02 aanvraag verlenging stoeterij 2021 (inclusief evaluatie)
Tekst van het document
Aanvraag verlenging gebiedsaanwijzing in het kader van de Wet bijzondere maatregelen grootstedelijke problematiek
Juni 2021
Inhoud 1
2
3
4
5
6
Inleiding .................................................................................................................... 3
1.1
Aanvraag verlenging selectieve woningtoewijzing ................................................................................ 3
1.2
Doel........................................................................................................................................................ 4
1.3
Toe te passen maatregelen uit de Wbmgp............................................................................................ 5
1.4
Noodzaak, geschiktheid, subsidiariteit en proportionaliteit ................................................................. 6
1.5
Termijn................................................................................................................................................... 6
1.6
Afstemming ........................................................................................................................................... 7
Noodzakelijkheid ....................................................................................................... 8
2.1
Wat speelt er? ...................................................................................................................................... 8
2.2
Monitorinstrumenten ............................................................................................................................ 9
2.3
Actuele leefbaarheidsituatie en -ontwikkeling .................................................................................... 11
2.4
Conclusie.............................................................................................................................................. 17
Geschiktheid ............................................................................................................ 18
3.1
Artikel 8 ............................................................................................................................................... 18
3.2
Artikel 9 ............................................................................................................................................... 18
3.3
Artikel 10 ............................................................................................................................................. 18
3.4
Onderzoek op basis van politiegegevens............................................................................................. 19
3.5
Conclusie.............................................................................................................................................. 20
Subsidiariteit ........................................................................................................... 21
4.1
Welke maatregelen zijn al ingezet? .................................................................................................... 21
4.2 4.3
Woongerelateerde instrumenten........................................................................................................ 23 Conlusie ............................................................................................................................................... 24
Proportionaliteit ...................................................................................................... 25
5.1
Aantal woningen in gebied .................................................................................................................. 25
5.2
Gemiddelde mutatiegraad in gebied ................................................................................................... 25
5.3
Percentage aan te wijzen woningen in gebied t.o.v. aantal sociale huurwoningen in gemeente te passen maatregelen uit de Wbmgp ..................................................................................................... 25
5.4
Slaagkansen woningzoekenden ........................................................................................................... 26
5.5
Conclusie.............................................................................................................................................. 26
Monitoring en evaluatie ........................................................................................... 27
6.1
Te verwachten effect .......................................................................................................................... 27
6.2
Monitoring en evaluatie ...................................................................................................................... 27
6.3
Beëindiging maatregelen .................................................................................................................... 27
6.4
Monitoring aantal en locatie 'geweigerden' ........................................................................................ 28
Bijlage 1: Omschrijving van het gebied selectieve woningtoewijzing Wbmgp ................ 29 Bijlage 2: Uitbreiding gebied selectieve woningtoewijzing Wbmgp .............................. 30 Bijlage 3: Evaluatie gebiedsaanwijzing in het kader van de Wet bijzondere maatregelen grootstedelijke problematiek ....................................................................................... 314
1
Inleiding
1.1
Aanvraag verlenging selectieve woningtoewijzing
Voor u ligt de aanvraag van de gemeenteraad van de gemeente Tilburg voor verlenging van het toepassen van selectieve woningtoewijzing op grond van de Wet bijzondere maatregelen grootstedelijke problematiek (Wbmgp) in de Stoeterijstraat en omgeving. De woningen in dit gebied maken deel uit van de wijk Groenewoud. Groenewoud is in meerdere opzichten een kwetsbare wijk. In bepaalde delen is sprake van een eenzijdige bevolkingssamenstelling, concentratie van woonoverlast, criminaliteit en ernstige verstoring van de leefbaarheid. Door de verlenging van de aanwijzing van genoemd gebied willen we deze problematiek duurzaam kunnen aanpakken en kwetsbare bewoners beschermen tegen negatieve invloeden. De adressen waar het concreet om gaat staan vermeld in bijlage 1 'omschrijving van het gebied selectieve toewijzing Wbmgp'. In de Stoeterijstraat en omgeving passen we sinds september 2017 selectieve woningtoewijzing toe op grond van de Wbmgp (artikelen 8, 9 en 10). De evaluatie laat positieve resultaten zien. De impact op de gehele wijk is klein, omdat het gebied slechts 74 (huur)woningen telt. Bovendien laten politiegegevens van de Stoeterijstraat duidelijke verbanden met andere straten en buurten in de wijk zien. Daarom hebben we in 2020 701 woningen uit de wijk toegevoegd aan het gebied voor selectieve woningtoewijzing (zie bijlage 2).
Het totale gebied waar in Groenewoud de maatregelen op grond van de artikelen 8, 9 en 10 van de Wbmgp worden toegepast, komt daarmee op 775 adressen. Deze aanvraag voor verlenging betreft alleen de 74 woningen uit de Stoeterijstraat en omgeving (zie ook onderstaande afbeelding). Wij verzoeken u om verlenging tot 19 november 2024, zodat de aanwijzing van beide gebieden gelijk gaan lopen.
Afbeelding 1: Gebied voor verlenging toepassing Wbmgp
Actuele demografische situatie en ontwikkeling Groenewoud is een wijk met ruim 7.300 inwoners en 3.500 huishoudens. Er wonen relatief veel eenoudergezinnen, inwoners met een lage opleiding en met een bijstandsuitkering. In de wijk staan vooral eengezinswoningen. De afgelopen jaren is een klein deel geherstructureerd (Vogeltjesbuurt West) en er is wat nieuwbouw toegevoegd. In 2020 zijn aan het Pater van de Elsenplein 30 nieuwe appartementen in de sociale huur toegevoegd en op de hoek van de Broekhovenseweg zijn 14
huurappartementen gekomen. Daarnaast zijn er plannen voor een nieuw gezondheidscentrum in het hart van de wijk en pal daarnaast een nieuwbouwcomplex met middeldure huurappartementen. In het geselecteerde gebied staan 74 sociale huurwoningen van woningcorporatie Tiwos. Er wonen 196 mensen. De gemiddelde leeftijd (32,5 jaar) ligt enkele jaren onder het Tilburgs gemiddelde (40,1). Er wonen relatief weinig 65-plussers en in verhouding veel meer kinderen. Ook hier geldt dat er veel eenoudergezinnen wonen en mensen in een kwetsbare financiële situatie.
1.2
Doel
Tilburg kent wijken waar de sociale, maatschappelijke, economische en culturele vraagstukken complexer en diepgaander zijn dan in andere delen van de stad. Groenewoud is er daar een van, naast Tilburg Noord (Stokhasselt en de Vlashof) en Tilburg West (Het Zand en de Kruidenbuurt). Het zijn wijken waar we al jarenlang extra inzetten op verbetering van leefbaarheid en perspectief. Vanaf 2008 spraken we van impulswijken1 en later van focuswijken2. Lange termijn Veel Tilburgers die in deze delen van de stad wonen hebben te maken met (een combinatie van) werkloosheid, armoede, problemen op school, slechte gezondheid, kwetsbare gezinnen, ondermijning, discriminatie, et cetera. Inwoners voelen zich in deze delen van de stad onveiliger dan gemiddeld en er is sprake van toenemende jeugdcriminaliteit. Voor hen voelt de maatschappij niet inclusief en kansrijk; zij missen een positief toekomstperspectief en ervaren maatschappelijke tweedeling. Om een kentering teweeg te brengen in deze trend en te zorgen voor een leefbare en vitale kansrijke wijk is in 2018 een zogeheten PACT-aanpak (People Acting in Community) gestart. Samen met inwoners en professionele partners wordt op structurele wijze geëxperimenteerd met andere manieren van handelen, denken en organiseren. Met als doel om de dieperliggende oorzaken en patronen aan te pakken.
