Agendabundel
Tekst van het document
11,0 6,2 4,8 5,3 27,3
12,5 8,5 5,2 5,3 31,5
13,8 9,4 5,9 5,3 34.4
15,1 10,3 6,5 5,3 37,2
Aantal fte overige trajecten
0,4
0,6
0,8
1,0
Aantal fte doelgroepen totaal
98,2
100,6
100,6
97,5
Aantal fte ambtelijke medewerkers
12,7
12,7
12,7
12,7
- 19 -
Meerjarenraming balans 2023 – 2026 (x € 1.000) Omschrijving
2023
2024
2025
2026
Activa Materiële vaste activa Financiële vaste activa Voorraden
1.771 798 250
1.627 239 250
1.490 0 250
1.368 0 250
Totaal activa
2.819
2.116
1.740
1.618
Passiva Eigen vermogen Vaste schulden Saldo vlottende activa/passiva
798 1.771 250
239 1.627 250
0 1.490 250
0 1.368 250
Totaal passiva
2.819
2.116
1.740
1.618
In deze balans wordt ervan uitgegaan dat het vermogen van De Bolder in de komende jaren daalt tot nul. Dit houdt in dat de nu geraamde verliezen van 2023 e.v. vanuit de eigen reserves worden gecompenseerd.
- 20 -
Toelichting op het overzicht van baten en lasten
x € 1.000 Rekening 2021
Begroting 2022
Begroting 2023
In deze toelichting worden bedragen uit de begroting waar nodig nader gespecificeerd en – voor zover niet in de beleidsbegroting benoemd - nog nader toegelicht. WET SOCIALE WERKVOORZIENING (WSW) Lonen en personeelskosten WSW
Loonkosten WSW-werknemers Personeelskosten WSW Kosten begeleid werken BW-WSW
2.146 93 68
2.067 96 62
2.107 101 68
Totaal personele kosten WSW
2.307
2.225
2.276
Loonkosten
De loonkosten zijn begroot op basis van de werkelijke loonkosten in 2022, rekening houdend met medewerkers die uitdiensttreden na 2 jaar ziekte of i.v.m. pensioen. Daarnaast hebben we de aangekondigde verhoging van het wettelijk minimumloon (WML) ad 10% meegenomen.
Personeelskosten
De post personeelskosten bestaat o.a. uit kosten voor bedrijfsgeneeskundige zorg, opleiding en training, werkkleding en ook voor uitgaven bij jubilea en pensioen en voor bijvoorbeeld het kerstpakket.
Loonkostensubsidie extern
Werknemers in begeleid werken (BW) zijn in dienst bij een externe werkgever. Deze werkgever krijgt loonkostensubsidie (LKS) op basis van de gemeten loonwaarde van de medewerker.
Gemeentelijke bijdragen WSW
Gemeentelijk budget WSW Aanpassing budget ivm verhoging WML Compensatie coronacrisis 1e hj Compensatie coronacrisis 2e hj Buitengemeenten budget WSW
2.296 48 10 -
2.327 -
2.237 224 -
Totaal personele kosten WSW
2.354
2.327
2.461
PARTICIPATIEWET (P-wet) Lonen en personeelskosten P-wet
De begrote bijdragen voor 2022 en 2023 zijn gebaseerd op de meicirculaire van 2022. De aanpassing i.v.m. de verhoging van het minimumloon is nog niet toegekend. We lopen daarmee dus vooruit op besluitvorming. Loonkosten beschut P-wet Loonkosten intern met LKS P-wet Loonkosten individuele voorziening P-wet Personeelskosten P-wet Loonkostensubsidie extern P-wet
195 38 11 45 36
233 106 7 56 35
341 201 21 44
Totaal personele kosten P-wet
325
437
607
Loonkosten
Ook in de begroting van de loonkosten P-wet beschut en intern is rekening gehouden met de verhoging van het WML met 10%. Daarnaast wordt een toename van het aantal FTE verwacht.
Personeelskosten
De personeelskosten betreffen de kosten van zowel de werknemers met een dienstverband in het kader van de P-wet, als de kosten voor de personen met een werkervaringsplaats in het kader van de P-wet. In de cijfers van 2021 en 2022 zijn daarin ook bedragen voor taalcoaching opgenomen van respectievelijk € 34.000 en € 38.000. Deze kosten werden vergoed door de gemeente. In het tweede halfjaar van 2022 heeft de gemeente besloten de taalcoaches voortaan direct zelf te betalen, waardoor de post personeelskosten voor 2023 aanzienlijk lager uitvalt.
