02 Update Stedelijke Ontwikkelingsstrategie Wonen
Tekst van het document
9.2 Bouwen, bouwen, bouwen Zoals in hoofdstuk 3 reeds is beschreven is de opgave om de komende 20 jaar 25.000 woningen in Tilburg te realiseren, waarvan de komende 10 jaar zo’n 15.000 woningen. Dat betekent een (gedeeltelijke) bijstelling in de programmabegroting naar: • Een jaarlijkse toevoeging van gemiddeld ten minste 1.500 woningen (dat was 950 woningen per jaar) • 5.000 woningen hard in voorbereiding en uitvoering in het woningbouwprogramma (ongewijzigd) • Vanaf 2025 gemiddeld ten minste 17.500 woningen in verkenning en voorbereiding in het woningbouwprogramma. Onderstaande figuur toont aan dat we de afgelopen jaren al fors boven de doelstelling van 950 woningen per jaar hebben gerealiseerd, namelijk zo’n 1.400 woningen per jaar. Ook voor de komende periode zien we graag dat we onze ambitie ruim realiseren en willen we plannen van onze partners blijven faciliteren. Daarom spreken we over gemiddeld ten minste 1.500 woningen per jaar.
Ontwikkeling jaarlijkse woningtoevoegingen in Tilburg 2016-2020 Inmiddels zien we dat onze plancapaciteit uitbreiding behoeft en de opgave er is om op relatief korte termijn meer bestaande plannen in uitvoering te krijgen. Op 14 juni 2021 bevat de woningbouwprogrammering 14.122 woningen tot 2030. Daarvan vallen 4.392 woningen binnen de harde plancapaciteit. Er zijn 1.724 woningen hard in voorbereiding, dat wil zeggen planologisch gereed om gebouwd te worden, en 2.668 zijn hard in uitvoering. De overige 9.730 woningen behoren tot de zachte plancapaciteit. Deze woningen moeten het juridische proces (omgevingsplanherziening of vergunningverlening) nog doorlopen. De woningprogrammering kent dagkoersen. Telkens als er een initiatief bijkomt of er woningen opgeleverd worden, verandert de woningbouwprogrammering. Voor de hele korte termijn hebben we nog voldoende woningen in de programmering zitten, maar voor de jaren erna zijn er onvoldoende harde plannen. We voldoen op dit moment niet aan de doelstelling ten minste 5.000 woningen als harde plancapaciteit beschikbaar te hebben. Het is dus van belang dat we de zachte voorraad hard weten te maken. Gezien de grote woningbouwopgave en de beperkte (harde) voorraad in de programmering is het belangrijk dat er versnelling komt in de woningbouwproductie in combinatie
UPDAT E ST EDEL IJKE ONT WIKKEL INGSST RAT EGIE WONEN
50
9. WERKAGENDA met het verbeteren van de kwaliteit van de leefomgeving. Dit willen we bereiken door vier verbeteringen van onze bestaande werkwijze: 1. Opgaven meer systematisch te prioriteren. Onze ambtelijke capaciteit richten we met name op grotere integrale gebiedsontwikkelingen, waar we vaker de regierol gaan pakken en sturen op het resultaat. 2. Te beoordelen wat extra nodig is om het tempo hoog te houden. Dit doen we periodiek voor alle ontwikkelingen. Denk hierbij aan planologische, programmatische of financiële maatregelen. 3. Eerder in het proces samen te werken met zowel marktpartijen als corporaties, zodat bouwinitiatieven direct bij de start ‘de juiste richting’ meekrijgen. We geven zo vroeg mogelijk richting initiatiefnemers aan wat we belangrijk vinden en waar we strak op sturen. 4. Meer gebiedsgericht in plaats van projectgericht zaken op te pakken en inwoners en de wijk conform het actieplan inwonersparticipatie centraal te stellen. Voor de (snelheid) van woningbouwontwikkeling zijn we mede afhankelijk van ontwikkelende partijen. De gemeente heeft slechts invloed op een deel van het hele proces, met name op het juridische deel, zoals het omgevingsplan en de vergunningverlening. We zijn voor de snelheid ook afhankelijk van externe factoren. Zo kan een rentestijging of een haperende arbeidsmarkt van negatieve invloed zijn op de woningbouwontwikkeling.
Desalniettemin zal de gemeente zich volop inspannen om de ambities waar te maken. Daartoe zullen bovenstaande genoemde punten concreter worden uitgewerkt.
9.3 Prioritaire gebiedsontwikkelingen, versnellingsen onderzoekslocaties In onze huidige woningbouwprogrammering zit 4.392 harde plancapaciteit. Daarvan zijn 2.668 woningen in uitvoering. Dat betekent dat er nog maar voor 1.724 woningen nog te realiseren harde plancapaciteit is. Uit onze strategie, gebaseerd op de uitgangspunten van de NOVI en Van Gogh Nationaal
Park, volgen een aantal strategische gebiedsontwikkelingen. Ze zijn urgent vanwege de plek in de stad (NOVI, nabij OV-knooppunten en in bestaand stedelijk gebied), of omdat er opgaven in wijken liggen, zoals het bevorderen van de inclusiviteit, het aanpakken van sociaal-maatschappelijke opgaven of het uitvoeren van duurzaamheidsingrepen. We geven prioriteit aan de hoogstedelijke zone Kenniskwartier-Spoorzone-Binnenstad-Piushaven, de gebiedsontwikkeling Stappegoor en de dorpse milieus. 1. Kenniskwartier: Het gebied Kenniskwartier is samen met de Spoorzones van Breda en ’s-Hertogenbosch door het Ministerie van BZK opgenomen in de lijst van 14 prioritaire verdichtingslocaties in Nederland. Deze locatie rond station Universiteit en in noordelijke richting doorlopend naar de Westermarkt biedt kansen om veel woningen toe te voegen en zo bij te dragen aan versterking van dit gebied. 2. Spoorzone/Binnenstad/Piushaven: deze gebieden vormen het visitekaartje van de stad. Het is daarom belangrijk om deze snel af te ronden, met nog een substantieel aantal te realiseren woningen. Het is een gebied dat van toegevoegde waarde is voor het wonen, werken en verblijven in de stad. 3. Stappegoor: hiervoor is een woningbouwimpuls aanvraag toegekend voor 1000 woningen. Dat betekent dat we uiterlijk in 2024 gestart moeten zijn met de bouw. 4.
