03 Staat van wijzigingen Bgb De Voorste Stroom 10e herz
Tekst van het document
Staat van wijzigingen Bgb De Voorste Stroom 10e herz. (Zandstraat 4) Ten aanzien van de verbeelding:
Plangebied uitbreiden Aanduiding ‘specifieke vorm van bedrijf - aannemer’ opnemen Aanduiding ‘landschapswaarden’ opnemen Aanduiding ‘paardenbak’ opnemen Bouwvlak wijzigen en maximum oppervlakte bebouwing van 935m2 opnemen Dubbelbestemming ‘waterstaat – attentiegebied Natuur Netwerk Brabant’ opnemen
Ten aanzien van de toelichting: Paragraaf 2.2.2 Interim omgevingsverordening wordt als volgt gewijzigd: Het plangebied bevindt zich in zogenoemd ‘gemengd landelijk gebied’, als bedoeld in de IOV. Ingevolge artikel 3.73 van de interim omgevingsverordening kan zich in landelijk gebied een niet agrarische functie op een bestaand bouwperceel vestigen als wordt voldaan aan de volgende voorwaarden: De vestiging past binnen de ontwikkelingsrichting van het gebied Op het perceel met de agrarische bestemming is al lange tijd geen agrarisch bedrijf meer gevestigd. Het behoud van de bestemming zonder dat er nog een actief agrarisch bedrijf wordt uitgeoefend leidt tot leegstand, kapitaalvernietiging, verloedering en mogelijk illegaal gebruik. De locatie ligt in een gemengde omgeving tussen een hoveniers/composteringsbedrijf en een loonbedrijf. Verder liggen er een aantal burgerwoningen in de directe omgeving. Het kleinschalige aannemersbedrijf met bedrijfswoning past in deze gemengde omgeving. De meest nabijgelegen woning ligt op 75 meter, er wordt hiermee voldaan aan de richtafstanden. De ontsluiting van het bedrijf vindt plaats via de Zandstraat. Naar de Oisterwijksebaan is enkel in een onverharde ontsluiting voorzien, bedoeld voor langzaam verkeer. De vestiging van het aannemersbedrijf draagt bij aan het versterken van de omgevingskwaliteit.
De overtollige bebouwing wordt gesloopt en het bouwvlak met mogelijke bebouwing (max. 935m2) is in het bestemmingsplan verminderd ten opzichte van het voorgaande bestemmingsplan. De bebouwingsmogelijkheden zijn strak geregeld en geven geen flexibiliteit voor meer bebouwing in de toekomst. Het bedrijf wordt goed landschappelijk ingepast. Er is een landschappelijk inpassingsplan opgesteld, dat als bijlage in het plan is opgenomen.
Er vindt geen splitsing plaats van het bouwperceel Het betreft een aannemersbedrijf met bedrijfswoning. De initiatiefnemer heeft hier zijn bedrijf gevestigd en woont zelf in het woonhuis. Om te voorkomen dat in de toekomst het perceel zou worden gesplitst, is 1 bouwvlak opgenomen met een maximale bebouwing van 935 m2. Het is niet aannemelijk dat het perceel zal worden gesplitst. De overtollige bebouwing wordt gesloopt De op het perceel overtollige bebouwing betreft een nissenhut (tunnelkas) en kapschuur. Deze wordt gesloopt en komt niet meer terug op het perceel. In het landschappelijk inpassingsplan is de sloop benoemd en wordt deze bebouwing niet meer opgenomen. De vestiging heeft geen betrekking op een kantoor met baliefunctie, lawaaisport of mestbewerking De vestiging heeft betrekking op een kleinschalig aannemersbedrijf zonder kantoor met baliefunctie. Ook is geen sprake van lawaaisport of mestbewerking. Paragraaf 8.3 Zienswijzen wordt als volgt gewijzigd: Het ontwerp bestemmingsplan heeft van 20 november 2023 tot en met 2 januari 2024 ter inzage gelegen. Binnen deze termijn is een ieder in de gelegenheid gesteld om zienswijzen in te dienen. Gedurende de periode van tervisielegging zijn 2 zienswijzen ingekomen door de Provincie Noord-Brabant en Waterschap de Dommel. De zienswijzen zijn gedeeltelijk gegrond en leiden tot aanpassing van het plan.
Verwezen wordt naar de Nota van zienswijzen bestemmingsplan ‘Bgb De Voorste Stroom 10e herz. (Zandstraat 4)’. Bijlagen bij toelichting: Toegevoegd wordt: Bijlage x: Berekening investering kwaliteitsverbetering landschap met landschappelijk inpassingsplan.