Loonkostensubsidie extern
Net als in de WSW voor begeleid werken, is er ook binnen de P-wet de mogelijkheid voor werknemers om met loonkostensubsidie op basis van de gemeten loonwaarde in dienst te treden bij een externe werkgever. We verwachten een geringe toename van het aantal personen in 2023 en omdat de loonkostensubsidie gebaseerd is op het WML, stijgt deze post in 2023 ook om die reden.
- 21 -
Toelichting op het overzicht van baten en lasten
x € 1.000 Rekening 2021
Begroting 2022
Begroting 2023
Gemeentelijke bijdragen P-wet
Het totaalbedrag aan gemeentelijke bijdragen kan als volgt worden gespecificeerd: Vergoeding loonkosten beschut P-wet 94 116 Vergoeding begeleiding beschut P-wet 62 128 Vergoeding loonkosten intern met LKS P-wet 16 42 Vergoeding begeleiding intern met LKS P-wet 7 25 Vergoeding begeleiding individueel. 2 Vergoeding loonkostensubsidie P-wet extern 36 35 Vergoeding begeleiding extern met LKS P-wet 6 13 Vergoeding begeleiding werkervaringsplaatsen 68 55 Extra budget P-wet gemeente 75 38 Totaal gemeentelijke bijdragen P-wet 366 452
Vergoedingen loonkosten
Het percentage van de loonkostensubsidie per persoon wordt bepaald a.d.h.v. de individuele loonwaardemeting. De loonwaarde van medewerkers met een indicatie beschut loopt uiteen van 30% tot 70%. Bij de medewerkers intern met LKS (doelgroep banenafspraak en praktijkroute) varieert de loonwaarde van 50% tot 70%. Omdat de loonkostensubsidie is gebaseerd op het WML stijgt ook de vergoeding van de loonkosten.
Vergoedingen begeleiding
De vergoeding voor begeleiding van medewerkers met een indicatie beschut werk bedraagt volgens de meicirculaire van 2022 € 8.100 per persoon. Net als in de begroting van 2022 is de vergoeding voor werkelijk gerealiseerde plaatsen opgenomen in 2023. Tot en met de jaarrekening van 2021 was de vergoeding gerelateerd aan het vastgestelde quotum aan beschutte arbeidsplaatsen, dat duidelijk lager was. De vergoeding voor begeleiding van de overige groepen P-wet bedraagt per traject € 4.000. Alleen voor een inburgeringstraject bedraagt de vergoeding voor begeleiding per persoon € 5.500.
160 142 78 34 44 17 62 537
Extern met loonkostensubsidie De aan werkgevers uitbetaalde loonkostensubsidie wordt bepaald a.d.h.v. loonwaardebepalingen en berekend op basis van het minimumloon. Dit deel van de gemeentelijke bijdragen wordt volledig doorbetaald aan de betreffende werkgevers. Voor deze personen kan tevens een vergoeding voor begeleiding (ad € 4.000) worden begroot. Indien medewerkers geen begeleiding (meer) nodig hebben worden alleen de kosten voor de loonwaardebepaling vergoed. Werkervaringsplaatsen
Overige trajecten
De vergoeding voor werkervaringsplaatsen was in de gewijzigde begroting voor 2022 fors naar beneden bijgesteld, vanwege het stagnerende aantal trajecten dat aan De Bolder werd toegewezen. Voor de begroting van 2023 is het aantal trajecten nagenoeg gelijk gehouden aan dat van 2022. De vergoeding voor de verschillende soorten trajecten (bijvoorbeeld UWV, 2e Spoor) loopt nogal uiteen en is ook afhankelijk van hoe succesvol een traject wordt afgerond. Voor de begroting van 2022 en 2023 is gerekend met een geschatte gemiddelde bijdrage per traject. Het aantal trajecten is op basis van de ervaringen naar beneden bijgesteld.