Dorpse woonmilieus: Voor de dorpen zijn betaalbare woningen belangrijk en nieuwbouw levert hier draagvlak en urgentie voor een toekomstig station tussen Udenhout en Berkel-Enschot. De verkenning Pauwels-Oost is een eerste gebiedsgerichte uitwerking van deze strategie voor de dorpen. Naast bovengenoemde prioritaire gebiedsontwikkelingen is er ook een aantal locaties die we versneld tot uitvoering willen brengen, omdat we verwachten dat we hier snel woningen kunnen realiseren en kwaliteit kunnen bieden die bijdraagt aan de ontwikkeling van onze stad. In totaal gaat het daarbij in de periode tot 2030 om zo’n 2.800 woningen. We geven hiernaast gefaseerd onderzoeksprioriteit aan Tilburg-Noord, -West en -Zuid. In met name Tilburg-Noord liggen, bovenop de bestaande woningbouwprogrammering, veel kansen voor verdichting zo blijkt uit een eerste verkenning. Daarom wordt geadvi-
UPDAT E ST EDEL IJKE ONT WIKKEL INGSST RAT EGIE WONEN
51
9. WERKAGENDA seerd hier de verdichtingsmogelijkheden snel en integraal met andere opgaven op te pakken. Voor West en Zuid voeren we een zelfde onderzoek uit de komende jaren. Voor de Kanaalzone zullen we daarnaast een verkenning uitvoeren, waarbij we kijken welke kansen hier liggen om er woonwerkmilieus van de toekomst te realiseren. Tot slot zijn er ook altijd losse initiatieven die tot ontwikkeling komen. We gaan uit van een stelpost van 200 woningen per jaar. Onderstaande tabel toont onze prioritaire gebiedsontwikkelingen, versnellingslocaties en onderzoekslocaties. De tabel geeft inzicht in hoe we op hoofdlijnen de woningbouwopgave tot 2030 denken te kunnen realiseren, met een doorkijk naar 2040.
Prioritaire gebiedsontwikkelingen Kenniskwartier Binnenstad/Spoorzone/Piushaven Stappegoor Dorpse woonmilieus Versneld verkennen/tot uitvoering brengen Bakertand (gemeente Goirle) ’t Laar Smarius Onderzoeksprioriteit Verdichting Noord, West en Zuid (excl. Stappgoor) Kanaalzone Losse initiatieven 200 woningen per jaar Totaal
Harde 2030 2040 Totaal planca(incl. harde paciteit13 plancapaciteit) 9.800 6.200 16.000 0 2.500 5.000 7.500 1.200 4.300 200 4.500 0 1.000 1.000 1.050 2.000 1.000 3.000 1.900 0 1.900 0 0 0 600 0 1.550 4.400
700 500 700 2.000 2.000
0 0 0 7.000 6.000
700 500 700 9.000 8.000
0 1.000 1.000 2.000 2.000 4.000 2.000 2.000 4.000 15.700 15.200 30.900
Wanneer we bovenstaande weten te realiseren voldoen we aan onze doelstelling van 25.000 woningen tot 2040.
9.4 Vervolgopgaven De Stedelijke Ontwikkelingsstrategie vraagt op diverse terreinen om een aantal vervolgopgaven om uitvoering te kunnen geven aan de woningbouwopgave. Deze zullen de komende jaren gefaseerd worden uitgevoerd. De vervolgopgaven zijn: 1. Ruimtelijke gebiedsperspectieven opstellen voor Tilburg-Noord, Tilburg-West en Tilburg-Zuid. Voor elke PACT-wijk stellen we samen met partners en inwoners een ruimtelijk gebiedsperspectief op, volgens de werkwijze van de PACT-aanpak. Hiermee wordt bijgedragen aan de ontwikkeling van deze wijken op sociaal en fysiek gebied. De ruimtelijke gebiedsperspectievenzijn een uitwerking van de integrale wijkagenda’s en bouwen voort op de initiatieven die in deze wijken al gestart zijn. De gebiedsperspectieven worden geen blauwdrukken, maar geven richting aan waar en hoe we ruimtelijke ontwikkelingen willen faciliteren en realiseren om bij te dragen aan de opgaven voor de PACT-wijken. Het werken met ruimtelijke gebiedsperspectieven kan op de langere termijn ook een basis zijn voor het opstellen van het omgevingsplan nieuwe stijl. De gebiedsperspectieven en de transitievisie Warmte worden met elkaar afgestemd. In Tilburg-Noord is reeds waardevolle ervaring opgedaan met een studie naar mogelijkheden om woningbouw toe te voegen in de wijk. Hier bouwen we op voort bij het opstellen van de gebiedsperspectieven. 2.
Actualisatie van de structuurvisie linten met het oog op het beter benutten van de ruimte voor woningbouw. De linten in onze stad, zoals de Korvelseweg en Besterdring, zijn kenmerkend voor de ontwikkeling en identiteit van Tilburg. Met name in de gebieden net achter de linten is (verborgen) capaciteit aanwezig voor toekomstige woningbouw, al dan niet in combinatie met andere functies. De linten zijn belangrijke aanlooproutes voor de binnenstad en hebben een eigen sfeer en winkelaanbod, die complementair is aan de binnenstad. Via een verdichtingsstudie kan de potentie van de linten en de gebieden erachter worden onderzocht, met daarbij het besef dat dit soort gebieden ook van belang zijn voor de leefbaarheid en vergroening van de Oude Stad en dat daarin een goede balans opgezocht wordt.
UPDAT E ST EDEL IJKE ONT WIKKEL INGSST RAT EGIE WONEN
52
9. WERKAGENDA 3. Analyse van de behoefte aan (maatschappelijke) voorzieningen op basis van een nadere uitwerking van de woningbouwontwikkeling in de wijken. Op basis van de Update Stedelijke Ontwikkelingsstrategie, de Gebiedsprofielen Wonen en de projecten uit het woningbouwprogramma wordt een gebiedsgerichte analyse gemaakt van de behoefte aan maatschappelijke voorzieningen in de wijken en dorpen. De vastgelegde beleidskaders binnen de programma’s Inclusieve Stad (onderwijs, positieve gezondheid, sociale basis, sport en bewegen, WMO) en Vitale Stad (cultuur) zijn hierbij richtinggevend. Een aantal trajecten voor het bepalen van de behoefte lopen al. Zo voeren we in regionaal verband een woon-zorg analyse uit om een beter begrip te krijgen van wat de opgave zal zijn in dit kader. En jaarlijks worden er op basis van de actuele bevolkingsprognoses leerlingprognoses gemaakt voor het primair en voortgezet onderwijs. Deze kunnen op basis van de Actualisatie Stedelijke Ontwikkelingsstrategie en de Gebiedsprofielen Wonen beter verbonden worden aan de gebiedsontwikkelingen. 4. Kwalitatieve analyse van Tilburgse bedrijventerreinen en regionale strategie werklocaties. Met een toename aan inwoners neemt ook de vraag naar ruimte voor werken toe.