Bij deze aanpak wordt kennis en expertise gebruikt die elders is opgedaan. De exacte invulling krijgt per wijk vorm omdat het moet aansluiten bij de specifieke situatie. De energie van de bewoners en partners is leidend en centraal staat wat er voor de inwoners in deze wijken echt toe doet. De aanpak raakt aan een breed spectrum van leefgebieden, zoals onderwijs, huisvesting, openbare ruimte en veiligheid. En bij het zoeken naar oplossingen worden nieuwe en ongewone verbindingen gestimuleerd. Ervaringen uit andere steden laten zien dat een transformatie van dit formaat een generatie kan duren. We richten ons vizier daarom op 2040. Buurtgericht werken In de wijkaanpak in Groenewoud staat sinds ruim 3 jaar interafhankelijk, buurtgericht werken centraal (ofwel: systemisch werken). Dit is een pragmatische manier van werken om in de praktijk om te gaan met taaie, venijnige vraagstukken. Het creëren van beweging en het bereiken van doorbraken in belemmerende patronen staat daarbij centraal. Een probleem wordt niet afzonderlijk 1
Impulswijk = wijk waar sprake is van meervoudig problematiek en waar gedurende 10 jaar (2008 -2018) in samenwerking met bewoners en maatschappelijke partners wordt gewerkt aan het verbeteren van de sociaaleconomische positie van bewoners. De ambities zijn: jongeren doen het goed op school en halen een diploma, elk huishouden heeft een kostwinner en inwoners leven boven de armoedegrens 2 Focuswijk = wijk waar sprake is van meervoudige, complexe problematiek op sociaaleconomisch en fysiek vlak en op het gebied van veiligheid. Hiervoor worden met wijkpartners vierjarige actieplannen gemaakt (20122018).
bekeken of in stukjes geknipt, maar in samenhang vanuit verschillende perspectieven bekeken en aangepakt. Nog een stap verder dan bij integraal werken, gaan partners met elkaar aan de slag om tot gezamenlijke inzichten en acties te komen waarop vervolgens gereflecteerd wordt om snel te kunnen leren. Het wijknetwerk wordt door een expert gecoacht in deze pragmatische manier van werken. Balans herstellen Binnen het interafhankelijk werken in Groenewoud is de samenwerking tussen wijkpartners voor deel van de wijk geïntensiveerd, om echt verschil te kunnen maken. Het betreft een gecombineerde (meervoudige) aanpak die zich laat karakteriseren als zeer gericht (acupunctuur) via verschillende soorten interventies. Daarbij zoeken we naar een slimme mix tussen repressie en preventie. Hard optreden waar nodig (zuur), maar ook je nek uitsteken voor welwillenden in de wijk (zoet), zorg voor hulpbehoevenden (zout) en reguleren van de instroom (bitter). Zonder de mogelijkheid om instroom van nieuwe bewoners te reguleren, is het moeilijk de balans in een buurt te herstellen. Dit kan in verschillende vormen en gradaties, met als uiterste vorm de toepassing van politiescreening in het kader van de Wbmgp (artikel 10).
1.3
Toe te passen maatregelen uit de Wbmgp
Om de balans in de Stoeterijstraat en omgeving te kunnen herstellen maken we gebruik maken van de artikelen 8, 9 en 10 van de Wbmgp. Wij willen dit de komende jaren voortzetten, als onderdeel van de bredere inzet in de wijk zoals hierboven beschreven. Artikel 8: Het weren van woningzoekenden die een werkeloosheid- of bijstandsuitkering hebben en korter dan 6 jaar in de regio wonen. We willen deze instroom van kandidaten zonder inkomen uit arbeid verminderen, opdat: - Er minder financieel kwetsbare bewoners in de buurt wonen; Artikel 9: Het voorrang verlenen aan woningzoekenden met een inkomen uit werk en/of een startkwalificatie3. We willen de instroom van kandidaten met inkomen uit werk of een startkwalificatie vermeerderen opdat: - Er minder bewoners met beperkte kansen op de arbeidsmarkt in de buurt wonen; - Bewoners een goede basis hebben om in hun levensonderhoud te voorzien; - Er minder financieel kwetsbare bewoners in de buurt wonen; Artikel 10: Het weren van woningzoekenden op basis van overlastgevend en crimineel gedrag. We willen de instroom van kandidaten met een verleden van overlastgevend en crimineel gedrag beperken, opdat: - Een concentratie van overlastgevend en crimineel gedrag doorbroken wordt; - Onderling contact tussen bewoners uit de buurt verbetert; - Het algemene oordeel over de buurt verbetert.
3
Startkwalificatie = een afgeronde havo- of vwo-opleiding of een basisberoepsopleiding (mbo-2; dat wil zeggen niveau 2 van de kwalificatiestructuur, zoals vastgelegd in de Wet educatie en beroepsonderwijs (WEB))
Doel aanwijzing Bovenstaande combinatie van maatregelen in het genoemde gebied draagt bij aan het verminderen van het aantal financieel kwetsbare bewoners dat beïnvloedbaar kan zijn voor de druk vanuit de criminele wereld, en draagt bij aan het beperken van overlastgevend en crimineel gedrag. Het doel van de gebiedsaanwijzing is om met de toepassing van de artikelen 8, 9 en 10 Wbmgp in de Stoeterijstraat en omgeving het aantal huishoudens in de wijk met inkomen uit werk te laten toenemen, het aantal bewoners met een startkwalificatie te vergroten en overlastgevend en crimineel gedrag te beperken.
1.4
Noodzaak, geschiktheid, subsidiariteit en proportionaliteit
In artikel 6 van de Wbmgp worden de volgende punten genoemd die de gemeenteraad bij de aanvraag tot verlenging van de aanwijzing van gebieden bij de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties voldoende aannemelijk moet maken: - De aanwijzing is noodzakelijk en geschikt om voor het bestrijden van grootstedelijke problematiek. - De aanwijzing voldoet aan de eisen van subsidiariteit en proportionaliteit. - Er zijn voldoende mogelijkheden om binnen de regio passende huisvesting te vinden voor woningzoekenden die als gevolg van de gebiedsaanwijzing geen huisvestingsvergunning kunnen krijgen voor een woning in de gebieden waar artikel 8 en/of 10 van de Wbmgp worden toegepast. Ook dient een beargumenteerde keuze te worden gemaakt voor toepassing van het onderzoek op basis van politiegegevens of een Verklaring omtrent het gedrag, als het meest geschikte instrument voor het bestrijden van overlast en criminaliteit in de aan te wijzen gebieden bij toepassing van artikel 10 van de Wbmgp. Het stellen van aanvullende eisen bij woningtoewijzing zien wij als een vergaande maatregel voor buurten waar sprake is van grootstedelijke problematiek. We passen deze eisen in Tilburg zeer selectief toe. De gemeenteraad is van mening dat bovenstaande criteria gelden voor de Stoeterijstraat en omgeving. In de hoofdstukken 2 tot en met 5 wordt dit nader toegelicht en onderbouwd.
Een evaluatie van de toegepaste maatregelen in de Stoeterijstraat en omgeving op grond van de artikelen 8, 9 en 10 Wbmgp maakt deel uit van deze verlengingsaanvraag (zie bijlage 3).
1.5
Termijn
De termijn voor een gebiedsaanwijzing op grond van de Wbmgp is vier jaar en kan door de gemeenteraad hoogstens vier keer met maximaal 4 jaar worden verlengd. De gemeenteraad dient deze eerste aanvraag voor verlenging in, voor een termijn van 1 september 2021 tot 19 november 2024. Op basis van een evaluatie besluiten wij daarna of voortzetting van toepassing van de eerdergenoemde maatregelen wenselijk is. Eerder hebben wij geconstateerd dat de impact van de maatregelen op de gehele wijk klein is, omdat de Stoeterijstraat en omgeving slechts 74 woningen telt. Eind 2020 is de selectieve woningtoewijzing op grond van de artikelen 8, 9 en 10 Wbmgp uitgebreid met 701 woningen in Groenewoud. Deze gebiedsaanwijzing loopt tot 19 november 2024. De huidige verlenging willen we aan laten sluiten bij de termijn van de rest van het aangewezen gebied.
We gaan ervan uit dat de ingrijpende maatregelen tijdelijk zijn en we gaan er zorgvuldig mee om. Tegelijkertijd zijn we ons ervan bewust dat een langdurige aanpak nodig is om duurzame verbetering van de leefbaarheid en veiligheid te kunnen bewerkstelligen. We blijven naast selectieve woningtoewijzing, uitdrukkelijk ook andere instrumenten inzetten om de situatie in het gebied te verbeteren. Dit mag niet los van elkaar worden gezien.
