Bijlage 1a. Ruimtelijke onderbouwing 11 juli 2023
Tekst van het document
Het plan draagt niet in betekenende mate bij aan de verslechtering van de luchtkwaliteit. Aanvullend onderzoek naar het aspect luchtkwaliteit is niet noodzakelijk.
4.12 Kabels en leidingen Toetsingskader Bij de uitvoering van ruimtelijke ontwikkelingen moet rekening worden gehouden met de aanwezigheid van elektriciteit- en communicatiekabels en nutsleidingen in de grond. Hier gelden beperkingen voor ingrepen in de bodem. Daarnaast zijn zones, bijvoorbeeld rondom hoogspanningsverbindingen, straalpaden en radarsystemen van belang. Deze vragen vaak om het beperken van gevoelige functies of van de hoogte van bouwwerken. Voor ruimtelijke plannen zijn alleen de hoofdleidingen van belang. De kleinere, lokale leidingen worden bij de uitvoering door middel van een Klic-melding in kaart gebracht. Toetsing In en rondom het projectgebied zijn geen kabels, leidingen of zoneringen aanwezig die planologische beperkingen vormen voor de voorgenomen ontwikkelingen in het projectgebied.
35/77
4.13 Duurzaamheid De ontwikkelaar hecht grote waarde aan een duurzame onderneming. In deze paragraaf is een beschrijving opgenomen waarin wordt beschreven op welke wijze rekening wordt gehouden met duurzaamheid. 1. Duurzaam Bierbrouwen Duurzaam ondernemen is in de ogen van de familie Diks een vanzelfsprekendheid, de wereld en dan met name het eiland Texel is onze thuishaven waar respect voor onze leefbaarheid aandacht verdient. Ons brood verdienen en tegelijk oog hebben voor onze omgeving hebben is een dagelijkse uitdaging die onze foodprint zo klein mogelijk moet maken. De verhuizing naar de Meyertebos geeft hier een enorme impuls aan in onze brouwerijonderneming. Op de Meyertebos is er voldoende ruimte in vierkante meters om alle volume materialen als lege kratten en flessen en fusten binnen op te slaan. Dit houd de onderneming opgeruimd en netjes. 2. Energiegebruik naar energieneutraal Niet alleen de beschikbare ruimten maakt dat het ondernemen gemakkelijker beheersbaar zal worden maar ook vooral de huidige energie infrastructuur van het gebouw. 420 zonnepanelen met een opbrengst van bijna 100.000 kwh(2022) maakt dat de toekomst van de brouwerij energieneutraal kan worden. Voor het produceren van bier is energie in de verschillende varianten als Gas en Elektra nog onmisbaar. Echter door de locatie is er een enorme winst te behalen in het gebruik van deze energiebronnen.
De stoomketel met zijn 291 KW is gasgestookt en onmisbaar voor het verwarmen van proceswater en de brouwketel. Met de aangevraagde capaciteit zal er echter met efficiënt brouwen van 2 brouwsels op een brouw dag en een regelmaat van 2 keer per week het volume van max 6000HL bereikt kunnen worden. Daar komt bij dat de rookgassen van de stoomketel door middel van een rookgaskoeler kunnen worden terug gekoeld van ± 180° Gr Celsius naar 45 ° Graden Celsius. De vrijgekomen warmte wordt omgezet naar warm water wat vrij eenvoudig in geïsoleerde tanks kan worden opgeslagen zodat dit kan worden hergebruikt. Tijdens het kookproces is in de huidige installatie voorzien dat de geuremissie geëlimineerd wordt door een dampcondensor. De warmte uit dat proces zal via een buffertankje weer teruggewonnen worden voor de warmwatervoorziening. Het huidige gebruik van gas ligt met de productie van 3000 HL in 2023 op een verbruik van ± 15.000 m3 gas. De verwachting is dat door de verlengde brouwdagen en warmte terugwinning dit een 30-50% reductie zal geven waardoor het verbruik van gas de komende jaren niet zal stijgen. Tevens zullen alle conventionele verlichtingsarmaturen worden vervangen door Led verlichting. Jaarlijks maakt het technisch management van de Familiebrouwerij een energiescan en een verbeterplan. Dit is al vanaf de start in 2019 dat de brouwerij operationeel werd, een vast protocol.
De omgevingsdienst die het afgelopen jaar de controle verzorgde was zeer onder de indruk van de kennis en kunde van de energiehuishouding. De brouwerij heeft het voornemen om de brouwerij vanaf 2026 gefaseerd energieneutraal te maken en de traditionele gas stoomketel te vervangen voor elektrische verwarmde units.
36/77
3. Isoleren De huidige vijf schuren en open kapschuur van het perceel Meyertebos 7 met een oppervlakte van 3850 m2 dienen eigentijds gemaakt te worden. Schuur één en twee zijn voorzien van goede isolatie dakplaten en up to date. Schuur drie, vier en vijf zijn echter voorzien van asbestgolfplaten met isolatie spuit pur. Deze daken worden vervangen door acht centimeter geïsoleerde sandwichpanelen. Schuur zes wat nu een open kap schuur is, zal worden gesloten met een pui met overhead deur en loopdeuren en het dak zal ook worden vervangen voor geïsoleerde sandwichpanelen. Verder zullen de kantoorruimte worden voorzien de het hoogste kwaliteit isolatie Triple glas. 4. Energieneutraal Op het huidige opstal Meyertebos 7 liggen 420 zonnepanelen welke per 31-12-2026 eigendom worden van de Familiebrouwerij. Deze panelen produceren per jaar ± 100.000 KWH welke we door het proces van bierbrouwen direct kunnen benutten door water te verwarmen en op te slaan in geïsoleerde tanks. Dit verwarmde water zal met een temperatuur van ± 90° Celcius kunnen dienen om de watertank van de stoomketel mee te vullen. Dit zal een aanmerkelijke besparing geven op de opwarmtijd van de stoomketel wat betekent minder energie gebruik. Dit warme water kan ook worden gebruikt voor de verwarming van ons proeflokaal d.m.v. vloerverwarming. Hierdoor is een gasgestookte CV overbodig.
Door de verhuizing van de brouwerij komt er in Den Burg op het bedrijven terrein Spinbaan weer capaciteit in energie vrij voor andere initiatieven. Het energielabel van het gebouw Meyertebos is een C label, uitdaging is om daar de komende jaren te proberen dit naar een hoger label te krijgen. Na de verhuizing kan de familiebrouwerij de komende jaren haar foodprint bijna volledig reduceren en kan daarmee één van de duurzaamste brouwerij in de provincie Noord Holland worden. Een pareltje voor het eiland Texel. 5. Eigen graan in eigen bier Een lang gekoesterde wens is om al het benodigde graan als gerst en tarwe zelf te kunnen vermouten. Een simpel proces wat vooral ruimte vraagt en energie om het gekiemde mout te drogen. Door de Zonne energie voortdurend op te slaan in water kan de brouwerij haar eigen mout klimaatneutraal drogen. Hieraan toegevoegd dat met het op de vloer vermouten van graan (weken/ kiemen/ drogen) deze warmte volledig energie neutraal kan worden ingezet en daarmee de brouwerij zeer efficiënt en kleinschalig haar bieren kan maken. Een Win-Win situatie. Verder kan de brouwerij verder verduurzamen in het overschakelen naar statiegeld flessen.