In het in 2020 vastgestelde werklocatiebeleid “Toekomstbestendige werklocaties” werd al geconstateerd dat er schaarste is aan werklocaties en die wordt hiermee groter. De vraag naar ruimte voor werken landt op verschillende plekken in de stad, zowel binnen de wijken, in concentratiegebieden als op bedrijventerreinen. In het werklocatiebeleid is vastgelegd dat we kritisch zijn in de uitgifte van nieuw terrein. Er ligt daarom een stevige ambitie op het gebied van revitalisering en herstructurering. Voor de binnenwijkse terreinen is dit al in kaart gebracht met de vitaliteitstoets. Hierbij is gekeken op welke plekken er verdichtingskansen op het gebied van werken zijn, maar ook naar mengvormen van functies. Maar voor een goed, integraal beeld van de werklocaties is het noodzakelijk om de volledige doorgroeiketen qua werklocaties in kaart te hebben. Daarom wordt er een kwalitatieve ruimtestudie uitgevoerd voor de overige (grotere) bedrijventerreinen. Zo identificeren we kansen voor herstructurering en verdichting, waarbij ook opgaven zoals energie en klimaatadaptatie in meegenomen worden. Anderzijds brengt dit ook knelpunten in beeld zoals de benodigde schuifruimte. Deze analyse
bepaalt mede welke sturingsmechanismen we kunnen hanteren voor de ontwikkeling van onze economie. In SRBT-verband wordt bekeken of in 2022 een SRBT werklocatie-strategie opgesteld als logisch vervolg op het economisch perspectief (ETUI – European testbeds for Urban Innovation). In dit onderzoek wordt met name de beschikbaarheid van nieuwe ruimte voor verschillende typen bedrijvigheid in de regio Breda-Tilburg in beeld worden gebracht. 5. Nadere studie naar de potentie van de Kanaalzone voor (gecombineerde) woningbouw en bedrijvigheid uitvoeren in samenwerking met eigenaren. Het Wilhelminakanaal ligt als een autonoom element tussen de Oude Stad en Tilburg-Noord. Het Wilhelminakanaal biedt aan beide zijden kansen voor een interessante ontwikkeling voor woningbouw in combinatie met werken. We zullen onderzoeken waar geleidelijke transformatie van delen van de Kanaalzone naar gemengde woon- en werkgebieden kansrijk is, hoe dit kan worden gefaciliteerd in relatie tot de planologische milieuruimte van de aanwezige bedrijven en hoe we zorgen dat er ook voor bedrijven met een hogere milieucategorie voldoende ruimte blijft (in de regio). Een aantal eigenaren in de Kanaalzone hebben zich verenigd en er wordt een proces opgestart om opnieuw over de ontwikkelmogelijkheden van de Kanaalzone te gaan nadenken.
Dit gebeurt in nauwe afstemming met de kwalitatieve ruimtestudie die uitgevoerd wordt voor de bedrijventerreinen. 6. Opstellen van een integraal transformatiekader voor de te transformeren binnenwijkse bedrijventerreinen naar woon-werkgebied. Conform de vaststelling van de vitaliteitsscan binnenwijkse bedrijventerreinen stellen we transformatiekaders op. Deze kaders omvatten uitgangspunten en/of randvoorwaarden waarbinnen transformatie plaats kan vinden. Een aantal uitgangspunten zal voor meerdere of alle terreinen gelden. Hierbij wordt rekening gehouden met de locatie gebonden context van het terrein en de omgeving, waardoor het kader per terrein kan verschillen. Ook de wijze waarop een dergelijk kader – al dan niet samen met eigenaren, gebruikers en ontwikkelende partijen – tot stand komt kan verschillen.
UPDAT E ST EDEL IJKE ONT WIKKEL INGSST RAT EGIE WONEN
53
9. WERKAGENDA 7. Zoeken naar alternatieve ruimte voor evenemententerrein Het Laar. De planvorming voor ‘t Laar start dit najaar. ’t Laar biedt kansen voor de realisatie van woningbouw, maar wordt nu gebruikt door onder andere kermisexploitanten ten tijde van de kermis en het circus. Met de toename van inwoners zijn evenementenlocaties juist van belang om ook te kunnen voorzien in ontspanning en beleving. Onderdeel van de planvorming voor Het Laar is de zoektocht naar alternatieve locatie(s) voor de functies die nu gebruik maken van het terrein. Pas als een alternatieve locatie gevonden en gerealiseerd is, kan gestart worden met de bouw van de woningen. 8. Samen met de gemeente Oisterwijk een koersdocument opstellen voor het gebied Oostflank SRBT/Pauwels-Oost. Op basis van de uitgangspunten die benoemd zijn in hoofdstuk 7 voor de dorpen gaan we samen met de gemeente Oisterwijk en andere partners in 2021/22 een Koersdocument uitwerken voor dit gebied. Hierin zullen we ook een aantal locaties identificeren waar woningbouw binnen de uitgangspunten voor ontwikkeling van het hele gebied gerealiseerd kan worden. 9. Opstellen koersdocument groen We staan voor een blijvend goed en gezond leefklimaat voor onze inwoners. Dat vraagt en rechtvaardigt extra toevoeging van groen en blauw in de openbare ruimte.
Hiervoor wordt op basis van de ‘Verkenning Groen tot in het hart van de stad’ door Orbis (2021) een koersdocument opgesteld dat groen in de stad en om de stad als eenheid benadert, vanuit de beleidsvelden groen, water en klimaat. Onder andere worden de groene en blauwe verbindingen vanuit de stadsregionale parken naar het hart van de stad scherper fysiek bepaald en meetbaar gemaakt (punt 2 in paragraaf 8.8) en de aan te pakken brandpunten in de (oude) stad geduid (punt 3 in paragraaf 8.8). Door het aanwijzen en aanleggen van herkenbare nieuwe parken met een substantiële grootte in de bestaande stad, kunnen we de noodzakelijke kwaliteitsimpuls realiseren. Het koersdocument wordt een bouwsteen voor de te actualiseren Omgevingsvisie.
10. N etwerkanalyse 2.0; de nieuwe opgave doorrekenen voor de verschillende netwerken. De transformatieopgaven met betrekking tot mobiliteit zijn gebaseerd op de prognoses uit de Omgevingsvisie Tilburg 2040. Aangezien de onlangs de prognoses fors zijn toegenomen is een nieuwe doorrekening nodig op basis van de nieuwe prognoses om zo de consequenties voor de verschillende netwerken inzichtelijk te krijgen. Dit wordt al gedaan op het niveau van de Stedelijke Regio Breda-Tilburg. Voor Tilburg zal dit op basis van de indicaties uit deze Update Stedelijke Ontwikkelingsstrategie verfijnd worden. Het gaat dan om een vraaggerichte benadering waarbinnen we maximaal inzetten op bestaande systemen. We verkennen ook welke maatregelen voor rijdende en stilstaande mobiliteit nodig zijn om mobiliteit en ruimte goed met elkaar te verbinden. De verkenningen richten zich op het vertalen van de vraag naar arbeid, werk en recreatie, waarbij we uitgaan van maximale inclusiviteit. De studie legt ook een basis voor verkennende gesprekken met partners, zoals NS, ProRail, de provincie en het rijk, over de planningen van maatregelen. 11. Uitwerken van de Ruimte-voor-Ruimteregeling voor het buitengebied. In de Verordening ruimte van de Provincie Noord-Brabant is de Ruimte voor Ruimte regeling opgenomen.
Met deze regeling is het mogelijk om in ruil voor de sloop van (agrarische) bebouwing een nieuwe woning te ontwikkelen, met kwaliteitsverbetering van het landschap als doel. Op basis van de Verordening ruimte heeft de gemeente Tilburg eigen ruimte voor ruimte beleid geformuleerd. Dit beleid is opgenomen in de Omgevingsvisie Tilburg 2040 en is inmiddels 6 jaar van kracht. Actualisatie van de ruimte-voor-ruimteregeling is gewenst om initiatieven in het buitengebied beter te kunnen beoordelen in relatie tot versterking van de kwaliteit van het landschap in het landelijk gebied. Daarvoor is verfijning van het kaartbeeld en criteria uit de Omgevingsvisie en aanscherping van criteria nodig.
