CConstaterende datTexel
Koppel je AI →
Document · PDF

Bijlage 1 - Brief OD NHN

Raadscommissie 28 april 2021, gemeente TexelBij agendapunt: Wijziging Gemeenschappelijke Regeling Omgevingsdienst Noord-Holland Noord14.051 woorden

Open het PDF bij de gemeente ↗Naar de vergadering →

Tekst van het document

Uit het bestand gehaald, zonder opmaak, tabellen en afbeeldingen · deel 2 van 2

Toelichting Artikel 35 Deze wijziging is redactioneel van aard. Hiermee wijzigt het juridische kader dat reeds van toepassing is op grond van de huidige GR niet. Ter verduidelijking wordt opgemerkt dat in geval van nationale of bovennationale wetswijzigingen dit artikel niet automatisch van toepassing is. De deelnemers spannen zich in dit soort situatie in om de taakwijziging die van rechtswege ontstaat in redelijkheid en in goed overleg te regelen. In dit soort situaties, bijvoorbeeld de invoering van de Ow (project warme overdracht bodemtaken), treden deelnemers en OD NHN voorts gezamenlijk in overleg om tot redelijke oplossingen te komen ten aanzien van de plustaken. De afspraken die hieruit volgen worden primair met elkaar vastgelegd in de dienstverieningsovereenkomst Artikel 4, lid 2, van de GR regelt al wat heeft te gelden voor wijziging van de basistaken ten gevolge van wetswijzigingen in brede zin.

16

Op het conceptvoorstel Wijziging GR OD NHN is ambtelijk gereageerd door Alkmaar, de provincie NH, Den Helder, Schagen, SED.WF, Koggenland, Hoorn en Medemblik, waarbij alleen Hoorn heeft aangegeven geen opmerkingen te hebben. Daarnaast heeft Capra desgevraagd advies uitgebracht op het conceptvoorstel. Hieronder volgen de opmerkingen per deelnemer Alkmaar heeft de volgende algemene opmerkingen gemaakt: 1. advies om het format van het conceptvoorstel aan te passen, dit geldt ook voor de bekendmaking van de wijziging; 2. het jaartal 2020 weglaten; 3. toelichting bij artikelen niet in het wijzigingsvoorstel opnemen; 4. let op de vernummering van artikelen bij vervallen van artikelen Artikelsgewijze opmerkingen: 5. artikel 17, lid 6, i.p.v. “voorgaande leden”, “op grond van de leden 3 tot en met 5 aangewezen leden”; 6. verwoorden dat in hoofdstuk 6 Financiën en beheer van de Omgevingsdienst, paragraaf 1, een nieuw artikel 26 wordt opgenomen; 7. de titel van artikel 27 is niet nieuw maar was al “vaststelling begroting”. 8. Artikel 27: conform de financiële uitgangspunten GR’ en dient in de begroting een overzicht opgenomen te worden van de onderlinge stemverhouding van de deelnemers; 9.

Artikel 28: conform de financiële uitgangspunten GR’ en wordt in de jaarrekening een overzicht opgenomen van de verdeelsleutel per deelnemer op basis waarvan de bijdrage per deelnemer wordt bepaald én een overzicht van de onderlinge stemverhoudingen van de deelnemers. Provincie NH heeft de volgende opmerkingen gemaakt: m.b.t. de overwegingen: 10. Met “noodzakelijk in overeenstemming te brengen met de huidige Wgr” wordt geïmpliceerd dat de huidige GR niet voldoet aan de Wgr van 2016. Klopt dat? 11. Bij het tweede gedachtestreepje “gelet op” staat de Wabo of de daarvoor in de plaats tredende Omgevingswet. De Ow treedt toch niet alleen in de plaats van de Wabo? m.b.t. de artikelen: 12. In artikel 4, lid 1 staat het woordje “verplichte” ten onrechte voor het woord Landelijk Basistakenpakket. Staat namelijk al in de definitie in artikel 1, lid 11. 13. Artikel 5 Beleidsregels uit 2018. Vraag: zijn deze regels bekeken en aangepast i.h.k. van de taakterugname van een deelnemer in 2019? 14. Met inwerkingtreding Ow gaat een aantal taken van rechtswege van provincie over naar gemeenten. Vraag: voor deze specifieke situatie geldt de gewone schadevergoeding toch niet? 1