BEDRIJFSOPBRENGSTEN Opbrengst verkoop & productie Deze post is als volgt opgebouwd: Omzet verkoop en productie Grond- en hulpstoffen
3.107 - 1.582
3.281 - 1.636
3.302 - 1.781
Opbrengst verkoop en productie
1.525
1.645
1.521
Na 2 jaren, waarin de coronacrisis grote impact heeft gehad op de productie, hebben we te maken met een oorlog in Oekraïne, waardoor de prijs van energie enorm is gestegen, met een prijsspiraal tot gevolg. Het is enorm lastig om in te schatten hoe de omzet zich zal ontwikkelen. We houden rekening met een stijging van onze tarieven, die echter niet dekkend zal kunnen zijn voor de toename van de kosten van grondstoffen en energie die benodigd is voor de productie. De stagnerende omzet in het tweede halfjaar van 2022 maant tot voorzichtigheid. BEDRIJFSLASTEN TBV PRODUCTIE Afschrijving t.b.v. productie
Afschrijving vaste activa t.b.v. productie
76
80
93
Een aanzienlijk deel van de afschrijvingslasten wordt toegerekend aan de productie. Het betreft de afschrijvingskosten op investeringen die rechtstreeks met de productie te maken hebben. De stijging vloeit voort uit nieuwe (deels uitgestelde) investeringen in 2022.
- 22 -
Toelichting op het overzicht van baten en lasten
Overige bedrijfskosten t.b.v. productie
x € 1.000
Rekening 2021 Deze post is samengesteld uit de onderstaande kosten: Onderhoudskosten machines 119 Onderhoudskosten vervoermiddelen 48 Huur bedrijfsmiddelen Brandstoffen 11 Kosten productontwikkeling 54 Overige productiekosten 8 Totaal overige bedrijfskosten
240
Begroting 2022
Begroting 2023
122 26 6 13 45 9
145 23 12 14 50 9
221
253
De onderhoudskosten van machines nemen toe met de levensduur. Omdat de toekomstscenario’s van De Bolder op dit moment nog niet uitgekristalliseerd zijn, lijkt het niet verstandig grote investeringen te plegen. De post huur bedrijfsmiddelen bestaat uit de leasekosten voor bedrijfswagens. In de loop van 2021 was een elektrische personenauto in gebruik genomen en de verwachting is dat in de tweede helft van 2023 een leasecontract wordt gesloten voor een wasbus, die in de plaats komt van een van de transportbussen die aan vervanging toe is. De kosten productontwikkeling zijn kosten voor ontwikkeling van nieuwe producten of bedrijfsonderdelen, bedoeld om De Bolder toekomstbestendig te maken, rekening houdend met de nieuwe doelgroepen. Uit het positieve resultaat van 2018 is een Bestemmingreserve Transformatiekosten gevormd voor dekking van deze kosten. Hieraan is volgens het besluit over de jaarrekening van 2020 een deel (nl. € 59.000) van de opgeheven Reserve speciale trajecten Pwet aan toegevoegd. De kosten productontwikkeling worden aan deze Bestemmingsreserve Transformatiekosten onttrokken. OVERIGE OPBRENGSTEN Huuropbrengst gebouwen
25
17
20
Deze post is begroot op basis van de ten tijde van het opstellen van de begroting lopende verhuurcontracten van kantoorruimten, rekening houdend met een verhoging vanwege de gestegen energieprijzen. KOSTEN BEDRIJFSVOERING Salariskosten ambtelijk personeel
Deze post is opgebouwd uit de volgende onderdelen: Salaris & sociale lasten ambtelijk personeel Personeelskosten Inhuur payroll-medewerkers Totaal salariskosten ambtelijk personeel
979 30 0
1.020 58 112
916 42 190
1.089
1.190
1.148
De salarissen zijn begroot op basis van de werkelijke kosten per medewerker in 2022, rekening houdend met individuele periodieke verhogingen en een algemene loonsverhoging van 3%. De functie van directeur wordt sinds 23 mei jl tijdelijk ingevuld door een directeur ad interim die niet in dienst is, in afwachting van duidelijkheid over het toekomstscenario. Afschrijving vaste activa algemeen
Deze post wordt gespecificeerd als volgt: Afschrijving gebouwen en installaties 69 68 68 Afschrijving machines 52 58 74 Afschrijving inventaris 5 4 3 Afschrijving vervoermiddelen 4 4 2 Af: afschrijving t.l.v. de productie -/- 76 -/- 80 -/- 93 Totaal 54 54 54 Structureel wordt een deel van de afschrijvingen volgens schema onttrokken uit de investeringsreserves.
