CConstaterende datTilburg
Koppel je AI →
Document · PDF

04 Regels met bijlagen

Hamerraad 1 november 2021, gemeente TilburgBij agendapunt: -Raadsvoorstel Bestemmingsplan Buitengebied De Groene Zoom 2012, 7e herz. (van Ginnekenweg 12)17.478 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 1 van 2

GEMEENTE TILBURG Afdeling Ruimte

BESTEMMINGSPLAN Buitengebied De Groene Zoom 2012, 7e herziening (van Ginnekenweg 12)

Regels met bijlagen

Ontwerp: Vastgesteld: Onherroepelijk: Code: NL.IMRO.0855.BSP2020043-b001

29 juni 2021

Inhoudsopgave Hoofdstuk 1 Inleidende regels 2 Artikel 1 Begrippen 3 Artikel 2 Wijze van meten 7 Hoofdstuk 2 Bestemmingsregels 8 Artikel 3 Maatschappelijk 9 Artikel 4 Natuur 11 Artikel 5 Waterstaat - Attentiegebied Natuur Netwerk Brabant () Hoofdstuk 3 Algemene regels 14 Artikel 6 Anti-dubbeltelregel 15 Artikel 7 Algemene gebruiksregels 16 Artikel 8 Algemene afwijkingsregels 17 Artikel 9 Algemene wijzigingsregels 18 Artikel 10 Algemene procedureregels 19 Artikel 11 Overige regels 20 Hoofdstuk 4 Overgangs- en slotregels 22 Artikel 12 Overgangsrecht 23 Artikel 13 Slotregel 24

13

Regels

Buitengebied De Groene Zoom 2012, 7e herziening (van Ginnekenweg 12)

1

Hoofdstuk 1 Inleidende regels

Buitengebied De Groene Zoom 2012, 7e herziening (van Ginnekenweg 12)

2

Artikel 1 Begrippen In deze regels wordt verstaan onder:

1.1 bestemmingsplan: De geometrisch bepaalde planobjecten met de bijbehorende regels en daarbij behorende bijlage(n).

1.2 plan: Het bestemmingsplan Buitengebied De Groene Zoom 2012, 7e herziening (van Ginnekenweg 12) met identificatienummer NL.IMRO.0855.BSP2020043-b001 van de gemeente Tilburg.

1.3 aanbouw Een gebouw, dat als afzonderlijke ruimte is gebouwd aan een hoofdgebouw waarmee het in directe verbinding staat, welk gebouw onderscheiden kan worden van het hoofdgebouw en dat in architectonisch opzicht ondergeschikt is aan het hoofdgebouw.

1.4 aanduiding Een geometrisch bepaald vlak of figuur, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels regels worden gesteld ten aanzien van het gebruik en/of het bebouwen van deze gronden.

1.5 aanduidingsgrens De grens van een aanduiding indien het een vlak betreft.

1.6 attentiegebied Natuur Netwerk Brabant Gebied gelegen rondom en binnen het Natuur Netwerk Brabant, waar fysieke ingrepen een negatief effect kunnen hebben op de waterhuishouding.

1.7 bebouwing Eén of meer gebouwen en/of bouwwerken geen gebouwen zijnde.

1.8 bestaand Bij bouwwerken: Bouwwerken die op het tijdstip van de terinzagelegging van het ontwerp van dit plan bestonden of in uitvoering waren, dan wel gebouwd zijn of gebouwd kunnen worden overeenkomstig de Woningwet of Wet algemene bepalingen omgevingsrecht of krachtens die wetten gegeven voorschriften.

1.9 bestemmingsgrens De grens van een bestemmingsvlak.

1.10 bestemmingsvlak Een geometrisch bepaald vlak met eenzelfde bestemming.

1.11 bouwen Het plaatsen, geheel of gedeeltelijk oprichten, vernieuwen of veranderen en het vergroten van een bouwwerk.

1.12 bouwgrens De grens van een bouwvlak.

1.13 bouwlaag Een deel van een gebouw, dat bestaat uit één of meer ruimten, waarbij de bovenkant van de afgewerkte vloeren van twee aan elkaar grenzende ruimten niet meer dan 1,5m in hoogte verschillen, zulks met uitzondering van een onderbouw zolder.

1.14 bouwperceel Een aaneengesloten stuk grond, waarop ingevolge de regels een zelfstandige, bij elkaar behorende bebouwing is toegelaten.

1.15 bouwperceelgrens Een grens van een bouwperceel.

1.16 bouwvlak Een geometrisch bepaald vlak, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels bepaalde gebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, zijn toegelaten. Buitengebied De Groene Zoom 2012, 7e herziening (van Ginnekenweg 12)

3

1.17 bouwwerk Een bouwkundige constructie van enige omvang die direct en duurzaam met de aarde is verbonden.

1.18 bouwwerken van algemeen nut Bouwwerken ten behoeve van nutsvoorzieningen.

1.19 bruto vloeroppervlakte (b.v.o.) De som van de buitenwerks en horizontaal gemeten oppervlakten van de inpandige vloeren - horizontale vlakken ter plaatse van trappen, hellingen en vides met een oppervlakte tot en met 4m² daaronder begrepen voorzover de ruimten waarbinnen de vloeren zich bevinden een grotere inwendige hoogte hebben dan 1,5m.

1.20 carport Een aangebouwde of vrijstaand bijgebouw, bestaande uit een (semi) gesloten dakconstructie, ondersteund door palen of kolommen bedoeld voor het stallen van één of meerdere (motor)voertuig(en), met maximaal twee gesloten wanden; de wanden van de bebouwing waartegen wordt aangebouwd kunnen als ondersteuningsconstructie fungeren.

1.21 cultuurhistorische waarde De aan een bouwwerk of gebied toegekende waarde, gekenmerkt door het beeld dat is ontstaan door een gebruik dat de mens in de loop van de geschiedenis heeft gemaakt van dat bouwwerk of gebied of door de wijze waarop daarin de ontwikkelingen tot uitdrukking komen van de esthetische opvattingen in de loop van de tijd.

1.22 cultuurhistorisch waardevolle bebouwing Cultuurhistorisch waardevolle bebouwing is bebouwing die vanwege de kwaliteit van de verschijningsvorm, de ouderdom, authenticiteit of het cultuurhistorisch belang een positieve bijdrage levert aan de kwaliteit van het straatbeeld.

1.23 detailhandel Het bedrijfsmatig te koop aanbieden (waaronder de uitstalling ten verkoop), verkopen, verhuren en leveren van goederen aan personen die de goederen kopen of huren voor gebruik, verbruik of aanwending anders dan in de uitoefening van een beroeps- of bedrijfsactiviteit, waaronder grootschalige detailhandel, volumineuze detailhandel, tuincentrum en supermarkten. Tevens dient onder detailhandel te worden verstaan additionele horeca als bijbehorende voorziening. Uitgezonderd zijn: postorderbedrijven, internetbedrijven e.d.

1.24 dienstverlening Het verlenen van economische en maatschappelijke diensten aan derden, evenwel met uitzondering van detailhandel en seksinrichtingen.

1.25 erf Een geometrisch bepaald vlak, waarmee gronden zijn aangeduid, waar ingevolge de regels per bouwperceel aan- en/of uitbouwen, bijgebouwen en bouwwerken, geen gebouwen zijnde, zijn toegelaten.

1.26 erker Transparante, ondiepe uitbouw van een gebouw vóór de voorgevel, niet zijnde een entree.

1.27 erotisch gerichte horeca Een bedrijf dat tot doel heeft het geven van voorstellingen en/of vertoningen van erotische aard en tevens het bedrijfsmatig ten behoeve van verbruik ter plaatse verstrekken van alcoholische en niet-alcoholische dranken.

1.28 escortbedrijf Het op bedrijfsmatige wijze bemiddelen in de totstandkoming van contacten tussen een prostituee en degene die van zijn/haar diensten gebruik wil maken.

1.29 evenement Een activiteit in de openlucht dan wel in al dan niet (deels) tijdelijke onderkomens, gericht op het bereiken van een algemeen of besloten publiek voor informerende, educatieve, sportieve, toeristisch-recreatieve, commerciële, sociale, culturele en/of levensbeschouwelijke doeleinden, alsmede kermissen, braderieën, snuffelmarkten, rommelmarkten, straatfeesten en festivals of daarmee te vergelijken activiteiten. Buitengebied De Groene Zoom 2012, 7e herziening (van Ginnekenweg 12)

4

1.30 functionele eenheid Hieronder wordt verstaan: 1. een samenstel van activiteiten dat, gelet op de aard en de organisatie van die activiteiten alsmede op de plaats waar die activiteiten worden verricht, als een eenheid moet worden beschouwd; 2. het complex van bebouwde en onbebouwde gronden waarop de hiervoor bedoelde activiteiten worden verricht.

