02 Bezonningsstudie Peutz 8-6-22.docx
Tekst van het document
Notitie betreft:
Bezonning Pieter Vreedeplein Tilburg
datum:
8 juni 2022
referentie:
LA/ LA/ / O 16833-1-NO-001
van:
dr. ir. L. Aanen
aan:
Winkelrondje Tilburg B.V.
1 Inleiding
Ten behoeven van het bouwplan aan het Pieter Vreedeplein te Tilburg zijn in het verleden een tweetal bezonningsonderzoeken uitgevoerd, te weten door croonenburo5 (rapport IND01-457322-01D d.d. 15 januari 2020) en door Happel Cornelisse Verhoeven architecten (d.d. 23 augustus 2019). De onderzoeken geven verschillende uitkomsten, en het is niet eenduidig vast te stellen of op basis van één van de onderzoek op betrouwbare wijze getoetst kan worden of de bezonning van de woningen in het invloedsgebied van het bouwplan voldaan wordt aan de door de gemeente gesteld eisen. Door Peutz is daarom een aanvullend bezonningsonderzoek uitgevoerd, gericht op de beoordeling van de bezonning bij de, op basis van de eerdere onderzoeken geïdentificeerde, meest kritische woningen in het gebied, met name de tegenover het bouwplan gelegen appartementen. 2 Normstelling en onderzoeksmethode 2.1 N o r m s t e l l i n g
Voor de beoordeling van de bezonning van de woningen rond het bouwplan, verwijst de gemeente Tilburg naar de Haagse bezonningsnorm. Deze norm is vastgelegd in RIS 170509 d.d. 9 februari 2010 en heeft een aantal specifieke kenmerken: − Toetsingsdatum 19 februari (overeenkomend met 21 oktober). − Minimale zonshoogte 10°. − Minimale potentiële bezonningsduur 2 uur. Hierbij gelden de volgende aanvullingen: − Meetpunt op 0,75 meter hoogte in het midden van de gevel van de onderste woonlaag. − Bezonningsduur ter plaatse van voor- en achtergevel bij elkaar optellen. − Geen verdere verslechtering in situaties met minder dan 2 mogelijke zon-uren. − Bij dakopbouwen: maximale afname bezonningsduur 50% (excessenregeling). − Weergave bezonningsduur en afname in tabelvorm. − De norm is van toepassing bij de onderste woonlaag van bestaande woningen; de gevels van nieuwbouw behoeven niet onderzocht te worden. − Voorts is de norm van toepassing op openbare en semi-openbare ruimten met een recreatieve functie alsmede bij buitenruimten bij scholen en kindercentra. Er is hier in de peutz bv, postbus 66, 6585 zh mook, +31 85 822 86 00, mook@peutz.nl, www.peutz.nl kvk 12028033, voorwaarden volgens DNR 2011, lid NLingenieurs, btw NL.004933837B01, ISO-9001:2015 O 16833-1-NO-001 1
berekening van de bezonningsduur sprake van voldoende bezonning indien meer dan 50% van de oppervlakte in de zon ligt. De Haagse bezonningsnorm geldt voor bouwwerken vanaf een hoogte van 25 meter of indien de nieuwbouw ten minste 1,5 maal hoger is dan de gemiddelde hoogte van de omgeving. In het RIS document stelt de gemeente Den Haag verder: 'Indien het project niet voldoet aan de normen (over zon en wind) dan kan het project worden geweigerd dan wel desalniettemin worden besloten dat onder voorwaarden met de planontwikkeling wordt ingestemd. Naast bezonning en wind weegt de gemeente immers nog vele andere aspecten af zoals architectonische vormgeving, functies, verkeer, parkeren, financiën, volkshuisvesting, sociale veiligheid etcetera. (….) Afwijking van die normen is in concrete gevallen mogelijk als de totale belangenafweging daartoe noopt.' 2.2 O n d e r z o e k s m e t h o d e
Er zijn meetpunten in het model geplaatst op 0,75 m hoogte in het midden van de meest kritische gevels van de onderste woonlaag. Er zijn punten geplaatst op zowel de voorgevel als de achtergevel van de woningen. Voor de volledigheid zijn er ook punten geplaatst op twee woningen op de tweede woonlaag. Dit omdat uit eerder onderzoek bekend is dat juist op deze woningen de bezonning het meest kritisch is. De beoordeling volgens de Haagse norm vindt echter alleen op de onderste woonlaag plaats. Omdat de woningen op de tweede woonlaag een breedte hebben van drie stramienen liggen deze verschoven ten opzichte van de meetpunten op de eerste woonlaag, waar de woningen twee stramienen breed zijn. Met behulp van binnen Peutz ontwikkelde programmatuur rond het softwarepakket Radiance is de bezonningsduur berekend bij een minimale zonshoogte van 10°. Voor de beoordeling van de bezonningssituatie wordt uitgegaan van de bezonningsduur ter plaatse van de in het model aangebrachte meetpunten. Naast de bezonningsduur in de geplande situatie is ook bezonningsduur in de huidige situatie berekend en is de afname in de bezonning bepaald. De meetpunten zijn geplaatst op de balustrade aan de buitenzijde van de balkons. Op de onderste woonlaag zijn hier penanten aanwezig.
