CConstaterende datTeylingen
Koppel je AI →
Document · PDF

19 Bijlage II Woningbouw ontwikkeling Nieuw Boekhorst referentie 12184021-016.514 4 nov2021

Gemeenteraad 1 februari 2024, gemeente TeylingenBij agendapunt: Bestemmingsplan ‘Bestemmingsplan Nieuw Boekhorst, Voorhout’2.370 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen

Woningbouw ontwikkeling Nieuw Boekhorst Nader soortenonderzoek rugstreeppad

Terra Ontwikkeling C.V. 4 november 2021

Project Opdrachtgever

Woningbouw ontwikkeling Nieuw Boekhorst Terra Ontwikkeling C.V.

Referentie

Nader soortenonderzoek rugstreeppad Definitief 4 november 2021 121840/21-016.514

Projectcode

121840

Document Status Datum

Projectleider Projectdirecteur

Auteur(s) Gecontroleerd door Goedgekeurd door

Paraaf

Adres

Witteveen+Bos Raadgevende ingenieurs B.V. Leeuwenbrug 8 Postbus 233 7400 AE Deventer +31 (0)570 69 79 11 www.witteveenbos.com KvK 38020751

Het kwaliteitsmanagementsysteem van Witteveen+Bos is gecertificeerd op basis van ISO 9001. © Witteveen+Bos Niets uit dit document mag worden verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt in enige vorm zonder voorafgaande schriftelijke toest emming van Witteveen+Bos noch mag het zonder dergelijke toestemming worden gebruikt voor enig ander werk dan waarvoor het is vervaardigd, behoudens schriftelijk anders overeengekomen. Witteveen+Bos aanvaardt geen aansprakelijkheid voor enigerlei schade die voortvloeit uit of verband houdt met het wijzigen van de inhoud van het door Witteveen+Bos geleverde document.

INHOUDSOPGAVE

1

INLEIDING

4

2

ONDERZOEKSGEBIED EN WERKZAAMHEDEN

5

2.1

Onderzoeksgebied

5

2.2

Omschrijving voorgenomen werkzaamheden

6

2.3

Planning voorgenomen werkzaamheden

6

3

TOETSINGSKADER

7

4

METHODE

8

5

RESULTATEN

10

5.1

Inventarisaties

10

5.2

Geschatte populatie

12

6

CONCLUSIE

13

7

LITERATUUR

14

Laatste pagina

14

1 INLEIDING Nieuw Boekhorst is een nieuw te ontwikkelen woningbouwgebied in Voorhout. Vijf marktpartijen hebben een grondpositie in bezit, en werken in samenwerking met de gemeente Teylingen aan een ontwikkelingsplan. Doelstelling is om op deze locatie tussen 1.100 en 1.400 woningen te realiseren. In een eerder stadium is een Quickscan natuur uitgewerkt om de huidige natuurwaarden van het gebied in kaart te brengen en de mogelijke effecten van het voornemen te identificeren in het kader van de Wet natuurbescherming (Wnb). De reeds uitgevoerde Quickscan natuur heeft aangetoond dat de Habitatrichtlijnsoort rugstreeppad aanwezig is in het plangebied en dat het plangebied leefgebied biedt aan deze soort. Het vernietigen van leefgebied van rugstreeppad is onder de Wnb verboden. Voor het project is zodoende een ontheffing van de Wnb noodzakelijk. Daarbij dient het aanwezige landhabitat en voorplantingswater in het plangebied gecompenseerd worden. Voor het bepalen van de precieze wijze van compensatie en het verkrijgen van een ontheffing voor dit woningproject is nader inzicht nodig in de aanwezige populatie rugstreeppadden en hun leefgebied in het plangebied. Om een goed inzicht te krijgen in de aanwezige populatie rugstreeppadden is een nader soortonderzoek uitgevoerd conform de daartoe opgestelde richtlijnen [lit. 3].