1.6
Afstemming
Deze verlengingsaanvraag is tot stand gekomen door de samenwerking met diverse partijen. De meeste partijen zijn verenigd in de projectgroep Wbmgp van de gemeente Tilburg. De projectgroep bestaat uit vertegenwoordigers van de gemeente Tilburg, woningcorporaties Tiwos, TBV Wonen, WonenBreburg en politie. De provincie is op ambtelijk niveau geïnformeerd over deze verlengingsaanvraag. De afstemming met bewonersorganisaties heeft plaatsgevonden door informeren van de huurdersbelangenorganisaties van de woningcorporaties en wijkraad Groenewoud. De uitkomst van deze afstemmingen is positief. De afstemming met OM heeft plaatsgevonden binnen de lokale driehoek.
2
Noodzakelijkheid
2.1
Wat speelt er?
PACT-aanpak De Stoeterijstraat en omgeving maakt onderdeel uit van de wijk Groenewoud. Groenewoud was van 2008-2018 een impulswijk en sinds 2014 aangewezen als focuswijk. Sinds 2018 spreken we (zoals omschreven in paragraaf 1.2) van een wijk met een PACT-aanpak (People Acting in Community).
Afbeelding 2: Plattegrond van Groenewoud met buurtnummers
Beschrijving van de wijk Groenewoud bestaat uit een aantal buurten, die onderling sterk verschillen. Sommige buurten hebben een volks karakter, andere buurten zijn meer gedifferentieerd. De Stoeterijstraat en omgeving liggen in de wijk Groenewoud en in de buurt genaamd Ezelvense Akkers (buurtnummer 3201). Sommige bewoners wonen hier al vanaf het bouwjaar 1990 en onder hen is de onderlinge betrokkenheid sterk, maar over het algemeen zijn onderlinge contacten mager. De mutatiegraad is in deze buurt dan ook altijd hoog geweest. Veel bewoners leven in armoede en hebben problemen met het betalen van de woonlasten. In heel Groenewoud wonen oudere Nederlanders samen met nieuwkomers, er wonen zowel gezinnen als één- en tweepersoonshuishoudens. Een groot deel van de bewoners heeft een lage opleiding en een lage sociaaleconomische status en er is meer dan gemiddeld in Tilburg sprake van LVB-problematiek (Licht Verstandelijke Beperkingen). In Groenewoud heeft een bovengemiddeld aantal gezinnen meervoudige problematieken. Sommigen hebben moeite het hoofd boven water te houden en kunnen niet goed voldoen aan de eisen die de maatschappij aan hen stelt.
Sommige delen van de wijk Groenewoud staan bekend om hun gesloten karakter, waar de overheid lastig vat op krijgt. In de boeken van Tops (2016 en 2018) is beschreven hoe bovenwereld en onderwereld hier met elkaar zijn verweven.
2.2
Monitorinstrumenten
De gemeente Tilburg gebruikt drie belangrijke toetsingsinstrumenten om de ontwikkelingen in de wijken te monitoren: de Leefbaarheidsmonitor (Lemon), de Wijktoets4 en de landelijke Leefbaarometer. Leefbaarheidsmonitor De leefbaarheidsmonitor (Lemon) geeft een beeld van hoe bewoners hun leefomgeving beleven en wordt elke twee jaar in de stad afgenomen. Uit de Lemon van 2019 blijkt dat er onder bewoners van de Ezelvense Akkers zorgen zijn over de veiligheid in de buurt. Het gaat dan vooral om criminaliteit en gevoelens van onveiligheid. Ook zijn er ongenoegens over vervuiling en verkeersoverlast. Dit beeld is vergelijkbaar met de Lemon 2015 en 2017. De fysieke en sociale woonomgeving scoort over de gehele linie beter dan Groenewoud gemiddeld en net iets minder dan Tilburg gemiddeld. Nulmeting Medio 2016/2017 kwamen er in de Stoeterijstraat in gesprekken met bewoners en professionals signalen naar boven over bijvoorbeeld: het dealen vanuit auto's, het intimideren van buurtbewoners en het verleiden/dwingen deel te nemen aan criminele activiteiten. Het betrof dan vaak hennep gerelateerde zaken. Sommige bewoners durfden blijkbaar niet langer hun voordeur te gebruiken om het huis te verlaten om een confrontatie uit de weg te gaan. Gevolg van deze situatie was dat goedwillende bewoners de buurt verlieten.
Voor de gemeente en woningcorporatie Tiwos is bovenstaande aanleiding geweest de buurt nader onder de loep te nemen, om meer inkleuring te krijgen bij deze signalen en om te horen wat bewoners hier zelf van zeggen. In maart en april 2017 is een groot aantal bewoners (73%) deur voor deur gesproken. Een deel van de bewoners gaf aan met veel plezier in de straat te wonen en hun woning als prettig te ervaren. Tegelijk werd door bewoners ook indirect verwezen naar de hierboven beschreven signalen als bron van gevoelens van onveiligheid en naar ernstige woonoverlast. Er zijn verschillende leefbaarheidsvragen gesteld, waarbij de antwoorden mede als nulmeting fungeerden voor toepassing van de Wbmgp. In februari 2021 wilden we het buurtonderzoek herhalen. Door de lockdown waren wij echter niet in de gelegenheid huisbezoeken uit te voeren, daarom hebben wij ervoor gekozen om een enquête te verspreiden. Deze hebben we aan de deur opgehaald (met in achtneming van de RIVM-richtlijnen). Dit heeft echter een veel lagere respons (28,4%) opgeleverd. De rapportcijfers die bewoners nu aan hun buurt geven zijn extreem verbeterd ten opzichte van 2017, zelfs beter dan stedelijk gemiddeld.
4
Opgemerkt dient te worden dat in 2018 de CBS buurtindeling is veranderd. De huidige buurt Ezelvense Akkers heeft met 1070 inwoners bijna 100 inwoners minder dan de voormalige subwijk 611 (1165 inwoners). Ook het oppervlak van de buurt is kleiner geworden. Daardoor zijn de huidige cijfers van Lemon en Wijktoets niet meer 1 op 1 vergelijkbaar met de cijfers die in de aanvraag van 2017 zijn gebruikt. Bovendien zijn in de berekeningssystematiek van de Wijktoets 2020 wijzigingen aangebracht, wat vergelijken van de cijfers bemoeilijkt.
Wij hebben twijfels over de representativiteit van de resultaten. In paragraaf 2.3 gaan we hier dieper op in. Wijktoets Een ander belangrijk monitorinstrument dat Tilburg gebruikt is de tweejaarlijkse Wijktoets. Het instrument geeft inzicht in de kwaliteit van de diverse woonwijken op het gebied van leefbaarheid, veiligheid en sociale stijging. Op basis van de uitkomsten van de Wijktoets bepalen het gemeentebestuur, corporaties en politie gezamenlijk welke buurten op bepaalde thema's extra aandacht krijgen. De wijk Groenewoud scoort vooral op sociaal aspect negatief ten opzichte van het Tilburgs gemiddelde. Dit betekent dat er veel kwetsbare mensen wonen, met een laag inkomen en lage opleiding. In Groenewoud zijn inwoners minder gezond dan in de rest van de stad. De subwijk waarvan de Stoeterijstraat en omgeving deel uitmaakt scoorde zowel in 2014 als 2016 negatief op veiligheid. Na de nieuwe CBS-buurtindeling heeft de buurt Ezelvense Akkers in 2018 en 2020 geen negatieve score meer in de wijktoets. Er is met name een verbetering te zien in de objectieve veiligheidscijfers van zowel de buurt Ezelvense Akkers als de gehele wijk Groenewoud. Leefbaarometer In de landelijke Leefbaarometer 2014 werd de leefbaarheidssituatie in de Stoeterijstraat en omgeving, net als in het grootste deel van Groenewoud, als zwak benoemd (lichtgeel).
Dit betekent dat er gesproken kan worden over matige leefbaarheid ten opzichte van het landelijke gemiddelde. Langs de randen van de wijk waren gebieden lichtgroen (voldoende). Zie afbeelding 3.
Afbeelding 3: Leefbaarometer Groenewoud (2014)
In de Leefbaarometer 2018 is een klein deel van de Stoeterijstraat en omgeving lichtgroen gekleurd (voldoende). Dat is nog steeds onder gemiddeld, want een gemiddeld gebied in Nederland scoort op de grens tussen “ruim voldoende” en “goed”. Ook langs de randen van de wijk zien we lichtgroene
gebieden terug. Enkele delen van Groenewoud zijn oranje (onvoldoende). Deze delen vallen in de Landbouwbuurt, Pater van den Elsenplein en Dolomietenhof.