15. Artikel 12, lid 1 de verwijzing naar artikel 28 van de Provinciewet hoort niet thuis in dit artikel. 16. Artikel 17, lid 8. “Het dagelijks bestuur vertegenwoordigt nimmer meer dan 49 van de in totaal 100 stemmen in het algemeen bestuur”. Verwezen wordt naar de Wgr, de Toelichting en de literatuur/Tekst en commentaar De Greet, brief van BiZa uit 2015. Opmerking: het is niet met absolute zekerheid te zeggen dat deze aanpassing van de GR noodzakelijk is totdat er een uitspraak van de ABRvS ligt die het een en ander bevestigd. 17. Artikel 23 zinsnede “actualisering van het financieel perspectief, van het risicoprofiel” is heel algemeen geformuleerd. Uitschrijven in definitiebepaling of verwijzen naar besluiten AB/DB of financiële stukken 18. Artikel 35, lid 3. Zie opmerking over inwerkingtreding nieuwe regelgeving/Ow die leidt tot vermindering van taken bij deelnemers. 19. Artikel 41 waarom terugwerking tot 1 januari 2020. Waarom niet na bekendmaking in de Staatscourant? Let op evt. verplichtingen die in 2020 door ODNHN zijn aangegaan jegens derden. 20. Artikel 42 omdat het een wijzigingsbesluit betreft geen jaartal toevoegen. Den Helder heeft de volgende opmerkingen gemaakt: m.b.t. de overwegingen: 21.

“noodzakelijk in overeenstemming te brengen met de Wgr”, in hoeverre is het wetsvoorstel Wet versterking legitimiteit gemeenschappelijke regelingen meegenomen bij dit voorstel? m.b.t. de artikelen: 22. Artikel 5, lid 2, “fysieke” aan “leefomgeving” toevoegen. 23. Artikel 5, lid 4 “de Beleidsregels vermindering extra takenpakket”. Gevraagd wordt of dit een uittredingsregeling is. Wat is de status en door wie is de regeling vastgesteld. Moeten geactualiseerd worden? Wat worden de uitredingsregels concreet, voor terugname extra taken en wijzigingen in wettelijke taken (geen keus van deelnemer maar autonoom, is een schadeloosstelling dan toepasselijk? Beleidsregels voorzien hier niet in). Daarnaast graag vooruitlopen op het wetsvoorstel Wet Gemeenschappelijke regelingen, waarin nieuwe eisen voor uittredingsregels staan. Belangrijk: we moeten wel met elkaar verder. Advies is om gezamenlijk te bespreken hoe om te gaan met (gedeeltelijke) taakterugname. Ambtelijk gaat mijn voorkeur uit naar liever een lange opzegtermijn, met afdoende tijd voorafgaand aan de kadernota van het betreffende jaar, i.p.v. een schadeloosstelling. Op die manier wordt schade aan de OD ook voorkomen, zonder belastinggeld te verspillen. Dit schijnt een gepasseerd station te zijn? 24. Artikel 5, lid 5 Een verzoek tot vermindering van het takenpakket of taakuitvoering Graag toevoegen: op basis van dit artikel.

25. Artikel 15 wordt niet gewijzigd. Opmerking: Het is raadzaam voor wat betreft de informatieplicht ook te kijken naar het momenteel bij de Tweede Kamer liggende wetsvoorstel in het kader van de actieve informatieplicht 26. Artikel 17 lid 2 De voorzitter van het openbaar lichaam is tevens voorzitter van het algemeen bestuur en van het dagelijks bestuur, klopt niet. Dient te luiden: De voorzitter van het algemeen bestuur is tevens voorzitter van het dagelijks bestuur. 27. Artikel 17, lid 6 voorgaande leden. Graag behouden: lid 3 tot en met 5. Deze suggestie is niet helder. 28. Artikel 20, waarom sommige stukken gearceerd en andere niet? Betekenis? 2

29. Artikel 23 Komt rechtstreeks uit de wet. Overbodig. 30. Artikel 35 lid 3 Een vermindering van taken zoals bedoeld in artikel 5, lid 5, van deze regeling wordt gelijkgesteld aan een gedeeltelijke uittreding voor wat betreft deze taken. Opmerking: Juist gelet op het nieuwe sub 3 het volgende. Het is bekend dat er vaak onderlinge conflicten ontstaan bij uittreding. Als er gedeeltelijk uitgetreden wordt, dan is de bedoeling dat er dus nog een samenwerking blijft bestaan. Om te voorkomen dat er bij gedeeltelijke uittreding verschil van inzichten ontstaan is het raadzaam om te kijken naar een vooraf afgestemde afscheidingsregeling in de vorm van bijvoorbeeld een bijlage bij de GR (vast te stellen door de deelnemers) of een aparte regeling hiertoe (vast te stellen door het AB). Dit vooruitlopend op het momenteel bij de Tweede Kamer aanwezige wetsvoorstel: Het nieuwe wetsvoorstel voegt aan het huidige artikel 9 lid 1 Wgr toe dat bij het aangaan van een gemeenschappelijke regeling in ieder geval afspraken moeten worden gemaakt over de gevolgen van uittreding voor het vermogen van de rechtspersoon, waarbij (volgens de toelichting) moet worden gedacht aan afspraken over personeel, contracten, huisvesting en investeringen. Deze afspraken moeten in de regeling zelf worden neergelegd.

