04 Accountantsverslag 2021 GR VR MWB - WG
Tekst van het document
Accountantsverslag 2021 Gemeenschappelijke regeling Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant
Aan het algemeen bestuur van de gemeenschappelijke regeling Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant t.a.v. mevrouw A.C. Trijselaar, algemeen directeur Postbus 3208 5003 DE TILBURG Onderwerp Accountantsverslag 2021 Datum 29 maart 2022 Kenmerk 312019006.22.110
Geachte leden van het algemeen bestuur, Wij hebben de controle van de jaarrekening 2021 van uw gemeenschappelijke regeling afgerond. De jaarrekening van de gemeenschappelijke regeling Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant is opgesteld onder verantwoordelijkheid van het dagelijks bestuur. Met dit accountantsverslag informeren wij u over onze belangrijkste controlebevindingen. Op 21 maart 2022 hebben wij een aantal controlebevindingen reeds besproken met uw directeur en uw controller. Bij de jaarrekening 2021 hebben wij op 29 maart 2022 een goedkeurende controleverklaring afgegeven, zowel voor het aspect getrouwheid als voor het aspect rechtmatigheid. Ons accountantsverslag is bedoeld om u te ondersteunen in de beoordeling van de jaarrekening 2021. De bevindingen en beschouwingen in dit verslag komen voort uit onze controlewerkzaamheden en diverse besprekingen die wij met uw medewerkers hebben gevoerd. Voor de goede orde vermelden wij dat uw controlerende taak uiteraard verder gaat dan uitsluitend het financieel getinte perspectief vanuit de accountantscontrole. Wij maken u erop attent dat voor dit accountantsverslag een beperkte verspreidingskring geldt. Het accountantsverslag is uitsluitend bestemd voor het algemeen bestuur, het dagelijks bestuur en het management.
Met vriendelijke groet, Publieke Sector Accountants B.V.
ValidSigned door W. Kalkman RA op 29-03-2022 Was getekend: W. Kalkman RA
Op alle opdrachten verricht door Publieke Sector Accountants B.V. zijn de ‘Algemene Voorwaarden Publieke Sector Accountants’, gedeponeerd bij de Kamer van Koophandel onder nummer 69411409, van toepassing. Publieke Sector Accountants B.V. is ingeschreven in het handelsregister van de Kamer van Koophandel te Utrecht onder nummer 69411409. .
Inhoudsopgave
Contact De volgende personen kunnen benaderd worden bij vragen met betrekking tot dit accountantsverslag: Wouter Kalkman Tel: 06 – 2127 2977 Amar Iqbal Tel: 06 – 4003 1051
1. Onze controleaanpak en de uitkomsten daarbij ... 1 2. Financiële positie en resultaat ............................. 6 3. Bevindingen eindejaarscontrole......................... 10 4. Interne beheersing ............................................ 18 5. Overige aangelegenheden ................................. 21 6. Bijlagen ............................................................. 28
1.
Onze controleaanpak en de uitkomsten daarbij
312019006.22.110 - 1
1. Onze controleaanpak en de uitkomsten daarbij Reikwijdte van de controle
Met de opdrachtbevestiging van 19 juli 2021 (kenmerk 312019006.21.197) heeft u ons de opdracht gegeven tot het controleren van de jaarrekening 2021. De doelstelling van de controle is het afgeven van een controleverklaring bij de jaarrekening van de gemeenschappelijke regeling Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant. De reikwijdte van onze controle staat omschreven in deze opdrachtbevestiging. Er is gedurende het verloop van de controle op geen enkele wijze sprake geweest van een beperking in de reikwijdte van onze controle. Wij achten de reikwijdte van onze controle voor 2021 voldoende voor de doelstelling van onze controle. In dit accountantsverslag geven wij een toelichting op de bevindingen naar aanleiding van de controle. Onze controle wordt verricht in overeenstemming met Nederlands recht, waaronder de Nederlandse Controlestandaarden en de beleidsregels toepassing Wet normering topinkomens (WNT).
Materialiteitsbepaling is overeenkomstig het Besluit accountantscontrole decentrale overheden en het vastgestelde controleprotocol
De maximaal toe te passen marges voor de accountantscontrole zijn vastgelegd in het Besluit accountantscontrole decentrale overheden (het Bado). Op 8 december 2021 heeft het algemeen bestuur het “Controleprotocol Veiligheidsregio MWB 2021” vastgesteld, waarin de goedkeuringstoleranties ook zijn bevestigd. In het accountantsprotocol heeft u geen lagere marges vastgesteld waardoor wij het wettelijke kader als uitgangspunt hebben gehanteerd. De bij onze controle van de jaarrekening 2021 toegepaste goedkeuringstoleranties bedragen derhalve:
Bron: Jaarrekening 2021 Goedkeuringsmaterialiteit
Fouten
Onzekerheden € 972.000
€ 2.916.000
Het algemeen bestuur heeft in het controleprotocol de rapporteringstolerantie vastgesteld op € 900.000.
312019006.22.110 - 1
Onze aanpak is gericht op risico’s
Voor de jaarrekeningcontrole 2021 onderkennen wij een aantal risico’s en aandachtspunten, die een verhoogd (bruto) risico met zich mee (kunnen) brengen op een materiële fout in uw jaarrekening en die een mogelijke impact op de bedrijfsvoering kunnen hebben. De risico’s en aandachtspunten zijn hieronder weergegeven. Opname van een risicogebied of aandachtspunt in deze opsomming betekent niet dat daadwerkelijk sprake is van risico’s die zich daadwerkelijk voordoen, maar zijn enkel bedoeld om aan te geven dat wij hier tijdens onze controle (extra) aandacht aan hebben besteed. Risico’s en aandachtspunten voor de controle van de jaarrekening 2021 Bestaan en waardering van (vaste) activa als gevolg van schattingselementen (inschatting van levensduur en restwaarden). Verwerking van reservemutaties als gevolg van wijzigingen in de Kadernota rechtmatigheid van de commissie BBV in 2018. De verantwoording en waardering van voorzieningen (onderhoudsvoorzieningen) in relatie tot de aanwezigheid van actuele beheerplannen en andere onderbouwingen. “Management override of controls”. Dit betreft de mogelijkheid die het management heeft om specifieke controlemaatregelen te omzeilen, bijvoorbeeld door memoriaalboekingen of het schattingsproces. De specifieke aandacht voor dit risico is voorgeschreven vanuit de controlerichtlijnen en is niet uniek voor uw veiligheidsregio.
