01 Raadsvoorstel Aanwijzingsprocedure Lokale Publieke Omroep Tilburg
Tekst van het document
Voorblad Raadsvoorstel Aanwijzingsprocedure lokale publieke omroep Tilburg Datum college: Portefeuillehouder: Afdeling: Behandelend ambtenaar:
24 oktober 2023 Yusuf Çelik Sociaal U. Mes
betrokken portefeuillehouder: Burgemeester
Samenvatting De Mediawet 2008 bepaalt dat er per gemeente slechts één lokale publieke omroep kan zijn. Deze wordt, telkens voor een periode van vijf jaar, aangewezen door het Commissariaat voor de Media (hierna: het Commissariaat). De wet beschrijft ook de rol die gemeenten daarbij spelen: de gemeenteraad dient het Commissariaat te adviseren over de vraag of een aanvragende omroep voldoet aan de eisen van de wet. Hoewel de Mediawet specificeert welke rol gemeenten spelen bij de aanwijzing van lokale publieke omroepen, biedt de wet niet altijd genoeg informatie over de invulling van deze rol. Voor het Commissariaat is het echter belangrijk dat een gemeente goed motiveert hoe ze tot haar advies is gekomen, met name binnen een scenario waarin meerdere aanvragers zich melden. Om gemeenten hierbij te helpen publiceerde de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) in juni 2023 de ‘Handreiking aanwijzing lokale publieke omroep’ (hierna: de Handreiking) en een verkorte versie daarvan voor raadsleden (zie bijlage 1). De VNG beschrijft in de Handreiking verschillende fasen en scenario’s binnen de wettelijke termijn van advisering, en adviseert 14 maanden voor afloop van een aanwijzingstermijn te starten met de voorbereiding van de aanwijzingsprocedure. Ze beveelt aan tijdig zorg te dragen voor de inrichting van de procedure en reikt hiervoor concrete handvatten aan.
In 2024 zal de Tilburgse gemeenteraad het Commissariaat moeten adviseren over de voor onze gemeente aan te wijzen lokale publieke omroep. De voor Stichting Lokale Omroep Tilburg (Omroep Tilburg) geldende aanwijzing loopt namelijk af op 15 februari 2025. Met het onderstaande besluit over de inrichting van de aanwijzings- en adviesprocedure, kan de gemeenteraad zorgvuldig en goed gemotiveerd komen tot een advies aan het Commissariaat over de voor Tilburg aan te wijzen lokale publieke omroep.
Collegebesluit Het college stelt de raad voor: 1. de ‘notitie Aanwijzingsprocedure lokale publieke omroep Tilburg’ vast te stellen met daarin de volgende elementen: a. wij organiseren als gemeentelijk organisatie tijdig een of meer informatiesessies voor lokale omroepen. b. wij communiceren circa één jaar voor de afloop van de aanwijzingstermijn de indieningstermijn voor de aanwijzing van lokale publieke omroep actief in onze gemeente. c. wij stellen voor de aanwijzing van de lokale publiek omroep de voorkeurscriteria gemeente Tilburg vast (zie bijlage A, opgenomen aan het einde van dit raadsvoorstel). d. het college geeft een opdracht aan een of meer onafhankelijke mediators om de mogelijkheden tot samengaan van meerdere aanvragers te verkennen. e. voor de toetsing van de door ons opgestelde criteria en weging geeft het college een opdracht aan (een organisatie van) een of meer onafhankelijke mediadeskundigen. f. nadat het Commissariaat de aanwijzingsprocedure heeft afgerond, nodigt de portefeuillehouder Mediabeleid de aangewezen lokale publieke omroep voor een bestuurlijk (evaluatie)gesprek. 2. de Aanwijzingsprocedure lokale publieke omroep Tilburg te beschouwen als onlosmakelijk deel van het Tilburgs Mediabeleid 2023 – 2026.