Ten aanzien van de regels: Toegevoegd wordt: Artikel 4.1.2 aanduidingen Ter plaatse van de aanduiding ‘specifieke vorm van bedrijf – aannemer’ zijn de voor ‘bedrijf’ bestemde gronden uitsluitend bestemd voor een aannemersbedrijf met een maximale oppervlakte van 1000m2 en maximale milieucategorie 2. Artikel 4.2.2, lid c wordt als volgt gewijzigd c. De goothoogte mag niet meer bedragen dan 7 meter en de bouwhoogte mag niet meer bedragen dan 10 meter. Artikel 4.2.2 wordt als volgt aangevuld b. de maximale bebouwingsoppervlakte bedraagt 935 m2 Artikel 4.2.3, lid c wordt als volgt gewijzigd c. De goothoogte mag niet meer bedragen dan 4,5 meter en de bouwhoogte mag niet meer bedragen dan 8,5 meter. Art. 4.2.7 Voorwaardelijke verplichting waterberging wordt als volgt gewijzigd: a. Het bouwen van een bouwwerk met een oppervlakte van 50 m² of groter op de voor ‘bedrijf’ aangewezen gronden is uitsluitend toegestaan indien voorzien wordt in de aanleg van voldoende waterberging. b. Hierbij moet worden voldaan aan de waterbergingsopgave zoals neergelegd in het Programma water en riolering (of diens opvolger). Indien het Programma water en riolering (of diens opvolger) gedurende de planperiode wordt gewijzigd, dient te worden voldaan aan de gewijzigde waterbergingsopgave. c.
Het bevoegd gezag kan omgevingsvergunning verlenen voor het binnenplans afwijken van het gestelde onder a indien realisatie van de waterberging redelijkerwijs niet mogelijk is.
Art. 4.2.8 Voorwaardelijke verplichting sloop De gronden ter plaatse van de bestemming ‘bedrijf’ mogen alleen als zodanig in gebruik worden genomen, als alle bouwwerken die als te slopen zijn aangeduid in het landschappelijk inpassingsplan, zoals bijgevoegd in bijlage X bij de regels, volledig zijn gesloopt. Aan artikel 4.4.1: Gewijzigd wordt: g. Binnen en buitenopslag en stalling van gerede en ongerede goederen; Toegevoegd wordt: k. het gebruik van gronden en bouwwerken voor mestbewerking l. het gebruiken van gronden en bouwwerken ten behoeve van de bestemming, indien de waterberging zoals bedoeld in 4.2.7 niet (volledig) is aangelegd dan wel niet (volledig) in stand wordt gehouden. Artikel 4.4.2, lid c komt te vervallen Toegevoegd wordt: Artikel 5: Waterstaat – Attentiegebied Natuur Netwerk Brabant (dubbelbestemming) 5.1 Bestemmingsomschrijving De voor 'Waterstaat - Attentiegebied Natuur Netwerk Brabant (dubbelbestemming) ' aangewezen gronden zijn, naast de andere voor die gronden aangewezen bestemming(en) (basisbestemmingen), mede bestemd voor het behoud, herstel, beheer en/of ontwikkeling van hydrologische waarden. 5.2 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van werken, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden 5.2.1 Werken en werkzaamheden Het is verboden zonder een schriftelijke vergunning van het bevoegde gezag de volgende werken en werkzaamheden uit te voeren: a.
het verzetten van grond van meer dan 100m³ of op een diepte van meer dan 60cm beneden maaiveld, voor zover geen vergunning is vereist in het kader van de Ontgrondingenwet; b. de aanleg van drainage ongeacht de diepte, tenzij het gaat om vervanging van een bestaande drainage; c. het verlagen van de grondwaterstand anders dan door middel van het graven van sloten of het toepassen van drainagemiddelen, met uitzondering van grondwateronttrekkingen; d. het buiten een agrarisch bouwblok aanbrengen van oppervlakteverhardingen en/of verharde oppervlakten van meer dan 100m², anders dan een bouwwerk. 5.2.2. Uitzonderingen Het in lid 5.2.1 vervatte verbod is niet van toepassing op werken en werkzaamheden welke: a. het normale onderhoud en/of gebruik betreffen, dan wel van ondergeschikte betekenis zijn; b. reeds in uitvoering zijn, dan wel krachtens een verleende vergunning reeds mogen worden uitgevoerd op het tijdstip van het van kracht worden van dit plan. 5.2.3 Toelaatbaarheid De in lid 5.2.1 genoemde vergunning kan slechts worden verleend, indien geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan het behoud, het herstel en de ontwikkeling van de hydrologische waarden. Alvorens te beslissen over het verlenen van een omgevingsvergunning wint het bevoegd gezag advies in bij het betrokken waterschapsbestuur. Toegevoegd wordt: Artikel 6: Waarde – Archeologie (dubbelbestemming)