Afbeelding 4: Leefbaarometer Groenewoud (2018)
Als ingezoomd wordt op de achterliggende dimensies van de Leefbaarometer voor de Stoeterijstraat en omgeving (buurt Ezelvense Akkers), dan blijkt dat vooral de dimensie “veiligheid” negatief bijdraagt aan de onder gemiddelde leefbaarheidsscore in het gebied. Hoewel er lichte verbeteringen zichtbaar zijn, hebben we blijkbaar het verschil nog niet kunnen maken, ondanks jarenlange inzet om tot de gewenste verbeteringen te komen. Signalen Naast monitorinstrumenten betrekken we ook de signalen van professionele partners in de buurt bij het volgen van de ontwikkeling van onze Tilburgse wijken. Het complete beeld van een buurt is nooit alleen uit cijfers te herleiden: het gaat om tellen en vertellen. Dat geldt zeker voor kleine buurten, zoals de Stoeterijstraat en omgeving, waarin metingen en enquêtes onvoldoende inzicht geven en niet geheel lijken te matchen met de ervaringen van de professionals in de wijk. We merken bijvoorbeeld regelmatig dat wantrouwen maakt dat bewoners weinig melden bij wijkpartners. Als het gaat om ondermijning is dit meestal niet in monitorinstrumenten terug te vinden. In objectieve veiligheidscijfers zijn vaak alleen de “high impact crimes” opgenomen.
2.3
Actuele leefbaarheidsituatie en -ontwikkeling
Vanaf september 2017 zijn de Stoeterijstraat en omgeving door de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties aangewezen voor de Wbmgp (artikel 8, 9 en 10). Cijfers uit de Wijktoets in combinatie met signalen die partners uit de wijk ontvingen zijn aanleiding geweest om op dit kleine gebied binnen Groenewoud nader in te zoomen. Zowel in de Wijktoets van 2014 als van 2016 scoorde de buurt negatief op veiligheid. Dit zat hem zowel in de rapportcijfers die bewoners zelf aan hun buurt gaven als in de aangiftecijfers van de politie. De gemeenteraad maakte zich vooral zorgen over de combinatie van lage bewonersbetrokkenheid, (financieel) kwetsbare bewoners en criminaliteit. Gegevens en professionals van politie, corporatie en gemeente bevestigden dit beeld.
Na vier jaar uitvoering van de Wbmgp en een intensieve meervoudige wijkaanpak zijn de bevindingen van politie, woningcorporatie en gemeente voorzichtig positief. De maatregel lijkt een positief effect te hebben op de balans en leefbaarheid in de buurt. We zien kleine verbeteringen in de cijfers en het lukt wijkpartners beter om in contact te komen met bewoners. Hoewel deze contacten in het jaar 2020 weer drastisch beperkt werden door de coronamaatregelen. Leefbaarheidsmonitor Onderstaande tabel met rapportcijfers van bewoners uit de Leefbaarheidsmonitor (Lemon) laat zien dat de beoordeling van de ‘buurt in het algemeen’ op stedelijk niveau in 2019 gelijk is gebleven (7,4) aan 2015. In de Ezelvense Akkers zien we in 2019, net als in de subwijk 611 van 2015, nog steeds een score van 6,7. De beoordeling van de buurt in het algemeen is nog altijd significant lager dan het Tilburgs gemiddelde en gelijk aan het gemiddelde van Groenewoud. Ook scoren in de Ezelvense Akkers de overlast van criminaliteit (6,3), veiligheid overdag (7,4) en veiligheid ’s avonds (6,1) significant lager dan het Tilburgs gemiddelde en ongeveer gelijk aan het wijkgemiddelde. Overlast van vervuiling scoort met een 5,3 onvoldoende.
Hoewel nog steeds significant lager dan het Tilburgs gemiddelde, lijkt het er wel op dat de overlast van criminaliteit minder is geworden (van 5,7 in 2015 voor subwijk 611, naar 6,3 in 2019 voor de buurt Ezelvense Akkers) alsook de overlast van gedrag van anderen (van een 5,2 in 2015 naar een 6,1 in 2019). Overlast van parkeren (6,0) en betrokkenheid bij de buurt (6,1), zijn beide ook verbeterd en komen in 2019 uit op het Tilburgs gemiddelde. We moeten echter voorzichtig zijn met het vergelijken met de Lemoncijfers van 2019 met 2015, vanwege de nieuwe CBS-indeling. Toch lijkt het erop dat er zich op sommige punten kleine, voorzichtige verbeteringen in de subjectieve cijfers over de buurt Ezelvense Akkers aftekenen. Leefbaarheidsmonitor 2015, gemeente Tilburg Leefbaarheidsmonitor 2015
subwijk 611
Groenewoud
Tilburg
Beoordeling buurt algemeen
6,7
6,8
7,4
Overlast van vervuiling
5,5
5,5
5,9
Overlast van parkeren
5,6
5,6
6,2
Betrokkenheid van bewoners bij buurt
5,7
6
6,1
Contacten met bewoners uit de buurt
6,5
6,7
7
Belang van contacten in de buurt
7,4
7,3
7,4
Veilig voelen overdag
7,2
7,5
7,9
Veilig voelen ’s avonds
6,0
6,3
6,7
Overlast van gedrag van anderen
5,2
5,9
6,4
Overlast van criminaliteit
5,7
6,2
6,5
Leefbaarheidsmonitor 2019
Elzenvense Akkers
Groenewoud
Tilburg
Beoordeling buurt algemeen
6,7
6,7
7,4
Overlast van vervuiling
5,3
4.9
5,6
Overlast van parkeren
6,0
5,6
6,0
Betrokkenheid van bewoners bij buurt
6,1
5,8
6,1
Leefbaarheidsmonitor 2019, gemeente Tilburg
Contacten met bewoners uit de buurt
6,7
6,3
6,4
Belang van contacten in de buurt
7,4
7,1
7,4
Veilig voelen overdag
7,4
7,4
8,0
Veilig voelen 's avonds
6,1
6,2
6,8
Overlast van gedrag van anderen
6,1
5,7
6,4
Overlast van criminaliteit
6,3
6,3
6,8
Aangiftecijfers politie en meldingen In de objectieve cijfers van de Wijktoets is opvallend dat de veiligheidscijfers voor de hele stad Tilburg zijn verslechterd van 2016 naar 2020, maar voor de wijk Groenewoud zijn verbeterd. Waar Groenewoud in 2016 slechter scoorde dan de rest van de stad, liggen de cijfers nu dichter tegen het Tilburgs gemiddelde. We zien dus een positieve trend in de veiligheidscijfers voor de wijk Groenewoud als geheel. In de buurt Ezelvense Akkers zien we in 2020 meer aangiften van vermogensdelicten (13,1‰) en overige diefstal (19,6‰) dan in de rest van de stad en de wijk Groenewoud. Het promillage geweldsdelicten (9,3‰) ligt boven het stedelijk gemiddelde en is gelijk aan het wijkgemiddelde. De aangiften zware criminaliteit (1,9‰) liggen relatief laag en we zien fors minder inbraken uit woningen dan in 2016. Veiligheidscijfers uit de Wijktoets 2016, gemeente Tilburg Indicator Veiligheid 2016 subwijk 611 Groenewoud ‰ ‰ Aangiften inbraken woning Aangiften overlast Aangiften diefstal overige Aangiften vermogensdelicten Aangiften geweldsdelicten
15,6 9,4 15,6 15,5 1,43
23,2 22,2 30,0 7,3 -
Veiligheidscijfers uit de Wijktoets 2020, gemeente Tilburg* Indicator Veiligheid 2020 Ezelvense Groenewoud Akkers ‰ ‰ Aangiften inbraken woning Aangiften zware criminaliteit Aangiften diefstal overige Aangiften vermogensdelicten Geregistreerde geweldsdelicten
4,3 1,9 19,6 13,1 9,3
4,0 3,9 13,7 9,1 9,3
Tilburg gemiddeld ‰ 4,9 5,9 4,9 7,7 1,06
Tilburg gemiddeld ‰ 6,3 2,9 16,4 11,3 7,5
*In de Wijktoets 2020 is de indicator aangiften overlast vervangen door aangiften zware criminaliteit. *In de Wijktoets 2016 is gebruik gemaakt van de aangiften geweldsdelicten, in de Wijktoets 2020 is dit vervangen door alle geregistreerde geweldsdelicten bij de politie. Daarom zijn de cijfers niet vergelijkbaar.
