GezondheidsnotaTeylingen 2021-2024.docx
Tekst van het document
Teylingen Positief Gezond
Gezondheidsbeleid Teylingen 2021 -2024
Versie februari 2021 Opsteller: Johan van Rixtel Gezondheidsbeleid Teylingen 2021 - 2024
1
Teylingen positief gezond
Inhoudsopgave: 1. Inleiding…………………………………………………………………………………………………………………………….………. 3 2. Terugblik gezondheidsbeleid Teylingen………………………………………………………………………….…………. 5 3. Ambities landelijke nota volksgezondheid………………………………………………………………………….…… 10 a. Gezondheid in de fysieke en sociale leefomgeving…………………………………………………………... 10 - Ambitie 1: In 2024 is gezondheid een vast onderdeel van de belangenafweging in ruimtelijk beleid. - Ambitie 2: In 2024 creëren we bij landelijke en decentrale beleidsontwikkeling meer verbinding tussen het fysieke en het sociale beleidsdomein. b. Gezondheidsachterstanden verkleinen……………………………………………………………………………… 11 - Ambitie 3: In 2024 is de levensverwachting van mensen met een lage SES toegenomen en het aantal jaren in goed ervaren gezondheid voor mensen met een lage én een hoge SES toegenomen. - Ambitie 4: Vanaf 2024 passen we gezondheidsbevordering via de leefomgeving met voorrang toe in wijken en buurten met gezondheidsachterstanden. Op termijn ontwikkelen we in alle wijken en buurten een leefomgeving die een gezonde leefstijl mogelijk en gemakkelijk maakt. c. Druk op het dagelijks leven bij jeugd en jongvolwassenen……………………………………………… 12 - Ambitie 5: In 2024 hebben we kennis over de aard, omvang en determinanten van mentale gezondheid bij jongeren (landelijk beleid).
- Ambitie 6: In 2024 ervaren jeugd en jongvolwassenen minder prestatiedruk in hun leven, doordat mentale gezondheidsvaardigheden worden gestimuleerd en de fysieke en sociale leefomgeving mentale gezondheid bevordert. d. Vitaal ouder worden…………………………………………………………………………………………………………. 13 - Ambitie 7: In 2024 voelen relatief meer ouderen zich vitaal zodat zij (naar vermogen) kunnen blijven participeren in de samenleving. - Ambitie 8: In 2024 is het risico op spoedeisende hulp na een val bij ouderen afgenomen. - Ambitie 9: In 2024 hebben alle gemeenten een leefomgeving gecreëerd die ouderen verleidt tot een gezonde leefstijl. 4. Een brede visie op gezondheid (introductie positieve gezondheid en Blue zones)…………………… 15 5. Visie Teylingen positief gezond……………………………………………………………………………………..…..……. 19 5.1 Brede blik (omgevingsvisie, de sociale en fysieke omgeving)…………………………….…………….. 19 5.2 Samenhangend beleid – preventie- en vitaliteitsakkoord…………………………….…….…………….. 24 5.3 Samenhangend beleid – een leven lang gezond…………………………………………….………………… 33 5.4 Focus op leefstijl………………………………………………………………………………………………………………..
34 - Voeding: Natuurlijke voeding - Bewegen: Blijven Bewegen - Veerkracht en Balans - Gezonde Financiën en huisvesting - Sociale connectie: Waardevolle connecties - Zingeving: Zingeving in de dag - Stoppen met roken: investeer in een rookvrije generatie - Gezond uitgaan: minder alcohol en drugs 5.5 Gezondheidsstructuur (maatschappelijk borging)……………………………………………………………. 36 6. Uitvoeringsparagraaf: landelijke ambities lokaal vertaald……………………………………………..……… 37 7. Bijlage 1 Evaluatie gezondheidsbeleid 2014 - 2017………………………………………........................... 44 8. Bijlage 2 Verslag digitale bijeenkomst Teylingen…………………………………………………………………………………… 47
Gezondheidsbeleid Teylingen 2021 - 2024
2
1. Inleiding Op grond van de Wet publieke gezondheid (Wpg) dienen gemeenten vierjaarlijks hun lokale nota volksgezondheidsbeleid uit te brengen. Die is toegesneden op de lokale behoeften en mogelijkheden. Tijdens de beeldvormende fase en het afsluitende beeldverslag zijn deze voor Teylingen in beeld gebracht. De landelijke prioriteiten, weergegeven in de Landelijke Nota Gezondheidsbeleid 2020-2024 (LNG), geven richting aan het lokale gezondheidsbeleid van gemeenten. Met de nieuwe nota wordt gezondheid breed op de agenda gezet. De problemen die achter een verminderde gezondheid schuilgaan, gaan immers ook vaak verder dan het gezondheidsdomein. Denk aan: armoede, laag inkomen, werkeloosheid of ongunstige leefomstandigheden die van invloed zijn op de (ervaren) gezondheid. Dat vraagt om samenhang en afstemming van beleidsmaatregelen of activiteiten over de verschillende domeinen heen (zoals het sociaal, fysiek en zorgdomein). Internationaal wordt hiervoor de term Health In All Policies (HiAP) gebruikt. De inzet is om vanuit dat brede perspectief de gezondheid van burgers te verbeteren, van 0 tot 100, over de grenzen van beleidsdomeinen heen. Aangezien het gaat om complexe problematiek, is een lange termijn inzet nodig. De VNG neemt de regie om ontwikkelagenda’s op te stellen voor thema’s die zich bij uitstek lenen voor een domein overstijgende aanpak.
Bij de start richten deze agenda’s zich op drie thema’s: 1) verminderen gezondheidsachterstanden, 2) gezondheidsbescherming in de fysieke leefomgeving, 3) van denken vanuit ziekte naar denken vanuit gezondheid. Opvallend is dat dit laatste thema volledig in lijn is met het gedachtegoed van Positieve Gezondheid. Dit concept krijgt daarmee een prominente plaats als paraplu voor het gezondheidsbeleid. Het gaat bij dit gedachtegoed niet alleen om de lichamelijke kanten van gezondheid, maar vooral ook om het vermogen je aan te passen, om welbevinden, eigen regie, veerkracht, participatie en zingeving. Belangrijk daarbij is dat niet iedereen in de omstandigheden leeft om zelf gezonde keuzes te maken en de dagelijkse verleidingen te weerstaan. Sommige mensen hebben daarvoor te weinig grip op hun gezondheid en missen het vermogen om die grip te vergroten. Ook is er een grote groep mensen met een beperking die niet zonder meer in staat is om mee te doen in de maatschappij. ‘Weten is nog geen doen’ De Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR) stelt in ‘Weten is nog geen doen’2 vast dat redzaamheid niet alleen denkvermogen vraagt van burgers, maar ook doenvermogen. Lang niet iedereen is hiertoe altijd in staat.
Om iedereen laagdrempelig gelijke kansen te bieden, willen we samen met zorg- en welzijnsprofessionals de omstandigheden aanpakken die invloed hebben op het doenvermogen van mensen. Dit kan bijvoorbeeld door onderscheid te maken tussen niet kunnen en niet willen, en door gebruik te maken van de juiste timing en heldere taal. Terecht stelt de landelijke nota daarnaast dat “het coronavirus maakt dat de focus in Nederland meer dan ooit op de gezondheid ligt; op de effecten voor Nederlanders op de korte en de lange termijn”. Het samenwerkingsverband “Lifestyl4Health”, een groep specialisten van het LUMC en TNO, wijst daarbij op het gegeven dat het virus vooral slachtoffers maakt onder mensen die last hebben van diabetes type 2, hart- en vaatziekten, hoge bloeddruk en overgewicht. Om de resistentie te optimaliseren en daarmee het virus minder kans te geven is een gezonde actieve leefstijl met aandacht voor vitaminerijk eten en voldoende beweging essentieel.1 Zoals gezegd is de landelijke nota vaak richtinggevend voor de invulling van de lokale nota in gemeenten, als onderdeel van de vierjarige beleidscyclus volksgezondheid. Er zijn ook andere landelijke
1 In een recent artikel met als titel “Nederland staat op!” gaan dr. V. Kallen en professor E. Scherder in op onderzoeken die laten
zien dat veel mensen overlijden aan ziekten die gerelateerd zijn aan lichamelijke en mentale inactiviteit. Deze mensen blijken ook een verhoogd risico te hebben op de ernstige complicaties van COVID-19. Gezondheidsbeleid Teylingen 2021 - 2024
3
ontwikkelingen waarbij onze gemeente aansluit, zoals het Nationaal Preventieakkoord2, het Nationaal Sportakkoord3 en de Omgevingswet4. In de gemeente Teylingen is, nog voor de uitbraak van het coronavirus, al veel discussie geweest over de thema’s bewegen, gezondheid en vitaliteit in het kader van het sportakkoord en het preventie akkoord. Met veel partijen is gesproken over het integraal en samen oppakken van het thema vitaliteit. Het hieruit vloeiende akkoord “van Sportakkoord naar Vitaliteitsplan” is inmiddels door veel maatschappelijke spelers ondertekend. Hoewel de gemeente daarbij aanjager was om de discussie over het vitaliteitsplan te agenderen is dit akkoord nadrukkelijk niet van de gemeente alleen maar van de hele samenleving. Daar zit immers ook de energie en de kracht om een verandering naar een gezondere samenleving te maken. Met de beleidsnota “Teylingen positief gezond” willen we nadrukkelijk bij deze beweging aansluiten.