raad 2023_1511 definitief.docx
1
Raadsvoorstel Aanwijzingsprocedure lokale publieke omroep Tilburg Aanleiding De Mediawet 2008 bepaalt dat er per gemeente slechts één lokale publieke omroep kan zijn. Deze wordt, telkens voor een periode van vijf jaar, aangewezen door het Commissariaat voor de Media (hierna: Commissariaat). De wet beschrijft ook de rol die gemeenten daarbij spelen: de gemeenteraad dient het Commissariaat te adviseren over de vraag of een aanvragende omroep voldoet aan de eisen van de wet. Hoewel de Mediawet specificeert welke rol gemeenten spelen bij de aanwijzing van lokale publieke omroepen, biedt de wet niet altijd genoeg informatie over de invulling van deze rol. Voor het Commissariaat is het echter belangrijk dat een gemeente goed motiveert hoe ze tot haar advies is gekomen, met name binnen een scenario waarin meerdere aanvragers zich melden. Om gemeenten hierbij te helpen publiceerde de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) in juni 2023 de Handreiking aanwijzing lokale publieke omroep (hierna: de Handreiking) en een verkorte versie daarvan voor raadsleden (zie bijlage 1). De VNG beschrijft in de Handreiking verschillende fasen en scenario’s binnen de wettelijke termijn van advisering, en adviseert 14 maanden voor afloop van een aanwijzingstermijn te starten met de voorbereiding van het aanwijzingsprocedure.
Ze beveelt aan tijdig zorg te dragen voor de inrichting van de procedure en reikt hiervoor concrete handvatten aan. In 2024 zal de Tilburgse gemeenteraad het Commissariaat moeten adviseren over de voor onze gemeente aan te wijzen lokale publieke omroep. De voor Stichting Lokale Omroep Tilburg (Omroep Tilburg) geldende aanwijzing loopt namelijk af op 15 februari 2025. Met afspraken over de inrichting van de aanwijzings- en adviesprocedure, kan de gemeenteraad zorgvuldig en goed gemotiveerd komen tot een advies aan het Commissariaat over de voor Tilburg aan te wijzen lokale publieke omroep.
Beoogd effect In ‘Meer voor elkaar – Akkoord gemeente Tilburg 2022-2026’ onderschrijven wij het belang van lokale (publieke) media voor de democratie en benoemen we het investeren daarin als een van de manieren om de democratie sterker en vitaler te maken. Met het ‘Tilburgs Mediabeleid 2023-2026’ maken we ons sterk voor een toekomstbestendige journalistieke infrastructuur die past bij onze stad, met een fundamentele rol voor de lokale publieke omroep.
Voorstel 1.
de ‘notitie Aanwijzingsprocedure lokale publieke omroep Tilburg’ vaststellen met daarin de volgende elementen: a. wij organiseren als gemeentelijk organisatie tijdig een of meer informatiesessies voor lokale omroepen. b. wij communiceren circa één jaar voor de afloop van de aanwijzingstermijn de indieningstermijn voor de aanwijzing van lokale publieke omroep actief in onze gemeente. c. wij stellen voor de aanwijzing van de lokale publiek omroep de voorkeurscriteria gemeente Tilburg vast (zie bijlage A, opgenomen aan het einde van dit raadsvoorstel). d. het college geeft een opdracht aan een of meer onafhankelijke mediators om de mogelijkheden tot samengaan van meerdere aanvragers te verkennen. e. voor de toetsing van de door ons opgestelde criteria en weging geeft het college een opdracht aan (een organisatie van) een of meer onafhankelijke mediadeskundigen. f. nadat het Commissariaat de aanwijzingsprocedure heeft afgerond, nodigt de portefeuillehouder Mediabeleid de aangewezen lokale publieke omroep voor een bestuurlijk (evaluatie)gesprek.
raad 2023_1511 definitief.docx
2.
2
de Aanwijzingsprocedure lokale publieke omroep Tilburg beschouwen als onlosmakelijk deel van het Tilburgs Mediabeleid 2023 – 2026.
