12. VTH beleidsplan Teylingen 2020 - 2024
Tekst van het document
VTH-Beleidsplan Gemeente Teylingen 2020-2024
VTH Beleidsplan Versie november 2019
Samenvatting In het VTH beleidsplan gemeente Teylingen 2020-2024 is op strategisch niveau beschreven hoe de taken op het gebied van Vergunningen, Toezicht en Handhaving (VTH) de komende vier jaar worden opgepakt. Het gaat hierbij om taken op het gebied van bouwen, ruimtelijke ordening, milieu, Algemene Plaatselijke Verordening (APV) en bijzondere wetten. Dit VTH beleidsplan is tot stand gekomen in nauwe samenspraak tussen de teams Vergunningen (Publieksservice) en Toezicht en Handhaving (Buitenruimte). Daarnaast is input gevraagd aan team Planvorming (Ruimte) en de programmamanager implementatie Omgevingswet. Waarom dit VTH beleid? De gemeenteraad heeft de Verordening kwaliteit vergunningverlening, toezicht en handhaving omgevingsrecht Teylingen vastgesteld. In deze verordening heeft de gemeenteraad de doelen gesteld waarop de kwaliteit van de VTH uitvoeringstaken in elk geval betrekking moet hebben. Deze doelen zijn dienstverlening, de uitvoeringskwaliteit van producten en diensten en financiën. Op grond van het Besluit omgevingsrecht en met in acht name van de door de gemeenteraad gestelde doelen, is het college van burgemeester en wethouders als het bevoegde gezag, verplicht VTH beleid te formuleren. De doelstellingen. In het voorliggende beleidsplan heeft het college doelen gesteld.
Deze doelen worden nader uitgewerkt in het Vergunningen - Uitvoeringsplan (VUP) en Handhaving - Uitvoeringsplan (HUP) naar concrete activiteiten op team-niveau. Daarin wordt onder andere ook aandacht besteedt aan de kwaliteit en kwantiteit van de beschikbare formatie. Het college zal jaarlijks beoordelen ‘of het goed gaat’ ten aanzien van de door henzelf geformuleerde beleidsdoelen en hierover rapporteren. Wanneer dit nodig blijkt kan het VTH beleid tussentijds aangepast worden. De VTH doelstellingen voor de komende beleidsperiode zijn: Risico gestuurd werken; het uitvoeren van de VTH taken volgens het service-formule concept; het aanpakken van het strijdig gebruik in het buitengebied. De VTH doelstellingen zijn bepaald op basis van de missie en visie op het gebied van VTH, landelijke en organisatorische ontwikkelingen, het wettelijk/juridisch kader en een risicoanalyse. Waarom deze doelstellingen? Risico gestuurd werken. Het college kiest voor risico gestuurd werken bij de uitvoering van de VTH taken. Deze keuze wordt gemaakt, omdat vanwege de beschikbare capaciteit niet alle VTH taken uitputtend kunnen worden uitgevoerd. De beschikbare middelen moeten zo effectief mogelijk worden ingezet. Dit kan door prioriteiten te stellen op basis van een bewuste afweging; een risicoanalyse. Uitvoeren van de VTH taken volgens het service-formule concept.
Reeds ingezette en aankomende ontwikkelingen hebben een grote invloed op het VTH beleid. Het gaat hierbij met name om de invoering van de Omgevingswet en de ontwikkelingen op het gebied van de dienstverlening. Vanuit dit gegeven, is het dienstverleningsconcept HLTsamen 2020 opgesteld. De implementatie van dit dienstverleningsconcept leidt ertoe dat wij kunnen inspelen op de veranderende behoefte van onze klant. De rol van de gemeente verandert. Naast het leveren van (digitale) producten en diensten zal de faciliterende, adviserende, informerende en controlerende rol van de gemeente in samenwerking met haar inwoners en ondernemers toenemen. Flexibiliteit in benadering en contact is dus belangrijk om goed in te kunnen spelen op de klantvraag. Naast de standaardproducten, moeten wij inspelen op maatwerk vraagstukken (burgerinitiatieven, co-creatie en meervoudige, complexe vragen). De participatie-samenleving krijgt steeds meer gestalte. De dienstverlening zal gegroepeerd worden rond de initiatiefnemer; samen met hem en zijn omgeving worden initiatieven vormgegeven. Het gaat met name om eenvoud, gemak en inleving. De relatie die wij op VTH-gebied met de klant hebben heeft verschillende vormen. De ene keer gaat het bijvoorbeeld om het leveren van een vergunning en de andere keer om een handhavingszaak.
Maar het kan ook gaan over het ontwikkelen van beleid waarin inwoners een actieve rol vervullen. Met serviceformules gaan wij vorm geven aan deze verschillende relaties die wij met onze klanten hebben. Een serviceformule beschrijft
Pagina 2 van 44
VTH Beleidsplan Versie november 2019
op een inzichtelijke manier hoe de dienstverlening eruit ziet. In een formule wordt de dienstverlening gezien als een samenhangend geheel; de gehele keten, de kanalen, de beleving van de klant, alsook de hieraan gekoppelde bedrijfsvoering. De formules zijn bedacht vanuit de rol die de klant op dat moment heeft. Er is veel winst te halen door goede communicatie aan de voorkant van het vergunningenproces. Dit doen wij door tijdens vooroverleg, intakeoverleg en tijdens het vergunningsproces de aanvragers duidelijk te informeren. Ook het bestuur moet waar nodig in een vroegtijdig stadium worden geïnformeerd over op handen zijnde initiatieven. Dit wordt meegenomen bij de implementatie/uitwerking van de serviceformules. Aangezien de invoering van de Omgevingswet de organisatie voor een breed scala aan ontwikkelopgaven stelt, is er voor gekozen om de implementatie van de Omgevingswet volgens een programmastructuur uit te voeren. We werken met drie programmalijnen, die ook landelijk zijn voorgesteld. De drie programmalijnen zijn verbonden én werken deels aan de ontwikkeling/invulling van een aantal andere thema’s die ook in de HLTsamen organisatie-agenda zijn opgenomen. Het gemeenschappelijk doel van de programma’s is het realiseren van een organisatie die Omgevingswet-proof is. De uitvoering en borging van de VTH taken is hier nauw mee verbonden.
De implementatie van de serviceformules maakt deel uit van programmalijn 2 (‘Anders werken’). Door de VTH taken volgens het service-formule concept uit te voeren, wordt de verbinding gelegd naar het dienstverleningsconcept HLTsamen 2020 en programmalijn 2 van het programma implementatie Omgevingswet. Handhaven strijdig gebruik buitengebied. Door de raden van Hillegom, Lisse en Teylingen is de Intergemeentelijke Structuurvisie Greenport (ISG) vastgesteld. Hierin zijn afspraken gemaakt omtrent stringenter handhaven in het buitengebied. Hiervoor zijn in de begroting van HLT vanaf 2019 voor vier jaar extra middelen beschikbaar gesteld. Een eenduidige en actieve aanpak van strijdig gebruik is belangrijk voor de effectiviteit van het ruimtelijke beleid in het buitengebied, zoals vastgelegd in de ISG. In 2019 is HLT-breed aan de hand van een Plan van Aanpak gestart met handhaving in het buitengebied om de doelstellingen van de ISG te kunnen realiseren. De nadruk ligt op de voor bollenteelt beschermde gronden. Er vindt hierbij afstemming plaats met de andere bollen-gemeenten (Katwijk, Noordwijk), omdat zij eenzelfde project gaan starten. De toezichthouders zullen tijdens de controles ook breder kijken, om zicht te krijgen op eventuele ondermijnende activiteiten. Daarmee is de link gelegd met de programmatische aanpak ondermijning binnen Hillegom Lisse en Teylingen.
