20201202 - Vastgesteld verslag raadscommissie - 2 december 2020
Tekst van het document
Verslag
Raadscommissie
woensdag 2 december 2020
Aanwezig Voorzitter
De heer H.J.F.M. Soyer
Raadsleden
Raadsgriffier
Mevrouw V. Koot, de heer C. Hoogerheide, de heer W.J. Witte, de heer C. Hooijschuur (Texels Belang), de heer J.J. Schuiringa, de heer N.C.B. Ran (VVD), de heer A.J. Veltkamp, de heer N. Lely (PvdA), de heer B. Zegeren (CDA), de heer H. Kieft (GroenLinks), mevrouw A.A.M. van de Wetering (D66), mevrouw J.M. Hin-Hin (Texel 2010) Mevrouw A. Visser-Veltkamp (PvdA), mevrouw Th. Houwing (CDA), de heer F. Oosterhof (Texels Belang), mevrouw T. Visser (GroenLinks), de heer M. v.d. Vlist (VVD) Mevrouw M. de Porto
Verslag
Mevrouw H.D.M. Zandee-van Heerwaarden (vanaf externe locatie)
College
Wethouders mevrouw H. Huisman-Peelen en de heren E.P. Kooiman en R. van de Belt
Insprekers
Bij punt 4 de heer D. de Vrind, bij punt 6 mevrouw I. Boekel
Commissieleden
Afwezig met kennisgeving
1.
Opening en mededelingen De VOORZITTER opent de vergadering, heet allen welkom, vooral de tientallen Texelaars die achter het scherm de vergadering volgen, en maakt een voorstelrondje. Door de Coronamaatregelen wordt deze vergadering in de raadszaal gehouden zonder publiek. U kunt deze daarom niet bijwonen. Wel kunt u de vergadering LIVE volgen (of terugkijken) via www.texel.nl/uitzendingraad
2.
Vaststelling agenda De agenda wordt vastgesteld.
3.
Publieksrondvraag Geen.
4.
Verlenging convenant Winkelhart Den Burg De VOORZITTER licht het agendapunt toe.
inspreker
De heer DE VRIND spreekt in namens Winkelhart Den Burg. Hij vat het afgelegde traject samen. Fysieke winkels hadden al een uitdaging door de opkomst van webshops, en corona helpt daar niet aan bij. De ondernemers hebben vanuit de unaniem aangenomen retailvisie een opdracht gekregen, met als speerpunt samenwerken in alle dorpen. In Den Burg kan dat sinds 2018 middels het Ondernemersfonds, dat wordt gevuld uit de bijdragen van ondernemers en weer ter beschikking van hen wordt gesteld, na aftrek van kosten. Er gaat dus geen gemeenschapsgeld in. Vanuit de retailvisie heeft de gemeente haar faciliterende rol –de inning van die reclamebelasting- goed uitgevoerd gedurende de afgelopen 3 jaar. Wat is er gerealiseerd: elk jaar mooie sfeerverlichting, bloembakken bij entreepunten, in 2018 en 2019 de zomermarkten. Daarnaast heeft elk evenement een bijdrage van ons ontvangen. Bij het Glazen Paleis –een onafhankelijke stichting- zijn ze bijna de enige betalende gebruiker. Er is goede samenwerking tussen detailhandel en de horeca. Als doel hebben ze een nog betere beleving voor Texelaar en toerist, door het ondersteunen van de unieke kleine winkels, in plaats van de grote ketens. Dat maakt Den Burg juist zo bijzonder. Daarnaast proberen ze de band met ondernemers op industrieterreinen te verbeteren, en de betrokkenheid bij de vereniging te vergroten.
Bij vergaderingen is er helaas niet altijd een goede opkomst. Er zitten nog genoeg belangen in de pijplijn. Eigenlijk staan ze sinds eind 2019 alweer op het rempedaal. Drie jaar blijkt eigenlijk wel heel kort om het doel van de reclamebelasting te bereiken. Beseft moet worden dat het mkb de grootste banenmotor is, de belangen zijn groot.
Verslag raadscommissie van 2 december 2020
2/10
Als bestuurders zetten ze zich belangeloos in zonder vergoeding van kosten. Sommige ondernemers moeten nog wennen aan gezamenlijk belang, een zekere weerstand hoort erbij. Het fonds brengt ongeveer €100.000 per jaar op. Er is naar verhouding een kleine groep tegenstanders, die €4 à €5000 vertegenwoordigt. De heer De Vrind spreekt uit dat ze graag verlenging van het convenant met het reclamefonds willen, voor langere periode, met natuurlijk altijd weer de mogelijkheid het fonds te beëindigen. Raadslid HOOGERHEIDE ziet dat het door corona een slecht jaar voor vele ondernemers is. Het is niet uit te sluiten dat veel winkeliers in de problemen komen. Het lijkt hem moeilijk dat ze dan evengoed reclamebelasting moeten betalen. Vraag is of de Ondernemersvereniging bereid is tot kwijtstelling van de belasting. Ook hoort hij graag wat voor ‘sleutel’ er is te creëren om in beeld te krijgen wie alle ondernemers zijn, wat heel lastig is i.v.m. de Wet op de privacy. De heer DE VRIND antwoordt dat ze hun best doen vol te houden, ondanks corona. Er komt weer een andere tijd, en het Ondernemersfonds is ook juist bedoeld voor de langere termijn. Ze overwegen wel een deel van de opbrengsten van dit jaar volgend jaar terug te geven aan de ondernemers, en gaan zodra het weer kan veel ‘stampij’ maken om bezoekers naar Texel te halen.
Ook wil hij nog kwijt dat ieder lid inspraak heeft, en dat ondernemers het bestuur altijd kunnen benaderen. Raadslid KOOT lijkt het een slechte tijd om met dit fonds te starten. Desondanks ligt nu wel een verzoek tot verlenging van het convenant voor. De basis daarin was dat er draagvlak moest zijn bij de ondernemers die belastingplichtig zijn geworden. Ze hoort daarom graag of het wel wordt gedragen, want ze heeft in de verslagen geen onderzoek gezien naar acceptatie van de reclamebelasting. Is dat draagvlak er niet, dan lijkt verlenging haar lastig. De heer DE VRIND zegt dat ze - met een omweg - ondernemers vragen zich te melden om hun zegje te doen. Er zitten 140 leden in hun bestand. Deze hebben zich vrijwillig aangemeld, en dat is het grootste deel van de ondernemers. Via alle media hebben ze opgeroepen tot 2 vergaderingen. Er was zelfs een aantal tegenstanders dat zich meldde in de media, maar dat heeft niet geleid tot meer aanmeldingen. Zoals hij al aangaf betreft dat ongeveer €4 à €5000 van de €100.000. Raadslid KOOT begrijpt dit antwoord. Zo staat het ook in de stukken, maar haar vraag is of ze hebben overwogen te proberen langs de deuren te gaan om zo persoonlijk te weten te komen wat die ondernemers ervan vinden. De heer DE VRIND leek het geen goed plan om in maanden waarin zelfs Sint Maarten verboden is langs de deuren te gaan.