Onderliggende rapportage beschrijft het uitgevoerde nader soortenonderzoek naar rugstreeppad.

4 | 14

Witteveen+Bos | 121840/21-016.514 | Definitief

2 ONDERZOEKSGEBIED EN WERKZAAMHEDEN 2.1

Onderzoeksgebied

Het plangebied van de nieuwe woonwijk beslaat ongeveer 40 ha, en wordt begrensd door de Noordelijke Randweg (wordt momenteel aangelegd), een spoorweg ten oosten, de Beukenrode en de Boekenburglaan ten zuiden en de Leidsevaart ten westen van het plangebied (afbeelding 2.1). Het plangebied betreft laaggelegen grasland in polder Boekhorst, een landschap met een rijke cultuurhistorie. De polder is omgeven door boezemwater de Leidsevaart. Het plangebied grenst ten zuidoosten aan de stedelijke woonkern van Voorhout, een plaats in de gemeente Teylingen. Het plangebied wordt ten noorden, zuiden en westen omgeven door open agrarisch gebied. Ten noordwesten zijn tevens twee bosgebieden aanwezig, Landgoed Offem (1 km) en bosgebied Nieuw Leeuwenhorst (1,2 km). Tijdens het onderzoek is tevens de directe omgeving van het plangebied van de nieuwe woonwijk onderzocht (afbeelding 2.2). Relevante gebieden waren met name een poel ten noordwesten van de Noordelijke randweg en de driehoek ten noordoosten van de Noordelijke randweg.

Afbeelding 2.1 Ligging plangebied

5 | 14

Witteveen+Bos | 121840/21-016.514 | Definitief

Afbeelding 2.2 Detail plangebied met aanduiding volledig onderzoeksgebied

Noordelijke driehoek

Poel randweg

2.2

Omschrijving voorgenomen werkzaamheden

De werkzaamheden betreffen de nieuwbouw van een woonwijk. Verschillende bestaande panden en opstallen (kassen, schuren, woningen) worden gesloopt. De aanwezige watergangen worden gedempt, uitgezonderd de Molentocht. In de komende 8 tot 10 jaar wordt vervolgens gefaseerd de nieuwbouwwijk gerealiseerd.

2.3

Planning voorgenomen werkzaamheden

Voorgenomen is om medio 2023 met de civiele technische werkzaamheden te beginnen en in de tweede heeft van 2022 het ontwerp bestemmingsplan in procedure te brengen. Hiervoor dienst aangetoond te worden dat het plan uitvoerbaar is en hiervoor is een compensatieplan voor de rugstreeppad noodzakelijk.

6 | 14

Witteveen+Bos | 121840/21-016.514 | Definitief

3 TOETSINGSKADER Onder de Wet natuurbescherming bestaat de soortenbescherming uit drie beschermingsregimes: een beschermingsregime voor Vogelrichtlijnsoorten (artikel 3.1), Habitatrichtlijnsoorten (artikel 3.5) en ‘andere soorten’ (artikel 3.10). Voor ieder van deze regimes gelden afzonderlijke verbodsbepalingen. In de navolgende paragrafen worden alleen de verbodsbepalingen van de Habitatrichtlijnsoorten (artikel 3.5) beschreven aangezien de rugstreeppad tot deze categorie behoort.

