A. Programma Biodiversiteit_Deel I.pdf - Programma Biodiversiteit_Deel I.pdf
Tekst van het document
Programma Biodiversiteit Teylingen Van denken naar doen Deel I
Uitvoeringsprogramma Biodiversiteit_Deel I.docx
Project: Onderwerp: Opdrachtgever: Opsteller: In samenwerking met Gecontroleerd door: Bestandsnummer: Status: Datum: Afbeelding Voorkant
3800.12-09-09-001
Programma Biodiversiteit Begeleidende rapportage t.b.v. opiniërend raadsvoorstel Gemeente Teylingen - Mevrouw I. Schep Ing. Karin Wezepoel DNatuur - Dhr. A. van Duijvenboden Ing. Ed Rodewijk 3800.12-09-09-001 CONCEPT 22 juli 2022 Mogelijkheid voor een ecologische verbinding; afbeelding DNatuur
Blad 2
22-07-2022
Uitvoeringsprogramma Biodiversiteit_Deel I.docx
Inhoudsopgave Samenvatting 1. Inleiding en achtergrond
4 5-8
1.1 Beschrijving Biodiversiteit 1.2 Biodiversiteit binnen de gemeentelijke grenzen 1.3 Projectopdracht
2. Schematisch overzicht projectopbouw 3. Leefgebieden en hun ambassadeurs
9 10 - 13
3.1 Leefgebieden, ambassadeurs en de bredere groep flora- en faunasoorten 3.2 Van de combinatie van leefgebieden en verbindingen naar een robuust netwerk 3.3 Biodiversiteit en de openbare ruimte 3.4 Bedreigingen voor het duurzaam vergroten van de biodiversiteit 3.5 Het Programma als organisch product
3800.12-09-09-001
Blad 3
22-07-2022
Uitvoeringsprogramma Biodiversiteit_Deel I.docx
Samenvatting Door de steeds zichtbaarder wordende klimaatverandering, en de bijbehorende afname van diverse dier- en plantensoorten wordt duidelijk, dat de vergroting van biodiversiteit een noodzaak is geworden. Niet alleen landelijk is de vraag op welke wijze, dat dient te gebeuren het is ook een actueel vraagstuk. Ook de gemeente Teylingen zoekt naar een goede oplossing. Deze rapportage is bedoeld als handreiking voor dit vraagstuk. Met deze handreiking kunnen de ambtenaren gezamenlijk werken aan het vergroten van de biodiversiteit. Het gezamenlijk werken is nodig omdat deze vergroting niet gezien mag worden, als alleen maar het plaatsen van een bijenhotel of het planten van enkele inheemse planten. Dit vraagstuk vraagt om de uitvoering vanuit meerdere disciplines, doordachte stappen en een brede aanpak. De afgelopen jaren zijn diverse beleidstukken vastgesteld met hierin vele doelstellingen en maatregelen. Een compleet overzicht en actieplan ontbreekt hierbij, waardoor maatregelen onbenut blijven en doelstellingen niet worden gehaald. Dit programma maakt de vertaalslag. Door een stapsgewijze uitvoering, waarbij gerichte langdurige communicatie essentieel is, zal op langere termijn veranderingen gaan plaats gaan vinden. (Zie hoofdstuk 5 Maatregelkaarten).
Op basis van zijn de landschapstypen uit de rapportage ‘Biodivers en duurzaam Teylingen’ van DNatuur, zijn op drie uitvoeringsgebieden maatregelen gedefinieerd namelijk: Uitvoeringsgerichte maatregelen. Beleidsgerichte maatregelen. Maatregelen gericht op overleg en communicatie. Deze maatregelen zijn vervolgens concreet gemaakt door ze specifieker uit te werken op maatregelenkaarten. De volledige lijst met maatregelen staat in deel II in bijlage 1 Maatregelenoverzicht. Per maatregel is het effect weergegeven en een kosteninschatting met verschillende eenheidsprijzen gemaakt. Op basis hiervan is het mogelijk om de maatregelen te budgetteren en prioriteren. Hierdoor kan met zo min mogelijk middelen zoveel mogelijk winst voor de biodiversiteit worden behaald, en wordt voorkomen dat de maatregelen te veel zullen gaan kosten. Met het uitvoeren van de maatregelen zal het beheer anders worden ingericht. Van regulier beheer wordt er overgegaan naar ecologisch beheer. Ecologisch beheer is het reguleren en bijsturen van beplanting door middel van beheer. Dit in tegenstelling tot verrommeling waarbij beheer afwezig is. Ecologisch beheer vereist vakmanschap en een grote kennis van planten en het groeien van planten.