1.31 gebouw Elk bouwwerk, dat een voor mensen toegankelijke, overdekte, geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt.

1.32 geluidgevoelige objecten Gebouwen welke dienen ter bewoning of andere geluidsgevoelige objecten of terreinen, zoals bedoeld in de Wet geluidhinder en/of het Besluit geluidhinder.

1.33 geluidshinderlijke inrichtingen Inrichtingen genoemd in artikel 2.1 lid 3 van het Besluit omgevingsrecht, die in belangrijke mate geluidhinder kunnen veroorzaken, zoals bedoeld in artikel 41 van de Wet geluidhinder.

1.34 hoofdgebouw of hoofdbebouwing Een of meer panden, of een gedeelte daarvan, dat noodzakelijk is voor de verwezenlijking van de geldende of toekomstige bestemming van een perceel en, indien meer panden of bouwwerken op het perceel aanwezig zijn, gelet op die bestemming het belangrijkst is.

1.35 kantoor Het bedrijfsmatig verlenen van diensten waarbij het publiek niet of slechts in ondergeschikte mate rechtstreeks te woord wordt gestaan en geholpen, waaronder congres- en vergaderaccommodatie.

1.36 kwetsbaar object Object zoals omschreven in het 'Besluit externe veiligheid inrichtingen milieubeheer'.

1.37 maatschappelijke voorzieningen Hieronder worden verstaan: 1. medische of paramedische voorzieningen, zoals ziekenhuis, kliniek, gezondheidscentrum, centrum voor dagbehandeling, consultatiebureau e.d.; 2. welzijnsvoorzieningen, zoals verzorgingstehuis, verpleeghuis, inrichtingen voor mensen met een verstandelijke en/of lichamelijke beperking , tehuis voor daklozen e.d.; 3. educatieve en sociaal-culturele voorzieningen, zoals basis-, voortgezet en wetenschappelijk onderwijs, 4. beroepsonderwijs, kunstonderwijs, volksuniversiteit, cursuscentrum, onderwijsinstituten t.b.v. specifiek onderwijs, bibliotheken e.d.; 5. voorzieningen t.b.v. kinderopvang zoals kindercrèche, peuterspeelzaal, speelterrein, kinderdagverblijf en (naschoolse) kinderopvangcentrum, al dan niet commercieel; 6. openbare en bijzondere instellingen waaronder overheidsinstellingen zoals stadskantoren, politiekantoor e.d. met uitzondering van brandweerkazerne (valt volgens SVBP onder bestemming Bedrijf); 7. maatschappelijke voorzieningen zoals buurt- en clubhuis, wijkcentrum (o.a. Multi Functionele Accommodatie), sociëteit e.d. 8. voorzieningen ten behoeve van stichtingen met een maatschappelijke doelstellingen.

1.38 Natuur Netwerk Brabant Samenhangend netwerk van natuurgebieden van (inter)nationaal belang met als doel de veiligstelling van ecosystemen met de daarbij behorende soorten bestaande uit de meest waardevolle natuur- en bosgebieden en andere gebieden met belangrijke aanwezige en te ontwikkelen natuurwaarden.

1.39 natuurwaarde van een gebied De aan een gebied toegekende waarde gekenmerkt door geologische, geomorfologische, bodemkundige en biologische elementen, zowel afzonderlijk als in hun onderlinge samenhang.

1.40 nutsvoorzieningen

Buitengebied De Groene Zoom 2012, 7e herziening (van Ginnekenweg 12)

5

Voorzieningen ten behoeve van algemeen nut in ruime zin zoals: voorzieningen / installaties t.b.v. gas, water en elektriciteit, signaalverdeling, telecommunicatieverkeer, waterzuivering, waterbeheersing, waterhuishouding, vuil- en afvalverwerking, compostering, wijkverwarming, milieuvoorzieningen e.d.

1.41 ondergeschikte delen van een bouwwerk Bouwdelen die ondergeschikt zijn aan de hoofdmassa van het desbetreffende bouwwerk, zoals overstekende daken, plinten, pilasters, kozijnen, gevelversieringen, trappen en trappenhuizen, liftkappen en lifthuizen, luchtbehandelings-/ventilatieinstallatie, bordessen, funderingen, goten, hijsinrichtingen, gevelreclames, gevelisolatie (al dan niet met bijbehorende ommanteling), draagconstructies e.d. Hieronder worden in elk geval niet verstaan entrees, erkers en ondergrondse bouwwerken.

1.42 onderkomen Voor verblijf geschikte, al dan niet aan hun oorspronkelijke bestemming onttrokken voer- of vaartuigen, kampeermiddelen, loodsen, keten en andere soortgelijke verblijfsmiddelen.

1.43 pand De kleinste bij de totstandkoming functioneel en bouwkundig-constructief zelfstandige eenheid die direct en duurzaam met de aarde is verbonden en betreedbaar en afsluitbaar is.

1.44 peil (straatpeil) Hieronder wordt verstaan: 1. voor een bouwwerk, waarvan de hoofdtoegang onmiddellijk aan de straat grenst: de hoogte van de weg ter plaatse van die hoofdtoegang; 2. voor een bouwwerk, waarvan de hoofdtoegang niet direct aan de weg grenst: de hoogte van het terrein ter plaatse van die hoofdtoegang bij voltooiing van de bouw.

1.45 perceel Een aaneengesloten stuk grond met kadastrale aanduiding.

1.46 plangrens Een weergegeven lijn die de grens van het plan: aanduidt.

1.47 prostitutie-inrichting Een voor het publiek toegankelijke, besloten ruimte waarin bedrijfsmatig, of in een omvang alsof zij bedrijfsmatig is, al dan niet tegen betaling seksuele handelingen worden verricht. Onder een prostitutie-inrichting worden in elk geval verstaan: een parenclub en een prostitutiebedrijf, waaronder begrepen een erotische massagesalon, al dan niet in combinatie met elkaar.

1.48 ruimtelijke ontwikkelingen Bouwactiviteiten en planologische gebruiksactiviteiten waarvoor op grond van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht en het Besluit omgevingsrecht een omgevingsvergunning is vereist.

1.49 water en waterhuishoudkundige voorzieningen Al het oppervlaktewater zoals sloten, greppels (infiltratie)vijvers, kanalen, beken en andere waterlopen, ook als deze incidenteel of structureel droogvallen. Alsmede voorzieningen die nodig zijn t.b.v. een goede wateraanvoer, waterafvoer, waterberging, hemelwaterinfiltratie en waterkwaliteit. Hierbij kan worden gedacht aan duikers, stuwen, infiltratievoorzieningen, gemalen, inlaten e.d.

1.50 waterstaat/waterstaatkundige doeleinden Het openbaar waterverkeers-, watervervoers- en verblijfsgebied t.b.v. goederenvervoer, pleziervaart en oeveractiviteiten zoals vissen / hengelsport, wandelen en fietsen.

1.51 weg Alle voor het openbaar rij- of ander verkeer openstaande wegen of paden, waaronder begrepen de daarin gelegen bruggen en duikers, de tot de wegen of paden behorende bermen en zijkanten, alsmede de aan de wegen liggende en als zodanig aangeduide parkeerterreinen.

Buitengebied De Groene Zoom 2012, 7e herziening (van Ginnekenweg 12)

6

Artikel 2 Wijze van meten 2.1 De goothoogte van een bouwwerk Vanaf het peil tot aan de bovenkant van de goot c.q. de druiplijn, het boeiboord, of een daarmee gelijk te stellen constructiedeel.

2.2 De inhoud van een bouwwerk Tussen de onderzijde van de begane grondvloer, de buitenzijde van de gevels (en/of het hart van de scheidingsmuren) en de buitenzijde van daken en dakkapellen.

2.3 De bouwhoogte van een bouwwerk Vanaf het peil tot aan het hoogste punt van een gebouw of van een overig bouwwerk, geen gebouw zijnde, met uitzondering van ondergeschikte bouwonderdelen, zoals schoorstenen, antennes, en naar de aard daarmee gelijk te stellen bouwonderdelen.

2.4 De oppervlakte van een bouwwerk Tussen de buitenwerkse gevelvlakken en/of het hart van de scheidingsmuren, neerwaarts geprojecteerd op het gemiddelde niveau van het afgewerkte bouwterrein ter plaatse van het bouwwerk.

