3. Accountantsverslag 2024 GR VAB - Accountantsverslag 2024 GR VAB
Tekst van het document
Accountantsverslag 2024 Vuilafvoerbedrijf Duin- en Bollenstreek
Aan het algemeen bestuur van de gemeenschappelijke regeling Vuilafvoerbedrijf Duin- en Bollenstreek Postbus 123 2215 ZJ Voorhout
Onderwerp Accountantsverslag 2024 Datum 28 maart 2025 Kenmerk 312023007.25.136
Geacht algemeen bestuur, Wij hebben de controle van de jaarrekening 2024 van uw gemeenschappelijke regeling nagenoeg afgerond. De jaarrekening van de gemeenschappelijke regeling Vuilafvoerbedrijf Duin- en Bollenstreek is opgesteld onder verantwoordelijkheid van het dagelijks bestuur. Met dit accountantsverslag informeren wij u over onze belangrijkste controlebevindingen. Op 17 januari 2025 hebben wij onze belangrijkste controlebevindingen besproken met medewerkers van financiën en uw dagelijks bestuur. Bij de jaarrekening 2024 hebben wij op 28 maart 2025 een goedkeurende controleverklaring afgegeven voor het aspect getrouwheid. Ons accountantsverslag is bedoeld om u te ondersteunen in de beoordeling van de jaarrekening 2024. De bevindingen en beschouwingen in dit verslag komen voort uit onze controlewerkzaamheden en diverse besprekingen die wij met uw medewerkers hebben gevoerd. Voor de goede orde vermelden wij dat uw controlerende taak uiteraard verder gaat dan uitsluitend het financieel getinte perspectief vanuit de accountantscontrole. Wij maken u erop attent dat voor dit accountantsverslag een beperkte verspreidingskring geldt. Het accountantsverslag is uitsluitend bestemd voor het dagelijks en algemeen bestuur van uw gemeenschappelijke regeling en mag alleen met onze instemming openbaar worden gemaakt. Met vriendelijke groet, Publieke Sector Accountants B.V.
ValidSigned door R. van Hattem Msc RA op 28-03-2025
R. van Hattem MSc RA
Publieke Sector Accountants B.V. is ingeschreven in het handelsregister van de Kamer van Koophandel te Utrecht onder nummer 69411409.
Inhoudsopgave
Contact De volgende personen kunnen benaderd worden bij vragen met betrekking tot dit accountantsverslag: Ralf van Hattem Tel: 06 – 1234 5175 Robbert Heevel Tel: 06 – 8333 0186
1. Onze controleaanpak en de uitkomsten daarbij ....1 2. Financiële positie en resultaat ..............................5 3. Bevindingen ....................................................... 10 4. Overige aangelegenheden .................................. 13
1.
Onze controleaanpak en de uitkomsten daarbij
312023007.25.136
1. Onze controleaanpak en de uitkomsten daarbij Reikwijdte van de controle
Met de opdrachtbevestiging van 27 augustus 2024 heeft u ons de opdracht gegeven tot het controleren van de jaarrekening 2024. De reikwijdte van onze controle staat omschreven in deze opdrachtbevestiging. Er is gedurende het verloop van de controle op geen enkele wijze sprake geweest van een beperking in de reikwijdte van onze controle. De doelstelling van de controle is het afgeven van een controleverklaring bij de jaarrekening van gemeenschappelijke regeling Vuilafvoerbedrijf Duin- en Bollenstreek. In dit accountantsverslag geven wij een toelichting op de bevindingen naar aanleiding van de controle. Onze controle wordt verricht in overeenstemming met Nederlands recht, waaronder de Nederlandse Controlestandaarden en de beleidsregels toepassing Wet normering topinkomens (WNT). Tijdens de uitvoering van de oorspronkelijke controleplanning hebben zich geen wijzigingen van materieel belang in de reikwijdte voorgedaan. Wij achten de reikwijdte van onze controle voor 2024 voldoende voor de doelstelling van onze controle.
