5.. Bijlagen bij toelichting BP IKC Kinderburg-Rank Sassenheim_Geredigeerd.pdf
Tekst van het document
IKC Kinderburg-Rank, Sassenheim
Inhoudsopgave
Bijlagen toelichting
3
Bijlage 1 Kinderburg-Rank Sassenheim Stedenbouwkundig kader en beeldkwaliteit
4
Bijlage 2
Akoestisch onderzoek geluiduitstraling
35
Bijlage 3
Akoestisch onderzoek weg- en railverkeer
144
Bijlage 4
Boomonderzoek
263
Bijlage 5
Bomen effect analyse
280
Bijlage 6
Oriënterend ecologisch onderzoek
324
Bijlage 7
Soortgericht onderzoek vleermuizen en huismus
339
Bijlage 8
Besluit ontheffing Wet Natuurbescherming
357
Bijlage 9
Onderzoek stikstofdepositie
367
Bijlage 10
Onderzoek verkeer en parkeren
392
Bijlage 11
Onderzoek verkeer en parkeren (update)
451
Bijlage 12
Analyse plaatsing Park & Ride
463
Bijlage 13
Nota Inspraak en vooroverleg
465
Bijlage 14
Nota zienswijzen
482
2
Bijlagen toelichting
3
Bijlage 1 Kinderburg-Rank Sassenheim Stedenbouwkundig kader en beeldkwaliteit
4
9 september 2020
IKC Kinderburg Rank Sassenheim Stedenbouwkundig kader en beeldkwaliteit
Colofon Alles uit dit document mag worden vermenigvuldigd en/of openbaar worden gemaakt mits de bron en auteur worden vermeld. Aan de inhoud van dit document kunnen geen rechten worden ontleend.
Opdrachtgever: Gemeente Teylingen (HLT Samen)
Documentnaam: 1152-Nieuwbouw school KinderburgRank Sassenheim-Stedenbouwkundig kader en Beeldkwaliteit
Wijzigingsdatum: 9 september 2020
Wissing B.V. Middenbaan 108, 2991 CT, Barendrecht Postbus 37, 2990 AA, Barendrecht
T + 31 (0)180 61 31 44 www.wissing.nl
Inhoud 1. Inleiding
4
1.1 Algemeen
5
1.2 Woongebied met minimale welstand
6
1.3 Uitgangspunten
8
1.4 Ruimtebehoefte
9
1.5 Aanwezige ruimte
10
2. Stedenbouwkundig kader
12
2.1 Ligging van het plangebied
13
2.2 De opgave
13
2.3 Stedenbouwkundig kader
14
2.4 Maatverhoudingen
17
2.5 Stroomschema
18
2.6 Deelgebieden
19
3. Ambitie beeldkwaliteit
20
3.1 Inspiratiekader
21
3.2 Ambitie
21
4. Architectuur
22
4.1 Identiteit
23
4.2 Relatie met de omliggende wegen
24
4.3 Relatie met het groen en water
24
5. Buitenruimte
26
5.1 Identiteit
27
5.2 Integratie park & ride op schoolplein
28
5.3 Groen in de leeromgeving
28
_ Stedenbouwkundig kader IKC Kinderburg Rank, Sassenheim
3
1. Inleiding
_ Stedenbouwkundig kader IKC Kinderburg Rank, Sassenheim
4
1.1 Algemeen Dit document geeft in woord en beeld de uitgangspunten aan voor het te ontwikkelen architectonisch en landschappelijk ontwerp. Het is een op locatie en situatie afgestemd referentiekader voor de stedenbouwkundige en architectonische vormgeving, dat evenwel voldoende ruimte laat voor de creativiteit van de architect in het ontwerpproces. In dit document worden de elementen vanuit het stedenbouwkundig kader en beeldkwaliteit beschreven die essentieel zijn voor de samenhang en worden de doelen helder omschreven, met de daarbij behorende suggesties Het planvoornemen betreft de realisatie van een fusering van basisscholen de Kinderburg en De Rank. Het betreft een nieuwe basisschool voor ongeveer 350 leerlingen. In totaal is er een kaveloppervlak van circa 2.700m², zie pagina 9, benodigd. Een inpassingsstudie heeft bewezen dat de locatie groot genoeg is om dit te huisvesten. De exacte maatvoering wordt nader uitgewerkt in het Programma van Eisen van de school.
_ Stedenbouwkundig kader IKC Kinderburg Rank, Sassenheim
5
Om de gestelde ambities ten aanzien van de belevingswaarde te kunnen realiseren wordt voor de onderwijsvoorziening dit document opgesteld. Dit plan is enerzijds een toetsingskader voor welstand, maar dient in de eerste plaats als inspiratiekader voor de architect voor het ontwerp van het gebouw en de directe schoolomgeving. Dit is inclusief het schoolplein en mogelijk een deel van de Knorrenburgerlaan en Van Alkemadelaan.
zijn in principe georiënteerd op de straat. De rijwoningen hebben een eenvoudige opbouw, waarbij hoekwoningen vrijwel gelijk zijn aan tussenwoningen. De herhaling van gevelelementen geeft ritme aan het straatbeeld. Appartementenblokken hebben veelal eenvoudige vormen en zijn middelhoog. Detaillering en materialen zijn in het algemeen eenvoudig en seriematig. Samenhangend kleurgebruik is standaard. Recente inbreidingen zijn veelal meer verzorgd in uitwerking en detaillering.
Dit document ligt het stedenbouwkundig kader toe en vormt de uitwerking van de beeldkwaliteit ten behoeve van een gespreksbasis tussen opdrachtgever en architect en tussen architect en welstandcommissie. Van belang is ook dat deze kwaliteitsbewaking niet alleen is gericht op de kwaliteit bij oplevering, maar ook op de kwaliteit op termijn. Alleen zo kan een duurzame onderwijsvoorziening tot stand worden gebracht.
Bijzondere elementen zijn de verspreid voorkomende gebouwen met andere functies zoals scholen en vrijstaande woningen. Deze woningen, gebouwen en complexen staan vrij op de kavel en wijken af in massa, opbouw en vorm. Een deel van de woningen bestaat uit (eenvoudige) villa’s.
1.2 Woongebied met minimale welstand
Criteria ••
Het welstandsbeleid van de gemeente Teylingen is vastgelegd in de Welstandsnota (2013). Ter plaatse van het plangebied geldt het welstandsniveau ‘’minimale welstand’’. Daarnaast is het plangebied toegekend aan het gebiedstype “woongebied”. De onderstaande tekst is overgenomen uit de Welstandsnota Teylingen 2013. De zalm gekleurde tekst geeft uitgangspunten en criteria aan die direct van toepassing zijn op het plangebied.
••
Uitgangspunten gebied met minimale welstand Het beleid in gebieden met minimale welstand is terughoudend en gericht op beheer. Het beleid is gericht op het beheer van de rust in het groene straatbeeld en het aanzien vanuit de omringende gebieden. Bij de beoordeling zal onder meer aandacht geschonken worden aan het behoud van het straatbeeld met herhaling in rooilijnen en gevelindeling en samenhang in zowel de architectonische uitwerking als het gebruik van materiaal.
••
Woongebieden In de zogenaamde woongebieden van Teylingen worden korte rijen woningen afgewisseld met enkele clusters individuele woningen en appartementenblokken in een hoofdzakelijk sobere baksteenarchitectuur langs overwegend groene straten.
••
De woningbouw heeft een samenhangende compositie door herhaling van rijen en blokken. De veelal rechte rooi- en noklijnen zorgen per rij voor een samenhangend beeld en lopen evenwijdig aan de straat. De voorgevels _ Stedenbouwkundig kader IKC Kinderburg Rank, Sassenheim
Gebouwen maken deel uit van een stedenbouwkundig patroon, waarin vooral de voorgevelrooilijnen en hoeken van belang zijn: −− Gebouwen met de voorgevel richten op de belangrijkste openbare ruimte −− Gebouwen met een bijzondere functie zoals scholen kunnen een meer vrije positie innemen en daarbij een meerzijdige oriëntatie krijgen De bouwmassa is evenwichtig en afgestemd op de samenhang in rij of cluster bezien vanuit het openbaar toegankelijk gebied: −− Uitbreidingen indien zichtbaar vanuit het openbaar toegankelijk gebied vormgeven als ondergeschikt element of opnemen in de hoofdmassa −− Vrijstaande woningen en gebouwen met bijzondere functies harmoniëren met het karakter van het gebied en kunnen afhankelijk van hun ligging afwijken van de gebruikelijke massa, opbouw, vorm en uitwerking De architectonische uitwerking en detaillering zijn eenvoudig maar degelijk: −− Bij rijen en blokken aan voorkanten de herhaling behouden −− Wijzigingen en toevoegingen in stijl en afwerking afstemmen op het hoofdvolume en de rij of het cluster Materialen en kleuren zijn degelijk en terughoudend en aan voorkanten in samenhang met de rij of het cluster
(bron: Welstandsnota Teylingen 2013)
6
Beeldkwaliteit Kinderburg Rank
grote flexibiliteit aan mogelijkheden voor de architectonische invulling. Dit moet dan ook niet gezien worden als beperking maar als bron van inspiratie om uiteindelijk een gebouw met schoolomgeving te realiseren passend binnen het minimaal welstandsniveau.