De voorgestelde uittredingsregeling vergt van de partijen bij een gemeenschappelijke regeling dat zij opnieuw in onderhandeling treden over de voorwaarden van hun gemeenschappelijke regeling en de financiële afwikkeling daarvan bij uittreding. Nu de minister van BZK voornemens is om slechts een overgangstermijn van een jaar te hanteren, betekent dit dat bestaande gemeenschappelijke regelingen binnen een jaar na inwerkingtreding van de gewijzigde Wgr hun regeling zodanig dienen aan te passen dat zij aan de gewijzigde Wgr voldoen. Schagen heeft de volgende algemene opmerking gemaakt: 31. in algemene zin zien we liever niet dat artikelen uit de Wgr in de GR zelf belanden, zeker niet nu er net een wetsvoorstel voor een nieuwe wet ligt met het risico op wijzigingen gedurende de behandeling ervan. m.b.t. de artikelen: 32. Artikel 1, definities: bij overige regelgeving staat er een verwijzing naar opvolgende regelgeving, bij de vaststelling van het Landelijk Basistakenpakket (de verwijzing naar het Bor) staat dit er niet. Overigens maakt het samenvoegen van diverse regelingen en deze soms te verspreiden over 3 AMvB’s in de Omgevingswet het wel wat ingewikkeld om te spreken over “opvolgende regelgeving”. 33.

Artikel 4, tweede lid, wordt niet gewijzigd hier staat nu (dat was bij de oprichting van de RUD niet zo) dat als landelijke regelgeving of het Bor wijzigt, het AB om instemming wordt gevraagd van het takenpakket. Dat lijkt mij nogal vreemd. Ik denk dat het iets moet zijn als dat het DB komt met een voorstel over de verwerking van de consequenties van de wijziging aan het AB. Speaking of which: hoe gaan we straks om met de wijziging van het basistakenpakket ten gevolge van de invoering van de Omgevingswet. Dit betekent dat sommige taken die nu bij de OD liggen weer bij gemeenten komen, maar er komen ook toezichtstaken bij voor de OD. Als gemeenten de taken zelf willen gaan uitvoeren is dat dan een taakterugname? En gaat de OD personeel overnemen als er taken van de gemeente naar de OD gaan? Waarmee gelijk het bruggetje is geslagen naar...

3

34. Artikel 5, vierde en vijfde lid; Schagen is het principieel niet eens met de stelling dat terugname van extra taken gelijk is te stellen aan een gedeeltelijke uittreding. Hier wordt verwezen naar een schadevergoeding op grond van beleidsregels. Vervolgens is in artikel 35 (gedeeltelijke uittreding) ook weer sprake van een schadevergoeding. Is hier sprake van twee verschillende schadevergoedingen? Overigens zouden de beleidsregels worden geëvalueerd en is er, meen ik, in het AB waarin de schadeloosstelling taakterugname Schagen is vastgesteld besloten tot een evaluatie van dat proces. Is het niet logischer deze evaluatie(s) eerst te doen en dan pas een regeling op te nemen in de GR. Of gewoon de good old juridische constructie: het AB kan beleidsregels opstellen over de hoogte van de schadeloosstelling. 35. Artikel 20, vierde lid, schept de mogelijkheid voor het AB deel te nemen in andere rechtspersonen of deze op te richten. Algemeen gehoorde klacht van gemeentebesturen, zeker ook van de gemeenteraad van Schagen, is het verlies van democratische politieke beïnvloeding e.d. op de aangelegenheden waar een GR over gaat. Als deze zich dan ook nog eens gaan afsplitsen in rechtspersonen wordt dit er niet beter op. Moeten hier niet meer regels/voorwaarden voor komen waar zo’n deelname aan moet voldoen? 36.