Argumenten 1.1 Aanwijzingsprocedure vloeit voort uit de Mediawet. De Mediawet 2008 regelt dat het Commissariaat een lokale omroep, telkens voor een periode voor vijf jaar, kan aanwijzen als lokale publieke omroep voor een gemeente en wat daarbij de rol van de gemeente is. De bijbehorende regelgeving van het Commissariaat noemt een aantal termijnen, rekening houdend met mogelijke scenario’s. In het kader van de zorgvuldigheid neemt de gehele aanwijzingsprocedure ongeveer een jaar in beslag. De aanwijzingsprocedure en de daarin te nemen stappen volgen voort uit wet en regelgeving. 1.a.1. Informatiesessies helpen lokale omroepen bij hun aanvraag. Met het houden van een of meer informatiesessies helpen wij lokale omroepen bij het opstellen van hun aanvraag om aangewezen te worden als lokale publieke omroep. De organisatie ervan stelt ons in staat aanvragers uitgebreid te informeren over onze aanwijzingsprocedure en de wijze waarop wij in Tilburg komen tot ons advies aan het Commissariaat. Zo kunnen omroepen zich goed voorbereiden op de wijze waarop hun aanvraag getoetst gaat worden. 1.a.2 Informatiesessies zijn in lijn met het VNG-advies. Met het houden van een of meer informatiesessies volgen wij het advies van VNG in haar Handreiking om omroepen te helpen bij het opstellen van hun aanvraag (zie ook 1.a.1.) 1.b.1. Actieve communicatie zorgt voor transparantie.
Op het moment dat het Commissariaat de indieningstermijn voor de aanwijzing van lokale publieke omroep op landelijk niveau aankondigt, doen wij dit ook op lokaal niveau. Op die manier betrachten wij de gewenste transparantie naar de mediasector en voorkomen wij dat – via het Commissariaat - alleen de huidige lokale publieke omroep kennisneemt van de aanwijzingsprocedure. 1.b.2 Actieve communicatie is in lijn met het VNG-advies. Met actieve communicatie over de indieningstermijn volgen wij het advies van VNG in haar Handreiking om omroepen van meet af aan goed te informeren over de aanwijzingsprocedure. 1.c.1. Tilburgse voorkeurscriteria zorgen voor een deugdelijke onderbouwing van ons advies. Wij hebben - in aanvulling op de wettelijke vereisten - de Voorkeurscriteria gemeente Tilburg (zie bijlage A, opgenomen aan het einde van dit raadsvoorstel) opgesteld, omdat zij ons helpen om een onderbouwde voorkeur uit te spreken indien er meerdere aanvragers zijn die niet bereid zijn om samen te gaan. In de praktijk blijken de wettelijke vereisten namelijk onvoldoende om een voorkeur voor een van meerdere aanvragers te motiveren. 1.c.2. Tilburgse voorkeurscriteria sluiten aan bij aanbevelingen van Commissariaat, VNG en NLPO.
Het Commissariaat, de NLPO en de VNG doen alle aanbeveling voor mogelijke voorkeurscriteria ter aanvulling van de wettelijke vereisten, waarbij ze verwijzen naar elkaars voorbeelden. In veel gevallen gaat het daarbij om waarden als transparantie, bedrijfsmatigheid, samenwerking met partijen in de gemeente, interactie en participatie van inwonerss en innovatie. De voorkeurscriteria gemeente Tilburg sluiten hierbij aan 1.c.3. Tilburgse voorkeurscriteria passen bij criteria voor een LTMA. In de Mediawet speelt het begrip ‘lokaal toereikend media-aanbod’ (LTMA) een cruciale rol. Met onze voorkeurscriteria knopen wij aan bij de eigenschappen van zo’n media-aanbod. De NLPO en VNG hebben twintig criteria opgesteld aan de hand waarvan lokale omroepen kunnen aantonen dat zij zo’n LTMA verzorgen. Deze criteria zijn door de sector vastgesteld en vertaald in het Keurmerk Nederlandse Streekomroepen. De Tilburgse voorkeurscriteria sluiten letterlijk aan bij de criteria van het keurmerk, zij het dat wij het begrip ‘streekomroep’ hebben vervangen door ‘lokale publieke omroep’. Wij gebruiken deze criteria omdat ze een goed houvast bieden bij de beoordeling van de kwaliteit van lokale omroepen, kunnen rekenen op draagvlak
raad 2023_1511 definitief.docx
3
