11. Veiligheidsmonitor 2021_3
Tekst van het document
Twee procent heeft te maken gehad met andere, niet nader genoemde vormen van diefstal. Van vernieling was 6 procent in 2021 slachtoffer. Het gaat hierbij om het met opzet iets vernielen of beschadigen zonder dat er iets gestolen wordt, zoals het bekrassen van een auto, het lek prikken van fietsbanden of het bekladden van muren.
1)
Gegevens over autodelicten (diefstal vanaf of uit de eigen auto en autodiefstal) zijn afgeleid voor personen van 18 jaar en ouder, maar gepercenteerd op het totale aantal personen van 15 jaar en ouder.
CBS | Veiligheidsmonitor 2021
37
4.1.1a Slachtoffers traditionele criminaliteit, 2021 Totaal delicten Geweldsdelicten totaal Mishandeling Bedreiging met fysiek geweld Seksuele delicten Vermogensdelicten totaal (Poging tot) inbraak Fietsdiefstal Autodiefstal Diefstal uit auto Diefstal vanaf auto Diefstal andere voertuigen (Poging tot) zakkenrollerij, beroving Overige diefstal Vernielingen 0
5
10
15
20
25 %
Aantal delicten traditionele criminaliteit Het aantal gewelds- en vermogensdelicten en vernielingen samen bedroeg in 2021 33 per 100 inwoners. Het aantal ondervonden geweldsdelicten bedroeg 10 per 100 inwoners, het aantal vermogensdelicten 13 per 100 inwoners en het aantal vernielingen 10 per 100 inwoners.
4.1.1b Ondervonden delicten traditionele criminaliteit, 2021 Totaal delicten Geweldsdelicten totaal Mishandeling Bedreiging met fysiek geweld Seksuele delicten Vermogensdelicten totaal (Poging tot) inbraak Fietsdiefstal Autodiefstal Diefstal uit auto Diefstal vanaf auto Diefstal andere voertuigen (Poging tot) zakkenrollerij, beroving Overige diefstal Vernielingen 0
5
10
15
20
25 30 35 aantal per 100 inwoners
CBS | Veiligheidsmonitor 2021
38
Trends slachtofferschap traditionele criminaliteit Tussen 2005 en 2021 zijn steeds minder mensen slachtoffer geweest van traditionele criminaliteit. Het slachtofferpercentage laat een dalende trend zien. De daling was het sterkst in de periode 2005–2008, maar na een korte stijging tussen 2008 en 2009 is ook daarna sprake van een dalende tendens. Het sterkst afgenomen sinds 2005 is het slachtofferschap van vermogensdelicten. Dit is met 66 procent gedaald (index 2021 = 34), gevolgd door vandalisme (index 2021 = 39) en geweldsmisdrijven (index 2021 = 59). In totaliteit is het slachtofferschap van criminaliteit sinds 2005 met 59 procent gedaald (index 2021 = 41).
4.1.2 Slachtofferschap traditionele criminaliteit - trends1) 2005=100 125 100 75 50 25 0
2005 2006 2007 2008 2009 2010 2011 2012 2013 2014 2015 2016 2017 2018 2019 2020 2021
Totaal delicten 1)
Geweldsdelicten
Vermogensdelicten
Vernielingen
In 2018 en 2020 heeft geen meting plaatsgevonden.
Slachtofferschap traditionele criminaliteit naar geslacht en leeftijd Het slachtofferschap van criminaliteit varieert naar geslacht en vooral naar leeftijd. Mannen zijn vaker slachtoffer van vernielingen. Bij gewelds- en vermogensdelicten zijn de verschillen tussen mannen en vrouwen klein. Groter zijn de verschillen naar leeftijd. Jongeren zijn vaker slachtoffer dan ouderen. In totaal zijn 15- tot 25-jarigen met 24 procent en 25- tot 45-jarigen met 21 procent ruim twee keer zo vaak slachtoffer als 65-plussers (10 procent). Bij geweldsdelicten zijn de leeftijdsverschillen nog groter: bijna 10 procent van de 15- tot 25-jarigen was in 2021 slachtoffer van een geweldsdelict, van de 65-plussers 2 procent. Bij vernielingen bestaat een ander beeld. Hier zijn de 25- tot 45-jarigen en 45- tot 65-jarigen vaker slachtoffer dan de ouderen én jongeren.
CBS | Veiligheidsmonitor 2021
39
4.1.3 Slachtoffers traditionele criminaliteit, 2021
Man Vrouw
15 tot 25 jaar 25 tot 45 jaar 45 tot 65 jaar 65 jaar of ouder 0
Slachtoffers totaal
5
Geweldsdelicten
10
15
20
25 %
Vermogensdelicten
Vernielingen
Slachtofferschap traditionele criminaliteit naar politieregio Binnen de tien regionale eenheden varieert het percentage inwoners dat aangeeft slachtoffer te zijn geweest van traditionele criminaliteit in 2021 van 14 in Noord-Nederland
4.1.4a Slachtoffers traditionele criminaliteit - naar regionale eenheid, 2021
Minder dan 16,4 (%) 16,4 tot 19,2 (%) 19,2 tot 21,9 (%) 21,9 tot 24,7 (%) 24,7 of meer (%)
CBS | Veiligheidsmonitor 2021
40
tot 27 in Amsterdam. Bij de basisteams loopt het slachtofferschapspercentage uiteen van 8 in basisteam Noordoost-Fryslân tot 40 in basisteam Centrum-Burgwallen. In tabellenbijlage II is weergegeven in welke regionale eenheden, politiedistricten en basisteams het slachtofferschap van traditionele criminaliteit – rekening houdend met de betrouwbaarheidsintervallen rond de uitkomsten – hoger of lager is dan het landelijke gemiddelde. Zo is het slachtofferschapspercentage hoger dan gemiddeld in de regionale eenheden Amsterdam, Den Haag, Midden-Nederland en Rotterdam en lager dan gemiddeld in Limburg, Noord-Nederland, Oost-Brabant, Oost-Nederland en Zeeland-West-Brabant.
4.1.4b Slachtoffers traditionele criminaliteit - naar basisteam, 2021
Minder dan 14,1 (%) 14,1 tot 20,5 (%) 20,5 tot 26,8 (%) 26,8 tot 33,2 (%) 33,2 of meer (%) Geen data
Slachtofferschap traditionele criminaliteit naar 70-duizend-plus-gemeente Het percentage dat in 2021 slachtoffer is geweest van traditionele criminaliteit is in de 70-duizend-plus-gemeenten met 22 procent hoger dan gemiddeld in Nederland (17 procent; zie figuur 4.1.1). Het hoogst is het slachtofferschap in de G4 (28 procent). In de G40 is 19 procent slachtoffer geweest en in de overige 70-duizend-plus-gemeenten 15 procent.
CBS | Veiligheidsmonitor 2021
41
Op het niveau van de 52 afzonderlijke 70-duizend-plus-gemeenten varieert het percentage inwoners dat slachtoffer is geweest van traditionele criminaliteit van 10 in Súdwest-Fryslân tot 30 in Amsterdam.
4.1.5 Slachtoffers traditionele criminaliteit - naar 70-duizend-plusgemeente, 2021
Minder dan 13,8 (%) 13,8 tot 17,7 (%) 17,7 tot 21,7 (%) 21,7 tot 25,6 (%) 25,6 of meer (%)
In tabellenbijlage III is weergegeven in welke 70-duizend-plus-gemeenten het slachtofferschapspercentage hoger of lager is dan het gemiddelde van deze gemeenten. In Amsterdam, ’s-Gravenhage, Rotterdam, Schiedam en Utrecht is het percentage slachtoffers hoger dan gemiddeld. Lager dan gemiddeld is dit percentage in Almere, Alphen aan den Rijn, Apeldoorn, Deventer, Ede, Emmen, Haarlemmermeer, Helmond, Hilversum, Hoeksche Waard, Hoorn, Leidschendam-Voorburg, Meijerijstad, Oss, Purmerend, Sittard-Geleen, Súdwest-Fryslân, Venlo en Westland.
CBS | Veiligheidsmonitor 2021
42
4.2 Daders geweldsdelicten Aan de respondenten die aangaven slachtoffer te zijn geweest van geweld is gevraagd of ze de dader(s) kenden en zo ja, wie dat waren, dat wil zeggen wat hun relatie met de dader was. Ruim 4 op de 10 geweldsslachtoffers kenden de dader of de daders. In het geval van mishandeling was de dader bij 53 procent van de slachtoffers bekend, en bij fysieke bedreiging en seksuele delicten was voor 42 procent van de slachtoffers de dader een bekende. De relatie tussen slachtoffer en dader varieert naar het soort geweldsdelict. Bij bedreiging met fysiek geweld en bij mishandeling gaf 19 procent en 17 procent van de slachtoffers aan dat een buurtgenoot de dader was. Bij seksuele delicten werden een vriend(in) of collega met achtereenvolgens 9 procent en 7 procent het vaakst genoemd. Een substantieel deel van de slachtoffers zegt dat een andere, niet nader genoemde bekende de dader is (bij mishandeling 18 procent, bij fysieke bedreiging 13 procent en bij seksueel geweld 12 procent).