Door een convenant tussen de grote brouwers en onze belangenvereniging Craft, waar we bij aangesloten zijn, kunnen nu ook kleine brouwers hun bier afvullen op statiegeld flessen welke na gebruik weer overal in Nederland kunnen worden ingeleverd en hergebruikt. Op weg naar een betere wereld. Op Texel gegroeid op Texel gebrouwen een bier om van te houden! 6. MVO Grondstoffen van ons eigen eiland, ondernemen met je buren als leverancier, maar ook je buren als afnemer als ze het restproduct Bierbostel een tweede bestemming als veevoer geven, leid allemaal tot super korte ketens en een betrokken omgeving. Geen eindeloze verkeersbewegingen, geen verspilling van energie en grondstoffen
37/77
maar Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen in zijn puurste vorm is één van onze drijfveren. Beter een goede buur dan een Verre vriend! Als nieuwkomer op de buurt van de Meyertebos 7 is in vroeg stadium al het overleg met de buren gestart. In goed overleg ligt daar nu een overeenkomst ter geruststelling teneinde een goede leefbare toekomst met elkaar tegemoet te gaan. De buren zijn blij met dit vroege initiatief. Alle omwonende buren zijn akkoord met de komst van de Familiebrouwerij en hebben daarvoor de overeenkomst getekend. Er zijn op dit moment in het huidige gebruik als agrarisch loonbedrijf veel zware voertuigen. Vrachtwagens, trekkers met aanhangwagens die voor een continue stroom aan zwaar verkeer zorgen. Dit zal met de komst van de Familiebrouwerij verleden tijd zijn. Wel zal er extra verkeer van fietsers en auto's zijn door de bezoekers van de brouwerij. Door de beperkte aantallen die per rondleiding worden toegelaten en die online van te voren reserveren zal dit niet leiden tot overlast. Een stimuleringsactie zal er aan bijdragen dat bezoekers op de fiets een extraatje verdienen als ze op de fiets de brouwerij bezoeken. De bieren van de Tesselaar Familiebrouwerij zijn erkend als Echt Texels Product en aangesloten bij de vereniging voor Echt Texels Product. Het uiteindelijk streven is om in 2028 ook te kunnen worden erkent als Streek Product.
Voor de verhuizing zal een DAF LF Electric of DAF Ginaf Hytruck 100% elektrisch worden gehuurd met Zero emissie. Ook dit past in ons MVO beleid. 7. Tesselaar Familiebrouwerij als werkgever De familiebrouwerij heeft van een paar nationale problemen geen last, bijvoorbeeld het vinden van goede medewerkers. De familie is met 30 jaar leven en werken op het eiland Texel een familie van het eiland geworden. Hier willen nog steeds veel mensen bij werken. De gemoedelijke sfeer, onophoudelijk enthousiast en betrouwbaar maakt de brouwerij tot een gewilde werkgever. Maar ook de goede omstandigheden en oog voor belastbaarheid maakt de onderneming tot een verantwoorde en betrokken onderneming. Maar ook de zorg voor de medewerkers waarbij de opbouw van het pensioen voor 100% wordt gedragen door de onderneming. Niet voor niets is de missie van de familie “ Doe de dingen met aandacht voor elkaar” . Interne opleidingen aan jonge mensen met allerlei vooropleidingen van lagere school tot HBO. De Tesselaar Familiebrouwerij is een Aequor erkend leerbedrijf. In 2023 heeft een van de medewerkers succesvol de opleiding voeding en technologie afgerond van de onderwijs instelling Lentiz. 8. Groen inpassen in het landschap De schuren aan de Meyertebos vragen om aandacht, aandacht in onderhoud schilderwerk en reparaties. Maar ook qua inpasbaarheid in het landschap.
Er een eenheid van maken die wegvalt in het landschap vinden we als familie belangrijk. Zo ook het parkeren op eigen terrein. Het volledige terrein is verhard en dus kan er overal geparkeerd worden. Om dit toch zoveel mogelijk te laten wegvallen in het landschap is er gekozen om aan de noordzijde van schuur 6 en in het verlengde van schuur drie zuidwaarts twee groen blijvende hagen te plaatsen afgewisseld met Elzen. Initiatiefnemer zal de gebouwen aan de voorzijde verder voorzien van plantenbakken voor meer aankleding. Hierbij zal sprake zijn van een menging van diverse soorten hagen om een bijdrage te leveren aan de biodiversiteit. Initiatiefnemer treed heeft graag in contact over het snippergroen en een passende grondregeling.
38/77
4.14 Spuitzone Toetsingskader Ruimtelijk spoor Bij ruimtelijke ontwikkelingen wordt uitgegaan van een spuitzone tussen gevoelige bestemmingen en percelen waar gewasbeschermingsmiddelen worden toegepast. Er bestaan geen wettelijke bepalingen voor de minimaal aan te houden afstanden tussen percelen waarin met gewasbeschermingsmiddelen kan worden gespoten en nabijgelegen gevoelige functies. Uit de algemene jurisprudentielijn van de Raad van State blijkt dat een afstand van 50 meter tussen gevoelige functies en agrarische bedrijvigheid waarbij gewasbeschermingsmiddelen worden gebruikt in algemene zin niet onredelijk wordt geacht. Het gaat hierbij met name om gewasbeschermingsmiddelen die bij de fruit- en bollenteelt worden gebruikt waarbij sprake is van een hoge mate aan drift (het verwaaien van spuitvloeistof tijdens de toediening van gewasbeschermingsmiddelen). Voorbeelden hiervan zijn appel- en lelieteelt. Hierbij wordt gemeten vanaf de bestemmingsgrens: vanaf de bestemming die het telen en het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen mogelijk maakt tot aan de grens van de bestemming die de woning(en) mogelijk maakt. Om te volstaan met een geringere afstand dan 50 meter kon hiervoor tot oktober 2022 specifiek onderzoek worden uitgevoerd.
In oktober 2022 heeft de Raad van State een uitspraak gedaan waarbij de laatst overgebleven rekenmethodiek voor het berekenen van een kortere afstand dan de 50 meter spuitzone tot een gevoelige bestemming juridisch niet houdbaar is gebleken. Zonder geschikte rekenmethodiek ligt de enige mogelijkheid in het beargumenteren waarom een ontwikkeling voldoet aan een goede ruimtelijke ordening. De gemeente dient daarbij een afweging te maken dat zij het aannemelijk vindt dat de kans op schade door gewasbeschermingsmiddelen zoveel mogelijk wordt geminimaliseerd en voldaan wordt aan een goede ruimtelijke ordening. Maatwerk is hierbij noodzakelijk. Milieuspoor Voor agrarische bedrijven en tuinbouwbedrijven geldt dat zij op grond van het Activiteitenbesluit Wet milieubeheer bij het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen rekening dienen te houden met voorwaarden en beperkingen. Daarbij gaat het onder meer om het volgende: bij het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen in de open lucht dient een techniek te worden gebruikt met een driftreductie* van minimaal 75% (ten opzicht van een vastgelegde referentietechniek); een oppervlaktewaterlichaam. De minimumafstand tot een oppervlaktewaterlichaam is afhankelijk van het soort gewas en overige aspecten waaronder de mate van driftreductie. Toetsing Dit project heeft betrekking op de realisatie van een (drift) gevoelige functie.