2.5 Afstand tot zijdelingse perceelgrens Tussen de zijdelingse grenzen van een perceel en enig punt van het op dat perceel voorkomend (hoofd-)gebouw, waar die afstand het kortst is.

Buitengebied De Groene Zoom 2012, 7e herziening (van Ginnekenweg 12)

7

Hoofdstuk 2 Bestemmingsregels

Buitengebied De Groene Zoom 2012, 7e herziening (van Ginnekenweg 12)

8

Artikel 3 Maatschappelijk 3.1 Bestemmingsomschrijving 3.1.1 Functies De voor 'Maatschappelijk' aangewezen gronden zijn bestemd voor: 1. voorzieningen en kantoren ten behoeve van service en beheer voor stichtingen en verenigingen ten behoeve van natuurbehoud; 2. voorzieningen van algemeen nut; 3. natuur en landschap met eventueel recreatief medegebruik; 4. behoud van cultuurhistorische waarden ter plaatse van de aanduiding 'cultuurhistorische waarden'. 3.1.2 Bijbehorende voorzieningen De voor 'Maatschappelijk' aangewezen gronden zijn tevens bestemd voor: 5. kantines en restauratieve voorzieningen ondergeschikt en ten behoeve van 3.1.1.

3.2 Bouwregels 3.2.1 Algemeen 1. Bestaande bebouwing welke krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen van een bouwwerk is opgericht en in overeenstemming is met de bestemming volgens dit plan, maar afwijkend van één of meer bebouwingsregels, wordt geacht aan het plan te voldoen. 2. naast de in deze bestemming opgenomen regels gelden tevens de algemene regels, zoals opgenomen in 'Hoofdstuk 3 Algemene regels' van deze planregels 3. het cultuurhistorische waardevolle pand ter plaatse van de aanduiding 'cultuurhistorische waarden' dient in stand te gehouden te worden door: 1. het behoud van het functionele karakter van het gebouw, met de grote, gesloten ruimte in het midden en de naar buiten gerichte kantoorruimten eromheen; 2. het respecteren van het gebruikte materiaal, te weten aluminium voor de kozijnen, (deels gestuukt) baksteen voor de gevels en een houten plafondafwerking; 3. behoud van het kunstwerk in situ op de verdieping. 3.2.2 Gebouwen Voor het bouwen van gebouwen gelden de volgende regels: 4. Uitsluitend de bestaande bebouwing met de bestaande maatvoering is toegestaan.

3.3 Specifieke gebruiksregels 3.3.1 Strijdig gebruik Tot een gebruik van gronden en bouwwerken strijdig met de bestemming wordt in elk geval gerekend: 1. het gebruik van gronden en bouwwerken voor bewoning; 2. het gebruik van gronden en bouwwerken ten behoeve van detailhandel of bedrijvigheid; 3. het storten van puin en afvalstoffen, anders dan ter realisering en/of handhaving van de bestemming; 4. opslag van gerede of ongerede goederen, zoals vaten, kisten bouwmaterialen, werktuigen, machines en onderdelen hiervan, anders dan ter realisering en/of handhaving van de bestemming; 5. opslag van gebruiksklare of onklare voer- en vaartuigen of onderdelen daarvan, anders dan ter realisering en/of handhaving van de bestemming; 6. het plaatsen of geplaatst houden van onderkomens. 3.3.2 Voorwaardelijke verplichtingen 1. Gebruik van het cultuurhistorische waardevolle pand ter plaatse van de aanduiding 'cultuurhistorische waarden' mag slechts worden gebruikt indien dit gebruik niet leidt tot aantasting van: 1. het functionele karakter van het gebouw, met de grote, gesloten ruimte in het midden en de naar buiten gerichte (kantoor-)ruimten eromheen; 2. het gebruikte materiaal, te weten aluminium voor de kozijnen, (deels gestuukt) baksteen voor de gevels en een houten plafondafwerking; 3.

het kunstwerk in situ op de verdieping; Buitengebied De Groene Zoom 2012, 7e herziening (van Ginnekenweg 12)

9

4. 5. 1. 2. 3.

zoals opgenomen in bijlage 1 bij deze regels. Gebruik van het cultuurhistorische waardevolle pand ter plaatse van de aanduiding 'cultuurhistorische waarden' mag slechts worden gebruikt nadat de vereiste landschappelijke inpassing is aangelegd. De landschappelijke inpassingvolledig worden gerealiseerd en blijvend onderhouden en in stand wordt gehouden. zoals opgenomen in bijlage 2 bij deze regels.

Buitengebied De Groene Zoom 2012, 7e herziening (van Ginnekenweg 12)

10

Artikel 4 Natuur 4.1 Bestemmingsomschrijving 4.1.1 Functie De voor 'Natuur' aangewezen gronden zijn bestemd voor: 1. behoud, herstel en/of ontwikkeling van de natuur en/of het bos/de bosschages en de bijbehorende bosgroeiplaats; 2. behoud, herstel en/of ontwikkeling van landschappelijke waarden en/of natuurwaarden; 3. bijbehorende en ondergeschikte verharde en onverharde paden en wegen; 4. geluidwerende voorzieningen, zoals wallen en schermen; 5. bijbehorende en ondergeschikte water en waterhuishoudkundige voorzieningen; 6. bijbehorende en ondergeschikte groenvoorzieningen; 7. bijbehorende en ondergeschikte speelvoorzieningen; 8. bijbehorende en ondergeschikte objecten voor beeldende kunst; 9. extensief recreatief medegebruik; 10. bouwwerken van algemeen nut. 4.1.2 Functie-aanduidingen 1. Ter plaatse van de aanduiding 'parkeerterrein' zijn de voor 'Natuur' aangewezen gronden mede bestemd voor parkeren. 2. Ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van natuur - uitzichtpunt' zijn de voor Natuur' aangewezen gronden mede bestemd voor een uitzichtpunt en vleermuizenverblijf.

4.2 Bouwregels 4.2.1 Algemeen Voor het bouwen gelden in het algemeen de volgende regels: 1. bestaande bebouwing, welke krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen van een bouwwerk is opgericht en in overeenstemming is met de bestemming volgens dit plan, maar afwijkend van één of meer bebouwingsregels, wordt geacht aan het plan te voldoen. Hieronder wordt tevens vergunde bebouwing verstaan, die nog moet worden opgericht. 2. op de gronden binnen deze bestemming mogen uitsluitend bouwwerken, geen gebouwen zijnde, worden gebouwd ten behoeve van de op grond van 4.1.1 toegelaten functies met dien verstande dat de bouwhoogte niet meer mag bedragen dan 3 m en de oppervlakte niet meer mag bedragen dan 10 m², tenzij door middel van een maatvoeringsaanduiding een ander maximum is aangegeven. 3. in afwijking van het genoemde onder a en b wordt ter plaatse van de aanduiding 'specifieke vorm van natuur' uitzichtpunt' een uitzichtpunt en vleermuizenverblijf gerealiseerd met de navolgende maatvoering: 1. hoogte: 7 meter; 2. oppervlakte maximaal 100 m². 4.2.2 Ondergronds bouwen Op de gronden binnen deze bestemming mag niet ondergronds worden gebouwd, met uitzondering van bouwwerken ten behoeve van water en waterhuishoudkundige voorzieningen.