4.2.1 Dader van geweldsdelicten1), 2021
Buurtgenoot Ex-partner Famlilielid Medestudent / -scholier Vriend / vriendin Partner Collega Bekende van sport of hobby Zorgverlener Leidinggevende Docent of andere leraar Andere bekende 0
Mishandeling
5
Bedreiging met fysiek geweld
10
15
20
25 % slachtoffers
Seksuele delicten
Per delict zijn meerdere daders mogelijk, bijvoorbeeld bij mishandeling kon zowel partner als familielid worden geantwoord. 1)
CBS | Veiligheidsmonitor 2021
43
4.3 Gevolgen traditionele criminaliteit voor slachtoffers Ruim een kwart van de slachtoffers van traditionele criminaliteit gaf aan emotionele of psychische problemen, lichamelijke verwondingen of letsel en/of financiële problemen te (hebben) ervaren als gevolg van hun slachtofferschap. Emotionele of psychische problemen werden het vaakst gerapporteerd: 21 procent van de slachtoffers had hier last van. Het percentage slachtoffers dat gevolgen heeft ondervonden is het grootst bij gewelds delicten: 34 procent van de geweldsslachtoffers heeft emotionele, financiële en/of fysieke gevolgen ervaren. Emotionele problemen kwamen met 32 procent verreweg het meest voor, gevolgd door lichamelijk letsel (6 procent) en financiële problemen (3 procent). Ook bij vermogensdelicten en vernielingen hadden slachtoffers het vaakst emotionele problemen, maar bij deze delicten worden ook financiële problemen relatief vaak gerapporteerd.
4.3.1 Gevolgen traditionele criminaliteit voor slachtoffers1), 2021 Totaal emotionele, financiële of fysieke gevolgen waarvan: Emotionele of psychische problemen Financiële problemen Lichamelijke verwondingen of letsel 0
Slachtoffers totaal
5
Geweldsdelicten
10
15
20
25
30
35 40 % slachtoffers
Vermogensdelicten
Vernielingen 1)
Per delict kon ook een combinatie van de problemen worden geantwoord.
4.4 Melding en aangifte traditionele criminaliteit Percentage slachtoffers dat melding en aangifte doet In 2021 deed 38 procent van de slachtoffers van traditionele criminaliteit melding van wat hen overkomen was. Bijna 1 op de 3 slachtoffers (33 procent) deed aangifte. Het aangiftepercentage verschilt per delictsoort. Slachtoffers van vermogensdelicten doen het vaakst aangifte (42 procent). Vooral autodiefstal en diefstal van andere voertuigen worden vaak aangegeven: respectievelijk 80 procent en 76 procent van de slachtoffers van deze delicten doen aangifte. Ook (poging) tot inbraak en diefstal uit de auto worden vaak aangegeven (door 58 procent en 59 procent van de slachtoffers). Slachtoffers van geweldsdelicten en vernielingen doen minder vaak aangifte van wat hen overkomen is (21 procent en 19 procent). Slachtoffers van seksuele delicten doen het minst vaak aangifte (9 procent).
CBS | Veiligheidsmonitor 2021
44
Soms melden slachtoffers bij de politie wat hen overkomen is maar doen ze geen aangifte. Vooral bij geweldsdelicten komt dit relatief vaak voor en dan vooral bij bedreiging met fysiek geweld en bij mishandeling. 31 procent van de slachtoffers van geweldsdelicten heeft dit bij de politie gemeld, terwijl 21 procent aangifte doet. Bij vermogensdelicten zijn deze percentages 46 (melding) en 42 (aangifte), en bij vernielingen 23 en 19.
4.4.1a Melding en aangifte traditionele criminaliteit slachtoffers, 2021 Totaal delicten Geweldsdelicten totaal Mishandeling Bedreiging met fysiek geweld Seksuele delicten Vermogensdelicten totaal (Poging tot) inbraak Fietsdiefstal Autodiefstal Diefstal uit auto Diefstal vanaf auto Diefstal andere voertuigen (Poging tot) zakkenrollerij, beroving Overige diefstal Vernielingen 0
Melding
10
20
30
40
50
60
70
80
90 100 % slachtoffers
Aangifte
Percentage ondervonden delicten waarvan melding en aangifte is gedaan Melding en aangifte zijn hierboven uitgedrukt in het percentage slachtoffers dat meldt en aangifte doet. Melding en aangifte kunnen ook worden uitgedrukt in het percentage door slachtoffers ondervonden delicten waarvan melding en aangifte is gedaan. In 2021 is 35 procent van alle geweldsdelicten, vermogensdelicten en vernielingen bij de politie gemeld, van 29 procent van alle ondervonden delicten werd aangifte gedaan. Het aangiftepercentage verschilt per delictsoort. Vermogensdelicten worden met 41 procent relatief vaak aangegeven. Vooral bij autodiefstal en diefstal van andere voertuigen is het aangiftepercentage met 77 en 76 hoog. Van geweldsdelicten wordt minder vaak aangifte gedaan (23 procent). Vooral seksuele delicten worden relatief weinig aangegeven. Van niet meer dan 9 procent van de seksuele delicten wordt aangifte gedaan. Van vernielingen wordt 20 procent aangegeven. Soms wordt een delict wel gemeld bij de politie maar wordt er geen aangifte van gedaan. Met name bij geweldsdelicten komt dit relatief vaak voor en dan vooral bij bedreiging met fysiek geweld en bij mishandeling. In totaal wordt van alle geweldsdelicten 33 procent gemeld en wordt 23 procent aangegeven. Bij vermogensdelicten is dit respectievelijk 45 en 41 procent, en bij vernielingen 24 en 20 procent.
CBS | Veiligheidsmonitor 2021
45
4.4.1b Melding en aangifte traditionele criminaliteit ondervonden delicten, 2021 Totaal delicten Geweldsdelicten totaal Mishandeling Bedreiging met fysiek geweld Seksuele delicten Vermogensdelicten totaal (Poging tot) inbraak Fietsdiefstal Autodiefstal Diefstal uit auto Diefstal vanaf auto Diefstal andere voertuigen (Poging tot) zakkenrollerij, beroving Overige diefstal Vernielingen 0
Melding
10
20
30
40
50
60 70 80 90 100 in % van ondervonden delicten
Aangifte
Redenen om geen aangifte te doen Het belangrijkste motief voor slachtoffers om het delict niet bij de politie aan te geven is dat ‘het niets helpt’. Bij 41 procent van de ondervonden delicten werd dit als (een van) de reden(en) genoemd. Van ruim een kwart van de ondervonden delicten is geen aangifte gedaan omdat men ‘er niet aan gedacht had of het niet zo belangrijk vond’. In 17 procent van de gevallen werd het ‘niet als een zaak voor de politie gezien’. De redenen om geen aangifte te doen variëren per delictsoort. Bij vermogensdelicten en vernielingen wordt relatief vaak gezegd dat ‘het toch niets helpt’ of men er ‘geen zin of tijd voor heeft’. Bij geweldsdelicten worden vaak ‘angst voor een vervelende reactie of wraak’, ‘schuld- of schaamtegevoel’, ‘het is al opgelost’ en ‘op advies van de politie’ als redenen genoemd om geen aangifte te doen.
CBS | Veiligheidsmonitor 2021
46
4.4.2 Redenen geen aangifte traditionele criminaliteit1), 2021
Het helpt toch niets Niet aan gedacht / niet zo belangrijk Dit is geen zaak voor de politie Geen zin of tijd / teveel moeite Uit angst voor vervelende reactie of wraak Het is al opgelost Op advies van de politie Door schuld- of schaamtegevoel Financiële schade is al vergoed Digitaal aangifte/melding doen lukt niet Nog niet aan toe gekomen, ga ik nog doen Andere reden Geen antwoord 0
Totaal 1)
Geweldsdelicten
10
20
Vermogensdelicten
30 40 50 in % van niet aangegeven delicten Vernielingen
Bij deze vraag waren meerdere antwoorden mogelijk.
CBS | Veiligheidsmonitor 2021
47
5. Online criminaliteit In dit hoofdstuk wordt beschreven hoeveel mensen in 2021 slachtoffer zijn geweest van online criminaliteit. Het betreft delicten en incidenten die via internet, e-mail of app plaatsvinden. Het gaat om strafbare feiten in de sfeer van oplichting en fraude (aan- en verkoopfraude, fraude betalingsverkeer, ID-fraude, phishing), computervredebreuk (hacken) en om incidenten in de interpersoonlijke sfeer die niet altijd strafbaar zijn zoals bedreigen, pesten, stalken en shamesexting. Net als in hoofdstuk 4 over traditionele criminaliteit wordt ook hier behalve aan slachtofferschap aandacht besteed aan daderschap, gevolgen voor het slachtoffer, en melding en aangifte. Meer cijfers over het slachtofferschap van online criminaliteit naar persoonskenmerken en regio zijn te vinden in de StatLinetabellen Sociale Veiligheid (Veiligheidsmonitor) en in een maatwerktabel.
5.1 Slachtoffers online criminaliteit In 2021 is 17 procent van de bevolking slachtoffer geweest van een of meer online delicten of incidenten. Tien procent was slachtoffer van online oplichting en fraude, 7 procent van hacken, 2 procent van online bedreiging en intimidatie, en minder dan 1 procent van overige online delicten. Aankoopfraude en hacken komen het meest voor. Bij aankoop fraude worden online gekochte producten of diensten niet geleverd terwijl ze wel betaald zijn. In het geval van hacken breekt iemand met kwade bedoelingen zonder toestemming in op apparaat (zoals een computer of tablet) of een account (zoals een e-mail- of bankaccount). Meer mensen zijn slachtoffer van het hacken van een account dan van het hacken van een apparaat (6 procent en 3 procent). Van online bedreiging met geweld was in 2021 0,9 procent slachtoffer, gevolgd door online pesten (0,8 procent) en stalken (0,8 procent). Met shamesexting werd 0,4 procent geconfronteerd.
