Bijlage 1. Rekenvoorbeeld feitelijke reiskosten woon-werkverkeer versus huidige tegemoetkoming
Tekst van het document
Bijlage 1 Raadsadvies: Beschikbaar stellen extra budget voor reiskostenvergoeding woon-werkverkeer Graag maken wij een en ander inzichtelijk aan de hand van een tweetal rekenvoorbeelden. Rekenvoorbeeld 1: Niet-Texelse medewerker woonachtig op 50 km van de standplaats (40,5 km tot veerhaven Den Helder) met een 4-daagse werkweek waarvan 2 dagen thuis. Vergoeding met huidige maximering van 30 km enkele reis op declaratiebasis in de maand april: Woon-werkvergoeding: 8 dagen x € 0,19 x 60 km = € 91,20. Vergoeding zonder huidige maximering van 30 km enkele reis op declaratiebasis in de maand april: Woon-werkvergoeding: 8 dagen x € 0,19 x 100 km = € 152,00. Ter illustratie: Stel bovenstaande medewerker reist met de auto tot aan de boot Auto: 8 x 81 km = € 106,46 (8 x 81/14 x € 2,30)* Boot: 8 x € 1,50 = € 12,00 (o.b.v. forensenkaart) Bus: 8 x € 4,60 = € 36,80 Totaal € 155,26 * op basis van gemiddeld verbruik (1 op 14) en gemiddelde brandstofprijs (Gemiddelde Landelijke Adviesprijs € 2,30), geen rekening houdend met afschrijving, onderhoud, verzekering, etc. De feitelijke vergoeding in de maand april conform de huidige regeling is € 91,20. De vergoeding zonder maximering van 30 km enkele reis zou in de maand april € 152,00 zijn. De feitelijke reiskosten in de maand april van deze medewerker bedragen € 155,26. Een verschil van resp. € 64,06 en € 3,26.
Rekenvoorbeeld 2: Niet-Texelse medewerker woonachtig op 14 kilometer (4,5 km tot veerhaven Den Helder) met een 5-daagse werkweek in een vitale functie (moet elke werkdag naar de standplaats reizen). Woon-werkvergoeding in de maand april: 21 dagen x € 0,19 x 28 km = € 111,72. Ter illustratie: Stel bovenstaande medewerker reist met de bus Bus Den Helder : 21 x € 5,28 = € 110,88 Boot : 21 x € 1,50 = € 31,50 (o.b.v. forensenkaart) Bus Texel : 21 x € 4,60 = € 96,60 Totaal € 238,98 De feitelijke vergoeding in de maand april conform de huidige regeling is € 111,72. De feitelijke reiskosten in de maand april van deze medewerker zijn € 238,98. Een verschil van € 127,26. Rekenvoorbeeld 1 toont aan dat het niet maximeren van de afstand op 30 km enkele reis de tegemoetkoming in de reiskostenvergoeding woon-werkverkeer realistischer maakt. Rekenvoorbeeld 2 toont aan dat de huidige tegemoetkoming in de reiskosten woon-werkverkeer geen recht doet aan de kosten die een medewerker maakt die dagelijks in de spitsuren met het openbaar vervoer naar de standplaats reist in verband met een vitale functie.