Vastgesteld verslag - raadscommissie 9 februari 2021
Tekst van het document
De VOORZITTER legt nu de kaders van hoofdstuk 4 voor Kader 1 – aantal personen dat Texel bezoekt is voldoende Raadslid KIEFT vindt dit geen goed kader, want het gaat niet om aantal personen, maar om de effecten, onderscheiden naar locatie en tijd. Het moeten doelvoorschriften zijn. De VOORZITTER vraagt of hij een voorzet kan geven. Raadslid KIEFT kan dat nog niet nu. Hij ziet wel bepaalde logica in de opbouw van de kaders, maar is eens met de heer Veltkamp
Verslag raadscommissie
dinsdag 09-0214/18
dat er wel degelijk een visie onder zit, maar dat die niet expliciet gemaakt is. Hij wil wel -samen met de PvdA- hun best doen dat te formuleren, om te kijken hoe ze hier verder ‘kleur’ aan kunnen geven. Raadslid WITTE merkt op dat die discussie nog gaande was, maar Texels Belang kan zich hier wel bij neerleggen. Richting mevrouw Van de Wetering zegt hij de zorgen van de heer Veltkamp wel te begrijpen. Ook zij hadden verwacht dat het nog wat breder getrokken zou worden, om juist de stakeholders breed gedragen kaders te laten formuleren. Verder sluit hij zich aan bij de woorden van de heer Kieft. Raadslid KOOT ziet het ook zo als de heer Kieft. In feite gaat het eerste punt over de druktebeleving en hoe je daarmee omgaat. Daar zit een aantal kanten aan. Ze heeft bijv. nog vraagtekens bij dagtoerisme, hoe om te gaan met dagtoerisme, zo lang dat niet is uitgesplitst naar auto’s, fietsers, voetgangers. Raadslid ZEGEREN vindt jammer dat dit debat niet ‘live’ kan worden gevoerd. Zijn vragen gingen over het proces. Dit punt gaat over de vraag wanneer er genoeg zijn, of wanneer ze hinderlijk zijn. Zo heeft hij meer vraagtekens, dus daarom zijn vraag of hij al kaders op uitvoeringsniveau moet mee geven. Hij heeft besloten nu eerst te gaan luisteren. Raadslid LELY is met de heer Kieft eens dat de aantallen bezoekers niet zoveel aangeven.
Eigenlijk zou het veel sterkere kader 2.5 bovenaan moeten staan. Graag wil hij ook we met een aantal mensen buiten de vergadering meer kaders en amendementen gaan uitwerken. Hij begrijpt de drang om door te gaan wel, maar is bang dat het nu een soort ‘Poolse landdag’ zou worden. Raadslid VAN DE WETERING wijst erop dat de voorbereidingen al anderhalf jaar gaande zijn. Wat voorligt is juist de input die is opgehaald bij alle stakeholders. Dat komt juist uit het veld en daar kan de raad nu iets van vinden. Het komt niet uit de lucht vallen en is niet door het college verzonnen. Ze denkt dat de verwoording van de heer Kieft de juiste zijn, maar meent toch dat ze allemaal wel begrijpen wat het college bedoelt. Het gaat om de beleving, het gevoel, voor iedereen dat het eiland vol is. Misschien zou het taaltechnisch iets aangepast kunnen worden. Raadslid VELTKAMP lijkt het simpel, als ze elk kader los willen zien. Maar hij vraagt zich dan af hoe ze dat dan realiseren, bijv. spreiden over de seizoenen? Raadslid VAN DE WETERING interrumpeert met de opmerking dat de raad dat kader moet vaststellen, en dat in die visie dan wordt uitgewerkt hoe ze dat gaan doen. Raadslid VELTKAMP had het liever andersom gezien. Hij hoopt dat de wethouder daar een antwoord op heeft, maar legt zich erbij neer. Wethouder HUISMAN vindt wel heel interessant te horen wat de raad vindt.