Habitatrichtlijnsoorten Het beschermingsregime voor Habitatrichtlijnsoorten heeft betrekking op in het wild levende dieren van soorten, genoemd in bijlage IV, onderdeel a, bij de Habitatrichtlijn, bijlage II bij het Verdrag van Bern of bijlage I bij het Verdrag van Bonn. De verbodsbepaling voor planten heeft betrekking op soorten (in hun natuurlijke verspreidingsgebied) uit bijlage IV, onderdeel b, bij de Habitatrichtlijn of bijlage I bij het Verdrag van Bern. Voor deze soorten gelden de volgende verbodsbepalingen: - het is verboden dieren opzettelijk te doden of te vangen; - het is verboden dieren opzettelijk te verstoren; - het is verboden eieren opzettelijk te vernielen of te rapen; - het is verboden de voortplantingsplaatsen of rustplaatsen van dieren te beschadigen of te vernielen; - het is verboden planten opzettelijk te plukken en te verzamelen, af te snijden, te ontwortelen of te vernielen. Als deze verbodsbepalingen voor deze soorten worden overtreden, moet een ontheffing van de Wet natuurbescherming worden aangevraagd. Een ontheffing-aanvraag voor deze groep soorten wordt getoetst aan drie criteria: 1 er is sprake van een in of bij de wet genoemd belang; 2 er is geen andere bevredigende oplossing (alternatief); 3 doet geen afbreuk aan de gunstige staat van instandhouding van de soort.

De in de wet genoemde belangen zijn onder andere: - bescherming van flora en fauna (artikel 3.8 lid 5 onder b sub 1 Wet natuurbescherming); - volksgezondheid of openbare veiligheid (artikel 3.8 lid 5 onder b sub 3 Wet natuurbescherming); - dwingende redenen van groot openbaar belang, van sociale of economische aard, en voor het milieu wezenlijke gunstige effecten (artikel 3.8 lid 5 onder b sub 3 Wet natuurbescherming). Zorgplicht In artikel 1.11 lid 1 en lid 2 van de Wet natuurbescherming is de zorgplicht beschreven: ’Een ieder neemt voldoende zorg in acht voor in het wild levende dieren en hun directe leefomgeving. Een ieder laat handelingen na, waarvan redelijkerwijs te vermoeden is, dat ze nadelig zijn voor in het wild levende dieren. Als dat nalaten in redelijkheid niet gevergd kan worden, dienen de gevolgen van dat handelen voor die dieren zoveel mogelijk voorkomen, beperkt of ongedaan gemaakt te worden’. De zorgplicht geldt altijd.

7 | 14

Witteveen+Bos | 121840/21-016.514 | Definitief

4 METHODE Het onderzoek naar rugstreeppad is uitgevoerd op basis van het kennisdocument van rugstreeppad1. In het Kennisdocument wordt voorgeschreven dat onderzocht moet worden waar de locaties van voortplantingsplaatsen, rustplaatsen en/of (essentieel) functioneel leefgebied zich bevinden. Dit is gedaan door het luisteren naar kooractiviteit tijdens de voortplantingsperiode, welke plaatsvindt van 15 april tot 31 mei. De onderzoeken zijn uitgevoerd bij geschikte weersomstandigheden, zijnde relatief warme, windstille avonden en nachten, bij voorkeur na zware regenval.

De periode april - mei 2021 was bijzonder koud met een gezamenlijke gemiddelde temperatuur van slechts 9°C [lit. 4]. Zowel in april als in mei lagen de temperaturen duidelijk lager dan het gemiddelde verwachte temperaturen. Door de openheid van de polder is er tevens al snel een sterke wind. Gezien de ongeschikte weersomstandigheden in de maand mei was het niet mogelijk om 2 bezoeken uit te voeren in de optimale periode (15 april - 31 mei). Hierdoor is in dit onderzoek uitgeweken na dagen met gunstige weersomstandigheden aansluitend aan de optimale ( voorgeschreven) periode.

Afbeelding 4.1 Temperatuursverloop mei 2021 [lit. 4]

1 BIJ12, 2017, Kennisdocument Rugstreeppad, versie 1.0. BIJ12 juli 2017.

8 | 14

Witteveen+Bos | 121840/21-016.514 | Definitief

Om de aanwezigheid van voorplantingsplaatsen aan te tonen, is het tevens van belang om in de maanden juni en juli de mogelijk geschikte voorplantingswateren te onderzoeken op de aanwezigheid van ei-snoeren of larven van de rugstreeppad. In poldersloten is het vinden van ei-snoeren en larven echter lastig. Juveniele rustreeppadjes zijn de eerste maand na de metamorfose overdag actief en kunnen wel gemakkelijker op de oever van het voorplantingswater worden waargenomen. Ook hier waren de weersomstandigheden niet optimaal en is gekozen om het bezoek iets later in te plannen en pas begin augustus heeft plaatsgevonden.