3800.12-09-09-001
Blad 4
22-07-2022
Uitvoeringsprogramma Biodiversiteit_Deel I.docx
1. Inleiding en achtergrond Wereldwijd komt langzaam het besef dat de biodiversiteit onder grote druk staat. Wetenschappelijk is vastgesteld dat er een klimaatverandering gaande is waarbij nog niet geheel duidelijk is welke gevolgen dit heeft voor de biodiversiteit. Maar dat de vermindering van de soorten in relatie staat tot de klimaatproblematiek staat inmiddels wel vast. Biodiversiteit, als onderdeel van de volledige klimaatproblematiek, heeft grote belangstelling bij de Verenigde Naties biodiversiteit waardoor het is opgenomen in hun Duurzame Ontwikkelingsdoelstellingen (SDGs - Sustainable Development Goals). Deze doelstellingen vormen een pakket van maatregelen die de klimaatverandering wereldwijd moet aanpakken.
Afb. 01 Goal 15: Herstel ecosystemen en behoud biodiversiteit. (Afbeelding; Fontys)
1.1
Beschrijving van Biodiversiteit
De term Biodiversiteit is een actueel thema, maar langzamerhand is het onduidelijk geworden wat biodiversiteit precies inhoudt en wat het concreet betekent voor onze leefomgeving. Om het begrip biodiversiteit te verduidelijken is de onderstaande begripsbeschrijving als basis gebruikt. Biodiversiteit (bron: Europese commissie) Biodiversiteit is een term die we gebruiken om de rijkdom van de natuur aan te duiden. Het gaat om de grote verscheidenheid aan dieren, planten, habitatten en genen. Biodiversiteit zorgt door de interactie met omgevingsfactoren voor ecosystemen waarin organismen kunnen leven, zoals bijvoorbeeld de mens. We kunnen immers niet overleven zonder de natuur, en toch beschouwen we die als iets vanzelfsprekends. Vanuit de opgestelde ontwikkelingsdoelstellingen is een lagenbenadering ontwikkelt. In afbeelding 02 is te zien dat de goals 6, 13, 14 en 15 de basis voor alle doelstellingen betreft. De lagenbenadering laat een piramidale opbouw zien die werkt vanuit de biosfeer, maatschappelijke items naar een economische reikwijdte. In de biosfeer zijn de vier basisvoorwaarden voor duurzaam omgaan met de aarde opgesteld. Schoon water en goede sanitaire voorzieningen, klimaatverandering, bescherming van de zeeën, herstel van ecosystemen en behoud van biodiversiteit vormen de basis voor een duurzame hervorming van het gebruik van de aarde.
Deze goals hebben een sterke relatie met de bodem.