Materialiteitsbepaling is overeenkomstig uw vastgestelde controleprotocol
De materialiteitsbepaling bij uw gemeenschappelijke regeling is gebaseerd op de Bado (artikel 2 lid 1) en op het door het algemeen bestuur vastgestelde controleprotocol d.d. 5 maart 2025. Voor fouten is deze gebaseerd op 1% van de lasten inclusief stortingen in reserves en voor onzekerheden op 3% van de lasten inclusief stortingen in reserves. In het controleprotocol heeft u geen lagere marges vastgesteld. De bij onze controle van de jaarrekening 2024 toegepaste goedkeuringstoleranties bedragen derhalve:
Bron: jaarrekening 2023 Goedkeuringsmaterialiteit
Fouten € 6.525
Onzekerheden € 19.575
Het algemeen bestuur heeft in het controleprotocol geen afwijkende rapporteringstolerantie vastgesteld. Voor de controle op naleving van de Wet Normering Topinkomens (WNT) hanteren wij een lagere materialiteit. Deze specifieke materialiteitsberekening is verplicht gesteld vanuit het controleprotocol WNT.
312023007.24.212
Onze aanpak is gericht op risico’s
Voor de jaarrekeningcontrole 2024 hebben wij de volgende risico’s en aandachtspunten onderkend:
De waardering en toelichting inzak de financiële vaste activa inzake de deelname en lening met MeerVab BV. De naleving van de (Europese) aanbestedingsregels. De controle op de prestatielevering van inkopen. Management override of controls. Vanuit de controlerichtlijnen dienen wij specifiek aandacht te besteden aan de mogelijkheid die het management heeft om specifieke controlemaatregelen te omzeilen. Voorbeelden kunnen zijn de memoriaalboekingen (handmatige (correctie)boekingen) en posten die gezien hun aard schattingselementen in zich hebben. De specifieke aandacht voor dit risico is voorgeschreven vanuit de controlerichtlijnen en is niet uniek voor uw gemeenschappelijke regeling. De actualisatie van de (fraude-)risicoanalyse. De invoering van de rechtmatigheidsverantwoording. De juistheid van de gegevens die zijn opgenomen in de WNT-verantwoording.
Opname van een risico of aandachtspunt in bovenstaande opsomming betekent niet dat daadwerkelijk sprake is geweest van risico’s die zich ook hebben voorgedaan, maar zijn enkel bedoeld om aan te geven dat wij hier tijdens onze controle (extra) aandacht aan hebben besteed. Voor een toelichting op een aantal onderkende risico’s en aandachtpunten verwijzen wij naar het hoofdstuk ‘Bevindingen eindejaarscontrole’. Daarnaast verwijzen wij u naar onze bevindingen in het hoofdstuk ‘Interne beheersing’.
Uw rechtmatigheidsverantwoording
In de jaarrekening 2024 legt het dagelijks bestuur voor de tweede keer verantwoording af over een drietal rechtmatigheidscriteria die niet expliciet blijken uit het getrouw opnemen van de baten en lasten alsmede de balansmutaties. Dit betreffen het begrotings-, voorwaarden-, en misbruik- en oneigenlijk gebruik criterium. In deze rechtmatigheidsverantwoording licht het dagelijks bestuur toe in hoeverre bij de in de jaarrekening verantwoorde baten en lasten, alsmede de balansmutaties het begrotings-, voorwaarden-, en misbruik- en oneigenlijk gebruik criterium zijn nageleefd. Dit houdt in dat de verantwoorde baten en lasten, alsmede de balansmutaties in overeenstemming zijn met door het algemeen bestuur vastgestelde kaders zoals de begroting en verordeningen en met bepalingen in de relevante wet- en regelgeving. Bij de waarderingsgrondslagen in de jaarrekening is het door het algemeen bestuur vastgestelde normenkader van de relevante wet- en regelgeving verder toegelicht. Deze verantwoording hanteert een grensbedrag omdat alleen de van belang zijnde aspecten in de verantwoording hoeven te worden betrokken. Deze grens is door het algemeen bestuur bepaald en bedraagt € 5.000. In lijn met de verordening financieel beleid en beheer worden in de paragraaf bedrijfsvoering geconstateerde afwijkingen (fouten of onduidelijkheden) groter dan € 5.000 duizend toegelicht.
