor gebreken aan de verharding die ervoor zorgen dat er sprake is van verminderd aanzien van Figuur 2: Beheercyclus de weg of verminderd comfort voor de weggebruiker. Indien er 13

Datum: 10 juni 2022 - AS2-Internal

BEHEERPLAN WEGEN

sprake is van een onveilige situatie, wordt altijd direct ingegrepen. Met het functioneel beheer wordt ingezet op het creëren van veilige en beschikbare verbindingen. De onderhoudsstrategie is gericht op het zo lang mogelijk in stand houden van de verhardingen met tijdig en levensduur verlengend onderhoud. Het tijdig uitvoeren van (planmatig) onderhoud voorkomt achteruitgang en zwaardere maatregelen op een later tijdstip. Het bepalen van de onderhoudsstrategie begint met het indelen van de wegtypen(functie) op basis van het werkelijk gebruik, waarna de onderhoudsmaatregelen en onderhoudsfrequentie worden bepaald. De onderhoudsmaatregelen zijn gebaseerd op technisch uitvoerbare maatregelen passend bij de werkwijze van Tilburg. Op basis van wegtype (functie en gebruik), verhardingstype, verhardingssoort en de ligging binnen of buiten de kom zijn onderhoudsmaatregelen en onderhoudsfrequenties bepaald. Naast het prioriteren van wegen op basis van de ligging (binnen of buiten de kom) en gebruik (wegtypen) wordt er ook onderscheid gemaakt in functiegebieden (centrum, stroomgebied, industrieterrein) met een hoger of lager risico waaraan andere kwaliteitseisen aan gesteld kunnen worden. In de onderhoudsstrategie zijn, per wegtype en verhardingssoort, scenario’s met onderhoudsmaatregelen en onderhoudsfrequentie geformuleerd.

De onderhoudsmaatregel en de frequentie vormen de basis voor de eenheidsprijzen voor het onderhoud. Tijdens de levensduur van een weg (onderhoudscyclus) wordt diverse keren service, regulier en groot onderhoud uitgevoerd om de kwaliteit (onderhoudstoestand) van de weg te verbeteren. Na verloop van tijd is het uitvoeren van onderhoud niet meer mogelijk en dienen de verhardingen vervangen te worden. De gehele wegconstructie wordt dan vernieuwd (gerehabiliteerd). Dit onderhoud is nader omschreven onder de activiteiten “Onderhoudsprogramma” en “Investeringen”.

4.2

Activiteiten IBOR

Binnen IBOR staan we voor de uitdaging om met de beschikbare middelen minimaal te voldoen aan de wettelijke bepalingen en bovendien overeenkomstig de beleidskaders bij te dragen aan bestuurlijke ambities. Voor een optimale balans tussen prestaties, risico’s en kosten stellen we maatregelen op voor de wegen en voeren we onderhoud uit. Dit doen we aan de hand van een aantal activiteiten.

Areaal op orde Om te kunnen bijdragen aan de bestuurlijke doelen is het van belang om actuele, betrouwbare en complete gegevens van de wegen te hebben. Hiervoor is het beheerareaal zowel administratief als geometrisch opgenomen in het beheersysteem (Obsurv), dat we continu bijhouden. Revisiegegevens en areaaluitbreidingen voeren we continu door. Het beheersysteem4 geeft ons inzicht in de kwaliteit en kwantiteit van het te beheren areaal, maar ook in de uit te voeren onderhoudsmaatregelen op basis van de uitgevoerde onderzoeken.