4.3 Specifieke gebruiksregels 4.3.1 Strijdig gebruik Onder gebruik in strijd met de bestemming wordt in elk geval begrepen: 1. het storten van puin en afvalstoffen, anders dan ter realisering en/of handhaving van de bestemming; 2. het opgeslagen hebben en/of houden van gerede of ongerede goederen, zoals vaten, kisten bouwmaterialen, werktuigen, machines en onderdelen hiervan, anders dan ter realisering en/of handhaving van de bestemming; 3. het opgeslagen hebben en/of houden van gebruiksklare of onklare voer- en vaartuigen of onderdelen daarvan, anders dan ter realisering en/of handhaving van de bestemming; 4. het gebruik van gronden en bouwwerken voor bewoning. Buitengebied De Groene Zoom 2012, 7e herziening (van Ginnekenweg 12)

11

4.4 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van werken, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 4.4.1 Werken en werkzaamheden Het is verboden zonder een schriftelijke vergunning van het bevoegde gezag de volgende werken en werkzaamheden uit te voeren: 1. het verzetten of vergraven van grond waarbij het maaiveld over meer dan 100 m2 per perceel of met meer dan 0,40m wordt gewijzigd of waarbij de maaiveldniveaus van een steilrand worden gewijzigd; het omzetten van grond of uitvoeren van bodemingrepen dieper dan 0,40m onder maaiveld; het aanleggen, dempen of wijzigen van (oevers, profiel, doorstroom- of bergingscapaciteit van) oppervlaktewateren; 4. het verlagen van de grondwaterstand door aanleg van drainage of bemaling; 5. het verwijderen of rooien van bos-, natuur- en landschapselementen en ander opgaand houtgewas zonder agrarische productiefunctie; 6. het aanleggen of aanplanten van bos-, natuur- en landschapselementen of ander opgaand houtgewas; 7. het permanent (voor meer dan 2 jaar aaneengesloten) omzetten van grasland naar een andere bodemcultuur; 8. het verwijderen van perceelsindelingen, zoals tot uiting komend in greppels, sloten, steilrand en het verwijderen van paden of onverharde wegen; 9. het aanleggen en/of verharden van wegen en paden of het aanbrengen van andere oppervlakteverhardingen, voor zover groter dan 100m2 per perceel; 10.

het uitvoeren van heiwerken of het anderszins indringen van voorwerpen in de bodem. 2. 3.

4.4.2 Uitzonderingen Het in 4.4.1 vervatte verbod is niet van toepassing op werken en werkzaamheden welke: 1. het normale onderhoud en/of gebruik betreffen. Met betrekking tot het verwijderen van opgaand houtgewas wordt hier in elk geval onder verstaan het verwijderen van opgaand houtgewas bij wijze van verzorgingsmaatregel ter bevordering van de groei en/of de kwaliteit van de overblijvende houtopstand (dunning en hakhoutbeheer), het verwijderen van opgaand houtgewas ingevolge de Plantenziektenwet en het verwijderen van opgaand houtgewas, ten aanzien waarvan ingevolge de Boswet een melding moet worden verzonden en/of vergunningplicht bestaat ingevolge de gemeentelijke Bomenverordening; 2. reeds in uitvoering zijn, dan wel krachtens een verleende vergunning reeds mogen worden uitgevoerd op het tijdstip van het van kracht worden van dit plan. 4.4.3 Toelaatbaarheid De in 4.4.1 genoemde vergunning kan slechts worden verleend, indien geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan het behoud, het herstel en de ontwikkeling van de in 4.1.1 genoemde waarden en/of functies.

Alvorens te beslissen over het verlenen van een omgevingsvergunning wint het bevoegd gezag advies in bij het waterschap, voor zover de afweging mede betrekking heeft op gronden met de aanduiding 'specifieke vorm van natuur-hydrologisch waardevol gebied', en bij de cultuurhistorisch medewerker van de gemeente Tilburg, Voor zover de afweging mede betrekking heeft op cultuurhistorisch waardevol gebied.

Buitengebied De Groene Zoom 2012, 7e herziening (van Ginnekenweg 12)

12

Artikel 5 Waterstaat - Attentiegebied Natuur Netwerk Brabant () 5.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Waterstaat - Attentiegebied Natuur Netwerk Brabant (dubbelbestemming)' aangewezen gronden zijn, naast de andere voor die gronden aangewezen bestemming(en) (basisbestemmingen), mede bestemd voor het behoud, herstel en/of ontwikkeling van hydrologische waarden.

5.2 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van werken, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 5.2.1 Werken en werkzaamheden Het is verboden zonder een schriftelijke vergunning van het bevoegde gezag de volgende werken en werkzaamheden uit te voeren: 1. het verzetten van grond van meer dan 100m³ of op een diepte van meer dan 60cm beneden maaiveld, voor zover geen vergunning is vereist in het kader van de Ontgrondingenwet; 2. de aanleg van drainage ongeacht de diepte, tenzij het gaat om vervanging van een bestaande drainage; 3. het verlagen van de grondwaterstand anders dan door middel van het graven van sloten of het toepassen van drainagemiddelen, met uitzondering van grondwateronttrekkingen; 4. het buiten een agrarisch bouwblok aanbrengen van oppervlakteverhardingen en/of verharde oppervlakten van meer dan 100m², anders dan een bouwwerk. 5.2.2 Uitzonderingen Het in lid 5.2.1 vervatte verbod is niet van toepassing op werken en werkzaamheden welke: 1. het normale onderhoud en/of gebruik betreffen, dan wel van ondergeschikte betekenis zijn; 2. reeds in uitvoering zijn, dan wel krachtens een verleende vergunning reeds mogen worden uitgevoerd op het tijdstip van het van kracht worden van dit plan.

5.2.3 Toelaatbaarheid De in lid 5.2.1 genoemde vergunning kan slechts worden verleend, indien geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan het behoud, het herstel en de ontwikkeling van de hydrologische waarden. Alvorens te beslissen over het verlenen van een omgevingsvergunning wint het bevoegd gezag advies in bij het betrokken waterschapsbestuur.

Buitengebied De Groene Zoom 2012, 7e herziening (van Ginnekenweg 12)

13

Hoofdstuk 3 Algemene regels

Buitengebied De Groene Zoom 2012, 7e herziening (van Ginnekenweg 12)

14

Artikel 6 Anti-dubbeltelregel Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.

Buitengebied De Groene Zoom 2012, 7e herziening (van Ginnekenweg 12)

15

Artikel 7 Algemene gebruiksregels 7.1 Gebruik overeenkomstig de bestemming Al dan niet in afwijking van het bepaalde in de bestemmingsregels van Hoofdstuk 2 wordt ter plaatse van een functie-aanduiding het gebruik van gronden en opstallen in overeenstemming met die functie-aanduiding aangemerkt als gebruik overeenkomstig de bestemming.

Buitengebied De Groene Zoom 2012, 7e herziening (van Ginnekenweg 12)

16

Artikel 8 Algemene afwijkingsregels 8.1 Binnenplans afwijken t.b.v. geringe afwijkingen van grenzen Het bevoegd gezag kan omgevingsvergunning verlenen voor het binnenplans afwijken van de planregels ten behoeve van het in geringe mate afwijken van een vastgesteld onderdeel van een grens van een bouwvlak, bestemmingsvlak, functie-aanduidingsvlak of maatvoeringsvlak, indien bij het definitief ontwerp, bij definitieve uitmeting e.d. blijkt dat enige geringe afwijking in het belang van een bebouwing of inrichting is. Deze omgevingsvergunning wordt slechts verleend indien: 1. de met behulp van die toepassing toegestane bebouwing geacht kan worden in overeenstemming te zijn met de voor desbetreffende bestemming nagestreefde doeleinden; 2. gelet op de omringende bebouwing geen overwegende stedenbouwkundige bezwaren bestaan; 3. gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden en bouwwerken niet onevenredig worden aangetast; onder voorwaarde dat cultuurhistorische waarden ter plaatse van de aanduiding 'cultuurhistorische waarden' niet worden aangetast.

8.2 Binnenplans afwijken t.b.v. overschrijdingen van de toegelaten bouwhoogten Het bevoegd gezag kan omgevingsvergunning verlenen voor het binnenplans afwijken van het plan ten behoeve van: 1. bouwwerken, geen gebouwen zijnde, ten dienste van utiliteitsvoorzieningen; 2. vrijstaande schoorstenen, torens en soortgelijke bouwwerken; onder voorwaarde dat cultuurhistorische waarden ter plaatse van de aanduiding 'cultuurhistorische waarden' niet worden aangetast.

8.3 Binnenplans afwijken t.b.v. bouwwerken van algemeen nut Het bevoegd gezag kan omgevingsvergunning verlenen voor het binnenplans afwijken van de bouwregels, opgenomen in de bestemmingsregels in Hoofdstuk 2, ten behoeve van het bouwen van bouwwerken van algemeen nut, met dien verstande dat: 1. de bouwhoogte niet meer dan 3,5 m mag bedragen en; 2. de oppervlakte niet meer dan 50 m² mag bedragen.

Buitengebied De Groene Zoom 2012, 7e herziening (van Ginnekenweg 12)

17

Artikel 9 Algemene wijzigingsregels 9.1 Wijzigingsbevoegdheid reconstructie, herverkaveling of renovatie 1. 1. 2. 3. 4. 5.