Werkwijzen, technieken en instrumenten. De uniforme werkwijzen voor de uitvoering van de VTH taken zijn vastgelegd in procesbeschrijvingen. Om er voor te zorgen dat de wet- en regelgeving wordt nageleefd, wordt gewerkt volgens de beschreven nalevingsstrategie. Hierbij is onderscheid gemaakt in de preventiestrategie en handhavingsstrategie. Het heeft de voorkeur om zoveel mogelijk de preventieve handhavingsinstrumenten in te zetten. Vervolgens is de handhavingsstrategie beschreven. Deze is onderverdeeld in de toezichtstrategie, sanctiestrategie en gedoogstrategie.
Pagina 3 van 44
VTH Beleidsplan Versie november 2019
Inhoud Samenvatting ................................................................................................................................ 2 1.
Inleiding ............................................................................................................................... 6 1.1
VTH-beleidscyclus .................................................................................................................... 6
1.2
Opbouw VTH-beleidsplan ........................................................................................................ 7
2. Beleidskader............................................................................................................................. 8 2.1 Doel van het VTH-beleidsplan ........................................................................................................ 8 2.2 Missie, visie op het gebied van VTH ............................................................................................... 8 2.3 Wettelijk kader............................................................................................................................... 8 2.3.1 Wat valt er niet onder het VTH-Beleidsplan .......................................................................... 9 2.4 Relevante ontwikkelingen ............................................................................................................ 11 2.4.1 Omgevingsrecht.................................................................................................................... 11 2.4.2 Wet kwaliteitsborging voor het bouwen.............................................................................. 11 2.4.3 Kwaliteitscriteria 2.2 ............................................................................................................. 12 2.4.4 Omgevingswet ......................................................................................................................
12 2.4.5 Ondermijnende criminaliteit ................................................................................................ 13 2.4.6 Ontwikkelingen BOA’s .......................................................................................................... 14 2.4.7 Gezamenlijke handhaving buitengebied (Bollen5-gemeenten/GOM)................................. 14 3. Risicoanalyse en prioriteitenberekening .................................................................................. 15 3.1 Inleiding ....................................................................................................................................... 15 3.2 Methodiek ................................................................................................................................... 15 3.3 Wijze van prioriteitenstelling ....................................................................................................... 15 3.4 Prioritering ................................................................................................................................... 15 3.4.1 Vergunningverlening Wabo.................................................................................................. 15 3.4.2 Vergunningverlening APV & DHW ........................................................................................
16 3.4.3 Bouwtoezicht ........................................................................................................................ 16 3.4.4 T&H Bouwen/Ruimtelijke Ordening ..................................................................................... 17 3.4.5 DHW, APV, overige verordeningen, Regelement voor verkeersregels en verkeerstekens (RVV) .............................................................................................................................................. 17 4. Doelstellingen ........................................................................................................................ 19 4.1 Inleiding ....................................................................................................................................... 19 4.2 Beleidsdoelstellingen ................................................................................................................... 19 4.2.1 Risico gestuurd werken ........................................................................................................ 19 4.2.2 Het uitvoering van de VTH taken volgens het serviceformule-concept............................... 19 4.2.3 Aanpakken van strijdig gebruik in het buitengebied ............................................................
21 4.2.4 Activiteiten ........................................................................................................................... 21 Pagina 4 van 44
VTH Beleidsplan Versie november 2019
5. Werkwijzen, technieken en instrumenten ............................................................................... 22 5.1 Inleiding ....................................................................................................................................... 22 5.2 Toetsingsprotocol ........................................................................................................................ 22 5.3 Nalevingsstrategie ....................................................................................................................... 22 5.3.1 Preventiestrategie ................................................................................................................ 22 5.3.2 Handhavingsstrategie ........................................................................................................... 22 5.4 Optreden tegen de eigen overheid .............................................................................................. 26 5.5 Samenwerking met externe partijen ........................................................................................... 27 6. Borging uitvoering ..................................................................................................................
28 6.1 Inleiding ....................................................................................................................................... 28 6.2 Middelen ...................................................................................................................................... 28 6.3 Uitvoeringsprogramma’s ............................................................................................................. 28 6.4 Evaluatie uitvoeringsprogramma en monitoring beleidsdoelstellingen....................................... 28 6.5 Mogelijke aanpassing van het VTH-beleidsplan ........................................................................... 28 6.6 Evaluatie VTH beleidsplan ............................................................................................................ 28 Bijlage I Big Eight ........................................................................................................................ 29 Bijlage II: Nadere toelichting op Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving ........................... 30 Bijlage III Criteria risicoanalyse ................................................................................................... 31 Bijlage IV Werkwijze vergunningverlening ...................................................................................
32 Procesbeschrijving uitgebreide procedure ................................................................................... 32 Procesbeschrijving reguliere procedure ........................................................................................ 34 Afhandelen melding (slopen en gebruik) ...................................................................................... 37 Bijlage V Werkwijze toezicht en handhaving ............................................................................... 39 Bijlage VI Bouwtoezichtprotocol ................................................................................................. 40 Bijlage VII Instrumenten en middelen ......................................................................................... 41
Pagina 5 van 44
VTH Beleidsplan Versie november 2019
1. Inleiding Voor u ligt het Vergunningen, Toezichts- en Handhavingsbeleid 2020 – 2024 (VTH). In deze nota staat beschreven hoe de taken op het gebied van vergunningen, toezicht en handhaving de komende vier jaar in Teylingen worden uitgevoerd. Hieronder vallen de taken op het gebied van bouwen, ruimtelijke ordening, milieu, Algemene Plaatselijke Verordening (APV) en bijzondere wetten. In 2017 heeft de gemeenteraad de Verordening Kwaliteit Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving Omgevingsrecht vastgesteld. Hierin is benoemd dat de gemeente doelen stelt voor de uitvoering en handhaving van de betrokken wetten. Deze doelen hebben in ieder geval betrekking op een toekomstgerichte borging van de inrichting en kwaliteit van de fysieke leefomgeving. Gemeenten treden steeds vaker terug om inwoners en bedrijven de ruimte te geven hun eigen keuzes te maken en wensen tot realisatie te brengen. Deregulering, het verlagen van administratieve lasten en het steeds meer streven naar het aanbieden van overheidsdiensten die zijn afgestemd op de behoefte van de afnemer zijn aansprekende gevolgen van deze maatschappelijke ontwikkeling. Ook op het gebied van bouwen, wonen, milieu en drank en horeca hebben deze ontwikkelingen de afgelopen jaren geleid tot grote veranderingen in regelgeving en de manier van werken.
De komende jaren zetten deze ontwikkelingen door en verschillende wetwijzigingen volgen elkaar snel op. De wet Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving, de aankomende Wet Kwaliteitsborging voor het bouwen en de aankomende Omgevingswet vragen hier beleidsmatig invulling aan te geven. De bevoegdheid ten aanzien van het VTH beleidsplan ligt bij het college van B&W. In dit plan legt het college de basis voor de programmatische en integrale uitvoering van de wettelijke taken en worden beleidsmatige keuzes gemaakt met betrekking tot de VTH-taken die de komende jaren worden uitgevoerd. Daarnaast wordt inzicht gegeven in de middelen die worden ingezet om naleving van de regels te bereiken en te bevorderen.
1.1 VTH-beleidscyclus Elke gemeente moet voldoen aan de wettelijke kwaliteitseisen op het gebied van vergunningverlening, toezicht en handhaving (VTH). Het doel van deze eisen met betrekking tot de VTH-taken is het borgen van voldoende deskundigheid, vlieguren en kritieke massa (capaciteit) voor de uitvoering van de taken uit artikel 2.1 van de Wabo binnen elke overheidsorganisatie die belast is met het verlenen van Wabo-vergunningen. Ook dienen deze organisaties te voldoen aan bepaalde procescriteria. Inmiddels zijn de kwaliteitseisen grotendeels wettelijk geborgd. Dit met de inwerkingtreding van de Wet VTH op 14 april 2016 en het nieuwe besluit omgevingsrecht (Bor) op 1 juli 2017. Het uitgangspunt van de Wet VTH is dat gemeenten gemotiveerd worden om op eigen wijze de kwaliteit naar een hoger niveau te tillen. Concreet betekent dit dat gemeenten inzichtelijk moeten maken hoe de kwaliteit van de uitvoering van VTH taken binnen de organisatie is geborgd. Dit zowel op het niveau van de capaciteit en opleidingen (kritieke massa) als ook op het gebied van beleid en proces (procescriteria). De VTH-beleidscyclus betreft een gesloten cyclus op basis van de zogeheten ‘big-eight’. In deze cyclische aanpak zijn de strategische en operationele cyclus met elkaar verbonden. Dit is planmatig geborgd door deze telkens te monitoren en aan te passen.
