Raadsvoorstel Wijziging APV getekend
Tekst van het document
Raadsvoorstel Besluitvormend Wijziging APV aan:
de raad van de gemeente Teylingen
zaaknummer: Z-21-167626 datum voorstel: 23 februari 2021 datum collegevergadering: 20 april 2021 datum raadsvergadering: 3 juni 2021 agendapunt: 0 portefeuillehouder: Mevr. C.J.G. Breuer behandelend ambtenaar: Karin Hoek e-mailadres: K.Hoek@hltsamen.nl
Wij stellen voor: 1. 2.
De Verordening tot tweede wijziging van de Algemene Plaatselijke Verordening Teylingen vast te stellen. Kennis te nemen van de wijzigingen in de toelichting op de Algemene Plaatselijke Verordening Teylingen.
Inleiding Ingevolge artikel 149 van de Gemeentewet kan de raad die verordeningen maken die hij in het belang van de gemeente nodig vindt. Afgesproken is om de Algemene Plaatselijke Verordening Teylingen (hierna: APV) elke twee jaar te actualiseren. Acute, noodzakelijke wijzigingen worden uiteraard tussentijds aan u voorgelegd. In 2019 is de APV volledig herzien. In 2020 is de APV voor het eerst gewijzigd, waarbij een verbod op het carbidschieten is opgenomen. Bestaand kader en context De openbare orde en veiligheid in Teylingen wordt o.a. gereguleerd in de APV. Beoogd effect Een actuele en juridisch solide APV. Argumenten 1.1 Ontwikkelingen in de maatschappij c.q. de gemeente, jurisprudentie, wijzigingen in wet- en regelgeving en praktijkervaringen van vergunningverleners en handhavers maken het noodzakelijk om de APV aan te passen. De APV dient te voorzien in regels die passen bij de huidige samenleving. Indien het passend is voor de gemeente is de model-APV van de VNG overgenomen. 1.2 Heldere regels geven duidelijkheid aan inwoners en gemeente. Alle partijen moeten weten wat wel en niet is toegestaan. 1.3 In de bijgevoegde was-wordt-lijst is snel inzichtelijk welke wijzigingen worden voorgesteld en is per artikel een nadere motivering opgenomen.
De artikelsgewijze toelichting op de APV bevat belangrijke informatie voor inwoners, ambtenaren en partners (zoals bijvoorbeeld politie en Omgevingsdienst) over de wijze waarop de bepalingen moeten worden toegepast en uitgelegd en voor welke gevallen ze bedoeld zijn. 1.4 De belangrijkste wijzigingen zijn: - het reguleren van vertoningen op openbare plaatsen (art. 2:9);
- de mogelijkheid voor de burgemeester om plaatsen aan te wijzen waar het verboden is te verblijven (art. 2:47, tweede lid); - de mogelijkheid voor het college om ontheffing te verlenen van het verbod op het carbidschieten (art. 2:73, tweede lid) - wijziging in de regulering van ligplaatsen (art. 5:25). Kanttekeningen Onder andere de BOA’s en de politie moeten erop toezien dat de APV wordt nageleefd. De hoeveelheid aan onderwerpen en de beschikbare capaciteit vereisen dat voortdurend keuzes worden gemaakt wat de prioriteiten in toezicht en handhaving zijn. Het college legt dat vast in een Handhavinguitvoeringsprogramma. Financiële consequenties Aan dit voorstel zijn geen kosten verbonden. Aanpak, uitvoering en participatie De betrokken interne en externe partners zijn actief betrokken bij de actualisatie van de APV. De bepalingen die verband houden met de handhaving openbare orde kunnen door politie en Boa's worden gehandhaafd op het moment dat de gewijzigde APV in werking treedt. Na vaststelling wordt de APV gepubliceerd in het gemeenteblad. De gewijzigde APV treedt 8 dagen na deze bekendmaking in werking (conform art. 142 Gemeentewet). Een geconsolideerde versie van de APV (waarin alle wijzigingen zijn verwerkt) is vanaf de datum van inwerkingtreding te raadplegen op overheid.nl. Duurzaamheid Het aanpassen van de APV draagt bij aan een duurzaam veilig Teylingen.