De naleving van de (Europese) aanbestedingsregels. Opbrengstverantwoording van materiële opbrengstenstromen, dat zijn de bijdragen van de gemeenten voor basistaken en intekentaken, en de overige opbrengsten. Betaalproces, vanwege de potentiële (fraude-)risico’s. Verantwoording WNT (vanwege de complexe wet- en regelgeving). Het inschatten als significant risico is inherent aan deze posten en is niet direct een gevolg van verwachte leemten in de interne beheersing van uw gemeenschappelijke regeling. Ook is sprake van inschattingen van bruto risico’s, alvorens eventuele beheersmaatregelen zijn genomen. Ter voorkoming van een materiële fout in de jaarrekening heeft u voor bovenstaande risicogebieden beheersmaatregelen getroffen. Wij hebben ons bij de controle gericht op de opzet en het bestaan van de door u ingerichte beheersingsomgeving, die deze risico’s moeten verkleinen. Voor een toelichting op een aantal onderkende risico’s en aandachtpunten verwijzen wij naar het hoofdstuk ‘bevindingen eindejaarscontrole’. Daarnaast verwijzen wij u naar onze bevindingen in het hoofdstuk ‘Interne beheersing’.
De baten en lasten, alsmede Op basis van uw controleprotocol en normenkader, zoals vastgesteld door uw algemeen bestuur op 8 december 2021, hebben wij de naleving van het financieel rechtmatigheidskader voor uw gemeenschappelijke regeling gecontroleerd. Hierbij zijn geen materiële balansmutaties, zijn bijzonderheden geconstateerd. Uw gemeenschappelijke regeling kent één programma (het programma Veiligheid). Op dit rechtmatig programma is sprake van een overschrijding van de begroting van de lasten voor een bedrag van € 3,1 miljoen.
312019006.22.110 - 2
Onze conclusie is derhalve dat de baten en lasten, alsmede de balansmutaties, rechtmatig zijn weergegeven in de jaarrekening 2021.
De jaarrekening voldoet aan Significante verslaggevingsgrondslagen en de toepassing hiervan zijn belangrijk voor de presentatie van de financiële positie en de baten en lasten van de gemeenschappelijke regeling Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant. Daarnaast vereisen zij van het het BBV
dagelijks bestuur het toepassen van oordeelsvorming ten aanzien van moeilijke, subjectieve en complexe posities, die vaak – vanwege de noodzaak om inschattingen te moeten maken over het effect van zaken – inherent onzeker zijn.
De belangrijkste verslaggevingsgrondslagen van de gemeenschappelijke regeling Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant zijn uiteengezet in hoofdstuk 4.1 van de jaarstukken ‘Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling’. In de jaarrekening 2021 hebben zich ten opzichte van 2020 geen wijzigingen van materieel belang voorgedaan in de toegepaste verslaggevingsgrondslagen, die een aanzienlijke invloed hebben gehad op de baten en lasten en/of de financiële positie van de gemeenschappelijke regeling Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant. Wij hebben het door het dagelijks bestuur toegepaste proces voor belangrijke verslaggevingsgrondslagen geëvalueerd en hebben gegevensgerichte controlewerkzaamheden uitgevoerd. Wij hebben de toepassing van de juiste methodiek, de aannames, de berekeningen en de consistente toepassing van de betrokken modellen en/of de van toepassing zijnde financiële verslaggeving beoordeeld. Wij zijn van mening dat de verslaggevingsgrondslagen en de toegepaste inschattingen redelijk zijn en consistent zijn gebruikt: de jaarstukken voldoen aan het BBV (Besluit begroting en verantwoording).
Geen geïdentificeerde materiële fouten en tekortkomingen in de jaarstukken
Naar aanleiding van onze jaarrekeningcontrole, resteren er geen van materieel belang zijnde ongecorrigeerde afwijkingen of onzekerheden. Door ons gerapporteerde bevindingen zijn derhalve niet materieel (dus hebben geen invloed op de strekking van onze controleverklaring), maar zijn naar onze mening vooral van belang voor uw beoordeling van de jaarstukken en de verdere kwaliteitsverbetering van de administratieve organisatie en interne beheersing. Voor de niet materiële fouten en tekortkomingen in de jaarstukken verwijzen wij u naar de diverse onderdelen van dit rapport.
Goedkeurende controleverklaring
Wij zijn van oordeel dat de jaarrekening 2021 van de gemeenschappelijke regeling Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant een getrouw beeld geeft van het eigen vermogen op 31 december 2021 en het resultaat over 2021. Voorts zijn wij van oordeel dat de in deze jaarrekening verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties over 2021 in alle van materieel belang zijnde aspecten tot stand zijn gekomen in overeenstemming met de in de relevante wet- en regelgeving opgenomen bepalingen, zoals opgenomen in het normenkader (vastgesteld door het algemeen bestuur op 8 december 2021).
312019006.22.110 - 3
Hierbij geldt als voorwaarde dat de door ons gecontroleerde jaarrekening ongewijzigd door het algemeen bestuur wordt vastgesteld. Wij verzoeken u derhalve ons een door de leden van het algemeen bestuur ondertekend exemplaar van de vastgestelde jaarrekening te verstrekken. Mochten nog wijzigingen worden aangebracht in de definitieve versie van de jaarrekening dan dienen wij deze te beoordelen alvorens onze controleverklaring hierbij mag worden opgenomen.
312019006.22.110 - 4
2.
Financiële positie en resultaat
312019006.22.110 - 5
2. Financiële positie en resultaat De vermogenspositie van uw gemeenschappelijke regeling neemt in absolute zin toe
In het BBV, de verslaggevingsregels voor gemeenschappelijke regelingen, wordt een duidelijk onderscheid gemaakt tussen resultaatbepaling en resultaatbestemming. Alle baten en lasten dienen via het overzicht van baten en lasten in de jaarrekening te lopen. Er mogen geen baten of lasten rechtstreeks in het eigen vermogen (dat bestaat uit de algemene reserve en de bestemmingsreserves) worden gemuteerd. De mutaties in het eigen vermogen vinden plaats door middel van de resultaatbestemming. Het gerealiseerd totaalsaldo van baten en lasten 2021 bedraagt € 1,1 miljoen voordelig. Per saldo is tussentijds € 1,7 miljoen aan de reserves onttrokken, zodat het uiteindelijk gerealiseerde resultaat over 2021 € 2,8 miljoen voordelig bedraagt. Dit resultaat is afzonderlijk vermeld onder het eigen vermogen in de balans. In het hiernavolgende overzicht hebben wij de ontwikkeling van het eigen vermogen opgenomen. Eigen vermogen (in € 1.000)
2021
2020
2019
2018
Eigen vermogen per 1 januari
18.832
19.531
18.582
23.717
Uitkering aan de deelnemende gemeenten
1.252
1.039
1.242
6.910
17.580
18.492
17.340
16.807
-/- 1.706
-/- 2.986
-/- 431
51
Gerealiseerd resultaat
2.829
3.326
2.622
1.724
Totaal (‘gerealiseerd saldo van baten en lasten’)
1.123
340
2.191
1.775
Eigen vermogen per 31 december
18.703
18.832
19.531
18.582
Tussentijdse resultaatbestemming
De tussentijdse resultaatbestemming bestaat uit de stortingen in en onttrekkingen uit de reserves, in overeenstemming met de besluiten van uw algemeen bestuur. 312019006.22.110 - 6
De omvang van het eigen vermogen bedraagt ultimo 2021 circa 28% van het balanstotaal (2020: circa 30% van het balanstotaal). In toelichting op de balans geeft het dagelijks bestuur een nadere toelichting op de mutaties in het eigen vermogen over het jaar 2021. Wij verwijzen u naar deze toelichting.