2 Preventieakkoord: de aanpak van drie leefstijlthema’s (roken, overmatig alcoholgebruik en overgewicht) en achterliggende
factoren om door te vertalen naar integrale lokale aanpakken. 3 Sportakkoord: bestaat uit zes deelakkoorden (sport en bewegen, van jongs af aan vaardig in bewegen, duurzame
sportinfrastructuur, vitale aanbieders, positieve sportcultuur en topsport die inspireert) om door te vertalen naar lokale aanpakken. 4 Omgevingswet: biedt kansen om de bescherming en bevordering van gezondheid een plek te geven in omgevingsbeslissingen
en -inrichting.
Gezondheidsbeleid Teylingen 2021 - 2024
4
2. Terugblik gezondheidsbeleid Teylingen De laatste nota volksgezond was opgedeeld in een procesnota en een uitvoeringsnota. De procesnota Lokaal Gezondheidsbeleid 2014-2017 werd op 12 december 2013 vastgesteld door de gemeenteraad en bevatte de kaders. In een daaropvolgende raadsvergadering werd de uitvoeringsnota 2014-2017 vastgesteld met daarin een korte evaluatie van de actiepunten van het lokale gezondheidsbeleid uit de periode 2007-2011 en de speerpunten ‘alcoholmatiging onder jongeren’ en ‘rookvrije schoolpleinen’. Het gezondheidsbeleid over bovengenoemde periode richtte zich daarmee vooral op preventieve acties om alcohol- en rookgebruik onder jongeren te beperken. Het Preventie- en Handhavingsplan van de gemeente Teylingen in het kader van de Drank en Horecawet (DHW) omvatte ook acties gericht op controle en handhaving. De uitvoeringsnota lokaal gezondheidsbeleid 2014-2017 en het Preventie- en Handhavingsplan DHW werden daarom op elkaar afgestemd. Wat betreft het alcoholgebruik lag de aandacht op informeren, signaleren, adviseren en ondersteunen. Belangrijke rollen waren daarbij weggelegd bij het CJD, de GGD, de scholen, jongerenwerk en Brijder. Via de website van het CJG werd geïnformeerd over middelengebruik, scholen kregen gastlessen van de GGD en op ouderavonden werd aan verslavingspreventie aandacht besteed.
Ook werden weerbaarheidsmodules aangeboden en was er aandacht voor de begeleiding van ouders, leerlingen, mentoren en docenten. Op het Rijnlands Lyceum is het onderwerp genotmiddelen inmiddels goed geïntegreerd binnen de bestaande lesmethode. Lief lijf (moeder-dochteravond over zelfbeeld en zelfwaardering) is afgelopen schooljaren ook ingezet. De ouderavonden nemen ze structureel af. “Tijdens dit soort gastlessen bespreken we de genotmiddelen die met meest passend zijn bij de leeftijdscategorie. In dit geval waren dat tabak, alcohol, energydrank en cannabis. Daarnaast gaan we ook altijd uitgebreid in op het onderwerp omgaan met groepsdruk. We leggen uit wat groepsdruk is en laten het ze ervaren, daarna gaan we met elkaar kijken hoe je nee kunt zeggen tegen genotmiddelen (weerbaarder maken tegen alle verleidingen die genotmiddelen met zich meebrengen).” (interview GGD)
Zoals gezegd zijn de GGD en Brijder verslavingszorg belangrijke partners binnen dit aandachtsgebied. Naast het voortzetten van bestaande acties binnen de scholen was er aandacht voor verdere intensivering van de scholing van docenten en andere professionals over middelengebruik. De begeleiding, signalering en verwijzing van leerlingen moest ook verder worden afgestemd en verbeterd tussen alle partners. Hiervoor waren lokale actiepunten opgesteld. Een goede afstemming en verwijzing blijven daarbij punten die aandacht vragen. Partners (zoals JGT, CJG, jongerenwerk) weten Brijder goed te vinden, maar regelmatig nog vrij laat. Er is dan al sprake van fors middelengebruik en de inzet is niet preventief meer (Brijder richt zich op geïndiceerde preventie). Als er sprake is of lijkt van (overmatig) middelengebruik is het daarom belangrijk dat Brijder in een vroeg stadium aanschuift bij de JGZ voor de analyse van het probleem. De GGD verslavingspreventie deskundige heeft hierover aan de jeugdverpleegkundigen een scholing aangeboden. Ook zijn jongeren en ouders soms nog te weinig doordrongen van de impact van het middelengebruik waardoor het lastig is dit met jongeren en ouders te bespreken. Volgens Brijder is het nodig om de partners af en toe bijeen te brengen om zo tot goede werkafspraken te komen.
Brijder heeft uiteraard waar nodig wel casuïstiekbesprekingen /consultaties met het JPT, sociaal wijkteam, CJG, politie, netwerkoverleg en contact met ketenpartners. Het eerste contact bij Brijder start met Advies, Begeleiding, Consultatie (ABC). Jongeren kunnen advies vragen over hun eigen gebruik of gedrag, ouders/gezinnen en professionals kunnen advies vragen over iemand in hun omgeving over wie ze zich zorgen maken. Bij jongeren/ouders heet dit een adviesgesprek, bij professionals een consultatie. Dit is vaak 1 gesprek. Na dat gesprek heeft de preventiewerker vaak zicht op wat nodig is. Een langer durend traject voor jongeren is Moti-4 of een verwijzing naar zorg (bij ingewikkelde problematiek). Brijder gebruikt Moti-4 sinds 2016. Moti-4 is een gesprekkentraject voor jongeren van 14 t/m 24 jaar die in de problemen dreigen te raken door middelengebruik, gokken of gamen. De stap naar de reguliere hulpverlening is voor deze jongeren vaak groot. Ze zijn niet gemotiveerd of hebben geen hulpvraag. Voor deze jongeren is er het laagdrempelige traject Moti-4 geschikt. Gezondheidsbeleid Teylingen 2021 - 2024
5
De voorlichtingsbijeenkomsten vinden over het algemeen plaats bij jongerenwerk. Ook plaats gerichte signalering, advies en doorverwijzing gebeurt door het jongerenwerk. Jongerenwerkers zoeken jongeren op waar zij doorgaans hun vrije tijd doorbrengen. De jongerenwerker legt contacten en bouwt een werkrelatie op met jongeren en signaleert wensen, behoeftes, problemen en ambities bij de doelgroep. Daarnaast motiveert de werker de jongeren om deel te nemen aan activiteiten. Wanneer het jongerenwerk signaleert dat alcoholgebruik- of misbruik aan de orde is, wordt samengewerkt met partners (HALT, Brijder) om passende preventieve en educatieve activiteiten voor jongeren over alcoholgebruik te organiseren. Brijder heeft medewerkers van Halt getraind in het herkennen en signaleren van mogelijk gebruik door jongeren van andere middelen dan waarvoor zij zijn doorverwezen. Halt verwijst actief naar Brijder als jongeren bij hen een Halt afdoening krijgen en er sprake is van middelengebruik. Er is een taakverdeling in voorlichting over alcohol/drugs tussen GGD en Brijder. GGD doet de scholen en Brijder doet andere organisaties. Het is belangrijk dat zij goed op elkaar aansluiten. De GGD werkt hieraan en zorgt dat Brijder ook op scholen komt. Een ander punt van aandacht blijft de betrokkenheid van ouders.