Tabel 4.1 Overzichtstabel van de uitgevoerde bezoeken Nr.

Datum

Tijd

Zonsondergang

Temp.

Wind

Bewolking

Neerslag

1

28 mei 2021

21:00 - 23:30

21.49

13 °C

2 NO

half bewolkt

geen

2

7 juni 2021

21:30 - 23:30

22.00

17 °C

2 NO

helder

geen

3

4 augustus 2021

overdag

n.v.t.

21 °C

2 NO

half bewolkt

geen

9 | 14

Witteveen+Bos | 121840/21-016.514 | Definitief

5 RESULTATEN 5.1

Inventarisaties

Bezoek 1 Het eerste bezoek is uitgevoerd op de avond van 28 mei 2021. Er is op drie locaties koorzang van rugstreeppad gehoord: - een watergang buiten het plangebied, nabij de spoorlijn in de noordelijke driehoek; - de poel achter de noordelijke randweg buiten het plangebied; - het centrale gedeelte van de polder (binnen het plangebied).

Afbeelding 5.1 Aanduiding locaties koorzang tijdens eerste bezoek.

In de watergang nabij de spoorlijn (in de noordelijke driehoek en buiten het plangebied) zijn circa 5 - 10 exemplaren gehoord. De watergang inclusief natuurlijke oevers heeft een oppervlakte van circa 0,25 hectare.

10 | 14

Witteveen+Bos | 121840/21-016.514 | Definitief

In de poel achter de Noordelijke Randweg (afbeelding 5.2) is duidelijke koorzang gehoord. In de hele poel waren rugstreeppadden aanwezig. Naar schatting waren er minimaal 30 exemplaren aan het roepen. De poel en directe omgeving heeft een oppervlakte van circa 0,62 hectare en is buiten het plangebied gesitueerd.

Afbeelding 5.2 Poel ten noorden van de Noordelijke Randweg (buiten plangebied)

In het centrale gedeelte van de polder (binnen het plangebied - afbeelding 5.3) werd duidelijk koorzang gehoord. In meerdere parallel gelegen watergangen waren tientallen roepende rugstreeppadden aanwezig. Geschat wordt dat hier minimaal 100-150 roepende dieren aanwezig waren. Buiten de gearceerde delen in afbeelding 5.1werden geen roepende dieren aangetroffen. Wel werden tijdens de inventarisatie enkele trekkende dieren aangetroffen. Dit was het geval langs een bollenakkertje ten westen van het centrale gedeelte waar twee volwassen exemplaren werden aangetroffen. Het centrale gedeelte van de polder dat geschikt habitat biedt aan rugstreeppad heeft een oppervlakte van circa 9 hectare.

11 | 14

Witteveen+Bos | 121840/21-016.514 | Definitief

Afbeelding 5.3 Impressie centrale deel van de polder

Bezoek 2 Het tweede bezoek is uitgevoerd op de avond van 7 juni 2021. Tijdens dit bezoek zijn op dezelfde plaatsen koorzang gehoord als tijdens het 1e bezoek. De intensiteit (volume) was wel duidelijk minder. In de watergang nabij de spoorlijn zijn 2 exemplaren gehoord. Er zijn geen individuen gezien. In de poel achter de Noordelijke Randweg zijn circa 5 - 10 exemplaren gehoord. Er zijn geen individuen gezien. In het centrale gedeelte van de polder werd in dezelfde sloten koorzang gehoord. Het betreft 6 sloten waar gemiddeld 10 - 20 individuen aan het roepen waren, verspreid over de hele lengte van de sloot. De intensiteit (volume) van de koorzang was duidelijk minder dan tijdens het eerste bezoek. Geschat wordt dat er tijdens het eerste bezoek minstens dubbel zoveel exemplaren aan het roepen waren dan nu werd waargenomen. Bezoek 3 Het derde en laatste bezoek is uitgevoerd op 4 augustus 2021. Het betreft een dagbezoek waarbij in de watergangen gezocht is naar ei-snoeren en juveniele exemplaren. Bij dit bezoek was tevens rugstreeppaddeskundige Richard Slagboom aanwezig. Tijdens dit bezoek werden verspreid over de polder enkele juveniele rugstreeppadden aangetroffen. Vermoedelijk zijn in de polder veel meer juveniele dieren aanwezig dan werden aangetroffen.