In artikel 35, zesde lid, het terugnemen van taken afhankelijk gesteld van overeenstemming. Daarmee ontstaat een blokkeringsmacht voor een taakterugname en maakt bovendien de opzegtermijn van 1 jaar illusoir. Hetgeen er weer toe kan leiden dat deelnemers niet snel geneigd zullen zijn taken bij de OD neer te leggen. Op een gegeven moment moet je toch tot de conclusie kunnen komen dat er een geschil bestaat? 37. In artikel 39 waar staat dat deelnemer en OD met elkaar in overleg gaan met het doel er uit te komen. Waarom een inspanningsverplichting in de regeling opgenomen? Wanneer is er voldoende in overleg getreden? Is dat na één samenkomst? SED.WF heeft de volgende opmerkingen gemaakt: In algemene zin: • De stukken heb ik doorgelezen, met een focus op de geel gemarkeerde passages. Het gaat om een aanpaste versie van het eerdere wijzigingsvoorstel. Ik neem aan dat dit eerdere voorstel destijds al vanuit de SED integraal is doorgenomen. De stukken ogen gedegen en de teksten zijn consistent. De in de oplegger ('Aanleiding aangepast voorstel') genoemde wijzigingen zijn alle doorgevoerd in de gewijzigde tekst van de Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Noord-Holland Noord 2020. 38. Er is bewust gekozen voor inwerkingtreding met terugwerkende kracht met ingang van 1 januari 2020, in verband met de inwerkingtreding van de Wnra per die datum.

Ik mis een toelichting op de gevolgen van inwerkingtreding met terugwerkende kracht voor lopende processen en procedures. Wellicht zijn die gevolgen er niet (voor een deel zal de tekst van de regeling gelijkluidend zijn aan de huidige tekst), maar een bevestiging op dat punt had naar mijn idee wel in de oplegger mogen staan. Verder geven de teksten mij geen aanleiding voor opmerkingen”. Koggenland heeft de volgende opmerkingen gemaakt: 39. Artikel 5, lid 4. Vermindering takenpakket of taakuitvoering. Opmerking: Wij hebben extra taken bij de Omgevingsdienst belegd, met als opmerking/voorwaarde dat we pas bij de inwerking treding van de Omgevingswet gaan bepalen welke extra taken definitief worden overgedragen aan de OD. Voordat met deze wijziging kan worden ingestemd, moet duidelijk zijn/worden of we deze ruimte nog wel hebben (en niet een grote afkoopsom moeten betalen), als we met de voorgestelde wijziging zouden 4

instemmen. Verder. Mijns inziens zijn de Beleidsregels Vermindering extra takenpakket van de OD (zie wijziging artikel 5, lid 4) niet op onze gemeente van toepassing (vastgesteld op 8 maart 2018 in AB). De deal over extra taken met Koggenland dateert van na de vaststelling van die beleidsregels (oktober 2018) en geldt dus als een soort “lex specialis”. Daarnaast wordt komend jaar pas echt duidelijk welke taken de Omgevingsdiensten in het kader van de Omgevingswet op hun bordje(kunnen) krijgen. Daarom vind ik ook de toevoeging in artikel 5, lid 2 “voorzover dit de leefomgeving betreft, dan wel daarvoor in de plaats getreden wet­ en regelgeving” ruim geformuleerd. Reactie van uit OD gewenst. 40. Artikel 12, lid 1, Een lid van het algemeen bestuur neemt overeenkomstig artikel 28 van de Provinciewet niet deel aan de stemming over een aangelegenheid. Moet dit niet zijn artikel 22, eerste lid, jo. 52, eerste lid, van de Wet? 41. Artikel 17, lid 6. Aanvullen met provincie, wordt aangewezen door Gedeputeerde Staten 42. Artikel 18, lid 2, “het ontslag als bedoeld in het eerste lid gaat in zodra in zijn opvolging is voorzien”. Opmerking: Is dit voldoende concreet/werkbaar? Voorstel, toevoeging: “De aanwijzing van een lid van het dagelijks bestuur ter vervulling van een plaats die door ontslag of om andere redenen is opengevallen, vindt plaats uiterlijk acht weken na dat openvallen.” 43.