Ouders worden op school door de GGD actief aangesproken in oudervoorlichtingen (op hun voorbeeldfunctie en opvoedrol) op het thuis verstrekken van alcohol. De GGD merkt wel dat in de duinen bollenstreek ouders hierop lastig zijn aan te spreken. Veelal zijn de ouders van mening dat ze liever willen dat hun kinderen in het zicht drinken omdat ze het anders ergens anders gaan doen. Houding ouders tegenover het alcoholgebruik van leerlingen in Teylingen De houding van ouders is een belangrijke voorspeller voor het alcoholgebruik van jongeren. Ouders hebben een grote invloed op het gedrag van hun kinderen en zijn daardoor vaak medeverantwoordelijk voor de manier waarop jongeren met alcohol omgaan. Veel ouders beschouwen het uitproberen van alcohol als een onderdeel van de puberteit en vertrouwen er te veel op dat jongeren zelf controle hebben over zijn of haar alcoholgebruik. De schadelijke gevolgen van alcoholgebruik worden geregeld vergeten of zijn niet bekend bij ouders wat mede de houding van ouders te opzichte van alcohol beïnvloedt. Leerlingen die wel eens alcohol hebben gedronken, kregen de vraag voorgelegd wat zij denken dat de houding van hun ouders is over het alcoholgebruik van de leerling. In 2019 vindt 43% van de ouders/verzorgers in Teylingen het goed of zeggen er niets van dat hun kind alcohol drinkt volgens de jongeren zelf.
In klas 2 is 41% van de ouders/verzorgers positief of neutraal over het alcoholgebruik. In klas 4 is dit opgelopen tot 43%. Er is vrijwel geen verschil in de houding van de ouders van jongens en van meisjes. Verkrijgen van alcohol Teylingen De beschikbaarheid van alcohol speelt een belangrijke rol in het alcoholgebruik van jongeren. Alcohol is makkelijk te verkrijgen voor jongeren, bijvoorbeeld via alcohol wat gemakkelijk te pakken is thuis of via vrienden. Dit zorgt ervoor dat het voor jongeren makkelijker wordt om te experimenteren met alcohol. Leerlingen die wel eens alcohol hebben gedronken, kregen de vraag voorgelegd hoe zij meestal aan alcohol komen. In Teylingen zegt 42% van de leerlingen alcohol te krijgen van ouders of het zelf thuis te pakken, in Holland Rijnland is dit 45%. 46% krijgt alcohol van vrienden en 23% krijgt het van anderen. In Holland Rijnland is dit 44% en 22%. Van de leerlingen die aangeven zelf alcohol te kopen geeft 40% aan dit in een supermarkt te kopen. 38% koopt zelf alcohol in een kroeg, café of discotheek, 7% bij de sportclub, 16% bij de slijterij, 7% in het buitenland, 4% via het internet en 26% koopt het op een andere manier.
Trend alcoholgebruik jongeren in Teylingen
Gezondheidsbeleid Teylingen 2021 - 2024
6
Trend roken onder jongeren in Teylingen
In 2016 is vanuit het OM toestemming verkregen om door te verwijzen naar Halt (door gemeentelijke toezichthouders). In praktijk is het nog niet vaak voorgekomen. Een taakstraf bij Halt lijkt meer effect te hebben dan alleen een boete opleggen. Daar komt bij dat dan ook de ouders bij het traject worden betrokken. Te vaak denken ouders nog dat hun kinderen niet drinken en/of zijn ouders niet bewust van het gezondheidseffect van alcohol bij jongeren. Een ander aandachtspunt is 18-/18+. Als jongeren 18 zijn kunnen ze uit beeld raken. Terwijl actief drugsgebruik in de leeftijd van 16-24 het meest voorkomt. Met het Rijnlands Lyceum is op het gebied van verslavingspreventie een goede samenwerking met de GGD. Op verschillende thema’s maken zijn gebruik van het aanbod van de GGD (Gezonde school). In februari 2014 is in samenwerking met de politie, de gemeente, bureau Halt, GGD Hollands Midden en Teylingen college KTS een overeenkomst opgesteld en ondertekend voor een gezamenlijke aanpak ter vermindering van het alcohol en drugsgebruik onder leerlingen van het Teylingen college sector KTS. In deze overeenkomst staat aangegeven dat de GGD een voorlichting voor ouders verzorgt op de jaarlijks te organiseren ouderavond. Daarnaast verzorgt de GGD gastlessen over alcohol en drugs aan leerlingen van de bovenbouw. Bij de KTS is een voorzichtige samenwerking van de grond aan het komen.
Zo was het KTS voornemens om (voor de corona) oudervoorlichtingen op te zetten over middelengebruik. Er is echter nog geen sprake van een structurele samenwerking. GGD doet op beide scholen de Gezondheidsvragenlijst Gezond Leven Check ’t even in de 3e en 4e klassen en beide scholen hebben ook meegedaan aan de Gezondheidsmonitor Jeugd in 2019.
In het kader van alcoholmatiging is daarnaast ook aangesloten bij de landelijke NIX18 campagne. Doel van de campagne was het versterken van de sociale norm ‘niet drinken en roken tot je 18e’. Deze sociale normcampagne werd samen met de gemeente en GGD ook lokaal uitgezet met onder meer brieven aan scholen, het uitdelen van polsbandjes en ‘wuppies’, informatie op ouderavonden, bijeenkomsten met sportverenigingen en barvrijwilligers i.s.m. Brijder en bijeenkomsten met ondernemers. Tijdens de nacht van Sassem is i.s.m. de politie, BOA’s en jongerenwerk ruim rond het festivalterrein gepatrouilleerd en zijn groepen jongeren actief op hun gedrag aangesproken. In de projectgroep Sport & Alcohol werken sportclubs en de gemeente Teylingen inmiddels samen om te zorgen dat de regel NIX18! wordt nageleefd. De verenigingen leren hun barvrijwilligers om altijd een ID te vragen en niet te schenken aan minderjarigen. Met ‘mystery shoppers’ gaan ze bij elkaar op bezoek, om te controleren of het in de praktijk goed werkt. Wat betreft het speerpunt “rookvrije schoolpleinen” het volgende. De schoolpleinen van het basisonderwijs zijn rookvrij. Het schoolplein van Rijnlands Lyceum is rookvrij. Het schoolplein van de onderbouw KTS is rookvrij (eerste en tweede klassen gaan naar het voorplein).
Op het schoolplein van de bovenbouw KTS mag alleen gerookt worden met uitdrukkelijke toestemming van de ouders. De derde en vierde klassen pauzeren op het achterplein. Alleen leerlingen uit het derde en vierde leerjaar mogen roken - als zij een rookpas hebben - op de daarvoor aangewezen plek op het achterplein. In het basisonderwijs zit het thema roken vervlochten in de weerbaarheidstrainingen, met name in de oudermodule. Wat betreft het Voortgezet Onderwijs wordt er oudervoorlichting over roken gegeven tijdens de ouderavonden. Ook kan school een gastles van de GGD inzetten. Genotmiddelen, waaronder tabak, worden dan in samenhang besproken. Tot slot. Als opmaat naar de nieuwe nota volksgezondheid en in lijn met het landelijke sport- en preventieakkoord zijn het afgelopen en dit jaar verdere vervolgstappen gezet: -
-
In het kader van het verminderen van gezondheidsachterstanden is met de GGD en het CJG een bijeenkomst georganiseerd om zorgprofessionals binnen de jeugdgezondheidszorg te informeren over de nadelige effecten van armoede op gezondheid, het bespreekbaar maken binnen gezinnen en waar nodig door te verwijzen naar bijvoorbeeld schuldhulpverlening. In overleg met de zorggroep Voorhout/Warmond en Welzijn Teylingen is stuurgroep Positieve gezondheid gevormd. Deelnemers aan deze stuurgroep zijn onder meer het CJG, de GGD, zorg professionals uit de eerste lijn, de wijkregisseur en ons zorgloket. In 2019 is in de raadzaal tijdens
Gezondheidsbeleid Teylingen 2021 - 2024
7
-
-
-
drie sessies een bijeenkomst en training verzorgd over positieve gezondheid waar rond de 60 professionals aan deelnamen. De gemeente Teylingen, Stichting Activite, Stichting Marente, de zorggroepen Warmond/Voorhout en Sassenheim, woningcorporatie STEK, seniorenvereniging Teylingen, de GGD HM, Zorg en Zekerheid, Welzijn Teylingen, Sociaal team Teylingen, het CJG, de Sophia scholen, MEE ZH en het meedenkersnetwerk hebben middels een gezamenlijke subsidie aanvraag bij ZONMW aangegeven vanuit positieve gezondheid de samenwerking te willen intensiveren. Helaas is alleen de subsidie voor een deelonderzoek goedgekeurd. Daarnaast is in samenwerking tussen de gemeente en de zorggroep een vragenlijst over positieve gezondheid opgesteld om voor te leggen aan het burgerpanel. Deze wordt binnenkort uitgezet. Met de resultaten van dit onderzoek willen we meten in hoeverre inwoners van Teylingen al bekend zijn met Positieve Gezondheid en wat de gemeente en haar partners kunnen doen om Positieve Gezondheid te bevorderen. Aan sportformateur Gerben van Duin werd de opdracht gegeven om de mogelijkheden voor een sport/leefstijlakkoord te onderzoeken. Dit vitaliteitsakkoord is inmiddels ondertekend. Creëren van rookvrije omgevingen: o Rookvrije omgeving Sassembourg i.s.m.