De gronden rondom het planperceel laten volgens het geldende bestemmingsplan teelten toe waarbij neerwaartse, en op- en zijwaartse bespuitingen kunnen voorkomen. Echter zullen de werknemeres en de bezoekers hier geen last van krijgen. Dit vanwege het feit dat de activiteiten binnen plaatsvinden en er rondom het projectgebied hagen worden aangeplant. Er is daarbij dus geen sprake van een langdurige blootstelling. Deze maatregelen/ omstandigheden zorgen voor een aanvaardbaar verblijfsklimaat. Bij toepassing van gewasbeschermingsmiddelen moet altijd
39/77
driftarme apparatuur worden gebruikt. Daarnaast worden vanuit het activiteitenbesluit eisen gesteld aan de voorwaarden van toepassing (onder andere windkracht). Bovendien dragen nieuwe driftreducerende spuittechnieken bij aan verbeteringen op het gebied het gebied van milieu, waterkwaliteit, voedselzekerheid, menselijke gezondheid en arbeidsomstandigheden.
40/77
Hoofdstuk 5 5.1
Uitvoerbaarheid
Maatschappelijke uitvoerbaarheid
Op grond van artikel 6.18 van het Besluit omgevingsrecht (Bor) wordt de ontwikkeling voorgelegd aan de betrokken overlegpartners. De ontwerpbeschikking van de omgevingsvergunning met bijbehorende stukken wordt daarna gedurende een periode van zes weken ter inzage gelegd. Tijdens deze periode bestaat de mogelijkheid tot het indienen van zienswijzen. Eenieder wordt zo in de gelegenheid gesteld om zienswijzen tegen het initiatief kenbaar te maken. De ingekomen zienswijzen worden door de gemeente beantwoord en meegewogen in de besluitvorming over het verlenen van de omgevingsvergunning. Tegen dit besluit bestaat de mogelijkheid voor beroep en hoger beroep. Het op goede manier doorlopen van de genoemde procedure toont de maatschappelijke uitvoerbaarheid van het project aan. Participatie omgeving De initiatiefnemer vindt het belangrijk om de omgeving in een zo vroeg mogelijk stadium bij het initiatief te betrekken. Daarom zijn de direct omwonenden reeds op de hoogte gebracht van het voornemen. De omgeving is positief en akkoord met de komst van familiebrouwerij.
5.2
Economische uitvoerbaarheid
Voor de uitvoerbaarheid van het plan is het van belang te weten of het economisch uitvoerbaar is. De economische uitvoerbaarheid wordt enerzijds bepaald door de exploitatie van het plan (financiële haalbaarheid) en anderzijds door de wijze van kostenverhaal van de gemeente (grondexploitatie). Financiële haalbaarheid De initiatiefnemer heeft aangetoond over voldoende financiële middelen te beschikken voor de uitvoering van het project. Grondexploitatie Doel van de in de Wet ruimtelijke ordening opgenomen grondexploitatieregeling is het bieden van ruimere mogelijkheden voor het kostenverhaal en het creëren van meer sturingsmogelijkheden. Daarbij wordt onderscheid gemaakt tussen de publiekrechtelijke weg via een exploitatieplan en de privaatrechtelijke weg in de vorm van overeenkomsten. In het geval van een exploitatieplan kan de gemeente eisen en regels stellen voor de desbetreffende gronden, woningbouwcategorieën en fasering. Bij de privaatrechtelijke weg worden dergelijke afspraken in een (anterieure) overeenkomst vastgelegd. Bij dit project is de vaststelling van een exploitatieplan niet nodig. Tussen de gemeente en de initiatiefnemer wordt een overeenkomst gesloten, waarin de gemaakte kosten zijn geregeld. In de overeenkomst is ook vastgelegd dat eventuele planschade voor rekening is van de initiatiefnemer.
Aangezien de gemeentelijke kosten hiermee gedekt zijn, is het opstellen van een exploitatieplan niet noodzakelijk.
41/77
42/77
Hoofdstuk 6
Afweging en conclusies
Aanleiding Deze ruimtelijke onderbouwing dient ter afweging voor het verlenen van een omgevingsvergunning waarmee de vestiging van een bierbrouwerij in afwijking van het bestemmingsplan mogelijk wordt gemaakt. Afweging Het project is in overeenstemming met de relevante beleidsuitgangspunten op provinciaal en gemeentelijk niveau en veroorzaakt het geen conflicten met de sectorale wet- en regelgeving. Conclusie Het verlenen van een omgevingsvergunning voor het project is niet in strijd met een goede ruimtelijke ordening.
43/77
44/77
Bijlagen bij ruimtelijke onderbouwing
45/77
46/77
Bijlage 1
47/77
Vorm vrije mer-beoordeling_10 juli 2023
- MEMO Memo
AANMELDINGSNOTITIE VORMVRIJE M.E.R.-BEOORDELING Aanleiding Familiebrouwerij Diks (hierna: de initiatiefnemer) is voornemens een nieuwe kleinschalige brouwerij te beginnen op een locatie even ten noorden van Den Burg. Het betreft het perceel Meyertebos 7 te Den Burg en staat ook wel bekend als de Landbouwcentrale. De locatie is inmiddels in eigendom van de brouwerij en is voornemens zijn bestaande bedrijfsvoering aan de Spinbaan 11 te Den Burg te verhuizen naar de Meyertebos 7. Als aanvulling op de bestaande bedrijfsvoering is de brouwerij voornemens de gebouwen te gaan gebruiken ten behoeve van opslag van grondstoffen en voorraad gereed bierproduct in flessen en fusten. Ook de voorraad verpakkingen waarvoor op dit moment diverse locaties op Texel worden gebruikt gaat hier dan plaats vinden. Op termijn worden ook de overige gebouwen gebruikt voor inpandige opslag. De overige ruimten zullen de eerste periode nog worden ingezet voor de opslag van diverse producten zoals consumptie aardappelen en producten voor de agrarische sector als aardappel pootgoed bewaring. Er zal een steunpunt houden voor de komende jaren voor de ondersteuning van de landbouw. Op basis van het bestemmingsplan zijn ter plaatse agrarische loonbedrijven toegestaan. De vestiging van een brouwerij is niet toegestaan.
De gemeente Texel staat in principe positief tegenover de ontwikkeling en wil meewerken aan het verlenen van een omgevingsvergunning voor afwijken van het bestemmingsplan. Daarnaast is het brouwen van het bier aangemerkt als een bedrijfsactiviteit waarvoor een omgevingsvergunning beperkte milieutoets (OBM) dient te worden aangevraagd. In deze OBM moet worden aangetoond dat de realisatie van een kleinschalige brouwerij geen negatieve gevolgen heeft voor het milieu. In de OBM worden de toekomstige bedrijfsactiviteiten getoetst aan alle omgevingsaspecten. Onderdeel van de OBM is de vormvrije mer-beoordeling. De betreffende locatie is weergegeven in de volgende figuur.