Hillegom-Lisse-Teylingen (HLT) De APV wordt gefaseerd over het jaar voor alle drie de HLT-gemeenten geactualiseerd. Gestart wordt met Teylingen, in het derde kwartaal volgt Lisse en in het vierde kwartaal Hillegom. Urgentie Niet van toepassing. Evaluatie Omdat het van belang is dat de APV actueel blijft is een regelmatige wijziging/herziening noodzakelijk. Elke wijziging/herziening is dan ook tegelijkertijd een evaluatie van de voorgaande APV. Bijlagen en achtergrondinformatie 1. Was-Wordt-lijst namens het college van burgemeester en wethouders, J. Tomassen secretaris
Carla G.J. Breuer burgemeester
Raadsbesluit
De raad van de gemeente Teylingen, gelezen het voorstel van het college van 20 april 2021 met als onderwerp Wijziging APV, gelet op de behandeling in de raadscommissie- en raadsvergadering, gelet op Gemeentewet, art. 149, 149a, 151a, 151b, 151c, 151d, 154 en 154a Wet openbare manifestaties, art. 3 en 4 Drank- en Horecawet, art. 4, 25a, 25b, 25c en 25d Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, art. 5.13 Activiteitenbesluit milieubeheer, art. 2.18, eerste lid onder f en g en vijfde lid, 2.21 en 3.148, tweede lid Wet op de kansspelen, art. 30c Winkeltijdenwet, art. 3 Wet veiligheidsregio's, art. 64, tweede lid Wegenverkeerswet 1994, art. 2a, Besluit: I vast te stellen de “Verordening tot tweede wijziging van de Algemene Plaatselijke Verordening Teylingen”: A Artikel 1:2 wordt als volgt gewijzigd: 1. 2.
In het derde lid wordt “ontheffing” vervangen door “vergunning”. In het derde lid wordt na “2:11” ingevoegd “, 2:12”.
B Artikel 2:1 wordt als volgt gewijzigd: 1. 2. 3.
Onder vernummering van het derde tot en met achtste lid tot tweede tot en met zevende lid wordt het tweede lid verwijderd. In het zesde lid (nieuw) wordt “zesde” vervangen door “vijfde”. In het zevende lid (nieuw) wordt “vierde” vervangen door “derde”.
C Artikel 2:9 komt te luiden als volgt: Artikel 2:9 Vertoningen op openbare plaatsen 1. Het is verboden op een openbare plaats akoestische muziek ten gehore te brengen, tenzij: a. de plaats niet langer dan een uur wordt ingenomen; en b. de afstand tussen de ene en de andere plaats die wordt ingenomen minimaal 75 meter is; en c. de plaats niet eerder die dag is ingenomen; en d. verkeersstromen niet worden gehinderd. 2. De burgemeester kan openbare plaatsen aanwijzen waar het verboden is akoestische muziek ten gehore te brengen en het bepaalde in het eerste lid onder a tot en met d niet van toepassing is. 3. Het is verboden ten behoeve van publiek als straatartiest, straatfotograaf, tekenaar of filmoperateur op te treden op of aan de door de burgemeester aangewezen openbare plaatsen. 4. De burgemeester kan de werking van de verboden als bedoeld in het tweede en derde lid beperken tot bepaalde dagen en uren.
D Artikel 2:10 komt te luiden als volgt: 1.
2. 3. 4. 5.
6.
7.
Het is verboden een openbare plaats anders te gebruiken dan overeenkomstig de publieke functie daarvan, als dat gebruik: a. schade toebrengt of kan toebrengen aan de weg, de bruikbaarheid van de weg belemmert of kan belemmeren, dan wel een belemmering vormt of kan vormen voor het beheer of onderhoud van de weg; of b. niet voldoet aan redelijke eisen van welstand. Van een belemmering voor de bruikbaarheid van de weg is in ieder geval sprake wanneer niet tenminste een vrije doorgang voor voetgangers wordt gelaten op voetpaden en op de rijbaan voor fietsers of gemotoriseerd verkeer. Het college kan in het belang van de openbare orde of de woon- en leefomgeving nadere regels stellen voor terrassen, uitstallingen en reclameborden. Het bevoegde bestuursorgaan kan ontheffing verlenen van het verbod. De ontheffing wordt verleend als omgevingsvergunning door het bevoegd gezag als het in het eerste lid bedoelde gebruik een activiteit betreft als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, onder j. of k. van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht. Het verbod is niet van toepassing op: a. evenementen als bedoeld in artikel 2:24; b. standplaatsen als bedoeld in artikel 5:17; c. terrassen als bedoeld in artikel 2:28; d. het plaatsen van reclame- en aankondigingsborden op van gemeentewege aangegeven locaties op basis van een met de gemeente gesloten overeenkomst; e.