Burgemeester en wethouders kunnen het plan wijzigen ten behoeve van: de reconstructie of herverkaveling van een (deel van een) bouwblok met in het ongerede geraakte, al dan niet complexgewijze bebouwing waarvan de functie wordt beëindigd; de reconstructie van een (deel van een) bouwblok waarbij de functie geheel of grotendeels wordt gehandhaafd, maar (infra-) structuur, ontsluiting, verkaveling e.d. worden aangepast; de reconstructie, herverkaveling of renovatie van een gebouw of een bouwblok waarbij nieuwe rooilijnen kunnen worden weergegeven; er mag geen sprake zijn van functiewijzigingen welke in strijd zijn met rijks-, provinciaal dan wel gemeentelijk beleid; na wijziging zijn de regels van het bestemmingsplan hierop van toepassing.

9.2 Wijzigingsbevoegdheid verwijderen aanduidingen Burgemeester en wethouders zijn bevoegd het plan te wijzigen, zodanig dat een weergegeven aanduiding wordt verwijderd indien de binnen deze aanduiding toegelaten functie is beeindigd en wordt omgezet in een binnen het ter plaatse geldende bestemmingsvlak toegelaten functie.

9.3 Wijzigingsbevoegdheid bestemmingsvlakgrenzen Burgemeester en wethouders zijn bevoegd: 6. bestemmingsgrenzen te wijzigen indien dit uit stedenbouwkundig oogpunt noodzakelijk is voor zover zulks het belang van een goede ruimtelijk ordening van het plan niet schaadt en zodanig dat de geldende oppervlakte van de bij wijziging betrokken vlakken met niet meer dan 10% wordt verkleind of vergroot.

Buitengebied De Groene Zoom 2012, 7e herziening (van Ginnekenweg 12)

18

Artikel 10 Algemene procedureregels Op het stellen van nadere eisen op grond van enige bepaling van de regels van dit bestemmingsplan is afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) van toepassing.

Buitengebied De Groene Zoom 2012, 7e herziening (van Ginnekenweg 12)

19

Artikel 11 Overige regels 11.1 Algemene regels inzake nadere eisen Burgemeester en wethouders zijn bevoegd nadere eisen te stellen ten aanzien van: 1. de situering en afmetingen van parkeergelegenheid, ook op eigen terrein; 2. de situering van toegangswegen en -paden tot gebouwen, bouwwerken geen gebouwen zijnde en open erven.

11.2 Algemene regels inzake omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 11.2.1 Werken en werkzaamheden nabij beschermwaardige bomen Het is verboden zonder een schriftelijke vergunning van het bevoegde gezag de volgende werken en werkzaamheden uit te voeren binnen een afstand van 15m tot het hart van een op de bij dit plan gevoegde Boomwaardekaart weergegeven boom: 1. het ontgronden, bodem verlagen of afgraven, ophogen, verdichten, verplaatsen, afgraven of egaliseren van grond, inclusief het graven van sleuven en het leggen van (ondergrondse) leidingen; 2. het wijzigen van het grondwaterpeil; 3. het verrichten van werken of werkzaamheden die beschadigingen van wortels, stam of kroon van de betrokken boom tot gevolg kunnen hebben. 11.2.2 Uitzonderingen Het bepaalde in 11.2.1 is niet van toepassing indien: 1. een omgevingsvergunning is verleend voor het kappen van de boom; 2. de houtopstand om andere, van overmacht getuigende redenen reeds eerder is geveld, danwel door een calamiteit teniet is gegaan; 3. het gaat om werken en werkzaamheden die het normale onderhoud of beheer betreffen; 4. het gaat om werken en werkzaamheden van ondergeschikte betekenis.

11.2.3 Toelaatbaarheid De werken en werkzaamheden als bedoeld in 11.2.1 zijn slechts toelaatbaar indien door de uitvoering van de werken of werkzaamheden of door de gevolgen daarvan geen onherstelbare schade aan de betrokken boom toegebracht wordt. Het bevoegd gezag is bevoegd om: 1. voorwaarden te verbinden aan de in 11.2.1 bedoelde omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden, ter vermindering of ter voorkoming van schade die de in 11.2.1 genoemde werken of werkzaamheden of de gevolgen daarvan aan de betrokken boom zouden kunnen toebrengen. Onder schade wordt tevens begrepen een vermindering of verslechtering van groeimogelijkheden; 2. ten behoeve van de omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden voor de onder 11.2.1 genoemde werken/werkzaamheden een BEA- onderzoek (= bomeneffectanalyse) van een onafhankelijk boomtechnisch adviesbureau te eisen.

11.3 Bevordering ruimtelijke kwaliteit buitengebied Het bevoegd gezag kan, voor zover het ruimtelijke ontwikkelingen buiten bestaand stedelijk gebied betreft, slechts gebruik maken van de in dit plan opgenomen binnenplanse afwijkingsmogelijkheden en wijzigingsbevoegdheden, indien voldaan wordt aan het vereiste van bevordering van de ruimtelijke kwaliteit als bedoeld in de Interim omgevingsverordening Noord-Brabant en de daarop gestoelde werkafspraken met de provincie.

11.4 Parkeerregeling 11.4.1 Parkeren 1. Ten behoeve van het parkeren of stallen van (motor)voertuigen dient in, op of onder het gebouw dan wel op het onbebouwde terrein dat bij het gebouw hoort in voldoende mate parkeergelegenheid aanwezig te zijn; 2. Hierbij moet worden voldaan aan de bij parkeernormen en rekenmethode, zoals neergelegd in de bij deze planregels gevoegde nota 'Parkeernormen Tilburg 2017'. Indien deze parkeernota gedurende de Buitengebied De Groene Zoom 2012, 7e herziening (van Ginnekenweg 12)

20

3.

planperiode wordt gewijzigd dient te worden voldaan aan de gewijzigde parkeernormen en rekenmethode; De onder a. bedoelde plaatsen voor het stallen van voertuigen moeten afmetingen hebben die afgestemd zijn op gangbare (motor)voertuigen, zoals neergelegd in de nota 'Parkeernormen Tilburg 2017'. Indien deze parkeernota gedurende de planperiode wordt gewijzigd dient te worden voldaan aan de desbetreffende wijzigingen.

11.4.2 Laden en lossen Indien de bestemming van een bouwwerk of een terrein aanleiding geeft tot een te verwachten behoefte aan ruimte voor het laden of lossen van goederen moet zijn verzekerd, dat op eigen terrein wordt voorzien in voldoende ruimte voor laden en lossen, zoals neergelegd in de CROW Kennisbank in ASVV 2012. 11.4.3 Afwijken van de regels Het bevoegd gezag kan omgevingsvergunning verlenen voor het binnenplans afwijken van artikel 11.1 en 11.2 indien: 1. op andere wijze in de nodige laad- of losruimte wordt voorzien; 2. wordt voldaan aan de voorwaarden en vrijstellingsregels zoals neergelegd in de nota 'Parkeernormen Tilburg 2017'. Indien deze parkeernota gedurende de planperiode wordt gewijzigd dient te worden voldaan aan de desbetreffende wijzigingen.

Buitengebied De Groene Zoom 2012, 7e herziening (van Ginnekenweg 12)

21

Hoofdstuk 4 Overgangs- en slotregels

Buitengebied De Groene Zoom 2012, 7e herziening (van Ginnekenweg 12)

22

Artikel 12 Overgangsrecht 12.1 Overgangsrecht bouwwerken 1.

1. 2.

3.

4.

Een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan aanwezig of in uitvoering is, dan wel gebouwd kan worden krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen van een bouwwerk, en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot; gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd; na het teniet gaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning voor het bouwen van een bouwwerk wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is teniet gegaan; het bevoegd gezag kan eenmalig omgevingsvergunning verlenen voor het binnenplans afwijken van het bepaalde onder a. voor het vergroten van de inhoud van een bouwwerk als bedoeld onder a. met maximaal 10%; het bepaalde onder a. is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan, maar zijn gebouwd zonder vergunning en in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen het overgangsrecht van dat plan.

12.2 Overgangsrecht gebruik 1. 2.

3.

4.

Het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet; het is verboden het met het bestemmingsplan strijdige gebruik, bedoeld onder a., te veranderen of te laten veranderen in een ander met dat plan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind; indien het gebruik, bedoeld onder a., na het tijdstip van inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten; het bepaalde onder a. is niet van toepassing op het gebruik dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen het overgangsrecht van dat plan.

Buitengebied De Groene Zoom 2012, 7e herziening (van Ginnekenweg 12)

23

Artikel 13 Slotregel Dit plan wordt aangehaald als bestemmingsplan "Buitengebied De Groene Zoom 2012, 7e herz. (Van Ginnekenweg 12)".