UPDAT E ST EDEL IJKE ONT WIKKEL INGSST RAT EGIE WONEN
54
BIJLAGEN
UPDAT E ST EDEL IJKE ONT WIKKEL INGSST RAT EGIE WONEN
55
BIJLAGE 1. BENCHMARK Een vergelijking van de ontwikkeling van de gemiddelde transactieprijs tussen Tilburg en vergelijkbare steden laat zien dat het prijsniveau in Tilburg nog relatief laag is. In 2020 kwam de gemiddelde transactieprijs voor een koopwoning uit op iets boven de €2.500 per m². In de duurste stad van deze benchmark – Breda – stond de teller vorig jaar op €3.175 per m². Woningen in Tilburg zijn hiermee 21% voordeliger dan in Breda. Ook in Eindhoven en ‘s-Hertogenbosch liggen de vierkante meterprijzen een stuk hoger dan in Tilburg. Ondanks dat de prijzen in Tilburg de afgelopen jaren sterk stegen, is er nog steeds sprake van een concurrentievoordeel op prijs. Dit zal naar verwachting resulteren in een sterkere prijsstijging de komende jaren in vergelijking met de benchmarkgemeenten.
goed ontsloten zijn met het Openbaar Vervoer. Met de hoogste prijzen per m² en de sterkste stijgingen de afgelopen 5 jaar, zijn Breda en Oisterwijk overduidelijk de meest aantrekkelijke woongemeenten in de regio. Ook valt op dat Tilburg omringd is door relatief dure gemeenten, terwijl Breda juist in haar regio met afstand de duurste is.
Gemiddelde prijs van de woning per m2 15
Figuur: Gemiddelde transactieprijs woningen per m2 14 Ook in een vergelijking met gemeenten uit de Stedelijke Regio Breda – Tilburg (SRBT) komt Tilburg als relatief voordelig uit de bus met een waarde net onder het regionaal gemiddelde van €2.576 per m² in 2020. Breda is regionaal de tweede meest prijzige stad, met de gemeente Oisterwijk op 1. Hier kostte een gemiddelde woning in 2020 € 3.224 per m². Deze twee gemeenten zijn wel de enige echte uitschieters, met het gemiddeld prijsniveau van alle andere regiogemeenten dicht bij het regionaal gemiddelde. Gemiddeld zijn in de SRBT de prijzen de afgelopen 5 jaar met 36% gestegen. De grootste stijgers zijn achtereenvolgens Breda (49%), Tilburg (45%), Oisterwijk (44%) en Etten-Leur (40%). Dit lijkt een patroon van urbanisatie te bevestigen in de regio: de meest aantrekkelijke woningmarkten zijn de twee grote steden, gevolgd door de buurgemeenten die
De conclusies voor Tilburg: • Ondanks relatief sterke prijsstijging de afgelopen jaren behoort Tilburg nog steeds tot een van de meest betaalbare stedelijke woningmarkten in Nederland. Dit plaatst Tilburg in een sterke positie om woningzoekenden met een gemiddeld inkomen te accommoderen, vanuit een groter wordend zoekgebied. Door in onze planvoorraad te zorgen voor een ruime beschikbaarheid van betaalbare koopwoningen kan deze positie verder versterkt worden. • De regionale analyse laat zien dat de kleinere gemeenten rond Tilburg bovengemiddeld aantrekkelijke woningmarkten zijn. Dit biedt kansen om juist in de dorps-landelijke gebieden in te zetten op betaalbare koopwoningen (Berkel-Enschot, Udenhout en Biezenmortel). Met relatief lage prijzen in vergelijking met Breda, ‘s-Hertogenbosch en Eindhoven, zijn er kansen om in de centrum-stedelijke woonmilieus van Tilburg in te zetten op kwaliteit, hand in hand met verbetering van stedelijke voorzieningen en openbare ruimte.
UPDAT E ST EDEL IJKE ONT WIKKEL INGSST RAT EGIE WONEN
56
BIJLAGE 2. BIJSTELLING VAN ONZE KWALITATIEVE OPGAVE We hebben In.Fact gevraagd meer inzicht te geven in de woningvraag als gevolg van de prognoses. Zij hebben daarover advies uitgebracht. In onderstaande grafiek is deze woningbehoefte te zien.
we het belangrijk vinden dat ouderen kunnen wonen in een voor hen geschikte woning in, wanneer zij dat willen, de eigen wijk. Geschikte woningen kunnen worden gerealiseerd door aanpassing van de huidige woning, of door het toevoegen van nieuwe woonvormen. Toegankelijkheid, 0-treden en nabijheid van voorzieningen zijn voor ouderen belangrijk. Anders dan jongeren die starten op de woningmarkt hebben alleenstaanden en paren aan het einde van de wooncarrière vaak een specifieke woonwens. Wanneer we daarin goed kunnen voorzien door hier bij beoordeling van woningbouwinitiatieven op te sturen, kan doorstroming in de bestaande voorraad op gang komen. Doorstroming leidt tot langere verhuisketens waardoor meer mensen een passende woning kunnen vinden. Wanneer we kijken naar de ontwikkeling in de behoefte naar koopwoningen dan zien we een toenemende behoefte aan grondgebonden koopwoningen in het prijssegment tot €325.000 (prijspeil 2021) en de nadruk op behoefte aan ruime koopwoningen (groter dan 100m2, >5 kamers). Er is sprake van een grote vraag naar betaalbaar wonen, waarbij de betaalbaarheid niet ten koste mag gaan van de kwaliteit.
We zien ten opzichte van 2017 een extra groei van het aantal alleenstaanden met een leeftijd tussen de 23 en 65 jaar. Daarbij past vooral een vraag naar huurappartementen en grondgebonden koopwoningen. Ook het aantal eenoudergezinnen neemt toe. Hoewel dit een kleinere groep is, hebben zij wel een specifieke kwalitatieve vraag naar vooral grondgebonden wonen in huur en koop. Met onze verdichtingsprincipes sluiten we in deze stedelijke ontwikkelingsstrategie aan bij de NOVI. We verdichten dus vooral in de bestaande stad. We staan daarmee voor de uitdaging om doorstroming op gang te brengen, maar ook om met gestapelde woonvormen te voorzien in de kwalitatieve vraag naar grondgebonden wonen. Daarvoor zijn nieuwe woonconcepten nodig en specifieke woonproducten met bijvoorbeeld collectief speelgroen in de nabijheid en forse buitenruimtes. We dagen de markt daar graag op uit. We krijgen tot 2040 te maken met een dubbele vergrijzing. Het aantal 75+ers stijgt tot 2040 met 86% naar 27.000 Tilburgers. In de Woonagenda hebben we aangegeven dat
De behoefte aan huurappartementen neemt op basis van prognoses 2019 sterk toe. Het gaat om zowel appartementen met als zonder lift, met name door de verwachte extra
UPDAT E ST EDEL IJKE ONT WIKKEL INGSST RAT EGIE WONEN
57
BIJLAGE 2. BIJSTELLING VAN ONZE KWALITATIEVE OPGAVE groei van (jonge) eenpersoonshuishoudens. Er is vooral behoefte aan huurwoningen met een huurprijs tot de liberalisatiegrens15. Ook in de huur zien we dus een grote vraag naar betaalbaar wonen, en ook hier is er sprake van een vraag naar kwaliteit.
