Dossier 694 voorblad.pdf
Tekst van het document
Raadsvergadering Dossiernummer Extern Zaak ID Vertrouwelijk Vergaderdatum Agendapunt Titel Portefeuillehouder
694 3043294 Nee 13 oktober 2021 7 2e herstelbesluit bestemmingsplan Oudeschild, uitbreiding bedrijventerrein E. Kooiman
Geagendeerd
Vergaderdatum
B&W
7 september 2021
B&W
14 september 2021
Raadscommissie
29 september 2021
Raadsvergadering
13 oktober 2021
Toelichting Het bestemmingsplan ‘Oudeschild, uitbreiding bedrijventerrein’ kent al een lange voorgeschiedenis. De procedure is nog niet afgerond en ligt nog steeds bij de Raad van State. In het kort hieronder de voorgeschiedenis van het plan: Op 21 februari 2018 heeft u het bestemmingsplan Oudeschild, uitbreiding bedrijventerrein, vastgesteld. Na de vaststelling was er de mogelijkheid voor het instellen van beroep bij de Raad van State. Dat is ook gebeurd en de beroepen zijn bij de Raad van state in behandeling. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State heeft op 15 januari 2020 een tussenuitspraak over het bestemmingsplan en de beroepen. Deze uitspraak was de aanleiding voor aanpassing van het bestemmingsplan door middel van een herstelbesluit. Dit heeft u op 30 juni 2020 vastgesteld. Tegen dit herstelbesluit zijn weer aanvullende beroepsgronden ingediend bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. Daar heeft de Afdeling 19 mei 2021 een tweede tussenuitspraak gedaan. Opnieuw heeft de Afdeling enkele omissies in het plan geconstateerd. De Afdeling ziet het belang bij een spoedige beëindiging van het geschil en heeft de raad (daarom) opgedragen om binnen 26 weken na de tussenuitspraak een nieuw besluit over het bestemmingsplan te nemen. Dit besluit moet uiterlijk 16 november 2021 bij de Raad van State zijn.
De door de Afdeling geconstateerde gebreken zijn de volgende: a) De verkeersroute via De Waal is in het bestemmingsplan niet voldoende geborgd. b) De aanmeldnotitie milieueffectrapportage voldoet niet aan de vereisten van het Besluit m.e.r. c) Niet inzichtelijk/verzekerd is dat de bedrijfsvoering van de bierbrouwerij aan de Schilderweg 214B in Oudeschild daadwerkelijk wordt beëindigd en dat op deze locatie niet opnieuw een bedrijf met een vergelijkbare stikstofdepositie kan worden gevestigd. Naar aanleiding van de tweede tussenuitspraak wordt het bestemmingsplan door middel van het voorliggende herstelbesluit 'gerepareerd'. Daarmee wordt invulling gegeven aan de uitspraak van de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State. Het is een ingewikkeld stuk, maar in kort komt het erop neer dat met dit herstelbesluit wordt vastgelegd dat:
1. Het vrachtverkeer ten behoeve van de bierbrouwerij via De Waal moet rijden, 2. De aanmeldnotitie m.e.r. volgens de regels aan alle partijen voor advies is voorgelegd en
3. Dat geregeld is dat na verplaatsing va de brouwerij de activiteiten aan de Schilderweg volledig worden gestopt. Hier kan dan een nieuw bedrijf komen volgens de regels van het bestemmingsplan.
Besluit Het herstelbesluit voor het aanpassen van het bestemmingsplan Oudeschild, uitbreiding bedrijventerrein vast te stellen waarbij de volgende artikelen in het plan worden gewijzigd/toegevoegd en plantoelichting wordt aangepast:
1. Artikel 3 lid 5.4 ‘Voorwaardelijke verplichting - verplichte rijroute’ wordt toegevoegd en luidt: Het is uitsluitend toegestaan de bierbrouwerij te exploiteren indien en voor zolang het vrachtverkeer ten behoeve van de bierbrouwerij wordt afgewikkeld via de rijroute die als Bijlage 3 bij de planregels is gevoegd. 2. Artikel 3 lid 5.5 ‘Voorwaardelijke verplichting - ingebruikname bouwwerken’ wordt toegevoegd en luidt: De ingebruikname van een gebouw voor de bierbrouwerij overeenkomstig deze bestemming is uitsluitend toegestaan, indien: a) bij het bevoegd gezag een melding als bedoeld in artikel 1.10 Activiteitenbesluit milieubeheer is ingediend die ziet op een volledige bedrijfsbeëindiging van de bestaande inrichting Texelse Bierbrouwerij aan de Schilderweg 214B in Oudeschild; en b) de Texelse bierbrouwerij die gevestigd is aan de Schilderweg 214B haar bedrijfsactiviteiten heeft gestaakt door de bedrijfsinventaris en bedrijfsmiddelen te verwijderen en haar bedrijfsvoering aan de Schilderweg gestaakt houdt.