5.1.1 Slachtoffers online criminaliteit, 2021 Online criminaliteit totaal Online oplichting en fraude Aankoopfraude Verkoopfraude Fraude betalingsverkeer Identiteitsfraude Phishing Hacken Hacken account Hacken apparaat Online bedreiging en intimidatie Bedreiging Pesten Stalken Shamesexting Overige online delicten 0
5
10
15
20
CBS | Veiligheidsmonitor 2021
25 %
48
Phishing Bij phishing gaat het om alle vormen van online oplichting waarbij de dader zich voordoet als iemand anders (een persoon of bedrijf) en via allerlei kanalen personen benadert met valse verhalen met als doel om geld te krijgen. Vaak worden veel personen tegelijk benaderd. Van alle Nederlanders van 15 jaar of ouder zeggen in 2021 meer dan twee op de drie (68 procent) dat ze in de afgelopen 12 maanden ten minste één keer een telefoontje, e-mail- of ander bericht hebben ontvangen dat (waarschijnlijk) van een oplichter was. Twee procent geeft aan hier weleens te zijn ingetrapt. Bijna de helft hiervan (0,8 procent) is er uiteindelijk geld mee verloren. Zij worden in deze publicatie beschouwd als slachtoffers van phishing. Ruim 20 procent van de phishing-slachtoffers is erin getrapt door zogeheten vriendin-noodfraude. Het slachtoffer heeft geld betaald aan een oplichter die zich voordeed als een familielid of vriend. Ook wangirifraude (waarbij het slachtoffer na een oproep van een onbekend nummer heeft teruggebeld naar een duur betaalnummer) en bankspoofing (waarbij de oplichter deed alsof hij een medewerker van de bank was) komen naar verhouding vaak voor. Een kwart is slachtoffer geweest van een andere, niet nader genoemde vorm van phishing.
Omgerekend naar de totale bevolking geldt voor alle afzonderlijke vormen van phishing dat slechts een relatief klein deel (0,2 procent of minder) slachtoffer ervan van is geweest, dat wil zeggen er is ingetrapt en er geld mee is verloren.
Slachtoffer van phishing, 2021
Vriend-in-nood-actie Wangirifraude Bankspoofing Nepboete/ nepfactuur Helpdeskfraude Nepactie Voorschotfraude dating Voorschotfraude erfenis/ loterij Chantagescam sextortion Chantagescam overig Phishing overig 0
10
20
30 % slachtoffers phishing
CBS | Veiligheidsmonitor 2021
49
Slachtoffers online criminaliteit naar leeftijd Evenals het slachtofferschap van traditionele criminaliteit (zie paragraaf 4.1) varieert het slachtofferschap van online criminaliteit naar leeftijd. Ook hier is het beeld dat jongeren vaker slachtoffer zijn dan ouderen. In 2021 is 20 procent van de 15- tot 25-jarigen slachtoffer geweest van online criminaliteit, van de 65-plussers 12 procent. Vooral met online bedreiging en intimidatie hebben jongeren vaker te maken dan ouderen. Ook van hacken zijn ze vaker slachtoffer. Van aankoopfraude en fraude in het betalingsverkeer werden 25- tot 65-jarigen juist het vaakst slachtoffer. Phishing treft de 65-plussers het vaakst.
5.1.2 Slachtoffers online criminaliteit, 2021 Online criminaliteit totaal Online oplich�ng en fraude Aankoopfraude Verkoopfraude Fraude betalingsverkeer Identiteitsfraude Phishing Hacken Hacken account Hacken apparaat Online bedreiging en in�mida�e Bedreiging Pesten Stalken Shamesexting Overige online delicten 0
15 tot 25 jaar
25 tot 45 jaar
5
45 tot 65 jaar
10
15
20 %
65 jaar of ouder
Trends in online criminaliteit Om goed aan te sluiten bij actuele ontwikkelingen op het gebied van online criminaliteit zijn de vragen over online criminaliteit in de Veiligheidsmonitor in 2021 grondig herzien. Ook de onderzoeksopzet is gewijzigd. Hierdoor zijn de uitkomsten van 2021 niet meer vergelijkbaar met die van voorgaande edities. Voor een aantal kernindicatoren, bijvoorbeeld het slachtofferschap van traditionele criminaliteit, is het mogelijk deze trendbreuk te repareren door parallel aan de nieuwe Veiligheidsmonitor 2021 een beperkte Veiligheidsmonitor volgens de oude opzet uit te voeren. Door middel van dit dubbeldraaitraject kan worden vastgesteld in welke mate de uitkomsten van de nieuwe en oude Veiligheidsmonitor op vergelijkbare
CBS | Veiligheidsmonitor 2021
50
vragen verschillen, en kunnen de oude uitkomsten omgerekend worden zodat ze vergelijkbaar zijn met de nieuwe uitkomsten. Hierdoor is het mogelijk trends weer te geven (zie de Onderzoeksverantwoording voor meer informatie). In het geval van het slachtofferschap van online criminaliteit zijn de aanpassingen in de vraagstellingen echter zo groot dat het inhoudelijk niet mogelijk is om de trendbreuk te herstellen. Door gebruik te maken van de data uit de Veiligheidsmonitor 2021 oude stijl en eerdere edities kan toch worden weergegeven hoe het slachtofferschap van online criminaliteit zich in de afgelopen jaren heeft ontwikkeld. In totaal is het slachtofferschap van online criminaliteit sinds 2012 met 22 procent toegenomen (index 2021 = 122). Vooral de laatste jaren is er sprake van een stijgende tendens. Het sterkst toegenomen sinds 2012 is het slachtofferschap van aankoopfraude (index 2021 = 219), gevolgd door verkoopfraude (index 2021 = 165) en online pesten (index 2021 = 126). Het percentage slachtoffers van hacken is vrij stabiel over de tijd. Met identiteitsfraude komen juist minder mensen in aanraking, zij het dat de laatste jaren sprake is van een licht stijgende tendens.
Online criminaliteit - trends1)2) 2012=100 300 250 200 150 100 50 0
2012
1) 2)
2013
2014
2015
2016
2017
2018
Totaal slachtofferschap online criminaliteit
Hacken
Aankoopfraude
Verkoopfraude
Identiteitsfraude
Online pesten
2019
2020
2021
De cijfers zijn gebaseerd op de Veiligheidsmonitor oude stijl. In 2018 en 2020 heeft geen meting plaatsgevonden.
CBS | Veiligheidsmonitor 2021
51
5.2 Daders online bedreiging en intimidatie Van de slachtoffers die online bedreigd werden met geweld gaf 38 procent aan de dader(s) te kennen (zie StatLinetabel Sociale Veiligheid (Veiligheidsmonitor); persoonskenmerken). Van degenen die online gepest werden zegt 59 procent direct te weten al wie de dader(s) was/waren toen het pesten begon. Drie procent wist dit in eerste instantie niet, maar later wel. Bijna een derde weet nog steeds niet wie de pesters zijn. In het geval van online stalken wist twee derde van de slachtoffers al vanaf het begin wie de stalker was. Drie procent kwam hier later achter. Voor 28 procent is nog altijd niet duidelijk door wie zij werden gestalkt. Van de slachtoffers van shamesexting (verspreiden van naaktfoto’s of –filmpjes of hiermee dreigen) geeft 28 procent aan de dader(s) te kennen. Zowel stalken als shamesexting worden relatief vaak gepleegd door een ex-partner, namelijk bij 19 procent van de slachtoffers van online stalken en 13 procent van de slachtoffers van shamesexting. Online pesterijen gebeuren het vaakst door medestudentenof scholieren (13 procent), maar ook relatief vaak door buurtgenoten (10 procent) en vrienden (8 procent). Bij bedreiging met geweld, pesten en stalken geeft een substantieel deel aan dat de dader een andere bekende was.
5.2.1 Daders van online bedreiging en intimidatie, 20211)
Partner Ex-partner Familielid Buurtgenoot Vriend/ vriendin Collega Leidinggevende Medestudent /-scholier Docent of andere leraar Bekende van sport of hobby Zorgverlener Andere bekende 0
Bedreiging
Pesten
10
Stalken
20
30 % slachtoffers
Shamesexting
Per incident zijn meerdere daders mogelijk, bijvoorbeeld bij online pesten kon zowel leidinggevende als collega worden geantwoord. 1)
CBS | Veiligheidsmonitor 2021
52
5.3 Gevolgen online criminaliteit voor slachtoffers Achttien procent van de slachtoffers van online criminaliteit geeft aan dat het online delict heeft geleid tot emotionele of psychische problemen en/of financiële problemen. Emotionele of psychische problemen worden het vaakst genoemd: 15 procent had hier last van, 7 procent kreeg financiële problemen. Online bedreiging en intimidatie, dus de incidenten in de interpersoonlijke sfeer, veroorzaken het vaakst emotionele of psychische problemen. Maar ook online oplichting en fraude, hacken, en andere online delicten bezorgen slachtoffers emotionele schade. Het percentage slachtoffers dat financieel in de problemen kwam is het grootst bij phishing. Hacken en aankoopfraude bezorgen slachtoffers het minst vaak problemen.