In de provinciale prognoses wordt extra huishoudensvorming verwacht vanuit buitenlandse migratie. Voor de huisvesting van arbeidsmigranten en buitenlandse studenten hebben we afspraken gemaakt die aanvullend op de woonopgave gerealiseerd worden voor zover er sprake is van tijdelijk verblijf. Hiervoor realiseren we logiesvoorzieningen en onzelfstandige eenheden. Dit beleid zetten we voort en zullen we zo nodig intensiveren. Wanneer blijkt dat een toenemende groep hier langjarig verblijft dan stellen we onze woningbouwopgave daarop bij. Dit zal vooral effect hebben op de afspraken met de corporaties in het convenant Wonen en daarom is hierover een afspraak opgenomen in de bijstelling van het Convenant Wonen.
Prognoses geven inzicht in de opgave. Binnen concrete projecten maken we de keuze voor wie we bouwen en wat we bouwen.
UPDAT E ST EDEL IJKE ONT WIKKEL INGSST RAT EGIE WONEN
58
BIJLAGE 3. EEN ANALYSE VAN DE ONTWIKKELING VAN TILBURG De ontwikkeling van de stad en dichtheden en kenmerken van wijken bieden ons tezamen met gebiedsgerichte opgaven en kansen binnen wijken, inzicht in de mogelijkheden en kansen voor verdichting. Een beschrijving van de ontwikkeling van de stad en de dichtheden en kenmerken van wijken zijn in deze bijlage beschreven. Ontwikkeling van de stad Tilburg is ontstaan uit een aaneenschakeling van buurtschappen, die tussen de akkers lagen. We noemen die ook wel herdgangen. Met de groei Tilburg, werden eerst de verbindingswegen volgebouwd. Hierdoor ontstond de kenmerkende lintbebouwing. De driehoekige pleinen, zoals het Wilhelminapark, het Lieve Vrouweplein, en de linten, zoals de Korvelseweg, Besterdring en Goirkestraat, zijn nog steeds herkenbaar in het Tilburgse stratenpatroon. Vervolgens werden er huizen in de tussenliggende ruimtes gebouwd. Daardoor verdichtte het weefsel, maar de bestaande hoofdstructuur bleef onaangetast. Van een planmatige aanpak was toen nog geen sprake. Op willekeurige plekken en zonder enige samenhang werd er gebouwd. Dat verklaart het onregelmatige beloop van veel straten in de Oude Stad. Algemeen Uitbreidingsplan Tilburg 1917 lr. Ruckert 1920 - 60.000 inwoners
Plan in hoofdzaak 1950 1950 - 1000.000 inwoners
De eerste planmatig aangelegde wijken dateren uit de periode 1860-1880 en kwamen voort uit particulier initiatief. De gemeente legde in die periode wel enkele straten aan, zoals de Stationsstraat en de huidige Willem II-straat. In 1913 werd ingenieur Johan Ruckert in Tilburg aangesteld als directeur van Publieke Werken. Zijn voornaamste opdracht was het opstellen van een uitbreidingsplan voor de snelgroeiende stad. Uit die tijd dateert de dertien kilometer lange Ringbaan. Deze rondweg, die het grootste deel van de toenmalige bebouwde kom van Tilburg omsloot, vormde ruwweg de begrenzing van het uitbreidingsplan. Daarbinnen was nog voldoende ruimte voor de aanleg van nieuwe wijken. In 1940 stelde de gemeenteraad het Uitbreidingsplan in Hoofdzaak vast. Dit zou de basis worden voor de naoorlogse stadsuitbreidingen. In 1941 werd de 100.000ste inwoner ingeschreven. De prognoses gingen toen al uit van een inwonersaantal van 200.000 in het jaar 2000. Er moest dus veel bijgebouwd worden om al deze mensen te kunnen huisvesten.
Omgevingsvisie 2040 2020 - 220.000 inwoners Een eeuw stedelijke ontwikkeling; trendbreuk uitdijende stad
UPDAT E ST EDEL IJKE ONT WIKKEL INGSST RAT EGIE WONEN
59
BIJLAGE 3. EEN ANALYSE VAN DE ONTWIKKELING VAN TILBURG In 1953 werd het Herzien Uitbreidingsplan in Hoofdzaak vastgesteld. Het was meer dan een uitwerking van het plan uit 1940. De nieuwste stedenbouwkundige en sociografische inzichten waren erin verwerkt. Ook werd een voorschot genomen op de latere uitbreidingen in Tilburg-Noord en De Blaak. Vanaf 1963 werden de uitbreidingsplannen voor de wijk Wandelbos vastgesteld. Daarmee werd het woongebied fors uitgebreid. In tegenstelling tot de plannen voor Het Zand en De Reit werd het wonen hier opgevat als wonen in het bos, met een belangrijke rol voor bestaande en nieuwe groenstructuren en ruim opgezette hoofdwegen omzoomd met groen. Na de stadsuitleg in westelijke richting met Het Zand, De Reit en het Wandelbos ontstond er vanaf midden jaren 1960 een nieuwe golf van stadsuitbreidingen. De eerste grote uitbreiding vond tussen 1965 en 1975 plaats in Tilburg-Noord. Vervolgens ontstonden tussen 1976 en 1983 bijna gelijktijdig de wijken De Blaak en het eerste deel van de Reeshof. Verder werd de reeds gedeeltelijk bestaande wijk Groenewoud met nieuwe woningen uitgebreid. De Reeshof groeide nog tot in de eenentwintigste eeuw uit tot een volwaardig stadsdeel. Hier woont nu ongeveer een vijfde van de Tilburgse bevolking. Tilburg-Noord is net als bij het Zand en De Reit gebouwd volgens de zogenaamde ‘wijkgedachte’.
De wijkgedachte werd verondersteld een heilzame werking op de samenleving te hebben. De stad moest worden opgebouwd uit wijken die volledig zelfstandig waren. Binnen die wijken kon een overzichtelijk ruimtelijk kader worden geboden met een eigen karakter en een wijkraad als kern van de wijkorganisatie. Om het bouwproces te versnellen werd in Tilburg-Noord en -West gebruik gemaakt van stempelbouw: zich herhalende composities van laag- en hoogbouw. Niet alleen de wijken werden gestandaardiseerd, maar ook de woningbouw, die meer en meer het principe van de systeembouw volgde. Na de kritiek op de eenvormigheid, saaiheid en monotonie van Tilburg-Noord kregen De Blaak en de Reeshof een informeler, complexer karakter met hofjes, kronkelige stratenpatronen en woonerven waar voetgangers en fietsers het primaat hebben in plaats van de auto.
Groenewoud wordt gekenmerkt door een grote variëteit aan verkavelingspatronen en typen bebouwing. De tegenreactie op de eenvormigheid manifesteerde zich ook in de opzet van de vroegste buurten in de Reeshof. Met dit nieuwe stadsdeel werd eind ’70-er jaren begonnen. Meer dan in De Blaak lagen de bestaande landschappelijke structuren ten grondslag aan het stedenbouwkundig plan. Dwars door de Reeshof kwam een groene landschapsas en aan de randen ligt een groene buffer. Ruim veertig jaar is aan de Reeshof gebouwd. En er wordt nog steeds aan gebouwd. Denk aan Park Centraal (Dalem). Hierdoor is dit stadsdeel een staalkaart van de Nederlandse woningbouw geworden. Het eerste deelplan uit de jaren ’70, Gesworen Hoek, is met zijn slingerende straten en woonerven een intieme en informele buurt geworden. De buurten die in de jaren 80 volgenden kregen een formeler en overzichtelijker karakter. Met enige vaart ontwikkelden overheid en steeds meer private partijen de wijken Tuindorp De Kievit, Dongewijk en Leeuwerik. Mede door die private ontwikkelaars en de groeiende economie kwam er veel variatie en meer kleur in de woningbouw. Dalem-Zuid en Dalem-Noord kregen in de jaren ’90 een wat kalmer en strakker karakter. De meest recente uitbreidingen van de Reeshof zijn Witbrant en Koolhoven ten zuiden van de spoorlijn naar Breda.