Doordat dispersie van de jonge dieren over de gehele polder en in alle richtingen plaatsvindt, en de jonge dieren in de dichte oever- en grasvegetatie moeilijk te vinden zijn, betreft het aantal aangetroffen dieren vermoedelijk een onderschatting van de werkelijk aanwezige juveniele dieren in de polder. Tevens worden op basis van de wijdverspreide koorzang duidelijk meer juveniele dieren verwacht.

5.2

Geschatte populatie

In totaal wordt het aantal roepende mannetjes op circa 150 - 200 exemplaren geschat. Aangezien het alleen de geslachtsrijpe mannetjes zijn die aan koorzang doen, wordt met een geslachtsverhouding van 1:1, de totale populatie geschat op circa 300 - 400 exemplaren. Aangezien juveniele en sub-adulten nog niet roepen zal het werkelijk aantal dieren in de polder hoogstwaarschijnlijk meer dan 400 exemplaren betreffen. Deze populatie is verspreid over de hele polder met twee duidelijke concentratiegebieden: de poel ten noorden van de Noordelijke Randweg (0,62 hectare) en het centrale gedeelte van de polder zelf (9 hectare). De poel ten noorden van de Noordelijke Randweg en de watergang in de noordelijke driehoek van de polder (0,25 hectare) liggen buiten de invloedsfeer van de werkzaamheden aan de woonwijk.

12 | 14

Witteveen+Bos | 121840/21-016.514 | Definitief

6 CONCLUSIE Tijdens het onderzoek zijn in het onderzoeksgebied meerdere roepende rugstreeppadden waargenomen. De kern van de populatie bevindt zich in het centrale deel van de polder, maar ook in de grote poel langs de randweg en de noordelijk driehoek vindt voortplanting plaats. In het plangebied bevinden zich geschikte voortplantingswateren en zomerverblijfplaatsen, maar zijn ook voldoende overwinteringsmogelijkheden in tuinen, schuren en rommelhoekjes aanwezig. De rugstreeppad kan zodoende de gehele levenscyclus doorlopen in het onderzoeksgebied. Het voorkomen van levensvatbare populatie rugstreeppadden in het onderzoeksgebied is aangetoond. De aanwezige populatie wordt geschat op minimaal 400 individuen. Het totale leefgebied van de soort binnen het plangebied van de woningbouw ontwikkeling Nieuw Boekhorst wordt geschat op 9 hectare.

13 | 14

Witteveen+Bos | 121840/21-016.514 | Definitief

7 LITERATUUR 1 2 3 4

https://www.bij12.nl/onderwerpen/natuur-en-landschap/subsidiestelsel-natuur-en-landschap/agrarischnatuurbeheer-anlb/kennisbank/doelsoorten/rugstreeppad/ Beebee T and Denton J (1996) Natterjack Toad Conservation Handboek. English Nature, Petersborough. Kennisdocument rugstreeppad. BIJ12, juli 2017 https://www.knmi.nl/nederland-nu/klimatologie/maand-en-seizoensoverzichten/2021/mei

14 | 14

Witteveen+Bos | 121840/21-016.514 | Definitief

www.witteveenbos.com

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Teylingen&id=92e7cb8e-21de-4370-bffa-de4b77211846