5.3.1 Gevolgen online criminaliteit voor slachtoffers, 20211)
Online criminaliteit totaal
Pesten Stalken Shamesexting Phishing Bedreiging Verkoopfraude Identiteitsfraude Fraude betalingsverkeer Aankoopfraude Hacken Overige online delicten 0
Totaal 1)
5
10
15
20
Emotionele of psychische problemen
25
30
35
40
45
50
55 60 % slachtoffers
Financiële problemen
Per incident kon ook een combinatie van de problemen worden geantwoord.
5.4 Melding en aangifte online criminaliteit Van alle slachtoffers van online criminaliteit heeft 47 procent bij een instantie gemeld wat hen overkomen is, 19 procent heeft aangifte gedaan bij de politie. Fraude in het betalingsverkeer wordt door 77 procent van de slachtoffers bij een instantie (bijvoorbeeld bank, politie, Fraudehelpdesk) gemeld. Een kwart van de slachtoffers doet aangifte bij de politie. Slachtoffers van phishing doen met 55 procent het vaakst aangifte. Van hacken wordt het minst vaak aangifte gedaan.
CBS | Veiligheidsmonitor 2021
53
5.4.1 Melding en aangifte online criminaliteit, 2021
Online criminaliteit totaal
Fraude betalingsverkeer Phishing Stalken Pesten Identiteitsfraude Shamesexting Verkoopfraude Aankoopfraude Hacken Bedreiging Overige online delicten 0
Melding
20
40
60
80 % slachtoffers
Aangifte
CBS | Veiligheidsmonitor 2021
54
6. Burgers en politie Dit hoofdstuk gaat over de relatie tussen burger en politie, meer in het bijzonder over contacten tussen burgers en politie en het oordeel van de burgers over het functioneren van de politie. Mensen hebben om verschillende redenen contact met de politie. Zij kunnen een delict aangeven of melden, verkeerszaken regelen, vragen om hulp, overlast melden of het kan om veiligheidskwesties gaan. Het eerste deel van dit hoofdstuk gaat over dit soort contacten tussen burgers en politie. In het tweede deel wordt beschreven wat mensen vinden van het functioneren van de politie, in de eigen woonbuurt en in het algemeen. Ten slotte komt ook de zichtbaarheid van de politie in de buurt aan de orde. Meer cijfers over burgers en politie, uitgesplitst naar regio en persoonskenmerken, zijn beschikbaar in de StatLinetabellen Sociale Veiligheid (Veiligheidsmonitor) en in een maatwerktabel.
6.1 Contact met politie en tevredenheid over contact Een kwart van de Nederlanders heeft in de afgelopen 12 maanden eens of meer keren contact gehad met de politie. Het gaat bij deze contacten bijvoorbeeld om een waarschuwing of bekeuring, een melding of aangifte van een delict, of zo maar een praatje met een agent op straat. Van degenen die in het afgelopen jaar contact hebben gehad met de politie hadden 6 op de 10 het laatste contact met de politie in de eigen buurt. Iets minder dan 2 op de 10 hadden het laatste contact elders in de eigen gemeente en buiten de eigen gemeente. De tevredenheid over het laatste contact met de politie verschilt weinig naar de plaats waar dit plaatsvond. Ongeveer twee op de drie zijn (zeer) tevreden over dit contact, zowel in de eigen buurt, elders in de eigen gemeente als daarbuiten.
6.1.1 Contact met politie en tevredenheid contact, 2021
Contact met politie in afgelopen 12 maanden waarvan: In eigen buurt Laatste contact
Elders in eigen gemeente Buiten eigen gemeente In eigen buurt
(Zeer) tevreden over laatste contact
Elders in eigen gemeente Buiten eigen gemeente 0
25
50
CBS | Veiligheidsmonitor 2021
75 %
55
De tevredenheid over handhavingscontacten met de politie in de eigen gemeente (dus in de eigen buurt en elders in de eigen gemeente samengenomen) is het laagst: 56 procent is hierover (zeer) tevreden en 24 procent (zeer) ontevreden. Over de contacten in verband met aangifte of melding in de eigen gemeente is 64 procent (zeer) tevreden en 18 procent (zeer) ontevreden. Het hoogst is de tevredenheid over andere contacten met de politie in de eigen gemeente. Over deze contacten is 78 procent (zeer) tevreden en 8 procent (zeer) ontevreden.
6.1.2 Tevredenheid contact politie in gemeente naar reden contact, 2021
Handhaving
Melding/aangifte
Andere contacten 0
10
20
30
40
50
60
70
(Zeer) tevreden
Niet tevreden/niet ontevreden
(Zeer) ontevreden
Weet niet/geen mening
80
90
100 %
Redenen voor ontevredenheid over laatste contact Van degenen die niet tevreden waren over het laatste contact dat ze met de politie in hun gemeente hadden zeggen de meesten dat dit komt doordat de problemen niet opgelost werden (40 procent) of doordat de politie hen niet serieus nam of niet geïnteresseerd was (36 procent) (zie maatwerktabel). Ongeveer 20 procent gaf als reden voor hun mindere tevredenheid op dat de politie hen te lang liet wachten, te laat was of niet kwam of dat de politie hen achteraf niet of onvoldoende op de hoogte heeft gehouden.
6.2 Tevredenheid met functioneren politie Functioneren politie in buurt In de Veiligheidsmonitor is aan alle respondenten gevraagd hoe tevreden of ontevreden ze zijn over het functioneren van de politie in de buurt. Ruim een op de drie (37 procent) is (zeer) tevreden, 8 procent is (zeer) ontevreden en 28 procent is niet tevreden en niet ontevreden. Nog eens 28 procent geeft aan dit niet te kunnen beoordelen. Wanneer de groep die geen oordeel heeft buiten beschouwing wordt gelaten, is met 51 procent ongeveer de helft (zeer) tevreden over het functioneren van de politie in de buurt en 10 procent (zeer) ontevreden.
CBS | Veiligheidsmonitor 2021
56
Functioneren politie in algemeen Naast het oordeel over het functioneren van de politie in de buurt is ook het oordeel over het functioneren van de politie in het algemeen onderzocht. Daarvoor is aan alle respondenten gevraagd hoe tevreden of ontevreden ze zijn over het functioneren van de politie in het algemeen. Bijna de helft (49 procent) is hierover (zeer) tevreden, 9 procent is (zeer) ontevreden en 29 procent is niet tevreden en niet ontevreden, 13 procent zegt dit niet te kunnen boordelen. Wanneer deze laatsten buiten beschouwing worden gelaten is 57 procent (zeer) tevreden over het functioneren van de politie in het algemeen en 11 procent (zeer) ontevreden.
6.2.1 Tevredenheid functioneren politie in buurt en in algemeen, 2021
Functioneren in buurt
Functioneren in algemeen
0
10
20
30
40
50
60
(Zeer) tevreden
Niet tevreden/niet ontevreden
(Zeer) ontevreden
Geen oordeel
70
80
90
100 %
Functioneren politie nader onderzocht De tevredenheid over het functioneren van de politie in de buurt en in het algemeen is meer in detail onderzocht door de respondenten een aantal stellingen over specifieke onderdelen van het functioneren van de politie voor te leggen (zie maatwerktabel). Zo zijn ruim 4 op de 10 het er (helemaal) mee eens dat de politie de burgers in de eigen buurt bescherming biedt, ruim 2 op de 10 onderschrijven de stelling dat de politie reageert op problemen in de eigen buurt. Als het gaat om het functioneren van de politie in het algemeen zegt de helft dat de politie rechtvaardig handelt. Ruim 1 op de 3 vindt dat sommige mensen in dezelfde omstandigheden door de politie sneller worden aangehouden dan anderen. Trends tevredenheid contact en functioneren politie In de periode 2005–2021 is de tevredenheid over het contact met de politie in de gemeente en over het functioneren van de politie in de buurt gestegen. Vooral tussen 2010 en 2019 is de waardering voor beide gegroeid. Na 2019 is een kleine afname zichtbaar. De stijging van de tevredenheid over het politiecontact sinds 2005 is iets groter dan die van de tevredenheid over het functioneren van de politie in de buurt (18 versus 9 procent).
CBS | Veiligheidsmonitor 2021
57
6.2.2 Tevredenheid contact politie en functioneren politie in buurt trends1) 2005 = 100 125 100 75 50 25 0
2005 2006 2007 2008 2009 2010 2011 2012 2013 2014 2015 2016 2017 2018 2019 2020 2021
(Zeer) tevreden functioneren politie in buurt (Zeer) tevreden laatste politiecontact in gemeente 1)
In 2018 en 2020 heeft geen meting plaatsgevonden.
Tevredenheid functioneren politie naar stedelijkheid Zowel de tevredenheid over het functioneren van de politie in de buurt als de tevredenheid over het functioneren van de politie in het algemeen verschilt weinig naar de stedelijkheid van de buurt of de gemeente. In meer verstedelijkte gebieden is de tevredenheid over het functioneren van de politie iets hoger dan in minder verstedelijkte gebieden.