2/6
Beleid en Normstelling In onderdeel C en D van de bijlage bij het Besluit m.e.r. is aangegeven welke activiteiten in het kader van de omgevingsvergunning planmer-plichtig, projectmer-plichtig of mer-beoordelingsplichtig zijn. Voor deze activiteiten zijn in het Besluit m.e.r. drempelwaarden opgenomen. Daarnaast dient het bevoegd gezag bij de betreffende activiteiten die niet aan de bijbehorende drempelwaarden voldoen, na te gaan of sprake kan zijn van belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu, gelet op de omstandigheden als bedoeld in bijlage III van de EEG-richtlijn milieueffectbeoordeling. Deze omstandigheden betreffen: de kenmerken van de projecten; de plaats van de projecten; de kenmerken van de potentiële effecten. Het project betreft het verhuizen van een kleinschalige-brouwerij. Deze activiteit valt onder categorie 37.1 van onderdeel D van (de bijlage bij) het Besluit milieueffectrapportage. Indien de productiecapaciteit meer bedraagt dan 750.000 hectoliter per jaar dan geldt een m.e.r.-beoordelingsplicht. In onderhavig geval is de capaciteit vele malen minder dan de drempelwaarde. In de nieuwe situatie wordt de drempelwaarde uit het Besluit m.e.r. niet overschreden. Sinds 7 juli j.l. is een aanpassing van het Besluit m.e.r. in werking getreden.
Hierin is geregeld dat ook voor projecten die zijn opgenomen in bijlage D, maar beneden de drempelwaarden vallen, een besluit moet worden genomen of een m.e.r. nodig is. In dat kader wordt afgewogen of het plan – ondanks dat het ruim onder de drempelwaarde blijft - mogelijk toch belangrijke negatieve milieueffecten heeft, op basis van de eerder genoemde omstandigheden. Dit is een “vormvrije” m.e.r.-beoordeling. Toetsing Kenmerken van de activiteit Bij de kenmerken van de projecten moet in het bijzonder in overweging worden genomen: • de omvang van het project, • de cumulatie met andere projecten, • gebruik van natuurlijke hulpbronnen, • De productie van afvalstoffen • verontreiniging en hinder, • risico van ongevallen, vooral gelet op de gebruikte stoffen of technologieën. De omvang van het project Het initiatief betreft het vestigen van een (kleinschalige) brouwerij inclusief verkoop en proefruimte op de locatie Meyertebos 7 te Den Burg. Een uitgebreide beschrijving van het project, inclusief beoordeling van de milieuaspecten, is opgenomen in de ruimtelijke onderbouwing. Een processchema van het bierbrouwen is in figuur 1 weergeven.
3/6
Figuur 1: Het brouwproces Zoals hiervoor genoemd geldt een m.e.r.-beoordelingsgrens bij een productie van bier van 750.000 hectoliter per jaar. Gesteld kan worden dat de wetgever verwacht dat significante effecten op milieu en omgeving kunnen plaatsvinden bij deze productiehoeveelheden. Bierbrouwerijen worden als grootschalig gezien bij de productie van 200.000 hectorliter. Een jaarlijkse hoeveelheid van 6000 hectoliter (3% ten opzichte van een grote brouwerij en 0,80% ten opzichte van de m.e.r.-beoordelingsgrens) is hiermee niet te vergelijken. Deze totale productie is een fractie van een productiecapaciteit die als ‘significant’ gezien kan worden. De dagelijkse productie van enkele duizenden liters bier per week is handmatig gestuurd en kan als zeer ambachtelijk beschouwd worden. Een mogelijk significant effect op milieu en omgeving met de productie van enkele duizenden liters per week is niet aannemelijk. De maatregel die getroffen wordt om de kleinschaligheid te garanderen is de combinatie van de capaciteit van de locatie in combinatie met de capaciteit van de te bouwen installatie. De maximale capaciteit van deze twee variabelen bij elkaar maakt een maximale jaarcapaciteit van 6000 hectoliter. Indien meer productie
4/6
gewenst is zal dit elders op een andere brouwerij gemaakt moeten worden. Een milieucategorie 4.2 is voor de ambachtelijke opzet van de brouwerij is een zware overschatting. Het hinderniveau is vergelijkbaar met een milieucategorie 3.2 of lager. Realisatie van de brouwerij ondervindt op deze locatie geen ruimtelijke bezwaren. De cumulatie met andere projecten Het is bekend dat geen andere projecten (bierbrouwerijen) in de omgeving zijn met soortgelijke effecten op het milieu en waarmee enige cumulatie plaatsvindt. Belangrijke nadelige gevolgen treden niet op. De eigen brouwlocatie op de Spinbaan verhuist dus naar de Meyertebos en vervalt op de oude locatie. Gebruik van natuurlijke hulpbronnen en de productie van afvalstoffen Voor het brouwen van bier wordt voornamelijk gerst gebruikt. Ook wordt tarwe gebruikt bij het brouwen van bier, bijvoorbeeld bij witbier. Andere grondstoffen als rijst, maïs en haver kunnen ook worden gebruikt voor het brouwen van bier. Het project levert een geringe hoeveelheid afvalstoffen op. Afvalstoffen bestaan uit: - De kookdampen die worden gecondenseerd en via het vuilwaterriool wordt afgevoerd. - Verder zal bij het brouwproces AGF afval vrijkomen in de vorm van bierbostel. Na de bierbereiding en filtratie is het restproduct bostel dat gebruikt kan worden als veevoer. De bostel wordt na het brouwproces opgehaald door een boer uit de omgeving.
Opslag, vervoer en overslag van dit restproduct gebeurt in een afgedekte aanhangwagen volgens GMP diervoerdersector 2000. Verontreiniging en hinder Het project leidt niet tot verontreiniging. In potentie kan het project wel leiden tot hinder voor de directe omgeving vanwege geuremissie. Echter wordt de emissie van geur geëlimineerd zoals in paragraaf 4.3 van de ruimtelijke onderbouwing beschreven is. De aanwezigheid van bronnen die geuroverlast kunnen veroorzaken zijn daarmee uitgesloten. Van geurhinder of overige hinder (zie ook de overige milieuparagrafen in hoofdstuk 4 van de ruimtelijke onderbouwing) is geen sprake. Risico van ongevallen, vooral gelet op de gebruikte stoffen of technologieën De toe te passen brouwmethoden in dit project zijn dermate kleinschalig op grond waarvan het risico van ongevallen als gevolg van het falen van de technologie beperkt is. De kenmerken van de activiteit leiden tot de conclusie dat geen effecten zullen optreden op de woon- en leefomgeving. Bijzondere kenmerken op grond waarvan het opstellen van een milieueffectrapport noodzakelijk is zijn niet aanwezig.
Plaats van de activiteit Bij de mate van kwetsbaarheid van het milieu in de gebieden waarop de projecten van invloed kunnen zijn moet in het bijzonder in overweging worden genomen: • het bestaande grondgebruik, • relatieve rijkdom aan en de kwaliteit en het regeneratievermogen van de natuurlijke hulpbronnen van het gebied, • het opnamevermogen van het natuurlijke milieu, met in het bijzonder aandacht voor beschermde gebieden.