De stedenbouwkundige principes zijn harde uitgangspunten waar aan moet worden voldaan. Voor de architectonische uitwerking zijn geen harde criteria benoemd maar een inspiratiekader. Met het inspiratiekader is er nog een
Impressie “woongebieden” Teylingen in de directe context van het plangebied
_ Stedenbouwkundig kader IKC Kinderburg Rank, Sassenheim
7
1.3 Uitgangspunten
Verkeer en parkeren
Voor de inpassingsstudies zijn drie inrichtingsmodellen gemaakt. Als resultaat van deze studie zijn aan de hand van de bouwmassa, verkeer en parkeren en groen en water de volgende uitgangspunten gehanteerd.
••
••
Bouwmassa en plein •• •• ••
•• ••
••
Eén schoolgebouw van maximaal 2 bouwlagen. Onderzoek inpassing extra m2 aanvullende voorzieningen t.b.v. kinderopvang Oriëntatie/hoofdentree schoolgebouw Van Alkemadelaan/Knorrenburgerlaan (voorkeur minimaal 2 ingangen). Er is ruimte om minimaal 2 schoolpleinen in te passen. Ruimte fietsparkeren bij entree (voorkeur niet gecentreerd op 1 plek ).
••
Groen en water •• •• ••
••
Waterloop ten noord-oosten, plein voorzijde en fietsenstallingen aan de Knorrenburgerlaan
_ Stedenbouwkundig kader IKC Kinderburg Rank, Sassenheim
Het plan zal niet leiden tot knelpunten in de bereikbaarheid en doorstroming van het verkeer op de omliggende wegen Van Alkemadelaan en Knorrenburgerlaan. Extra parkeergelegenheid. Twaalf extra parkeerplaatsen of een equivalent daarvan in een park+ride-oplossing binnen de grenzen van de planlocatie voor het halen en brengen van de kinderen. Voor personeel is er ruim voldoende parkeergelegenheid op de Wasbeeklocatie, bij de sportvoorzieningen. Parkeren voor auto en fiets gebeurt op het maaiveld.
8
Behoud van beeldbepalende bomen in de groene rand om de school, voor zover mogelijk. Groene buffer langs watergangen behouden. Bomen in de openbare ruimte (straat). Zijn van belang voor het groene beeld van de straat. Dit groene beeld moet worden behouden maar niet direct deze bomen op deze exacte locatie. De groenzone langs Van Alkemadelaan dient als overgang tussen de school en openbare ruimte. Het aanpassen hiervan is mogelijk voor ruimtelijke of verkeerskundige oplossingen.
1.4 Ruimtebehoefte
Ruimtebehoefte nieuwe basisschool inclusief kinderopvang
Vanuit stedenbouwkundig perspectief en de op de locatie beschikbare ruimte is de bouw van de gewenste grotere school realiseerbaar. De bebouwing in de directe context heeft een hoogte van overwegend 2 bouwlagen met kap. Langs de Van Alkemadelaan staan woningen van 3 bouwlagen met kap. Voor de inpassingsstudie is uitgegaan van één ruimtelijk model voor de massa van de nieuwe school. Deze is architectonisch en qua vorm nog niet ingevuld. Het rechthoekig volume dient enkel als indicatie voor de benodigde bouwvolume. Het plangebied wat beschikbaar is voor de realisatie van de nieuwe school is circa 5000m2. De toekomstige projectie van de massa is vergeleken met: •• Het huidige schoolgebouw. •• Het toekomstige bouwvolume exclusief kinderopvang. •• Het toekomstige bouwvolume inclusief kinderopvang.
Begane grond BVO schoolgebouw: BVO kinderopvang: Spelen en fietsparkeren: Buitenruimte kinderopvang:
850 m2 300 m2 1200 m2 350 m2
Totaal benodigde oppervlak:
2700 m2
Eerste verdieping BVO schoolgebouw: BVO kinderopvang: Spelen en fietsparkeren: Buitenruimte kinderopvang:
1111 m2 0 m2 0 m2 0 m2
Totaal benodigde oppervlak:
1111 m2
Totale ruimtebehoefte BVO schoolgebouw: BVO kinderopvang: Spelen en fietsparkeren: Buitenruimte kinderopvang:
1961 m2 300 m2 1200 m2 350 m2
Totaal benodigde oppervlak:
3811 m2
Groene rand en plein rondom het huidige schoolgebouw
_ Stedenbouwkundig kader IKC Kinderburg Rank, Sassenheim
9
1.5 Aanwezige ruimte
Het toekomstige bouwvolume inclusief kinderopvang.
Het huidige schoolgebouw heeft een footprint van circa 1400m2. Dit betekent een bebouwingspercentage ten opzichte van het plangebied van circa 29%. Het schoolplein heeft een omvang van circa 1900m2 en de vigerende goot- en bouwhoogte is 4 en 7 meter. De afstanden van het huidige schoolgebouw en de aangenzende woningbouw ligt tussen de 22 en 28 meter.
Het nieuwe schoolgebouw inclusief kinderopvang heeft een een minimale footprint van circa 1150 m2 nodig. Met een dergelijke footprint van het gebouw betekent dit een bebouwingspercentage ten opzichte van het plangebied van circa 23%. Het schoolplein krijgt dan een omvang van circa 1650m2 . De overige vierkante meters van het plangebied zijn voor de groene rand en de benodigde verkeersvoorzieningen. Wanneer gekozen wordt voor de minimale footprint van 1150m2 wordt de toekomstige bouwhoogte 2 bouwlagen in totaal circa 8 meter. Wanneer het bouwvolume compact wordt gebouwd bedragen de afstanden van het nieuwe schoolgebouw en de aangenzende woningbouw circa 30-35 meter.
Het toekomstige bouwvolume exclusief kinderopvang. Het nieuwe schoolgebouw heeft een minimale footprint van circa 1000 m2 nodig. Met een dergelijke footprint van het gebouw betekent dit een bebouwingspercentage ten opzichte van het plangebied van circa 20%. Het schoolplein kan de omvang van circa 1800m2 behouden. De overige vierkante meters van het plangebied zijn voor de groene rand en de benodigde verkeersvoorzieningen.
Conclusie Een bouwvolume met een footpint van circa 1150m2 is ruimtelijk inpasbaar binnen het plangebied van 5000 m2. Voor de inrichting van het terrein is er dan nog circa 3850 m2 beschikbaar voor het schoolplein (minimaal benodigd circa 1200m2) en circa 2650m2 voor de groene rand en de benodigde verkeersvoorzieningen. De afstand tussen het schoolterrein en de directe woningen is zodanig van maat dat het kwalitatief verantwoord is om de nieuwe bouwmassa tot 2 lagen te bouwen. Een bouwhoogte van 2 lagen is ruimtelijk passend binnen een woonbuurt waarvan de hoogte 2 en 3 lagen met kap is en parkeren op het maaiveld gebeurd.
Wanneer gekozen wordt voor de minimale footprint van 1000m2 wordt de toekomstige bouwhoogte 2 bouwlagen in totaal circa 8 meter. Wanneer het bouwvolume compact wordt gebouwd bedragen de afstanden van het nieuwe schoolgebouw en de aangenzende woningbouw circa 35 meter.
_ Stedenbouwkundig kader IKC Kinderburg Rank, Sassenheim
10
A
A’
1900 m2
A’
A B
1900 m2 B’
B’
B _ Stedenbouwkundig kader IKC Kinderburg Rank, Sassenheim
11
2. Stedenbouwkundig kader
_ Stedenbouwkundig kader IKC Kinderburg Rank, Sassenheim
12
2.1 Ligging van het plangebied
achtertuinen van woningen. Het opgaand groen langs de watergangen dient als een kwalitatieve natuurlijke buffer. Het behouden van deze kwaliteit is van groot belang. Dit zorgt tevens ook voor bescherming van de achtertuinen.
Het plangebied ligt ingesloten tussen twee wegen en watergangen. Het schoolterrein is in de huidige situatie ontsloten vanaf de Knorrenburgerlaan. Dit is tevens ook de ontsluiting van de woonbuurt ten westen van het plangebied en functioneert als erftoegangsweg voor al het autoverkeer van deze buurt. Ten oosten loopt de Van Alkemadelaan. Een woonwijk ontsluitingsweg die bereden wordt door gebruikers van twee scholen, sportvoorzieningen en de nieuwe wijk verder ten zuiden van deze weg.
2.2 De opgave Om een onderwijshuisvesting goed te laten functioneren moet er integraal worden ontworpen, rekening houdend met een functioneel gebouw in een mooie, goed functionerende omgeving, met een goede bereikbaarheid voor voetgangers, fietsers en auto’s. De opgave is dus niet alleen het bedenken van een gebouw, maar juist van het ontwikkelen van een interessante en veilige leefomgeving waar leerlingen de mogelijkheid hebben om te leren, te spelen en te ontmoeten.