Onderzoek & Inspectie Via een tweejaarlijkse weginspectie volgens CROW 146b brengen we de toestand van de wegen in kaart. De resultaten daarvan nemen we op in het beheersysteem en zijn de basis voor de bepaling van de benodigde onderhoudsmaatregelen en bijbehorende kosten in het gewenste planjaar. Het bepalen van de benodigde onderhoudsmaatregelen gebeurt met het beheersysteem en geeft een Basisplanning. De voorgestelde maatregelen uit deze planning beoordelen we middels de zogenaamde maatregeltoets op zwaarte (juiste maatregel), omvang (op welk deel van de verharding dient de maatregel uitgevoerd te worden) en onderhoudsjaar (rekening houdend met eventuele andere projecten). Daarnaast vergelijken we de locaties met een lage kwaliteit met de uitkomsten van de beeldschouw en klachten en meldingen. De resultaten van de maatregeltoets worden verwerkt in de Basisplanning waarbij we ook afstemmen met andere projecten en zoeken naar mogelijke integratie van projecten. Ook deze planning is opgenomen in het beheersysteem.

4 Het beheersysteem is voor 95% actueel. Sinds eind maart 2022 zijn de functiegebieden als kenmerk opgenomen

waardoor het voor de beheerder mogelijk is om gebiedsgerichte informatie uit het beheersysteem te verkrijgen. 14

Datum: 10 juni 2022 - AS2-Internal

BEHEERPLAN WEGEN

Voor we overgaan tot onderhoud komt het voor dat we eerst nader onderzoek of metingen uitvoeren als onderbouwing van de noodzaak tot het treffen van de maatregel of ten behoeve van de werkvoorbereiding. Het uitvoeren van een valgewichtdeflectiemeting waarbij we de draagkracht van de weg meten en de restlevensduur in beeld brengen of het uitvoeren van bodemonderzoeken zijn hier voorbeelden van. Beide onderzoeken worden ingegeven vanuit een project. Naast deze project gestuurde onderzoeken, wordt ook onderzoek gedaan vanuit calamiteiten. Het uitvoeren van stroefheidsmetingen is zo’n onderzoek dat wordt uitgevoerd indien er bijvoorbeeld een ongeval heeft plaatsgevonden.

Onderhoud ten laste van exploitatie In het onderhoudsprogramma nemen we alle activiteiten op om de openbare ruimte schoon, heel, veilig en functioneel te houden en het gewenste ambitieniveau na te streven. Met het uitvoeren van maatregelen verlagen we de kans van optreden van een mogelijk risico. Deze activiteiten zijn opgenomen in zowel het service onderhoud als het regulier onderhoud, die ten laste komen van het exploitatiebudget.

Service onderhoud Het betreft hier incidenteel onderhoud, reparaties en herstel op basis van meldingen. Veelal bedoeld om direct gebreken en gevaarlijke situaties op te heffen (reactieve onderhoudswerkzaamheden). Het doel van service onderhoud is het terugbrengen van het object in een aanvaardbare conditie. De dekking voor het service onderhoud is afkomstig uit het exploitatiebudget en geprogrammeerde budgetten maken geen onderdeel uit van het MeerJarenProgramma. Ongeacht de onderhoudstoestand van het wegennet in een gemeente is het uitvoeren van service onderhoud altijd noodzakelijk. Het uitvoeren van klein onderhoud is met name gericht op het veilig houden van de verhardingen en minder op het verbeteren van de kwaliteit. Hierbij worden veelal plaatselijke schades opgelost. Kleine onderhoudswerkzaamheden komen voort uit de resultaten van de uitgevoerde visuele inspecties, constateringen van gemeentelijke toezichthouders en meldingen van burgers en bedrijven bij het gemeentelijk meldpunt. Voor het uitvoeren van service onderhoud aan asfaltverhardingen heeft de gemeente Tilburg een raamcontract afgesloten met een marktpartij. Deze aannemer verzorgt jaarlijks de inspectie van de (asfalt) hoofdwegen om eventueel noodzakelijk klein onderhoud in beeld te krijgen en op te pakken.

Het uitvoeren van service onderhoud aan de elementverhardingen is ondergebracht binnen de 5 gebiedsgerichte onderhoudscontracten. Alle meldingen die betrekking hebben op deze elementverhardingen worden door de betreffende aannemers opgepakt.