Overige bedrijfskosten
De overige bedrijfskosten kunnen als volgt worden onderscheiden: Onderhoudskosten gebouwen en installaties 202 Energieverbruik algemeen 41 Belastingen en verzekeringen 46 Overige algemene kosten 190 Diverse baten en lasten -/- 24
210 44 47 211 -
187 75 48 215 -
Totaal overige bedrijfskosten
512
525
480
- 23 -
Toelichting op het overzicht van baten en lasten
x € 1.000 Rekening 2021
Begroting 2022
Begroting 2023
Onderh. gebouwen & install.
De verlaging van deze post in de begroting van 2023 is het gevolg van een nieuw contract voor de schoonmaakkosten. Daartegenover zijn veel onderhoudskosten verhoogd in verband met de prijsspiraal.
Energieverbruik algemeen
In de begroting is rekening gehouden met verhoging van de gasprijs met factor 3,7 (exclusief de wettelijke opslag en belasting) en verhoging van de prijs voor elektriciteit met factor 2,2 (exclusief heffingen). De huidige contracten van De Bolder met de leveranciers lopen af op 31 december 2022 en de factor is de afgelopen tijd ook hoger geweest. Maar terwijl we de begroting opstellen, dalen de prijzen weer. De onzekerheid over de tarieven per 1 januari a.s. is groot en ook is onduidelijk of er eventueel nog compensatie komt van de overheid. Het totaal aan kosten vanwege energieverbruik is begroot op € 236.000, hiervan wordt € 161.000 doorbelast aan de productie. Dit bedrag is inbegrepen in de post grond- en hulpstoffen van totaal € 1.781.000 op pagina 23.
FINANCIËLE BATEN EN LASTEN Financiële baten en lasten
Deze baten en lasten kunnen als volgt worden gespecificeerd: Betaalde rente leningen 7 Ontvangen rente belegde reserves -/- 7 Overige rente -/- 14
8 -/- 7 -/- 16
8 -/- 4 -/- 14
Totaal financiële baten en lasten
-/- 15
-/- 10
-/- 14
Het rentepercentage van zowel de leningen als de belegde reserves is gelijk aan het percentage van de laatst afgesloten lening van de gemeente Texel bij een externe financiële instelling. Voor 2021 was dit percentage 0.365%, voor 2022 geldt 0.28%. ONTTREKKINGEN EN TOEVOEGINGEN AAN RESERVES Onttrekkingen
De specificatie van de onttrekkingen aan de diverse reserves is als volgt: Onttrekking investeringen 2003 20 Onttrekking investeringen 2018 21 Onttrekking reserve cofinanciering transitiekosten P-wet 14 Onttrekking reserve transformatiekosten 54 Onttrekking reserve egalisatie rekeningresultaten 29
20 28 14 45 92
19 45 14 50 191
Totaal onttrekking bestemmingsreserves
199
319
138
Na de toegestane onttrekkingen uit de bestemmingsreserves bedraagt het begrotingstekort voor 2022 € 147.400. Hiervan wordt in 2022 € 91.800 onttrokken uit de reserve egalisatie rekeningresultaten. Voor het resterende deel ad € 55.600 wordt eenmalig de algemene reserve van de gemeente aangesproken. In 2022 wordt in overleg met de gemeente een structurele oplossing gezocht voor 2 posten uit de begroting die zijn begrepen in de algemene kosten. Het gaat om een bedrag van € 15.000 dat De Bolder aan de gemeente betaalt voor vaste kosten en een bedrag van € 40.600 als bijdrage in de ict-kosten van de gemeente. Deze zoektocht is onderdeel van de toekomstscenario’s van De Bolder.
- 24 -
Toelichting op de reserves en voorzieningen Algemene reserve: De algemene reserve is bestemd als algemene buffer voor De Bolder om te voorkomen dat bij incidentele financiële problemen in de bedrijfsvoering er een beroep moet worden gedaan op de gemeentelijke begroting. De algemene reserve bedroeg volgens de jaarrekening 2021 ruim 8% van de totale jaarlijkse bedrijfslasten. Als bedrijf dat financieel voor 40% afhankelijk is van bedrijfsmatige ontwikkelingen die positief, maar ook negatief kunnen fluctueren, is een reserve van die omvang betrekkelijk gering. Als wordt gekeken naar de bedrijfslasten zonder loonkosten WSW en Participatiewet, want daarvoor wordt een bijdrage ontvangen, dan is de omvang van de algemene reserve voldoende. In navolging van de besluitvorming uit de perspectiefnota van de gemeente neemt De Bolder de lopende verliezen eerst ten laste van de eigen reserves. Bestemmingsreserves, bestaande uit: Investeringsreserves: Reserves investeringen (2003 en 2018 en 2020): Bij investeringen ten behoeve van de productie vindt steeds de afweging plaats of een investering wel rendabel is. Investeringen ten behoeve van de productie binnen een SW-bedrijf zijn bijna nooit voor 100% rendabel. Om passend werk te kunnen bieden wordt er soms toch besloten tot een investering waarvan van tevoren bekend is dat hij slechts in geringe mate bijdraagt aan de opbrengst uit productie.