5/6
Ecologische gevolgen als gevolg van de start van een kleinschalige-brouwerij zijn niet te verwachten. In relatie tot de plaats van de activiteit zijn geen bijzondere omstandigheden aanwezig op grond waarvan het opstellen van een milieueffectrapport noodzakelijk is. Kenmerken van het potentiële effect Bij de potentiële aanzienlijke effecten van het project moeten in samenhang met de criteria van de punten hiervoor in het bijzonder in overweging worden genomen: • het bereik van het effect; • de waarschijnlijkheid van het effect, duur, de frequentie en de omkeerbaarheid van het effect. Het gaat bij de 'potentieel aanzienlijke effecten' om effecten op de woon- en leefomgeving. Zoals uit de milieuparagrafen uit de ruimtelijke onderbouwing blijkt, leiden de potentiele effecten slechts tot zeer beperkte nadelige gevolgen voor het milieu, in elk geval niet tot belangrijke nadelige gevolgen voor het milieu. Conclusie vormvrije m.e.r.-beoordeling Gelet op de toetsingen kan worden uitgesloten dat ernstige nadelige gevolgen voor het milieu optreden. Dit betekent dat geen aanleiding of noodzaak bestaat tot het opstellen van een MER.
6/6
54/77
Bijlage 2
55/77
Watertoets
Digitale Watertoets Res ultaat van de check gedaan op 20-01-2023 10:04
Digitale watertoets De watertoets helpt u om aan de hand van de locatie van uw ruimtelijke plan en een aantal vragen te toets en of u de belangen van het Waters chap raakt. Indien dit het geval is krijgt u teks t en uitleg over het vervolg proces .
VOOR DE ACTIVITEIT DIGITALE WATERTOETS IS OP BASIS VAN DE GEGEVEN ANTWOORDEN NODIG: 1.
Geen belang procedure
OP BASIS VAN ONDERSTAANDE LOCATIE
20-01-2023
P agina 1 van 3
https://dewatertoets.nl
Digitale Watertoets VRAGEN EN ANTWOORDEN UIT DE CHECK 1.
Gaat het om een ruimtelijk plan dat uits luitend een functiewijziging betreft van bes taande bebouwing zonder dat de bebouwing wordt uitgebreid? ja
20-01-2023
P agina 2 van 3
https://dewatertoets.nl
Digitale Watertoets DETAILS 1.
Geen belang procedure Op bas is van uw locatie en gegeven antwoorden is er geen waters chaps belang bij u ruimtelijke activiteit.
Wat moet ik doen? U kunt de volgende teks t in uw ruimtelijke plan opnemen: De initiatiefnemer heeft Hoogheemraads chap Hollands Noorderkwartier geïnformeerd over het onderhavige plan via de Digitale Watertoets (www.dewatertoets .nl). Hiermee is bepaald dat het plan geen invloed heeft op de waterhuis houding en/of de afvalwaterketen. Verder overleg met Hoogheemraads chap Hollands Noorderkwartier is niet nodig. Het hoogheemraads chap geeft een pos itief wateradvies .
Waar moet ik op letten? -
Achtergrondinformatie
20-01-2023
P agina 3 van 3
https://dewatertoets.nl
Bijlage 3
59/77
Stikstofonderzoek juli 2023
- MEMO Memo
DATUM KENMERK VAN AAN CC
4 juli 2023 20220555 Y.M. ---
PROJECT OPDRACHTGEVER AANWEZIG AFWEZIG BIJLAGE(N)
Den Burg – Meyertebos 7 Familiebrouwerij Diks ---
STIKSTOFEMISSIE EN DEPOSITIE INLEIDING In opdracht van Familiebrouwerij Diks is een stikstofdepositieberekening uitgevoerd voor de aanleg- en exploitatiefase van de verhuizing van een bierbrouwerij van de Spinbaan 11 naar de Meyertebos 7. In deze berekening is rekening gehouden met de inzet van dieselmaterieel en verkeersbewegingen als emissiebron. De initiatiefnemer is voornemens een nieuwe kleinschalige brouwerij te beginnen op een locatie ten noorden van Den Burg. Het betreft het perceel Meyertebos 7 in Den Burg en staat ook wel bekend als de Landbouwcentrale. De locatie is inmiddels in eigendom van de brouwerij en deze is voornemens zijn bestaande bedrijfsvoering aan de Spinbaan 11 te verhuizen naar de Meyertebos 7.
WETTELIJK KADER Algemeen In 2015 is het Programma Aanpak Stikstof (PAS) in werking getreden, inclusief bijbehorend toetsingskader. Uit de uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State op 29 mei 2019 is gebleken dat het PAS niet mag dienen als toetsingskader voor het geven van toestemming voor activiteiten. De bezwaren van de RvS richten zich met name op de beoordelingssystematiek. Het AERIUS-rekeninstrument blijft wel toepasbaar (voor zover de situatie binnen het toepassingsbereik valt). In het PAS werd als “drempelwaarde” een bijdrage van 0,05 mol N/ha/jr gehanteerd. Een depositiebijdrage van 0,05 mol N/ha/jr mag sinds de uitspraak van 29 mei 2019 op voorhand niet zonder meer als “niet significant” worden aangemerkt. Beslisboom toestemmingsverlening Uit de op 12 oktober 2019 door de Rijkoverheid gepubliceerde beslisboom “Toestemmingverlening stikstofdepositie bij nieuwe activiteiten” volgt dat als de uitkomst van de berekening is dat er geen sprake is van stikstofdepositie (dat wil zeggen dat de op twee decimalen afgeronde bijdrage niet meer bedraagt dan 0,00 mol N/ha/jr) er geen significant negatieve effecten zijn te verwachten en er geen natuurvergunning nodig is.
Als de AERIUS-berekening aantoont (zie volgend) dat een project leidt tot tijdelijke en/of zeer geringe stikstofdepositie op overbelaste Natura 2000-gebieden, kan het toch zo zijn dat significante negatieve effecten via een ecologische voortoets kunnen worden uitgesloten. Als dit niet het geval is, kan overgegaan worden naar een passende beoordeling. Provinciale beleidsregels en saldering Op 1 juli 2021 zijn de huidige beleidsregels Wet natuurbescherming in werking getreden. Bedrijven die een vergunning nodig hebben, moeten ervoor zorgen dat de neerslag van stikstof in Natura 2000-gebieden niet toeneemt.
Dit betekent dat als een aanvrager kan aantonen dat er als gevolg van een aanvraag geen significante effecten zijn op Natura 2000-gebieden, er vergunning kan worden verleend. Eventuele stikstofemissie kan worden beperkt door emissiebeperkende maatregelen of door in-/extern salderen. Volgens de provinciale beleidsregel gelden de volgende definities: Salderen:
inzetten van een activiteit met N-emissie op grond van een toestemming in de referentiesituatie ten behoeve van de verlening van een natuurvergunning voor een nieuw of gewijzigd project, waarbij deze toestemming geheel of gedeeltelijk wordt ingetrokken of gewijzigd zodat de N-depositie op alle relevante hexagonen niet toeneemt ten opzichte van de referentiesituatie;
Extern salderen:
salderen met één of meer activiteiten buiten de begrenzing van één project of locatie ten behoeve van de verlening van een natuurvergunning;
Intern salderen:
salderen binnen de begrenzing van één project of locatie ten behoeve van de verlening van een natuurvergunning;
Referentiesituatie: toestemming als bedoeld in sub l, onder 1°, 3° en 4°, of bij gebrek daaraan een op de Europese referentiedatum aanwezige toestemming als bedoeld in sub l, onder 2°en 5° waarbij de laagst toegestane depositie vanaf de referentiedatum geldt.