het van gemeentewege plaatsen van verkiezingsborden ten behoeve van politieke partijen. f. overige gevallen waarin krachtens een wettelijke regeling een vergunning voor het gebruik van de weg is verleend; Het verbod is voorts niet van toepassing op situaties waarin wordt voorzien door de Wet beheer rijkswaterstaatwerken, artikel 5 van de Wegenverkeerswet 1994, of de Omgevingsverordening Zuid-Holland.
E Artikel 2:24 wordt als volgt gewijzigd: 1. 2. 3. 4. 5.
In het eerste lid, sub a wordt “bioscoopvoorstellingen” vervangen door “bioscoopen theatervoorstellingen”. Het eerste lid, sub b wordt vervangen door “markten als bedoeld in artikel 160, eerste lid, aanhef en onder g, van de Gemeentewet en artikel 5:22;”. In het eerste lid, sub f wordt “van deze verordening” verwijderd. In het eerste lid, sub g wordt “Sportwedstrijden” vervangen door “sportwedstrijden”. Lid 3 wordt toegevoegd en komt te luiden: “3. In deze afdeling wordt onder klein evenement verstaan een eendaags evenement waarbij: a. het aantal aanwezigen niet meer bedraagt dan 100 personen; b. de activiteiten plaatsvinden tussen 09.00 uur en 24.00 uur; c. geen muziek ten gehore wordt gebracht voor 09.00 uur en na 24.00 uur, voorts dient in dit tijdsbestek het maximaal toelaatbare gemiddelde geluidsniveau (meetperiode 1 minuut) van 65 dB(A) op de gevels van omringende woningen niet te wordt overschreden. Indien er geen woningen aanwezig zijn dan geldt de genoemde geluidsnorm op een afstand van 25 meter van het evenement; d. de activiteiten niet plaatsvinden op de rijbaan, (brom)fietspad of parkeerplaats of anderszins een belemmering vormen voor het verkeer en de hulpdiensten; en e. slechts kleine objecten worden geplaatst met een oppervlakte van minder dan 25 vierkante meter per object.”
F
Artikel 2:25 wordt als volgt gewijzigd: 1.
2. 3. 4. 5. 6. 7.
Het tweede lid komt te luiden als volgt: “2. Geen vergunning is vereist voor een klein evenement, als de organisator ten minste twee weken voorafgaand aan het evenement daarvan melding heeft gedaan aan de burgemeester.” In het derde lid wordt “5 werkdagen” vervangen door “een week”. In het vijfde lid wordt “lid 1” vervangen door “eerste lid”. In het zesde lid wordt “lid 2”vervangen door “tweede lid”. In zevende lid wordt “lid 6” vervangen door “zesde lid” en “lid 2” door “tweede lid”. In het achtste lid wordt “lid 5” vervangen door “vijfde lid” en “lid 1” door “eerste lid”. In het negende lid wordt “lid 6” vervangen door “zevende lid”.
G Artikel 2:31 wordt als volgt gewijzigd: 1. 2.
In sub b, wordt tussen “sluitingstijd” en “of” ingevoegd “, tenzij het personeel betreft,”. In sub c wordt “Op” vervangen door “op”.
H In artikel 2:39, derde lid, aanhef, wordt “De burgemeester weigert de vergunning:” vervangen door “Onverminderd het bepaalde in artikel 1:8 weigert de burgemeester de vergunning:” I Artikel 2:40 wordt als volgt gewijzigd: 1. 2.
Onder vernummering van het tweede en derde lid tot eerste en tweede lid wordt het eerste lid verwijderd. In het eerste lid (nieuw) wordt “2” vervangen door “twee”.
J Artikel 2:47 wordt als volgt gewijzigd: 1.
