Bestuurlijk advies
Tekst van het document
Advies
1
Vaststellen besluit bindend adviesrecht onder de Omgevingswet Doelenboom Programma
3
Maatschappelijk doel
3.5.
Mooi en gastvrij Texel Zorgdragen voor een goede ruimtelijke ordening met behoud van de Texelse kernwaarden
Beleidsdoel
3.5.1
Voor een goede ruimtelijke ordening zorgdragen
Operationeel doel
3.5.1.10
Anticiperen op nieuwe Omgevingswet
Raadsvoorstel Voorgesteld wordt te besluiten: 1. Te bepalen dat een aanvraag omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit voor advies aan de gemeenteraad wordt voorgelegd als sprake is van een aanvraag voor een activiteit die niet past binnen of afwijkt van: a. de doelen van het Omgevingsplan; b. de door de raad vastgestelde omgevingsvisie of de Structuurvisie Texel 2010, zolang geen omgevingsvisie is vastgesteld; c. ander door de gemeenteraad vastgesteld en geldend beleid. 2. In afwijking van het eerste lid wordt een aanvraag omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit niet voor advies aan de gemeenteraad voorgelegd in de volgende gevallen: a. een bijbehorend bouwwerk of uitbreiding daarvan, mits, voor zover gelegen buiten de bebouwde kom, wordt voldaan aan de volgende eisen: - niet hoger dan 5 m, tenzij sprake is van een kas of bedrijfsgebouw van lichte constructie ten dienste van een agrarisch bedrijf, - de oppervlakte niet meer dan 150 m²; b. een gebouw ten behoeve van een infrastructurele of openbare voorziening, mits wordt voldaan aan de volgende eisen: - niet hoger dan 5 m, - en de oppervlakte niet meer dan 50 m²; c. een bouwwerk, geen gebouw zijnde, of een gedeelte van een dergelijk bouwwerk, mits wordt voldaan aan de volgende eisen: - niet hoger dan 10 m, - en de oppervlakte niet meer dan 50 m²; d.
een dakterras, balkon of andere niet op de grond gelegen buitenruimte aan of op een gebouw, een dakkapel, dakopbouw of gelijksoortige uitbreiding van een gebouw, de uitbreiding van een bouwwerk met een bouwdeel van ondergeschikte aard dan wel voorzieningen gericht op het isoleren van een gebouw; e. een antenne-installatie, mits niet hoger dan 40 m; Consequenties Financieel
Bijlagen Ja Nee
Personeel/Organisatie Ja Nee
Majeure risico’s
Ja Nee
Beheer
Ja Nee
Juridisch
Ja Nee
Belanghebbenden
Ja Nee
Beleid
Ja Nee
Structuurvisie
Ja Nee
Inkoop/Aanbesteding
Ja Nee
Regie
Deregulering
Ja Nee
Zaaknummer
3096652
1. VNG Handreiking Adviesrecht gemeenteraad. 2. De bestaande algemene verklaring van geen bedenkingen.
f. het gebruiken van gronden voor een niet-ingrijpende herinrichting van openbaar gebied; g. het gebruiken van bouwwerken, eventueel in samenhang met bouwactiviteiten die de bebouwde oppervlakte of het bouwvolume niet vergroten, en van bij die bouwwerken aansluitend terrein, mits, voor zover gelegen buiten de bebouwde kom, het uitsluitend betreft een logiesfunctie voor werknemers of de opvang van asielzoekers of statushouders; h. ander gebruik van gronden of bouwwerken dan bedoeld in bovenstaande onderdelen, voor een termijn van ten hoogste tien jaar; 3. In situaties als bedoeld in het tweede lid mag het aantal woningen niet toenemen, tenzij het gaat om huisvesting in verband met mantelzorg. 4. Dit besluit treedt in werking om het moment dat de Omgevingswet in werking treedt. 5. Binnen één jaar nadat dit besluit in werking is getreden een evaluatie te doen.