Resultaat 2021 is beïnvloed door reservemutatie(s)
Het feitelijke saldo van baten en lasten in een jaar wordt weergegeven als het gerealiseerde totaalsaldo van baten en lasten. Daarnaast kent de gemeenschappelijke regeling ook het gerealiseerde resultaat. Dit is het gerealiseerde totaalsaldo van baten en lasten plus of min de tussentijdse resultaatbestemmingen. Deze bestemmingen bestaan uit in de loop van het jaar gedane onttrekkingen uit reserves minus de tussentijdse stortingen in reserves. De stortingen in dan wel onttrekkingen aan reserves vinden plaats op basis van door u genomen besluiten. Het gerealiseerde resultaat is dus mede het gevolg van de bestuurlijke besluitvorming. Concreet betekent dit voor uw gemeenschappelijke regeling het volgende: Exploitatieresultaat (in € miljoen) Totale baten
90,5
Totale lasten
89,4
Gerealiseerd saldo van baten en lasten voordelig
1,1
Af: stortingen in reserves
7,8
Bij: onttrekkingen aan reserves
9,5
Saldo mutaties reserves
1,7
Gerealiseerd resultaat
2,8
De exploitatie over 2021 laat een voordelig gerealiseerd totaal saldo van baten en lasten van € 2.829.000 zien, ten opzichte van een begroot saldo van nihil. Dit is een voordeel van € 2.829.000. Het gerealiseerde voordelig resultaat is afzonderlijk op de balans onder het eigen vermogen opgenomen. In de jaarstukken wordt op diverse plaatsen een nadere toelichting gegeven op de totstandkoming van het resultaat en worden de verschillen tussen de begroting en de gerealiseerde baten en lasten verklaard. Wij verwijzen u naar deze toelichtingen.
312019006.22.110 - 7
Het voordelige exploitatieresultaat 2021 (vóór bestemming) is mede ontstaan na een aantal incidentele baten en lasten. Door het effect van de incidentele baten en lasten buiten beschouwing te laten, ontstaat meer inzicht in de reguliere baten en lasten. Het inzicht in de reguliere baten en lasten is van belang, omdat het een betere indicatie geeft van de toekomstige baten en lasten, overigens zonder rekening te houden met beleidswijzigingen. In de toelichting op het overzicht van baten en lasten is eveneens inzicht in de incidentele baten en lasten gegeven (hoofdstuk 4.7). Kortheidshalve verwijzen wij u naar deze uiteenzetting.
312019006.22.110 - 8
3.
Bevindingen eindejaarscontrole
312019006.22.110 - 9
3. Bevindingen eindejaarscontrole Oplevering was voldoende, maar wij zien verbeterpunten
Bij de start van de controle op 21 februari 2022 waren de concept jaarstukken gereed. De oplevering van de onderbouwende stukken was niet volledig, maar wel voldoende om op 21 februari 2022 de controle te kunnen starten. Voornamelijk het proces rondom het aanleveren van het balansdossier (uploaden), het kunnen uitvoeren van een steekproef op de Europese aanbestedingen en het verkrijgen van het format lonen en salarissen hebben gezorgd voor een vertraging in de controle. Na de start van de controle van de jaarrekening 2021 hebben wij de volledige en constructieve medewerking van uw organisatie gehad.
Er is geen sprake van begrotingsonrechtmatigheden
Naast de controle op de rechtmatige totstandkoming van de baten, lasten en balansmutaties in de jaarrekening 2021, hebben wij de begrotingsrechtmatigheid gecontroleerd. De toe te passen normen voor dit begrotingscriterium zijn gebaseerd op artikel 189, 190 en 191 van de Gemeentewet en moet door het algemeen bestuur zelf nader worden ingevuld en geconcretiseerd. Dit gebeurt door middel van de begroting en via de verordening op het financieel beheer ex artikel 212 van de Gemeentewet. Het systeem van budgetbeheer en -bewaking moet waarborgen dat de baten en lasten binnen de begroting blijven en dat belangrijke wijzigingen of dreigende overschrijdingen tijdig worden gemeld aan het algemeen bestuur, zodat deze tijdig (binnen het begrotingsjaar) een besluit kan nemen. Een systeem met onvoldoende waarborgen voor tijdige melding aan het algemeen bestuur van budgetoverschrijdingen heeft het risico in zich dat inbreuk wordt gemaakt op het budgetrecht van het algemeen bestuur. Het begrotingscriterium is verder verfijnd en uitgewerkt in de Kadernota van de Commissie BBV. Een belangrijk uitgangspunt is dat het overschrijden van de begroting altijd onrechtmatig is, maar niet in alle gevallen hoeft te worden meegewogen in het accountantsoordeel.