het CJG o De gemeente voert gesprekken met schoolbesturen waarbij onder meer het initiatief van de rookvrije generatie aan de orde komt. In het kader van de gezonde school en gezondheidsbevordering Jeugd is aandacht voor bewegen, gezond eten, alcohol/verslavingspreventie en rookverslaving. Stichting De Combibrug organiseert: o Een structureel sportprogramma voor alle kleuters in Teylingen om aan voldoende beweging te komen. o Voor de doelgroep 4 tot 12 jaar worden vele sportevenementen en sportactiviteiten georganiseerd voor ieder kind. o Speciaal voor kinderen met overgewicht organiseert De Combibrug (2x per jaar) het programma ‘BOOST!’. Deze doelgroep kan onder professionele begeleiding een lessenreeks volgen waarbij sport wordt gecombineerd met voeding. Dit doet de Stichting in samenwerking met het jongerenwerk.
Gezondheidsbeleid Teylingen 2021 - 2024
8
Gezondheidsbeleid Teylingen 2021 - 2024
9
3. Ambities landelijke nota volksgezondheid In de landelijke nota wordt uitgegaan van de centrale visie 'health in all policy’s': dat wil zeggen dat gezondheidsbeleid concreet wordt gemaakt over beleidsdomeinen en -niveaus heen. Hierbij is het concept 'positieve gezondheid' leidraad voor het gezondheidsbeleid. Tot de kerntaken van de publieke gezondheid behoort het vormgeven van een integraal gezondheidsbeleid met aandacht voor invalshoeken van buiten en van binnen het zorgstelsel. Het concept van positieve gezondheid dat uitgaat van 6 pijlers (lichaamsfuncties, dagelijks functioneren, mentaal welbevinden, zingeving, kwaliteit van leven en sociaal maatschappelijk participeren) leent zich bij uitstek als domein overstijgend en integraal kader. De landelijke nota prioriteert daarbinnen vier gezondheidsvraagstukken: 1. 2. 3. 4.
de sociale en fysieke leefomgeving gezondheidsachterstanden mentale druk op het dagelijks leven bij jongeren en jongvolwassenen vitaal ouder worden
Deze vier gezondheidsvraagstukken komen voort uit de Volksgezondheid Toekomst Verkenning (VTV) 2018 en zijn specifiek gekozen, omdat deze gezondheidsvraagstukken een grote ziektelast veroorzaken, leiden tot de grootste gezondheidswinst voor kwetsbare groepen of kunnen leiden tot kostenbeheersing in de zorguitgaven. Bovendien vormen de gezondheidsvraagstukken een aanvulling op de beleidslijnen en landelijke programma’s die al lopen, zoals het Nationaal Preventieakkoord. Naast het preventieakkoord zijn een aantal andere belangrijke landelijke ontwikkelingen gaande. Zo is er een leefstijlgerichte, preventieve interventie (de gecombineerde leefstijlinterventie GLI) die (deels) uit de Zorgverzekeringswet (Zvw) wordt gefinancierd. Met zorgverzekeraar Zorg & Zekerheid is naar aanleiding van deze ontwikkeling afgesproken om het gemeentelijk beweegaanbod goed in kaart te brengen om zo een goede aansluiting op de GLI mogelijk te maken. Daarnaast is het kabinet van mening dat de zorg anders en minder vrijblijvend moet worden georganiseerd om ‘de juiste zorg op de juiste plek’ verder te stimuleren. Onze inzet van een Praktijkondersteuner GGZ Jeugd bij het JGT en in samenwerking met de huisartsen is daar een voorbeeld van.
Maar ook het werken volgens ‘welzijn op recept’ waarbij de huisarts bij psychosomatische problematiek niet doorverwijst naar specialistische gezondheidszorg maar naar de welzijnsadviseur. Tot slot heeft in november 2019 de VNG met Zorgverzekeraars Nederland afspraken gemaakt over een landelijk dekkende, structurele samenwerking in de regio. Preventie is één van de drie onderwerpen waar deze afspraken zich op richten.
3a. Gezondheid in de fysieke en sociale leefomgeving. De leefomgeving is een van de factoren die onze gezondheid beïnvloedt. De leefomgeving heeft een positieve invloed op gezondheid en welbevinden als de fysieke inrichting en sociale structuren mensen verleiden om te bewegen en te spelen, gezonde keuzes te maken, te ontspannen of elkaar te ontmoeten. De fysieke en sociale leefomgeving vormen zo een instrument dat bijvoorbeeld bijdraagt aan de vermindering van eenzaamheid, overgewicht en daaraan gerelateerde ziekten, zoals diabetes en hart- en vaatziekten. De fysieke leefomgeving kan ook een bron van ziektelast zijn. Minstens 4% van de ziektelast in Nederland wordt veroorzaakt door luchtverontreiniging en geluid. Mensen kunnen bijvoorbeeld ziek worden van blootstelling aan (lucht)verontreiniging van verkeer, industrie en veehouderijen, infectieziekten in de leefomgeving of stress vanwege stedelijke dynamiek. In dat geval zijn maatregelen nodig om de gezondheid te beschermen bij ruimtelijke ontwikkelingen. Voor gezondheidsbescherming is steeds meer aandacht in het beleid van het Rijk, provincies en gemeenten. Zo werkt het Rijk in het Schone Lucht Akkoord samen met provincies en gemeenten om de luchtkwaliteit in Nederland fors te verbeteren. Gezondheidsbeleid Teylingen 2021 - 2024
10
Maar er is nog veel winst te behalen op andere gebieden, zoals geluidsbelasting, hittestress, allergieën en infectieziekten. Onder meer door, waar nodig, compenserende maatregelen te treffen als ruimtelijke projecten leiden tot een hogere druk op gezondheid (denk hierbij aan bijvoorbeeld een slechtere luchtof geluidskwaliteit of hittestress). In het ideale geval ontstaan win-winsituaties, zoals fietsverbindingen die beweging stimuleren en tegelijkertijd de bereikbaarheid vergroten. Voor de bollengemeenten speelt hier onder meer de verduurzaming van de bollenteelt en de vermindering van gebruik van gewasbeschermingsmiddelen. Ook maatregelen in het kader van het Klimaatakkoord zoals groenvoorzieningen die bijdragen aan de vermindering van wateroverlast en hittestress en bovendien een actieve leefstijl en ontmoeting bevorderen. Tot slot is het van belang om toegankelijkheid in het kader van de implementatie van het VN-verdrag inzake de rechten van personen met een handicap stevig op de agenda te houden. Wat betref gezondheidsbevordering, preventie en gezondheidsbescherming zijn belangrijke taken gedelegeerd aan de GGD en omgevingsdienst. De landelijke nota benoemt op het gezondheidsvraagstuk van de fysieke en sociale leefomgeving twee ambities. Ambitie 1: In 2024 is gezondheid een vast onderdeel van de belangenafweging in ruimtelijk beleid.