6.2.3 Tevredenheid functioneren politie1), 2021
Functioneren politie in buurt
Functioneren politie in algemeen
0
5
Zeer sterk stedelijk
Sterk stedelijk
Weinig stedelijk
Niet stedelijk
10
15
20
25
30
35
40
45 50 55 % (zeer) tevreden
Matig stedelijk
Bij het functioneren van de politie in de buurt gaat het om de stedelijkheidsgraad van de buurt waarin men woont en bij het functioneren van de politie in het algemeen gaat het om de stedelijkheid van de gemeente waarin men woont. 1)
Tevredenheid functioneren politie in buurt naar politieregio Op het schaalniveau van de tien regionale eenheden varieert het percentage inwoners dat (zeer) tevreden is over het functioneren van de politie in de buurt van 34 in Limburg en Zeeland - West-Brabant tot 40 in Amsterdam. Op het niveau van de basisteams lopen de uitkomsten uiteen van 27 procent in Dongemond tot 53 procent in Wassenaar.
CBS | Veiligheidsmonitor 2021
58
6.2.4a Tevredenheid functioneren politie in buurt - naar regionale eenheid, 2021
Minder dan 34,8 (%) 34,8 tot 36,0 (%) 36,0 tot 37,3 (%) 37,3 tot 38,5 (%) 38,5 of meer (%)
In tabellenbijlage II is weergegeven in welke regionale eenheden, politiedistricten en basisteams de tevredenheid met het functioneren van de politie in de buurt – rekening houdend met de betrouwbaarheids¬intervallen rond de uitkomsten – hoger of lager is dan het landelijke gemiddelde. De tevredenheid is hoger dan gemiddeld in de regionale eenheden Amsterdam, Den Haag en Oost-Nederland, en lager dan gemiddeld in Limburg, Noord-Holland, Rotterdam en Zeeland - West-Brabant.
CBS | Veiligheidsmonitor 2021
59
6.2.4b Tevredenheid functioneren politie in buurt - naar basisteam, 2021
Minder dan 32,4 (%) 32,4 tot 37,5 (%) 37,5 tot 42,5 (%) 42,5 tot 47,6 (%) 47,6 of meer (%) Geen data
Tevredenheid functioneren politie in buurt in 70-duizend-plus-gemeenten De inwoners van de 70-duizend-plus-gemeenten zijn met 37 procent even tevreden over het functioneren van de politie in de buurt als gemiddeld in het land. In de G4 zijn mensen hierover met 39 procent iets positiever, in de G40 is de tevredenheid 36 procent en in de overige 70-duizend-plus-gemeenten 38 procent. Op het niveau van de 52 afzonderlijke 70-duizend-plus-gemeenten varieert het aandeel inwoners dat tevreden is met het functioneren van de politie in de buurt van 30 procent in Heerlen en Sittard-Geleen tot 44 procent in Ede en Súdwest-Fryslân. In tabellenbijlage III is weergegeven in welke 70-duizend-plus-gemeenten de tevredenheid met het totale functioneren van de politie in de buurt – rekening houdend met de betrouwbaarheidsintervallen rond de uitkomsten – hoger of lager is dan het gemiddelde van deze 70-duizend-plus-gemeenten. In Amsterdam, Ede, ’s-Gravenhage, Leidschendam-Voorburg en Súdwest-Fryslân is deze tevredenheid hoger dan gemiddeld en in Alkmaar, Haarlem, Heerlen, Leeuwarden, Maastricht, Schiedam, Sittard-Geleen, Vlaardingen en Zaanstad is die lager dan gemiddeld.
CBS | Veiligheidsmonitor 2021
60
6.2.5 Tevredenheid functioneren politie in buurt - naar 70-duizendplus-gemeente, 2021
Minder dan 32,5 (%) 32,5 tot 35,3 (%) 35,3 tot 38,2 (%) 38,2 tot 41 (%) 41 of meer (%)
Zichtbaarheid politie in de buurt Behalve het oordeel over het functioneren van de politie in de buurt is ook het oordeel over de zichtbaarheid van de politie in de buurt onderzocht. Negen procent zegt de politie vaak in de eigen buurt te zien, 36 procent ziet de politie soms, 42 procent zelden en 13 procent nooit. Een meerderheid geeft dus aan de politie zelden of nooit in de eigen buurt te zien.
CBS | Veiligheidsmonitor 2021
61
6.2.7a Zichtbaarheid politie in buurt, 2021
8,9 %
13,1 %
36,4 % 41,6 %
Vaak
Soms
Zelden
Nooit
Een op de drie is (zeer) tevreden over de zichtbaarheid van de politie in de eigen buurt, een op de vijf is (zeer) ontevreden hierover. De anderen zijn niet tevreden en niet ontevreden (36 procent) of hebben geen oordeel over de zichtbaarheid van de politie in de buurt (12 procent).
6.2.7b Tevredenheid zichtbaarheid politie in buurt, 2021
11,5 % 32,2 % 20,8 %
35,6 % (Zeer) tevreden
Niet tevreden, niet ontevreden
(Zeer) ontevreden
Geen oordeel
Zichtbaarheid van de politie in buurt naar stedelijkheid In meer verstedelijkte buurten zeggen relatief meer inwoners dat de politie vaak zichtbaar is in de eigen buurt dan in minder verstedelijkte buurten. De percentages lopen uiteen van 18 in zeer sterk stedelijke buurten tot 3 in niet stedelijke buurten.
CBS | Veiligheidsmonitor 2021
62
Ook de tevredenheid over de zichtbaarheid van de politie in de buurt is groter in meer verstedelijkte buurten, maar de verschillen zijn kleiner dan bij de zichtbaarheid. Het percentage dat (zeer) tevreden is over de zichtbaarheid van de politie in de buurt verschilt van 38 in zeer sterk stedelijke buurten tot 28 in weinig stedelijke buurten.
6.2.8 Zichtbaarheid politie in buurt en tevredenheid over zichtbaarheid1), 2021
Zeer sterk stedelijk Sterk stedelijk Vaak zichtbaar in buurt
Matig stedeliojk Weinig stedelijk Niet stedelijk Zeer sterk stedelijk Sterk stedelijk
(Zeer) tevreden over zichtbaarheid in buurt
Matig stedelijk Weinig stedelijk Niet stedelijk 0
1)
5
10
15
20
25
30
35
40 %
Het gaat om de stedelijkheidsgraad van de buurt waar men woont.
CBS | Veiligheidsmonitor 2021
63
7. Preventie In dit hoofdstuk komen verschillende aspecten van preventie aan bod. Eerst komt preventief gedrag aan de orde: wat doen mensen om te voorkomen dat ze slachtoffer worden van criminaliteit? Daarna gaat het om voorzorgsmaatregelen om de eigen woning te beveiligen. Vervolgens komt buurtpreventie aan de orde. Afgesloten wordt met digitale preventie: welke maatregelen nemen burgers om te voorkomen dat ze slachtoffer worden van online criminaliteit? Meer cijfers over preventie, uitgesplitst naar regio en persoonskenmerken, zijn beschikbaar in de StatLinetabellen Sociale Veiligheid (Veiligheidsmonitor) en in een maatwerktabel.
7.1 Preventief gedrag In de Veiligheidsmonitor is aan respondenten gevraagd of ze maatregelen nemen om zichzelf en de eigen bezittingen te beschermen. Vier specifieke preventiemaatregelen zijn hen voorgelegd, te weten: 1. het meenemen van waardevolle spullen uit de auto, 2. het thuislaten van waardevolle spullen, 3. ’s avonds het licht laten branden bij afwezigheid, en 4. het gebruikmaken van een fietsenstalling als die mogelijkheid er is. Het meenemen van waardevolle spullen uit de auto gebeurt het meest. Ruim driekwart geeft aan dit vaak of altijd te doen. Bijna de helft zegt (vaak of altijd) ’s avonds het licht te laten branden wanneer er niemand thuis is en een vergelijkbaar percentage zet de fiets in een bewaakte stalling als die mogelijkheid er is. Ruim 4 op de 10 laten waardevolle spullen thuis om diefstal op straat te voorkomen.
7.1.1 Preventief gedrag, 2021
Waardevolle spullen meenemen uit auto
's Avonds licht laten branden bij afwezigheid
Fiets in bewaakte fietsenstalling
Waardevolle spullen thuislaten 0
10
20
30
40
50
60
70
80 90 100 % vaak of altijd
CBS | Veiligheidsmonitor 2021
64
Preventief gedrag naar stedelijkheid Het preventieve gedrag verschilt naar stedelijkheid van de buurt waar men woont. In stedelijke buurten nemen inwoners minder voorzorgsmaatregelen om hun bezittingen te beveiligen in minder stedelijke buurten. Het verschil is het grootst bij het ’s avonds aanlaten van het licht bij afwezigheid. In zeer sterk stedelijke buurten, zoals in de grote steden, geeft 35 procent aan dit vaak of altijd te doen, tegen 55 procent in weinig of niet stedelijke buurten, zoals op het platteland. Inwoners van zeer sterk stedelijke buurten nemen ook minder vaak waardevolle spullen mee uit de auto en laten waardevolle spullen minder vaak thuis als ze op pad gaan. Alleen de fiets in een bewaakte fietsenstalling zetten als dat mogelijk is doen stedelingen vaker dan mensen die niet in een stad wonen.