Regulier onderhoud Onderhoud- en herstelwerkzaamheden op basis van inspecties en beeldkwaliteit (preventief in plaats van reactief). Hieronder valt o.a. maaiwerkzaamheden, reiniging (kolken), snoeien, inzameling afval, reparaties aan asfalt, rioolreparaties, incidenteel vervangen beplanting of (delen van) straatmeubilair. Deze werkzaamheden hebben veelal een planmatig karakter. Het doel van regulier onderhoud is het in een aanvaardbare conditie houden van het betreffende object. De dekking voor het regulier onderhoud is afkomstig uit het exploitatiebudget en geprogrammeerde budgetten maken in principe geen onderdeel uit van het MeerJarenProgramma. Het vervangen van deklagen van de hoofdinfrastructuur is wel opgenomen in het MeerJarenProgramma. Met behulp van het uitvoeren van dagelijks onderhoud wordt vooral het aanzicht van de verhardingen verbeterd. Hieronder valt bijvoorbeeld het schoon en onkruidvrij houden van de verhardingen (ondergebracht bij de discipline ‘Schoon’ en valt buiten de scope van het beheerplan ‘Wegen’). Bij het uitvoeren van regulier onderhoud wordt de technische kwaliteit van de verhardingen niet verbeterd. Regulier onderhoud wordt veelal meerdere keren per jaar uitgevoerd, bijvoorbeeld het vier keer per jaar borstelen van de verhardingen. Hiervoor heeft de gemeente vijf gebiedsgerichte onderhoudscontracten (GOC) afgesloten met marktpartijen.

Wanneer meldingen betrekking hebben op een grotere oppervlakte van de verharding (> 50m 2), dan vallen deze buiten de scope van de GOC-aannemers en worden deze meldingen opgepakt binnen het raamcontract ‘Kleine Civiele Werken’ welke met een andere aannemer is afgesloten.

15

Datum: 10 juni 2022 - AS2-Internal

BEHEERPLAN WEGEN

Onderhoud ten laste van investeringen Naast het onderhouden van de assets voeren we ook vervangingen, herinrichtingen of reconstructies uit in de openbare ruimte. Investeringen vinden vaak plaats omdat de levensduur van de betreffende asset is verstreken of als de functie van de bestaande asset niet meer voldoet aan de gestelde eisen van deze tijd of omdat er vanuit een andere invalshoek een herinrichting nodig is. Deze activiteiten zijn opgenomen in zowel het groot onderhoud als de vernieuwingen welke ten laste komen van het investeringsbudget.

Groot onderhoud Omvangrijke maatregelen, zoals herstratingen en grootschalig asfaltwerk, rehabilitaties of herstelwerkzaamheden aan kunstwerken, vervanging groenvoorzieningen, rioolrenovaties etc. Allen gericht op het herstellen c.q. vervangen van een deel van de bestaande openbare ruimte, zonder dat daarbij noemenswaardige functiewijzigingen van de betreffende objecten aan de orde zijn. Het doel van groot onderhoud is het terugbrengen van het betreffende object in zijn bestaande functie. De dekking voor het groot onderhoud is afkomstig uit het investeringsbudget en geprogrammeerde budgetten maken onderdeel uit van het MeerJarenProgramma. Het uitvoeren van groot onderhoud is erop gericht om de aanwezige verhardingen weer op een goed niveau te brengen. Het uit te voeren onderhoud kan variëren tussen het (gedeeltelijk) herstraten van een elementenverharding tot het vervangen van de asfaltverharding. Dit onderhoud wordt in concurrentie op de markt gezet.

Vernieuwing Het realiseren van nieuwe inrichting van de openbare ruimte (met vergaande wijzigingen van functies, profielen en materialen). Aanleg fietsstraten, blauwe aders (riolering), herstructureringen etc. De dekking voor de vernieuwingen is afkomstig uit het exploitatiebudget en geprogrammeerde budgetten maken onderdeel uit van het MeerJarenProgramma. Bij een vernieuwing wordt de gehele verhardingsconstructie (inclusief de fundering) vervangen. Hierbij wordt dezelfde constructie met eenzelfde dwarsprofiel terug aangelegd (rehabilitatie). Indien er sprake is van een aanpassing in het dwarsprofiel, bijvoorbeeld door verkeerskundige aanpassingen, is er sprake van een reconstructie en vallen de werkzaamheden niet meer onder het beheer en onderhoud van de wegen, maar is dit een project vanuit beleid. Het is wel mogelijk dat er vanuit Wegen een bijdrage komt wanneer dit onderhoud aan de verharding noodzakelijk is. Dit onderhoud wordt in concurrentie op de markt gezet.