Hij herhaalt dat ze álle media hebben gebruikt om de mensen te benaderen. Het is ook moeilijk te vragen of men voor of tegen is, want ze werken met een mandaat, en afspraken om de gelden zo goed mogelijk besteden. Raadslid VAN DE WETERING ziet wel de stemming van najaar 2018. Ze neemt aan dat het bestuur van die 140 leden toch wel weet hoeveel ertegen zijn. Ze is blij met de overweging om een deel terug te betalen, voor sommige ondernemers. Wel benadrukt ze dat 3 jaar geleden voorwaarde voor goedkeuring juist die evaluatie was. Zoals het nu is krijgt de raad er geen grip op. Verder vraagt ze naar de directe kosten die 2x vermeld staan, samen voor €60.000. De heer DE VRIND legt uit dat ze hebben te dealen met de mensen die zich uitspreken. Ze constateren dat ze een flink aantal wel bereiken, maar dat die zich niet uiten. Voor de meeste mensen gaat het overigens maar om €100 per jaar. En als vereniging gaan ze door met de middelen die ze hebben. Over de kosten licht hij toe dat ze het eerste jaar opstartkosten hadden voor inhuur van een bureau voor €40.000 à €50.000. De volgende jaren waren de kosten 7,5%, dus dat lijkt hem heel redelijk. Commissielid VISSER-VELTKAMP leest dat deelname mogelijk is door het betalen van contributie. Ze vraagt hoeveel dat is, en of het bestuur deelnemers kan weigeren. De heer DE VRIND voelt zich overvallen door de tweede vraag.
Hij ziet geen redenen om iemand te weigeren. De voorwaarden zeggen wel dat bepaalde partijen niet hoeven bij te dragen, bijv. instellingen met een sociale achtergrond, zoals Bibliotheek of Woontij. Als die toch in overleg met de Ondernemersvereniging willen blijven betalen ze binnen de ring €300 en erbuiten €150. Commissielid VISSER-VELTKAMP wil ook weten of het één specifiek bedrijventerrein waar ze op doelen. De heer DE VRIND antwoordt dat hier meervoud is bedoeld. Het gaat om alle ondernemers buiten de ring. Hij merkt nu vanuit Winkelhart en vanuit het eigen bedrijf, dat ze vaak als een bepaalde expertise nodig is, toch in de buitenring terechtkomen. Ze zien graag toch nog meer van die ondernemers zich aansluiten, vanuit de gedachte ‘als het binnen regent, druppelt het daarbuiten ook’. Dat vraagt om nadere samenwerking. Tot slot geeft hij nog mee dat 3 jaar daarvoor ook wel erg kort was. inhoudelijk
Commissielid VISSER-VELTKAMP ziet in het convenant dat jaarlijks een jaarrekening met
Verslag raadscommissie van 2 december 2020
toezegging
Aandachtspunt
3/10
goedkeurende accountantsverklaring binnen 18 weken moet worden gepresenteerd. Ze vraagt waarom die juiste stukken er niet bij zitten. Ze zit toch wat met het doel van het fonds, want het is redelijk vrij in de besteding. Worden bijv. dingen georganiseerd die tegen gemeentelijk beleid ingaan, wil ze weten. Wethouder HUISMAN komt schriftelijk terug op de accountantsverklaring. Ze denkt dat de accountant voor dit soort stukken nog niet gereed was. Over de check of de doelen in overeenstemming zijn met beleid, stelt ze dat die check eigenlijk 3 jaar terug als is gedaan. Het fonds komt wel overeen met de Retailvisie 2016, die destijds samen met de ondernemers is opgesteld. Op basis daarvan heeft Winkelhart juist dat verzoek aan de gemeente gedaan. Ze willen zorgen voor meer ‘reuring’, en ook niet teveel energie steken in het innen. Bijv. betaalden de grote winkelketens nooit mee, maar draagt met dit systeem iedereen bij. Daar kan de gemeente ook achter staan. Commissielid VISSER-VELTKAMP gaat het meer om organiseren van evenementen, en of er een check op is dat er geen minderheden buiten vallen. Ze neemt aan dat dit normaal gesproken beleid van de gemeente is, maar vraagt of ze iets kunnen als ze merken dat evenementen bepaalde groepen uitsluiten. Wethouder HUISMAN antwoordt dat er vanuit evenementen zoals markten al een check is.
Wens is nog meer te doen om het centrum te verlevendigen, en dan controleren ze inderdaad wel of die activiteiten niet in strijd met beleid zijn, geeft ze aan. Raadslid KIEFT vindt de collectiviteit een prima zaak. Uit de discussie beluistert hij onduidelijkheid of wordt voldaan aan doelen van de raad, en of er criteria zijn om dat te evalueren. Hij hoort graag wat de raad hierin zou moeten doen, want dat is eigenlijk vergeten. Wethouder HUISMAN heeft bij de vergadering ook gemerkt dat dit leeft, en begrijpt de moeite die sommigen hebben met de reclamebelasting. Winkelhart beslist zelfstandig en is ook zelf aan de lat voor evaluatie. Ze heeft wel begrip dat ondernemers vooral met hun eigen onderneming bezig zijn, in plaats van met zo’n evaluatie, maar -tenzij de raad het college opdracht geeft te evalueren– moet Winkelhart dat zelf doen. Het lijkt haar wel zaak daar criteria voor neer te leggen. Raadslid KIEFT stelt dat het publiek geld is, dus aan het college om hier een voorstel voor neer te leggen. Wethouder HUISMAN wijst erop dat de gemeente hierin verder geen partij is. De Ondernemersvereniging heeft de gemeente alleen nodig om de reclamebelasting te innen. De evaluatie is door de raad gevraagd. Het geld is door de ondernemers zelf opgebracht, dus zij kunnen dat ook gebruiken om een externe in te huren voor de evaluatie.