Artikel 35 lid 4, Een uittredende deelnemer dient de schade te vergoeden die het rechtstreekse gevolg is van de uittreding uit de Regeling. Opmerking: Hoe verhoudt dit zich tot artikel 5 lid 4? Beleidsregels ook hier van toepassing? Zo ja, expliciet hier benoemen? 44. Artikel 35, lid 6, De uittredende deelnemer kan niet eerder uittreden/ taken terugnemen dan nadat de deelnemer met het algemeen bestuur overeenstemming heeft bereikt. Opmerking: Over de uittreding in het geheel? Of over de schadeloosstelling als bedoeld in de voorgaande leden? Hoorn heeft geen opmerkingen met betrekking tot het aangepaste voorstel wijziging GR OD NHN 2020. Medemblik heeft de volgende opmerkingen gemaakt: 45. De term gedeeltelijk uittreden is onwenselijk, dan zou er ook sprake zijn van gedeeltelijk toetreden en het geeft bestuurlijke drukte, omdat bij toetreden en uittreden de GR gewijzigd moet worden en de raden ingeschakeld dienen te worden. Maar dit heeft ook te maken met een uitspraak van de rechter. 46. De Beleidsregels en de GR lijken in tegenspraak met elkaar te zijn. In de Beleidsregels wordt gesproken over een schadeloosstelling van 1 jaar, terwijl in de GR staat dat de uittredende deelnemer alle schade dient te vergoeden die het rechtstreeks gevolg is van de uittreding. De Beleidsregels dienen nog geëvalueerd te worden. 47. Het nieuwe lid 6 van artikel 35 is niet wenselijk.

Reactie op de gemaakte opmerkingen Alkmaar: punten 1 tot en met 7 zijn overgenomen. Met betrekking tot de punten 8 en 9 is in artikel 27 en 28 de zinsnede “conform de financiële uitgangspunten Gemeenschappelijke regelingen” opgenomen. 5

Provincie NH: Ad 10 ja, dat klopt. Dit geldt met name voor de bevoegdheidsverdeling tussen AB en DB. Punten 11 en 12 zijn overgenomen. Ad 13 De Beleidsregels moeten nog worden geëvalueerd. Met de Beleidsregels heeft het AB invulling gegeven aan haar bevoegdheid om de financiële en organisatorische gevolgen van de vermindering van taken te regelen en de verschuldigde schadeloosstelling vast te stellen. Na het vonnis van de rechter heeft het AB aan de hand van de Beleidsregels de uiteindelijke schadevergoeding vastgesteld bij de taakterugname van een deelnemer in 2019. Ad 14 Klopt, daarvoor geldt artikel 35 lid 7. Dat zijn bijzondere omstandigheden. Afhankelijk van de situatie-bijvoorbeeld of de taken door de OD NHN uitgevoerd blijven worden of nietis er al dan niet een schadevergoeding verschuldigd. In een nader overleg met de provincie is besloten om in de GR wijziging een toelichting op artikel 35 op te nemen. 15 is verwerkt Ad 16 De provincie heeft gelijk als zij zegt dat over dit punt nog geen jurisprudentie bestaat. De OD NHN volgt hierin de zienswijze van Capra. Capra zegt hierover het volgende.

“Met betrekking tot het nieuw voorgestelde lid 8 aan artikel 17 van de GR 2020 merk ik voor de zekerheid op dat artikel 14, lid 3 Wgr, dat van overeenkomstige toepassing is op grond van artikel 52 Wgr en waarop deze bepaling naar verwachting is gebaseerd, niet alleen ziet op het aantal stemmen, maar ook op het aantal leden. Mogelijk is dat wel bekend en ik zie op voorhand ook niet dat dit een probleem zou/gaat opleveren. Maar het lijkt me goed om hiervan bewust te zijn. M.a.w. het gaat zowel om de personele omvang van het DB als het stemgewicht. Ik wijs ter illustratie op hetgeen is vermeld in de toelichting (T&C) bij artikel 14, lid 3 Wgr, waarin tevens is verwezen naar het standpunt van de Minister van BZK in dit kader: "De vraag rijst wel hoe het woord 'nimmer' moet worden uitgelegd. Gaat dat puur om het aantal leden, of moet daarbij ook rekening worden gehouden met stemverhoudingen in het algemeen bestuur en het dagelijks bestuur? En hoe zit met de besluitvorming indien een van de zes leden van het algemeen bestuur (in het hierboven aangehaalde voorbeeld) afwezig is die geen lid is van het dagelijks bestuur? Op dat moment heeft het dagelijks bestuur immers toch een meerderheid. Het woord 'nimmer' zou dan moeten betekenen dat niet besloten kan worden, alleen wordt dan afbreuk gedaan aan het quorum zoals dat via art. 22 geldt.