In 1997 werden Berkel-Enschot en Udenhout bij de gemeente Tilburg gevoegd, en in 2021 Biezenmortel. Tilburg telde op 1 januari 2021 221.973 inwoners. In 2015 heeft de gemeenteraad de Omgevingsvisie Tilburg 2040 vastgesteld. Dit is het vigerende kader voor de ontwikkeling van de stad. In tegenstelling tot eerdere plannen is dit geen blauwdruk voor de stad, maar geeft het richting aan onze ambities. De stadsregionale parken worden als een belangrijke kwaliteit voor de stad gezien. In de toekomst willen we die graag versterken en beter verbinden met de stad. Dat betekent dat we anders dan voorheen met onze woningbouwopgave om moeten gaan. De Reeshof is onze laatste grote stadsuitbreiding geweest. De toekomstige woningbouw moet veelal in de bestaande stad worden opgelost, zonder een gezonde, groene, klimaatbestendige en aantrekkelijke leefomgeving in de bestaande stad uit het oog te verliezen. Dat betekent dat we op zoek moeten naar nieuwe woonconcepten, die tegemoetkomen aan de behoeftes van onze bevolking en die aansluiten bij de kenmerken en identiteit van de verschillende wijken.
UPDAT E ST EDEL IJKE ONT WIKKEL INGSST RAT EGIE WONEN
60
BIJLAGE 3. EEN ANALYSE VAN DE ONTWIKKELING VAN TILBURG Dichtheden en kenmerken van Tilburg anno 2021 Een van de aanknopingspunten om te kunnen beoordelen of verdichting mogelijk is, is de woningdichtheid van de verschillende gebieden. Een ander aanknopingspunt vormen de stedenbouwkundige verkavelingen en andere specifieke kenmerken van de wijk. Deze karakteristieken zijn weergegeven in de volgende figuren. Het gebied binnen de ringbanen kent een woningdichtheid van 40 woningen/ha. We treffen hier veel gesloten bouwblokken aan en is er sprake van een hoge menging van functies. Het gebied binnen de ringbanen is vrij stenig en groen ligt vaak verborgen. De uitbreidingswijken van na de oorlog zoals ’t Zand, Tilburg-Noord en Groenewoud tellen zo’n 25 woningen/ha. De uitbreidingswijken in Tilburg-Noord en –West uit de jaren ’60, ’70 en ’80 worden gekarakteriseerd door zogenaamde stempelwijken met veel openbare ruimte. De openbare ruimte heeft in deze wijken veelal een anoniem karakter met weinig gebruiks- en belevingskwaliteit. De Vinex-wijk de Reeshof heeft een dichtheid van 20 won/ha. Het beeld wordt vooral bepaald door straten met voortuinen, 2-onder-eenkapwoningen, rijtjeswoningen en vrijstaande woningen. Hier zijn de functies veelal gescheiden, met uitzondering van de brandpunten in de wijk, waaronder wijk- en buurtwinkelcentra.
De Reeshof heeft een vrij monofunctioneel karakter met een zwaar accent op wonen. Er is relatief veel groen aanwezig. In de dorpen Berkel-Enschot, Udenhout en Biezenmortel ligt de woningdichtheid lager dan in de stad; zo’n 15 woningen per hectare In Berkel-Enschot en Udenhout en slechts 10 won/ha in Biezenmortel. De dorpen bevatten over het algemeen grote kavels en we treffen er met name eengezinswoningen aan in rijtjes, 2-onder-1-kap en vrijstaand. In de dorpen is voldoende ruimte voor groen en is klimaatbestendigheid minder een probleem dan in de stad.
Stedenbouwkundige verkavelingen in de verschillende delen van de stad Binnen de Ring - 40 won/ha
West & Noord - 25 won/ha
• Hoog uitgiftepercentage • Smalle straten, geen voortuinen • Gesloten bouwblokken met binnenterrein • Menging eensgezins/meergezins • Menging van functies
• Veel openbare ruimte • Straten met voortuinen • Stempels en stroken verkaveling • Laagbouw (rijwoningen) en hoogbouw • Gemeenschappelijke groenstroken • Scheiding van functies
Reeshof - 20 won/ha
Berkel-Udenhout - 15 won/ha
• Landschappelijk groen • Straten met voortuinen • Thematische stedenbouw & Architectuur • Menging rijen, 2-kap en vrijstaand • Scheiding van functies
• Verbinding met landschap • Ruime kavels en tuinen • Menging organische en planmatige groei • Menging met landelijke bebouwing en complexen • Vrijwel alleen eensgezinswoningen (rijen, 2-kap en vrijstaand)
Dichtheden en kenmerken in de verschillende delen van de stad
UPDAT E ST EDEL IJKE ONT WIKKEL INGSST RAT EGIE WONEN
61
BIJLAGE 3. EEN ANALYSE VAN DE ONTWIKKELING VAN TILBURG
Woningdichtheden in de verschillende Tilburgse stadsdelen.
UPDAT E ST EDEL IJKE ONT WIKKEL INGSST RAT EGIE WONEN
62
BIJLAGE 4. POTENTIËLE VERDICHTINGSLOCATIES MET INDICATIEVE WONINGAANTALLEN, AMBITIES, DILEMMA’S, OPGAVEN EN PLANNING In deze bijlage zijn op gebiedsniveau in de tabellen de indicatieve woningaantallen, ambities, dilemma’s, opgaven en de verwachting van planologische gereedheid van plannen aangegeven. Met de ambities en opgaven beogen we niet compleet te zijn. Wel worden de belangrijkste ambities aangegeven, die samenhangen met de woningopgave. Opgaves die overal spelen, zoals klimaatadaptatie, woningen die van het gas afgaan, en bijvoorbeeld vergroening van de wijk, zijn niet in de tabel opgenomen, met uitzondering van die locaties waar de opgaves urgenter zijn dan in andere gebieden. Met betrekking tot klimaatadaptatie, is de lijn dat de situatie ten opzichte van de huidige situatie niet mag verslechteren. Ook mag het probleem niet worden verplaatst. En elke ontwikkeling krijgt standaard een wateropgave mee op basis van vastgesteld beleid dat verankerd is in bestemmingsplannen. Met betrekking tot de woningbouwaantallen is een indicatie aangeven, evenals het aandeel dat d.d. 14 juni 2021 in de woningbouwprogrammering zit alsnog te realiseren harde en zachte plancapaciteit. Het aantal woningen in de woningbouwprogrammering is een dagkoers. Elke keer als er een woning wordt opgeleverd, gaat er een woning in de woningprogrammering af.