Innovatie / Pilots We beheren de openbare ruimte op een slimme manier en spelen daarbij in op toekomstige trends en ontwikkelingen. Door het uitvoeren van pilots verkleinen we de risico’s bij een nieuwe toepassing en krijgen we inzicht in deze nieuwe producten en/of methodieken. Dat maakt de kans op succes bij een toepassing op grotere schaal groter.

16

Datum: 10 juni 2022 - AS2-Internal

BEHEERPLAN WEGEN

5

Financiën

5.1

Uitgangspunten

De dekking van het service onderhoud komt vanuit het exploitatiebudget. Vervanging van deklagen en asfaltreparaties in het MJP komen ook ten laste van het exploitatiebudget. De dekking van groot onderhoud en vernieuwing komt vanuit het investeringsbudget. Vanaf 2023 vindt er een omzetting plaats van € 1,2 miljoen aan investeringsbudget naar exploitatiebudget. Dit in verband met de benodigde vervanging van asfalt deklagen op de hoofdstructuur vanaf 2023, conform BBVregelgeving moet vervanging van deklagen uit de exploitatiebudgetten plaatsvinden. In de volgende paragrafen is de onderhoudsbehoefte voor de jaren 2023-2026 in beeld gebracht. Over de genoemde bedragen komt een jaarlijkse indexering van 1,2%. Verder stijgen de onderhoudsbudgetten op basis van de nominale groei op basis van het aantal gebouwde woningen in Tilburg. In onderstaande tabellen is deze groei niet meegenomen.

5.2

Exploitatiebudget5

Tabel 4. Kosten voor exploitatie van de wegen

Omschrijving Areaal op orde (informatiebeheer)7 Onderzoek Service onderhoud8 Regulier onderhoud / MJP Rente, afschrijving en energie9 Benodigd Financiële opgaaf Aanpak wortelopdruk (IBOR)

5.3

€

2023 13.000

€

2024 13.000

€

2025 13.000

€

20266 13.000

€ 112.000 € 1.909.000 € 3.223.000 € 5.649.000 € 10.906.000

€ 113.000 € 2.079.000 € 2.938.000 € 5.956.000 € 11.099.000

€ 113.000 € 1.990.000 € 3.059.000 € 6.244.000 € 11.419.000

€ 113.000 € 1.990.000 € 3.059.000 € 6.244.000 € 11.419.000

€

€

€

€

700.000

700.000

700.000

700.000

Investeringsbudget

Tabel 5. Kosten voor investeringen

Omschrijving Investeringen10 Groot onderhoud Vernieuwingen Pilots Benodigd Financiële opgaaf Aanpak wortelopdruk (IBOR)11

2023 € 13.090.000

2024 € 8.860.000

2025 € 9.555.000

20266 € 9.555.000

€ 13.090.000

€ 8.860.000

€ 9.555.000

€ 9.555.000

€

€

€

€

800.000

800.000

800.000

800.000

5 Inclusief budget voor bluswatervoorzieningen (€ 80.000) en belijningen (€ 110.000) welke toegeschreven moet

worden aan het exploitatiebudget van Wegmeubilair. 6 Gebaseerd op het budget van 2025. 7 Betreft indirecte kosten. 8 Inclusief schadeloosstellingen à € 106.000,- (indirecte kosten). 9 Betreft vaste lasten. 10 In de huidige begroting wordt geen onderscheid gemaakt naar het type investering. 11 Betreft een jaarlijkse investering voor een periode van 10 jaar (2023-2032). 17

Datum: 10 juni 2022 - AS2-Internal

BEHEERPLAN WEGEN

6

Risico’s

Voor het beheer van de wegen worden de volgende risico’s voorzien (zie tabel 6). Tabel 6. Risico’s met beheersmaatregelen m.b.t. Wegen

Risico Energietransitie en de daarmee gepaard gaande ondergrondse aanpassingen waardoor er een versnelde afschrijving en degeneratie van de verhardingen optreedt.