Het lijkt voor de hand te liggen het woord 'nimmer' te beperken tot het aantal leden, met inachtneming van de stemverhoudingen. Dat laatste is ook het standpunt van de Minister van BZK. In een brief aan een veillgheidsregio (kenmerk 20150000365119) schreef de directeur Bestuur, financiën en democratie van dat ministerie: "Op 1 januari jl. is de Wet gemeenschappelijke regelingen gewijzigd. Eén van de wijzigingen betreft het expliciteren van de norm dat het dagelijks bestuur van een openbaar lichaam niet de meerderheid mag uitmaken van het algemeen bestuur. Dit is geregeld in artikel 14, derde lid. (...) U hebt gevraagd wat de reikwijdte van deze bepaling is, meer in het bijzonder of deze bepaling ziet op het aantal personen, het stemgewicht of beide. Het artikel ziet op beide. De achtergrond van deze bepaling is dat het algemeen bestuur controle moet kunnen uitoefenen op het dagelijks bestuur. Om reële interne verantwoording mogelijk te maken dient het dagelijks bestuur zowel in personele omvang als in stemgewicht geen meerderheid uit te maken van het algemeen bestuur."

Bij de OD NHN bestaat het DB uit 4 leden en een onafhankelijke voorzitter. Qua aantal leden is er dus geen enkel probleem. Met het oog op het stemgewicht/ de stemverhouding, dient 6

het aantal stemmen geen meerderheid uit te maken om ervoor te zorgen dat het AB controle kan uitoefenen op het DB. Dat wordt met artikel 17, lid 8 gewaarborgd. 17 Dit is opgenomen vanwege de afspraken die in de Regietafel zijn gemaakt. Financieel perspectief is de verwachting hoe de OD NHN denkt aan het einde van het jaar er financieel uit te komen. Het risicoprofiel is de financiële stand van zaken van dat moment, rekening houdend met de financiële risico’s waarmee de OD NHN mogelijk nog te maken krijgt. Ad 18 zie opmerking bij 14. Ad 19 Is aangepast. Alleen terugwerking m.b.t. artikel 20, lid 4. Ad 20 is aangepast. Den Helder Ad 21. zie ad 10. De GR OD NHN was nog niet geheel in overeenstemming met de wetswijziging van 2016. Het wetsvoorstel Wet versterking legitimiteit gemeenschappelijke regelingen is in deze GR wijziging nog niet meegenomen. Ten eerste omdat deze nog niet in werking is. Ten tweede omdat er eerst een koers uitgezet moet worden door het bestuur. Het wetsvoorstel laat een GR namelijk een behoorlijke vrijheid bij de implementatie van dit wetsvoorstel. Bovendien gaat de OD NHN ervan uit dat de deelnemers hier graag over willen meedenken, vooral ook omdat zij participeren in meerdere GR’ en. 22 is overgenomen. Ad 23 Het is geen uittrederegeling. Deze Beleidsregels zijn gepubliceerd en in werking getreden. Het AB heeft deze regels vastgesteld.

Het AB gebruikt deze regels bij het vaststellen van de schadevergoeding bij takenvermindering. Zie voorts ad 14. Voor wat betreft vooruitlopen op het wetsvoorstel, zie ad 21. Een lange opzegtermijn is inderdaad een goed voorstel. In de GR wordt slechts aangegeven hoe lang deze minimaal dient te zijn. In de Beleidsregels wordt er ook van uitgegaan dat de OD van haar kant ook zoveel mogelijk probeert schade te voorkomen, indien een deelnemer heeft aangekondigd welke taken deze wenst terug te nemen. Het is zeker geen gepasseerd station. 24 is overgenomen. Ad 25 zie ad 21 en ad 23. Ad 26 De voorzitter van het openbaar lichaam is zowel afzonderlijk bestuursorgaan als voorzitter van het algemeen bestuur en het dagelijks bestuur. De formulering is enigszins aangepast. 27 is overgenomen, zie ad 5. Ad 28 De arcering heeft geleid tot onduidelijkheid. Bedoeld was om aan te geven wat de belangrijkste wijzigingen waren. De arcering is nu weggehaald. Ad 29 lid 1 misschien, maar lid 2 is wel degelijk een lid dat van toepassing is op de OD NHN. Omdat bij de wijziging in 2016 gekozen is voor eigen teksten, zijn de bevoegdheden van het DB en AB door elkaar gehaald. Dat wordt nu gerepareerd. Bij de volgende wijziging kan eventueel meer worden gefinetuned. 30. Helemaal mee eens. Er is al een aparte regeling, namelijk de Beleidsregels vermindering takenpakket.