Ze verwijst ook naar de klankbordgroep en het verslag daarvan. Daar kwam ook naar voren of dit misschien anders geformuleerd moet worden. Ze hoopt dat de raad daar wat aan heeft. Duidelijk is in ieder geval dat ze geen extra slaapplaatsen willen en het dagtoerisme willen beperken. In reactie op mevrouw Koot zegt ze dat dagtoeristen mensen zijn die geen verblijfsaccommodatie hebben. Juist die maken meer verkeersbewegingen over het eiland, en veroorzaken meer irritatie. Raadslid KOOT begrijpt dit goed, maar ziet in het rapport dat het college het zelf al tussen haakjes zet. Aan rijen fietsers ‘s zomers bij de boot kun je zien dat het dagtoeristen zijn, maar aan rondrijdende auto’s kun je dat niet zien. Ze ziet graag onderbouwing voordat het college hier te zwaar op inzet. Raadslid ZEGEREN constateert: het komt er in ieder geval op uit dat het toch te druk is. Raadslid SCHUIRINGA zegt tegen mevrouw Van de Wetering, over ‘als bedden overal op Texel verstrooid kunnen worden’, dat we ons toch allemaal aan het bestemmingsplan te houden hebben. Raadslid VAN DE WETERING denkt dat de heer Schuiringa wel weet dat ze het zo niet bedoelde, maar ze wilde toelichting, omdat het zo verwoord staat in 1.2. Raadslid HIN merkt n.a.v. de vraag van de wethouder op, dat het volgens haar niet om aantal personen, maar om het aantal bedden gaat.
Groei zit eigenlijk alleen nog in vooren najaar, meent ze. Die zin zou ze aanpassen. En over het weren van dagtoeristen lijkt het haar bijna discriminatie, alsof men hier niet meer een rondje mag fietsen. Daar is ze niet van gediend.
Verslag raadscommissie
dinsdag 09-0215/18
Kader 2 - Meer camperplekken binnen huidige aantal slaapplaatsen Raadslid KOOT snapt dit niet helemaal, want een camper is toch gewoon een kampeermiddel. Het is aan de sector zelf om op deze populaire vorm in te haken, denkt ze. Ze hoort ook dat kampeerboeren hier heel goed toe in staat zijn. Wethouder HUISMAN legt uit dat naar voren kwam uit de peilingen dat campers overal wildkamperen. Een van de oorzaken zou zijn dat er te weinig plekken voor zouden zijn (250 van de benodigde 500). Ook hier geeft de klankbordgroep deze mening aan, waar u wat aan kunt hebben. Raadslid VAN DE WETERING meent dat dit dan ook binnen de doelgroep van kampeerplekken opgevangen moet worden. Ze hoort dat ook groepsaccommodaties camperplekken zouden mogen realiseren. En ook dat in De Koog parkeerplaatsen zijn ingeleverd voor campers. Dat moet wel nader bekeken worden, vindt ze. Raadslid KIEFT denkt dat dit kader niet op z’n plaats lijkt in een beleidsstuk van de gemeente, tenzij je erop wilt gaan handhaven. Als de sector wil reageren op de vraag, dus wil je er een kader van maken, zeg dan dat je erop wilt handhaven, stelt hij. Raadslid VELTKAMP zegt over campers, als je die blijft zien als kampeermiddel, dan zouden die op de camping moeten blijven, wil hij dan toegevoegd zien. Want het gaat om overnachten, maar hoe maak je verschil met erin verblijven, en hoe handhaaf je draarop? niet.
En zijn er onvoldoende plaatsen, dan raak je weer aan noodcamping. De kortste klap is misschien wel dat we ze niet meer op het eiland willen, geeft hij mee. Raadslid WITTE vraagt hoe de wethouder aan die getallen is gekomen, ze zei dat er aan 500 plekken behoefte is, en maar 250 beschikbaar zijn. Wethouder HUISMAN heeft die cijfers via KADO Texel. Zij verzamelen die gegevens. Raadslid SCHUIRINGA weet dat ten noorden van De Cocksdorp een camping bezig is camperplekken te gaan inrichten. Die heeft daar nog bedden voor. Misschien kan het college daaraan medewerking verlenen, oppert hij. Raadslid HIN meent dat Loodsmansduin ook camperplekken heeft. Wethouder HUISMAN bevestigt dit. De VOORZITTER denkt van een stuk of 18. Raadslid HOOGERHEIDE zegt tegen de heer Veltkamp dat campers tegenhouden onzin is. Hij weet wel dat er soms camperplekken op de campings vrij zijn, terwijl camperaars het een hobby vinden overal gratis te gaan staan. Moeilijk te traceren of te handhaven, meent hij. Raadslid LELY vraagt of ze, als iets moeilijk handhaven is, het maar toe moeten laten. Kader3 – heldere en handhaafbare toetsingscriteria voor B&B’s Raadslid LELY ziet op dit gebied ontwikkelingen richting appartementengebouw. Dit zou zeker moeten worden voorkomen. Raadslid KOOT denkt dat juist met B&B draagvlak onder inwoners is te behouden, omdat men hiermee iets kan bijverdienen.