3800.12-09-09-001
Blad 5
22-07-2022
Uitvoeringsprogramma Biodiversiteit_Deel I.docx
Afb. 02 De goals 6, 13, 14 en 15 zijn het fundament voor het ontwikkelen van biodiversiteit. (Afbeelding; StockholmresilienceCentre.org)
1.2
Biodiversiteit binnen de gemeentelijke grenzen
Vanuit de Nederlandse politiek wordt er gewerkt aan maatregelen om de gevolgen van de klimaatverandering te beperken. Gedacht kan worden aan de Nationale klimaatadaptatiestrategie 2016 (NAS), de nieuwe Wet Natuurbescherming en de (toekomstige) nieuwe omgevingswet. Deze ontwikkelingen hebben hun weerslag op alle Nederlandse gemeentes waaronder de gemeente Teylingen. Naast deze ontwikkelingen heeft de gemeente Teylingen al diverse rapportages, zoals bijvoorbeeld het ‘Plan Duurzame Ontwikkeling Teylingen 2020-2024’, Structuurvisie 2014 en ‘De waarde van Groen, Beleidsplan Groen 2016-2020’ waarin kort maatregelen om biodiversiteit te bevorderen worden genoemd. Vanuit het plan ‘Plan Duurzame ontwikkeling Teylingen 2020-2024’, hoofdstuk 5 Natuur, milieu, biodiversiteit kwamen als hoofddoelen naar voren; o Natuur en biodiversiteit: waar mogelijk beschermen en versterken – kansen zoeken en realiseren binnen gemeentelijke taken en met maatschappelijke partijen. o Milieu: gebruiken wet- en regelgeving i.s.m. ODWH. Met als subdoelen o.a. o Natuurvriendelijke inrichting en beheer als norm: o.a. maaien, oevers, bermen o Weidevogelreservaat uitwerking als gebiedskans o Deelname Landschapstafels Duin- en Bollenstreek en Leidse Ommelanden voor gemeentegrensoverschrijdend werken aan aantrekkelijk landschap met aandacht voor natuurkansen.
Deze doelstelling maar ook de doelstellingen uit de andere rapportages zijn opgenomen in de Maatregelenlijst. Hierdoor is er een gerichte, concrete vertaling vanuit al deze verschillende rapportages naar de praktijk gemaakt. (Zie voor alle rapportages hoofdstuk Gebruikte websites en documenten). De wens om gericht en concreet de biodiversiteit te versterken is binnen vele projecten als onderdeel wel aanwezig. Dit blijkt wel uit de verschillende projecten die zijn uitgevoerd of waar nog aan gewerkt wordt. Te denken valt aan: De uitstraling en beleving van Park Rusthoff. De ontwikkelingen rondom de nieuwbouwwijk ‘Nieuw Boekhorst’ waarbij een eis voor groen is
3800.12-09-09-001
Blad 6
22-07-2022
Uitvoeringsprogramma Biodiversiteit_Deel I.docx
verwerkt. De omvorming van traditionele speelplekken naar groene speelplekken. De omvorming van traditioneel maaibeheer van de bermen en oevers naar ecologisch beheer. Het (in ontwikkeling zijnde) Bomenbeleidsplan waarbij gewerkt wordt aan het ontwikkelen van groene scheggen door de gemeente. De ontwikkelingen in de Boterhuispolder. De wens om het (nieuwe) Bomenbeleidsplan te verbinden met dit programma. Maar biodiversiteit als hoofddoel ontbrak tot nu toe nog. In het Programma Biodiversiteit is dit wel het geval. Om het stevig in te bedden zijn de maatregelen uit het Programma gelijk aan diverse maatregelen uit de andere rapportage. Met het koppelen van verschillende bestaande en nieuwe rapportages zal niet alleen de biodiversiteit worden vergroot, maar ook andere klimaatdoelen zoals hittestress verminderen en de vergroting van de leefbaarheid worden bewerkstelligd.
1.3
Projectopdracht
De opdracht voor dit project is dat vanuit de rapportages maatregelen, gericht op het vergroten van de biodiversiteit, worden gefilterd. Vanuit de bestaande situatie in de gemeente Teylingen wordt er bekeken welke maatregelen moeten worden geconcretiseerd om vervolgens te worden uitgevoerd. Doelstelling en plan van aanpak De doelstelling voor dit project is het vergroten van de biodiversiteit op gemeentelijke grond en op het niveau waarop de gemeente invloed kan uitoefenen. De basis hiervoor is een beschrijving waarbij het ideale leefgebied voor vegetatie die van nature zou voorkomen binnen de aanwezige grondsoorten van de gemeente Teylingen. Uit de beschrijving van het ideale leefgebied worden maatregelen gefilterd die nodig zijn om de vegetatie te laten ontwikkelen. Als de vegetatie zich heeft ontwikkeld komen de diersoorten naar deze ideale omgeving. Afhankelijk van de vegetatie zullen diersoorten die hier van nature leven gaan voorkomen. Aan de maatregelen is een uitvoeringstermijn gekoppeld, waardoor via metingen het effect zichtbaar wordt. Het uitvoeringstermijn verschilt per maatregel. Op de maatregelenkaarten in hoofdstuk 5 is dit verder uitgewerkt. Voor het opstellen van het Programma Biodiversiteit is er: Een bureaustudie gedaan ten aanzien van de toegestuurde bestanden en de huidige situatie van de buitenruimte waaronder de aanwezige grondsoort en bodemkwaliteit.