Op deze wijze wordt constante verbetering bewerkstelligd. Daarbij wordt zoveel mogelijk aangesloten bij de bestaande planning- en control-cyclus. Binnen de VTH-beleidscyclus staan drie documenten centraal: het integraal beleid, het uitvoeringsprogramma en het evaluatieverslag. Het VTH-beleid wordt jaarlijks uitgewerkt in een uitvoeringsprogramma. In het uitvoeringsprogramma staat concreet weergegeven welke uitvoeringsactiviteiten het college voornemens is in het betreffende jaar uit te voeren. Hierbij wordt rekening gehouden met de evaluatieresultaten van het voorafgaande jaar en met de doelen en prioriteiten zoals opgenomen in het handhavingsbeleid. Ten slotte evalueert het college jaarlijks welke activiteiten feitelijk zijn uitgevoerd en in hoeverre deze activiteiten hebben bijgedragen aan het bereiken van de
Pagina 6 van 44
VTH Beleidsplan Versie november 2019
in het VTH-beleid geformuleerde doelen. Deze evaluatie wordt vastgelegd in een evaluatieverslag (jaarverslag). Naast de jaarlijkse evaluatie van het uitvoeringsprogramma wordt ook minimaal jaarlijks bezien of er aanleiding is om het VTH-beleid aan te passen. Zo nodig wordt het beleid tussentijds aangepast. De beleidscyclus is schematisch weergegeven in de figuur in bijlage 1. Voor een veilige en leefbare woon-, werk- en leefomgeving is het belangrijk dat de regels die daaraan bijdragen worden nageleefd. Dit begint bij het indienen van een aanvraag, waarbij wordt getoetst of deze past binnen de gestelde (wettelijke) regels. Het vervolg is het naleven van de vergunningen en algemene regels controleren door toezicht. Wanneer er sprake is van overtredingen is de gemeente gehouden om deze ongedaan te maken. Hiervoor wordt de instrumenten van handhaving ingezet. Alhoewel veel in wettelijke kaders is vastgelegd, heeft de gemeente hierin de vrijheid om keuzes te maken op basis van lokale prioriteiten. Hiermee kunnen de wettelijke instrumenten zo worden ingezet dat iedere gemeente een veilige en leefbare woon-, werk- en leefomgeving kan realiseren en behouden. De uitwerking van de keuzes en ambities in dit beleid worden nader uitgewerkt in het uitvoeringsprogramma. In bijlage 2 wordt een nadere toelichting gegeven op vergunningverlening, toezicht en handhaving en wat dit inhoudt.
1.2 Opbouw VTH-beleidsplan In dit VTH-beleidsplan is in hoofdstuk 2 allereerst het (wettelijke) beleidskader beschreven. In dit hoofdstuk ligt de nadruk met name op de missie en visie, als afgeleide van de HLT samen missie en visie, echter specifiek voor Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving. Daarnaast worden hier ook de relevante ontwikkelingen omschreven die in de komende beleidsperiode invloed (kunnen) hebben op de VTH organisatie van de gemeente. In hoofdstuk 3 komt de risico-analyse en prioriteitenberekening aan bod. Hierin wordt aangegeven op welke wijze de gemeente Teylingen invulling geeft aan risico gestuurd werken. In hoofdstuk 4 worden de beleidsdoelstellingen beschreven. Deze vloeien voort uit de missie en visie, de risicoanalyse en de relevante ontwikkelingen. Hoofdstuk 5 presenteert de werkwijze, technieken en instrumenten van de gemeente Teylingen. Deze bestaat uit een preventie-, toezicht-, sanctie- en gedoogstrategie. Voor de volledige werkwijzen op het gebied van vergunningverlening en toezicht en handhaving, zal u vanuit dit hoofdstuk worden doorverwezen naar de bijlagen. Tot slot geeft dit hoofdstuk inzicht in de samenwerking met externe partijen. Tot slot zal in hoofdstuk 6 de borging van de uitvoering in kaart worden gebracht. Hierbij zal de borging van de middelen, uitvoeringsprogramma’s en de evaluatie hiervan inzichtelijk worden gemaakt.
Pagina 7 van 44
VTH Beleidsplan Versie november 2019
2. Beleidskader 2.1 Doel van het VTH-beleidsplan Met dit VTH-beleidsplan wordt inzichtelijk gemaakt hoe de gemeentelijke taken op het gebied van vergunningen, toezicht en handhaving worden uitgevoerd en welke prioriteiten gesteld zijn. Op basis van dit VTH-beleidsplan wordt jaarlijks een Vergunningenuitvoeringsprogramma (hierna: VUP) en een Handhavingsuitvoeringsprogramma (hierna: HUP) opgesteld, zodat de uitvoering van deze taken de landelijke en gemeentelijke actualiteit kan volgen. Zie hiervoor bijlage 1 Big Eight.
2.2 Missie, visie op het gebied van VTH 2.2.1 Missie Een veilige, duurzame en leefbare woon- en werkomgeving waarin de eigen identiteit van de gemeente Teylingen geborgd blijft en inwoners en bedrijven kunnen rekenen op professionele en kwalitatief hoogstaande dienstverlening. 2.2.2 Visie De gemeente Teylingen is en blijft graag met de inwoners van de gemeente, maatschappelijke organisaties en bedrijven in verbinding. Wij zijn een deskundige gesprekspartner, die goed op de hoogte is van de lokale situatie en de context. Wij denken mee, ook als het gaat om legalisatiemogelijkheden binnen de handhaving. Wij versnellen en versterken initiatieven. Daarnaast werken wij aan kwalitatief hoogwaardige producten en diensten. Wij ondersteunen, mits het bijdraagt aan en geen afbreuk doet aan een veilige, duurzame en leefbare woon- en werkomgeving. Dit kan ook betekenen dat wij handhavend moeten optreden.
2.3 Wettelijk kader Voor de behandeling van een aanvraag om omgevingsvergunning en de handhavende taken zijn diverse wettelijke regelingen van belang die enerzijds de procesgang bepalen en anderzijds de rechtsmiddelen beschrijven. Het betreft onder andere de volgende wettelijke regelingen: 1.
2.
3.
4.
5.
6.
Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo). De Wabo regelt onder andere het verbod om zonder omgevingsvergunning bepaalde activiteiten uit te voeren. Daarnaast is vastgelegd welk toetsingskader voor een aanvraag geldt en wanneer een aanvraag omgevingsvergunning dan ook moet worden geweigerd. Er wordt duidelijkheid gegeven over welke soort procedure (regulier of uitgebreid) en bijbehorende beslistermijn van toepassing is. Ministeriele regeling omgevingsrecht (Mor). Mor regelt de indieningsvereisten voor een aanvraag omgevingsvergunning per activiteit en regelt ook welke documenten op een later tijdstip mogen worden aangeleverd; Besluit omgevingsrecht (Bor). Bor regelt onder andere in welke situaties een omgevingsvergunning brandveilig gebruik moet worden ingediend. Verder regelt het Bor de verplichting tot het opstellen van een beleidsplan in combinatie met een uitvoeringsplan en welke specifieke onderdelen in dit beleid dienen te worden benoemd. De bijlagen van het Bor bevatten verder de (1) vergunningsvrije criteria voor die gevallen waarin geen omgevingsvergunning benodigd is, (2) de mogelijkheden om in afwijking van een bestemmingsplan medewerking te kunnen verlenen aan een aanvraag omgevingsvergunning; Wet Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving (Wet VTH). De wet VTH is op 14 april 2016 in werking getreden.