Essentieel is dat het algemeen bestuur nadere regels kan stellen wanneer kostenoverschrijdingen die worden gecompenseerd door direct gerelateerde opbrengsten (1), kostenoverschrijdingen passend binnen het beleid (2) en kostenoverschrijdingen bij openeinderegelingen (3) moeten meewegen bij het oordeel van de accountant. In die gevallen dat het algemeen bestuur geen nader beleid stelt, geldt het uitgangspunt dat deze kostenoverschrijdingen door de accountant niet worden betrokken bij de beslissing of al dan niet een goedkeurende controleverklaring kan worden afgegeven. Deze kostenoverschrijdingen moeten dan wel goed herkenbaar in de jaarrekening zijn opgenomen. Daarnaast moet de accountant deze kostenoverschrijdingen – waarvan het dagelijks bestuur in de jaarrekening moet aangeven dat het algemeen bestuur deze nog dient te autoriseren – in het verslag van bevindingen aan de orde stellen. Extra lasten die zijn gemaakt omdat extra opbrengsten daarvoor de ruimte bieden, terwijl deze extra lasten niet direct zijn gerelateerd aan de extra opbrengsten en waarbij het algemeen bestuur nog geen besluit heeft genomen over de aanwending van deze extra opbrengsten, zijn onrechtmatig en tellen mee in het oordeel van de accountant. Dit is bij de gemeenschappelijke regeling Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant overigens niet aan de orde. 312019006.22.110 - 10
Begrotingsafwijkingen werken niet door in de controleverklaring In het kader van de begrotingsrechtmatigheid moet gekeken worden naar de lastenoverschrijdingen op het niveau waarop het algemeen bestuur de begroting autoriseert. In uw geval is er slechts één programma op het niveau van de gemeenschappelijke regeling Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant. Over het jaar 2021 is er sprake van een overschrijding van € 3,1 miljoen. Uw gemeenschappelijke regeling had de totale lasten begroot op € 86,3 miljoen, hiertegenover staan de werkelijke lasten van € 89,4 miljoen. Hiervan is circa € 80.000 onrechtmatig en betrokken in ons oordeel, verdeeld over de onderdelen Overhead en Algemene dekkingsmiddelen. Zie ook de toelichting hierop in uw jaarrekening (pagina 75). Deze onrechtmatigheid heeft gezien de omvang geen invloed op ons goedkeurende oordeel. De begrotingsrechtmatigheid omvat ook de overschrijdingen op investeringskredieten. Deze hebben zich in 2021 niet voorgedaan.
Geen sprake van te betalen vennootschapsbelasting
De veiligheidsregio laat zich inzake vennootschapsbelasting bijstaan door een extern deskundige. Op basis van de laatste rapportage blijkt dat de activiteiten rondom advisering zich kwalificeren als belastingplichtig. Echter is er op deze activiteiten sprake van een structureel fiscaal verlies. In de jaarrekening is daarom geen Vpb-last verantwoord. Wij adviseren de ontwikkelingen inzake Vpb voor overheidsbedrijven en uw eigen Vpb-positie te blijven monitoren, om tegenvallers inzake de Vpb te voorkomen dan wel tijdig te signaleren. Daarnaast adviseren wij u om uw Vpb-positie af te (blijven) stemmen met de belastingdienst.
WNT-verantwoording en anticumulatiebepaling WNT
De Wet normering topinkomens (WNT) is in werking getreden met ingang van 1 januari 2013. De WNT regelt niet alleen de openbaarmaking van topinkomens in de publieke en semipublieke sector, maar stelt ook maxima aan de hoogte van de bezoldiging van topfunctionarissen en tevens aan de ontslagvergoedingen. Met ingang van 1 januari 2013 is bij wet vastgelegd dat rechtspersonen of organisaties die volledig of in aanzienlijke mate uit publieke middelen zijn gefinancierd beloningen van topfunctionarissen openbaar dienen te maken, ook als deze de in de wet gestelde maximale bezoldiging over 2021 van € 209.000 niet te boven gaat. Daarnaast dienen gemeenschappelijke regelingen het salaris openbaar te maken van overige medewerkers (inclusief – wanneer aan bepaalde voorwaarden is voldaan – ingehuurd personeel) die een bezoldiging ontvangen boven deze norm. Ten slotte stelt de WNT een aantal overige eisen, zoals een maximale ontslagvergoeding voor topfunctionarissen van € 75.000. Met ingang van boekjaar 2018 dienen ook de ontvangen vergoedingen die bij andere WNT plichtige instellingen zijn ontvangen te worden verantwoord in de WNT-verantwoording. Aangezien het voor ons niet mogelijk is de volledigheid vast te stellen van de dienstbetrekkingen en de ontvangen vergoedingen, is in het WNT-controleprotocol opgenomen dat wij de anticumulatiebepaling niet hoeven te controleren.
In onze controleverklaring is dit ook als zodanig toegelicht. De naleving van de anticumulatiebepaling 312019006.22.110 - 11
maakt derhalve geen onderdeel uit van de controle van de accountant. De WNT-toezichthouders kunnen hier wel zelfstandig onderzoek naar doen en zo nodig handhavend optreden. In 2021 is voor geen van de topfunctionarissen en overige medewerkers sprake van een overschrijding van de grensbedragen. In het kader van de WNT attenderen wij u erop dat u de plicht heeft om uiterlijk 1 juli 2022 uw WNT-verantwoording over het kalenderjaar 2021 via internet op een algemeen toegankelijke wijze openbaar te maken. Indien op grond van andere op de verantwoordelijke van toepassing zijnde regelgeving of een besluit een later tijdstip waarop het financieel verslaggevingsdocument openbaar moet worden gemaakt geldt, is die latere datum de uiterlijke datum van openbaarmaking.
Bestemmingsreserve egalisatiereserve kapitaallasten
In 2014 (besluit van het algemeen bestuur van 3 juli 2014) is op de egalisatiereserve kapitaallasten een plafond ingesteld. Jaarlijks stort uw gemeenschappelijke regeling het verschil tussen het investeringsplan en de werkelijke uitgaven in deze reserve. Daarmee voldoet deze reserve niet aan de eisen van het BBV om onttrekkingen als structurele baten (dekking) te zien. De provincie NoordBrabant heeft u daarover ook geïnformeerd. Zo hebben wij deze reserve ook niet beoordeeld bij de controle van de jaarrekening 2019 en 2020. Wanneer u de onttrekking als structurele baten wil aanmerken, moet de reserve gevoed worden met de aanschafwaarde van bepaalde en aangewezen investeringen en dient een deel van de reserve vrij te vallen over dezelfde periode als u afschrijft over deze investering. In de notitie Materiële vaste activa van de commissie BBV van november 2019 staat hierover het volgende: Mochten er eigen middelen zijn, dan kunnen deze middelen in een door het algemeen bestuur in te stellen bestemmingsreserve kapitaallasten worden gestort voor de dekking van de kapitaallasten die uit de activering en de wijze van afschrijven voortvloeien. Een bestemmingsreserve kapitaallasten moet van voldoende omvang zijn om de kapitaallasten gedurende de gehele vastgestelde afschrijvingsperiode aan de reserve te kunnen onttrekken.
Om de volledige kapitaallasten aan de bestemmingsreserve kapitaallasten te kunnen onttrekken, moet het saldo van de bestemmingsreserve kapitaallasten gelijk zijn aan de boekwaarde van de desbetreffende activa. Wanneer het saldo van de bestemmingsreserve kapitaallasten minder is dan de boekwaarde van de desbetreffende activa, dan kunnen de kapitaallasten slechts naar rato aan de bestemmingsreserve kapitaallasten worden onttrokken. De kapitaallastenreserves zijn gekoppeld aan de betreffende investeringen. Dit houdt in dat wanneer de investering vertraging oploopt de onttrekking evenredig lager zal zijn en vice versa. Onttrekking van de rente uit de bestemmingsreserve kapitaallasten is alleen mogelijk indien er bespaarde rente over het saldo van deze reserve wordt toegevoegd. Wanneer er geen bespaarde rente wordt toegevoegd, dan kan alleen de jaarlijkse afschrijving onttrokken worden aan deze reserve. Wij hebben vernomen dat er bij de begroting 2022 en 2023 een andere systematiek wordt toegepast om opvolging te geven aan bovenstaande opmerkingen.