Bepalen referentiesituatie bestemmingsplan Bij het opstellen van een bestemmingsplan geldt volgens vaste jurisprudentie van de Afdeling als referentiesituatie de feitelijke aanwezige en planologisch toegestane situatie voorafgaand aan de vaststelling van het bestemmingsplan. ABRvS 4 maart 2020, http://deeplink.rechtspraak.nl/uitspraak?id=ECLI:NL:RVS:2020:684 Wat betekent dat? 1. Feitelijk aanwezig betekent dat iets gerealiseerd en feitelijk aanwezig moet zijn (dus niet enkel vergund). Bij agrarische bedrijven gaat het bijvoorbeeld om de feitelijke veebezetting, niet de vergunde situatie waar vaak nog ‘lucht’ in zit. 2. Planologisch legaal betekent positief bestemd. Gebruik dat enkel is toegestaan op basis van het gebruiksovergangsrecht en dus niet positief is bestemd kan niet worden gebruikt als referentiesituatie. 3. Voorafgaand betekent aanwezig tot op het moment van vaststelling van het bestemmingsplan. Dit is tot nu toe alleen genuanceerd voor agrarisch gebruik dat met het oog op een nieuwe ontwikkeling al eerder was geëindigd. Dat dit met het oog op de ontwikkeling werd geëindigd moet wel blijken uit een schriftelijk stuk zoals een koopovereenkomst, ABRS 1 september 2021, ECLI:NL:RVS:2021:1690 (Heiloo).
Met de uitspraak van Raad van State in de zaak ‘Logtsebaan’, van 20 januari 2021, is voor intern salderen geen vergunning in het kader van de Wet natuurbescherming meer nodig. De vervallen Wet stikstofreductie en natuurverbetering (Wsn) Op 2 november 2022 heeft de Raad van State een uitspraak gedaan over de bouwvrijstelling in relatie met stikstofdepositie die per 1 juli 2022 via de Wet stikstofreductie en natuurverbetering (Wsn) en het Besluit stikstofreductie en natuurverbetering (Bsn) in werking is getreden. De Wsn en de Bsn regelden een vrijstelling voor de vergunningsplicht van artikel 2.7 lid 2 Wnb voor de aanlegfase van bouwwerkzaamheden. Met de uitspraak van 2 november 2022 komt deze bouwvrijstelling (zgn. aanlegfase) te vervallen. Voor ruimtelijke plannen en projecten dient daarom de aanleg- en exploitatiefase meegenomen te worden om te bepalen of er een stikstofdepositie is. In het voorliggende onderzoek zijn de aanleg- en exploitatiefase meegenomen in de berekening.
2/6
AERIUS CALCULATOR EN UITGANGSPUNTEN AERIUS Calculator, release 26 januari 2023 Met behulp van de nieuwste release van het rekenprogramma AERIUS Calculator (release 26 januari 2023) is gekeken naar de stikstofdepositie op de meest nabijgelegen Natura 2000-gebieden (automatische berekening). Vanuit de AERIUS Calculator is vervolgens een PDF-bestand met resultaten gegenereerd. In figuur 1 is het plangebied met de daaromheen liggende Natura 2000-gebieden weergegeven. De Natura 2000-gebieden die binnen 25 kilometer van het plangebied zijn gelegen betreffen onder andere de Duinen en Lage Land Texel, de Noordzeekustzone en de Waddenzee. Hiervan betreft de Duinen en Lage Land Texel het enige stikstofgevoelige Natura 2000-gebied binnen 25 kilometer van het plangebied.
Figuur 1 Plangebied met meest nabijgelegen Natura 2000-gebieden
Referentiesituatie In de bestaande situatie wordt de locatie gebruikt voor; 1. het opslaan en sorteren en verpakken van aardappelen 2. de opslag en verwerking/afvoer van Graan als gerst en tarwe. 3. Het opslaan van consumptie aardappels en 4. het handelen in meststoffen en gewasbescherming 5. weegbrug voor mobiele voertuigen in verband met wegen van o.a. auto’s met caravans, vrachtwagens met lading, trekkers met aanhangwagens. De totale omvang van de gebouwen bedraagt circa 3.950 m2 BVO. Het opslaan van de aardappels en tarwe zorgen in de oogstperiode (oktober tot half februari) tot zware vervoerswegingen. Hierbij is sprake van verkeersbewegingen van zowel licht als zware verkeersbewegingen. Ook wordt een heftruck ingezet. Gedurende het gehele jaar vindt verder handel van meststoffen en gewasbescherming plaats. Hierbij is sprake van lichte en zware verkeersbewegingen.
3/6
Door de beoogde realisatie van de brouwerij komt een groot deel van de bestaande functie te vervallen. Dit betreft de functie die de meeste verkeersbewegingen veroorzaakt van zwaar landbouwverkeer met het verwerken en sorteren en verpakken aan en afvoer van de aardappelen van het eiland. Met het vervallen van de loodsen kan de verkeersgeneratie van deze functie in mindering worden gebracht op de verkeersgeneratie van de toekomstige situatie. Voor de bedrijfsactiviteiten kan worden aangesloten bij de CROW-kentallen. De functie die daarbij hoort is de functie 'bedrijf arbeidsextensief/bezoekersextensief'. De verkeersbewegingen bedragen 253 per etmaal. Zie hiervoor tabel 1. De verkeersgeneratie is bepaald voor een gemiddelde weekdag en een gemiddelde werkdag. De CROW-kentallen gaan uit van weekdagintensiteiten. De gemiddelde werkdagintensiteit is bepaald door gebruik te maken van een omrekenfactor 1,33 welke CROW-381 noemt voor werkfuncties. Tabel 1 Verkeersgeneratie exploitatiefase huidige situatie op basis van kengetallen Aantal m2
Functie Bedrijf arbeidsextensief/bezoekers
Kencijfer CROW per
Verkeersgeneratie
100 m2 BVO
etmaal weekdag
3.950
4,7
per
Verkeersgeneratie
per
etmaal werkdag
190
253
extensief
Exploitatiefase Gasverbruik Het huidige gebruik van gas ligt met de productie van 3000 hectoliter in 2023 op ± 15.000 m3 aardgas. De verwachting is dat door de verlengde brouwdagen en warmte terugwinning dit een 30-50% reductie zal geven waardoor het verbruik van gas de komende jaren niet zal stijgen. Om deze reden wordt uitgegaan van een gasverbruik van 15.000 m3 gas. Dit leidt tot onderstaande berekening (tabel 2), waaruit blijkt dat een totale uitstoot van 9,345 kg NOx per jaar plaatsvindt Tabel 2: Specificaties totale uitstoot NOx in kg/jaar van bierbrouwerij Totale gasverbruik
Aantal Nm3 rookgas per m3
Nm3 rookgas per
Aantal mg NOx per
Totale uitstoot NOx
Totale uitstoot NOx
in m3
aardgas
jaar
Nm3 rookgas
in mg/jaar
in kg/jaar
15.000
8,9
133.500
70
9.345.000
9,345
Verkeersgeneratie De beoogde ontwikkeling bestaat uit de realisatie van een brouwerij. Op basis van het programma (zie tabel 3) is de
verkeersgeneratie bepaald voor een gemiddelde week- en werkdag. De verkeersgeneratie is bepaald voor een gemiddelde weekdag en een gemiddelde werkdag. De CROW-kentallen gaan uit van weekdagintensiteiten. De gemiddelde werkdagintensiteit is bepaald door gebruik te maken van een omrekenfactor 1,33 welke CROW-381 noemt voor werkfuncties. Proefruimte Op basis van ervaringscijfers heeft de initiatiefnemer de verkeersgeneratie van de proefruimte bepaald. Dit heeft de initiatiefnemer gedaan op basis van gegevens van de bestaande bedrijfslocatie. Volgens de initiatiefnemer bedraagt de verkeersgeneratie 80 voertuigbewegingen per dag. Echter bedragen 80% van deze verkeersbewegingen toeristen die, gezien de functie als proefruimte voor alcoholistische dranken op een Waddeneiland, op de fiets zullen komen. Om deze reden wordt uitgegaan van 20% van de verkeersgeneratie.