Het doel van deze wet is een veilige en gezonde leefomgeving, door het bevorderen van de kwaliteit en samenwerking bij de uitvoering van het omgevingsrecht. De wet is een invulling van de Wabo, formaliseert de Omgevingsdiensten en regelt de randvoorwaarden voor gemeenten en provincies om tot een hogere kwaliteit te komen. Zo wordt het basistakenpakket van de omgevingsdiensten wettelijk vastgelegd en worden gemeenten verplicht een verordening kwaliteit VTH te hebben. In deze verordening dient de gemeenteraad de kaders vast te leggen waaraan de uitvoering van de basistaken minimaal dient te voldoen; AMvB VTH. Naast de wet VTH is er ook de zogenaamde AMvB VTH (Besluit tot wijziging van het Besluit omgevingsrecht (verbetering vergunningverlening, toezicht en handhaving)), welke op 1 juli 2017 in werking is getreden. In deze AMvB wordt een vertaalslag gemaakt naar het Bor. Ook zijn procescriteria opgenomen voor vergunningverlening; Bouwbesluit 2012. Het Bouwbesluit bevat de bouwtechnische voorschriften waaraan zowel de bestaande bouwwerken alsmede de nieuw te realiseren bouwwerken dienen te voldoen. Tevens wordt in het
Pagina 8 van 44
VTH Beleidsplan Versie november 2019
7.
8. 9.
Bouwbesluit de verplichting tot het indienen van een sloopmelding dan wel een melding brandveilig gebruik geregeld en welke procedure beide meldingen dienen te doorlopen; Algemene wet bestuursrecht (Awb). De Awb bevat de algemene regels van het bestuursrecht met betrekking tot de verhouding tussen de overheid enerzijds en de burgers, bedrijven en overige instanties anderzijds alsmede de diverse overheidsorganen onderling. Verder regelt de Awb de bevoegdheden van bestuursorganen tot het nemen van besluiten. Hoe de besluiten moeten worden voorbereid, gemotiveerd, bekendgemaakt en ook het recht tot het maken van bezwaar en het instellen van beroep. Wet op kansspelen. Kansspelen worden gereguleerd door deze wet. In veel gevallen is een vergunning nodig om kansspelen te organiseren. Drank en Horecawet. Deze wet heeft gemeenten de verantwoordelijkheid over vergunningverlening, toezicht en handhaving met betrekking tot drank en horeca. Het stelt gemeenten verplicht om een preventie- en handhavingsplan alcohol vast te stellen.
Verordeningen: 10. Algemene plaatselijke verordening (APV). In de APV staat de gemeentelijke regelgeving op het gebied van openbare orde en veiligheid. Elke gemeente heeft een eigen APV en geldt voor iedereen binnen de gemeente. Uit de regels van de APV blijkt vaak dat ergens een vergunning voor nodig is. Voorbeelden van onderwerpen in de APV zijn: evenementen, horeca, vuurwerk, parkeren, geluidshinder, prostitutie, etc. 11. Afvalstoffenverordening. In de afvalstoffenverordening staan de wettelijke regels rond de inzameling van huishoudelijk afval in de gemeente en wat de gevolgen zijn bij overtreding van de regels. 12. Marktverordening. In de marktverordening staat vastgelegd dat er een markt mag worden gehouden. Ook staan er regels behorende bij een markt en wat de gevolgen zijn bij overtreding van die regels. 2.3.1 Wat valt er niet onder het VTH-Beleidsplan Toezicht en handhaving Drank- en Horecawet en brandveiligheid Niet alle onderwerpen waarvoor de gemeente verantwoordelijk is met betrekking tot de handhaving zijn meegenomen in dit VTH beleidsplan. Op 5 augustus 2014 is het interventieprotocol DHW Teylingen met bijbehorende sanctietabel vastgesteld. Aangezien er voor de handhaving op de Drank- en Horecawet (hierna: DHW) separaat beleid is, maakt dit daarom geen deel uit van deze nota. Wel is het toezicht op de DHW in deze nota opgenomen bij de prioritering.
Het toezicht op de brandveiligheid is de taak van de brandweer en deze adviseert de gemeente op dit gebied. De Brandweer Hollands Midden heeft dan ook separaat beleid voor de Veiligheidsregio Hollands Midden en maken tevens jaarlijks een uitvoeringsprogramma en evaluatie hiervan. Om deze reden is ook dit onderwerp geen onderdeel van dit beleid. Wel blijft de gemeente/het college het bevoegd gezag en zal indien nodig op dit gebied handhavend optreden. Voor deze handhaving zal het bestuursrechtelijke handhavingstraject worden bewandeld, zoals in dit beleid is omschreven. Toezicht en Handhaving Milieuwetgeving Toezicht en handhaving op het gebied van milieu wordt uitgevoerd door de Omgevingsdienst West-Holland (hierna: ODWH). De ODWH houdt toezicht en handhaaft op basis van de gemeenschappelijke regeling en de door de gemeente toegekende mandaten, op strijdigheden met de Wet milieubeheer (waaronder het Activiteitenbesluit), de wet algemene bepalingen milieuhygiëne, de Wet geluidhinder en de Wet bodembescherming (waaronder het Besluit bodemkwaliteit). Daarnaast voert de ODWH op mandaatbasis voor de gemeente Teylingen ook milieu gerelateerde taken op basis van de Algemene Plaatselijke Verordening (hierna: APV) uit. Vanaf 1 augustus 2018 is de toezicht- en handhavingstaak op het gebied van asbest ook aan de ODWH gemandateerd (op basis van de Woningwet en het Bouwbesluit).
Bij de ODWH zijn op dit moment 13 gemeenten aangesloten en de Provincie Zuid-Holland. Alle deelnemers hebben het Gemeentelijk Uitvoeringsbeleid Toezicht en Handhaving 2016-2019 Omgevingsdienst West-Holland vastgesteld, waaronder de gemeenten Hillegom, Lisse en Teylingen. Het beoogt uniforme regionale uitvoering op basis van een landelijk kwaliteitsniveau te verbinden aan lokale maatschappelijke doelstellingen en uitvoering. In dit beleid en in de jaarlijkse werkplannen worden
Pagina 9 van 44
VTH Beleidsplan Versie november 2019
tevens de handhavingsprioriteiten benoemd. Het beoogt uniforme regionale uitvoering op basis van een landelijk kwaliteitsniveau te verbinden aan lokale maatschappelijke doelstellingen en uitvoering. Gezien de omstandigheid dat in het kader van het toezicht en de handhaving op het gebied van milieu sprake is van separaat beleid, maakt deze taak geen onderdeel uit van de voorliggende nota.
Pagina 10 van 44
VTH Beleidsplan Versie november 2019
2.4 Relevante ontwikkelingen Hieronder staan de (organisatorische, juridische- en maatschappelijke) ontwikkelingen benoemd die van invloed zijn (geweest) op het samenstellen van het VTH-beleidsplan; 2.4.1 Omgevingsrecht Het omgevingsrecht is de laatste tien jaar fors aan veranderingen onderhevig. Meer en meer komt de nadruk te liggen op integraal en programmagericht werken. Terugkerende elementen zijn vermindering van de administratieve lastendruk, minder vergunningplichtige activiteiten, meer algemene regels en het introduceren van cyclisch werken (‘plan-do-check-act’ conform de Big 8 cyclus). Daarnaast eist de maatschappij steeds meer dat vergunningverlening, toezicht, maar ook handhaving eenduidiger en transparanter plaatsvindt. In de Wabo en het Bor zijn kwaliteitseisen opgenomen waaraan een goede, professionele vergunningverlening moet voldoen. In het kielzog van de Wabo zijn (onder andere) de volgende wetswijzigingen die van invloed zijn op de werkzaamheden binnen het veld van vergunningverlening in de afgelopen periode in werking getreden: Verruiming vergunningsvrij bouwen (Bor); Introductie van de ‘kan-bepaling’ voor de welstandstoets; Bouwbesluit 2012; Crisis- en Herstelwet; Borging Kwaliteitscriteria 2.2 2.4.2 Wet kwaliteitsborging voor het bouwen De overheid heeft ten aanzien van de VTH-taken een preventieve rol.