Raadslid KIEFT begrijpt niet goed waarom het dan hier op de agenda staat. Raadslid VAN DE WETERING merkt op dat ze juist als raad om evaluatie vroegen. En de gemeente heeft wel degelijk een rol, want wij leggen een belasting op, stelt ze. Als er bijv. een grote pot zou ontstaan, kun je je afvragen of dat wel de bedoeling is. Ze zou toch wel beleid aan dit verhaal willen koppelen. Raadslid HIN benoemt dat de gemeente hier geen belasting heft, maar alleen int. Als raad hoeven ze volgens haar alleen maar te bezien of de Ondernemersvereniging het goed doet, en of het convenant dus mag worden verlengd. Daar is Texel 2010 vóór. Raadslid KOOT denkt toch dat heffen van belasting aan de gemeente is. Men heeft wel betalingsplicht. Het solidariteitsbeginsel lijkt prachtig, maar op het moment dat je belasting instelt vanuit dit beginsel, wil ze zien of daar wel draagvlak voor is. Dit soort maatregelen gaat namelijk alleen met meerderheid van stemmen. Raadslid ZEGEREN vraagt in hoeverre TOP hier interesse in heeft. Hij heeft ook niets meer gehoord over het plan om dit fonds ook uit te rollen in de andere dorpen. Verder meent hij dat het tijd wordt te kiezen voor aanstelling van een centrummanager. Wethouder HUISMAN bevestigt wat mevrouw Hin zegt: de gemeente dient slechts en geeft door. En grote verschil met normale belastingen is dat ze dáár niet om draagvlak vragen.
Raadslid KOOT vindt dat een verkeerde voorstelling van zaken, want de raad is democratisch gekozen, en vertegenwoordigt dat draagvlak. Wethouder HUISMAN verduidelijkt dat de wet deze inning mogelijk maakt, en dat de raad hier democratisch over heeft besloten. De vereniging zou inderdaad kunnen besluiten een centrummanager aan te stellen, reageert ze op de heer Zegeren. En jaarlijkse verantwoording is er wel degelijk om de raad grip te laten houden, antwoordt ze mevrouw Van de Wetering. Raadslid HIN voegt toe dat dit gewoon een rijksbelasting is, niet buiten de wet om. En bijl.6 zegt duidelijk dat dit overlegd is met elkaar. Commissielid VISSER-VELTKAMP leest in bijlage 2 dat 58 leden gestemd hebben en de keer erop 57. Ze vindt onzin dat de uitslag vrijwel gelijk wordt genoemd, want eerst waren er 4, maar nu wel 14 tegenstemmers. Dat duidt niet op veel draagvlak. Deze mensen hebben beperkte bijdrage geleverd, maar dat is niet terug te vinden in de evaluatie. Het lijkt haar goed als raad te formuleren wat we willen weten. Raadslid KIEFT is met haar eens dat ze dat dan concreet moeten formuleren. Ook is hij eens met mevrouw Koot dat je wel voor verlengen kunt zijn, maar dat het dan wel goed geregeld moet worden. Het lijkt de VOORZITTER verstandig hier de komende weken overleg over te hebben.
Verslag raadscommissie van 2 december 2020
5.
toezegging
toezegging
toezegging
4/10
Verplaatsen slaapplaatsen Pontweg 226 naar Kikkertstraat 11-13 (kwam na punt 6) De VOORZITTER licht het agendapunt toe. De heer E. HOOIJSCHUUR ziet af van inspreken onder verwijzing naar zijn brief. Raadslid VAN DE WETERING heeft er moeite mee elke keer weer zoiets op de agenda te krijgen. Ze hoopt dat de wethouder vóór de raad van 16-12-2020 kan aangeven hoeveel van dergelijke ‘spookslaapplaatsen’ er eigenlijk nog zijn. Wethouder KOOIMAN antwoordt dat dit verweven zit in alle bestemmingsplannen, en deels wel wordt geëxploiteerd. Hij weet niet of het lukt, maar zal proberen die informatie vóór de raad aan te leveren. Raadslid KIEFT wijst erop dat al deze procedures als doel kwaliteitsverbetering hebben, ook voor de locatie waar de slaapplaatsen vandaan komen. Hij zou het jammer vinden als die kwaliteitsverbetering hier niet lukt. Gesteld dat het door zou gaan, welke invloed hebben ze dan als raad op de kwaliteit van wat achterblijft aan de Pontweg? Wethouder KOOIMAN antwoordt dat er bij deze verplaatsing geen toeristische slaapplaatsen aan de Pontweg achterblijven. De VOORZITTER wijst erop dat het plan hier invulling voor aangeeft. Raadslid KIEFT ziet toch graag schriftelijke uitwerking van wat er nog mogelijk blijft, of dat dit alleen bos is. Wethouder KOOIMAN zegt schriftelijk antwoord toe.
Raadslid HOOGERHEIDE vraagt wat voor situatie voor de aanvragers ontstaat, gesteld dat de raad dit afwijst. Wethouder KOOIMAN antwoordt dat het nu gaat om het verzoek een ontwerpbestemmingsplan ter visie te leggen. Als de raad instemt gaat het college dat doen, maar zal dan alsnog voorstellen geen medewerking aan dat bestemmingsplan te verlenen. Als de raad tegen verplaatsing stemt, komt het plan ook niet ter visie, zegt hij. Raadslid HOOGERHEIDE stelt dat dan het bos niet het bos blijft, en dat De Cocksdorp niet bebouwd wordt. Raadslid KIEFT signaleert dat bij de zonneakker aan de Pelikaanweg de procedure juist andersom werkt; als de indiener erop staat dat het ontwerpbestemmingsplan wordt voorgelegd, dan gebeurt dat. Wethouder KOOIMAN komt hier schriftelijk op terug. Raadslid SCHUIRINGA denkt dat het juridisch heel simpel ligt. Als de raad met een initiatiefvoorstel komt voor verplaatsing, dan is het te regelen. Langs de gebruikelijke weg is dat nu onmogelijk vanwege de motie spookslaapplaatsen. Wethouder KOOIMAN adviseert de heer Schuiringa dan met een amendement te komen. Raadslid VAN DE WETERING heeft veel moeite met zo’n sluiproute, want de raad had toch bepaalde redenen om spookplaatsen niet meer te verplaatsen. Daarom vroeg ze ook hoeveel er nog zijn. Ze hoort getallen van 900 en 1000.