Overleg gepleegd met verschillende ambtenaren over de huidige situatie en de gewenste situatie voor de gemeente Teylingen. Een Maatregelenlijst opgesteld waarin het doel en de criteria worden beschreven. Een veldinventarisatie geweest waardoor de locaties voor de maatregelen zijn bepaald. Deze locaties worden doorgesproken met de ambtenaren die de maatregelen gaan uitvoeren. Een overzichtskaart gemaakt waarop te zien is op welke locatie de maatregelen worden uitgevoerd. Kaders van het Programma Biodiversiteit Het Programma gaat, binnenstedelijk en in het buitengebied, zorgen voor een vergroting van de biodiversiteit. Wij hebben ervoor gekozen om de focus te leggen op wat direct van invloed is op biodiversiteit en de mogelijkheden die de gemeente heeft om binnen haar gemeentegrenzen invloed uit te oefenen op het vergroten van de biodiversiteit. De maatregelen hebben betrekking op o.a. de communicatie naar de burger en ondernemers, inrichting en beheer van gemeentelijke gronden, regelgeving en vergunningverlening. Een bijkomend voordeel is dat biodiversiteit, als onderdeel van de klimaatproblematiek, geen losstaand onderdeel is. Het levert een bijdrage aan het verminderen van de klimaatproblematiek. Denk daarbij bijvoorbeeld aan, het verbeteren van de volksgezondheid en welzijn door middel van het verlagen van hittestress.
Hittestress wordt verminderd met de aanplant van bomen en de aanleg van zoveel mogelijk groen in stedelijk gebied. De verbetering van de leefomgeving voor plant, dier en mens zal zorgen voor het vergroten van de biodiversiteit.
3800.12-09-09-001
Blad 7
22-07-2022
Uitvoeringsprogramma Biodiversiteit_Deel I.docx
Leeswijzer In hoofdstuk 2 is een schematische weergave te zien van de projectuitwerking. Hoofdstuk 3 verduidelijkt de keuze voor de leefgebieden en verbindingen. Door de beschrijving van het ideale leefgebied in hoofdstuk 4 worden de maatregelen verduidelijkt. In bijlage 1 van deel II staat de lijst met alle maatregelen. De maatregelenkaarten met een onderbouwde doelstelling, de ondersteunende criteria, het benodigde budget en het effect staan in bijlage 2 deel II.
Afb.03 Een volledig bestraat gebied, voor flora en fauna een bijna onmogelijk gebied om te leven.
3800.12-09-09-001
Blad 8
22-07-2022
Uitvoeringsprogramma Biodiversiteit_Deel I.docx
2. Schematisch overzicht projectopbouw Uit de verschillende gemeentelijke rapportages zijn maatregelen overgenomen die leiden tot het vergroten van de biodiversiteit. Deze maatregelen hadden geen direct verband met het aanwezige landschap in en rondom Teylingen. Door het beschrijven van het ideale landschap voor flora- en fauna wordt er een koppeling tussen de maatregelen en het vergroten van de biodiversiteit gemaakt. In onderstaande afbeelding is de vertaalslag te zien tussen de aanwezige landschappen en de maatregelen.