De tekst van de rechtmatigheidsverantwoording voldoet niet volledig aan de voorgeschreven modeltekst, omdat er is gekozen voor een vast grens niet voor een percentage. De afwijkingen bedragen in totaal € 18.085. Dit is groter dan verantwoordingsgrens.
312023007.25.136
De jaarrekening voldoet aan het BBV
Significante verslaggevingsgrondslagen en de toepassing hiervan zijn belangrijk voor de presentatie van de financiële positie en de baten en lasten van de gemeenschappelijke regeling Vuilafvoerbedrijf Duin- en Bollenstreek. Daarnaast vereisen zij van het dagelijks bestuur het toepassen van oordeelsvorming ten aanzien van moeilijke, subjectieve en complexe posities, die vaak – vanwege de noodzaak om inschattingen te moeten maken over het effect van zaken – inherent onzeker zijn. De belangrijkste verslaggevingsgrondslagen van de gemeenschappelijke regeling zijn uiteengezet in de ‘Grondslagen voor waardering en resultaatbepaling’ van de jaarrekening 2024. In de jaarrekening 2024 hebben zich ten opzichte van 2023 geen wijzigingen van materieel belang voorgedaan in de toegepaste verslaggevingsgrondslagen, die een aanzienlijke invloed hebben gehad op de baten en lasten en/of de financiële positie van de gemeenschappelijke regeling. Wel is er een materiële positie bijgekomen ten aanzien van de financiële activa ingevolge de transacties met MeerVab B.V. Wij zijn van mening dat de verslaggevingsgrondslagen en de toegepaste inschattingen redelijk zijn en consistent zijn gebruikt: de jaarstukken voldoen aan het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV).
Geen geïdentificeerde materiële fouten en tekortkomingen in de jaarstukken
Naar aanleiding van onze jaarrekeningcontrole, resteren er geen van materieel belang zijnde ongecorrigeerde afwijkingen of onzekerheden. Door ons gerapporteerde bevindingen zijn derhalve niet materieel (dus hebben geen invloed op de strekking van onze controleverklaring), maar zijn naar onze mening vooral van belang voor uw beoordeling van de jaarstukken en de verdere kwaliteitsverbetering van de administratieve organisatie en interne beheersing. Voor de niet materiële fouten en tekortkomingen in de jaarstukken verwijzen wij u naar de diverse onderdelen van dit rapport.
Goedkeurende controleverklaring
Wij zijn van oordeel dat de jaarrekening 2024 van de gemeenschappelijke regeling Vuilafvoerbedrijf Duin- en Bollenstreek een getrouw beeld geeft van het eigen vermogen op 31 december 2024 en het resultaat over 2024. Voorts zijn wij van oordeel dat de in deze jaarrekening verantwoorde baten en lasten alsmede de balansmutaties over 2024 in alle van materieel belang zijnde aspecten tot stand zijn gekomen in overeenstemming met de in de relevante wet- en regelgeving opgenomen bepalingen, zoals opgenomen in het normenkader (vastgesteld door het algemeen bestuur op 5 maart 2025). Mochten nog wijzigingen worden aangebracht in de definitieve versie van de jaarrekening dan dienen wij deze te beoordelen alvorens onze controleverklaring hierbij mag worden opgenomen.
312023007.25.136
2.
Financiële positie en resultaat
312023007.25.136
2. Financiële positie en resultaat De vermogenspositie van uw gemeenschappelijke regeling neemt in absolute zin af
In het BBV, de verslaggevingsregels voor uw gemeenschappelijke regeling, wordt een duidelijk onderscheid gemaakt tussen resultaatbepaling en resultaatbestemming. Alle baten en lasten dienen via het overzicht van baten en lasten in de jaarrekening te lopen. Er mogen geen baten of lasten rechtstreeks in het eigen vermogen (dat bestaat uit de algemene reserve en de bestemmingsreserves) worden gemuteerd. De mutaties in het eigen vermogen vinden plaats door middel van de resultaatbestemming. Het gerealiseerd totaalsaldo van baten en lasten in 2024 bedraagt € 45.000 voordelig. Per saldo is tussentijds geen sprake van tussentijdse resultaatbestemming zodat het uiteindelijk gerealiseerde resultaat over 2024 €45.000 voordelig bedraagt. Dit resultaat is afzonderlijk vermeld onder het eigen vermogen in de balans. In het hiernavolgende overzicht hebben wij de ontwikkeling van het eigen vermogen opgenomen.
