Schriftelijke vragen lid Van Dokkum (GL-PvdA) Hulp bij de Huishouding
Tekst van het document
Schriftelijke vragen in gevolge artikel 32 RvO Aan:
Het college van B&W
Onderwerp:
Hulp bij de huishouding
Datum:
28 juli ‘25
Aanleiding: Recent vroegen we met een motie al aandacht voor de herindicatie die veel inwoners begin juli ontvingen in verband met de nieuwe aanbesteding van de Huishoudelijke ondersteuning. Dit betekende voor een deel van de inwoners dat zij van 150 minuten hulp per week, in september nog slechts 50 minuten ondersteuning per week zullen ontvangen. Op basis van de WMO (wet maatschappelijke ondersteuning) zouden we ons als gemeente bij een aanpassing van de frequentie en omvang van de zorg ervan moeten verzekeren, dat elke individuele inwoner nog voldoende ondersteund wordt. Dat is nagelaten. Het is nu afhankelijk van de assertiviteit van de inwoners, zorgverleners en naasten of de steken die de gemeente laat vallen, worden opgehaald. Deze gang van zaken klopt in onze ogen niet.
Vragen: Bezwaar maken voor 12 augustus ‘25 Betrokken inwoners kunnen nu nog bezwaar maken. In onze ogen zou de juiste handelswijze bij een bezwaar zijn, het verrichten van een onderzoek naar de actuele situatie van de bezwaarmaker en het vaststellen van de benodigde huishoudelijke hulp aan de hand van een correcte toepassing van het normenkader. 1. Deelt u deze visie? Zo nee, waarom niet? Te zuinige indicatiestelling U heeft het vereiste maatwerk bij (her)indicaties in het kader van de WMO niet geboden door er een administratieve exercitie van te maken, waarbij groepen inwoners als geheel dezelfde indicatie hebben gekregen. Binnen het gehanteerde normenkader koos u hierbij niet voor de basiscliëntsituatie, maar baseert u de indicatie op de meest zelfredzame cliënten met maximale eigen kracht. 2. Als je verzuimt om het vereiste maatwerk, dat de wet voorschrijft te leveren, is het dan niet logisch in ieder geval uit te gaan van de basis-cliëntsituatie in plaats van de meest zelfredzame cliënten? Je weet nu immers zeker dat je inwoners tekort zult doen. Niet integer Begrijpelijkerwijs verbazen inwoners zich met hun zorgverleners over deze plotse afschaling. Zorgverleners kennen de mate van zelfredzaamheid en de zorgbehoefte van hun cliënten en komen op voor hun cliënten. In feite vullen ze het gat dat we als gemeente laten vallen, nu de gemeente zich
niet zelf verdiept in de werkelijke zorgbehoefte van onze inwoners. In de raadsbrief wordt deze handelswijze van zorgverleners als ‘niet integer’ gelabeld en zegt u bezwaren buiten behandeling te stellen. Dat klinkt niet alsof u het belang van de inwoners vooraan in uw gedachten heeft. 3. Kunt u uitleggen waarom de handelswijze van de zorgverleners, die zich inspannen voor passende zorg, niet integer zou zijn? Hoe beschouwt u uw eigen handelswijze in dit licht, nu deze niet in overeenstemming is met de wet? Gebruik HHM normenkader 2025 Normenkader Huishoudelijke Ondersteuning 2025 - bureau HHM De Centrale Raad van Beroep heeft het gebruik van het HHM normenkader in het verleden inderdaad goedgekeurd, zoals de ISD dat in de raadsbrief benoemde. Voorwaarde is dan wel dat het normenkader correct wordt toegepast. Wij constateren dat u dit op meerdere punten niet doet: 4. Bij tweewekelijkse schoonmaak (p.25) zou 75 minuten per week (geen 50 min) ingezet moeten worden. Hoe komt u op basis van het normenkader tot 50 min? 5. Weet u zeker dat de inwoners waarbij u uitgaat van tweewekelijkse schoonmaak, daadwerkelijk over de vereiste eigen mogelijkheden (kunnen stofzuigen, afstoffen en poetsen op middenhoogte) en maximale eigen kracht beschikken (p.25)? 6. Het onderscheid dat u maakt in de raadsbrief tussen lichte en zware taken hebben wij niet kunnen vinden in het normenkader.