Dat kweekt veel goodwill, en groot effect is dat er niet voor bijgebouwd hoeft te worden. Ze ziet zeker dat iets aan de nadelen gedaan moet worden. Ten tweede denkt ze, als je het gaat vangen onder regelgeving, dat je dan een ‘kerstboom’ aan regels, administratie en handhaving gaat optuigen. Er zou een tussenoplossing te bedenken moeten zijn. Misschien is een redelijk alternatief het aantal bedden te beperken dat iemand mag verhuren, maar wel het recht te behouden. De VOORZITTER wijst op 2 aspecten. Nu is het maximum aantal aan de orde. Wethouder HUISMAN denkt dat doordoor vergroten van het draagvlak afhankelijk is van hoe je kijkt, vanuit degene die het aanvraagt, óf vanuit degene die overlast ondervindt. Ze zien verschuiving naar woonwijken, en keerzijde is dat door meer ergernis ontstaat, o.a. door parkeerproblematiek . Keerzijde is wel dat ze in de afweging moeten meenemen dat mensen hebben geïnvesteerd op basis van de huidige regeling. Daar kun je voor kiezen. Raadslid VAN DE WETERING denkt dat er wel degelijk een maximum moet zijn, maar zou eigenlijk eerst willen weten hoeveel plekken voor B&B er nu zijn, en hoe we er meer grip op kunnen krijgen. Verplichte registratie zou al wat zijn, meent ze, want zoals de heer Gregoire noemde is er nu potentieel recht op 36.000 bedden voor logies en ontbijt.
Raadslid HOOIJSCHUUR vindt ook dat er wel grenzen aan gesteld moeten worden, want het moet niet zo zijn dat iedereen logies en ontbijt gaat verhuren. Je hebt immers ook te Verslag raadscommissie
dinsdag 09-0216/18
maken met parkeren e.d. Registreren en aanpakken lijkt hem dus noodzakelijk. Raadslid KIEFT vindt de volgorde van kaders niet helemaal logisch, want als ze kader 5 hebben vastgesteld (maximaal 45.000 toeristische slaapplaatsen), dan moeten die voor B&B eronder vallen. Dan is een plan nodig om ruimte te maken om dit planologisch te regelen. Uiteraard is een maximum gewenst, maar hoeveel tijd neem je daarvoor, en in welke volgorde ga je dat reguleren. Wethouder HUISMAN geeft aan dat voor alle kaders geldt, dat de raad zegt wat ze belangrijk vindt. Daarna pakken ze op hoe ze de uitwerking zien, aan de hand van die verschillende opties. Raadslid HOOGERHEIDE vraagt wat de wettelijke, landelijke kaders zijn als je praat over registratieplicht of over een vergunningstelsel. Wethouder HUISMAN antwoordt dat ze hebben uitgezocht welke voorwaarden je voor B&B kunt stellen. Een vergunningstelsel invoeren is mogelijk. Daar kun je dan voorwaarden aan stellen, waarop beter is te handhaven. Bijv. parkeerplek voor een gast kun je nu nog niet afdwingen. Raadslid HOOGERHEIDE vraagt tevens hoe het is als een aanvrager er bedden bij krijgt. Dat kun je nu dus niet tegenhouden. Wethouder HUISMAN antwoordt dat dit zou samenhangen met bijv. eenzelfde systematiek als bij kamperen bij de boer. Zo kun je het reguleren, maar je kunt ook zeggen dat er geen vergunningen meer gegeven worden..