Ze voelt zich eigenlijk voor het blok gezet, want als de raad nu ‘ja’ zegt, kan hun besluit over de spookplaatsen wel de prullenbak in. Raadslid ZEGEREN kijkt er ook gemengd tegenaan. Aan de ene kant heb je het over bedden in toeristisch concentratiegebied, en moet je dan ook de consequenties aanvaarden. Aan de andere kant: er is een termijn geweest om die slaapplaatsen aan de Pontweg te realiseren, maar is dat nooit gebeurd. Met verplaatsing ga je die ‘slapende’ plaatsen ineens wel invullen. Of het plan van aanvrager in het centrum van De Cocksdorp mag en kan is iets anders; dat hoort bij ondernemersrisico. Algemeen lijkt het de heer Zegeren misschien toch goed om een ‘beddenbank’ te maken, waar je niet gebruikte slaapplaatsen om niet inbrengt. Daarmee voorkom je precedentwerking en wilde handel, verwacht hij. En emotie mag eigenlijk geen rol spelen, geeft hij tot slot mee. Raadslid SCHUIRINGA ziet dit als een speciaal geval, waarin niet gerealiseerde slaapplaatsen naar De Cocksdorp gaan. Volgens hem heeft dit niets te maken met slapende slaapplaatsen. En met de door hem geschetste weg via een initiatiefvoorstel hou je het keurig gescheiden. Raadslid VAN DE WETERING vindt dit voorstel van de heer Schuiringa wel heel ver gezocht, waar die niet gerealiseerde slaapplaatsen zich ook bevinden.
Ze benadrukt nogmaals dat de raad zélf beleid heeft gemaakt om dat onmogelijk te maken, dus ze wil nu geen sluipweg zoeken om dit te omzeilen. Raadslid HIN wijst erop dat deze slaapplaatsen destijds toch willens en wetens zijn toegekend aan de locatie aan de Pontweg. Dan kan/kunnen daar dus nog steeds een hotel of bungalows komen. Als de raad dit voorstel aanneemt, wordt dat bos met woonhuis. En in De Cocksdorp wordt een lelijk gat opgevuld, waar je niet nog tientallen jaren mee wilt zitten. Verder was daar voor een lint met winkels en appartementen geen animo. Een hotel lijkt haar een goede bestemming. Bovendien is een soortgelijke verplaatsing van slaapplaatsen wél toegestaan. Wethouder KOOIMAN verduidelijkt de procedure. Ze moeten een besluit nemen over ter inzage leggen van een ontwerpbestemmingsplan. Wil de raad niet meegaan met het college, dan kunt u een amendement indienen, raadt hij aan. Raadslid VAN DE WETERING snapt de argumenten wel, maar vindt niet dat ze het eigen beleid
Verslag raadscommissie van 2 december 2020
5/10
nu aan de kant moeten schuiven. Als we dit voorstel goedkeuren gaat ons slaapplaatsenbeleid in de prullenbak. Beter lijkt haar eerst nog eens met elkaar te kijken wat ze hiermee willen. Raadslid HIN merkt op destijds wel meegewerkt te hebben aan toekenning van die slaapplaatsen, maar tegen de motie over spookplaatsen te hebben gestemd. Raadslid KIEFT benadrukt dat ze juist beleid hebben gemaakt tegen spookplaatsen om ongewenste ontwikkelingen te voorkomen. Ze kunnen daar nu overheen stappen om een specifieke wel gewenste ontwikkeling toe te staan, maar dan wat hen betreft alleen onder voorwaarde dat op beide plekken sprake is van kwaliteitsverbetering. Raadslid ZEGEREN beluistert toch veel emotie. Ambtelijk worden geen toezeggingen gedaan, die gesprekken zijn alleen maar oriënterend, benadrukt hij. En tegen de eigenaar van locatie Pontweg is al heel vaak gezegd dat hij die slaapplaatsen niet gerealiseerd heeft. Die zou dat dan binnen 10 jaar doen, maar het is niet realistisch te verwachten dat dit ooit nog gebeurt. Raadslid HOOGERHEIDE wijst erop dat de aanvrager een principeverzoek heeft ingediend. Na veel ‘ins en outs’ heeft hij de juiste gegevens op tijd aangeleverd. Op 13 september 2018 is die aanvraag door B&W grotendeels positief beoordeeld. Daarmee creëert het college toch een bepaald verwachtingspatroon, concludeert hij.
Pas daarna kwam het raadsbesluit om niet gebruikte slaapplaatsen niet meer te verplaatsen. De 3 toen al lopende verzoeken heeft de gemeente toen door laten lopen, maar dat staat helaas niet zwart op wit. De heer Hoogerheide betreurt dan ook dat niet meer meegedacht is in de richting van wenselijke ontwikkelingen, en dat het eerdere positieve oordeel op deze aanvraag niet meegenomen wordt. Commissielid VISSER-VELTKAMP neemt aan, als het principeverzoek in 2018 als positief beoordeel ervaren is en er komt in juni 2019 een beleidswijziging, dat men dan toch heel snel dat principeverzoek zou indienen. Het valt haar op dat dit nooit officieel is gebeurd. Raadslid HOOGERHEIDE weet dat betrokkenen al lang een officiële aanvraag wilden indienen, maar door de tijd zijn ingehaald, omdat ze steeds andere stukken moesten aanleveren. Commissielid VISSER-VELTKAMP begrijpt toch niet waarom het dan nu pas klaar is om voor te leggen. Raadslid HIN wijst haar erop dat het verzoek wel degelijk eerder in de commissie is besproken. Wethouder KOOIMAN verduidelijkt dat een wijziging optrad door het vervallen van de slaapplaatsen vanaf de Limietweg. Daardoor moest er een hernieuwde aanvraag komen. Commissielid VISSER-VELTKAMP merkt op dat het college daar niets aan kan doen. Raadslid HOOGERHEIDE zegt stellig dat het college het toen van de agenda haalde, absoluut niet met instemming van de aanvrager.