De Omgevingswet, de Wet publieke gezondheid en programma’s zoals het Nationaal Preventieakkoord en het Nationaal Sportakkoord bieden ruime mogelijkheden om gezondheidsbevordering en -bescherming op landelijk en lokaal niveau mee te wegen bij ruimtelijke ontwikkelingen. Ambitie 2: In 2024 creëren we bij landelijke en decentrale beleidsontwikkeling meer verbinding tussen het fysieke en het sociale beleidsdomein. Beide domeinen hebben elkaar veel te bieden: het fysiek domein heeft de instrumenten in handen om de fysieke leefomgeving gezond in te richten. Het sociaal domein kan het fysiek domein onder meer helpen met het vormgeven van het participatieproces dat onderdeel is van de Omgevingswet, bijvoorbeeld door inwoners te betrekken bij de planvorming, het gesprek aan te gaan over hoe een gezonde omgeving eruit ziet en via hen kennis te verspreiden. Zorgprofessionals, welzijnswerkers en buurtsportcoaches werken namelijk al vaak in (kwetsbare) wijken en hebben veel contact met de mensen die daar wonen. Hun expertise kan helpen om de behoeften van inwoners op het gebied van de fysieke leefomgeving in kaart te brengen. Daarnaast heeft het sociaal domein een belangrijke rol bij het motiveren, activeren en organiseren van burgers zodat daadwerkelijk activiteiten plaatsvinden en optimaal gebruik wordt gemaakt van voorzieningen in de leefomgeving.
3b. Gezondheidsachterstanden verkleinen. Wie rijker en hoger opgeleid is, leeft gemiddeld langer en in betere gezondheid. Zo is het verschil in levensverwachting tussen mensen met een hoge en lage sociaal- economische status (SES) ongeveer zes jaar. Het verschil tussen deze twee groepen in het aantal jaren goed ervaren gezondheid bedraagt bijna 15 jaar. Uit de recent verschenen Monitor Brede Welvaart van het Centraal Bureau van de Statistiek (CBS) blijkt bovendien dat bevolkingsgroepen met een lage SES en een niet-westerse achtergrond minder delen in de brede welvaart. De gezondheidsachterstanden van mensen met een lage SES (bepaald op basis van opleidingsniveau en inkomen) zijn de afgelopen decennia niet of nauwelijks kleiner geworden, ondanks flinke inspanningen van Rijk en gemeenten. Door sommige ontwikkelingen zijn gezondheidsachterstanden zelfs toegenomen. Dit constateert de WRR in ‘Van verschil naar potentieel’. Om deze reden propageert de rijksoverheid interventies die ertoe leiden dat de levensverwachting van mensen met een lage SES toeneemt. Inmiddels is helder dat deze interventies vooral kans van slagen hebben als er ook aandacht is voor achterliggende factoren, zoals gezondheidsvaardigheden, armoede en de directe leefomgeving. Inzet daarop is dan ook nodig. Zo kunnen werk en participatie gezondheidsachterstanden, maar ook bijstandsafhankelijkheid, verminderen.
Goed en veilig werk leidt immers tot positieve Gezondheidsbeleid Teylingen 2021 - 2024
11
gezondheidseffecten en minder zorgkosten. Voor de aanpak van gezondheidsachterstanden is het nodig om het medisch en het sociaal domein met elkaar te verbinden, maar ook de beleidsterreinen gezondheid, werk en inkomen, minima, sport en omgeving. Een stevige verbinding met ons armoede- en schulphulpverleningsbeleid is dan ook essentieel. Het meeste effect vanuit volksgezondheid is te verwachten van interventies tijdens de eerste levensfasen en preventieve interventies op het gebied van roken, alcohol en overgewicht. Het programma Kansrijke Start, waar Teylingen aan deelneemt, helpt gemeenten om beleid in te richten dat de gezondheid van het jonge kind en zwangeren bevordert. Het programma richt zich op de verbinding tussen het medisch en het sociaal domein rondom cognitieve ontwikkeling en de relatie tussen ouders en kind en de ondersteuning van kwetsbare gezinnen. De landelijke nota benoemt op het gezondheidsvraagstuk van de gezondheidsachterstanden twee ambities. Ambitie 3: In 2024 is de levensverwachting van mensen met een lage SES toegenomen en het aantal jaren in goed ervaren gezondheid voor mensen met een lage én een hoge SES toegenomen. Een deel van de mogelijkheden om gezondheidsachterstanden te verkleinen ligt in het gemeentelijk domein.
Omdat er verschillende oorzaken van gezondheidsachterstanden zijn, is het belangrijk om beleid in te zetten op verschillende terreinen. Dat vraagt om breed, langdurig (bestuurlijk) draagvlak en om continuïteit. De aankomende Wet inburgering biedt kansen om de gezondheid van statushouders verder te versterken. Ambitie 4: Vanaf 2024 passen we gezondheidsbevordering via de leefomgeving met voorrang toe in wijken en buurten met gezondheidsachterstanden. Op termijn ontwikkelen we in alle wijken en buurten een leefomgeving die een gezonde leefstijl mogelijk en gemakkelijk maakt. Voor buurten waarin veel mensen met een lage SES wonen, geldt vaak dat de fysieke leefomgeving nog niet bijdraagt aan een gezonde leefstijl. Daarom kan gezondheidsbevordering via de leefomgeving effectief zijn. Zo kunnen zich bijvoorbeeld kansen aandienen wanneer in kwetsbare wijken herinrichting plaatsvindt vanwege de bouwopgave, energietransitie en klimaatveranderingen.
3c. Druk op het dagelijks leven bij jeugd en jongvolwassenen. De Volksgezondheid Toekomst Verkenning (VTV) 2018 beschrijft dat de mentale druk op jongeren lijkt toe te nemen met als mogelijk gevolg; meer middelengebruik, meer psychische klachten en burn-out. In de discussie over mentale gezondheid van jongeren spelen verschillende maatschappelijke ontwikkelingen een rol, zoals de rol van sociale media en het leenstelsel voor studenten. Om ervoor te zorgen dat jeugd en jongvolwassenen zich gezond ontwikkelen op de korte en lange termijn, zijn maatregelen nodig om de druk te verkleinen en hun mentale weerbaarheid en veerkracht te vergroten. De sociale omgeving kan helpen om met prestatiedruk om te gaan. Er zijn aanwijzingen dat het risico op stress gerelateerde aandoeningen en depressieve klachten op latere leeftijd daardoor kan afnemen. Ook is aangetoond dat stress tijdens de zwangerschap en tijdens de eerste levensjaren van een kind (Early Life Stress) niet alleen een negatieve invloed heeft op de fysieke gezondheid, maar ook een vergrote kans geeft op onder andere burn-out en depressie en het systeem om stress te verwerken, blijvend verstoort. Op lokaal niveau zijn er al goede voorbeelden van projecten en tools die gemeenten en scholen kunnen gebruiken om de druk op het dagelijks leven bij jeugd en jongvolwassenen te verminderen.
Zo is er het project Welbevinden op School (als onderdeel van het programma Gezonde School). Het Institute for Positive Health (IPH) ontwikkelde met kinderen de Kindtool en met adolescenten de Jongerentool Positieve Gezondheid. Deze tools bevorderen de zelfreflectie van kinderen en adolescenten, waarna ze uitgenodigd worden om daarover in gesprek te gaan als ze iets willen veranderen. En in de Agenda voor Gezondheidsbeleid Teylingen 2021 - 2024
12
de toekomst van het Nationaal Preventieakkoord is opgenomen dat samen met jongeren wordt nagegaan wat nodig is om ze mentaal weerbaarder te maken zodat ze gezondere keuzes in het leven kunnen maken, beter tegen groepsdruk kunnen en minder mentale druk ervaren. Daarnaast moet er uiteraard een voldoende sport- beweeg- en cultureel in de omgeving zijn. De landelijke nota benoemt op het gezondheidsvraagstuk van druk op het dagelijks leven bij jeugd en jongvolwassenen twee ambities. Ambitie 5: In 2024 hebben we kennis over de aard, omvang en determinanten van mentale gezondheid bij jongeren (landelijk beleid). Op basis van het RIVM-onderzoek naar mentale druk op jongeren blijkt dat vervolgonderzoek nodig is. Of en welke maatschappelijke ontwikkelingen ook echt van invloed zijn op het aantal jongeren met psychische problemen, is op basis van de huidige cijfers niet te zeggen. De inschatting is wel dat ten aanzien van de groep jeugd en jongvolwassenen gemeenten op dit moment de meeste gezondheidswinst kunnen behalen. Ten aanzien van de mentale gezondheid (Gezondheidsmonitor jeugd, 2019) scoort de jeugd (middelbaar onderwijsleeftijd) van Teylingen overigens positief, beter dan het regionaal en Nederlands gemiddelde. Toch geeft de groep die wel problemen ervaart, een reden om niet achterover te leunen.