Aanwezige landschap
huidige situatie
Huidige
Onderzoek en
kwaliteiten
beleidstukken/
en gebruik
nota’s lezen
bepalen
Doelstelling
Beschrijving
Ideaalbeeld
ideale
uitwerken
leefgebied
doelen en criteria
communicatie uitwerking
Overzicht
Maatregelenlijst
van diverse
opstellen
maat-
beleid
regelen uitvoering
Maatregelenkaart opstellen
Maatregelen en budgetten
Bestaande situatie
bepalen
Uitgangspunt Handeling/actie Uitwerkingsgebied
3800.12-09-09-001
Blad 9
22-07-2022
Uitvoeringsprogramma Biodiversiteit_Deel I.docx
3. Leefgebieden en hun ambassadeurs Als basis voor het Programma zijn de leefgebieden en verbindingen vanuit de rapportage ‘Biodivers en duurzaam Teylingen’ overgenomen. In dit hoofdstuk worden deze leefgebieden en verbindingen nader toegelicht. De leefgebieden en verbindingen, zijn: Leefgebied Weiland en bollenland. Leefgebied Groot water. Leefgebied Bos. Leefgebied Dorp. Verbinding Bomenrijen. Verbinding Kleine watergangen. Verbinding Bermen. Naast de leefgebieden en verbindingen zijn er in de buitenruimte nog meer inrichtingsonderdelen te onderscheiden. Deze inrichtingsonderdelen zijn: Parken, struweel, ruigte, groenstroken, bosplantsoenvakken en overige plantvakken. Grasstroken, gazons en overige grazige gebieden. Verharde oppervlaktes zoals wegen, trottoirs, pleinen en parkeerplaatsen. De bovenstaande inrichtingsonderdelen zijn opgenomen in de eerdergenoemde leefgebieden en verbindingen. Extra maatregelen voor de inrichting van deze onderdelen zijn niet noodzakelijk omdat ze gelijk zijn aan de maatregelen voor de leefgebieden en verbindingen. Het Leefgebied Weiland en bollenland is opgesplitst in Leefgebied Weiland en Leefgebied Bollenland. De grondsoort van deze leefgebieden is zo verschillend waardoor er van nature andere vegetatie voorkomt. De verschillen in de vegetatie zullen gaan zorgen voor de komst van andere diersoorten. Leefgebied
Belangrijke soortgroepen Weide en akkervogels, vissen, watergebonden insecten, water- en oeverplanten
Ambassadeur Soorten Kievit, dotterbloem
Open, diep en groot water, oevers
Vissen, watergebonden insecten, watervogels, amfibieën
Snoek, riet
Oude en jonge bomen, struweel, ruigte Redelijk open, oude en jonge bomen, daken, muren
Vogels, insecten, planten, zoogdieren Stadsvogels, zoogdieren, vleermuizen
Watervleermuis, beuk Huismus, liguster
Kleine Alle watergangen
Lijnvormig, open water, oever
Keizerslibel, gele lis
Bermen
Alle
Bomenrijen
Alle
Droog, matig ruig, lijnvormig Lijnvormig, oude en jonge bomen
Vissen, watergebonden insecten, watervogels, amfibieën Insecten, kleine zoogdieren Vogels, vleermuizen
Bollenland en weiland
Groot water
Bos Dorp
Historische landschapstype(n) 1.strandvlakten en 3. Zanderijen en 5. Het mondingsgebied van de Rijn, en 7. De droogmakerijen 6. De plassen- en veenweidengebieden en 7. De droogmakerijen 2. De oude duinen of strandwallen (8). Bebouwde kom
Korte omschrijving Open, relatief soortenarm, kleine wateren
Verbinding
Bijen, reukgras Watervleermuis, zwarte els
Afb.04 Overzicht uit rapportage Kansen voor Biodiversiteit, maart 2018. (Afbeelding: DNatuur)
3800.12-09-09-001
Blad 10
22-07-2022
Uitvoeringsprogramma Biodiversiteit_Deel I.docx
3.1. Leefgebieden, Ambassadeurs en de bredere groep flora- en faunasoorten Aan de leefgebieden en verbindingen zijn ambassadeurs gekoppeld. De ambassadeurs betreffen één flora- en één faunasoort, dit zijn de belangrijkste dragers voor een bredere groep flora- en faunasoorten (doelsoorten). In onderstaand schema zijn de leefgebieden, verbindingen en de ambassadeurs kort uitgewerkt. De ambassadeurs hebben een bepaalde inrichting van het landschap nodig om te kunnen overleven en zich voort te kunnen planten. Om deze inrichting te realiseren moet de oorspronkelijke bodemkwaliteit worden hersteld. Een bodem bestaat uit een bepaalde bodemopbouw met biotische en abiotische kwaliteiten, maar onder andere ook een grondwaterstand die daar van nature voorkwam, een bepaalde hoogte van het gebied of de geomorfologische kwaliteiten. De afgelopen decennia hebben er veranderingen plaats gevonden zoals ontwatering en (chemische) vervuiling, waardoor deze natuurlijke kwaliteiten zijn aangetast. Om deze degradatie te stoppen en de van nature voorkomende vegetatie terug te krijgen zijn er maatregelen nodig. Het oorspronkelijke landschap is kort beschreven in de rapportage van DNatuur. In het volgende hoofdstuk, waar de oorspronkelijke landschappen verder uitgewerkt zijn, wordt duidelijk wat de behoefte voor de ambassadeurs is.