De noord en west zijden van het plangebied bestaan uit groene taluds met opgaand groen langs twee watergangen. Aan de overkant van deze watergangen liggen de
Impressie van de randen en context van het plangebied
Kn or re nb ur ge rla
Va n
Al
ke
m
ad
ela
an
an
_ Stedenbouwkundig kader IKC Kinderburg Rank, Sassenheim
13
2.3 Stedenbouwkundig kader Het stedenbouwkundig kader, zoals te zien op pagina 16, vormt de basis voor de uitwerking. De onderstaande punten vatten de stedenbouwkundige principes van dit kader samen.
Situering •• •• ••
Het gebouw is gesitueerd in het noorden van het plangebied tegen de groene buffer aan. Hierdoor ontstaat er meer ruimte voor pleinen aan de kant van de Van Alkemadelaan en Knorrenburgerlaan. De hoofdentree ligt aan de Van Alkemadelaan. Het gebouw is een vrijstaand gebouw met een bijzondere functie en wijkt af van de gebruikelijke massa en vorm.
Oriëntatie ••
De oriëntatie is alzijdig. De zuidelijke gevels worden qua uitstraling als voorgevel uitgewerkt. De noordelijke gevels krijgen een vriendelijkere uitstraling die aansluit bij de groene buffer.
Hoofdvorm: bouwmassa •• •• ••
Het gebouw heeft een eenduidige hoofdvorm. Uitbouwen en/of bijgebouwen zijn ondergeschikt aan de hoofdvorm. De massa van het gebouw staat in directe relatie met de verdeling van de buitenruimte. Meerdere pleinen moeten hier een plek krijgen.
Hoofdvorm: bouwhoogte •• •• •• ••
Aan de kant van de Van Alkemadelaan en Knorrenburgerlaan geldt er een maximale bouwhoogte van 9 meter. Aan de kant van de groene buffer en waterlopen geldt er een maximale bouwhoogte van 4 meter. De tweede bouwlaag is gepositioneerd aan de kant van de Van Alkemadelaan en/of Knorrenburgerlaan. Het hoofdgebouw wordt binnen het zoekgebied gerealiseerd.
Gevel •• •• ••
De gevelcompositie is evenwichtig en heeft een eigen individuele expressie. Aan de kant van de Van Alkemadelaan en/of Knorrenburgerlaan komt een representieve/prominente hoofdgevel. Gevels bestaan uit duurzame materialen.
Fietsenstallingen ••
•• •• ••
Er komen twee fietsenstallingen. Deze worden zodanig gepositioneerd ten behoeven van een goede doorstroming: −− In het noord-oosten van het plangebied voor fietsers vanaf de Van Alkemadelaan. −− In het westen van het plangebied voor fietsers vanaf de Knorrenburgerlaan. De fietsenstallingen zijn zorgvuldig vormgegeven en onderdeel van architectuur gebouw en buitenruimte. De fietsenstallingen belemmeren niet het zicht op de representatieve/prominente hoofdgevel van het gebouw. Bij het positioneren van de fietsenstallingen wordt er rekening gehouden met bestaande bomen.
_ Stedenbouwkundig kader IKC Kinderburg Rank, Sassenheim
14
Verkeer en parkeren •• •• •• ••
•• ••
Aan de Knorrenburgerlaan wordt een park & ride gerealiseerd als onderdeel van het plein. De ruimte voor de park & ride valt binnen de schoolhekken en wordt zodanig ingericht zodat deze ook als schoolplein kan worden gebruikt. Ten behoeve van de buurt worden 4 extra parkeerplaatsten in de openbare ruimte aan de Knorrenburgerlaan gerealiseerd. De huidige haakse parkeerplaatsten aan de Knorrenburgerlaan worden ter plaatste van de aanduiding optimalisatie parkeerplaatsten heringericht om 1 extra parkeerplaats ten behoeve van de buurt te realiseren. In de Knorrenburgerlaan en aan de Van Alkemadelaan wordt een veilige oversteekvoorziening gemaakt voor voetgangers. Langs de Van Alkemadelaan komt een aanduiding schoolzone ter versterking van de attentie en veiligheid.
Groen •• •• •• •• •• ••
Zoveel mogelijk behoud van bestaande bomen in het plangebied en langs de Van Alkemadelaan met een zorgvuldig inpassing. De beschermwaardige bomen blijven behouden. Verplaatsbare bomen worden wanneer nodig op een andere plek op het terrein ingepast. Het huidige bomenbestand levert een bijdrage aan de landschappelijke inpassing en kan als inspiratie voor de leeromgeving gebruikt worden. De groene buffer langs het water zorgt voor afscherming en een groen aanzicht vanuit de omliggende achtertuinen. Bij het plaatsen van bebouwing of schoolplein in de groene buffer wordt dit zorgvuldig en met respect voor de natuurlijke kwaliteit van de buffer ingepast.
Water ••
De omliggende waterlopen maken geen direct onderdeel uit van het schoolterrein, maar kunnen wel als inspiratie voor de leeromgeving gebruikt worden.
Duurzaamheid •• •• ••
•• •• ••
Energietransitie: o.a. verlagen van het energiegebruik, energie duurzaam opwekken, energie lokaal opslaan -Water & klimaatadaptatie: o.a. voorkomen van wateroverlast, droogte en bijbehorende watertekorten, hittestress en bijkomende effecten. -CE & materialen: o.a. milieu impact van materiaalgebruik verlagen, hergebruik van materialen maximaliseren, stimuleren van circulair en flexibel ontwerp en maximaliseren van afvalscheiding en recycling. -Natuur & milieu: o.a. aanwezigheid van openbaar groen bevorderen, versterken van lokale biodiversiteit -Welzijn & gezondheid: o.a. mensen stimuleren naar buiten te gaan en te bewegen, ontmoeting en ontspanning stimuleren en garanderen van veiligheid en bevorderen van gevoel van veiligheid. -Duurzame mobiliteit: o.a. stimuleren van fietsen en wandelen en stimuleren elektrisch vervoer.
Overig •• •• ••
De trafo blijft behouden en moet bereikbaar blijven vanaf de Knorrenburgerlaan. Vuilcontainers staan uit het zicht van de openbare ruimte. De locatie wordt bij het ontwerp bepaald. Buitenruimte dient ingericht te worden om de veiligheid optimaal te waarborgen.
_ Stedenbouwkundig kader IKC Kinderburg Rank, Sassenheim
15
Weg Parkeervakken Optimalisatie parkeren P&R zone Fietsstrook Fietsparkeren Uitwisselstrook Voorplein Ontwerpgebied fietsparkeren Bebouwing context Schoolplein & hek Groen context Wandelpad / stoep Weg Oversteek voet en fiets Parkeervakken Zoekgebied schoolgebouw (max 9 meter) Optimalisatie parkeren Groene buffer P&R zone Schoolplein / 2e bouwlaag schoolgebouw (max 9 meter) Fietsstrook Groene buffer / 1e bouwlaag schoolgebouw (max 4 meter) / kleinschalig schoolplein Fietsparkeren Bebouwing context
Groene buffer / schoolplein Auto Uitwisselstrook
Groen context
Boom Fiets Voorplein
Weg
Te behouden beschermingswaardige boom Lopen met fiets aan de hand Ontwerpgebied fietsparkeren
Parkeervakken
Verplaatsbare boomVan Alkemadelaan Overig fietsverkeer Schoolplein & hek
Optimalisatie parkeren
Nieuw te plaatsen boom Voetganger Wandelpad / stoep
P&R zone
Risicozone boom Fietsparkeren Oversteek voet en fiets
Fietsstrook
Zoekgebied schoolgebouw (max 9 meter)
Fietsparkeren
Groene buffer
Bebouwing context
Uitwisselstrook
Schoolplein / 2e bouwlaag schoolgebouw (max 9 meter)
Groen context
Voorplein
Groene buffer / 1e bouwlaag schoolgebouw (max 4 meter) / kleinschalig schoolplein
Weg
Ontwerpgebied fietsparkeren
Groene buffer / schoolplein
Parkeervakken
Schoolplein & hek
Boom
Optimalisatie parkeren
Wandelpad / stoep
Te behouden beschermingswaardige boom
P&R zone
Oversteek voet en fiets
Verplaatsbare boom
Fietsstrook
Zoekgebied schoolgebouw (max 9 meter)
Nieuw te plaatsen boom
Fietsparkeren
Groene buffer
Risicozone boom
Uitwisselstrook
Schoolplein / 2e bouwlaag schoolgebouw (max 9 meter)
Voorplein
_ Stedenbouwkundig kader 16 Groene / 1e bouwlaag schoolgebouw IKC Kinderburg Rank,buffer Sassenheim (max 4 meter) / kleinschalig schoolplein
Bebouwing context Groen context Weg Parkeervakken Optimalisatie parkeren P&R zone Fietsstrook Fietsparkeren Uitwisselstrook
5m
5m
Voorplein 5m
Ontwerpgebied fietsparkeren 5mSchoolplein & hek
Wandelpad / stoep
5m
3m
Zoekgebied schoolgebouw (max 9 meter)
3m
3m
Oversteek voet en fiets
Groene buffer Vi
5m
16 sgr ,2 aa m t
Schoolplein / 2e bouwlaag schoolgebouw (max 9 meter) Groene buffer / 1e bouwlaag schoolgebouw (max 4 meter) / kleinschalig schoolplein
Ha
15 ak ,1 s 3 m
Groene buffer / schoolplein Auto Boom Fiets
3m
Te behouden beschermingswaardige boom Lopen met fiets aan de hand Verplaatsbare boomVan Alkemadelaan Overig fietsverkeer Nieuw te plaatsen boom Voetganger Risicozone boom Fietsparkeren
2.4 Maatverhoudingen
ter plaatsen van de groen/bruin gearceerde delen in deze buffer geplaatst worden, zolang de buffer een minimale maat van 5 meter behoudt.