Ambitie 6: In 2024 ervaren jeugd en jongvolwassenen minder prestatiedruk in hun leven, doordat mentale gezondheidsvaardigheden worden gestimuleerd en de fysieke en sociale leefomgeving mentale gezondheid bevordert. Bij de vraag hoe jeugd en jongvolwassenen omgaan met de prestatiedruk zijn vaak veel partijen betrokken, zoals gemeenten, GGD’en, scholen en hulpverleners. Zij weten elkaar nog niet altijd te vinden. Mentale weerbaarheidsprogramma’s zijn nog lang niet overal structureel ingevoerd op school en bij veel gemeenten ontbreekt het op dit gebied aan beleid, regie en goede samenwerking. Doordat organisaties elkaar niet kennen of niet weten te vinden, wordt de urgentie nog niet altijd gevoeld. Met als gevolg dat problemen niet altijd tijdig worden gesignaleerd en aangepakt. Alle basisscholen in Teylingen krijgen de mogelijkheid om jaarlijks één bovenbouwklas een weerbaarheidstraining aan te bieden, die inzet op de mentale weerbaarheid en het maken van gezonde keuzes bevordert.
3d. Vitaal ouder worden Nederland vergrijst: mensen worden steeds ouder en het aandeel ouderen in de samenleving neemt toe. De meeste mensen boven de 75 zijn nog vitaal maar er komen ook meer ouderen met een chronische aandoening, zoals artrose, nek-en rugklachten en diabetes. Daarnaast is er oog voor sociale problemen onder ouderen. Van alle 75-plussers heeft bijvoorbeeld 54% gevoelens van eenzaamheid. Ook het aantal mensen met dementie stijgt de komende jaren. Voor laaggeletterde ouderen en ouderen met een migratieachtergrond is extra aandacht nodig. Daarnaast is het van belang rekening te houden met sociaal- economische verschillen tussen ouderen. Tot slot komt een op de drie ouderen van 65 jaar en ouder minimaal eens per jaar ten val. Dit heeft in veel gevallen grote gevolgen voor vitaliteit, kwaliteit van leven, thuis wonen en eenzaamheid. Het aantal valongevallen dat leidt tot spoedeisende hulp of een dodelijke afloop, stijgt. De vraag is hoe we de ‘jongere’ oudere zo lang mogelijk gezond houden en we de meer kwetsbare ouderen ondersteunen om hun kwaliteit van leven in stand te houden of te verbeteren. Vitaal ouder worden vraagt om aandacht voor fysieke, psychische, cognitieve en sociale vitaliteit. De gemeentelijke taak op het gebied van ouderengezondheidszorg is wettelijk geborgd in artikel 5a van de Wpg.
De groeiende groep ouderen maakt het voor gemeenten belangrijker om regie te voeren en lokaal verbindingen te leggen met andere domeinen. Uitgangspunt is dat ouderen zo lang mogelijk op een goede manier zelfstandig kunnen blijven wonen, met ondersteuning en zorg, in een woning die aansluit bij hun persoonlijke behoeften. Om eenzaamheid eerder te signaleren en te doorbreken, heeft het Gezondheidsbeleid Teylingen 2021 - 2024
13
ministerie van VWS het programma Eén tegen eenzaamheid ontwikkeld. Teylingen neemt deel aan dit programma. Voldoende lichamelijke activiteit helpt lichamelijke klachten te voorkomen of te verminderen. Regelmatig bewegen verlaagt de kans op aandoeningen en kan een gunstige invloed hebben op de preventie van chronische ziekten. Voor ouderen is het van belang om 2,5 uur per week matig intensief te bewegen en daarnaast minimaal twee keer per week actief aan spierkracht en balans te werken. Naast voldoende lichaamsbeweging is ook gezonde voeding belangrijk om vitaal te blijven. De landelijke nota benoemt op het gezondheidsvraagstuk vitaal ouder worden drie ambities. Ambitie 7: In 2024 voelen relatief meer ouderen zich vitaal zodat zij (naar vermogen) kunnen blijven participeren in de samenleving. Een belangrijke stap in deze ambitie is het ontwikkelen van een samenhangend aanbod van preventie, zorg en ondersteuning met alle betrokken partijen in de regio. Bijvoorbeeld met gemeenten, GGD’en, buurtcentra, maar ook met huisartsenpraktijken, zorgverzekeraars, sportverenigingen, welzijnsorganisaties, vrijwilligersorganisaties en de ouderen zelf. Ambitie 8: In 2024 is het risico op spoedeisende hulp na een val bij ouderen afgenomen. betrokken.
Om het aantal valongevallen te verminderen zouden gemeenten zich kunnen inzetten om regionale valpreventienetwerken op te richten met organisaties die actief zijn op dit gebied. We denken daarbij bijvoorbeeld aan GGD’en, welzijnsorganisaties, thuiszorgorganisaties, zorgverzekeraars en eerstelijnsprofessionals. Ambitie 9: In 2024 hebben alle gemeenten een leefomgeving gecreëerd die ouderen verleidt tot een gezonde leefstijl. De openbare ruimte kan een grote invloed hebben op de beslissing van ouderen om wel of niet naar buiten te gaan. Een toegankelijke en uitnodigende fysieke leefomgeving heeft ook een belangrijke sociale functie. Het wordt makkelijker om elkaar ontmoeten, ouderen vergroten hun sociale netwerk en belangrijke voorzieningen blijven bereikbaar.
Gezondheidsbeleid Teylingen 2021 - 2024
14
4. Een brede visie op gezondheid (introductie positieve gezondheid en Blue zones) De inspiratie om leefstijl en leefomgeving mee te nemen komt onder andere voort uit onderzoek van National Geographic naar de Blue Zones. Dit zijn 5 plekken op de wereld waar meer mensen ouder worden dan gemiddeld. In deze gebieden wonen de meeste 100+ jarigen ter wereld. Het bijzondere van de Blue Zones is dat de inwoners niet alleen oud worden maar ook langer gezond blijven. De grote welvaartsziekten van de Westerse Wereld zoals Alzheimer, hart- en vaatziekten, kanker, depressies, diabetes, etc. komen daar nauwelijks voor.
Onderstaande diagram laat zien dat het percentage bevolking in Nederland zonder aandoeningen daalt, het percentage met 1 of 2 chronische aandoening blijven ongeveer gelijk en het percentage mensen met 3 of meer chronische aandoening neemt toe.
Gezondheidsbeleid Teylingen 2021 - 2024
15
Onderzoek laat zien dat de kans om gezond oud te worden voor 60% wordt bepaald door leefstijl en leefomgeving, en voor 30% door genen.
Voor de meeste mensen bepalen dus leefstijl en leefomgeving in hoge mate of ze gezond blijven op oudere leeftijd. De onderzoekers van de Blue Zones hebben 9 leefstijl factoren ontdekt die alle Blue Zones delen, genoemd de Power 9 (www.bluezones.com). Uitdaging: het realiseren van meer gezonde levensjaren. De Volksgezondheid Toekomst Verkenning (VTV) van het RIVM (2018) laat zien dat we steeds ouder worden, maar dat de leeftijd waarop we de eerste chronische ziekten ontwikkelen bijna gelijk blijft. De uitdaging is om naast de stijgende levensverwachting ook een toename van gezonde levensjaren te realiseren. Hiervoor is het noodzakelijk meer aandacht te besteden aan zowel leefstijl en leefomgeving. Tijdens de sessie, waarin de gezondheidsmonitor werd geïntroduceerd, lieten we op basis van grafieken zien dat de levensverwachting en het aantal als gezond ervaren levensjaren in Teylingen niet synchroon verloopt. Zo heeft een vrouw van tussen de 55 en 64 jaar oud nog een levensverwachting van 30 jaar waarvan ze 22,2 jaar als gezond ervaart. Bij zijn geboorte heeft een man een levensverwachting van 80,7 jaar, het aantal gezonde levensjaren bedraagt 69 jaar.
Deze leefstijlfactoren wijzen onder meer op het gegeven dat Investeren in ‘een betekenisvol leven’ van belang is omdat dit vaak ook een reductie van gezondheidsbedreigende (stress)factoren met zich meebrengt. Het blijkt dat eenzaamheid een onverwacht sterke factor is bij ziekte en vroegtijdige sterfte. Teylingen vertoont een opwaartse trend wat eenzaamheid betreft.