Raadslid VAN DE WETERING vindt logisch dat men een nieuwe aanvraag moest doen, toen die slaapplaatsen van de Limietweg niet meer beschikbaar waren. Bovendien moet worden aangetoond dat de situatie op beide plekken verbetert. Volgens raadslid HIN ging het nu alleen om een aanpassing van het voorstel. Raadslid RAN verbaast zich over de vele ‘onwaarheden’ die vanavond naar voren komen. Feit is dat de raad het initiatiefvoorstel over de spookbedden heeft aangenomen. De VVD was daar overigens niet voor. Het college adviseert nu negatief over het principeverzoek. Mensen die geen voorstander zijn hebben nu geen gelegenheid tot inspraak. Raadslid KIEFT beluistert nog teveel verwarring, dus stelt voor dit onderwerp beter voorbereid op een volgende agenda te plaatsen. Raadslid HIN is niet voor nieuw uitstel, want de feiten veranderen volgens haar niet. De VOORZITTER vat samen dat dit agendapunt in principe als bespreekpunt naar de raad van 16 december 2020 gaat. Het is afwachten waar de raad mee komt. 6.
Verplaatsing komgrenzen Den Burg De VOORZITTER licht dit punt toe. Het gaat vooral om verbetering verkeersveiligheid.
inspreker
Mevrouw BOEKEL spreekt op persoonlijke titel, maar verwoordt wel de mening van veel mensen in de Kogerstraat. Ze licht hun inspraak toe aan de hand van een presentatie. Hun bezwaar gaat erom dat het besluit de komgrenzen bij de kruising Kogerstraat/Akenbuurt te verplaatsen juist grote impact heeft op de verkeersveiligheid daar, en in strijd is met eerdere verkeersbesluiten. Op hun vraag waarom het college voor deze verplaatsing en hogere snelheid langs Akenbuurt kiest luidt het antwoord: betere doorstroming. Volgens mevrouw Boekel is die doorstroom er al. Vanuit de gedachte van ‘duurzaam veilig’ is 30 km de juiste maximumsnelheid binnen de bebouwde kom. En het gaat juist om ontmoedigen van het inrijden van de erftoegangsweg, die de Kogerstraat inmiddels is geworden. Belangrijk is daar een inritconstructie te krijgen, zoals bijv. de Wagenmakerstraat heeft. Maar de Kogerstraat krijgt echter een trechter met een snelheid van 60 km/uur. Antwoord van het college is dat vrachtverkeer de inrit stuk zou rijden, maar dat verkeer moet er juist niet inrijden, stelt mevrouw Boekel, want dat hoort niet thuis in zo’n erftoegangsweg. Daarover is in hun ogen een juist
Verslag raadscommissie van 2 december 2020
6/10
besluit genomen, wat teniet wordt gedaan doordat straks enorme vermenging van verkeer ontstaat. Het verkeerscirculatie- en parkeerplan zegt juist dat al het niet-bestemmingsverkeer om Den Burg heen geleid moet worden. Je zou moeten afdwingen dat alleen bestemmingsverkeer de Kogerstraat indraait, vinden zij. Ook het Altea verkeers-onderzoek gaf aan dat veel verkeer nog steeds deze ongewenste route neemt. Als je de aantallen ziet, en het verkeersinfarct wat daardoor ontstaat, blijkt daaruit dat die auto’s nog steeds de Kogerstraat in gaan. Mevrouw Boekel wijst op het verschil tussen ontsluitingsweg en erftoegangsweg, zoals tussen Waalderstraat (met aparte ventweg en apart fietspad) en Kogerstraat, terwijl in de laatste veel meer fietsers rijden, en je hier te maken hebt met geparkeerde auto’s, inrit hotel, enz. Voor het ontwerp voor de inrichting van de kruising ontbreekt een motivatie, terwijl dit in strijd is met het besluit van februari, en het verkeer juist niet wordt ontmoedigd. Volgens inspreker wordt het juist onveiliger en lost het de verkeers- en parkeeroverlast in Den Burg niet op. Het lijkt inspreker verstandig van iedere verplaatsing een apart besluit te maken. Ze verzoekt de raad dringend niet in te stemmen met verplaatsen van de komborden bij kruising Akenbuurt/Kogerstraat en ook niet met verhogen van de maximumsnelheid op Akenbuurt. reacties
toezegging
Raadslid RAN vindt het betoog van mevrouw Boekel heel duidelijk. Hij vraagt nog toelichting bij haar woorden dat de raad ook een besluit over inrichting van de inrit zou maken, want dat kon hij in de stukken niet vinden. Mevrouw BOEKEL wijst op de tekening die is bijgesloten als voorbeeld van de nieuwe situatie. Ze waarschuwt dat de raad bij dit besluit indirect óók voor deze tekening kiest. Raadslid RAN hoort graag reactie van de wethouder. Is de bijgevoegde tekening alleen ter verduidelijking, en is het niet juist zo dat een kombord automobilisten het idee geeft dat er geen doorgaande weg meer is. Het lijkt hem dat die verplaatsing juist gaat zorgen dat men de route om Den Burg gaat aanhouden. Mevrouw BOEKEL begrijpt dat de raad dit zou kunnen denken, maar wijst erop dat het besluit óók Akenbuurt 60 km maken behelst. De komborden komen in het ontwerp stukje de Kogerstraat in te staan, en men ziet aan de inrit niet dat het erftoegangsweg is, signaleert ze. Die doorstroming is er volgens inspreker al. De bewoners daar stellen voor de komborden al bij rotonde van Akenbuurt met de Pontweg te plaatsen. De VOORZITTER geeft aan dat raadslid Zegeren verzoekt de ingekomen brief van mevrouw Drijsten en de heer De Porto mee te nemen. Het CDA hoort graag reactie van de wethouder. Raadslid VELTKAMP steunt dit verzoek van de heer Zegeren.
Wethouder KOOIMAN ziet in de brief een aantal stellingen, maar geeft eerst een algemene inleiding. Verplaatsing van komborden doen ze juist vanwege de onveilige situatie op de overgang van Nieuwlanderweg naar Akenbuurt. Er is al veel gesproken met de buurtbewoners, ook door de projectleider. Reden om de komborden in de Kogerstraat te zetten is juist dat daar 30 km/uur gereden moet worden. Tevens verwijderen ze het linksaf-vak, om inrijden van de Kogerstraat te ontmoedigen. Hij verwacht, als je de komborden op Akenbuurt zou laten staan, en daar dus de 30 km zone al begint, dat men dan juist gaat rondkijken en geneigd zal zijn het dorp in te rijden. Dat willen ze juist voorkomen met deze maatregel. Hij zegt dat het wel degelijk de bedoeling is dat er vrachtverkeer doorheen kan, want die weg leidt toch ook naar meerdere bedrijven. Raadslid RAN vraagt concreet of ze in de komende raad alleen over de verplaatsing van de komborden praten en niet over de inrichting van de kruising. Raadslid HIN wil weten of er nu op Akenbuurt matrixborden komen die voor parkeren rechtdoor richting sporthal verwijzen. Het is volgens haar het grootste deel van het probleem, dat mensen die parkeerplek zoeken nu nog steeds richting centrum gedreven worden, in plaats van naar Den Burg Zuid.