Toelichting Voor activiteiten in strijd met het bestemmingsplan kan de gemeenteraad nu beslissen dat er geen bedenkingen zijn. Dat gebeurt met een zogenoemde ‘verklaring van geen bedenkingen’. Onder de Omgevingswet dient de raad aan te geven of zij gevallen wil vaststellen waarin de gemeenteraad advies aan het college wil geven. Voor de niet-aangewezen gevallen geldt geen adviesrecht (artikel 16.15a lid b. onder 1 Omgevingswet). Het bindend adviesrecht is voor die ruimtelijke ontwikkelingen waarvan de gemeenteraad haar adviserende rol wil uitvoeren, zoals rondom activiteiten met een grote impact en die niet overeenkomstig de bestaande beleidskaders zijn. Met dit voorstel en de lijst van gevallen is een beleidsneutrale overgang als uitgangspunt genomen en deze geactualiseerd conform de Omgevingswet. Enkele gevallen die onder de zogenoemde kruimelregeling vielen, zijn ook in de lijst van gevallen opgenomen en blijven een college-bevoegdheid. Gelijktijdig met dit voorstel worden ook het ‘delegatiebesluit’, ‘gevallen waarvoor participatie verplicht is’ en ‘participatiebeleid onder de Omgevingswet’ aangeboden. Andere raadsvoorstellen in verband met de Omgevingswet komen later dit jaar naar de raad.
Vaststellen besluit adviesrecht gemeenteraad onder de Omgevingswet Samenvatting De Omgevingswet treedt naar verwachting per 1 januari a.s. in werking. Dat betekent dat de ‘verklaring van geen bedenkingen’ (vvgb) vervalt. Die verklaring kan de gemeenteraad nu afgeven voor aanvragen die in strijd zijn met het bestemmingsplan. Onder de Omgevingswet is het net andersom en wijst de gemeenteraad gevallen aan waarin een advies nodig is van de raad, om af te wijken van het omgevingsplan. Dit adviesrecht van de gemeenteraad is een zogenaamd verzwaard advies dat bindend is. Het college mag daar niet van afwijken. Voor de niet-aangewezen gevallen vervalt het adviesrecht. Het college van Burgemeester en Wethouders stelt vanwege deze nieuwe wet de raad voor in te stemmen met het voorstel adviesrecht. Een dergelijk besluit moet voor de inwerkingtreding van de Omgevingswet worden genomen. De gemeenteraad weegt mee bij het bepalen van de gevallen waarin zij het college advies wil geven, dat de Omgevingswet als doel heeft om besluitvorming over initiatieven sneller en overzichtelijker te laten verlopen. Met dit voorstel is een beleidsneutrale overgang als uitgangspunt genomen en deze geactualiseerd conform de Omgevingswet. Gevallen uit de zogenoemde kruimelregeling betreffen geen nieuwe regeling en blijven een collegebevoegdheid.
De huidige algemene vvgb vervalt bij inwerkingtreding van de Omgevingswet.
Vaststellen besluit bindend adviesrecht onder de Omgevingswet Argumenten tot advies De Omgevingswet kent nieuwe instrumenten en een andere verdeling van de bevoegdheden tussen raad en college. Zo zal de ‘verklaring van geen bedenkingen’ (vvgb) vervallen. Die verklaring kan de gemeenteraad nu afgeven voor aanvragen die in strijd zijn met het bestemmingsplan. Onder de Omgevingswet is het net andersom en wijst de gemeenteraad gevallen aan waarin zij het college van advies willen voorzien bij afwijkingen van het omgevingsplan. Dat betreft dus zogenaamde aanvragen voor buitenplanse omgevingsplanactiviteiten. Dit adviesrecht van de gemeenteraad is een zogenaamd verzwaard advies dat bindend is. Het college mag daar niet van afwijken. Voor de niet-aangewezen gevallen vervalt het adviesrecht. De Omgevingswet stelt dat gemeenten aanvragen voor buitenplanse omgevingsplanactiviteiten binnen de (reguliere) doorlooptijd van 8 weken op een doelmatige wijze moeten kunnen behandelen. De omschrijving ‘omgevingsplanactiviteiten’ is de nieuwe lange naam van iets willen bouwen, aanpassen, aanleggen, omzagen of afgraven en waarvoor in het omgevingsplan regels staan. Het omgevingsplan is na 1 januari de nieuwe naam voor de gezamenlijke bestemmingsplannen. De term buitenplans is niet anders dan nu: het gaat om ruimtelijke ontwikkelingen die buiten de regels van het omgevingsplan vallen.