Aannemers, vergunninghouders, eigenaren, burgers en ondernemers in het algemeen zijn zelf verantwoordelijk voor het naleven van de regels. De maatschappelijke ontwikkeling om burgers meer te wijzen op hun eigen verantwoordelijkheid, vertaalt zich door naar het vakgebied VTH, onder de term ‘publiek wat moet, privaat wat kan’ (Commissie Dekker). In het wetsvoorstel ‘kwaliteitsborging voor het bouwen’ (Wkb) is het nieuwe stelsel van kwaliteitsborging in de bouw geïntroduceerd. Met dit nieuwe stelsel wordt beoogd meer verantwoording bij marktpartijen neer te leggen. De rol van de gemeente als bevoegd gezag verandert door het nieuwe stelsel van kwaliteitsborging in de bouw. De bouwtechnische toets en het toezicht tijdens de bouw zullen in het nieuwe stelsel van kwaliteitsborging in de bouw uitgevoerd worden door een marktpartij en niet meer door de gemeente. De gemeente behoudt wel haar taak voor de planologische beoordeling, welstandstoets en toetsing van de omgevingsveiligheid. Ook blijft de gemeente verantwoordelijk voor toezicht op welstand, monumenten, bestaande bouw (minimumeisen bestaande bouw en gebruikseisen) en voor de handhaving. Op 14 mei 2019 is er in de Eerste Kamer voor de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen gestemd. De verwachting is dat de wet tegelijk met de Omgevingswet (2021) in werking zal treden.
Pagina 11 van 44
VTH Beleidsplan Versie november 2019
Begonnen wordt met bouwwerken die vallen onder de gevolgklasse 1 (eenvoudigere bouwwerken zoals grondgebonden woningen). In de praktijk blijkt dat binnen het gros van de gemeenten de meeste bouwwerken vallen onder gevolgklasse 1, waardoor deze fase de meeste impact zal hebben. Het bouwtechnische gedeelte van het werk valt daarmee deels weg bij de gemeente, wat invloed heeft op de capaciteit zowel binnen de organisatie als buiten de organisatie. Afhankelijk van de evaluatie volgt mogelijk uitbreiding van het systeem naar andere meer complexe bouwwerken die vallen onder de gevolgklasse 2 en 3. Dit is echter niet meer in de wet meegenomen en wordt een nieuw traject. 2.4.3 Kwaliteitscriteria 2.2 Over de uitvoeringskwaliteit van de VTH taken zijn er afspraken gemaakt tussen het Rijk, het IPO en de VNG: Deze hebben geleid tot de VTH kwaliteitscriteria 2.2. Deze laatste versie is op 1 juli 2019 in werking getreden. De criteria hebben zowel betrekking op de kwaliteit van de organisatie als de kwaliteit van de medewerkers. De set maakt inzichtelijk welke kwaliteit burgers, bedrijven en instellingen, maar ook overheden onderling en als opdrachtgevers, mogen verwachten bij de uitvoering van de VTH-taken.
Voor de organisatie betekent dit ook dat er een sluitende beleidscyclus is (Big 8 cyclus) voor het opstellen van doelstellingen, de monitoring hiervan en het behalen van deze doelstellingen. Het fundament van kwaliteit is uiteraard het afleveren van een zo goed mogelijk product. Hiervoor is vooral vakmanschap nodig. De criteria voor kritieke massa adresseren dit vakmanschap in termen van voldoende medewerkers, de juiste opleidingen en ervaring, kunde en het onderhouden en het borgen daarvan. Enerzijds is er de ontwikkeling van deregulering en verschuiving van bepaalde taken naar de marktpartijen en anderzijds wordt verwacht dat de kwaliteit van de uitgevoerde VTH-taken verhoogd en geborgd wordt. Daarnaast staat de problematiek van ondermijning hoog op de (landelijke) agenda en moeten de gemeentelijke organisaties zich voorbereiden op aankomende veranderingen in wet- en regelgeving. De gevolgen hiervan op met name de personele capaciteit zijn op dit moment nog niet in te schatten. Sommige taken zullen wellicht komen te vervallen, verschuiven en er kunnen taken bijkomen. De ontwikkelingen worden nauwlettend gevolgd en zullen, wanneer de gevolgen voor de kwaliteitscriteria duidelijk zijn, in het beleid en de uitvoeringsplannen worden geconcretiseerd.
2.4.4 Omgevingswet De Omgevingswet is de basis voor een nieuw regelgevingsstelsel voor de fysieke leefomgeving en behelst een grootschalige transitie van het Omgevingsrecht. In 2021 treedt de Omgevingswet volgens de huidige planning in werking. Het kabinet wil met de Omgevingswet het aantal regels verminderen, bereiken dat de verschillende plannen voor ruimtelijke ordening, milieu en natuur beter op elkaar worden afgestemd en dat duurzame projecten gestimuleerd worden. Tevens wil men meer ruimte geven aan gemeenten, provincies en waterschappen, zodat zij hun omgevingsbeleid kunnen afstemmen op hun eigen behoeften en doelstellingen. De Omgevingswet zal voor de vergunningverlening en de handhaving verandering brengen. Zo kunnen er onder invloed van het omgevingsplan (in plaats van bestemmingsplannen) meer mogelijkheden komen voor vergunningsvrije activiteiten. Voor een deel van de taakuitvoering betekent dit een verschuiving van vergunningsverleningswerkzaamheden naar het houden van toezicht achteraf. Hiermee valt onder de
Pagina 12 van 44
VTH Beleidsplan Versie november 2019
Omgevingswet de ‘voortoets’ (vergunningverleningsfase), echter afhankelijk van het omgevingsplan, deels weg. Dat betekent dat bedrijven en burgers gemakkelijker (onbewust) een overtreding kunnen begaan. Er komt hierdoor wellicht een groter accent te liggen op de handhaving, Naast het leveren van (digitale) producten en diensten zal de faciliterende, adviserende, informerende en controlerende rol van de gemeente in samenwerking met haar inwoners en ondernemers toenemen. Flexibiliteit in benadering en contact is dus belangrijk. Wij moeten kunnen inspelen op maatwerk vraagstukken (burgerinitiatieven, co-creatie en meervoudige, complexe vragen). Meer maatwerk ontstaat doordat de participatie-samenleving steeds meer gestalte krijgt; de wijk gaat (meer) bepalen wat er in de wijk gebeurt. Onze inwoners en ondernemers worden vaker samenwerkingspartners. De nieuwe wetgeving vraagt een hierbij passende, andere dienstverlening. Hiermee wordt het onder invloed van de Omgevingswet voor inwoners en ondernemers gemakkelijker om hun wensen voor de fysieke omgeving in te brengen en te realiseren. De dienstverlening zal gegroepeerd worden rond de initiatiefnemer; samen met hem en zijn omgeving worden initiatieven vormgegeven. Het gaat niet alleen om co-creatie, maar ook om eenvoud, gemak en inleving.