7.1.2 Preventief gedrag1), 2021
Waardevolle spullen meenemen uit auto 's Avonds licht laten branden bij afwezigheid Fiets in bewaakte fietsenstalling Waardevolle spullen thuislaten 0
1)
10
Zeer sterk stedelijk
Sterk stedelijk
Weinig stedelijk
Niet stedelijk
20
30
40
50
60
70
80 90 100 % vaak of altijd
Matig stedelijk
Het betreft de stedelijkheidsgraad van de buurt waar men woont.
7.2 Preventieve voorzieningen in en rond de woning Behalve naar preventief gedrag is in de Veiligheidsmonitor ook onderzocht welke voorzieningen mensen treffen om hun woning te beveiligen. 63 procent geeft aan dat extra veiligheidssloten of grendels op ramen en/of deuren aanwezig zijn, 48 procent heeft buitenverlichting met sensor. Minder vaak zijn er (rol)luiken voor ramen en/of deuren (21 procent), camerabewaking (17 procent) en een alarminstallatie (13 procent). Bijna 1 op de 10 heeft een raamsticker of certificaat van het Politiekeurmerk Veilig Wonen (PKVW).
CBS | Veiligheidsmonitor 2021
65
7.2.1 Preventieve voorzieningen in/rond woning, 2021
Extra veiligheidssloten Buitenverlichting met sensor Rolluiken voor ramen en/of deuren Camerabewaking Alarminstallatie Raamsticker of certificaat van Politiekeurmerk Veilig Wonen (PKVW) 0
10
20
30
40
50
60
70
80
90 100 % aanwezig
Preventieve voorzieningen in en rond de woning naar stedelijkheid Niet alleen vertonen stedelingen minder vaak preventief gedrag dan mensen die niet in een stad wonen, ze treffen ook minder vaak voorzieningen om hun woning te beveiligen. Vooral buitenverlichting is minder vaak aanwezig. Ruim een kwart van de bewoners van zeer sterk stedelijke buurten tegen ongeveer 60 procent van de bewoners van weinig of niet stedelijke buurten zegt dat buitenverlichting met een sensor rond hun woning aanwezig is. Ook rolluiken voor ramen en/of deuren, extra veiligheidssloten of grendels, camerabewaking en alarminstallaties zijn minder vaak aanwezig naarmate de verstedelijking toeneemt. Het hebben van raamstickers of certificaten van het PKVW verschilt niet of nauwelijks naar de stedelijkheid van de woonbuurt.
7.2.2 Preventieve voorzieningen in/rond woning1), 2021
Extra veiligheidssloten Buitenverlichting met sensor Rolluiken voor ramen en/of deuren Camerabewaking Alarminstallatie Raamsticker of certificaat van Politiekeurmerk Veilig Wonen 0
1)
10
Zeer sterk stedelijk
Sterk stedelijk
Weinig stedelijk
Niet stedelijk
20
30
40
50
60
70
80
90 100 % aanwezig
Matig stedelijk
Het betreft de stedelijkheidsgraad van de buurt waar men woont.
CBS | Veiligheidsmonitor 2021
66
Gemiddeld aantal voorzieningen Het aantal preventieve voorzieningen dat mensen in en rond de woning heeft getroffen varieert van 0 tot en met 6. Een score van 0 betekent dat de respondent thuis geen van de voorzieningen heeft om de woning te beveiligen, een score van 6 betekent dat alle zes onderzochte voorzieningen thuis aanwezig zijn. Gemiddeld hebben Nederlanders thuis 1,7 voorzieningen getroffen voor de beveiliging van de woning (zie tabellenbijlage I). Preventieve voorzieningen in en rond woning naar politieregio Op het schaalniveau van de tien regionale eenheden van politie varieert het gemiddeld aantal preventieve voorzieningen van 1,2 in Amsterdam tot 2,1 in Limburg. Het gemiddeld aantal preventieve voorzieningen loopt op het niveau van de 167 basisteams uiteen van 0,7 in West-Haarlemmerweg tot 2,5 in Echt. In grote lijnen is het beeld dat in het oosten en vooral het zuiden van het land vaker preventieve voorzieningen in en rond de woning aanwezig zijn dan in het noorden en vooral in het westen.
7.2.3a Preventieve voorzieningen in/rond woning - naar regionale eenheid, 2021
Minder dan 1,4 1,4 tot 1,6 1,6 tot 1,7 1,7 tot 1,9 1,9 of meer
CBS | Veiligheidsmonitor 2021
67
7.2.3b Preventieve voorzieningen in/rond woning - naar basisteam, 2021
Minder dan 1,1 1,1 tot 1,4 1,4 tot 1,8 1,8 tot 2,1 2,1 of meer Geen data
In tabellenbijlage II is weergegeven in welke regionale eenheden, politiedistricten en basisteams het gemiddeld aantal preventieve voorzieningen – rekening houdend met de betrouwbaarheidsintervallen rond de uitkomsten – hoger of lager is dan het landelijke gemiddelde. Zo is de aanwezigheid van preventieve voorzieningen hoger dan gemiddeld in de regionale eenheden Limburg, Oost-Brabant, Oost-Nederland en Zeeland - WestBrabant. De aanwezigheid is lager dan gemiddeld in Amsterdam, Den Haag, Noord-Holland, Noord-Nederland en Rotterdam.
7.3 Buurtpreventie Preventie van criminaliteit kan ook op buurtniveau plaatsvinden door voorzieningen als een buurtpreventie-app, Burgernet en/of een buurt- of burgerwacht. In de Veiligheids monitor is gevraagd naar de aanwezigheid en het gebruik van deze voorzieningen.
CBS | Veiligheidsmonitor 2021
68
Een op de drie zegt dat Whatsapp-buurtpreventie in de buurt aanwezig is. Ruim een op de vijf geeft aan dat hij of zij zelf of iemand anders van het huishouden aan deze buurtapp deelneemt. Acht procent zegt dat er een buurt- of burgerwacht is in de eigen buurt. Een op de drie zegt deel te nemen aan Burgernet, een landelijk communicatienetwerk dat burgers via telefoon, e-mail of app betrekt bij het politiewerk.
7.3.1 Aanwezigheid en deelname buurtpreventie, 2021
Aanwezig in buurt Whatsapp-buurtpreventie Buurt- of burgerwacht Deelname door persoon uit huishouden Burgernet Whatsapp-buurtpreventie 0
10
20
30
40
50
60
70
80
90
100 %
Preventieve voorzieningen in de buurt naar stedelijkheid De aanwezigheid van Whatsapp-buurtpreventie neemt toe naarmate de stedelijkheid afneemt. In niet stedelijke buurten is het percentage dat zegt dat de buurtapp aanwezig is meer dan twee keer zo groot als in zeer sterk stedelijke buurten (46 procent tegen 20 procent). De aanwezigheid van buurt- of burgerwachten verschilt minder naar stedelijkheidsgraad. Ook de deelname aan Whatsapp buurtpreventie is in minder verstedelijkte buurten groter dan in meer verstedelijkte buurten. Dit geldt ook voor de deelname aan Burgernet.
7.3.2 Aanwezigheid en deelname buurtpreventie1), 2021
Aanwezig in buurt Whatsapp-buurtpreventie Buurt- of burgerwacht Deelname door persoon uit huishouden Burgernet Whatsapp-buurtpreventie 0
1)
10
Zeer sterk stedelijk
Sterk stedelijk
Weinig stedelijk
Niet stedelijk
20
30
40
50
60
70
80
90
100 %
Matig stedelijk
Het gaat om de stedelijkheidsgraad van de buurt waar men woont.
CBS | Veiligheidsmonitor 2021
69
7.4 Digitale gegevensbescherming In de Veiligheidsmonitor 2021 is voor het eerst onderzocht welke maatregelen mensen nemen om de eigen digitale gegevens te beschermen. Ruim 70 procent zegt sterke wachtwoorden te kiezen, meer dan de helft (55 procent) gebruikt een virusscanner, of voert updates uit of maakt back-ups (52 procent). Minder vaak gebruikte maatregelen om eigen digitale gegevens te beschermen zijn een firewall (40 procent), het regelmatig veranderen van wachtwoorden (28 procent) en het gebruik van een wachtwoordmanager (13 procent). Vier procent geeft aan geen van de onderzochte digitale beschermings maatregelen te gebruiken.
7.4.1 Digitale gegevensbescherming, 2021
Sterke wachtwoorden kiezen Virusscanner gebruiken Update uitvoeren of back-up maken Firewall gebruiken Wachtwoorden regelmatig veranderen Wachtwoordmanager gebruiken Geen van deze 0
10
20
30
40
50
60
70
80
90
100 %
CBS | Veiligheidsmonitor 2021
70
Bijlage I
Tabellen indicatoren Nederland totaal Deze bijlage bevat de volgende tabellen waarin de belangrijkste landelijke onderzoeksresultaten behorende bij de hoofdstukken 2 tot en met 7 zijn opgenomen: 2.
Leefbaarheid en overlast in woonbuurt
3.
Veiligheidsbeleving
4.
Traditionele criminaliteit
5
Online criminaliteit
6.
Burgers en politie
7.
Preventie
Elke tabel bevat de uitkomsten voor Nederland totaal voor het jaar 2021. Meer cijfers zijn beschikbaar in de overeenkomstige Maatwerktabellen en in de StatLinetabellen (zie ook ‘Meer cijfers’ op pagina 97).
Tabellen Hoofdstuk 2 2a.