Bedragen in € 1.000 (door afrondingen kunnen geringe verschillen ontstaan)
2024
2023
Eigen vermogen per 1 januari
373
274
Tussentijdse resultaatbestemming
-/- 0
-/- 0
Nog te bestemmen resultaat
45
99
Totaal (‘gerealiseerde resultaat voor bestemming)
45
99
Eigen vermogen per 31 december
418
373
De tussentijdse resultaatbestemming bestaat uit de stortingen in en onttrekkingen aan de reserves, in overeenstemming met de besluiten van het algemeen bestuur. De omvang van het eigen vermogen bedraagt ultimo 2024 10% van het balanstotaal (op 31 december 2023: 9,9% van het balanstotaal). In de toelichting op balans bij het onderdeel eigen vermogen van de jaarrekening geeft
312023007.25.136
het dagelijks bestuur een nadere toelichting op de mutaties in het eigen vermogen over het jaar 2024. Wij verwijzen u naar deze toelichting.
Resultaat 2024 is beïnvloed door reservemutatie(s)
Het feitelijke saldo van baten en lasten in een jaar wordt weergegeven als het gerealiseerde resultaat voor bestemming. Daarnaast kent de gemeenschappelijke regeling ook het nog te bestemmen resultaat. Dit is het gerealiseerde resultaat voor bestemming plus of min de tussentijdse resultaatbestemmingen. Deze bestemmingen bestaan uit in de loop van het jaar gedane onttrekkingen uit reserves minus de tussentijdse stortingen in reserves. De stortingen in dan wel onttrekkingen aan reserves vinden plaats op basis van door algemeen bestuur genomen besluiten. Concreet betekent dit voor uw gemeenschappelijke regeling het volgende: Exploitatieresultaat (in € 1.000)
Realisatie 2024
Totale baten
603
Totale lasten
558
Gerealiseerd resultaat voor bestemming (nadelig)
45
Af: stortingen in reserves
108
Bij: onttrekkingen aan reserves
108
Saldo mutaties reserves, per saldo onttrekking
0
Nog te bestemmen resultaat (voordelig)
45
De exploitatie over 2024 laat een voordelig gerealiseerd resultaat voor bestemming van € 45.000 zien, ten opzichte van een begroot (na wijziging) saldo van € 0. Het gerealiseerde voordelig nog te bestemmen resultaat ad € 45.000 is afzonderlijk op de balans onder het eigen vermogen opgenomen. In de jaarstukken wordt voorgesteld om het voordelige resultaat van € 45.000 duizend toe te voegen aan de algemene reserve.
Uw gemeenschappelijke regelingen houdt geen weerstandscapaciteit aan om risico’s op te vangen.
Het weerstandsvermogen bestaat uit de relatie tussen de beschikbare weerstandscapaciteit en de benodigde weerstandscapaciteit vanwege ingeschatte risico’s. De beschikbare weerstandscapaciteit heeft het dagelijks bestuur bepaald op € 0. In de jaarrekening is opgenomen dat de gemeenschappelijke regeling geen reserves aanhoudt voor het opvangen van risico’s. Er is daarom ook geen weerstandsvermogen bepaalde. In de paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing heeft het dagelijks bestuur een opsomming gegeven van ingeschatte risico’s. Deze cumuleren voor 2024 tot een bedrag van € 280.000. Wij begrijpen dat de risico’s worden opgevangen door de aangesloten gemeenten.
312023007.25.136
Voor meer gedetailleerde informatie over uw weerstandspositie, de onderkende risico’s en de kwantificering daarvan verwijzen wij u naar de paragraaf Weerstandscapaciteit en risicomanagement in uw jaarstukken 2024. Overigens merken wij hierbij op dat deze cijfers niet aan accountantscontrole zijn onderworpen, omdat deze niet in de jaarrekening, maar in het jaarverslag zijn opgenomen.
312023007.25.136
3.