Op de tweede woonlaag (waar de woningen drie stramienen breed zijn) liggen de punten op de balustrade zelf, die hier meer dan 75 cm hoog is, zie figuur 2.1.
O 16833-1-NO-001 2
f2.1 Overzicht nummering meetpunten
3 Resultaten. 3.1 T o e t s i n g a a n d e H a a g s e b e z o n n i n g s n o r m
Uit de resultaten blijkt dat de bezonning op de meest kritische woning (meetpunt 2) op de onderste woonlaag uit komt op 2:00 uur (zie tabel 3.1). Er is weliswaar sprake van een significante achteruitgang van de mogelijke bezonningsduur (ruim twee uur), maar er wordt aan de Haagse bezonningsnorm voldaan. t3.1 Resultaten mogelijke bezonningsduur meetpunten 19 februari meetpunt
huidig gepland afname voor achter totaal voor achter totaal voor achter totaal 1 04:40:00 00:00:00 04:40:00 02:45:00 00:00:00 02:45:00 01:55:00 00:00:00 01:55:00 2 04:10:00 00:00:00 04:10:00 02:00:00 00:00:00 02:00:00 02:10:00 00:00:00 02:10:00 3 04:15:00 00:20:00 04:35:00 02:20:00 00:20:00 02:40:00 01:55:00 00:00:00 01:55:00
3.2 R e s u l t a t e n o p d e t w e e d e w o o n l a a g
In het kader van een goede ruimtelijke ordening is ook gekeken naar de bezonning van de woningen op de tweede woonlaag. Uit de resultaten blijkt dat de bezonning op de meetpunten op deze gevels terug loopt tot 1:35 uur. Hierbij kunnen een aantal kanttekeningen geplaatst worden: 1. De periode waarin de bezonning onder de norm valt is relatief beperkt. Vanaf 21 maart is er minimaal twee uur zon aanwezig 2. In binnenstedelijke stedelijke situaties zijn er veel woningen die, ook zonder de aanwezigheid van hoogbouw in de buurt, door de hoge bebouwingsdichtheid niet voldoen aan de Haagse norm. 3. Er worden regelmatig noord-gerichte woningen gebouwd die per definitie niet voldoen aan de Haagse bezonningsnorm of andere gebruikte normen. Dat geldt bij voorbeeld voor de appartementen aan de noordzijde van de nieuwe woontoren die het bestemmingsplan mogelijk maakt. Een aantal van deze appartementen zal bij realisatie al niet voldoen aan de Haagse norm. O 16833-1-NO-001 3
Bezonning kan dan ook niet gezien worden als een noodzakelijke randvoorwaarde voor een goede woonkwaliteit. Dat is ook de reden dat bezonning niet is opgenomen in enige nationale wet- of regelgeving en gemeentelijke regelgeving als de Haagse bezonningsnorm alleen betrekking heeft op bestaande woningen en dat de Haagse norm nadrukkelijk de mogelijkheid geeft om een project dat niet voldoet aan de bezonningsnorm toch door te laten gaan als de totale belangenafweging daartoe noopt. Mede gezien punt 2 heeft bijvoorbeeld gemeente Rotterdam in haar Afwegingskader Bezonning een aangepaste toetsingsdatum ingevoerd. Er wordt daarbij getoetst op 21 september (overeenkomend met 21 maart). Ook in het centrum van Amsterdam wordt regelmatig de "Amsterdamse richtlijn" gebruikt, waarbij getoetst wordt voor de periode 21 maart tot 21 september. In Den Haag wordt op het ogenblik gewerkt aan een herziening van het bezonningsbeleid, waarbij ook de ervaringen in Rotterdam meegenomen worden. Ter plaatse van alle tegenover de geplande nieuwbouw gelegen appartementen wordt aan deze iets ruimere beleidsnorm voldaan.
Mook,
Deze notitie bevat 4 pagina's
O 16833-1-NO-001 4