van de sector, en VNG en NLPO aangeven dat het Keurmerk Nederlandse Streekomroepen behalve op streekomroepen, ook toepasbaar zijn op lokale publieke omroepen. 1.c.4. Tilburgse voorkeurscriteria passen bij ontwikkeling streekomroep. Wij zijn er ons van bewust dat een lokale publieke omroep niet één op één vergelijkbaar is met een streekomroep. Toch hanteren wij de criteria van het Keurmerk Nederlandse Streekomroepen als voorkeurscriteria bij de aanwijzingsprocedure voor de lokale publieke omroep Tilburg, met als enige aanpassing dat we het begrip ‘streekomroep’ vervangen door ‘lokale publieke omroep’. Enerzijds omdat VNG en NLPO aangegeven dat dit mogelijk is (zie argument 1.c.3). Anderzijds omdat we op die manier in ons advies aan het Commissariaat laten zien, dat wij de voorkeur geven aan een lokale publieke omroep die bereid en in staat is om een positieve bijdrage te leveren aan de totstandkoming van een streekomroep, een ontwikkeling die wij van harte toejuichen. 1.d.1. Bevordering van samengaan door een of meer mediators gaat (de schijn van) partijdigheid tegen. Als er meerdere aanvragers zijn, stelt de Mediawet de verplichting dat het college van B&W, voor zover dat redelijkerwijs mogelijk is, het samengaan van de aanvragers bevordert. Het samengaan van aanvragers zou idealiter moeten leiden tot een gezamenlijke aanvraag voor de desbetreffende gemeente.
Het inzetten van een of meer onafhankelijke mediators heeft als voordeel dat belangenverstrengeling of vormen van (politieke) vooringenomenheid tegengaat. 1.d.2 Inzet van een of meer mediators is in lijn met het VNG-advies. Omdat de Mediawet geen verdere invulling geeft aan de wijze waarop het samengaan van aanvragers bevordert kan worden, doet de VNG in haar Handreiking hiervoor enkele suggesties. De VNG merkt op dat de te maken keuze vaak samenhangt met de lokale situatie. Zaken die van invloed kunnen zijn op de te maken keuze zijn bijvoorbeeld de raads- en bestuurscultuur, en de portefeuilleverdeling tussen burgemeester en wethouders. In gemeenten van een sterk betrokken college, waarbij mediabeleid in de portefeuille van een wethouder zit, wordt het inschakelen van een onafhankelijke mediator als goede optie aangemerkt, omdat bij een politiek gevoelig proces met meerdere aanvragers een (te) nauwe betrokkenheid van het college een schijn van partijdigheid met zich kan meebrengen. 1.e.1. Toetsing door onafhankelijke mediadeskundigen gaat (de schijn van) partijdigheid tegen. Het Commissariaat vraagt gemeenten een voorkeursadvies voor de aanwijzing uit te brengen indien er sprake is van meerdere aanvragers die niet samengaan. Om tot een beoordeling van de aanvragers te komen wordt doorgaans gewerkt met voorkeurscriteria in aanvulling op de wettelijke vereisten.
Een werkwijze waarbij de toetsing van de aanvragen aan criteria in handen is van onafhankelijke mediadeskundigen biedt de meeste garanties voor een deugdelijk en onbevooroordeeld advies en gaat belangenverstrengeling of vormen van (politieke) vooringenomenheid tegen. 1.e.2. Inzet van een of meer mediadeskundigen is in lijn met adviezen van VNG en NLPO. Met het inschakelen van een of meer onafhankelijke mediadeskundigen volgen wij aanbevelingen van de VNG en de NLPO. Bij een politiek gevoelig proces met meerdere aanvragers kan een (te) nauwe betrokkenheid van raad of college een schijn van partijdigheid met zich meebrengen. 1.f.1. Evaluatiegesprekken resulteren in een goede nazorg. In een scenario van meerdere aanvragers worden, behalve de aangewezen publieke lokale omroep, ook de andere aanvragers uitgenodigd voor een evaluatiegesprek met de portefeuillehouder mediabeleid. Dit biedt de betreffende omroepen mogelijkheden om de aanwijzingsprocedure te evalueren en aan ons terug te koppelen wat er in hun ogen beter kan aan het proces. Als een aanvrager het proces als oneerlijk heeft ervaren, kan het idee ontstaan dat in de toekomst meedoen in de procedure geen nut heeft. Als dit beeld zich lokaal verspreidt, kan het er uiteindelijk toe leiden dat er bij een volgende aanwijzingsprocedure geen andere aanvragers zijn dan de thans aangewezen omroep.