Wethouder KOOIMAN herinnert eraan dat al bij het vaststellen van het verkeerscirculatie- en parkeerplan aan de orde is geweest, dat er goede verwijzing komt. Hij kan alleen nu niet zeggen of dit exact bij deze kruising komt. Raadslid KIEFT merkt op dat de Kogerstraat toch is aangewezen als erftoegangsweg. Hij begrijpt niet waarom het dan niet zo wordt ingericht met bijbehorende maatregelen. Wethouder KOOIMAN stelt dat dit wel degelijk gebeurt. Raadslid VELTKAMP herinnert ook aan het indertijd vastgestelde wegencategoriseringsplan, zoals ook is gepubliceerd met bijbehorende tekeningen in de Staatscourant. De inrichting die hier nu voorligt is daarmee in contradictie, dus het lijkt hem dat deze wijziging dan ook officieel moet worden gepubliceerd. Wethouder KOOIMAN verzoekt hem schriftelijke beantwoording toe te staan. Als je de komborden hier op Akenbuurt zou laten staan ontstaat daar wel een heel verwarrende situatie, waarschuwt hij, want de maximumsnelheid wisselt dan van 60 naar 30 en weer naar 60 km/uur. Raadslid VELTKAMP hoort ook graag waarom het college zo laat komt met dit voorstel, want de werkzaamheden zijn al aanbesteed.
Verslag raadscommissie van 2 december 2020
7/10
Commissielid OOSTERHOF vraagt of de voorrangssituatie voor fietsers er nu ook verandert, want die is bij de Georgiëweg precies andersom. Volgens de wethouder blijft dat gelijk. Raadslid WITTE wijst op de mogelijkheid van bezwaar maken tegen het raadsbesluit. Raadslid VELTKAMP vindt jammer dat dit besluit zo laat in het proces naar de raad komt. De bijgeleverde kaarten lijken hem niet eenduidig en komen nogal rommelig over. De PvdA zal voor de raad nog nadere vragen stellen. Dit agendapunt gaat als bespreekstuk naar de raad van 16-12-2020. 7. amendement
Evaluatie Huisvestingsverordening 2019 en vaststellen Huisvestingsverordening Texel 2020 De VOORZITTER leidt het agendapunt in. De VVD komt met een amendement. VVD: Maatschappelijke binding voor terugkeerders tot en met 45 jaar. Raadslid RAN licht toe dat ze dit indienen, mede namens leeftijdsgenoten van hem, die hem hebben benaderd. In de huisvestingsverordening wordt gelukkig uitzondering gemaakt voor zogenaamde ‘terugkeerders’, maar daar is een maximumleeftijd van 35 jaar aan gekoppeld. Zijn –iets oudere- leeftijdgenoten die terug willen naar Texel vissen dan achter het net. Maar dit zijn juist vaak gezinnen met jonge kinderen, die ook zorgen voor vulling van de scholen. Dat is toch een groep die je eigenlijk met deze verordening probeert binnen te halen. De VVD stelt daarom voor de leeftijdsgrens naar 45 jaar te verhogen.
reacties
Commissielid HOUWING vraagt hoe duidelijk het is of er bij de gemeente veel aanvragen om terug te keren zijn boven de 35 jaar. De vriendenkring van de heer Ran lijkt me nogal beperkt. Die grens was toch aangenomen als terugkomen na studie. Naar 45 jaar verhogen vindt ze dan wel een hele stap. En waarom 45 jaar? Raadslid RAN weet niet hoeveel leeftijdgenoten zich bij de gemeente hebben gemeld, maar velen probeerden dat niet eens. Hij is in ieder geval al door 5 personen benaderd. 45 is net als 35 een getal, maar 35 vindt hij toch echt iets te krap af gekaderd. Commissielid HOUWING meent dat de categorie tussen 35 en 45 jaar toch meer mensen bevat die al een poosje een baan hebben en dan veelal een redelijk huis kunnen kopen, zeker met een tweede inkomen. En die moeten toch ook wel een baan kunnen vinden, waarmee ze zich door economisch/maatschappelijke binding toch al kunnen vestigen. Raadslid RAN ziet dat hier een woning kopen zelfs met 2 inkomens redelijk lastig blijkt. Raadslid HIN vindt 45 toch ook redelijk hoog. En als je met z’n tweeën verdient, komt het inkomen al gauw boven de huurgrens. Bovendien kun je je hier met economische of maatschappelijke binding al vestigen.
Heeft u hier rekening mee gehouden, en vindt u het inkomen dan niet te hoog voor de huur? Raadslid RAN legt uit dat het juist over de maatschappelijke binding gaat, die ze houden als ze voor hun 35e terugkomen. Juist met dit voorstel neemt het aantal woningen waarvoor je dat nodig hebt behoorlijk toe, want hierin zit nu ook de vrije-sector-huur. Raadslid KOOT herinnert eraan dat ze de verordening vorig jaar hebben ingesteld omdat ze het heel belangrijk vinden dat mensen die op Texel werken geen woning kunnen vinden. Ze legt voor of ze met dit amendement nog wel voldoende meewerken aan die oorspronkelijke doelstelling. Raadslid RAN ziet dat als een ‘kip-ei’ verhaal. Er is een tekort aan werknemers, maar ook een groot tekort aan woningen voor mensen die hier willen komen werken. Raadslid VELTKAMP vindt de leeftijdsgrens nogal arbitrair. Als je het hebt over ‘na je studie’, dan mag die leeftijd eigenlijk wel geschrapt, want studeren doe je in feite je leven lang. Van 35 naar 40 verhogen lijkt hem toch een goede verbetering. Raadslid VAN DE WETERING vindt het woord ‘student’ ook niet zo passen, maar denkt dat Texel juist oud-Texelaars van 36, 37 jaar, die goed liggen in de arbeidsmarkt, en vaak jonge kinderen meebrengen, graag wil hebben voor onze scholen en leefklimaat. Raadslid KOOT snapt het antwoord van de heer Ran niet helemaal.