Buitengebied De Groene Zoom 2012, 7e herziening (van Ginnekenweg 12)

24

Buitengebied De Groene Zoom 2012, 7e herziening (van Ginnekenweg 12)

25

Bijlagen bij de regels Bijlage 1 Cultuurhistorische waardenstelling Cultuurhistorische waardenstelling

Bijlage 2 Landschappelijk inpassingsplan Landschappelijk inpassingsplan

Bijlage 3 Parkeernormen Tilburg 2017 Parkeernormen Tilburg 2017

Bijlagen bij de regels Bijlage 1 Cultuurhistorische waardenstelling Cultuurhistorische waardenstelling

WAARDESTELLING Ontmoetings- en expositieruimte, Steenfabriek Udenhout Van Ginnekenweg 12, Udenhout (Gem. Tilburg)

Nijmegen, 2 april 2019 De Onderste Steen Broerdijk 15 6523 GM Nijmegen tel. 024-6635956 / 06-28321525 info@onderstesteen.com www.onderstesteen.com

Ontmoetings- en expositieruimte Udenhout

Object Ontmoetings- en expositieruimte, Steenfabriek Udenhout Adres: Van Ginnekenweg 12 te Udenhout (Gem. Tilburg) Status: geen Ontwerp- / Bouwjaar: 1975-1976 / 1976-1977 Architect: N. Heerkens, Tilburg Uitvoering bouw: J.A. Brekelmans aannemersbedrijf BV., Udenhout Cv-installatie: H. de Bont BV., Tilburg Kunstwerk: T. van Amstel, Son en Breugel Oorspronkelijke functie: ontmoetings- en expositieruimte Huidige functie: geen Bijgebouwen: geen Bezocht: 13 maart 2019

Uitgevoerd door: De Onderste Steen, drs. M. Kruidenier Broerdijk 15, 6523 GM Nijmegen

In opdracht van: Brabants Landschap / dhr. M. Fliervoet Postbus 80, 5076 ZH Haaren

De Onderste Steen, versie 15 april 2019

2

Ontmoetings- en expositieruimte Udenhout

Ten geleide In 1993 stopte de steenfabricage op de heide bij Udenhout. In 2006 kwam de steenfabriek in handen van de Gemeente Tilburg, die het complex een jaar later doorverkocht aan het Brabants Landschap. Het terrein van 17 hectare wordt sindsdien grotendeels getransformeerd tot een kleinschalig agrarisch cultuurlandschap, bestaande uit houtwallen, struwelen, akkertjes en poelen. Naar verwachting ontwikkelt het zich tot een leefgebied voor soorten als das, boomkikker en kamsalamander. Een wandelpad zal het gebied recreatief ontsluiten. Het gebied vormt hiermee een belangrijke schakel tussen het Nationaal Park Loonse en Drunense Duinen en Nationaal Landschap Het Groene Woud. In oktober 2017 is gestart met de sloop van de voormalige steenfabriek. De contouren (de buitenmuren) zijn tot een bescheiden hoogte van 30 centimeter blijven staan. Op de aanwezige betonvloer zullen zich (korst)mossen vestigen en na verloop van tijd in de scheuren en spleten ook grassen, kruiden en bomen. De vegetatie-ontwikkeling zal hier langzaam verlopen. Buiten de contouren is de asfaltverharding verwijderd. Op het gebroken steenpuin dat zich hieronder bevindt, zal vrij snel een ruderale vegetatie opslaan, bekend van stenige milieus. Planten van dit vegetatietype kenmerken zich doorgaans door hun groeikracht, bonte kleur en aangename geur.

Behalve de contouren en de betonvloeren van de fabriek blijft ook een stuk smalspoor behouden. Het transformatorgebouw zal worden veranderd in een uitkijktoren. Ook is het de bedoeling dat de voormalige ontmoetings- en expositieruimte uit 1976-1977 behouden blijft en een nieuwe, maatschappelijke bestemming krijgt als informatiecentrum, kantoor- / werkruimten en horecavoorziening. Het gebouw is bij de vaststelling van het bestemmingsplan Buitengebied De Groene Zoom (2014) echter wegbestemd; dat wil zeggen dat het de bestemming ‘natuur / waterstaat’ heeft gekregen (afb.20). Herbestemming is hierdoor niet mogelijk meer, tenzij het gebouw als ‘cultuurhistorisch waardevol’ wordt aangemerkt. Het Brabants Landschap heeft het architectuurhistorisch onderzoeks- en adviesbureau De Onderste Steen te Nijmegen verzocht om het gebouw te onderzoeken op mogelijk aanwezige cultuurhistorische, architectonische en stedenbouwkundige waarden. Dit rapport is een verslaglegging van dit onderzoek.

Opzet Deze waardestelling is tot stand gekomen aan de hand van onderzoek ter plaatse (veldwerk), in combinatie met bronnenonderzoek. Behalve het gebruikelijke literatuur- en internetonderzoek is gebruik gemaakt van het archief van de architect Noud Heerkens (dat zich bevindt in het Regionaal Archief Tilburg) en informatie aangedragen door het Brabants Landschap en ’t Schoor, Heemcentrum voor Udenhout en Biezenmortel.

De Onderste Steen, versie 15 april 2019

3

Ontmoetings- en expositieruimte Udenhout

Het rapport bevat achtereenvolgens: -een korte beschrijving van de ontwikkeling van het gebied / de locatie -een beschrijving van de historie van het complex -een beschrijving van het exterieur -een beschrijving van het interieur -een waardering -een conclusie -gebruikte bronnen / herkomst afbeeldingen -bijlage: afbeeldingen Om de cultuurhistorische waarde van dergelijke complexen te kunnen vaststellen en om een bepaalde mate van objectiviteit te waarborgen, zijn in de loop der tijd diverse methoden ontwikkeld. De hierbij gehanteerde onderzoeksmethode is die welke de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed (RCE) in 1991 heeft opgesteld ten behoeve van het Monumenten Selectie Project (MSP).1 Deze criteria zijn nog altijd valide en toepasbaar op gebouwen/objecten van meer recente datum. Het onderzoek is uitgevoerd door drs. Michiel Kruidenier, architectuurhistoricus (De Onderste Steen, Nijmegen), gespecialiseerd in industrieel- en naoorlogs erfgoed.

Nijmegen, april 2019

1

Het MSP betrof een landelijke inventarisatie naar bouwkunst uit de periode 1850-1940. Zie: Rijksdienst voor de Monumentenzorg, Handleiding Selectie en Registratie Jongere Stedebouw en Bouwkunst (1850-1940), MSPMRP, Zeist 1991.

De Onderste Steen, versie 15 april 2019

4

Ontmoetings- en expositieruimte Udenhout

Historie Het landschap Udenhout is gelegen in de zogeheten ‘Roerdal-slenk’: een slenk die ongeveer 25 miljoen jaar geleden ontstond en die loopt van het zuidoosten van Nederland, via het noordoosten van België naar het westen van de Duitse deelstaat Nordhein-Westfalen. Het Nederlandse deel wordt ook wel de ‘centrale slenk’ genoemd. In de oude dekzanden, die werden afgezet in deze slenk, ontstonden door verspoelingen ingesloten leemlagen. Deze zandige leem komt bij Udenhout aan de oppervlakte. Ten noorden daarvan ontstond door vegetatieverwoesting een groot stuifzandcomplex, de Loonse en Drunense Duinen. Tussen dorp en duinen ontwikkelde zich, als gevolg van de slechte afwatering ter plaatse door de aanwezigheid van de leemlagen, een uitgestrekt broeklandschap. Dit nog steeds bestaande broeklandschap sloot aan op de ontginningen die vanuit de nederzetting Udenhout plaatsvonden. Udenhout Aanvankelijk bestond Udenhout uit niet veel meer dan een van west naar oost lopende straat, de ‘Cruysstraat’, gelegen ten westen van het gehucht Winkel. De straat vormde een verbinding tussen de noord-zuid gerichte wegen van Oisterwijk naar Heusden en van Oisterwijk naar Waalwijk. Langs deze straat vormde zich door clustering van boerderijen geleidelijk aan een uitgestrekte nederzetting.

Ondanks de aansluiting op het verharde wegennet omstreeks 1850 en de aanleg van de spoorlijn Tilburg-’s-Hertogenbosch in 1881 breidde het dorp zich maar geleidelijk uit.

Afb.1. De steenfabriek omstreeks 1900.