Verschillende elementen vertalen zich in het stedenbouwkundig kader naar vlakken en zones. Aan deze vlakken en zones zijn maatvoeringen gekoppeld waarin rekening is gehouden met de maximale benodigde ruimte en de minimale afstand tot andere elementen. Dit leidt tot de juiste indeling van het schoolterrein.
Park & ride De P&R wordt afhankelijk van het ontwerp als visgraad of haaksparkeren geïntegreerd. Hiervoor zijn de minimale maten in de tekening opgenomen. Er moet minimaal 5 meter (loop-)ruimte zijn tussen de P&R en de gevel van het schoolgebouw op de begane grond.
Groene buffer Om het huidige groene karakter langs de watergangen zo veel mogelijk te waarborgen is er een groene buffer in het stedenbouwkundig kader opgenomen. Deze buffer heeft een maat van 5 tot 10 meter. Het schoolgebouw kan op
_ Stedenbouwkundig kader IKC Kinderburg Rank, Sassenheim
Fietsparkeren Fietsparkeerplaatsen bevinden zich in het westen en oosten van het schoolterrein. De minimale afstand van de fietsenstalling tot bebouwing of de park & ride is 3 meter.
17
Bebouwing context Groen context Weg Parkeervakken
Auto
Optimalisatie parkeren
Fiets
P&R zone Fietsstrook
Lopen met fiets aan de hand
Fietsparkeren
Overig fietsverkeer Van Alkemadelaan
Uitwisselstrook
Voetganger
Voorplein
Fietsparkeren
Ontwerpgebied fietsparkeren Schoolplein & hek Wandelpad / stoep Oversteek voet en fiets Zoekgebied schoolgebouw (max 9 meter) Groene buffer Schoolplein / 2e bouwlaag schoolgebouw (max 9 meter) Groene buffer / 1e bouwlaag schoolgebouw (max 4 meter) / kleinschalig schoolplein Groene buffer / schoolplein Auto Boom Fiets Te behouden beschermingswaardige boom Lopen met fiets aan de hand Verplaatsbare boomVan Alkemadelaan Overig fietsverkeer Nieuw te plaatsen boom Voetganger Risicozone boom Fietsparkeren
2.5 Stroomschema
Fiets ••
Door de fusering van de twee basisscholen zal er rekening gehouden moeten worden met een groter aandeel verkeersbewegingen van autos, fietsers en voetgangers.
••
Auto ••
••
Voetgangers
De huidige parkeerplaats aan de Van Alkemadelaan zal ook in de nieuwe situatie gebruikt blijven worden. De park & ride komt langs de Knorrenburgerlaan. Dit zorgt voor minimale ‘oversteken’ van de fietsstrook op de Van Alkemadelaan. Door middel van een lus met visgraatparkeren ontstaat er een goede doorstroming.
_ Stedenbouwkundig kader IKC Kinderburg Rank, Sassenheim
De oostelijke fietsenstalling vanaf de Van Alkemadelaan via de uitwisselstrook te bereiken. Vanaf de Knorrrenburgerlaan komen fietsers nabij het transformatorhuisje de westelijke fietsenstalling bereiken.
••
••
18
De hoofdentree en een voorplein zijn gelegen aan de Van Alkemadelaan. Via een oversteek is de parkeerplaats aan de overkant van de Van Alkemadelaan te bereiken. Aan de Knorrenburgerlaan is een secundaire entree. Deze kan functioneren als entree voor de kinderopvang.
Bebouwing context Groen context Weg Parkeervakken
Herontwikkeling school
Optimalisatie parkeren
Verkeerskundige aanpassingen
P&R zone Fietsstrook Fietsparkeren Uitwisselstrook Voorplein Ontwerpgebied fietsparkeren Schoolplein & hek Wandelpad / stoep Oversteek voet en fiets Zoekgebied schoolgebouw (max 9 meter) Groene buffer Schoolplein / 2e bouwlaag schoolgebouw (max 9 meter) Groene buffer / 1e bouwlaag schoolgebouw (max 4 meter) / kleinschalig schoolplein Groene buffer / schoolplein Auto Boom Fiets Te behouden beschermingswaardige boom Lopen met fiets aan de hand Verplaatsbare boomVan Alkemadelaan Overig fietsverkeer Nieuw te plaatsen boom Voetganger Risicozone boom Fietsparkeren
2.6 Deelgebieden
Verkeerskundige aanpassingen
Het stedenbouwkundig kader leidt tot een ontwikkeling die het plangebied, zoals aangegeven op pagina 13, deels overschrijdt. Dit resulteert in twee deelgebieden.
De nieuwe school gaat zorgen voor een verandering van de mobiliteit op de Knorrenburgerlaan en Van Alkemadelaan. Om deze verandering te faciliteren zullen er verkeerskundige aanpassingen gedaan moeten worden. Deze veranderingen gaan over de herinrichting van de straat, stoep en parkeerplaatsen.
Herontwikkeling school Dit deelgebied geeft de grenzen aan waarin het schoolgebouw en de bijbehorende buitenruimte ontwikkeld wordt. Dit is inclusief de park & ride en de groene buffer langs het water.
_ Stedenbouwkundig kader IKC Kinderburg Rank, Sassenheim
19
3. Ambitie beeldkwaliteit
_ Stedenbouwkundig kader IKC Kinderburg Rank, Sassenheim
20
3.1 Inspiratiekader
Schaal en maatverhoudingen
De ontwikkeling van de locatie wordt enerzijds bepaald door de stedenbouwkundige structuur, maar daarnaast ook in sterke mate door het architectonische beeld en de kwaliteit van de buitenruimte rondom de gebouwen. Om dit beeld in goede banen te leiden is dit inspiratiekader opgesteld voor de vormgeving van gebouw en omgeving. Deze paragraaf biedt het kader ter inspiratie voor het nader vormgeven van de bebouwing. De algemene criteria bestaan uit een uiteenzetting van algemene architectonische begrippen en aspecten.
Relatie tussen vorm, gebruik en constructie
Materiaal, textuur, kleur en licht Van een bouwwerk dat voldoet aan redelijke eisen van welstand mag worden verwacht dat materiaal, textuur, kleur en licht het karakter van het bouwwerk zelf ondersteunen en de ruimtelijke samenhang met de omgeving daarvan duidelijk maken.
3.2 Ambitie
Van een bouwwerk dat voldoet aan redelijke eisen van welstand mag worden verwacht dat de verschijningsvorm een relatie heeft met het gebruik ervan en de wijze waarop het gemaakt is, terwijl de vormgeving daarnaast ook zijn eigen samenhang en logica heeft.
Op voorhand willen we de ambitie neerzetten om een karakteristieke uitstraling van de schoolomgeving tot stand te brengen. Een hoogwaardige en landschappelijke inrichting, waarbij aspecten van duurzaamheid de landschappelijke inrichting kunnen versterken. Dit vereist in het planproces een consequent doordenken van structuur naar detail en terug. De zorg voor de architectonische kwaliteit van het gebouw en de buitenruimte zien wij als een integraal mee te ontwerpen onderdeel bij de realisering van een schoolomgeving.
Relatie tussen bouwwerk en omgeving Van een bouwwerk dat voldoet aan redelijke eisen van welstand mag worden verwacht dat het een positieve bijdrage levert aan de kwaliteit van de openbare (stedelijke en landschappelijke) ruimte.
In het beeldkwaliteitsplan nemen we een beeldvormende beschrijving op van de bebouwing en de overgang van het schoolterrein naar openbaar gebied. Daarnaast nemen we de beeldvorming op voor duurzaamheidsmaatregelen aan onderwijsvoorziening, waaronder het inpassen van klimaatadaptatie en installaties t.b.v. energieopwekking.
Betekenissen van vormen in de sociaal-culturele context Van een bouwwerk dat voldoet aan redelijke eisen van welstand mag worden verwacht dat verwijzing en associaties zorgvuldig worden gebruikt en uitgewerkt, zodat er concepten en vormen ontstaan die bruikbaar zijn in de maatschappelijke realiteit.
Evenwicht tussen helderheid en complexiteit Van een bouwwerk dat voldoet aan redelijke eisen van welstand mag worden verwacht dat er structuur is aangebracht in het beeld, zonder dat de aantrekkingskracht door eenvoud verloren gaat.
_ Stedenbouwkundig kader IKC Kinderburg Rank, Sassenheim
Van een bouwwerk dat voldoet aan redelijke eisen van welstand mag worden verwacht dat het ruimtelijke een samenhangend stelsel van maatverhoudingen heeft dat beheerst wordt toegepast in ruimtes, volumes en vlakverdelingen.