Die beleidsregels zijn vastgesteld door het AB. Zie voorts ad 25, 23 en 21. Daar zullen nog gesprekken c.q. discussies over moeten plaatsvinden. Dit kan de OD NHN uiteraard niet zonder inbreng en medewerking van haar deelnemers. 7

Schagen Ad 31. In de volgende versie zal dat zeker wenselijk zijn. Bij de wijziging in 2016 is dat helaas niet goed gegaan. Dat wordt onder meer nu rechtgezet. Het wetsvoorstel zal zeker tot aanpassingen leiden, daar moet echter eerst over gesproken worden, zie 30, 25,23 en 21. 32. is aangepast. 33. is aangepast. Zie voor wetswijzigingen ad 14. 34. dit artikel is aangepast in die zin dat de schadevergoeding nu in één artikel, namelijk artikel 35, is geregeld. Een evaluatie van de Beleidsregels die wellicht leidt tot aanpassing van die regels, heeft geen wijziging van de GR tot gevolg. Zie voorts ad 30. 35. Artikel 20, lid 4, is opgenomen op voorspraak van een andere deelnemer van de GR OD NHN. deze deelnemer wees erop dat de OD NHN niet kon deelnemen in de Werkgeversvereniging Samenwerkende Gemeentelijke Organisaties (WSGO), omdat de GR OD NHN die mogelijkheid niet bood. Dat is hiermee recht gezet. De angst dat de OD NHN zich nu gaat afsplitsen in rechtspersonen is niet reëel. Afgezien van het feit dat het AB daartoe dient te besluiten, waarin alle deelnemers vertegenwoordigd zijn, dient er sprake te zijn van “in het bijzonder aangewezen zijn voor de behartiging van het daarmee te dienen openbaar belang”. 36. Dit artikellid is eruit gehaald. 37. Dit artikel (geschillenregeling) is er ook uitgehaald. SED.WF 38. Is aangepast. Zie ad 19. Koggenland 39.

Hier zal nog een afzonderlijke reactie op komen vanuit de OD NHN. In de GR ODNHN staan uiteraard de regels die voor alle deelnemers gelden. Als er sprake is van een uitzonderingssituatie zal dat in een schriftelijk stuk moeten zijn of worden neergelegd. 40. Is gewijzigd. Zie ad 15. 41. is gewijzigd. Zie ad 5. 42. voorstel is overgenomen. Ad 43. voor de duidelijkheid is nu alles m.b.t. schadevergoeding i.v.m. uittreden in één artikel gezet, namelijk artikel 35. 44. dit artikellid is eruit gehaald. Zie 36. Medemblik Ad 45. Er wordt slechts aangegeven dat de terugneming van taken (niet basistaken) voor wat betreft die taken gelijk is aan (gedeeltelijk) uittreden. De deelnemer blijft wel gewoon deelnemer van de GR, namelijk voor wat betreft de basistaken. De GR hoeft daarvoor niet gewijzigd te worden. In het geval dat bijna alle zogenoemde plusteken teruggenomen worden, kan dat uiteraard grote gevolgen hebben voor het openbaar lichaam OD NHN, alsmede voor de overige deelnemers aan de GR. Daarvoor dient een reële schadevergoeding betaald te worden. Overigens stond die link tussen taakterugname en uittreden aanvankelijk ook in de GR. 8

Ad 46. De GR en de Beleidsregels zijn niet in tegenspraak met elkaar. De Beleidsregels maken duidelijk hoe het AB komt tot het bepalen van de schadevergoeding. In de Beleidsregels staat onder meer het volgende uitgangspunt: “Deze beleidsregels hebben het karakter van een schadeberekening, aangezien een vermindering van het extra takenpakket door een deelnemer consequenties heeft/kan hebben op de bedrijfsvoering van de RUD (thans OD), waar alle deelnemers gezamenlijk verantwoordelijk voor zijn. Voorts staat in de definitiebepaling: “schadeloosstelling is het bedrag aan personele frictiekosten en desintegratiekosten voor de termijn van één jaar, die feitelijk en direct het gevolg zijn van een besluit tot vermindering van het extra takenpakket door een deelnemeh’. In Hoofdstuk 2, lid 10, is voorts bepaald dat de deelnemer bij het formele besluit tot vermindering van het extra takenpakket de termijnen in acht neemt zoals deze in de desbetreffende dienstverleningsovereenkomst zijn bepaald. Maatwerk is hierbij onontkoombaar. De omvang van de taakvermindering zal hierbij leidend zijn. 47 Dit artikellid is verwijderd. Zie ad 44 en 36.