De afschrijvingslasten van de betreffende investeringen worden afgedekt uit deze reserve, waardoor de totale afschrijvingslasten van het hele bedrijf beperkt blijven tot commercieel verantwoorde hoogte. Reserve cofinanciering transitiekosten Participatiewet: De rijksoverheid heeft een transitiebudget van landelijk € 30 miljoen beschikbaar gesteld voor het financieren van de kosten om de SW-bedrijven om te vormen van uitvoerders van de WSW naar uitvoerders van de Participatiewet. Een voorwaarde hierbij was dat de bedrijven zelf minimaal 50% aan cofinanciering bijdroegen. De voor Texel in 2016 ontvangen subsidie bedroeg € 39.000, wat voor € 30.000 is gebruikt voor de gedeeltelijke financiering van enkele investeringen. Uit de winstbestemmingen van 2014 en 2015 zijn bedragen toegevoegd aan deze reserve voor de financiering van de goedgekeurde plannen. De afschrijvingslasten van de betreffende investeringen worden gedekt uit deze reserve. Kostenreserves: Reserve speciale trajecten Participatiewet: Uit de winstbestemming van 2015 was een bestemmingsreserve gevormd voor het ontwikkelen van speciale trajecten voor die doelgroepen van de Participatiewet waarvoor in de toekomst extra zorg nodig zal zijn, zoals voor de wajongers en oudere werkzoekenden.
In 2017 en 2018 werd deze reserve bijvoorbeeld gebruikt voor de dekking van een deel van de salariskosten van een productiemedewerker uit de doelgroep, die niet viel binnen de regels van de Participatiewet. Deze reserve is conform besluit bij de jaarrekening van 2020 herbestemd. Een deel (€ 100.000) is overgebracht naar de investeringsreserves en het restant (€ 59.000) is toegevoegd aan de Reserve egalisatie rekeningresultaten. Bestemmingsreserve Transformatiekosten: Uit de winstbestemming van 2018 is een bestemmingsreserve gevormd voor de inhuur van ondersteuning bij het opstellen van plannen en toekomstscenario’s, voor de inhuur van uitvoerend projectleiderschap en voor het uitvoeren van kleine pilots in het kader van het transformatieproces inclusief eventuele materiële kosten. Met het definitief afblazen van de samenvoeging van De Bolder en STT ontstond een nieuw vraagstuk over de langere termijn bestaansscenario’s van De Bolder. In de komende jaren is een transformatie van het productiebedrijf noodzakelijk om de toekomst van De Bolder veilig te stellen. Er worden diverse scenario’s onderzocht met betrekking tot samenwerking met andere (publiekeof private-) partners, er moeten aanpassingen worden doorgevoerd in de bedrijfsvoering door het aantrekken van nieuwe werkprojecten en/of het afstoten van bestaande projecten.
De Bolder heeft als uitvoeringsorganisatie geen eigen beleidscapaciteit en is daarmee aangewezen op externe inhuur van de benodigde expertise en/of projectleiders om al deze extra activiteiten vorm te geven. Door hiervoor een bestemmingsreserve te vormen en de betreffende kosten hieruit te financieren, komen deze noodzakelijke ontwikkeltaken niet ten laste van het exploitatieresultaat en houdt De Bolder daarmee haar handen vrij om, naast de lopende productie, ook te kunnen investeren in de ontwikkeling van de eigen toekomst. Het resultaat over 2020 was ook toegevoegd aan deze reserve. Risicoreserves: Reserve egalisatie rekeningresultaten: Al vanaf 2014 is in de meerjarenramingen een dalend rekeningresultaat voorzien. Uit de winstbestemmingen vanaf 2014 is een gedeelte van het voordelig resultaat in deze reserve gestort. De begroting van 2019 was de eerste begroting waarin het negatieve resultaat werd aangevuld vanuit deze reserve. Na uitvoering van het besluit over de jaarrekening van 2021 resteert nog € 283.000. Na onttrekkingen in 2022 en 2023 wegens de verwachte verliezen zal deze reserve volledig zijn uitgenut.