Aangezien de invoering van de Omgevingswet de organisatie voor een breed scala aan ontwikkelopgaven stelt, is er voor gekozen om de implementatie van de Omgevingswet volgens een programmastructuur uit te voeren. We werken met drie programmalijnen, waarbinnen een aantal deelprojecten zijn gedefinieerd. We houden de drie programmalijnen aan die ook landelijk zijn voorgesteld. (Vanuit het VNG programma "aan de slag met de omgevingswet".) 1. Programmalijn Omgevingswet en instrumenten. Deze programmalijn omvat het opstellen van de kerninstrumenten zoals voorbeeld de Omgevingsvisies en Omgevingsplannen. 2. Programmalijn Anders werken. Deze programmalijn omvat de deelprojecten Serviceformules, Cultuurverandering en Organisatie-inrichting. 3. Programmalijn Digitaal stelsel omgevingswet. Deze programmalijn omvat diverse ondersteunende projecten ( aanschaf en integreren nieuwe applicaties) die de lijnen 1 en 2 faciliteren en er voor zorgen dat we tijdig kunnen aansluiten op de Landelijke voorziening van het digitale stelsel Omgevingswet. De uitwerking van de programmalijnen wordt door de organisatie projectmatig aangepakt. De drie programmalijnen zijn verbonden én werken deels aan de ontwikkeling/invulling van een aantal andere thema’s die ook in de HLT-samen organisatie-agenda zijn opgenomen.
Het gemeenschappelijk doel van de programma’s is het realiseren van een organisatie die Omgevingswet-proof is. Daarin wordt ook nadrukkelijk de uitvoering en borging van de VTH taken meegenomen, met name daar waar het de programmalijn Anders werken betreft. 2.4.5 Ondermijnende criminaliteit Delicten als overvallen, woninginbraken, straatroof en geweld zijn de afgelopen jaren fors gedaald, maar onzichtbare vormen van criminaliteit ondermijnen de samenleving. Ook in de gemeenten Hillegom, Lisse en Teylingen blijkt sprake te zijn van criminele, ondermijnende activiteiten en misstanden waarop we onvoldoende zicht hebben. Zo zijn er verschillende signalen van kleine ‘witwasbedrijven’ waar je zelden klanten ziet, hennepkwekerijen en arbeidsuitbuiting. Maar ook drugslaboratoria, mensenhandel/- smokkel, witwassen en vastgoedfraude en zogenaamde handhavingsknelpunten (zoals horeca, bedrijventerreinen en illegale prostitutie). Op 1 november 2018 is het programma aanpak ondermijning van start gegaan binnen de gemeenten Hillegom, Lisse en Teylingen. Doelstelling is het samen met onze partners signaleren, voorkomen en aanpakken van georganiseerde, ondermijnende criminaliteit. Dit doen we door (1) meer en beter zicht te creëren op deze vorm van criminaliteit, (2) criminele kansen tot een minimum te beperken en (3) deze vorm van criminaliteit consequent aan te pakken.
Er wordt de komende drie jaar gewerkt aan het zetten van stappen om de doelstellingen te realiseren, wat extra inzet vraagt op het gebied van Toezicht en Handhaving. Zo wordt een bijdrage geleverd aan onderzoeken, integrale controles en inzet van bestuurlijke maatregelen. Daarnaast wordt tijdens reguliere controles, met name in het buitengebied, bedrijventerreinen en rondom de huisvesting van arbeidsmigranten met een bredere bril gekeken en zo direct een bijdrage geleverd aan het creëren van
Pagina 13 van 44
VTH Beleidsplan Versie november 2019
meer en beter zicht op ondermijning. Signalen worden direct doorgegeven en verder binnen het deelteam ondermijning onderzocht. Voor deze aanpak zijn binnen HLT-samen vanaf 2019 (3 jaar) extra middelen beschikbaar gesteld, omdat hiervoor onvoldoende beschikbaar is binnen de vaste formatie.
2.4.6 Ontwikkelingen BOA’s Landelijk en ook lokaal gezien heeft de politie te kampen met steeds minder capaciteit op straat. De politie is genoodzaakt om prioriteiten te stellen. Er kan dus door de gemeente minder worden teruggevallen op de politie. Nu al is de gemeente genoodzaakt om in sommige gevallen een beveiligingsdienst in te zetten. Doordat de middelen beperkt zijn, is intensieve samenwerking van groot belang. Dit gebeurt bijvoorbeeld door samen te surveilleren op het gebied van o.a. hangjongeren en het donkere dagen offensief. De specifieke BOA inzet wordt in het jaarlijkse Handhavings-uitvoeringsprogramma Teylingen nader beschreven. 2.4.7 Gezamenlijke handhaving buitengebied (Bollen5-gemeenten/GOM) In het kader van de Intergemeentelijke Structuurvisie Greenport (ISG), die in juli 2016 is vastgesteld door onder meer de raden van Hillegom, Lisse en Teylingen, zijn afspraken gemaakt omtrent stringenter handhaven in het buitengebied. Een eenduidige en actieve aanpak van strijdig gebruik is belangrijk voor de effectiviteit van het ruimtelijke beleid in het buitengebied, zoals vastgelegd in de ISG. In 2019 is HLT-breed gestart met handhaving in het buitengebied om de doelstellingen van de ISG te kunnen realiseren.
Met de input van de Greenport Ontwikkelingsmaatschappij (GOM), team Beleid en Planvorming, de portefeuillehouders en de burgemeesters is Team Toezicht en Handhaving allereerst gestart met de prioriteiten uit een grotere lijst met strijdigheden en is met deze ervaring een Plan van Aanpak opgesteld. Het Plan van Aanpak is met alle betrokkenen besproken en is nu de basiswerkmethode. Er vindt afstemming plaats met de andere bollen-gemeenten (Katwijk, Noordwijk), omdat zij eenzelfde project gaan starten. Het doel van dit project is om de strijdigheden in het buitengebied aan te pakken. Hierbij ligt de nadruk op de voor bollenteelt beschermde gronden. Voor de BWT’ers betekent dit het volgende: Het uitvoeren van controles aan de hand van de lijst van de Greenport Ontwikkelingsmaatschappij (GOM). Deze lijst zal worden aangevuld met overtredingen die de BWT’ers verder in het buitengebied aantreffen; Gesprekken voeren met overtreders/betrokkenen; Het opstellen van constateringsrapporten; Het doen van legalisatieonderzoeken; Mediation; Indien er geen oplossing wordt gevonden om de betreffende overtreding op te heffen, zal het handhavingstraject worden voortgezet. Daarnaast zullen de BWT’ers tevens toezicht houden op ondermijningszaken. Het is een omvangrijk en langlopend project waarvoor in de begroting van HLT vanaf 2019 (4 jaar) extra middelen beschikbaar zijn gesteld.
Pagina 14 van 44
VTH Beleidsplan Versie november 2019
3. Risicoanalyse en prioriteitenberekening 3.1 Inleiding Er zal nooit voldoende capaciteit zijn om alle VTH taken uitputtend uit te voeren. VTH-beleid opstellen betekent dan ook keuzes maken. Om de medewerkers zo effectief mogelijk in te zetten, moet bepaald worden waar binnen de gemeente nadruk op wordt gelegd en waarop niet. Gebruikelijk is dat de nadruk wordt gelegd op zaken waarbij het risico op een calamiteit het hoogst is, wanneer er te weinig aandacht aan besteed wordt. Deze afweging vindt plaats door de toepassing van een zogenoemd risicomodel. Een (door het bestuur vastgestelde) risicoanalyse en prioritering geeft hiermee uiteindelijk mogelijkheid om de beschikbare middelen adequaat in te zetten.
3.2 Methodiek Voor alle relevante activiteiten (WABO, APV en bijzondere wetten) is het risico bepaald. Dit risico is bepaald middels een vaste methodiek waarmee verschillende beoordelingscriteria in acht zijn genomen, te weten:
Gezondheid; Veiligheid; Leefbaarheid; Duurzaamheid; Financieel; Bestuur.
In bijlage 3 worden deze beoordelingscriteria nader toegelicht. Deze 6 beoordelingscriteria zijn gescoord van 0 tot 4. Per activiteit is voor elk criterium een inschatting gedaan van het effect van slecht naleefgedrag. Aanvullend is het risico op slecht naleefgedrag beoordeeld. Aan elke risicoberekening hangt een prioriteit (zeer laag, laag, gemiddeld, hoog, zeer hoog). Deze prioriteit wordt direct doorberekend in de risicoanalyse. Zodoende is er per activiteit inzichtelijk wat zowel het risico als de bijbehorende prioriteit is. De risicoanalyse wordt uitgevoerd in een ‘excel-tool’. In deze zelfde tool wordt ook (specifieker en technischer) uiteengezet hoe de risicoanalyse en bijbehorende prioritering tot stand komt.