Ook kunnen woningen van zacht in voorbereiding of hard in voorbereiding overgaan naar een volgende fase, waardoor de aantallen per dag kunnen wijzigen.
UPDAT E ST EDEL IJKE ONT WIKKEL INGSST RAT EGIE WONEN
63
BIJLAGE 4. POTENTIËLE VERDICHTINGSLOCATIES MET INDICATIEVE WONINGAANTALLEN, AMBITIES, DILEMMA’S, OPGAVEN EN PLANNING
Totaal: 31.000, waarvan: Harde voorraad*: Zachte voorraad*: Nieuw:
4.000 10.000 17.000
*Woningbouwprogrammering 14 juni 2021
Geschatte woningcapaciteit
UPDAT E ST EDEL IJKE ONT WIKKEL INGSST RAT EGIE WONEN
64
BIJLAGE 4. ALLE STADSDELEN Oude Stad
Uitbreidingswijken uit de jaren ’60, ’70 en ‘80
Binnen de Ringbanen
West
Noord
Binnenstad, Spoorzone, Piushaven
Kerngebied: Kenniskwartier (7.500)
Kanaalzone I (oostelijk van Smarius)
Overig Oude Stad Noord
Overig Tilburg-West Overig Tilburg-Noord (w.o. Pact-West, zone ETZ) (w.o. Pact-Noord)
Overig Oude Stad Zuid ’t Laar-Oost en -West
Smarius
Vinex-wijk
Dorpen
Zuid
Reeshof
Berkel-Enschot, Udenhout en Biezenmortel
Tilburg-Zuid (w.o. Pact-Zuid, Stappegoor)
Station Reeshof
Oostkamer-Zuid (‘t Zusje + plan eigenaren rondom)
Kempenbaan
Akker-Heikant Dorpshart Udenthout Dorpshart Biezenmortel Verdere uitbreiding rondom de dorpen De Spie
UPDAT E ST EDEL IJKE ONT WIKKEL INGSST RAT EGIE WONEN
65
BIJLAGE 4. BINNEN DE RINGBANEN Indicatie aantal woningen
Plancapaciteit nog te realiseren hard+zacht
Extra t.o.v. WBP
Ambitie
Dilemma’s/opgaven
Planologisch gereed
< 5 jaar
< 10 jaar
> 10 jaar
• Mobiliteitsvraagstuk • Diversiteit in binnenstad behouden • Klimaatadaptatie • Prijs-kwaliteit (kleine hokjes zonder kwaliteit)
ja
ja
ja
Binnenstad, Spoorzone, Piushaven
4.500
4.350
150 • Hoogstedelijk milieu realiseren (mix aan functies) • Voldoende betaalbare woningen met behoud van kwaliteit
Overig Oude Stad Noord
2.500
600
1.900 Verdichting en transformatie van parkeer- en binnenterreinen.
• Mobiliteitsvraagstuk • Klimaatadaptatie
nee
ja
ja
Overig Oude Stad Zuid
2.000
700
1.300 V erdichting en transformatie van parkeer- en binnenterreinen.
• Mobiliteitsvraagstuk • Klimaatadaptatie
nee
ja
ja
500
500
0 • Realiseren van een stadsentree.
ieuwe locatie zoeken N voor evenemententerrein
ja
bouw gereed
nee
9.500
6.150
’t Laar-Oost en -West Totaal
3.350
UPDAT E ST EDEL IJKE ONT WIKKEL INGSST RAT EGIE WONEN
66
BIJLAGE 4. TILBURG NOORD Indicatie aantal woningen
Kanaalzone I
Overig Tilburg-Noord (w.o. Pact-Noord)
Smarius
Totaal
Plancapaciteit nog te realiseren hard+zacht
Extra t.o.v. WBP
Ambitie
Dilemma’s/opgaven
Planologisch gereed
< 5 jaar
< 10 jaar
> 10 jaar
0 - 1.500
0
0 - 1.500 • Goede verbinding realiseren tussen binnenstad en Tilburg-Noord (aantrekkelijke routes). • Naast bedrijvigheid, ook een aantrekkelijk woongebied realiseren.
Voldoende ruimte houden voor bedrijvigheid.
nee
ja, deels
ja
5.000
700
4.300 • Sociaal-maatschappelijke opgave > meer diversiteit • Verbetering openbare ruimte (er is veel groen met een lage gebruikswaarde in de nabijheid van grote infrastructuur.) • Toevoegen door transformatie en verdichting.
• Voldoende openbare ruimte behouden voor een aantrekkelijke en gezonde leefomgeving. • Woningbouwopgave goed verdelen tussen corporaties en marktsector ten gunste van diversiteit in het gebied.
ja
ja
ja
700
700
0 • Realisatie van een stadsentree. • Start bouw.
5.700 - 8.200
1.400
Tempo realisatie versnellen. ja
bouw gereed
4.300 - 5.800
UPDAT E ST EDEL IJKE ONT WIKKEL INGSST RAT EGIE WONEN
67
BIJLAGE 4. TILBURG WEST Indicatie aantal woningen
Plancapaciteit nog te realiseren hard+zacht
Extra t.o.v. WBP
Ambitie
Dilemma’s/opgaven
Planologisch gereed
< 5 jaar
< 10 jaar
> 10 jaar
Kerngebied: Kenniskwartier
7.500
1.900
5.600 • Realisatie metromix (hoogstedelijk milieu) i.c.m. optimale benutting station. • Kwaliteit openbare ruimte versterken.
•V ertrouwde woonmilieu voor de bewoners van dat gebied gaat wijzigen. •V oldoende openbare ruimte behouden voor een aantrekkelijke en gezonde leefomgeving.
Deels (o.a. Westermarkt en Reitse Campus)
ja
ja
Overig Tilburg-West (w.o. Pact-West)
2.000
350
1.650 • Sociaal-maatschappelijke opgave > meer diversiteit. • Met name toevoegen door transformatie.
• Voldoende openbare ruimte behouden voor een aantrekkelijke en gezonde leefomgeving. • Woningbouwopgave goed verdelen tussen corporaties en marktsector ten gunste van diversiteit in het gebied.
Ja, deels
ja
ja
Totaal
9.500
2.250
7.350
UPDAT E ST EDEL IJKE ONT WIKKEL INGSST RAT EGIE WONEN
68
BIJLAGE 4. TILBURG ZUID Indicatie aantal woningen
Plancapaciteit nog te realiseren hard+zacht
Tilburg-Zuid, (w.o. Stappegoor en Pact-Zuid)
2.000
1.550
Kempenbaan
0 - 500
0
2.000 - 2.500
1.550
Totaal
Extra t.o.v. WBP
Ambitie
Dilemma’s/opgaven
Behoud van identiteit van 450 • Stappegoor: verdichten, metrodeelgebieden. mix. Transformatie naar ander milieu. WBI-aanvraag loopt. • Groenewoud: kloof dichten, investeren in de openbaarheid van de openbare ruimte, differentiatie in woonmilieus, hoger voorzieningenniveau, mogelijk kleine herstructureringen en inbreiding. • Verbinding maken met de binnenstad en Goirle; snelfietsroute met brug over de A58. • Eenheid in diversiteit bewaken. • Kempenbaan ontwikkelen als stadsentree. 0 - 500 Ontwikkelen als stadsentree.