21
4. Architectuur
_ Stedenbouwkundig kader IKC Kinderburg Rank, Sassenheim
22
4.1 Identiteit
••
De nieuwe onderwijs- en opvangvoorziening presenteert zich als een autonoom gebouw. Het mag zeker een onderscheidende identiteit en uitstraling hebben. Op het schaalniveau van het gebied betekent het dat de onderwijsvoorziening als eenduidig volume met een tastbaar exterieur herkend moet worden. Om de eenheid binnen het plangebied te bewaken moet er betreft de architectuur rekening gehouden met de volgende regels: •• Er wordt gebruik gemaakt van hoogwaardige materialisering en kleurgebruik aansluitend op de omliggende wijk; •• Er is sprake van één identiteit; •• De vormgeving onderscheid van de omgeving en kent binnen het bouwveld samenhang; •• Beleving en herkenbaarheid van de individuele functies;
•• ••
Het gebouw gaat de relatie aan met zowel de omliggende wegen als het groen en water. Dit leidt tot een ontwerp waarbij per gevel nagedacht wordt over de juiste indeling en materiaal; De architectuur draagt bij aan de levendigheid van de buitenruimte; Primaire oriëntatie naar de Van Alkemadelaan en Knorrenburgerlaan. Aan deze zijde van het gebouw moeten representatieve ruimtes komen die van toegevoegde waarde zijn voor de beleving van de toegang en het zicht langs de doorgaande weg Van Alkemadelaan.
Met de richtlijnen is er nog een grote flexibiliteit aan mogelijkheden voor de architectonische invulling. Deze richtlijnen moeten dan ook niet gezien worden als beperking maar als bron van inspiratie. Onderstaand volgt een beschrijving, ondersteund door beeldmateriaal, van de gewenste sfeer voor de uitwerking van het ontwerp, waaruit door de architect een eigen interpretatie kan worden gemaakt.
Representatieve gevels aan de kant van de omliggende wegen.
_ Stedenbouwkundig kader IKC Kinderburg Rank, Sassenheim
23
4.2 Relatie met de om- 4.3 Relatie met het groen en water liggende wegen Aan de kant van de groene buffer en het water krijgt het gebouw een natuurlijkere uitstraling. Het landschap loopt hier tot de gevel en zo mogelijk door tegen de gevel omhoog. Natuurlijk en aards kleurgebruik in combinatie met groene gevels en daken dragen bij aan de integratie van het landschap in de architectuur. Duurzaamheidsthema’s versterken de landschappelijke inpassing aan deze zijden van het gebouw.
Aan de kant van de omliggende wegen, met nadruk op de Van Alkemadelaan, krijgt het gebouw een representatieve gevel. Dit komt voort uit de combinatie van bouwhoogte, gevelindeling en -materiaal. Deze zijden functioneren als voorgevel van de school waarbij een duidelijke entree is te onderscheiden. Het gevelmateriaal sluit aan bij het omliggende woongebied. Dit betekend gebruik van materiaal zoals baksteen en beton. Opvallende raampartijen zorgen tevens voor dynamiek tussen de buitenruimte en het interieur.
Natuurlijke materiaalgebruik zorgt voor een aantrekkelijk rustig aanzicht aan de groene zone en waterkant
_ Stedenbouwkundig kader IKC Kinderburg Rank, Sassenheim
24
Beelden ter inspiratie voor de architectuur
_ Stedenbouwkundig kader IKC Kinderburg Rank, Sassenheim
25
5. Buitenruimte
_ Stedenbouwkundig kader IKC Kinderburg Rank, Sassenheim
26
5.1 Identiteit
••
Het is de bedoeling dat het terrein een groene, landschappelijke uitstraling krijgt waarin de verschillende functies als bewegen, spelen, ontmoeten, parkeren, fietsenstalling, plein en ontsluiting een plek krijgen. Doordat een deel van het kavel is omgeven door een watergang zijn hekwerken niet rondom het gehele kavel nodig (en toegestaan) en kan er een vloeiende overgang zijn tussen het landschap en de buitenruimte van de school.
••
••
•• Om de eenheid binnen het plangebied te bewaken moet er betreft de inrichting van de buitenruimte rekening gehouden met de volgende regels: •• De buitenruimte (zowel het schoolterrein als de openbare ruimte) is in eenheid ontworpen en sluit aan bij de omliggende openbare ruimte; •• De buitenruimte heeft een groene uitstraling. Verharding wordt enkel toegepast waar dit functioneel nodig is; •• De inrichting van de buitenruimte is kwalitatief, functioneel en sluit op een logische wijze aan op de omgeving en schoolgebouw; •• Uitgangspunt voor inrichting is rust, eenheid en een natuurlijke, groene uitstraling;
••
Parkeren is een integraal onderdeel van het totale inrichtingsplan van de buitenruimte; In de buitenruimte van de onderwijsvoorziening zullen elementen als fietsenstalling en bergingen moeten worden opgenomen. Deze moeten de kwaliteit van de buitenruimte zo min mogelijk aantasten; De route naar de verschillende gebouw-entrees is logisch en de inrichting en materialisatie van het buitenterrein is goed afgestemd op het gebouw en de openbare buitenruimte; De buitenruimte van de onderwijsvoorziening is gedeeltelijk openbaar en vrij toegankelijk voor de buurt; Opslag van afval wordt integraal meegenomen in ontwerp en gerealiseerd op eigen terrein.
Met de richtlijnen is er nog een grote flexibiliteit aan mogelijkheden voor de inrichting van de buitenruimte. Deze richtlijnen moeten dan ook niet gezien worden als beperking maar als bron van inspiratie. Onderstaand volgt een beschrijving, ondersteund door beeldmateriaal, van de gewenste sfeer voor de uitwerking van het ontwerp, waaruit door de architect een eigen interpretatie kan worden gemaakt.
Leren en spelen in een avontuurlijke groene omgeving.
_ Stedenbouwkundig kader IKC Kinderburg Rank, Sassenheim
27
5.2 Integratie park & ride op schoolplein
5.3 Groen in de leeromgeving
Een deel van het schoolplein aan de Knorrenburgerlaan zal ook gebruikt gaan worden als park & ride. Dit deel ligt binnen de hekken. Deze zullen gedurende de ochtend en middag tijdens het halen en brengen geopend zijn.
Groen draagt bij aan de menselijke ontwikkeling en is positief voor leerprocessen. Het educatieve aspect van groen kan voluit ingezet worden om van een school een leerrijke groene omgeving te maken. De buitenruimte wordt dan een avontuurlijke omgeving met een schooltuin, een speelweide en sportplein. Subtiele hoogteverschillen in het terrein kunnen als speelelement of buitentheater dienen. Ook het daklandschap van het schoolgebouw kan mogelijk meegenomen worden als onderdeel van de buitenruimte.
Dit zal leiden tot een onoverkoombare hoeveelheid verharding en brengt de uitdaging met zich mee om dit deel van het plein zowel functioneel in te richten voor zowel parkeren als spelen. Er kan hierbij gedacht worden aan het integreren van sport en spel. Om de natuurlijke uitstraling te waarborgen kunnen de randen en erfafscheidingen zoveel mogelijk groen worden ingericht.
Integreren van park & ride en fietsparkeren op het schoolplein.
_ Stedenbouwkundig kader IKC Kinderburg Rank, Sassenheim
28
Beelden ter inspiratie voor de inrichting van de buitenruimte
_ Stedenbouwkundig kader IKC Kinderburg Rank, Sassenheim
29
Bijlage 2 Akoestisch onderzoek geluiduitstraling
35
Wissing bv
Kindcentrum Het Sterrenwerk in Sassenheim
Akoestisch onderzoek
Wissing bv
Kindcentrum Het Sterrenwerk in Sassenheim
Akoestisch onderzoek
Datum
22 november 2021
Kenmerk
RPT211607140-23
www.burodb.nl info@burodb.nl
Verklaring en documentatie Opdrachtgever(s)
Wissing bv
Titel rapport
Kindcentrum Het Sterrenwerk in Sassenheim Akoestisch onderzoek
Kenmerk
RPT211607140-23
Datum publicatie
23 november 2021
Projectteam opdrachtgever(s)
de heer M. Reijnen
Projectteam BuroDB
de heer T.S. de Boer
Projectomschrijving
Akoestisch onderzoek naar het geluid dat wordt veroorzaakt door de activiteiten in en rondom het kindcentrum Het Sterrenwerk aan de Knorrenburgerlaan 2 in Sassenheim. Het betreft hier het geluid veroorzaakt door de technische installaties behorende tot het kindcentrum en het geluid veroorzaakt door de buitenspelende kinderen. Ook is rekening gehouden met het geluid veroorzaakt door het autoverkeer dat van en naar het kindcentrum rijdt.
Advies en rapport
BuroDB
Adres
Voorstraat 43
Postcode
8801 LA
Plaats
FRANEKER
Telefoon
+31 (0)6 209 57 903
Website
www.burodb.nl
info@burodb.nl
Dit document is eigendom van de opdrachtgever en mag door hem/haar gebruikt worden voor het doel waarvoor het is opgesteld, met inachtneming van de rechten die voortvloeien uit de wetgeving op het gebied van het intellectuele
eigendom. De auteursrechten van dit document blijven berusten bij BuroDB.