312019006.22.110 - 12
Voorziening groot onderhoud
Uw gemeenschappelijke regeling heeft een voorziening voor groot onderhoud ingesteld. Belangrijke voorwaarde voor het in stand houden van een voorziening voor groot onderhoud is dat het algemeen bestuur een actueel (niet ouder dan 5 jaar) beheerplan heeft vastgesteld. Op basis van de jaarrekeningcontrole 2020 en een gesprek met uw medewerkers tijdens de interim-controle 2021, constateren wij dat uw gemeenschappelijke regeling beschikt over een beheerplan uit 2018. Er hebben diverse ontwikkelingen zoals vernieuwing van kazernes en de verbouwing en onderhoud kazerne Bergen op Zoom, die nog niet in het beheerplan zijn opgenomen. Uit onze gesprekken tijdens de jaarrekeningcontrole blijkt dat u opdracht heeft gegeven om de beheerplannen te actualiseren. Deze zullen in het eerste halfjaar van 2022 gereed zijn. Wij verwachten bij de jaarrekeningcontrole 2022 dat het beheerplan is geactualiseerd en op basis van deze actualisering de benodigde dotatie aan de voorziening wordt aangepast.
Overweeg om uw memoriaaldagboek salarissen te blokkeren voor handmatig boeken
Uw gemeenschappelijke regeling voert de salarisadministratie via het programma ADP. Periodiek worden de gegevens vanuit de salarisadministratie overgeboekt naar de financiële administratie in CODA. Voor het overboeken van deze gegevens maakt uw organisatie gebruik van een specifiek hiervoor bestemd memoriaal dagboek. De doelstelling van het specifiek inrichten is om zo zuiver de data vanuit ADP in CODA te herkennen. Bij de jaarrekeningcontrole 2021 bleek echter dat er handmatige boekingen hebben plaatsgevonden via het specifieke memoriaal dagboek (X-SAL). Wij adviseren u om dit specifieke dagboek voor de salarissen te blokkeren voor handmatig boeken. Daarnaast adviseren wij u om tot het moment van instellen van de blokkade, een maandelijkse aansluiting te maken tussen de loonjournaalpost uit ADP en de gegevens die geboekt zijn via het specifiek memoriaal dagboek (X-SAL). Wij hebben vernomen dat u voornemens bent om deze maandelijkse controle een plek te geven in de interne controle voor 2022 en verder.
312019006.22.110 - 13
Geen Europese aanbestedingsfouten geconstateerd. Een aantal adviezen ter verbetering van de huidige analyse en gebruiksvriendelijkheid van de controle.
Op basis van de door ons uitgevoerde werkzaamheden constateren wij dat uw organisatie aandacht heeft voor Europese aanbestedingen. De opzet van de analyse op inkooprechtmatigheid met behulp van Power BI is een uitstekende tool, die de analyse vanuit Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant ondersteunt. Wij hebben in onze managementletter u reeds geadviseerd over de stappen die u kunt zetten in het proces rondom de rechtmatigheid van aanbestedingen. Op basis van onze werkzaamheden bij de jaarrekening hebben wij nog enkele adviezen ter verbetering van de huidige analyse en gebruiksvriendelijkheid ten behoeve van de controle.
Draag zorg voor een zichtbare vastlegging van de betrouwbaarheid van de gebruikte data in uw spendanalyse. Zorg hierbij dat de totale data die ingelezen is in PowerBI tevens wordt toegevoegd bij de analyse zodat de data herleidbaar is naar de brondocumentatie. In het kader van de jaarrekeningcontrole is het van belang om te weten dat alle opboekingen van de crediteuren zoals verantwoord in de jaarrekening, zijn opgenomen in de data voor de analyse. Wij verzoeken u daarom om voorafgaand de jaarrekeningcontrole 2022 een zichtbare aansluiting te maken tussen de data in de jaarrekening en de data in de analyse. Bij verschillen licht u toe of dit effect heeft op het oordeel omtrent de rechtmatigheid die u heeft toegekend aan de betreffende opdracht. In de huidige analyse is nog niet zichtbaar wat de uitnutting van bepaalde opdrachten over de jaren is. Wij adviseren u om de bestedingen in de afgelopen 4 jaar ten aanzien van een specifieke opdracht inzichtelijk te maken. Hierbij is het tevens relevant om de startdatum van de opdracht op te nemen. Op basis van de huidige spendanalyse zijn de overwegingen om te komen tot het oordeel per opdracht/ crediteur nog niet zichtbaar vastgelegd. Wij adviseren u deze onderbouwingen op te nemen in de spendanalyse.
Tot slot adviseren wij u om de ramingen bij aanbestedingstrajecten uitgebreider en voorafgaand het gunnen van de opdracht vast te leggen in uw inkoopdossier. Door een uitgebreide vastlegging kunt u achteraf beter inzicht krijgen in eventuele afwijkingen tussen begroting en gunning, om zo kwaliteit van het ramen van inkoopopdrachten van de veiligheidsregio te verbeteren.
312019006.22.110 - 14
Addendum Kadernota rechtmatigheid 2021
Met ingang van de begroting 2022 wordt de verantwoordelijkheid van het dagelijks bestuur voor de rechtmatigheid benadrukt doordat het dagelijks bestuur een verantwoording van rechtmatigheid af moet gaan geven in plaats van de accountant. De commissie BBV heeft besloten om voor het boekjaar 2021 op onderdelen een addendum op de kadernota rechtmatigheid 2018 te publiceren. In het addendum Kadernota rechtmatigheid 2021 zijn een aantal aanbevelingen gedaan. Op basis van de controle op de jaarrekening blijkt dat u aan volgende aanbevelingen nog geen opvolging heeft kunnen geven: De commissie BBV adviseert om afspraken tussen het dagelijks bestuur en het algemeen bestuur over verschuivingen van uitgaven tussen jaarschijven in een investeringsbudget vast te leggen in de financiële verordening ex artikel 212 Gemeentewet. De commissie BBV adviseert om kaders op te nemen in de financiële verordening, ex artikel 212 Gemeentewet, indien specifieke budgetten bij onderuitputting op jaareinde in bestemmingsreserves worden opgenomen. U heeft namelijk voorafgaand de publicatie van het addendum reeds uw financiële verordening geactualiseerd. Wij adviseren u om in 2022 uw financiële verordening te actualiseren op bovenstaande aanbevelingen.