We hebben mensen die hier werken en geen huis hebben. In haar ogen is het toch veel wijzer in ieder geval deze mensen van huisvesting te voorzien. Van oud-Texelaars die terug willen keren weet je niet of ze hier komen werken. Ze vreest dat ze hun doelstelling zo uit het oog verliezen. Raadslid RAN verduidelijkt dat ze die uitzondering al maken. Juist de mensen zoals mevrouw Van de Wetering ook noemt wil je hier weer naartoe halen, ook om kleinkinderen dichter bij opa en oma te laten opgroeien. Raadslid KOOT vraagt hoe je dan bijv. weet of ze kinderen hebben. Raadslid WITTE snapt de sympathie van het amendement wel, maar heeft moeite met het begrip ‘student’ van 45 jaar. Raadslid RAN spreekt niet over studenten. Hij verwoordt dat liever anders, want natuurlijk gaat men na de studie wel werken. Ze willen juist inspelen op het feit dat tegenwoordig niet iedereen op z’n 20e huisje, boompje, beestje al voor elkaar heeft. Tijden veranderen nu eenmaal. Raadslid WITTE merkt op dat degenen die economisch
Verslag raadscommissie van 2 december 2020
college
college
toezegging
College Toezegging
College college
college
8/10
gebonden zijn, evengoed al welkom zijn. Commissielid HOUWING is benieuwd naar de reactie van de wethouder. Wethouder HUISMAN kreeg dit amendement vanmiddag pas onder ogen. Ze vindt lastig te bepalen of dit mogelijk is. Als één van de weinige gemeenten heeft Texel deze uitzonderingspositie gekregen, en die moet je wel kunnen onderbouwen. Met de grens op 35 jaar kun je uitleggen dat het gaat om mensen die na hun studie terug willen keren, en hier willen werken, maar geen woning kunnen krijgen. Politieke discussie is aan de raad, maar ze vraagt zich af of je die uitzondering wettelijk wel naar 45 mag oprekken. Je ondergraaft daar eigenlijk je doelstelling mee. Commissielid VISSER constateert dat hier niet echt een evaluatie voorligt. Als raad moeten ze zichzelf ook wel aantrekken hoe dit kan. Ze denkt zelf dat je zoiets ingrijpends niet na 1 jaar kunt evalueren en is benieuwd of het college heeft overwogen uitstel te vragen. Ook hoort ze graag waarom aanscherping van de definitie van mantelzorg wordt voorgesteld, terwijl daarvoor maar 2 aanvragen zijn ontvangen. Als er staat: 2 uur per dag minimaal, vraagt ze of dat inclusief reistijd is. Het lijkt haar dat dit bijna niet kan, als je van de overkant komt, want dan zou je vrijwel fulltime mantelzorger zijn.
Tevens wijst mevrouw Visser op vele andere mogelijkheden die er zijn binnen de huisvestingsverordening, zoals zelfbewoningsplicht, koopgaranttermijnen, enz. Het valt op dat veel maatregelen uit het rapport boven de markt blijven hangen. Vraag is wanneer we daar wel wat gaan doen, en of Woontij wel gehoord is. Die mogelijkheden laten lopen lijkt haar niet logisch. Wethouder HUISMAN constateert dat mevrouw Visser kennelijk iets anders verwacht, want naar haar idee is het bijgaande rapport een volwaardige evaluatie. Inderdaad is wel gebleken dat 1 jaar eigenlijk te kort is om de effecten te kunnen meten, maar er is toch heel wat nuttige informatie verstrekt en uitgediept, meent de wethouder. De vraag over aanscherping van de definitie van mantelzorg zal ze schriftelijk beantwoorden. Ook zijn ze zeker van plan -voor nieuwbouw- iets te doen met koopgarant en zelfbewoningsplicht. Koopgarant pakken ze met Woontij zeker op, maar ze voeren nu alvast de reeds mogelijke aanpassingen uit, legt ze uit. Commissielid VISSER vraagt waarom ze niet al in dit voorstel iets met die zelfbewoningsplicht doen. Wethouder HUISMAN staat bij dat ze daarvoor al een voorstel hebben toegezegd. Ze belooft een overzichtje aan te leveren, waarin de actiepunten overzichtelijk zijn opgenomen. Raadslid WITTE snapt de vragen over de evaluatie, en ook het amendement.
Hij merkt dat er sinds de invoering van de huisvestingsverordening veel uitzonderingen naar voren komen. Als raad hadden ze die graag gehoord. Als voorbeeld noemt hij de situatie, dat als je overlijdt je kinderen (die hier niet wonen) je huis mogen erven, maar er formeel niet mogen wonen. Dat is consequentie, waar-van hij niet weet of dat een gewenste situatie is. Ook de heer Witte had gehoopt op een wat diepgaander evaluatie. Raadslid KOOT nuanceert de woorden van de heer Witte met een vergelijking: als ik geen rijbewijs heb, en mijn moeder overlijdt, dan mag ik nog steeds niet in haar auto rijden. Zij vond de evaluatie wél duidelijk. Vraag over het advies geen urgentieverklaringen meer af te geven is of dit dan ook gaat gelden voor huurwoningen, gezien de verschillende urgente beroepsgroepen. Wethouder HUISMAN antwoordt dat we geen urgentie-systeem hebben. Ze snapt die vraag dus niet. Raadslid KOOT wijst op de voorrangsregeling bijv. voor leerkrachten, terwijl het rapport zegt: ‘geen urgentieverklaringen’. Wethouder HUISMAN verwijst naar de regels in de verordening. Sociale huurwoningen, en straks ook middelwoningen en koopwoningen tot 6 ton, vallen daaronder. Mevrouw Koot heeft het over de afzonderlijke opdracht van de raad om bijv. economiewoningen met voorrang aan leerkrachten te geven.