Beheersmaatregel • Afspraken met netbeheerders en nutsbedrijven • Inzicht in elkaars planningen en afstemming op de Programmeertafel • Toezicht houden op werkzaamheden en naleving verdichtingseisen

Het herstellen van boomwortelopdruk en het uitblijven van kapvergunningen (oorzaak kan niet worden weggenomen en probleem blijft bij wegen liggen)

•

Stijgende onderhoudsprijzen door huidige materiaalschaarste en stijgende energiekosten.

•

Groeiende complexiteit van projecten en langere doorlooptijden (o.a. door burgerparticipatie en klimaat adaptief ontwerpen).

•

•

•

• •

18

Datum: 10 juni 2022 - AS2-Internal

Afspraken met projecten over toe te passen bomen inclusief de benodigde ondergrondse en bovengrondse groeiruimte. Beslisschema hoe om te gaan met boomwortelopdruk Raamcontracten blijvend in concurrentie afsluiten Keuze in kwaliteitsambitie Tijdig signaleren noodzakelijk onderhoud door voorspelbaarheid en betrouwbaarheid inspectie Werken met standaard inrichting en materiaalgebruik (LIOR) Helderheid krijgen wanneer wel en wanneer niet burgerparticipatie speelt (zie IBOR)

BEHEERPLAN WEGEN

7

Ontwikkelagenda (verbeteren en vernieuwen)

Om goed grip te krijgen en te houden op het beheer van de wegen dienen de onderstaande punten uitgezocht en/of worden ontwikkeld (zie tabel 7). Tabel 7. Ontwikkelpunten met betrekking tot beheer Wegen

Ontwikkelpunten Het samenbrengen en actualiseren van de verschillende wegenleggers (Tilburg, Udenhout, BerkelEnschot en Biezenmortel).

Planjaar 2023

Door het omvormen van (een aantal) 50/70 km/u wegen naar 30 km/u wegen is de toepassing van geluid reducerend asfalt op die locaties niet langer noodzakelijk. Door het toepassen van een ‘normale’ SMA deklaag wordt de levensduur van de deklaag langer ten opzichte van de geluid reducerende deklaag12. Intensiveren van het omvormen van fietspaden van elementen naar asfalt (indien budgettair mogelijk). Prioriteren van onderhoud op locaties met een hogere of ander maatschappelijke functie (zoals nabij verzorgings- en bejaardentehuizen, openbare voorzieningen). Vanuit het IBOR werken we dit voorstel nader uit en leggen we voor aan de Raad. Ontwikkelen dashboard voor wegen

Vanaf 2022

2023 2023

2022

12 Het loslaten van het beleid om geluidsreducerend asfalt toe te passen heeft consequenties voor het Actieplan

Geluid 2018 19

Datum: 10 juni 2022 - AS2-Internal

BEHEERPLAN WEGEN

Colofon BEHEERPLAN WEGEN 2023-2026

KLANT Gemeente Tilburg AUTEUR Jeffry van den Hengel PROJECTNUMMER 30079287 DATUM 10 juni 2022 STATUS Definitief GECONTROLEERD DOOR

VRIJGEGEVEN DOOR

Jeroen Verhoef Senior adviseur Assetmanagement

Jeroen Verhoef Senior adviseur Assetmanagement

Arcadis. Improving quality of life

Volg ons op 20

arcadis-nederland

Datum: 10 juni 2022 - AS2-Internal

arcadis_nl

ArcadisNetherlands

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/11865696/2