Verwerking subsidiebaten naar rato van voortgang (prestatie)
Op basis van de uitgevoerde jaarrekeningcontrole blijkt dat u in de jaarrekening diverse voorschotten hebt ontvangen voor subsidies. Echter heeft voor een aantal van deze subsidies een correctie plaatsgevonden naar aanleiding van onze controle. Deze correcties zijn verwerkt in de definitieve jaarrekening 2021. De correcties hadden te maken met het moment van verantwoorden van de subsidiebaten. Als aan de ontvangen subsidievoorwaarden zijn verbonden, zoals het eerst moeten aantonen dat de prestatie is geleverde, dan wel de kosten zijn gemaakt, worden de baten verantwoord zodra aan deze voorwaarden is voldaan. Vaak wordt vooraf een voorschot uitgekeerd, dat op de balans wordt verantwoord (als vooruitontvangen baten). Nadat u heeft aangetoond dat (gedeeltelijk) voldaan is aan de voorwaarden, vindt afwikkeling via de balans naar de exploitatie plaats. De subsidie wordt dan (gedeeltelijk) als baten verantwoord. De subsidiebaten worden daarmee dus feitelijk verantwoord in het jaar waarin de prestatie (waar de subsidie voor is verstrekt) is geleverd en aan de voorwaarden invulling is gegeven. Dit in overeenstemming het stelsel van baten en lasten.
Wij adviseren u daarom om in het kader van de jaarrekening voor de komende jaren een interne controle uit te voeren op de verantwoording van vooruit ontvangen en nog te ontvangen subsidies en deze conform de geldende verslaggevingseisen te verantwoorden.
312019006.22.110 - 15
Controleprotocol en normkader 2022 vast laten stellen door het algemeen bestuur
In de kadernota 2022, met een bevestiging in de vraag- en antwoordrubriek, is bepaald dat met ingang van 2022 het controleprotocol en het normenkader door het algemeen bestuur moet worden vastgesteld. U stelt reeds jaarlijks het controleprotocol en het normenkader vast. Wij adviseren u hiermee rekening te blijven houden voor 2022 en verder.
312019006.22.110 - 16
4.
Interne beheersing
312019006.22.110 - 17
4. Interne beheersing Kernboodschappen interim- Naar aanleiding van de interim-controle hebben wij een managementletter uitgebracht. Voor een nadere duiding van onze opmerkingen en aanbevelingen uit de managementletter 2021 verwijzen wij daarnaar. Hieronder hebben wij de controle 2021 managementsamenvatting uit de managementletter opgenomen.
312019006.22.110 - 18
Rechtmatigheidsverantwoording 2022
In de meicirculaire 2018 heeft het ministerie van BZK aangegeven dat met ingang van het boekjaar 2021 het dagelijks bestuur zelf een rechtmatigheidsverantwoording bij de jaarrekening moet afgeven. Met deze verantwoording verklaart het dagelijks bestuur dat de in de jaarrekening verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties, rechtmatige tot stand zijn gekomen. Dat wil zeggen in overeenstemming met de begroting en met de relevante wet- en regelgeving, waaronder uw verordeningen. Deze verantwoording gaat onderdeel uitmaken van de jaarrekening van de gemeenschappelijke regeling en als zodanig object van onderzoek worden voor de accountant in zijn opdracht om een getrouwheidsoordeel bij de jaarrekening af te geven. Het algemeen bestuur dient de verantwoordingsgrens te bepalen, binnen de wettelijke bandbreedte (0% - 3%). De aanstaande wetswijziging (deze is nog steeds niet definitief vastgesteld door het ministerie) veroorzaakt dat de bewijslast om aan te tonen dat de gemeenschappelijke regeling primair in control is op gebied van financiële rechtmatigheid wordt verlegd van de accountant naar het dagelijks bestuur. De intentie is dat de accountant hierbij als “vierde lijn” gaat functioneren. In dit verband is het van belang dat het zelf controlerend vermogen in de 1e, 2e en 3e lijn binnen uw mogelijkheden en ambities optimaal is ingeregeld en ook werkt.
Wij merken in de gesprekken die wij hierover voeren met uw medewerkers en de documenten die hieraan ten grondslag liggen, dat hier aandacht voor is binnen de organisatie. Een belangrijk document waarmee de directie en het dagelijks bestuur sturen op de kwaliteitsverbetering van uw bedrijfsvoering is het intern controleplan. Onze aandachtspunten hierbij (reeds benoemd in de managementletter) zijn: U beschikt over een risicoanalyse, maar bent voornemens deze verder uit te werken. Is er voldoende focus op de risicovolle processen en hieraan gekoppelde jaarrekeningposten? Het relevante normenkader moet eenduidig worden geoperationaliseerd naar het toetsingskader. Zijn alle relevante rechtmatigheidsaspecten afgedekt in mijn interne controlewerkprogramma’s? Neem het kritisch beoordelen van de opzet en het bestaan van de processen op in uw planning in het intern controleplan. Zijn er afdoende beheersmaatregelen geïmplementeerd en heb ik alle relevante risico’s in beeld? Tijdige planning en verdeling van verbijzonderde interne controlewerkzaamheden. In hoeverre is de veiligheidsregio in staat om tijdig tot een rechtmatigheidsverantwoording te komen? Wij adviseren u deze punten op te pakken en door te pakken in de verdere implementatie van de rechtmatigheidsverantwoording.
312019006.22.110 - 19
5.
Overige aangelegenheden
312019006.22.110 - 20
5. Overige aangelegenheden Geen meningsverschil met het dagelijks bestuur
Er zijn geen meningsverschillen met het dagelijks bestuur geweest en er waren geen beperkingen bij de uitvoering van onze controle. Naar onze mening is ons bij de uitvoering van onze controleopdracht door het dagelijks bestuur van uw gemeenschappelijke regeling de volledige medewerking verleend en hebben wij de volledige toegang tot de benodigde informatie gehad.
Wij hebben namens het dagelijks bestuur een ondertekende schriftelijke bevestiging bij de jaarrekening ontvangen. Bevestigingen van het dagelijks bestuur ontvangen
Naleving van wet- en regelgeving
Wij hebben geen kennis van te rapporteren omstandigheden in verband met het niet-naleven van wet- en regelgeving.
Betrouwbaarheid en continuïteit van de automatiseringsomgeving
Onze jaarrekeningcontrole is gericht op het geven van een oordeel omtrent de jaarrekening zelf en is niet primair gericht op het doen van uitspraken omtrent de betrouwbaarheid en de continuïteit van de geautomatiseerde gegevensverwerking als geheel of van onderdelen daarvan. Onze bevindingen daaromtrent raken dan ook slechts die onderdelen die wij onderzocht hebben in het kader van de jaarrekening, wat wil zeggen dat wij ter zake geen volledigheid pretenderen. Uit de door ons uitgevoerde werkzaamheden zijn geen bijzonderheden gebleken waarop wij u via deze rapportage willen attenderen.