Politiemeldingen geclusterd naar hotspots Toen we in 2016 inzoomden op de aangiftecijfers van de politie zagen we dat in de Stoeterijstraat en omgeving (in het midden van de plattegrond) minder aangiften worden gedaan. Dat vonden wij opvallend, omdat in de omgeving wel veel aangiften werden gedaan. Professionals in de wijk hadden op basis van niet officiële meldingen en observaties het beeld dat er wel degelijk sprake was van
(ondermijnende) criminaliteit in de buurt. De cijfers gaven een vertekend beeld, omdat er weinig officiële meldingen bij de instanties worden gedaan. In afbeelding 5 zijn alle politiemeldingen van de afgelopen drie jaar geclusterd naar hotspots. Hierin is terug te zien dat in de Stoeterijstraat en omgeving nog steeds niet veel meldingen worden gedaan. Wijkprofessionals geven aan dat er nog steeds mondjesmaat meldingen worden gedaan en dat contact leggen moeilijk blijft. De afgelopen coronaperiode heeft daar geen goed aan gedaan.
Afbeelding 5: politiemeldingen 1 jan 2018 – 1 jan 2021, geclusterd naar hotspots
Sociale indicatoren Het percentage inwoners met een bijstandsuitkering in de Stoeterijstraat en omgeving was in 2017 significant hoger dan dat in de rest van de focuswijk Groenewoud. Ten opzichte van het Tilburgs gemiddelde was het percentage op 1 januari 2017 2,3 keer hoger. We zien een dalende trend van het van het aantal inwoners met een bijstandsuitkering. Het percentage bijstandsgerechtigden in de Stoeterijstraat en omgeving is op 1 januari 2021 nog 2 keer hoger dan het Tilburgs gemiddelde (zie onderstaande tabel). Percentage inwoners (18 t/m 65 jaar) met bijstand op 1 januari Stoeterijstraat Groenewoud e.o. % %
Tilburg %
2015
13,3
8,6
4,9
2016
14,0
9,3
5,3
2017
12,6
9,8
5,5
2018
11,6
9,9
5,3
2019
10,3
9,3
5,0
2020
12,3
9,1
4,7
2021
9,4
8,6
4,6
Uit onderstaande tabel blijkt dat in de Stoeterijstraat en omgeving ten opzichte van de rest van de wijk en de rest van de stad relatief veel armoedehuishoudens wonen. Door de jaren heen is een lichte verbetering te zien voor het geselecteerde gebied. Dit is een summier positieve trend. In absolute aantallen gaat het om een afname van 3 huishoudens in armoede. Armoedehuishoudens5 op 1 januari
2016
Stoeterijstraat e.o. % 40,0
Groenewoud % Tilburg % 23,8 12,8
2017
37,3
24,4
13,1
2018
37,3
25,9
13,3
2019
37,8
25,3
12,9
2020
36,5
25,3
12,9
Op het schaalniveau van de subwijk 611 zagen we in de Wijktoets van 2016 over de gehele linie slechtere scores dan in de rest van de stad. Het percentage armoedehuishoudens, bijstandsgerechtigden en verstrekte WMO-beschikkingen waren significant hoger. In de Wijktoets 2020 valt echter op dat er op het schaalniveau van de buurt Ezelvense Akkers relatief iets minder bijstandsgerechtigden zijn (4,4%) dan stadsgemiddeld (4,9%). Ook scoort het percentage armoedehuishoudens op buurtniveau iets beter (12,5%) dan in de rest van de stad (14,0%). Dat geldt ook voor het percentage verstrekte WMO-beschikkingen (4,7% resp. 6,1%). Wat verder opvalt is dat het percentage beschikkingen jeugdzorg hoog is (12,1%) ten opzichte van het Tilburgse gemiddelde (4,9%). Ook het percentage eenoudergezinnen in de buurt Ezelvense Akkers is met 9,9% hoger dan het stedelijk gemiddelde (7,7%). Startkwalificaties Onderstaande tabel zoomt in op cijfers over startkwalificaties van jongvolwassenen tussen 18 en 23 jaar in de gemeente Tilburg. Door de jaren heen liggen de percentages jongvolwassenen met een startkwalificatie in de wijk Groenewoud en in de buurt Ezelvense Akkers substantieel onder het Tilburgs gemiddelde. Waar het Tilburgs gemiddelde door de jaren heen een lichte daling laat zien, zien we in de wijkcijfers juist een lichte stijging.
5
% inwoners 1823 jaar met startkwalificatie
Ezelvense Akkers %
Groenewoud %
Tilburg %
2017
45,3
50,4
72,4
2018
43,3
49,8
72,0
2019
48,8
50,8
68,3
Er is sprake van een armoedehuishouden indien een huishouden: (1) recht heeft op bijstand en/of (2) gebruik kan maken van bijzondere bijstand en/of (3) gebruik kan maken van de collectieve ziektekostenregeling en/of(4) gebruik kan maken van kwijtschelding van gemeentelijke belastingen.
Rapportcijfers uit buurtonderzoek Stoeterijstraat In maart en april 2017 hebben we in de Stoeterijstraat en omgeving een buurtonderzoek gedaan en alle adressen huis aan huis bezocht. Op 54 adressen hebben wij gesprekken gevoerd (73%). Op deze manier konden we verder op de leefbaarheidsituatie inzoomen, dan mogelijk is met de beschikbare cijfers op subwijkniveau. Een zestal vragen uit Lemon hebben wij tijdens de gesprekken gesteld, mede bedoeld als nulmeting voor de toepassing van de Wbmgp. De rapportcijfers van het buurtonderzoek in 2017 hebben we vergeleken met de Lemonscores uit 2015 en zijn verwerkt in onderstaande tabel. Leefbaarheidsonderzoek
Stoeterijstraat subwijk 611 e.o. (2017) (2015)
Groenewoud (2015)
Tilburg (2015)
Beoordeling buurt algemeen
6,4
6,7
6,8
7,4
Contacten met bewoners uit de buurt
5,5
6,5
6,7
7
Veilig voelen overdag
8,1
7,2
7,5
7,9
Veilig voelen 's avonds
7,3
6,0
6,3
6,7
Overlast van gedrag van anderen
6,2
5,2
5,9
6,4
Overlast van criminaliteit
6,8
5,7
6,2
6,5
Het buurtonderzoek wilden wij in februari 2021 herhalen. Door de lockdown waren wij echter niet in de gelegenheid huisbezoeken uit te voeren, daarom hebben we een enquête verspreid en deze aan de deur opgehaald (met in achtneming van de RIVM-richtlijnen). Deze werkwijze heeft een veel lagere respons (28,4%) opgeleverd. We merkten dat bewoners terughoudend reageerden en dat niet iedereen de deur opendeed. Groenewoud (2019)
Tilburg (2019)
Beoordeling buurt algemeen
Ezelvense Stoeterijstraat Akkers e.o. (2021) (2019) 7,6 6,7
6,7
7,4
Contacten met bewoners uit de buurt
6,5
6,7
6,3
6,4
Veilig voelen overdag
8,4
7,4
7,4
8,0
Veilig voelen 's avonds
7,6
6,1
6,2
6,8
Overlast van gedrag van anderen
7,7
6,1
5,7
6,4
Overlast van criminaliteit
7,7
6,3
6,3
6,8
Leefbaarheidsonderzoek
Opvallend is dat de rapportcijfers enorm zijn gestegen. Op 4 vragen zelfs met ongeveer een hele punt. Dit is voor lemonscores hoogst ongebruikelijk. Meestal gaat het om veranderingen van enkele tienden. Deze rapportcijfers laten zien dat de waardering voor de buurt over de gehele linie beter is geworden, beter dan de buurt, beter dan de wijk en zelfs beter dan stedelijk gemiddeld. De hoge stijging van de rapportcijfers gecombineerd met de lage respons, doet ons twijfelen over de betrouwbaarheid en representativiteit van de resultaten. Een lichte verbetering in de buurt kunnen wij verklaren op basis van de objectieve cijfers en de ervaringen van de wijkprofessionals. De enorme stappen naar cijfers die boven het stedelijk gemiddelde liggen, lijken ons echter niet realistisch in een periode van 3,5 jaar.