3.3 Wijze van prioriteitenstelling De omvang van een risico (risico = negatief effect x kans) in cijfers is bepalend voor de prioriteit. Algemeen uitgangspunt is dat in ieder geval een hoge prioriteit wordt toegekend indien sprake is van een gevaar voor de veiligheid of gezondheid of indien sprake is van een onomkeerbare situatie.
3.4 Prioritering 3.4.1 Vergunningverlening Wabo
ONDERWERPEN
PRIORITERING
Slopen met asbest Gezondheidszorgfunctie (met bedgebied) Bijeenkomstfunctie scholen en kinderopvang Bijeenkomstfunctie horeca Woonfunctie onder Wkb gevolgklasse 3 Bijeenkomstfunctie overig Industriefunctie Industriefunctie (zwaar)
2. Hoog 2. Hoog 2. Hoog 2. Hoog 3. Gemiddeld 3. Gemiddeld 3. Gemiddeld 3. Gemiddeld
Argrarische functie Logiesfunctie Logiesfunctie specifiek buitenlandse werknemers Onderwijsfunctie (middelbaar onderwijs) Winkelfunctie
3. Gemiddeld 3. Gemiddeld 3. Gemiddeld 3. Gemiddeld 3. Gemiddeld
Pagina 15 van 44
VTH Beleidsplan Versie november 2019
Bouwwerk geen gebouwzijnde (bruggen, tunnels) Slopen
3. Gemiddeld 3. Gemiddeld
Kappen Monumenten Woonfunctie onder Wkb Bouwbesluittoetsvrije bouwwerken Woonfunctie onder Wkb gevolgklasse 1 en 2 Gezondheidszorgfunctie (overig) Kantoorfunctie Parkeerfunctie/stalling voertuigen Celfunctie(s)
3. Gemiddeld 3. Gemiddeld 4. Laag 4. Laag 4. Laag 4. Laag 4. Laag 4. Laag
Aanlegactiviteiten Uit- inrit
4. Laag 4. Laag
3.4.2 Vergunningverlening APV & DHW
ONDERWERPEN
PRIORITERING
DHW vergunning commercieel (geen onderscheid tussen technisch en overig) voor beide Exploitatievergunning horeca Evenement C Voorwerpen op of aan de weg (containers, driehoekborden, reclame, terrassen, verkoop, uitstallingen, steigers DHW vergunning para commercieel DHW Slijterij Ontheffing sluitingstijden Exploitatie coffeeshop Exploitatie speelautomatenhal Meldingsplichtige evenementen Afdeling APV: Seksbedrijf Marktstandplaats Kansspelen Evenement A Evenement B
2. Hoog 2. Hoog 2. Hoog 3. Gemiddeld 4. Laag 4. Laag 4. Laag 4. Laag 4. Laag 4. Laag 4. Laag 4. Laag 5. Zeer laag 5. Zeer laag 5. Zeer laag
3.4.3 Bouwtoezicht
ONDERWERPEN
PRIORITERING
Bejaardenhuizen Verpleeghuizen Hospice Psychiatrische instellingen Kinderopvang Scholen Horecagelegenheden Kantoorgebouwen Hotels/pension
1. Zeer hoog 1. Zeer hoog 1. Zeer hoog 1. Zeer hoog 1. Zeer hoog 2. Hoog 2. Hoog 2. Hoog 2. Hoog
Zalen(verhuur) Kantines Theaters Winkels Religieuze gebouwen
3. Gemiddeld 3. Gemiddeld 3. Gemiddeld 3. Gemiddeld 3. Gemiddeld
Pagina 16 van 44
VTH Beleidsplan Versie november 2019
Productiebedrijven Vrijstaande woningen
3. Gemiddeld 4. Laag
Gekoppelde woningen Appartementen/kamerverhuur Opslagloodsen
4. Laag 4. Laag 4. Laag
3.4.4 T&H Bouwen/Ruimtelijke Ordening
ONDERWERPEN
PRIORITERING
Strijdig gebruik in het buitengebied anders dan in gebouwen Strijdig gebruik in het buitengebied uitsluitend in gebouwen Huisvesting arbeidsmigranten Strijdig gebruik binnen de bebouwde kom anders dan in gebouwen Strijdig gebruik binnen de bebouwde kom uitsluitend in gebouwen Monumenten Bestaande bouw constructief Overige illegale bewoning Illegale aanlegwerkzaamheden
3. Gemiddeld 3. Gemiddeld 3. Gemiddeld 3. Gemiddeld 3. Gemiddeld 3. Gemiddeld 3. Gemiddeld 3. Gemiddeld 3. Gemiddeld
Overige illegale bouwwerken Bestaande bouw overig Welstandsexces Illegale sloop (geen asbest) Archeologie Illegale bouwwerken die naar hun aard en omvang geen grote impact hebben op hun omgeving (bijv. afdakjes, erfafscheidingen, speeltoestellen, etc.)
3. Gemiddeld 3. Gemiddeld 4. Laag 4. Laag 4. Laag 4. Laag
3.4.5 DHW, APV, overige verordeningen, Regelement voor verkeersregels en verkeerstekens (RVV)
ONDERWERPEN
PRIORITERING
Uitstallingen Verankeren vaartuig Hinderlijk gedrag op openbare plaatsen en bij of in gebouwen, baldadigheid (jeugdoverlast) Afdeling APV: Drugsoverlast Gevaarlijk en hinderlijk parkeren Toezicht DHW op evenementen Toezicht DHW inrichtingen (leeftijd) Toezicht DHW openbare ruimte 18Blauwe zone Honden Verboden en hinderlijk drankgebruik Afdeling APV: bestrijding van ongeregeldheden Afdeling APV: Toezicht op bedrijfsmatige activiteiten Afdeling APV: Evenementen Afdeling APV: Parkeerexcessen Ligplaats woonschepen en overige vaartuigen Zwerfafval Afdeling APV: Vuurwerk Afdeling APV: Crossterreinen, gemotoriseerd- en ruiterverkeer in natuurgebieden Terrassen Afdeling APV: Toezicht op speelgelegenheden m.b.t. kansspel Afdeling APV: Openbaar water
2. Hoog 2. Hoog 2. Hoog 2. Hoog 2. Hoog 2. Hoog 2. Hoog 2. Hoog 3. Gemiddeld 3. Gemiddeld 3. Gemiddeld 3. Gemiddeld 3. Gemiddeld 3. Gemiddeld 3. Gemiddeld 3. Gemiddeld 3. Gemiddeld 3. Gemiddeld 3. Gemiddeld 3. Gemiddeld 4. Laag 4. Laag
Pagina 17 van 44
VTH Beleidsplan Versie november 2019
Afdeling APV: Natuurlijke behoeften doen Afdeling APV: Het bewaren van houtopslag
4. Laag 4. Laag
Afdeling APV: Toezicht op openbare inrichtingen, zoals horecabedrijven Afdeling APV: Bruikbaarheid en aanzien van de weg Afdeling APV: Toezicht op inrichtingen tot het verschaffen van nachtverblijf Afdeling APV: Vergunning en uitoefening seksbedrijf, prostitutie Afdeling APV: Standplaatsen Fout parkeren niet zijnde hinderlijk of gevaarlijk
4. Laag 4. Laag
Aanbieden bedrijfsafvalstoffen Aanbieden huiselijk afval Toezicht DHW inrichtingen (vergunning) Afdeling APV: Verbod vuur te stoken Afdeling APV: Collecteren, venten Afdeling APV: Verstrooiing van as
4. Laag 4. Laag 4. Laag 4. Laag 5. Zeer laag 5. Zeer laag
Afdeling APV: Veiligheid op de weg Afdeling APV: Verspreiden van gedrukte stukken Reclame-uitingen Betoging, meldingsplichtige evenementen, snuffelmarkt Afdeling APV: Kamperen buiten kampeerterreinen Afdeling APV: Maatregelen tegen overlast en baldadigheid
5. Zeer laag 5. Zeer laag 5. Zeer laag 5. Zeer laag 5. Zeer laag 5. Zeer laag
4. Laag 4. Laag 4. Laag 4. Laag
Pagina 18 van 44
VTH Beleidsplan Versie november 2019
4. Doelstellingen 4.1 Inleiding Op basis van de (VTH) missie en visie, ontwikkelingen en risicoanalyse zijn verschillende doelstellingen bepaald. Deze doelstellingen worden in dit hoofdstuk beschreven. Aan elke beleidsdoelstelling worden activiteiten gekoppeld. In het Uitvoeringsprogramma Vergunningverlening en het Uitvoeringsprogramma Toezicht en Handhaving worden deze activiteiten concreet gemaakt per kalenderjaar.
