Raadsbrief - 772857 Ontwikkeling regionale aardwarmte (1)
Tekst van het document
Raadsbrief Ontwikkeling regionale aardwarmte aan: datum:
de raad van de gemeente Teylingen 30 mei 2024
ons kenmerk: Z-24-377970 datum collegevergadering: 18 juni 2024 Mevr. H.M.A. Hooij portefeuillehouder: behandelend ambtenaar: emailadres: telefoon: embargo:
Dirk Hogewoning d.hogewoning@hltsamen.nl 14 0252 ☐
Met betrekking tot de ontwikkeling van aardwarmte is er sprake van een regionale ontwikkeling waarover het college u graag wil informeren. Vanwege netcongestie en de mooie kansen die aardwarmte biedt in de Duin- en Bollenstreek als alternatief voor aardgas, willen de colleges van de regio samen stappen zetten. Zo kunnen wij u melden dat het college de verkennende fase in gaat voor het komen tot een collectieve warmtevoorziening. Deze verkenning wordt uitgevoerd vanuit een intentieovereenkomst. Het college gaat de verkennende fase in voor het beoordelen of een warmtenet, in eerste instantie gevoed door aardwarmte, in de Bollenstreek haalbaar is. Er is in de regio voldoende duurzame aardwarmte beschikbaar. Maar om tot een succesvol project te komen is samenwerking nodig. Alleen zo wordt voldoende schaalgrootte gecreëerd. Belangrijk is ook dat er goed onderzoek gedaan wordt naar de haalbaarheid, betaalbaarheid, betrouwbaarheid en duurzaamheid. In deze raadsbrief wordt u geïnformeerd over wat de komende periode speelt om tot een onderbouwd besluit te kunnen komen over aardwarmte. U vindt de kosten hiervoor terug in de kadernota 2025 – 2028. Aanleiding Door het ministerie van EZK zijn meerdere vergunningen verstrekt voor de winning van aardwarmte in de regio Holland Rijnland.
Daarnaast wordt er in de Leidse regio al langere tijd gewerkt aan een energiesysteem met de inzet van restwarmte uit Rotterdam. Specifiek voor de Duin– en Bollenstreek geldt het initiatief van Aardwarmte Rijnland. Dit initiatief voorziet in de realisatie van meerdere aardwarmtebronnen in de Duin- en Bollenstreek en mogelijk ook meer ten oosten van onze regio. Intentieovereenkomst Een eerste start van een aardwarmtenetwerk wordt gevormd door de intentieovereenkomst tussen de belangrijkste partijen. De initiatiefnemers van Aardwarmte Rijnland hebben het afgelopen jaar tracé-onderzoek uitgevoerd (Grand Design), gesprekken gehad met bestuurders en potentiële afnemers van warmte en daarnaast de vergunningaanvraag voor de bronlocatie aan de Leeweg in Noordwijk voorbereid. Dit heeft mede geleid tot de volgende stap, te weten: een concrete verkenning naar de haalbaarheid van een duurzaam warmtenetwerk in de Bollenstreek. Voor deze verkenning hebben initiatiefnemers van Aardwarmte Rijnland, de gemeenten Hillegom, Lisse, Noordwijk en Teylingen en de woningcorporaties Sint Antonius van Padua en Stek een intentieovereenkomst opgesteld. De titel van de overeenkomst luidt: ‘Project Warmtenet Bollenstreek’. Verkenningsfase De verkenning wordt het komende half jaar aan de hand van drie zogenoemde werksporen uitgewerkt.
Hieronder een beknopte beschrijving van elk werkspoor binnen de verkenningsfase.
1
1. Het werkspoor Governance Hierbij verkennen gemeenten hoe zij marktpartijen willen betrekken bij de warmtekavels waar een warmtenet een voorkeursoptie is. Hierbij wordt ervanuit gegaan dat een op te richten warmtebedrijf de aangewezen partij is om voor de warmtekavels het warmtenet aan te leggen. Ook wordt onderzocht hoe een warmtebedrijf aangestuurd kan worden (governance). 2. Werkspoor verkenning Wijkaanpak In dit werkspoor wordt onderzocht welke wijken in welk jaar, en in welke volgorde, aangesloten kunnen worden op een warmtenet. Voor deze wijken wordt een analyse gemaakt welk vastgoed en welke partijen op welke wijze betrokken gaan worden. 3. Werkspoor verkenning Woningcorporaties In dit werkspoor wordt de warmtevraag van het woningbezit van woningcorporaties in de kernen van de gemeenten in beeld gebracht. Hieruit volgt een overzicht van het aan te sluiten bezit in omvang, plaats en tijd. Deze inzichten worden ook gebruikt in Werkspoor 2. Voor alle werksporen geldt dat wordt uitgegaan van de nog vast te stellen Warmtewet. En dan met name de onderdelen die van belang zijn voor de prijsstelling van de te leveren warmte alsmede het uitgangspunt dat een warmtebedrijf een publiek meerderheidsbelang bevat. Om de voortgang te bewaken en zo nodig sturing te geven aan de werksporen wordt een Stuurgroep samengesteld.
Vervolg verkenningsfase De resultaten van de werksporen dragen bij aan het antwoord op de vraag of een warmtenet in de Bollenstreek daadwerkelijk haalbaar is. Zo ja, dan bestaat het voornemen om hierover vervolgafspraken te maken en deze vast te leggen in een Samenwerkingsovereenkomst (SOK). In tegenstelling tot de intentieovereenkomst zal de SOK een meer verplichtend karakter kennen. Gelet hierop en het grote belang voor de verduurzamingsopgave van deze regio, zullen de resultaten ter zienswijze aan u worden voorgelegd voordat de SOK wordt bekrachtigd door het college. Communicatie naar inwoners Inwoners en kleinere ondernemers willen graag weten wat zij moeten doen om duurzamer te verwarmen. Zij krijgen via verschillende kanalen te horen dat de gemeenten bezig zijn met aardwarmte. De boodschap tijdens de huidige verkenningsfase is dat de gemeenten nog geen duidelijkheid hebben of en wanneer er een warmtenet komt. Ondertussen worden zij gestimuleerd om te isoleren, omdat dit altijd een goede stap is naar duurzame warmte. Tot slot Het college ziet zowel de intentieovereenkomst als (komende) de bestuursopdracht als belangrijke ondersteunende instrumenten om werk te maken van de verduurzaming van onze dorpen en kernen, wat betreft het onderdeel warmte. Een brief met nagenoeg identieke inhoud is tevens aan de gemeenteraden van Hillegom, Lisse en Noordwijk aangeboden.
Bijlagen: N.v.t.
2