De ambassadeurs zijn de vertegenwoordigers van een bredere groep flora- en faunasoorten. (Zie bovenstaand overzicht; Belangrijke soortgroepen) Met het verbeteren en versterken van de leefomgeving van de ambassadeurs zal er voor deze (belangrijke) soortgroepen ook een verbetering van hun leefomgeving optreden. Met het uitvoeren van de maatregelen zal daarom niet alleen het leefgebied van de ambassadeurs worden verbeterd, maar voor een brede groep flora- en faunasoorten. 3.2 Van de combinatie van leefgebieden en verbindingen naar een robuust netwerk De verspreiding van dieren en planten kan alleen via een netwerk, bestaande uit leefgebieden en verbindingen plaatsvinden. De leefgebieden en de verbindingen zijn geen losse elementen. Zij moeten een netwerk vormen door het buitengebied, maar zeker ook door de woonkernen en de naastgelegen gemeentes. Door deze aaneenschakeling ontstaat er een structuur waarlangs zich de soorten gaan verspreiden. Door de verspreiding ontstaat er een uitwisseling van genen die de soorten sterk en veerkrachtig houden. Wanneer er een wijdverspreid, vertakt netwerk van leefgebieden en verbindingen is gemaakt ontstaat er een robuust netwerk. Zie onderstaande schematische voorstelling.
leefgebied
leefgebied
leefgebied
leefgebied leefgebied
leefgebied
leefgebied
leefgebied leefgebied
Afb.05 Schematische voorstelling van het netwerk van leefgebieden en verbindingen.
3.3 Biodiversiteit en de openbare ruimte Het vergroten van biodiversiteit hangt samen met veel factoren zoals consistentie van het gekozen beleid en de uitvoeringsprojecten en de vertaling van het beleid naar uitvoering. Maar dit moet concreet in de openbare ruimte ook gekoppeld worden aan: De aanwezige grondsoort en het bodemgebruik. Gesteld moet wel worden dat de oorspronkelijke bodem door veel invloeden zoals bijvoorbeeld woningbouw en wegaanleg niet meer aanwezig is. Vanuit bodemonderzoek zal dan bepaald worden vegetatie van nature op de aangepaste grondsoort zou voorkomen.
3800.12-09-09-001
Blad 11
22-07-2022
Uitvoeringsprogramma Biodiversiteit_Deel I.docx
-
-
De gebruik en de inrichting van de grond. Het benodigde formaat en de opbouw van de openbare ruimte is voor diersoorten en planten verschillend. Een vleermuis heeft bijvoorbeeld een ander leefgebied nodig als een rugstreeppad. Bereikbaarheid van het gebied voor flora en fauna. Door verbindingen te maken tussen verschillende leefgebieden. Dit kan door middel van oversteekmogelijkheden voor de verschillende soorten. Beschikbaarheid van voedsel, schuilgelegenheid en de aanwezigheid van predatoren. Gebruik van naastgelegen gronden. Intensief gebruikte landbouwgronden, met oog op het gebruik van pesticiden, kunnen juist nadelige effecten hebben.