Bevindingen
312023007.25.136
3. Bevindingen Uw rechtmatigheidsverantwoording
Begrotingsafwijkingen In het kader van de begrotingsrechtmatigheid moet gekeken worden naar de lastenoverschrijdingen op het niveau waarop uw gemeenschappelijke regeling de begroting autoriseert (in lijn met het begrotingscriterium in uw financiële verordening). In uw geval is dat op taakveldniveau. U gemeenschappelijke regeling rapporteert in de rechtmatigheidsverantwoording over de volgende afwijkingen op het niveau van de taakvelden:
Wij benoemen ten aanzien van de rechtmatigheidsverantwoording een aantal aandachtspunten:
Er wordt in de rechtmatigheidsverantwoording gerapporteerd op basis van een vaste grens. Normaal gesproken wordt er gerapporteerd op basis van een percentage; In de rechtmatigheidsverantwoording wordt gerefereerd aan programma’s, terwijl gerefereerd zou moeten worden op het autorisatieniveau van de begroting (taakvelden); De verschillenverklaringen bij de rechtmatigheidsverantwoording lijken niet aan te sluiten op de afwijkingen in de tabel. Alleen die verschillen die niet acceptabel zijn, zouden verklaard moeten worden bij dat onderdeel (en op het juiste autorisatieniveau). Het wordt in de rechtmatigheidsverantwoording niet toegelicht op grond waarvan de afwijkingen als acceptabel aangemerkt worden. 10
Wet normering topinkomens (WNT)
In de rechtmatigheidsverantwoording wordt verwezen naar de grondslagen waar het normenkader verder wordt toegelicht. In de grondslagen is geen nadere informatie opgenomen over de rechtmatigheidsverantwoording en/of het normenkader.
De Wet normering topinkomens (WNT) is in werking getreden met ingang van 1 januari 2013. De WNT regelt niet alleen de openbaarmaking van topinkomens in de publieke en semipublieke sector, maar stelt ook maxima aan de hoogte van de bezoldiging van topfunctionarissen en tevens aan de ontslagvergoedingen. Met ingang van 1 januari 2013 is bij wet vastgelegd dat rechtspersonen of organisaties die volledig of in aanzienlijke mate uit publieke middelen zijn gefinancierd beloningen van topfunctionarissen openbaar dienen te maken, ook als deze de in de wet gestelde maximale bezoldiging over € 233.000 niet te boven gaat. Daarnaast dienen gemeenschappelijke regelingen het salaris openbaar te maken van overige medewerkers (inclusief – wanneer aan bepaalde voorwaarden is voldaan – ingehuurd personeel) die een bezoldiging ontvangen boven deze norm. Ten slotte stelt de WNT een aantal overige eisen, zoals een maximale ontslagvergoeding voor topfunctionarissen van € 75.000. In 2024 is voor geen van de topfunctionarissen en overige medewerkers sprake van een overschrijding van de grensbedragen. In het kader van de WNT attenderen wij u erop dat u de plicht heeft om uiterlijk 1 juli 2025 uw WNT-verantwoording over het kalenderjaar 2024 via internet op een algemeen toegankelijke wijze openbaar te maken.
Indien op grond van andere op de verantwoordelijke van toepassing zijnde regelgeving of een besluit een later tijdstip waarop het financieel verslaggevingsdocument openbaar moet worden gemaakt geldt, is die latere datum de uiterlijke datum van openbaarmaking. Doordat de jaarrekening van 2023 niet (op uw website) is gepubliceerd, heeft u daarbij niet voldaan aan deze publicatieverplichting. Wel is de jaarrekening opvraagbaar via de websites van de betrokken gemeenten.
Management override of controls & memoriaalboekingen
Wij constateren een risico ten aanzien van management override of controls. Dit betreft de mogelijkheid die het dagelijks bestuur heeft om specifieke controlemaatregelen te omzeilen, bijvoorbeeld door memoriaalboekingen. De specifieke aandacht voor dit risico is voorgeschreven vanuit de controlerichtlijnen en is niet uniek voor uw gemeenschappelijke regeling. Wij constateren echter dat er in het proces van memoriaalboekingen geen sprake is van controletechnische functiescheiding, waardoor dit risico toeneemt. Wij adviseren u dan ook hier passende interne beheersmaatregelen voor te treffen. Wij hebben in het kader van de jaarrekening controle de memoriaalboekingen gegevensgericht gecontroleerd en constateren hierin geen bijzonderheden.