Op welke pagina heeft u dit verwoord gezien? 7. In de raadsbrief lezen we: “Inwoners met een indicatie voor lichte en zware taken en hulp bij de was is vastgesteld op 120 minuten per week of 4 uur per 2 weken. Bij deze indicatie wordt verwacht dat inwoners een lichte kleine was van bijvoorbeeld ondergoed en kledingstukken nog zelf kunnen uitvoeren.” Wij komen op basis van het normenkader op 125 min voor de schoonmaak + 63 min voor de was en strijken per week (p. 6). Hoe komt u op een benodigde tijd van ruim een uur minder dan het normenkader voorschrijft en weet u zeker dat de betreffende inwoners zelf nog in staat zijn een lichte was te doen? Buiten behandeling stellen van bezwaren Wij hebben gehoord dat de ISD inwoners die bezwaar hebben gemaakt tegen het afschalen van hun huishoudelijke ondersteuning, benadert met de boodschap het in september eerst maar eens 4-6 weken aan te zien en dan, indien men nog steeds overtuigd is dat men te weinig ondersteuning krijgt, een herindicatie aan te vragen. Het bezwaar wordt daarmee niet verder behandeld hebben we begrepen. 8. Op welke schaal wordt deze benadering toegepast? Hoeveel bezwaren zijn inmiddels buiten behandeling gesteld? 9.
Deze werkwijze is ongetwijfeld een effectieve manier om het aantal lopende bezwaren te verminderen, maar nemen we daarmee als gemeente wel voldoende onze verantwoordelijkheid in de plicht die we hebben binnen de WMO om ons ervan te verzekeren dat inwoners voldoende worden ondersteund? 10. Ontnemen we inwoners met deze techniek ook niet een deel van hun rechtsbescherming? Als men zich niet laat bijstaan door een gemachtigde met kennis van bezwaarzaken, zal men
zich niet voldoende bewust zijn van wat men opgeeft als men hierin meegaat. Is dat integer nu de ISD kan weten dat ze zelf niet conform de wet opereren? Overbelasting van de hulpen in de huishouding Nu het HHM normenkader op de meest zuinige manier is ingestoken met een relatief fitte hypothetische inwoner als uitgangspunt en de zorgverlener zich geconfronteerd zal zien met beduidend minder fitte cliënten, zullen zij het tekort aan geïndiceerde zorg in een te korte tijd proberen op te vangen. 11. Zijn we hier niet over de rug van de hulpen in de huishouding aan het bezuinigen en stellen we deze hulpen daarmee in veel gevallen niet voor een pakket aan werk dat onmogelijk past binnen de tijd die ze daarvoor krijgen? In gesprek met inwoners In de raadsbrief van de ISD lezen we: “Inwoners die een langdurige indicatie voor hulp bij de zware taken hebben ontvangen. In de loop van de jaren is de hulpvraag toegenomen en opgelost binnen het pakket van ‘schoon en leefbaar’. Deze uitbreidingen zijn niet gedeeld met de ISD waardoor het dossier onvoldoende actueel kan zijn. Met name deze groep neemt contact op met de ISD. Oplossing: In samenspraak met de inwoner worden de dossiers geactualiseerd en naar een passende oplossing gezocht.” 12.
Kunt u een beeld geven van het aantal inwoners van onze gemeente dat bezwaar heeft gemaakt tegen de herindicatie, voor hoeveel daarvan u alsnog een individueel onderzoek heeft verricht of gaat verrichten en in hoeveel gevallen u de indicatie die aanvankelijk was gegeven alsnog heeft opgehoogd?
Rommie van Dokkum GroenLinks-PvdA