Geen aanwijzingen van fraude
In Nederland is de accountant wettelijk verplicht om alle ontdekte fraudegevallen te rapporteren aan het management van de organisatie. Wij merken op dat onze controle niet specifiek is ingericht op het ontdekken van fraude. De accountant is wel verantwoordelijk voor het betrekken van frauderisico’s in de planning en uitvoering van zijn controleopdracht. Wij hebben een fraudediscussie gevoerd met het controleteam en met het financieel management van de gemeenschappelijke regeling, waarbij wij de nadruk hebben gelegd op de vermoedens van materiële onjuistheden als gevolg van fraude in de jaarstukken. Van het management en directie hebben wij de bevestiging ontvangen dat er geen onregelmatigheden zijn geconstateerd waarbij het management of werknemers die een belangrijke rol spelen bij de maatregelen van interne beheersing of anderen in het geval dat de fraude van materieel belang kan zijn op de jaarrekening, zijn betrokken.
312019006.22.110 - 21
Ten aanzien van de frauderisico-analyse hebben wij via onze managementletter het volgende gerapporteerd. Wij hebben van uw gemeenschappelijke regeling een geactualiseerde frauderisicoanalyse ontvangen. Deze is echter nog niet besproken in het algemeen bestuur en het dagelijks bestuur. Wij hebben vernomen dat dit inmiddels wel op de agenda staat. Tevens is het belang dat de geïdentificeerde beheersmaatregelen zichtbaar worden getoetst en dat de actualisatie van de frauderisico’s structureel wordt ingebed in de P&C-cyclus. Tevens hebben wij zelfstandig werkzaamheden uitgevoerd die gericht waren op het risico van het ‘omzeilen’ van de interne beheersingsmaatregelen door het management te detecteren. Wij hebben specifieke controles uitgevoerd op memoriaalboekingen en schattingen en hebben significante en ongebruikelijke transacties met behulp van gegevensanalyses onderzocht. Hoewel wij op grond van de controle- en overige standaarden een kritische houding moeten hebben ten opzichte van risico’s van fraude in de jaarrekening, merken wij op dat onze controle niet specifiek is gericht op het ontdekken hiervan. Tijdens de uitvoering van onze controle van de jaarrekening 2021 hebben wij geen aanwijzingen verkregen dat er sprake is geweest van materiële fraude.
Inzicht in onze tijdsbesteding
In het rapport “In het publieke belang” van de NBA, de Nederlandse Beroepsorganisatie van Accountant, zijn maatregelen opgenomen die de kwaliteit en onafhankelijkheid van de controlerend accountant moeten waarborgen of verbeteren. Op basis van één van de maatregelen rapporteren wij de bestede uren van onze controlewerkzaamheden aan u. Hieronder treft u de opgave van onze tijdsbesteding aan, inclusief een schatting van nog te besteden uren voor de afronding van de jaarrekeningcontrole, waaronder het voeren van besprekingen en het archiveren van ons dossier.
Uren geraamd
Uren besteed
Tekenend accountant
90
64
Overige teamleden
400
496
Het hogere aantal bestede uren wordt voor een deel verklaard door problemen in het overhevelen van het balansdossier, het kunnen uitvoeren van een steekproef Europese aanbestedingen en de verantwoording rondom de nieuwe SiSa-regeling CTB-gelden en de overleggen die wij daarover hebben gevoerd.
312019006.22.110 - 22
Bevestiging onafhankelijkheid
Bevestiging onafhankelijkheid In overeenstemming met Nederlandse wet- en regelgeving, waaronder de Verordening inzake Onafhankelijkheid (ViO) van de Nederlandse Beroepsorganisatie van Accountants (NBA), dient de externe accountant mogelijke conflicten met betrekking tot zijn onafhankelijkheid, zowel in wezen als in schijn, onder de aandacht te brengen van het college en het algemeen bestuur. Wij bevestigen dat onze onafhankelijke positie ten opzichte van de gemeenschappelijke regeling Veiligheidsregio Midden- en WestBrabant in overeenstemming met de Nederlandse wettelijke en beroepsvoorschriften is gewaarborgd. Wij zijn van mening dat onze objectiviteit gedurende het afgelopen jaar niet is aangetast. Stelsel van waarborgen om onafhankelijke positie te waarborgen Publieke Sector Accountants beschikt over een stelsel van maatregelen om onze onafhankelijke positie bij controlecliënten te waarborgen. Het stelsel van maatregelen is een integraal onderdeel van de bestuurlijke organisatie en van het voor de gehele organisatie van toepassing zijnde stelsel van kwaliteitsbeheersingsmaatregelen.
Bijgaande niet-limitatieve opsomming geeft u een indruk van de maatregelen die bijdragen aan het waarborgen van onze onafhankelijke positie: Schriftelijke onafhankelijkheidsbepalingen waarin alle bestaande onafhankelijkheidsvereisten en de risico’s ten aanzien van de bedreiging van de onafhankelijkheid en de daaraan gerelateerde waarborgen zijn verwerkt. Procedures voor tijdige bekendmaking van de voorschriften en de daarin aangebrachte wijzigingen aan alle partners en werknemers bij Publieke Sector Accountants. Procedures voor de organisatie van periodieke training inzake de toepassing van de onafhankelijkheidsvoorschriften. Procedures die erop gericht zijn dat onze gevolmachtigden en werknemers in specifieke casussen en omstandigheden de onafhankelijkheidsvoorschriften naleven. De benoeming van professionals op seniorniveau die verantwoordelijk zijn voor het continu actualiseren van de procedures en voorschriften, de tijdige bekendmaking ervan en het adequaat functioneren van het gehele stelsel van waarborgen.