Raadslid HIN vindt het nogal logisch dat in de woonwijken B&B voorkomt. Bij veel huizen kun je niet parkeren, dus hoe wil je dat doen, vraagt ze zich af. En registratie is er nu al, dat kun je toch ‘nulmeting’ noemen. Ze wijst er ook nog op dat een huis met B&Bvergunning veel meer waard wordt. Wethouder HUISMAN antwoordt dat het ‘hoe’ nog uitgezocht moet worden. Wie nu vergunning heeft is zo te achterhalen, maar de vraag ligt voor of je het ook een halt toe wilt roepen. In het verleden begonnen mensen B&B’s in gebieden waar er ruimte voor was, maar nu zie je meer verschuiving naar de woonwijken, geeft ze aan. Hoe je dat uitwerkt is voor later. Raadslid RAN maakt een algemene interruptie. De stand van zaken is inmiddels goed uitgelegd. De raad maakt de kaders en stelt ze vast, het college gaat ermee aan de slag, en op basis daarvan krijgt de raad de uitwerking op een presenteerblaadje, vat hij samen. Raadslid HIN snapt dit wel, maar is bang dat de beleidsregels waar het college mee komt bij de uitwerking sterk zullen afwijken van wat de raad wil. Dat bleek in het voorjaar, dus nu is iedereen daarop extra gefocust. Raadslid VELTKAMP denkt dat ze zeker in het kader van B&B kunnen kijken naar een vergunningstelsel. Iedereen heeft recht op wonen, en op logies en ontbijt, dus dan zou je een voorrangsregeling kunnen maken, geeft hij mee.
Raadslid VAN DE WETERING wijst erop dat het kader is dat we het willen reguleren. Of dat via een vergunningstelsel of een andere manier gebeurt, is aan het college. Verplichting om aan de regels te voldoen ligt bij de klant zelf, maar in ieder geval zijn we het erover eens dat we hier kaders aan willen stellen. conclusie
4.
Gezien het late tijdstip wordt behandeling van dit onderwerp nu geschorst. De planningscommissie gaat nadenken over een plan hoe en wanneer het vervolgd is.
Rondvraag 4.1
Raadslid HIN las in Nieuwe Oogst van 6 februari dat Waddenagenda 2050 niet goedgekeurd is door 3 deelnemers, met name uit de agrarische sector, o.a. als het gaat om dijken doorbreken waardoor zout water ongehinderd wordt ingelaten. Het is belachelijk, waar we aan de andere kant juist verzilting tegen willen gaan. Ze hoort graag hoe de burgemeester hierin staat. Burgemeester UITDEHAAG is ervan op de hoogte. Hij meent dat dit vorig jaar september ook al met de raadscommissie is besproken. Toen heeft de raad wel ingestemd met de agenda. Hij is dus wat verbaasd dat er op dit moment nog bezwaren komen uit deze hoek. Hij begrijpt de zorgen wel, ook als het gaat over bijv. dijkverzwaring, en ook dat LTO landinwaarts niet meer zout wil. Voor Texel zal dit
Verslag raadscommissie
dinsdag 09-0217/18
overigens niet acuut spelen, want de dijkverzwaring is net klaar, en het is in ieder geval niet zo dat hier op Texel goede agrarische grond verloren gaat. Hij denkt dat ze met deze reactie op de Waddenagenda al een soort voorschot nemen voor de toekomst, want die kijkt nog helemaal niet naar nadeel voor wie dan ook. Een grote meerderheid heeft het al ondertekend, behalve Noordoost Friesland.
5.
Sluiting De VOORZITTER dankt allen voor hun inbreng. Hij sluit de vergadering om 23.06 uur.
Afkortingen rkc = rekenkamercommissie, SKT = stichting kernwaarden Texel, VTKB = vereniging Texelse kampeerboeren, Ondertekening Vastgesteld in de openbare raadscommissievergadering van 31-03-2021, De griffier,
Verslag raadscommissie
dinsdag 09-0218/18