Onder vernummering van het tweede tot en met vijfde lid tot derde tot en met zesde lid een lid ingevoegd, dat luidt als volgt: “2. De burgemeester kan openbare plaatsen of delen daarvan aanwijzen waar het op door de burgemeester te bepalen tijdstippen verboden is zich op te houden of te verblijven.
2.
In het vijfde lid (nieuw) wordt “tweede” vervangen door “derde” en wordt “derde” vervangen door “vierde”.
K Artikel 2:73a wordt als volgt gewijzigd: 1.
Onder vernummering van het tweede tot het derde lid een lid ingevoegd, dat luidt als volgt: “2. Het college kan ontheffing verlenen van het verbod voor de periode van 31 december 10.00 uur tot 1 januari 02.00 uur van het daaropvolgende jaar.”
2.
In het derde lid (nieuw) wordt “de Wet milieugevaarlijke stoffen,” verwijderd.
L Artikel 4:2 wordt als volgt gewijzigd: 1. Onder vernummering van het zevende tot en met tiende lid tot achtste tot en met elfde lid een lid ingevoegd, dat luidt als volgt: “7. De geluidsnorm, bedoeld in het zesde lid, is inclusief onversterkte muziek en exclusief 10 dB(A) toeslag vanwege muziekcorrectie. Tevens wordt de bedrijfsduurcorrectie buiten beschouwing gelaten.”
2. In het elfde lid (nieuw) wordt “achtste en negende” vervangen door “negende en tiende”. M Artikel 4:6a wordt als volgt gewijzigd: 1. 2.
Het artikel wordt verplaatst naar Afdeling 2 en vernummerd tot artikel 4:9a. Het tweede lid komt als volgt te luiden: “2. Het is verboden om ballonnen op te laten in de open lucht, waaronder tevens moet worden begrepen het organiseren ervan.”
N Artikel 5:13, derde lid komt te luiden: “3. Het verbod geldt niet voor een inzameling of werving die wordt gehouden: a. in besloten kring; b. door een instelling die is ingedeeld in het door het college vastgestelde collecte- en wervingsrooster, mits de inzameling of werving overeenkomstig dat collecte- en wervingsrooster en met inachtneming van de door het college gegeven voorschriften plaatsvindt.” O Artikel 5:23 wordt als volgt gewijzigd: 1. 2.
In het tweede lid wordt “vier” vervangen door “zes”. In het derde lid wordt “4” vervangen door “vier” en wordt “2” vervangen door “vier”.
P Artikel 5:25 wordt als volgt gewijzigd: 1. Het eerste lid komt te luiden als volgt: “Het is verboden met een vaartuig een ligplaats in te nemen of te hebben dan wel een ligplaats voor een vaartuig beschikbaar te stellen op of in openbaar water.” 2.
Onder vernummering van het tweede tot en met zesde lid tot het vierde tot en met achtste lid worden twee leden ingevoegd, die luiden als volgt: “2. Het college kan gedeelten van openbaar water aanwijzen waar met vergunning ligplaats kan worden ingenomen. 3. Het verbod geldt niet voor vaartuigen die ligplaats innemen bij woningen die grenzen aan openbaar water, mits het een vaartuig betreft waarvan de rechthebbende de eigenaar is van het aangrenzende perceel.”
3.
In het zesde lid (nieuw) wordt “de Vaarwegenverordening Zuid-Holland 2015 of de Provinciale Landschapsverordening” vervangen door “Omgevingsverordening Zuid-Holland.”
Q Artikel 5:26 komt te vervallen. R Artikel 5:27 komt te vervallen. S In de volgende artikelen worden de Provinciale wegenverordening, de Vaarwegenverordening Zuid-Holland en de Provinciale Landschapsverordening vervangen door “Omgevingsverordening Zuid-Holland” Artikel 2:10, lid 7, artikel 2:11, lid 4, artikel 2:12, lid 3, artikel 2:23, lid 2, artikel 2:64, lid 3, artikel 4:6, lid 4, artikel 5:6, lid 3, artikel 5:20, lid 1, artikel 5:24, lid 5, artikel 5:25, lid 6, artikel 5:28, lid 2, artikel 5:30, lid 2, 5:34, lid 5.