- 25 -
NIEUWE INVESTERINGEN 2023 (x € 1.000) Volgnr.
Omschrijving
Bedrag
% Afschr.
1
Vervanging afgeschreven productiemiddelen
100
10
V
2
Productiemiddelen
30
10
N
Totaal
130 N = Nieuw V = Vervanging
TOELICHTING OP DE INVESTERINGEN 2023 1.
In 2022 zijn diverse productiemiddelen afgeschreven. Vanwege het krimpende productiebedrijf wordt jaarlijks bezien of vervanging noodzakelijk is en of vervanging wegens veranderde productiewijze door hetzelfde productiemiddel moet plaatsvinden of door andersoortige apparatuur.
2.
Voor het omvormen van het productiebedrijf De Bolder naar een bedrijf met nog verder vereenvoudigde productieprocessen zijn soms nieuwe investeringen noodzakelijk. Er zal extra aandacht moeten zijn voor investeringen om essentiële productieprocessen te kunnen laten uitvoeren door medewerkers met geringere arbeidsvaardigheden. De afnemende vraag naar werkplekken binnen het productiebedrijf van De Bolder zal gevolgen hebben voor de noodzaak tot nieuwe investeringen, omdat werkplekken op termijn wegens minder beschikbare mensen komen te vervallen. Tegelijkertijd zal rekening moeten worden gehouden met investeringen die noodzakelijk zijn om het werk aan te passen aan de verminderde capaciteiten van medewerkers, door hun beperkingen en door toename van de gemiddelde leeftijd van de medewerkers in de WSW. Daarnaast zullen er de komende jaren ook werkplekken in stand moeten worden gehouden voor de bestaande WSW-doelgroep en voor de nieuwe doelgroepen vanuit de Participatiewet. Het is al een aantal jaren beleid om investeringen die zijn afgeschreven terughoudend (‘sober en doelmatig’) te vervangen door nieuwe investeringen en – indien technisch en economisch mogelijk – zoveel mogelijk te streven naar levensduurverlenging.
- 26 -
GRONDSLAGEN VAN DE FINANCIËLE VERSLAGLEGGING Algemene grondslagen De begroting voldoet aan het Besluit begroting en verantwoording (BBV). De waardering van de activa en de passiva en de bepaling van het resultaat vinden plaats op basis van historische kosten. Voor zover het BBV niet anders voorschrijft, zijn de baten en lasten toegerekend aan het jaar waarop zij betrekking hebben. Winsten worden slechts opgenomen voor zover zij op de balansdatum zijn gerealiseerd. Verliezen en risico’s die hun oorsprong vinden voor het einde van het verslagjaar, worden in acht genomen indien zij voor het opmaken van de jaarrekening bekend zijn geworden.
- 27 -
Lijst van begrippen en afkortingen B&W: College van Burgemeester en Wethouders BBV: Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten. In dit besluit worden voorschriften gesteld hoe de administratie van een gemeente moet zijn ingericht. BW: Begeleid werken Onderdeel van de Wet sociale werkvoorziening is de mogelijkheid tot begeleid werken. Dit houdt in dat een bedrijf of een instelling zelf overeenkomstig de voor dat bedrijf of instelling geldende cao een arbeidsovereenkomst sluit met een persoon behorende tot de doelgroep van de sociale werkvoorziening. De werkgever ontvangt dan jaarlijks een loonkostensubsidie en krijgt ook de mogelijkheid om voor een bepaald aantal uren per jaar de medewerker te laten ondersteunen door een jobcoach. Cao: Collectieve arbeidsovereenkomst Een cao wordt per bedrijfstak gesloten tussen de gezamenlijke werkgevers en de vakbonden. In de overeenkomst zijn de rechtspositieonderwerpen geregeld. FTE: Fulltime eenheid (of – eenheden) Het aantal dienstverbanden wordt teruggerekend naar fulltime eenheden ofwel voltijdsdienstverbanden. LIV: Lage-inkomensvoordeel Vanaf 2017 een nieuwe subsidie ter verlaging van de werkgeverslasten voor werknemers met een laag inkomen. Deze subsidie is onderdeel van de Wet tegemoetkomingen loondomein. LKS: Loonkostensubsidie.