4/6
Verkoopruimte Voor deze functie zijn geen kentallen beschikbaar om de verkeersgeneratie te bepalen. Daarom wordt voor het berekenen van de verkeersgeneratie aangesloten bij de functie 'bruin- en witgoedzaken'. Hoewel de producten niet gelijkwaardig zijn, is het gebruik van de winkels dat wel. Echter wordt uitgegaan dat de klanten die deze ruimte bezoeken, evenals de proefruimte, voor 80% bestaat uit toeristen die het gebied met de auto zullen bezoeken. Om deze reden wordt uitgegaan van 20% van de verkeersgeneratie. Tabel 3: Verkeersgeneratie exploitatiefase toekomstige situatie Aantal m2
Functie
Kencijfer CROW
Verkeersgeneratie
Verkeersgeneratie
Verkeersgeneratie
per 100 m2 BVO
per etmaal weekdag
per etmaal werkdag
per etmaal werkdag (met 80% bezoekers op fiets)
Proefruimte
80
-
80
80
20
Bruin- en witgoedzaken
80
1,114
89,1
89,1
17,82
Bedrijf
1.490
10,0
149,0
198,2
198,2
2.000
4,8
96,0
127,7
127,7
415
495
363
arbeidsintensief/be-
zoekers extensief Bedrijf
arbeidsextensief/be-
zoekers extensief Totaal
Worst-case wordt de verkeersgeneratie voor een gemiddelde werkdag aangehouden. Verkeerstoedeling Het plan wordt via één aansluiting ontsloten op de Meyertebos. Op basis van de navigatietool van Google Maps is een inschatting gemaakt van de toedeling van het verkeer vanaf het plangebied (zie onderstaande afbeelding).
5/6
Figuur 2 Verkeerstoedeling plangebied
Aanlegfase Voor de aanlegfase wordt uitgegaan van specificaties die zijn geleverd door de initiatiefnemer. Voor de verhuizing zal een grote elektrisch heftruck worden in gezet met een platte wagen. Voor de kleine spullen en inventaris zal er een elektrisch vrachtwagen worden gehuurd. Voor de rijroute van het verkeer wordt uitgegaan van de volledige route, van 850 meter, tussen de Spinbaan 11 en de Meyertebos 7.
RESULTATEN EN CONCLUSIE In het bijgevoegde PDF-bestand is de ligging van de bronnen en het resultaat weergegeven. Uit de berekeningen blijkt dat, na toepassing van intern salderen, de stikstofdepositie nergens hoger is dan afgerond 0,00 mol/ha/jaar en er derhalve geen relevant effect is. Negatieve effecten in de vorm van vermesting en verzuring zijn derhalve niet aan de orde. De aanleg- en exploitatiefase zijn worst-case in dezelfde berekening meegenomen. Voor dit plan geldt geen vergunningplicht op basis van de Wet natuurbescherming (Wnb).
6/6
66/77
Bijlage 4
67/77
Stikstofberekening
Projectberekening Dit document geeft een overzicht van de invoer en rekenresultaten van een Projectberekening met AERIUS Calculator. De berekening is uitgevoerd binnen stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden, op rekenpunten die overlappen met habitattypen en/of leefgebieden die aangewezen zijn in het kader van de Wet natuurbescherming, gekoppeld aan een aangewezen soort, of nog onbekend maar mogelijk wel relevant, en waar tevens sprake is van een overbelaste of bijna overbelaste situatie voor stikstof.
Overzicht Samenvatting situaties Resultaten Detailgegevens per emissiebron Deze PDF is een digitaal bestand dat weer in te lezen is in AERIUS. Meer toelichting over deze PDF kunt u vinden in een bijbehorende leeswijzer. Deze leeswijzer en overige documentatie is te raadplegen via:
www.aerius.nl/handleidingen-en-leeswijzers
Projectberekening
Contactgegevens Rechtspersoon Inrichtingslocatie
Activiteit
Omschrijving Toelichting
Berekening
Rho Adviseurs Meyertebos 7, 1791 MG Den Burg Den Burg - Meyertebos 7 Aanleg- en exploitatiefase bierbrouwerij met intern salderen
AERIUS kenmerk Datum berekening Rekenconfiguratie
RsL4EvcF3nzm 10 juli 2023, 13:57 Wnb-rekengrid
Totale emissie
Rekenjaar
Emissie NH₃
Emissie NOₓ
Resultaten
Hoogste bijdrage
Hexagon
Gebied
Situatie 1 - Beoogd
0,04 mol/ha/j 83,24 ha 0,00 ha 0,01 mol/ha/j 0,00 mol/ha/j
7654778
Situatie 2 - Referentie Situatie 1 - Beoogd Situatie 2 - Referentie Gekarteerd oppervlak met toename (ha) Gekarteerd oppervlak met afname (ha) Grootste toename Grootste afname
RsL4EvcF3nzm (10 juli 2023)
2022 2023
0,04 mol/ha/j
2,0 kg/j 5,6 kg/j
7654778
176,7 kg/j 214,5 kg/j
Duinen en Lage Land Texel Duinen en Lage Land Texel
2/10
Projectberekening
Situatie 2 (Referentie), rekenjaar 2022 Emissiebronnen 4 Mobiele werktuigen | Bouw, Industrie en Delfstoffenwinning | Heftrucks Verkeersnetwerk
RsL4EvcF3nzm (10 juli 2023)
Emissie NH₃
Emissie NOₓ
43,9 g/j 1,9 kg/j
96,2 kg/j 80,4 kg/j
3/10
Projectberekening
Situatie 1 (Beoogd), rekenjaar 2023 Emissiebronnen 4
RsL4EvcF3nzm (10 juli 2023)
Anders... | Anders... | Gasverbruik Verkeersnetwerk
Emissie NH₃
Emissie NOₓ
5,6 kg/j
9,3 kg/j 205,1 kg/j
4/10
Projectberekening
Hoogste af- en toename op (bijna) overbelaste stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden.