3. Aanpassing/vervanging van de volgende tekst in de plantoelichting: Paragraaf 4.10 Ecologie Het tekstdeel: ‘De ontwikkeling en gebruik van de brouwlocatie ten noorden van Oudeschild leidt mogelijk tot een vergunning- of meldingsplichtige toename van stikstofdepositie op het gebied. Middels een berekening in het programma Aerius is voor zowel de bouw- als gebruiksfase bepaald in welke mate de nieuwe brouwerij leidt tot een toename van stikstofdepositie op het gebied. Voor de Aeriusberekening is uitgegaan van de bierbrouwerij met een maximale productie van 157.000 hl/j. Door Langelaar Milieuadvies is op basis van de maximale productie van 157.000 hl/j en de nieuwe verkeersgegevens een verschilberekening gemaakt. In de gebruiksfase vindt de structurele emissie van stikstof plaats. In de berekening zijn de huidige verkeersbewegingen, zoals deze plaatsvinden in de huidige situatie aan de Schilderweg, buiten beschouwing gelaten. Daarnaast is ervanuit gegaan dat de brouwerij direct na bedrijfsverplaatsing aan zijn maximale productiecapaciteit zit. Daarmee zijn de eventuele negatieve effecten aanzienlijk slechter berekend dan dat ze zich in werkelijkheid voordoen. Als gevolg van de bedrijfsverplaatsing en toename van de productie treden er bij de Duinen en Lage land Texel voor enkele hexagonen een toename op van stikstof depositie (max. 0,02).
Voor al deze hexagonen geldt dat de kritische depositie waarden in de huidige situatie, maar ook als gevolg van de beperkte toename, niet overschreden worden. Daarmee kan er geconcludeerd worden dat als gevolg van de bedrijfsverplaatsing er geen significant negatief effect optreedt. Nu er geen sprake is van een overschrijding van de KDW kan opnieuw geconcludeerd worden in het kader van de voortoets dat er geen sprake is van een significante verslechtering. Daarmee kan afgezien worden van een passende
beoordeling en daarmee van het opstellen van een MER. In het kader van de aanvraag omgevingsvergunning voor het bouwen zal, conform de beslisboom, een WNB-vergunning aangevraagd worden nu gebruik is gemaakt van saldering.’ Wordt vervangen door: ‘De ontwikkeling en gebruik van de brouwlocatie ten noorden van Oudeschild leidt mogelijk tot een vergunningplichtige toename van stikstofdepositie op het gebied. Middels een berekening in het programma Aerius is voor zowel de bouw- als gebruiksfase bepaald in welke mate de nieuwe brouwerij leidt tot een toename van stikstofdepositie op het gebied. Voor de Aeriusberekening is uitgegaan van de bierbrouwerij met een maximale productie van 157.000 hl/j. Door Langelaar Milieuadvies is op basis van de maximale productie van 157.000 hl/j en de nieuwe verkeersgegevens een verschilberekening gemaakt. In de gebruiksfase vindt de structurele emissie van stikstof plaats. In de berekening zijn de huidige verkeersbewegingen, zoals deze plaatsvinden in de huidige situatie aan de Schilderweg, buiten beschouwing gelaten. Daarnaast is ervanuit gegaan dat de brouwerij direct na bedrijfsverplaatsing aan zijn maximale productiecapaciteit zit. Daarmee zijn de eventuele negatieve effecten aanzienlijk slechter berekend dan dat ze zich in werkelijkheid voordoen.
Als gevolg van de bedrijfsverplaatsing en toename van de productie treden er bij de Duinen en Lage land Texel voor enkele hexagonen een toename op van stikstof depositie (max. 0,02). Voor al deze hexagonen geldt dat de kritische depositie waarden in de huidige situatie, maar ook als gevolg van de beperkte toename, niet overschreden worden. Daarmee kan er geconcludeerd worden dat als gevolg van de bedrijfsverplaatsing er geen significant negatief effect optreedt. Nu er geen sprake is van een overschrijding van de KDW kan opnieuw geconcludeerd worden in het kader van de voortoets dat er geen sprake is van significante gevolgen. Er treden geen belangrijke nadelige milieueffecten op. Daarmee kan ook afgezien worden van het opstellen van een MER. En aangevuld met: Aanvullend heeft Langelaar Milieuadvies in beeld gebracht of er ook zonder externe saldering een toename van de stikstofdepositie optreedt, indien rekening wordt gehouden met het gegeven dat bij ingebruikneming van het plangebied door de bierbrouwerij het bestaande agrarisch gebruik van het plangebied zal worden gestaakt. Langelaar Milieuadvies heeft haar bevindingen vastgelegd in het Memo onderzoek stikstof dat als Bijlage ** bij de plantoelichting is gevoegd.
De conclusie van Langelaar luidt ‘dat per saldo de NOx depositie op alle kwetsbare habitats en leefgebieden in Natura 2000-gebieden in de gebruiksfase niet groter is dan ten tijde van de referentiesituatie’. Dat betekent dat wanneer de externe saldering buiten beschouwing wordt gelaten, geen sprake is van een toename van de stikstofdepositie. Dat betekent dat er hoe dan ook geen sprake is van een significante verslechtering. Van een vergunningplicht in het natuurspoor is geen sprake. Het plan kan in overeenstemming met artikel 2.7 lid 1 Wnb worden vastgesteld.