9

AB-BESLUIT Aan Datum vergadering Auteur Onderwerp Agendapunt Bijlage(n) Portefeuille

Algemeen Bestuur OD NHN 09-12-2020 Alwine van Doornik Voorstel tot wijziging GR OD NHN 2

M.C. Uitdehaag

Aanleiding

De huidige GR OD NHN is niet geheel aangepast aan de huidige Wet gemeenschappelijke regelingen. Dit geldt met name voor de bevoegdheidsverdeling tussen AB en DB; De Ambtenarenwet 2017 (ook bekend onder Wnra) is op 1 januari 2020 in werking getreden; In verband hiermee dient het AB bevoegd te zijn om te kunnen deelnemen in de Werkgeversvereniging Samenwerkende Gemeentelijke Organisaties (WSGO); De afspraken in de publicatie "Governance in Noord-Holland Noord" van de Regietafel gemeenschappelijke regelingen Noord-Holland Noord van januari 2019 nopen tot aanpassingen; Voor de volledigheid zijn de regels, die betrekking hebben op de terugneming van extra taken of gedeeltelijke uittreding, verduidelijkt en aangevuld. Inhoudelijk advies van DB aan AB

Het AB wordt geadviseerd om de gewijzigde GR OD NHN voor toestemming voor te leggen aan de vertegenwoordigende organen van haar deelnemende gemeentes en van de provincie NH. Alternatieven

De GR is geen statisch, maar een dynamisch stuk. Er zijn veel redenen om de GR OD NHN nu aan te passen, zie de punten beschreven in de aanleiding. Op dit moment ligt er weliswaar een wetsvoorstel om de Wet gemeenschappelijke regelingen (opnieuw) aan te passen. Als dit wetsvoorstel wordt ingevoerd zal dit hoogstwaarschijnlijk ook leiden tot aanpassingen in de GR OD NHN, maar het wetsvoorstel laat veel ruimte aan de gemeenschappelijke regelingen zelf. Daarom zal de OD NHN daarover eerst het gesprek aangaan met haar deelnemers om te zorgen voor een breed gedragen GR van de OD NHN, vooral ook omdat onze deelnemers in meerdere GR' en participeren. Gevolgen

Geen Juridische gevolgen Met de voorgestelde wijziging van de GR OD NHN, voldoet deze aan de huidige Wet gemeenschappelijke regelingen, de gevolgen van de invoering van de Ambtenarenwet 2017 en hebben we afspraken vanuit de Regietafel verwerkt. Ook zijn de afspraken over terugneming van extra taken of gedeeltelijke uittreding verduidelijkt en aangevuld. Personele gevolgen Geen

^^odnhn Pagina 1 van 2

Voorste! tot v/'jzignig vdn de GR OD NHN

Communicatieve gevolgen Na publicatie door Gedeputeerde Staten van de gewijzigde GR OD NHN, dient de tekst van de GR OD NHN op de website van de OD NHN te worden geplaatst. Overige gevolgen Geen Risico's

Geen Vervolgprocedure

1.

Na het besluit van het AB dient de voorgestelde wijziging van de GR OD NHN naar alle deelnemers toegestuurd te worden voor besluitvorming in hun vertegenwoordigende organen. 2, Na besluitvorming bij alle deelnemers, wordt de wijziging van de GR OD NHN gepubliceerd door Gedeputeerde Staten van Noord-Holland. Bijlagen

1.

De voorgestelde wijziging van de Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst NoordHolland Noord;

Voorgesteld Besluit van het DB aan het AB op 11-11-2020

Het Algemeen Bestuur wordt voorgesteld om: 1. de gewijzigde GR OD NHN voor toestemming voor te leggen aan de vertegenwoordigende organen van haar deelnemende gemeentes en van de provincie NH. Besluit AB op 9-12-2020

Conform voorstel. Ondertekening

De voorzitter.

retaris.

M.C. Uitdehaag

Pagina 2 van 2

Raadsbesluit

De raad van de gemeente

Besluit, gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van

Het volgende;

Raadsbesluit: Conform artikel 1 van de Wet gemeenschappelijke regelingen toestemming te verlenen aan de wijziging van de Gemeenschappelijke regeling Omgevingsdienst Noord-Holland Noord.

Dit is besloten in de openbare vergadering van de gemeenteraad van

op:

Datum:

Raadsgriffier

Raadsvoorzitter

De tekst is automatisch uit het bestand gehaald en kan afwijken van het origineel (kolommen, tabellen en koppen lopen door elkaar). Het officiële stuk bij de gemeente is leidend. Bron: https://api1.ibabs.eu/publicdownload.aspx?site=Texel&id=2533d440-c7e4-40e6-be0d-fa09c5819592