Eenzaamheid Teylingen Eenzaamheid is een negatieve subjectieve ervaring die ontstaat wanneer bestaande relaties met anderen afwijken van de persoonlijke wensen of verwachtingen daarover. In Teylingen voelt 9% van de inwoners van 19 jaar en ouder zich ernstig eenzaam: 8% van de 19-64 jarigen en 9% van de 65-plussers. Ter vergelijking: in Gezondheidsbeleid Teylingen 2021 - 2024
16
Hollands Midden voelt 9% zich ernstig eenzaam (9% van de 19-64 jarigen en 8% van de 65-plussers). Ook zo’n 6% van de tieners geeft aan zich eenzaam te voelen. Eenzaamheid is onder te verdelen in sociale en emotionele eenzaamheid. Bij sociale eenzaamheid is het aantal of de kwaliteit van sociale relaties minder dan gewenst; 40% van de inwoners in Teylingen van 19 jaar en ouder voelt zich sociaal eenzaam. In Hollands Midden is dit 42%. Mensen die emotioneel eenzaam zijn missen intimiteit in persoonlijke relaties. Dit geldt voor 26% van de inwoners in Teylingen en voor 29% van de inwoners in Hollands Midden.
Trend eenzaamheid 19-64 jarigen Teylingen
Trend eenzaamheid 65 en ouder Teylingen
Bron GGD HM Gezondheidsmonitor Tijdens de start van de beeldvormende fase hebben we het concept van positieve gezondheid besproken omdat dit concept zich goed leent als integraal kader. Ook tijdens de presentatie van de Stuurgroep Positieve Gezondheid bleek het belang van het concept positieve gezondheid. Het concept positieve gezondheid gaat uit van wat iemand kán en wil en niet van wat iemand als aandoening heeft. Het begrip sluit sterk aan bij de motivatie van de cliënt. Het gaat om een positieve en brede benadering van gezondheid. In het concept positieve gezondheid wordt gezondheid niet langer alleen gezien als de af- of aanwezigheid van ziekte, maar als het vermogen van mensen om met de fysieke, emotionele en sociale levensuitdagingen om te gaan en zoveel mogelijk eigen regie te voeren. Het concept positieve gezondheid gaat uit van wat iemand kán en niet van wat iemand heeft. Deze brede definitie van gezondheid van huisarts en onderzoeker Machteld Huber kent zes dimensies: lichaamsfuncties, dagelijks functioneren, mentaal welbevinden, zingeving, kwaliteit van leven en sociaal maatschappelijk participeren. Opvallend is dat deze 6 dimensies veel overeenkomst vertonen met de 9 leefstijlfactoren van de Blue Zones, zoals de omgang met stress, dagelijks bewegen, goede sociale netwerken en een zinvol bestaan.
Gezondheid is niet alleen de afwezigheid van een beperking of ziekte, maar vooral ook gerelateerd aan ‘een betekenisvol leven’. Door de nadruk te leggen op veerkracht en eigen regie, voelen mensen zich in hun kracht aangesproken en niet uitsluitend benaderd als zieke. Naast aandacht voor het individu is aandacht voor de sociale omgeving essentieel. De sociale omgeving betreft zowel persoonlijke Gezondheidsbeleid Teylingen 2021 - 2024
17
netwerken als een sociale basisstructuur. Een sterke sociale basis is noodzakelijk voor o.a. voor de pijlers ‘meedoen’ en ‘zingeving’. Algemene voorzieningen, vrijwilligerswerk, vrijwilligersorganisaties, vitale, verbonden wijken dragen bij aan deze pijlers. Deze visie toont dat zorg en welzijn, oftewel de medische en sociale domeinen, samen bijdragen aan het bevorderen van gezondheid. Een nauwe samenwerking tussen de medische en sociale domeinen zijn van groot belang om preventief te kunnen werken en het individu tijdig te kunnen ondersteunen en stimuleren. Positieve gezondheid sluit daarmee goed aan bij de tijdgeest: meer verantwoordelijkheid bij mensen zelf en bij wat mensen zelf belangrijk vinden. Waar nodig wordt ondersteuning en hulp geboden. Oplossingen kunnen in de medische, sociale en fysieke omgeving worden gezocht. Positieve gezondheid is al geïntroduceerd in het rijksbeleid en het regionale beleid van RDOG Hollands Midden. Het concept van positieve gezondheid is domein overstijgend. We kunnen gezondheid immers niet langer zien als een op zichzelf staand gegeven. Bij alles waar we mee bezig zijn, moeten we ons afvragen of en op welke manier het bij kan dragen aan de gezondheid van onze inwoners.
Of het nu gaat om het inrichten van de openbare ruimte, het aanleggen van een weg, het uitvoering geven aan het sport- en beweegbeleid of het inrichten van schuldhulpverlening, er is steeds een link met gezondheid. Om positieve gezondheid tot haar recht te laten komen is een goede samenwerking en verwijsstructuur essentieel. Op deze manier maken we van Teylingen een plek waar mensen langer, gezonder en gelukkig leven. Digitale innovaties en e-health. Mensen willen graag regie voeren over hun eigen gezondheid en beschikken over hun eigen gezondheidsgegevens. Ze willen graag direct advies over hun gezondheid, om samen met mantelzorgers of zorgverleners goed geïnformeerd te beslissen over passende ondersteuning of behandeling. Digitale innovaties en e-health kunnen daaraan een belangrijke bijdrage leveren door (lokale) data te laten werken voor de gezondheid en het welzijn van mensen. Bijvoorbeeld door de bewegwijzering en de ontsluiting van beschikbare apps in onder meer de GGD AppStore te verbeteren, door gezondheidsgegevens van mensen bij de jeugdgezondheidszorg veilig en betrouwbaar te ontsluiten in een Persoonlijke Gezondheidsomgeving (PGO), of door het gebruik van stappentellers en andere digitale innovaties te stimuleren. Digitale innovaties maken domein overstijgende gezondheidsondersteuning mogelijk waarin de mens centraal staat.
Om de juiste zorg, welzijn en ondersteuning op de juiste plek te bieden, is het nodig dat professionals op het juiste moment over de juiste informatie beschikken.6 Dat lukt alleen als mensen beschikken over hun eigen sociale en gezondheidsdata en als deze gegevens tussen professionals kunnen stromen. Dat vraagt om bindende, breed gedragen afspraken waardoor gegevens uitwisselbaar en koppelbaar worden.
Gezondheidsbeleid Teylingen 2021 - 2024
18
5. Visie Teylingen positief gezond Als we gezondheid willen creëren ligt de focus meestal op het individu. Interventies die worden bedacht zijn gericht om het gedrag van een persoon te veranderen en gaan vaak uit van de eigen verantwoordelijkheid. Dit kan zeker helpen maar het blijft een ongelijke strijd als de verleiding tot een ongezonde keuze altijd aanwezig is. De meest effectieve manier om het gedrag van iemand te veranderen is daarnaast ook om structurele veranderingen door te voeren. Want structuur (aanbod) bepaalt in hoge mate ons gedrag. Met anderen woorden; de grootste kans om op grote schaal gezondheid te creëren is door de gezonde keuze de makkelijke keuze te maken. Dit betekent dat we niet alleen naar de leefstijl van mensen moeten kijken maar ook naar de leefomgeving. Zowel voor de uitvoering van de preventienota, het vitaliteitsakkoord, de Omgevingsvisie Teylingen en de daaruit volgende omgevingsplannen is het van belang om het bevorderen van gezondheid goed te borgen. We spreken hier immers over ontwikkelingen die niet zomaar vandaag op morgen gerealiseerd zijn. Inzetten op gezond gedrag vraagt om een lange termijn investering. Uitgangspunten hierbij zijn ; ‘(onbewust) gedrag volgt structuur’ en ‘de gezonde keuze moet de makkelijke keuze worden’.