II. Kennis te nemen van de wijzigingen in de toelichting op de Algemene Plaatselijke Verordening Teylingen. De toelichting op de Algemene Plaatselijke Verordening Teylingen wordt als volgt gewijzigd: A De toelichting van artikel 1:2 behoeft niet te worden gewijzigd. B Omdat het tweede lid van artikel 2:1 is vervallen is de toelichting hierop aangepast. C Voor het nieuw toegevoegde artikel 2:9 wordt een nieuwe toelichting ingevoegd, luidende: Artikel 2:9 Muziek maken kan onder omstandigheden aangemerkt worden als evenement als bedoeld in artikel 2:24. Het optreden van een straatmuzikant, bijvoorbeeld een harmonicaspeler, is in artikel 2:24, eerste lid, onder f, uitgezonderd van het evenementbegrip. Net als straatfotografen en de andere categorieën, genoemd in artikel 2:9, wordt een straatmuzikant onder de straatartiesten geschaard. De motieven om openbare plaatsen aan te wijzen zijn dwingende redenen van algemeen belang, hetgeen omvat: openbare orde, openbare veiligheid, volksgezondheid en milieu. Zie voor de betekenis van deze begrippen de toelichting bij artikel 1:8. De activiteiten van de straatartiest, straatfotograaf, tekenaar, filmoperateur en gids vallen onder de werking van artikel 7, derde lid, van de Grondwet.
Het begrip ‘openbaren van gedachten of gevoelens’ moet volgens de jurisprudentie en de toelichting op artikel 7 van de Grondwet haast grammaticaal worden uitgelegd. Elke uiting van een gedachte of een gevoelen, ongeacht de intenties of motieven van degene die zich uit, wordt door artikel 7 van de Grondwet beschermd (KB 5 juni 1986, Stb. 337 t/m 342, KB 29 mei 1987, Stb. 365, AB 1988, 15). Artikel 7, derde lid, van de Grondwet laat door zijn formulering (niemand heeft voorafgaand verlof nodig wegens de inhoud) een verbod toe voor andere aspecten van de uiting dan de inhoud, zoals bijvoorbeeld de verspreiding. Het is bij de genoemde activiteiten echter moeilijk te scheiden tussen inhoud en verspreiding. Immers, het verbieden van een optreden van een straatartiest op een bepaalde plaats houdt in veel gevallen ook in dat de inhoud van het optreden niet kan worden geuit. Dat betekent dat voor de beperkingsgronden van het in artikel 7, derde lid, van de Grondwet opgenomen grondrecht, het best kan worden gekozen voor de beperkingsgronden die bij artikel 7, eerste lid, van de Grondwet zijn toegelaten. In artikel 2:6 is dat uitgewerkt in een verbod met ontheffingsmogelijkheid dat voor bepaalde straten en uren geldt. In artikel 2:9 is dezelfde redactie gevolgd.
Onder het eerste lid, a, b en c zijn vervolgens regels opgenomen waardoor het ten gehore brengen van muziek gereguleerd kan worden. D In de toelichting van artikel 2:10 wordt er expliciet aangegeven dat er in eerste instantie wordt uitgegaan van een algemeen verbod. Dit betekent dat er geen voorwerpen op of aan een openbare plaats geplaats mogen worden. Er kan worden volstaan met het doen van een melding als wordt voldaan aan de voorwaarden die worden gesteld in het vierde lid. E Lid 3 van artikel 2:24 is toegevoegd waarbij de omschrijving van een klein evenement is verruimd waardoor meerdere kleine evenementen onder de begripsbepaling vallen en hierdoor meer mogelijkheden zijn om een klein evenement te organiseren onder de gestelde voorwaarden. F Lid 2 van artikel 2:25 is gewijzigd. Voor kleine evenementen is het doen van een melding voldoende. Het gaat hierbij bijvoorbeeld om een straatfeest of buurtbarbecue dat op één
dag plaatsvindt. De voorwaarden waaronder dit kan plaatsvinden zijn aangegeven in artikel 2:24, derde lid, onder a, b, c, d en e. G In de toelichting van artikel 2:31 is onder lid b toegevoegd “tenzij het personeel betreft” om te verduidelijken dat personeel zich in de inrichting kan/mag bevinden in de tijd dat de inrichting gesloten moet zijn. H De toelichting van artikel 2:39 wordt aangevuld met een toelichting op het derde lid. Het derde lid geeft aan dat de weigeringsgronden, genoemd in artikel 1:8 eerste lid onder a. de openbare orde, b. de openbare veiligheid, c. de volksgezondheid en d. de bescherming van het milieu en het tweede lid: een vergunning of ontheffing kan ook worden geweigerd als de aanvraag daarvoor minder dan zes weken voor de beoogde datum van de beoogde activiteit is ingediend en daardoor behandeling van de aanvraag niet mogelijk is, ook van toepassing zijn. I De toelichting van artikel 2:40 behoeft niet te worden gewijzigd. J In de toelichting van artikel 2:47 wordt een nieuwe alinea toegevoegd, luidende: Op grond van het tweede lid kan de burgemeester plaatsen tijdstippen aanwijzen waarop men zich op die tijden en plaatsen niet mag ophouden of verblijven. De aanwijzing is bedoeld voor overlastplekken waar voornamelijk in de late avond en nacht door omwonenden overlast wordt ervaren.