Inhoud
Pagina
1
Inleiding
1
2
Toetsingskader
3
2.1
VNG-publicatie ‘Bedrijven en milieuzonering’
3
2.1.1
Richtafstanden hindercontouren
3
2.1.2
Stappenplan
3
2.2
Bouwbesluit 2012
4
3
Uitgangspunten
5
3.1
Representatieve bedrijfssituatie
5
3.1.1
Situatie voorafgaand aan de fusie
5
3.1.2
Situatie na de fusie
6
3.2
Bronvermogens
9
3.3
Rekenmethode
10
3.4
Rekenmodel
10
4
Resultaten
12
4.1
Langtijdgemiddelde beoordelingsniveau LAr,LT
12
4.2
Maximaal geluidniveau LAmax
13
4.3
Indirecte hinder LAeq
14
5
Beoordeling resultaten
15
5.1
Langtijdgemiddelde beoordelingsniveau LAr,LT
15
5.1.1
Situatie voorafgaand aan de fusie
15
5.1.2
Situatie na de fusie
15
5.1.3
Conclusie
15
5.2
Maximaal geluidniveau LAmax
15
5.2.1
Situatie voorafgaand aan de fusie
15
5.2.2
Situatie na de fusie
15
5.2.3
Conclusie
16
5.3
Indirecte hinder LAeq
16
5.3.1
Situatie voorafgaand aan de fusie
16
5.3.2
Situatie na de fusie
16
5.3.3
Conclusie
16
6
Mogelijke maatregelen
17
6.1
Absorberend schoolplein
17
6.1.1
Langtijdgemiddelde beoordelingsniveau LAr,LT
17
6.1.2
Maximaal geluidniveau LAmax
18
6.2
Geluidscherm met hoogte 1,0 meter
18
6.2.1
Langtijdgemiddelde beoordelingsniveau LAr,LT
18
6.2.2
Maximaal geluidniveau LAmax
18
6.3
Geluidscherm met hoogte 2,0 meter
18
6.3.1
Langtijdgemiddelde beoordelingsniveau LAr,LT
18
6.3.2
Maximaal geluidniveau LAmax
19
7
Samenvatting en conclusies
20
Bijlagen 1
Figuren
2
Invoergegevens rekenmodel
3
Resultaten LAr,LT
4
Resultaten LAmax
5
Resultaten indirecte hinder
6
Vergelijking resultaten situatie voorafgaand aan en na fusie
7
Effecten geluidbeperkende maatregelen
1
Inleiding
De gemeente Teylingen heeft plannen voor de realisatie van nieuwbouw voor de basisscholen De Kinderburg en De Rank in Sassenheim. De twee basisscholen zijn met ingang van het schooljaar 2020-2021 gefuseerd en verder gegaan als
kindcentrum Het Sterrenwerk. Op dit moment wordt nog gebruik gemaakt van zowel de locatie aan de Sint Antoniuslaan 15 (onderbouw) als de locatie aan de Knorrenburgerlaan 2 (bovenbouw). Het voornemen bestaat om de onderbouw en de bovenbouw in één gebouw onder te brengen en wel op de locatie aan de Knorrenburgerlaan 2 in Sassenheim.
In figuur 1.1 is een luchtfoto met de betreffende locatie in de bestaande situatie weergegeven.
Figuur 1.1: Luchtfoto met situering locatie toekomstig kindcentrum Het Sterrenwerk, Knorrenburgerlaan 2 in Sassenheim
In het kader van een goede ruimtelijke ordening dient het geluid dat wordt veroorzaakt in en rondom het kindcentrum inzichtelijk te worden gemaakt. Het betreft hier zowel het geluid dat wordt veroorzaakt door de technische installaties behorende tot het kindcentrum als het geluid veroorzaakt door de buitenspelende kinderen (stemgeluid en het knallen van ballen tegen ballenvangers en hekwerk). Ook is rekening gehouden met het geluid dat wordt veroorzaakt door het autoverkeer dat van en naar het kindcentrum rijdt (indirecte hinder). De resultaten worden getoetst aan het stappenplan zoals opgenomen in de VNG-publicatie ‘Bedrijven en
milieuzonering’.
Kindcentrum Het Sterrenwerk in Sassenheim, Akoestisch onderzoek
1
In opdracht van Wissing bv uit Barendrecht is door BuroDB akoestisch onderzoek uitgevoerd waarin het geluid veroorzaakt door de activiteiten in en rondom het kindcentrum is berekend en beoordeeld. Leeswijzer In hoofdstuk 2 van dit rapport wordt ingegaan op het toetsingskader. In hoofdstuk 3 zijn de uitgangspunten van het onderzoek beschreven. In hoofdstuk 4 zijn de resultaten van het onderzoek gepresenteerd waarna deze in hoofdstuk 5 worden besproken. In hoofdstuk 6 worden de maatregelen besproken waarmee het geluid mogelijk beperkt kan worden. De conclusies van het onderzoek zijn tot slot beschreven in hoofdstuk 7.
Kindcentrum Het Sterrenwerk in Sassenheim, Akoestisch onderzoek
2
2
Toetsingskader
2.1
VNG-publicatie ‘Bedrijven en milieuzonering’
2.1.1
Richtafstanden hindercontouren
De VNG-publicatie ‘Bedrijven en milieuzonering’ geeft per bedrijfscategorie een ‘veilige’ afstand voor het 1
milieuaspect geluid, de zogenaamde richtafstand. Wanneer woningen binnen deze richtafstand zijn gelegen, dan is de realisatie van het plan alleen gemotiveerd mogelijk als aangetoond wordt dat ter plaatse van de woningen wordt voldaan aan de geluidgrenswaarden. Het kindcentrum valt onder SBI-code 852 ‘School voor basisonderwijs’. Volgens bijlage 1 van de VNGpublicatie bedraagt de richtafstand voor het kindcentrum voor wat geluid betreft 30 meter in het geval van omgevingstype ‘rustige woonwijk’. In geval van omgevingstype ‘gemengd gebied’ kan de afstand met één afstandsstap worden verlaagd tot 10 meter. Voor het gebied geldt het omgevingstype ‘rustige woonwijk’. De VNG-publicatie gaat bij de gestelde richtafstanden uit van de afstand van een woning van derden tot de grens van een inrichting. Zowel in de situatie voorafgaand aan de fusie als de situatie na de fusie is het perceel aan de Knorrenburgerlaan 2 omringd door woningen. De meest nabij gelegen woning van derden is de woning aan de Knorrenburg 2, ten zuidwesten van het perceel. De afstand tussen het perceel aan de Knorrenburgerlaan 2 en deze woning bedraagt circa 10 meter. De afstand valt daarmee binnen de richtafstand van 30 meter, waarmee een akoestisch onderzoek noodzakelijk is.
2.1.2
Stappenplan
De VNG-publicatie omschrijft voor de beoordeling van geluidhinder het volgende stappenplan: 1.
Indien de richtafstanden niet worden overschreden, kan onderzoek en verdere toetsing in beginsel achterwege blijven.
2.
Indien stap 1 niet toereikend is: a.
Bij een geluidbelasting op woningen en andere geluidgevoelige bestemmingen in gebiedstype ‘rustige woonwijk’ van maximaal: 45 dB(A) langtijdgemiddelde beoordelingsniveau LAr,LT (etmaalwaarde) 65 dB(A) maximale geluidniveaus LAmax (etmaalwaarde) 50 dB(A) verkeersaantrekkende werking LAeq (etmaalwaarde)
b.
Bij een geluidbelasting op woningen en andere geluidgevoelige bestemmingen in gebiedstype ‘gemengd gebied’ van maximaal: 50 dB(A) langtijdgemiddelde beoordelingsniveau LAr,LT (etmaalwaarde) 70 dB(A) maximale geluidniveaus LAmax (etmaalwaarde) 50 dB(A) verkeersaantrekkende werking LAeq (etmaalwaarde)
c.
1
Vrijstelling is dan mogelijk.
De richtafstand wordt gemeten vanaf de terreingrens van de inrichting
Kindcentrum Het Sterrenwerk in Sassenheim, Akoestisch onderzoek
3
3.
Indien stap 2 niet toereikend is: a.
Bij een geluidbelasting op woningen en andere geluidgevoelige bestemmingen in gebiedstype ‘rustige woonwijk’ van maximaal: 50 dB(A) langtijdgemiddelde beoordelingsniveau LAr,LT (etmaalwaarde) 70 dB(A) maximale geluidniveaus LAmax (etmaalwaarde) 50 dB(A) verkeersaantrekkende werking LAeq (etmaalwaarde)
b.
Bij een geluidbelasting op woningen en andere geluidgevoelige bestemmingen in gebiedstype ‘gemengd gebied’ van maximaal: 55 dB(A) langtijdgemiddelde beoordelingsniveau LAr,LT (etmaalwaarde) 70 dB(A) maximale geluidniveaus LAmax (etmaalwaarde) 65 dB(A) verkeersaantrekkende werking LAeq (etmaalwaarde)
c.