4.2 Beleidsdoelstellingen In de Verordening Kwaliteit Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving Omgevingsrecht gemeente Teylingen heeft de gemeenteraad doelen gesteld waarop de kwaliteit van het VTH-beleid in elk geval betrekking moeten hebben. Deze doelen zijn dienstverlening, de uitvoeringskwaliteit van diensten en producten en financiën. Op grond van het Besluit omgevingsrecht en met in acht name van de door de gemeenteraad gestelde doelen moet het college van burgemeester en wethouders als bevoegd gezag beleid voeren t.a.v. de uitvoering van de VTH taken. Dit beleid omvat onder andere het stellen van uitvoeringsdoelen en het beschrijven van de activiteiten om deze doelen te realiseren. In de uitvoeringsprogramma’s wordt uitgewerkt hoe hier uitvoering aan wordt gegeven. Het college zal dit uitvoeringsprogramma jaarlijks evalueren. In de HLT begroting zijn de uitvoeringskosten van de reguliere VTH taken structureel opgenomen. Daarnaast wordt naar aanleiding van politieke keuzes en prioritering eventueel ook incidenteel geld vrijgemaakt om bepaalde knelpunten aan te pakken. Een voorbeeld hiervan is de projectmatige handhaving in het buitengebied. De financiële borging van de uitvoering van de VTH taken is reeds opgenomen in de (meer)jaarlijkse begrotingscyclus, hiervoor hoeft geen specifieke beleidsdoelstelling opgenomen te worden.
Hieronder worden drie doelstellingen weergegeven voor de komende beleidsperiode. 4.2.1 Risico gestuurd werken Zoals aangegeven in hoofdstuk 3 stelt het college aan de hand van een risico-inschatting prioriteiten ten aanzien van VTH. De komende beleidsperiode gaat team Vergunningverlening op basis van deze prioritering werken. Toezicht en Handhaving werkt al risico gestuurd. Een en ander wordt nu op basis van de risicoanalyse op elkaar afgestemd. Dit traject krijgt de komende beleidsperiode zijn beslag. In 2020 wordt gestart met de implementatie van risico gestuurd werken. Zo worden voor vergunningen ook de eerste ervaringen met risico-gestuurd werken opgedaan. Team Vergunningverlening In het Uitvoeringsprogramma Vergunningverlening zal de implementatie van het risico gestuurd werken verder worden uitgewerkt. Team Toezicht en Handhaving Toezicht en Handhaving werkt al risico gestuurd en zij zetten deze werkwijze voort. De werkwijzen en –processen veranderen niet. 4.2.2 Het uitvoering van de VTH taken volgens het serviceformule-concept. Er zijn diverse trends en ontwikkelingen te signaleren die invloed uitoefenen op de dienstverlening. Zonder uitputtend te zijn, onderstaand een aantal voorbeelden:
Dienstverlening wordt plaats onafhankelijk, 24/7 en digitaal tenzij…. De samenleving veranderd, hetgeen leidt tot o.a. meer participatie en burgerinitiatieven. Minder regels en meer beleidsvrijheid. Taken gaan van de Rijksoverheid naar gemeenten en ook naar marktpartijen. De rol van de gemeente verandert van leveren van producten en diensten naar faciliteren, adviseren, informeren en controleren in samenwerking met haar burgers. Nieuwe technologieën, automatisering en robotisering dienen zich aan.
Pagina 19 van 44
VTH Beleidsplan Versie november 2019
Onder invloed van een veranderende samenleving ontstaat er meer een tweedeling in de dienstverlening; standaard versus maatwerk dienstverlening. De ingezette digitalisering en automatisering gaan door en het gebruik hiervan neemt toe. Veel producten komen via meerdere kanalen beschikbaar, 24/7 en zijn locatieonafhankelijk. De klant kan steeds meer standaardproducten zelf (vanuit huis) regelen en zijn eigen informatie beheren. De complexere, maatwerk vraagstukken blijven over en de gemeentelijke organisatie zal hierop moeten inspelen. De vraag naar maatwerk in de dienstverlening ontstaat mede, doordat de participatiesamenleving steeds meer gestalte krijgt; de wijk gaat bijvoorbeeld zelf bepalen wat er in de wijk gebeurt. Ook de Omgevingswet speelt een rol in de veranderende dienstverlening. Het moet voor inwoners en ondernemers gemakkelijker worden om hun wensen voor de fysieke omgeving in te brengen en te realiseren. De rol van de gemeente wordt hierbij steeds meer faciliterend. De dienstverlening zal gegroepeerd worden rond de initiatiefnemer; samen met de inwoner of ondernemer initiatieven vormgeven. Het gaat om eenvoud, gemak en inleving. Kortom; De rol van de gemeente verandert. Naast het leveren van (digitale) producten en diensten zal de faciliterende, adviserende, informerende en controlerende rol van de gemeente in samenwerking met haar klanten toenemen.
Flexibiliteit in de concepten die we hanteren is dus belangrijk om goed in te kunnen spelen op de rollen die onze klanten aannemen. Vanuit dit gegeven, is het dienstverleningsconcept HLTsamen 2020 opgesteld. De implementatie van dit dienstverleningsconcept leidt ertoe dat wij kunnen inspelen op de veranderende behoefte van onze klant. Serviceformules en niveaus van dienstverlening Onze inwoners en ondernemers kunnen verschillende rollen hebben als zij op VTH gebied contact met de gemeente hebben. Daardoor kan de relatie die wij met de klant hebben per geval verschillend zijn. De ene keer gaat het bijvoorbeeld om het leveren van een vergunning en de andere keer om een handhavingszaak. Maar het kan ook gaan over het ontwikkelen van beleid waarin inwoners een actieve rol vervullen. Met serviceformules gaan wij concreet vorm geven aan deze verschillende relaties die wij met onze inwoners en ondernemers hebben. Een serviceformule beschrijft op een inzichtelijke manier hoe de dienstverlening eruit ziet. In een formule wordt de dienstverlening gezien als een samenhangend geheel; de gehele keten, de kanalen, de beleving van de inwoner/ondernemer, alsook de hieraan gekoppelde bedrijfsvoering. De formules zijn bedacht vanuit de rol die de inwoner/ondernemer op dat moment heeft. Voor de implementatie van de serviceformules is een organisatie opdracht geformuleerd.
Deze opdracht is onderdeel van de organisatie-agenda van HLT samen. De implementatie van de serviceformules maakt deel uit van programmalijn 2 (‘Anders werken’) van het Omgevingswet-proof maken van de organisatie. De wijze waarop wij als organisatie in staat zijn om open en transparante informatie te verstrekken en om het werken met serviceformules digitaal te ondersteunen staat verwoord in de I-visie. De I-visie ondersteunt de visie op de dienstverlening. Door de VTH taken volgens het service-formule concept uit te voeren, wordt de verbinding gelegd naar het dienstverleningsconcept HLTsamen 2020 en programmalijn 2 (‘Anders werken’) van het programma implementatie Omgevingswet.