Een dergelijk overlastplek worden kan worden aangewezen waarbij men tussen 23.00 uur en 07.00 uur (of eerder of later) daar niet mag verblijven. K In de toelichting van artikel 2:73a wordt een nieuwe alinea toegevoegd, luidende: Het tweede lid (de mogelijkheid tot het aanvragen van een ontheffing) reguleert de mogelijkheid om toch met carbid te schieten. Aan de ontheffing kunnen voorschriften verboden worden. L Lid 7 is aan artikel 4:2 toegevoegd. In de toelichting wordt hierover het volgende aangegeven: In het zevende lid wordt gesproken over onversterkte muziek. In het Activiteitenbesluit is onversterkte muziek uitgezonderd bij het bepalen van de geluidsniveaus. De reden hiervoor is dat maatregelen ter beperking van de geluidsemissies moeilijk zijn. Dit betekent dat voor onversterkte muziek in principe geen maximum geluidsnorm geldt. Op basis van artikel 2.18, eerste lid, onder f en vijfde lid, van het Activiteitenbesluit hebben gemeenten wel de mogelijkheid om dit in een gemeentelijke verordening aan te passen (zie ook artikel 4:5). De reguliere geluidsnormen gelden niet bij festiviteiten, waardoor bedrijven dan meer geluid mogen produceren. Om de omgeving enige bescherming te bieden en geluidniveaus van onversterkte muziek bij festiviteiten te begrenzen is onversterkte muziek meegenomen in de geluidsnorm.
Bij de bepaling van het geluidsniveau wordt in het zevende lid de bedrijfsduurcorrectie bij muziekgeluid buiten beschouwing gelaten. M De toelichting van artikel 4:6a is ongewijzigd verschoven naar artikel 4:9a. Het tweede lid is aangevuld met de tekst dat het verbod ook geldt voor het organiseren van ballonoplatingen. N De toelichting van artikel 5:13 behoeft niet te worden gewijzigd. O In de toelichting van artikel 5:23 derde lid is opgenomen dat de termijn waarbinnen de
organisator melding doet is gesteld op zes weken. De termijn waarbinnen de burgemeester bericht geeft aan de organisator na ontvangst van de melding is gesteld op vier weken.
P In de toelichting van artikel 5:25 wordt lid 1 gewijzigd in onderverdeeld in lid 1, 2 en 3 luidende:
Eerste lid Uitgangspunt van de APV-bepalingen over ligplaatsen is dat het in beginsel verboden is met een vaartuig een ligplaats in te nemen, te hebben of beschikbaar te stellen op of in openbaar water binnen de gemeente. Tweede lid Ligplaats mag worden ingenomen als de plaats deel uitmaakt van door het college aangewezen openbaar water en hiervoor vergunning is verleend. Derde lid Het verbod geldt niet voor vaartuigen die ligplaats innemen bij woningen die grenzen aan openbaar water. Q De toelichting van artikel 5:26 komt te vervallen. R De toelichting van artikel 5:27 komt te vervallen..
Aldus besloten in de raadsvergadering van 3 juni 2021,
Digitaal ondertekend door Robert van Dijk op 09-06-2021 Robert van Dijk griffier
Digitaal ondertekend door Carla G.J. Breuer op 09-06-2021 Carla G.J. Breuer voorzitter