Vrijstelling is dan mogelijk met dien verstande dat het bevoegd gezag moet motiveren waarom het deze geluidbelasting in de concrete situatie acceptabel acht.
4.
2.2
Bij een hogere geluidbelasting dan aangegeven in stap 3 zal vrijstelling doorgaans niet mogelijk zijn.
Bouwbesluit 2012
Ten behoeve van de realisatie van het plan dient te worden aangetoond dat voldaan kan worden aan de eisen zoals gesteld in het Bouwbesluit 2012 met betrekking tot het beschermen tegen het geluid van technische installaties, zoals bijvoorbeeld warmtepompen. Aanvullend op de reeds geldende bepalingen is sinds 1 april 2021 een nieuwe regeling van kracht: ‘Een installatie voor warmte- of koudeopwekking, die is opgesteld buiten de uitwendige scheidingsconstructie van een bouwwerk, veroorzaakt op de perceelgrens met een perceel voor een (andere) woonfunctie een geluidniveau van ten hoogste 40 dB, bepaald volgens de Handleiding Meten en Rekenen Industrielawaai.’ Bij realisatie van het nieuwe schoolgebouw zal deze regeling (ook) in acht moeten worden gehouden. Op dit moment is nog niet bekend welke technische installaties voor warmte- of koudeopwekking toegepast gaan worden en op welke locatie deze zullen worden toegepast. Daarmee is ook nog niet duidelijk hoeveel geluid deze installaties zullen gaan produceren. Er kan nu dus nog niet worden beoordeeld of met de op en/of bij het kindcentrum op te stellen technische installaties aan de hiervoor benoemde nieuw ingestelde eis voldaan zal worden.
Ten behoeve van de aanvraag van de omgevingsvergunning, wanneer bekend is welke installaties met bijbehorend bronvermogen daadwerkelijk toegepast gaan worden en op welke locatie, dient dit separaat beoordeeld te worden en ter goedkeuring aan de gemeente te worden voorgelegd.
Kindcentrum Het Sterrenwerk in Sassenheim, Akoestisch onderzoek
4
3
Uitgangspunten
3.1
Representatieve bedrijfssituatie
3.1.1
Situatie voorafgaand aan de fusie
De situatie voorafgaand aan de fusie betreft de situatie waarbij in het bestaande gebouw aan de Knorrenburgerlaan 2 alleen basisschool De Kinderburg gevestigd is. Dit is de situatie waarbij zowel de onderbouw als de bovenbouw van basisschool De Kinderburg op de locatie aanwezig is, hetgeen tot en met schooljaar 2019-2020 het geval is geweest. Voor deze situatie zijn de volgende uitgangspunten gehanteerd: Het betreft maximaal 250 kinderen in de leeftijd van 4 tot 12 jaar. De kinderen zijn verdeeld over 5 groepen onderbouw (in de leeftijd van 4 tot en met 7 jaar) en 6 groepen bovenbouw (in de leeftijd van 8 tot en met 12 jaar) met elk circa 25 kinderen. Elke leeftijdscategorie is (nagenoeg) evenredig vertegenwoordigd. Met uitzondering van de woensdag wordt op doordeweekse dagen les gegeven van 08:30 uur tot 14:30 uur. Op de woensdag zijn de kinderen vanaf 12:15 uur vrij. Voor de kleuters (groep 1-2, totaal 3 groepen) is er van uitgegaan dat er telkens één groep buiten aan het spelen is, gedurende de gehele dag. Dit houdt in dat er tussen 08:30 uur en 14:30 uur continu 25 kleuters buiten spelen (‘worst-case-scenario’). Voor de overige kinderen (groep 3 tot en met groep 8, totaal (11-3 =) 8 groepen) is er van uitgegaan dat zij met 4 groepen tegelijk buiten spelen tijdens de pauze. De pauzetijden zijn tussen 10:00 uur en 10:30 uur en tussen 12:00 uur en 13:00 uur.
Dit houdt in dat er in de pauze continu 100 kinderen buiten spelen. In het onderzoek is ook rekening gehouden met het in de ochtend brengen en in de middag halen van de kinderen. Uitgangspunt is dat alle kinderen tussen 08:15 uur en 08:30 uur en tussen 14:30 uur en 14:45 uur (of 12:15 uur en 12:30 uur) buiten spelen. Op het schoolplein zijn onder meer speeltoestellen geplaatst. Ook staat er een hekwerk rondom het plein. Op het schoolplein kan ook worden gevoetbald. Volgens opgave vindt dit plaats aan de achterzijde van de school aan de noordkant van het schoolplein, zie ook figuur 3.1. In de berekeningen is voor dit deel van het schoolplein rekening gehouden met piekgeluiden veroorzaakt door het knallen met ballen tegen het hekwerk. Uitgangspunt is dat op het dak van de school een luchtbehandelingskast opgesteld is. Een deel van de kinderen wordt gebracht en gehaald met de auto. Uitgangpunt is dat hierbij circa 214 autoritten worden gegenereerd, uitsluitend gedurende de dagperiode (tussen 07:00 uur en 19:00 uur).
Kindcentrum Het Sterrenwerk in Sassenheim, Akoestisch onderzoek
5
voetballen
Figuur 3.1: Luchtfoto met schoolplein basisschool De Kinderburg aan de Knorrenburgerlaan 2 in Sassenheim
3.1.2
Situatie na de fusie
De situatie na de fusie betreft de situatie waarbij het bestaande gebouw waarin voorheen basisschool
De Kinderburg was gevestigd, is gesloopt en vervangen door de nieuwbouw van kindcentrum Het Sterrenwerk. Het kindcentrum biedt onderdak zowel aan de leerlingen van basisscholen De Kinderburg en De Rank
als aan de baby’s, dreumesen en peuters van het kinderdagverblijf van BLOS kinderopvang. Daarnaast is voor de kinderen van de basisscholen een voorschoolse en buitenschoolse opvang (VSO/BSO) aanwezig
ter grootte van maximaal 50 leerlingen. Met betrekking tot de basisscholen zijn voor deze situatie de volgende uitgangspunten gehanteerd: Het betreft maximaal 400 kinderen in de leeftijd van 4 tot 12 jaar. De kinderen zijn verdeeld over 16 groepen (2 groepen per leerjaar) met elk circa 25 kinderen. Elke leeftijdscategorie is (nagenoeg) evenredig vertegenwoordigd. Met uitzondering van de woensdag wordt op doordeweekse dagen les gegeven van 08:30 uur tot 14:30 uur. Op de woensdag zijn de kinderen vanaf 12:15 uur vrij. Voor de kleuters (groep 1 en 2, totaal 4 groepen) is er van uitgegaan dat zij met twee groepen tegelijk buiten spelen, verdeeld over de gehele dag. Dit houdt in dat er tussen 08:30 uur en 14:30 uur continu 50 kleuters buiten spelen (‘worst-case-scenario’). Voor de overige kinderen (groep 3 tot en met groep 8, dus totaal 12 groepen) is er van uitgegaan dat zij met 4 groepen tegelijk buiten spelen tijdens de pauze. De pauzetijden zijn tussen 10:00 uur en 10:30 uur en tussen 12:00 uur en 13:00 uur. Dit houdt in dat er in de pauze continu 100
kinderen buiten spelen.
Kindcentrum Het Sterrenwerk in Sassenheim, Akoestisch onderzoek
6
In het onderzoek is ook rekening gehouden met het in de ochtend brengen en in de middag halen van de kinderen. Uitgangspunt is dat alle kinderen tussen 08:15 uur en 08:30 uur en tussen 14:30 uur en 14:45 uur (of 12:15 uur en 12:30 uur) buiten spelen, met uitzondering van de 50 kinderen die gebruik maken van de voorschoolse en/of buitenschoolse opvang (VSO/BSO). Op het schoolplein zullen onder meer speeltoestellen en ballenvangers worden geplaatst. Ook zal er een hekwerk rondom het plein geplaatst worden. Op het schoolplein kan ook worden
gevoetbald. Volgens opgave gaat dit plaatsvinden aan de zijde van de Van Alkemadelaan, zie ook figuur 3.2. In de berekeningen is voor dit deel van het schoolplein rekening gehouden met piekgeluiden veroorzaakt door het schieten met ballen tegen de ballenvangers en/of het hekwerk. Uitgangspunt is dat op het dak van de school een luchtbehandelingskast en een luchtwarmtepomp opgesteld worden.