Om zo’n weinig open situatie tegen te gaan, benutten we de gesprekken met de omroepen ook voor een blik op de toekomst. Daarin gaan we op zoek naar de rol die iedere omroep wil en kan spelen in het Tilburgse medialandschap. In het ‘Tilburgs Mediabeleid 2023-2026’ maken wij ons immers sterk voor een toekomstbestendige, journalistieke infrastructuur die past bij Tilburg. Dat vereist een rijk en pluriform medialandschap met meerdere mediaorganisaties dan enkel de lokale publieke omroep.
raad 2023_1511 definitief.docx
4
1.f.2. Evaluatiegesprekken zorgen voor een goede overdracht van activiteiten. Mocht de omroep die door het Commissariaat is aangewezen als lokale publieke omroep een andere zijn dan de omroep die in de daaraan voorafgaande periode was aangewezen als lokale publieke omroep, dan gaan wij met beide organisaties in gesprek over de afbouw en overdracht van activiteiten. Wij doen dit om ervoor te zorgen dat het media-aanbod voor onze inwoners gedurende de overdracht gewoon kan doorlopen, en er geen ‘mediastilte’ ontstaat. 2. De aanwijzingsprocedure is onlosmakelijk verbonden met het ‘Tilburgs Mediabeleid 2023 – 2026’. De aanwijzingsprocedure kan niet los worden gezien van het ‘Tilburgs Mediabeleid 2023 – 2026’, waarin wij de lokale publieke omroep een centrale positie hebben gegeven. Op grond daarvan verlenen wij een jaarlijkse subsidie aan Omroep Tilburg voor de jaren 2023 en 2024, naast de (rijks)middelen die wij die omroep verstrekken uit het gemeentefonds (Collegebesluit Subsidie mediabeleid voor Omroep Tilburg in 2023-2024, 7 maart 2023). De toekenning van beide subsidies vindt een grondslag in de aanwijzing van Omroep Tilburg als onze lokale publieke media-instelling door het Commissariaat voor de Media. Het toont de onlosmakelijke verbondenheid van de aanwijzingsprocedure en ons beleid inzake de lokale publieke omroep.
Kanttekeningen en gewogen alternatieven In haar Handreiking voor de aanwijzing van de lokale publieke omroep geeft de VNG een gedetailleerd beeld van de gehele aanwijzingsprocedure. Zij onderscheidt daarin drie fasen, waarbinnen zij meerdere stappen formuleert: de start-, advies- en aanwijzingsfase. Het inrichten van een gedegen adviesprocedure (fase 2) is belangrijk, omdat mogelijk meerdere partijen een aanvraag indienen. De inrichting van de adviesprocedure is de verantwoordelijkheid van de gemeenten. De VNG constateert dat gemeenten bij de inrichting van de adviesprocedure verschillende rolverdelingen tussen raad, griffie, college en burgemeester (afzonderlijk) hanteren. Het is belangrijk om een bewuste keuze te maken voor een bepaalde rolverdeling. Meestal is die afhankelijk van de situatie in de gemeente. Zaken die van invloed kunnen zijn bij het inrichten van de procedure zijn bijvoorbeeld de portefeuilleverdeling binnen het college , de raads- en bestuurscultuur, en het aantal aanvragen dat een gemeente doorgaans ontvangt. De VNG geeft in haar Handreiking voorbeelden van de manier waarop de rolverdeling tussen raad, griffie, burgmeester en college ingericht kan worden.