Afb.06 Watervleermuis. (Afbeelding; Theo Douma)
3.4 Bedreigingen voor het duurzaam vergroten van de biodiversiteit Zoals al eerder is beschreven is biodiversiteit of biologische diversiteit een graad van verscheidenheid aan levensvormen binnen een gegeven ecosysteem, een geografisch gebied zoals de gemeente Teylingen of zelfs de gehele planeet. Biodiversiteit is geen vaststaande situatie, maar door de situering in de buitenruimte onderhevig aan continue veranderingen. Deze veranderingen kunnen voor de bodem, het water en de aanwezige flora en fauna positief maar ook negatief zijn. De grootste bedreigingen voor de gewenste vergroting van de biodiversiteit zijn Het onderbreken van ecologische verbindingen, het aantasten of verwijderen van leefgebieden of aantasten van bodemkwaliteiten. Dit kan ontstaan door o Nieuwbouw of het aanbrengen van verharding op ecologische verbindingen of in leefgebieden. o Gebruik van chemische middelen die van invloed zijn op flora en fauna. o Intensief beheer in plaats van extensief beheer. o Intensivering van land- en tuinbouwgronden. Het niet goed borgen van de maatregelen. Waarbij ook gezegd moet worden dat de maatregelen geen losse acties of momenten zijn, maar alleen kunnen zorgen voor een duurzame vergroting van de biodiversiteit op het moment dat er een continuïteit van de maatregelen plaats vindt. De werkzaamheden worden niet op het juiste moment uitgevoerd.
Enkele voorbeelden zijn; o Het maaien van de beplanting als die nog bloeit waardoor er geen zaden zijn gevormd die het volgend jaar gaan groeien. o Het aanleggen van een natuurvriendelijke oever tijdens zware regenval zorgt voor het dichtslaan van de bodem waardoor het bodemleven is doodgegaan. Als er geen communicatie met de bewoners, agrariërs of omliggende bedrijven wordt gevoerd. De inrichting en beheer van de openbare ruimte zullen gaan veranderen en passen hierdoor niet altijd meer bij het beeld dat veel mensen voor ogen hebben op basis van het verleden. Zo zullen gazons en bermen niet altijd intensief gemaaid worden en zal regenwater niet altijd direct naar het riool worden afgevoerd. Hierdoor kunnen de uitvoeringsmaatregelen verkeerd worden geïnterpreteerd of door onvoldoende informatie worden tegengewerkt.
3800.12-09-09-001
Blad 12
22-07-2022
Uitvoeringsprogramma Biodiversiteit_Deel I.docx
-
De maatregelen hebben een ander effect als verwacht, en voldoen niet aan de wens. Er zal gekeken moeten worden of er mogelijkheden zijn om invloed uit te oefenen op deze bedreiging. Dit vraagt nader onderzoek wat mogelijk door externe specialisten zal moeten worden uitgevoerd. De bedreigingen worden voorkomen als de maatregelen worden uitgevoerd volgens de gestelde criteria. 3.5 Programma als organisch product Het Programma kan niet gezien worden als een vaststaand product. Gezien de voortschrijdende klimaatverandering, maar ook de veranderingen die voortvloeien uit de maatregelen die worden uitgevoerd zal het aanvullen, bijwerken en zelfs veranderen van het programma nodig zijn. Na de nulmeting zal er een monitoring op geregelde basis moeten blijven plaats vinden. Wij gaan uit van periodes van 1, 5 tot 15 jaar. De informatie uit de monitoring zal verwerkt moeten worden om verder vervolgstappen te definiëren. Dit verwerken vereist nader overleg om tot een goed systeem te komen. De invoering van een maatregel zal ook tijd vergen. Naast het beschikbaar stellen van het benodigde budget zal onderbouwende communicatie moeten plaats vinden waardoor het gemeentelijk apparaat, de burger of de ondernemer de uitvoering van de maatregel begrijpt.
3800.12-09-09-001
Blad 13
22-07-2022