1000 m Habitatrichtlijn Vogelrichtlijn Vogelrichtlijn, Habitatrichtlijn Niet bepaald
Grootste toename (projectberekening) Grootste afname (projectberekening) Hoogste totaal (achtergrond + projectberekening)
De letters bij de bronlabels op de kaart geven bij welke type situaties de bronnen horen: beoogde situatie (B), referentiesituatie (R) en/of salderingssituatie (S). RsL4EvcF3nzm (10 juli 2023)
5/10
Projectberekening
Resultaten stikstofgevoelige Natura 2000 gebieden situatie "Situatie 1" (Beoogd) incl. saldering e/o referentie Berekend (ha gekarteerd)
Totaal Per gebied
Duinen en Lage Land Texel (2)
RsL4EvcF3nzm (10 juli 2023)
83,24 Berekend (ha gekarteerd)
83,24
Hoogste totale Met toename Grootste depositie (mol (ha gekarteerd) toename (mol N/ha/jr) N/ha/jr)
Met afname (ha Grootste gekarteerd) afname (mol N/ha/jr)
Hoogste totale Met toename Grootste depositie (mol (ha gekarteerd) toename (mol N/ha/jr) N/ha/jr)
Met afname (ha Grootste gekarteerd) afname (mol N/ha/jr)
1.489,17
1.489,17
83,24
83,24
0,01
0,01
0,00
0,00
0,00
0,00
6/10
Projectberekening
Situatie 2, Rekenjaar 2022 1
Wegverkeer | Weg
Naam Locatie Lengte Wegtype Rijrichting Tunnelfactor Type hoogteligging Weghoogte Verkeer
Meyertebos X:115780,7 Y:564425,91 237,30 m Buitenweg Beide richtingen 1 Normaal 0m
Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer 2
Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren
Waalreweg oost X:115941,51 Y:564433,54 275,67 m Buitenweg Beide richtingen 1 Normaal 0m
Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer
Max. snelheid
Links Rechts NOₓ - NO₂ - NH₃
-
-
Aantal voertuigbewegingen
0,0 p/etmaal 0,0 p/etmaal 177,1 p/etmaal 0,0 p/etmaal
Type scherm Hoogte Afstand tot de weg
Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren
-
0,0 p/jaar 0,0 p/jaar 253,0 p/jaar 0,0 p/jaar
Type scherm Hoogte Afstand tot de weg
Max. snelheid
-
Aantal voertuigbewegingen
Wegverkeer | Weg
Naam Locatie Lengte Wegtype Rijrichting Tunnelfactor Type hoogteligging Weghoogte Verkeer
RsL4EvcF3nzm (10 juli 2023)
Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren
Waalderweg west X:115775,15 Y:564234,7 241,04 m Buitenweg Beide richtingen 1 Normaal 0m
Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer 3
Max. snelheid
Wegverkeer | Weg
Naam Locatie Lengte Wegtype Rijrichting Tunnelfactor Type hoogteligging Weghoogte Verkeer
Links Rechts NOₓ - NO₂ - NH₃
Type scherm Hoogte Afstand tot de weg
Links Rechts NOₓ - NO₂ - NH₃
-
-
Aantal voertuigbewegingen
0,0 p/etmaal 0,0 p/etmaal 75,9 p/etmaal 0,0 p/etmaal
0,2 kg/j 57,5 g/j 5,0 g/j
In file
0,0 % 0,0 % 0,0 % 0,0 %
53,8 kg/j 14,9 kg/j 1,3 kg/j
In file
0,0 % 0,0 % 0,0 % 0,0 %
26,4 kg/j 7,3 kg/j 0,6 kg/j
In file
0,0 % 0,0 % 0,0 % 0,0 %
7/10
Projectberekening
4
Mobiele werktuigen | Bouw, Industrie en Delfstoffenwinning
Naam Locatie Oppervlakte Naam
Heftrucks X:115643,84 Y:564487,42 0,63 ha
Stageklasse
Heftruck Stage-V, >= 2019 , >= 560 kW, diesel, SCR: nee
RsL4EvcF3nzm (10 juli 2023)
NOₓ NH₃
Brandstofverbruik
5855 l/j
Draaiuren AdBlue verbruik
1683 u/j
96,2 kg/j 43,9 g/j Stof Emissie
NOₓ
96,2 kg/j NH₃ 43,9 g/j
8/10
Projectberekening
Situatie 1, Rekenjaar 2023 1
Wegverkeer | Weg
Naam Locatie Lengte Wegtype Rijrichting Tunnelfactor Type hoogteligging Weghoogte Verkeer
Meyertebos X:115780,7 Y:564425,91 237,30 m Buitenweg Beide richtingen 1 Normaal 0m
Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer 2
Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren
Waalderweg west X:115775,15 Y:564234,7 241,04 m Buitenweg Beide richtingen 1 Normaal 0m
Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer
Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren
Waalreweg oost X:115941,51 Y:564433,54 275,67 m Buitenweg Beide richtingen 1 Normaal 0m
Licht verkeer Middelzwaar vrachtverkeer Zwaar vrachtverkeer Busverkeer
Links Rechts NOₓ - NO₂ - NH₃
-
Anders... | Anders...
Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren Voorgeschreven factoren 0,0 m 0,000 MW
-
Aantal voertuigbewegingen
32,0 p/etmaal 0,0 p/etmaal 282,0 p/etmaal 0,0 p/etmaal
Links Rechts NOₓ - NO₂ - NH₃
Type scherm Hoogte Afstand tot de weg
Max. snelheid
Naam Gasverbruik Uittreedhoogte Locatie X:115707,08 Warmteinhoud Y:564501,33 Wijze van ventilatie Niet geforceerd Temporele variatie Continue Emissie RsL4EvcF3nzm (10 juli 2023)
37,8 p/etmaal 0,0 p/etmaal 325,9 p/etmaal 0,0 p/etmaal
Type scherm Hoogte Afstand tot de weg
Max. snelheid
-
Aantal voertuigbewegingen
Wegverkeer | Weg
Naam Locatie Lengte Wegtype Rijrichting Tunnelfactor Type hoogteligging Weghoogte Verkeer
4
Max. snelheid
-
Wegverkeer | Weg
Naam Locatie Lengte Wegtype Rijrichting Tunnelfactor Type hoogteligging Weghoogte Verkeer
3
Links Rechts NOₓ - NO₂ - NH₃
Type scherm Hoogte Afstand tot de weg
-
-
Aantal voertuigbewegingen
93,0 kg/j 27,8 kg/j 2,5 kg/j
In file
0,0 % 0,0 % 0,0 % 0,0 %
81,7 kg/j 24,4 kg/j 2,2 kg/j
In file
0,0 % 0,0 % 0,0 % 0,0 %
30,4 kg/j 9,1 kg/j 0,8 kg/j
In file
11,3 p/etmaal 0,0 p/etmaal 91,5 p/etmaal 0,0 p/etmaal
0,0 % 0,0 % 0,0 % 0,0 %
NOₓ
9,3 kg/j
9/10
Projectberekening
Disclaimer Hoewel verstrekte gegevens kunnen dienen ter onderbouwing van een vergunningaanvraag, kunnen er geen rechten aan worden ontleend. De eigenaar van AERIUS aanvaardt geen aansprakelijkheid voor de inhoud van de door de gebruiker aangeboden informatie. Bovenstaande gegevens zijn enkel bruikbaar tot er een nieuwe versie van AERIUS beschikbaar is. AERIUS is een geregistreerd handelsmerk in Europa. Alle rechten die niet expliciet worden verleend, zijn voorbehouden. Rekenbasis Deze berekening is tot stand gekomen op basis van AERIUS versie 2022.2_20230704_bb872f8ea4 Database versie 2022.2_bb872f8ea4 Voor meer informatie over de gebruikte methodiek en data zie: https://www.aerius.nl/
RsL4EvcF3nzm (10 juli 2023)
10/10