Steenfabriek Udenhout2 Evenals in Berkel en Enschot leverden de aanwezige leemlagen in de bodem de grondstof voor enkele steenfabrieken. In 1849 werd door de gebroeders Verhoeven een steenbakkerij opgericht, die onder andere stenen leverde voor het nieuwe raadhuis (A. van Veggel, 1849). In de tweede helft van de negentiende eeuw volgden nog meer steenfabrieken, waaronder de machinale steenfabriek van de firma De Rooij en Weijers, opgericht in 1890 door de 2

De geschiedenis van de Steenfabriek Udenhout is uitvoerig beschreven in: Brouwer, L. de, L. ClementVerhoeven, J. Denissen e.a., Over d’n oven. De geschiedenis van de leemwinning en de steenfabricage in Udenhout en Biezenmortel, Udenhout / Biezenmortel, 4 september 2009.

De Onderste Steen, versie 15 april 2019

5

Ontmoetings- en expositieruimte Udenhout

aannemers Bartje de Rooij en Willem Weijers. Zij hadden gronden aangekocht van de oude Perwijshoeve ‘bij de molen’, ten oosten van de spoorlijn, strekkende van de Kreitenmolenstraat tot aan de Heusdensebaan. Door onenigheid over de te volgen koers, stapte Bartje de Rooij in 1897 uit het bedrijf en begon een nieuwe steenfabriek aan de Haarensebaan (steenfabriek Sint Joseph). De ‘oude’ steenfabriek ging verder als Steenfabriek Weijers. In 1918 stopte Weijers met het bedrijf en werd de fabriek overgenomen door een groep industriëlen onder leiding van de Bredase ondernemersfamilie Stulemeijer. Men maakte er een NV. van met een notering aan de Amsterdamse effectenbeurs en er kwam geld vrij voor nieuwe investeringen. In 1929 werd steenfabriek Sint Joseph aangekocht en maakte men van beide fabrieken één groot bedrijf, met vijf ovens en met kilometers lange rijen drooghutten. Steenfabriek Udenhout ontwikkelde zich tot een van de grootste steenfabrieken van Nederland. In 1965 produceerde de fabriek 110.000 stenen per werkdag, ofwel 28 miljoen stenen per jaar. In die tijd werd gemiddeld één op de vijftig huizen in Nederland gebouwd met stenen uit Udenhout. Eind jaren zestig ontstond er overproductie in de baksteenindustrie en kwamen er noodzakelijkerwijs saneringen. De eerste twee grote saneringsgolven kon Steenfabriek Udenhout weerstaan. Maar de derde niet.

In 1973 kwam de fabriek door een vijandelijke overname van aandelen in vreemde handen. Na een reeks overnames en fusies sloot de fabriek in 1992 haar deuren. In 2007 kwam het complex in handen van Brabants Landschap, die de fabriek in 2017 liet afbreken, met uitzondering van de ‘contouren’, een stuk smalspoor, een transformatorgebouw en de voormalige showroom annex kantoor, dat in 1975-1976 was ontworpen door de Tilburgse architect Noud Heerkens.

Afb.2. De steenfabriek in 1973. De Onderste Steen, versie 15 april 2019

6

Ontmoetings- en expositieruimte Udenhout

Afb. 3 en 4. Transport van het leem naar de steenfabriek.

A.C.J. (Noud) Heerkens (1915-2009) Als zoon van een aannemer volgde Noud Heerkens de Ambachtsschool en de Academie voor Beeldende en Bouwende Kunsten in Tilburg. Heerkens bouwde en verbouwde naar schatting 4.000 woningen, boerderijen, bedrijfspanden, zorginstellingen en scholen in Tilburg en omgeving. Tot zijn bekendere werken behoren de Andreasschool (destijds St. Paschalisschool) aan het Lourdesplein (afb.5), woningen aan de Ringbaan-Oost en Veldhovenring (afb.6), een kruisgebouw aan de Lage Witsiebaan, het voormalig tehuis voor dak- en thuislozen De Klinkert aan de Reitse Hoevenstraat en basisscholen in de wijken het Wandelbos en ´t Zand. Voor zichzelf ontwierp hij een markant woonhuis aan de Lourdesstraat 2a. Dit woonhuis (1953) en de naastgelegen woning aan de Ringbaan-Oost 451-451a (1951) zijn recentelijk voorgedragen als gemeentelijk monument. Heerkens was niet alleen actief als architect. Hij had ook een grote maatschappelijke betrokkenheid. Met veel energie en enthousiasme zette hij zich in voor diverse verenigingen zoals de verkennerij, de Sint-Vincentiusvereniging en de gemeentelijke monumentencommissie. Op latere leeftijd was hij actief lid van de BNA (Bond Nederlandse Architecten). Hij was één van de eerste leden van de Wijkraad Binnenstad. Heerkens overleed in 2009 op 94-jarige leeftijd, na een werkzaam leven van zeventig jaar.

Bij zijn dood besloeg zijn archief meer dan 120 meter aan documenten, bouwtekeningen, verslagen, boekjes, mappen en plannen. Om een goed oordeel te krijgen over de waarde van het archief, werden deskundigen uit verschillende disciplines geraadpleegd. Een kunsthistoricus, een oud-archivaris, een architect en mensen uit de beeldende en monumentale kunst bogen zich over het archief. Zij constateerden dat het archief de maatschappelijke ontwikkelingen van de twintigste eeuw nauwgezet weerspiegelt, zoals de crisis, wederopbouw en toegenomen welvaart. Maar ook specifieke ontwikkelingen zoals die binnen de stedenbouw, de ruimtelijke ordening en innovaties in de bouwpraktijk zijn goed zichtbaar in het archief. Zij kwamen tot de conclusie dat de cultuurhistorische waarde ervan groot is. Een selectie uit het archief werd overgedragen aan het Regionaal Archief Tilburg.

De Onderste Steen, versie 15 april 2019

7

Ontmoetings- en expositieruimte Udenhout

Afb.5. St. Paschalisschool, Lourdesplein, Tilburg.

Afb.6. Woningen Ringbaan-Oost, Tilburg.

Ontmoetings- en expositieruimte De voormalige showroom annex kantoor van de NV. Steenfabriek Udenhout v/h Weijers & Co. werd in 1976-1977 gebouwd naar ontwerp van de Tilburgse architect Noud Heerkens. Het gebouw werd ontworpen in 1975-1976; de oplevering vond plaats in 1977. De uitvoering lag in handen van J.A. Brekelmans aannemersbedrijf BV. uit Udenhout, de centrale verwarmingsinstallatie werd aangelegd door H. de Bont BV. uit Tilburg en het meubilair werd geleverd door de firma Gispen. De baksteen werd – hoe kan het ook anders – geleverd door de steenfabriek zelf. Het gebouw bestond uit een centrale expositieruimte, waaromheen vijf kleine kantoren waren gesitueerd, alsmede een zitje en een blok met toiletten, garderobe en een keuken. Een trap leidde vanuit de expositieruimte naar een kleine verdieping met een tweede zitje annex documentatieruimte en een ruimte voor de cv-installatie. Het gebouw kenmerkte zich door het gebruik van afgeronde hoeken en variatie in bouwhoogten.

De Onderste Steen, versie 15 april 2019

8

Ontmoetings- en expositieruimte Udenhout

Afb.7. Schets voorgevel, 1975.

Afb.8. Voorgevel en linker zijgevel, net na de bouw, 1977.

De Onderste Steen, versie 15 april 2019

9

Ontmoetings- en expositieruimte Udenhout

Afb.9. Ontwerpschets voor een (niet meer bestaande) plantenbak, die zich waarschijnlijk in het midden van de centrale expositieruimte bevond, 1975.

Afb.10. Interieur begane grond, met verschillende voorbeelden van tegels, ca. 1977 (Foto: Paul Hutten). De Onderste Steen, versie 15 april 2019

10

Ontmoetings- en expositieruimte Udenhout

Theo van Amstel (1927-2010) In de documentatieruimte op de verdieping werd een kunstwerk geplaatst naar ontwerp van Theo van Amstel. Het kunstwerk bestaat uit een mozaïek van diverse soorten baksteen. Theodoor Adriaan Arnold Maria van Amstel was tekenaar, beeldhouwer, schilder en vormgever. Hij genoot zijn opleiding aan de Rijksakademie van Beeldende Kunsten in Amsterdam en aan de RK. Akademie voor Beeldende en Bouwende Kunsten in Tilburg. Van Amstel was vooral beroemd vanwege zijn mozaïeken in baksteen. Zijn werk hangt in tal van overheidsgebouwen door heel Nederland, zoals stadhuizen, scholen, postkantoren en gerechtsgebouwen. Zijn werk werd geplaatst op diverse locaties in Son (en Breugel), zoals de steenfabriek (1958, verloren gegaan + 1966), basisschool De Springplank (1959), zijn eigen woonhuis (1962), de voormalige Boerenleenbank (1962), het gemeentehuis (1963) en het voormalig politiebureau (1966). Ook is zijn werk geplaatst in de (stations)postkantoren van Eindhoven (1961, verloren gegaan), Uden en Meppel (1971), het voormalige arbeidsbureau in Eindhoven en naar verluidt ook in het Gemeentehuis in Tilburg.

