04 Memo Verklaring van geen bedenkingen d_d_ 4-7-2023
Tekst van het document
Memo Van: Stijn de Kort Betreft: Verklaring van geen bedenkingen Aan: Woordvoerders wonen & sport Datum: 4 juli 2023 Beste woordvoerders, Op 6 juli staat het raadsvoorstel padelbanen Spaubeekstraat: Verklaring van geen bedenkingen op de agenda. Tijdens de debatbijeenkomst van 19 juni 2023 gaf een aantal fracties aan een motie en/of amendement te overwegen om in te brengen tijdens de raadsvergadering van 6 juli. Tijdens de bijeenkomst ontstond enige onduidelijkheid over de mogelijkheden om een motie/amendement in te dienen op het raadsvoorstel nu het niet gaat om een regulier raadsvoorstel maar om een verklaring van geen bedenkingen. In deze memo wordt kort uiteengezet wat dit voor gevolgen heeft.
Verklaring van geen bedenkingen De ontwikkeling van de padelbanen past niet in zijn geheel binnen het vigerende bestemmingsplan, in dit geval gaat het dan specifiek om de buitenbanen. Om de ontwikkeling wel mogelijk te maken en te kunnen afwijken van het vigerende bestemmingsplan is er op grond van art. 2.27 Wabo (Wet algemene bepalingen omgevingsrecht) jo. art. 6.5 lid 1 Bor (Besluit omgevingsrecht) een verklaring van geen bedenkingen nodig van de gemeenteraad. Praktisch gezien houdt dit in dat het college alleen de omgevingsvergunning kan verlenen wanneer de raad verklaring van geen bedenkingen afgeeft. Op grond van art. 2.27 lid 3 Wabo jo. art. 6.5 lid 2 Bor kan de gemeenteraad de verklaring alleen weigeren wanneer dit in het belang is van een goede ruimtelijke ordening. Concreet betekent dit dat de raad het voorstel alleen kan afwijzen wanneer dit in het belang is van de ruimtelijke ordening. Elk afzonderlijk argument wat de raad aanvoert om het voorstel te weigeren moet ruimtelijk onderbouwd worden en dus niet politiek gekleurd zijn. Het is de raad niet toegestaan aanpassingen in het plan af te dwingen, de raad moet uitgaan van de aanvraag zoals deze is ingediend.
Moties en amendementen Ter bescherming van de belangen die bij het besluit omtrent de afgifte van een verklaring van geen bedenkingen worden betrokken, kan het nodig zijn dat de aangevraagde activiteit nader wordt gereguleerd door middel van aan de omgevingsvergunning te verbinden voorschriften. Echter, alleen het college is bevoegd om voorschriften aan de omgevingsvergunning te verbinden. Om de raad niet helemaal ‘buiten spel’ te zetten bepaalt artikel 2.27, vierde lid, van de Wabo dat de raad met het oog op de door hem te wegen belangen kan bepalen dat het college, bepaalde voorschriften aan de omgevingsvergunning moet verbinden. Belangrijk daarbij is dat de door de raad opgedragen voorschriften duidelijk als voorschriften in de omgevingsvergunning kenbaar moeten zijn.1 Verder volgt uit artikel 2.22, tweede lid, van de Wabo dat het college verplicht is om die voorschriften ook daadwerkelijk en ‘onverkort’2 aan de omgevingsvergunning te verbinden.
1
vlg. een uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van 31 mei 2017, ECLI:NL:RVS:2017:1333, met name r.o. 6.4 2 Kamerstukken II 2006/07, 30844, 3, p. 114
Deze voorschriften zien dus op het gebruik. Te denken valt een regulering van de openingstijden van de buitenbanen of bijvoorbeeld het verbod op versterkte muziek. Het is met deze voorschriften niet mogelijk om bijvoorbeeld verhoging en/of verplaatsing van een geluidscherm vast te leggen. Dit zou namelijk een aanpassing van het plan zelf zijn en daartoe is de raad niet bevoegd.
Samenvatting Welke opties zijn er dus voor de raad: 1. De verklaring van geen bedenkingen verlenen. 2. De verklaring van geen bedenkingen weigeren. Hierbij moet de weigering gemotiveerd worden door middel van argumenten die zien op de ruimtelijke ordening. 3. De verklaring van geen bedenkingen verlenen en het college verplichten bepaalde voorschriften aan de omgevingsvergunning te verbinden. Deze voorschriften zien alleen op het gebruik en kunnen geen aanpassingen aan het plan als zodanig afdwingen.