Fysieke voorzieningen in buurt, 2021 % (heel) tevreden
Straatverlichting
82,4
Onderhoud van plantsoenen en parken
64,7
Onderhoud van stoepen, straten en pleintjes
60,1
Speelplekken voor kinderen
60,1
Voorzieningen voor jongeren
45,4
Fysieke voorzieningen in de buurt
2b.
schaalscore (0–10)
6,5
Sociale cohesie in buurt, 2021 % (helemaal) mee eens
De mensen in de buurt gaan op een prettige manier met elkaar om
75,8
Als ik op vakantie zou gaan of langere tijd afwezig zou zijn, zou ik mijn huissleutel aan de buren durven te geven
72,8
Ik ben tevreden over de bevolkingssamenstelling in de buurt
68,5
Ik voel me thuis bij de mensen die in de buurt wonen
63,5
Ik woon in een gezellige buurt waar mensen elkaar helpen
61,3
In deze buurt durven de mensen elkaar aan te spreken op onwenselijk gedrag
49,5
Ik heb veel contact met andere buurtbewoners
37,4
De mensen in de buurt kennen elkaar nauwelijks
24,6
Schaalscore (0–10)
Sociale cohesie in de buurt
6,4
CBS | Veiligheidsmonitor 2021
71
2c.
Leefbaarheid in buurt, 2021 %
Vindt eigen buurt in afgelopen jaar vooruit gegaan
10,5
Vindt eigen buurt in afgelopen jaar achteruit gegaan
15,6
Vindt eigen buurt in afgelopen jaar gelijk gebleven
70,7
Rapportcijfer (1–10)
Rapportcijfer leefbaarheid woonbuurt
7,6
2d. Functioneren gemeente inzake leefbaarheid en zichtbaarheid gemeentelijke handhavers, 2021 % (zeer) tevreden Tevredenheid over gemeente inzake aanpak leefbaarheid en veiligheid in buurt
44,1
Zichtbaarheid gemeentelijke handhavers in eigen buurt
29,9
Zichtbaarheid gemeentelijke handhavers elders in eigen gemeente Tevredenheid functioneren gemeentelijke handhavers 1) 1)
% vaak/ soms
57,4 25,1
De vraag over de tevredenheid over het functioneren van de gemeentelijke handhavers is alleen gesteld aan degenen die aangeven dat ze gemeentelijke handhavers in hun buurt of elders in de gemeente zien.
2e.
Overlast in buurt, 2021 % ervaart veel overlast
Overlast totaal
45,6
Fysieke overlast
21,7
Hondenpoep
16,3
Rommel op straat
8,2
Vernield straatmeubilair
2,4
Bekladde muren of gebouwen
1,3
Sociale overlast
12,3
Rondhangende jongeren
5,7
Overlast door buurtbewoners
5,2
Dronken mensen op straat
2,5
Drugshandel
3,4
Drugsgebruik
3,0
Verwarde personen
2,1
Mensen op straat lastiggevallen
1,4
Verkeersoverlast
31,3
Te hard rijden
20,2
Parkeerproblemen
17,7
Agressief verkeersgedrag
9,3
Milieuoverlast
12,6
Geluidsoverlast
10,1
Stankoverlast
4,1
Overlast van horecagelegenheden
1,3
CBS | Veiligheidsmonitor 2021
72
Tabellen Hoofdstuk 3 3a.
Onveiligheidsgevoelens, 2021 % weleens
% vaak
Onveiligheidsgevoelens in de eigen buurt
13,9
2,0
Onveiligheidsgevoelens in het algemeen
33,0
2,0
%
Rapportcijfer (1–10)
3b.
Oordeel criminaliteit in buurt, 2021
Oordeel plaatsvinden criminaliteit in de buurt Veel
8,5
Weinig
64,2
Geen
20,7
Oordeel ontwikkeling criminaliteit in de buurt Toegenomen
10,6
Afgenomen
5,0
Gelijk gebleven
59,0
Rapportcijfer veiligheid in buurt
3c.
7,5
Inschatting kans op slachtofferschap, 2021 % (heel) groot
Kans op slachtofferschap van… Zakkenrollerij (diefstal op straat zonder geweld)
2,2
Beroving (diefstal op straat met geweld)
2,0
Woninginbraak
6,4
Mishandeling
2,3
Oplichting via internet
17,1
3d.
Respectloos gedrag, 2021 % vaak/soms
Respectloos gedrag… Door onbekenden op straat
14,6
Door onbekenden in het openbaar vervoer
8,9
Personeel van winkels of bedrijven
9,3
Personeel van overheidsinstanties
7,5
Bekenden zoals partner, familie of vrienden
6,3
CBS | Veiligheidsmonitor 2021
73
3e.
Discriminatie, 2021 %
Gediscrimineerd gevoeld in de afgelopen 12 maanden
% slacht offers
11,2
Melding discriminatie totaal
9,1
Melding bij werkgever/ opleiding
3,4
Melding bij politie
2,4
Melding bij een meldpunt voor discriminatie
1,1
Melding bij College voor de Rechten van de Mens
0,3
Melding bij een andere instantie
3,4
Tabellen Hoofdstuk 4 4a.
Slachtoffers traditionele criminaliteit, 2021 %
Totaal delicten
17,1
Geweldsdelicten totaal
5,2
Mishandeling
1,0
Bedreiging met fysiek geweld
4,0
Seksuele delicten
1,1
Vermogensdelicten totaal
9,0
(Poging tot) inbraak
1,8
Fietsdiefstal
3,8
Autodiefstal
0,1
Diefstal uit auto
0,6
Diefstal vanaf auto
0,9
Diefstal andere voertuigen
0,2
(Poging tot) zakkenrollerij, beroving
0,9
Overige diefstal
2,1
Vernielingen
6,0
4b.
Ondervonden delicten traditionele criminaliteit, 2021 Aantal per 100 inwoners
Totaal delicten
33,3
Geweldsdelicten totaal
10,3
Mishandeling
1,5
Bedreiging met fysiek geweld
6,8
Seksuele delicten
2,0
Vermogensdelicten totaal
13,4
(Poging tot) inbraak
2,4
Fietsdiefstal
5,0
Autodiefstal
0,1
Diefstal uit auto
1,7
Diefstal vanaf auto
1,7
Diefstal andere voertuigen
0,2
(Poging tot) zakkenrollerij, beroving
1,0
Overige diefstal
2,8
Vernielingen
9,6
CBS | Veiligheidsmonitor 2021
74
4c. Gevolgen traditionele criminaliteit voor slachtoffers, 2021 % slachtoffers Totaal delicten Totaal gevolgen
26,0
Emotionele of psychische problemen
20,5
Financiële problemen
8,8
Lichamelijke verwondingen of letsel
2,5
Geweldsdelicten Totaal gevolgen
34,1
Emotionele of psychische problemen
31,6
Financiële problemen
3,2
Lichamelijke verwondingen of letsel
6,4
Vermogensdelicten Totaal gevolgen
25,5
Emotionele of psychische problemen
18,1
Financiële problemen
11,4
Lichamelijke verwondingen of letsel
0,9
Vernielingen Totaal gevolgen
20,0
Emotionele of psychische problemen
14,6
Financiële problemen
7,8
Lichamelijke verwondingen of letsel
0,6
4d. Melding en aangifte traditionele criminaliteit - slachtoffers, 2021 % slachtoffers Totaal delicten Melding
37,5
Aangifte
32,0
Geweldsdelicten Melding
30,6
Aangifte
20,9
Vermogensdelicten Melding
45,6
Aangifte
42,0
Vernielingen Melding
22,7
Aangifte
19,0
CBS | Veiligheidsmonitor 2021
75
4e. Melding en aangifte traditionele criminaliteit - ondervonden delicten, 2021 In % van ondervonden delicten Totaal delicten Melding
35,1
Aangifte
29,3
Geweldsdelicten Melding
32,8
Aangifte
22,7
Vermogensdelicten Melding
44,6
Aangifte
40,8
Vernielingen Melding
24,4
Aangifte
20,3
4f. Redenen geen aangifte traditionele criminaliteit, 2021 In % niet aangegeven delicten Het helpt toch niets
40,7
Niet aan gedacht / niet zo belangrijk
26,0
Dit is geen zaak voor de politie
17,4
Geen zin of tijd / teveel moeite
13,3
Uit angst voor vervelende reactie of wraak
6,7
Het is al opgelost
6,3
Op advies van de politie
2,7
Door schuld- of schaamtegevoel
1,9
Financiële schade is al vergoed
1,3
Digitaal aangifte/melding doen lukt niet
1,0
Nog niet aan toe gekomen, ga ik nog doen
0,8
Andere reden
14,3
Geen antwoord
4,2
CBS | Veiligheidsmonitor 2021
76
Tabellen Hoofdstuk 5 5a.
Slachtoffers online criminaliteit, 2021 %
Online criminaliteit totaal
16,9
Online oplichting en fraude
9,7
Aankoopfraude
6,9
Verkoopfraude
1,4
Fraude betalingsverkeer
1,3
Identiteitsfraude
0,8
Phishing
0,8
Hacken
6,9
Hacken account
5,7
Hacken apparaat
2,9
Online bedreiging en intimidatie
2,3
Bedreiging
0,9
Pesten
0,8
Stalken
0,8
Shamesexting
0,4
Overige online delicten
0,6
5b.