Ervaringen van professionals In de afgelopen tijd zijn enkele overlastcasussen aangepakt, zijn mensen verhuisd die een negatieve invloed in de buurt hadden en zijn nieuwe bewoners in de straten komen wonen. We merken dat de intimiderende sfeer op straat is verminderd, maar niet is verdwenen. Er wordt nog steeds weinig gemeld, er is sprake van wantrouwen naar de overheid en voor wijkprofessionals is het moeilijk om in contact te komen met bewoners. De coronaperiode heeft de contacten met bewoners verslechterd. Volgens wijkprofessionals heeft de buurt nog steeds aantrekkingskracht op subjecten met criminele antecedenten, maar dit zie je niet terug in de statistieken. De leefbaarheid is nog zwak, zeggen zij: “Het is een broos evenwicht. Te vroeg om te stoppen.” “We moeten niet te snel juichen, laten we niet weer in die valkuil stappen. De weerbaarheid van bewoners is nog onvoldoende verbeterd. Ik zie nog geen duurzame verandering. Het is kwetsbaar. In de omliggende buurt is nu ook de Wbmgp van kracht. Als we hier loslaten, is alles voor niets geweest.”
2.4
Conclusie
We zien in de cijfers voor de buurt Ezelvense Akkers, waar de Stoeterijstraat en omgeving onderdeel van uitmaakt, een positieve ontwikkeling. Tegelijkertijd is er nog steeds sprake van een zwakke leefbaarheid en zijn er zorgen over de veiligheid in de buurt. Dat geldt ook voor het percentage jongvolwassenen met een startkwalificatie. Het evenwicht in de buurt is nog te fragiel om onze intensieve leefbaarheidsaanpak los te kunnen laten. Dat blijkt ook uit de cijfers voor het geselecteerde gebied van de Stoeterijstraat en omgeving. Ondanks een dalende trend is het percentage inwoners met een bijstandsuitkering relatief hoog. Ook wonen er relatief veel armoedehuishoudens in het gebied ten opzichte van de rest van de wijk en van de stad. Gezien het bovenstaande vinden wij als gemeenteraad verlenging van de gebiedsaanwijzing van de Stoeterijstraat en omgeving noodzakelijk om de aanpak van grootstedelijke problematiek en de cumulatie van leefbaarheidsproblemen in dit gebied voort te kunnen zetten door toepassing van artikel 8, 9 en 10 van de Wbmgp.
3
Geschiktheid
3.1
Artikel 8
Kortheidshalve verwijzen we voor het voldoende aannemelijk maken van de ‘geschiktheid’ naar de cijfermatige onderbouwing van paragraaf 2.3. Daarbij gaat het om het percentage inwoners met een bijstandsuitkering en om het percentage armoedehuishoudens in de Stoeterijstraat en omgeving. We zien voor het percentage inwoners met een bijstandsuitkering een dalende trend, niet alleen in het geselecteerde gebied, maar ook in de rest van de wijk en de stad. De daling in het geselecteerde gebied is sterker dan in de rest van de wijk en in Tilburg. Het percentage bijstandsgerechtigden ligt op 1 januari 2021 dichter bij het wijkpercentage dan in 2017/2018 toen we zijn gestart met selectief woningen toewijzen (absolute en relatieve afname). Ook voor armoedehuishoudens geldt dat er in de Stoeterijstraat en omgeving ten opzichte van de rest van de wijk en de stad relatief veel armoedehuishoudens wonen. Door de jaren heen is een lichte verbetering te zien in de percentages voor het geselecteerde gebied. Door het toepassen van artikel 8 wordt voorkomen dat in het geselecteerde gebied het percentage inwoners toeneemt dat korter dan 6 jaar in de regio woont én een bijstandsuitkering heeft en daarmee de groep financieel kwetsbare inwoners toeneemt. Dit vinden wij met name belangrijk, omdat we financieel kwetsbare bewoners willen beschermen tegen criminele invloeden uit de buurt.
3.2
Artikel 9
Met het toepassen van artikel 9 verlenen wij voorrang aan woningzoekenden die een startkwalificatie hebben in de zin van de Leerplichtwet en/of inkomen uit werk. Wij hebben geen kwalitatieve cijfers beschikbaar over de startkwalificaties van bewoners op het schaalniveau van het geselecteerde gebied; wel op buurtniveau. Hiervoor verwijzen we naar de tabel in paragraaf 2.3 over de percentages jongvolwassenen met een startkwalificatie in de buurt Ezelvense Akkers, waar de Stoeterijstraat en omgeving onderdeel van uitmaakt. Voor de onderbouwing "inkomen uit werk" verwijzen we kortheidshalve ook naar de in paragraaf 2.3 vermelde cijfers voor de percentages inwoners met een bijstandsuitkering in het geselecteerde gebied. Het hebben van een startkwalificatie verhoogt de kansen op de arbeidsmarkt en verlaagt de kans op instroom in een bijstandsuitkering. Een startkwalificatie biedt mensen een goede basis om in hun levensonderhoud te kunnen voorzien, waardoor de financiële kwetsbaarheid afneemt en de weerbaarheid ten opzichte van de verleidingen van criminaliteit verbetert. Daar waar artikel 8 specifiek gericht is op personen die korter dan 6 jaar in de regio wonen, achten wij het aanvullend noodzakelijk om een maatregel te treffen voor personen die 6 jaar of langer in de regio wonen.
3.3
Artikel 10
In onderstaande twee tabellen hebben we verder ingezoomd op de geregistreerde politiemeldingen in de Stoeterijstraat en omgeving. Hierbij hebben we specifiek gekeken naar de gedragingen, zoals vermeld in de Wbmgp op overlast en op criminaliteit (artikel 10a).
Geregistreerde politiemeldingen op overlast (genormaliseerd per 100 woningen):
2018
Stoeterijstraat e.o. 4,05 6,76 6,76
Ezelvense Akkers 7,09 5,82 5,06
Groenewoud 10,17 6,55 6,30
2019
9,46
5,06
6,33
2020
5,41
11,65
10,17
2016 2017
In de wijk Groenewoud en de buurt Ezelvense Akkers is sinds 2016 een daling van overlastmeldingen de zien. In het jaar 2020 is echter een stijging te zien. Een mogelijke verklaring daarvoor is dat het aantal overlastmeldingen in dit jaar is toegenomen, doordat mensen meer thuis zijn vanwege de coronamaatregelen en daardoor meer zien in hun omgeving en meer meldingen doen. In de Stoeterijstraat en omgeving zagen we tot 2019 een lichte toename van overlastmeldingen. Opvallend is dat in de Stoeterijstraat en omgeving in het “coronajaar” 2020 het aantal meldingen op overlast juist weer is gedaald. Inzoomend op de cijfers laat zien dat er in 2020 geen vandalismemeldingen meer zijn geweest. Wijkprofessionals zeggen dat ze nog steeds weinig meldingen van bewoners krijgen. Geregistreerde politiemeldingen op criminaliteit (genormaliseerd per 100 woningen):
2016 2017 2018 2019 2020
Stoeterijstraat e.o. 6,76 8,11 12,16
Ezelvense Akkers 8,86 12,66 13,92
Groenewoud 8,33 8,48 8,89
1,35 8,11
11,14 10,38
8,05 7,92
De geregistreerde politiemeldingen over criminaliteit liggen in Groenewoud door de jaren heen op hetzelfde niveau. In de buurt Ezelvense Akkers zien we tot 2018 een stijging en vanaf 2019 een daling. Ook de cijfers voor de Stoeterijstraat en omgeving laten een stijging tot 2018 zien. In 2019 is er een stevige daling en in 2020 weer een stijging naar ongeveer het gemiddelde van de wijk. De stijgende lijn van meldingen op criminaliteit in de buurt lijkt doorbroken te zijn. Opgemerkt dient te worden dat het lastig is om op basis van de beperkte aantallen geregistreerde politiemeldingen, conclusies over de cijfers te trekken. Het gebied is met 74 woningen erg klein, waardoor de betrouwbaarheid van de cijfers beperkt is. De absolute aantallen zijn klein en de genormaliseerde cijfers fluctueren daardoor makkelijk.