De subsidie die aan een werkgever wordt verstrekt vanuit de WSW en de Participatiewet voor het in dienst hebben van een werknemer uit de doelgroep. Participatiebudget Met de komst van de Wet participatiebudget in 2009 zijn de bestaande schotten tussen diverse op re-integratie en participatie gerichte budgetten zoveel mogelijk weggenomen. Vanaf 2015 is ook de financiering van de WSW hierin opgenomen. P-wet: Participatiewet Vanaf 2015 is de WWB omgelabeld tot Participatiewet en omgevormd tot de opvolger van de WSW, de Wajong en de WWB met een geïntegreerde aanpak van de onderkant van de arbeidsmarkt. Reclassering: Dit is een zelfstandige organisatie die als doel heeft: voorkomen en verminderen van crimineel gedrag. Zij stimuleren een verdachte crimineel gedrag te veranderen en risico’s zoveel mogelijk te beheersen. Reclassering werkt samen met Justitie, politie, zorg, gevangeniswezen en gemeenten. Reclassering ziet toe dat een, door de rechter of het Openbaar Ministerie opgelegde, werkstraf op de juiste manier wordt uitgevoerd. RVU: Regeling Vervroegd Uittreden In de onlangs afgesloten cao-WSW is voor werknemers de mogelijkheid opgenomen om 2 jaar voor de ingangsdatum van hun pensioen vervroegd uit te treden met een vaste uitkering per maand (zonder vakantietoelage en eindejaarsuitkering en geen pensioenopbouw).
SE: Standaard eenheid Is een formatieplaats, gecorrigeerd naar de mate van handicap. Voor een ernstig arbeidsgehandicapte geldt een factor van 1,25 t.o.v. de licht of matig gehandicapten. STT: Sociaal Team Texel Het STT is op Texel in plaats gekomen van de afdeling Sociale Zaken en Welzijn sinds gemeenten in Nederland in 2015 uitvoerder zijn geworden van de Participatiewet. Het STT is het aanspreekpunt betreffende zorg, jeugdzorg, WMO, werk en inkomen. SW: Sociale werkvoorziening Ca. 100 sociale werkplaatsen voeren in Nederland de WSW uit. UWV: Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen De organisatie die ontstaan is door de samenvoeging van de vroegere bedrijfsverenigingen. Verzorgt de indicatiestelling voor de WSW en de Participatiewet. Het UWV is verantwoordelijk voor de re-integratie van personen met een arbeidsongeschiktheidsuitkering. De Bolder is vanaf 2018 op Texel het enige bedrijf aan wie een aanbesteding gegund is voor deze trajecten. Wajong: Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten (tot 2015 Wet werk en arbeidsondersteuning jonggehandicapten). Tot 2015 bood deze wet werk, arbeidsondersteuning en een voorziening voor inkomensachteruitgang aan jonggehandicapten en studenten. Vanaf 2015 is de toegang tot deze wet beperkt tot personen zonder enige arbeidsmogelijkheden.
WIA: Wet Werk en inkomen naar arbeidsvermogen Bevordert dat werknemers die gedeeltelijk arbeidsgeschikt zijn aan het arbeidsproces blijven deelnemen en regelt de inkomensverzekering van deze personen. WML: Wettelijk Minimum Loon WNT: Wet normering topinkomens Deze wet begrenst de maximale bezoldiging functionarissen in de publieke en semipublieke sector.
van
WSW: Wet sociale werkvoorziening De wet biedt mogelijkheden om personen met een lichamelijke, psychische of verstandelijke beperking werk onder aangepaste omstandigheden te bieden. Dit kan bij het eigen bedrijf van de sociale werkvoorziening of bij bedrijven en instellingen die aan het plaatsen van een persoon met een beperking kunnen en willen meewerken. De wet is in 2015 voor nieuwe gevallen vervangen door de Participatiewet. WW: Werkloosheidswet De wet biedt voor werknemers een verplichte verzekering tegen inkomensachteruitgang wegens werkloosheid. WWB: Wet werk en bijstand Deze wet werd door de gemeente uitgevoerd en regelde de ondersteuning bij arbeidsinschakeling en verlening van bijstand. De wet is in 2015 omgelabeld tot Participatiewet en omgevormd tot de opvolger van de WSW, de Wajong en de WWB met een geïntegreerde aanpak van de onderkant van de arbeidsmarkt.