De uitdaging daarbij is dat zowel de fysieke en sociale omgeving, meer dan nu het geval is, gezond gedrag moeten gaan stimuleren waarbij een gezonde fysieke infrastructuur en sociale netwerken elkaar in een positieve opwaartse spiraal versterken. Doelstellingen Huidige situatie 1 20% van de bevolking is bekend met positieve gezondheid 2 60 zorgprofessionals hebben een introductie positieve gezondheid gevolgd 3 Huisartsen verwijzen via Welzijn op recept 4
Nulmeting 31 dec. 2020
Nieuwe situatie 40% van de bevolking is bekend met positieve gezondheid 120 zorgprofessionals hebben een introductie dan wel verdieping positieve gezondheid gevolgd
jaar 2023
Niet alleen huisartsen maar ook medewerkers in de JGZ en paramedici maken gebruik van welzijn op recept Aantal verwijzingen welzijn op recept is verdubbeld
2022
2022
2022
5.1 Brede blik (omgevingsvisie, de sociale en fysieke omgeving) Wanneer een persoon zich, zonder bewuste keuzes te maken, door de samenleving beweegt is de kans groot is dat hij of zij ziek wordt. Dit komt doordat de verhouding ongezonde en gezonde keuzes uit balans is. De ongezonde keuze is vaak de makkelijkste keuze en de sociale druk kan groot zijn. Dit worden ook wel obesogene omgevingen genoemd, een omgeving die obesitas en andere leefstijl gerelateerde ziekten in de hand werkt. Van belang is daarom dat een sociale en fysieke omgeving zo wordt ingericht dat deze uitnodigt tot gezond gedrag. Een concreet voorbeeld is het stimuleren van lopen/wandelen met loop-bevorderende maatregelen. Zo blijkt uit de Verkenning effecten van investeren in lopen (van Decisio en Molster, i.o.v. CROW en KpVV), waarin wereldwijd alle onderzoeksresultaten over de maatschappelijke kosten en baten van lopen zijn gebundeld, dat investeringen in maatregelen om het lopen te bevorderen zeer toekomst vast en winstgevend zijn. Voor vrijwel alle loop bevorderende maatregelen geldt dat de maatschappelijke baten de kosten ruim overstijgen (zie ook de tabel op de volgende pagina). Een mooi voorbeeld is de positieve interactie tussen bewegen, water en groen. Voor zowel bewegen, water en groen, geldt dat ze bijdragen aan gezondheid, vastgoedwaarden en welzijn.
Denk daarbij ook aan de positieve effecten van klimaatadaptatie (meer groen en waterberging) op het verminderen van hittestress. Bovendien versterken lopen en water en groen elkaar: water en groen nodigen immers uit tot meer naar buiten gaan, bewegen en sociaal contact. Een betere beloopbaarheid draagt bij aan een Gezondheidsbeleid Teylingen 2021 - 2024
19
betere beleving van groen en water. Ook zijn er mooie kansen om vanuit ons cultuurbeleid aan te sluiten. Voetstap app verenigt cultuur en gezondheid Vrienden van oud Hillegom hebben een voetstap app ontwikkeld die in september 2020 is gelanceerd. De app toont wandelroutes langs oud Hillegom en kunstwerken en verenigt op deze wijze beweeg- en cultuur doelstellingen. Deze app kan in de toekomst nog worden uitgebreid met ondernemers voor bijvoorbeeld locaties om koffie te drinken/ lunchen etc. Bij gebleken succes zou bekeken kunnen worden of zoiets ook in Teylingen ontwikkeld kan worden.
Een uitdaging hierbij is dat de leefomgeving is dit verband niet alleen de directe omgeving in de wijk betreft maar ook die van de sub-regio en regio. Denk hierbij aan lange afstand paden, (snel)fietsroutes en recreatiegebieden. Sinds kort zijn we daarom ook in gesprek met de provincie Zuid-Holland. De provincie Zuid-Holland heeft haar ambities voor een veilige en gezonde leefomgeving uitgewerkt in een ontwikkelprogramma Gezond en veilig. Omdat ook bij gemeenten op dit vlak ontwikkelingen gaande zijn, zoals het verbinden van (preventief) gezondheidsbeleid met het fysiek domein om tot samenhangend beleid voor een gezonde leefomgeving te komen, heeft de provincie Andersson Elffers Felix gevraagd een verkenning uit te voeren naar de manier waarop de provincie vanuit haar eigen taken en programma kan aansluiten op deze ontwikkelingen in gemeenten en welke vorm daarbij helpt. Onderdeel van deze verkenning is ook om in beeld te brengen rondom welke vraagstukken of opgaven gemeenten (onderling) en provincie elkaar (verder) kunnen versterken. HLTSamen is met enkele andere gemeenten benaderd hierover input te geven. De maatschappelijke baten van lopen door het beter benutten, beleven en beschermen van de omgeving. Benutten (Welvaart) 1. Bereikbaarheid: een betere beloopbaarheid als onderdeel van de verplaatsingsketen van A naar B (bijv.
bij openbaar vervoer), bevordert de bereikbaarheid van gebieden, voorzieningen en bestemmingen voor inbewoners. 2. Economie: een betere beloopbaarheid bevordert de verblijfskwaliteit en daarmee de vitaliteit en de vastgoedwaarden, waaronder van woningen, kantoren en winkelcentra, zowel binnen als buiten bebouwd gebied. 3. Ruimte: doelmatig ruimtegebruik, een betere beloopbaarheid bevordert de mogelijkheden tot stedelijke verdichting, want lopen is een schone, stille en meest ruimte sparende modaliteit (zowel in beweging als stilstand) Beleven (Welzijn) 4. Gezondheid: een betere beloopbaarheid bevordert bewegen draagt bij aan de fysieke en mentale gezondheid en bestrijdt o.a. bewegingsarmoede, overgewicht en hoge bloeddruk. 5. Verblijfskwaliteit: een betere beloopbaarheid bevordert de beleving en daarmee de verblijfskwaliteit. Dit geldt zowel binnen bebouwd gebied als daarbuiten, zowel voor b.v. woon- werk-, en winkel-, als natuur-, recreatie en landbouwgebieden. Daarmee draagt lopen o.a. ook bij aan de recreatieve en toeristische waarden (en daarmee ook aan economie en werkgelegenheid, zie 2). 6. Welzijn: beloopbaarheid draagt bij aan de sociale veiligheid (‘ogen op straat’), sociaal contact en sociale samenhang. 7.
Participatie en zelfredzaamheid: een te voet voor iedereen toegankelijke leefomgeving draagt bij aan het VNHandvest dat alle mensen het recht geeft op deelname, waaronder ook mensen met beperkingen. Beschermen (Gezonde en volhoudbare leefomgeving) 8. Gezondheid: passieve bijdrage hieraan (voor iedereen) doordat het lopen in een gezonde en verkeersveilige loopomgeving de uitstoot van fijnstof en geluid en het aantal verkeersslachtoffers beperkt 9. Energie, ruimte en grondstoffen: lopen is de meest energie- ruimte- en grondstoffensparende vervoersmodaliteit en beperkt het energie- en ruimte- en materiaalgebruik (gebruik van eindige fossiele bronnen en ruimte).
Een mooi voorbeeld van een brede blik is de omgevingsvisie. De omgevingsvisie heeft betrekking op alle terreinen van de leefomgeving. Een omgevingsvisie gaat in op de samenhang tussen ruimte, water, milieu, natuur, landschap, verkeer en vervoer, infrastructuur en cultureel erfgoed. De omgevingsvisie gaat ook over welzijn en gezondheid en daarmee het sociaal domein. Fysieke ingrepen hebben immers sociale consequenties in de zin dat deze van invloed kunnen zijn op zowel gezondheid en gedrag. Investeren in gezondheid en sociaal (wenselijk) gedrag vraagt omgekeerd ook om een bepaalde fysieke inrichting. Het is daarom essentieel om bij de vormgeving van een omgevingsvisie deze constante wisselwerking tussen het fysieke en sociale domein te erkennen en goed te borgen. Gezondheidsbeleid Teylingen 2021 - 2024
20
Wist u dat: - 80% van de mensen tot 1 kilometer afstand vooral lopend gaat of de fiets pakt, en tot 5 kilometer 50% de auto laat staan? Bij grotere afstanden pakt een meerderheid al snel de auto. Als we mensen in hun eigen buurt in beweging willen houden, pleit dit voor de aanwezigheid van voorzieningen in de wijk. - Als 10 miljoen Nederlanders de beschikking hadden over meer groen in hun leefomgeving, er op jaarbasis 400 miljoen euro bespaard kan worden door verzuimreductie en minder zorgkosten? - De gevolgen van geluidsbelasting door wegverkeer variëren van hinder en slaapverstoring tot effecten zoals een hartinfarct? Naar schatting 640.000 volwassenen ondervinden ernstige hinder en 290.000 volwassenen ondervinden ernstige slaapverstoring door geluid van alle wegverkeer. - Uit recent onderzoek van de universiteiten Hasselt en Gent blijkt dat meer stedelijk groen is geassocieerd met een hogere intelligentie en minder gedragsproblemen bij kinderen.