Procedures voor een schriftelijke rapportage per controlecliënt waarin is vastgelegd of sprake is van omstandigheden die de onafhankelijkheid van de accountant die de controleopdracht uitvoert bedreigen, op welke wijze met potentiële bedreigingen is omgegaan en indien er bedreigingen zijn gesignaleerd, welke maatregelen dan zijn genomen om deze bedreiging voor de onafhankelijkheid weg te nemen. De vastlegging van deze beoordeling inclusief een gemotiveerde conclusie (de zogenoemde onafhankelijkheidsevaluatie) wordt in het dossier opgenomen. Procedures die vereisen dat een daartoe geëigende afdeling binnen Publieke Sector Accountants wordt geconsulteerd, als sprake is van een mogelijke aantasting van de onafhankelijkheid in relatie tot een specifieke cliënt. Wij zullen dan ook overwegen het algemeen bestuur of de auditcommissie te raadplegen. Procedures voor het interne toezicht in relatie tot de toetsing en bewaking van de naleving van de onafhankelijkheidsvoorschriften. De opzet en werking van ons stelsel van maatregelen worden periodiek door de externe toezichthouder getoetst. Interne roulatie
312019006.22.110 - 23
Een te grote mate van vertrouwdheid of vertrouwen kan een bedreiging vormen voor de onafhankelijkheid van de accountant wanneer bepaalde leden van het controleteam geregeld en voor lange tijd aan de wettelijke controle van een controlecliënt meewerken. Wij beoordelen de bedreiging voor de onafhankelijkheid die kan voortvloeien uit de langdurige betrokkenheid van andere leden van het controleteam bij de controleopdracht. Waar nodig nemen wij maatregelen om de bedreiging weg te nemen. Wij merken op dat er in het kader van onze controleopdracht geen sprake is geweest van een dergelijke bedreiging. Persoonlijke, zakelijke of financiële relaties Wij hebben een evaluatie gemaakt van persoonlijke, zakelijke en financiële relaties tussen Publieke Sector Accountants, haar partners en haar medewerkers en de gemeenschappelijke regeling Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant, die van invloed kunnen zijn op onze onafhankelijkheid. Bij deze evaluatie zijn ons geen zaken gebleken welke aan u gerapporteerd dienen te worden.
Geschenken en persoonlijke uitingen van gastvrijheid De Nederlandse onafhankelijkheidsregels vereisen dat de eindverantwoordelijke accountant de met governance belaste organen informeert over geschenken en persoonlijke uitingen van gastvrijheid die Publieke Sector Accountants, een bestuurder of interne toezichthouder van Publieke Sector Accountants of een lid van het controleteam heeft ontvangen van of verstrekt aan de gemeenschappelijke regeling Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant of een bij de gemeenschappelijke regeling Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant betrokken persoon. Hierbij is een drempel van € 100 opgenomen in de regels. Wij zijn van mening dat de verstrekte en ontvangen geschenken en persoonlijke uitingen van gastvrijheid gepast zijn en derhalve niet tot een bedreiging voor de onafhankelijke uitvoering van de controleopdracht hebben geleid. Volledigheidshalve merken wij op dat wij geen geschenken en persoonlijke uitingen van gastvrijheid hebben verstrekt/ontvangen die een (geschatte) waarde van meer dan € 100 hebben. Aanvullende dienstverlening Een overzicht van de aanvullende dienstverlening hebben wij hieronder opgenomen. Aanvullende dienstverlening •
Geen aanvullende dienstverlening
Conclusie onafhankelijkheid De voorschriften in het kader van onafhankelijkheid zijn binnen de Nederlandse Beroepsorganisatie van Accountants (de NBA) opgenomen in de ‘Verordening inzake Onafhankelijkheid (ViO)’ en vormen een belangrijk onderdeel van het ‘normenkader’ waaraan een accountant moet voldoen. De naleving van de ViO is binnen Publieke Sector Accountants ingebed. Op basis van onze toetsing concluderen wij dat onze onafhankelijkheid als certificerend accountant bij de gemeenschappelijke regeling Veiligheidsregio Midden- en West-Brabant in 2021 voldoende is gewaarborgd. 312019006.22.110 - 24
Controleverschillen
Overzicht van de controleverschillen: Aard van de fouten en onzekerheden (x € 1.000)
Rechtmatigheid
Getrouwheid
Fouten Begrotingsonrechtmatigheid
80
0
Totaal fouten
80
0
N.v.t.
N.v.t.
N.v.t.
Totaal onzekerheden
N.v.t
N.v.t
Onzekerheden
Wij hebben van het dagelijks bestuur een schriftelijke bevestiging bij de jaarrekening ontvangen, waarin het dagelijks bestuur bevestigt dat de niet-gecorrigeerde fouten, zowel individueel als in totaal, in het kader van de jaarrekening niet materieel zijn. Daarnaast is in de jaarrekening een aantal correcties doorgevoerd naar aanleiding van onze controle. Uw organisatie beschikt over een overzicht van deze correcties.
Disclaimer en beperking in gebruik
Dit verslag is alleen bestemd voor het algemeen bestuur en het dagelijks bestuur en mag niet in zijn geheel of gedeeltelijk worden verstrekt of aangehaald zonder onze schriftelijke toestemming vooraf. Er wordt geen verantwoordelijkheid aan een derde partij geaccepteerd, omdat dit verslag daar niet voor opgesteld en bedoeld is. Dientengevolge nemen wij geen enkele verplichting of plicht van zorg aan ieder ander persoon aan wie dit verslag getoond of in zijn handen komt, op ons. De in dit verslag aan de orde gestelde onderwerpen zijn door ons geconstateerd gedurende onze controleopdracht waarvan wij van mening zijn dat zij uw aandacht behoeven. Het is geen allesomvattend verslag van alle geconstateerde zaken en in het bijzonder kunnen wij niet verantwoordelijk worden gesteld voor het rapporteren van alle bedrijfsrisico’s of tekortkomingen in het systeem van
312019006.22.110 - 25
interne beheersing. Elke conclusie, opinie of opmerking in dit verslag is verstrekt in de context van onze controleverklaring over de jaarrekening als geheel. Evenzo geldt dat de opmerkingen, bevindingen en aanbevelingen met betrekking tot het systeem van interne beheersing niet gelezen dienen te worden als een afzonderlijke opinie van het systeem van interne beheersing en haar werking.
312019006.22.110 - 26
6.
Bijlagen
312019006.22.110 - 27
6. Bijlagen Tabel fouten en onzekerheden (SiSa)
Op grond van het Besluit accountantscontrole decentrale overheden, artikel 5, lid 4, rapporteren wij in dit accountantsverslag over de fouten en onzekerheden van de specifieke uitkeringen die in 2021 onder de SiSa-bijlage vallen. Wij doen dit met een tabel, die ook opgenomen moet worden als er geen fouten of onzekerheden geconstateerd zijn. Per regeling is hierin aangegeven of, en zo ja welke financiële fouten of onzekerheden zijn geconstateerd. Nr.
Specifieke uitkering of overig
A2
Brede Doeluitkering Rampenbestrijding (BDUR) Incidentele bijdrage ondersteuning naleving op controle op coronatoegangsbewijzen
A12
Fout of onzekerheid
Financiële omvang in euro's
Toelichting fout/onzekerheid
Strekking getrouwheid: goedkeurend. Strekking rechtmatigheid: goedkeurend
312019006.22.110 - 28
312019006.22.110 - 29