7 ontwerp-Programmabegroting 2023 1 Dossier 1185 voorblad.pdf
Raadscommissie Dossiernummer
1185
Extern Zaak ID
3247593
Vertrouwelijk
Nee
Vergaderdatum
27 oktober 2022
Agendapunt
7
Titel
ontwerp-Programmabegroting 2023
Organisatieonderdeel
Advies & Ondersteuning
Portefeuillehouder Aanleiding Bijlagen Bespreekleidraad ontwerp-Programmabegroting 2023 Advies college programmabegroting 2023 Bijlage 1. Programmabegroting 2023 Bijlage 2. Raad vragen en antwoorden Programmabegroting 2023 Geagendeerd
Vergaderdatum
Stukken voor commissie en raad
7 oktober 2022
Raadscommissie
27 oktober 2022
Raadsvergadering
27 oktober 2022
Raadsvergadering
9 november 2022
Toelichting Door de gemeenteraad is op 22 juni de perspectiefnota behandeld in de gemeenteraad. Op dat moment waren de formatie onderhandelingen nog in volle gang. De programmabegroting van 2023 is de eerste van vier begrotingen die financieel en inhoudelijk invulling geeft aan een nieuwe collegeperiode. Meerjarenbeeld De programmabegroting sluit met een positief meerjarenbeeld, alle jaarschuiven positief. Het negatieve begrotingsresultaat leer- en werkbedrijf de Bolder is opgenomen in de meerjarenraming. Het college is bezig om met het project “Huis van Ontwikkeling” vorm te gaan geven aan het toekomstbestendig maken van De Bolder. Alleen besluitvorming tot en met september is opgenomen in het meerjarenbeeld. Het voorstel van het college is om het begrotingsoverschot incidenteel te storten in de algemene reserve.
1 Bespreekleidraad ontwerp-Programmabegroting 2023
Bespreekleidraad ontwerp-Programmabegroting 2023 Algemeen: • Gezien de breedte van dit onderwerp geldt dat meerdere sprekers per fractie het woord mogen Voeren. • De voorzitter zal steeds per blokje/regel (1 tot en met 24) eerst een vragenronde houden, met aansluitend een inhoudelijk moment Wat?
Vanaf bladzijde:
1
Bestuurlijke boodschap, leeswijzer en kaders en uitgangspunten
2
2
Kerngegevens, financieel perspectief, overzicht incidentele baten en lasten en stand Algemene Reserve en samenvatting begroting
6
3
Programma 1 Voor en door bewoners
16
101 Inbraak- en toegangscontrole vervangen en afboeken 102 Digitoegankelijkheid op bestaande subsites toepassen 103 Financieel pakket vervangen 104 Met programma organisatie Waddeneilanden verdergaan 105 Archief tijdsblok 2000 tot en met 2012 bewerken en overbrengen 106 Hybride dienstverlening en bedrijfsvoering door ontwikkelen 107 Wet modernisering elektronisch bestuurlijk verkeer uitvoeren 108 ICT door ontwikkelen 109 Samenloop Toeristenbelasting en Forensenbelasting 110 Projectleiding Burgerberaad opzetten en uitvoeren Projectuitvoering 111 Interne controle versterken 112 Budget verzekering aanpassen 113 Advies & Ondersteuning tijdelijk Voorstel D66: Vaker kunnen binnenlopen bij de publieksbalie
(voorstellen vanaf: 19)
4
Programma 2 Zorg voor elkaar, veiligheid op orde
29 (voorstellen vanaf: 35)
5
201 Brandveiligheidscontroles uitvoeren 202 Tarief gehandicaptenkaart parkeren verlagen 203 Extra inzet om alle huishoudens die recht hebben op regelingen te bereiken. 204 Interne controle versterken Programma 3 Mooi en gastvrij Texel 301 Groenvoorzieningen vervangen 302 Extra werkzaamheden in het kader van de invoering Omgevingswet uitvoeren 303 Extra handhavingsverzoeken uitvoeren 304 Ondermijnende activiteiten monitoren 305 Met drone handhaven 306 Onderzoek versterking biodiversiteit 307 Onderzoek hoe toeristische druk het beste te reguleren 308 Onderzoek hoe tellen toeristische bedden 309 Onderzoek hoe lusten toerisme beter ten goede laten komen aan samenleving 310 Bevraging Texelaar en gasten 311 Ondersteuning over duidelijk krijgen hoe behouden regie op Texel 312 Ondersteuning bij opzetten regels en structuur Omgevingsplan 313 Indexeren budget Nationaal Park Duinen van Texel
(voorstellen vanaf: 46)
1
41