In dit voorstel wordt rekening gehouden met het feit dat: -
De Texelse gemeenteraad is, sinds het vaststellen van de laatste vvgb in 2011, gemiddeld een paar keer per jaar gevraagd een vvgb af te geven.
-
Net als bij de vvgb is het wenselijk dat de procedure binnen de wettelijke termijnen wordt afgewikkeld en geen ongewenste vertragingen optreden.
-
De aangewezen gevallen van buitenplanse omgevingsplanactiviteiten waarvoor advies gevraagd moet worden, kunnen ook weer door de raad worden aangepast, bijvoorbeeld na de evaluatie.
Kruimelregeling De zogenaamde kruimelregeling is een lijst van gevallen waarmee nu door middel van de reguliere procedure vergunning kan worden verleend om af te wijken van het bestemmingsplan. De kruimelgevallen zijn opgenomen in artikel 4 van bijlage II bij het Besluit omgevingsrecht (Bor). Besluiten over de kruimelgevallen zijn een collegebevoegdheid. Met de Omgevingswet vervalt de kruimellijst. Om beleidsneutraal over te kunnen gaan en de snelheid erin te houden, wordt voorgesteld de besluiten over kruimelgevallen een collegebevoegdheid te houden. Deze gevallen staan ook aangegeven in de lijst van gevallen van buitenplanse omgevingsplanactiviteiten. Zie later. Beleidsneutraal In dit voorstel is de bestaande vvgb gehanteerd voor het formuleren van het advies, aangepast aan de eisen van de Omgevingswet. Als de omgevingsplanactiviteit niet voldoet aan het vastgesteld beleid wordt geen advies aan de raad gevraagd. Dat is nu ook zo. De gevallen 1. Een aanvraag omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit wordt voor advies aan de gemeenteraad voorgelegd als sprake is voor een activiteit die niet past binnen of afwijkt van: a. de doelen van het Omgevingsplan; b. de door de raad vastgestelde omgevingsvisie of de Structuurvisie Texel 2010, zolang geen omgevingsvisie is vastgesteld; c. ander door de gemeenteraad vastgesteld en geldend beleid. 2.
In afwijking van het eerste lid wordt een aanvraag omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit niet voor advies aan de gemeenteraad voorgelegd in de volgende gevallen: a. een bijbehorend bouwwerk of uitbreiding daarvan, mits, voor zover gelegen buiten de bebouwde kom, wordt voldaan aan de volgende eisen:
-
niet hoger dan 5 m, tenzij sprake is van een kas of bedrijfsgebouw van lichte constructie ten dienste van een agrarisch bedrijf, - de oppervlakte niet meer dan 150 m²; b. een gebouw ten behoeve van een infrastructurele of openbare voorziening, mits wordt voldaan aan de volgende eisen: - niet hoger dan 5 m, - en de oppervlakte niet meer dan 50 m²; c. een bouwwerk, geen gebouw zijnde, of een gedeelte van een dergelijk bouwwerk, mits wordt voldaan aan de volgende eisen: - niet hoger dan 10 m, - en de oppervlakte niet meer dan 50 m²; d. een dakterras, balkon of andere niet op de grond gelegen buitenruimte aan of op een gebouw, een dakkapel, dakopbouw of gelijksoortige uitbreiding van een gebouw, de uitbreiding van een bouwwerk met een bouwdeel van ondergeschikte aard dan wel voorzieningen gericht op het isoleren van een gebouw; e. een antenne-installatie, mits niet hoger dan 40 m; f. het gebruiken van gronden voor een niet-ingrijpende herinrichting van openbaar gebied; g. het gebruiken van bouwwerken, eventueel in samenhang met bouwactiviteiten die de bebouwde oppervlakte of het bouwvolume niet vergroten, en van bij die bouwwerken aansluitend terrein, mits, voor zover gelegen buiten de bebouwde kom, het uitsluitend betreft een logiesfunctie voor werknemers of de opvang van asielzoekers of statushouders; h.
ander gebruik van gronden of bouwwerken dan bedoeld in bovenstaande onderdelen, voor een termijn van ten hoogste tien jaar; 3. In situaties als bedoeld in het tweede lid mag het aantal woningen niet toenemen, tenzij het gaat om huisvesting in verband met mantelzorg. 4. Dit besluit treedt in werking om het moment dat de Omgevingswet in werking treedt. 5. Binnen één jaar nadat dit besluit in werking is getreden een evaluatie te doen.