3.4
Onderzoek op basis van politiegegevens
Voor het screenen van woningzoekenden willen we gebruik blijven maken van politiegegevens. Dit heeft de voorkeur boven een VOG (Verklaring omtrent het gedrag). Een VOG wordt landelijk afgegeven en alleen gedragingen die geleid hebben tot een sanctie of straf worden meegenomen en geeft daardoor een beperkt beeld. Gedragingen die gerelateerd zijn aan woonoverlast komen namelijk maar in beperkte mate in het strafrecht terecht. Terwijl juist overlast van het gedrag van
anderen een belangrijke reden voor onze aanpak is. In dat kader wordt bijvoorbeeld ook gewezen op de Wet aanpak woonoverlast waarbij de aanpak bestuursrechtelijk wordt geregeld. De informatie op basis van politiegegevens is rijker. Wij maken gebruik van alle gedragsbepalingen uit artikel 10a van de Wbmgp. Bovendien is het mogelijk om bij het verlenen van een huisvestingsvergunning op basis van politiegegevens voorwaarden aan de vergunning te verbinden in de vorm van een gedragsaanwijzing. We willen van die mogelijkheid ook gebruik blijven maken om eventueel een huisvestingsvergunning onder voorwaarden te kunnen verlenen aan de woningzoekende.
3.5
Conclusie
We zien in de cijfers een vermindering van het aantal uitkeringsgerechtigden in de Stoeterijstraat en omgeving (artikel 8 en 9). De politiemeldingen op overlast zijn afgenomen. De stijgende trend in politiemeldingen op criminaliteit lijkt doorbroken (artikel 10). De betrouwbaarheid van de cijfers is echter beperkt, omdat het gebied met 74 woningen erg klein is. De absolute aantallen zijn klein, waardoor ook de cijfers makkelijk fluctueren. Ook de effecten van de coronamaatregelen spelen daarin mee. Het evenwicht is echter broos. Hoewel ook de wijkprofessionals spreken over een positieve ontwikkeling, geven zij ook aan dat het nog te pril is om de buurt alweer los te laten. Het risico op terugval is te groot. We gaan ervan uit dat deze ingrijpende maatregelen tijdelijk zijn en we gaan er zorgvuldig mee om. Tegelijkertijd zijn we ons ervan bewust dat een langdurige aanpak nodig is om duurzame verbetering van de leefbaarheid te kunnen bewerkstelligen. Gezien het bovenstaande vinden wij als gemeenteraad voortzetting van toepassing van de artikelen 8, 9 en 10 van de Wbmgp geschikt voor het aanpakken van de problematiek in de Stoeterijstraat en omgeving.
4
Subsidiariteit
4.1
Welke maatregelen zijn al ingezet?
Zoals gezegd is Groenewoud sinds 2008 een Impulswijk en sinds 2014 een Focuswijk. Dat betekent dat er al jaren extra aandacht voor het gebied is op het sociale (inclusief gezondheid), fysieke en veiligheidsdomein. Eerdere speerpunten in wijkactieplannen waren bijvoorbeeld: ieder huishouden leeft boven de armoedegrens, ieder huishoudens heeft een kostwinner en jongeren doen het goed op school en halen een diploma. Helaas blijkt dat een sectorale/thematische aanpak op deze speerpunten onvoldoende effect sorteert. Hardnekkige belemmerende patronen staan duurzame verbetering in de weg (zie afbeelding 6). Belangrijke eerste stap is daarom het doorbreken van die patronen met interventies (systemisch werken). Daarnaast is er in een aantal specifieke buurten/straten in Groenewoud een intensieve leefbaarheidsaanpak ingezet (ILA) die bestaat uit extra inzet van corporaties, politie en gemeente op het gebied van repressie, handhaving, maar ook perspectief en leefbaarheid. Ook kent Groenewoud een PACT-aanpak die koerst op de lange termijn (zoals beschreven in paragraaf 1.2).
Afbeelding6: centraal belemmerend patroon Groenewoud
Systemisch werken in een stevig netwerk In Groenewoud is een klein team van professionals uit verschillende organisaties dagelijks aan de slag om stapsgewijs aansluiting en ingangen te vinden bij bewoners. De wijk wordt beschouwd als een samenhangend ecosysteem. Door heel dicht in de buurt te werken, leren de professionals het systeem en de patronen beter kennen en begrijpen. En weten ze beter wat nu echt de aangrijpingspunten zijn – ook wel ‘hefbomen’ – om het systeem positief in beweging te zetten (zie afbeelding 7).
Afbeelding 7: praatplaat systemisch werken in Groenewoud
De aanpak vraagt erom dat door professionals geïnvesteerd mag worden in het in contact komen met inwoners, in het bouwen aan relaties en om van daaruit te bezien wat nodig is. Daartoe hebben we een woning in de wijk in gebruik genomen met wijkprofessionals, midden op het Pater van den Elsenplein. Dit is wezenlijk anders dan professionals die vanuit de eigen organisatie met een doel en bijbehorende acties op pad worden gestuurd. En het mes snijdt aan twee kanten: deze manier van werken loont in kwetsbare buurten waar je met een ‘reguliere’ aanpak niet goed uit de voeten kan. Tegelijkertijd voorkomt het moedeloze uitvoerende professionals die van een afstand op basis van 'smart' plannen worden aangestuurd en zich in een kwetsbare wijk moeten bewegen op manieren waarvan ze ervaren dat het niet werkt. De professional krijgt meer autonomie en handelingsruimte om te doen wat passend is. Intensieve leefbaarheidsaanpak (ILA) In 2017 startte naar aanleiding van signalen van wijkpartners een stevige gebiedsgerichte aanpak in de Stoeterijstraat en omgeving. Het doel was het herstellen van een verstoorde balans in het leef- en woonklimaat om zo te komen tot een normalisatie van de openbare orde, veiligheid en leefbaarheid. Onderdeel daarvan is selectieve woningtoewijzing op grond van de Wbmgp.
Uit de tussentijdse evaluatiegesprekken met professionals werden na twee jaar de volgende resultaten en effecten benoemd: -
Verandering bevolkingssamenstelling
-
Professionals kunnen hun werk doen (én zijn kwetsbaar voor onder meer intimidatie)
-
Belastingen worden betaald
-
Stijging huurinkomsten, verhuurbaarheid, tevredenheid en meldingsbereidheid
-
Daling woonfraude, beheerskosten, uitkeringsfraude en spookbewoners
-
Opstarten meervoudige buurtaanpak met partners in de wijk
-
Cultuur is opener, aanspreekbaar op gedrag
-
Vertrouwen over en weer neemt toe (bewoners <-> overheid/instellingen)
-
Toename veiligheidsgevoel in de straat
Door de verbeterde informatiepositie van alle partners werd ook duidelijk dat er binnen de wijk Groenewoud meer buurten/straten zijn waar een dergelijke aanpak nodig is om de balans te herstellen. Daarom is het gebied voor de Intensieve Leefbaarheidsaanpak uitgebreid met de Korhoenstraat (Vogeltjesbuurt West), Visserijbuurt en de Landbouwbuurt. Ook de Wbmgp (artikel 8, 9 en 10) wordt sinds eind 2020 toegepast in deze gebieden.
PACT-aanpak Op de lange termijn (20 jaar) zijn er forse ingrepen nodig op verschillende domeinen om duurzaam het verschil te maken in Groenewoud. Ruimtelijk-economische ontwikkelingen, sociale impulsen en onderwijsvernieuwing moeten als katalysator gaan werken voor een opener en gedifferentieerder Groenewoud. Voorbeelden daarvan zijn: -
4.2
De herinrichting van het Pater van den Elsenplein, in het hart van de wijk (inclusief nieuw gezondheidscentrum). Het vergroten van de diversiteit in woningaanbod en het op niveau brengen/houden van de voorzieningen. Het investeren in veilig opgroeien met perspectief (pilot Goede start/transformatieve school).