Met dat advies over urgentieverklaringen doen ze dus verder niets, maar los daarvan vond de raad dat aan dergelijk personeel huisvesting geboden moet kunnen worden, omdat het cruciaal is voor het eiland. Voor de OSG gaat dit overigens om slechts 5 leerkrachten, licht ze toe. Raadslid VAN DE WETERING had ook een iets andere evaluatie verwacht, die op meer situaties ingaat, bijv. waar gaat het goed, waar liggen knelpunten, wat is over het hoofd gezien, enz. Raadslid HIN wil weten of de hardheidsclausule wel te allen tijde kan worden toegepast. Wat de heer Witte opnoemt, als kinderen het ouderlijk huis erven en ernaar terug willen verhuizen, vindt ze wel een pijnpunt. Wethouder HUISMAN bevestigt dat het college de hardheidsclausule kan toepassen. Ze ziet in de praktijk juist vaak het omgekeerde gebeuren als mensen overlijden. De erfgenamen houden het huis aan, maar gaan er niet wonen. Zo staan er bijv. in Den Hoorn meerdere woningen leeg, en dat is onwenselijk. Raadslid VELTKAMP vraagt bij zelfbewoningsplicht om te gaan met particuliere investeerders. Raadslid WITTE reageert op mevrouw Koot. Een woning erven is niet te vergelijken met een rijbewijs. Over wat de wethouder zegt over bewuste leegstand moet hij nog even nadenken. Raadslid RAN is juist blij dat er slechts na een jaar al zo’n evaluatie ligt.
Ook is hij blij dat de huisvestingsverordening straks ook voor de midden-huurwoningen geldt, want een woning
Verslag raadscommissie van 2 december 2020
9/10
vinden is een groot probleem voor die klasse. Tegen de heer Veltkamp en mevrouw Visser zegt hij dat zelfbewoningsplicht alleen bij nieuwbouw kan worden gehanteerd. Raadslid VELTKAMP stelt dat -zoals in 2019 verwoord- de verordening op geen enkele wijze bijdraagt aan het oplossen van de schaarste aan woningen. Volgens hem veroorzaakt het eerder onevenwichtige verdeling, dus is de PvdA er niet voor. Zij zijn van mening dat de enige oplossing ‘bouwen, bouwen, bouwen’ is, liefst zo snel mogelijk. Dit agendapunt gaat als bespreekstuk naar de raad van 16 december 2020. 8.
Vaststellen bestemmingsplan Reparatieplan De Cocksdorp Dit agendapunt gaat als hamerstuk naar de raad van 16-12-2020.
9.
college
Toezegging
Wijziging gemeenschappelijke regeling GGD Hollands Noorden De VOORZITTER leidt dit voorstel in. Raadslid SCHUIRINGA las in de RIB dat dit de 3e wijziging in een jaar tijd is. De onderste regel -dat verrekening met elkaar nog onduidelijk was- heeft wel zijn aandacht. Raadslid VELTKAMP meent dat ze feitelijk geen keus hebben. Als raad komen ze alleen maar verder op afstand te staan, dus het is zaak te bedenken hoe we grip kunnen houden, pleit hij. Misschien moeten we toch gaan denken over raadsrapporteurs, legt hij voor. Wethouder VAN DE BELT zou de gedachte aan een raadsrapporteur wel toejuichen. Gisteren gaf hij toelichting over de GGD, en had hij toegezegd (aan raadslid Zegeren) die informatie schriftelijk te doen toekomen, maar hij denkt nu het juist wat minder formeel te willen houden. De VOORZITTER vraagt hierop of de raad een RIB wenst, of dat mondelinge toelichting volstaat. Allen vinden mondelinge toelichting prima.
10.
Aankondiging moties en initiatiefvoorstellen – Geen.
11.
Behandeling brieven aan de raad en/of Raadsinformatiebrieven, indien gewenst door fracties en eventuele 'schoten voor de boeg' – Geen.
12. 12.1
Rondvraag Raadslid KOOT vond het uitgebreid bijpraten vorige week over Jeugdzorg heel duidelijk. Ze hoort graag of op dit moment de zorg bij de wethouder is weggenomen. Commissielid HOUWING had dezelfde vraag. Ze is benieuwd wat er nog meer boven water komt. Wethouder VAN DE BELT vond de informatieavond ook verhelderend, maar waarschuwt dat het hiermee zeker nog niet is afgerond. Er zijn wel stappen ondernomen, en de raad krijgt binnenkort evaluatie en komend proces te zien, want daarmee moeten ze zeker verder. Raadslid HOOIJSCHUUR signaleert dat de oefeningen boven de Vliehors worden verbreed, nu een oefenterrein in Brabant gesloten is. Boven het hele Waddengebied boven Duitsland komen meer straaljagers uit meerdere landen, en die vliegen ook over de noordkop van het eiland, en dus tevens boven stiltegebieden. Ondernemers van De Cocksdorp hebben hun zienswijzen kunnen indienen, maar moeten €50.000 betalen voor een goede onderbouwing. Van gemeente Texel kwam nog geen enkele reactie op deze verbreding. Ze zijn er heel makkelijk overheen gestapt, terwijl we toch juist met z’n allen een stem zouden moeten hebben, vindt de heer Hooijschuur. Hij roept op de mensen te helpen die €50.000 op tafel te krijgen, en niet met z’n allen blijven afwachten toe je niet meer terug kunt.
De heer Hooijschuur wijst er ook nog op dat deze vliegbewegingen nadelig kunnen zijn voor vliegveld en paracentrum in verband met de vlieghoogten. Wethouder KOOIMAN zegt –als vervanger van de portefeuillehouder- dat ze dit al besproken hebben, en dat de burgemeester zich er nader in verdiept, en contact opneemt. Raadslid HOOIJSCHUUR dringt aan niet af te wachten, en nu gewoon mee te gaan in die zienswijzen, want het is ‘vijf voor twaalf’. Raadslid VELTKAMP vindt vreemd dat men voor zienswijzen geld neer moeten tellen. Raadslid HOOIJSCHUUR verduidelijkt dat juridische ondersteuning waarmee je ‘goed beslagen ten ijs komt’ nu eenmaal geld kost. Raadsgriffier DE PORTO geeft door dat een luisteraar problemen meldt met de afstand van sprekers tot hun microfoon, verzoek is dat op 15 tot 20 cm te houden.
12.2
toezegging
12.3 13.
Sluiting De VOORZITTER dankt ieder voor de inbreng en sluit de vergadering om 22.00 uur.
Verslag raadscommissie van 2 december 2020
Ondertekening Vastgesteld in de openbare raadscommissievergadering van 2-2-2021, De griffier, Signed By: de Porto (griffier), M. <MdePorto@texel.nl> {{Signer1}} 09/02/2021 11:50:02 CET ID: 6e38e9b6-e8d1-4117-95a3-94ae1bb7c670 Auth: Scribble
10/10