Alternatieven Als alternatief zou de gemeenteraad ervoor kunnen kiezen geen gevallen aan te wijzen. Daarmee vertrouwt de raad op het college om aanvragen voor buitenplanse omgevingsplanactiviteiten op juiste wijze te boordelen. Een alternatief zou ook zijn wanneer de raad in meer gevallen gebruik te maken van het adviesrecht. Dit geeft extra druk op de agenda van de raad en op de ambtelijke organisatie. De aangegeven gevallen voor activiteiten betreffen buitenplanse omgevingsactiviteiten: deze moeten via de raad binnen de wettelijke beslistermijn van acht weken.
Consequenties van het advies Juridische consequenties Voor activiteiten in strijd met het bestemmingsplan kan de gemeenteraad nu beslissen dat er geen bedenkingen zijn, met een ‘verklaring van geen bedenkingen’. Om het werkbaar te houden wijst de raad gevallen aan waarin die verklaring van geen bedenkingen niet nodig is. Voor alle overige gevallen is deze verklaring dus wel nodig. Onder de Omgevingswet wijst de gemeenteraad gevallen aan waarin wel een bindend advies nodig is van de raad om af te wijken van het omgevingsplan. Voor de niet-aangewezen gevallen geldt geen adviesrecht (zie artikel 16.15a lid b. onder 1 Omgevingswet). De gemeenteraad wordt geadviseerd om - voordat de Omgevingswet van kracht wordt - een besluit te nemen over de gevallen waarin hij advies wil geven. Het huidige raadsbesluit ‘aanwijzingslijst gevallen waarvoor geen verklaring van geen bedenkingen nodig is’ vervalt namelijk bij inwerkingtreding van de Omgevingswet. Regelt de gemeenteraad niets, dan hoeft het college niet naar de gemeenteraad voor beslissingen op omgevingsvergunningen voor activiteiten die in strijd zijn met het omgevingsplan.
Relevante wet- en regelgeving of jurisprudentie Artikel 16.15 en 16.15a lid b. onder 1 Omgevingswet
Aanleiding / Voorgeschiedenis / Eerdere besluiten Vaststelling aanwijzingslijst algemene verklaring van geen bedenkingen (13 juli 2011).
(Concept / Voorgenomen)
Raadsbesluit Vaststellen besluit bindend adviesrecht onder de Omgevingswet Doelenboom Programma
3
Maatschappelijk doel
3.5.
Mooi en gastvrij Texel Zorgdragen voor een goede ruimtelijke ordening met behoud van de Texelse kernwaarden
Beleidsdoel
3.5.1
Voor een goede ruimtelijke ordening zorgdragen
Operationeel doel
3.5.1.10
Anticiperen op nieuwe Omgevingswet
gelezen het advies van burgemeester en wethouders; gehoord de raadscommissie; Gelet op •
Artikel 16.15 en 16.15a, lid b, onder 1 van de Omgevingswet;
Overwegende •
•
• • • •
• • • •
de gemeenteraad in de huidige situatie, voor de inwerkingtreding van de Omgevingswet, voor activiteiten in strijd met het bestemmingsplan als bedoeld in artikel 2.12, lid 1, onder a en sub 3° van de Wabo, een verklaring van geen bedenkingen moet afgeven, voordat het college een omgevingsvergunning kan verlenen; in 2011 door de raad van de gemeente Texel een lijst is opgesteld met categorieën van gevallen waarvoor geen ‘verklaring van geen bedenkingen’ noodzakelijk is (de algemene verklaring van geen bedenkingen); onder de Omgevingswet de raad een lijst met gevallen van buitenplanse omgevingsplan-activiteiten kan aanwijzen waarvoor advies nodig is van de raad om af te kunnen wijken van het omgevingsplan; bij buitenplanse omgevingsplanactiviteiten de reguliere procedure van acht weken van toepassing is; dat is een uiterste proceduretermijn met een mogelijkheid van een eenmalig verlenging met 6 weken; Het ‘besluit adviesrecht gemeenteraad onder de Omgevingswet’ voor de inwerkingtreding van de Omgevingswet door de raad moet worden vastgesteld wanneer daar toepassing aan wordt gegeven; de gemeenteraad bij het bepalen van de lijst van gevallen waarin dit advies verplicht is, moet meewegen dat de Omgevingswet als doel heeft om besluitvorming over initiatieven sneller en overzichtelijker te laten verlopen en het college in alle gevallen bevoegd is om te beslissen over aanvragen