Afb.11. Gemeentehuis Son en Breugel.

Afb.12. Zitje op de verdieping van de ontmoetings- en expositieruimte, Steenfabriek Udenhout. De Onderste Steen, versie 15 april 2019

11

Ontmoetings- en expositieruimte Udenhout

Tekeningen 1975

Afb.13. Situatietekening.

Afb.14. Plattegrond begane grond. De Onderste Steen, versie 15 april 2019

12

Ontmoetings- en expositieruimte Udenhout

Afb.15 t/m 18. Gevelopstanden. De Onderste Steen, versie 15 april 2019

13

Ontmoetings- en expositieruimte Udenhout

Beschrijving Situatie (afb.13 en 21-22) De Van Ginnekenweg loopt van de spoorlijn / Brabantsehoek in zuidoostelijke richting tot aan het Molenbaantje. Aan de noordzijde van de weg lag de eigenlijke steenfabriek, aan de zuidzijde lag een inmiddels afgebroken kantoorgebouw met ernaast de voormalige ontmoetings- en expositieruimte. Het gebied is momenteel nog volop in ontwikkeling. Rechts van het gebouw staan nog drie (geknotte) monumentale bomen. Exterieur (afb.14 t/m 18 en 23 t/m 26) De ontmoetings- en expositieruimte kent een complexe plattegrond. De hoofdvorm bestaat uit een rechthoek, waarvan de hoeken linksvoor en linksachter afgerond zijn. Tegen de linker- en de rechterzijgevel bevindt zich een uitbouw, waarvan de voorzijden eveneens een afgeronde vorm hebben. De voorgevel bevindt zich aan de noordoostzijde. Het dak loopt, vanaf de voorgevel gezien, schuin naar rechts af. Het dak van de linker uitbouw loopt schuin af naar links. Op het dak zijn lichtkoepels geplaatst, die recentelijk zijn vernieuwd. De gevels zijn opgetrokken uit baksteen. De deur- en vensterprofielen zijn van aluminium, alhoewel een deel van de kozijnen inmiddels is vervangen door houten exemplaren. De vensters in de buitengevel lopen bijna allemaal door tot aan vloerniveau. In het midden van de voorgevel bevindt zich een glazen ingangspartij.

Interieur (afb.19 en 27 t/m 41) In het interieur zijn de ronde vormen van de buitenmuren doorgezet. Via de entree komt men in een kleine hal (afb.27). Links bevond zich oorspronkelijk een balie met receptie, met daarachter een keukentje, twee toiletten, een garderobe en een klein vertrek (‘een zitje’) (afb.28-29). Rechts van de hal bevindt zich een rechthoekig kantoor, waarvan een deel een verlaagd plafond heeft, omdat hierboven zich een ruimte voor de cv-installatie bevindt (afb.30). Wanneer men in de hal rechtdoor gaat, komt men uit in de kern van het gebouw: de expositieruimte (afb.31-33). Om zoveel mogelijk muuroppervlak te kunnen benutten, heeft deze ruimte slechts een klein hoog geplaatst venster in de linker gevel, en een smal, staand venster in de achtergevel. De daglichttoetreding vindt plaats via ronde lichtopeningen in het plafond. De muren zijn grof gestuukt; het plafond is betimmerd met houten latten. In het midden van de ruimte bevond zich een ronde, gemetselde plantenbak, welke inmiddels is verdwenen (afb.9). De expositieruimte geeft rechts toegang tot nog eens vier kleine kantoorruimtes (afb.35-37). Deze ruimtes hebben alle grote vensters, die uitzicht geven op het omliggende landschap. De muren bestaan (oorspronkelijk) uit schoon metselwerk en de plafonds zijn voorzien van houten latten.

Links van de expositieruimte bevindt zich een vertrek waar voorheen diverse soorten plavuizen waren tentoongesteld (afb.10 en 34). Een ijzeren trap met houten treden, waarvan de ijzeren leuning van recente datum dateert, leidt vanuit de expositieruimte naar een kleine overloop (afb.38-39). Deze overloop geeft toegang aan de cv-ruimte aan de ene zijde, en een documentatieruimte aan de andere zijde (afb.12, 19 en 40). Vanuit dit vertrek had men zowel zicht op de steenfabriek, als op het omliggende landschap. De muren zijn voorzien van een kunstwerk van Theo van Amstel. Ook bevindt zich hier een open haard. De Onderste Steen, versie 15 april 2019

14

Ontmoetings- en expositieruimte Udenhout

Afb.19. Documentatieruimte, zuidzijde (vergl. afb.12).

Waardering Om de architectuur- en cultuurhistorische waarde van gebouwen te kunnen vaststellen, zijn in de loop der tijd diverse methoden ontwikkeld om een bepaalde mate van objectiviteit te waarborgen. In dit rapport wordt de meest gangbare methode gehanteerd, zoals die door de toenmalige Rijksdienst voor de Monumentenzorg (nu: de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed) is ontwikkeld. Deze methode kent vijf verschillende waarderingscriteria, die hieronder worden beschreven. Daarop volgt een conclusie.

Cultuurhistorische waarden De ontmoetings- en expositieruimte aan de Van Ginnekenweg 12 in Udenhout is in 19761977 gebouwd als onderdeel van de Steenfabriek Udenhout. Deze steenfabriek was destijds een van de grootste steenfabrieken van Nederland en voor Udenhout en omstreken economisch van groot belang. Ook heeft de aanwezigheid van de steenfabriek blijvend gevolgen gehad voor de inrichting van het landschap; het afgraven van de benodigde klei heeft geleid tot de zogenaamde ‘Leemkuilen’, een waterrijk gebied ten oosten van de voormalige steenfabriek. Het voormalige fabrieksterrein wordt momenteel getransformeerd tot natuurgebied (zie ook afb.21). Het vormt hiermee een belangrijke schakel tussen het Nationaal Park Loonse en Drunense Duinen en Nationaal Landschap Het Groene Woud. Met uitzondering van enkele restanten, zoals betonvloeren, de contouren, het transformatorgebouw en wat smalspoor, is de voormalige ontmoetings- en expositieruimte het enige gebouw van de steenfabriek dat intact is gebleven. Het gebouw vertegenwoordigt hiermee een hoge cultuurhistorische waarde. De Onderste Steen, versie 15 april 2019

15

Ontmoetings- en expositieruimte Udenhout

Architectuur- en kunsthistorische waarden De voormalige ontmoetings- en expositieruimte is op een bijzondere wijze vormgegeven, rekening houdend met de functie van het gebouw en de omgeving. De grote, gesloten expositieruimte wordt omringd door enkele kleinere (kantoor-)ruimten, van waaruit het omliggende landschap goed zichtbaar is, vooral dankzij het gebruik van vensters die tot aan de grond doorlopen. Zowel het aflopende dak en de ronde hoeken, als de gebruikte materiaalafwerking (met afwisselend gestuukt en schoon metselwerk), aluminium kozijnen en een houten afwerking van het plafond zijn kenmerkend voor de jaren zeventig van de twintigste eeuw. Het gebouw neemt een belangrijke plaats in binnen het oeuvre van Noud Heerkens, een architect die in Tilburg en omstreken een belangrijke stempel op de architectuur heeft gedrukt. Het kunstwerk in het vertrek op de verdieping is kenmerkend voor het werk van de regionale kunstenaar Theo van Amstel. Het kunstwerk is onlosmakelijk met het gebouw verbonden en vormt er een wezenlijk onderdeel van. Zowel de architectonische, als de kunsthistorische waarde van de voormalige ontmoetingsen expositieruimte is hoog. Stedenbouwkundige en ensemblewaarden Stedenbouwkundig gezien vertegenwoordigt het gebouw weinig waarde. Het ligt aan een onverharde weg, midden in een landschap dat nog in ontwikkeling is.

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api.notubiz.nl/document/10695829/1