Ze maakt daarbij een indeling tussen een sterk betrokken raad, een sterk betrokken griffie, een sterk betrokken burgemeester (wanneer de lokale publieke omroep in de portefeuille van de burgemeester zit) en een sterk betrokken college (wanneer de lokale publieke omroep in de portefeuille van een wethouder zit). De VNG beschrijft de eigenschappen die bij de verschillende rollen horen en geeft enkele afwegingen mee aangaande de rolverdeling. Het overzicht van rolverdelingen en afwegingen is niet uitputtend. Het is bedoeld ter inspiratie. Zowel de VNG (in haar Handreiking) als het Commissariaat (in zijn beleidsregel) verwijst naar de in Nederland gangbare praktijk van een ‘sterk betrokken college’ bij de aanwijzingsprocedure van lokale publieke omroepen, hetgeen inhoudt dat de raad besluit op grond van een voorstel van het college. Bij het maken van onze keuze hebben we de verschillende opties die de VNG noemt gewogen. Wij hebben vastgesteld dat de situatie van een sterk betrokken college de situatie van onze gemeente het beste benaderd. In Tilburg zit mediabeleid gedurende de collegeperiode 2022-2026 in de portefeuille van een van de wethouders. Ook in de voorafgaande bestuursperiode was dat zo.
Indien de gemeenteraad bevoegd is over mediakwesties te besluiten, is in onze gemeente tot nu toe gebruikelijk dat het college de besluitvorming voorbereidt en aan de raad een voorstel voorlegt. Zo gebeurde het bijvoorbeeld bij de op initiatief van de raad tot stand gekomen Stichting Stimuleringsfonds Tilburgse Journalistiek (kortweg: het Tilburg Mediafonds). Ook bij de besluitvorming over het ‘Tilburgs Mediabeleid 2023-2026’ nam de gemeenteraad zijn besluit op grond van een door het college opgesteld voorstel.
Niet beïnvloedbare risico’s In overeenstemming met hetgeen de Handreiking hierover opmerkt, is het belangrijk om bij (de voorbereiding van) het aanwijzen van een lokale publieke omroep rekening te houden met de context waarin lokale
raad 2023_1511 definitief.docx
5
omroepen zich bevinden. Tenminste twee ontwikkelingen kunnen gevolgen hebben voor de aanwijzingsprocedure. Allereerst moet erop worden gewezen dat er een wijziging van het lokale publieke mediabestel aankomt. In 2022 heeft de staatssecretaris van OCW € 10,9 miljoen uitgetrokken voor de versterking van de lokale publieke omroep. Dit geld wordt onder andere besteed aan de voorbereiding van een wijziging van de Mediawet die voor 2025 is voorzien. Behalve een nieuwe financieringssystematiek en een coördinerend orgaan voor alle lokale omroepen regelt deze wijziging ook een nieuwe aanwijzingsprocedure. Ten tweede vragen wij aandacht voor de vorming van steekomroepen. De Mediawet 2008 schrijft voor dat de bekostiging van lokale publieke omroepen zodanig moet zijn, dat voorzien wordt in een ‘lokaal toereikend media-aanbod’. Het belangrijkste bij een LTMA is dat een lokale publieke omroep professioneel wordt aangestuurd, goed zichtbaar is bij de bevolking, functioneert in de directe woon- en leefomgeving van de bevolking, en mediakwaliteit heeft. Eén van de manieren om (gemakkelijker) te kunnen voorzien in een LTMA is het vormen van een streekomroep. Het idee is dat lokale publieke omroepen door samenwerking en schaalvergroting professioneler kunnen werken, wat de kwaliteit en continuïteit van de lokale journalistiek in alle Nederlandse gemeenten ten goede komt.
Het proces tot streekomroepvorming verloopt in meerdere gevallen moeizaam. Verschillende knelpunten maken streekomroepvorming moeilijk. Dat gaat vaak over verschillen tussen aangrenzende gemeenten. Denk aan verschillen in lokale cultuur en identiteit, of (soms grote) verschillen in inwonersaantal. Omroep Tilburg is in gesprek met een aantal andere lokale publieke omroepen in de regio over de vorming van de streekomroep Hart van Brabant. Mocht deze tot stand komen, dan dienen de betrokken gemeenten te adviseren over de streekomroep. Indien deze streekomroep tot stand komt, kennen de betrokken gemeenten geen lokale publieke omroep meer, omdat de desbetreffende licenties dan automatisch komen te vervallen. Nota Bene: de lokale omroep zelf kan wel blijven bestaan, maar heeft dan niet langer de status van publieke omroep en kan ook niet meer beschikken over de Rijksfinanciering die via het gemeentefonds voor de publieke omroep beschikbaar worden gesteld.