Keuze tussen bedrijvigheid en woningbouw.
Planologisch gereed
< 5 jaar
< 10 jaar
> 10 jaar
ja (Stappegoor)
ja
ja
PM
PM
PM
450 - 950
UPDAT E ST EDEL IJKE ONT WIKKEL INGSST RAT EGIE WONEN
69
BIJLAGE 4. IN EN RONDOM DE DORPEN Indicatie aantal woningen
Plancapaciteit nog te realiseren hard+zacht
Extra t.o.v. WBP
Ambitie
Planologisch gereed
< 5 jaar
< 10 jaar
> 10 jaar
•B etaalbaarheid van de woningen. • Landschappelijke inpassing.
Ja, deels
Ja
ja
Realiseren Koningsoordlaan is randvoorwaardelijk.
ja
Bouw gereed
nee
nee
ja
ja
nee
nee
nee
ja
ja
nee
nee
ja
ja
ja
Oostkamer
300
150
Kerngebied: Akker-Heikant
1.000
0
1.000 Realiseren van een nieuwe kwaliteit, betaalbare dorps/landelijke woonmilieus.
100
0
100 • Revitalisering dorpshart. • Toevoegen ontbrekende woonmilieus (m.n. voor ouderen en starters).
200 - 300
100
100 - 200 • Creëren van een vitaal dorpshart. • Toevoegen ontbrekende woonmilieus (m.n. voor ouderen en starters).
Uitbreiding dorpen, met name Biezenmortel
1.400
1.350
50 • Meer dorpse woonmilieus toevoegen. • Draagvlak voor versterkte voorzieningenstructuur en meer vitaliteit • Toevoegen ontbrekende woonmilieus (m.n. voor ouderen en starters). • Versterken natuur en landschap.
De Spie
0 - 500
0
0 - 500 Kan bijdragen aan verdichtingsmogelijkheden voor woningbouw of bedrijvigheid binnen de bestaande stad.
Milieucontouren spoor en bedrijventerrein Loven.
KPJ terrein Udenhout/Berkhout
0 - 400
0
0 - 400 Ontwikkelpotentie onderzoeken.
Staat nog in de programme- nee ring als toekomstig kleinschalig bedrijventerrein.
3.000 - 4.000
1.600
Dorpshart Udenhout
Dorpshart Biezenmortel
Totaal
150 • Afronding Nieuwe Warande om verrommeling van het Landschap te voorkomen.
Dilemma’s/opgaven
Draagvlak creëren voor voorzieningen.
1.400 - 2.400
UPDAT E ST EDEL IJKE ONT WIKKEL INGSST RAT EGIE WONEN
70
BIJLAGE 4. DE REESHOF Indicatie aantal woningen
Plancapaciteit nog te realiseren hard+zacht
Extra t.o.v. WBP
Ambitie
Reeshof
400
400
0
Kerngebied: Stationsomgeving Reeshof
300
100
200 • Integrale gebiedsontwikkeling die bijdraagt aan een volwaardig en aantrekkelijk stationsgebied met een passende stedelijke identiteit. • Ambitieuze oplossing voor parkeren i.r.t. toevoeging woningen/ voorzieningen en een goede openbare ruimte met verblijfsklimaat.
Totaal
700
500
200
Dilemma’s/opgaven
Planologisch gereed
< 5 jaar
< 10 jaar
> 10 jaar
ja
ja
ja
nee
ja
ja
Naast de harde en zachte plancapaciteit die benoemd is in bovengenoemde tabellen, zit in de woningbouwprogrammering aanvullend nog 700 woningen plancapaciteit op de locatie Bakertand.
UPDAT E ST EDEL IJKE ONT WIKKEL INGSST RAT EGIE WONEN
71
VOETNOTEN 1.
Bron: Programmabegroting 2020. Illustratie van de metafoor BrabantMozaïek uit het Adviesrapport ‘BrabantStad MozaïekMetropool’ (2007), bron Bosch Slabbers.
9.
iodiversiteitsplan, Gemeente Tilburg, 2010 en Uitvoeringsagenda klimaatadaptatie, B Gemeente Tilburg, 2020.
2.
3.
4.
5.
ron: De bevolkings- en woningbehoefteprognose Noord-Brabant, Actualisering 2020. B Bewerking door gemeente Tilburg. limaatneutraal wil zeggen zonder CO2 uitstoot (hiervoor is opslag van duurzaam K opgewekte energie nodig). Klimaatneutraal in 2045 is de doelstelling voor de hele gemeente Tilburg. Energieneutraal is uitgangspunt voor de nieuwbouw. Klimaatneutraal is op korte termijn nog niet haalbaar, omdat er nog onvoldoende betaalbare en goede opslagtechnieken zijn voor elektriciteit, waarmee de in de zomer opgewekte energie voor gebruik in de winterperiode kan worden opgeslagen. ron: Bestuursakkoord Tilburg, Gezond en gelukkig in Tilburg, 2018. En de Agenda SoB ciaal013 benoemt 4 kernwaarden: Goede start, Ruimte om te leven, Optimale kansen en Wereld die mij ziet (GROW). In de programmabegroting 2020 is als streefwaarde een toevoeging van 950 woningen per jaar opgenomen.
10.
itvoeringsagenda Klimaatadaptatie, Wij werken samen aan een koel Tilburg, juli U 2020.
11.
untensysteem voor natuur- en groeninclusief bouwen, Gemeente Tilburg, 17 maart P 2021.
12.
In de woningbouwprogrammering zitten zachte en harde plannen. We spreken over zachte plannen als ze nog in voorbereiding zijn en er nog geen bestemmingsplan voor is vastgesteld. Wanneer het bestemmingsplan is vastgesteld en/of het bestemmingsplan onherroepelijk is spreken we van harde plancapaciteit. Onder harde plannen verstaan we ook plannen die in uitvoering zijn.
13.
agkoers woningbouwprogrammering 14 juni 2021, aantallen op locatieniveau D afgerond op 50-tallen
14.
Bron: Dura Vermeer/CBS.
15.
Bron: Dura Vermeer/CBS.
16.
e liberalisatiegrens is de wettelijk vastgestelde grens die bepaalt of een huurwoning D binnen de sociale huur of de vrije sector valt. Ligt de huurprijs op het moment van aangaan van de huurovereenkomst hoger dan de liberalisatiegrens dan bewoon je een vrije sector-huurwoning ofwel een geliberaliseerde woning. De liberalisatiegrens is in 2021 € 752,33.
6.
7.
Bron Netwerkanalyse Spoor 2 - Ruimtelijke Meerwaarde, Gemeente Tilburg
8.
E nergieneutraal: over een jaar genomen wordt per saldo net zoveel energie gebruikt als er duurzaam wordt opgewekt. Hierbij wordt nog elektriciteit van het landelijk net gebruikt, die nu nog niet volledig duurzaam wordt opgewekt.
Fotocredits: Gemeente Tilburg, Twan Mickers, Edwin van Renterghem, Jostijn Ligtvoet, Ton van Rooij, Annemoon Dilweg, Gerdien Wolthaus-Paauw, Dolph Cantrijn, Anja van Eersel, Jasper Rodenberg.
UPDAT E ST EDEL IJKE ONT WIKKEL INGSST RAT EGIE WONEN
72