Gevolgen online criminaliteit voor slachtoffers, 2021 Totaal
Emotionele of psychische problemen
Financiële problemen
Online criminaliteit totaal
18,2
14,8
6,5
Pesten
53,6
53,0
5,6
Stalken
43,0
42,3
5,7
Shamesexting
37,0
36,1
4,1
Phishing
34,8
25,3
17,8
Bedreiging
33,3
32,3
4,8
Verkoopfraude
23,8
15,4
12,6
Identiteitsfraude
23,0
20,3
6,2
Fraude betalingsverkeer
17,1
11,9
8,6
Aankoopfraude
13,8
9,1
7,6
Hacken
13,5
10,8
4,4
Overige online delicten
28,7
24,9
8,6
5c. Melding en aangifte online criminaliteit slachtoffers, 2021 Melding
Aangifte
Online criminaliteit totaal
46,5
18,7
Fraude betalingsverkeer
76,6
24,9
Phishing
70,8
55,1
Stalken
68,4
22,6
Pesten
66,4
14
Identiteitsfraude
56,4
32,1
Shamesexting
54,2
17
Verkoopfraude
46,6
24,8
Aankoopfraude
40,6
20
Hacken
37,6
11,5
Bedreiging
25,6
18,5
Overige online delicten
45,6
23,1
CBS | Veiligheidsmonitor 2021
77
Tabellen Hoofdstuk 6 6a.
Contact met politie, 2021 % mensen die contact hebben gehad met % politie
Contact gehad met politie in de afgelopen 12 maanden
24,8
Laatste politiecontact was… In eigen buurt
59,8
Elders in eigen gemeente
18,7
Binnen eigen gemeente
78,4
Buiten eigen gemeente
17,1
(Zeer) tevreden over laatste politiecontact… In eigen buurt
67,1
Elders in eigen gemeente
65,9
Binnen eigen gemeente
66,8
Buiten eigen gemeente
67,1
6b.
Functioneren politie, 2021 % (zeer) tevreden
Tevredenenheid functioneren politie in buurt
36,8
Tevredenheid zichtbaarheid politie in buurt
32,2
Tevredenheid functioneren politie in het algemeen
49,3
Tabellen Hoofdstuk 7 7a.
Preventief gedrag, 2021 % altijd/vaak
Waardevolle spullen meenemen uit auto
76,2
's Avonds licht laten branden bij afwezigheid
48,5
Fiets in bewaakte fietsenstalling
46,8
Waardevolle spullen thuislaten
42,0
Somscore (0–4)
2,1
CBS | Veiligheidsmonitor 2021
78
7b.
Preventieve voorzieningen in/rond woning, 2021 % aanwezig
Extra veiligheidssloten
63,2
Buitenverlichting met sensor
47,7
Rolluiken voor ramen en/of deuren
21,3
Camerabewaking
16,6
Alarminstallatie
13,2
Raamsticker of certificaat van Politiekeurmerk Veilig Wonen (PKVW)
9,1
Somscore (0–6)
1,7
7c.
Buurtpreventie, 2021
% aanwezig in buurt Whatsapp-buurtpreventie
33,9
Buurt- of burgerwacht
7,8
% deelname door persoon uit huishouden
Burgernet
33,1
Whatsapp-buurtpreventie
21,7
CBS | Veiligheidsmonitor 2021
79
Bijlage II Tabel indicatoren regionale eenheden, districten en basisteams politie Deze bijlage bevat een tabel met de uitkomsten voor de vijf belangrijkste kernindicatoren behorende bij de hoofdstukken 2 tot en met 7 voor het jaar 2021 voor Nederland totaal en daarbinnen de 10 regionale eenheden, 43 districten en 167 basisteams van politie. In de tabel is door middel van ‘+’ en ‘–’ weergegeven of de uitkomsten van de regionale eenheden, districten en basisteams significant hoger of lager zijn dan het landelijke gemiddelde en of de uitkomsten van de districten en basisteams hoger of lager zijn dan het gemiddelde van de regionale eenheid waartoe ze behoren.
Kernindicatoren - naar regionale eenheid (RE), politiedistrict (PD) en basisteam, 2021 Onveiligheids gevoelens in buurt
Overlast in buurt % ervaart veel overlast 2)
Alkmaar
1)
2)
% weleens
1)
Slachtofferschap traditioneel
2)
% slachtoffers
Functioneren politie in buurt
1)
2)
% (zeer) tevreden
Preventieve voor zieningen woning
somscore 3)
1)
1)
Nederland
45,6
13,9
17,1
36,8
1,7
Noord Nederland (RE)
38,9 -
10,4 -
13,7 -
36,7
1,6 -
Fryslân (PD)
37,6 -
8,5 -
11,9 -
37,8
1,5 -
Noordwest-Fryslân
37,2 -
5,2 -
9,9 -
40,3
1,6
Noordoost-Fryslân
33,1 -
40,4
1,5 -
Oost-Fryslân
-
-
7,4 -
7,7 -
38,4 -
7,1 -
11,4 -
37,3
1,6
Zuidoost-Fryslân
36,8 -
7,4 -
11,2 -
37,5
1,6
Sneek
38,0 -
6,8 -
-
10,0 -
40,1
1,7
Leeuwarden
42,4
15,2
+
20,1
+
32,1 -
1,3 -
-
Groningen (PD)
41,6 -
13,5
+
16,3
+
35,7
1,4 -
-
Westerkwartier
38,3 -
4,5 -
-
8,6 -
-
42,2
1,6
Ommelanden-Noord
38,8 -
Ommelanden-Oost
45,8
Ommelanden-Midden Groningen-Zuid Groningen-Centrum
47,5
Groningen-Noord
40,3
20,0 +
Drenthe (PD)
37,4 -
9,2 -
Noord-Drenthe
34,3 -
Zuidoost-Drenthe
40,2 -
Zuidwest-Drenthe
9,6 -
-
2)
10,7 -
33,1
16,4
+
16,4
29,9 -
44,2
14,6
+
11,2 -
32,3
36,7 -
11,8
17,1
37,1
13,8
30,4 +
+
44,0 +
22,6 +
+
+
1,4 -
-
-
1,8 1,7 1,4 -
-
0,8 -
-
37,2
1,1 -
-
13,0 -
36,5
1,8 +
+
13,3 -
36,1
1,7
+
11,7 -
12,4 -
38,3
1,9 +
+
37,4 -
8,3 -
13,2 -
35,1
1,8 +
+
Oost-Nederland (RE)
40,7 -
10,9 -
14,5 -
38,6 +
1,8 +
IJsselland (PD)
38,1 -
9,1 -
IJsselland-Noord
38,5 -
6,3 -
Zwolle
41,9
13,3
Vechtdal
31,0 -
IJsselland-Zuid
39,5 -
10,2 -
13,0 -
41,3 +
1,7
Twente (PD)
39,0 -
11,5 -
15,7
39,4 +
1,9 +
Twente-West
25,8 -
10,9 -
42,5 +
2,1 +
+
Twente-Noord
45,7
15,9
41,0
2,0 +
+
+
-
-
-
7,4 -
5,9 -
5,1 13,0
+ -
13,0 -
10,9 -
42,8 + -
17,4 -
-
10,4 -
-
+
1,7
-
42,8 +
1,7
-
39,6
1,6 -
-
48,7 +
+
+
1,8 +
38,6
CBS | Veiligheidsmonitor 2021
80
Kernindicatoren - naar regionale eenheid (RE), politiedistrict (PD) en basisteam, 2021 Onveiligheids gevoelens in buurt
Overlast in buurt % ervaart veel overlast 2)
2)
% weleens
1)
2)
% slachtoffers
Functioneren politie in buurt
1)
2)
% (zeer) tevreden
Preventieve voor zieningen woning
somscore 3)
1)
1)
2)
Twente-Midden
36,9 -
14,0
37,6
1,8 +
Noordoost-Twente
26,9 -
-
5,7 -
-
10,2 -
43,4 +
2,0 +
+
Enschede
52,5 +
+
21,5 +
+
23,8 +
+
35,8
1,6
-
Noord en Oost Gelderland (PD)
37,9 -
-
9,1 -
-
12,2 -
-
38,5
1,9 +
+
Achterhoek-Oost
30,2 -
-
6,2 -
-
10,1 -
-
47,3 +
2,0 +
+
Achterhoek-West
37,5 -
9,3 -
+
IJsselstreek
38,3 -
6,4 -
Apeldoorn
43,3
Veluwe Noord
35,7 -
Veluwe West
42,3
Gelderland Midden (PD)
43,6
+
Veluwe Vallei-Noord
37,3 -
-
Ede
42,5
11,4
16,8
Veluwe Vallei-Zuid
40,4
11,4
14,8
Arnhem-Noord
55,8 +
+
23,0 +
+
26,6 +
Arnhem-Zuid
51,0
+
17,9
+
Rivierenland-West
42,2
6,9 -
-
IJsselwaarden
42,8
10,6
Rivierenland-Oost
38,9 -
Gelderland Zuid (PD)
45,6
+
13,1
+
Nijmegen-Noord
47,8
+
15,0
+
20,6
40,7
1,0 -
-
Nijmegen-Zuid
48,8
+
19,6 +
+
18,2
34,0
1,4 -
-
Tweestromenland
39,3 -
8,1 -
13,4 -
32,2 -
2,2 +
+
De Waarden
47,8