Een deel van de kinderen wordt gebracht en gehaald met de auto. Uitgangpunt is dat hierbij circa 440 autoritten worden gegenereerd, uitsluitend gedurende de dagperiode (tussen 07:00 uur en
19:00 uur). De gemeente heeft besloten dat de kiss + ride zone hiervoor aan de zijde van de Van Alkemadelaan wordt gesitueerd, zie ook figuur 3.2.
locatie K+R en voetballen
Figuur 3.2: Toekomstige situatie kindcentrum Het Sterrenwerk aan de Knorrenburgerlaan 2 in Sassenheim
Kindcentrum Het Sterrenwerk in Sassenheim, Akoestisch onderzoek
7
De beide basisscholen bieden ook voorschoolse opvang (VSO) en buitenschoolse opvang (BSO) aan. In aanvulling op het bovenstaande worden met betrekking tot de VSO / BSO voor deze situatie de volgende uitgangspunten gehanteerd: Het betreft maximaal 50 kinderen in de leeftijd van 4 tot 13 jaar. Elke leeftijdscategorie is (nagenoeg) evenredig vertegenwoordigd. Volgens opgave is de VSO geopend vanaf 07:30 uur tot het begin van de reguliere schooldag. De BSO is geopend vanaf het einde van de reguliere schooldag tot 18:30 uur. Voor de kinderen is er van uitgegaan dat zij continu buiten kunnen spelen, zeker op warme zomerse dagen. Dit houdt in dat er op een maatgevende woensdag tussen 07:30 uur en 08:30 uur en tussen 12:15 uur en 18:30 uur continu 50 kinderen buiten kunnen spelen. Dit is een ‘worst-case-scenario’, omdat de kinderen ook op zomerse dagen activiteiten binnen zullen hebben en niet continu buiten zullen zijn. In het onderzoek is ook rekening gehouden met het in de ochtend brengen en in de middag halen van de kinderen. Uitgangspunt is dat alle kinderen tussen 07:15 uur en 07:30 uur en tussen 18:30 uur en 18:45 uur buiten spelen. Uitgangspunt bij de berekeningen is dat de VSO / BSO gebruik maakt van het schoolplein van de beide basisscholen.
Met betrekking tot het kinderdagverblijf voor deze situatie de volgende uitgangspunten gehanteerd: Het betreft maximaal 32 kinderen in de leeftijd van 0 tot 4 jaar. De kinderen zijn verdeeld over 2 groepen met elk 16 kinderen. Elke leeftijdscategorie is (nagenoeg) evenredig vertegenwoordigd. Volgens de website van BLOS kinderopvang is het kinderdagverblijf geopend van 07:30 uur tot 18:30 uur. Voor de kinderen is er van uitgegaan dat zij continu buiten kunnen spelen, zeker op warme zonnige dagen. Uitzondering hierop zijn de baby’s en dreumesen, die overdag ook slapen en maar beperkt buiten zullen zijn. Uitgangspunt bij de berekeningen is dan ook dat er tussen 07:30 uur en 18:30 uur continu 16 kinderen buiten kunnen spelen. In het onderzoek is ook rekening gehouden met het in de ochtend brengen en in de middag halen van de kinderen. Uitgangspunt is dat alle kinderen tussen 07:15 uur en 07:30 uur en tussen 18:30 uur en 18:45 uur buiten spelen. Het kinderdagverblijf wordt gesitueerd aan de noordwestzijde van het kindcentrum. Aan deze zijde bevindt zich ook een speelplein dat alleen door het kinderdagverblijf gebruikt kan worden, zie ook figuur 3.3.
Kindcentrum Het Sterrenwerk in Sassenheim, Akoestisch onderzoek
8
kinderdagverblijf met eigen speelplein
Figuur 3.3: Schetsontwerp plattegrond begane grond met situering kinderdagverblijf met bijbehorend speelplein
3.2
Bronvermogens
Voor het stemgeluid van de spelende kinderen is uitgegaan van een gemiddeld zeer luid stemgeluid van 75 dB(A). Dit is gebaseerd op een publicatie van het Nederlands Akoestisch Genootschap (NAG-journaal 123, mei 1994). Uit deze publicatie blijkt dat het gemiddeld stemgeluid varieert van 60 dB(A) tot 80 dB(A).
In tabel 3.1 is een overzicht gegeven van de bronvermogens voor menselijk stemgeluid. Voor de piekgeluiden is uitgegaan van maximaal schreeuwen met een bronvermogen van 95 dB(A). Stemvolume
Bronvermogen LWR [dB(A)] Minimaal
Gemiddeld
Maximaal
Rustig
40
60
75
Normaal
45
65
80
Verheven
50
70
85
Zeer luid
55
75
90
Schreeuwen
60
80
95
Tabel 3.1: Geluidproductie menselijke stem (bron: NAG-journaal 123, mei 1994)
Kindcentrum Het Sterrenwerk in Sassenheim, Akoestisch onderzoek
9
Uitgangspunt bij de berekeningen is dat de kinderen gedurende 50% van de tijd stemgeluid produceren tijdens het spelen. Dit komt overeen met een bronvermogen van 75 + 10 LOG (0,50) = 72 dB(A) per kind. Voor het knallen van de bal tegen de ballenvangers en het hekwerk rondom het schoolplein is uitgegaan van een maximaal bronvermogen van 106 dB(A). Voor de technische installaties is uitgegaan van een bronvermogen van 80 dB(A) per installatie. Uitgangspunt bij de berekeningen is dat de installaties alleen gedurende de dagperiode in gebruik zijn (tussen 07:00 uur en 19:00 uur). Voor de personenauto’s is uitgegaan van een bronvermogen van 88 dB(A). Voor het dichtslaan van autoportieren is uitgegaan van een maximaal bronvermogen van 100 dB(A).
3.3
Rekenmethode
Het onderzoek is uitgevoerd conform rekenmethode II.8 uit de ‘Handleiding meten en rekenen industrielawaai’.
3.4
Rekenmodel
Zowel van de situatie voorafgaand aan de fusie als de situatie na de fusie en de directe omgeving is op basis van de betreffende bedrijfssituatie een overdrachtsmodel opgesteld met behulp van het programma Geomilieu versie 5.00. De locatie van de nieuwbouw is nog niet exact bekend. De zwarte stippellijn in figuur 3.2 laat het zoekgebied zien waarbinnen het kindcentrum gerealiseerd kan gaan worden. Waar in eerdere berekeningen is uitgegaan van het gehele zoekgebied als bouwvlak, is nu uitgegaan van de gebouwvorm volgens het schetsontwerp, d.d. 22 maart 2021, zoals opgesteld door LIAG architecten + bouwadviseurs uit Den Haag. Door uit te blijven gaan van het bouwvlak ter grootte van het gehele zoekgebied, valt een deel van het schoolplein - met in het bijzonder het schoolplein van het kinderdagverblijf - namelijk binnen het bouwvlak en is het niet mogelijk om in het rekenmodel kinderen te laten spelen waar dit in de praktijk zal gaan gebeuren. Met andere woorden, het is niet mogelijk om de relevante geluidbronnen op de juiste positie te plaatsen.
De relevante geluidbronnen zijn schematisch ingevoerd of als oppervlaktebron met een hoogte van 1,50 meter ten opzichte van lokaal maaiveld (gemiddeld stemgeluid) of als puntbron met een hoogte van 1,50 meter (schreeuwen) dan wel 0,50 meter (knallen van ballen tegen ballenvangers en/of hekwerk) ten opzichte van lokaal maaiveld of als mobiele bron met een hoogte van 0,75 meter ten opzichte van lokaal maaiveld (personenauto’s).
Kindcentrum Het Sterrenwerk in Sassenheim, Akoestisch onderzoek
10
In tabel 3.2 is een overzicht gegeven van de gehanteerde oppervlaktebronnen met bijbehorende bronvermogens en buitenspeeltijd. Bronvermogen #
Omschrijving
LWR
Buitenspeeltijd
72 + 10 LOG (n)
[uur]
[dB(A)] Situatie voorafgaand aan de fusie B_01
Kleuters (25 kinderen)
86
6,00
B_02
Overige groepen pauze (100 kinderen)
92
1,50
B_03
Brengen en halen (250 kinderen)
96
0,50
Situatie na de fusie Basisscholen T_01
Kleuters (50 kinderen)
89
6,00
T_02
Overige groepen pauze (100 kinderen)
92
1,50
T_03
Brengen en halen (350 kinderen)
97
0,50
84
11,00
87
0,50
Kinderdagverblijf T_04 T_05
Baby’s, dreumesen en peuters (0,5 x 32 = 16 kinderen) Brengen en halen (32 kinderen)
Voorschoolse en buitenschoolse opvang T_06
VSO / BSO (50 kinderen)
89
7,25
T-07
Brengen en halen (50 kinderen)
89
0,50
Tabel 3.2: Oppervlaktebronnen met bronvermogen en buitenspeeltijd
Aan de hand van geluidoverdrachtsberekeningen (methode II.8) is de geluidbijdrage van de individuele bronnen op de immissiepunten bepaald. Deze immissiepunten of rekenpunten zijn gesitueerd op de gevels van de woningen gelegen nabij het kindcentrum. Het schoolplein, de wegen, het water en andere relevante terreinverhardingen zijn als ‘akoestisch hard’ (bodemfactor 0,0) ingevoerd. Voor het gehele gebied is een ‘akoestisch zachte’ bodem aangehouden (bodemfactor 1,0). In het rekenmodel zijn meerdere rekenpunten ingevoerd met beoordelingshoogte 1,50 meter (begane grond), 4,50 meter (eerste verdieping) - waar relevant - en 7,50 meter (tweede verdieping). Een compleet overzicht van de in het rekenmodel opgenomen relevante items is opgenomen in de figuren van bijlage 1 en de tabellen van bijlage 2 van dit rapport.