omgevingsvergunningen; De algemene verklaring van geen bedenkingen (vastgesteld op 13 juli 2011) met het inwerkingtreden van de Omgevingswet vervalt; het wenselijk is om gevallen aan te wijzen die voor advies aan de raad worden voorgelegd; dat het uitgangspunt is om zo beleidsneutraal mogelijk over te gaan naar de nieuwe Omgevingswet; ervoor is gekozen zoveel mogelijk aan te sluiten bij de huidige werkwijze en de uitgangspunten van de algemene verklaring van geen bedenkingen;
Besluit 1. Te bepalen dat een aanvraag omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit voor advies aan de gemeenteraad wordt voorgelegd als er sprake is van een aanvraag voor een activiteit die niet past binnen of afwijkt van: a. de doelen van het Omgevingsplan;
Raadsbesluit van : Vaststellen besluit verzwaard adviesrecht gemeenteraad onder de Omgevingswet
b. de door de raad vastgestelde omgevingsvisie of de Structuurvisie Texel 2010, zolang er geen omgevingsvisie is vastgesteld; c. ander door de gemeenteraad vastgesteld en geldend beleid. 2. In afwijking van het eerste lid wordt een aanvraag omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit niet voor advies aan de gemeenteraad voorgelegd in de volgende gevallen: a. een bijbehorend bouwwerk of uitbreiding daarvan, mits, voor zover gelegen buiten de bebouwde kom, wordt voldaan aan de volgende eisen: - niet hoger dan 5 m, tenzij sprake is van een kas of bedrijfsgebouw van lichte constructie ten dienste van een agrarisch bedrijf, - de oppervlakte niet meer dan 150 m²; b. een gebouw ten behoeve van een infrastructurele of openbare voorziening, mits wordt voldaan aan de volgende eisen: - niet hoger dan 5 m, - en de oppervlakte niet meer dan 50 m²; c. een bouwwerk, geen gebouw zijnde, of een gedeelte van een dergelijk bouwwerk, mits wordt voldaan aan de volgende eisen: - niet hoger dan 10 m, - en de oppervlakte niet meer dan 50 m²; d. een dakterras, balkon of andere niet op de grond gelegen buitenruimte aan of op een gebouw, een dakkapel, dakopbouw of gelijksoortige uitbreiding van een gebouw, de uitbreiding van een bouwwerk met een bouwdeel van ondergeschikte aard dan wel voorzieningen gericht op het isoleren van een gebouw; e.
een antenne-installatie, mits niet hoger dan 40 m; f. het gebruiken van gronden voor een niet-ingrijpende herinrichting van openbaar gebied; g. het gebruiken van bouwwerken, eventueel in samenhang met bouwactiviteiten die de bebouwde oppervlakte of het bouwvolume niet vergroten, en van bij die bouwwerken aansluitend terrein, mits, voor zover gelegen buiten de bebouwde kom, het uitsluitend betreft een logiesfunctie voor werknemers of de opvang van asielzoekers of statushouders; h. ander gebruik van gronden of bouwwerken dan bedoeld in bovenstaande onderdelen, voor een termijn van ten hoogste tien jaar; 3. In situaties als bedoeld in het tweede lid mag het aantal woningen niet toenemen, tenzij het gaat om huisvesting in verband met mantelzorg. 4. Dit besluit treedt in werking om het moment dat de Omgevingswet in werking treedt. 5. Binnen één jaar nadat dit besluit in werking is getreden een evaluatie te doen.
Ondertekening
Bijlagen
Vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 13 Juli 2022,
1. VNG Handreiking Adviesrecht
De griffier,
2. De bestaande algemene verklaring
gemeenteraad. De voorzitter,
van geen bedenkingen.
Zaaknummer 3096652