Woongerelateerde instrumenten
Instrumentarium woningcorporaties ter bestrijding woonoverlast Corporaties en gemeente vinden het belangrijk dat mensen goed kunnen wonen. Corporaties maken daarom reeds gebruik van verschillende instrumenten om woonoverlast te bestrijden en leefbaarheid te beschermen. De inzet betreft (sociale) huurincasso, inzet van leefbaarheidsconsulenten en buurtbeheerders en waar nodig interventies, zoals het tweede kansbeleid (kortdurende woonbegeleiding). Ook kunnen zij Kanswonen inzetten om de leefbaarheid van een complex, buurt of wijk tijdelijk te beschermen, wat inhoudt dat aanvullende voorwaarden in een huurcontract worden opgenomen. De ultieme interventie voor hen die blijvend overlast veroorzaken kan leiden tot opvang in Skaeve Huse. Dit is een voorziening met 9 wooneenheden. Om in aanmerking te komen voor Skaeve Huse moet er sprake zijn van structurele overlast vanuit sociale problematiek, psychische en verslavingsproblematiek. Aanpak woonoverlast De gemeente heeft vanuit de handhavingskant ook een dealpandenaanpak, bestuurlijk interventieteam of kan het woonoverlastteam inzetten. Zowel de gemeente als de corporaties hebben een palet aan mogelijkheden om op te treden tegen individuele overlastveroorzakers, met als uiterste consequentie huisuitzetting.
4.3
Conclusie
De beschreven langjarige intensieve aanpak met doorbraakopgaven in Groenewoud, vraagt een lange adem, veel samenwerking en doorzettingsvermogen en de mogelijkheid om een slimme mix van instrumenten in te kunnen zetten. Regulering van de instroom van nieuwe bewoners vinden we nu nog een noodzakelijke aanvulling op de reeds bestaande intensieve samenwerking in de wijk en op de bestaande instrumenten die tot nu toe worden ingezet om belemmerende patronen te doorbreken. Daarom vinden we het verlengen van de aanwijzing van de Stoeterijstraat en omgeving voor het toepassen van de artikelen 8, 9 en 10 gerechtvaardigd en voldoet het onzes inziens aan de eisen van subsidiariteit.
5
Proportionaliteit
5.1
Aantal woningen in gebied
De aanvraag voor verlenging wordt gedaan voor 74 woningen. De woningen zijn allemaal sociale huurwoningen in bezit van woningcorporatie Tiwos. De woningmarktregio waarop deze aanvraag betrekking heeft, is de gemeente Tilburg. In de gemeente Tilburg staan 30.048 sociale huurwoningen. Het aantal aan te wijzen sociale huurwoningen is 74. Dat is een percentage van 0,25%. Daarnaast zijn in omliggende buurten in de wijk Groenewoud sinds eind 2020 nog eens 701 woningen aangewezen voor selectieve woningtoewijzing. Hiervan zijn 592 woningen sociale huurwoningen. Dat maakt het totale percentage aangewezen sociale huurwoningen 2,22%. Het aandeel sociale huurwoningen waarvoor een huisvestingsvergunning wordt gevraagd is dus beperkt. Het overgrote deel (97,8 %) van sociale huurwoningvoorraad in de gemeente Tilburg is beschikbaar voor woningzoekenden zonder huisvestingsvergunning. Woningzoekenden aan wie geen huisvestingsvergunning kan worden verstrekt en daardoor niet in aanmerking komen voor een sociale huurwoning binnen het aangewezen gebied, komen elders in de gemeente Tilburg wel in aanmerking voor deze woningen.
5.2
Gemiddelde mutatiegraad in gebied
De gemiddelde mutatiegraad van de woningen in de Stoeterijstraat is ten opzichte van de periode voor de gebiedsaanwijzing lager geworden: 19% ten opzichte van 27%. Het verschil met het stedelijk gemiddelde is in de afgelopen 3 jaar minder geworden: over de afgelopen 3 jaar was de mutatiegraad in het gebied 19%. Voor de eengezinswoningen van Tiwos ligt dit nu op gemiddeld 16%. Cumulatieve mutatiegraad over 2016-2018 Mutatiegraad Tiwos eengezinswoningen gemiddeld
18% over 3 jaar cumulatief
Mutatiegraad Tiwos eengezinswoningen in gebied
27% over 3 jaar cumulatief
Cumulatieve mutatiegraad over 2018-2020 Mutatiegraad Tiwos eengezinswoningen gemiddeld
16% over 3 jaar cumulatief
Mutatiegraad Tiwos eengezinswoningen in gebied
19% over 3 jaar cumulatief
5.3 Percentage aan te wijzen woningen in gebied t.o.v. aantal sociale huurwoningen in gemeente Het aandeel sociale huurwoningen in de Stoeterijstraat en omgeving betreft 0,25% van het totaal aantal sociale huurwoningen in Tilburg. Sinds eind 2020 is 1,97% van het huidige totaal aantal sociale huurwoningen in de gemeente Tilburg aangewezen voor selectieve woningtoewijzing. Dit maakt het totaal aantal aangewezen sociale huurwoningen in de gemeente Tilburg 2,22%.
Sociale huurwoningen in eigendom corporaties Gemeente Tilburg
Aantal
Percentage
30.315
100%
Stoeterijstraat en omgeving Overig aangewezen gebied in Groenewoud Totaal aangewezen sociale huurwoningen in eigendom corporaties in Tilburg
74 592
0,25% 1,97%
666
2,22%
5.4
Slaagkansen woningzoekenden
Het geselecteerde gebied voor de gebiedsaanwijzing omvat 74 woningen. Dit is 0,25% van het aanbod sociale huurwoningen van de woningcorporaties in Tilburg. Met de 592 sociale huurwoningen die sinds eind 2020 zijn aangewezen komt het percentage op 2,22 %. Woningzoekenden die niet voldoen aan de gestelde voorwaarden voor een huisvestingsvergunning komen niet in aanmerking voor een woning in het aangewezen gebied, woningzoekenden die wel voldoen aan de voorwaarden maken wel aanspraak op deze woningen. De aanvraag tot verlenging van de gebiedsaanwijzing voor de Stoeterijstraat en omgeving gaat om een beperkt aantal van 74 woningen en heeft daarmee slechts zeer beperkt effect op de slaagkansen van woningzoekenden. In het Convenant Wonen 2020-2025 zijn afspraken gemaakt over de netto groei van de sociale huurwoningen. Op basis van nieuwe bevolkingsprognoses zullen we deze afspraken in 2021 herijken.
5.5
Conclusie
De gemeenteraad is van mening, dat voldaan wordt aan de eisen van proportionaliteit. Het betreft een beperkte ingreep in de Tilburgse woningmarkt. De slaagkansen van woningzoekenden in de gemeente Tilburg nemen door de verlenging van de gebiedsaanwijzing voor de Stoeterijstraat en omgeving voor toepassing van de Wbmgp niet noemenswaardig af.
6
Monitoring en evaluatie
6.1
Te verwachten effect
Als gevolg van de verlenging van de gebiedsaanwijzing in het kader van de Wbmgp verwachten wij verschillende effecten in de Stoeterijstraat en omgeving. In zijn algemeenheid gaan wij ervan uit dat de balans wat betreft het leef- en woonklimaat meer in evenwicht komt. Op termijn ontstaat een gemiddeld woongebied. Meer specifiek verwachten wij: -
Minder (financieel) kwetsbare bewoners in het gebied;
-
Minder overlastgevend en crimineel gedrag;
-
Verbetering van onderlinge contacten tussen bewoners uit de buurt;
-
Verbetering van het algemene oordeel van bewoners over de buurt.
6.2
Monitoring en evaluatie
De tweejaarlijkse cijfers uit de Wijktoets vormen de basis voor de monitoring van de gebiedsaanwijzing. In januari 2022 en 2024 komen nieuwe Wijktoetscijfers beschikbaar. Voor de gebiedsaanwijzing zoomen we in op de volgende indicatoren: -
Percentage bijstandsuitkeringen;
-
Rapportcijfer beoordeling buurt algemeen;
-
Rapportcijfer contacten met andere bewoners in de buurt;
-
Rapportcijfers overlast en criminaliteit;
-
Aantal politieregistraties op overlast en criminaliteit.
De eindevaluatie van de tweede periode van ruim 3 jaar van de gebiedsaanwijzing vindt plaats in het eerste kwartaal van 2024. Op basis van de evaluatie van gemeente, woningcorporaties en politie besluiten we als gemeenteraad over de wenselijkheid van voortzetting of beëindiging van de maatregelen. Over het gegevensbestand dat wordt bijgehouden door het college van burgemeester en wethouders én het gegevensbestand dat wordt bijgehouden door de burgemeester in het kader van de selectieve woningtoewijzing ter beperking van overlastgevend en crimineel gedrag rapporteert de functionaris gegevensbescherming jaarlijks aan de gemeenteraad over. het rechtmatig gebruik van deze bestanden.