Kosten en dekking Twee situaties kunnen kosten met zich meebrengen: het inschakelen van een of meer mediators om het samengaan van meerdere aanvragers te bevorderen en – mocht dit samengaan geen optie zijn – het inschakelen van een of meer mediadeskundigen voor de toetsing van de aanvragen. Of en in hoeverre de inzet van mediators of mediadeskundigen nodig is, wordt pas gaandeweg de aanwijzingsprocedure – gedurende de adviesfase in de tweede helft van 2024 – duidelijk. Voor de kosten die gepaard gaan met de inzet van mediators of mediadeskundigen is dekking beschikbaar binnen het budget versterking mediabeleid. Nota bene: besluitvorming over de aanwijzingsprocedure heeft geen invloed op de gemeentelijke bekostigingssystematiek van de lokale publieke omroep via het gemeentefonds of ons mediabeleid.
Uitvoering Dit voorstel wordt uitgevoerd door de gemeentelijk organisatie in het kader van mediabeleid en, afhankelijk van het scenario in de adviesfase, door mediators of mediadeskundigen.
Participatie Dit voorstel betreft een wettelijk bepaalde adviesprocedure. Er is in zoverre sprake van participatie dat een van de wettelijke vereisten voor aanwijzing van lokale publieke omroep is dat zijn PBO representatief is voor de
raad 2023_1511 definitief.docx
belangrijkste in de gemeente voorkomende maatschappelijke, culturele, godsdienstige en geestelijke stromingen.
Communicatie Het voorstel benoemt specifieke momenten waarop wij communiceren met de mediasector. Na afloop van de aanwijzingsprocedure zullen wij via de geëigende gemeentelijk kanalen bekend maken welke media-instelling het Commissariaat heeft aangewezen als lokale publieke omroep van Tilburg voor de vijf jaar vanaf 15 februari 2025. De raad wordt hierover afzonderlijk geïnformeerd.
Evaluatie Niet van toepassing.
Bijlagen 1. Bijlage A - Voorkeurscriteria gemeente Tilburg m.b.t. de Aanwijzingsprocedure (achteraan dit voorstel) 2. Notitie Aanwijzingsprocedure lokale publieke omroep Tilburg. 3. VNG Handreiking voor raadsleden.
N.B.: de volledige handreiking is te raadplegen via: VNG_Expertiseteam vitalisering lokale journalistiek, Handvatten voor een breed gemeentelijk mediabeleid >>
Ter inzage gelegde stukken Niet van toepassing.
Tilburg, 24 oktober 2023 Het college van burgemeester en wethouders van Tilburg, De secretaris de burgemeester
6
raad 2023_1511 definitief.docx
7
Raadsbesluit De raad van de gemeente Tilburg; -
gezien het voorstel van het college van burgemeester en wethouders;
Besluit 1.
2.
de ‘notitie Aanwijzingsprocedure lokale publieke omroep Tilburg’ vast te stellen met daarin de volgende elementen: a. wij organiseren als gemeentelijk organisatie tijdig een of meer informatiesessies voor lokale omroepen. b. wij communiceren circa één jaar voor de afloop van de aanwijzingstermijn de indieningstermijn voor de aanwijzing van lokale publieke omroep actief in onze gemeente. c. wij stellen voor de aanwijzing van de lokale publiek omroep de voorkeurscriteria gemeente Tilburg vast (zie bijlage A, opgenomen aan het einde van dit raadsvoorstel). d. het college geeft een opdracht aan een of meer onafhankelijke mediators om de mogelijkheden tot samengaan van meerdere aanvragers te verkennen. e. voor de toetsing van de door ons opgestelde criteria en weging geeft het college een opdracht aan (een organisatie van) een of meer onafhankelijke mediadeskundigen. f. nadat het Commissariaat de aanwijzingsprocedure heeft afgerond, nodigt de portefeuillehouder Mediabeleid de aangewezen lokale publieke omroep voor een bestuurlijk (evaluatie)gesprek. de Aanwijzingsprocedure lokale publieke omroep Tilburg te beschouwen als onlosmakelijk deel van het Tilburgs Mediabeleid 2023 – 2026.
Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van 18 december 2023. de griffier,
de plaatsvervangend voorzitter
raad 2023_1511 definitief.docx
8
Bijlage A: Voorkeurscriteria gemeente Tilburg m.b.t. de Aanwijzingsprocedure 1.
In lijn met de in het Tilburgs mediabeleid genoemde hoofdfuncties van de journalistiek – informeren, controleren en verbinden – dient de content evenwichtig te zijn met redactionele aandacht voor inwoners, straten, buurten, dorpen en steden in het verzorgingsgebied (gericht op de als vanzelfsprekend ervaren leefomgeving van de inwoner). 2. Er dient structureel interactie en participatie van inwoners en groeperingen te zijn bij de totstandkoming van de content. 3. De eindredacteur (of: directeur/hoofdredacteur) heeft kennis van de ICE-norm en past deze ook toe. 4. Er dient minimaal werkdagelijks nieuws en andere informatie uit de eigen leefomgeving te worden aangeboden. 5. De lokale publieke omroep dient de volgende mediakanalen te gebruiken om de content te ontsluiten: • radio (audio): analoog + digitaal, ether, kabel, online/livestream; • tv (video - bewegend beeld): analoog + digitaal, kabel, online/livestream; • internet: (tekst/foto/audio/video): internetsite (ook geschikt voor smartphones en tablets e.d.) en social media. Uitzendingen via radio en tv moeten lineair worden gedistribueerd via pakketaanbieders die onder de wettelijke must carry-verplichting vallen (conform artikel 6.13 Mediawet 2008). 6. De kwaliteit, onafhankelijkheid en continuïteit van journalistiek dient professioneel te worden geborgd, onder meer door een redactiestatuut (cf.
artikel 2.88 Mediawet 2008). 7. Er dient aantoonbaar beleidsmatige samenwerking met organisaties binnen het verzorgingsgebied te zijn. 8. De 7 principes van de Governancecode Publieke Omroep dienen te worden toegepast. 9. Het programmabeleidbepalend orgaan (PBO) dient representatief te zijn en goed te functioneren (conform artikel 2.61 Mediawet 2008). 10. De organisatie dient open te staan voor samenwerking binnen het publieke en/of private mediabestel al dan niet op aangeven van de NLPO. 11. De organisatie dient een organogram te hebben en de continuïteit van de organisatie dient te zijn gewaarborgd. 12. De organisatie dient beleid te hebben om betaalde en onbetaalde medewerkers te faciliteren bij hun werkzaamheden. 13. Betaalde en onbetaalde nieuwe medewerkers en nieuwe leden van het PBO dienen geïnstrueerd te worden over de taken die zij moeten uitvoeren en de bevoegdheden en verantwoordelijkheden die daarbij horen. 14. De omroep stelt betaalde en onbetaalde medewerkers in staat hun kennis en kunde bij te houden. 15. De organisatie dient jaarlijks de kwaliteit van de dienstverlening en van de interne (werk)processen te evalueren en voert naar aanleiding daarvan noodzakelijke verbeteracties uit. De organisatie stelt daartoe één keer per jaar meetbare kwaliteitsdoelstellingen op. 16.
Er dient tweejaarlijks een bereiks- en/of imago-onderzoek (zoals een kijk- en luisteronderzoek) te worden uitgevoerd, indien daarvoor gemeentefinanciering beschikbaar is gesteld. Bezoeken op de website en social media dienen maandelijks te worden gemonitord. 17. Er dient jaarlijks een activiteitenplan en begroting te worden opgesteld en daarnaast dient er een vijfjaren beleidsplan te zijn opgesteld inclusief een vijfjaren begroting. 18. De financiële continuïteit van de omroep dient te zijn gewaarborgd. 19. Het bestuur/de bestuurder houdt actief de ontwikkelingen bij in de sector en past het beleid indien nodig daar op aan. 20. Er dient voor gebruikers van de omroep een schriftelijk vastgelegde klachtenprocedure te zijn waarnaar de organisatie ook werkt.