312023007.25.136
4.
Overige aangelegenheden
312023007.25.136
4. Overige aangelegenheden Geen meningsverschil met het dagelijks bestuur
Er zijn geen meningsverschillen met het dagelijks bestuur geweest en er waren geen beperkingen bij de uitvoering van onze controle. Naar onze mening is ons bij de uitvoering van onze controleopdracht door het dagelijks bestuur en de medewerkers van uw gemeenschappelijke regeling de volledige medewerking verleend en hebben wij volledige toegang tot de benodigde informatie gehad.
Wij hebben namens het dagelijks bestuur een ondertekende schriftelijke bevestiging bij de jaarrekening ontvangen d.d. 26 maart Bevestigingen van het dagelijks bestuur ontvangen 2024.
Naleving van wet- en regelgeving
Wij hebben geen kennis van te rapporteren omstandigheden in verband met het niet-naleven van wet- en regelgeving met uitzondering van de bevindingen die elders in het rapport zijn opgenomen ten aanzien van EU-aanbestedingen.
Betrouwbaarheid en continuïteit van de automatiseringsomgeving
Onze jaarrekeningcontrole is gericht op het geven van een oordeel omtrent de jaarrekening zelf en is niet primair gericht op het doen van uitspraken omtrent de betrouwbaarheid en de continuïteit van de geautomatiseerde gegevensverwerking als geheel of van onderdelen daarvan. Onze bevindingen daaromtrent raken dan ook slechts die onderdelen die wij onderzocht hebben in het kader van de jaarrekening, wat wil zeggen dat wij ter zake geen volledigheid pretenderen. Uit de door ons uitgevoerde werkzaamheden zijn geen bijzonderheden gebleken waarop wij u via deze rapportage willen attenderen.
Geen aanwijzingen van fraude
In Nederland is de accountant wettelijk verplicht om alle ontdekte fraudegevallen te rapporteren aan het management van de organisatie. Wij merken op dat onze controle niet specifiek is ingericht op het ontdekken van fraude. De accountant is wel verantwoordelijk voor het betrekken van frauderisico’s in de planning en uitvoering van zijn controleopdracht. Wij hebben een fraudediscussie gevoerd met het controleteam en met het dagelijks bestuur van uw gemeenschappelijke regeling, waarbij wij de nadruk hebben gelegd op de vermoedens van materiële onjuistheden als gevolg van fraude in de jaarstukken. Van het dagelijks bestuur hebben wij de bevestiging ontvangen dat er geen onregelmatigheden zijn geconstateerd waarbij het bestuur of werknemers die een belangrijke rol spelen bij de maatregelen van interne beheersing of anderen in het geval dat de fraude van materieel belang kan zijn op de jaarrekening, zijn betrokken. Tevens hebben wij zelfstandig werkzaamheden uitgevoerd die gericht waren op het risico van het ‘omzeilen’ van de interne beheersingsmaatregelen door het bestuur. Wij hebben specifieke controles uitgevoerd op memoriaalboekingen en betalingen en hebben significante en ongebruikelijke transacties met behulp van gegevensgerichte analyses onderzocht. 312023007.25.136
Hoewel wij op grond van de controle- en overige standaarden een kritische houding moeten hebben ten opzichte van risico’s van fraude in de jaarrekening, merken wij op dat onze controle niet specifiek is gericht op het ontdekken hiervan. Tijdens de uitvoering van onze controle van de jaarrekening 2024 hebben wij geen aanwijzingen verkregen dat er sprake is geweest van materiële fraude. Wij adviseren om een frauderisicoanalyse ter hand te nemen, te beschrijven wat de kans is dat het risico zich voordoet, wat de (financiële) impact is van het risico als het zich voordoet, en wat de reactie is van het bestuur op deze risico’s (beperken door beheersmaatregelen, ontwijken, of accepteren). Daarnaast is het van belang om de daadwerkelijke aanwezige beheersmaatregelen te koppelen aan de frauderisico’s en eventuele discrepanties tussen de gewenste beheersmaatregelen en de werkelijk aanwezige beheersmaatregelen in beeld te brengen.
312023007.25.136
312023007.25.136